Kärcher HD 13124 St - Hogedrukreiniger

HD 13124 St - Hogedrukreiniger Kärcher - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis HD 13124 St Kärcher in PDF-formaat.

📄 168 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice Kärcher HD 13124 St - page 63
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Kärcher

Model : HD 13124 St

Categorie : Hogedrukreiniger

Download de handleiding voor uw Hogedrukreiniger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HD 13124 St - Kärcher en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HD 13124 St van het merk Kärcher.

GEBRUIKSAANWIJZING HD 13124 St Kärcher

Prodotto: Idropulitrice Modelo: 1.524-xxx Direttive UE pertinenti 2006/42/CE (+2009/127/CE) 2014/30/UE Norme armonizzate applicate EN 55014–1: 2006+A1: 2009+A2: 2011 EN 55014–2: 2015 EN 60335–1 EN 60335–2–79 EN 61000–3–2: 2006+A1: 2009+A2: 2009 EN 61000–3–3: 2013 EN 62233: 2008 CEO Head of Approbation Accessori e ricambi Garanzia 61IT- 15 Data del controllo: Diagnosi: Data del controllo: Diagnosi: Data del controllo: Diagnosi: Data del controllo: Diagnosi: Servizio assistenza Tipo di impianto: Codice produttore: Data messa in funzione: Firma Firma Firma Firma 62 IT- 1 Lees vóór het eerste gebruik van uw apparaat deze originele gebruiksaanwijzing, ga navenant te werk en bewaar hem voor later gebruik of voor een latere eigenaar. Voor de eerste inbedrijfstelling de veilig- heidsaanwijzingen nr. 5.956-309 beslist doorlezen! Aanwijzingen betreffende de inhouds- stoffen (REACH) Huidige informatie over de inhoudsstoffen vindt u onder: www.kaercher.com/REACH – Overeenkomstige nationale voorschrif- ten van de wetgever voor stralers van vloeistoffen in acht nemen. – Overeenkomstige nationale voorschrif- ten van de wetgever inzake ongevallen- preventie in acht nemen. Stralers van vloeistoffen moeten regelmatig gecon- troleerd worden en het resultaat van de controle moet schriftelijk vastgelegd worden. – Veiligheidsvoorschriften die bij de ge- bruikte reinigingsmiddelen geleverd zijn (doorgaans op het verpakkingsetiket) in acht nemen. – Het apparaat mag uitsluitend geïnstal- leerd worden door een vakbedrijf dat de overeenkomstige nationale voorschrif- ten in acht neemt. – Het apparaat mag uitlsuitend aan een elektrische aansluiting aangesloten worden die werd uitgevoerd door een electricien conform IEC 60364-1. – Een beschadigde stroomleiding onmid- dellijk laten vervangen door geautori- seerde klantendienst / bevoegde elec- tricien. – Voor werkzaamheden aan het apparaat altijd eerst de stekker uit het stopcon- tact halen. – Netstekker en stopcontact moeten ook na de installatie vrij toegankelijk zijn. – De installatie dient door een aardlek- schakelaar met een uitschakelstroom kleiner dan of gelijk aan 30 mA geze- kerd te worden. – Het apparaat mag alleen door perso- nen worden gebruikt die voor de om- gang ermee zijn opgeleid of hun vaar- digheden in het bedienen hebben aan- getoond en uitdrukkelijk de opdracht hebben gekregen voor het gebruik. – Het apparaat mag niet worden gebruikt door kinderen of jongeren. Hogedrukstralen kunnen ge- vaarlijk zijn wanneer ondeskun- digen het apparaat bedienen. U mag de straal mag niet richten op personen, dieren, onder stroom staande voorwerpen of de hogedrukreiniger zelf. GEVAAR Verwijzing naar een onmiddellijk dreigend gevaar dat tot ernstige en zelfs dodelijke li- chaamsverwondingen leidt. 몇 WAARSCHUWING Verwijzing naar een mogelijke gevaarlijke situatie die tot ernstige en zelfs dodelijke li- chaamsverwondingen kan leiden. 몇 VOORZICHTIG Verwijzing naar een mogelijk gevaarlijke si- tuatie die tot lichte verwondingen kan lei- den. LET OP Verwijzing naar een mogelijke gevaarlijke situatie die tot materiële schade kan leiden. Aan de pompeenheid wordt de installatie alleen in- en uitgeschakeld. Meer werk- plaatsen bevinden zich al naar gelang de opbouw van de installatie aan de optioneel aangesloten apparatuur (spuit-installaties), die aan de tappunten worden aangesloten. – Draag de juiste beschermende kleding en een veiligheidsbril ter bescherming tegen terugspattend water. Beveiligingselementen dienen ter bescher- ming van de gebruiker en mogen niet bui- ten gebruik gesteld worden of in de functie omgaan worden. Die verhindert onbedoeld starten van het apparaat. Bij werkonderbrekingen of bij het beëindigen van de werking uitschakelen. De veiligheidspal aan het handspuitpistool verhindert onbedoeld inschakelen van het apparaat. – Bij het verlagen van de waterhoeveel- heid met de druk-/volumeregeling gaat de overstroomklep open en stroomt een deel van het water terug naar de zuigkant van de pomp. – Wordt de hendel van het handspuitpi- stool losgelaten, dan schakelt de druk- schakelaar de pomp uit en stopt de ho- gedrukstraal. Wordt de hendel aange- trokken, dan schakelt de drukschake- laar de pomp weer in. Overstroomklep en drukschakelaar zijn in de fabriek ingesteld en verzegeld. Instelling uitsluitend door de klantendienst. Inhoud Zorg voor het milieu. . . . . . . . . NL 1 Veiligheidsinstructies . . . . . . . . NL 1 Reglementair gebruik . . . . . . . NL 2 Functie. . . . . . . . . . . . . . . . . . . NL 3 Apparaat-elementen . . . . . . . . NL 4 Bediening. . . . . . . . . . . . . . . . . NL 4 Vervoer . . . . . . . . . . . . . . . . . . NL 5 Opslag van het apparaat . . . . . NL 5 Onderhoud. . . . . . . . . . . . . . . . NL 5 Hulp bij storingen. . . . . . . . . . . NL 7 Technische gegevens . . . . . . . NL 9 Toebehoren . . . . . . . . . . . . . . . NL 11 Installatievoorschriften. . . . . . . NL 13 EU-conformiteitsverklaring . . . NL 14 Toebehoren en reserveonder- delen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . NL 14 Garantie. . . . . . . . . . . . . . . . . . NL 14 Klantenservice. . . . . . . . . . . . . NL 15 Zorg voor het milieu Het verpakkingsmateriaal is her- bruikbaar. Deponeer het verpak- kingsmateriaal niet bij het huis- houdelijk afval, maar bied het aan voor hergebruik. Onbruikbaar geworden appara- ten bevatten waardevolle mate- rialen die geschikt zijn voor her- gebruik. Lever de apparaten daarom in bij een inzamelpunt voor herbruikbare materialen. Batterijen, olie en dergelijke stof- fen mogen niet in het milieu be- landen. Verwijder overbodig ge- worden apparatuur daarom via geschikte inzamelpunten. Gelieve motorolie, stookolie, diesel en benzine niet in het milieu te laten terecht- komen. Gelieve de bodem te beschermen en oude olie op milieuvriendelijke manier te verwijderen. Veiligheidsinstructies Symbolen op het toestel Verbrandingsgevaar door hete oppervlakken! Verwondingsgevaar! Waar- schuwing voor gevaarlijke elektrische spanning. Gevarenniveaus Werkplaatsen Persoonlijke bescherming Bij het reinigen van ge- luidsversterkende onder- delen dient men gehoorbe- scherming te dragen ter voorkoming van gehoorbe- schadigingen. Veiligheidsinrichtingen Apparaatschakelaar Veiligheidspal Overstroomklep met drukschakelaar 63NL- 2 Het spoelbeschermcontact in de motor- spoel van de pompaandrijving schakelt de motor uit bij een thermische overbelasting. (Enkel bij HD 13/12-4 ST...). Indien het apparaat gedurende langere tijd niet gebruikt wordt (instelbaar 5...120 minu- ten), schakelt het apparaat uit. Indien de bedrijfstijd (zonder werkonder- breking) een instelbare waarde (5...120 mi- nuten), schakelt het apparaat uit. Bij een te hoge stroomopname schakelt de motorveiligheidsschakelaar het apparaat uit. Bij ondichtheden in het hogedruksysteem wordt het apparaat uitgeschakeld. Na afloop van de stand-by-tijd gaat een magneetventiel in het hogedruksysteem open en wordt de druk afgelaten. De watertekortbeveiliging in het vlotterre- servoir voorkomt dat de hogedrukpomp bij een tekort aan water droogloopt. – Dit apparaat pompt water onder hoge druk naar nageschakelde hogedrukrei- nigingsinrichtingen. Indien nodig wordt reinigingsmiddel aangezogen en bij het water gevoegd. – De installatie wordt vast in een droge en vorstvrije ruimte geïnstalleerd. Het ho- gedrukwater wordt via een vast-geïn- stalleerd buizennetwerk gedistribueerd. Alternatief kan een handspuitpistool met een hogedrukslang direct aan de hogedrukuitgang van het apparaat aan- gesloten worden. – De installatie moet zodanig aan een wand gemonteerd worden dat de ach- terste opening door de wand afgesloten wordt. GEVAAR Verwondingsgevaar! Bij het gebruik aan tankstations of andere gevaarlijke zones overeenkomstige veiligheidsvoorschriften in acht nemen. LET OP Als hogedrukmedium mag uitsluitend schoon water worden gebruikt. Verontreini- gingen geven aanleiding tot vroegtijdige slijtage of afzettingen in het apparaat. Als gerecycleerd water wordt gebruikt, mo- gen de volgende grenswaarden niet over- schreden worden. Spoelbeschermcontact Bedrijfsklaarheid Slangbreukbeveiliging Motorveiligheidsschakelaar Lekbewaking Drukontlasting (optie) Watertekortbeveiliging (optie) Reglementair gebruik Gelieve mineraaloliehoudend afvalwater niet in de grond, waterlopen of rioleringen laten terechtkomen. Gelieve de motorreini- ging en bodemreiniging daarom alleen op geschikte plaatsen met olieafscheider uit te voeren. Eisen aan de waterkwaliteit pH-waarde 6,5...9,5 elektrische geleidbaarheid

