DOLMAR AT3731C - Grasmaaier

AT3731C - Grasmaaier DOLMAR - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis AT3731C DOLMAR in PDF-formaat.

📄 128 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice DOLMAR AT3731C - page 57
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : DOLMAR

Model : AT3731C

Categorie : Grasmaaier

Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding AT3731C - DOLMAR en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. AT3731C van het merk DOLMAR.

GEBRUIKSAANWIJZING AT3731C DOLMAR

  • Als gevolg van ons doorlopende onderzoeks- en ontwikkelingsprogramma, zijn de technische gegevens van dit gereedschap onderhevig aan veranderingen zonder voorafgaande kennisgeving.
  • Specificaties en accu’s kunnen van land tot land verschillen.
  • Gewicht, inclusief de accu, volgens de EPTA-procedure 01/2003
  • Zelfs als het bovenvermelde geluidsdrukniveau 80 dB (A) of minder is, kan het niveau tijdens bedrijf hoger zijn dan 80 dB (A). Draag gehoorbescherming.

2. Snelheidsregelaar

5. Aan-uitschakelaar

11. Schouderdraagstel

22. A Ingedrukte stand voor normale

23. B Ingedrukte stand voor

verwijderen van onkruid of vuil

24. Meest effectieve maaigebied

31. Kant van snijgarnituur

39. Beschermkaphouder-deel

42. Nylondraad-snijkop

Totale lengte 1.816 mm Geschikt snijgarnituur Snijblad Diameter van snijblad 230 mm Nominale spanning 36 V gelijkstroom Nettogewicht 5,4 kg 5,9 kg Standaardaccu AP-1815 AP-183/AP-1840 Model AT-3731 C Type handgreep Beugelhandgreep Onbelast toerental 3.500 - 6.600 min

Totale lengte 1.840 mm Geschikt snijgarnituur Nylondraad-snijkop Maaidiameter met nylondraad-snijkop 300 mm Nominale spanning 36 V gelijkstroom Nettogewicht 5,1 kg 5,6 kg Standaardaccu AP-1815 AP-183/AP-1840 Geluid Gemiddeld geluidsdrukniveau Gemiddeld geluidsvermogenniveau Toepasselijke norm Model L

  • De opgegeven trillingsemissiewaarde is gemeten volgens de standaardtestmethode en kan worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen.
  • De opgegeven trillingsemissiewaarde kan ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling. WAARSCHUWING:
  • De trillingsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven trillingsemissiewaarde afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt.
  • Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de operator die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). Voor model AT-3724 U Symbolen END116-1 Hieronder staan de symbolen die voor het gereedschap worden gebruikt. Zorg ervoor dat u weet wat ze betekenen alvorens het gereedschap te gebruiken. ....................... Besteed bijzondere zorg en aandacht. ............ Lees de gebruiksaanwijzing. ...................... Gevaar: wees bedacht op opgeworpen voorwerpen. ...................... De afstand tussen het gereedschap en omstanders moet minstens 15 meter te zijn. ............... Houd omstanders uit de buurt. .............. Blijf minstens 15 meter uit de buurt. ..................... Voorkom terugslag. ...................... Draag een veiligheidshelm, veiligheidsbril en gehoorbescherming. ...................... Draag veiligheidshandschoenen. ...................... Draag stevige schoenen met antislipzolen. Veiligheidsschoenen met stalen neuzen worden aanbevolen. ...................... Stel het gereedschap niet bloot aan vocht. .............Toegestaan maximumtoerental. ................Alleen voor EU-landen Geef elektrisch gereedschap en accu’s niet met het huisvuil mee! Volgens de Europese richtlijn inzake oude elektrische en elektronische apparaten, en inzake batterijen en accu’s en oude batterijen en accu’s, en de toepassing daarvan binnen de nationale wetgeving, dienen elektrisch gereedschap, accu’s en batterijen die het einde van hun levensduur hebben bereikt, gescheiden te worden ingezameld en te worden afgevoerd naar een recyclebedrijf dat voldoet aan de geldende milieu-eisen. Alleen voor Europese landen ENH024-8 EU-verklaring van conformiteit Ondergetekende, Rainer Bergfeld, als erkende vertegenwoordigers van Dolmar GmbH, verklaart dat de DOLMAR-machine(s): Aanduiding van de machine: Accustrimmer Modelnr./Type: AT-3724 U Technische gegevens: zie de tabel “TECHNISCHE GEGEVENS”. in serie zijn geproduceerd en Voldoen aan de volgende Europese richtlijnen: 2000/14/EG, 2006/42/EG En zijn gefabriceerd in overeenstemming met de volgende normen of genormaliseerde documenten: EN/ISO11806 De technische documentatie wordt bewaard door: Dolmar GmbH, Jenfelder Straße 38, Abteilung FZ, D-22045 Hamburg De conformiteitsbeoordelingsprocedure vereist door Richtlijn 2000/14/EG was in Overeenstemming met annex

Gemeten geluidsvermogenniveau: 94 dB (A) Gegarandeerd geluidsvermogenniveau: 96 dB (A)

Ni-MH Li-ion59 Voor model AT-3731 C Symbolen END020-3 Hieronder staan de symbolen die voor het gereedschap worden gebruikt. Zorg ervoor dat u weet wat ze betekenen alvorens het gereedschap te gebruiken. ....................... Besteed bijzondere zorg en aandacht. ............ Lees de gebruiksaanwijzing. ...................... Gevaar: wees bedacht op opgeworpen voorwerpen. ...................... De afstand tussen het gereedschap en omstanders moet minstens 15 meter te zijn. ............... Houd omstanders uit de buurt. .............. Blijf minstens 15 meter uit de buurt. ...................... Draag een veiligheidshelm, veiligheidsbril en gehoorbescherming. ...................... Draag veiligheidshandschoenen. ...................... Draag stevige schoenen met antislipzolen. Veiligheidsschoenen met stalen neuzen worden aanbevolen. ...................... Stel het gereedschap niet bloot aan vocht. ...................... Toegestaan maximumtoerental. ............... Gebruik nooit een metalen snijblad. ............... Alleen voor EU-landen Geef elektrisch gereedschap en accu’s niet met het huisvuil mee! Volgens de Europese richtlijn inzake oude elektrische en elektronische apparaten, en inzake batterijen en accu’s en oude batterijen en accu’s, en de toepassing daarvan binnen de nationale wetgeving, dienen elektrisch gereedschap, accu’s en batterijen die het einde van hun levensduur hebben bereikt, gescheiden te worden ingezameld en te worden afgevoerd naar een recyclebedrijf dat voldoet aan de geldende milieu-eisen. Alleen voor Europese landen ENH043-3 EU-verklaring van conformiteit Ondergetekende, Rainer Bergfeld, als erkende vertegenwoordigers van Dolmar GmbH, verklaart dat de DOLMAR-machine(s): Aanduiding van de machine: Accustrimmer Modelnr./Type: AT-3731 C Technische gegevens: zie de tabel “TECHNISCHE GEGEVENS”. in serie zijn geproduceerd en Voldoen aan de volgende Europese richtlijnen: 2000/14/EG, 2006/42/EG En zijn gefabriceerd in overeenstemming met de volgende normen of genormaliseerde documenten: EN60335 De technische documentatie wordt bewaard door: Dolmar GmbH, Jenfelder Straße 38, Abteilung FZ, D-22045 Hamburg De conformiteitsbeoordelingsprocedure vereist door Richtlijn 2000/14/EG was is Overeenstemming met annex IV. Officiële instantie: TÜV Rheinland LGA Products GmbH Tillystraße 2 90431 Nürnberg, Duitsland Identificatienummer 0197 Gemeten geluidsvermogenniveau: 95 dB (A) Gegarandeerd geluidsvermogenniveau: 96 dB (A)

