PMSG 200 A1 - Lasapparaat PARKSIDE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis PMSG 200 A1 PARKSIDE in PDF-formaat.
| Type product | Multiproces lasapparaat |
| Merk | Parkside |
| Model | PMSG 200 A1 |
| Gewicht | 8,6 kg |
| Voeding | 230 V~, 50 Hz, 16 A (zekering) |
| Opgenomen vermogen | 4,3 kW |
| MIG lasstroom | 72 – 160 A |
| MMA lasstroom | 63 – 140 A |
| TIG lasstroom | 63 – 200 A |
| Inschakelduur (MIG 160 A) | 20% |
| Inschakelduur (MIG 92 A) | 60% |
| Open spanning (MIG/MMA) | 53 V |
| Open spanning (TIG) | 16,9 V |
| Beschermingsgraad | IP21S |
| Isolatieklasse | H |
| Lasdraaddiameter | 0,6 – 1,0 mm |
| Maximale draadspoel | ca. 5000 g |
| Beschermgas | Argon (voor massief aluminiumdraad) |
| Lasmodi | MIG, MMA, TIG |
| Meegeleverde accessoires | MIG toorts, elektrodehouder, massakabel, lasmasker, slakhamer, mondstukken, toevoerdraden, elektrode staven |
| Onderhoud | Regelmatig reinigen met lucht, doek of borstel. Reparaties door een gekwalificeerde elektricien. |
| Veiligheid | Gebruik lasmasker, handschoenen, droge kleding. Zorg voor goede ventilatie. Vermijd vocht. |
| Garantie | 3 jaar |
Veelgestelde vragen - PMSG 200 A1 PARKSIDE
Gebruikersvragen over PMSG 200 A1 PARKSIDE
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Lasapparaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PMSG 200 A1 - PARKSIDE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PMSG 200 A1 van het merk PARKSIDE.
GEBRUIKSAANWIJZING PMSG 200 A1 PARKSIDE
Bedienings- en veiligheidsinstructies
Vertaling van de originele bedieningshandleiding
PL
SPAWARKA WIELOFUNKCYJNA
Klap, voordat u begint te lezen, de pagina met afbeeldingen uit en maak u aansluitend vertrouwd met alle functies van dit apparaat.
CZ
NL /BE Bedienings- en veiligheidsinstructies Pagina 87
Legenda van de gebruikte pictogrammen....Página 88
Inleiding ...... Pagina 89
Gebruik volgens de voorschriften.... Página 89
Leveringsomvang....Página 90
Beschrijving van de onderdelen.... Página 91
Technische gegevens....Página 91
Veiligheidsaanwijzingen....Pagina 92
Gevarenbronnen bij booglassen.... Pagina 94
Specifieke veiligheidsinstructies voor lasscherm ...... Pagina 97
Omgeving met verhoogd gevaar voor een elektrische schok.... Página 97
Lassen in nauwe ruimten....Página 98
Optellen van nullastspanningen.... Página 99
Beschermende kledij ...... Pagina 99
Bescherming tegen stralen en verbrandingen ...... Pagina 100
EMC-apparaatclassificatie ...... Pagina 100
Voor de ingebruikname....Pagina 101
Montage....Pagina 101
Lasschild monteren....Pagina 101
Aanpassen van het apparaat voor het lassen met massieve draad met beschermgas... Pagina 102
Aanpassing van het apparaat voor lassen met gevulde draad zonder beschermgas ... Pagina 103
Lasdraad plaatsen ...... Pagina 103
Inbedrijfstelling....Pagina 104
Apparaat in- en uitschakelen.... Página 104
Lasdraad kiezen....Página 104
Lassen....Pagina 104
Lasnaad maken ...... Pagina 106
MMA-lassen ...... Pagina 108
WIG/TIG-lassen ...... Pagina 110
Onderhoud en reiniging....Pagina 110
Milieu- en verwijderingsinformatie....Pagina 111
EU-conformiteitsverklaring....Página 111
Aanwij zingen over garantie en afhandelen van de service....Página 112
Garantievoorwaarden....Página 112
Garantieperiode en wettelijke garantieclaims.... Página 112
Omvang van de garantie ...... Pagina 112
Afwikkeling in geval van garantie.... Página 112
Service....Pagina 113
| Legenda van de gebruikte pictogrammen | |||
![]() | Let op!Gebruikershandleiding lezen! | WAARSCHUWING | Ernstig tot levensgevaarlij k letsel mogelijk k! |
| 1 ~ 50 Hz | Netingang;aantal fasen enWisselstroomsymbool en opgegeven waarden van de frequentie. | ![]() | Pas op! Gevaar voor elektrische schok! |
![]() | Belangrij ke opmerking! | ||
![]() | Voer elektrische apparaten niet af via het huisvuil! | ![]() | Voer de verpakking en het apparaat op een milieuvriendelijk ke wij ze af! |
![]() | Gebruik het apparaat nooit in de regen! | ![]() | Gemaakt van gerecycled materiaal. |
![]() | Elektrische schok van de laselektrode kan dodelij k zij n! | IP21S | Beschermingsklasse. |
![]() | Lasroken inademen kan schadelij k zij n voor uw gezondheid. | ![]() | Geschikt voor lassen bij verhoogd elektrisch risico. |
![]() | Lasvonken kunnen een explosie of een brand veroorzaken. | ![]() | Eenfasige statische frequentieomvormer-transformator-gelijk krichter. |
![]() | Vlamboogstralen kunnen de ogen beschadigen en de huid verwonden. | ![]() | Isolatieklasse. |
![]() | Elektromagnetische velden kunnen de werking van pacemakers verstoren. | [2001] | Gestandaardiseerde bedrij fsspanning. |
![]() | Let op, mogelijk ke gevaren! | [TGSA] | Grootste opgegeven waarde van de netstroom. |
| X % | Inschakelduur. | [2001] | Effectieve waarde van de grootste netstroom. |
I_2 ![]() | Opgegeven waarde van de lasstroom.Metaal-inert- en actiefgas-lassen inclusief het gebruik van vuldraad | ![]() ![]() | Massaklem.Booglassen met de hand met beklede staafelektroden |
![]() | Wolfraam-inert gas-lassen | ||
![]() | Gelij kstroom | U_0 | Opgegeven waarde van de nullastspanning |
| [ZDOY] | Opgegeven waarde van de netspanning | ||
MULTIFUNCTIONEEL LASAPPARAAT PMSG 200 A1
- Inleiding
Hartelijk gefeliciteerd! U hebt gekozen voor een van onze hoogwaardige apparaten. Leer het product voor de eerste ingebruikname kennen. Lees hiervoor onderstaande bedieningshandleiding en de veiligheidsinstructies aandachtig door. De ingebruikname van dit gereedschap mag alleen door geïnstrueerde personen gebeuren.
BUITEN HET BEREIK VAN KINDEREN HOUDEN!
- Gebruik volgens de voorschriften
Het apparaat is voorzien voor MIG-lassen (lassen met lasdraad en inert gas), MMA-lassen (lassen met staafelektroden) en TIG-lassen (wolfraam-inert gas-lassen). Bij het gebruik van gevulde draden die geen beschermgas in vaste vorm bevatten, moet bovendien beschermgas worden gebruikt. Bij gebruik van aluminium massieve draad dient argon als
