UniversalLevel 360 - Handgereedschap BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis UniversalLevel 360 BOSCH in PDF-formaat.
| Producttype | Kruislijnlaser |
| Merk | Bosch |
| Model | UniversalLevel 360 |
| Afmetingen (L × B × H) | 114 × 66 × 111 mm |
| Gewicht | 0,56 kg |
| Voeding | 4 batterijen LR6 (AA) 1,5 V |
| Autonomie (kruismodus) | ≥ 4 u |
| Laserklasse | 2 |
| Lasertype | < 10 mW, 500–540 nm (groen) |
| Max. bereik | 24 m |
| Nivelleerprecisie | ±0,4 mm/m |
| Zelfnivelleerbereik | ±4° |
| Nivelleertijd | ≤ 4 s |
| Bedrijfstemperatuur | -5 °C tot +40 °C |
| Opslagtemperatuur | -20 °C tot +70 °C |
| Max. gebruikshoogte | 2000 m |
| Max. relatieve luchtvochtigheid | 90 % |
| Statief aansluiting | 1/4" |
| Bedrijfsmodi | Kruis, Horizontaal, Verticaal |
| Belangrijkste functies | Zelfnivellering, Kantelfunctie, Status-LED |
| Onderhoud en reiniging | Reinigen met een zachte, vochtige doek, zonder oplosmiddelen |
| Veiligheid | Laser klasse 2, niet in de ogen richten, veiligheidsvoorschriften |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Bosch klantenservice, reserveonderdelen op www.bosch-pt.com |
| Algemene informatie | Wordt geleverd met batterijen en gebruiksaanwijzing |
Veelgestelde vragen - UniversalLevel 360 BOSCH
Gebruikersvragen over UniversalLevel 360 BOSCH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Handgereedschap in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding UniversalLevel 360 - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. UniversalLevel 360 van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING UniversalLevel 360 BOSCH
nl Oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
da Original Brugsanvishing
sv Bruksanvisning i original
no Original driftsinstruks
fi Alkuperaiset onjeet
Veiligheidsaanwijzingen

Alle aanwijzingen moeten gelezen en in acht genomen worden om gevaarloos en veilig met het meetgereedschap te werken.
Wanneer het meetgereedschap niet volgens de beschikbare aanwijzingen gebruikt wordt, kunnen de geïntegreerde veiligheids- voorzieningen in het meetgereedschap belemmerd worden.
Maak waarschuwingsstickers op het meetgereedschap nooit onleesbaar. BEWAAR
56 | Nederlands
DEZE AANWIJZINGEN ZORGVULDIG EN GEEF ZE BIJ HET DOORGEVEN VAN HET MEETGEREEDSCHAP MEE.
▶ Voorzichtig – wanneer andere dan de hier aangegeven bedienings- of afstelvoorzieningen gebruikt of andere methods uitgevoerd worden, kan dit resulteren in een gevaarlijke blootstelling aan straling.
- Het meetgereedschap is voorzien van een laser-waarschuwingsplaatje (aangegeven op de weergave van het meetgereedschap op de pagina met afbeeldingen).
Is de tekst van het laser-waarschuwingsplaatje niet in uw taal, plak dan vóór het eerste gebruik de meegeleverde sticker in uw eigen taal hieroverheen.

Richt de laserstraal niet op personen of dieren en kijk niet zelf in de directe of gereflecteerde laserstraal. Daardoor kunt u personen verblinden, ongevallen veroorzaken of het oog beschadigen.
▶ Als laserstraling het oog raakt, dan moeten de ogen bewust gesloten worden en moet het hoofd onmiddellijk uit de straal bewogen worden.
▶ Breng geen wijzigingen aan de laserinrichting aan.
- Gebruik de laserbril (accessoire) niet als veiligheidsbril. De laserbril dient voor het beter herkennen van de laserstraal; deze beschermt echter niet tegen de laserstraling.
- Gebruik de laserbril (accessoire) niet als zonnebril of in het verkeer. De laserbril biedt geen volledige UV-bescherming en vermindert het waarnemen van kleuren.
Laat het meetgereedschap alleen repareren door gekwalificeerd geschoold personeel en alleen met originele vervangingsonderdelen. Daarmee wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het meetgereedschap in stand blijft.
