Liteway 3 - Kinderwagen CHICCO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Liteway 3 CHICCO in PDF-formaat.
| Producttype | Kinderwagen |
| Merk | Chicco |
| Model | Liteway 3 |
| Maximaal kindergewicht | 15 kg (voldoet aan EN 1888:2012), getest tot 22 kg |
| Aanbevolen leeftijd | Vanaf de geboorte tot ongeveer 3 jaar (0-15 kg) |
| Aantal rugleuningstanden | 5 verstelbare standen |
| Beensteun | 2 verstelbare standen |
| Voorwielen | Zwenkbaar of vast (vergrendeling) |
| Rem | Achterrem, gekoppeld, bediend met een pedaal |
| Bevestigingssysteem | 5-puntsgordel (schouderbanden, heupgordel, kruisband) |
| Kap | Transformeerbaar, 3 configuraties (standaard, uitgeklapt, zonnescherm) |
| Opbergmand | Maximale capaciteit 3 kg |
| Inbegrepen accessoires | Afhankelijk van versie: regenhoes, voetenzak/beenbedekking, veiligheidsbeugel, comfortset |
| Inklapmechanisme | Compacte inklap met draaggreep, automatische vergrendelingshaak |
| Bekleding | Verwijderbaar en wasbaar (raadpleeg wasetiketten) |
| Onderhoud | Reinigen met een vochtige doek, siliconensmering van bewegende delen |
| Conformiteit | EN 1888:2012 |
| Afgeraden gebruik | Joggen, rolschaatsen, trappen, roltrap |
| Garantie | Tegen conformiteitsfouten, volgens voorwaarden van het aankoopland |
Veelgestelde vragen - Liteway 3 CHICCO
Gebruikersvragen over Liteway 3 CHICCO
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Kinderwagen in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Liteway 3 - CHICCO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Liteway 3 van het merk CHICCO.
GEBRUIKSAANWIJZING Liteway 3 CHICCO
- LETOP: controleer voor de montage dat het artikel en zijn onderdelen niet beschadigd zijn tijdens het transport. In dit geval mag het artikel niet worden gebruikt en dient het buiten het bereik van kinderen te worden gehouden.
- LET OP: Laat uw kind nooit zonder toezicht achter.
- LET OP: Verzeker u ervan voor gebruik dat alle vergrendelmechanismen correct zijn aangebracht.
- LET OP: Om letsel te voorkomen dient u bij het in- en openklappen van het product er voor te zorgen dat het kind zich op een veilige afstand bevindt.
- LET OP: Sta niet toe dat uw kind met dit product speelt.
- LET OP: Gebruik altijd de veiligheidssystemen.
- LETOP: Dit product is niet geschikt om mee te rennen of te skeeleren.
- Dit product is geschikt vanaf de geboorte tot 15 kg in overeenstemming met EN 1888:2012 en is getest tot 22 kg in overeenstemming met het proefprotocol LSU 001
2014-11.
- Voor kinderen vanaf de geboorte tot de leeftijd van ongeveer 6 maanden moet de rugleuning op de volledig neergelaten stand worden gebruikt.
- Het product moet altijd op de rem staan als u het kind erin zet of eruit haalt.
• Overbelast de mand niet. Maxi- mumgewicht 3 kg. - leder gewicht dat aan de handgrepen en/of de rugleuning en/of de zijkanten van de wandelwagen hangt, kan de stabiliteit van de wandelwagen in het gedrang brengen.
- Vervoer niet meer dan één kind tegelijkertijd.
- Breng geen accessoires, reserve-onderdelen of onderdelen op de wandelwagen aan, die niet door de fabrikant geleverd of goedgekeurd zijn.
- Het gebruik van tussenbeenstukken en veiligheidsgordels is nodig om de veiligheid van het kind te garanderen. Gebruik de veiligheidsgordels altijd samen met het tussenbeenstuk.
- Verzeker u er bij de regelhandelingen van dat de bewegende delen van de wandelwagen niet in aanraking komen met het lichaam van het kind.
- Laat de wandelwagen nooit met het kind erin op een helling staan, ook al zijn de remmen geactiveerd.