/l) IJzer < 0,5 mg/l Mangaan < 0,05 mg/l Koper < 2 mg/l Actieve chloor < 0,3 mg/l vrij van kwalijke geurtjes

  • Maximum in totaal 2000 µS/cm ** Testvolume 1 l, afzettijd 30 min *** geen abrasieve stoffen 64 NL- 3 1 Magneetventiel watertoevoer (aan- bouwset, optie) 2 Wateringang 3 Vlotterventiel 4 Reservoir onthardingsvloeistof met magneetventiel (4.1), enkel bij uit- voering ST-H (optie bij uitvoering ST) 5 Voordrukpomp, enkel bij uitvoering ST-

6 Hogedrukpomp 7 Overstroomklep 8 Terugslagventiel 9 Drukschakelaar 10 Injector reinigingsmiddel 11 Drukontlastklep (aanbouwset, optie) 12 Trillingsdemper 13 Hogedruk-uitgang 14 Leidingen (optie) 15 Hogedrukslang 16 Handpistool met afsluitventiel (16.1) en druk-/volu- meregeling (16.2) 17 Hogedruksproeier (drievoudige sproei- er) 18 Terugslagklep aanzuiging van reini- gingsmiddel onder lage druk 19 Reinigingsmiddel-doseerapparaat 20 Niveausensor reinigingsmiddel (aan- bouwset, optie) bestaand uit 1 reinigingsmiddel-mag- neetventiel (20.1) en 1 reinigingsmid- del-niveausensor (20.2). 21 Reinigingsmiddeltank 22 Reinigingsmiddeldosering 2e reini- gingsmiddel (aanbouwset, optie), be- staand uit 1 reinigingsmiddel-doseer- ventiel (22.1), 1 reinigingsmiddel-mag- neetventiel (22.2), 1 reinigingsmiddel- niveausensor (22.3) 23 Reinigingsmiddeldosering onder hoge druk (aanbouwset, optie), bestaand uit 1 reinigingsmiddelpomp (23.1) en 1 rei- nigingsmiddel-niveausensor (23.2) 24 Reinigingsmiddeldosering tweevoudig onder hoge druk (aanbouwset, optie), bestaand uit 1 doseerventiel voor reini- gingsmiddel (24.1) en 2 reinigingsmid- delpomp (24.2) en 2 reinigingsmiddel- niveausensor (24.3) 25 Waterfilter (optie) Bij een afname van de volledige waterhoe- veelheid stroomt het water via de waterin- gang, de vlotterschakelaar, de voordruk- pomp heet water en de hogedrukpomp naar de hogedrukuitgang. Indien slechts een deel van het door de pomp gepompte water nodig is, stroomt de resthoeveelheid via de hoeveelheidsrege- ling terug naar de zuigzijde van de hoge- drukpomp. Reinigingsmiddel wordt aangezogen via de injector voor reinigingsmiddel en met het doseerventiel voor reinigingsmiddel gedo- seerd. Om de aanzuiging te activeren, moet de multi-sproeier op „CHEM“ (lagedruk-vlak- straal) gezet zijn. Met de aanbouwset Reinigingsmiddeldo- sering onder hoge druk (optie) kan reini- gingsmiddel door een reinigingsmiddel- pomp toegevoerd worden. Indien de systeemdruk tijdens de bedrijfs- klaarheid daalt door het openen van een verbruiker, dan schakelt de drukschakelaar de hogedrukpomp in. Door onthardingsvloeistof toe te voegen, wordt de vorming van kalkafzettingen bij het bedrijf met heet water verhinderd. Van- af een waterhardheid „Gemiddeld“ (8,4 - 14 °dH) en een aanvoertemperatuur van meer dan 60°C moet de aanbouwset Wateront- harding (DGT) ingebouwd worden of een externe wateronthardingsinstallatie voor- handen zijn. ST-H apparaten zijn geschikt voor gebruik met heet water tot 85 °C, ST- apparaten voor een watertoevoertempera- tuur tot 70°. Functie Stroomschema Volledig pompvermogen Gedeeltelijke afname Reinigingsmiddel Automatische pompstart Onthardingssysteem 65NL- 4 Apparaatkap verwijderd. 1 Oliereservoir 2 Olie-aftapschroef 3 Apparaatschakelaar 4 Elektrische kast 5 Reinigingsmiddel-doseerapparaat 6 Reservoir onthardingsvloeistof (optie) 7 Vlotterhouder 8 Bedrijfsurenteller (optie) 9 Voordrukpomp (enkel uitvoering ST-H) 10 Steekverbindingen voor aanbouwsets 11 Wateringang (HD 7/16, HD 8/19) 12 Bevestigingsschroef apparaatkap 13 Drukschakelaar 14 Trillingsdemper 15 Stroomkabel met stekker (niet bij alle uitvoeringen) 16 Hogedrukaansluiting EASY!Lock 17 Wateringang (HD 13/12) 18 Hogedrukpomp 1 Controlelampje Brandt groen: Apparaat bedrijfsklaar. Knippert groen: Stand-by-tijd afgelo- pen of max. duur van continu bedrijf overschreden (slangbreukbeveiliging). Brandt geel: Onthardingsvloeistof bij- vullen (optie) Knippert geel: Watertekort (optie) Brandt rood: Ondichtheid in het hoge- druksysteem. 2 Apparaatschakelaar 3 Controlelampje reinigingsmiddel Brandt bij een lege reinigingsmiddel- container (optie). 