▶ Laat kinderen het lasermeetgereedschap niet zonder toezicht gebruiken. Zij zouden per ongeluk andere personen of zichzelf kunnen verblinden.
▶ Werk met het meetgereedschap niet in een omgeving waar ontploffingsgevaar heerst en zich brandbare vloeistoffen, brandbare gassen of brandbaar stof bevinden. In het meetgereedschap kunnen vonken ontstaan die het stof of de dampen tot ontsteking brengen.
Beschrijving van product en werking
Neem goed nota van de afbeeldingen in het voorste deel van de gebruiksaanwijzing.
Beoogd gebruik
Het meetgereedschap is bedoeld voor het bepalen en controleren van horizontale en verticale lijnen.
Het meetgereedschap is geschikt voor gebruik binnenshuis.
Dit product is een laserproduct voor consumenten conform EN 50689.
Afgebeelde componenten
De componenten zijn genummerd zoals op de afbeelding van het meetgereedschap op de pagina met afbeeldingen.
(1) Toets voor lasermodus Mode
(2) Toets hellingsfunctie
(3) Statusaanduiding
(4) Aan/uit-schakelaar
(5) Opening voor laserstraal
(6) Laser-waarschuwingsplaatje
(7) Serienummer
(8) Statiefopname 1/4"
(9) Vergrendeling van het batterijvakdeksel
(10) Batterijvakdeksel
(11) Statief a)
(12) Laserbril a)
(13) Telescoopstang a)
a) Niet elk afgebeeld en beschreven accessoire is standaard bij de levering inbegrepen. Alle accessoires zijn te vinden in ons accessoireprogramma.
Technische gegevens
| Kruislijnlaser UniversalLevel 360 | |
| Productnummer | 3 603 F63 E.. |
| Werkbereik (diameter) tot ca. A) | 24 m |
| Openingshoek verticale laserlijn 120° | |
| Nivelleernauwkeurigheid B)(C)(D) | ±0,4 mm/m |
| Zelfnivelleerbereik ±4° | |
| Nivelleertijd ≤ 4 s | |
Bosch Power Tools 1 609 92A 858 | (06.10.2022)
58 | Nederlands
Kruislijnlaser UniversalLevel 360
| Gebruikstemperatuur -5 °C ... +40 °C | |
| Opslagtemperatuur -20 °C ... +70 °C | |
| Max. gebruikshoogte boven referentiehoogte 2.000 m | |
| Relatieve luchtvochtigheid max. 90% | |
| Vervuilingsgraad volgens IEC 61010-1 2 | E) |
| Laserklasse 2 | |
| Lasertype < 10 mW, 500–540 nm | |
| Kleur van de laserstraal groen | |
| C6 10 | |
| Divergentie 30 × 20 mrad (volledige | hoek) |
| Statiefopname 1/4" | |
| Batterijen 4 × 1,5 V LR6 (AA) | |
| Gebruiksduur (bij kruislijnmodus) ten minste c) | 4 h |
| Gewicht volgens EPTA-Procedure 01:2014 0,56 kg | |
| Afmetingen (lengte × breedte × hoogte) 114 × 66 × 111 mm |
A) Het werkbereik kan door ongunstige omgevingsomstandigheden (bijv. direct zonlicht) vermin- derd worden.
B) geldig bij het snijpunt en de betreffende hoeken 90°/180°/270°
C) bij 20-25 °C
D) De opgegeven waarden gelden bij normale tot gunstige omgevingsomstandigheden (bijv. geen trillingen, geen mist, geen rook, geen direct zonlicht). Na sterke temperatuurschommelingen kan de nauwkeurigheid afwijken.
E) Er ontstaat slechts een niet geleidende vervuiling, waarbij echter soms een tijdelijke geleidbaarheid wort verwacht door bedauwing.
Het productnummer (7) op het typeplaatje dient voor een ondubbelzinnige identificatie van uw meetgereedschap.
Montage
Batterijen plaatsen/verwisselen
Voor het gebruik van het meetgereedschap wordt het gebruik van alkali-mangaanbatterijen aanbevolen.
Voor het openen van het batterijvakdeksel (10) drukt u op de vergrendeling (9) en verwijdert u het batterijvakdeksel. Plaats de batterijen.
