Optimate 7 - Batterijlader Tecmate - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Optimate 7 Tecmate in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Optimate 7 Tecmate
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Batterijlader in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Optimate 7 - Tecmate en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Optimate 7 van het merk Tecmate.
GEBRUIKSAANWIJZING Optimate 7 Tecmate
1. De stekker van de lader mag niet in het stopcontact zitten, wanneer gelijkstroom-/accuverbindingen gemaakt of verbroken worden. 2. Indien u een accu in een voertuig met de accuklemmen gaat opladen, dient u, voordat u de lader aansluit, te controleren of de accuklemmen veilig en op voldoende afstand van de omringende bedrading, metalen buizen en het chassis geplaatst kunnen worden. Sluit de lader aan in deze volgorde: sluit eerst de pool van de accu aan die niet verbonden is met het chassis (meestal positief), sluit daarna de andere accuklem aan (meestal negatief) op het chassis op ruime afstand van de accu en de brandstofleiding. Ontkoppel de lader in omgekeerde volgorde. 3. Plaats de accu in een goed geventileerde ruimte wanneer u een accu met accuklemmen buiten het voertuig gaat opladen. De lader aansluiten op de accu: RODE klem op de POSITIEVE (POS, P of +) pool en ZWARTE klem op de NEGATIEVE (NEG, N of –) pool. Zorg dat de klemmen stevig en veilig zijn bevestigd. Een goed contact is belangrijk. 4. Als de accu zwaar ontladen (en mogelijk gesulfateerd) is, dient de accu uit het voertuig verwijderd en gecontroleerd te worden voordat een poging wordt ondernomen om de accu te herstellen. Controleer de accu visueel op mechanische defecten zoals bol staan, gescheurde behuizing of tekenen van elektrolytlekkage. Als de accu vuldoppen heeft en de platen in de cellen vanaf de buitenzijde zichtbaar zijn, kunt u zorgvuldig proberen vast te stellen of bepaalde cellen afwijken van andere (bijvoorbeeld wit materiaal tussen de platen, platen die elkaar raken). Probeer de accu niet op te laden wanneer mechanische defecten zichtbaar zijn, maar laat de accu door een vakman nakijken. 5. Voor een nieuwe accu: Lees de veiligheidsinstructies en de gebruiksaanwijzing van de fabrikant zorgvuldig door voordat u de lader aansluit op een nieuwe accu. Volg, indien van toepassing, de instructies betreffende het vullen van zuur zorgvuldig en nauwkeurig op.
OPLAADTIJD : De laadtijd voor een lege, maar onbeschadigde accu bedraagt iets minder dan 25% van de capaciteit in Ah. Zo zou het voor een accu van 100 Ah maximaal 25 uur mogen duren om tot de zelfontladingscontrole te komen. Voor diep ontladen accu's is de oplaadtijd aanzienlijk langer. : De laadspanning en druppellaadspanning wordt omgekeerd evenredig met de omgevingstemperatuur geregeld. Dat betekent dat de spanning wordt verhoogd bij lagere temperaturen en verlaagd bij hogere temperaturen. Aanpassing: -0,004 V / cel / °C boven of onder 20 °C. VEILIGHEID28 HET LADEN STARTEN : Indien de in STAP 1 geselecteerde spanning overeenkomt met de verwachte batterijspanning en er zich geen van de in STAP 2 beschreven verbindingsproblemen voordoen, start de werking volledig automatisch vanaf STAP 3. STAP 1 Spanning selecteren 12V 24V
Led #1a / 1b: Bevestigt de AC-voeding naar de lader en geselecteerde accuspanning.Spanning wijzigen: Koppel de lader los van de accu. Druk de SELECT-knop in en laat opnieuw los. De geselecteerde spanning verandert zodra de knop niet meer ingedrukt wordt. De leds SPAREN (#3), LADEN (#4) en TEST (#6, 7, 8) twee keer om te bevestigen dat de selectie is opgeslagen in het geheugen.Led #1a => 12 VLed #1b => 24 VOPMERKING: ook wanneer de stroom wordt onderbroken, blijft de selectie opgeslagen. STAP 2 Bescher- ming 12V 24V
De lader doet niets zolang de gebruiker niet handelt.LED #2 OMGEKEERDE POLARITEIT: Brandt wanneer de accu verkeerd is aangekoppeld. De lader is elektronisch beveiligd zodat er geen schade kan worden aangebracht en de stroomtoevoer blijft uitgeschakeld tot de accu correct is aangekoppeld.VEILIGHEIDSCONTROLE VAN DE SPANNING:Leds 12 V (#1a) en 24 V (#1b) en de groene testled (#6) wisselen elkaar af.12 V (#1a) is geselecteerd en er wordt een accu aangesloten met een spanning hoger dan 15 V. De aangesloten accu kan 24 V zijn. Instructie: koppel de accu los en selecteer 24 V.De leds 24 V (#1b) en 12 V (#1a) en de rode testled (#8) wisselen elkaar af.24 V (led #1b) geselecteerd en er wordt een accu aangesloten met een spanning lager dan 18 V: De aangesloten accu kan 12 V of een sterk ontladen 24 V accu kan zijn. Instructie: Controleer de gegevens van de accu. Als de nominale spanning 12 V is, koppel dan de accu los en selecteer 12 V.Is de nominale spanning 24 V, houd dan de SELECT-knop ingedrukt. Na 3 seconden gaat het programma naar STAP 3. STAP 3 TEST vor het laden TEST LED #6 : GROEN #7: GEEL #8 : ROOD TEST
De TESTLEDs #6, 7, 8 geven de conditie van de accu voorafgaand aan het laden weer. Raadpleeg de tabel op pagina 2 voor een vergelijking van de gegevens van de testleds met de geschatte laadstatus (SOC%).