4 Reinigingsmiddel-doseerventiel I 5 Reinigingsmiddel-doseerventiel II (op- tie) 1 Veiligheidspal 2 Hendel 3 Handspuitpistool EASY!Force 4 Veiligheidshendel 5 Druk-/volumeregeling (optie) 6 Straalbuis EASY!Lock 7 Markering van de drievoudige sproeier 8 Drievoudige sproeier EASY!Lock 9 Hogedrukslang EASY!Lock De gebruiker moet het apparaat voor het juiste doel gebruiken. De gebruiker moet rekening houden met de plaatselijke om- standigheden en speciaal letten op perso- nen die zich in de buurt bevinden. Laat het apparaat niet zonder toezicht ach- ter zolang het aan staat. GEVAAR – Apparaat nooit gebruiken met een ge- sloten apparaatkap. – Verwondingsgevaar! Apparaat, toe- voerleidingen, hogedrukslang en aan- sluitingen moeten in een perfecte toe- stand zijn. Indien de toestand niet per- fect is, mag het apparaat niet gebruikt worden. GEVAAR – Richt de hogedrukstraal niet op ande- ren of op uzelf, bijvoorbeeld om het rei- nigen van kleding of schoeisel. – Verwondingsgevaar door wegvliegen- de delen! Wegvliegende stukken of voorwerpen kunnen personen of dieren verwonden. Richt de waterstraal nooit op breekbare of losse voorwerpen. GEVAAR Langere gebruiksduur van het apparaat kan door de trillingen leiden tot doorbloe- dingsstoornissen in de handen. Een algemeen geldende duur voor het ge- bruik kan niet vastgelegd worden aange- zien die afhangt van verschillende factoren: – persoonlijke neiging tot slechte door- bloeding (vaak koude vingers, kriebe- len van de vingers). – Lage omgevingstemperatuur. Warme handschoenen dragen ter bescherming van de handen. – Stevig vasthouden hindert de doorbloe- ding. – Ononderbroken werking is slechter dan een werking met pauzen. Bij een regelmatig, langdurig gebruik van het apparaat en bij herhaaldelijk optreden van die symptomen (bijvoorbeeld kriebelen van de vingers, koude vingers) bevelen wij een medisch onderzoek aan. GEVAAR Verwondingsgevaar door naar buiten ko- mende, eventueel hete waterstraal! Controleer de hogedrukslang, de leidin- gen, armaturen en de straalpijp voor elk gebruik op beschadigingen. Lekkende onderdelen dienen direct te worden vervangen en lekkende verbin- dingen te worden afgedicht. Controleer of de slangkoppeling goed vast zit en niet lek is. LET OP Gevaar voor beschadigingen door drooglo- pen. Peil reinigingsmiddeltank controleren en indien nodig reinigingsmiddel bijvul- len. Peil onthardingsvloeistof controleren en indien nodig bijvullen. Apparaat-elementen Bedieningselementen Bediening Veiligheidsaanwijzingen Klaarmaken voor bedrijf 66 NL- 5 Handspuitpistool openen: Veiligheids- hendel en hendel bedienen. Handspuitpistool sluiten: Veiligheids- hendel en hendel loslaten. Instructie: Het apparaat is uitgerust met een druk- schakelaar. De motor start enkel als de hendel van het pistool is aangetrokken. Open de watertoevoer. Steek de netstekker in de contactdoos. (enkel bij varianten met stroomkabel en netstekker). Apparaatschakelaar op "I" zetten. Het controlelampje brandt groen. Handspuitpistool ontgrendelen, daar- voor de vergrendelingspal naar achte- ren schuiven. Handspuitpistool openen. GEVAAR Let er bij het instellen van de druk-/hoe- veelheidsregeling op dat de schroefverbin- ding van de straalpijp niet loskomt. Werkdruk en waterhoeveelheid instel- len (+/-) door aan de druk- en volumere- geling (optie) te draaien (traploos). Handspuitpistool sluiten. Behuizing van de sproeier draaien tot het gewenste symbool overeenstemt met de markering: 몇 VOORZICHTIG Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen het apparaat en het te reinigen object be- schadigen. Alleen reinigingsmiddelen ge- bruiken die vrijgegeven zijn door Kärcher. Aanbevolen dosering en instructies bij de reinigingsmiddelen in acht nemen. Ter mi- lieubescherming zuinig omspringen met reinigingsmiddelen. Veiligheidsinstructies op de reinigingsmid- delen in acht nemen. Kärcher-reinigingsmiddelen garanderen een storingsvrije werking. Laat u adviseren of vraag onze catalogus of informatiebla- den van de reinigingsmiddelen aan. Reinigingsmiddelvat onder het appa- raat. Aanzuigslang voor reinigingsmiddel in het reinigingsmiddelvat hangen. Sproeier op „CHEM“ stellen. Reinigingsmiddel-doseerapparaat op gewenste concentratie stellen. Reinigingsmiddel in geringe hoeveel- heid op het droge oppervlak sproeien en laten inwerken (niet laten opdro- gen!). Spoel losgeraakt vuil er met de hoge- drukstraal af. Na het gebruik de filter in zuiver water dompelen. Doseerklep op de hoogste concentratie draaien. Apparaat starten en gedurende een minuut schoonspoe- len. Handspuitpistool sluiten. Het apparaat wordt uitgeschakeld. Handspuitpistool beveiligen, daarvoor de vergrendelingspal naar voren schui- ven. Na de onderbreking: Handspuitpistool ontgrendelen, daar- voor de vergrendelingspal naar achte- ren schuiven. Handspuitpistool openen. Het apparaat wordt opnieuw ingescha- keld. Door het sluiten van het handspuitpistool start de stand-by-tijd. Na afloop van de stand-by-tijd (5 tot 120 minuten) kan het apparaat niet meer door openen van het handspuitpistool worden gestart. Het controlelampje knippert groen. Om het apparaat opnieuw in werking te stellen de schakelaar kort op „0“ en ver- volgens opnieuw op „I“ stellen. Instructie: De stand-by-tijd kan ingesteld worden door de klantendienst. Apparaatschakelaar op „0“ stellen. Kort wachten. Apparaatschakelaar op "I" zetten.

