BF 31-4T - Grasmaaier ATIKA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BF 31-4T ATIKA in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over BF 31-4T ATIKA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BF 31-4T - ATIKA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BF 31-4T van het merk ATIKA.
GEBRUIKSAANWIJZING BF 31-4T ATIKA
Motor-tuinverzorgings-set Vrijnsijder / Gazontrimmer / Hoogtaster / Heggeschaar
Oorspronkelijke gebruiksaanwijzing – Veiligheidsinstructies – Reserveonderdelen
U mag het toestel niet in gebruik nemen, voordat u deze gebruiksaanwijzing heeft gelezen, alle voorschriften heeft opgevolgd en het toestel als
voorgeschreven heeft gemonteerd.
Bewaar deze bedieningsaanwijzing voor alle toekomstige toepassingen.
Inhoud
| Leveringsomvang | 102 |
| Symbolen toestel 103 | |
| Symbolen vrijsnijder / gazontrimmer 103 | |
| Symbolen heggenschaar 103 | |
| Symbolen hoogtaster 103 | |
| Symbolen in de gebruiksaanwijzing 104 | |
| Bedrijfstijden | 104 |
| Reglementaire toepassing 104 | |
| Restrisico's | 105 |
| Vibraties (hand-arm-trillingen) 105 | |
| Veiligheidsinstructies | 105 |
| - Persoonlijke veiligheidsuitrusting | 105 |
| - Veiligheidsinstructies - Vóór het werk | 106 |
| - Veiligheidsinstructies - Bediening | 106 |
| - Veiligheidsinstructies - Gedurende het werk | 106 |
| - Algemene veiligheidsvoorschriften | 107 |
| - Veiligheidsinstructies voor de vrijsnijder /gazontrimmer | 107 |
| - Veiligheidsinstructies voor de heggenschaar | 107 |
| - Veiligheidsinstructies voor de hoogtaster | 107 |
| - Veilige omgang met brandstoffen | 108 |
| Toestelbeschrijving / Reserveonderdelen 108 | |
| Samenbouw | 109 |
| - Montage/demontage | 109 |
| - Handgrepen monteren | 109 |
| - Draaggordel aanbrengen | 109 |
| Samenbouw vrijsnijder / gazontrimmer 109 | |
| - Montage beschermkap | 109 |
| - Montage snijmes | 109 |
| - Montage draadspoel | 109 |
| Samenbouw hoogtaster 109 | |
| - Montage geleidingsrail en zaagketting | 109 |
| - Zaagketting spannen | 110 |
| Voorbereiden ter ingebruikname 110 | |
| - Tanken | 110 |
| - Het mengen | 110 |
| - Tanken van het toestel | 111 |
| Voorbereiden ter ingebruikname - hoogtaster 111 | |
| - Smering van de ketting | 111 |
| - Zaagkettingolie bijvullen | 111 |
| - Controleren van de kettingsmering | 111 |
| Ingebruikname | 111 |
| - Starten van het toestel | 111 |
| - Starten bij koude motor | 112 |
| - Stoppen van de motor | 112 |
| - Starten bij warme motor | 112 |
| Werkinstructies 112 | |
| - Werken met de vrijsnijder | 112 |
| - Werken met de gazontrimmer | 113 |
| - Werken met de heggenschaar | 113 |
| Werken met het toestel | 113 |
| - Werkinstructies - zaagtechnieken | 114 |
| Reiniging en onderhoud | 114 |
| - Luchtfilter reinigen | 114 |
| - Brandstofffilter reinigen / vervangen | 114 |
| - Bougie controleren / vervangen | 115 |
| - Geluiddemper | 115 |
| - Ontstekingsvonk controleren | 115 |
| - Transmissie smeren | 115 |
| - Carburateur instellen (stationair toerental) | 115 |
| Onderhoud vrijsnijder | 115 |
| - Snijmes | 115 |
| Onderhoud gazontrimmer | 115 |
| - Draadspoel | 115 |
| - Draadmes | 116 |
| Onderhoud heggeschar | 116 |
| - Snijvoorziening justeren | 116 |
| Onderhoud hoogtaster | 116 |
| - Regelen van de kettingsmering | 116 |
| - Zaagketting en geleiderail | 116 |
| - Scherpen van de zaagketting | 116 |
| - Geleiderail reinigen | 117 |
| - Kettingwiel | 117 |
| - Reiniging | 117 |
| Transport | 117 |
| Opslag | 117 |
| Garantie | 117 |
| Technische gegevens | 118 |
| Onderhouds- en reinigingsschema | 119 |
| Mogelijke storingen | 120 |
| EG-conformiteitsverklaring | 121 |
Leveringsomvang
Controleer na het uitpakken de inhoud van de verpakking op:
▶ aanwezigheid van alle onderdelen
▶ eventuele transportschade
Meld mogelijke klachten direct aan uw leverancier of fabrikant. Latere reclamaties worden niet in behandeling genomen.
• 1 aandrijfeenheid (1)
• 1 opzetwerktuig vrijsnijder (28)*
• 1 opzetwerktuig hoogtaster (49)*
• 1 opzetwerktuig heggeschar (44)*
• 1 beschermkap (30)*
• 1 snijmes (38)*
- 1 handgreep (3)
• 1 draaggordel (7)
• 1 Geleidingsrail (50)
• 1 Zaagketting (52)
• 1 Kettingbescherming (53)
• 1 Mesbescherming (46)*
• 1 Draadspoel (39)*
• 1 brandstofmengbak (27)
- Toebehorenzak
- Bedieningshandleiding
• Montage- en bedieningsblad
- Garantieverklaring
* al naar uitvoering
Symbolen toestel

Benzine en olie zijn licht ontvlambaar en kennen exploderen. Vuur, open licht en rook zijn verboden!

Waarschuwing voor hete oppervlakken. Gevaar voor verbranding.
Raak geen hete motordelen aan. Deze blijven ook na het uitschakelen van de machine voor korte tijd heet.

Tanken, brandstofmengsel

Motor uitgeschakeld Stop Motor ingeschakeld I

Startpositie: Choke close

Bedrijfspositie: open

Motor starten

Het product stemt overeen met de productspecifiek geldige Europese richtlijnen.

Gegarandeerd geluidsniveau L _WA 110 dB (A), gemeten volgens richtlijn 2000/14/EG.
Symbolen vrijsnijder

Vóór ingebruikname de gebruiksaanwijzing en veiligheidsinstructies lezen en opvolgen.

Veiligheidshelm, oog- en geluidsbescherming dragen.

Veiligheidshandschoenen dragen.

Veiligheidsschoenen dragen.

Houd derde personen van het werkbereik vandaan. Veiligheidsafstand ten minste 15 m.

Gevaar door wegslingerende delen.

Voorzichtig terugstoot

Max. toerental snijgarnituur 6200 min ^-1

Max. toerental snijgarnituur 6200 min ^-1
6200 min
Symbolen vrijsnijder

Vóór ingebruikname de gebruiksaanwijzing en veiligheidsinstructies lezen en opvolgen.

Veiligheidshelm, oog- en geluidsbescherming dragen.

Veiligheidshandschoenen dragen.

Veiligheidsschoenen dragen.

Houd derde personen van het werkbereik vandaan. Veiligheidsafstand ten minste 15 m.

Gebruik de hoogsnoeier niet in de buurt van kabels, stroom- of telefoonleidingen.
Houdt bij het werken met de hoogsnoeier een veiligheidsafstand van 10 m t.o.v. bovengrondse stroomvoerende leidingen.
400 mm

Maximale snijlengte 400 mm

Zwaardlengte 425 mm
Symbolen op het toestel

Vóór ingebruikname de gebruiksaanwijzing en veiligheidsinstructies lezen en opvolgen.

Veiligheidshelm, oog- en geluidsbescherming dragen.

Veiligheidshandschoenen dragen.

Veiligheidsschoenen dragen.

Houd derde personen van het werkbereik vandaan. Veiligheidsafstand ten minste 15 m.

Gebruik het toestel niet in de buurt van kabels, stroom- of telefoonleidingen.
Houdt bij het werken met het toestel een veiligheidsafstand van 10 m t.o.v. bovengrondse stroomvoerende leidingen.