Rainer Bergfeld Hoofddirecteur BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES GEB068-5 WAARSCHUWING! Lees alle veiligheidswaarschuwingen en alle instructies. Het niet volgen van de waarschuwingen en instructies kan leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel. Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen. Gebruiksdoeleinden

1. De accustrimmer/-bosmaaier/-graskantmaaier is

uitsluitend bedoeld voor het maaien van gras, onkruid, struiken en ondergroei. Het mag niet worden gebruikt voor enig ander doel, zoals randen bijwerken of heggen snoeien, aangezien dit tot letsel kan leiden. Algemene instructies

1. Laat in geen geval personen die deze

gebruiksaanwijzing niet gelezen hebben, personen (waaronder kinderen) met een verminderd lichamelijk, zintuiglijk of geestelijk vermogen, of gebrek aan 15m(50

Ni-MH Li-ion60 kennis en ervaring voor het gebruik van dit gereedschap. Kinderen dienen onder toezicht te staan om ervoor te zorgen dat zij niet met het gereedschap spelen.

2. Lees alvorens het gereedschap te starten deze

gebruiksaanwijzing om u bekend te maken met de juiste manier van omgaan met het gereedschap.

3. Leen het gereedschap niet uit aan een persoon met

onvoldoende ervaring met of kennis van het omgaan met een bosmaaier of graskantmaaier.

4. Wanneer u het gereedschap uitleent, geeft u altijd

deze gebruiksaanwijzing erbij.

5. Hanteer het gereedschap met de hoogstmogelijke

6. Gebruik het gereedschap nooit na het gebruik van

alcohol of drugs, of wanneer u zich moe of ziek voelt.

7. Probeer nooit het gereedschap te wijzigen.

8. Houd u aan de regelgeving zoals die in uw land geldt

voor het hanteren van bosmaaiers en graskantmaaiers. Persoonlijke-veiligheidsuitrusting (zie afb. 1)

1. Draag een veiligheidshelm, veiligheidsbril en

veiligheidshandschoenen om uzelf te beschermen tegen rondvliegend afval en vallende voorwerpen.

2. Draag gehoorbescherming, zoals oorbeschermers,

om gehoorschade te voorkomen.

3. Draag geschikte kleding en schoenen waarmee veilig

kan worden gewerkt, zoals een werkoverall en stevige schoenen met antislipzolen. Draag geen losse kleding of sieraden. Loshangende kleding, sieraden en lang haar kunnen verstrikt raken in bewegende delen.

4. Trek veiligheidshandschoenen aan voordat u het

snijblad aanraakt. Een snijblad kan flinke snijwonden veroorzaken in blote handen. Veiligheid op de werkplek

1. Bedien het gereedschap alleen bij goed zicht en

daglicht. Bedien het gereedschap niet in het donker of in mist.

2. Bedien het gereedschap niet in een omgeving met

explosiegevaar, zoals een omgeving met explosieve vloeistoffen, gassen of stof. Het gereedschap produceert vonken die de dampen of het stof kunnen ontsteken.

3. Tijdens gebruik mag u nooit op een instabiele of

gladde ondergrond of op een steile helling staan. Let in de winter op ijs en sneeuw, en zorg er altijd voor dat u stevig staat.

4. Houd tijdens gebruik omstanders en dieren ten minste

15 meter uit de buurt van het gereedschap. Schakel het gereedschap uit zodra iemand dichterbij komt.

5. Onderzoek het werkgebied op stenen en andere

massieve voorwerpen voordat u met de werkzaamheden begint. Deze kunnen worden opgeworpen of terugslag veroorzaken en leden tot ernstig letsel en/of materiële schade.

6. WAARSCHUWING: Het gebruik van dit

gereedschap kan stof opwerpen waarin chemische bestanddelen kunnen zitten die ziekten aan de luchtwegen of andere ziekten kunnen veroorzaken. Enkele voorbeelden van deze chemische bestanddelen zijn verbindingen die gevonden worden in pesticiden, insecticiden, meststoffen en herbiciden. Het risico van deze blootstellingen varieert en hangt af van hoe vaak u dit soort werkzaamheden uitvoert. Om blootstelling aan deze chemische bestanddelen te verminderen: moeten de werkzaamheden uitgevoerd worden in een goed geventileerde werkomgeving en gebruikmakend van goedgekeurde veiligheidsmiddelen, zoals stofmaskers die ontworpen zijn om microscopisch kleine deeltjes te kunnen filteren. Elektrische veiligheid en accu

1. Stel het gereedschap niet bloot aan regen of natte

omstandigheden. Als water binnendringt in het gereedschap, wordt de kans op een elektrische schok groter.

2. Gebruik het gereedschap niet als het niet kan worden

in- en uitgeschakeld met de aan-uitschakelaar. Ieder gereedschap dat niet met de schakelaar kan worden bediend is gevaarlijk en moet eerst worden gerepareerd.

3. Voorkom onbedoeld starten. Controleer dat de

schakelaar in de uit-stand staat alvorens de accu aan te brengen, het gereedschap op te pakken of te dragen. Door het gereedschap te dragen met uw vinger op de schakelaar, of door het gereedschap op een voeding aan te sluiten terwijl de schakelaar aan staat, neemt de kans op ongevallen sterk toe.

4. Laad alleen op met de acculader aanbevolen door de

fabrikant. Een acculader die geschikt is voor een bepaald type accu, kan brandgevaar opleveren indien gebruikt met een ander type accu.

