PGG 31 - Waterpomp Kärcher - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis PGG 31 Kärcher in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over PGG 31 Kärcher
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Waterpomp in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PGG 31 - Kärcher en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PGG 31 van het merk Kärcher.
GEBRUIKSAANWIJZING PGG 31 Kärcher
Algemene instructies.... 19
Reglementair gebruik.... 19
Milieubescherming 19
Toebehoren en reserveonderdelen 19
Veiligheidsinstructies.... 19
Beschrijving apparaat 20
Montage 21
Eerste inbedrijfstelling.... 21
Inbedrijfstelling 21
Werking 21
Vervoer.... 21
Opslag 21
Klein en groot onderhoud.... 21
Hulp bij storingen 22
Garantie 22
EU-conformiteitsverklaring 23
Algemene instructies

Voordat u het apparaat voor het eerst
gebruikt, dient u deze originele ge-
bruiksaanwijzing en de meegeleverde
veiligheidsinstructies door te lezen en deze in acht te nemen.
Bewaar beide documenten voor later gebruik of volgen- de eigenaars.
Deze stroomgenerator is in leveringstoestand voor gebruik op een hoogte van maximaal 1500 m boven zeeniveau bedoeld. Hij kan door een geautoriseerde klantenservice aan gebruik voor hogere niveaus worden aangepast.
Als een stroomgenerator die aan gebruik op hogere niveaus werd aangepast onder deze hoogte wordt gebruikt, kan de motor door oververhitting onbruikbaar worden.
Milieubescherming


Het verpakkingsmateriaal is recyclebaar. Gooi verpakkingen met het gescheiden afval weg. Elektrische en elektronische apparaten bevatten waardevolle recyclebare materialen en vaak onderdelen zoals batterijen, accu's of olie, die bij onjuiste omgang of verkeerd weggooien een
mogelijk gevaar voor de gezondheid en het milieu kunnen vormen. Voor een correct gebruik van het apparaat zijn deze onderdelen echter noodzakelijk. Apparaten met dit symbool mogen niet met het huisvuil worden weggegooid.
Instructies voor inhoudsstoffen (REACH)
Actuele informatie over inhoudsstoffen vindt u onder: www.kaercher.nl/REACH
Toebehoren en reserveonderdelen
Gebruik alleen origineel toebehoren en originele reserveonderdelen. Deze garanderen een veilige en storingsvrije werking van het apparaat.
Informatie over toebehoren en reserveonderdelen vindt u onder www.kaercher.com.
Leveringsomvang
Controleer de inhoud bij het uitpakken op volledigheid. Bij ontbrekend toebehoren of bij transportschade neemt u contact op met uw distributeur.
Veiligheidsinstructies
Gevarenniveaus
⚠ GEVAAR
- Aanwijzing voor direct dreigend gevaar dat tot zware of dodelijke verwondingen leidt.
⚠ WAARSCHUWING
- Aanwijzing voor een mogelijk gevaarlijke situatie die tot zware of dodelijke verwondingen kan leiden.
⚠VOORZICHTIG
- Aanwijzing voor een mogelijk gevaarlijke situatie die tot lichte verwondingen kan leiden.
LET OP
- Aanwijzing voor een mogelijk gevaarlijke situatie die tot materiële schade kan leiden.
Veiligheidsinstructies
⚠ GEVAAR
•Gevaar voor letsel.
- Dit apparaat mag niet worden gebruikt door personen met een lichamelijke, sensorische of verstandelijke beperking of
een gebrek aan ervaring en/of kennis.
- Houd toezicht op kinderen om ervoor te zorgen dat ze niet met het apparaat spelen.
- Kinderen en jongeren mogen het apparaat niet gebruiken.
- Houd afstand van de uitlaat en kom niet in de uitlaatgasstraal.
-Explosiegevaar.
- Gebruik het apparaat nooit in explosieve zones.
- Neem de desbetreffende veiligheidsvoorschriften in acht als u het apparaat in gevarenzones (bijvoorbeeld tankstations) gebruikt.