Geleidingsraillengte 310 mm

Maximale snijlengte 260 mm

Zaagkettingolie

Kettingsmering instellen

Op looprichting van de schakels letten
Symbolen op de Gebruiksaanwijzing
![]() | Dreigend gevaar of gevaarlijke situatie. De veronachtzaming van deze aanwijzingen kan schade of verwondingen ten gevolg hebben. |
![]() | Belangrijke aanwijzing voor het vakkundig gebruik. Het niet opvolgen van deze aanwijzingen kan tot leiden. |
![]() | Gebruikersaanwijzingen. Deze aanwijzingen helpen u de machine optimaal te benutten. |
![]() | Montage, bediening en onderhoud. Hier wordt precies uitgelegd wat u moet doen. |
![]() | Belangrijke instructies voor milieuvriendelijk gedrag. Het veronachtzamen van deze instructies kan tot schade van het milieu leiden. |
![]() | Neem alstublieft het ingesloten montage- en bedieningsblad ter hand, wanneer in de tekst naar het afbeeldings-nr. wordt verwezen. |
Bedrijfstijden
Houdt alstublieft vóór ingebruikname van het toestel rekening met de landelijke (regionale) voorschriften omtrent de lawaaibescherming.
Reglementaire toepassing
Algemeen is van toepassing.
- Tot de reglementaire toepassing behoort ook het opvolgen van de gebruiks-, onderhouds- en reparatievoorschriften en het opvolgen van de veiligheidsvoorschriften van de fabrikant.
- Alle verdere toepassingen gelden als onreglementair. Voor de hieruit voortvloeiende schade is de fabrikant niet aansprakelijk – de aansprakelijkheid is alleen voor de gebruiker.
- Eigenmachtige verbouwingen aan de machine sluiten een aansprakelijkheid van de fabrikant voor hieruit voortvloeiende schade van eenieder soort uit.
- Het toestel mag slechts door personen worden voorbereid, gebruikt en onderhouden die met het werktuig bekend zijn en over de gevaren ingelicht zijn. Reparatiewerkzaamheden mogen alleen via ons resp. door een door ons benoemde servicedienst worden uitgevoerd.
Voor de vrijsnijder / gazontrimmer is van toepassing:
- De vrijsnijder mag slechts voor het maaien van gras en het snijden van betuining en ruigte in het privébereik worden toegepast.
-
De gazontrimmer is voor het snijden van gras en soortgelijke zachte begroeiing alsook gazonkanten in de privé huis- en hobbytuin geschikt die met de grasmaaier niet kunnen worden bereikt.
-
Het toestel mag niet in openlijke plantsoenen, parks, sportplaatsen of op straten in in de land- en bosbouw worden ingezet.
- ⚠ Het toestel mag niet voor het snijden en kleinmaken worden toegepast:
- van heggen, struiken en struiken
- van bloemen
- voor composteergoed.
Er bestaat gevaar van verwondingen!
- ⚠ Maak uitsluitend gebruik van een originele snijwerktuigen. Het gebruik van alle andere metalen snijwerktuigen is verboden.
Voor de heggeschar is van toepassing:
- De heggenschaar is alleen voor het snijden van verse scheuten en takken aan heggen en struiken in de huis- en hobbytuin bestemd. Sij geen takken die de maximale doorsnede van 24 mm overschrijden.
- Als heggenschaar voor de privé huis- of hobbytuin worden zulke apparaten aangezien die niet in openbare plantsoenen, parks, recreatieplaatsen alsook in het landbouwbedrijf en de bosbouw worden ingezet.
- Het apparaat mag niet voor het snijden van grasvelden, graskanten of voor het fijnmaken vóór het composteren worden gebruikt. Er bestaat gevaar van verwondingen!
Voor de hoogtaster is van toepassing:
- Het toestel is alleen voor het snoeien van takken aan staande bomen geschikt. Sij geen takken die de maximale doorsnede van 255 mm overschrijden.
- Het toestel niet voor het vellen van bomen, scheuten of struikgewas gebruiken.
- Het toestel mag niet voor het zagen van bouw- en kunststoffen worden toegepast.
- Het toestel is geschikt voor privégebruik in huis- en hobbytuin.
- Het toestel is niet voor boswerkzaamheden (onttakken in het bos) geschikt.
Restrisico's
⚠️Ook bij reglementair gebruik kunnen ondanks opvolging van alle gebruikelijke veiligheidsbepalingen zijn er op grond van de constructie voor de toepassing van deze machine nog een aantal restrisico's.
De restrisico's kunnen geminimaliseerd worden, wanneer de "Veiligheidsinstructies" en de "Reglementaire toepassing" alsook de gehele gebruiksaanwijzing in acht genomen worden.
Consideratie en voorzichtigheid verminderen het risico van personenletsels en beschadigingen.
Algemeen is van toepassing:
- Waarschuwing! Dit toestel produceert gedurende het bedrijf een elektromagnetisch veld. Dit veld kan al naar omstandigheden actieve of passieve medische implantanten belemmeren. Om het gevaar van ernstige verwondingen te reduceren, adviseren wij personen met medische implantenen hun arts en de fabrikant van het medische
implantaat te consulteren, alvorens het toestel wordt bediend.
- Schade voor de gezondheid die uit hand-arm-trillingen resulteren, indien het toestel over een tijdruimte wordt benut of niet reglementair wordt gevoerd en onderhouden.
- Vermindering van het gehoor bij langdurig werken zonder gehoorbescherming.
- Gevaar van verbrandingen bij contact met hete onderdelen.
- Gevaar van een koolmonoxidevergiftiging bij gebruik van het toestel in gesloten of slecht geventileerde ruimten.
- Brandgevaar!
Voor de vrijsnijder / gazontrimmer is van toepassing:
- Gevaar van verwondingen van vingers en handen door het grijpen in het draaiend snijwerktuig.
- Gevaar van verwondingen van de voeten door het aanraken van het snijwerktuig aan een niet afgedekt bereik.
- Wegslingeren van stenen en aarde.
Voor de heggeschar is van toepassing:
- Verwondingen door het wegslingeren van delen.
- Breuk en eruit slingeren van messtukken.
Voor de hoogtaster is van toepassing:
- Terugslaggevaar bij contact tussen het uiteinde van de geleiderail en een vast voorwerp.
- Gevaar van verwondingen van vingers en handen door het werktuig (zaagketting).
- Verwonding door weggeslingerde werkstukdelen.
Verder kunnen er ondanks alle genomen maatregelen niet zichtbare restricties bestaan.
Gedrag in geval van nood
- Breng de in overeenstemming met de verwonding vereiste EHBO-maatregelen op gang en verzoek zo snel als mogelijk om gekwalificeerde medische hulp.
- Bewaar de gewonde voor verdere schade en kalmeer hem.
Trillingen (hand-a m-trillingen)
voorste handgreep: ahveq= 8,5 m/s ^2 achterste handgreep: ahveq= 12,7 m/s ^2 Meet-onveiligheidK = 1,5 m/s ^2
De vermelde trillings-emissiewaarde werd volgens een genormeerde testmethode gemeten en kan ter vergelijking van een elektrisch werktuig met een ander worden toegepast.
De vermelde trillings-emissiewaarde kan ook voor een ingaande inschatting van de uitzetting worden toegepast.
Waarschuwing:
De trillings-emissiewaarde kan gedurende het feitelijk gebruik van het elektrisch werktuig van de vermelde waarde afwijken, afhankelijk van soort en manier, waarop het elektrisch werktuig wordt toegepast.
Er bestaat de noodzakelijkheid, veiligheidsmaatregelen ter bescherming van de operator vast te leggen die op een beoordeling van de uitzetting gedurende de feitelijke exploitatiecondities berusten (hierbij dienen alle aandelen van het bedrijfscyclus in acht te worden genomen, bijvoorbeeld tijden, waarin het elektrisch werktuig is uitgeschakeld en zulke, waarin het ingeschakeld is, maar zonder belasting draait).
Veiligheidsinstructies
Houdt alstublieft rekening met de volgende instructies om zich zelf en andere tegen mogelijke verwondingen te beschermen.
Lees en volg vóór de ingebruikname van dit product de onderstaande aanwijzingen, de voorschriften ter voorkoming van ongevallen en de algemene veiligheidsvoorschriften resp. de in het desbetreffend land geldige veiligheidsbepalingen op, om u zelf en anderen tegen verwondingen te beschermen.
i Geef de veiligheidsvoorschriften aan alle personen, die met deze machine werken, door.
Bewaar deze veiligheidsvoorschriften goed.
⚠️ Reparaties aan elektrische onderdelen van de machine, zowel als aan de veiligheidsschakeling moeten door de fabrikant of een door hem aangewezen persoon worden uitgevoerd.
- Maak u voor gebruik met het apparaat vertrouwd, met behulp van de bedieningshandleiding.
- Gebruik het toestel alleen voor het gebruiksdoeleinde, waarvoor het werd geconstrueerd (zie Reglementaire toepassing).
- Wees oplettend. Let op dat, wat u doet. Ga met verstand te werk. Gebruik het toestel niet, wanneer u moe bent of onder de invloed van drugs, alcohol of medicamenten staat. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van het toestel kan tot ernstige verwondingen leiden.
- Kinderen en jongeren onder 18 jaren alsook personen die met de handleiding niet bekend zijn, mogen het toestel niet bedienen.
- Houdt kinderen, personen en dieren van uw werkbereik vandaan (min. 15 m afstand).
- Laat andere personen, vooral kinderen, niet het werktuig of de motor aanraken. Houdt ze ver van uw werkplek weg.
- Het gebruik van de machine dient te worden voorkomen, wanneer zich personen, vooral kinderen, in de buurt bevinden.
Persoonlijke veiligheidsuitrusting
- Werk nooit zonder geschikte veiligheidsuitrusting:
- draag geen wijde kleding of sierraden, ze kunnen worden gegrepen door bewegende delen
— een haarnetje bij lang haar - gekeurde veiligheidshelm in situaties, waarin met hoofdverwondingen moet worden gerekend.
- gezichtsbescherming
- lawaaibescherming
– veiligheidsjack met signaalkleur - broeken en handschoenen met snijbescherming
-
slipvrije laarzen (veiligheidsschoenen) met snij- en teenbescherming
-
brandblusser en schop (er kunnen gedurende het werken vonken ontstaan)
— eerste-hulp-materiaal
— eventueel mobiele telefoon
Veiligheidsinstructies – Vóór het werk
Voer vóór de ingebruikname en regelmatig gedurende het werken de volgende controles uit. Houdt alstublieft in ieder geval rekening met de overeenkomstige paragraven in de gebruiksaanwijzing:
- Werd het toestel geheel en volgens de voorschriften gemonteerd?
- Is het toestel in goede en veilige toestand?
- Zijn de handgrepen schoon en droog?
- Ga voor aanvang van de werkzaamheden na of:
- zich in het werkbereik geen andere personen, kinderen of dieren bevinden
- u zonder hinder van obstakels kunt terugwijken
- de grond vrij van alle vreemde voorwerpen, struikgewas en takken is.
- een veilige houding is aangenomen.
- Is de werkplaats vrij van struikelgevaren? Zorg dat uw werkomgeving in orde is. Rommel kan ongevallen veroorzaken. - Gevaar van struikelen!
- Houdt rekening met de omgevingsinvloeden:
- Werk nooit bij ontoereikende lichtverhoudingen (bv bij mist, regen, sneeuwjacht of schemering). U kunt details in het valbereik niet meer herkennen – gevaar voor ongelukken.
herkennen – ongevalgevaar!
- Gebruik het toestel niet in de nabijheid van brandbare vloeistoffen of gassen – brandgevaar!
- De gebruiker is verantwoordelijk voor ongelukken of gevaren die tegenover andere personen of hun eigendom optreden.
Veiligheidsinstructies - Bediening
- Zaag nooit met één hand. Houdt het toestel goed vast met twee handen.
- Leg gedurende het werken met het toestel steeds de draaggordel aan.
- Werk nooit
— met gestrekte armen
- aan moeilijk te bereiken plekken
- boven schouderhoogte
- op een ladder, een steiger of een boom staande.
- Werk op een slipvaste en gladde ondergrond.
Vermijdt een abnormale lichaamshouding. Zorg voor een stabiele en uitgebalanceerde houding.
- Verander regelmatig de werkpostie, om een eenzijdige werkhouding te voorkomen.
- Schakel bij pauzes het toestel uit en leg het zo neer, dat niemand wordt bedreigd. Het toestel beveiligen tegen onbevoegd gebruik.
Veiligheidsinstructies – Gedurende het werk
- Werk nooit alleen. Houd voortdurend mondeling en visueel contact met andere personen, zodat in geval van nood onmiddellijk hulp kan worden geboden.
- Stop meteen de motor bij dreigend gevaar of in geval van nood.
- Laat de machine nooit zonder toezicht draaien.
- Het toestel produceert schadelijke stoffen.
Laat de machine nooit in gesloten of slecht geventileerde ruimten draaien. Zorg voor luchtvervanging, wanneer u in inzinkingen, benauwde omgevingen werkt. Er bestaat het een koolmonoxidevergiftiging of dood door verstil