5. Gebruik het gereedschap uitsluitend met de daarvoor

bestemde accu. Als u een andere accu erin gebruikt, kan dit leiden tot persoonlijk letsel of brand.

6. Als de accu niet wordt gebruikt, houdt u deze uit de

buurt van metalen voorwerpen zoals paperclips, muntgeld, sleutels, schroeven en andere kleine metalen voorwerpen die een kortsluiting kunnen veroorzaken tussen de accupolen. Kortsluiting tussen de accupolen kan leiden tot brandwonden of brand.

7. Onder zware gebruiksomstandigheden kan vloeistof

uit de accu komen. Voorkom aanraking! Als u deze vloeistof per ongeluk aanraakt, wast u dit goed af met water. Als de vloeistof in uw ogen komt, raadpleegt u een arts. Vloeistof uit de accu kan irritatie en brandwonden veroorzaken. In gebruik nemen

1. Alvorens het gereedschap te monteren of af te stellen,

verwijdert u de accu.

2. Trek veiligheidshandschoenen aan voordat u het

3. Voordat u de accu aanbrengt, inspecteert u het

gereedschap op beschadigingen, losse schroeven/ moeren en verkeerde montage. Slijp het snijblad als het bot is. Als het snijblad verbogen of beschadigd is, vervangt u hem. Controleer of alle bedieningshendels en -schakelaars gemakkelijk kunnen worden bediend. Maak de handgrepen schoon en droog.

4. Probeer nooit het gereedschap in te schakelen als het

beschadigd is of nog niet volledig gemonteerd is. Als u zich hier niet aan houdt, kan ernstig letsel ontstaan.61

5. Verwijder alle verstelsleutels en -tangen voordat u het

gereedschap inschakelt. Een sleutel of tang die nog aan een draaiend deel van het gereedschap vastzit, kan persoonlijk letsel veroorzaken.

6. Stel het schouderdraagstel en de handgreep af op de

lichaamsgrootte van de gebruiker.

7. Wanneer u een accu aanbrengt, controleert u of het

snijgarnituur uw lichaam en andere voorwerpen, zoals de grond, niet raakt. Dit kan bij het inschakelen gaan draaien en persoonlijk letsel, schade aan het gereedschap en/of materiële schade veroorzaken.

8. Verwijder alle verstelsleutels, -tangen en schede

voordat u het gereedschap inschakelt. Een accessoire dat nog aan een draaiend deel van het gereedschap vastzit, kan persoonlijk letsel veroorzaken. Bediening

1. In geval van nood schakelt u het gereedschap

2. Als u tijdens gebruik een ongebruikelijke situatie

opmerkt (bijv. geluid, trillingen), schakelt u het gereedschap uit. Gebruik het gereedschap niet meer totdat de oorzaak is opgespoord en verholpen.

3. Het snijgarnituur blijft nog een korte tijd draaien nadat

het gereedschap is uitgeschakeld. Raak het snijgarnituur niet onmiddellijk aan.

4. Gebruik tijdens het werk het schouderdraagstel. Houd

het gereedschap stevig tegen uw rechterzij.

5. Reik niet te ver. Zorg altijd voor een stevige stand en

goede lichaamsbalans. Kijk uit voor verborgen obstakels, zoals boomstronken, boomwortels en greppels, om te voorkomen dat u valt.

6. Werk nooit op een ladder of in een boom om te

voorkomen dat u de controle over het gereedschap verliest.

7. Nadat hard tegen het gereedschap is gestoten of het

is gevallen, controleert u de conditie van het gereedschap voordat u de werkzaamheden hervat. Controleer de bedieningselementen en veiligheidsvoorzieningen op een juiste werking. Als enige beschadiging zichtbaar is of u twijfelt, vraagt u ons erkende servicecentrum om inspectie en reparatie.

8. Raak het tandwielhuis niet aan. Het tandwielhuis

wordt tijdens gebruik erg warm.

9. Neem een pauze om te voorkomen dat u door

vermoeidheid de controle over het gereedschap verliest. Wij adviseren u ieder uur 10 tot 20 minuten te rusten.

10. Wanneer u het gereedschap achterlaat, al is het maar

even, verwijdert u altijd de accu. Een onbeheerd gereedschap met een aangebrachte accu kan door onbevoegden worden gebruikt en tot een ernstig ongeval leiden.

11. Als gras of takken bekneld raken tussen het

snijgarnituur en de beschermkap, schakelt u altijd het gereedschap uit en verwijdert u de accu voordat u ze verwijdert. Als u dat niet doet, kan het snijgarnituur gaan ronddraaien en ernstig letsel veroorzaken.

12. Als het snijgarnituur een steen of ander hard voorwerp

raakt, schakelt u het gereedschap onmiddellijk uit. Verwijder daarna de accu en inspecteer het snijgarnituur.

13. Controleer het snijgarnituur tijdens bedrijf veelvuldig

op barsten of beschadigingen. Voordat u inspecteert, verwijdert u de accu en wacht u tot het snijgarnituur volledig tot stilstand is gekomen. Vervang een beschadigd snijgarnituur onmiddellijk, ook wanneer het slechts oppervlakkige barsten vertoont.

14. Werk nooit boven heuphoogte.

15. Nadat u het gereedschap hebt ingeschakeld, wacht u

tot het snijgarnituur een constant toerental heeft bereikt alvorens het maaien te starten.

16. Bij gebruik van een metalen snijblad, zwaait u het

gereedschap gelijkmatig in halve cirkels van rechts naar links, zoals een zeis wordt gebruikt.

17. Houd het gereedschap alleen vast bij het geïsoleerde

oppervlak omdat het snijblad met verborgen bedrading in aanraking kunnen komen. Wanneer de snijbladen in aanraking komen met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïsoleerde metalen delen van het gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schok kan krijgen. Snijgarnituur

1. Gebruik een geschikt snijgarnituur voor de geplande

werkzaamheden. – Nylondraad-snijkoppen (graskantmaaikoppen) zijn geschikt voor het maaien van gazongras. – Metalen snijbladen zijn geschikt voor het maaien van onkruid, hoog gras, struiken, heesters, ondergroei, bosjes en dergelijke. – Gebruik nooit andere snijbladen, waaronder metalen meerdelige kettingen en vlegelmessen. Dit kan leiden tot ernstig letsel.

2. Gebruik altijd de beschermkap van het snijgarnituur

die geschikt is voor het snijgarnituur dat u gebruikt.

3. Bij gebruik van een metalen snijblad voorkomt u dat

terugslag kan optreden en bent u altijd voorbereid op per ongeluk optredende terugslag. Raadpleeg het hoofdstuk “Terugslag”. Terugslag (stoot van het snijblad)

1. Terugslag (stoot van het snijblad) is een plotselinge

reactie op een klemzittend of vastgelopen snijblad. Zodra dit optreed wordt het gereedschap met grote kracht zijwaarts of in de richting van de gebruiker geworpen en kan het ernstig letsel veroorzaken.