Overeenkomstige schakelaar op de af- standsbediening (optie) bedienen. Watertoevoer sluiten. Handspuitpistool openen. Pomp met apparaatschakelaar inscha- kelen en 5-10 seconden laten draaien. Handspuitpistool sluiten. Apparaatschakelaar op „0/OFF“ stellen. Stekker alleen met droge handen uit het stopcontact trekken. (enkel bij varianten met stroomkabel en netstekker). Wateraansluiting verwijderen. Handspuitpistool bedienen tot het ap- paraat drukvrij is. Handspuitpistool beveiligen, daarvoor de vergrendelingspal naar voren schui- ven. LET OP Vorst vernielt het onvolledig leeggemaakte apparaat. Het apparaat moet in vorstvrije ruimtes worden geplaatst. Indien er gevaar voor vorst bestaat, bijv. bij installaties buiten, moet het apparaat leeg worden gemaakt en met anti-vriesmiddel worden doorge- spoeld. Watertoevoerslang van het apparaat afschroeven. Hogedrukslang van het apparaat los- schroeven. Apparaat laten draaien tot de pomp en de leidingen leeg zijn (max. 1 minuut). Bij langere pauzen: In de handel gebruikelijke antivries tot bovenaan in vlottercontainer vullen. Opvangbak onder de hogedruk-uitgang zetten. Apparaat inschakelen en laten draaien tot het apparaat volledig doorgespoeld is. Nood-Uit-hoofdschakelaar op „0“ zet- ten. Watertoevoer sluiten. Handspuitpistool bedienen tot het ap- paraat drukvrij is. Bevestigingsschroef van de apparaat- kap eruit draaien. Apparaatkap licht optillen en naar voren wegnemen. 몇 VOORZICHTIG Gevaar voor letsels en beschadigingen! Houd bij het transport rekening met het ge- wicht van het apparaat. LET OP Hendel tijdens het transport beschermen tegen beschadiging.