- Beëindig de werkzaamheden direct, wanneer lichamelijk ongemak optreedt (bv hoofdpijn, duizeligheid, misselijkheid, enz.) – er staat een verhoogd gevaar voor ongelukken!
- Overbelast het toestel niet! U werkt beter en zeker met de juiste belasting van de machine.
- Leg tijdens het werk pauzes in, zodat de motor kan afkoelen.
- Zet het heet geworden toestel niet in het droge gras of op brandbare voorwerpen.
- Raak de geluiddemper en motor nooit aan als de zaag draait of kort nadat de zaag gestopt is. Gevaar voor verbranding!
Trillingen
⚠ Wanneer personen met bloedcirculatiestoornissen te vaak aan trillingen worden blootgesteld, kunnen beschadigingen aan het zenuwsysteem of aan de bloedvaten optreden.
U kunt de trillingen reduceren :
- door stevige, warme arbeidshandschoenen
- verkorting van de werktijd (meerdere lange pauzes maken)
Consulteer een arts wanneer uw vingers opzwellen, u zich niet goed voelt of uw vingers gevoelloos worden.
Algemene veiligheid svoorschriften
- Onderhoudt het toestel met zorgvuldigheid:
- Volg de onderhoudsinstructies en de instructies voor de werktuigwissel.
- Zijn de handgrepen schoon en droog - vrij van olie en hars?
- Monteer slechts de voor het toestel bestemde snijwerktuigen.
⚠ Het gebruik van andere werktuigen en andere toebehoren kan een verwondingsgevaar voor u betekenen.
- Onderzoek de machine op eventuele beschadigingen.
- Voordat de machine verder wordt gebruikt, moet zorgvuldig worden onderzocht of de beschermingsvoorzieningen en licht beschadigde onderdelen foutloos en volgens de voorschriften functioneren. Werk alleen met alle en op de juiste wijze aangebrachte veiligheidsvoorzieningen en verander aan het toestel niets, dat de veiligheid zou kunnen belemmeren.
- Controleer of alle bewegende delen van de machine goed functioneren en niet klemmen of beschadigd zijn.
Alle delen moeten juist gemonteerd zijn en goed functioneren om de machine correct te laten werken.
- Beschadigde bescherminrichtingen en -delen moeten, indien noodzakelijk, door een erkende reparatiewerkplaats gerepareerd of verwisseld worden.
- Beschadigde of onleesbare veiligheidsstickers dienen te worden vervangen.
- Laat geen sleutels steken!
Controleer vóór het inschakelen altijd of de sleutels en instelgereedschappen verwijderd zijn.
- Bewaar ongebruikte toestellen op een droge, afgesloten plaats buiten de reikwijdte van kinderen op.

Voer geen andere reparaties dan de in het hoofdstuk „Onderhoud“ beschreven reparaties aan de machine uit, maar neem direct contact op met de fabrikant of klantenservice.

Reparaties aan de machine mogen alleen door de fabrikant resp. door een door van zijn klantenwerkplaatsen uitgevoerd worden.

Alleen de originele toebehoren en onderdelen gebruiken. Bij het gebruik van niet originele onderdelen kunnen risico's voor de gebruiker ontstaan. De fabrikant kan niet aansprakelijk gesteld worden voor ongevallen hierdoor ontstaan.
Veiligheidsinstructies voor de vrijsnijder / gazontrimmer
- Verwijder vóór het snijden alle vreemde lichamen (bv stenen, takken, draad, enz.). Let gedurende het werken op verdere vreemde lichamen.
- Let vóór het inschakelen van het toestel erop, dat het snijwerktuig niet de vloer raakt.
- Let vóór het inschakelen van het toestel erop dat uw voeten en handen in een veilige afstand ten opzichte van het snijwerktuig zijn.
- Attentie! Het snijwerktuig loopt na! Rem het werktuig niet met de hand.
- Begin met het snijden pas, wanneer het snijwerktuig het vol toerental heeft bereikt.
- Raak nooit met het lopend snijwerktuig vaste voorwerpen (stenen, stammen).
-
Schakel de machine uit en verwijder de bougiesteker bij:
-
contact van het toestel met stenen, nagels of andere vreemde voorwerpen
– reparatiewerkzaamheden - onderhouds- en reinigingswerkzaamheden
- bij storingen
— transport en opslag - wissel van het snijwerktuig
- Verlaten van de machine (ook bij korte onderbrekingen)
Veiligheidsinstructies voor de heggeschar
- Verwijder in ieder geval vreemde voorwerpen uit de heg (bv draad) omdat deze de messen van de heggenschaar kunnen beschadigen.
- Voorzichtig bij bovengrondse stroomleidingen.
- Houdt handen en voeten van de snijvoorziening vandaan, wanneer deze zich bewegen.
- Gebruik de heggenschaar niet voor het optillen of wegscheppen van houtstukken of andere voorwerpen.
- Gebruik geen stompe, gesprongen of beschadigde snijvoorziening.
- Wanneer u de gashendel loslaat, draait de snijvoorziening nog korte tijd na.
- Begin het snijden met draaiende snijvoorziening.
- Begin met het snijden pas, wanneer de snijvoorziening draait.
- Raak nooit met draaiende snijvoorziening draadafrasteringen of de vloer.
-
Schakel de motor uit en laat de machine tot stilstand komen, wanneer
-
de snijvoorziening een vreemd lichaam raakt
- zich de bedrijfsgeluiden versterken,
- de machine ongewoon sterk trillt.
⇒ Trek de bougiesteker van de bougie en neem de volgende maatregelen:
— machine op beschadigingen controleren;
- op losse onderdelen controleren en alle losse onderdelven bevestigen;
- beschadigde onderdelen tegen gelijkwaardige onderdelen vervangen of laten repareren.
- Zet de motor af en trek de bougiestekker uit
- om vastgeklemd zaaggoed te verwijderen.
— om storingen te verhelpen - bij werkpauzes
- vóór het verlaten van de heggenschaar
Veiligheidsinstructies voor de hoogtaster
- Wie met het toestel werkt, moet een opleiding kunnen vertonen die in overeenstemming staat met de geplande toepassing en moet bovendien met het gebruik van het toestel en de persoonlijke beschermuitrusting bekend zijn.
- Gebruik uitsluitend een geschikte combinatie van geleiderail en zaagketting, zoals bij „Technische gegevens“ is beschreven. Verkeerde combinaties verhogen het terugslaggevaar (kickback)!
• Is de olietank (kettingsmering) gevuld?
Controleer het oliepeil regelmatig. Vul onmiddellijk zaagkettingolie bij, zodat de zaagketting niet droog loopt.
• Is de zaagketting correct gespannen?
Let op de punten in het gedeelte „Zaagketting spannen“.
- Is de zaagketting correct geslepen?
Gebruik slechts goed geslepen zaagkettingen, omdat stompe zaagkettingen niet alleen het terugslaggevaar verhogen, maar ook de motor belasten.
- Maak niet gebruik van gescheurde zaagkettingen of zulke die hun vorm hebben veranderd.
- Bij het inschakelen is het toestel veilig te steunen en vast te houden. Ketting en geleiderail moeten vrij staan.
- Begin met het snijden pas, wanneer de zaagketting het vol toerental heeft bereikt.
- Probeer niet, een reeds voorhanden snede te treffen.
- Gebruik het toestel niet voor het optillen of bewegen van hout.
- Zaag gespinterd hout met voorzichtigheid. Er bestaat gevaar van verwondingen door meegescheurde houten stukken.
- Exploiteer het toestel slechts met veilige stand.
- Verander regelmatig de werkpostie, om een eenzijdige werkhouding te voorkomen.
- Let erop dat het hout vrij van vreemde voorwerpen (nagels enz.) is.
- Wees op het einde van een zaagsnede voorzichtig. Zodra het toestel uit het hout komt, verandert zich de gewichtskracht. Er bestaat gevaar voor ongelukken voor benen en voeten.
- Verwijder het toestel slechts met draaiende zaagketting uit de snede.
- Wanneer de zaagketting klem komt te zitten in het hout, moet het toestel direct uitgeschakeld worden. Gebruik een wig om de geleiderail weer vrij te krijgen.
- Raak nooit met draaiende zaagketting draadafrasteringen of de vloer.
- Bij werkpauzes dient het toestel zodanig te worden beveiligd (kettingbescherming aanbrengen) en neergelegd dat niemand in gevaar wordt gebracht. Toestel beveiligen tegen onbevoegd gebruik.
- Schakel de machine uit en verwijder de bougiesteker bij:
- contact van het toestel met aardrijk, stenen, nagels of andere vreemde voorwerpen
– reparatiewerkzaamheden
- onderhouds- en reinigingswerkzaamheden
- bij storingen
- Transport
— naspannen van de ketting
- kettingwissel
Verlaten van de machine (ook bij korte onderbrekingen
Veiligheidsinstructies - Veilige omgang met brandstoffen