-
Gebruik de wandelwagen niet op trappen of roltrappen: u zou de controle erover onverwachts kunnen verliezen.
-
Als de wandelwagen niet wordt gebruikt, dient hij buiten het bereik van kinderen te worden gehouden.
- Dit product mag uitsluitend door een volwassene worden gebruikt.
- Het product mag uitsluitend door een volwassene worden gemon-teerd.
- Zorg ervoor dat andere kinderen niet zonder toezicht in de buurt van de wandelwagen spelen of erop klimmen.
- Verzeker u ervan dat de gebruikers van de wandelwagen goed weten hoe hij werkt.
- Na de veiligheidsgordels te hebben verwijderd (bijv. om ze te wassen), verzekert u zich ervan dat ze met behulp van de verankeringspunten weer goed worden aangebracht. De gordels moeten opnieuw afgesteld worden. Om te controleren of de gordels goed zijn bevestigd (aan het oppervlak aan de achterkant van de zitting), trek je hard aan het uiteinde van de gordels als het kind in het stoeltje zit en is vastgezet.
- Gebruik de rem telkens wanneer u stopt.
- Om gevaar voor wurging te voorkomen mag u het kind geen voorwerpen met touwen geven of ze binnen het bereik van het kind laten liggen.
- Kijk goed uit als u een trede of de stoep op- of afgaat.
-
Als u de wandelwagen gedurende lange tijd in de zon laat staan, wacht dan tot hij afgekoeld is voordat u het kind erin zet. Door lang in de zon te staan kunnen de materialen en stoffen van kleur veranderen.
-
Gebruik het artikel niet als er onderdelen stuk of gescheurd zijn, of ontbreken.
- Zorg ervoor dat de wandelwagen niet in aanraking komt met zilt water om roestvorming te voorkomen.
- Gebruik de wandelwagen niet op het strand.
TIPS VOOR HET REINIGEN EN HET ONDERHOUD
Dit artikel heeft geregeld onderhoud nodig. Reiniging en onderhoud mogen alleen door een volwassene worden gedaan.
REINIGEN
De stof van de wandelwagen kan verwijderd worden (raadpleeg het hoofdstuk "Afneembaarheid"). Zie de wasetiketten om de stoffen gedeeltes te reinigen. Hieronder worden de wassymbolen met hun betekenis weergegeven:
Met koud water met de hand wassen
Niet bleken
Niet in de droogtrommel drogen
Niet strijken
Niet chemisch laten reinigen





Reinig de kunststof delen regelmatig met een vochtige doek. Na eventuele aanraking met water moeten de metalen delen afgedroogd worden om roestvorming te voorkomen.
ONDERHOUD
Smeer de bewegende delen indien nodig met droge siliconenolie. Controleer periodiek de slijtagestaat van de wielen en houd ze vrij van stof en zand. Verzeker u ervan dat de kunststof delen, die over de metalen buizen lopen, vrij zijn van stof, vuil en zand om wrijving te voorkomen, wat de goede werking van de wandelwagen kan schaden. Berg de wandelwagen op een droge plaats op.
ALGEMENE INSTRUCTIES
- Breng het voorwiel aan door het in de hiervoor bestemde pin te steken tot u de vergrendelklik hoort (Fig. 1). Herhaal deze handeling bij het andere wiel.
LET OP: Verzeker u er voor het gebruik van dat de wielen goed zijn vastgezet.
UITKLAPPEN VAN DE WANDELWAGEN
LET OP: Let er bij deze handeling op dat het kind en eventuele andere kinderen zich op een veilige afstand bevinden. Verzeker u er tijdens deze fase van dat de bewegende delen van de wandelwagen niet in aanraking komen met het
lichaam van het kind.
- Open de sluitingshaak en duw de voorkant van de wandelwagen naar voren (fig. 2).
- Duw de achterste kruiskoppeling met de voet omlaag (fig. 3).
LET OP: verzeker u er voor het gebruik van dat de wandelwagen op de open stand vergrendeld is en controleer dat de achterste kruiskoppeling inderdaad vergrendeld is.