- Tank alleen de in de gebruiksaanwijzing vermelde brandstof.
- Tank alleen als de motor is uitgeschakeld.
- Tank niet in afgesloten ruimten.
- Rook en open vuur is verbo- den.
- Zorg er bij het tanken voor dat er geen brandstof op de hete oppervlakken terechtkomt.
- Sluit het deksel van de brand-stoftank na het tanken.
- Gebruik het apparaat niet als er brandstof is gemorst. Breng het apparaat naar een andere plek en voorkom vonkvorming.
- Bewaar brandstof alleen in hiervoor toegestane reservoirs.
- Bewaar brandstof niet in de buurt van open vuur of apparaten die een ontstekingsvlam hebben of vonken vormen (bijvoorbeeld kachels, verwarmingsketels of boilers).
- Sproei geen starchulpspray in het luchtfilter.
- Brandgevaar.
- Houd tussen licht ontvlamba-re voorwerpen en de geluid-demper een minimumafstand van 2 m aan.
- Plaats het apparaat niet in een bos-, struik- of graslandschap,
tenzij de uitlaat met een von- kenvanger is uitgerust.
- Houd gras en andere verontreinigingen buiten het bereik van de koelribben.
- Gebruik het apparaat niet als het brandstofsysteem beschadigd of ondicht is. Controleer het brandstofsysteem regelmatig.
- Laat het apparaat voor de opslag in gesloten ruimten afkoelen.
Gevaar voor elektrische schok - Raak de bougie of de ontstekingskabel niet aan als het apparaat in werking is.
- Plaats het apparaat niet in de regen, in de sneeuw of in de buurt van een regeninstallatie. Houd het apparaat droog.
- Raak de netstekker en het stopcontact nooit met vochtige handen aan.
- Stel een apparaat waarvan de elektrische onderdelen vochtig of met ijs bedekt zijn niet in bedrijf.
- Sluit het apparaat niet aan op de elektrische installatie van een gebouw.
- Gebruik bij voorkeur apparaten en verlengsnoeren met rubberkabels conform IEC 60245-4.
⚠ WAARSCHUWING
• Gezondheidsrisico
- Uitlaatgassen zijn giftig. Adem geen uitlaatgassen in. Gebruik het apparaat nooit in gesloten ruimten. Zorg voor voldoende ventilatie en afvoer van uitlaatgassen.
- Zorg ervoor dat in de buurt van luchtinlaten geen uitlaat-gasemissies optreden.
- Voorkom dat brandstof of motorolie herhaaldelijk of langdurig in contact komt met de huid en adem geen brandstofdampen in.
⚠VOORZICHTIG
•Gevaar voor verbranding
- Raak geen hete oppervlakken zoals geluiddemper, cilinders of koelribben aan.
Gevaar voor gehoorschade
- Gebruik het apparaat niet zonder geluiddemper. Controleer de geluiddemper regelmatig en laat een defecte geluiddemper vervangen.
LET OP
•Beschadigingsgevaar
- Gebruik alleen originele delen van de fabrikant.
- Oude brandstof kan leiden tot afzettingen in de carburateur en kan zo het motorrendement negatief beïnvloeden. Gebruik uitsluitend nieuwe brandstof.
- Verstel geen regelveren of stangen die kunnen leiden tot een verhoging van het motor-toerental.
- Gebruik het apparaat niet als het luchtfilter is verwijderd.
- Trek niet aan het startkoord als het apparaat in werking is.
- Let op voldoende ventilatie om oververhitting van het apparaat te voorkomen.
Symbolen op het apparaat

Explosiegevaar, brandgevaar.
Benzine kan door ondeskundige hantering leiden tot brand of explosions.
Zet de motor vóór het tanken uit.
Gebruik het apparaat niet in gesloten ruimten of gedeel- telijk omsloten terreinen.
Lees deze gebruiksaanwijzing voordat het apparaat wordt gebruikt.
LET OP
Beschadigingsgevaar
Controleer het oliepeil voor de inbedrijfstelling van het apparaat. Als het oliepeil te laag is, stopt de motor en brandt het controlelampje. Olie bijvullen (voor oliesoort zie "Technische gegevens").

