PBEB 52 A1 - Benzineboor PARKSIDE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis PBEB 52 A1 PARKSIDE in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over PBEB 52 A1 PARKSIDE
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Benzineboor in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PBEB 52 A1 - PARKSIDE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PBEB 52 A1 van het merk PARKSIDE.
GEBRUIKSAANWIJZING PBEB 52 A1 PARKSIDE
Bedienings- en veiligheidsinstructies.
Vertaling van de originele handleiding.
○ MT CH
TRIVELLA PER TERRENO A BENZINA
Vouw voor het lezen de pagina met de afbeeldingen uit en maak u vervolgens vertrouwd met alle functies van het product.
ES
- Verklaring van de symbolen op het product 61
- Verklaring van de signaalwoorden in de gebruikshandleiding 62
- Inleiding 63
- Productbeschrijving 63
- Leveringsomvang....63
- Beoogd gebruik....63
- Veiligheidsvoorschriften 64
- Technische gegevens....67
- Uitpakken 69
- Montage 69
- Voor de ingebruikname 69
- Bediening 71
- Reiniging en onderhoud 72
- Transport 74
- Opslag 74
- Reparatie en reserveonderdelen bestellen....75
- Afvalverwerking en hergebruik 75
- Verhelpen van storingen....76
- Garantiebewijs....77
- Explositietekening 215
- Conformiteitsverklaring 216
1. Verklaring van de symbolen op het product
![]() | Lees voorafgaand aan de ingebruikname de gebruikshandleiding en de veiligheidsvoorschriften! | ![]() | Houd onbevoegde personen uit de buurt van het product. | ||
![]() | Alle waarschuwingen moeten worden gelezen, begrepen en in acht worden genomen. | ![]() | Let op hete oppervlakken - gevaar voor brandwonden! | ||
![]() | ![]() | ![]() | Draag altijd een veiligheidsbril, gehoor-bescherming en een veiligheidshelm. | ![]() | Weergave van het gegaran-deerde geluidsvermogensni-veau LWA in dB. |
![]() | Draag altijd veiligheids-en anti-trillingshand-schoenen als u het product gebruikt. | ![]() | Vulopening voor brandstof/ oliemengsel (40:1) | ||
![]() | Draag altijd snijbesten-dige veiligheidsschoenen met een antislipzool , als u het product gebruikt. | ![]() | Choke (warme start/koude start) | ||
![]() | De uitlaatgassen zijn giftig, gebruik de motor daarom niet in niet-geventileerde bereiken. | ![]() | Brandstofpomp “Primer” | ||
![]() | Een open vlam of roken in de nabijheid van het apparaat is streng verboden! | ![]() | looprichting | ||
![]() | Gevaar door wegslinge-rende onderdelen bij een draaiende motor.Neem absoluut de veilig-heidsafstand in acht. | ![]() | Het product voldoet aan de geldende EU-bepalingen. | ||
![]() | Apparaat tegen regen beschermen en bij regen niet in de buitenlucht la-ten liggen! | ![]() | Aan/uit-schakelaar | ||
![]() | Starterkoord | ||||
2. Verklaring van de signaalwoorden in de gebruikshandleiding
| GEVAAR | Signaalwoord voor aanduiding van een direct aanwezige, gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, de dood of ernstige verwondingen tot gevolgd heeft. |
| WAARSCHU-WING | Signaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, tot de dood of ernstige verwondingen kan leiden. |
| VOORZICHTIG | Signaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, tot geringe of matige verwondingen kan leiden. |
| LET OP | Signaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, materiële schade aan producten of eigendommen tot gevolg kan hebben. |
| AANWIJZING | Signaalwoord voor aanduiding van een mogelijke gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt vermeden, materiële schade aan producten of eigendommen tot gevolg kan hebben. |
3. Inleiding
Fabrikant:
Scheppach GmbH
Wij wensen u veel plezier en succes bij het werken met uw nieuwe product.
Opmerking:
De fabrikant van dit product is volgens de van kracht zijnde wet inzake productaansprakelijkheid niet aansprakelijk voor schade die aan dit product of door dit product ontstaan bij:
• ondeskundige behandeling
- Het niet in acht nemen van de gebruikshandleiding
- Reparaties door derden, niet geautoriseerde vakmensen
- Inbouw en vervanging van niet-originele reserve-onderdelen
- Niet-beoogd gebruik
Let op:
De gebruikshandleiding maakt deel uit van dit product.
Deze bevat belangrijke aanwijzingen, hoe u met het product veilig, vakkundig en economisch werkt, hoe u gevaren vermijdt, reparatiekosten uitspaart, uitval- tijden vermindert en de betrouwbaarheid en levens- duur van het product verhoogt. Aanvullend op de veiligheidsbepalingen van deze gebruikshandleiding moet u absoluut de voor de werking van het product geldende voorschriften van uw land in acht nemen. Maak u voor aanvang van de werkzaamheden be- kend met alle bedienings- en veiligheidsinstructies. Gebruik het product uitsluitend als beschreven en voor de aangegeven toepassingsbereiken. Bewaar de gebruikshandleiding daarom goed, en verstrek alle documentatie als het product wordt doorgege- ven aan derden.
4. Productbeschrijving
- Handgreep
- Brandstoftank
- Tankdop
- Brandstofpomp "Primer"
4a. Choke - Starterkoord
- Stelschroef stationair
- Luchtfilter / carburateur
7a. Vleugelmoer
8b. Luchtfilterelement - Bougiestekker
8a. Bougie - Motor
- Handgreep
- Gashendel
- Jumpstarter
- Aan/uit-schakelaar
- Boor
14a. Boor ∅100 mm
14b. Boor ∅150 mm
14c. Boor ∅200 mm - Aandrijving
- Aandrijfas
- Borgpen boor
- Bout
5. Leveringsomvang
Pos. Aantal Aanduiding
| 1 1x Motorbehuizing met handgrepen | |
| 14a | 1x Boor ∅ 100 mm |
| 14b | 1x Boor ∅ 150 mm |
| 14c | 1x Boor ∅ 200 mm |
| 17 | 3x Borgpen boor |
| A | 1x Bougiesleutel |
| B | 1x Mengfles olie-benzine |
| 1x Gebruiksaanwijzing | |
6. Beoogd gebruik
De grondboor is geschikt voor het boren van eenvoudige gaten in de grond voor het zetten van palen of het boren van puntfunderingen in de bosbouw, tuin- en landschapsarchitectuur.
De grondboor is vervaardigd voor bediening door één persoon.
Het product mag niet worden gebruikt:
- in ijs; in steen of rotsen
- in gebieden waar elektrische kabels, gasleidingen, waterleidingen of telefoonleidingen ondergronds worden gelegd.
- in een put of kanaal (gebrek aan ventilatie!)
Het product mag uitsluitend worden gebruikt waar- voor het bedoeld is. Elk ander of verdergaand ge- bruik is niet volgens de voorschriften. De gebruiker/ bediener en niet de fabrikant is aansprakelijk voor ontstane schade of elke vorm van letsel.
Ook de naleving van de veiligheidsvoorschriften, de montagehandleiding en de aanwijzingen in de gebruikshandleiding maken deel uit van het beoogd gebruik.
