W4YD - Schroevendraaier HiKOKI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis W4YD HiKOKI in PDF-formaat.
Questions des utilisateurs sur W4YD HiKOKI
0 question sur cet appareil. Repondez a celles que vous connaissez ou posez la votre.
Poser une nouvelle question sur cet appareil
Download de handleiding voor uw Schroevendraaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding W4YD - HiKOKI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. W4YD van het merk HiKOKI.
GEBRUIKSAANWIJZING W4YD HiKOKI
Italiano Nederlands Español
La punta di una lama Uiteinde van het schroefbit Punta del atornillador
1 vite avanti 1 schroef vooruit 1 tornillo hacia adelante
Dispositivo di avanzamento viti Hulpstuk voor de aanvoer van schroeven Dispositivo alimentador de tornillos
WAARSCHUWING Lees alle veiligheidswaarschuwingen, instructies, illustraties en specifi caties die met dit elektrisch gereedschap worden meegeleverd. Niet opvolgen van de waarschuwingen en instructies kan resulteren in een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel. Bewaar alle waarschuwingen en aanwijzingen voor eventuele naslag in de toekomst. De term „elektrisch gereedschap” heeft zowel betrekking op elektrisch gereedschap dat via de netvoeding van stroom wordt voorzien als gereedschap dat via een accu (snoerloos) van stroom wordt voorzien.
1) Veiligheid van de werkplek
a) Zorg voor een schone en goed verlichte werkplek. Een rommelige of donkere werkplek verhoogt de kans op ongelukken. b) Gebruik het elektrisch gereedschap niet in een omgeving met ontvlambare of explosieve vloeistoff en, gassen of stof. Elektrisch gereedschap kan vonken afgeven. Deze vonkjes kunnen stofdeeltjes of gassen doen ontbranden.
Houd kinderen en andere omstanders tijdens het gebruik van elektrisch gereedschap uit de buurt. Afl eidingen kunnen gevaarlijk zijn.
De stekker van het elektrisch gereedschap moet geschikt zijn voor aansluiting op het stopcontact. De stekker mag op geen enkele manier gemodifi ceerd worden. Gebruik geen verloopstekker met geaard elektrisch gereedschap. Deugdelijke stekkers en geschikte stopcontacten verminderen het risico op een elektrische schok. b) Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlakken zoals leidingen, radiatoren, fornuizen en koelkasten. Wanneer uw lichaam geaard is, loopt u een groter risico op een elektrische schok. c) Stel het elektrisch gereedschap niet bloot aan regen of vochtige omstandigheden. Het risico op een elektrische schok wordt vergroot wanneer er water in het elektrische gereedschap terechtkomt. d) Behandel het snoer voorzichtig. Gebruik het snoer niet om het elektrisch gereedschap aan te dragen of mee te slepen en gebruik het snoer niet om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd het snoer uit de buurt van warmtebronnen, olie, scherpe randen of bewegende onderdelen. Een beschadigd of verward snoer verhoogt het risico op een elektrische schok. e) Gebruik buitenshuis een verlengsnoer dat specifi ek geschikt is voor het gebruik buiten. Het gebruik van een snoer dat specifi ek geschikt is voor gebruik buitenshuis vermindert het risico op een elektrische schok. f) Als het elektrisch gereedschap in een vochtige omgeving gebruikt moet worden, dient een voeding met aardlekschakelaar te worden gebruikt. Gebruik van een aardlekschakelaar vermindert de kans op een elektrische schok.
3) Persoonlijke veiligheid
a) Blijf waakzaam, let voortdurend op uw werk en gebruik uw gezond verstand wanneer u elektrisch gereedschap gebruikt. Gebruik geen elektrisch gereedschap wanneer u moe bent of onder invloed van drugs, alcohol of medicijnen. Eén moment van onoplettendheid kan in ernstig lichamelijk letsel resulteren. b) Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen. Draag altijd oogbescherming. Beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, anti-slip veiligheidsschoenen, een helm of gehoorbescherming, gebruikt voor gepaste omstandigheden, verminderen het risico op lichamelijk letsel.
