AX 3000 - Hometrainer Christopeit - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis AX 3000 Christopeit in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over AX 3000 Christopeit
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Hometrainer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding AX 3000 - Christopeit en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. AX 3000 van het merk Christopeit.
GEBRUIKSAANWIJZING AX 3000 Christopeit
VEILIGHEIDSINSTRUCTIES Geachte klant Wij willen u van harte gelukwensen met de aanschaf van uw hometrai- ner en hopen dat u hier veel plezier aan zult beleven. Neem a.u.b. de instruces en aanwijzingen uit deze montage- en bedieningshandlei- ding in acht en volg deze op. Bij eventuele vragen kunt u natuurlijk aljd contact met ons opnemen. Met vriendelijke groeten, Top-Sport Gilles GmbH Onze producten werden in principe door de gecontroleerd en voldoen bijgevolg aan de actuele, hoogste veiligheidsnorm. Dit feit impliceert echter niet dat de hierna volgende beginselen niet strikt in acht geno- men moeten worden.
1. Het toestel nauwkeurig in overeenstemming met de montage-in-
struces opbouwen en uitsluitend de voor de opbouw van het toestel bijgevoegde, speciek voor het toestel bestemde onderdelen gebrui- ken. Vóór de eigenlijke opbouw de volledigheid van de levering aan de hand van de leveringsnota en de volledigheid van de kartonnen ver- pakking aan de hand van de montage staps van de montage-instruces en van de gebruiksaanwijzing controleren.
2. Controleer voor het eerste gebruik en regelmag (ca. elke 50 be-
drijfsuren) of alle schroeven, moeren en andere verbindingen goed vastzien en behandel de toegankelijke assen en gewrichten met een beetje smeermiddel om een veilige werking van het trainingsapparaat te garanderen. Controleer met name of de afstellingen van het zadel en het stuur goed vastzien.
3. Het toestel op een droge, een plaats installeren en het toestel te-
gen vochgheid en vocht beschermen. Oneenheden van de vloer die- nen door gepaste maatregelen op de vloer en, voor zover beschikbaar bij dit toestel, door daarvoor bestemde, regelbare onderdelen van het toestel geneutraliseerd te worden. Het contact met vochgheid en vocht dient uitgesloten te worden.
4. Voor zover de opstellingsplaats in het bijzonder tegen drukplaat-
sen, verontreiniging en dergelijke beschermd moet worden, een ge- schikt, slipvrij support (bijvoorbeeld rubberen mat, houten plaat of dergelijke) onder het toestel leggen.
5. Vóór het begin van de training alle voorwerpen binnen een omtrek
van 2 meter rond het toestel verwijderen.
6. Voor de reiniging van het toestel geen agressieve reinigingsmidde-
len gebruiken. Voor de opbouw en voor eventuele herstellingen uitslui- tend het respecevelijk bijgeleverde of geschikte, eigen gereedschap gebruiken. Residu door het lassen aan het toestel dient onmiddellijk verwijderd te worden zodra de training beëindigd werd.
7. Waarschuwing! Systemen van hart koers kan zijn onnauwkeurig.
Buitensporige kunnen opleiden tot een ernsge aandoeningen of door overlijden In geval van een ondeskundige en bovenmage training zijn nadelige gevolgen voor de gezondheid mogelijk. Vóór het begin van een doelgerichte training dient daarom een geschikte geneesheer te worden geraadpleegd. Deze geneesheer kan bepalen, aan welke maxi- male belasng (impulsie, wa, duur van de training enz.) men zich mag blootstellen, en kan nauwkeurige inlichngen met betrekking tot een correcte lichaamshouding bij de training, de doelstellingen van de trai- ning en de voeding geven. Er mag niet na uitgebreide maaljden ge- traind worden.
8. Met het toestel slechts trainen wanneer het foutloos funconeert.
Voor eventuele herstellingen uitsluitend van originele reserveonder- delen gebruik maken. Waarschuwing! Delen moeten worden warm voor het gebruik van de beveiligingsinrichng overdreven vervanging van dit meteen en u zult krijgen. De beveiligingsinrichng tegen het ge- bruik, zolang het nog niet in cabine is vastgesteld.
9. Bij de instelling van verstelbare onderdelen op respecevelijk de
correcte posie of de gemarkeerde, maximale instelposie alsook op een reglementair voorgeschreven posie leen.
10. Voor zover in de gebruiksaanwijzing niet anders beschreven, mag
het toestel met het oog op de training uitsluitend door één persoon gebruikt worden. De totale uitoefening jd mag niet hoger dan 60 min. /dagelijks.
11. Er moeten trainingskledij en schoenen gedragen worden, die voor
een tnesstraining met het toestel geschikt zijn. De kleding moet zo- Gevaar: Voor gebruik Lees de gebruik- saanwijzing! danig zijn, dat deze omwille van de vorm (bijvoorbeeld lengte) ervan jdens de training niet kan blijven hangen. De trainingschoenen moe- ten in overeenstemming met het trainingstoestel gekozen worden, uw voeten in principe een vaste passing geven en een slipvrije zool heb- ben.
12. Waarschuwing! Wanneer duizeligheid, misselijkheid, borstpijn
en andere abnormale symptomen ondervonden worden, de training vroegjdig beëindigen en u tot een geschikte geneesheer wenden.
13. Over het algemeen zijn sportarkelen geen speelgoed. Ze mogen
daarom alleen worden gebruikt zoals bedoeld en door goed geïnfor- meerde en opgeleide personen. Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door mensen met beperkte lichamelij- ke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of een gebrek aan ervaring en kennis, mits goed toezicht of gedetailleerde instruces voor het veilige gebruik van het apparaat en de daaraan verbonden gevaren zijn begre- pen. Kinderen mogen niet spelen met de thuissporoestellen. Reini- ging en onderhoud mogen niet zonder toezicht door kinderen worden uitgevoerd. Gebruik van het apparaat door kinderen zonder toezicht moet worden voorkomen door passende maatregelen te nemen.
