Unico Easy S1 SF - Airconditioning OLIMPIA SPLENDID - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Unico Easy S1 SF OLIMPIA SPLENDID in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Unico Easy S1 SF OLIMPIA SPLENDID
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Airconditioning in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Unico Easy S1 SF - OLIMPIA SPLENDID en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Unico Easy S1 SF van het merk OLIMPIA SPLENDID.
GEBRUIKSAANWIJZING Unico Easy S1 SF OLIMPIA SPLENDID
GEBRUKS-EN ONDERHOUDSAANWIJZINGEN
NL
INSTRUKTIONER FÖR ANVÄNDNING OCH UNDERHALL
SV
- Het apparaat bevat het gas R410. Het gas Niet in de atmosefer uitsstoten.
- R410 is een gefluoreerd broeikasgas dat in het Kyoto-protocol wordt genoemd en een aardopwarmingspotentieel (GWP) = 2088 heeft.
- Gefluoreerde broeikasgassen zijn aanwezig in hermetisch afgesloten apparaten. Raadpleeg het etiket op de unit voor informatie over het type, de hoeveelheid en de equivalente hoeveelheid in ton aan CO2 van het gefluoreerd broeikasgas (in bepaalde modellen).
- De installment, de assistentie, het onderhoud en de reparatie van deze unit要去en worden uitgevoerd door een bevoegde technicus.
- De de-installatie en recycling van het product moeten worden uitgevoerd door een bevoegde technicus.
- Het apparaat mag gebruikt worden door kinderen van 8aar of ouder en door personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijkke bekwaamheden, of zonder ervaring of de benodigde kennis, op voorwaarde dat ze onder toezicht staan, of nadat ze instructies over het veilige gebruik van het apparaat ontvangen hebben en de bevaren die daaraan inherent zich begrepen hebben. Kinderen moen Niet met het apparaat spelen. De reiniging en het onderhoud die door de gebruiker uitgevoerd要去en worden moen nicht uitgevoerd worden door kinderen zonder toezicht (van toepassing voor de landen van de Europese Unie).
- Het apparaat mag gebruikt worden door Personen (met inbegrip van kinderen) met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijkke bekwaamheden, of+zonder ervaring of de benodigde kennis, op voorwaarde dat ze onder toezicht staan, of nadat ze instructies over het veilige gebruik van het apparaat ontvangen hebben, van iemand die verantwoordelijk voor hun veiligheid is (alleen van toepassing voor de landen buiten de Europese Unie).
- Laat de beschadigde voedingskabel verrangen door de fabrikant of diens servicecentrum of een technicus met soortgelijke bekwaamheid om risico's te vermijden.
- Om ieder risico van elektrische schokken te voorkomen, is het absolutoodzakelijk de stekker uit het stopcontact te trekken alvorens ongeacht welke onderhoudsingreep op het apparaat uit te voeren.
- Voor de correcte werkung van het apparaat要去en de minimum afstanden en de aanwijzingen in acht genomen worden die in deze handleiding staan (zie afbeelding 1)
-
Voor de correcte elektrische aansluiting van het apparaat要去en de aanwijzingen gevolgd worden die in paragraaf 2.6 staan.
-
Apparaten innehälter R410-gas, sprid inte ut i omgivningen.
- R410 ar en fluorerad vaxthusgas som det hanvisas till i Kyoto-protokollet, med en faktor for global uppvärmningspotential (GWP) = 2088.
- Fluorerade vaxthusgaser finns i hermetiskt tillsluten utrustning.
3.3.a - De batterijenplaatsen 16
3.3.b - Vervanging van de batterijen 16
3.3.c - Positie van de afstandsbediening 17
3.4- GEBRUIK VAN HET APPARAAT 17
3.4.a - Voorafgaande handelingen 17
3.4.B - Inschakeling/uitschakeling apparatus 17
3.5 - WERKWIJZE AUTO (Automatisch) 18
3.6 - WERKWIJZE KOELING (COOL) 18
3.7 - WERKWIJZE TURBOKOELING 18
3.8 - WERKWIJZE ONTVOCHTIGING (DRY) 18
3.9 - WERKWIJZE VENTILATIE (FAN) 19
3.10 - WERKWIJZE VERWARMING (HEAT) (uitsluitend voor model met warmtepomp) 19
3.11 - WERKWIJZE TIMER 19
3.11.a Geprogrammeerde inschakeling 19
3.11.b Geprogrammeerde uitschakeling 20
3.12- OVERIGE FUNCTIONS 20
3.12.a -Auto-Restart 20
3.12.b -Functie SLEEP 20
3.12.c -Functie FOLLOW ME 21
3.12.d -Instelling meeteenheid van de temperatuur 21
3.12.e -De luchtstroom richten 21
3.12.f - Functie Short Cut 21
4-ONDERHOUD EN REINIGING 22
4.1 - REINIGING 22
4.1.a - Reiniging van het apparaat en van de afstandsbediening 22
4.1.b - Onderhoud en reiniging van de luchtfilters 22
4.1.c - Advies voor energiebesparing 23
4.2 - ONDERHOUD 23
4.2.a - Afvoer condenswater 23
VERWIJDERING Het symbol op h huisvijl mag
Het symbool op het product of de verpakking geeft aan dat het Niet bij het normale huisvuil mag worden gestopt, maar waar een erkend inzamelbedrijf voor de recycling van elektrische en elektronische apparatuur要去 worden gebracht. Door het product op passende wijze te verwijderen helpt u möglichke schadelijke gevolgen voor het milieu en de gezondheid als gevolg van een ongeschikte verwijdering van het product vermijden.
Informeer bij de gemeente, deplaatselijke afvalverwijderingsdienst of de winkel waar het product aangeschaft is maar meer informatie over de recycling van dit product.
Dit voorschrift is uitsluitend geldig binnen EU-lidstaten.
NL-2
ILLUSTRATIES
De illustraties zich gegroepeerd op de eerste pagina's van de handleiding

INHOUDSOPGAVE
De pagina "NL-1" bevat de inhoudsopgave van deze handleiding

0 - WAARSCHUWINGEN
0.1 - ALGEMENE INFORMATIE
Wij wensen u eerst en vooral te bedanken,ondat u de voorkeur hebt gegeven aan een door ons geproduerd apparaat.
0.2 - SYMBOLEN
De pictogrammen die in dit hoofdstuk beschreiben worden, worden gebruikt om nsel en einsluidend de informatatie te verstrekken die nodig is om de machine veilig te kuren gebruiken.
0.2.1 - Pictogrammen

Service
Geeft situatuies aan waarin de interne SERVICE moet worden gewaarschuwd: TECHNISCHE KLANTENDIENST

Inhoudsopgave
Paragraphen die van dit symbool voorzien zijn, bevatten zeer belangrijke informatie en voorschriften die voornamelijk de verilgheid betreffen.
De veronachtzaming ervan kan resulteren in:
-GeVaren voor de gezondheid van de operators
- verval van de contractuele garantie
- weigering van aansprakelijkheid door de fabrikant.

Opgeheven hand
Geeft handelingen aan die om geen enkele reden mogen worden verricht.

GEVAAR
aleert dat het apparaat ontvlambaar koelmiddel gezruikt. Als de koelvloeistof uitloopt en worden blootgesteld aan een externe ontstekingsbron bestaat risico op brand.

GEVAARLIJKE ELEKTRISCHE SPANNING
leert aan het betrokken personeel dat de beschreiben handeling elektrocutiegevaar kan veroorzaken indien de veiligheidsnormen Niet in acht worden genomen.

ALGEMEEN GEVAAR
aleert aan het betrokken personeel dat de beschreiben handeling risico's inhoudt voor lichamelijke schade indien de veiligheidsnormen nicht in acht worden genomen.