Tijdens de test:STAP 6 OPTIMALISEREN: de minimale laadtijd wordt ingesteld in functie van het testresultaat en varieert tussen 10 minuten voor een accu die 80% of meer geladen is tot 120 minuten voor een accu die 40% of minder geladen is.Voor het instellen van de laadparameters wordt de omgevingstemperatuur gemeten.Het laden start na 10 seconden. LED #8 (rood) knippert: De accuspanning is erg laag. Er worden pulsen aangevoerd om te controleren op een kortsluiting of aangesloten circuits. Wanneer de indicatie gedurende 10 seconden stabiel is, wordt begonnen met laden. Koppel de accu anders los van de aangesloten circuits en probeer het opnieuw. STAP 4 TURBO SAVE LED #3 : ROOD De HERSTELmodus wordt ingeschakeld wanneer de accu meer dan 50% ontladen of gesulfateerd is (zoals getest in STAP 3).Laadtijd: minimaal 15 minuten, maximaal 2 uur.Er wordt een herstellading aangevoerd. Er wordt een stroom geleverd in pulsen om de accu voor te bereiden op de ontvangst van een normale laadstroom.29 STAP 5 CHARGE LED #4 : GEEL
De LAADmodus wordt geactiveerd als de accu meer dan 50% of meer ontladen is (zoals getest bij STAP 3) of zodra de accu voldoende hersteld is tijdens STAP 4. Het programma ampmatic™ voor de monitoring en controle van de laadstroom bepaalt automatisch de efficiëntste laadstroom voor de aangesloten accu op basis van de laadtoestand, de conditie van de accu en het opslagvermogen. Maximale laadstroom: 12 V accu => 5 A 24 V accu => 2,5 A.De laadspanning wordt omgekeerd evenredig met de omgevingstemperatuur geregeld. Dat betekent dat de spanning wordt verhoogd bij lagere temperaturen en verlaagd bij hogere temperaturen.Aanpassing: -0,04 V / cel / °C boven of onder 20 °C. STAP 6 OPTIMALI- SEREN LED #5 : GEEL
De OPTIMALISEERmodus start wanneer de spanning tijdens de LAADmodus voor de eerste keer 14,4 / 28,8 V bedraagt. Het stroomcontroleprogramma ampmatic™ evert nu stroompulsen om de individuele cellen in de accu op gelijke spanning te brengen en optimaliseert het laadniveau.Het laden zou voltooid moeten zijn binnen de minimale laadtijd die is ingesteld bij STAP 3. Wanneer de accu nog verder moet worden geladen, verlengt het programma de OPTIMALISEERmodus tot maximaal 2 uur. Nota: de laadtijd wordt doorgaans verlengd indien het systeem een hoger dan verwacht stroomgebruik van aangesloten circuits vaststelt of de conditie van de accu verre van optimaal is.Om veiligheidsredenen is de totale laadtijd beperkt tot 72 uur voor STAPPEN 4, 5 en 6. STAP 7 TEST na Laden LED #6 KNIPPERT TEST
TEST NA LADEN: De levering van stroom aan de accu wordt gedurende 30minuten** onderbroken, zodat het programma kan bepalen of de accu in staat is om de lading vast te houden. ** ALS het resultaat van STAP 3 rood was (led #8 geeft aan dat de accu sterk ontladen is) wordt de spanningsbehoudtest verlengd tot 12 uur om de conditie van de accu te bevestigen. Het testresultaat (aangegeven met leds # 6, 7, 8) wordt realtime aangepast aan de gemeten accuspanning.