14. Personen zoals kinderen, mindervaliden en gehandicapten mogen
het toestel uitsluitend gebruiken in bijzijn van een tweede persoon, die hulp kan verlenen en instruces kan geven. Het gebruik van het toestel door kinderen zonder toezicht dient door gepaste maatregelen te wor- den uitgesloten.
15. Er dient op gelet te worden dat de trainer en andere personen zich
nooit met één of ander lichaamsdeel binnen het bereik van nog in be- weging zijnde onderdelen begeven of bevinden.
Dit produkt kan aan het einde van de levensduur niet via het gewone huisafval worden afgevoerd, maar dient naar een verzamel- punt voor recycling electrische apparaten gebracht te worden.Het symbool op het produkt, de gebruiksaanwijzing, of de verpakking wijst u daarop. De grondstoen zijn volgens hun kenmerken verwerkbaar. Met de verwerking, van deze oude apparaten, doet u een bijdrage aan de bescherming van ons milieu Vraagt u bij de gemeente naar de des- betreende verwerkingsplaats.
17. De verpakkingsmaterialen, lege baerijen en onderdelen van het
toestel omwille van het milieu niet samen met het huishoudelijk afval evacueren, maar in daarvoor bestemde opslagtanks werpen of op ge- schikte inzamelpunten afgeven.
18. Voor de snelheidsaankelijke modus kan het weerstandsniveau
handmag worden ingesteld en de wisselingen in energie zijn aan- kelijk van de trapsnelheid. Voor snelheids-onaankelijke modus, kan de gebruiker de gewenste. Energieconsumpe in Wa selecteren, dan zal een constant energieniveau worden aangehouden met verschilllen- de weerstandsniveau´s, die automasch door het systeem worden be- paald. Dit is onaankelijk van de trapsnelheid.
19. Het toestel is met een 24-trappige weerstandsinstelling uitgerust.
Deze maakt respecevelijk een verlaging en een verhoging van de rem- weerstand en daardoor van de trainingsbelasng mogelijk. Darbij leidt het drukken van de „-“-toets van de weerstandsinstelling in de richng van niveau 1 tot een verlaging van de remweerstand en daardoor van de trainingsbelasng. Het het drukken van de „+“-toets van de weer- standsinstelling in de richng van niveau 24 leidt tot een verhoging van de remweerstand en daardoor van de trainingsbelasng.
20. De toegelaten maximale belasng (= lichaamsgewicht) werd op
150 kg bepaald. De classicae HA betekent dat deze ets exclusief voor thuisgebruik is ontworpen en met een goede accuraekwalica- e, de afwijking in energieconsumpe onder de 50W ligt binnen ±5W en bedraagt boven de 50W maximaal ±10%. Dit toestel werd conform de EN ISO 20957-1/2014 und EN 20957-5/2016 „H/A“ gekeurd en ge- cerceerd en in overeenstemming is met het EG-richtlijn (2014/30 EU).
21. De montage- en bedieningsinstruces worden als onderdeel van
het product beschouwd. Deze documentae moet worden met gege- ven bij het verkopen of doorgeven van het product.
2. Belangrijke aanbevelingen en veiligheidsinstructies 38
3. Montagehandleiding 39-41
4. Opstappen, Gebruiken & Afstappen 42
7. Reiniging, onderhoud en opslag van de hometrainer 46
10. Stuklijst - reserveonderdelenlijst 48-49
MONTAGEANLEITUNG Neem alle losse onderdelen uit de verpakking, leg deze op de grond en bruto controleer aan de hand van de montageen staps of alle onderdelen aanwezig zijn. Hierbij moet er op worden gelet dat een aantal onderdelen rechtstreeks met het onderstel zijn ver- bonden en voorgemonteerd zijn. Bovendien zijn en- kele andere losse delen ook al tot eenheden samen- gevoegd. Hierdoor kunt het apparaat gemakkelijker en sneller monteren. Montage jd: 30 - 40 min.
1. Breng de voorste voet (69), gemonteerd met
voetafdekkingen met transportrol (70) op het frame (49) en schroef hem vast door middel van de de slot- schroeven M8x45 (73), onderlegplaatjes (30), veer- ringen (29) en dop moeren (48).
2. Breng de achterste voet (72) gemonteerd met
voetafdekkingen met hoogtecompensae (71) op het frame (49) en schroef hem vast door middel van de de slotschroeven (73), onderlegplaatjes (30), veerringen (29) en dop moeren (48). De voetafdek- kingen met hoogtecompensae (71) zijn voorzien om het toestel in geval van oneenheden te stabiliseren.
1. Monteer de pedaalvastzetbanden op de desbe-
treende pedalen (59L+59R). De pedaalvastzetban- den zijn gemarkeerd met „R“ voor rechts en „L“ voor links.
2. Monteer de pedalen (59L+59R) op de krukarmen
(60L+60R). De pedalen zijn gemarkeerd met „R“ voor rechts en „L“ voor links. (Opgepast: links en rechts zijn te zien vanuit de richng wanneer men op het toestel zit en traint. Het rechter pedaal (59R) moet in de richng van de wijzers van de klok, en het lin- ker pedaal (59L) in tegenovergestelde richng van de wijzers van de klok ingedraaid worden.)
1. Plaats de stuurbuis bekleiding (75) en rubberen
ring (74) aan het stuurbuis (21).
2. Breng de steunbuis van het stuur (21) op het
name op het frame (49) zonder de kabels te klem- men en bevesg deze door middel van de schroeven M8x20 (24), de onderlegplaatjes gebogen (25) en de veerringen (29).