GEVAAR HOGE TEMPERATURE
aleert aan het betrokken personneel, dat de beschreiben handeling risico's inhoudt voor brandwonden door contact met zeer hare componenten, indien deeiligheidsnormen Niet in acht worden genomen.

NIET AFDEKKEN
aleert aan het betrokken personeel dat het verboden is om het apparaat af te dekken om oververhitting te voorkomen.

OPGELET
signaleert dat dit document aandachtig moet worden gelezen alvorens het apparaat te installereren en/of te gebruiken.
- Signaleert dat het servicepersoneel met het apparaat moet omgaan, in overeenstemming met de installmenthandleiding.

OPGELET
signaleert dat er extra informatatie in de meegeleverde handleidingen kan aanwezig sein.
- Duidt aan dat er informatatie in de gebruiksaanwijzing of installmenthandleiding beschikbaar is.

SELECT
aan dat het servicepersoneel met het apparaat moet omgaan, in overeenstemming met de installmentiehandleiding.
0.3 - ALGEMEEN ADVIES
ALS ELEKTRISCHE APPARATUUR WORDT GEBRUIKT,MOETEN DE BASISVEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN STEEDS WORDEN GEVOLGD OM HET RISICO OP BRAND, ELEKTRISCHE SCHOKKEN EN ONGEVALLEN TE BEPERKEN, INCLUSIEF HET VOLGENDE:

Eventuele beschadiging van de compressor te voorkomen,
wordtijdere start met 3 minuten vertraagd ten opzichte van de LASTe
tuitschakeling.

- Dit is een voorbehouden document, volgens de wetsbepalingen, met een verbod op verveelvoudiging of overdracht aan derden zonder uitdrukkelijke toestemming van OLIMPIA SPLENDID.
De machines können worden bijgewerkt enaarom andere details vertonen dan aangeduid, zonder gevolgen voor de teksten in deze handleiding.

ees deze handleiding aandachtig door alvorens een handeling (installatie, gebruik, onderhoud) te verrichten en leef de aanwijzingen van de verschillende hoofdstukken aandachtig na.

ewaar deze handleiding nauwgezet voor naslag.
-
Verwijder het verpakkingsmaterial en controllerer of het apparaat intact is. Het verpakkingsmaterial kan een möglichke gevaar vormen. Houd het waarom buiten bereik van kinderen.
-
DE FABRIKANT KAN NIET AANSPRAKELIJK WORDEN GESTELD VOOR SCHADE AAN PERSONEN OF ZAKEN, VOORTVLOEIEND UIT HET NIET IN ACHT NEMEN VAN DE NORMEN, AANWEZIG IN DEZE HANDLEIDING.
- De fabrikant behoudt zich hetrecht voor om de modellen op elk gewenst moment te wijzigen, waar bij de essentièle eigenschappen die in deze handleiding beschreibenন bijden blijven.

- De installmentie en het onderhoud van apparatuur voor de klimaatregeling, zoals dit apparaat, hunnen gevaarlijk blijken teijken,ondat koudemiddel onder druk en elektrische onderdelen onder spanning in deze apparaten aanwezig zich.
Deinstallatie, deeersteinschakeling endeaaropvolgendeonderhoudsfasen mogen uitsluitend door erkend en bekwaam personeel worden verricht.
- De garantie verversalt in het geval van installations die verricht worden zonder dat de waarschuwingen van deze handleiding in acht worden genomen en gebruik buiten de voorgeschreven temperatuurlimieten.
- Het normale onderhoud aan de filters en de algemene uitwendige reiniging kuren ook door de gebruiker worden verricht, aangezien ze geen bevaren vormen of ingewikkeld zich.
NL-5
- Tijdens de montage, en bij iedere onderhoudsingreep, is het nodig de voorzorgsmaatregelen in acht te nemen die vermeld worden in deze handleiding en die op de etiketten in of op het apparaat staan en要去en ook alle voorzorgsmaatregelen getroffen worden die door het gezonde verstand ingegeven worden en opgelegd worden door de Veiligheidsvoorschriften die van kracht zich in het land van installmentie.

- Gebruik uitsluitend originele onderdelen van OLIMPIA SPLENDID voor de verranging van componenten.

- Als het apparaat een langearend Niet wordt gebruikt of niemand de geklimatiseerde kamer gebruikt, is het raadzaam de elektrische stroomtoevoer af te sluiten om ongevallen te vermijden.

- Gebruik geen vloeibare of corrosieve reinigingsmiddelen om het apparaat te reinigen, verstuif geen water of andere vloeistoffen op het apparaat waar ze de onderdelen in pvc hunnen beschadigen of zichs elektrische schokken hunnen peroorzaken.

- De binnenkant van het apparaat en de afstandsbediening nicht nat makeen.
Bartsluitingen of brand zou können optreden.

-
Bij storingen van de werking (bijvoorbeeld: abnormale geluiden, een slechte geur, rook, een abnormale temperatuurstijging, elektrische dispersie, enz.)要去 het apparaat onmiddelijk worden uitgeschakeld en de stekkeruit het stopcontact getrokken worden. Wend u voor eventuele reparatiesuitsluitend tot erkende technische servicecentra van de fabrikant en LAST originèle onderdelen gebruiken. De veronachtzaming van de bovenstaande aanwijzingen kan deeiligheid van het apparaat in gevaar brengen.
-
De klimaatregelaar Niet langdurig latent werken bij een hoge luchtvochtigheid of als deuren en/of ramen open staan.
Het vocht kangaan condenserenende meubels bevochtigen of beschadenig.