beschermgas te worden gebruikt. Bij gebruik van zelfbeschermende gevulde draad is geen aanvullend gas nodig. Het beschermgas bevindt zich in dat geval in poedervorm in de lasdraad en wordt daardoor direct de vlamboog in geleid. Daardoor is het apparaat bij werken in de openlucht ongevoelig voor wind. Alleen draadelektroden die geschikt zijn voor het apparaat, mogen worden gebruikt. Dit lasapparaat is geschikt voor het booglassen met de hand van staal (MMA-lassen), roestvrij staal, plaatstaal en gegoten materialen met behulp van de bij behorende beklede elektroden. Neem hiervoor de gegevens van de elektrodefabrikant in acht. Alleen elektroden die geschikt zijn voor het apparaat, mogen worden gebruikt. Neem bij wolfraam-inert gas-lassen (TIG-lassen) absoluut de gebruiksaanwij zing en de veiligheidsinstructies van de gebruikte TIG-toorts in acht naast de aanwij zingen en veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwij zing. Ondeskundige hantering van het product kan gevaarlij k zijn voor personen, dieren en goederen. Het lasscherm mag alleen met laslenzen zoals voorzetglazen, die als dusdanig gemarkeerd zijn, worden gebruikt en die in principe alleen worden gebruikt om te lassen. Het lasscherm is niet geschikt
voor laserlassen! Gebruik het product alleen zoals beschreven en voor de vermelde toepassingen. Bewaar deze handleiding goed. Overhandig ook alle documenten bij overdracht van het product aan derden. Elk gebruik dat afwijkt van het gebruik conform de voorschriften, is verboden en mogelijk gevaarlij k. Schade door niet-inachtneming of verkeerd gebruik, wordt niet door de garantie gedekt en valt niet onder de aansprakelijkheid van de fabrikant. Het apparaat mag uitsluitend door vakmensen of geinstrueerde personen worden gebruikt. Bij commercieel gebruik vervalt de garantie. Bestanddeel van het beoogde gebruik is ook de inachtneming van de veiligheidsaanwij zingen en van de montagehandleiding en van de gebruiksaanwij zingen in de handleiding. De geldende ongevallenpreventievoorschriften moeten uiterst nauwgezet worden gerespecteerd. Het apparaat mag niet worden gebruikt:
in ruimtes die niet voldoende
geventileerd zij n;
■ in een explosiegevaarlij ke omgeving;
■ om buizen te ontdooien;
in de buurt van mensen met een pacemaker; en
■ in de buurt van licht ontvlambare materialen.
Restrisico
Ook wanneer u het apparaat volgens de voorschriften gebruikt, blij ven er altijd restrisico's bestaan. De volgende geva- ren kunnen zich voordoen met betrek- king tot de constructie en uitvoering van dit multifunctioneel lasapparaat:
■ oogletsels door verblinding;
■ aanraken van hete onderdelen van het apparaat of van het werkstuk (brandwonden);
- bij ondeskundige beveiliging tegen ongevallen en brandgevaar door vliegende vonken of slakdeeltjes;
schadelij ke emissies van roken en gassen, bij gebrek aan lucht resp. onvoldoende afzuiging in gesloten ruimtes.
Verminder het restrisico door het apparaat zorgvuldig en volgens de voorschriften te gebruiken en alle aanwij zingen op te volgen.
- Leveringsomvang
| 1 | Multifunctioneel lasapparaatPMSG 200 A1 |
| 1 | Lasmondstuk 1,0 mm(voorgemonteerd, alleen voor aluminium massieve draad)Identifi catie: 1,0 A |
| 4 | Lasmondstukken voor staaldraad/gevulde draad (1x 0,6 mm;1x 0,8 mm; 1x 0,9 mm;1x 1,0 mm) Identifi catie overeenkomstig de diameter:0,6; 0,8; 0,9; 1,0 |
| 1 | Slakkenhamer met staalborstel |
| 1 | Aluminium massieve draad200 g (voorgemonteerd)1,0 mm ∅, type: ER5356 |
| 1 | Lasschild |
| 1 | Elektrodehouder MMA |
| 1 | Bedieningshandleiding |
| 1 | Massaklem met kabel |
| 1 | MIG-toorts met laskabel |
| 1 | Gevulde draad 200 g 1,0 mm ∅,type: E71T-GS |
| 5 | Staafelektroden(2 x 1,6 mm; 2 x 2,0 mm;1 x 2,5 mm) |
- Beschrij ving van de onderdelen
1 Afdekking voor de draadaanvoereenheid
2 Greep
3 Stroomstekker
4 Massakabel met massaklem
5 HoofdschakelaarAAN/UIT (incl. stroomcontrolelampje)
6 Draaischakelaar voor instelling van de lasstroom
7 Gasmondstuk
8 Toorts
9 Lasstartknop
10 Slangenpakket met directe aansluiting
11 Lasmondstuk (0,6 mm)
12 Lasmondstuk (0,8 mm)
13 Lasmondstuk (0,9 mm)
14 Lasmondstuk (1,0 mm)
15 Massieve draad-lasspoel (aluminium) ∅ 1 mm/200 g (voorgemonteerd)
16 Gevulde draad-lasspoel (staal) ∅ 1 mm/200 g
17 Slakkenhamer met staalborstel
18 Aanvoerrol
19 Schild
20 Donker lasglas
21 Handgreep
22 Lasschild na montage
23 Montageclip
24 Beschermglasvergrendeling
25 Stelschroef
26 Drukroleenheid
27 Rollenhouder
28 Aanvoerrolhouder
29 Draaddoorvoer
30 Slangenpakkethouder
31 Toortshals
32 Stekker
33 Gasaansluiting
34 MMA-elektrodehouder
35 Keuzetoets lasmodus
36 Keuzetoets lasdraad
37 Keuzetoets spanningsverlaging
38 Fixeerring
| Ingangsvermogen: 4,3 kW | |
| Netaansluiting: 230 V~ 50 Hz | |
| Gewicht: 8,6 kg | |
| Beveiliging: 16 A | |
Lassen met gevulde draad:
| Lasstroom: I | _2=72-160 A |
| Inschakelduur X: | 20% bij 160 A lasstroom,60% bij 92 A lasstroom |
| Nullastspanning: U | _0=53 V |
| Grootste opgegeven waarde van de netstroom: | I_1max.=26,5 A |
| Effectieve waarde van de hoogste stroomsterkte: | I_1eff.=11,9 A |
| Lasdraadtrommel max.: | ca. 5000 g |
| Lasdraaddiameter max.: | 1,0 mm |
| Karakteristiek | Vlakke |
MMA-lassen:
| Lasstroom: I | _2=63-140 A |
| Inschakelduur X: | 20% bij 140 A lasstroom,60% bij 81 A lasstroom |
| Nullastspanning: U | _0=53 V |
| Grootste opgegeven waarde van de netstroom: | I_1max.=26,3 A |
| Effectieve waarde van de grootste netstroom: | I_1eff.=11,8 A |
| Karakteristiek | Dalende |
TIG-lassen:
| Lasstroom: I | _2 = 63–200 A |
| Inschakelduur X: | 10 % bij 200 A lasstroom,60% bij 82 A lasstroom |
| Nullastspanning: U | _0 = 16,9 V |
| Grootste opgegeven waarde van de netstroom: | I_1max. = 28,2 A |
| Effectieve waarde van de grootste netstroom: | I_1eff. = 8,9 A |
| Karakteristiek Dalende |
Technische en optische wij zigingen kunnen in het kader van de verdere ontwikkeling zonder aankondiging worden uitgevoerd. Alle maten, opmerkingen en gegevens van deze gebruikershandleiding zijn daarom zonder garantie. Juridische claims die op basis van de gebruikershandleiding worden ingediend, kunnen daarom niet worden opgeëist.
Opmerking:
Het in de volgende tekst gebruikte begrip "apparaat" heeft betrekking op het multifunctioneel lasapparaat dat in deze handleiding wordt beschreven.