4. Schuif de stuurbuis bekleiding (75) met de rub-
beren ring (74) op dat gemaakte schroef verbinding. Montage van de voorste en van de achterste voet (69+72). Montage van de pedalen (59L+59R). Montage van de steunbuis van het stuur (21) aan het frame (49). STAP 1: STAP 2: STAP 3:40
1. Bevesgd u het zadel (9) op de zadelglijder (10)
en schroe u deze inde gewenste kantelen posie vast.
2. Legt de zadelglijder (10) in de houder aan het za-
delsteunbuis (16) enbevesgd u deze in de gewens- te horizontale posie met de sterförmige greep- moer (65) en de onderlegplaatje 10//25 (64) aan de schroevdraadstuck (11).
3. Plaats de zadelsteunbuis (16) en nu in de bijbe-
horende buis van hetonderstel (49). Stel de gewens- te posie in en borg deze door de boutmet snelslot (18) te plaatsen en vast te draaien. (De snelsluing (18) moet losgemaakt worden door deze een beetje- te draaien, en daarna kan getrokken worden om de hoogtevastzeng vrij te geven en de hoogte van het zadel te verstellen. Na de gewenst einstelling de snel- sluing (18) opnieuw vastdraaien en vastzeen). Bo- vendien moet erop worden gelet dat de zadelbuis bij het instellen van de gewenste posie niet verder uit het onderstel wordt getrokken dan de hoogste instel- posie, die met een kleur is gemarkeerd. Montage van de zadelsteunbuis (16), de zadelglijder (10) en van de zadel (9). STAP 4:
1. Voer het stuur (6) door de geopende stuurhou-
der op de steunbuis vanhet stuur (6), shuif de polska- bel (5) door de steunvbuis van het stuur (21) en sluit u de stuurhouder over het stuur (6).
2. Plaats de stuur bekleiding (13) op het stuur (6)
bevesg u met een afstandsstuk (14) en de stuur- schroef (15) het stuur (6) in de gewensteposie op stuurbuis (21). Montage van de stuur (6) voor het steunbuis (21). STEP 5:41
2. Schroef de computer (1) op de stuursteunbuis
(21) middels de schroeven(2) vast, zonder de kabel daarbij de beschadigen. De schroeven bevinden zich aan de achterzijde van de computer.
1. Steek de stekker van het neoestel (78) in de
desbetreende bus (47) op het achterste uiteinden van de bekleding.
2. Steek daarna het neoestel (78) in een contact-
1. Alle schroef- en stekkerverbindingen op een cor-
recte montage en juistewerking controleren. Daar- mee is de montage beëindigd.
2. Wanneer alles in orde is, met lichte weer-
standsinstellingen vertrouwdraken met het apparaat en de individuele instellingen vastzeen. Montage van de computer (1). Aansluing van het neoestel (78). Controle: STAP 6: STAP 7: STAP 8: Opmerking: De gereedschapsset en de gebruiksaanwijzing a.u.b. zorgvuldig bewaren, omdat u ze wellicht later voor een reparae of het bestellen van reserveonderdelen nodig hee.42
Transport van Apparaat: Aan de voorzijde bevinden zich twee rollers. Om het apparaat te ver- plaatsen kunt u de achterzijde van het apparaat opllen en sturen naar waar u wilt om het te plaatsen of te stallen. Aanpassen – Hoogte zadel Voor een eeceve workout, dient het zadel op de juiste hoogte te zijn afgesteld. Tijdens het trappen, dienen Uw knieën licht gebogen te zijn wanneer de pedalen in de verste posie staan. Om de hoogte Van het zadel aan te passen, draait u de knop los en trekt deze voorzichg uit. Zet het zadel op de juiste hoogte, laat de knop los en draai deze goed vast. Belangrijk: Verzeker u ervan dat u de knop goed terug in de stang plaatst, en vol- ledig is vastdraait. Stel het zadel nooit boven de maximale hoogte af. Voor nooit aanpassingen uit wanneer u op het zadel zit. Een biomechanisch opmale zitposie zorgt voor een opmale krachto- verbrenging. De bedoeling is dat de bestaande kracht zo groot mogelijk komt op de pedalen en de spieren opmaal eect werkt. De zitposie van invloed op welke spieren hoofdzakelijk worden gebruikt in essen- e. De juiste posie van het stuur is verantwoordelijk voor het houden van het bovenlichaam gedeelte. Is het stuur gekozen instellingen hori- zontaal zodat je een atlesche houding. Bij elke verdere scheefstand naar het lichaam, wordt een meer ontspannen houding aangepast. Om het stuur te passen gewoon draai de schroef los stuur op tot de in de gewenste stand kan worden gebracht en draai ze na aanpassing op- nieuw stevig.