GEBRUIK VAN DE VEILIGHEIDSGORDELS
De wandelwagen is uitgerust met een veiligheidssysteem met vijf verankeringspunten bestaande uit twee schouderbanden, twee afstelknoopsgaten, een buikgordel en een tussenbeenstuk met gesp.
Na de veiligheidsgordels te hebben verwijderd (bijv. om ze te wassen), verzekert u zich ervan dat ze met behulp van de verankeringspunten weer goed worden aangebracht. De gordels moeten opnieuw afgesteld worden.
LET OP: om hem te gebruiken voor kinderen vanaf de geboorte tot ongeveer 6 maanden, moeten de schouder-gordels worden gebruikt; steek ze eerst door beide regelopeningen.
- Stel de hoogte van de schouderbanden af door ze, indien nodig, door de afstelopening te halen, zoals wordt getoond in figuur 4. Na het kind in de wandelwagen te hebben gezet, maakt u de veiligheidsgordels vast door eerst de twee vorken door de opening van de schouderbanden (fig. 4A en 4B) te halen en ze vervolgens in het tussenbeenstuk (fig. 4C) te doen. stel de lengte van de gordels af door ze op de schouder en het lichaam van het kind aan te laten sluiten. Druk op de zijvorken en trek eraan, om de buikgordel los te maken.
LET OP: om de veiligheid van uw kind te garanderen, moeten de veiligheidsgordels altijd gebruikt worden.
DE RUGLEUNING AFSTELLEN
De rugleuning kan op 5 standen worden afgesteld.
- Bevestig de twee stoffen panelen met de twee drukknopen aan de achterste buizen, zoals wordt getoond in figuur 5.
- Door op de knop op de rugleuning van de wandelwagen te drukken, kan de schuine stand ervan worden afgesteld. Door de knop los te laten, wordt de rugleuning op de dichtstbijzijnde stand vastgezet (fig. 6).
- Om de rugleuning omhoog te halen, duwt u hem tot de gewenste stand omhoog (fig. 7).
LET OP: Met het gewicht van het kind kunnen deze handelingen moeilijker zijn.
Voor meer comfort van het kind kan de voetensteun van de wandelwagen op 2 standen worden bevestigd.
- Om de positie van de voetensteun af te stellen draait u de twee 2 hendeltjes aan de zijkanten omhoog tot ze in de horizontale vergrendelstand staan (fig. 8).
- Om de voetensteun terug in de beginstand te zetten drukt u op de knoppen aan de zijkanten (fig. 9).
LET OP: de beensteun dient niet als beveiliging van het kind.
ACHTERSTE REMMEN
De achterwielen zijn uitgerust met samenwerkende remmen, waardoor met één enkel pedaal tegelijkertijd op beide achterwielgroepen wordt geremd.
- Om de wandelwagen te remmen, duwt u één van de twee hendels in het midden van de achterste wielgroepen naar beneden, zoals wordt getoond in afbeelding 10.
- Om het remsysteem te deblokkeren, duwt u één van de twee hendels in het midden van de achterste wielgroepen naar boven, zoals wordt getoond in afbeelding 11.
LET OP: Gebruik altijd de rem als u stopt. Laat de wandelwagen nooit met het kind erin op een helling staan, ook al zijn de remmen geactiveerd.
LET OP: Na de remhendel te hebben aangetrokken verzekert u zich ervan dat de remmen goed op beide achterwielgroepen geplaatst zijn.
De wandelwagen is uitgerust met zwenkende/vaste voorwielen. Aangeraden wordt de vaste wielen op bijzonder onregelmatig terrein te gebruiken. De wielen op de zwenkstand worden daarentegen aangeraden voor een betere manoeuvreerbaarheid van de wandelwagen op normale wegen.
- Om de voorwielen zwenkend te maken, duwt u de hendel aan de voorkant omhoog, zoals wordt getoond in figuur 12. Om de voorwielen op de vaste stand te zetten, trapt u de hendel met de voet omlaag. Het wiel wordt onafhankelijk van de stand waarop het zich bevindt op de rechte stand vergrendeld.