text_image
WARNING CHECK FOR SPILLED FUEL OR FUEL LEAKS STOP ENGINE BEFORE REFUELING.△WAARSCHUWING
Explosiegevaar, brandgevaar.
Zet de motor vóór het tanken uit
Verwijder gemorste brandstof voordat het apparaat in bedrijf wordt gesteld.
Stel het apparaat niet in bedrijf als het brandstofsysteem ondicht is.

⚠VOORZICHTIG
Heet oppervlak
De uitlaat van het apparaat wordt tijdens bedrijf zeer heet en kan leiden tot verbrandingen. Vermijd contact met de uitlaat.

⚠ WAARSCHUWING
Gevaar voor gehoorschade en oog- letsel.
Draag een veiligheidsbril en gehoorbescherming wanneer u het apparaat gebruikt.
Symbolen waarschuwingsinstructies
Neem bij de omgang met batterijen volgende waarschu- wingsinstructies in acht:

Aanwijzingen in de gebruiksaanwijzing van de batterij en op de batterij alsook in deze gebruiksaanwijzing in acht nemen.
| Oogbescherming dragen. | |
| Kinderen uit de buurt van zuur en batterij houden. | |
| Explosiegevaar | |
| Vuur, vonken, open licht en roken verbo-den. | |
| Verbrandingsgevaar | |
| Eerste hulp. | |
| Waarschuwing | |
| Afvalverwijdering | |
| Batterij niet in de vuilnisbak gooien. |
Beschrijving apparaat
Afbeeldingen, zie omslagpagina
Afbeelding A
① Luchtfilter
②Duwbeugel
③Trekdraadstarter
④ Chokehendel
⑤ Brandstofkraan
⑥ Brandstoftank
⑦ Bedieningsveld
⑧Batterij
⑨Oliepeilstok
⑩Olieaftapplug
⑪ Niveau-indicatie brandstof
⑫Deksel brandstoftank
⑬Typeplaatje
⑭ Controlelampje
⑮Sleutelschakelaar motor
⑯Veiligheidsschakelaar gelijkstroom
⑰Klemmen gelijkstroom
⑱ Voltmeter wisselspanning
⑲ Vermogenschakelaar
⑳Wisselstroom-contactdoos
②1 PGG 6/1: wisselstroom-contactdoos PGG 8/3: draaistroom-contactdoos
22 Aardingsklem
Symbolen op het apparaat

text_image
AIR CLEANER MAINTENANCE CLEAN THE FILTERING ELEMENT EVERY 50 HOURS (EVERY 10 HOURS UNDER DUSTY CONDITIONS). WASH IN HIGH FLASH-POINT SOLVENT. SQUEEZE DRY. THEN DIP IN CLEAN ENGINE OIL AND SQUEEZE OUT EXCESS OIL.Luchtfilter om de 50 uur reinigen, in stoffige omgevingen om de 10 uur (zie "Verzorging en onderhoud/luchtfilter reinigen").

Instructie voor het controleren van het oliepeil.
Chokehendel
Montage
- De duwbeugel met bijgeleverd montagemateriaal op het apparaatframe aanbrengen.
Afbeelding B
① Duwbeugel
②Standaard
③Wiel
-
De wielen met bijgeleverd montagemateriaal op het apparaatframe aanbrengen.
-
De standaard met bijgeleverd montagemateriaal op het apparaatframe aanbrengen.
Eerste inbedrijfstelling
Olie bijvullen
-
Het apparaat horizontaal plaatsen.
-
De oliepeilstok eruit draaien.
-
De motorolie bijvullen.
Instructie: De motorolie is niet bij de leveringsomvang inbegrepen. De hoeveelheid en oliesoorten staan vermeld in het hoofdstuk "Technische gegevens".
-
De oliepeilstok schoonvegen.
-
De oliepeilstok er helemaal insteken, maar niet vast- schroeven.
-
De oliepeilstok eruit trekken. Het oliepeil moet zich in het gemarkeerde deel van de oliepeilstok bevin- den.