OPSTAPPEN, GEBRUIKEN & AFSTAPPEN
Om problemen zoals rug / knie pijn of gevoelloosheid in de voeten voorkomen door een gebrek aan zitposie op de ets het behoud van een juiste afstelling van het zadel en het stuur wordt sterk aanbevolen. De Opstappen, Gebruiken en Afstappen Opstappen: Nadat u de zing op de juiste hoogte hebt afgesteld, plaatst u uw voet op de voetsteun, onder het riempje en houdt het handvat stevig vast. Probeer uw gewicht nu op deze voet te brengen en tegelijkerjd uw an- dere been over het apparaat te zwaaien en aan de andere kant uw voet ook op het pedaal te plaatsen. U bevindt zich nu in de juiste houding om de training te beginnen. Gebruik: Houdt met beide handen het handvat vast en houdt beide voeten op de pedalen, en onder de riempjes van beide pedalen. Fiets op het ap- paraat door de pedalen afwisselend met uw voeten te bewegen. U kunt de snelheid waarmee u etst en/of de weerstand verhogen om de intensiteit van de workout te verhogen. Afstappen: Verminder de trapsnelheid tot het apperaat tot slstand komt. Houdt met uw linkerhand het handvat stevig vast, terwijl u uw voet over het apparaat zwaait en op de grond plaatst. Hierna kunt u met uw andere voet afstappen. Opmerking: Dit trainingsapparaat is een staonair apparaat en simuliert etsen, zonder hierbij de gewrichten te overbelasten, waardoor het risico op blessures lager is. Oefeningen op dit apparaat bieden de mogelijkheid van een vloeien- de, non-impact workout die aankelijk van de ingestelde weerstand lichter of zwaarder kan zijn. U zult de spieren van zowel uw boven- als uw onderlichaam versterken en het uithoudingsvermogen en algehele condie verbeteren.43
De computer van uw ERGOMETER is uitermate gebruiksvriendelijk. Doordat al de funces tegelijkerjd weer te geven, komt een omslach- g heen en weer wisselen van de ene naar de andere funce weg te vallen en wordt u steeds in één oogopslag over het verloop van uw trai- ning geïnformeerd. Bij dit toestel betre het een toerentalonaanke- lijk apparaat. Om een door u gewenst Prestaevermogen te laten ople- veren, regelt de computer de rem onaankelijk van de trapfrequene in programma 16. Inschakelen:
1) Sluit de voedingsadapter aan op het product en een goed aangeslo-
ten stopcontact. Er klinkt een pieptoon en alle LCD-displaysegmenten verschijnen gedurende 2 seconden en worden op 00 gezet. (behalve ODO-display)
2) De netstekker is reeds in het stopcontact / apparaat werd automa-
sch uitgeschakeld. Door een willekeurige toets in te drukken – of bij minstens één pedaalomwenteling – wordt de computer zelfstandig in- geschakeld. Uitschakelen: Zodra het toestel langer dan ca. 4 minuten niet meer bediend wordt, wordt de computer zelfstandig uitgeschakeld. Nadat de training beëin- digd werd, netstekker uirekken. TOETSEN „START/STOP“-toets: Start van de training of onderbreking van de training in het gekozen programma. De computer begint pas te tellen wanneer voordien de toets „START/STOP“ ingedrukt werd. Indien de toets „START/STOP“ lan- ger dan 3 seconden ingedrukt wordt, worden al de waarden op 00:00 terug naar de oorspronkelijke stand gebracht. (behalve ODO-display) „F“-toets: Met de invoer- en bevesgingstoets gaat men van het ene naar het andere invoerveld over. De telkens opgeroepen funce knippert. Met de +/- toets voert u de waarden in en door de toets „F“ opnieuw in te drukken, worden deze bevesgd. Tegelijkerjd springt het knipperende display naar het volgende invoerveld. Tijdens de training kunt op de F-toets funces RPM en calorieën of snelheid en afstand voortdurend aangeduid worden of afwisselend. „+“ en „-“ -toets: Met de +/- toetsen wijzigt u de waarden – uitsluitend knipperende ge- gevens kunnen qua waarde gewijzigd worden. „Test“: Met deze toets kunt u uw tnesscijfer noteren. DISPLAYS PROGRAMMA Weergave van het ingestelde programma 1-21 (manueles programma; 1 – 10 = tnessprogramma’s; programma 11-15 = individuele gebrui- kersprogramma’s; programma 16 = waprogramma; programma 17-20 = polsslagprogramma’s; programma 21 = lichaamsvet programma). NIVEAU Gee het geselecteerde laadniveau aan van NIVEAU 1 tot NIVEAU 24. TIJD/WATT Voor de instelling / weergave van de jd in minuten en seconden tot maximum 99:00 minuten. Voorkeuze in stappen van minuten / telling „Omhoog“ en „Omlaag“ in stappen van seconden. In de programma’s 1 – 20 minimale vooraf in te voeren jd 5 minuten. Der computer meet exact het ter gelegenheid van de training behaalde prestaevermogen. De weergave gebeurt in wa. In het programma 16 volgt hier de weer- gave van de beoogde waarde. De voorafgaande invoer kan van 10 tot 300 Wa ingevoerd worden. Weergave schakelt automasch tussen jd en wa. Of permanent door op de F-toets. RPM/SPEED Weergave van pedaalomwentelingen per minuut en snelheid in km/h. Weergave schakelt automasch tussen RPM en snelheid. Of perma- nent door op de F-toets. KCAL/AFSTAND Display voor afstand en verbrande calorieën. De afstand kan worden ingevoerd van 1 - 999 km. De computer gebruikt het vermogen in wa om de calorieën te berekenen, die worden weergegeven in kcal. Om de bindende maateenheid voor energie „Joule“ in de algemeen gebrui- kelijke vermelding „Calorieën“ te berekenen, maakt u gebruik van de hierna volgende formule: 1Joule = 0,239 cal, c.q. 1 cal = 4,186 J. De voorafgaande invoer kan van 10 tot 990 kcal ingevoerd worden. Weer- gave schakelt automasch tussen calorieën en afstand. Of permanent door op de F-toets. KM Totaal (ODO) De afstand in km van alle trainingseenheden wordt weergegeven. Het is niet mogelijk om de waarden op te geven. Het ODO-display kan op elk moment op nul worden gereset. Druk hiervoor de F-toets en de Start / Stop-toets gelijkjdig 2 seconden in. WEERGAVE VAN DE POLSSLAG: De momenteel gemeten hartslag wordt weergegeven. Als er een bo- venste polsslaggrens is opgegeven, knippert het display wanneer de opgegeven waarde is bereikt en klinkt er een signaaltoon.