Personen die het product gebruiken of onderhoud aan het product verrichten, moeten hiermee bekend zijn en op de hoogte zijn van de mogelijke gevaren. De fabrikant is niet aansprakelijk voor wijzigingen die aan het product worden aangebracht en de hieruit voortvloeiende schade.
Het product mag uitsluitend met de originele onderdelen en originele accessoires van de fabrikant worden gebruikt.
De veiligheids-, werk- en onderhoudsvoorschriften van de fabrikant alsook de in de technische gegevens aangegeven afmetingen moeten in acht worden genomen.
Let erop dat onze producten volgens het beoogd gebruik niet voor bedrijfsmatige, ambachtelijke of industriële toepassingen zijn ontworpen. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid wanneer het product in bedrijfsmatige, ambachtelijke of industriële ondernemingen of bij soortgelijke werkzaamheden worden ingezet.
De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die het gevolg is van oneigenlijk gebruik of onjuiste bediening.
7. Veiligheidsvoorschriften
⚠ Waarschuwing
Bij het gebruik van machines moeten enkele veiligheidsmaatregelen in acht genomen worden, om letsel en schade te voorkomen.
Lees deze gebruikshandleiding/veiligheidsvoorschriften daarom zorgvuldig door.
Indien u het product aan andere personen mocht overhandigen, overhandig dan tevens deze gebruikshandleiding /veiligheidsvoorschriften. Wij kunnen niet aansprakelijk worden gesteld voor ongevallen of schade, die door niet-naleving van deze handleiding of de veiligheidsvoorschriften worden veroorzaakt.
- Neem de nationale voorschriften tijdens de werkzaamheden in acht als de grondboor op openbare terreinen of wegen wordt gebruikt.
- Vraag de verkoper of een andere specialist om uit te leggen hoe u het veilig kunt gebruiken – of neem deel aan een gespecialiseerde training.
- Minderjarigen mogen niet met het elektrische gereedschap werken – met uitzondering van jongeren ouder dan 16 die onder toezicht zijn opgeleid.
- Houd kinderen, dieren en toeschouwers uit de buurt.
- Zorg voor de juiste kleding. Vermijd losse kleding en sieraden. Ze kunnen worden gegrepen door bewegende machineonderdelen. Werkhandschoenen en slipbestendige schoenen zijn verplicht tijdens het werk. Lang haar moet voldoende worden beschermd.
- Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen. Veiligheidsbrillen, handschoenen en gehoorbescherming moeten altijd worden gedragen. Draag altijd nauwsluitende handschoenen bij het verwisselen van de boor.
- Als het elektrische gereedschap niet in gebruik is, moet het zo worden neergezet dat niemand in gevaar wordt gebracht.
- Beveilig het elektrische apparaat tegen toegang door onbevoegden.
- De gebruiker is verantwoordelijk voor ongevallen en gevaren waarbij derden of hun eigendommen zijn betrokken.
- Geef het elektrische apparaat alleen door aan of leen het uit aan personen die vertrouwd zijn met dit model en de werking ervan – verstrek altijd de gebruiksaanwijzing.
- Werk rustig en weloverwogen – alleen bij goed licht en zicht. Werk voorzichtig, breng anderen niet in gevaar.
- Zorg bij het werken in greppels, neerlaten of in kleine ruimtes altijd voor voldoende luchtverversing. Levensgevaar door vergiftiging!
- In geval van misselijkheid, hoofdpijn, visuele stoornissen (bijv. vermindering van het gezichtsveld), gehoorstoornissen, duizeligheid, concentratieverlies, het werk onmiddellijk stoppen – deze symptomen kunnen onder andere worden veroorzaakt door te hoge concentraties uitlaatgassen – kans op ongelukken!
- Het gebruik van elektrisch gereedschap dat geluid produceert, kan in de tijd beperkt zijn door nationale en plaatselijke voorschriften.
- ledereen die met het elektrische gereedschap werkt, moet uitgerust, gezond en in goede conditie zijn.
- Als u zich om gezondheidsredenen niet mag inspannen, moet u uw arts vragen of het mogelijk is om met een elektrisch gereedschap te werken.
- Gebruik het elektrische apparaat niet na gebruik van alcohol, medicijnen die uw reactievermogen aantasten of drugs.
- Bedien het elektrische gereedschap met lage geluids- en uitlaatgasemissies – laat de motor niet onnodig draaien, geef alleen gas als u aan het werk bent.
- Niet roken tijdens het gebruik of in de directe omgeving van het elektrische apparaat – brandgevaar! Brandbare benzinedampen kunnen uit het brandstofsysteem ontsnappen.
- Gebruik – afhankelijk van het toegewezen boorgereedschap – het elektrische gereedschap alleen voor het boren van gaten in de grond en gaten in hout. Het elektrische gereedschap mag niet voor andere doeleinden worden gebruikt.
- Controleer voordat u met de boorwerkzaamheden begint of er geen leidingen (bijv. voor gas, water, elektriciteit) bij de boorpunten liggen:
- Informatie inwinnen bij plaatselijke nutsbedrijven
- Controleer bij twijfel de aanwezigheid van leidingen met detectoren of test uitgravingen.
- Vermijd contact met stroomvoerende kabels – risico op elektrische schokken!
- Bevestig alleen boorgereedschap of accessoires die door de fabrikant zijn goedgekeurd voor dit elektrische apparaat of technisch vergelijkbare onderdelen. Neem bij vragen contact op met een gespecialiseerde dealer. Gebruik alleen gereedschap of accessoires van hoge kwaliteit. Anders bestaat het risico op ongelukken of schade aan het elektrische apparaat.
- Gebruik geen hogedrukreinigers om het product te reinigen. De harde waterstraal kan onderdelen van het product beschadigen.
⚠ Omgang met benzine
⚠ Levensgevaar! Benzine is giftig en zeer ontvlambaar.
- Bewaar benzine alleen in daarvoor bedoelde en gecontroleerde containers (jerrycans). De sluit-kappen van het tankreservoir moeten altijd correct opgeschroefd en aangehaald worden. Defecte sluitingen moeten vanwege veiligheidsredenen worden vervangen.
- Houd benzine uit de buurt van vonken, open vuur, waakvlammen, warmtebronnen en andere ontstekingsbronnen. Niet roken!
- Vul de tank uitsluitend bij in de buitenlucht en rook niet tijdens het tanken.
- Schakel voor het tanken de verbrandingsmotor uit en laat deze afkoelen.
- Benzine moet voor het starten de verbrandingsmotor worden bijgevuld. Als de verbrandingsmotor loopt of bij een hete machine mag de tankdop niet geopend worden of er benzine worden bijgevuld.
- Open de tankdop voorzichtig en langzaam. Drukcompensatie afwachten en pas daarna de tankdop volledig afnemen.
- Gebruik voor het tanken een geschikte trechter of een invoerbuis, zodat er geen brandstof op de verbrandingsmotor en behuizing resp. het gazon kan terechtkomen.
Vul de brandstoftank niet te vol!
- Om de brandstof ruimte tot uitzetting te bieden, brandstoftank nooit tot boven de onderkant van de vulpijp vullen. Extra gegevens in de gebruikshand -leiding van de verbrandingsmotor in acht nemen.
- Indien benzine is overstroomd, de verbrandingsmotor pas starten, nadat de met benzine vervuilde vlakken zijn gereinigd. Elke ontstekingspoging moet worden vermeden totdat de benzinedampen zijn verdampt (droogvegen).