-
Bij een laag oliepeil de motorolie bijvullen.
-
De oliepeilstok erin draaien en vastdraaien.
Inbedrijfstelling
Oliepeil controleren
-
Het apparaat horizontaal plaatsen.
-
De oliepeilstok eruit draaien.
-
De oliepeilstok schoonvegen.
-
De oliepeilstok er helemaal insteken, maar niet in- schroeven.
-
De oliepeilstok eruit draaien. Het oliepeil moet zich in het gemarkeerde deel van de oliepeilstok bevin- den.
-
Bij laag oliepeil de motorolie bijvullen.
-
De oliepeilstok erin draaien en vastdraaien.
Brandstof tanken
-
De tankweergave aflezen.
-
De brandstoftank bijvullen, als de tankweergave een lager vulpeil aangeeft.
-
Het deksel van de brandstoftank eraf schroeven.
-
De brandstof tot maximaal de onderrand van de vu- lopening vullen.
-
Het deksel van de brandstoftank erop zetten en vastdraaien.
Werking
Apparaat starten
-
De brandstofkraan openen.
-
Bij koude motor de chokehendel naar links schui- ven.
-
De sleutelschakelaar in de stand START draaien en vasthouden tot de motor start. De sleutelschakelaar maximaal 5°seconden in stand START houden. De volgende startpoging op zijn vroegst na 10 seconden pauze uitvoeren.
-
Als de motor is gestart, sleutelschakelaar in stand 1/ON laten springen.
-
Als de motor is gestart de chokehendel naar rechts schuiven.
Starten met de trekdraadstarter
-
De brandstofkraan openen.
-
Bij koude motor de chokehendel naar links schui- ven.
-
Langzaam aan de trekdraadstarter trekken tot een sterke weerstand merkbaar is, en dan stevig trekken.
-
De trekdraadstarter langzaam teruggeleiden.
LET OP
Beschadigingsgevaar
De terugschietende trekdraadstarter beschadigt het apparaat.
De trekdraadstarter langzaam teruggeleiden.
- Als de motor is gestart de chokehendel naar rechts schuiven.
Wisselstroomaggregaten aansluiten
In continubedrijf mag het opgenomen vermogen van het elektrische apparaat het continuvermogen van de generator niet overschrijden. Het maximaalvermogen mag alleen kort worden opgenomen. Apparaten met elektromotor hebben om te starten het veelvuldige van het nominale vermogen nodig.
ΔGEVAAR
Gevaar voor elektrische schok
Bij beschadiging van het elektrische apparaat of van kabels kan stroom door de bediener vloeien en leiden tot letsel of de dood.
Als meer dan een apparaat op de generator wordt aangesloten, moet tussen de generator en elk ander elektrisch apparaat een mobiele aardlekschakelaar (PRCD-Portable Residue Current Device) worden aangebracht. 1. De generator starten.
-
De vermogensschakelaar op 1/ON zetten.
-
De netstekker van het elektrische apparaat in de contactdoos van de generator steken.
-
Als meer dan een apparaat op de generator wordt aangesloten, moet tussen de generator en elk ander elektrisch apparaat een mobiele aardlekschakelaar (PRCD-Portable Residue Current Device) worden aangebracht.
-
Het elektrische apparaat in gebruik nemen. Als het apparaat niet correct functioneert, bijvoor- beeld onregelmatige loop of uitval, het elektrische apparaat onmiddellijk uitschakelen, loskoppelen en de oorzaak vaststellen.
Voertuigaccu's opladen
De 12V-gelijkstroomaansluiting is alleen bedoeld voor het opladen van 12V-loodaccu's voor voertuigen. Deze aansluiting is niet geschikt als 12 V-spanningsbron voor elektrische apparaten.
-
De minkabel (zwart) van het voertuig van de accu losmaken.
-
De plusklem (rood) van de laadkabel met de plus- pool van de accu verbinden.
-
De pluspool (rood) aan het andere einde van de laadkabel met de rode klem (+) van de generator verbinden.