Veiligheids- aanwij zingen
Lees de handleiding zorgvuldig door en neem de beschreven aanwij zingen in acht. Maak u met behulp van de handleiding vertrouwd met het apparaat, het correcte gebruik ervan en de veiligheidsaanwij zingen. Op het typeplaatje staan alle technische gegevens van dit lasapparaat. Neem kennis van de technische specifi caties van dit apparaat.
⚠ WAARSCHUWING Houd de ver- pakkingsmaterialen uit de buurt van kleine kinderen. Er bestaat verstikkingsgevaar!
- Dit apparaat kan door kinderen vanaf 16 jaar alsmede door personen met verminderde fysieke, sensorische of mentale vaardigheden of een gebrek aan ervaring en kennis worden gebruikt, als zij onder toezicht staan of geïinstrueerd werden met betrekking tot het veilige gebruik van het apparaat en ze de daaruit voortvloeiende gevaren begrij pen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet door kinderen worden uitgevoerd zonder dat er toezicht op hen wordt gehouden.
Laat reparaties en/of onderhoudswerkzaamheden alleen door gekwalifi ceerde elektriciens uitvoeren.
- Gebruik alleen de meegeleverde laskabels (PMSG 200 A1 H01N2-D1x16 mm ^2 ).
- Het apparaat mag tij dens het gebruik niet direct tegen de wand staan, niet worden afgedekt of tussen andere apparaten geklemd, zodat altijd voldoende lucht door de luchtsleuven kan worden opgenomen. Controleer of het apparaat juist op de netspanning is aangesloten. Vermij d trekspanning van de netwerk-kabels. Trek de stroomstekker uit het stopcontact, voordat u het apparaat op een andere plaats opstelt.
Wanneer het apparaat niet wordt gebruikt, schakelt u het altijd met de AAN-/UIT-schakelaar uit. Leg de elektrodehouder op een geïsoleerde ondergrond en haal de elektronen pas na 15 minuten afkoeling uit de houder.
Let op de staat van de laskabels, de elektrodehouder en de massaklemmen. Slij tage aan de isolering en aan de stroomvoerende delen kan gevaarlij k zijn en de kwaliteit van de laswerkzaamheden verminderen.
■ Booglassen produceert von-ken, gesmolten metalen deeltjes en rook. Let daarom op: Verwij der alle brandbare sub-stanties en/of materialen uit
de werkplek en uit de onmid- dellij ke omgeving.
■ Zorg voor ventilatie van de werkplek.
Las niet op containers, vaten of buizen die brandbare vloeistoffen of gassen bevatten of bevat hebben.
WAARSCHUWING Vermij d elk direct contact met het elektrische lascircuit. De nullastspanning tussen elektrodetang en massaklem kan gevaarlij k zijn n, er bestaat het gevaar van een elektrische schok.
Berg het apparaat niet op in een vochtige of natte omgeving of in de regen. Hier geldt de beschermingsklasse IP21S.
Bescherm de ogen met de daarvoor bedoelde beschermende glazen (DIN graad 9–10), die u op het meegeleverde lasscherm bevestigt. Draag handschoenen en droge beschermende kleding, die vrij is van olie en vet, om de huid te beschermen tegen de ultraviolette straling van de vlamboog.
WAARSCHUWING Gebruik de lasstroombron niet om leidingen te ontdooien.
Let op:
De straling van de vlamboog kan de ogen beschadigen en verbranding van de huid veroorzaken.
- Booglassen produceert vonken en druppels gesmolten metaal, het gelaste werkstuk begint te gloeien en blij ft relatief lang zeer heet. Raak het werkstuk daarom niet met blote handen aan.
Bij booglassen komen dampen vrij die schadelij k zijn voor de gezondheid. Zorg ervoor dat u deze indien mogelijk k niet inademt.
Bescherm uzelf tegen de gevaarlij ke gevolgen van booglassen en houd personen die niet bij het werk betrokken zijn n, op een afstand van minstens 2 m van de vlamboog verwij derd.