-
Sluit de voedingsstekker nicht af tijdens de werkung. Risico op brand of elektrische schokken.
-
Breng geen zware of warme voorwerpen aan op het apparaat.
-
Voordat het apparaat elektrisch aangesloten worden of de gegevens die op hetplaatje staan overeenkomen met die van het elektrische distributienet. Het stopcontact moet met een aardinguitgerust zich. Hetplaatje is aan eenrijkant van het apparaat aangebracht.
-
Installee het apparaat volgens de instructies van de fabrikant. Een verkeerde installmentie kan persoonlijk letsel, dierenleed of materièle schadeveroorzaken waarvoord de fabrikant Niet aansprakelijk gesteld kan worden.
-
Bij incompatibilititeitussen het stopcontact en de stekker van het apparaat要去 het stopcontact door professioneel gekwalificeerd personeel verrangen worden door een van een ander type, dat geschikt is, en要去 dit personeel controlleren of de doorsnede van de kabels van het stopcontact geschikt is voor het vermogen dat door het apparaat geabsorbeerd worden. Doorgaans worden afgeraden om adapters en/ of verlengsnoeren te gebruiken. Mocht het gebruik waarvan toch noodzakelijkঃ,
NL-6
dan要去en ze conform de van kracht zijnde veiligheidsvoorschriften zijn en mag het stroomdebiet (A) ervan Niet lager�n dan het maximum debiet van het apparaat.
-
Dit apparaat is nicht bestemd om te werken door middel van een externe timer of met een ander afstandsbedieningssystem dan hetgeen dat is geleverd.
-
Gebruik het apparaat alkijd alleen in de verticale stand.
- Sluit op geen enkele wijze de luchtin- en luchtuittrederoosters af.
- Steek geen onbekende voorwerpen in de luchtin- en luchtuittrederoosters aangezien het risico op elektrische schokken, brand of beschadigingen van het apparaat bestaat.
-
Gebruik het apparaat Niet:
-
met native of vochtige handen;
-
op blote voeten.
-
Trek nied aan de voedingskabel of aan het apparaat zich om de stekker uit het stopcontact te trekken.
- Gebruik hetapparaat Nietonderrechtstreekszonlichtofvlakwijarmtebronnen als een kachel, een verwarmingsapparaat of een radiator (Afb.3)
- Gebruik het apparaat Niet vlak bij gastroestellen (Afb.3)
- Plaats het apparaat.altijd op een stabel,vlak en genivelleerd oppervlak.
- Laat minstens 30cm ruimte vrij aan de zijkanten en aan de achterkant van het apparaat en LAST minstens 30cm ruimte vrij boven het apparaat (Afb.1).
- Plaats het apparaat Niet vlakbij een elektrisch stopcontact (Afb.4).
- Het stopcontact moet gemakkelijk toegankelijk zijn zodat de stekker in geval van noood gemakkelijk losgetrokken kan worden.
- Hanteer de stekker nicht met natte handen.
- De voedingskabel nicht sterk doorbuigen, verdraien, eraan trekken of beschadigen.
- De elektrische voedingskabel nicht afwikkelen onder tapiijten, dekens of in kabelgoten. Leg de kabel uit in zones die geen doorgangszones zijn, zodat struikelen voorkommen worden.
-
Sluit de kabel af als de unit gedurende lange&tijd nicht gebruikt worden en/of wanner niemand thus is.
-
Gebruik het apparaat Niet in bijzonder vochtige ruimtes (badkamer, keuken, enz.).
-
Gebruik het apparaat Niet buiten of op natte oppervlakken. Vermijd dat vloeistoffen op het apparaat gegoten worden. Gebruik het apparaatnie vlak bij gootstenen of kranen.
NL-7
-
Dompel het apparaat Niet in water of andere vloeistoffen.
-
Reinig het apparaat met een vochtige doek, gebruik geen schuurproducten of schurende materialen. Zie de betreffende paragraaf voor de reiniging van de filters.
-
De meest voorkomende oorzaak van oververhitting is de opeenhoping van stof of pluizen in het apparaat. Verwijder deze opeenhopingen regelmatig verwij het apparaat afgesloten is van het stopcontact en zuig de roosters schoon.
-
Gebruik het apparaat Niet in ruimtes met aanzienlijke temperatuurschommelingen omdat dan condens in het apparaat kan ontstaan.
-
Installee het apparaat op minstens 2 meter van andere elektronische apparaten (TV, radio, computer, DVD-lezer, enz.) om interferentie te voorkomen (Afb.2).
-
Gebruik het apparaat Niet als de ruimte kort geleden behandeld is meteen insecticide in de vorm van gas, bij brandende wierook, chemische dampen of oleresidu.
-
Gebruik de machine nicht zonder dat de filters correct in positie gebracht+zijn.
-
De demontage, reparations of omschakeling die uitgevoerd worden door iemand die nicht daartoe geauthoriseerd is, kan ernstige schade veroorzaken en de garantie van de fabrikant annuleren.
-
Gebruik het apparaat Niet bij defecten of een slechte werkung, als de kabel of de stekker beschadigd zijn of als het apparaat geallen is of op enige andere wijze beschadigd is. Schakel het apparaat uit, trek de stekker uit het stopcontact en LAST het nakijken door professioneel gekwalificeerd personeel.
-
Het apparaat Niet demonteren of wijzigingen erop aanbrengen.
-
Het is extreem gevaarlijk het apparaat zich te repareren.
-
Als u dit apparaat nicht langer zult gebruiken, adviseren we u om het onbruikbaar te makeen door de voedingskabel te verwijderen nadat de stekker uit het stopcontact is gehaald. We adviseren tevens om delen van het apparaat die een möglichk gevaar kuren vormen onschadelijk te makeen. Dit gevaar heerst met name wonneer kinderen het onbruikbare apparaat als spellegood gebruiken.
- Voor het ontdoolingsproces en voor de reiniging van het apparaat mogen geen andere instrumenten gebruikt worden dan die door de fabrikant aanbevolen worden.
- Het apparaat is voorzien van een thermische beveiliging die de elektronische kaart behoedt gegen een te hoge temperatuur. Mocht deze beveiliging in werkig treden, trek de stekker dan uit het stopcontact en wacht tot het apparaat volledig afgekoeld is (minstens 20÷ 30 minutes). Steek de stekker daarna waar in het stopcontact en herstart het apparaat. Als het apparaat Niet herstart wordt, trek de stekker dan uit het stopcontact en neem contact op met een Assistentiecentrum.
NL-8
0.4 - EIGENLIJK GEBRUIK
- De klimaatregelaar mag uitsluitend gebruikt worden voor het produceren van warme lucht* of koude lucht of voor het ontvochtigen van de lucht (aar keuze) met als enig doel de temperatuur in de omgeving aangenaam te make.
- Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik of gelijkaardig gebruik.
- Een oneigenlijk gezebruik van het apparaat, met eventuele schade die berokkend worden aan mensen, voorwerpen of dieren, ontheft OLIMPIA SPLENDID van iedere vorm van aansprakelijkheid.
0.5 - RISICOZONES
- De klimaatregelaars mogen nicht worden geinstalleerd in omgevingen waar ontvlambare of explosieve gassen aanwezig়, in zeer vochtige omgevingen (wasserijen, broeikassen, enz.) of opplaatsen waar zich andere machines bevinden die een sterke warmtebron genereren, in de buurt van een bron van zout water of zwavelhoudend water.

-
Gebruik GEEN gassen, benzine of andere ontvlambare vloeistoffen in de buurt van de klimaatregelaar.
-
Gebruik alleen de bijgeleverde onderdelen (zie paragraaf 1.1). Het gebruik van Niet-standaard onderdelen kan lekkage van water, elektrische schokken, brand en persoonlijk letsel of materièle schade veroorzaken.

Dit product mag uitsluitend worden gebruikt volgens de specificaties, aangeduid in deze handleiding. Als het op een andere wijze worden gebruikt dan aangeduid kan dit leiden tot zware ongevallen.
DE FABRIKANT KAN NIET AANSPRAKELIJK WORDEN GESTELD VOOR SCHADE AAN PERSONEN OF ZAKEN, VOORTVLOEIEND UIT HET NIET IN ACHT NEMEN VAN DE NORMEN, AANWEZIG IN DEZE HANDLEIDING.
Het apparaat is apart verpakt in een kartonnen verpakking.
De verpakking kan met de hand vervoerd worden door twee werknemers of op een transporttruck geladen worden.

Sla de verpakking apart op, nied stapelen.
- Bevestigingsbeugel aan de muur
- Afstandsbediening
2a. Batterijen voor afstandsbediening aantal 2 - type AAA 1,5V - Handleidingen + garantie
- Boormal van papier
-
Luchtin- en luchtuittrederoosters met kettingen en installmentesetjes (2)
-
Interne flens (2)
- Blad voor leidingen in de muur (2)
- Schroeven en pluggen
- Condensafvoerleiding
10.Voetstuk (2) - Pakking (2)
- Afstandhouser
1.2 - IDENTIFICATIE VAN DE HOOFDONDERDELEN (Afb.A)
- Bedieningspaneel
- Luchtuittrederooster
- Opbergruimte voor afstandsbediening
- IR-ontvanger afstandsbediening
-
Uitneembaar luchtfilter
-
Dop condenswaterafvoer
- Rooster luchtinlaat
- Luchtuittreoderoster
- Luchtintrederooster
- Poten

NL-10
2-INSTALLATIE
2.1 - TRANSPORT VAN DE KLIMAATREGELAAR
- Het transport en de verplaatsing van het apparaat moet in de verticale stand plaatsvinden.
Wacht minstens een uur voordat u het apparaat inschakelt als het horizontaal is vervoerd.
- Alvorens het apparaat te verplaatsen of te vervoeren, moet het condenswater volledig afgevoerd worden, zoals beschreiben worden in paragraaf 4.2.