-
De minklem (zwart) van de laadkabel met de minpool van de accu verbinden.
-
De minpool (zwart) aan het andere einde van de laadkabel met de zwarte klem (-) van de generator verbinden.
-
De generator starten.
LET OP
Beschadigingsgevaar.
Als de voertuigmotor tijdens het laden van een voertuig-accu draait, kan dit leiden tot beschadiging van het voertuig of de generator.
Start het voertuig niet, terwijl de accu wordt opgeladen.
Contactonderbreker
Bij overbelasting springt de toets van de contactonderbreker eruit en wordt de laadprocedure onderbroken.
- Enkele minuten wachten en vervolgens de toets weer indrukken.
Voertuigaccu loskoppelen
-
De generator uitschakelen.
-
De minpool (zwart) van de generator losmaken.
-
De minklem (zwart) van de accu losmaken.
-
De pluspool (rood) van de generator losmaken.
-
De plusklem (rood) van de accu losmaken.
-
De minkabel (zwart) van het voertuig aan de min- pool van de accu vastklemmen.
Apparaat uitschakelen
-
De sleutelschakelaar in stand 0/OFF draaien.
-
De brandstofkraan sluiten.
Vervoer
- Voor het transport de sleutelschakelaar op 0/OFF draaien en de brandstofkraan sluiten.
- De duwbeugel omhoog zwenken
- Het apparaat met de duwbeugel schuiven of trekken.
- De motor voor het verladen minstens 15 minuten laten afkoelen.
- Het apparaat tijdens transport verticaal houden om morsen van brandstof te voorkomen.
- Tijdens transport in voertuigen het apparaat conform de richtlijnen tegen wegrollen, wegglijden en kantelen beveiligen.
- Het gewicht van het apparaat tijdens transport in acht nemen.
Opslag
⚠VOORZICHTIG
Niet in acht nemen van het gewicht
Gevaar voor letsel en beschadiging
Houd bij de opslag rekening met het gewicht van het apparaat.
LET OP
Beschadigingsgevaar
Leg geen zware voorwerpen op het apparaat.
Apparaat drogen en stofvrij opslaan.
Opslagduur 1...2 maanden
-
Benzinestabilisator in de brandstoftank vullen.
-
De brandstoftank bijvullen.
Opslagduur 2...12 maanden
Bovendien:
-
De brandstofkraan sluiten.
-
Een reservoir onder de carburateur plaatsen.
Afbeelding C
① Carburateur
② Aftapschroef
-
De aftapschroef eruit draaien.
-
De brandstof in het reservoir opvangen.
-
De aftapschroef erin draaien en vastdraaien.
-
De bezinkbeker reinigen (zie "Verzorging en onderhoud/bezinkbeker controleren en reinigen").
Opslagduur meer dan 12 maanden
Bovendien:
-
De bougie eruit draaien.
-
5...10 cm ^3 Motorolie in de cilinder vullen.
-
De trekdraadstarter er meerdere keren langzaam doortrekken, zodat de olie in de motor wordt verdeeld.
-
De bougie er weer inschroeven.
-
De olie verversen (zie "Verzorging en onderhoud/olie verversen").
-
Langzaam aan de trekdraadstarter trekken tot een sterke weerstand merkbaar is.
Klein en groot onderhoud
ΔGEVAAR
Letselgevaar, gevaar door elektrische stroomstoot. Bewegende delen kunnen letsel veroorzaken. De door het apparaat gegenereerde elektrische spanning kan leiden tot letsel of de dood.
Trek voor onderhoudswerkzaamheden de bougiestekker los en scheidt de verbinding met de accu.
⚠VOORZICHTIG
Verbrandingsgevaar.
Aanraken van hete apparaatdelen kan leiden tot brand- wonden.
Laat het voertuig afkoelen, alvorens er werkzaamheden aan uit te voeren.
* Beschrijving, zie "Inbedrijfstelling".
** Beschrijving, zie "Onderhoudswerkzaamheden".
Onderhoudsintervallen
Voor elk gebruik
-
Het apparaat op correcte toestand en bedrijfsveiligheid controlleren. Beschadigd apparaat niet in gebruik nemen.