Bij het transport in voertuigen moet het apparaat conform de geldige richtlijnen beveiligd worden tegen verschuiven en kantelen. 몇 VOORZICHTIG Gevaar voor letsel en beschadiging! Het gewicht van het apparaat bij opbergen in acht nemen. GEVAAR Verwondingsgevaar! Schakel bij alle on- derhouds- en reparatiewerkzaamheden de apparaatschakelaar uit. Trek de stekker uit en beveilig hem tegen opnieuw aansluiten. GEVAAR Verwondingsgevaar door naar buiten ko- mende, eventueel hete waterstraal! Bij alle werkzaamheden: – Afsluiter verswater sluiten. – Hete installatieonderdelen laten afkoelen. Handspuitpistool openen/sluiten Werken met hoge druk Straalsoort kiezen Ronde hogedrukstraal (0°) voor bijzonder hardnekkig vuil Vlakke lagedrukstraal (CHEM) voor de werking met reinigings- middel of reinigen met een lage druk Vlakke hogedrukstraal (25°) voor uitgestrekt vuil Werking met reinigingsmiddel Aanbevolen reinigingsmethode Werking onderbreken Bedrijfsklaarheid Stand-by-tijd opnieuw starten Apparaat uitschakelen Vorstbescherming Apparaat leegmaken Uitschakelen in noodgevallen Apparaatkap wegnemen Vervoer Opslag van het apparaat Onderhoud 67NL- 6 – Installatie drukloos maken door alle handspuitpistolen te openen. Basisprincipe voor een gebruiksveilige in- stallatie is het regelmatige onderhoud vol- gens het volgende onderhoudsplan. Gebruik uitsluitend originele reserveonder- delen van de fabrikant of door hem aanbe- volen onderdelen zoals – reserve- en slijtageonderdelen – accessoires – bedrijfsstoffen – Reinigingsmiddel Met uw handelaar kunt u een regelmatige veiligheidsinspectie afspreken of een on- derhoudscontract afsluiten. Gelieve ons advies te vragen. Veiligheidsinspectie/ onderhoudscontract Onderhoudsschema Tijdstip Handeling Betrokken component Uitvoering door wie dagelijks Handspuitpistool controleren Handspuitpistool Controleer of het handspuitpistool lekvrij afsluit. Con- troleer of de beveiliging tegen onbedoeld gebruik goed functioneert. Vervang defecte handspuitpisto- len. Exploitant controleren Netkabel (enkel bij varianten met stroom- kabel en netstekker). Stroomkabel regelmatig controleren op beschadigin- gen zoals bijvoorbeeld scheuren of ouderdom. Indien een beschadiging wordt vastgesteld, moet de kabel vervangen worden vooraleer verdergewerkt wordt. Exploitant/ klantendienst Vulpeil controle- ren Reinigingsmiddeltank, aan- bouwset ontharder (optie) Peil controleren en indien nodig bijvullen. Exploitant Controleer hoge- drukslangen Uitgangsleidingen, slangen naar de apparatuur Inspecteer slangen op beschadiging. Vervang defec- te slangen direct. Kans op ongelukken! Exploitant Na 40 bedrijfsu- ren of wekelijks Dichtheid instal- latie inspecteren gehele installatie Pompen en leidingsysteem op lekken controleren. Bij verlies van olie of lekken van meer dan 10 druppels water per minuut klantendienst hiervan op de hoogte stellen. Exploitant/ klantendienst Conditie van de olie controleren Olietank van de pomp Als de olie melkachtig is, dient het te worden vervan- gen. Het is aanbevelenswaardig in dat geval even- eens de oliedichting van de pomp te vervangen (klantendienst). Exploitant/ klantendienst Controleer de oliestand Olietank van de pomp Controleer het oliepeil in de pomp. Indien nodig olie (bestelnr. 6.288-016) bijvullen. Exploitant Filter reinigen Filter aan de reinigingsmiddel- zuigslang Filter aan de reinigingsmiddel-zuigslang reinigen. Exploitant Trillingsdemper controleren Trillingsdemper Als de pomp heviger trilt dan anders is de trillings- demper defect. Trillingsdemper vervangen. Klantenser- vice maandelijks of na 200 bedrijfsuren Zeef reinigen Zeef in de watertoegang Zeef demonteren en reinigen. Exploitant Vlotterklep con- troleren Vlotterhouder Bij een gesloten vlotterklep mag geen water aan de overloop ontsnappen. Exploitant Automatische in- schakeling con- troleren Drukschakelaar Pomp staat stil aangezien geen waterafname plaats- vindt. Handspuitpistool openen. Indien de druk in het hogedruknet onder 3 MPa daalt, moet de pomp in- schakelen. Exploitant Slangklemmen vasttrekken Alle slangklemmen Slangklemmen met draaimomentsleutel aandraaien. Draaimoment tot 28 mm nominale diameter = 2 Nm, vanaf 29 mm = 6 Nm. Exploitant Jaarlijks of na 1000 bedrijfsuren Olieverversing Hogedrukpomp Olie aftappen. Nieuwe olie vullen. Vulpeil van de olie- tank controleren. Exploitant Installatie op ver- kalking controle- ren Geheel watersysteem Functionele storingen van ventielen of pompen kun- nen wijzen op verkalking. Eventueel ontkalken. Voor ontkal- king inge- werkte bedie- ner jaarlijks Veiligheidscon- trole gehele installatie Veiligheidscontrole volgens de richtlijnen voor vloei- stofsproeiers. Deskundige 68 NL- 7 Om een betrouwbare werking van de in- stallatie te garanderen, raden u aan om een onderhoudscontract af te sluiten. Ge- lieve contact op te nemen met uw betref- fende Kärcher-klantenservice. Wie mag onderhoudswerkzaamheden uitvoeren? Exploitant Werkzaamheden met de aanduiding 'Exploitant' mogen alleen door ge- schoolde personen uitgevoerd worden die de hogedrukinstallatie veilig kunnen bedienen en onderhouden. Electriciens Uitsluitend personen met een beroeps- opleiding in elektrotechniek. Klantendienst Werkzaamheden met de aanduiding „Klantenservice“ mogen alleen door monteurs van de Kärcher-klantenser- vice worden uitgevoerd. WAARSCHUWING Verbrandingsgevaar door hete olie en hete installatiedelen! Pomp voor olieverversing 15 minuten lang laten afkoelen. Instructie: Oude olie mag enkel door de voorziene verzamelpunten afgevoerd worden. Geef afgewerkte olie hier af. Het vervuilen van het milieu met oude olie is strafbaar. Oliesoort en vulhoeveelheid zie Techni- sche gegevens. 1 Oliereservoir 2 Olie-aftapschroef Opvangbak onder de olie-aftapschroef zetten. Deksel van de olietank verwijderen. Olieaftapschroef uitdraaien en olie op- vangen. Olieaftapschroef indraaien en vast aan- draaien. Nieuwe olie langzaam tot de „MAX“ markering aan het oliereservoir vullen. Deksel van het oliereservoir aanbren- gen. Oude olie op milieuvriendelijke wijze verwijderen of bij een geautoriseerde instantie indienen. Kalkafzettingen leiden tot: – grotere buisleidingsweerstanden – eventueel tot de uitval van verkalkte componenten GEVAAR – Explosiegevaar door brandbare gas- sen! Roken tijdens het ontkalken is ver- boden. Voor een goede ventilatie zor- gen. – Corrosiegevaar door zuren! Draag een veiligheidsbril en veiligheidshand- schoenen. Instructie: – Neem het voorschrift inzake ongeval- lenpreventie BGV A1 in acht. – Toepassingsinstructies op het etiket van de fles met ontkalkingsmiddel op- volgen. Voor de verwijdering mogen volgens wette- lijke bepalingen uitsluitend goedgekeurde ketelsteen-oplosmiddelen met keurmerk worden gebruikt. – RM 100 (Best.-Nr. 6.287-008) zorgt dat kalksteen en eenvoudige verbindingen van kalksteen en wasmiddelafzettingen oplossen. – RM 101 (Best.-Nr. 6.287-013) lost af- zettingen op die met RM 100 niet ver- wijderd kunnen worden. Instructie: Wij adviseren ter afsluiting een alkalische oplossing (bijv. RM 81) via het reinigings- middelreservoir door het apparaat heen te pompen als bescherming tegen corrosie en om de zuurresten te neutraliseren. Eerst de vlottercontainer ontkalken:

Watertoevoer sluiten. Deksel van de vlottercontainer wegne- men. Slang van de zijgzijde van de pomp naar de vlottercontainer aan de pomp- zijde lossen. Vrij uiteinde van de slang sluiten. Ontkalkingsoplossing van 7 % vullen. Na het ontkalken de resten volledig uit de container verwijderen. Ontkalken van de hogedrukinstallatie: hogedrukslang aan de netvoeding weg- nemen en in de vlottercontainer han- gen. Met het in de container voorbereide mengsel ter kalkoplossing kort in circu- latiestand laten lopen, laten inwerken, spoelen. GEVAAR Gevaar door elektrische schok. Verwondingsgevaar! Schakel bij alle on- derhouds- en reparatiewerkzaamheden de apparaatschakelaar uit. Trek de stekker uit en beveilig hem tegen opnieuw aansluiten. GEVAAR Verwondingsgevaar door naar buiten ko- mende, eventueel hete waterstraal! GEVAAR Ongevallengevaar bij het werkzaamheden aan de installatie! Bij alle werkzaamheden: – Afsluiter verswater sluiten. – Hete installatieonderdelen laten afkoe- len. – Installatie drukloos maken door alle handspuitpistolen te openen. Wie mag storingen oplossen? Exploitant Werkzaamheden met de aanduiding 'Exploitant' mogen alleen door ge- schoolde personen uitgevoerd worden die de hogedrukinstallatie veilig kunnen bedienen en onderhouden. Electriciens Uitsluitend personen met een beroeps- opleiding in elektrotechniek. Klantendienst Werkzaamheden met de aanduiding „Klantenservice“ mogen alleen door monteurs van de Kärcher-klantenser- vice worden uitgevoerd. Onderhoudscontract Onderhoudswerkzaamheden Olieverversing Ontkalken Hulp bij storingen 69NL- 8 Storing Mogelijke oorzaak Oplossing door wie Waterstraal is ongelijkmatig Sproeier verstopt. Sproeikop reinigen. Exploitant Watertoevoerhoeveelheid te laag Watertoevoer controleren. Exploitant Onvoldoende of geen aan- voer van reinigingsmiddel Dosering te laag ingesteld. Dosering verhogen. Exploitant Sproeier is ingesteld op hogedruk. Sproeier op „CHEM“ stellen. Exploitant Zuigfilter in de reinigingsmiddeltank vervuild. Zuigfilter reinigen. Exploitant Reinigingsmiddel-zuigslang ondicht. Zuigslang vervangen. Klantenservice Handmatig reinigingsmiddel-doseer- ventiel verstopt, defect. Controleren, reinigen, indien nodig vervan- gen. Klantenservice De pomp ontwikkelt onvol- doende druk Sproeier is ingesteld op „CHEM“ Sproeier op „Hogedruk“ stellen. Exploitant Lucht in de hogedrukpomp Apparaat ontluchten (zie „Installatievoor- schriften“). Exploitant Buisleidingsysteem aan de zijgzijde ondicht. Controleer de schroefverbindingen en slan- gen. Exploitant Onvoldoende water. Zorg voor voldoende watertoevoer. Exploitant Zeef in de wateringang vervuild. Zeef reinigen. Exploitant Hogedrukslang ondicht. Hogedrukslang vervangen. Klantenservice Buisleidingsysteem ondicht. Buisleidingsysteem herstellen. Klantenservice Volumeregeling defect. Volumeregeling controleren, herstellen. Klantenservice Ventiel in de pomp defect. Klep of ventiel vervangen. Klantenservice Hogedrukpomp klopt, ma- nometer (optie) oscilleert sterk Trillingsdemper defect. Trillingsdemper vervangen. Exploitant Waterpomp zuigt iets lucht aan. Controleer het aanzuigsysteem en dicht lek- ken. Exploitant Reinigingsmiddeltank leeg Reinigingsmiddeltank navullen. Exploitant Watertoevoertemperatuur te hoog. Watertemperatuur verlagen. Exploitant Watertoevoer verstopt. Zeef in wateringang reinigen, watertoevoer controleren. Exploitant Ventielschotel of ventielveer defect. Onderdelen vervangen. Klantenservice Voordrukpomp verkalkt of defect. Voordrukpomp controleren. Exploitant Installatie start niet bij het in- schakelen of bij het indruk- ken van de afstandsbedie- ning (optie) Hoofdschakelaar is uitgeschakeld. Inschakelen Exploitant Stroomtoevoer gebouw onderbroken. Inschakelen Exploitant Drukschakelaar defect Drukschakelaar vervangen. Klantenservice Motorveiligheidsschakelaar is geacti- veerd door overstroom of uitval van een fase van het stroomnet. Spanning van de 3 fasen controleren. Vakkundige elektri- cien / klantenservice Motorveiligheidsschakelaar is verkeerd ingesteld. Instellen volgens elektrisch schema. Vakkundige elektri- cien / klantenservice Motorveiligheidsschakelaar voor be- sturing en voordrukpomp is geacti- veerd. Motorveiligheidsschakelaar controleren. Vakkundige elektri- cien / klantenservice Stuurzekering aan de transformator defect. Oorzaak controleren, stuurzekering vervan- gen. Vakkundige elektri- cien / klantenservice Bedieingspaneel defect. Bedieningspaneel controleren, indien nodig vervangen. Klantenservice Pomp start tijdens de be- drijfsklaarheid niet als het handspuitpistool geopend wordt Drukschakelaar of kabel naar de druk- schakelaar defect. Drukschakelaar of kabel vernieuwen. Klantenservice Installatie schakelt niet uit Pomp zuigt lucht via leeggemaakte rei- nigingsmiddeltank. Reinigingsmiddeltank navullen, zuigleiding ontluchten. Exploitant Drukschakelaar defect. Drukschakelaar vervangen. Vakkundige elektri- cien / klantenservice 70 NL- 9 Technische gegevens HD 7/16-4 ST HD 7/16-4 ST-H HD 9/18-4 ST HD 9/18-4 ST-H HD 13/12-4 ST HD 13/12-4 ST-H Elektrische aansluiting Spanning V 400 230 440 220 400 230 440 220 400 230 440 220 Stroomsoort -- 3~ 3~ 3~ Frequentie Hz 50 60 50 60 50 60 Aansluitvermogen kW 5,0 6,8 7,3 Elektrische afzekering (traag) A 16 25 16 25 16 25 16 25 16 25 16 25 Beveiligingsklasse IPX5 Elektrische toevoerleiding mm

  • 2,542,542,542,542,542,54 Wateraansluiting Toevoerhoeveelheid (min.) l/h (l/min) 800 (13,3) 1000 (16,7) 1400 (23,3) Toevoerdruk (max.) MPa (bar) 1,0 (10) Toevoertemperatuur (max.) ST °C 70 Toevoertemperatuur (max.), ST-H °C 85 Capaciteit Werkdruk water (met stan- daardsproeier) MPa (bar) 3 p. 16
  • (30 p. 160
  • ) 4 p. 18
  • (40 p. 180
  • ) 3 p. 12
  • (30 ) Sproeiergrootte van de stan- daardsproeier p. 120

dB(A) 3 3 3 Gegarandeerd geluidsdrukniveau dB(A) 87 88 91 Bedrijfsstoffen Oliehoeveelheid l 0,5 0,75 1,25 Oliesoort -- SAE 90 Hypoid Maten en gewichten Breedte mm 533 Hoogte mm 790 Diepte mm 420 Gewicht, basisapparaat, ST kg 58 65 78 Gewicht, basisapparaat, ST-H kg 62 69 82 71NL- 10 A Wateringang 3/4“ B Hogedrukaansluiting EASY!Lock C Elektrische aansluiting onderaan D Wandbevestiging E Op een frame Maatblad 72 NL- 11 Reinigingsmiddelen maken het schoonma- ken gemakkelijker. De tabel geeft een over- zicht van het assortiment reinigingsmidde- len. Voor het gebruik van de reinigingsmid- delen moeten de aanwijzingen op de ver- pakking worden gelezen. De volgende soorten reinigingsmiddel zijn niet toegestaan aangezien ze kun- nen leiden tot beschadigingen van het apparaat: – salpeterzuurhoudende reinigingsmid- delen – actieve-chloorhoudende reinigingsmid- delen