De test wordt onderbroken wanneer led #8 (rood) brandt. Er is sprake van een ernstig probleem als de accu niet in staat is om voldoende lading vast te houden gedurende de testperiode. Raadpleeg de tabel ‘VROEGE TEKENEN VAN ACCUPROBLEMEN’ op pagina 2 voor een vergelijking van de gegevens van de testleds met de geschatte laadstatus (SOC%). U vindt meer informatie in het hoofdstuk ‘OPMERKINGEN OVER DE TESTRESULTATEN’. STAP 8 OPTIMATE smart ONDERHOUD LED #6 / 7 / 8 AAN TEST
Voor accu's in een gezonde conditie blijft led #6 (groen) branden.Uitzondering: STD nattecel-accu's met vuldoppen hebben een lager volledig geladen voltage: led #6 blijft samen met led #7 branden.
INTERACTIEF DRUPPELLADEN – LEDS #6 / 7 / 8 AAN
met de definitieve spanning gemeten bij STAP 7. Instelling druppellaadspanning: Voor 12 V accu's: 13,6 V nominaal bij 20 °C, Voor 24 V accu's: 27,2 V nominaal bij 20 °C. De druppellaadspanning wordt omgekeerd evenredig met de omgevingstemperatuur geregeld. Dat betekent dat de spanning wordt verhoogd bij lagere temperaturen en verlaagd bij hogere temperaturen. Aanpassing: -0,04 V / cel / °C boven of onder 20 °C. De accu krijgt een continue druppellading aangevoerd indien de lader aangesloten circuits vaststelt die meer dan 200 mA verbruiken. Zo niet voert de lader de standaard onderhoudslaadcyclus uit. De standaard onderhoudslaadcyclus bestaat uit druppellaadperiodes van 30 minuten gevolgd door telkens een rustperiode van 30 minuten. Tijdens de rustperiodes is er geen laadstroom. Deze ‘50% bedrijfscyclus’ voorkomt verlies van elektrolyten in verzegelde accu's en minimaliseert geleidelijk verlies van water uit de elektrolyt in accu's met vuldoppen, waardoor een significante bijdrage wordt geleverd aan het optimaliseren van de levenscyclus van onregelmatig of seizoensgebonden gebruikte accu’s.Tijdens de druppellaadperiodes wordt een continu LAGE STROOMPULS GELEVERD OM SULFATERING TE VOORKOMEN, het accuvermogen te vergroten en de levensduur te verlengen. Als de OptiMate vaststelt dat de accu spanning heeft verloren, keert het programma terug naar STAP 5 (LADEN).30 TEMP Plaats de OptiMate zo dicht mogelijk bij de ladende accu voor nauwkeurig temperatuurgeregeld opladen en langdurig onderhoud. Indien de accu zich bijvoorbeeld bevindt in een vliegtuig dat buiten staat en de OptiMate wordt gebruikt voor langdurig onderhoud van de accu, plaatst u de oplader in het vliegtuig of het compartiment voor accuopslag zodat het opladen wordt aangepast aan dezelfde omgevingstemperatuur als die van de accu. ZEER PLATTE, VERWAARLOOSDE ACCU'S: Als de accu zwaar ontladen (en mogelijk gesulfateerd) is, dient de accu uit het voertuig verwijderd en gecontroleerd te worden voordat een poging wordt ondernomen om de accu te herstellen. Lees aandachtig het volgende: een accu die voor lange tijd diep ontladen is geweest, kan blijvende schade ontwikkelen in een of meer cellen. Dit soort accu's kan tijdens het opladen met sterke stroom uitzonderlijk warm worden. Controleer de temperatuur van de accu tijdens het eerste uur, daarna om het uur. Controleer op ongebruikelijke tekenen, zoals bubbelend of lekkend elektrolyt, sterkere activiteit in één cel in vergelijking met andere cellen, of sisgeluiden. Wanneer de accu op een bepaald moment zo warm wordt dat u hem niet meer kunt aanraken of er ongewone tekenen zijn, KOPPELT U DE LADER METEEN LOS. OPMERKINGEN OVER DE TESTRESULTATEN: 1. Voor een ander testresultaat dan groen #6 (of groen #6 en geel #7 samen als de accu van het STD type met vuldoppen is), koppelt u de accu los van het elektrische systeem dat hij ondersteunt en sluit de OptiMate opnieuw aan. Indien het testresultaat nu beter is, is het stroomverlies gedeeltelijk te wijten aan een elektrisch probleem in het elektrische systeem en niet in de accu zelf. Als het resultaat nog niet beter is, wordt aangeraden de accu naar een professionele servicewerkplaats met professioneel materiaal te brengen voor een grondinger onderzoek. 2. Wanneer alleen LED #8 (rood) brandt of wanneer LED 7# (geel) en LED #8 (rood) beide branden (of gele LED alleen bij een verzegelde accu), is er sprake van een ernstig probleem. De rode / gele+rode LEDs betekent dat de accuspanning na het laden niet wordt vastgehouden of dat ondanks verschillende recuperatiepogingen de accu niet kon worden gerecupereerd. De oorzaak kan te vinden zijn in de accu zelf, bijvoorbeeld een kortgesloten cel of volledige sulfatie of corrosie. Wanneer de accu nog op het elektrische systeem dat hij ondersteunt is aangesloten kan de rode LED 8# ook een stroomverlies betekenen dat te wijten is aan versleten bedrading of een defecte schakelaar of contact, of aan stroomverbruikende accessoires op hetzelfde circuit. Een plotse belasting die wordt ingeschakeld terwijl de lader is aangesloten, kan ook leiden tot een aanzienlijk spanningsverlies van de accu.