LET OP: Beide wielen moeten altijd tegelijkertijd worden vergrendeld of ontgrendeld.
ZOMER-WINTERKAP
- Om de kap te bevestigen maakt u de plastic clip op de speciale plaatsen vast, zoals wordt getoond in figuur 13A. Maak de achterkant van de kap vast aan de achterkant van de rugleuning van de wandelwagen met de daarvoor bedoelde knoppen (fig. 13B) om de montage van de kap op de zitting verder uit te voeren.
LET OP: De kap dient aan beide kanten van de wandelwagen te worden bevestigd. Controleer of hij goed is vastgemaakt. - Open de kap zoals wordt getoond in figuur 14A. Sluit de kap door het voorste gedeelte naar u toe te trekken, zoals wordt getoond in figuur 14B.
- De kap kan worden omgevormd tot een zomerse zonnekap. De flap achteraan kan met behulp van de ritssluiting en de knopen aan de achterkant van de rugleuning worden verwijderd (fig. 15).
- De kap kan verlengd worden in drie verschillende configuraties. De beginconfiguratie verzekert de standaardbescherming (Fig. 16A). Voor meer bescherming opent u het stoffen stuk op het voorste gedeelte van de kap (Fig. 16B). En voor een complete bescherming opent u tenslotte de ritssluiting op de kap en trekt u het resterende stuk stof uit (Fig.16C).
LET OP: Let er bij deze handeling op dat het kind en eventuele andere kinderen zich op een veilige afstand bevinden. Verzeker u er tijdens deze fase van dat de bewegende delen van de wandelwagen niet in aanraking komen met het lichaam van het kind. Voordat u de wagen sluit, controleert u ook dat de boodschappenmand leeg is.
- Om de wandelwagen in te klappen, trekt u de achterste kruiskoppeling (fig. 17A) omhoog en deblokkeert u het
pedaal onder de rechterkant van de wandelwagen met de voet (zie figuur 17B).
- Om het sluiten te voltooien, duwt u de handgrepen naar voren (fig. 18).
- Als de wandelwagen is ingeklapt, blokkeert de haak op de zijkant hem automatisch op de gesloten stand (zie fig. 19) en voorkomt dat hij ongewenst weer wordt geopend.
DE BEKLEDING VERWIJDEREN
De stof van de wandelwagen kan volledig verwijderd worden.
- Om de stof te verwijderen, tilt u de voetensteun op (fig. 20A). Maak vervolgens de gespen (fig. 20B) los, de drukknopen op de zitting (fig. 20C) en de velcrobandjes rond het onderste gedeelte van de buis van de rugleuning (fig. 20D). Neem de hoes weg en let erop dat u de veiligheidsgordels er doorheen haalt.
- Maak de drukknopen los die zich op de achterste buizen van de wandelwagen bevinden, zoals in figuur 21A wordt getoond. Maak drukknoop A open en neem de twee haken B en C onder het stoffen paneel op de zijkant van de wandelwagen weg (fig. 21B). Haal de hoes tenslotte van de rugleuning door hem omhoog te trekken. Om de wandelwagen weer te bekleden herhaalt u de hiervoor beschreven handelingen in omgekeerde volgorde.
LET OP: controleer regelmatig de spanning van de riem onder de zitting (fig. 20B).
Als de riem loszit, moet u hem vasttrekken.
ACCESSOIRES
LET OP: Het kan zijn dat de vervolgens beschreven accessoires bij enkele uitvoeringen van het product niet aanwezig zijn. Lees de instructies betreffende de accessoires die aanwezig zijn bij de door u gekochte uitvoering aandachtig door.
MULTIFUNCTIONELE MAND
De wandelwagen kan uitgerust zijn met een multifunctionele mand.
22. Bevestig de mand door de voorste lussen door de steunen A te steken. Bevestig de velcrobandjes rond de buizen B. Laat de achterste bandjes tenslotte rond de buizen C lopen en maak de drukknopen vast (fig. 22).
REGENHOES
De wandelwagen kan worden uitgerust met regenbekleding.