Voorkom dat het gereedschap per ongeluk kan starten. Controleer of de schakelaar in de uit- stand staat voordat u de voeding en/of de accu aansluit, het gereedschap oppakt of gaat dragen. Zorg ervoor dat u tijdens het verplaatsen van het elektrisch gereedschap uw vingers uit de buurt van de schakelaar houdt en sluit de stroombron niet aan terwijl de schakelaar op aan staat om ongelukken te vermijden. d) Verwijder sleutels en moersleutels uit het gereedschap voordat u het elektrisch gereedschap aanzet. Een (moer-)sleutel die op een bewegend onderdeel van het elektrisch gereedschap bevestigd is kan in lichamelijk letsel resulteren. e) Reik niet te ver. Zorg ervoor dat u te allen tijde stevig staat en uw evenwicht behoudt. Op deze manier heeft u tijdens een onverwachte situatie meer controle over het elektrisch gereedschap. f) Draag geschikte kleding. Draag geen loszittende kleding of sieraden. Houdt uw kleding en haar uit de buurt van bewegende onderdelen. Loszittende kleding, sieraden en lang haar kunnen in de bewegende onderdelen verstrikt raken. g) Indien het elektrisch gereedschap van een aansluiting voor stofafzuiging is voorzien, dan dient u ervoor te zorgen dat de stofafzuiging aangesloten en op de juiste manier gebruikt wordt. Het gebruik van stofafzuiging vermindert eventuele stofgerelateerde risico’s. h) Laat bekendheid opgedaan bij veelvuldig gebruik van gereedschap u niet zelfgenoegzaam worden waardoor u veiligheidsprincipes van het gereedschap negeert. Een onzorgvuldige actie kan ernstig letsel veroorzaken binnen een fractie van een seconde.
Bediening en onderhoud van elektrisch gereedschap a) Het elektrisch gereedschap mag niet geforceerd worden. Gebruik het juiste gereedschap voor het karwei. U kunt de klus beter en veiliger uitvoeren wanneer u het juiste elektrische gereedschap gebruikt. (Vertaling van de oorspronkelijke instructies) 000BookW4YDEU.indb29000BookW4YDEU.indb29 2019/03/1414:09:062019/03/1414:09:06Nederlands
b) Gebruik het elektrisch gereedschap niet als de schakelaar niet goed werkt. Elektrisch gereedschap dat niet via de schakelaar bediend kan worden is gevaarlijk en moet onmiddellijk gerepareerd worden. c) Haal de stekker uit het stopcontact en/of verwijder de accu, als deze losgemaakt kan worden, van het elektrische gereedschap voordat u afstellingen verricht, accessoires verwisselt of voordat u het elektrische gereedschap opbergt. Dergelijke preventieve veiligheidsmaatregelen verminderen het risico dat het elektrisch gereedschap per ongeluk opstart. d) Berg elektrisch gereedschap buiten het bereik van kinderen op en sta niet toe dat personen die niet bekend zijn met het juiste gebruik van het gereedschap of deze voorschriften dit elektrisch gereedschap gebruiken. Eletrisch gereedschap is gevaarlijk in onbevoegde handen. e) Verzorg het elektrische gereedschap en accessoires. Controleer het gereedschap op een foutieve uitlijning, vastgelopen of defecte bewegende onderdelen en andere problemen die van invloed kunnen zijn op de juiste werking van het gereedschap. Indien het gereedschap defect of beschadigd is moet het gerepareerd worden voordat u het gereedschap opnieuw gebruikt. Slecht onderhouden elektrisch gereedschap is verantwoordelijk voor een groot aantal doe-het-zelf ongelukken. f) Houd snijwerktuigen scherp en schoon. Goed onderhouden snijwerktuigen met scherpe snijranden lopen minder snel vast en zijn gemakkelijker in het gebruik.