LET OP!
Tij dens het gebruik van het lasapparaat kan het, afhankelij k van de netspanning aan het aansluitpunt, tot storingen in de stroomvoorziening voor andere verbruikers komen. Neem in geval van twij fel contact op met uw energie-leverancier.
Tij dens het gebruik van het lasapparaat kan het tot functiestoringen van andere apparaten komen, bij v. hoor-apparaten, pacemakers, enz.
- Gevarenbronnen bij booglassen
Bij booglassen zijn er een reeks gevarenbronnen. Daarom is het voor de lasser bij zonder belang- rij k om de volgende regels in acht te nemen, om zichzelf en anderen niet in gevaar te brengen en schadelij ke gevolgen voor mens en apparaat te vermij den.
Laat de werkzaamheden aan de netspanning, bij v. aan kabels, stekkers, contactdozen enz., alleen door een elektricien uitvoeren volgens nationale en lokale voorschriften.
Koppel bij ongevallen het lasapparaat onmiddellij k los van de stroomvoorziening.
■ Wanneer elektrische contact-spanningen optreden, schakel het apparaat dan onmiddellij kuit en laat het nakij ken door een elektricien.
- Let aan de lasstroomzij de altijd op goede elektrische contacten.

Draag tij dens het lassen altijd aan beide handen isolerende handschoenen. Deze beschermen tegen elektrische schokken (nullastspanning van het lascircuit), tegen schadelij ke stralingen (warmte- en UV-straling) en tegen gloeiend metaal en slagvonken.
Draag stevige, isolerende schoenen. De schoenen moeten ook isoleren als het nat is. Halve schoenen zijn niet geschikt, omdat vallende, gloeiende metalen druppels brandwonden kunnen veroorzaken.
Draag geschikte beschermende kledij, geen synthetische kledingstukken.
Kij k niet met onbeschermde ogen in de vlamboog, gebruik alleen een lassers-lasscherm met goedgekeurd bescherm-glas volgens DIN. De vlamboog geeft behalve licht- en warmtestralen, die een verblinding c.q. brandwond veroorzaken, ook UV-stralen af. Deze onzichtbare ultraviolette straling veroorzaken bij onvoldoende bescherming een zeer pij nlij ke bindvliesontsteking die pas enkele uren later wordt opgemerkt. Daarnaast veroorzaken
UV-straling op onbeschermde lichaamsdelen verbranding zoals bij zonnebrand.
Ook personen of assistenten die zich in de buurt van de vlamboog bevinden, moeten op de gevaren worden gewezen en met de nodige beschermende middelen zijn uitgerust. Stel, indien nodig, veiligheidsschermen op.
Tij dens lassen, vooral in kleine ruimtes, dient voor voldoende toevoer van frisse lucht te worden gezorgd, omdat rook en schadelij ke gassen ontstaan.
Aan containers waarin gassen, brandstoffen, minerale oliën of dergelij ke worden opgeslagen, mogen – ook wanneer ze reeds lang geleden werden leeggemaakt – geen laswerkzaamheden worden uitgevoerd, omdat door restanten explosiegevaar bestaat.
In brand- en explosiegevaarlij ke ruimtes gelden speciale voorschriften.
Lasverbindingen die aan grote belastingen worden bloot-gesteld en aan bepaalde veiligheidseisen moeten vol-doen, mogen alleen door speciaal daartoe opgeleide en beproefde lassers worden
uitgevoerd. Voorbeelden zijn n drukketels, looprails, aanhangwagenkoppelingen enz.
⚠ LETOP!Sluit de massaklem altij d zo dicht als mogelijk k bij de lasnaad aan, zodat de lasstroom de kortst mogelijk ke weg van de elektrode naar de massaklem kan nemen. Verbind de massaklem nooit met de behuizing van het lasapparaat! Sluit de massaklem nooit aan op geaarde delen, die ver van het werkstuk verwij derd liggen, bij v. een waterleiding in een andere hoek van de ruimte. Anders zou het kunnen dat het aardingssysteem van de ruimte waarin u last, beschadigd wordt.
- Gebruik het lasapparaat niet in de regen.
■ Plaats het lasapparaat alleen op een vlakke plek.
De uitgang is bij een omgevingstemperatuur van 20 °C bemeten. De lastij d mag bij hogere temperaturen worden verminderd.