MAXIMALE LIMIET POLSSLAG/LEEFTIJD
Beschikbaar in programma’s 17-20. In programma’s 17-19: Trainingsprogramma op 55% / 75% of 95% van uw maximale hartslag. Zodra u uw leeijd invoert, berekent de compu- ter een waarschuwingspolswaarde (formule: (220 – leeijd) x 0,80). Als de waarde is bereikt, begint de polsslagweergave te knipperen - u dient dan de snelheid te verlagen totdat het belasngsniveau automasch is aangepast. Instelbereik leeijd: 10-99. In programma 20: Weergave van de individuele doelpolsslag Instelbereik: 60-240 Weerstandsproel: De gewenste duur van de training kan binnen het bereik „TIJD“ vooraf ingesteld worden. Deze vooraf ingestelde jd wordt door het systeem in 10 gedeeltelijke intervallen onderverdeeld. Ieder balkje op de jdas (horizontaal) = 1/10 van de vooraf ingevoer- de jd, bijvoorbeeld: trainingsjd = 5 min = ieder balkje is 30 secon- den, trainingsjd = 10 min = ieder balkje = 1 min. Leder van de 10 balk- jes stemt overeen met een dergelijke tussenjd. Het telkens actuele jdbalkje wordt gekenmerkt doordat het KNIPPERT. Indien er geen jd vooraf ingevoerd werd, betekent ieder jdbalkje minuten training, d.w.z. na 3 minuten springt het knipperdisplay van balk 1 naar balk 2 enz. en dit tot in totaal 30 minuten. Als het programma tussenjds wordt gestopt met de „Start/Stop“-toets, blij de jd tot 4 minuten sl staan. Om vanaf daar verder te tellen drukt u nogmaals op de start/ stop-knop. Trapweerstand: Door middel van de + / - toets kunt u steeds - in alle programma’s – de trapweerstand aanpassen. De Wijziging kunt u op de balkhoogte en op het display LEVEL aezen – hoe hoger het balkje, hoe hoger de weerstand en omgekeerd. Ieder balksegment staat voor twee waarden (bijvoorbeeld 3 segmenten staat voor niveau 7,8 en 9 of 7 Segmenten staat voor niveau 19, 20 en 21). De gekozen waarde wordt door het display LEVEL weergegeven. De wijziging hee uitwer- king op de actuele en de volgende jdposie. De hoogte van het balkje gee de belasng aan, geen terreinproel. Programmaprocédés wor- den op het display grasch voorgesteld. Het verloop van de individu- ele programma’s gebeurt in overeenstemming met de weergave van het balkdiagram in het displayveld, bijvoorbeeld programma 5 = berg / programma 2 = dal enz. (daarbij is de balkhoogte = weerstand, de jd wordt over de balkbreedte verdeeld)
- Na programma-instelling onvoorwaardelijk toets „START/STOP“ in- drukken wanneer er met de training gestart wordt. In principe zijn al de vastgestelde en weergegeven waarden niet geschikt voor geneeskundige analyses. hogere balken=hogere trapweerstand lagere balken= lagere trapweerstand elk balkensegment houdt 3 waarden in elke van de 10 jdsbalken houdt 1/10 deel in van de opgegeven trainingsjd. COMPUTERHANDLEIDING
Programma’s 17 - 19: Hier berekent de computer na de invoer van uw leeijd zelfstandig uw maximale hartslagfrequene en aankelijk van het programma de cor- responderende - op 55% / 75% of 95% - aangepaste beoogde frequen- e van de training. Deze gewenste waarde wordt weergegeven. De trapweerstand wordt automasch door de computer bijgeregeld om bij deze beoogde frequene te blijven. Programma 20: beoogde trainingshartslagfrequene THF Hier kunt u uw persoonlijke - opmale trainingspolsslagfrequene THF vooraf invoeren. Binnen een bepaalde toleranezone wordt de trap- weerstand automasch door de computer bijgeregeld zodat u zich steeds in de vooraf ingevoerde zone bevindt. Programma 21: Lichaamsvetprogramma Hier kunt u een lichaamsvetanalyse uitvoeren en een individuele trai- ningssuggese ontvangen. Gebruik de F-toets om de persoonlijke ge- gevens te selecteren (gebruikersnummer (user) = 1-8, hoogte (height) = 120-250 cm, geslacht = man / vrouw, Leeijd (Age) = 10-99 jaar, ge- wicht (weight) = 20-200 kg) na elkaar en stel ze in op uw gegevens met de +/- toetsen. Druk vervolgens op de start/stop-toets en pak de hand- pulssensoren vast om de lichaamsvetmeng uit te voeren. Na ca. 10 seconden wordt het resultaat lichaamsvet in%, BMI en BMR weerge- geven en een trainingsprogramma voorstel. Om dat te doen Om het li- chaamsvetprogramma af te sluiten, drukt u eenmaal op de Start/Stop- toets en om het trainingsprogramma opnieuw te starten op de Start/ Stop-toets. Opmerking:
1. Er verschijnt een foutmelding Err2 als de handpulssensoren niet on-
middellijk worden aangeraakt jdens de analyse
2. De programmasuggeses zijn alleen gebaseerd op de vastgestelde