WAARSCHUWING
sport van de klimaatregelaar op delicate vloeren (bijv. houten vloeren):
Voer het condenswater volledig af.
- Let buitengewoon goed opijdens het verplaatsen van de klimaatre aangezien de wielen krassen op de vloer+kunnen acheterlaten. Ondanks dat de zwenkwieten zijn gemaakt van stevig materiaal+kunnen ze door het gebruik verslijten of vuil+zijn.
Er worden aanbevolen te controlleren of de wielen schoon zich en vrij+kunnen draaien.
De veronachtzaming van het volgende kan het apparaat schade berokkenen.
a. Installer de klimaatregelaar op vlakke, stabiele oppervlakken en op de vloer.
b. Sluit de klimaatregelaar alleen aan op stopcontacten die van een aarding voorzien zijn.
c. Controller of gordijnen of andere voorwerpen de luchtaanzuigfilters Niet afluien.
d. Controller of tussen de klimaatregelaar en aangrenzende wanden een minimum afstand van 30 cm gehandhafd blijft (Afb.1).
e. Bij het in gebruik nemen van het apparaat要去 algijd opgelet worden of er geen obstakels zich voor de aanzuiging en de uitlaat van de lucht.
f. De klimaatregelaar mag Niet in een washok of -ruimte worden geplaatst.
g. Installee de klimaatregelaar uitsluitend in een droge ruimte.
h. De klimaatregelaar mag nicht in werkung worden gesteld in de aanwezigheid van gevaarlijke materialen, dampen of vloeistoffen.
i. Reinig de luchtfilters minstens eén keer per week.

2.3 - INSTALLATIE
De klimaatregelaar moet in een geschikte ruimte worden geinstalleerd.
Er wordt aanbevolen zonlicht te beperken door middel van rolluiken, gordijnen, zonweringen, en om deuren en ramen gesloten te honden.
NL-11
2.4 - GATEN IN DE MUUR BOREN
Deze handling要去en worden verricht met een specifiek gereedschap dat uw werkzaamheden vereenvoudigt en schade of overmatige last voor uw klant vermijdt. De Beste instrumenten die voor het boren van groete gaten in muren gezrukt hunnen worden,+zijn speciale boormachines (zogenaamde Kernboormachines) met een hoog torsiekoppel en een rotatiesnelheid die maar aanleiding van het te boren gat kan worden aangepast.
Om te vermijden dat veel stof en vuil in de omgeving verspreid worden,{kunnen de Kernboormachines worden verbonden met afzuiiginstallaties die voornamelijk bestaan uit een stofzuiger die verbonden要去 worden met een accessoire (bijvoorbeeld zuignap) zodate deze in de buurt van het te boren punt kan worden aangebracht. Onze "serviceafdeling" kan u voorzien van informatie en inlichtingen met betrekking tot het verkrijgen van deze apparatuur.
2.5 - MONTAGE VAN DE LUCHTKANALEN EN DE UITWENDIGE ROOSTERS
- Breng de plasticfolie (7) die met de klimaatregelaar geleverd is aan als de gaten zich geboard (met de fernboormachine) (afb. 7).

De folie moet 65 mm korter�zijn dan de lenghte van de muur.
- Rol de folie (7) op en breng deze in het gat aan. Let waar bij goed op de seallijn (deze moet altiid maar boven zichen gedraaid) (afb.8).
De buis (7) kan met een normal stanleymes worden afgesneden (afb.8).
Plaats de roosters als volgt:
a. Controller of de folie (7) correct in het gat is aangebracht.
b. Zet de twee flenzen (6) vast door 2 pluggen met een diameter van 6mm aan te brengen in de twee horizontal geplaatste bevestigingsgaten (afbeeldingen 9-10-11).
c. Breng hetkleine oogje, met de lange poot, van de veer aan op de pen van de dop (op de beiden componenten) (afb.14).
d. Breng de twee dappen (met veer) vanuit de Voorkant van het buitenste rooster aan op de twee zittingen ervan, trek ze helemaal aan (afb.15) en bevestig de twee kettingen aan het groe oogje van de veer.
e. Pak de twee kettingen, bevestigd aan het rooster, met een hand beet;
f. Vouw de buitenste roovers dubbel door het vouwgedeelte met de vrije hand beet te pakken en de vingers in de louvres aan te brengen (afb.16).
g. Steek de arm in de leiding tot het buitenste rooster volledig maar buiten steekt.
h. Vouw het rooster open en zorg ervoor dat de vingers in de louvres blijven.
i. Draai het rooster tot de louvres horizontal een geplaatst enaar beneden zichn gericht.
I. Span de veer door aan te ketting te trekken en haal de ring van de ketting aan de pen van de interne doorvoerflens voor de leidingen (afb.17).
m. Verwijder de overtollige schakels van de ketting met een tang.

Gebruik uitsluitend de geleverde roosters (5) of roosters met identieke eigenschappen.
NL-12

OLIMPIA
SPLENDID
2.6 - ELEKTRISCHE AANSLUITING
Het apparaat is voorzien van een voedingskabel met stekker.
Alvorens de klimaatregelaar aan te sluiten, controleren of:

- De spanning- en frequentiewaarden overeenstemmen met de gegevens op de typeplaat van het apparaat.
- De stroomtoevoerlijn is voorzien van een doeltreffende aardaansluiting, geschikt voor de maximale absorptie van de klimaatregelaar.
Op het voedingsnet van het apparaat要去en geschikteeerpolige scheidingsschakelaar worden voorzien, in overeenstemming met de nationale installmentenormen. - Het apparaat uitsluitend worden gevoed aan de hand van een stopcontact dat voor de geleverde stekker geschikt is.

WAARSCHUWING
at de voedingskabel eventueel uitsluitend verrangen door een erkend servicentrum van Olimpia Splendid of bekwaam personneel.
2.7 - HET APPARAAT OP DE BEUGEL AANBREngen
a. Breng de geleverde drie pakkingen (afb. 6) op het achterpaneel aan voordat u de machine aan de bevestigingsbeugel haakt.
b. Controller of de bevestigingsbeugel op de muur (1) correct is aangebracht en haak er de klimaatregelaar aan. Til de klimaatregelaar iets op door de zijkanten onderaan beet te pakken enplaats hem gegen de muur. Controller of de klimaatregelaar aan de beugel (1) is gehaakt en plaats hem op de grond (afb. 12).

Let goed op aangezien de beugel (1) het gewicht van de klimaatregelaar Niet kan dragen. De beugel is uitsluitend bedoeld om te vermijden dat de klimaatregelaar kan verschuiven waardoor de correcte uitlijning met de gaten in de muur verloren gaat. Gebruik de stelpoten (30) als de positie van de klimaatregelaar in hoogte moet worden versteld.
c. Controller aan het einde van de werkzaamheden zorgvuldig of achter het achechterpaneel van het apparataat geen spleten zich ondergebleven (de isolerende afdichting moet goed aan de muur hechten). Dit geldt met name in de zone van de luchtfin- en luchtuiittredekanalen.
d. Breng de twee voetstukken (10) aan door ze aan de onderste poten (30) te klemmen als de installation van de klimaatregelaar is afgerond (afb.13).
2.8 - DRAINAGE
Voor het correcte gebruik van het apparaat moet als volgt gehandeld worden (afb. 32):
a. Verwijder de dop (26).
b. Plaats de leiding (9) op de aansluiting.

Controleer of het uiteinde van de afvoerleiding (9) in positie gebracht is op het afvoerputje of in eenrecipient. Controleer of de leiding (9) Niet verstopt is.