  • = alleen voor kortstondig gebruik, twee- stapsmethode, met helder water naspoelen ** = ASF = afscheidingsvriendelijk *** = voor het voorsproeien is Foam-Star 2000 geschikt Toebehoren Reinigingsmiddel Toepassingsge- bied Doelgroep Reinigingsmiddel Kärcher-benaming Dosering Schuimen Levensmiddelindustrie/ slachtbedrijven Ontsmettend reinigingsmiddel RM 732 1-3% Ontsmettingsmiddel RM 735 0,75-7% Ontsmettende schuimreiniger, alkalisch RM 734 2-5% Brouwerijen / bottelarijen Schuimreiniger, alkalisch RM 58 ASF 1-2% Schuimreiniger, zuur RM 59 ASF 1-2% Ontsmettende schuimreiniger, alkalisch RM 734 2-5% Gemeente Schuimreiniger buiten, neutraal RM 57 1-2% Ontsmettingsreiniger binnen RM 732 1-3% Landbouw Ontsmettend reinigingsmiddel RM 732 1-3% Ontsmettingsmiddel RM 735 0,75-7% Hogedrukreiniging Brouwerijen / bottelarijen Universele reiniger RM 55 0,5-8% Ontsmettende schuimreiniger, alkalisch RM 734 2-5% Gemeente Actieve was, alkalisch RM 81 1-5% Landbouw Actieve was, alkalisch RM 31 1-5% Actieve was, alkalisch RM 81 1-5% Scheepsuitrusting Actieve was, alkalisch RM 81 1-5% Auto-/vrachtwagengarage Actieve reiniger, alkalisch (motor/onder- delen) RM 31 1-5% Actieve was, alkalisch (voertuig carrosse- rie/chassis) RM 81 1-5% Reinigen van vloe- ren Levensmiddelindustrie/ slachtbedrijven Intensieve basisreiniger RM 750 1-5% Vloerreiniger RM 69 0,5-1% Brouwerijen / bottelarijen, gemeente Intensieve basisreiniger RM 750 1-5% Vloerreiniger RM 69 0,5-1% Auto-/vrachtwagengarage Intensieve basisreiniger RM 750 1-5% Vloerreiniger RM 69 0,5-1% Scheepsuitrusting Intensieve basisreiniger RM 750 1-5% Vloerreiniger RM 69 0,5-1% Wasborstel Gemeente Actieve was buiten, alkalisch RM 81 1-5% Universele reiniger RM 55 0,5-8% Auto-/vrachtwagengarage Actieve was, alkalisch (voertuig carrosse- rie/chassis) RM 81 1-5% Scheepsuitrusting Actieve was buiten, alkalisch RM 81 1-5% 73NL- 12 Opbouwsets Afstandsbedieningen 1 Aanbouwset afstandsont- grendeling* 2.637-491.0 1 bedieningsplaats. Totstandbrenging van de bedrijfsklaarheid na afloop van de stand-by-tijd. Gebruik van meerdere bedieningsplaatsen parallel. 2 Aanbouwset afstandsbedie- ning HD enkel* 2.744-014.0 1 bedieningsplaats. Aansturing van de hogedrukpomp en tot twee reinigingsmidde- len. Gebruik van 2 bedieningsplaatsen of één bedieningsplaats en één muntafstands- bediening (pos. 3) in combinatie met prioriteitschakelaar (pos. 4). 3 Aanbouwset muntafstands- bediening* 2.642-422.0 Muntafstandsbediening. Aansturing van de hogedrukpomp en tot twee reinigingsmid- delen na muntinworp. 4 Aanbouwset Prioriteitscha- kelaar* 2.638-200.0 Omschakeling tussen 2 afstandsbedieningen (pos. 2) of één afstandsbediening (pos.

2) en één muntafstandsbediening (pos 3).

5 Aanbouwset stuurelektroni- ca meervoudige afstands- bediening* 2.744-036.0 Aansturing van de hogedrukpomp en twee reinigingsmiddelen vanuit max. 6 bedie- ningsplaatsen (pos. 6). Extra aansluitmogelijkheid voor één muntafstandsbediening (pos. 3). 6 Aanbouwset Bedienings- plaats meervoudige af- standsbediening 2.744-015.0 Bedieningsplaats voor meervoudige afstandsbediening (pos. 5). 7 Aanbouwset Noodstop* 2.744-002.0 Onderbreekt de stroomtoevoer van de installatie. 8 Aanbouwset Verdeeldoos 2.744-798.0 Is nodig voor de aansluiting van de aanbouwsets (pos. 1) tot (pos. 7) op het apparaat. Volledig bekabeld, aansluiting via steekverbindingen aan het apparaat. 9 Aanbouwset contactdoos afstandsontgrendeling 2.209-807.0 Noodzakelijk voor de aansluiting van de aanbouwsets Afstandsontgrendeling (pos. 1) en Noodstop (pos. 7). Aanbouwsets 1 Aanbouwset Drukontlasting 2.209-773.0 Na afloop van de standby-tijd wordt het hogedruksysteem drukloos gemaakt. 2 Aanbouwset enkelvoudig reinigingsmiddel in lagedruk

2.209-779.0 Noodzakelijk bij de selectie van 1 reinigingsmiddel via afstandbediening. Bestaat uit 1 magneetventiel en 1 niveausensor**. 3 Aanbouwset tweevoudig reinigingsmiddel in lagedruk

2.209-780.0 Noodzakelijk bij de selectie van een tweede reinigingsmiddel via afstandsbediening (naar keuze bij (pos 5). Bestaat uit 1 magneetventiel, 1 niveausensor en 1 doseerven- tiel. 4 Aanbouwset enkelvoudig reinigingsmiddel in hoge- druk * 2.209-799.0 Maakt de toevoeging mogelijk van reinigingsmiddel in het hogedrukbedrijf. Is nodig voor de aansturing van een reinigingsmiddel via een afstandsbediening. Het apparaat is standaard uitgerust met een reinigingsmiddeldosering onder lage druk die geacti- veerd wordt door het omschakelen van de drievoudige sproeier. Bij de inbouw van die aanbouwset valt de omschakeling met de drievoudige sproeier weg. 5 Aanbouwset tweevoudig reinigingsmiddel in hoge druk * 2.209-800.0 Maakt de toevoeging mogelijk van reinigingsmiddel in het hogedrukbedrijf. Is nodig voor de aansturing van een tweede reinigingsmiddel via een afstandsbediening. Het apparaat is standaard uitgerust met een reinigingsmiddeldosering onder lage druk die geactiveerd wordt door het omschakelen van de drievoudige sproeier. Bij de inbouw van die aanbouwset valt de omschakeling met de drievoudige sproeier weg. 6 Aanbouwset Wateronthar- ding (DGT) 2.209-777.0 Verhindert verkalking bij bedrijf met heet water door de toevoeging van onthardings- vloeistof. 7 Aanbouwset Bedrijfsuren- teller 2.209-778.0 Registreert de bedrijfsduur van het apparaat ter naleving van de onderhoudsinterval- len. 8 HWE 860 3.070-036.0 Verhit het aangevoerde water door een elektrisch verwarmde boiler. 9 Aanbouwset bodemframe