Brandstoffen en brandstofdampen zijn brandgevaarlijk en kunnen bij het inademen en op de huid ernstig letsel veroorzaken. Bij de omgang met brandstof is daarom voorzichtigheid geboden en moet er voor een goede ventilatie gezorgd worden.
- Bij het tanken niet roken en open vuur vermijden.
- Draag handschoenen bij het tanken.
- Tank niet in gesloten ruimtes.
- Schakel het toestel uit en laat het afkoelen.
- Maak de tankdop (19) voorzichtig open, zodat eventueel aanwezige overdruk kan zakken
- Let erop dat u geen brandstof of olie morst. Reinig de machine direct, als u brandstof of olie hebt gemorst. Trek
onmiddellijk andere kleren aan, als u brandstof of olie over uw kleding gemorst hebt.
Let erop dat er geen brandstof in de grond terechtkomt.
- Sluit de tankdop na het tanken weer zorgvuldig en let erop dat de tankdop tijdens het gebruik van de zaag niet loskomt.
- Controleer of het tankdeksel en de benzineleidingen dicht zijn. Bij lekkages mag u het toestel niet in gebruik nemen.
- Gebruik nooit een machine met beschadigde ontstekingskabel en bougiestekker! Gevaar voor vonkvorming!
- Transporteer en bewaar brandstoffen alleen in hiervoor toegestane en gemarkeerde reservoirs.
- Houd kinderen uit de buurt van brandstoffen.
- Transporteer en bewaar brandstoffen niet in de buurt van brandbare of licht ontvlambare stoffen, vonken of open vuur.
- Ga vóór het starten van het toestel minimaal drie meter bij de tankplaats vandaan staan.
Toestelbeschrijving / Reserveonderdelen
| Pos. | Benaming Bestell-nr. | |
| 1 | Aandrijfeenheid | |
| 2 | Vastzetschroef | 386126 |
| 3 | Handgreep kpl. 386105 | |
| 4 | Handgreep | |
| 5 | Onderdeel handgreep | |
| 6 | Rubbermanchet | |
| 7 | Draaggordel | 386104 |
| 8 | Gashendelblokkering | |
| 9 | Gashendel | |
| 10 | AAN- /UIT-schakelaar | |
| 11 | Benzinepomp | |
| 12 | Chokehendel | |
| 13 | Startgreep 386148 | |
| 14 | Luchtfilterafdekking | 386150 |
| 15 | Luchtfilter | 386149 |
| 16 | Bougiestekker | |
| 17 | Bougie | 380856 |
| 18 | Geluiddemper | 386155 |
| 19 | Tankdop | 386153 |
| 20 | Brandstofffilter | 386152 |
| 21 | Tank | 386103 |
| 22 | Montagesleutel | |
| 23 | Inbussleutel SW 4 | |
| 24 | Inbussleutel SW 5 | |
| 25 | Steeksleutel SW 8/10 | |
| 26 | Ronde vijl 386182 | |
| 27 | Brandstofmengbak | 364520 |
| 28 | Aufsteckwerkzeug Freischneider | |
| 29 | Veiligheidssticker | 386156 |
| 30 | Beschermkap | 386102 |
| 31 | Beschermkaphouder | |
| 32 | Houder | |
| 33 | Veiligheidsafdekking | |
| 34 | Haakse overbrenging | |
| 35 | Zeskantmoer | 386121 |
| 36 | Afdekkap | 386120 |
| 37 | Afstandsschijf | 386119 |
| 38 | Snijmes | 386118 |
| 39 | Draadspoel | 386129 |
| 40 | Opname draadspoel 386131 | |
| 41 | Afdekking draadspoel 386132 | |
| 42 | Veer | 386133 |
| 43 | Draadmes | 386122 |
| 44 | Opsteekwerktuig heggeschaar | |
| 45 | Snijvoorziening | |
| 46 | Mesbescherming | 386114 |
| 47 | Handgreep | 386115 |
| 48 | Veiligheidssticker | 386116 |
| 49 | Opsteekwerktuig hoogtaster | |
| 50 | Geleidingsrail (zwaard) 386157 | |
| 51 | Veiligheidssticker | 386159 |
| 52 | Zaagketting | 386158 |
| 53 | Kettingbescherming | 386151 |
| 54 | Afdekking | 386163 |
| 55 | Bevestigingsmoer 386164 | |
| 56 | Kettingwiel | |
| 57 | Kettingspanschroef | |
| 58 | Kettingspantap | |
| 59 | Sluiting olietank 386160 | |
| 60 | Beschermkap | 386184 |
| 61 | Smeernippel | 386174 |
| 62 | Toebehorenzak montagewerktuig | 386183 |

Samenbouw
Houdt rekening met het ingesloten montageblad!

Montage/demont age
2Verwijder de beschermkap (60) en schuif het opsteekwerktuig vrijsnijder (28), heggeschaar (44) of hoogtaster (49) zoals afgebeeld in de opname (a) van de aandrijfeenheid (1).
→ ⚠ Let erop, dat het hoorbaar vastklikt.
→ Trek de borgschroef (2) weer vast.
Ter demontage van het opsteekwerktuig maak de borgschroef los. Druk op de toets (b) en trek het opsteekwerktuig uit de opname.
Steek de beschermkap (60) weer op.
Handgrepen monteren
Zet de aandrijfeenheid (1) op een egaal oppervlak.
3 Verwijder de schroeven (c) met de veerringen en schijven.
4 Zet het handgreeponderdeel (5) aan het rubbermanchet (6) aan de steelpijp van de aandrijfeenheid (1).
Zet de handgreep (4) op het handgreeponderdeel en zeker beide delen met de schroeven, schijven en veerringen.
Draaggordel aanbrengen
- Hang de draaggordel (7) in de draaggordelophaning (D) in.

Samenbouw vrijsnijder / gazontrimmer
Verwijder de 4 schroeven (e) met de veerringen, schijven en moeren aan de beschermkaphouder (31). Maak de inbusbouten (f) los en klap de houder (32) weg.
→ Schuif de beschermkap (30) op de houder van de beschermkap (31).
7 Klap de houder (32) naar benden en zeker de beschermkap met de schroeven, schijven en moeren. Trek de inbusschroef (f) weer vast.
Sn ijmes monter en vrij snijder
8 Draai de boring van de beschermafdekking (33) boven de boring aan de haakse overbrenging (34) en vergrendel de aandrijfas met de inbussleutel (23).
8/9 Schroef de inbusmoer (35) met de montagesleutel (22) los.
⚠️ Linkse schroefdraad!
9 Neem de afdekkap (36) en de afstandsschijf (37) weg.
9 Leg het snijmes (38) op.
De verdere samenbouw geschiedt in omgekeerde volgorde.
Dra adspoel monteren gaz on trim mer
8 Draai de boring van de beschermafdekking (33) boven de boring aan de haakse overbrenging (34) en vergrendel de aandrijfas met de inbussleutel (23).
8/9 Schroef de inbusmoer (35) met de montagesleutel (22) los.
⚠️ Linkse schroefdraad!
9 Neem de afdekkap (36) en de afstandsschijf (37) weg.
→ Schroef de draadspoel (39) op de aandrijfas.
Linkse schroefdraad!

Samenbouw hoogtaster
Montage van geleidingrail en zaagketting

Gevaar voor letsel!
Draag bij werkzaamheden aan het geleidingrail en de zaagketting veiligheidshandschoenen.
10 Leg de hoogtaster neer.
Schroef de bevestigingsmoere (55) los en verwijder de afdekking (54).
Draai de kettingspanschroef (57) naar links tot de kettingspantap (58) aan het achterste einde van de schroefdraad staat.
12 Leg de zaagketting (52) in de circulerende geleidingsgleuf van het geleidingsrail (50).
⚠ Let op de correcte looprichting van de schakels.
13 Leg het geleidingsrail op (50). De kettingspanschroef (58) moet in de desbetreffende boring (g) van het geleidingsrail grijpen.
⚠ Let bij de inbouw erop dat de schakels correct in de geleidingsgleuf en aan het kettingwiel (56) liggen.
10 Breng de afdekking (54) weer aan en draai de bevestigingsmoeren (55) handvast aan.
Span de zaagketting zoals is beschreven in de paragraaf „Zaagketting spannen“.
Zaagketting spannen

Gevaar voor letsel!


Zet de motor bij werkzaamheden aan de geleiderail en zaagketting altijd af en draag veiligheidshandschoenen!
14 Maak de bevestigingsmoeren (55) om max. 1 omdraaiing los.
14 Breng het uiteinde van het geleidingsrail iets omhoog en draai de kettingspanschroef (57) naar rechts tot de juiste kettingspanning is bereikt.
15 De zaagketting is correct gespannen, als ze in het midden van de geleiderail ca. 3 - 4 mm omhoog kan worden gebracht.
Draai de kettingspanschroef naar links, als de zaagketting te strak is gespannen.
⚠️ Controleer of de schakels correct in de geleidingsgleuf van de geleiderail liggen.
14 Trek de bevestigingsmoeren (55) weer vast.
Controleer de zaagkettingspanning
→ voor werkbegin
→ na de eerste sneden
→ gedurende het zagen regelmatig alle 10 minuten
Slechts met een correct gespannen zaagketting en een toereikende smering heeft u invloed op de levensduur.
Houdt alstublieft rekening met het volgende:
→ een nieuwe zaagketting moet vakker worden nagespannen
bij verwarming van de ketting op bedrijfstemperatuur rekt ze zich uit en moet worden nagespannen.
⚠ Na beëindiging van de zaagwerkzaamheden de zaagketting weer ontspannen, omdat bij afkoeling anders te hoge spanningen in de zaagketting zouden ontstaan.
⇒ klappert de ketting of komt ze uit de geleiding, meteen naspannen.

Voorbereiden ter ingebruikname
Tanken

Bij de omgang met benzine en olie is extra waakzaamheid geboden. Roken en open vuur is niet toegestaan (explosiegevaar).

Het toestel werkt op een mengsel van normale benzine (loodvrij) en tweetaktmotorolie.
Benzine: octaangetal minimaal 91 ROZ, loodvrij
- Vul de tank niet met loodhoudende benzine, diesel of andere niet-toegestane brandstoffen.
- Gebruik geen benzine met een octaangetal lager dan 91 ROZ. Dit kan door verhoogde motortemperaturen tot ernstige beschadiging van de motor leiden.
- Wanneer u constant met een hoog toerental werkt, moet u benzine met een hoger octaangetal gebruiken.
Om milieutechnische redenen wordt het gebruik van loodvrije benzine aanbevolen.
Tweetaktmotorolie:
volgens specificatie JASO FC of ISO EGD
- Maak uitsluitend gebruik van tweetakt-motorenolie voor luchtgekoelde motoren.
Het mengen
Mengverhouding 40:1
| Benzine Tweetaktmotorolie | |
| 1 liter 0,025 liter | |
| 2 liter 0,050 liter | |
| 5 liter 0,125 liter | |
| 10 liter 0,250 liter |
- De hoeveelheid olie moet exact aangehouden worden, omdat een geringe afwijking van de hoeveelheid olie bij kleine hoeveelheden brandstof grote invloed op de mengverhouding heeft.
- Verander de mengverhouding niet, hierdoor ontstaan in toenemende mate verbrandingsresten, het brandstofverbruik stijgt en het vermogen neemt af, of de motor wordt beschadigd.
⚠ Meng benzine en olie in de meegeleverde brandstof-mengbak (27).
- Brandstoffen zijn maar beperkt houdbaar. Te lang opgeslagen brandstoffen en brandstofmengsels kunnen tot start-problemen leiden. Meng daarom slechts de hoeveelheid brandstof die u in een maand verbruikt.
- Sla brandstoffen alleen op in hiervoor toegestane en gemarkeerde reservoirs. Bewaar brandstofreservoirs droog en veilig.
- De brandstofreservoirs moeten buiten het bereik van kinderen bewaard worden.
Restbrandstoffen en voor de reiniging toegepaste vloeistoffen moeten volgens de regels en milieuvriendelijk worden afgevoerd.
Tanken van het toestel

- Motor uitschakelen en laten afkoelen!
- Veiligheidshandschoenen dragen.
- Contact met de huid en ogen vermijden!
- In ieder geval op "Veilige omgang met brandstof" opvolgen.
Maak de omgeving van de dop schoon. Verontreinigingen in de tank veroorzaken bedrijfsstoringen.
16 Maak de tankdop (19) voorzichtig open, zodat eventueel aanwezige overdruk kan zakken
Schud het reservoir met het brandstofmengsel nog een keer voordat de inhoud in de tank wordt gegoten.
Giet het brandstofmengsel voorzichtig in de tank tot aan de onderste rand van de vulpijp. Let erop dat u geen brandstof of olie morst. Reinig de machine direct, als u brandstof of olie hebt gemorst.