Let er hierbij op dat de polen juist worden geplaatst volgens de afbeelding op de binnenkant van het batterijvak.
Als de batterijen leeg zijn, dan brandt de statusaanduiding (3) rood en de laserstralen worden uitgeschakeld. Schakel het meetgereedschap uit en vervang de batterijen.
Vervang altijd alle batterijen tegelijk. Gebruik alleen batterijen van één fabrikant en met dezelfde capaciteit.
▶ Haal de batterijen uit het meetgereedschap, wanneer u dit langere tijd niet gebruikt. De batterijen kunnen bij een langere periode van opslag in het meetgereedschap corroderen en zichzelf ontladen.
Gebruik
Ingebruikname
▶ Bescherm het meetgereedschap tegen vocht en fel zonlicht.
Stel het meetgereedschap niet bloot aan extreme temperaturen of temperatuurschommelingen. Laat het bijv. niet gedurende langere tijd in de auto liggen. Laat het meetgereedschap bij grotere temperatuurschommelingen eerst op temperatuur komen, voordat u het in gebruik neemt. Bij extreme temperaturen of temperatuurschommelingen kan de nauwkeurigheid van het meetgereedschap nadelig beïnvloed worden.
▶ Vermijd krachtige stoten of vallen van het meetgereedschap. Door schade aan het meetgereedschap kan de nauwkeurigheid in het gedrang komen. Vergelijk na een heftige schok of val de laserlijn ter controle met een bekende horizontale of verticale referentielijn.
- Het meetgereedschap tijdens transport uitschakelen. Bij het uitschakelen wordt de pendeleenheid vergrendeld. Anders kan deze bij heftige bewegingen beschadigd raken.
In-/uitschakelen
Voor het inschakelen van het meetgereedschap schuift u de aan/uit-schakelaar (4) naar de stand "ON". Het meetgereedschap zendt direct na het inschakelen laserlijnen uit de openingen (5).
Richt de laserstraal niet op personen of dieren en kijk zelf niet in de laserstraal, ook niet vanaf een grote afstand.
60 | Nederlands
Voor het uitschakelen van het meetgereedschap schuift u de aan-/uit-schakelaar (4) in stand OFF. Bij het uitschakelen wordt de pendeleenheid vergrendeld.
Laat het ingeschakelde meetgereedschap niet onbeheerd achter en schakel het meetgereedschap na gebruik uit. Andere personen kunnen door de laserstraal verblind worden.
Modi
Het meetgereedschap beschikt over meerdere modi. U kunt op elk gewenst moment tussen de modi wisselen:
- kruislijnmodus (zie afbeelding A): toont een horizontaal laservlak (360° rondlopende laserlijn) en een verticale laserlijn naar voren;
- horizontale modus (zie afbeelding B): toont een horizontaal laservlak (360° rondlopende laserlijn);
- verticale modus (zie afbeelding C ): toont een verticale laserlijn.
Na het inschakelen bevindt het meetgereedschap zich in de kruislijnmodus met automatische nivellering. Druk voor het veranderen van de modus op de toets voor lasermodus Mode (1).
Alle modi zijn zowel met automatische nivellering als met hellingsfunctie mogelijk.
Werken met automatische nivellering (zie afbeelding E)
Bij het werken met automatische nivellering mag de statusaanduiding (3) niet branden. Schakel eventueel door het indrukken van de toets hellingsfunctie (2) de automatische nivellering weer in, zodat de statusaanduiding uitgaat.
Plaats het meetgereedschap op een horizontale, stevige ondergrond, bevestig het op het statief (11) of op de telescoopstang (13).
Het automatische nivelleersysteem nivelleert automatisch oneffenheden binnen het zelf-nivelleerbereik van ±4° . De nivellering is afgesloten zodra de laserlijnen niet meer bewegen.
Als de automatische nivellering niet mogelijk is, bijv. omdat het standvlak van het meetgereedschap meer dan 4° van de horizontale lijn afwijkt, dan beginnen de laserstralen te knipperen.
Plaats in dit geval het meetgereedschap horizontaal en wacht de zelfnivellering af. Zodra het meetgereedschap zich binnen het zelfnivelleerbereik van ±4° bevindt, branden de laserstralen continu.