Gevaar door elektrischeschok:
Elektrische schok van een laselektrode kan dodelij k zijn n. Las
niet bij regen of sneeuw. Droge isolatiehandschoenen dragen. De elektrode niet met blote handen vastpakken. Geen natte of beschadigde handschoenen dragen. Bescherm uzelf tegen elektrische schok door isoleringen tegen het werkstuk. Open de behuizing van de inrichting niet.
Gevaar door lasrook:
Het inademen van lasrook kan schadelij k zijn voor de gezondheid. Houd het hoofd niet in de rook. Inrichtingen in open gebieden gebruiken. Ontluchting om de rook te verwij deren gebruiken.
Gevaar door lasvonken:
Lasvonken kunnen een explosie of een brand veroorzaken. Brandbare stoffen uit de buurt van het lassen houden. Niet naast brandbare stoffen lassen. Lasvonken kunnen branden veroorzaken. Een brandblusser in de buurt gereedhouden en iemand die toekij kt en de blusser meteen kan gebruiken. Niet op vaten of andere gesloten containers lassen.
Gevaar door vlamboogstralen:
Vlamboogstralen kunnen de ogen beschadigen en de huid
verwonden. Draag hoofdbedekking en veiligheidsbril. Gehoorbescherming en hoog gesloten overhemdkraag dragen. Draag een lashelm en let op de correct fi Iterinstelling. Draag volledige lichaamsbescherming.
Gevaar door elektromagnetische velden:
Lasstroom produceert elektromagnetische velden. Gebruik deze niet samen met medische implantaten. De laskabels nooit om het lichaam heen wikkelen. Laskabels bij eenbrengen.
- Specifi eke veiligheidsinstructies voor lasscherm
- Controleer met behulp van een lichte lichtbron (bij v. aansteker) altijd voor aanvang van de laswerkzaamheden of het lasscherm correct werkt.
■ Door lasspetters kan het lasglas beschadigd raken. Vervang het beschadigde of bekraste lasglas onmiddellij k. - Vervang beschadigde of sterk vervuilde resp. bekraste componentenonmiddellijk.
■ Het apparaat mag alleen door personen worden gebruikt, die 16 jaar of ouder zijn n.
Maak u vertrouwd met de veiligheidsvoorschriften voor lassen. Neem hierbij ook de veiligheidsaanwij zingen van uw lasapparaat in acht.
Zet het lasscherm altijd op wanneer u last. Indien u het niet gebruikt, kunt u ernstige netvliesletsels oplopen.
Draag altijd beschermende kleding tijd dens het lassen.
- Gebruik een lasscherm nooit zonder lasglas. Er bestaat gevaar op oogletsel!
- Vervang het lasglas tij dig voor een goed zicht en onver-moeibaar werken.
- Omgeving met verhoogd gevaar voor een elektrische schok
Bij lassen in omgevingen met een verhoogd gevaar voor een elektrische schok dienen de volgende veiligheidsinstructies in acht te worden genomen.
Omgevingen met verhoogd gevaar voor een elektrische schok treft u bij voorbeeld aan:
op werkplekken waar de bewegingsruimte is beperkt, zodat de lasser in een geforceerde houding (bij v. knielend, zittend, liggend) werkt en elektrisch geleidende delen aanraakt;
op werkplekken die geheel of gedeeltelij k elektrisch geleidend zijn begrensd en waar een groot gevaar bestaat door te vermij den of toevallig aanraken door de lasser;
op natte, vochtige of warme werkplekken, waar de lucht-vochtigheid of transpiratie de weerstand van de menselij ke huid en de isolerende eigenschappen van de bescher-mende uitrusting aanzienlij k verlaagt.
Ook een metalen ladder of een steiger kunnen een omgeving met verhoogd elektrisch risico scheppen.
In een dergelij ke omgeving dienen een isolerende ondergrond en tussenlagen te worden gebruikt, verder dienen kaphandschoenen en hoofdbedekkingen van leer of van andere isolerende stoffen te worden gedragen om het lichaam van aarde te isoleren. De lasstroombron moet zich buiten
het werkgebied resp. elektrisch geleidende vlakken en buiten het bereik van de lasser bevinden.
Aanvullende bescherming tegen een schok door netspanning bij een storing kan door het gebruik van een aardlekschakelaar zijn voorzien, die bij een lekstroom van niet meer dan 30 mA wordt gebruikt en alle inrichtingen voor het netspanningsbedrijf in de buurt voedt. De aardlekschakelaar moet voor alle stroomtypes geschikt zijn n.
Middelen voor het snel elektrisch ontkoppelen van de lasstroom-bron of het lasstroomcircuit (bij v. noodstopinrichting) moeten gemakkelij k bereikbaar zij n. Bij gebruik van lasapparaten onder elektrisch gevaarlij ke omstandig-heden mag de uitgangsspanning van het lasapparaat bij nullast niet hoger zij n dan 113 V (piek-waarde). Dit lasapparaat mag op basis van de uitgangsspanning in deze gevallen worden gebruikt.
- Lassen in nauwe ruimten
Bij het lassen in nauwe ruimtes kan een risico door toxische
gassen (verstikkingsgevaar) ontstaan. In nauwe ruimtes mag alleen worden gelast, wanneer er geïnstrueerde personen in de onmiddellij ke nabij heid aanwezig zij n, die in geval van nood kunnen ingrij pen. Hier dient voor het begin van het lasproces een analyse door een deskundige te worden uitgevoerd om te bepalen welke stappen noodzakelij k zij n om de veiligheid van het werk te waarborgen en welke voorzorgsmaatregelen dienen te worden genomen tij dens het feitelij ke lasproces.
- Optellen van nullastspanningen
Wanneer meer dan één las- stroombron tegelijk kertij d in werking is, kunnen de nullastspan- ningen ervan worden opgeteld en tot een verhoogd elektrisch risico leiden. Lasstroombronnen moe- ten zo worden aangesloten, dat dit risico tot een minimum wordt beperkt. De individuele lasstroom- bronnen, met hun aparte bestu- ringen en aansluitingen, moeten duidelijk worden gemarkeerd, zodat herkenbaar is wat bij welk lasstroomcircuit hoort.
- Beschermende kledij
Tij dens de werkzaamheden moet de lasser over heel zijn n lichaam beschermd zijn tegen straling en verbranding door de juiste kledij en gezichtsbescherming. Volgende stappen dienen in acht te worden genomen:
- Trek de beschermende kledij aan voor de laswerkzaamheden.
– Trek handschoenen aan. - Open vensters, om de lucht-aanvoer te garanderen.
- Draag een veiligheidsbril.
Aan beide handen moe- ten kaphandschoenen van geschikt materiaal (leer) worden gedragen. Zij dienen in perfecte staat te zij n.
Om de kledij te beschermen tegen vonken en verbranding, dienen geschikte schorten te worden gedragen. Wanneer de aard van de werkzaamheden, bij v. lassen boven het hoofd, dat eist, moet een beschermend pak worden gedragen en, indien nodig, een hoofdbescherming.
- Bescherming tegen stralen en verbrandingen
- Op de werkplek met een affi che "Voorzichtig! Niet in de vlammen kij ken!" op het risico voor de ogen wij zen. De werkplekken dienen mogelij k zo te worden afgeschermd dat personen in de buurt beschermd zijn n. Onbevoegden moeten uit te buurt van laswerkzaamhedenblijven.
In de onmiddellij ke omgeving van vaste werkplekken mogen de wanden noch licht van kleur zijn, noch glanzend. Vensters moeten minstens tot op hoofdhoogte worden beveiligd tegen doorlaten of weerkaatsing van stralen, bij v. door geschikte verf.
• EMC-apparaatclassifi catie
Conform de norm IEC 60974-10 gaat het hier om een lasappa-raat met de elektromagnetische compatibiliteit van de klasse A. Apparaten van de klasse A zijn apparaten, die geschikt zijn voor het gebruik in alle andere
bereiken dan het woongedeelte en die bereiken die direct op een laagspannings-stroomnet aangesloten zijn dat (ook) woningen voorziet. Apparaten van de klasse A moeten voldoen aan de grenswaarden van de klasse A.
WAARSCHUWING: Appa- raten van de klasse A zijn voor het gebruik in een industriële omgeving voorzien. Vanwege de storende invloeden die zich vermogensgerelateerd en ook gestraald voordoen, kunnen er mogelijk kerwij s moeilij kheden optreden om de elektromagnetische compatibiliteit in andere omgevingen te waarborgen. Ook wanneer het apparaat vol- doet aan de emissiegrenswaarden volgens de norm, kunnen betreffende apparaten toch tot elektromagnetische storingen in gevoelige installaties en appa- raten leiden. De gebruiker is verantwoordelijk voor storingen die door de vlamboog ontstaan en de gebruiker moet geschikte beschermingsmaatregelen nemen. Hierbij dient de gebruiker vooral te letten op:
- net-, bedienings-, signaal- en telecommunicatiekabels;
- computers en andere microprocessorgestuurde apparaten;
- televisie-, radio- en andere weergaveapparatuur;
– elektronische en elektrische veiligheidsvoorzieningen; - personen met pacemakers of hoorapparaten;
- meet- en kalibreerinrichtingen;
- immuniteit tegen storingen in de buurt;
- het tij dstip waarop de laswerkzaamheden worden uitgevoerd.
Om mogelijk ke storende stralingen te verminderen, wordt aanbevolen:
- de netaansluiting van een netfi lter te voorzien;
- het apparaat regelmatig te onderhouden en in een goed onderhoudsniveau te houden;
- laskabels moeten volledig worden afgewikkeld en zo parallel mogelijk k op de grond worden gelegd;
- apparaten en installaties die gevaar lopen door storende straling, moeten, indien mogelijk k, uit het werkgebied worden verwij derd of worden afgeschermd.
Het product is enkel voor het professionele gebruik bestemd.
- Voor de ingebruikname
- Neem alle onderdelen uit de verpakking en controleer of het multifunctioneel lasapparaat of de afzonderlij ke onderdelen beschadigd zijn n. Als dit zo is, gebruik dan het multifunctioneel lasapparaat niet. Neem contact op met de fabrikant via het vermelde serviceadres.
■ Verwij der alle beschermende folies en overige transportverpakkingen.
■ Controleer of de levering compleet is.
- Montage
• Lasschild monteren
Plaats het donkere lasglas 20 met het opschrift omhoog in het schild 19 (zie afb. C). Druk hiervoor evt. licht van de voorzij de tegen het glas, totdat dit vastklikt. Het opschrift van het donkere lasglas 20 moet nu vanaf de voorzij de van het beschermingsschild zichtbaar zijn n.
■ Schuif de handgreep 21 van binnenaf in de passende uitsparing van het schild, tot deze vastklikt (zie afb. D).
- MIG-lassen
WAARSCHUWING Vermij d het risico op een elektrische schok, letsel of beschadiging. Trek hiervoor vóór iedere onderhoudsbeurt of werkvoorbereiding de stroomstekker uit de contactdoos.
Aanwij zing: naargelang de toepassing worden verschillende lasdraden gebruikt. Met dit apparaat kunnen lasdraden met een diameter van 0,6–1,0 mm worden gebruikt.
Aanvoerrol, lasmondstuk en draaddiameter moeten altijd bij elkaar passen.
Het apparaat is geschikt voor draad- rollen tot maximaal 5000 g.
Gebruik aluminiumdraad voor het lassen van aluminium- en staaldraad voor het lassen van staal en ij zer.
- Aanpassen van het apparaat voor het lassen met massieve draad met beschermgas
De correcte aansluitingen voor het lassen met massieve draad met gebruik van beschermgas worden in afbeelding S getoond. Bij het gebruik van de mee-geleverde aluminium massieve draad dient argon als beschermgas te worden gebruikt (niet inbegrepen).