Let erop dat er geen brandstof in de grond chtkomt.
Sluit de tankdop na het tanken weer zorgvuldig en let erop dat de tankdop tijdens het gebruik van de zaag niet loskomt.
- Controleer of het tankdeksel en de benzineleidingen dicht zijn. Bij lekkages mag u het toestel niet in gebruik nemen.
→ Maak de tankdop en de omgeving schoon.
Ga vóór het starten van het toestel minimaal drie meter bij de tankplaats vandaan staan.
Voorbereiden ter in gebruikname van de hoogtaster

Smering van de ketting
⚠️ Het toestel wordt niet met zaagkettinghechtolie gevuld geleverd.
① Exploiteer het toestel nooit zonder kettingsmering. Het gebruik zonder zaagkettingolie leidt tot beschadiging van de kettingzaag en het geleidingsrail.
De levensduur en het snijvermogen van de ketting is afhankelijk van de optimale smering. Gedurende het bedrijf wordt de zaagketting automatisch met olie bevocht.
Zaagkettingolie bijvullen

Zet de motor af en draag veiligheidshandschoenen! Contact met de huid en ogen vermijden!
Leg het toestel op een geschikte ondergrond.
17 Schroef de olietanksluiting (59) open.
Vul de olietank met biologisch afbreekbare zaagkettingolie (bestel-nr.: 400144). Gebruik voor het eenvoudiger vullen een trechter.
⚠ Let bij het vullen erop dat geen vuil in de olietank geraakt.
→ Schroef de olietanksluiting weer dicht.
Gebruik nooit gerecyclede olie of oude olie. Bij gebruik van olie die niet voor zaagkettingen is geschikt, vervalt de garantie.
Controleren van de kettingsmering
⚠ Exploiteer het toestel nooit zonder goed werkende kettingsmering.
U controleert de werking van de automatische kettingsmering, door het toestel in te schakelen en hem met de punt in richting van een kartonnen doos op papier op de bodem te houden.
⚠️Raak de bodem niet met de ketting. Veiligheidsafstand van 20 cm opvolgen.
Vertoont zich bij de controle een toenemend oliespoor, werkt de olie-automatiek onberispelijk.
Toont zich ondanks volle olietank geen oliespoor
11 reinig de oliestroomkanaal (h) en de bovenste kettingspanboring (g)
40 kunt u de kettingsmering zoals in het hoofdstuk "Regelen van de kettingsmering" instellen
Heeft dit geen succes, richt u zich dan aan de klantenservice.

Ingebruikname
U mag het toestel niet gebruiken voordat u deze gebruiksaanwijzing heeft gelezen, alle voorschriften heeft opgevolgd en het apparaat als voorgeschreven heeft gemonteerd!
Controleer voor elk gebruik:
- het toestel op eventuele beschadigingen.
- losse bevestiging
18 Waarborg dat de AAN/UIT-schakelaar, gashendelblokkering, gashendel en het toestel reglementair werken.
De motor van het toestel wordt niet met benzine of olie gevuld geleverd. Vul het toestel zoals onder "Tanken" is beschreven.
Starten van hettoestel
Het toestel is met een centrifugaalkoppeling uitgerust. Het snijwerktuig kan na het starten beginnen te roteren. Plaats het toestel vandaar om te starten op vaste ondergrond. Houdt het toestel veilig vast en let erop, dat noch het snijwerktuig noch de gashendel met vaste voorwerpen in aanraking komt.
Houdt handen en voeten steeds in een veilige afstand ten opzichte van de snijdraad.
19 Leg het toestel op de vloer.
Ga op een veilige plek staan.
⚠️Het snijwerktuig mag de vloer niet raken.
Starten bij koude motor
18 Druk de benzinepomp (11) meervoudig krachtig tot zich benzine/schuim in de aanzuigpomp toont.
- Plaats de chokehendel (12) op positie close.
Zet de AAN/UIT-schakelaar (10) op 1.
Druk de gashendelblokkering (8) in en bedien gelijktijdig de gashendel (9).
19 Trek de startkabel aan de starchendel (13) langzaam tot aan de weerstand eruit en trek dan snel en krachtig door.
Trek de startkabel niet helemaal eruit en leid de startgreep langzaam terug, opdat de startkabel correct wordt opgewikkeld.
Herhaal dit proces tot de kettingzaag start.
18 Schuif de starchendel (choke) (12) op positie zodra de motor is gestart.
Wordt de gashendel losgelaten, draait de motor in de leegloop.
⚠ Het snijwerktuig mag zich niet in het stationair draaien bewegen! Gevaar voor letsel!
Draait de snijvoorziening ondanks niet ingedrukte gashendel, zet de werkzaamheden meteen stop. Het toerental stationair draaien moet worden gedaald. (zie "Onderhoud -> carburator instellen")
Stoppen van de motor
18 Laat de gashendel (9) los.
Zet de AAN/UIT-schakelaar (10) op de positie STOP.
Starten bij warme motor
Start het toestel zoals onder „Starten bij koude motor“ is beschreven, maar laat de chokehendel in de bedrijfspositie en bedient niet de gashendel.