• Veeg gemorste brandstof direct weg.
- Als benzine op kleding is terechtgekomen, moet deze worden vervangen.
- De tankdop moet na elke keer tanken correct opgeschroefd en aangehaald worden. Het product mag zonder opgeschroefde originele tankdop niet in gebruik worden genomen.
- Controleer vanwege veiligheidsredenen de brandstofleiding, brandstoftank, tankdop en aansluitingen regelmatig op beschadigingen, veroudering (breekbaarheid), op correcte bevestiging en ondichte plaatsen en vervang deze indien nodig.
- Leeg de tank alleen in de open lucht.
- Gebruik nooit drinkflessen of gelijksoortig voor het verwijderen of opslaan van bedrijfsmiddelen, zoals bijv. brandstof. Personen, in het specifiek kinde ren, kunnen verleid worden daaruit te drinken.
- Bewaar nooit het product met benzine in de tank binnen een gebouw. Ontstane benzinedampen kunnen met open vuur en vonken in aanraking komen en zich ontsteken.
- Product en brandstoftank niet in de buurt van verwarmingen, warmtestralers, lasproducten of andere warmtebronnen neerzetten.
Explosiegevaar!
Als tijdens het gebruik een defect aan de brandstof-tank, de tankdop of aan brandstofgeleidende delen (brandstofleidingen) wordt vastgesteld, moet direct de verbrandingsmotor worden uitgeschakeld. Vervolgens moet contact met een leverancier worden opgenomen.
Speciale veiligheidsbepalingen tijdens het gebruik van verbrandingsmotoren:
GEVAAR
Verbrandingsmotoren vormen tijdens het gebruik en tijdens het tanken een bijzonder gevaar. Lees de waarschuwingen en neem deze in acht. Het niet in acht nemen kan leiden tot ernstig of zelfs dodelijk letsel.
- Er mogen geen veranderingen aan het product worden aangebracht.
- ⚠ Let op!
Gevaar voor vergiftiging! Uitlaatgassen, brandstof en smeermiddelen zijn giftig. Uitlaatgassen mogen niet worden ingeademd.
- ⚠ Let op!
Gevaar voor brandwonden! Raak het uitlaatsysteem en de aandrijfeenheid niet aan.
- Het product niet in ongeventileerde ruimtes of in licht ontvlambare omgeving gebruiken.
- △ Explosiegevaar! Het product nooit in ruimtes met licht ontvlambare stoffen gebruiken.
- Tijdens het transport moet het product tegen wegslippen en kantelen worden beveiligd.
- Let op dat bij het tanken geen brandstof op de motor of in de uitlaat wordt gemorst.
- Reparatie- en instelwerkzaamheden mogen uit-sluitend door geautoriseerd vakpersoneel worden uitgevoerd.
- Raak geen mechanisch bewegende of hete onderdelen aan. Verwijder geen veiligheidsafdekkingen.
- Bij de technische gegevens onder geluidsvermogenniveau (L WA ) en geluidsdrukniveau (L PA ) aangegeven waarden geven een emissieniveau weer en hoeven niet persé veilige werkniveaus te zijn.
- Aangezien een samenhang bestaat tussen de emissie- en immissieniveaus, kan deze niet betrouwbaar voor het bepalen van eventuele vereiste aanvullende voorzorgsmaatregelen worden gebruikt. Invloedfactoren op het actuele immissieniveau van de arbeid, sluiten de eigenschappen van de werkruimte, andere geluidsbronnen etc. zoals bijv. het aantal machines en andere naastgelegen processen en tijdmarge dat een gebruiker aan het lawaai wordt blootgesteld, uit. Bovendien kan het toegestane immissieniveau per land verschillen. Deze informatie zal voor de exploitant van de machine de mogelijkheid geven om een betere inschatting van de risico's en gevaren uit te voeren.
- Steek nooit voorwerpen door de ventilatiesleuven. Dit geldt ook als het product is uitgeschakeld. Het niet in acht nemen kan tot letsel of schade aan het product leiden.
- Houd het product vrij van olie, vuil en andere verontreinigingen.
- Controleer of de geluidsdemper en het luchtfilter conform de voorschriften functioneren. Deze onderdelen dienen als vlamvertrager bij een vlaminslag.
- Schakel de motor uit:
- Altijd, als u de machine verlaat
- Voordat u brandstof bijvult
- Gebruik nooit de chokehendel om de motor te stoppen.
Restgevaren en voorzorgsmaatregelen
Het niet naleven van de ergonomische basisprincipes
Nalatig gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM's)
Nalatig gebruik of het weglaten van persoonlijke beschermingsmiddelen kan ernstige verwondingen tot gevolg hebben.
- Voorgeschreven beschermende uitrusting dragen.
Menselijk gedrag, incorrect gedrag
- Wees tijdens alle werkzaamheden altijd volledig geconcentreerd.
⚠️ Restgevaar kan niet worden uitgesloten.
Gevaar door lawaai
Gehoorschade
Langere werkzaamheden met het product zonder gehoorbescherming kan leiden tot gehoorschade.
- Altijd gehoorbescherming dragen.
Gedrag bij noodgevallen
Bij een eventueel ongeval moet u direct de noodzakelijke EHBO-maatregelen nemen en zo snel mogelijk hulp vragen aan een gekwalificeerde arts.
⚠ WAARSCHUWING
Ondeskundig onderhoud of het niet in acht nemen resp. het niet verhelpen van een probleem kan tijdens het gebruik een gevarenbron veroorzaken.
Gebruik uitsluitend regelmatig en juist onderhouden machines. Alleen zo kunt u er van uitgaan dat u uw product veilig, zuinig en storingsvrij kunt gebruiken.
Restrisico's
De machine is gebouwd volgens de stand van de techniek en de erkende veiligheidstechnische regels. Toch kan tijdens de werkzaamheden sprake zijn van enkele restrisico's.
Bovendien kunnen er ondanks alle getroffen voorzieningen verborgen residuele risico's bestaan.
Restrisico's kunnen worden geminimaliseerd als de "veiligheidsvoorschriften" en het "gebruik conform de voorschriften" alsook de bedieningshandleiding worden opgevolgd.
- Bovendien kunnen er ondanks alle getroffen voorzieningen verborgen restrisico's bestaan.
- Restrisico's kunnen worden geminimaliseerd als de "veiligheidsvoorschriften" en het "gebruik conform de voorschriften" alsook de bedieningshandleiding worden opgevolgd.
- Houd uw handen buiten de werkomgeving, wanneer de machine in bedrijf is.
- Inspecteer zorgvuldig het gebied waar gewerkt moet worden en houd de werkomgeving schoon en vrij van vuil om struikelgevaar te voorkomen. Werk op een vlakke, gladde ondergrond.
- Plaats tijdens montage, installatie, bediening, onderhoud, reparatie of transport nooit enig deel van uw lichaam in een positie waarin u gevaar loopt bij beweging.
- Houd alle toeschouwers, kinderen en huisdieren op minstens 23 meter (75 voet) afstand. Stop de machine onmiddellijk als er iemand in de buurt komt.
- Start de motor voorzichtig volgens de instructies en houd uw voeten uit de buurt van de bewegen-de delen.