text_image
S 35 38 32 10 PARKSIDE PMSG 700 A1 36 6 4- Verbind eerst de stekker 32 met de met "+" gemarkeerde aansluiting (zie afb. S). Draai deze met de wij - zers van de klok mee om te fi xeren. Raadpleeg een vakman, wanneer u twij felt.
■ Verbind nu het slangenpakket met directe aansluiting 10 met de overeenkomstige aansluiting (zie afb. S). Fixeer de verbinding door de fi xeerring 38 met de wij zers van de klok mee aan te halen.
- Verbind dan de massakabel 4 met als "-" gemarkeerde aansluiting (zie afb. S). Draai de aansluiting met de wij zers van de klok mee om deze te fi xeren.

text_image
T AC 238V SOHU ON OFF INPUT GAS 5 33 BE PARKSIDE- Trek de beschermkap af van de persluchtaansluiting 33. - Verbind nu de beschermgasaanvoer inclusief de drukreduceerklep (niet inbegrepen) met de persluchtaansluiting 33 (zie afb. T). Er is beschermgas nodig, voor zover er geen gevulde draad met geïntegreerd vast beschermgas wordt gebruikt. Neem evt. ook de aanwij zingen over uw drukreduceerklep in acht (niet meegeleverd). Als richtwaarde voor de in te stellen gasstroom kan de volgende formule worden toegepast:
Voor een draad van 0,8 mm resulteert dat bij voorbeeld in een waarde van ca. 8 l/min.
- Aanpassing van het apparaat voor lassen met gevulde draad zonder beschermgas
Wanneer u de gevulde draad met geïntegreerd beschermgas gebruikt, hoeft er geen extern beschermgas wordenaangevoerd.
- Verbind eerst de stekker 32 met de met "-" gemarkeerde aansluiting. Draai deze met de wij zers van de klok mee om te fi xeren. Raadpleeg een vakman, wanneer u twij felt.
■ Verbind nu het slangenpakket met directe aansluiting 10 met de overeenkomstige aansluiting. Fixeer de verbinding door de fi xeerring 38 met de wij zers van de klok mee aan te halen.
■ Verbind dan de massakabel 4 met de dienovereenkomstig met "+" gemarkeerde aansluiting en draai de aansluiting met de wij zers van de klok mee om deze te fi xeren.
- Lasdraad plaatsen
Ontgrendel en open de afdekking voor de draadaanvoereenheid door de ontgrendelknop omhoog te drukken.
Ontgrendel de roleenheid door de rolhouder 27 tegen de wij zers van de klok in draaien (zie afb. F).
■ Trek de rolhouder 27 van de as af (zie afb. F).
Aanwij zing: let erop dat het uiteinde van de draad niet loskomt waardoor de rol op eigen kracht afrolt. Het uiteinde van de draad mag pas tij dens de montage worden losgemaakt.
Pak de lasdraad-lasspoel 15 volledig uit, zodat deze ongehinderd kan
worden afgerold. Maak het uiteinde van de draad echter nog niet los.
Plaats de draadrol op de as. Let erop dat de rol aan de zij de van de draaddoorvoer 29 wordt afgewikkeld (zie afb. G en M).
Plaats de rolhouder er 27 weer op en vergrendel deze door aan te drukken en met de wij zers van de klok mee te draaien (zie afb. G).
Draai de stelschroef 25 los en zwenk deze omlaag (zie afb. H).
Draai de drukroleenheid 26 naar de zij kant weg (zie afb. I).
Maak de aanvoerrolhouder los 28 door tegen de wij zers van de klok in te draaien en trek hem er naar voren af (zie afb. J).
Controleer op de bovenzij de van de aanvoerrol 18, of de juiste draaddikte is aangegeven. Indien nodig, moet de aanvoerrol 18 worden omgedraaid of vervangen (zie afb. E). De meegeleverde lasdraad (∅ 1,0 mm) moet in de aanvoerrol 18 met de aangegeven draaddikte van ∅ 1,0 mm worden gebruikt. De lasdraad moet zich in de bovenste groef bevinden!
Plaats de aanvoerrolhouder 28 er terug op en schroef deze met de wij zers van de klok mee vast.
■ Verwij der het gasmondstuk 7 door met de wij zers van de klok mee te trekken en te draaien (zie afb. K).
■ Schroef het lasmondstuk 14 eruit (zie afb. K).
■ Leid het slangenpakket met directe aansluiting 10 zo recht mogelijk k van het lasapparaat weg (leg het op de grond).
■ Neem het uiteinde van de draad uit de spoelrand (zie afb. L).
Kort het uiteinde van de draad in met een draadschaar of een zij kniptang om het beschadigde gebogen uiteinde van de draad te verwij deren (zie afb. L).
Aanwij zing: De lasdraad moet de volledige de tij d gespannen worden gehouden om te vermij den dat deze loskomt en afrolt! Het is aan te raden om de werkzaamheden altijd met een andere persoon uit te voeren.
■ Schuif de lasdraad door de draaddoorvoer 29 (zie afb. M).
■ Leid de lasdraad langs de aanvoerrol 18 en schuif deze daarna in de slangenpakkethouder 30 (zie afb. N).
Zwenk de drukroleenheid 26 in de richting van de aanvoerrol 18 (zie afb. O)
Haak de stelschroef 25 erin (zie afb. O).
Stel de contradruk in met de stelschroef 25. De lasdraad moet vast tussen drukrol en aanvoerrol 18 in de bovenste geleiding zitten zonder bekneld te raken (zie afb. O).
■ Schakel het lasapparaat met de hoofdschakelaar 5 in (zie afb. T).
■ Duw de toortsknop in 9.
Nu schuift het draadaanvoersysteem de lasdraad door het slangenpakket 10 en de toorts 8.
Zodra de lasdraad 1–2 cm uit de toortshals 31 steekt, toortsknop 9 opnieuw loslaten (zie afb. P).
■ Schakel het lasapparaat weer uit.
Schroef het lasmondstuk 14 er weer in. Let erop dat het lasmondstuk 14 bij de diameter van de gebruikte lasdraad past (zie afb. Q). Bij de meegeleverde lasdraad moet het lasmondstuk 14 met de identifi catie 1,0 resp. 1,0 A worden gebruikt bij gebruik van de aluminium massieve draad.
■ Schuif het toortsmondstuk 7 met een draai naar rechts weer op de toortshals 31 (zie afb. R).
WAARSCHUWING Om het gevaar van een elektrische schok, een letsel of een
beschadiging te vermij den, trekt u voor elk onderhoud of werkvoorbereidende activiteit de stroomstekker uit het stopcontact.
- Inbedrij fstelling
- Apparaat in- en uitschakelen
Schakel het lasapparaat met de hoofdschakelaar 5 in en uit. Wanneer u het lasapparaat langere tij d niet gebruikt, trekt u de stroomstekker uit het stopcontact. Alleen dan is het apparaat volledig zonder stroom.
- Lasdraad kiezen
Stel eerst de modus "MIG" in door te drukken op de keuzetoets Lasmodus 35. Selecteer dan de geplaatste lasdraad door het bedienen van de bovenste keuzetoets Lasdraad 36.
- Lassen
Overbelastingsbeveiliging
Het lasapparaat is beveiligd tegen thermische overbelasting door een automatische veiligheidsinrichting (thermostaat met automatische herinschakeling). Bij overbelasting onderbreekt de veiligheidsinrichting het stroomcircuit.
Bij activering van de veiligheidsinrichting laat u het apparaat afkoelen. Na ca. 15 minuten is het apparaat weer gereed voor bedrij f.
Overstroomindicatie
In het geval van een verkeerd gebruik kan de uitgangsstroom de voorziene maximumwaarde overschrijden. In dit geval onderbreekt de veiligheidsinrichting het lasstroomcircuit en op het
display brandt de overstroomwaarschuwing "O.C".
Wanneer de overstroomwaarschuwing wordt weergegeven, schakelt u het apparaat aan de hoofdschakelaar 5 uit. Na ca. 15 minuten is het apparaat weer bedrij fsgereed en kan het aan de hoofdschakelaar 5 worden ingeschakeld.
Lasschild
WAARSCHUWING
RISICO VOOR DE GEZONDHEID!
Wanneer u het lasschild niet gebruikt, kan de vlamboog UV-straling en hitte verspreiden die schadelij k zijn voor de gezondheid en uw ogen verwonden. Gebruik het lasschild altijd, wanneer u last.
WAARSCHUWING
VERBRANDINGSGEVAAR!
Gelaste werkstukken zijn zeer heet, waardoor u zich eraan kunt verbranden. Gebruik altijd een tang om gelaste, hete werkstukken te verplaatsen.
LET OP!
Bij MIG-lassen wordt een materiaaldikte van 2,0 mm aanbevolen – bij aluminium lassen is dat 0,8 mm – en bij het lassen van ij zer/staal 3,0 mm.
Nadat u het lasapparaat elektrisch hebt aangesloten, gaat u als volgt te werk:
- Verbind de massakabel met de massaklem 4 met het te lassen werkstuk. Let erop dat er een goed elektrisch contact is.
- Op de te lassen plaats moeten roest en verf van het werkstuk worden verwij derd.
Kies de gewenste lasstroom afhankelij k van de lasdraaddiameter, materiaaldikte en gewenste branddiepte.
■ Leid het toortsmondstuk 7 naar de plaats van het werkstuk waar moet worden gelast en houd het lasschild 22 voor uw gezicht.
Druk de toortstoets in 9 om de lasdraad te transporteren. Wanneer de vlamboog brandt, voert het apparaat de lasdraad naar het smeltbad.
De optimale instelling van lasstroom bepaalt u met behulp van testen op een proefstuk. Een goed ingestelde vlamboog heeft een zachte, gelij kmatige zoemtoon.
Bij een scherp of hard geknetter schakelt u naar een hoger vermogensniveau (lasstroom verhogen).
■ Wanneer de lasspleet groot genoeg is, wordt de toorts 8 langzaam langs de gewenste rand geleid. De afstand tussen het gasmondstuk en werkstuk moet zo kort mogelijk k zijn n (in geen geval groter dan 10 mm).
Pendel eventueel lichtjes om het smeltbad een beetje te vergroten. Voor degenen met minder ervaring bestaat de eerste moeilij kheid uit het vormen van een passende vlamboog. Daarvoor moeten de lasstroom juist worden ingesteld.
De branddiepte (komt overeen met de diepte van de lasnaad in het materiaal) moet zo diep mogelijk k zijn n, het smeltbad mag echter niet door het werkstuk doorvallen.
Als de lasstroom te laag is, kan de lasdraad niet correct smelten. Daardoor duikt de lasdraad steeds opnieuw in het smeltbad tot tegen het werkstuk.
De slak mag pas na het afkoelen van de naad worden verwij derd. Om een lashandeling aan een onderbroken naad verder te zetten:
■ Verwij der eerst de slak op het bevestigingspunt.
In de naadvoeg wordt de vlamboog ontstoken, naar de aansluitplaats
geleid, daar juist gesmolten en vervolgens wordt de lasnaad verder geleid.
Instellen van geschikte para- meters van stroom en spanning voor het lassen van aluminium met aluminiumdraad.
Voor het lassen van aluminium worden lagere spanningen aanbevolen dan voor het lassen van ij zer/staal. Voor het instellen van het betreffende spanningsbereik kunt u als volgt te werk gaan: bereid het apparaat voor, net als eerder onder "Apparaataanpassing voor lassen met massieve draad met beschermgas". Selecteer voor het lassen van aluminiumdraad de instelling "1.0/Al(5356)" door te drukken op de keuzetoets Lasdraad 36. Bedien nu de keuzetoets Spanningsverlaging 37, totdat de led naast de "U" knippert. Stel dan een stroom van ca. 0,5 A in. Bedien opnieuw de keuzetoets Spanningsverlaging 37, totdat de leds naast "U" en "A/VRD" niet meer branden. Nu kan de spanning bij het MIG-lassen naar een lager spanningsbereik worden gevarieerd dat voor aluminium lassen geschikt is. Als de draaischakelaar voor de lasstroominstelling 6 tegelijk kertij d wordt ingedrukt en gedraaid, dan kan de lasstroom in stappen van 10 A worden gevarieerd. Voor het lassen van een aluminium plaat van 2 mm kunnen als richtwaarden 14,5 volt en een stroom van 91 ampère worden ingesteld. De optimale lasinstellingen dienen aan de hand van een proefwerkstuk te worden bepaald.
⚠️ VOORZICHTIG! Let erop dat de toorts na het lassen altijd op een geïsoleerde plaats moet worden weggelegd.
■ Schakel het lasapparaat na voltooiing van de laswerkzaamheden en
bij pauze altijd uit en trek de stroomstekker altijd uit het stopcontact
- Lasnaad maken
Steeknaad of duwend lassen
De toorts wordt naar voren geschoven. Resultaat: de branddiepte is kleiner, naadbreedte groter, bovenrups van de naad (zichtbaar oppervlak van de lasnaad) vlakker en de bindfouttolerantie (fout in de materiaalversmelting) groter.
Sleepnaad of trekkend lassen
De toorts wordt van de lasnaad weggetrokken (afb. U). Resultaat: branddiepte groter, naadbreedte kleiner, bovenrups van naad hoger en de bindfouttolerantie kleiner.
Lasverbindingen
Er zijn n twee basisverbindingen in de lastechniek: stompnaad- (buitenhoek) en hoeknaadverbinding (binnenhoek en overlapping).
Stompnaadverbindingen
Bij stompnaadverbindingen tot een materiaaldikte van 2 mm worden de lasranden volledig tegen elkaar aangebracht. Voor grotere diktes dient een afstand van 0,5–4 mm te worden gekozen. De ideale afstand is afhankelijk van het gelaste materiaal (aluminium resp. staal), de samenstelling van het materiaal en de gekozen lasmethode. Deze afstand dient aan een proefwerkstuk te worden bepaald.
Vlakke stompnaadverbindingen
Lassen moeten zonder onderbreking en met voldoende indringdiepte worden
uitgevoerd, daarom is een goede voorbereiding uitermate belangrij k. De kwaliteit van het lasresultaat wordt beïnvloed door: de stroomsterkte, de afstand tussen de lasranden, de helling van de toorts en de diameter van de lasdraad. Hoe steiler de toorts tegenover het werkstuk wordt gehouden, hoe hoger de indringdiepte is en omgekeerd.