2.210-058.0 Om het apparaat op te stellen wanneer een wandbevestiging niet mogelijk is. Uitvoering staal, gelakt. 10 Aanbouwset bodemframe

2.210-059.0 Om het apparaat op te stellen wanneer een wandbevestiging niet mogelijk is. Uitvoering roestvrij staal. 11 Aanbouwset magneetven- tiel watertoevoer 2.209-788.0 Onderbreekt de watertoevoer bij een stilstaand apparaat.

  • extra aanbouwset Verdeeldoos nodig **Het apparaat is standaard uitgerust met een reinigingsmiddeldosering in lage druk die geactiveerd wordt door de drievoudige sproeier om te schakelen. 74 NL- 13 – De inhoud van de verpakking controle-ren bij het uitpakken.– Bij transportschade onmiddellijk de handelaar op de hoogte brengen.– Boorsjabloon op het karton voor de montage van het apparaat bewaren.Instructie:De wateraansluiting, het hogedruknet en de elektrische aansluiting mogen alleen uit-gevoerd worden door geautoriseerde vak-lui die de plaatselijke voorschriften in acht nemen.– De installatie moet in een droge, niet-explosiegevaarlijke ruimte opgesteld worden.– De opstelling moet plaatsvinden op een stevige en effen ondergrond.– Voor onderhoudswerkzaamheden moet de installatie goed toegankelijk zijn.De volgende opstellingsmogelijkheden be-staan:– Wandmontage– Opstelling met aanbouwset bodem-frame (optie)몇 VOORZICHTIGVerwondings- en beschadigingsgevaar! Neem bij de montage het gewicht van het apparaat in acht.LET OPGevaar voor beschadiging! Bevriezend wa-ter in het apparaat kan delen van het appa-raat vernielen.Het apparaat moet in vorstvrije ruimtes worden geplaatst. Indien er gevaar voor vorst bestaat, bijv. bij installaties buiten, moet het apparaat leeg worden gemaakt en met anti-vriesmiddel worden doorge-spoeld. Wand controleren op draagkracht. Met behulp van de boortekening op de verpakking de markering op de wand aanbrengen. Boorgaten in de wand boren. Geschikt bevestigingsmateriaal op de wand aanbrengen. Haal de kap van het apparaat. Apparaat ophangen en beveiligen te-gen vallen. Apparaatkap opnieuw aanbrengen en vastschroeven.– Aansluitwaarden zie Technische gege-vens en typeplaatje.– De voor de werking van de installatie noodzakelijke stroomtoevoer moet ge-schikt zijn voor continubedrijf.– De elektrische aansluiting moet uitge-voerd worden door een electricien en moet voldoen aan IEC 60364-1.– Stroomvoerende onderdelen, kabels en apparaten in het werkgebied moeten in goede staat en spuitwaterdicht zijn.– Watertoevoer voor continubedrijf leg- gen. – De waterleiding moet voorzien worden van een afsluitkraan en moet via een drukslang beweegbaar aangesloten worden aan de hogedrukinstallatie.– Leidingen met een te kleine diameter of een te lage voordruk hebben waterge-brek tot gevolg.– Bij een te hoge voordruk of drukpieken in het leidingsysteem moet zeker een drukverlager voorgeschakeld worden.– Op de opstelplaats moet een wateraf-voer voorhanden zijn.Bij de montage moeten de voorschriften van het VDMA-eenheidsblad 24416 „Hoch-druckreiniger; Festinstallierte Hochdruck-reinigungssysteme; Begriffe, Anforderun-gen, Installation, Prüfung“ (hogedrukreini-gers; vastgeïnstalleerde hogedrukreini-gingssystemen; terminologie, eisen, installatie, controle) in acht worden geno-men (verkrijgbaar via Beuth Verlag, Köln, www.beuth.de).– De verbinding tussen de vast geïnstal-leerde buisnet en het apparaat moet uit-gevoerd worden als hogedrukslanglei-ding.– Het vast geïnstalleerde buisnet moet zo recht mogelijk gelegd worden. Hoge-drukleidingen moeten volgens de voor-schriften en rekening houdend met de lineaire veranderingen door inwerking van warmte en druk gelegd worden met gedempte losse en vaste klemmen.– Om het drukverlies in de hogedruklei-dingen zo laag mogelijk te houden, moeten de volgende aanbevelingen in acht genomen worden:Buisleidingen: nominale wijdte DN 15 (1/2“).Slangleidingen: nominale wijdte DN 8.Bij de bovengenoemde richtwaarden moet vanzelfsprekend nog rekening gehouden worden met de lengte van de buisleiding en het aantal richtingswijzigingen en armatu- ren. Opmerking: Het EASY!Lock-systeem ver-bindt componenten door een snelschroef-verbinding met slechts één omdraaiing snel en veilig.Afbeelding zie „Bedieningselementen“. Sproeier op de straalbuis monteren (markeringen op de stelring bovenaan) en handvast aandraaien (EASY!Lock). Straalbuis met handspuitpistool verbin-den en handvast aandraaien (EA-SY!Lock). Hogedrukslang met handspuitpistool verbinden en handvast aandraaien (EASY!Lock). Hogedrukslang op de hogedrukuitgang van het apparaat of op het hogedruk-buisleidingsysteem aansluiten (EA-SY!Lock).De reinigingsmiddeltank moet zodanig op-gesteld worden dat de bodem van de tank zich niet meer dan 1,5 m onder het appa-raat bevindt. Watertoevoer op benodigd stromings-volume en toegestane temperatuur controleren. Oliepeil in de hogedrukpomp controle- ren. Knip de tip van het oliereservoir af. Installatievoorschriften Alleen voor bevoegd en des-kundig personeel!UitpakkenOpstellingApparaat aan de muur bevestigen

Elektrische aansluitingWatertoevoerHogedrukinstallatieHandspuitpistool, straalbuis en sproeier monterenReinigingsmiddeltanks plaatsenEerste ingebruikneming