-
Het oliepeil controleren. *
-
Het luchtfilter controleren. **
Een keer na 1 maand of 20 bedrijfsuren
- De olie verversen. **
Elke 3 maanden of 50 bedrijfsuren
- Het luchtfilter reinigen. **
In stoffige omgevingen de reiniging vaker uitvoeren
Elke 6 maanden of 100 bedrijfsuren
-
De olie verversen. **
-
De bezinkbeker reinigen. **
-
De bougie controleren en reinigen. **
-
De vonkenvanger (niet bijgeleverd) reinigen. **
Jaarlijks door de geautoriseerde klantenservice
-
De klepspeeling controleren en instellen.
-
De brandstoftank en het brandstofffilter reinigen.
Elke 2 jaar door de geautoriseerde klantenservice
- De brandstofleiding controleren, indien nodig vervangen.
Onderhoudswerkzaamheden
Luchtfilter controleren
- De vergrendelingen wegzwenken of de schroef eruit draaien.
Afbeelding D
1 Schroef
②Deksel
③ Luchtfilterinzetstuk
④ Vergrendeling
- De deksel verwijderen.
- Het luchtfilterinzetstuk op vervuiling controleren. Het luchtfilter indien nodig reinigen of bij beschadiging vervangen (zie "Luchtfilter reinigen").
- Het deksel plaatsen.
- De vergrendelingen sluiten of de schroef erin draai- en en vastdraaien.
Luchtfilter reinigen
LET OP
Beschadigingsgevaar
Als het luchtfilterinzetstuk ontbreekt, kan binnendringend stof de motor onbruikbaar maken.
Gebruik het apparaat niet zonder luchtfilterinzetstuk.
- Schoepenwiel openen (zie "Luchtfilter controleren").
- Het luchtfilterinzetstuk eruit nemen.
- Het luchtfilterinzetstuk in warm water met schoonmaakmiddel wassen en met helder water spoelen. Instructie: Voer de oliehoudende wasoplossing milieuvriendelijk af.
- Het luchtfilterinzetstuk laten drogen.
- Het luchtfilterinzetstuk in schone motorolie dompe- len en overtollige olie eruit drukken.
- Het luchtfilterinzetstuk weer plaatsen.
- Het deksel plaatsen.
- De vergrendelingen sluiten.
Olie verversen
De olieverversing uitvoeren, als de motor warm is.
- De oliepeilstok eruit draaien.
Afbeelding E
①Oliepeilstok
②Olieaftapplug
2. De olieaftapschroef er met de afdichting uitdraaien en de olie opvangen.
3. De olieaftapschroef met afdichting indraaien en vastdraaien.
4. Het apparaat horizontaal neerzetten.
5. De motorolie (voor oliesoort zie "Technische gegevens") afmeten en bij de opening voor de oliepeilstok bijvullen.
6. Het oliepeil controleren (zie "Inbedrijfstelling")
7. De oliepeilstok erin draaien en vastdraaien.
8. De oude olie milieuvriendelijk afvoeren.
Bezinkbeker reinigen
De bezinkbeker scheidt water van benzine.
-
De brandstofkraan sluiten.
-
De bezinkbeker losschroeven.
Afbeelding F
①Bezinkbeker
② Schroef
3. De bezinkbeker met O-ring verwijderen.
4. De bezinkbeker en de O-ring met niet-brandbaar oplosmiddel reinigen en laten drogen.
5. De bezinkbeker en de O-ring aanbrengen en vast-schroeven.
6. De brandstofkraan openen.
7. Afdichting tussen bezinkbeker en carburateur controleren.
8. De brandstofkraan sluiten.
Bougie controleren en reinigen
- De bougiestekker lostrekken.