Elektrisch gereedschap, toebehoren, bits enz. moeten in overeenstemming met deze instructies worden gebruikt, waarbij de werkomstandigheden en het werk dat gedaan moet worden in overweging moeten worden genomen. Gebruik van het elektrisch gereedschap voor andere doeleinden dan waarvoor het is bedoeld, kan resulteren in een gevaarlijke situatie. h) Houd de handvat- en greepoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Glibberige handvat- en greepoppervlakken zorgen voor onveilig gebruik en onveilige bediening van het gereedschap in onverwachte situaties.
a) Het gereedschap mag uitsluitend door bevoegd onderhoudspersoneel worden onderhouden en er mag daarbij uitsluitend gebruik gemaakt worden van identieke vervangingsonderdelen. Hierdoor kunt u er op rekenen dat het elektrisch gereedschap veilig blijft. VOORZORGMAATREGELEN Houd kinderen en kwetsbare personen op een afstand. Het gereedschap moet na gebruik buiten het bereik van kinderen en andere kwetsbare personen worden opgeborgen.
1. Deze snelschroefautomaat is ontworpen voor het vast-
en losdraaien van schroeven. Gebruik het apparaat alleen voor deze handelingen.
2. Het bedienen van het apparaat met één hand is zeer
gevaarlijk. Houd het apparaat bij bediening met beide handen stevig vast.
3. Gebruik uitsluitend schroefstukken (draaikoppen) die
speciaal zijn ontworpen voor de snelschroef-automaat. Gebruik geen andere schroefstukken die bestemd zijn voor andere apparatuur dan alleen deze snelschroefautomaat. Met andere schroefstukken zullen de schroeven niet goed ingedraaid worden en kan de doorvoer van de schroeven geblokkeerd raken.
4. Na het monteren van het schroefstuk dient u lichtjes aan
het schroefstuk te trekken om te kontroleren of het niet loskomt. Als het schroefstuk niet juist geïnstalleerd is, kan het tijdens gebruik loskomen en gevaar veroorzaken.
5. Voor het indraaien van schroeven drukt u de
snelschroefautomaat recht tegen uw werkstuk aan. Als u de snelschroefautomaat scheef houdt, kan de schroefkop beschadigd worden en het schroefstuk van de machine onnodig slijten. Bovendien zal de schroef dan niet met het vereiste koppel worden ingedraaid, zodat de schroef zal blijven uitsteken.
6. Gebruik uitsluitend de voorgeschreven schroeven.
Gebruik deze snelschroefautomaat niet voor het indraaien van andere typen schroeven. Dit kan leiden tot schade aan het werkstuk (uitstekende of scheef ingedraaide schroeven) en storing in de werking van de snelschroefautomaat (klem rakende schroeven en slijtage aan het schroefstuk).
7. Draag tijdens het werk een veiligheidsbril.
Bij het werken met deze snelschroefautomaat is het van belang uw ogen te beschermen met een veiligheidsbril. Zowel van de gipsplaten als van de schroevenband zal fi jn stof ronddwarrelen, hetgeen gevaar voor uw gezichtsvermogen kan opleveren.
8. Pas op voor bedrading en leidingen achter een wand of
plafond. Voor het indraaien van schroeven in een wand dient u altijd van tevoren te kontroleren of er geen elektrische bedrading of leidingen vlak achterlangs lopen. Ga zorgvuldig te werk, om het gevaar van een elektrische schok of een gasontploffi ng te vermijden.
9. Gebruik altijd het juiste schroefblad voor het formaat van
de schroef wanneer de schroeftoevoerbevestiging is verwijderd.
10. Wanneer de schroeftoevoerbevestiging is verwijderd en
de snelschroefautomaat in een hoek tegen de schroef wordt gedrukt, wordt de schroefkop mogelijk beschadigd of de schroef niet met het juiste koppel aangedraaid. Houd de snelschroefautomaat daarom altijd recht ten opzichte van de schroef en draai dan vast. 000BookW4YDEU.indb30000BookW4YDEU.indb30 2019/03/1414:09:062019/03/1414:09:06Nederlands
TECHNISCHE DATEN Voltage (verschillend van gevbied tot gebied)* (230 V, 240 V) Opgenomen vermogen 470 W Onbelaste snelheid 4700 min
Capaciteiten Formaat schroeven 4 mm Lengte schroeven 25 – 41 mm Afmeting booras 6,35 mm Hex. Gewicht (zonder kabel)** 1,7 kg
- Controleer het naamplaatje op het apparaat daar het apparaat afhankelijk van het gebied waar het fverkocht wordt gewijzigd kan worden. ** Volgens EPTA-procedure 01/2014 STANDAARD TOEBEHOREN (1) Schroeftoevoerbevestiging ..........................................1 (Op apparaat aangebracht) (2) Schroevedraaier Nr. 2 ..................................................1 (Op apparaat aangebracht) (3) Ophanghaak .................................................................1 (4) Plaatje ..........................................................................2 (5) Rubber afdekking .........................................................1 (6) Plastic doos ..................................................................1 De standaard toebehoren kunnen zonder kennisgeving vooraf veranderd worden. TOEPASSINGEN ○ Schroeven in gipsplaat binnenshuis.