NL-13
3 - GEBRUIK VAN HET APPARAAT
De werkwijzen van de conditioner können zowel met de afstandsbediening als op het bedieningspaneel op de conditioner geselecteerd worden.
De ontvangst van de geselecteerde functie worden bevestigd door een "pieptoon" van de zoemer.
3.1 - SYMBOLEN EN TOETSEN BEDIENINGSPANEEL (Afb.B)

- SW1: ON/Stand-by;
- SW2: Selectie werkwijze
ECO - Blue air (auto) =>
=> alleenventilator =>
=> ontvochitiging =>
verwarming
(alleen actief in de versie met warmtepomp) koeling
turbokoeling ...
- SW3: Verhoging temperatuur/vertraging
- SW4: Verlaging temperatuur/vertraging
- SW5: Display
-
SW6: Bevestiging/annulering vertraging inschakeling/uitschakeling eenheid
-
SW7: Selectie ventilatorsnelheid
Minimumsnelheid
Medium snelheid
Maximumsnelheid
= > Blue air (auto)

D1: Ingestelde temperatuur/timer
D2: Aanduiding ventilatorsnelheid (zie "SW7")
·S1: Tijdsaanduiding
S2: Temperatuuraanduiding ^ C
S3: Temperatuuraanduiding F
S4: Werkwijze alleen ventilator
S5: Werkwijze koeling
S6: Werkwijze ontvochtiging
S7: Werkwijze verwarming (alleen actief in de versie met warmtepomp)
S8: Werkwijze sleep
S9: Werkwijze timer (geprogrammeerde inschakeling/uitschakeling)
- S10: Automatische werkwijze (ECO)
S11: Turbofunctie
- S12: Aanduiding apparaat elektrisch gevoed
3.2 - TOETSEN AFSTANDSBEDIENING (Afb.C)