Werkinstructies
⚠ U mag het toestel niet in gebruik nemen, voordat u deze gebruiksaanwijzing heeft gelezen, alle voorschriften heeft opgevolgd en het toestel als voorgeschreven heeft gemonteerd.
20 21
Leg gedurende het werken met het toestel steeds de draaggordel (7) aan. Slechts met de draaggordel heeft u het toestel bij het werken onder veilige controle.
Stel de draagriem zo in, dat een veilig en aangenaam dragen van het toestel gegarandeerd is.
De snelsluiting (A) bevindt zich op de voorkant.
De snelsluiting kan dan met de linker hand worden geopend.
→ Het heuppolster (b) moet op de heup rusten.
Een beschadigde draaggordel moet meteen worden vervangen.
Houdt handen en voeten steeds in een veilige afstand ten opzichte van de snijdraad.
Werken met de vrijsnijder
⚠️ Kickback-terugslag
Bij het werken met metallische snijmessen kan het, wanneer vaste voorwerpen (bomen, takken, stenen of dergelijke) aangeraakt worden, tot een terugslag van het geheel toestel of tot een rukachtige trek naar voren komen. Deze terugslag treedt zonder voorafgaande waarschuwing plotseling op en kan tot verlies van controle over het toestel en tot bedreiging van de gebruiker en rondom staande personen leiden. Bijzondere bedreiging dreigt in zwaar waar te nemen bereiken en dichte begroeiing.
20 bewaart u controle bij terugslag
- Houdt het toestel bij het werken steeds met beide handen veilig vast.
- Zorg voor een veilige stand. Houdt de voeten comfortabel gespreid en reken steeds met een mogelijke terugslag.
- Overschat u zich niet en bewaar bij het werken steeds het evenwicht.
- Vóór snijbegin dient het snijmes het vol werktoerental te hebben bereikt.
⚠ Bij het vrijsnijden kunnen stenen en puin omhoog worden geslingerd en tot zware verwondingen leiden. Let erop, dat de beschermkap veilig gemonteerd is.
⚠ Worden roterende delen (snijmessen) niet correct bevestigd, kan dit tot zware ongelukken leiden. Controleer vóór werkbegin het snijmes op vaste zitting.
Maaien
- Buig het toestel licht naar voren en beweeg het met passende en gelijkmatige snelheid van rechts naar links. Zo valt het gesneden materiaal op de reeds gemaaide vlakte.
- Snij hoger gras en dichtere aangroei trapsgewijs. Kort hiervoor eerst het bovenste gedeelte van het te snijden materiaal, doordat u het toestel naar rechts beweegt. Voer dan in de tegenbeweging het toestel naar links en maai het onderste gedeelte.
- Bij werkzaamheden aan een helling ga streepsgewijs te werk. Maak een streep parallel tot de helling, ga dan via het gemaaid bereik terug en maak de volgende streep.
- Pas het motortoerental en de snijdiepte aan de desbetreffende omstandigheden aan. Is de motoromdraaiing te gering, kan zich struikgewas in het snijwerktuig vervangen of verklemmen.
⚠ Vervangen zich gras, takken of andere voorwerpen in het snijwerktuig of trilt het toestel ongewoon, schakel meteen de motor uit en controleer het toestel.
- Een geblokkeerde haakse overbrenging kan tot koppelingsschade leiden.
- Verwijder nooit vastgeklemd snijgoed bij draaiend snijmes. Wacht af, tot het snijmes stilstaat.
- Is het snijmes stop, gebroken of gedeformeerd, vervang het met een origineel reservedeel.
Werken met de gazontrimmer
Trimmen
- Buig het toestel licht naar voren en beweeg het met passende en gelijkmatige snelheid van links naar rechts.
- De beste snijresultaten verkrijgt u, wanneer u droog gras snijdt.
- Voer de snijdraad niet direct langs muren en stenen platen, omdat anders de snijdraad sterk verslijt.
- Snijdt hoger gras en dichtere begroeiing trapsgewijs, zodat de spindelkop niet verstopt.
- Pas het motortoerental en de snijdiepte aan de desbetreffende omstandigheden aan. Is de motoromdraaiing te gering, kan zich struikgewas in het snijwerktuig vervangen of verklemmen.
⚠ Vervangen zich gras, takken of andere voorwerpen in het snijwerktuig of trilt het toestel ongewoon, schakel meteen de motor uit en controleer het toestel.
- Een geblokkeerde haakse overbrenging kan tot koppelingsschade leiden.
- De snijdraad loopt na het uitschakelen van de gazontrimmer na. Wacht vandaar af, tot de draad stilstaat, alvorens u het toestel weer inschakelt.
Navoren van de draad
De snijdraad verslijt gedurende het snijproces of hij kan scheuren, zo dat geen gras meer kan worden gesneden.
Druk het toestel kort tegen vaste bodem. Daardoor wordt de snijdraad verlengd (ca. 4 cm). Indien de snijdraag de maximale snijdoorsnede overschrijdt, wordt hij door het geïntegreerd mes in de beschermkap gekort.
Werken met de heggeschar
Houdt handen en voeten steeds in een veilige afstand ten opzichte van de snijwerktuig.
- Met de heggeschaar kunt u hoge en brede heggen en grondheggen snijden.
22 De heggeschaarkop (m) is in een werkbereik van 145° te verstellen. Alvorens u met het snijden begint, stel de heggeschaarkop in de juiste werkpositie.
Druk de ontgrendelhendel (n) en de vastzethendel (o) en draai de heggeschaarkop in de gewenste positie.
Laat ontgrendelhendel en vastzethendel los. De heggeschaarkop klikt vast.
- Houdt het toestel bij het werken steeds met beide handen veilig vast.
- Het juiste tijdpunt voor het snijden:
⇒ Loofheg: juni en oktober
⇒ Naaldheg: april en augustus
⇒ snel groeiende heggen: vanaf mei ca. alle 6 weken
- Let op broedende vogels in de heg. Schort het snijden van de heg dan of of zonder dit gedeelte uit.
- De maximale snijdoorsnede is afhankelijk van het soort hout, de leeftijd, het vochtigheidsgehalte en de hardheid van het hout.
Kort vandaar zeer dikke takken voor het snijden van de heg met een takschaar op de desbetreffende lengte.
- De heggenschaar kan door de messen aan beide zijden voorwaarts en achterwaarts of door pendelbewegingen van één kant naar de andere kant worden gevoerd.
- Snijd eerst de zijkanten van de heg en pas dan de bovenkant.
- De heg van beneden naar boven snijden.
• 23 Snijd de heg trapezevormig.
- Span een richtsnoer over de lengte van de heg wanneer u de bovenkant van de heg gelijkmatig wilt snijden.
- Snijd in meerdere rondes, wanneer een sterker terugsnijden vereist is.
Werken met het toestel
⚠️ Kickback - Terugslag van de zaag
Wat is zaagterugslag? Zaagterugslag is het plotseling hoog- en terugslaan van het draaiend toestel in richting van de gebruiker.
- het uiteinde van de geleiderail het zaaggoed (onopzettelijk) of andere vaste voorwerpen raakt.
- de zaagketting aan de punt van het geleidingsrail klemt.
Het toestel reageert ongecontroleert en veroorzaakt vaak zware verwondingen bij de gebruiker.
Hoe kan ik zaagterugslag vermijden?
- 24 Het toestel altijd vast met beide handen houden.
- Slecht met draaiende zaagketting de snede beginnen.
- Zaag voor een betere controle met de onderkant van het geleidingsrail. Zet het toestel altijd zo vlak als mogelijk aan.
- Nooit met de punt van het geleidingsrail zagen.
- Zagen met de bovenkant kan een terugslag van de zaag verwekken, wanneer de zaagketting klemt of op een vast voorwerp in het hout stoot.
- Alleen met scherpe en correct geslepen zaagketting werken.
Algemeen gedrag bij het snoeien
- 25 Houdt andere personen weg. De veiligheidsafstand bedraagt de 2,5-voudige lengte van de af te zagen tak, ten minste echter 15 m.
NL
- Houdt een veiligheidsafstand van 10 m tot bovengrondse stroomleidingen.
- Plan vooraf een vluchtroute voor vallende takken. Deze vluchtroute moet vrij van obstakels zijn, om een gevarenvrij terugwijken te waarborgen.
- Plaatst u zich buiten het breeik van vallende takken.
Werkinstructies - zaagtechnieken
- Snij geen dun struikgewas of snijhout. Het toestel is voor deze werkzaamheden niet geschikt.
- Snij grotere takken in meerdere deelstukken af, om splinteren en knikken te voorkomen.
- Snij geen takken, waarvan de doorsnede de snijlengte van het toestel te boven gaat.
- Plaatst u zich nooit direct onder een te zagen tak.
- Let vooral op vallende takken.
- Let vooral op terugslagende takken.

Draag steeds een helm om zich tegen vallende takken te beschermen.
Trapsgewijze snoeiing
26 voor horizontale, niet koplastige takken
Het takstuk valt gecontroleerd zonder te omkantelen naar beneden.
① Zet de eerste snede van beneden, ca. een derde van de asdoorsnede.
② De tweede snede vindt op dezelfde hoogte plaats dan de eerste snede, of verder naar binnen verzet (negatief breukniveau).
③ Verwijder het resterend takstuk.
Fout bij trapsgewijs snoeien!
→ 27 Wordt de snede verzet naar buiten uitgevoerd (positief breukniveau) en oversneden, kan het toestel worden meegesleurd.
Reiniging en onderhoud

Voor aanvang van iedere onderhouds- en reinigingsbeurt
- Motor afzetten!
- Stilstand van het snijwerktuig afwachten
- Bougiestekker uittrekken

- Draag veiligheidshandschoenen om verwondingen te voorkomen.

- Voer de onderhoudswerkzaamheden niet in de buurt van open vuur uit. Brandgevaar!
⚠ Ondeskundig onderhoud resp. het verzuim van het verhelpen van een storing voor ingebruikname kan bedrijfsstoringen veroorzaken die zware verwondingen en beschadigingen aan de machine ten gevolg kunnen hebben.
Verdere onderhouds- en reinigingswerkzaamheden dan die in dit hoofdstruk staan beschreven, mogen slechts door de klantenservice worden uitgevoerd.
De in het kader van onderhoud of reiniging verwijderde veiligheidsvoorzieningen moeten absoluut weer correct aangebracht en gecontroleerd worden.
Slechts originele onderdelen toepassen. Andere onderdelen kunnen tot onvoorspelbare beschadigingen en verwondingen leiden.
Onderhoud
Het snijwerktuig staat na het uitschakelen niet meteen stil. Wacht alvorens u met de reparatie of het onderhoud begint tot alle delen tot stilstand zijn gekomen.
Opdat een lang en betrouwbaar gebruik van het apparaat is gewaarborgd, voer de volgende onderhoudswerkzaamheden regelmatig uit.
Controleer het apparaat op blijkbare gebrekken zoals
- losse bevestigingen
— versleten of beschadigde onderdelen
— verbogen, gebroken of beschadigde snijvoorziening - tankdop en brandstofleidingen op dichtheid
- correct gemonteerde en onbeschadigde afdekkingen of veiligheidsvoorzieningen.
① Vóór ieder gebruik en na iedere stoot of vallen moet het toestel op beschadigingen en lekkages worden gecontroleerd.
① Noodzakelijke reparaties of onderhoudswerkzaamheden dienen vóór gebruik van het toestel te worden uitgevoerd.
Luchfilter reinigen
Verwijder stof en vuil regelmatig van het luchtfilter om
- startproblemen,
- vermogensverlies
— een te hoog brandstofverbruik
Reinig het luchtfilter ongeveer om de acht bedrijfsuren en bij veel stof vaker.
18 Zet de chokehendel op positie, zodat geen vuil in de carburator geraakt.
25 Maak de luchtfilterafdekking (14) open.
Neem het luchtfilter (15) uit.
→ Was het luchtfilter in lauw zeepsop.
⚠ Blaas vuildeeltjes niet weg, gevaar voor oogletsell!
Laat het luchtfilter goed drogen en zet hem weer terug.
Beschadigde luchtfilters moeten onmiddellijk vervangen worden.
Brandstofffilter reinigen / vervangen
Controleer de benzinefilter bij behoefte. Een verontreinigde benzinefilter belemmert de brandstoftoevoer.
29 Open de tankdop (19) en trek de benzinefilter met een draadhaak door de opening.
⇒ licht verontreiniging
trek de benzinefilter van de brandstofleiding los en reinig de filter in reinigingsbenzine
⇒ sterke verontreiniging
vervang de benzinefilter
Bougie controleren / vervangen

- Raak de bougie of bougiestekker niet aan als de motor draait. Hoogspanning!
- Gevaar voor verbranding bij hete motor.
- Veiligheidshandschoenen dragen.
Controleer de bougie en de elektrodenafstand regelmatig. Ga hiertoe als volgt te werk:
Laat de motor afkoelen.
30 Trek de bougiestekker (16) van de bougie (17) af.
→ Draai de bougie met de meegeleverde bougiesleutel (22) eruit.
De elektrodenafstand moet 0,6 tot 0,7 mm bedragen.
Reinig de bougie, als deze vuil is.
Monteer de bougie in omgekeerde volgorde.