- Verlaat nooit de bedieningspositie terwijl de motor draait.
- Houd het product tijdens het gebruik altijd met beide handen vast. Denk eraan dat de machine onverwacht omhoog of naar voren kan springen als deze verborgen obstakels tegenkomt, zoals grote stenen.
- Wees met name voorzichtig wanneer u werkt op of over grindpaden, trottoirs of wegen. Kijk altijd uit voor verborgen gevaren en verkeer.
Bewaar de veiligheidsvoorschriften zorgvuldig.
Technische wijzigingen voorbehouden!
Geluid
Informatie over geluidsontwikkeling volgens ISO 22868:
| Geluidsdrukniveau L_pA | 87,3 dB |
| Onzekerheid K_pA | 3 dB |
| Geluidsvermogensniveau L_WA | 109,1 dB |
| Onzekerheid K_WA | 3 dB |
Draag gehoorbescherming.
Het effect van lawaai kan gehoorverlies zijn.
Trilling:
Trillingswaarde conform ISO 22867:
| Handgreep rechts | 19,786 m/s2 |
| Handgreep links 19,879 m/s2 | |
| Meetonnauwkeurigheid K 1,5 m/s2 |
Beperk de geluidsproductie en trilling tot een mini- mum!
- Gebruik alleen optimale producten.
- Onderhoud en reinig het product regelmatig.
- Pas uw werkwijze aan het product aan.
- Zorg dat het product niet overbelast raakt.
- Laat het product eventueel controlleren.
- Schakel het product uit als deze niet in bedrijf is.
- Draag handschoenen.
Waarschuwing!
Bij langdurige werkzaamheden kunnen door de trillingen stoornissen in de doorbloeding in de handen van de gebruiker optreden (witte vinger syndroom). Raynaud-syndroom (dove vingers) is een vaatziekte, waarbij kleine bloedvaten in de vingers en tenen acuut verkrampen. De desbetreffende lichaamsdelen worden dan niet meer voldoende van bloed voorzien waardoor ze een bleke kleur krijgen. Het frequente gebruik van trillende producten kan zenuwbeschadigingen veroorzaken bij personen met een verminderde doorbloeding (bijv. rokers, diabetici).
Als u ongewone beperkingen bespeurt, stopt u direct de werkzaamheden en raadpleegt u een arts.
Neem de volgende aanwijzingen in acht om de risico's te beperken:
- Houd uw lichaam en met name uw handen bij koud weer warm.
- Las regelmatig pauzes in en beweeg hierbij de handen om de doorbloeding te bevorderen.
- Zorg voor zo min mogelijke trillingen van de machine door regelmatig onderhoud en stevig bevestigde delen op het product.
De aangegeven geluidswaarden zijn volgens een genormeerde testmethode gemeten en kunnen gebruikt worden om verschillende gereedschappen met elkaar te vergelijken.
Bovendien zijn deze waarden geschikt om belastingen voor de gebruiker, die door geluid ontstaan, te voren in te kunnen schatten.
⚠ WAARSCHUWING
De trillingsemissiewaarde kan van de opgegeven waarde afwijken. Dit is afhankelijk van de wijze waarop het product wordt toegepast. Probeer de belasting door vibratie zo gering mogelijk te houden. Voorbeelden van maatregelen om de belasting door trillingen te verminderen zijn: het dragen van handschoenen tijdens het gebruik van het gereedschap en de duur van de werkzaamheden. Hierbij moeten alle aspecten van de bedrijfscyclus in aanmerking worden genomen (zoals de tijd dat het product uitgeschakeld is en de tijd dat deze ingeschakeld is, maar onbelast draait).
Beperk de geluidsproductie en trilling tot een minimum!
9. Uitpakken
- Open de verpakking en haal het product er voorzichtig uit.
- Verwijder het verpakkingsmateriaal evenals de verpakkings- en transportbeveiligingen (indien voorhanden).
- Controleer of de inhoud van de levering volledig is.
- Controleer het product en de hulpstukken op transportschade. Bij klachten moet direct contact worden opgenomen met de expediteur. Reclamaties op een later tijdstip worden niet erkend.
- Bewaar de verpakking indien mogelijk tot na het verstrijken van de garantietijd.
- Maak u voor aanvang van de werkzaamheden bekend met het product aan de hand van de gebruikshandleiding.
- Gebruik bij accessoires alsook slijtage- en reserveonderdelen uitsluitend originele onderdelen. Reserveonderdelen zijn verkrijgbaar bij de leverancier.
- Geef bij bestellingen onze artikelnummers alsook type en bouwjaar van het product aan.
⚠ WAARSCHUWING!
Het product en verpakkingsmateriaal zijn geen kinderspeelgoed! Kinderen mogen niet met plastic zakken, folies en kleine onderdelen spelen! Er bestaat gevaar voor inslikken en verstikkingsgevaar!
10. Montage
Om verpakkingstechnische redenen is uw product niet volledig gemonteerd.
10.1 De boor plaatsen (afb. 1 + 2 + 8-10)
Als de boor niet correct wordt gemonteerd, kan dit tot ernstige ongelukken leiden! Controleer voordat u met het werk begint of de geplaatste boor goed vastzit.
- Plaats de motorbehuizing van de grondboor op een werkbank.
- Plaats de gewenste boor (14a, 14b, 14c) op de aandrijfas (16) en zorg ervoor dat beide gaten uitgelijnd zijn.
- Zet de boor (14a, 14b, 14c) vast met de borgpen (17).
- Ga in omgekeerde volgorde te werk om de boor te vervangen.
Opmerking:
Bij gebruik van een boorverlengstuk (zie 16.1. Reserveonderdelen bestellen), moet deze op dezelfde manier gemonteerd worden als een boormachine. De boren moeten dan op het boorverlengstuk worden gemonteerd zoals hierboven beschreven.
11. Voor de ingebruikname
⚠ LET OP!
Het product voor de ingebruikstelling in ieder geval volledig monteren!
⚠ WAARSCHUWING!
Gevaar voor de gezondheid!
Bij het inademen van benzine-/smeeroliedampen en uitlaatgassen kan er ernstige gezondheidsschade, bewusteloosheid ontstaan en dit in extreme gevalen zelfs tot de dood leiden.
- Adem benzine-;smeeroliedampen en uitlaatgassen niet in.
- Gebruik het product alleen in de open lucht.
AANWIJZING!
Productbeschadiging
Als het product zonder of met te weinig motor- of transmissieolie wordt gebruikt, kan dit tot motor-schade leiden.
- Vul voor de ingebruikname benzine en olie in. Het product wordt af fabriek geleverd met motorolie.
AANWIJZING!
Risico op materiële schade!
Indien incorrect opgeslagen of niet afgetapte brandstoffen worden gebruikt, kan de carburateur ver stoppen of de werking van de motor beïnvloeden.
- Voer brandstof wat u niet nodig heeft, in een luchtdichte tank en bewaar deze in een donkere, koele ruimte.
Controle voor gebruik
- Controleer alle zijdes van de motor op olie of brandstoflekken.
- Controleer het brandstofpeil – de brandstoftank moet minstens halfvol zijn.
- Controleer de toestand van het luchtfilter (zie hoofdstuk 13.1).
- Controleer de conditie van de brandstofleidingen.
-
Controleer of de bougiestekker aan de bougie is bevestigd.