Controleren of de netspanning overeenkomt met de opgave op het naamplaatje.
Controleren of de netschakelaar op “UIT” staat. Wanneer de stekker op het net aangesloten is, terwijl de schakelaar op “AAN” staat, begint het gereedschap onmiddellijk te draaien, hetwelk ernstig gevaar betekent.
Wanneer het werkterrein niet in de buurt van een stopcontact ligt, dan moet men gebruik maken van een verlengsnoer, dat voldoende dwarsprofi el en voldoende nominaal vermogen heeft. Het verlengsnoer moet zo kort mogelijk gehouden worden.
4. Voorbereiden en kontroleren van de werkomgeving
Zorg ervoor dat de werkplaats voldoet aan alle eisen die in de voorzorgsmaatregelen vermeld staan.
5. Voorbereiden van de schroeven
Kies de juiste schroeven voor uw werkstuk.
6. Kontroleren en zonodig vervangen van het
schroefstuk Bij afl evering is er op dit apparaat als standaard toebehoren een schroevedraaier nr. 2 aangebracht. Kontroleer dit schroefstuk op beschadiging. Gebruik van een beschadigd of versleten schroefstuk kan gevaar opleveren en schade aan uw werkstuk veroorzaken. Kontroleer voor het werk altijd even het schroefstuk en vervang het door een nieuw als het tekenen van slijtage vertoont. Wanneer het nodig is het schroefstuk te vervangen, volg hiervoor dan de aanwijzingen onder “Aanbrengen en verwijderen van het schroefstuk”.
1. Stel de schroefl engte in (Afb. 1)
Stel de schroefl engte in door het geleiderblok te verschuiven. (1) Verschuif het geleiderblok (terwijl u de hendel ingedrukt houdt) totdat het pijltje op het geleiderblok bij de gewenste waarde op het schuifje staat. (2) Meet de schroefl engte en bepaal de bijbehorende stand van het geleiderblok aan de hand van onderstaande tabel. SCHUIFWAARDE SCHROEFLENGTE 28 25 – 28 mm 32 32 – 35 mm 41 38 – 41 mm
2. Het afstellen van de inschroefdiepte (Afb. 2)
Stel de inschroefdiepte in door aan de diepteknop te draaien. (1) Duw het schuifmechanisme geheel in het schuifmechanismehuis. Draai vervolgens de diepteknop totdat de punt van het schroefbit ongeveer 5 mm uitsteekt. (2) Controleer de diepte-afstelling door een schroef in het werkstuk te draaien. Gaat de schroef niet diep genoeg, draai de diepteknop dan lichtjes tegen de klok in (richting A). Gaat de schroef echter te diep, dan draait u de diepteknop een beetje met de klok mee (richting B).
1. Installatie (Afb. 3)
(1) Haal het begin van de schroevenband door de groef van de riemgeleider (punt A). (2) Duw de schroevenband in de groef van het schuifmechanime (punt B) en druk de band naar binnen in de richting van de pijl. (3) De schroefband zit op de juiste plaats zodra de eerste schroef één schroefbreedte is verwijderd van de ‘inschroefpositie’ (Afb. 4, Afb. 5). LET OP ○ Zorg dat de schroevenband veilig is ingevoerd. Wanneer dit niet het geval is, kan het schroefbit mogelijk krassen maken op het werkstuk (door onvoldoende doorvoer) of worden schroeven mogelijk verspild (te hoge doorvoer). 000BookW4YDEU.indb31000BookW4YDEU.indb31 2019/03/1414:09:062019/03/1414:09:06Nederlands
2. Verwijdering (Afb. 6)
(1) Wanneer de schroevenband is opgebruikt of wanneer u een half opgebruikte band wilt verwijderen, trekt u de band door in de richting van de pijl, zoals aangegeven in de afbeelding. (2) U kunt de schroevenband de andere kant op laten gaan door op de achteruitknop te drukken.