Om vervormingen die tij dens de materiaalbehandeling kunnen optreden, te voorkomen of te beperken, is het goed om de werkstukken met een voorziening vast te zetten. Het dient te worden vermeden om de gelaste structuur te verstij ven, zodat breuken in de las worden vermeden. Deze moeilij kheden kunnen worden beperkt, wanneer de mogelijk kheid bestaat om het werkstuk zo te draaien dat de las in twee tegenovergestelde doorvoeren kan worden geleid.
Lasverbindingen aan de buitenhoek
Dit type voorbereiding is zeer eenvoudig (afb. V, W).

Bij dikkere materialen is dit echter niet meer geschikt. In dit geval is het beter om een verbinding zoals hieronder voor te bereiden, waarbij de rand van een plaat wordt afgeschuind (afb. X).

text_image
45°Hoeklasverbindingen
Een hoeklas ontstaat wanneer de werkstukken loodrecht ten opzichte van elkaar staan. De las moet de vorm hebben van een gelij kzij dige driehoek en een kleine keelhoogte (afb. Y, Z).
Lasverbindingen in de binnenhoek
De voorbereiding van deze lasver- binding is zeer eenvoudig en wordt gebruikt voor diktes tot 5 mm. De maat "d" moet tot het minimum worden beperkt en mag in geen geval kleiner dan 2 mm zij n (afb. Y).

text_image
Y ↓ dBij dikkere materialen is dit echter niet meer geschikt. In dit geval is het beter om een verbinding zoals in afbeelding X voor te bereiden, waarbij de rand van een plaat wordt afgeschuind.

text_image
Z 90° 90°De meest gebruikelij ke voorbereiding is die met rechte lasranden. De las kan door een normale hoeklasnaad worden losgemaakt. De beide werkstukken moeten zo dicht als mogelijk k tegen elkaar aan worden gebracht, zoals in afbeelding AB getoond.

text_image
AB- MMA-lassen
- Controleer of de hoofdschakelaar 5 op de stand "O" ("OFF") staat resp. of de stroomstekker 3 niet in de contactdoos is gestoken.
Sluit de elektrodehouder 34 en de massaklem 4 aan op het lasappa- raat, zoals in afbeelding AC wordt getoond. Neem hierbij ook de gegevens van de elektrodefabrikant in acht.
■ Trek conform de richtlij nen geschikte beschermende kleding aan en bereid uw werkplek voor.
■ Sluit de massaklem 4 op het werkstukaan.
Klem de elektrode in de elektrodehouder 34.
Schakel het apparaat in door de hoofdschakelaar 5 in stand "I" ("ON") te zetten.
Kies de modus "MMA" door het bedienen van de keuzetoets Lasmodus 35, totdat het indicatorlampje naast "MMA" brandt.
Stel de lasstroom met de draaischakelaar voor lasstroominstelling 6 afhankelijk van de gebruikte elektrode in.

text_image
AC PARKSIDE 35 36 6 34 4Aanwij zing: Richtwaarden voor de in te stellen lasstroom, afhankelijk van
de elektrodediameter, treft u aan in de volgende tabel.
| ∅ elektrode Lasstroom |
| 1,6 mm 40–55 A |
| 2,0 mm 55–65 A |
| 2,5 mm 65–80 A |
| 3,2 mm 80–120 A |
Aanwij zing: Door het bedienen van de keuzetoets Spanningsverlaging 37 kan de spanningsverlagingsfunctie (VRD) worden geactiveerd. De led naast "A/VRD" brandt. Hierdoor wordt de uitgangsspanning verminderd en de veiligheid voor de gebruiker gedurende laspauzes verhoogd.
⚠ Let op: De massaklem 4 en de elektrodehouder 34/de elektrode mogen geen direct contact maken.
⚠ Let op: Bij het lassen met staafelektroden moeten de elektrodehouder 34 en de massaklem 4 overeenkomstig de gegevens van de elektrodefabrikant worden aangesloten.
■ Houd het lasschild 22 voor het gezicht en begin met lassen.
- Om de bewerking te beëindigen, zet u de hoofdschakelaar ON/OFF 5 in de stand "O" ("OFF").
⚠ Let op: Als de thermozekering in werking wordt gesteld, wordt "O.H." op het digitale display weergegeven. In dit geval is verder lassen niet mogelijk k. Het apparaat is verder in bedrij f, zodat de ventilator het apparaat afkoelt. Zodra het apparaat weer bedrij fsklaar is, verdwij nt de weergave "O.H." Nu is lassen weer mogelijk k.
⚠ Let op: Dep niet met de elektrode op het werkstuk. Het kan beschadigd
worden en de ontsteking van de vlamboog kan bemoeilij kt worden. Zodra de vlamboog ontstoken is, probeert u een afstand tot het werkstuk te behouden, die overeenkomt met de gebruikte elektrodediameter. De afstand moet zo constant mogelijk k blij ven, terwij l u last. De elektrodehelling in werkrichting dient 20–30 graden te zij n.
⚠ Let op: Gebruik altijd een tang om verbruikte elektroden te verwij deren of hete werkstukken te verplaatsen. Houd er rekening mee dat de elektrodehouder na het lassen altijd op een isolerende ondergrond moet worden gelegd. De slak mag pas na het afkoelen van de naad worden verwij - derd. Om een lashandeling aan een onderbroken naad verder te zetten:
■ Verwij der eerst de slak op de aansluitplaats.
In de naadvoeg wordt de vlamboog ontstoken, naar de aansluitplaats geleid, daar juist gesmolten en aansluitend verder geleid.
⚠ Let op: De laswerkzaamheid produceert hitte. Daarom moet het lasapparaat na het gebruik minimaal een half uur stationair worden gebruikt. Als alternatief laat u het apparaat een uur afkoelen. Het apparaat mag pas worden verpakt en opgeslagen, wanneer de apparaattemperatuur genormaliseerd is.
⚠ Let op: Een spanning die 10 % lager is dan de nominale ingangsspanning van het lasapparaat, kan tot de volgende consequenties leiden:
■ De stroom van het apparaat neemt af.
■ De vlamboog breekt af of wordt instabiel.
Let op:
De vlamboogstraling kan tot oogontstekingen en huidverbrandingen leiden.
- Spat- en smeltslakken kunnen ooglet-
sel en brandwonden veroorzaken.
■ Monteer het las-schild, zoals onder "las-schild" beschreven.
Lasschild
WAARSCHUWING
RISICO VOOR DE GEZONDHEID!
Wanneer u het lasschild niet gebruikt, kan de vlamboog UV-straling en hitte verspreiden die schadelij k zijn voor de gezondheid en uw ogen verwonden. Gebruik het lasschild altijd, wanneer u last.
Er mogen uitsluitend laskabels worden gebruikt, die zijn meegeleverd (16 mm²). Kies tussen stekend en slepend lassen. Hierna wordt de invloed van de bewegingsrichting op de eigenschappen van de lasnaad getoond:
Aanwij zing: Welke lasmethode geschikter is, beslist u zelf nadat u een proefstuk hebt gelast.
Opmerking: Nadat de elektrode volledig is versleten, moet deze worden vervangen.
| Stekend lassen Slepend lassen | ||
![]() | ![]() | |
| Inbranden kleine grote | ||
| Lasnaadbreedte grote kleine | ||
| Lasrups vlakke hoge | ||
| Lasnaadfout grote kleine | ||
• WIG/TIG-lassen
Volg de gegevens bij uw WIG-toorts voor WIG-/TIG-lassen. De WIG-/TIG-modus kan door het bedienen van de keuzetoets Lasmodus 35 worden geselecteerd. Kies hiervoor de stand "TIG".
- Onderhoud en reiniging
Aanwij zing: Het lasapparaat moet om perfect te functioneren en voor de naleving van de veiligheidseisen regelmatig worden onderhouden en gereviseerd. Ondeskundig en foutief gebruik kunnen tot uitvallen en schade aan het apparaat leiden. Laat de reparaties alleen uitvoeren door gekwalifi ceerde elektra-vaklieden.
Schakel de hoofdvoedingsbron en de hoofdschakelaar van het apparaat uit, voordat u onderhoudswerkzaamheden aan het lasapparaat uitvoert.
Maak het lasapparaat en het toebehoren regelmatig schoon met behulp van lucht, poetsdoek of een borstel.
Bij een defect of indien onderdelen moeten worden vervangen, richt u zich tot het betreffende vakpersoneel.
- Milieu- en verwij derings-informatie