-
Let op tekenen van schade.
- Controleer of alle veiligheidsafdekkingen zijn aangebracht en of alle schroeven, moeren en pennen zijn aangedraaid.
11.1 Brandstof mengen
⚠ Let op!
De grondboor wordt geleverd zonder brandstofmengsel. Daarom is het van essentieel belang om vóór de inbedrijfstelling een brandstofmengsel te vullen.
Gebruik een brandstofmengsel van 40:1 tweetaktmotorolie en loodvrije benzine.
40:1 = 40 delen benzine + 1 deel olie
Meng het brandstofmengsel niet in de brandstoftank. Gebruik hiertoe de meegeleverde mengbeker of een ander hiertoe geschikte container. Pas na het voormengen en goed omroeren van het brandstofmengsel in de brandstoftank gieten.
Ongeschikte bedrijfsvloeistoffen of mengverhoudingen die afwijken van de voorschriften kunnen ernstige schade aan de motor veroorzaken. Benzine of motorolie van mindere kwaliteit kan de motor, afdicht -ringen, leidingen en brandstoftank beschadigen.
Opmerking:
Voor het vervaardigen van het brandstof-oliemengsel altijd het voorgeschreven olievolume bij het halve brandstofvolume voormengen en aansluitend het resterende brandstofvolume toevoegen. Voor het vullen van het mengsel in de grondboor het complete mengsel goed doorschudden.
Brandstof-mengtabel
Mengmethode: 40 delen benzine op 1 deel olie
Voorbeeld:
1 | benzine: 0,025 | 2-takt-olie
5 | benzine: 0,125 | 2-takt-olie
Let op:
Gebruik geen 2-takt olie dat een mengverhouding van 100:1 adviseert. Bij schade aan de motor op basis van onvoldoende smering vervalt de garantie van de fabrikant.
Let op:
Gebruik alleen aangewezen en goedgekeurde tanks voor het transport en de opslag van brandstof. Giet altijd de juiste hoeveelheid benzine en 2-takt-olie in de meegeleverde mengfles voor olie-benzine (B). Schud vervolgens de tank goed door.
Gebruik nooit olie voor 4-takt-motoren of watergekoelde 2-takt-motoren. Hierdoor kan de bougie verontreinigd raken, de uitlaat geblokkeerd raken of de zuigerveer verstopt raken. Brandstofmengsels die een maand of langer niet zijn gebruikt, kunnen de carburateur verstoppen of de werking van de motor beïnvloeden.
Voer brandstof wat u niet nodig heeft, in een lucht-dichte tank en bewaar deze in een donkere, koele ruimte.
11.2 Brandstofmengsel bijvullen (afb. 1)
⚠ GEVAAR!
Brand- en explosiegevaar!
Brandstof kan zich bij het vullen ontsteken en eventueel exploderen. Dit leidt tot ernstige verbrandingen of zelfs de dood.
- Schakel de motor uit en laat deze afkoelen.
- Houd uit de buurt van hitte, vlammen en vonken.
- Vul brandstof alleen in de open lucht bij.
- Draag veiligheidshandschoenen.
- Vermijd huid- en oogcontact.
- Start het product met een afstand van min. 3 m tot de vullocatie van de brandstof.
-
Let op voor ondichte plekken. Start de motor niet als er benzine lekt.
-
Reinig de omgeving van het vulgedeelte. Verontreinigingen in de brandstoftank (2) veroorza-ken bedrijfsstoringen.
- Open voorzichtig de tankdop (3) zodat eventuele overdruk kan ontsnappen.
- Vul de brandstoftank (2) met behulp van een trechter (niet meegeleverd) met brandstofmengsel. Let op de max. vulcapaciteit van 1,2 liter. Vul voorzichtig het brandstofmengsel bij tot aan de onderkant van de vulpijp.
- Sluit de tankdop (3) weer. Controleer of de tankdop goed is afgesloten.
- Maak het tankdeksel en de omgeving goed schoon.
-
Controleer de brandstoftank (2) en de brandstofleidingen op lekkages.
-
Neem minimaal drie meter van de plek waar u brandstof hebt bijgevuld voordat u de motor start.
11.3 Stelschroef stationair (afb. 1 + 3)
Met de stelschroef voor stationair toerental (6) kan het stationair toerental van de grondboor worden ingesteld.
Als het stationair toerental iets te hoog is ingesteld (bijv. als de booropzet vanzelf draait bij stationair draaien), kan het stationair toerental worden verlaagd door het langzaam linksom te draaien.
Als de boor na het afstellen niet stopt met stationair draaien, neem dan contact op met een vakdealer.
⚠ Let op! Overige werkzaamheden aan de carburateur moeten door een erkende werkplaats worden uitgevoerd.
12. Bediening
⚠ Let op!
Het product voor de ingebruikstelling in ieder geval volledig monteren!
Lees zorgvuldig de veiligheidsaanwijzingen door.
- Verwijder vreemde voorwerpen uit het werkbereik.
- Bij het verlaten van de machine moet de motor altijd worden uitgeschakeld.
- Controleer de grondboor op werking en bedrijfs-veilige toestand.
- Werk nooit altijd, bij noodgevallen moet iemand in de buurt zijn.
- Houd het elektrische gereedschap stevig met beide handen vast, zodat plotselinge schokken opgevangen kunnen worden. Voer grondboringen alleen uit met een lage voedingsdruk.
- Let altijd op uw evenwicht en zorg dat u stevig staat. Leun bijvoorbeeld niet te ver naar voren of opzij als u naar iets reikt.
- Wees voorzichtig in gladde, natte, besneeuwde of ijzige omstandigheden, op hellingen, op oneffen terrein etc, – gevaar voor uitglijden!
- Kijk uit voor obstakels: Boomstronken, wortels - struikelgevaar!
- Zorg voor een probleemloos stationair draaien. De boor mag bij een bedrijfswarme motor in stationair niet draaien.
- Schakel de motor onmiddellijk uit als het gedrag van het product merkbaar verandert.
- Plotseling blokkeren van de boor kan het lichaam abrupt doen draaien.
- De warmgedraaide grondboor niet in droog gras of op andere brandbare voorwerpen leggen resp. plaatsen. (Brandgevaar!)
- Boor het gat in de grond in etappes, om tussen- door de grond af te voeren.
- Til de grondboor verticaal op om kantelen te voorkomen!
- Zet de boorgaten altijd af, anders bestaat een risico op letsel!
- Voer met de grondboor uitsluitend boorgaten uit in de grond. Andere toepassingen zijn niet toege-staan.
- Houd licht ontvlambare materialen (bijv. houtspaanders, boomschors, droog gras, brandstof) uit de buurt van de hete uitlaatgasstroom en het hete geluiddemperoppervlak – brandgevaar!
Controleer voor het starten van de motor:
- het brandstofpeil - de brandstoftank moet ten minste half vol zijn.
- de toestand van de brandstofleidingen.
- of de boor goed vastzit.
- de grondboor moet vrij kunnen draaien.
12.1 Motor starten (afb. 1 + 3)
Tip:
Om de machine gemakkelijk te starten, plaatst u deze met de boor op de grond. De boor moet vrij kunnen bewegen. Pak de greep met één hand vast en het starterkoord met de andere hand en trek stevig aan!