INSTALLATIE EN VERWIJDERING VAN HET
SCHROEFBIT LET OP ○ Om ongelukken te voorkomen, schakelt u het apparaat uit en haalt u de stekker uit het stopcontact. OPMERKING ○ Zorg dat u het geïnstalleerde schroefbit stevig vast maakt, zodat het later niet losraakt of er uit valt.
1. Het verwijderen van het hulpstuk voor de
schroevenband Pak met de ene hand het apparaat stevig vast. Met uw andere hand draait u het hulpstuk voor de schroevenband in de richting van de pijl in Afb. 17. Trek het hulpstuk vervolgens in de richting van de pijl in Afb. 18 om het te verwijderen. OPMERKING Resten van lat- en pleisterwerk op het bevestigingspunt kunnen het installeren en verwijderen van het hulpstuk belemmeren. Maak het bevestigingspunt voorzichtig schoon zodat er geen ophopingen van resten van lat- en pleisterwerk ontstaan.
2. Het bevestigen en verwijderen van het schroefbit
(Afb. 7) Voor klussen met de schroevenband kan alleen kruiskopbit nummer 2 (136 mm lang) gebruikt worden. Bevestig het schroefbit volgens de volgende procedure. Verplaats de geleiderhuls naar de bovenste rand, steek het schroefbit in de zeshoekige opening van het aambeeld en laat de geleiderhuls weer los. Om het schroefbit te verwijderen, voert u bovenstaande procedure in omgekeerde volgorde uit. OPMERKING ○ Indien de geleiderhuls niet naar de oorspronkelijke positie terugkeert, is het schroefbit incorrect (onveilig) bevestigd. Steek het schroefbit opnieuw in de zeshoekige opening van het aambeeld tot de juiste positie is verkregen.
3. Het installeren van het hulpstuk voor de
schroevenband Installeer de schroevenband door de stappen in ‘1. Het verwijderen van het hulpstuk voor de schroevenband’ achterstevoren uit te voeren. GEBRUIKSAANWIJZING LET OP Draag tijdens het gebruik van de machine altijd een veiligheidsbril.
1. Bediening van de schroefautomaat
Plaats het apparaat recht op het werkoppervlak en zet het aan om automatisch schroeven door te voeren en vast te draaien (Afb. 8). OPMERKING ○ Plaats het apparaat tijdens gebruik recht op het werkoppervlak. Gebruik van het apparaat onder een hoek met het oppervlak kan leiden tot schade aan het schroefhoofd en/of slijtage van het schroefbit. Ook wordt het juiste draaimoment in dit geval niet correct overgedragen op de schroef en kan de schroef mogelijk verkeerd worden ingedraaid. ○ Druk het apparaat tijdens gebruik altijd stevig op het werkoppervlak. Doet u dit niet, dan wordt de schroef mogelijk verkeerd ingedraaid. ○ Bij indraaien van schroeven dient u het apparaat tegen het oppervlak te duwen, niet te slaan. De schroeven kunnen hierdoor mogelijk verkeerd worden uitgeleid. ○ Probeer niet de ene schroef bovenop de andere te draaien. De schroef zal dan vallen en/of de schroeventoevoer doen stoppen. ○ Wees dus voorzichtig. Het vastschroeven van ‘losse fl odders’ Bij doorlopend gebruik van het apparaat zult u misschien niet merken dat de schroevenband op is en doorgaan met schroeven. Wanneer dit gebeurt, zal het schroefbit het lat- of pleisterwerk beschadigen. Houdt tijdens het schroeven dus altijd het aantal restererende schroeven in de gaten. ○ Indien het schuifmechanisme niet soepeltjes heen en weer kan bewegen, maakt u deze schoon met bijvoorbeeld een luchtdrukpistool.