2. Terugslag treedt met name op wanneer u met het

snijbladsegment tussen 12 en 2 uur tegen een hard voorwerp, struiken en takken met een diameter van 3 cm of meer komt (zie afb. 2).

3. Om terugslag te voorkomen:

– gebruikt u het snijbladsegment tussen 8 en 11 uur; – gebruikt u het snijbladsegment nooit tussen 12 en 2uur; – gebruikt u het snijbladsegment nooit tussen 11 en 12 uur en tussen 2 en 5 uur, behalve indien de gebruiker goed opgeleid en erg ervaren is en dit onder zijn/haar eigen verantwoordelijkheid doet; – gebruikt u het snijblad nooit dichtbij harde voorwerpen, zoals afrasteringen, muren, boomstammen en stenen, en – houdt u het snijblad nooit verticaal voor werkzaamheden zoals het maaien van graskanten of snoeien van heggen (zie afb. 3).62 Trillingen

1. Personen met een slechte bloedsomloop die worden

blootgesteld aan sterke trillingen, kunnen verwondingen aan bloedvaten of het zenuwstelsel oplopen. Trillingen kunnen de volgende symptomen veroorzaken in de vingers, handen of polsen: “slapen” (ongevoeligheid), tintelingen, pijn, stekend gevoel, veranderen van huidskleur of van de huid. Als een van deze symptomen zich voordoet, raadpleegt u uw huisarts!

2. Om de kans op deze “witte-vingerziekte” te verkleinen,

houdt u uw handen warm tijdens het werk en onderhoudt u het gereedschap en de accessoires goed. Vervoeren

1. Alvorens het gereedschap te vervoeren, schakelt u

het uit en verwijdert u de accu. Bevestig de schede op het snijblad.

2. Wanneer u het gereedschap vervoert, draagt u het

horizontaal door de schacht vast te pakken.

3. Wanneer u het gereedschap in een voertuig vervoert,

zet u het goed vast om te voorkomen dat het omvalt. Als u dat niet doet, kan het gereedschap en andere bagage beschadigd worden. Onderhoud

1. Laat uw gereedschap onderhouden door ons erkende

servicecentrum dat altijd uitsluitend gebruikmaakt van originele vervangingsonderdelen. Onjuiste reparatie en slecht onderhoud kan de levensduur van het gereedschap verkorten en de kans op ongevallen vergroten.

2. Alvorens enige onderhouds-, reparatie- of

reinigingswerkzaamheden uit te voeren, schakelt u het gereedschap altijd uit en verwijdert u de accu.

3. Draag altijd veiligheidshandschoenen wanneer u het

4. Verwijder altijd stof en vuil vanaf het gereedschap.

Gebruik voor dit doel nooit benzine, wasbenzine, thinner, alcohol, enz. Dit kan leiden tot verkleuren, vervormen of barsten van de kunststofdelen.

5. Draai na ieder gebruik alle bouten en moeren vast.

6. Probeer geen onderhouds- of

reparatiewerkzaamheden uit te voeren die niet worden beschreven in de gebruiksaanwijzing. Vraag ons erkend servicecentrum om dergelijke werkzaamheden uit te voeren.

7. Gebruik altijd uitsluitend onze originele

vervangingsonderdelen en accessoires. Als u onderdelen of accessoire van derden gebruikt, kan het gereedschap defect raken, eigendommen worden beschadigd en/of ernstig letsel worden veroorzaakt.

8. Verzoek regelmatig ons erkend servicecentrum om

het gereedschap te inspecteren en onderhouden. Opslag

1. Alvorens het gereedschap op te bergen, voert u alle

reinigings- en onderhoudswerkzaamheden uit. Verwijder de accu. Bevestig de schede op het snijblad.

2. Berg het gereedschap op een droge en hoge of

afgesloten plaats op, buiten bereik van kinderen.

3. Laat het gereedschap nooit ergens tegenaan leunen,

zoals tegen een muur. Anders kan deze plotseling omvallen en letsel veroorzaken. EHBO

1. Zorg dat er altijd een EHBO-doos in de buurt is.

Vervang onmiddellijk elk item dat uit de EHBO-doos is genomen.

2. Geef de volgende informatie wanneer u om hulp

vraagt: – Plaats van het ongeval – Beschrijving van het ongeval – Aantal gewonden – Aard van de verwondingen – Uw naam

BEWAAR DEZE INSTRUCTIES

WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betreffende product altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet volgen van de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. BELANGRIJKE

eerst alle instructies en waarschuwingsopschriften op (1) de acculader, (2) de accu en (3) het apparaat waarin de accu wordt aangebracht.

2. Haal de accu niet uit elkaar.

3. Als de gebruikstijd aanzienlijk korter is geworden,

stopt u onmiddellijk met het gebruik. Anders kan dit leiden tot kans op oververhitting, mogelijke brandwonden en zelfs een explosie.

4. Als de elektrolyt in uw ogen komt, wast u deze uit

met schoon water en raadpleegt u onmiddellijk een arts. Dit kan leiden tot verlies van gezichtsvermogen.

5. Sluit de accu niet kort:

(1) Raak de accupolen niet aan met enig geleidend materiaal. (2) Bewaar de accu niet op een plaats waar deze in aanraking kan komen met andere metalen voorwerpen, zoals spijkers, munten, enz. (3) Stel de accu niet bloot aan water of regen. Kortsluiting van de accu kan leiden tot een hoge stroomsterkte, oververhitting, mogelijke brandwonden en zelfs een defect.

6. Bewaar het gereedschap en de accu niet op

plaatsen waar de temperatuur kan oplopen tot 50 °C of hoger.

7. Werp de accu niet in een vuur, zelfs niet als deze al

ernstig beschadigd of helemaal versleten is. De accu kan in een vuur exploderen.63

8. Wees voorzichtig dat u de accu niet laat vallen of

ergens tegenaan stoot.

9. Gebruik nooit een beschadigde accu.

10. Neem de plaatselijke regelgeving met betrekking

tot het weggooien van de accu in acht. BEWAAR DEZE INSTRUCTIES. Tips voor een lange levensduur van de accu

1. Laad de accu op voordat deze volledig leeg is.

Wanneer u merkt dat het gereedschap minder vermogen heeft, stopt u met het gebruik ervan en laadt u eerst de accu op.

2. Laad nooit een volledig opgeladen accu op.

Te lang opladen verkort de levensduur van de accu.