Opmerking over de chokehendel:
De choke-hendel (4a) sluit en opent de startklep in de carburateur. In de positie wordt het lucht-benzinemengsel voor een koude start van de motor verrijkt. De positie wordt voor het gebruik van de motor en voor het starten van de warme motor gebruikt.
- Zet de chokehendel (4a) in koude toestand op
-
Zet de chokehendel (4a) wanneer deze warm is op.
-
Activeer de "Primer" brandstofpomp (4) door deze enkele keren in te drukken totdat het brandstofmengsel in de pomp zichtbaar is.
- Zet de aan/uit-schakelaar (13) in de stand "Start".
- Bedien de gashendel (11).
- Druk bij koude ook de jumpstarter (12) in en laat de gashendel (11) los. De jumpstarter (12) wordt automatisch vrijgegeven wanneer de gashendel (11) weer wordt ingedrukt. LET OP! Continue werking via de jumpstarter (12) is niet mogelijk en niet toegestaan.
- Trek lichtjes aan het starterkoord (5) tot u weerstand voelt, trek dan 2 - 3 keer stevig aan het starterkoord (5) tot de motor kort ontsteekt.
LET OP! Trek het starterkoord (5) niet verder dan ca. 50 cm uit en laat hem langzaam met de hand terugveren. Voor een goed startgedrag is het belangrijk om snel en stevig aan het starterkoord (5) te trekken.
- Als u de motor koud start, zet u de chokehendel (4a) op 5.
- Starterkoord (5) nogmaals 2-3 keer trekken tot de motor start en stationair draait. LET OP! De grondboor begint pas te draaien als de gashendel (11) wordt bediend. De boor draait niet bij stationair toerental.
12.2 Werkzaamheden
- Start de motor zoals onder 12.1 beschreven.
- Plaats de boor en bedien de gasregelhendel (11).
- Regel de gashendel aan de hand van de bode- momstandigheden om optimale vooruitgang te boeken.
Bij het verlaten van de grondboor moet de motor altijd worden uitgeschakeld.
12.3 Motor stoppen
- Druk de aan/uit-schakelaar (13) naar de positie "Stop".
- Voordat u de motor opnieuw start, drukt u de aan/uit-schakelaar (13) weer in de stand "Start".
13. Reiniging en onderhoud
⚠ WAARSCHUWING!
Gevaar voor verwondingen en brandwonden!
Het product kan onverwacht starten en kan daardoor verwondingen veroorzaken. Bovendien kunnen er temperaturen van 80 °C worden bereikt.
- Schakel voor alle reinigings- en onderhoudswerkzaamheden de motor uit.
- Laat de motor afkoelen.
- Trek de bougiekabel van de bougie.
⚠ WAARSCHUWING!
Gevaar voor de gezondheid!
Bij het inademen van benzine-/smeeroliedampen kan er ernstige gezondheidsschade, bewusteloosheid ontstaan en dit in extreme gevallen zelfs tot de dood leiden.
- Adem benzine-/smeeroliedampen niet in.
- Gebruik het product alleen in de open lucht.
AANWIJZING!
Risico op materiële schade!
Als water de behuizing binnendringt, kan motorschade het gevolg zijn. Bovendien kan de staal van een hogedrukreiniger delen van het product beschadigen.
- Reinig het product met een doek, een handveger, etc.
- Dompel het product niet in water of andere vloeistoffen en spuit deze niet af met de hogedrukreiniger.
| Onderhoudsschema | |
| Controle voor instand-houding | Interval |
| Losse bouten / goede bevestiging van de grondboor | Voor de ingebruikname |
| Controle op beschadiging | Voor de ingebruikname |
| Brandstoftank op dicht-heid controleren | Voor de ingebruikname |
| Machine reinigen Na de ingebruikname | |
| Bougie controleren en schoonmaken | Elke 20 bedrijfsuren |
| Luchtfilter reinigen Elke 20 | bedrijfsuren |
| Aandrijvingen smeren Elke | 100 bedrijfsuren |
| Bougie vervangen Elke 100 | bedrijfsuren |
| Brandstoftank reinigen Elke | 100 bedrijfsuren |
| Luchtfilter vervangen Elke | 300 bedrijfsuren |
13.1 Onderhoud van het luchtfilter (Afb. 4 + 5) ⚠ GEVAAR!
Brand- en explosiegevaar!
Brandstof kan bij een incorrecte reiniging ontsteken en eventueel exploderen. Dit leidt tot ernstige verbrandingen of zelfs de dood.
- Reinig het luchtfilter uitsluitend door het kloppen of uit te blazen met perslucht.
- Reinig het luchtfilter nooit met benzine of brandbare oplosmiddelen.
AANWIJZING!
Risico op materiële schade!
Het bedrijf van de motor zonder ingezet ment kan tot motorschade leiden.
- Laat de motor nooit zonder ingezet luchtfilterelement draaien.
Een vervuild luchtfilterelement (7b) vermindert het motorvermogen als gevolg van onvoldoende luchttoevoer naar de carburateur. Regelmatige controle is dus essentieel.
Het luchtfilter moet elke 10 bedrijfsuren worden gecontroleerd en indien nodig worden gereinigd.
- Schroef de vleugelmoer (7a) los en verwijder het luchtfilterdeksel (7).
- Controleer het luchtfilterdeksel (7) op gaten of scheuren. Vervang elk beschadigd element.
- Verwijder het luchtfilterelement (7b).
- Veeg vuil aan de binnenkant van het filterhuis weg met een schone, vochtige doek. Zorg ervoor dat er geen vuil in de opening komt.
- Plaats het luchtfilterdeksel (7) voor de duur van de filterreiniging weer terug op het filterhuis.
- Blaas het luchtfilterelement (7b) van binnen naar buiten uit met perslucht. Wrijf geen vuil van het luchtfilterelement (7b). Dit kan tot schade leiden.
-
Vervang het schone luchtfilterelement (7b).
-
Plaats het luchtfilterdeksel (7) en zet het met de vleugelmoer (7a).
⚠ LET OP: Laat de motor nooit draaien zonder of met een beschadigd luchtfilterelement. Hierdoor kan er vuil in de motor terechtkomen, wat schade aan de motor kan veroorzaken. De garantie van de fabrikant vervalt hierdoor.
13.2 Bougie reinigen/vervangen (afb. 6 + 7)
⚠ LET OP: Vervang de bougie alleen als de motor koud is!
Controleer de bougie voor de eerste keer na 20 bedrijfsuren op verontreiniging en reinig deze eventueel met een koperdraadborstel.
De bougie daarna elke 100 bedrijfsuren of indien nodig vervangen.
uit 1. te Maak de bougiekabel los en verwijder het eventuele vuil in de buurt van de bougie.
-
Draai de bougie (8a) er met de meegeleverde bougiesleutel (A) uit en controleer deze.
-
Controleer de isolator. Vervang de bougie (8a) bij beschadigingen zoals bijv. scheuren of houtsplinters.
filterele4. Reinig de bougie-elektroden met een staalborstel.
-
Controleer de elektrodenafstand en stel deze af met een voelermaat. Om de motor efficiën te laten draaien, moet de bougie (8a) de juiste elektrodenafstand (0,7-0,8 mm) hebben.
-
Schroef de bougie (8a) er met de hand weer in en draai deze ongeveer 1/4 slag vast met de bougiesleutel (A).