lichaamsvetgegevens en zijn een hulpmiddel voor gerichte training. FOUTMELDINGEN: Bij iedere nieuwe start voert de computer een sneltest op goede funconeerbaarheid door. Indien dan toch eens niet alles in orde is, gee de computer foutmogelijkheden aan: E 1 Dit symbool en een waarschuwingsgeluid verschijnen wanneer de bedrading verkeerd aangesloten is of de trapweerstand doet niet. Contro- leer al de kabelverbindingen, meer in het bijzonder aan de stekkers. Na oplossing van de fout de toets „Start / Stop“ 2 seconden lang ingedrukt houden om het systeem terug op 000 te zeen. Programma manual: handmag Dit programma komt overeen met de funces van een normale home- trainer. Zo worden hier de jd, de snelheid/t/min, de afstand, de wa/ Kjoule, de actuele polsslag en de waarschuwingspolsslag permanent in het displayveld weergegeven. Door middel van de toetsen „+“ en „-“ kan de trapweerstand handmag ingesteld worden. Alle waarden kun- nen met de hand bediend worden – er volgt geen automasche rege- ling. De trainingsparameters door druk op F-toets in te stellen (Tijd/ Afstand/Calorieën en Hartslag). Programma’s 1-10: tness Hier zijn er verschillende trainingsprogramma’s vooraf ingevoerd. Bij de keuze van één van deze programma’s volgt er een automasch pro- grammaprocédé, dat verschillende intervallen omvat. De verdeling ge- beurt in moeilijkheidsniveaus en in jdintervallen. U kunt echter steeds op het programma beroep doen om trapweerstand of jdverloop te wijzigen. Bovendien volgt er een overeenkomsge balkweergave in het displayveld. De trainingsparameters door druk op F-toets in te stellen (Tijd/Afstand/ Calorieën en Hartslag). Programma’s 11 - 15: Individuele trainingsprogramma’s (U1-U5). Hier kunt u uw individuele trapweerstand invoeren. De trainingsparameters door druk op F-toets in te stellen (Tijd/Afstand/Calorieën en Hartslag). Programma 16: waprogramma Hier kunt u uw individuele wavermelding invoeren. Binnen een be- paalde toleranezone wordt de trapweerstand automasch – onaan- kelijk van de trapfrequene door de computer bijgeregeld zodat u zich steeds in de vooraf ingevoerde zone bevindt. De trainingsparameters door druk op F-toets in te stellen (Tijd/Afstand/Calorieën en Hartslag). PROGRAMMA Geslacht / leeijd Ondergewicht Gezond Iets overgewicht Overgewicht Zwaar- lijvig mannelijk/ ≤ 30 < 14% 14%~20% 20.1%~25% 25.1%~35% > 35% mannelijk/ > 30 < 17% 17%~23% 23.1%~28% 28.1%~38% > 38% vrouwlijk/≤ 30 < 17% 17%~24% 24.1%~30% 30.1%~40% > 40% vrouwlijk/ > 30 < 20% 20%~27% 27.1%~33% 33.1%~43% > 43%45
Handpulsmeng: In het linkse en rechtse stuurgedeelte is telkens een metalen contact- plaat, de voelers, voorzien. Gelieve erop te leen dat steeds beide handpalmen gelijkjdig met normale kracht op de voelers liggen. Zodra er een polsslag volgt, knippert er een hart naast het polsslagdisplay. (De handpulsmeng dient slechts ter oriëntae omdat het door bewe- ging, wrijving, zweet etc. tot afwijkingen van de eeceve polsslag kan komen. Bij een klein aantal personen kan het tot foueve funces van de handpulsmeng komen. Indien u moeilijkheden met de handpuls- meng ondervindt, raden wij het gebruik van een externe cardioborst- gordel aan.)
FITNESSCIJFER / TEST- „ONTSPANNINGSPOLSSLAG“
Uw ergometer biedt de mogelijkheid, een evaluae van uw individuele tness in de vorm van een „tnesscijfer“ door te voeren. Het meetprin- cipe is gebaseerd op het feit dat bij gezonde, goed getrainde personen de polsslagfrequene binnen een bepaalde jdspanne na de training sneller daalt dan bij gezonde, minder goed getrainde personen. Voor de vaststelling van de tnesstoestand wordt er daarom op het verschil van de polsslagfrequene op het einde van de training (beginpolsslag) en een minuut na het einde van de training (eindpolsslag) beroep ge- daan. Start deze funce pas wanneer u een jdje getraind hebt. Voor het begin van de funce „Ontspanningspolsslag“ moet u uw actuele polsslagfrequene laten weergeven doordat u uw handen op de hand- pulsvoelers legt of met cardioborstgordel traint .
1. Druk de toets „Test“ in en leg daarna beide handen voor de polsslag-
meng tegen de voelers.
2. De computer gaat over naar de modus „STOP“, in het midden van
het display wordt er een groot hartsymbool weergegeven en de auto- masche meng „Ontspanningspolsslag“ wordt geïntroduceerd.
3. De jd, die op het display begint, wordt 0:60 aan achteruit geteld
4. In het veld „Beoogde polsslag „ wordt de beginpolsslag in het begin
van de meng weergegeven. Daarbij wordt er op het gemiddelde van de vier hoogste polsslagwaarden jdens de laatste 20 seconden voor het indrukken van de toets „Fitness“ beroep gedaan.
5. In het veld „Polsslag“ wordt de op het gegeven moment gemeten
polsslagwaarde weergegeven.
6. Na verloop van een minuut is de jd terug naar 0:00 gegaan en weer-
klinkt er een signaalgeluid. De motor keert terug. In het veld „Polsslag“ wordt de eindpolsslag op het jdsp 0:00 aangegeven. U kunt nu uw handen van de polsslagvoelers verwijderen. Na een aantal seconden verschijnt in het midden van het display uw tnesscijfer van F 1,0 - F 6,0 (systeem met schoolcijfers). RPM en vermogen in Wa van niveau 1 - niveau 24 voor AX 3000 Art.-Nr. 1907 Opmerkingen:
1. De energieconsumpe (Wa) wordt gemeten door de trapsnelheid
te meten (min-1) van de as en de torsie (Nm).