3. Laad de accu op bij een omgevingstemperatuur

van 10 °C tot 40 °C. Laat een warme accu eerst afkoelen voordat u deze oplaadt.

4. Laad de accu ieder half jaar op als u deze

gedurende een lange tijd niet gebruikt. Beschrijving van de onderdelen (zie afb 4)

  • Zorg ervoor dat het gereedschap is uitgeschakeld en dat de accu is verwijderd voordat u de werking van het gereedschap aanpast of controleert. Als het gereedschap niet wordt uitgeschakeld en de accu niet uit het gereedschap wordt verwijderd, kan dat na per ongeluk inschakelen leiden tot ernstig persoonlijk letsel. De accu aanbrengen en verwijderen (zie afb. 5) LET OP:
  • Schakel het gereedschap altijd uit voordat u de accu aanbrengt of verwijdert.
  • Houd het gereedschap en de accu stevig vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu. Als u het gereedschap en de accu niet stevig vasthoudt, kunnen deze uit uw handen glippen en beschadigd raken, of kan persoonlijk letsel worden veroorzaakt. Om de accu te verwijderen verschuift u de knop aan de voorkant van de accu en schuift u tegelijkertijd de accu eraf. Om de accu aan te brengen, lijnt u de lip op de accu uit met de groef in de behuizing en duwt u de accu op zijn plaats. Steek de accu zo ver mogelijk erin tot u een klikgeluid hoort. Als u het rode deel aan de bovenkant van de knop kunt zien, is de accu niet goed aangebracht. LET OP:
  • Breng de accu altijd helemaal aan totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap vallen en letsel veroorzaken bij u of anderen in uw omgeving.
  • Breng de accu niet met kracht aan. Als de accu niet gemakkelijk erin kan worden geschoven, wordt deze niet goed aangebracht. OPMERKING:
  • Het gereedschap werkt niet als slechts één accu is aangebracht. Gereedschap-/accubeveiligingssysteem Het gereedschap is uitgerust met een gereedschap-/ accubeveiligingssysteem. Dit systeem schakelt automatisch de voeding naar de motor uit om de levensduur van het gereedschap en de accu te verlengen. Het gereedschap zal tijdens gebruik automatisch stoppen wanneer het gereedschap of de accu zich in een van de volgende omstandigheden bevindt: Onder bepaalde omstandigheden gaan de indicatorlampjes branden. Overbelastingsbeveiliging Wanneer het gereedschap wordt gebruikt op een manier waardoor een abnormaal hoge stroom wordt getrokken, stopt het gereedschap automatisch en knipperen de accu- indicatorlampjes. Schakel in die situatie het gereedschap uit en stop het gebruik dat ertoe leidde dat het gereedschap overbelast werd. Schakel daarna het gereedschap in om het weer te starten. Oververhittingsbeveiliging voor het gereedschap (zie afb. 6) Wanneer het gereedschap oververhit is, stopt het gereedschap automatisch en knippert de aan-indicator gedurende ongeveer 60 seconden. In die situatie laat u het gereedschap eerst afkoelen voordat u het gereedschap opnieuw inschakelt. Oververhittingsbeveiliging voor de accu Wanneer de accu oververhit is, stopt het gereedschap automatisch en brandt de accu-indicatorlampjes. Het gereedschap start niet meer, ook niet wanneer de aan- uitschakelaar wordt ingeknepen. In die situatie laat u de accu eerst afkoelen voordat u het gereedschap opnieuw inschakelt. OPMERKING: De oververhittingsbeveiliging van de accu werkt alleen met een accu waarop het ster-merkteken staat (zie afb. 7). Beveiliging tegen te ver ontladen Als de acculading laag is, stopt het gereedschap automatisch. Als het gereedschap niet werkt, ook niet wanneer de schakelaars worden bediend, verwijdert u de accu’s vanaf het gereedschap en laadt u de accu’s op. Accu-indicatorlampjes voor resterende acculading (zie afb. 8) Druk op de testknop zodat de accu-indicatorlampjes de resterende acculading aangeven. De accu- indicatorlampjes geven per accu de resterende acculading aan.64 Accu-indicatorlampjes voor resterende acculading

Abnormaal branden/knipperen tijdens gebruik

De indicatorlampjes geven diverse toestanden aan met behulp van de accu-indicatorlampjes voor resterende acculading. In- en uitschakelen WAARSCHUWING:

  • Controleer altijd, voordat u de accu in het gereedschap steekt, of de aan-uitschakelaar op de juiste manier schakelt en weer terugkeert naar de uit-stand nadat deze is losgelaten. Knijp de aan- uitschakelaar niet hard in zonder de uit- vergrendeling in te draaien. Hierdoor kan de aan- uitschakelaar stuk gaan. Het gebruik van gereedschap met een schakelaar die niet goed werkt, kan leiden tot verlies van controle en ernstig persoonlijk letsel. Druk op de aan-uitknop op de behuizing zodat het gereedschap is ingeschakeld en de aan-indicator brandt (zie afb. 6). Voor model AT-3724 U (zie afb. 9) Voor model AT-3731 C (zie afb. 10) Om te voorkomen dat de aan-uitschakelaar per ongeluk wordt bediend, is een uit-vergrendeling aangebracht. Om het gereedschap te starten, draait u de uit- vergrendeling en knijpt u vervolgens de aan-uitschakelaar in. Laat de aan-uitschakelaar los om het gereedschap te stoppen. OPMERKING:
  • Nadat op de aan-uitknop is gedrukt en het gereedschap één minuut niet is bediend, wordt het gereedschap automatisch uitgeschakeld. Omkeerschakelaar voor verwijderen van vuil WAARSCHUWING:
  • Controleer altijd of het gereedschap is uitgeschakeld en de accu is verwijderd voordat u onkruid of vuil verwijdert dat verstrikt zit rond het snijgarnituur en niet kon worden verwijderd door de omkeerschakelaar te bedienen. Als het gereedschap niet wordt uitgeschakeld en de accu niet uit het gereedschap wordt verwijderd, kan dat na per ongeluk inschakelen leiden tot ernstig persoonlijk letsel. Voor model AT-3724 U (zie afb. 11) Voor model AT-3731 C (zie afb. 12) Dit gereedschap is uitgerust met een omkeerschakelaar die alleen bedoeld is om de draairichting om te keren zodat dit kan worden gebruikt om onkruid of vuil te verwijderen dat verstrikt zit in het snijgarnituur. Om het gereedschap te bedienen moet normaal gesproken op de “A”-kant van de schakelaar zijn ingedrukt. Om onkruid of vuil te verwijderen dat verstrikt zit rond het draaiende snijgarnituur, kan de draairichting worden omgekeerd door de “B”-kant van de schakelaar in te drukken. In de stand voor de omgekeerde draairichting zal het gereedschap slechts een korte tijd werken, waarna het gereedschap automatisch wordt uitgeschakeld. KENNISGEVING:
  • Controleer altijd de draairichting alvorens het gereedschap te gebruiken.
  • Gebruik de omkeerschakelaar alleen nadat het gereedschap volledig tot stilstand is gekomen. Als u de draairichting verandert voordat het gereedschap volledig stilstaat, kan het gereedschap worden beschadigd. Snelheidsregelaar (zie afb. 13) De snelheid van het gereedschap kan worden ingesteld door de snelheidsregelaar te draaien. Draai de snelheidsregelaar rechtsom voor een hogere snelheid en linksom voor een lagere snelheid. Accu-indicatorlampjes (Accu 1 of accu 2) Resterende acculading : Aan : Uit : Knippert 50% tot 100% 20% tot 50% 0% tot 20%