- Voordat u de regenhoes vastmaakt, laat u de bandjes op de plaatsen die in figuur 23 worden getoond om de buizen van de wandelwagen lopen en maakt u het klittenband op de achterzijde van de regenhoes vast.
Laat de regenhoes na het gebruik aan de lucht drogen (als ze nat is) alvorens ze op te vouwen en op te bergen.
LET OP: De regenhoes mag niet zonder kap of zonnekap op de wandelwagen worden gebruikt, omdat het kind hierdoor kan stikken. Laat de wandelwagen met het kind erin nooit in de zon staan als de regenhoes op de wandelwagen is gemonteerd om gevaar voor oververhitting te voorkomen.
VOETENZAK
Sommige uitvoeringen kunnen worden uitgerust met voetenzak, ideaal voor een koud klimaat.
24. De voetenzak is uitgerust met lussen om de veiligheids-gordels doorheen te halen als hij wordt gebruikt (fig. 24).
- Plaats de voetenzak zoals in figuur 25 wordt getoond en maak de drukknopen op de getoonde plaatsen vast.
LET OP: gebruik de voetenzak altijd door de veiligheids-gordels door de speciale openingen te halen.
LET OP: Controleer de temperatuur van de plaats waar het kind zich bevindt. Bedek het kind niet teveel.
VOETENZAK
- De voetenzak kan via de ritssluiting en door het onderste gedeelte van fleece te verwijderen in een voetenbekleding worden omgevormd (fig. 26).
- Om de voetenbekleding aan te brengen, draait u de lussen om de buizen van de wandelwagen en op de plaatsen die worden getoond in afbeelding 27.
VEILIGHEIDSBEUGEL
- Om de veiligheidsbeugel te verwijderen drukt u op de twee knoppen op de zijkant van de beugel (fig. 28) en trekt u hem naar u toe. Open één kant van de stoot-bumper, om het kind gemakkelijker in de wandelwagen te kunnen zetten.
- Om de veiligheidsbeugel terug aan het frame te bevestigen steekt u de twee plastic uiteinden van de veiligheidsbeugel in de speciale steunen, zoals wordt getoond in figuur 29.
LET OP: Maak het kind altijd met de veiligheidsgordels vast. De veiligheidsbeugel is GEEN bevestigingssysteem voor het kind.
LET OP: de veiligheidsbeugel mag niet gebruikt worden om het artikel op te tillen.
DRAAGHANDGREEP
- Om de gesloten wandelwagen gemakkelijker te vervoeren is hij voorzien van een handige draaghandgreep (fig. 30).
COMFORT-KIT
De wandelwagen kan voorzien worden van de Comfort-Kit, die bestaat uit 2 schouderbeschermstukken en een tussen-beenstuk.
31. Steek de schouderriemen in de beschermstukken, zoals getoond op afbeelding 31A, en steek het tussenbeenstuk in de daarvoor bedoelde opening (fig. 31B).
BELANGRIJKE OPMERKING: de afbeeldingen en instructies in dit boekje hebben betrekking op een bepaalde uitvoering van de wandelwagen; sommige onderdelen en functies die hier worden beschreven kunnen, afhankelijk van de door u gekochte uitvoering, anders zijn.
GARANTIE
Het product valt onder garantie tegen elke non-conformiteit binnen de normale gebruiksomstandigheden zoals voorzien in de gebruiksaanwijzingen.
De garantie is dus niet geldig in geval van schade veroorzaakt door oneigenlijk gebruik, slijtage of toevallige gebeurtenissen.
Voor de duur van de garantie inzake non-conformiteit verwijzen we naar de specifieke richtlijnen en de nationale normen die van toepassing zijn in het land van aankoop, indien deze voorzien zijn.

BRUKSANVISNING
VIKTIG INFORMATION VIKTIGT – SPARA DESSA IN- STRUKTIONER FÖR FRAMTIDA BEHOV.
OBS! TA FÖRST AV OCH SLÄNG EVENTUELLA PLASTPÅSAR OCH ALLA ANDRA KOMPONENTER AV FÖRPACKNINGSMATERIALET FÖRE ANVÄNDNING, ELLER FÖRVARA UTOM RÄCKHÅLL FÖR BARN.