3. GOED TESTRESULTAAT, maar de accu kan niet voldoende vermogen leveren: blijvende schade in de accu kan een overmatige
zelfontlading veroorzaken die niet kan worden opgespoord tijdens de testperiode van 12 uur. Koppel de accu los van de OptiMate. Wacht minstens 48 uur voordat u de lader opnieuw aansluit, en houd de TESTresultaten tijdens de PREKWALIFICATIETEST in de gaten. DE ACCU ONDERHOUDEN VOOR LANGERE PERIODEN: De OptiMate onderhoudt een accu waarvan de basistoestand goed is gedurende maanden aan een stuk. Controleer ten minste eenmaal per twee weken of de aansluitingen tussen de lader en accu betrouwbaar zijn, en, in geval van accu's met vuldoppen op iedere cel, ontkoppel de accu van de lader, controleer het elektrolytpeil en vul de cellen zo nodig bij (met gedestilleerd water, NIET met zuur); sluit de accu vervolgens weer op de lader aan. Neem bovenstaande VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN altijd in acht wanneer u de accu vastpakt of in de buurt van een accu bent. ECO-STROOMBESPARINGSMODUS WANNEER DE LADER OP HET ELEKTRICITEITSNET IS AANGESLOTEN: De vermogensomzetter gaat in ECO-modus wanneer de lader niet op een accu is aangesloten. Dit resulteert in een stroomopname van minder dan 0,5 W, wat overeenkomt met een stroomverbruik van 0,012 kWh per dag. Als een accu op de lader is aangesloten is het stroomverbruik afhankelijk van de stroombehoefte van de accu en het aangesloten voertuig / de elektronische circuits. Wanneer de accu opgeladen is en het laadprogramma in de langetermijnonderhoudslaadmodus staat (om de accu 100% vol te houden) wordt het totale stroomverbruik geraamd op 0,024 kWh per dag of minder. BEPERKTE GARANTIE TecMate (International) SA, Sint-Truidensesteenweg 252, B-3300 Tienen, België, staat deze beperkte garantie toe aan elke eerste koper van dit toestel. Deze beperkte garantie gaat in op de dag van aankoop en is niet overdraagbaar. De drie jaar geldige garantie aangeboden door TecMate (International) dekt alle erkende gebreken en arbeidskosten. Indien de lader defect blijkt te zijn tengevolge van een constructiefout, zal de klant het toestel altijd vooraf en op eigen kosten terugsturen naar de fabrikant of naar de nationale officiële verdeler, samen met een kopij van de aankoopfactuur (zie "NOTITIE"). In zulke gevallen, zal de eenheid ter keuze van de fabrikant worden hersteld of worden vervangen.Onkosten tengevolge van een ongeval, slordigheid, kwaadwilligheid, misbruik, niet conform gebruik volgens de aanwijzingen van de fabrikant, of herstellingen gedaan door door TecMate niet-erkende verdelers, zijn niet gedekt door de garantie. DE BEPERKTE GARANTIE SLUIT UITDRUKKELIJK ALLE VERDERE VERANTWOORDELIJKHEID UIT MET BETREKKING TOT EVENTUELE SCHADEVERGOEDINGEN VAN WELKE AARD DAN OOK. UW STATUTAIRE RECHTEN WORDEN NIET BEÏNVLOED. NOTITIE: Zie www.tecmate.com/warranty of contacteer warranty@tecmate.com. copyright © 2015 TecMate International Optimate 7 en de namen van andere producten zoals BatteryMate, TestMate en TestMate mini, die in deze instructies worden vermeld, zijn gedeponeerd handelsmerken van TecMate International NV. Meer informatie overTecMate productenkanop www.tecmate.com worden gevonden.31
SimpelGids