-
Plaats de bougiekabel op de bougie (8a).
⚠ LET OP!
Een losse bougie kan oververhit raken en zo de motor beschadigen. Als de bougie te strak wordt aangehaald, kan het schroefdraad in de cilinderkop worden beschadigd.
13.3 Benzine met een afzuigpomp voor benzine aftappen
Bij opslag voor langere periode of bij transport moet de benzine worden afgetapt.
- Houd een opvangbak onder de slang van de afzuigpomp voor benzine (niet meegeleverd).
- Schroef de tankdop (3) los en haal deze van de opening af.
- Schuif de slang van de afzuigpomp van de benzine in de brandstoftank (2) en tap de benzine met be- vast hulp van de afzuigpomp voor benzine volledig af.
- Schroef de tankdop (3) er weer op.
13.4 Benzinefilter reinigen resp. vervangen
Controleer, indien nodig, het benzinefilter. Een verontreinigde benzinefilter hindert de brandstoftoevoer.
Open de tankdop (3) en trek de benzinefilter met een draadhaak (niet meegeleverd) door de opening.
- Bij lichte verontreiniging:
- Trek het benzinefilter los van de brandstofleiding en reinig het filter in wasbenzine.
- Bij sterke verontreiniging:
-
vervang de benzinefilter.
-
Om de benzinefilter van de brandstofleiding weg te nemen, drukt u de slangklem samen en schuift u deze omlaag.
- Nu kunt u het benzinefilter wegnemen van de brandstofleiding.
13.5 Tandwielkast (15) smeren (afb. 2)
Het smeren van de tandwielkast is een belangrijke onderhoudsstap om de levensduur van de machine te verlengen en een soepele werking te garanderen.
- Verwijder de bout (18) en voeg het vet op lithiumbasis toe. Gebruik hiervoor een inbussleutel 5 mm (niet meegeleverd).
- Draai de as met de hand totdat het vet eruit komt en breng de bout (18) weer aan.
- Let op! Breng slechts een beetje vet in. Niet te veel vullen (max. 5-10 g).
14. Transport
Voor het transport resp. voor het wegzetten in ruimtes, dient u de motor van de machine af te laten koelen om brandwonden te voorkomen en om brandgevaar uit te sluiten.
Bij een verandering van de standlocatie ook bij korte afstand tijdens de werkzaamheden, moet de motor worden uitgeschakeld.
Draag de grondboor alleen aan het handvat. Kom niet in contact met de motorbehuizing (gevaar voor brandwonden).
Wanneer u het product in een voertuig vervoert, beveilig het dan tegen kantelen, beschadiging en brandstoflekkage.
Bij een transport moet de brandstoftank (2) volledig worden geleegd.
15. Opslag
⚠ GEVAAR!
Brand- en explosiegevaar!
Bij het opslaan van het product in de buurt van mogelijke ontstekingsbronnen, kan er een brand of explosie ontstaan. Dit leidt tot ernstige verbrandingen of zelfs de dood.
- Verwijder mogelijke ontstekingsbronnen, zoals bijv. ovens, heetwaterboilers met gas, gasdrogers, etc.
AANWIJZING!
Risico op materiële schade!
Als het product niet correct wordt opgeslagen, kan dit tot motorschade leiden.
- Bewaar het product beschermd tegen vuil, stof en vocht.
15.1 Opslag bij langere bedrijfsonderbrekingen:
Als de grondboor langer dan 30 dagen niet wordt gebruikt, volg dan de onderstaande stappen om deze voor te bereiden op opslag.
- Leeg de brandstoftank (2) volledig (zie hoofdstuk 13.3).
- Start de motor en laat deze draaien tot hij stopt. Dit zorgt ervoor dat er geen brandstofmengsel in de carburateur achterblijft.
- Dit voorkomt de vorming van afzettingen in de carburateur en mogelijk schade aan de motor.
- Doe 1 theelepel schoon 2-takt-olie in de verbrandingsruimte. Trek nu meerdere keren langzaam aan het starterkoord om de interne componenten van een oliecoating te voorzien. Plaats de bougie weer terug.
- Maak de bougiekabel los.
- Gebruik schone doeken om de grondboor schoon te maken.
- Bewaar grondboor rechtop in een schoon en droog gebouw met goede ventilatie.
Bewaar het product en de bijbehorende accessoires op een donkere, droge en vorstvrije en voor kinderen ontoegankelijke plaats. De optimale opslagtemperatuur ligt tussen 5 en 30 °C.
Bewaar het product in de originele verpakking.
Dek het product af om het te beschermen tegen stof of vocht.
Bewaar de gebruikshandleiding bij het product.
15.2 Brandstofmengsel opslaan
Alleen bewaren in containers die zijn goedgekeurd voor brandstof op een veilige, droge en koele plaats, beschermd tegen licht en zon.
- Brandstofmengsel veroudert – meng alleen naar behoefte gedurende een paar weken.
- Bewaar het brandstofmengsel niet langer dan 30 dagen.
- Blootstelling aan licht, zon, lage of hoge temperaturen kan ervoor zorgen dat het brandstofmengsel sneller onbruikbaar wordt.
15.3 Opnieuw in gebruik nemen van de grond- boor
- Plaats de bougiekabel.
- Trek snel aan het starterkoord om overtollige olie uit de verbrandingsruimte te verwijderen.
- Maak de grondboor gereed voor gebruik.
- Vul de brandstoftank (2) met het brandstofmengsel.
16. Reparatie en reserveonderdelen bestellen
Na reparatie of onderhoud controleren of alle veiligheidstechnische delen zijn bevestigd en in optimale toestand zijn. Delen, waarbij er gevaar voor verwonding voor andere personen en kinderen bestaat, on-toegankelijk bewaren.
Let op: Conform de wetgeving voor productgaranties wordt er geen garantie geboden voor schade die ontstaan is door incorrecte reparaties of door het niet gebruiken van originele reserveonderdelen.
Draag hiertoe een klantenservice of een geautoriseerde specialist op. Overeenkomstig geldt dit ook voor accessoires.
Geef bij vragen de volgende gegevens door:
- Gegevens van het typeplaatje van de machine
- Gegevens van het typeplaatje van de motor
Belangrijke aanwijzing bij reparatie:
Houd er bij retourlevering van het product voor reparatie rekening mee dat het om veiligheidsredenen vrij van olie en brandstof naar het servicestation moet worden gestuurd.
16.1 Bestelling van reserveonderdelen
Bij het bestellen van reserveonderdelen moeten de volgende gegevens worden vermeld:
- Modelaanduiding
- Artikelnummer
- Gegevens op het typeplaatje
Reserveonderdelen/accessoires
Luchtfilterset - Artikelnr: 5904704007
16.2 Service-informatie
Let op dat bij dit product de volgende delen onderhevig zijn aan gebruiksmatige of natuurlijke slijtage, resp. de volgende delen als verbruiksmateriaal wordt gebruikt.
Slijtdelen*: Bougie, boor, luchtfilter
* niet persé meegeleverd!
17. Afvalverwerking en hergebruik
Aanwijzingen op de verpakking


De verpakkingsmaterialen zijn recyclebaar. Verpakkingen milieuvriendelijk afvoeren.
Informatie over het afvoeren van het versleten product kunt u inwinnen bij uw gemeente.