2. Het apparaat is vóór verscheping geijkt om te voldoen aan vereisten
van de accuraeclassicae, Mocht u twijfels hebben over de accura- e, neem dan aub contact op met uw leverancier of stuur het apparaat naar een bevoegd laboratorium om te laten testen, og opnieuw te la- ten ijken. WATT TAFELLE POLSSLAGMETING NIVEAU 20 RPM WATT 30 RPM WATT 40 RPM WATT 50 RPM WATT 60 RPM WATT 70RPM WATT 80RPM WATT
Als u niet kunt oplossen met behulp van de genoemde storing informae, kunt u contact opnemen met uw dealer of Fabrikant. FIXES: Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing De computer wordt niet inge- schakeld door het indrukken van een knop. Geen stroom adapter is geplaatst of de socket is niet leven. Controleer of de adapter correct is aangesloten, eventueel met een andere consument als het stopcontact stroom levert. De computer telt niet en gaat niet aan de start van de oplei- ding een. Ontbrekende sensor impuls als gevolg van onjuiste of opgelost connector. Controleer de stekker van de computer en de stekker in de on- dersteunende buis voor een goede pasvorm. De computer telt niet en gaat niet aan de start van de oplei- ding een. Ontbrekende sensor puls door een onjuis- te posie van de sensor. Schroef het deksel en controleer de afstand van de sensor tot de magneet. Een magneet in de Tretkurbelscheibe tegenover de sensor en moet een afstand van minder dan <5 mm. Geen hartslagindicae Pols stekker niet in het steekcontact. Steek de connector van de afzonderlijke puls kabel in de juiste aansluing op de computer. Geen hartslagindicae Pols-sensor is niet goed aangesloten Schroef de handsensoren en controleer het., Zijn de connectors goed zien en de kabel voor de mogelijke schade. 1.Reiniging Gebruik alleen een vochge doek voor het reinigen. Let op: Gebruik nooit benzeen, thinner of andere agressievereinigings middelen voor opper- vlaktereiniging als deze schade veroorzaakt . Het apparaat is alleen voor prive gebruik en voor gebruik geschikte binnenshuis. Houd het apparaat schoon en vocht uit het apparaat. 2.Opslag Steek de stroom adapter uit met de intene het apparaat voor dan4 weken te gebruiken. Schuif de zadel glijder naar het stuur en de zadelbuis zo diep mogelijk in het frame. Kies een droge opslag in hethuis en doe er wat nevel olie aan het pedaal lagers links en rechts,om de schroefdraad van het stuur klem bout, en op de schroefdraad van de zadel sluitschroef. Bedek de apparaat om het te beschermentegen verkleuring door een zon en stof. 3.Onderhoud Wij adviseren om de 50 bedriljfsuren aan de schroefverbindingen opdichtheid beoordelen, die werden bereid in het samenstel. Elke 100 be- drijfsuren, moet je op een gegeven oliespray het pedaal lagerslinks en rechts, om de draad van het stuur bevesgingsbout, en op de schroefdraad van de zadel sluitschroef. REINIGING, ONDERHOUD EN OPSLAG VAN DE ERGOMETER Oefenterrein in mm (Voor de apparaat-en gebruikers) Oefenterrein in mm (Voor de apparaat-en gebruikers)47
De onderstaande factoren moeten in acht worden genomen bij het be- palen van de benodigde training voor het bereiken van een merkbare verbetering van uw guur en gezondheid:
Het niveau van fysieke inspanning jdens de training moet het punt van normale inspanning overschrijden, zonder verder te gaan dan het punt van kortademigheid en/of uitpung. Een geschikte referene- waarde kan de puls zijn. Met elke training neemt de condie toe en daarom moeten de trainingseisen worden aangepast. Dit kan door de duur van de training te verlengen, de moeilijkheidsgraad te verhogen of het type training te veranderen.
De meeste experts adviseren een gezondheidsbewust dieet, dat op uw trainingsdoel moet worden afgestemd en drie tot vijf maal per week een lichamelijke training. Een normale volwassene moet tweemaal per week trainen om zijn huidige condie te behouden. Om zijn condie te verbeteren en zijn lichaamsgewicht te veranderen moet hij minimaal driemaal per week trainen. Natuurlijk is de ideale trainingsfrequene vijf maal per week.
4. PLANNING VAN DE TRAINING
Elke trainingssessie moet uit drie trainingsfasen bestaan: „opwarmfa- se“, „trainingsfase“ en „aoelfase“. In de „opwarmfase“ moeten de lichaamstemperatuur en de zuurstooevoer langzaam worden ver- hoogd. Dit kan door middel van gymnassche oefeningen gedurende een periode van vijf tot en minuten. Daarna zou het moeten daad- werkelijke training “trainingsfase” beginnen. De trainingsbelasng moet worden afgestemd op de trainingshartslag. Om de bloedsom- loop na de “trainingsfase” te ondersteunen en om spierpijn of verrekte spieren te voorkomen, moet de trainingsfase door een “cooling down” worden gevolgd. Hierbij moeten vijf tot en minuten lang stretchoefe- ningen en/of lichte gymnasekoefeningen worden gedaan.