B1: Toets on/off inschakeling/uitschakeling apparatus
- Symbol (D1) aan: apparaat in werkinq
- Symbool (D2)uit: apparaat op Standby
B2: Selectie werkwijze
= > koeling = >
```python => ontvochtiging =>
verwarming(alleenactiefindeversiemet
warmtepmopp)
alleenventilator ...
B3: Selectie ventilatorsnelheid
Minimumsnelheid

Medium snelheid
= > Maximumsnelheid
Auto
SLEEP (ON/OFF)
B4:Activering werkwijze SLEEP (ON/OFF)
B5:NIET GEACTIVEERD
B6: Activeert/deactivateert functie FOLLOW ME
B7: Activeert/deactivateert het display op het bedieningspaneel van de machine
B8: Installing geprogrammeerde uitschakeling unit
B9:installing geprogrammeerde inschakeling unit
B10: Sneltoets (SHORT CUT)
B11: Verhoging temperatuur Verlaging temperatuur
B12: Display
D1: Aanduiding apparatus in werking
D2: Automatische werkwijze (ECO)
D3: Werkwijze koeling (COOL)
D4: Werkwijze ontvochtiging (DRY)
D5: Werkwijze verwarming (HEAT) (alleen actief in de versie met warmtepomp)
D6: Werkwijze alleen ventilator (FAN)
D7: Aanduiding ventilatorsnelheid (zie "B3")
D8: Werkwijze "tijd" geprogrammeerde inschakeling/uitschakeling
D9: Aanduiding functie "FOLLOW ME" actief
D10: Temperatuuraanduiding ^ C (F)
D11: Aanduiding functie "SLEEP" actief
D12: Aanduiding batterij afstandsbediening leeg
D13: Aanduiding functie "TIME OFF" actief
D14: Aanduiding functie "TIME ON" actief
D15: Aanduiding functie "ECO" actief
D16: Zendsignalafstandsbediening
3.3 - GEBRUK VAN DE AFSTANDSBEDIERING
De afstandsbediening die bij de klimaatregelaar geleverd is, is een instrument dat u in staat stelt het apparaat op een zo comfortabel möglichke manier te gebruiken.

Dit instrument moet zorgvuldig worden gehanteerd:
- Maak het Niet nat (reinig het Niet met water en stel het Niet aan weersinvloeden bloot).
- Laat het Niet op de grond vallen of hard stoten.
- Stel het Niet bloot aan direct zonlicht.

-
De afstandsbediening werkt met infrarood.
-
Zorg erijdens het gebruik voor dat:tussen de afstandsbediening en de klimaatregelaar geen obstakels aanwezig zich.
- Als in de ruimte andere apparaten met een afstandsbediening gebruikt worden (tv, stereo-installations, enz.) können storingen optreden.
- Elektronische en fluorescentielampen können de verzending:tussen de afstandsbediening en de klimaatregelaar storen.
Haal de batterijen uit de afstandsbediening als deze langeijd nicht zal worden gebruikt.
3.3.a - De batterijenplaatsen
De batterijen voor de stroom makeen deel UIT van de levering.
Om de batterijen correct teplaatsen:
a.Verwijder het klepje van het batterijvak (Afb.18).
b. Breng de batterijen in het batterijvak aan (Afb.18).

Houd u nauwgez et aan de polariteit die op de bodem van het batterijvak is aangegeven.
c. Sluit het klepje goed af (Afb.19).
3.3.b - Vervanging van de batterijen
De batterijen moeten verwangen worden wanner de icoon (D12) op het display weergegeven worden.

Gebruik altijd(AP) nieuwe batterijen.
Als oude batterijen worden gezrukt of batterijen van een ander type kan dit een slechte werkig van de afstandbediening veroorzaken.
- Voor de afstandsbediening� twee droge alkalinebatterijen vereist van 1,5V (AAA) (Afb.18).

Uitgeputte batterijen要去en worden verwijderd en worden ingeleverd bij erkende afvalinzamelbedrijven of in overeenstemming met deplaatselijke voorschriften worden afgevoerd.
- Als u de afstandsbediening enkele weken ofeer Niet gebruikt, de batterijen verwijderen. Batterijlekken konnen de afstandsbediening beschadigen.

De batterijen nicht laden of demonteren. De batterijen nicht in het vuur werpen. hunnen branden of ontploffen.
NL-16


Als de vloeistof van de batterijen op de huid of kleding terechtkomt, zorgvuldig wassen met zuiver water. De afstandsbediening Niet gebruiken met batterijen die reeds lekten.
De chemische producten aanwezig in de batterijen kuren brandwonden of andere risico's voor de gezondheid met zich meebrengen.
3.3.c - Positie van de afstandsbediening
- Houd de afstandsbediening in een positie waarin het signaal de ontvanger (24) van het apparaat kan bereiken (maximumafstand circa 8 meter - met geladen batterijen) (Afb.24).
Door de aanwezigheid van obstakels (meubels, gordijnen, wanden enz.)ussen de afstandsbediening en het apparaat worden het bereik van de afstandsbediening verminderd.
3.4 GEBRUK VAN HET APPARAAT
Handel als volgt om het apparaat te gebruiken.

Om eventuele beschadiging van de compressor te voorkomen, worden iedere start met 3 minuten vertraagd ten opzichte van de LASTe uitschakeling.
3.4.a Voorafgaande handelingen

-
Breng het apparaat in positie op een stabel vlak, dat nicht hellend is, op minstens 30~cm van de muur of van ieder ander object, om de correcte luchtcirculatie te garanderen. Plaats het op een oppervlak dat bestand gegen water is odomat eventueel maar buiten lekkend water de meubels of de vloer schade kan berokkenen.
-
Plaats het apparaat Nietrechtstreeks op tapijten, handdoeken, dekens of andere absorberende oppervlakken.
- Steek de stekker in het stopcontact; het apparaat-Laat een "pieptoon" horen en op het display worden de icoon en de omgevingstemperatuur in ^ C weergegeven.

Voordat het apparaat elektrisch aangesloten worden,要去 gecontroleerd worden of de gegevens die op hetplaatje staan overeenkomen met die van het elektrische distributienet.
3.4.b Inschakeling/uitschakeling apparatus
a. Druk om het apparaat te starten op de afstandsbediening op de toets "ON/OFF" of op het bedieningspaneel op de toets
b. Een pieptoon geeft aan dat het apparaat werkt.
c. Op het bedieningsspaneellicht de icoon op.
d. Als de inschakeling met de afstandsbediening plaatsgevonden heeft,licht op het display waarvan de icoon ① op.
e. Bij een langdurige stilstand van het apparaat moet het geseset worden door de stekker uit het stopcontact te trekken, 5÷ 10 seconden te wachten en de stekker waar�n binnen te steken; en pieptoon geeft aan dat het apparaat gereed voor het gebruik is.
NL-17
a. Door deze werkwijze in te stellen, activeert het apparaat automatisch de functie KOELING of VERWAR-MING (alleen voor het model met warmtepomp), of de werkwijze VENTILATOR al naargelang de omge-vingstemperatuur en de ingestelde temperatuur.
De omgevingstemperatuur worden voortdurend gecontroleerd zodate het vertrek waarin de klimaatregeling plaatsvindt een optimaal comfort verkrijgt.
b. Deze werkwijze kan geseleed worden door een of meerdere keren op de toets "MODE" te drukken (op de afstandsbediening of op het bedieningspaneel) tot de betreffende icoon ECO en Blue Air op het display van het bedieningspaneel weergegeven worden en/of de icoon Auto op het display van de afstandsbediening weergegeven worden.
c. In de werkwijze AUTO, is het nicht möglich om de snelheid van de ventilator te selecteren.
3.6 WERKWIJZE KOELING (COOL)
a. Door deze werkwijze in te stellen, ontvochtigt en koelt het apparatusat de omgeving.
Deze werkwijze kan geselecteerd worden door een of meerere keren op de toets "MODE" te drukken (op de afstandsbediening of op het bedieningspaneel) tot de betreffende icoon op het display weergegeven worden.
b. In deze werkwijze is de ventilator altijd ingeschakeld en is het maybeik de gewenste snelheid ervan te selecteren door op de afstandsbediening op de toets "FAN" te drukken of op het bedieningspaneel op de toets te drukken. De snelheid van de ventilator wordt weergegeven zoals vermeld worden in paragraaf "3.1" (punt SW7) en "3.2" (punt B3).
c. Het setpoint van de temperatuur ligtussen 17^ en 30^ (tussen 62^ en 86^ ) met varieties van 1^ en kan ingesteld worden met de toetsen +/- op het bedieningspaneel of met de toetsen op de afstandsbediening.
d. Na het verstreijken van een bepaaldeijd (maximaal drie minuten) na de activering van de werkwijze gaat de compressor van start en begint het apparaat Koude lucht af te gehen.
3.7 WERKWIJZE TURBOKOELING
- Deze functie kan alleen geactiveerd worden vanaf het bedieningspaneel van het apparaat.
a. Deze werkwijze kan geselecteerd worden door een of meertere keren op het bedieningspaneel op de toets "MODE" te drukken, tot op het display de iconen "Turbo" oplichten.
b. De functie zet het apparaat rechtstreeks in de werkwijze koeling waar bij de temperatuur op 17^ en de maximum能力和 de ventilator ingesteld zich, zodate ingestelde temperatuur sneller bereikt worden.
c. In deze werkwijze is het nicht möglich om de snelheid van de ventilator en zichs ook nicht de temperatuur te selecteren.