Afbeelding G
① Bougiestekker
②Bougie
2. De omgeving van de bougie reinigen zodat geen vuil in de motor dringt als de bougie wordt verwijderd.
3. De bougie eruit schroeven.
4. Een bougie met versleten elektrode of gebroken isolator vervangen.
5. De elekrodestafstand van de bougie controleren. Instelwaarde 0,7...0,8 mm.
6. De afdichting van de bougie op beschadiging controleren.
LET OP
Beschadigingsgevaar
Een losse bougie kan oververhitten en de motor beschadigen. Een te vast aangedraaide bougie beschadigt het schroefdraad in de motor.
Neem de volgende aanwijzingen voor het vastdraaien van de bougie in acht.
7. De bougie er voorzichtig met de hand indraaien. Het schroefdraad niet kantelen.
8. De bougie er met de bougiesleutel helemaal indraaien en als volgt vastdraaien.
a Een gebruikte bougie 1/8...1/4 omdraaling vastdraaien.
b Een nieuwe bougie 1/2 omdraaiing vastdraaien.
- De bougiestekker erop steken.
Accu van het apparaat laden
GEVAAR
Explosiegevaar, brandgevaar
Als de twee polen van de accu worden verbonden, ont- staat een kortsluiting die tot een explosie of een brand kan leiden.
Leg nooit een metalen voorwerp (bijvoorbeeld gereedschap) op de accu.
Gevaar voor letsel
Neem de veiligheidsvoorschriften bij de omgang met accu's in acht.
Neem de handleiding van de lader in acht.
⚠VOORZICHTIG
Gezondheidsrisico
Lood is schadelijk voor de gezondheid.
Breng nooit wonden met lood in contact.
- De zuurstand van de accu controleren.
- Bij te lage zuurstand:
a De celafsluiting verwijderen.
b De cel tot de markering met gedestilleerd water bijvullen.
c De celafsluiting aanbrengen.
-
De accu loskoppelen.
-
De pluspoolleiding van de lader met de pluspool van de accu verbinden.
- De minpoolleiding van de lader met de minpool van de accu verbinden.
- De lader inschakelen.
Hulp bij storingen
Laat alle controles en werkzaamheden aan elektrische delen door een vakman uitvoeren.
Neem bij storingen die niet in dit hoofdstuk worden vermeld contact op met een bevoegde klantenservice.
De motor start niet.
- De brandstofkraan openen.
- Brandstof in de tank vullen.
- Het oliepeil controleren, indien nodig bijvullen
- De bougie controleren (zie "Verzorging en onderhoud/bougie controleren en reinigen").
- De bezinkbeker reinigen (zie "Verzorging en onderhoud/bougie controleren en reinigen").
Het apparaat geeft geen stroom af
- De vermogensschakelaar op 1/ON zetten.
Garantie
In elk land gelden de garantievoorwaarden die door onze verantwoordelijke verkoopmaatschappij zijn uitgegeven. Mogelijke storingen aan uw apparaat verhelpen we binnen de garantieperiode gratis, voor zover een materiaal- of fabricagefout de oorzaak is. Als u gebruik wilt maken van de garantie, neemt u met uw aankoopbon contact op met uw distributeur of de dichtstbijzijnde geautoriseerde klantenservice.
(adres zie achterzijde)
Technische gegevens
PGG 3/1 50 Hz PGG 3/1 60 Hz PGG 6/1 PGG 8/3
Technische wijzigingen voorbehouden.