2. Het gebruik in hoeken (Afb. 9)
Het apparaat kan worden gebruikt in posities tot aan 15 mm van de muur. OPMERKING ○ Probeer geen schroeven vast te draaien wanneer het apparaat zich op een afstand van minder dan 15 mm ten opzicht van de muur bevindt. Draai geen schroeven vast wanneer het huis van het schuifmechanisme contact maakt met de muur. Schade aan het schroefhoofd leidt tot slijtage van het schroefbit. Het juiste draaimoment wordt niet overgedragen op de schroef indien het schroefhoofd of het schroefbit is versleten of beschadigd. Dit kan tevens leiden tot het verkeerd indraaien van de schroef en het kapotgaan van de machine.
3. Het gebruik van de ophanghaak
De ophanghaak kan zowel aan de linker- als rechterkant van de machine worden bevestigd, onder 5 verschillende hoeken variërend van 0° tot en met 80°. (1) Het instellen van de ophanghaak (a) Trek de ophanghaak naar u toe in de richting van pijl (A) en draai hem vervolgens in de richting van pijl (B) (Afb. 10). (b) De ophanghaak kan op 5 verschillende hoeken worden afgesteld (0°, 20°, 40°, 60°, 80°). Afhankelijk van aard van de werkzaamheden stelt u de gewenste hoek in. (2) Het veranderen van de positie van de ophanghaak LET OP Onvolledige installatie van de ophanghaak kan tijdens gebruik leiden tot lichamelijk letsel. (a) Houd het apparaat stevig vast en draai de schroef los met een schroevendraaier of een munt (Afb. 11). (b) Verwijder de ophanghaak en de veer (Afb. 12). (c) Installeer de ophanghaak en de veer aan de andere kant en draai de schroef stevig vast (Afb. 13). OPMERKING Controleer op welke manier u de veer installeert; houdt de kant met de grotere diameter van u af (Afb. 13). 000BookW4YDEU.indb32000BookW4YDEU.indb32 2019/03/1414:09:062019/03/1414:09:06Nederlands
4. Installatie van de rubberen afdekking (Afb. 14)
Indien u wilt voorkomen dat er via de luchtgaten lucht naar binnen komt, installeer dan de rubberen bescherming om de luchtcirculatie aan te passen. Installeer de bescherming door de uitsteeksels stevig in de luchtgaten te drukken.
5. Indien het schuifmechanisme niet soepel beweegt
Indien het schuifmechanisme niet soepeltjes heen en weer kan bewegen, maak deze dan schoon met bijvoorbeeld een luchtdrukpistool (Afb. 15). OPMERKING ○ Bij veelvuldig rechtop gebruik van de machine zal het snel vuil worden door resten van lat- en pleisterwerk. Maak de schuifbare ondeerdelen van de machine daarom regelmatig schoon.
6. Het bevestigen van het plaatje
Wanneer het plaatje is beschadigd en niet meer gebruikt kan worden, dient deze vervangen te worden door het bijgevoegde plaatje. Het plaatje wordt bevestigd door de gaten in het plaatje over de uitsteeksels op de stopper te schuiven (Afb. 16).
BEHANDELEN VAN DE SCHROEVEN
VOORZICHTIG Ga zorgvuldig om met zowel de schroeven in een doos als met de schroevenband. Als u ze laat vallen, kunnen er schroeven uit de band los raken, hetgeen problemen bij de doorvoer zal geven. Laat de schroeven niet te lang in de open lucht en de volle zon liggen. Hierdoor kunnen de schroeven gaan roesten en de band kromtrekken. Gebruikt u de schroeven een tijdje lang niet, berg ze dan op in een goed sluitende doos e.d.
ONDERHOUD EN INSPECTIE
1. Kontroleren van het schroefstuk
Het gebruik van een gebroken of versleten schroef- stuk is gevaarlijk, omdat het schroefstuk dan kan slippen. Vervang het schroefstuk door een nieuwe.
2. Inspectie van de bevestigingsschroef
Alle bevestigingsschroeven moeten regelmatig geïnspecteerd en gecontroleerd worden of zij juist aangedraaid zijn. Wanneer één van de schroeven losraakt, dan moet deze onmiddellijk opnieuw aangedraaid worden. Gebeurt dat niet, dan kan dat tot aanzienlijke gevaren leiden.