Brandstoffen en oliën
- Voor het afvoeren van het product moeten de brandstoftank en het motorolie-reservoir worden leeggemaakt!
- Brandstof en motorolie horen niet bij het huishoudelijke afval of in het riool, maar moeten worden ingezameld resp. gescheiden worden afgevoerd!
- Lege olie- en brandstoftanks moet milieuvriendelijk worden afgevoerd.
18. Verhelpen van storingen
| Storing Mogelijke oorzaak Oplossing | ||
| De motor start niet | Bougiestekker losgekoppeld. Sluit de bougiekabel goed aan op de bougie. | |
| Vervuilde bougie. Reinigen, afstand instellen of vervangen. | ||
| Geen brandstof of oude brandstof. Vul met schoon, vers brandstof-oliemengsel. | ||
| Choke niet in open positie. | De chokehendel moet bij een koude start in de stand Choke worden gezet. | |
| Brandstofleiding geblokkeerd. | Controleer de brandstofleiding op knikken of schade. | |
| Benzinefilter verstopt. Benzinefilter reinigen resp. vervangen | ||
| Motor is uitgevallen. | Wacht een paar minuten voordat u de motor weer start. | |
| Motor loopt onregelmatig | Bougiestekker los. Sluit de bougiekabel | aan en maak hem vast. |
| Motor loopt in chokepositie. Zet de chokehendel op OFF. | ||
| Brandstofleiding verstopt of oude brandstof. | Vul de brandstoftank met schone, verse benzine. | |
| Ventilator verstopt Luchtfilter reinigen. | ||
| Water of vuil in het brandstofsysteem | Leeg de brandstoftank. Vul de brandstoftank met verse brandstof. | |
| Onjuiste instelling carburateur Neem contact op met de klantenservice. | ||
| Motor oververhit | Vuil luchtfilter. Reinig of vervang het luchtfilter. | |
| Luchtstroom beperkt. Verwijder en reinig de behuizing. | ||
| Carburateur niet goed afgesteld. | Neem contact op met de klantenservice. | |
| Motor stopt niet als de smoorklep op STOP staan of het motortoe- rental wordt niet hoger terwijl de smoorklep werd afgesteld. | Vuil op de reductieaandrijving | Verwijder het vuil |
19. Garantiebewijs
Geachte klant,
onze producten zijn aan een strenge kwaliteitscontrole onderhevig. Mocht dit apparaat echter ooit niet naar behoren functioneren, spijt het ons ten zeerste en vragen u zich tot onze servicedienst onder het adres vermeld op dit garantiebewijs te wenden. Wij staan ook graag telefonisch tot uw dienst via het hieronder vermelde servicetelefoonnummer. Voor vorderingen in verband met garantie geldt het volgende:
- Deze garantievoorwaarden regelen bijkomende garantieprestaties. Uw wettelijke garantieclaims blijven onaangetast door deze garantie. Onze garantieprestatie is voor uw gratis.
- De garantieprestatie heeft uitsluitend betrekking op gebreken die te wijten zijn aan materiaal- of fabricagefouten en is beperkt tot het verhelpen van deze gebreken of het vervangen van het apparaat. Wij wijzen erop dat onze apparaten overeenkomstig hun bestemming niet geconstrueerd zijn voor commercieel, ambachtelijk of industrieel gebruik. Een garantieovereenkomst komt daarom niet tot stand als het apparaat in ambachtelijke of industriële bedrijven alsmede bij gelijk te stellen activiteiten wordt gebruikt. Uitgesloten van onze garantie zijn verder schadeloosstellingen voor transportschade, schade door nietnaleving van de montage-instructies of op grond van ondeskundige installatie, niet-naleving van de handleiding (zoals door b.v. aansluiting op een verkeerde netspanning of stroomsoort), oneigenlijke of onoordeel-kundige toepassingen (zoals b.v. overbelasting van het apparaat of gebruik van niet toegestane inzetgereedschappen of toebehoren), niet-naleving van de onderhouds- en veiligheidsbepalingen, binnendringen van vreemde voorwerpen in het apparaat (zoals b.v. zand, stenen of stof), gebruikmaking van geweld of invloeden van buitenaf (zoals b.v. schade door neervallen) alsmede door normale slijtage die zich bij het doelmatig gebruik van het apparaat voordoet.
Er kan geen aanspraak op garantie worden gemaakt als op het apparaat reeds ingrepen werden uitgevoerd.
- De garantieperiode bedraagt 3 jaar en gaat in op de datum van aankoop van het apparaat. Garantieclaims dienen voor het verloop van de garantieperiode binnen de twee weken na het vaststellen van het defect geldend te worden gemaakt. Het geldend maken van garantieclaims na verloop van de garantieperiode is uitgesloten. De herstelling of vervanging van het apparaat leidt noch tot een verlenging van de garantieperiode noch wordt door deze prestatie een nieuwe garantieperiode voor het apparaat of voor eventueel ingebouwde wisselstukken op gang gebracht. Dit geldt ook bij het ter plaatse uitvoeren van een serviceactiviteit.
- Om een garantieclaim geldend te maken neem contact op met het hieronder vermelde serviceadres. Als de klacht binnen de garantieperiode valt, ontvangt u van ons een retourbon waarmee u uw defecte apparaat gratis naar ons kunt retourneren. Wij verzoeken u de reden van de klacht zo nauwkeurig mogelijk te beschrijven. Valt het defect van het apparaat binnen onze garantieprestatie bezorgen wij u per omgaande een hersteld of nieuw apparaat terug.
Uiteraard staan wij ook tot u dienst om mits betaling van de kosten defecten van het apparaat te verhelpen die buiten de garantieomvang vallen. Te dien einde stuurt u het apparaat aan ons serviceadres op.
19.1 Afhandeling van een garantieclaim
Volg de onderstaande instructies om ervoor te zorgen dat uw claim snel wordt afgehandeld:
- Houd voor alle aanvragen de kassabon en het artikelnummer (bijv. IAN 460786_2310) bij de hand als bewijs van aankoop.
- Het artikelnummer vindt u op het typeplaatje op het product, een gravure op het product, de titelpagina van uw handleiding (linksonder) of op de sticker op de achterkant of onderkant van het product.
- Neem bij functiestoringen of andere defecten eerst telefonisch of per e-mail contact op met de hieronder genoemde serviceafdeling.
- U kunt dan een als defect geregistreerd product, met bijvoeging van het aankoopbewijs (kassabon) en met vermelding van wat het defect is en wanneer het defect is opgetreden, gratis opsturen naar het aan u opgegeven serviceadres.
- U kunt deze en vele andere handleidingen bekijken en downloaden op parkside-diy.com. Met deze QR-code komt u direct op parkside-diy.com. Selecteer uw land en gebruik het zoekvenster om de gebruikshandleiding te zoeken. Als u het artikelnummer (IAN) 460786_2310 invoert, gaat u naar de gebruikshandleiding voor uw artikel.
Vestiging: Duitsland
Servicekontakt (BE):
Naam:TeleMarComEuropean
Services GmbH
Am Ziegelweiher 24
DE - 61130 Nidderau
Telefoon: 00800 4003 4003
E-mail: service.BE@scheppach.com
Vestiging: Duitsland





