Bougie niet te sterk aantrekken.
Vervang de bougie:
- alle 100 uren of 1x jaarlijks (afhankelijk daarvan, welk geval zich het eerst voordoet)
- als het isolatielichaam beschadigd is
- bij sterke elektrode-afbrand
- bij zeer vuile elektroden of elektroden die bedekt zijn met een laagje olie
Gebruik de volgende bougies:
→ 30 Draai de bougie (17) los.
Steek de bougiestekker (16) goed op de bougie.
31 Druk de bougie met een geïsoleerde tang tegen het motorhuis (niet in de buurt van het bougiegat).
Zet de AAN-UIT-schakelaar in de positie 1.
Trek aan de startkabel.
① Als er geen vonk tussen de elektroden te zien is, kan de bougie defect zijn.
Geluidemper / uitlaat opening
32 Controleer regelmatig de geluiddemper (18).
i Reinig de uitlaatopening regelmatig.
Reinig de geluiddemper niet, als de motor heet is.
Gevaar voor verbranding!
Transmissie smeren
33 / 34 / 35
① Smeer de transmissie alle 8 tot 25 bedrijfsuren. Gebruik bv SHELL ALVANIA RL3 of een vergelijkbare vet.
Zet de vetpers aan de smeernippels (61) aan.
→ Druk iets vet erin.
Carburateur instellen (stationair toerental)
De carburateur is vanaf fabriek op het juist stationair toerental ingesteld, zo dat de motor het juiste brandstof-luchtmengstel wordt toegevoerd.
In de volgende gevallen moet de carburateur (stationair toerental) worden gecorrigeerd:
- toerental te hoog (snijwerktuig draait in het stationair draaien door)
- onregelmatige loop of gebrekkige versnelling (stationair toerental te laag)
- aanpassing aan weersomstandigheden, temperaturen

Een verkeerde instelling van de carburateur leidt tot zware beschadigingen van de motor.
① Richt u zich aan een vakgarage en laat de instelling van de carburateur uitvoeren.
Onder houd vrijsnijder
Snij mes
⚠ Slechts met een correct gescherpen en onbeschadigd snijmes kunt u veilig en goed werken.
Controleer vandaar regelmatig het snijmes, of het stomp, verbogen, scheuren heeft of beschadigd is.
Stompe snijmessen laat u door een vakman/de klantenservice scherpen.
Beide kanten van het snijmes kunnen worden benut. Draai het snijmes eenmaal en werk met de vrijsnijder door, tot beide kanten van het snijmes stomp zijn.
⚠️ Beschadigde snijmessen moeten door nieuwe worden vervangen.
Onderhoud gazontrimmer
Draadspoel
36 Druk de beide vergrendelingen (j) aan de opname van de draadspoel (40) en verwijder de afdekking van de draadspoel (41).
Neem de draadspoel (39) uit de opname van de draadspoel.
Verwijder verontreinigingen en grasresten.
NL
3Rijg de einden van de snijdraden van de nieuwe draadspoel in de hiervoor gedachte openingen (k) in de opname van de draadspoel (40) in.
Zet de draadspoel met de veer (42) in de opname van de draadspoel (40) in. Let erop dat de snijdraden niet worden vastgeklemd en trek ze ca. 9 cm uit de spoel.
36 Zet de afdekking van de draadspoel (41) op de draadspoel (39). De uitsparingen aan de afdekking van de draadspoel moeten boven de vergrendelingen (j) liggen. Druk de afdekking van de draadspoel omlaag tot ze vastklikt.
Draadmes
38 Schroef de schroeven eruit en verwijder het oude draadmes (43).
Schroef de nieuwe draadmes zoals afgebeeld aan.

De schroeven niet te vast aantrekken.
Onderhoud heggeschaar
i Controleer de heggenschaar na ieder gebruik op
— slijtage, vooral glijspeling van de snijvoorziening.
- voldoende smering van de snijvoorziening.
Snijvoorziening justeren
Stel de glijspeling na, wanneer zich het snijgoed tussen het snijden vastklemt of zich de speling door normale slijtage van de snijvoorziening naar langer gebruik heeft vergroot.
Om goede snijresultaten te behalen, moet de glijspeling tussen de lemmets en het zwaard correct zijn ingesteld.
Ga hiertoe als volgt te werk:
39 Maak de moeren (E) aan de bovenkant van de snijvoorziening los.
→ Trek de schroeven (F) aan de onderkant licht aan (maak ze evt. van tevoren iets los).
Draai de schroef een kwart tot halve omdraaiing tegen de wijzers van de klok terug.
Houdt de schroef met de schroevendraaier vast en trek de moeren vast aan.
De glijspeling is dan correct ingesteld, wanneer zich de schijf onder de schroefkop net nog licht van hand heen en weer laat bewegen.
Smeer de snijvoorziening met milieuvriendelijke smeerolie.
⇒ ⓘ Een te geringe glijspeling of een onvoldoende smering leidt tot sterke hittevorming en zodoende tot beschadigingen van het apparaat.
Onderhoud hoogtaster
Regelen van de kettings mering
De kettingsmering is door de fabriek ingesteld. Al naar houtsoorten en werktechnieken kan de oliehoveelheid verschillen en moet worden gecorrigeerd.

Regel de kettingsmering via de regelschroef (I), die zich onder het toestel bevindt.

Tegen de wijzers van de klok in → grote hoeveelheid olie (MAX)
In richting van de wijzers van de klok → kleine hoeveelheid olie (MIN)
De kettingsmering is correct ingesteld, wanneer de zaagketting gedurende het bedrijf niet geringe hoeveelheden olie wegslingert.
Zaagketting en geleiderail
De zaagketting en geleiderail zijn onderhevig aan hoge slijtage. Vervang de zaagketting en geleiderail onmiddellijk, als de goede werking niet gegarandeerd is, ⚪ „Montage geleiderail en zaagketting“.
Scherpen van de zaagketting

U kunt alleen veilig en goed werken met een scherpe en schone zaagketting. Beschadigde of onjuist geslepen zaagkettingen verhogen het terugslaggevaar!
Een zaagketting moet geslepen worden, wanneer
in plaats van zaagspaanders alleen nog houtstof wordt uitgeworpen
→ de hoogtaster gedurende het snijden door het hout moet worden gedrukt.
① Voor de onervaren gebruiker: laat de zaagketting door een vakman/klantenservice slijpen.
Wanneer u de zaagketting zelf wilt slijpen, let op de volgende waarden en gebruik de meegeleverde ronde vijl. (bijkomende extra toebehoren verkrijgt u in de vakhandel).

| Type kettingzaag Oregon 91 P0 | |
| Ronde vijl ∅ 5,5 mm (7/32") | |
| Dieptebegrenzerafstand T 0,64 mm (.025") | |
| Slijphoek α | 25° |
| Wighoek β | 60° |
| Schaaftandlengte a min. 3 mm | |
i Verwijder bij het slijpen weinig materiaal!
U kunt uw zaagketting echter ook met een kettingsl-ijpapparaat KSG 220 A (artikel-nr.: 302360) zelf slijpen.
Geleiderail reinigen
44
- Controleer en reinig de plaatsen waar olie vrijkomt (G) van het geleidingsrail en de geleidingsgleuf (H) regelmatig.
- Verwijder de braam die zich heeft gevormd met een vlakke vijl.
- Draai het geleidingsrail na iedere kettingwissel / ketting slijpen om een eenzijdige slijtage te voorkomen.
i Vervang beschadigde geleidingsrails direct uit.
Kettingwiel
De belasting van het kettingwiel is bijzonder groot. Controleer de tanden van het kettingwiel regelmatig op slijtage of beschadiging.
11 Reinig het kettingwiel (58) en de bevestiging van het geleidingsrail met een borstel.
Een versleten of beschadigd kettingwiel reduceert de levensduur van de zaagketting en dient vandaar meteen door de klantenservice te worden vervangen.
Reiniging
Reinig het toestel zorgvuldig na ieder gebruik, opdat de foutloze werking blijft bewaard.
- Reinig regelmatig alle beweeglijke delen.
- Reinig de behuizing met een zachte borstel of een droge doek.
- De machine niet met stromend water of met hogedrukreinigers reinigen.
- Gebruik nooit reinigings- of oplosmiddelen. Zij zouden onherstelbare schade aan het toestel kunnen veroorzaken. De kunststofdelen kunnen door chemische producten worden aangetast.
- Hou de handgrepen vrij van vet en olie.

Water, oplosmiddelen en polijstmiddelen mogen niet worden toegepast.
- 29 Let erop dat de ventilatiegleuven voor de motorkoeling (i) vrij zijn (gevaar van oververhitting).
Tr an sport