3. Inspectie van de koolborstels (Afb. 19)
Bij de motor zijn koolborstels gebruikt, die onderhevig zijn aan slijtage. Buitengewoon versleten Koolborstels leiden tot problemen bij de motor. Daarom wordt een koolborstel vernieuwd, wanneer deze versleten is of bijna versleten is. Bovendien moet de koolborstels zich in de borstelhouders vrij bewegen kunnen.
4. Het wisselen van de koolborstel
Men demonteert de borsteldeksel met een steeksleutel Men kan de koolborstel dan gemakkelijk verwijderen.
5. Onderhoud van de motor
De motorwikkeling is het „hart” van het electrische gereedschap. Er moet daarom bijzonder zorgvuldig op gelet worden, dat de wikkeling niet beschadigd en/of met olie of water bevochtigd wordt.
6. Reiningen van de behuizing
Gebruik een zachte droge doek, of wat soppig water wanneer de snelschroefautomaat bevuild is. Gebruik geen vloeistoff en zoals verdunner of bezine om te voorkomen dat de afwerking beschadigd. LET OP Bij gebruik en onderhoud van elektrisch gereedschap dienen de in het land waar u zich bevindt geldende veiligheidsregelgeving en veiligheidsstandaarden stipt te worden opgevolgd. GARANTIE De garantie op het elektrisch gereedschap van HiKOKI is in overeenstemming met de wettelijke/landspecifi eke richtlijnen. Deze garantie dekt geen defecten of schade als gevolg van foutief gebruik, misbruik of normale slijtage. In geval van klachten verzoeken wij u het elektrisch gereedschap samen met het GARANTIECERTIFICAAT dat u achterin deze handleiding aantreft naar een erkend servicecentrum van HiKOKI te sturen. Indien door de gebruiker de machine wordt gedemonteerd vervalt de aanspraak op garantie. AANTEKENING Op grond van het voortdurende research en ont wikkelingsprogramma van HiKOKI zijn veranderingen van de hierin genoemde technische opgaven voorbehouden. Informatie betreff ende luchtgeluid en trillingen De gemeten waarden zijn verkregen overeenkomstig EN62841 en voldoen aan de eisen van ISO 4871. Gemeten A-gewogen geluidsniveau: 96 dB (A) Gemeten A-gewogen geluidsdrukniveau: 85 dB (A) Onzekerheid KpA: 3 dB (A) Draag gehoorbescherming. Totale trillingswaarden (triax vector som) bepaald overeenkomstig EN62841. Schroeven indraaien zonder slagfunctie: Trillingsemissiewaarde
De totale bepaalde trillingswaarde is gemeten in overeenstemming met een standaard testmethode en kan worden gebruikt om meerdere gereedschappen met elkaar te vergelijken. U kunt dit ook vooraf gebruiken als beoordeling van de blootstelling. WAARSCHUWING ○ De trillingsemissiewaarde tijdens het feitelijke gebruik van het elektrisch gereedschap kan afwijken van de opgegeven totale waarde afhankelijk van de manieren waarop het gereedschap wordt gebruikt. ○ Neem kennis van de veiligheidsmaatregelen voor de bescherming van de gebruiker die gebaseerd zijn op een schatting van de blootstelling onder feitelijke gebruiksomstandigheden (rekening houdend met alle onderdelen van de gebruikscyclus, zoals de tijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en wanneer dit onbelast draait inclusief de triggertijd). 000BookW4YDEU.indb33000BookW4YDEU.indb33 2019/03/1414:09:062019/03/1414:09:06Español
Wij verklaren onder onze eigen verantwoordelijkheid dat Schroef automaat, geïdentifi ceerd door het type en de specifi eke identifi catiecode *1), voldoet aan alle relevante bepalingen van de richtlijnen *2) en normen *3). Technische documentatie bij*4) – zie onder. De Europese Normen Manager bij de vertegenwoordiging in Europa is gemachtigd om het technisch dossier samen te stellen. Deze verklaring is van toepassing op producten voorzien van de CE- markeringen. Deutsch Español
SimpelGids