Laad de accu op. Accu-indicatorlampje Toestand: Aan : Uit Accu 1 Accu 2 Er kan een storing in het gereedschap zijn opgetreden. Er kan een storing in het gereedschap zijn opgetreden. De beveiligingsfunctie van een accu met het ster-merkteken is in werking getreden (oververhitting). Geringe resterende acculading. Laad de accu op. Het gereedschap heeft een abnormaal hoge spanning gedetecteerd. Vervang de accu.65 Nylondraad-snijkop (los verkrijgbaar accessoire voor een gereedschap dat verkocht is met een snijblad) Nylondraad-snijkop KENNISGEVING:

  • Probeer niet de snijkop op de grond te stoten om nylondraad aan te voeren terwijl het gereedschap op een hoog toerental draait. Als het gereedschap bij een hoog toerental op de grond wordt gestoten, kan de nylondraad-snijkop worden beschadigd.
  • Het aanvoeren van nylondraad zal niet goed werken wanneer de snijkop niet draait (zie afb. 14). De nylondraad-snijkop is een dubbele-draadkop uitgerust met een stoot-aanvoermechanisme. Om ervoor te zorgen dat de nylondraad aangevoerd wordt, moet de snijkop op de grond gestoten worden terwijl deze op een laag toerental draait. OPMERKING: Als de nylondraad niet automatisch wordt aangevoerd wanneer de snijkop op de grond wordt gestoten, volgt u de procedures die zijn beschreven onder “Onderhoud” om de nylondraad opnieuw op te wikkelen of te vervangen.
  • Controleer altijd of het gereedschap is uitgeschakeld en de accu is verwijderd alvorens enige werkzaamheden aan het gereedschap te verrichten. Als het gereedschap niet wordt uitgeschakeld en de accu niet uit het gereedschap wordt verwijderd, kan dat na per ongeluk inschakelen leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
  • Start het gereedschap nooit voordat het volledig is gemonteerd. Door het gereedschap in een gedeeltelijk gemonteerde toestand te laten werken, kan dat na per ongeluk inschakelen leiden tot ernstig persoonlijk letsel. De handgreep monteren Voor model AT-3724 U (zie afb. 15) Schuif de handgreep over het uiteinde van de fietsstuurhandgreep, zoals afgebeeld. Lijn het schroefgat in de handgreep uit met het schroefgat in de fietsstuurhandgreep. Draai de schroef stevig aan. Monteer de handgreepklem en de handgreepbevestiging met behulp van vier schroeven aan de schacht. Zorg ervoor dat de afstandshouder zich op de schacht bevindt tussen de handgreepklem/-bevestiging en het bevestigingsoog. Plaats de handgreep tussen de handgreepklem en de handgreepbevestiging. Stel de handgreep af onder een hoek die u een comfortabele werkhouding biedt en zet deze daarna vast door de knop met de hand vast te draaien (zie afb. 16). Voor model AT-3731 C (zie afb. 17) Monteer de handgreep op de schacht en zet hem vast met twee inbusbouten. Zorg ervoor dat de afstandshouder zich op de schacht bevindt tussen de voorhandgreep en de achterhandgreep. Verwijder of verkort de afstandshouder niet. De beschermkap aanbrengen WAARSCHUWING:
  • Gebruik het gereedschap nooit zonder dat de beschermkap is aangebracht, zoals aangegeven in de afbeelding. Als u zich hier niet aan houdt, kan ernstig persoonlijk letsel worden veroorzaakt. Voor snijblad (alleen voor model AT-3724 U) (zie afb. 18) Monteer het uitsteeksel van de beschermkapklem op het tandwielhuis tot de positie ervan is uitgelijnd met het etiket op de schacht. Bevestig de beschermkap met behulp van de twee bouten op de beschermkapklem en draai met behulp van de inbussleutel beide bouten gelijkmatig vast (zie afb. 19). Voor de nylondraad-snijkop Voor model AT-3731 C (zie afb. 20) Lijn de uitsteeksels op het beschermkap-deel uit met de groeven in de beschermkap. Lijn de uitsteeksels op het beschermkaphouder-deel uit met de groeven in de beschermkaphouder (zie afb. 21). Nadat de beschermkap en de beschermkaphouder zijn bevestigd, draait u de inbusbouten stevig vast (zie afb. 22). Voor model AT-3724 U (los verkrijgbaar) Verwijder de inbusbouten met de inbussleutel. Verwijder vervolgens de beschermkapklem en de beschermkap (zie afb. 23). Monteer het beschermkap-deel en het beschermkaphouder-deel op het tandwielhuis. Om de beschermkap voor de nylondraad-snijkop te monteren, volgt u de montageprocedure die eerder werd beschreven (zie afb. 24). De beschermbeugel aanbrengen LET OP:
  • Wacht totdat de snijkop volledig tot stilstand is gekomen voordat u de beschermbeugel bedient. Bedien de beschermbeugel niet met uw voet. Om de kans te verkleinen dat u voorwerpen aan de voorkant van de snijkop beschadigt, plaatst u de beschermbeugel zodat deze voorkomt dat de nylondraad het voorwerp kan raken (zie afb. 25). Trek de uiteinden van de beschermbeugel iets naar buiten en steek ze daarna in de gaten in de beschermkap (zie afb. 26). OPMERKING:
  • Trek de uiteinden van de beschermbeugel niet te ver naar buiten. Als u dit doet, kunnen ze afbreken. Als de beschermbeugel niet in gebruik is, klapt u hem omhoog in de ongebruikte stand (zie afb. 27). De nylondraad-snijkop aanbrengen LET OP:
  • Als tijdens gebruik de nylondraad-snijkop per ongeluk een steen of hard voorwerp raakt, moet de graskantmaaier worden gestopt en op beschadigingen worden gecontroleerd. Als de nylondraad-snijkop beschadigd is, moet deze onmiddellijk worden vervangen. Het gebruik van een66 beschadigde nylondraad-snijkop kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. KENNISGEVING:
  • Gebruik altijd een originele nylondraad-snijkop van Dolmar. Draai het gereedschap ondersteboven zodat u de nylondraad-snijkop gemakkelijk kunt vervangen. Steek de inbussleutel in de opening in het beschermkapdeksel en draai met de inbussleutel de ontvangerring tot deze wordt vergrendeld. Breng de nylondraad-snijkop rechtstreeks aan op de as met schroefdraad en bevestig hem door hem linksom te draaien. Haal de inbussleutel eruit. Om de nylondraad-snijkop te verwijderen, houdt u met de inbussleutel de ontvangerring op zijn plaats en draait u tegelijkertijd de nylondraad-snijkop rechtsom (zie afb. 28). Het snijblad monteren (afhankelijk van het land) WAARSCHUWING:
  • De buitendiameter van het snijblad moet 230 mm zijn. Gebruik nooit een snijblad met een buitendiameter groter dan 230 mm. LET OP:
  • Het snijblad moet goed geslepen zijn en vrij zijn van barsten of breuken. Slijp of vervang het snijblad na elke drie uur gebruik.
  • Draag altijd beschermende handschoenen wanneer u het snijblad hanteert.
  • Bevestig altijd de schede over het snijblad wanneer hert gereedschap niet in gebruik is of wordt vervoerd.
  • De bevestigingsmoer van het snijblad (met veerring) verslijt na verloop van tijd. Als u slijtage of vervorming van de veerring opmerkt, moet u de moer vervangen. Vraag uw plaatselijk erkende servicecentrum de onderdelen te bestellen. KENNISGEVING:
  • Gebruik altijd een origineel Dolmar-snijblad. Draai het gereedschap ondersteboven zodat u het snijblad gemakkelijk kunt vervangen. Om het snijblad te verwijderen, steekt u de inbussleutel door de opening in het beschermkapdeksel en het tandwielhuis. Draai met de inbussleutel de ontvangerring tot deze wordt vergrendeld. Draai de zeskantmoer (met linksdraaiend schroefdraad) los met de dopsleutel en verwijder de moer, klemring en inbussleutel (zie afb. 29). Monteer het snijblad op de as zodat de nok van de ontvangerring past in de inkeping in het middengat van het snijblad. Plaats de klemring en bevestig het snijblad met de zeskantmoer met een aantrekkoppel van 13 tot 23 Nm terwijl u de ontvangerring tegenhoudt met de inbussleutel (zie afb. 30). Zorg ervoor dat het snijblad met de goede kant omhoog wijst voor linksom draaien (zie afb. 31). Opbergplaats van de inbussleutel (zie afb. 32) Wanneer u de inbussleutel niet gebruikt, bergt u deze op de plaats aangegeven in de afbeelding op, om te voorkomen dat deze wordt verloren. BEDIENING Correct omgaan met het gereedschap (AT-3724 U) Correcte lichaamshouding WAARSCHUWING:
  • Houd het gereedschap altijd aan de rechterkant van uw lichaam zodat de linkerhelft van de fietsstuurhandgreep zich recht voor uw lichaam bevindt. Een correcte plaatsing van het gereedschap geeft een maximale controle over het gereedschap en verkleint de kans op ernstig persoonlijk letsel veroorzaakt door terugslag. Zoals aangegeven in de afbeelding, trek het schouderdraagstel aan en hang het gereedschap stevig tegen uw rechterzijde zodat de linkerhelft van de fietsstuurhandgreep zich recht voor uw lichaam bevindt (zie afb. 33). Bevestiging van het schouderdraagstel (zie afb. 34) Draag het schouderdraagstel op uw rug en gesp het dicht zodat u een klikgeluid hoort. Controleer dat het niet losgetrokken kan worden door eraan te trekken. Hang het gereedschap aan het schouderdraagstel, zoals afgebeeld. WAARSCHUWING:
  • Let er goed op dat u te allen tijde de controle over het gereedschap behoudt. Zorg ervoor dat het gereedschap zich niet in uw richting of in de richting van iemand die in de buurt staat beweegt. Als u dat niet doet, kan dat leiden tot ernstig letsel. De positie van het bevestigingsoog en het schouderdraagstel veranderen Als u een accu of accessoire omwisselt voor een andere, kan het zwaartepunt van het gereedschap verschuiven. In dat geval, verandert u de positie van het bevestigingsoog en de lengte van het schouderdraagstel als volgt. Om de positie van het bevestigingsoog te veranderen, draait u de schroef van het bevestigingsoog los met behulp van de bijgeleverde sleutel en verschuift u daarna het bevestigingsoog en het kussen. Het kussen kan gemakkelijk worden verschoven door het te verdraaien. Verander de positie van het bevestigingsoog en de lengte van het schouderdraagstel zodanig dat: (zie afb. 35) – het bevestigingsoog zich 750 mm of meer boven de grond bevindt, – het snijgarnituur zich tussen 100 mm en 300 mm boven de grond bevindt en – het onbeschermde deel van het snijgarnituur horizontaal gezien 750 mm of meer van het bevestigingsoog verwijderd is. Nadat de positie van het bevestigingsoog is veranderd, draait u de schroef stevig vast met behulp van de bijgeleverde sleutel.67 Correct omgaan met het gereedschap (AT-3731 C) Correcte lichaamshouding WAARSCHUWING:
  • Houd het gereedschap altijd aan de rechterkant van uw lichaam zodat de beugelhandgreep zich recht voor uw lichaam bevindt. Een correcte plaatsing van het gereedschap geeft een maximale controle over het gereedschap en verkleint de kans op ernstig persoonlijk letsel veroorzaakt door terugslag. Zoals aangegeven in de afbeelding, steekt u uw rechterarm en hoofd door het schouderdraagstel zodat het op uw linkerschouder hangt en houd het gereedschap aan de rechterkant van uw lichaam zodat de beugelhandgreep zich recht voor uw lichaam bevindt (zie afb. 36). Bevestiging van het schouderdraagstel (zie afb. 37) Nadat u het schouderdraagstel hebt aangetrokken, kan het gereedschap eraan gehangen worden door de gespen aan zowel de gereedschapshaak als het schouderdraagstel aan elkaar te bevestigen. Controleer dat de gespen volledig op hun plaats klikken en vergrendelen. Losmaken (zie afb. 38) De gesp is voorzien van een snelontgrendeling die kan worden gebruikt door eenvoudigweg de zijkant van de gesp in te knijpen. WAARSCHUWING:
  • Let er goed op dat u te allen tijde de controle over het gereedschap behoudt. Zorg ervoor dat het gereedschap zich niet in uw richting of in de richting van iemand die in de buurt staat beweegt. Als u de controle over het gereedschap verliest, kan dat leiden tot ernstig letsel van de gebruiker en omstanders. ONDERHOUD WAARSCHUWING:
  • Zorg er altijd voor dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu is verwijderd, voordat u een inspectie of onderhoud aan het gereedschap uitvoert. Als het gereedschap niet wordt uitgeschakeld en de accu niet uit het gereedschap wordt verwijderd, kan dat na per ongeluk inschakelen leiden tot ernstig persoonlijk letsel. KENNISGEVING: Gebruik nooit benzine, wasbenzine, thinner, alcohol, enz. Dit kan leiden tot verkleuren, vervormen of barsten. Tandwielhuis smeren met vet (zie afb. 39) Breng smeervet (Shell Alvania 2 of gelijkwaardig) aan in het tandwielhuis. Verwijder elke 30 uur de zeskantbout en vul vervolgens vet bij door de smeeropening. (Origineel Dolmar-smeervet kan worden aangeschaft bij uw Dolmar- dealer.) De nylondraad vervangen WAARSCHUWING:
  • Controleer of het deksel van de nylondraad-snijkop goed op de behuizing is bevestigd, zoals hieronder beschreven. Als u het deksel niet stevig bevestigt, kan de nylondraad-snijkop uit elkaar vliegen en ernstig persoonlijk letsel veroorzaken. Druk de twee vergrendelingen op tegenovergestelde zijden van de behuizing in om het deksel eraf te halen (zie afb. 40). Snijd een nylondraad af van 3 tot 6 meter. Vouw de nylondraad dubbel waarbij de ene kant 80 tot 100 mm langer is dan de andere (zie afb. 41). Haak het midden van de nieuwe nylondraad in de inkeping in het midden van de draadspoel tussen de 2 kanalen waarin de nylondraad moet worden opgewikkeld. Wikkel beide uiteinden stevig op de draadspoel in de richting aangegeven op de snijkop met LH voor linkerwikkelrichting (zie afb. 42). Wikkel op 100 mm na de volledige lengte van de nylondraad op de draadspoel, en haak de uiteinden tijdelijk in de inkeping in de zijkant van de draadspoel (zie afb. 43). Plaats de draadspoel op het deksel zodat de groeven en uitsteeksels op de spoel overeenkomen met die op het deksel. Maak nu de uiteinden van de nylondraad los uit hun tijdelijke positie en voer de nylondraden door de oogjes zodat ze uit het deksel steken (zie afb. 44). Lijn het uitsteeksel op de onderkant van het deksel uit met de sleuven van de oogjes. Druk daarna het deksel stevig op de behuizing zodat hij wordt vergrendeld. Controleer of de vergrendelnokken zich volledig spreiden in het deksel (zie afb. 45). Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, onderhoud en afstellingen te worden uitgevoerd door een erkend DOLMAR-servicecentrum, en altijd met gebruikmaking van originele DOLMAR- vervangingsonderdelen. PROBLEMEN OPLOSSEN Alvorens om reparatie te verzoeken, voert u eerst zelf een inspectie uit. Als u een probleem ondervindt dat niet in deze handleiding wordt beschreven, mag u niet proberen het gereedschap uit elkaar te halen. Vraag in plaats daarvan een erkend Dolmar-servicecentrum, en altijd met gebruikmaking van originele Dolmar- vervangingsonderdelen, het gereedschap te repareren.68
  • Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Dolmar-gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing wordt beschreven. Het gebruik van andere accessoires of hulpstukken kan gevaar voor persoonlijk letsel opleveren. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend voor de aangegeven gebruiksdoeleinden. Mocht u meer informatie willen hebben over deze accessoires, dan kunt u contact opnemen met uw plaatselijke Dolmar-servicecentrum.
  • Nylondraad (snijdraad)
  • Originele Dolmar-accu en -lader OPMERKING:
  • Sommige items op de lijst kunnen zijn inbegrepen in de doos van het gereedschap als standaard toebehoren. Zij kunnen van land tot land verschillen. Toestand tijdens defect Oorzaak Handeling Motor loopt niet. De accu’s zijn niet aangebracht. Breng de accu’s aan. Probleem met de accu (lage spanning). Laad de accu op. Als het opladen niet helpt, vervangt u de accu. De aandrijving werkt niet goed. Vraag uw plaatselijke, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren. De motor stopt na kort te hebben gedraaid. De draairichting is omgekeerd. Verander de draairichting met de omkeerschakelaar. De accu is bijna leeg. Laad de accu op. Als het opladen niet helpt, vervangt u de accu. Oververhitting. Stop het gebruik van het gereedschap en laat het afkoelen. Het gereedschap bereikt het maximale toerental niet. De accu is niet goed aangebracht. Breng de accu aan zoals beschreven in deze gebruiksaanwijzing. Het accuvermogen neemt af. Laad de accu op. Als het opladen niet helpt, vervangt u de accu. De aandrijving werkt niet goed. Vraag uw plaatselijke, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren. Het snijgarnituur draait niet: stop het gereedschap onmiddellijk! Een vreemd voorwerp, zoals een tak, zit vastgeklemd tussen de beschermkap en de nylondraad- snijkop. Verwijder het vreemde voorwerp. De bevestigingsmoer van het snijblad zit los. Draai de moer goed vast, zoals beschreven in deze gebruiksaanwijzing. Het snijblad is verbogen. Vervang het snijblad. De aandrijving werkt niet goed. Vraag uw plaatselijke, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren. Abnormale trillingen: stop het gereedschap onmiddellijk! Eén uiteinde van de nylondraad is afgebroken. Stoot de nylondraad-snijkop tegen de grond terwijl deze draait zodat nieuwe nylondraad wordt aangevoerd. Het snijblad is verbogen, gescheurd of versleten. Vervang het snijblad. De bevestigingsmoer van het snijblad zit los. Draai de moer goed vast, zoals beschreven in deze gebruiksaanwijzing. Het snijblad is niet goed bevestigd. De aandrijving werkt niet goed. Vraag uw plaatselijke, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren. Het snijgarnituur en de motor kunnen niet stoppen: verwijder de accu onmiddellijk! Elektrische of elektronische storing. Verwijder de accu en vraag uw plaatselijk erkende servicecentrum het gereedschap te repareren.69 ESPAÑOL (Instrucciones originales) Explicación de los dibujos ESPECIFICACIONES