Recycling van grond- stoffen in plaats van afvalverwijdering!

Apparaat, accessoires en verpakking dienen op een milieuvriendelij ke manier te worden gerecycled. Voer het lasapparaat niet af via het huisvuil, gooi het niet in vuur of
in water. Wanneer mogelijk k, dienen apparaten die niet meer goed functioneren, te worden gerecycled. Vraag uw lokale leverancier om hulp. Neem hiervoor 2012/19/EU in acht.
• EU-conformiteitsverklaring
Wij, C. M. C. GmbH Documentverantwoordelij ke: Dr. Christian Weyler Katharina-Loth-Str. 15 DE-66386 St. Ingbert DUITSLAND
verklaren alleen verantwoordelij k te zijn n voor het feit dat het product
Multifunctioneel lasapparaat
Artikelnummer: 2336 Bouwjaar: 2021/18 IAN: 337263_2007 Model: PMSG 200 A1
voldoet aan de belangrij ke beveiligingsvereisten die in de Europese Richtlij nen
EU-laagspanningsrichtlij n 2014/35/EU EU-richtlij n Elektromagnetische compatibiliteit 2014/30/EU RoHS-richtlij n 2011/65/EU+2015/863/EU
en in de wij zigingen hiervan zijn n vastgelegd. De fabrikant is alleen ver- antwoordelij k voor het opstellen van de conformiteitsverklaring.
Het bovengenoemde object van de Verklaring voldoet aan de voorschriften van de Richtlij n 2011/65/EU van het Europese Parlement en de Raad d.d. 8 juni 2011 ter beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlij ke stoffen in elektrische en elektronische apparaten.
Voor de conformiteitsbeoordeling werd gebruik gemaakt van de volgende geharmoniseerde normen:
EN 60974-1:2018/A1:2019 EN 60974-10:2014/A1:2015
St. Ingbert, 1-10-2020

text_image
C.M.C. GmbH Katharina-Loth-Str. 15 66386 St. Higbert Telefon: +49 6894 9989750 Telefax: +49 6894 9989729i. o. Dr. Christian Weyler - Kwaliteitswaarborg -
- Aanwijzingenovergarantie en afhandelen van de service
Garantie van Creative Marketing & Consulting GmbH
Geachte klant,
U ontvangt 3 jaar garantie op dit apparaat vanaf de aankoopdatum. In geval van schade aan dit product kunt u een rechtmatig beroep doen op de verkoper van het product. Deze wettelij ke rechten worden door onze hierna vermelde garantie niet beperkt.
• Garantievoorwaarden
De garantietermij n gaat in op de aankoopdatum. Bewaar het originele kassabon zorgvuldig. Dit document geldt als aankoopbewij s. Wanneer binnen 3 jaar na aankoopdatum van dit product een materiaal- of productiefout optreedt, dan zullen wij het product – naar ons oordeel – gratis repareren of vervangen. Deze garantie vereist dat het defecte apparaat binnen 3 jaar vanaf uw aankoop (kassabon) wordt ingediend en er schriftelijk kort wordt beschreven wat het gebrek is en wanneer het is opgetreden.
Wanneer het defect onder onze garantie valt, ontvangt u het gerepareerde product of een nieuw product terug. Door de reparatie of de vervanging van het product begint geen nieuwe garantietermijn.
- Garantieperiode en wettelijkegarantieclaims
De garantieperiode wordt door de waarborg niet verlengd. Dit geldt ook voor vervangen en gerepareerde onderdelen. Schade en defecten die eventueel al bij de aankoop aanwezig zijn n, moeten onmiddellij k na het uitpakken worden gemeld. Reparaties na afl oop van de garantieperiode dienen te worden betaald.
- Omvang van de garantie
Het apparaat wordt volgens strenge kwaliteitsrichtlij nen zorgvuldig geproduceerd en voor levering grondig getest. De garantie geldt voor materiaal- of productiefouten. De garantie is niet van toepassing op productonderdelen, die onderhevig zijn aan normale slij tage en hierdoor als aan slij tage onderhevige onderdelen gelden, of op breekbare onderdelen, zoals bij v. schakelaars, accu's of dergelij ke onderdelen, die gemaakt zijn van glas. Deze garantie wordt ongeldig, wanneer het product werd beschadigd, niet correct werd gebruikt of werd onderhouden. Voor een deskundig gebruik van het product dienen alleen de in de originele gebruiksaanwij zing genoemde aanwij zingen strikt in acht te worden genomen. Vermij d absoluut toepassingsdoelen en handelingen die in de originele gebruiksaanwij zing worden afgeraden of waartegen wordt gewaarschuwd.
Het product is uitsluitend bestemd voor privégebruik en niet voor commerciële doeleinden. Bij verkeerd gebruik en ondeskundige behandeling, bij gebruik van geweld en bij reparaties die niet door een door ons geautoriseerd servicefi liaal zijn uitgevoerd, vervalt de garantie.
- Afwikkeling in geval van garantie
Om een snelle afhandeling van uw reclamatie te waarborgen, dient u
de volgende aanwij zingen in acht te nemen:
Houd a.u.b. bij alle vragen de kassa-bon en het artikelnummer (bij v. IAN) als bewij s voor aankoop binnen handbe-reik. Het artikelnummer vindt u op het typeplaatje, een gravure, het titelblad van uw gebruiksaanwij zing (beneden links) of de sticker op de achter- of onderzij de. Wanneer er storingen in de werking of andere gebreken optreden, dient u eerst telefonisch of per e-mail contact met de hierna genoemde serviceafdeling op te nemen.
Een als defect geregistreerd product kunt u dan samen met uw aankoopbewij s (kassabon) en de vermelding over wat het gebrek is en wanneer het is opgetreden, voor u franco verzenden aan het u meegedeelde serviceadres.

Opmerking:
Op www.lidl-service.com kunt u deze en nog veel andere gebruiksaanwij zingen, productvideo's en software downloaden.
Met deze QR-code komt u direct terecht op de Lidl-Service-pagina (www.lidl-service.com) en kunt u uw gebruiksaanwij zing openen door het artikelnummer (IAN) 337263 in te voeren.

text_image
PDF ONLINE www.lidl-service.comService
Zo kunt u ons bereiken:
NL, BE
Naam: ITSw bv
Internetadres: www.cmc-creative.de
E-mail: itsw@planet.nl
Telefoon: 0031 (0) 900-8724357
Kantoor: Duitsland
IAN 337263\_2007
Let erop dat het volgende adres geen serviceadres is.
Neem eerst contact op met het hierboven vermelde servicepunt.
C. M. C. GmbH
Katharina-Loth-Str. 15
DE-66386 St. Ingbert
DUITSLAND






