Buiten het zelfnivelleerbereik van ±4° is het werken met automatische nivellering niet mogelijk, omdat anders noch de nivelleernauwkeurigheid van de laserstralen noch de rechte hoek tussen de laserstralen gewaarborgd is.
Bij schokken of veranderingen van positie tijdens het gebruik wordt het meetgereedschap automatisch opnieuw genivelleerd. Controleer na een hernieuwde nivellering de positie van de horizontale of verticale laserlijn met betrekking tot de referentiepunten om fouten door een verschuiving van het meetgereedschap te vermijden.
Werken met hellingsfunctie (zie afbeelding F)
Druk voor werkzaamheden met hellingsfunctie op de toets hellingsfunctie (2). In de hellingsfunctie brandt de statusaanduiding (3) groen.
Bij het werken met hellingsfunctie is de automatische nivellering uitgeschakeld. U kunt het meetgereedschap vrij in de hand houden of op een hellende ondergrond zetten. De laserstralen worden niet meer genivelleerd en lopen niet meer noodzakelijk loodrecht t.o.v. elkaar.
Aanwijzingen voor werkzaamheden
- Gebruik bij het markeren altijd alleen het midden van de laserlijn. De breedte van de laserlijn wijzigt met de afstand.
Werken met het statief (accessoire)
Een statief biedt een stabiele, in hoogte instelbare meetondergrond. Plaats het meetgereedschap met de 1/4"-statiefopname (8) op de schroefdraad van het statief (11) of op een gangbaar fotostatief. Schroef het meetgereedschap met de vastzetschroef van het statief vast.
Stel het statief grof af voordat u het meetgereedschap inschakelt.
Laserbril (accessoire)
De laserbril filtert het omgevingslicht uit. Daardoor lijkt het licht van de laser voor het oog helderder.
- Gebruik de laserbril (accessoire) niet als veiligheidsbril. De laserbril dient voor het beter herkennen van de laserstraal; deze beschermt echter niet tegen de laserstraling.
- Gebruik de laserbril (accessoire) niet als zonnebril of in het verkeer. De laserbril biedt geen volledige UV-bescherming en vermindert het waarnemen van kleuren.
Gebruiksvoorbeelden (zie afbeeldingen E-F)
Voorbeelden van toepassingsmogelijkheden van het meetgereedschap vindt u op de pagina's met afbeeldingen.
62 | Nederlands
Onderhoud en service
Onderhoud en reiniging
Houd het meetgereedschap altijd schoon.
Dompel het meetgereedschap niet in water of andere vloeistoffen.
Verwijder vuil met een vochtige, zachte doek. Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen.
Reinig in het bijzonder de opening van de laser regelmatig en let daarbij op pluizen.
Klantenservice en gebruiksadvies
Onze klantenservice beantwoordt uw vragen over reparatie en onderhoud van uw product en over vervangingsonderdelen. Explosietekeningen en informatie over vervangingsonderdelen vindt u ook op: www.bosch-pt.com
Het Bosch-gebruiksadviesteam helpt u graag bij vragen over onze producten en accessoires.
Vermeld bij vragen en bestellingen van vervangingsonderdelen altijd het uit tien cijfers bestaande productnummer volgens het typeplaatje van het product.
Nederland
Tel.: (076) 579 54 54
Fax: (076) 579 54 94
E-mail: gereedschappen@nl.bosch.com
Meer serviceadressen vindt u onder:
Meetgereedschappen, accessoires en verpakkingen dienen op een voor het milieu verantwoorde manier te worden gerecycled.

Gooi meetgereedschappen en batterijen niet bij het huisvuil!
Alleen voor landen van de EU:
Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EU inzake afgedankte elektrische en elektronische apparatuur en de implementatie in nationaal recht moeten niet meer bruikbare meetgereedschappen en volgens de Europese richtlijn 2006/66/EG moeten defecte of verbruikte accu's/batterijen apart worden ingezameld en op een voor het milieu verantwoorde wijze worden gerecycled.
Bij een verkeerde afvoer kunnen afgedankte elektrische en elektronische apparaten vanwege de mogelijke aanwezigheid van gevaarlijke stoffen schadelijke uitwerkingen op het milieu en de gezondheid van mensen hebben.