d. Druk om de functie uit te schakelen op het bedieningspaneel op de toets "MODE" of schakel het apparaat uit.
3.8 WERKWIJZE ONTVOCHTIGING (DRY)
a. Door deze werkwijze in te stellen worden de omgeving ontvochtigd.
Deze werkwijze kan geselecteerd worden door een of meertereKaren op de toets "MODE" te drukken (op de afstandsbediening of op het bedieningspaneel) tot de betreffende icoon weergegeven worden:
- op het bedieningspaneel -
op het display van de afstandsbediening.
b. In de werkwijze DRY, is het nicht möglich om de nselheid van de ventilator te selecteren of de temperatuur te regelen.
De motor van de ventilator werkt op lage snelheid.
c. Houd deuren en ramen gesloten voor het Beste ontvochtigingseffect.
Niet de leiding voor de luchtuitstoot in positie brengen op het raam.
d. Sluit de leiding voor de condensafvoer aan (paragraaf 2.8)
NL-18
3.9 WERKWIJZE VENTILATIE (FAN)
a. Door deze werkwijze in te stellen, voert het apparaat geen enkele actie uit op de temperatuur of de vochtigheid van de lucht in het vertrek maar houdt de lucht alleen in circulatie.
b. Deze werkwijze kan geselecteerd worden door een of meerere keren op de toets "MODE" te drukken (op de afstandsbediening of op het bedieningspaneel) tot de betreffende icoon op het display van het bedieningspaneel en/of de afstandsbediening weergegeven worden.

icon op het bedieningspaneel -

icon op het display van de afstandsbediening
c. In deze werkwijze is de ventilator altijd ingeschakeld en is het maybeldek gewenste snelheid ervan te selecteren door op de afstandsbediening op de toets "FAN" te drukken of op het bedieningspaneel op de toets (te drukken.
d. De sleheid van de ventilator wordt weergegeven zoals vermeld wordt in paragraaf "3.1" (punt SW7) en "3.2" (punt D7).
3.10 WERKWIJZE VERWARMING (HEAT)
(alleen voor het model met warmtepomp)
a. Door deze werkwijze in te stellen verwarmt het apparaat de omgeving.
b. Deze werkwijze kan geselecteerd worden door een of meerere keren op de toets "MODE" te drukken (op de afstandsbediening of op het bedieningspaneel) tot de betreffende icoon op het display weergegeven worden.
c. In deze werkwijze is de ventilator altijd ingeschakeld en is het möglichk de gewenste snelheid ervan te selecteren door op de afstandsbediening op de toets "FAN" te drukken of op het bedieningspaneel op de toets te drukken. De snelheid van de ventilator wordt weergegeven zoals vermeld worden in paragraaf "3.1" (punt SW7) en "3.2" (punt D7).
d. Het setpoint van de temperatuur ligtussen 17^ en 30^ (tussen 62^ en 86^ ) met varieties van 1^ en kan ingesteld worden met de toetsen +/- op het bedieningspaneel of met de toetsen op de afstandsbediening.
e. Na het verstrijken van een bepaalde tijd (maximaal drie minutes) na de activering van de werkwijze gaat de warmtepomp van start en begint het apparaat warme lucht af te gehen.
f. Sluit de leiding voor de condensafvoer aan (paragraaf 2.8)
3.11 WERKWIJZE TIMER
a. Deze werkwijze maakt het möglichk de inschakeling of de uitschakeling van het apparatus te programmeren.
b. De vertragingstijd kan ingesteld, geactiveerd en geannuleerd worden met zowel de afstandsbediening als het bedieningspaneel.
3.11.a Geprogrammeerde inschakeling
a. Wanneer het apparaat in stand-by staat:
- Op het bedieningspaneel: - druk op de toets de toetsen +/-.
en stel de vertragingstijd van de inschakeling in met
- Druk om de functie te activeren op de toets
tot de ingesteldeijd op het display ophoudt met knipperen (het display keert terug maar de weergave van de omgevingstemperatuur).
Deicoon
gaat aan.
Op de afstandsbediening: - druk op de toets "TIMER ON" om de functie binnen te gaan en druk verwolgens een of meerdere keren op de toets "TIMER ON" tot de vertragingstijd van de inschakeling ingesteld worden.
- Richt de afstandsbediening op het apparaat; een pieptoon bevestigt de activering van de functie.
- De icoon 已 op het bedieningspaneel en de aanduiding "Timer On" op het display van de afstandsbediening gaan aan.
NL-19
b. Na het verstreijken van de ingesteldeijd start het apparatusat met bezelfde instellenen (werkwijze, temperatuur en ventilationsnelheid) die het had voordat het werd uitgeschakeld.
c. Deijd kan ingesteld worden met steps van 30 minuten tot 10 uur en met steps van 60 minutes van 10 tot 24 uur.
d. Door het apparaat te starten of de instelling van de timer op "0.0h" te zetten, worden de functie van geprogrammeerde inschakeling geannuleerd.
3.11.b Geprogrammeerde uitschakeling
a. Wanneer het apparaat werkt, stel dan de vertragingstijd van de inschakeling in.
-
Op het bedieningspaneel: - druk op de toets en stel de vertragingstijd van de uitschakeling in met de toetsen +/-.
-
Druk om de functie te activeren op de toets © of wacht circa 5 seconden tot de ingesteldeijd op het display ophoudt met knipperen (het display keert terug maar de weergave van de omgevingstemperatuur).
Deicoon
gaat aan.
-
Op de afstandsbediening: - druk op de toets "TIMER Off" om de functie binnen te gaan en druk verwolgens een of meerdere keren op de toets "TIMER Off" tot de vertragingstijd van de uitschakeling ingesteld worden.
-
Richt de afstandsbediening op het apparaat; een pieptoon bevestigt de activering van de functie.
-
De icoon op het bedieningspaneel en de aanduiding "Timer Off" op het display van de afstandsbediening gaan aan.
b. Na het verstijken van de ingesteldearend发展格局 het apparaat UIT.
c. Deijd kan ingesteld worden met steps van 30 minuten tot 10 uur en met steps van 60 minutes van 10 tot 24 uur.
d. Door het apparaat uit te schakelen of de instelling van de timer op "0.0h" te zetten, worden de functie van geprogrammeerde uitschakeling geannuleerd.
3.12 OVERIGE FUNCTIONS
3.12.a Auto-Restart
a. Als het apparaat uitgeschakeld worden wegens een stroomonderbreking za het bij herstel van de elektrische energie automatisch met de vorige instellenen van start gaan.
3.12.b Functie SLEEP
- Deze functie kan alleen met de afstandsbediening geactiveerd worden.
- Deze functie is nicht beschikbaar in de werkwijze Ontvochtiging (DRY) en Alleen Ventilatie (FAN).
a. Druk verwijl het apparaat in werkking is op de toets "SLEEP" op de afstandsbediening.
Op het bedieningspaneel en op het display van de afstandsbediening worden de icoon weergegeven. Het apparaat verlaagt (in koeling) of verhoogt (in verwarming) de ingestelde temperatuur met 1^ (1 of 2 F) gedurende 30 minutes.
b. Vervolgens verlaagt (in koeling) of verhoogt (in verwarming) het apparaat de ingestelde temperatuur met 1^ (1 of 2 F) gedurende nog eens 30 minutes.
c. Deze temperatuur worden gehandhaafd gedurende 7 uur voordat teruggekeerd worden waar de oorspronkelijk geselecteerde temperatuur.
Na het verstreijken van deze tijd zal het apparaat de werkking hervatten zoals die oorspronkelijk geprogrammeerd was.
d. Druk om de functie te onderbreken op de toets "SLEEP" op de afstandsbediening; de icoon op het bedieningspaneel en op het display van de afstandsbediening staatuit.
3.12.c Functie FOLLOW ME
- Deze functie kan alleen met de afstandsbediening geactiveerd worden.
- Deze functie is nicht beschikbaar in de werkwijze Ontvochtiging (DRY) en Alleen Ventilatie (FAN).
In deze functie werkt de afstandsbediening alsthermostat.
a. Druk verwijl het apparaat in werkig is op de toets "FOLLOW ME" op de afstandsbediening.
b. Ga met de afstandsbediening maar een andere zone van de kamer dan waar het apparaat geplaatst is (maximum afstand 7÷ 8 meter) en richt hem op het apparaat waar bij u controleert of er geen obstakels ertussen aanwezig+zijn.
c. Stel de gewenste temperatuur in op de afstandsbediening; het apparaat werkct om de temperatuur van de zone waarin de afstandsbediening zich bevindt op de waarde te brengen dieaarop ingesteld is.
d. De afstandsbediening stuart een signaal waar het apparaat en als binnen een maximum vrijd van 7 minuten geen antwoord ontvangen worden, worden de functie gedeactiveerd.
e. Druk om de functie uit te schakelen op de toets "FOLLOW ME" op de afstandsbediening of schakel het apparatusaat uit.
3.12.d Installing meeteenheid van de temperatuur
Het is möglich de meeteenheid van de omgevingstemperatuur en van de ingestelde temperatuur in te stellen door te kiezen uit ^ C (Celsius) of F (Fahrenheit).
Ga als volgt te werk:
Op het bedieningspaneel: druk gelijktijdig op de toetsen ^+ en - gedurende circa drie seconden.