Generator
| Continuvermogen kW 2,8 2,8 5,0 7,0 | |||||
| Maximaalvermogen kortstondig | kW 3,0 3,0 5,5 7,5 | ||||
| cos φ | 1 | 1 | 1 | 1 | |
| Netspanning | V | 230 (2x) | 220 (2x) | 230 (3x) | 230 (2x), 400 (1x) |
| Fase | ~ | 1 | 1 | 1 | 1 / 3 |
| Frequentie | Hz | 50 | 60 | 50 | 50 |
| Beschermingsgraad | IP23M | IP23M | IP23M | IP23M | |
| Isolatiestofklasse | B | B | B | B | |
| Uitvoeringsklasse | G1 | G1 | G1 | G1 | |
| Gelijkstroomuitgang | |||||
| Spanning | V | 12 | 12 | ||
| Stroom | A | 6 | 6 | 6 | 6 |
| Verbrandingsmotor | |||||
| Motortype | Eencilinder | Eencilinder | Eencilinder | Eencilinder | |
| Type | 4-takt | 4-takt | 4-takt | 4-takt | |
| Koeltype | Luchtgekoeld | Luchtgekoeld | Luchtgekoeld | Luchtgekoeld | |
| Cilinderinhoud | cm^3 | 208 | 208 | 389 | 439 |
| Motorrendement | kW/PS | 5,1/6,9 | 5,1/6,9 | 9,6/13,1 | 11,8/16,1 |
| Brandstoftype | Benzine, min. 86 oc-taan | Benzine, min. 86 oc-taan | Benzine, min. 86 oc-taan | Benzine, min. 86 oc-taan | |
| Inhoud brandstoftank | 15 | 15 | 25 | 25 | |
| Gebruiksduur met volle tank, 100% vermogen | h | 6,5 | 6,5 | 6,5 | 5,5 |
| Gebruiksduur met volle tank, 50% vermogen | h | 12 | 12 | 10 | 7 |
| Hoeveelheid motorolie | I | 0,6 0,6 1,1 1,1 | |||
| Type olie | 10 W-30 | 10 W-30 | 10 W-30 | 10 W-30 | |
| 15 W-40 | 15 W-40 | 15 W-40 | 15 W-40 | ||
| Bougietype | F5T, F6T, F7TJC | F5T, F6T, F7TJC | F5T, F6T, F7TJC | F5T, F6T, F7TJC | |
| PGG 3/1 50 Hz | PGG 3/1 60 Hz | PGG 6/1 PGG 8/3 | |||
| Accu | |||||
| Accuspanning V 12 12 12 12 | |||||
| Afmetingen en gewichten | |||||
| Lengte mm 645 645 743 743 | |||||
| Breedte mm 622 622 713 713 | |||||
| Hoogte mm 559 | 559 670 | 670 | |||
| Gewicht zonder brandstof | kg | 52 52 85 90 | |||
| Berekende waarden conform EN 60335-2-79 | |||||
| Geluidsdrukniveau L_pA | dB(A) | 74 | 74 | 75 76 | |
| Onzekerheid K_pA | dB(A) | 1 | 1 | 1 1 | |
| Geluidsvermogensniveau L_WA + onzekerheid K_WA | dB(A) | 94 | 94 | 95 96 | |
| CO_2 -Emissies conform de meetprocedure van EU-verordening 2016/1628 Euro V | |||||
| Motor | g/kWh | 790 | 678 678 | ||
EU-conformiteitsverklaring
Hiermee verklaren wij dat de hierna vermelde machine op basis van het ontwerp en type en in de door ons op de markt gebrachte uitvoering voldoet aan de relevante veiligheids- en gezondheidsvereisten van de EU-richtlijnen. Bij een niet door ons goedgekeurde wijziging van de machine verliest deze verklaring zijn geldigheid. Product: Stroomgenerator Type: 1.042-xxx
Relevante EU-richtlijnen
2006/42/EG (+2009/127/EG)
2014/30/EU
2011/65
2000/14/EG
Toegepaste geharmoniseerde normen
EN ISO 8528-13: 2016
EN 55012: 2007 + A1: 2009
EN 61000-6-1: 2007
Toegepaste conformiteitswaarderingsprocedure
2000/14/EG: Bijlage V
Geluidsvermogensniveau dB(A)
PGG 3/1
Gemeten:
Gegarandeerd: 94
PGG 6/1
Gemeten
Gegarandeerd: : 95
PGG 8/3
Gemeten:
Gegarandeerd: : 96
De ondergetekenden handelen in opdracht en met volmacht van de directie.
Gevolmachtigde voor de documentatie:
S. Reiser
Alfred Kärcher SE & Co. KG
Alfred-Kärcher-Str. 28 - 40
Purtați ochelari de protectie.

⑯ Comutator de protectie curent continuu
⑰Borne curent continuu
⑱Voltmetru curent alternativ
⑲Comutator de putere