2. TRAININGSHARTSLAG
Om de trainingshartslag te bepalen, gaat u als volgt te werk. Houd er rekening mee dat dit richtwaarden zijn. Als je gezondheidsproblemen hebt of twijfelt, raadpleeg dan een arts of tnesstrainer. Voorbeeldberekening: Man, 30 jaar oud en weegt 80 kg Ik ben een beginner en wil graag wat afvallen en mijn uithoudingsvermogen vergroten. 01: Maximale puls - berekening Maximale hartslag = 214 - (0,5 x leeijd) - (0,11 x lichaamsge- wicht) Maximale hartslag = 214 - (0,5 x 30) - (0,11 x 80) Maximale hartslag = ca. 190 slagen/min 02: Training hartslagberekening Door mijn doelen en trainingsniveau past de vetstofwisselingszo- ne het beste bij mij. Trainings hartslag = 60 tot 70% van de maximale hartslag Trainings hartslag = 190 x 0,6 [60%] Trainings hartslag = 114 slagen/min Nadat je je trainingshartslag hebt ingesteld voor je trainingscondie of Zodra je doelen hebt vastgesteld, kun je beginnen met trainen. De meeste van onze producten hebben hartslagsensoren of zijn compa- bel met een hartslagband. Zo kunt u uw hartslag controleren jdens de trainingen volgen. Als de hartslag niet op het computerscherm wordt weergegeven of als u het zekere voor het onzekere wilt nemen en uw hartslag wilt controleren, die door mogelijke toepassingsfouten of iets dergelijks onjuist kan worden weergegeven, kunt u de volgende hulp- middelen gebruiken: a. Polsmeng op de convenonele manier (de hartslag voelen, bijv. op de pols en de slagen binnen een minuut tellen). b. Hartslagmeng met geschikte en gekalibreerde hartslagmeters (ver- krijgbaar in winkels voor medische arkelen). c. Hartslagmeng met andere producten zoals hartslagmeters, smart- phones.... 01: Maximale hartslagberekening De maximale pulswaarde kan op veel verschillende manieren wor- den bepaald, omdat de maximale puls van veel factoren aangt. Voor de berekening kunt u de standaard-formule gebruiken (maxi- male hartslag = 220 - leeijd). Deze formule is erg algemeen. Het wordt in veel thuissportproducten gebruikt om om de maximale hartslag te bepalen. We raden de Sally Edwards-formule. Deze for- mule berekent de maximale hartslag nauwkeuriger en houdt reke- ning met geslacht, leeijd en lichaamsgewicht. Sally Edwards-formule: Mannen: Maximale hartslag = 214 - (0,5 x leeijd) - (0,11 x lichaamsgewicht) Dames: Maximale hartslag = 210 - (0,5 x leeijd) - (0,11 x lichaamsgewicht) 02: Training hartslagberekening De opmale trainingshartslag wordt bepaald door het doel van de training. Hiervoor zijn trainingszones gedenieerd. Gezondheid - Zone: Regenerae en Compensae Geschikt voor: Beginners / Type training: zeer lichte duurtraining / Doel: herstel en gezondheidsbevordering. Bouwen aan de basis- condie. Trainingshartslag = 50 tot 60% van de maximale hartslag Vetstofwisseling - Zone: Basis - Duurtraining 1 Geschikt voor: beginners en gevorderden / Type training: lichte duurtraining / Doel: acvering van de vetstofwisseling (caloriever- branding). verbetering van het uithoudingsvermogen. Trainingshartslag = 60 tot 70% van de maximale hartslag Aerobic - Zone: Basis - Duurtraining 1 tot 2 Geschikt voor: beginners en gevorderden / Type training: mage duurtraining. / Doel: Acvering van de vetstofwisseling (calorieverbranding), verbetering van aerobe prestaes, Verhoging van het uithoudingsvermogen. Trainingshartslag = 70 tot 80% van de maximale hartslag Anaëroob - Zone: Basis - Duurtraining 2 Geschikt voor: gevorderde en wedstrijdsporters / type training: mage duurtraining of intervaltraining / doel: verbetering van lac- taaolerane, maximale prestaeverhoging. Trainingshartslag = 80 tot 90% van de maximale hartslag Compee - Zone: Prestaes / Compee Training Geschikt voor: sporters en topsporters / Type training: intensieve intervaltraining en wedstrijdtraining / Doel: verbetering van ma- ximale snelheid en kracht. Voorzichgheid! Training op dit gebied kan leiden tot overbelasng van het cardiovasculaire systeem en schade aan de gezondheid. Trainingshartslag = 90 tot 100% van de maximale hartslag ALGEMENE TRAININGSINSTRUCTIES Voorbeeld - rekoefeningen voor de opwarm- en aoelfase Begin je opwarmfase door minimaal 3 minuten ter plaatse te lopen en doe daarna de volgende gymnassche oefeningen. Overdrijf de oefeningen niet en alleen ga door tot je een lichte ruk voelt. Deze Houd dan de posie vast. We raden aan om de opwarmingsoefe- ningen aan het einde van de training opnieuw te doen en dat Be- ëindig de training door je ledematen uit te schudden. Bereik met je linkerhand achter je hoofd naar rechts en trek met de rechterhand iets naar links elleboog. Na 20sec. Switch arm Buig naar voren zo ver mogelijk naar voren en laat je benen bijna gestrekt. Toon het met je vingers in de richng van de teen. 2 x 20sec. Ga zien met een been gestrekt op de grond en buig naar voren en proberen om de voet te bereiken met je handen. 2 x 20sec Knielen in een breed lunge naar voren en ondersteunen jezelf met je handen op de grond. Druk op de bekken naar beneden. Veranderen na 20 sec been.
De sleutel tot een succesvol programma is een regelmage training. U kunt het beste een vaste jd en plaats per trainingsdag vaststellen en u ook geestelijk op de training voorbereiden. Train alleen met een goed humeur en houd uw doel voor ogen. Met een connue training zult u zien dat u per dag vooruitgang boekt, dat u zich verder ontwikkelt en dat u uw persoonlijke trainingsdoel beetje bij beetje nadert.48
Wanneer een bepaald onderdeel niet in orde is of ontbreekt, of wan- neer u in de toekomst een reserveronderdeel nodig hee, kunt u zich wenden tot:
- Magnesch remsysteem met ca. 9 kg vliegwielmassa
- Motor-en computer gestuurde weerstandsregeling met 24 weer- standfases
- 10 voorgeprogrammeerde weerstandsprogramma’s
- 4 hartslag programma’s (polsgestuurd)
- 1 omwentelings onaankelijk programma (instelbaarheid wa prestae van 10 tot 300 wa in 10 stappen)
- Stelvoeten om waterpas te zeen transportrollen
- Horizontaal en verkaal verstelbare zadelposie
- Stuur en zadel kantelinstelling
- Bedieningsvriendelijke computer met gelijkjdige aanduiding van; jd, snelheid, afstand, ca. calorieverbruik, pedaalomwentelingen, Waage, polsslagfrequene en ODO. Houder voor smartphone/ta- blet.
- Instelbaarheid van de grenswaarden; jd, afstand, ca. caloriever- bruik, wa en polsslagfrequene
- Overschrijding van de grenswaarden worden aangeduid.
- Fitness-Test aanduiding
- Belastbaar met een lichaamsgewicht tot ca. 150 kg Best.nr. Technische specicae:
Aeeld- ings-nr. Beschrijving Afmengen
SimpelGids