Vóór ieder transport
- toestel uitschakelen
- Stilstand van het snijwerktuig afwachten
- Veiligheidsafdekking voor het snijwerktuig aanbrengen
■ Draag het toestel aan de handgreep.
■ Transporteer het toestel in de auto alleen in de kofferbak of in een aparte transportruimte. Beveilig de machine hierbij tegen omkantelen, beschadigingen en het uitstromen van brandstof.
Opslag
- Bewaar onbenutte apparaten met open geschoven veiligheidsafdekkingen voor lemmets en zwaarden op een droge, afgesloten plaats buiten de reikwijdte van kinderen op, echter niet naast een haard, oven of boiler met permanente vlam of andere vonken vervaardigende apparaten.
- Laat de motor afkoelen, alvorens u het apparaat opbergt.
- Houdt vóór een langer opslag rekening met het volgende, om de levensduur van de machine te verlengen en een soepel bedienen te waarborgen:
→ Voer een grondige reiniging uit.
⇒ Behandel alle beweeglijke onderdelen met een milieuvriendelijke olie.
i Gebruik geen vet.
→ Ledig de benzinetank geheel.
Voer de restbrandstof/zaagkettingolie volgens de voorschriften (milieuvriendelijk) af
→ Rijd de carburateur leeg.
→ Controleer de machine op een foutvrije toestand, opdat na een langere opslag een betrouwbaar gebruik van de machine is gewaarborgd.
Garantie
Houdt u alstublieft rekening met de ingesloten garantieverklaring.
Technische gegevens
| Aandrijfeenheid BAE 30 | |
| Bouvwjaar zie laatste pagina | |
| Max. motorvermogen 1,0 kW | |
| Cilinderinhoud 29,7 cm3 | |
| Stationair toerental 2800 ± 200 min | -1 |
| Max. motortoerental 8500 min | -1 |
| Ontstekingssysteem elektronische ontsteking - CDI | |
| Bougie TORCH L8RTC of vergelijkbaar type | |
| Inhoud brandstoftank 450 ml | |
| Mengverhouding (brandstof/tweetaktolie) 40:1 | |
| Elektrodenafstand 0,6 – 0,7 mm | |
| gemeten geluidsniveau LWA 109,8 dB (A) volgens richtlijn 2000/14/EG) | |
| Gegarandeerd geluidsniveau LWA 114 dB (A) volgens richtlijn 2000/14/EG) | |
| Geluidsdrukpegel LPA 95 dB (A) | |
| Mess-Unsicherheitsfaktor K 3,0 dB (A) | |
| Hand-arm-trilling | |
| Vrijsnijder / Gazoentrimmer | 5,5 m/s2K = 1,5 m/s2 |
| Heggeschaar | 11,2 m/s2K = 1,5 m/s2 |
| Hoogtaster | voorst handgreep: 8,5 m/s2achterste handgreep: 12,7 m/s2K = 1,5 m/s2 |
| Gewicht (zonder brandstof/olie en opsteekwerktuig) | 4,5 kg |
| Vrijsnijder / Gazontrimmer type | BFG 30 |
| Max. motortoerental met snijgereedschap | 8500 / 7500 min-1 |
| Max. toerental snijgereedschap | 6400 / 5600 min-1 |
| Snijdoorsnede | 230 x 1,6 mm x 4 tanden / ∅ 420 mm dubbele draad |
| Gewicht (zonder brandstof/olie en opsteekwerktuig) | 6,3 kg |
| Heggeschar type | BHS 30 |
| Max. motortoerental met snijgereedschap | 7500 min-1 |
| Max. Snijlengte | 400 mm |
| Zwaardlengte (Lengte van het snijmes) 425 mm | |
| Gewicht (zonder brandstof/olie en opsteekwerktuig) | 6,7 kgkg |
| Hoogtaster type | BHE 30 |
| Max. motortoerental met snijgereedschap | 7500 min-1 |
| Geleiderail / zwaard | Oregon – 100SDEA318 |
| Max. Snijlengte | 255 mm |
| lengte van de geleiderail | 310 mm |
| Type kettingzaag | Oregon – 91 P0 x 40 |
| Steek / sterkte aandrijfschakels | 9,525 mm (3/8") / 1,27 mm (.050") |
| Kettingwiel | 7 x 9,525 mm |
| Inhoud kettingolietank 150 ml | |
| Gewicht (zonder brandstof/olie en opsteekwerktuig) | 7,5 kg |
| Motor-tuinverzorgings-set | |
| Motor-tuinverzorgings-set | BMGS 30= BAE30 + BFG 30 + BHS 30 + BHE 30 |
| Vrijsnijder / Gazontrimmer | BFSGT 30= BAE 30 + BFG 30 |
| Heggeschar type | BHH 30= BAE 30 + BHS 30 |
| Hoogtaster type | BKSH 30= BAE 30 + BHE 30 |
| Vrijsnijder / Gazontrimmer / Hoogtaster type | BFGH 30= BAE 30 + BFG 30 + BHE 30 |
Onderhouds- en reinigingsschema
| Onderhoudswerkzaamheden | vóór ieder gebruik | na ieder gebruik | alle 8 uren | alle 25 uren | alle 100 uren | Bij behoefte / Beschadi-ging | iederieder seizoen |
| Tanken | ■ | ||||||
| Transmissie smeren | ■ ■ | ||||||
| Snijmes controleren | ■ | ■ | |||||
| Snijmes vervangen | ■ | ||||||
| Draadspoel controleren | ■ | ||||||
| Draadspoel vervangen | ■ | ||||||
| Draadmes vervangen | ■ | ||||||
| Snijvoorziening justeren | ■ | ||||||
| Snijvoorziening smeren | ■ | ■ | |||||
| Geleidingsrail controleren | ■ | ■ | |||||
| - Reinigen/draaien | ■ | ■ | |||||
| - Vervangen | ■ | ||||||
| Kettingwiel controleren | ■ | ||||||
| - Laten vervangen | ■ | ||||||
| Zaagkettingspanning controleren | ■ | ||||||
| Zaagketting controleren | ■ | ■ | |||||
| - Laten scherpen | ■ | ||||||
| - Vervangen | ■ | ||||||
| Kettingsmering controleren | ■ | ||||||
| Olietank reinigen | ■ | ■ | |||||
| Gashendel, gashendel, blokkering, aan/uit-schakelaarControle van de werking | ■ | ||||||
| Gashendel, gashendel, blokkering, aan/uit-schakelaar Laten vervangen | ■ | ||||||
| Startkabel - Controle van de werking | ■ | ||||||
| Startkabel - Laten | Laten | vervangen | ■ | ||||
| Brandstof- en olietankdop controlerenVervangen | ■ | ||||||
| ■ | |||||||
| Brandstoftank reinigen | ■ | ■ ■ | |||||
| Brandstofffilter reinigen | ■ | ■ | |||||
| Brandstofffilter vervangen | ■ | ||||||
| Luchtfilter reinigen | ■ | ■ | |||||
| Luchtfilter vervangen | ■ | ||||||
| Bougie en Bougiestekker controleren | ■ | ■ | |||||
| Bougie vervangen | ■ ■ | ||||||
| Carburateur reinigen | ■ | ■ | |||||
| Carburateur in stationair draaien controleren (snijwerktuig mag niet meedraaien) | ■ | ■ | |||||
| Laten instellen | ■ | ||||||
| Machine controleren | ■ | ■ | |||||
| Machine reinigen | ■ | ■ | |||||
| Veiligheidssticker vervangen | ■ |
Mogelijke storingen


Voor het verhelpen van iedere storing
- toestel uitschakelen
- Stilstand van het snijwerktuig afwachten
- Bougiestekker uittrekken
- Handschoenen dragen
Na het verhelpen van iedere storing moeten alle veiligheidsvoorzieningen weer in werking gesteld en getest worden.
| Storing Mogelijke oorzaak Remedie | ||
| Motor start niet | Verkeerde volgorde bij het startenLuchtfilter verontreinigdBrandstofffilter verstoptGeen brandstoftoevoerStoring in de brandstofleidingStartmechanisme is defectMotor afgezopenBougiesteker niet opgestokengeen ontstekingspulsMotor defectCarburateur defect | Houd de juiste startvolgorde aanhet luchtfilter, reinigen of vervangenBrandstofffilter reinigen of vervangen.Tanken.Brandstofleiding op knikken of beschadigingen controlerenNeem contact op met de klantenserviceBougie eruit schroeven, reinigen en drogen, vervolgens de starterkabel meervoudig trekken; bougie weer erin schroevenBougiesteker opstekena) Bougie reinigen resp. vervangenb) Ontstekingskabel controlerenc) Storing kan niet worden verholpen?Neem contact op met de klantenserviceNeem contact op met de klantenservice |
| Motor start en slaat onmiddellijk af | Verkeerde instelling van de carburateur (stationair toerental) | Neem contact op met de klantenservice |
| Motor draait, snijvoorziening blijft staan | Snijvoorziening blokkeert (vastgeklemd snoeiafval)Interne storingKoppeling defect | Motor uitschakelen en het voorwerp verwijderenFabrikant, resp. bevoegde klantenservice opzoekenFabrikant, resp. bevoegde klantenservice opzoeken |
| Toestel werkt met onderbrekingen (stottert) | Carburateur is verkeerd ingesteldBougie is bedekt met roetInterne storingIn-/uitschakelaar defect | Neem contact op met de klantenserviceBougie reinigen of vervangen. Bougiestekker controleren.Neem contact op met de klantenserviceNeem contact op met de klantenservice |
| Rookontwikkeling | Verkeerd brandstofmengselCarburateur is verkeerd ingesteld | Tweetaktolie in de mengverhouding 40:1 gebruikenNeem contact op met de klantenservice |
| Toestel werkt niet met volle capaciteit | Machine is overbelastLuchtfilter verontreinigdCarburateur is verkeerd ingesteldGeluiddemper verstopt | Gedurende het trimmen niet met kracht drukken.het luchtfilter, reinigen of vervangenNeem contact op met de klantenserviceUitlaatopening van de geluidemper reinigen |
| De vrijsnijder werkt niet met volle capaciteit | Snijmes stomp of beschadigdToestel is overbelast, omdat gras te hoog | Snijmes laten scherpen of vervangenGras trapsgewijs snijden |
| De gazontrimmer werkt niet met volle capaciteit | Snijdraad te kort/ afgebrokenToestel is overbelast, omdat gras te hoog | Snijdraad navoerenGras trapsgewijs snijden |
| Snijdraad wordt niet nagevoerd | Draadspoel leegVerwikkelde snijdraad | Draadspoel vervangenSnijdraad opnieuw opwikkelen |
| Snijvoorziening van de heggenschaar wordt heet | Ontbrekende smering → wrijvingTe geringe glijspelingSnijvoorziening is stomp | Oliën van de snijvoorzieningGlijspeling instellenSnijvoorziening laten scherpen |
| Toestel looptschokkend, trilt of zaagtniet juist | ▸ Ketting stomp▸ Ketting versleten▸ Ontbrekende kettingspanning▸ Ketting niet correct gemonteerd (tanden wijzen in de verkeerde richting) | ▸ Ketting laten naslijpen of vervangen▸ Ketting vervangen▸ Kettingspanning controleren en instellen▸ Ketting opnieuw monteren |
| Zaagketting wordt heet | ▸ Geen olie in de tank▸ Oliestroomkanaal verstopt▸ Kettingspanning te hoog▸ Ketting stomp | ▸ Olie bijvullen▸ Oliestroomkanaal reinigen▸ Kettingspanning instellen▸ Ketting laten naslijpen of vervangen |
| Geenzaagkettingsmering | ▸ Geen olie in de tank▸ Oliestroomkanaal verstopt | ▸ Olie bijvullen▸ Oliestroomkanaal reinigen |
EG-Verklaring van overeenstemming
volgens richtlijn: 2006/42/EG
Hiermede verklaren wij
ATIKA GmbH
Josef-Drexler-Str. 8 – 89331 Burgau – Germany
in uitsluitende verantwoordelijkheid, dat het product:
Antriebseinheit (Aandrijfeenheid) BAE 30
Benzin-Hochheckenschere (Heggeschaar) BHH 30 (BAE 30 + BHS 30)
Benzin-Hochentaster (Hoogtaster) BKSH 30 (BAE 30 + BHE 30)
Benzin-Freischneider/Grastrimmer (Vrijnsijder / Gazontrimmer) BFSGT 30 (BAE 30 + BFG 30)
Motor-Gartenpflegeset (Motor-tuinverzorgings-set) BFGH 30 (BAE 30 + BFG 30 + BHE 30)
Motor-Gartenpflegeset (Motor-tuinverzorgings-set) BMGS 30 (BAE 30 + BFG 30 + BHS 30 + BHE 30)
aan de bepalingen van de boven vermelde EG-richtlijnen alsook aan de bepalingen van de volgende verdere richtlijnen beantwoordt:
2000/14/EG, 2014/30/EU.
De volgende geharmoniseerde normen werden toegepast:
EN ISO 11806-1:2011 (Vrijsnijder / Gazontrimmer)
EN ISO 10517:2009+A1:2013 (Heggeschaar)
EN ISO 11680-1:2011 (Hoogtaster)
Conformiteit-beoordeling-procedures: 2000/14/EG - Anhang V.
Gemeten geluidsniveau L_WA 109,8 dB(A).
Gegarandeerd geluidsniveau L_WA 114 dB(A).