Op het display van het bedieningspaneel worden de gewenste meeteenheid weergegeven.
Op de afstandsbediening: houd de middelste toets TEMP gedurende circa drie seconden ingedrukt.
Op het display van de afstandsbediening worden de gewenste meeteenheid weergegeven.

De verandering van de meeteenheid moet zowel op het bedieningspaneel als op de afstandsbediening uitgevoerd worden.
3.12.e De luchtstroom richten
- Deze functie kan alleen met de afstandsbediening geactiveerd worden.
a. Wanner het apparaat gestart worden, gaat de flap helemaal open.
b. Door op de toets "SWING" op de afstandsbediening te drukken, begint de flap automatisch te bewegen.
c. Druk om de flap in een bepaalde positie te stoppen op de toets "SWING".
Druk er opnieuw op om het Oscilleren opnieuw te starten.
3.12.f Functie Short Cut
- Deze functie kan alleen met de afstandsbediening geactiveerd worden.
a. Wanner het apparaat in ongeacht welke werkwijze aan het werk is en er worden op de toets "SHORT CUT" gedrukt, op de afstandsbediening, dan stelt het apparaat zich in op de werkwijze "AUTO" met de temperatuur ingesteld op 26^ (80 F).
NL-21
4 - ONDERHOUD EN REINIGING

Alvorens tot ongeacht welke onderhoudsingreep en reining over te gaan, moet.altijd gecontrolererd worden of de voedingsstekker uithet stopcontact van de installment getrokken is.


Raak de metalen delen van het apparaat Niet aan wanner het filter weggenomen worden.
Risico op letsels door de scherpe metalen randen.

Gebruik geen water om de interne delen van de airco te reinigen.
blootstelling aan water kan de isolatie beschadigen waardoor risico voor elektrische schokken opttreedt.
4.1 - REINIGING
4.1.a - Reiniging van het apparaat en van de afstandsbediening
a. Gebruik een droge doeok om het apparaat en de afstandsbediening te reinigen.
b. Als het apparaat zeer vuil is kut u voor de reiniging een met koud water bevochtigde doek gebruiken.

Gebruik geen antistatische of chemisch behandelde doek om het apparaien.

Gebruik geen benzine, oplosmiddelen, polijstpasta of soortgelijke middelen. Ze producten können de pvc oppervlakken verrormen of breuken veroorzaken.
4.1.b - Onderhoud en reiniging van de luchtfilters
Reinig de luchtfilters regelmatig om een doeltreffende filtering van de interne lucht en een goede werkinq van uw klimaatregelaar te waarborgen.
Het vuile luchtfilter vermindert de koelcapaciteit van het apparaat.
Maak het elke wee weken schoon.
a. Stop de klimaatregelaar en scheid de voeding af.
b. Verwijder het filter uit de klimaatregelaar (Afb.20).
c. Was het filter met water door de waterstraal te richten gegen de richting in waarin het stof ophoopt. Dompel het filter eerst in een oplossing van water en een neutraal reinigingsmiddel onder als er sprake is van bijzonder hardnekig vuil (zoals vettige of andersoortige afzetingen).
d. Verwijder het water dat zich tijdens het wassen in het filter opgehoopt heeft, alvorens het filter terug teplaatsen (afb.21).
NL-22
4.1.c - Advies voor energiebesparing
Vervolgens enkele tips om het verbruik te beperken:
- Houd de filters altijd proper (zie hoofdstuk onderhoud en reiniging).
- Houd de deuren en de vensters van de kamers gesloten waar de airco werk.
Vermijd dat zonlicht de kamer binnendringt (wij adviseren het gebruik van gordijnen, blinden of rolluiken). - Verstop Niet de (inkomende en uitgaande) luchtstroom van het apparaat; naast het feit dat dan geen optimaal rendement verkreten wordt, compromitteert het ook de correcte werkung van het apparaat en is het möglichk dat onherstelbare defecten optreden.
4.2 - ONDERHOUD
Als voorzien worden dat het apparaat langeijd Niet gebruikt worden, handel dan als volgt:
a. Stop de klimaatregelaar en scheid de voeding af.
b. Reinig het luchtfilter.
c. Voer het condenswater volledig af.
b. Verwijder de batterijen uit de afstandsbediening.
Controles alvorens de airco wee in werking te stellen:
a. Na een lange periode inactiviteit van de klimaatregelaar de filters reinigen.
b. Controller of de uitgang of ingang van de lucht Niet is verstopt (vooral na een lange periode van inactiviteit van de klimaatregelaar).
4.2.a - Afvoer condenswater
a. Trek de stekker uit het stopcontact.
b. Verplaats het apparaat voorzichtig aan een positie die geschikt is om het water af te voeren.
e. Verwijder de afvoerdop (26) (Afb.22).


Controller of de afvoerdop (26) correct vastgeschroefd is om te voorkomen dat water lekt.
d. Laat al het water maar buiten komen.
e. Draai de afvoerdop (26) vast (Afb.23).
f. Steek de stekker in het stopcontact en herstart de machine.
Raadpleeg voor de technische gegevens het typeplaatje dat op het product aangebracht is.
De printplaat (PCB) van de unit is voorzien van een zekering die bescherming biedt gegen een te hove stroom.
De specificaties van de zekering� op de printplaat aangegeven, zoals bijvoorbeeld: T 3.15A/250V, enz.
| ·Afmetingen (L x B x D) 693 x 665 x 276 mm | |
| ·Limieten bedrijftemperatuur in Koeling | 18° - 32° |
| ·Limieten bedrijftemperatuur in Koeling | 16° - 27° |
| ·Werkingslimieten ontvochtiging 18° - 32° | |
| ·Koudegas R410 | |
NL-23
6 - STORINGEN EN MOGELIJKE OPLOSSINGEN
| Slechte werking Oorzaak | Mogelijk oplossing | |
| Het apparaat werkkt nicht Geen stroom aanwezig. Wacht tot de stroom is hersteld. | ||
| De unit is van de stroom ontkoppeld. | Controler of de stekker in het stopcontact zit. | |
| Het apparaat schakelt nicht in Overmatig veel water in de klimaatregelaar. | Tap het water af door de dop (28) te verwijderen. Neem contact op met het servicecentrum als dit alarm erg regelmatig worden gegeven. | |
| Timer ingeschakeld. Schakel de timeruit. | ||
| Het apparaat werkkt alleen voor korteijd | De ingestelde temperatuur verschikt weinig van de omgevingstemperatuur. | Verlaag de ingestelde temperatuur. |
| De externe luchtintrede worden door obstakels verhinder. | Verwijder de obstakels. Neem contact op met het servicecentrum. | |
| Het apparaat koelt Niet goed De luchtfiltersঃn verstopt door vuil, pluizen ofhaar van huisdieren. | Schakel het apparaat uit en reinig de filters door de instructies te volgen. | |
| Deinstilling van de temperatuur is te hoog. | Verlaag de ingestelde temperatuur. | |
| De ramen en de deuren van het vertrekঃn open. | Controler of alle ramen en deuren zicheren. | |
| De zone van het vertrek is te groot. | Controler opnieuw het koelgebied. | |
| Erঃn warmtebronnen in de kamer. | Verwijder de warmtebronnen, indien möglichn. | |
| Het apparaat is lawaaiig en trift overmatig | Het draagvlak van het apparaat is Niet genivelleerd. | Plaats het apparaat op een stabel, vlak en genivelleerd oppervlak. |
| De luchtfiltersঃn verstopt door vuil, pluizen ofhaar van huisdieren. | Schakel het apparaat uit en reinig de filters door de instructies te volgen. | |
| Het apparaat maakt abnormaal geluid | Dit geluid worden veroorzaakt door de koelmiddelstroom binnenindeeenheid. | Dit is normal. |
| Tijdens de verplaatsing van de klimaatregelaar stroomt waterঃn buiten. | De klimaatregelaar worden schuin gehouden of neergelegd. | Voordathet apparaatverplaatstwordt要去 het water verwijderd worden. |
| In de werkwijze koeling, nacht of automatisch kan de minimumsnelheid Niet worden geselecteerd. | De omgevingtemperatuuristelaag. | Dit gedrag van de klimaatregelaar is normal. |
| Als de storing nicht is opgelost, contact opnemen met het dichtstbijzijnde servicecentrum.Gedetailleerde informatatie verstreakken over de storing en het model van de apparatuur. | ||
NL-24
ALLMÄN INNEHÄLLSFORTECKNING
0 -VARNINGAR 3
0.1- ALLMAN INFORMATION 3
0.2 - SYMBOLER 3
0.2.1 - Redaktionella piktogram 3
0.3- ALLMÄNNA VARNINGSTEXTER 5
0.4 - AVSEDD ANVÄNDNING 9
0.5 - RISKZONER 9
0.6 - VARNINGAR FÖR KYLGASEN R290 10
1-BESKRIVNING AV APPARATEN 10
1.1- LISTAOVERKOMPONENTERSOMLEVERERASMEDENHETEN 10
1.2- IDENTIFIERINGAV HUVUDELAR 10
INFORMATION RESERVERAD FÖR "INSTALLATIONSTEKNIKERN"
2-INSTALLATION 11
2.1- TRANSPORTAV KLIKATANLAGGNINGEN 11
2.2 - VARNINGAR 11
2.3- INSTALLATION 11
2.4 - BORRA HALI VAGGEN 12
2.5 - MONTERING AV LUFTLEDNINGAR OCH UTVÄNDIGA GALLER 12
2.6 - ELEKTRISK ANSLUTNING 13
2.7 - INSÄTTNING AV ENHETEN PÅ STATIVET 13
2.8 - DRÄNERING 13
AVSNITT FÜR TEKNIKERN OCH ANVÄNDAREN
3 - ANVÄNDNING AV APPARATEN 14
3.1 - SYMBOLER OCH KNAPPAR PÄ MANÖVERPANELEN 14
3.2 - KNAPPAR PÄ FJÄRRKONTROLLEN 15
3.3- ANVÄNDNING AV FJÄRRKONTROLLEN 16