1993185 - Multitool MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 1993185 MAKITA in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Multitool in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 1993185 - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 1993185 van het merk MAKITA.
GEBRUIKSAANWIJZING 1993185 MAKITA
Borstelhulpstuk / Vegerhulpstuk ORIGINELE GEBRUIKSAANWIJZING
- Inverbandmetononderbrokenresearchenontwikkelingbehoudenwijonshetrechtvoorbovenstaandetech- nischegegevenstewijzigenzondervoorafgaandekennisgeving.
- De technische gegevens kunnen van land tot land verschillen. Goedgekeurd aandrijfsysteem Dit hulpstuk is alleen goedgekeurd voor gebruik met de volgendeaandrijfsystemen:
- MultifunctioneelaccuaandrijfsysteemDUX60,
- MultifunctioneelaandrijfsysteemEX2650LH WAARSCHUWING: Gebruik het hulpstuk nooit met een niet-goedgekeurd aandrijfsysteem. Een niet-goedgekeurde combinatie kan leiden tot ernstig letsel. Symbolen Hieronderstaandesymbolendieophethulpstukenin dezegebruiksaanwijzingwordengebruikt.Udientde betekenis ervan te kennen. Besteedbijzonderezorgenaandacht! Leesdegebruiksaanwijzing. Draag een veiligheidshelm, oog- en gehoorbescherming! Draag stevige schoenen met antislipzolen. Veiligheidsschoenen met stalen neuzen worden aanbevolen! Houd omstanders op minstens 5 m afstand. De borstels en veegtrommels draaien in de richtingaangegevendoordepijl. Leterbijhetaanbrengenvandeborstels of veegtrommels op dat het tandwielhuis omhoogwijst. Gebruiksdoeleinden BR400MP Dit hulpstuk is uitsluitend bedoeld voor het vegen van de ondergrond en paden in combinatie met een goedgekeurd aandrijfsysteem.Gebruikhethulpstuknooitvoorandere doeleinden. Misbruik van het hulpstuk kan leiden tot ernstig letsel. Dit hulpstuk is bedoeld voor commercieel gebruik. SW400MP Dit hulpstuk is uitsluitend bedoeld voor het opruimen van nat materiaal, zoals bladeren en vuil, en voor het verwijderenvanwatervanafhardeondergrondenin combinatiemeteengoedgekeurdaandrijfsysteem. Gebruik het hulpstuk nooit voor andere doeleinden. Misbruik van het hulpstuk kan leiden tot ernstig letsel. Dit hulpstuk is bedoeld voor commercieel gebruik. Verklaringen van conformiteit Alleen voor Europese landen Wijalsdefabrikanten:Makita Europe N.V., Bedrijfsadres:Jan-Baptist Vinkstraat 2, 3070 Kortenberg, BELGIË. Stellen Kazuhisa Makino aan om het technische bestand samen te stellen en verklarenondereigenverantwoordelijkheiddathet/de product(en); Aanduiding: Borstelhulpstuk / Vegerhulpstuk. Aanduidingvantype(n):BR400MP / SW400MP. Voldoet aan de relevante voorwaarden van 2006/42/ EGenzijngefabriceerdinovereenstemming met de volgende geharmoniseerde normen: EN 60335-1:2012+A11:2014+A13:2017+A1:2019+A14:20 19+A2:2019+A15:2021, EN 60335-2-72:2012. Plaats en datum van verklaring: Kortenberg, België.
Verantwoordelijkepersoon:Kazuhisa Makino, direc- teur - Makita Europe N.V. 51NEDERLANDS VEILIGHEIDSWAAR- SCHUWINGEN Veiligheidswaarschuwingen voor een aangedreven borstel/ aangedreven veger WAARSCHUWING: Lees voor gebruik alle veiligheidswaarschuwingen, instructies, afbeeldingen en technische gegevens die bij dit apparaat werden geleverd, en tevens de gebruiks- aanwijzing van het aandrijfsysteem. Als niet alle onderstaande instructies worden opgevolgd, kan dat leidentotbranden/ofernstigletselvandegebruiker en/ofomstanders. Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen. Determen“aangedrevenborstel/aangedrevenveger” en“apparaat”indewaarschuwingenenvoorzorgsmaat- regelenverwijzennaardecombinatievanhethulpstuk enhetaandrijfsysteem. Determ“motor”indewaarschuwingenenvoorzorgs- maatregelenverwijstnaardebenzinemotorofelektro- motorvanhetaandrijfsysteem. Algemene veiligheid
1. Een beginnende of onervaren gebruiker moet
zich door de dealer laten instrueren in de vol- ledige bediening van dit apparaat. Laat in geen geval kinderen, personen met een verminderd lichamelijk, zintuiglijk of geestelijk vermogen, of gebrek aan kennis en ervaring, en personen die de gebruiksaanwijzing niet gelezen heb- ben, het apparaat gebruiken. Kinderen dienen onder toezicht te staan om ervoor te zorgen dat zij niet met het apparaat spelen.
2. Het verdient aanbeveling het apparaat uit-
sluitend uit te lenen aan mensen die bewezen hebben ervaren te zijn. Geef altijd de gebruiks- aanwijzing mee.
3. Let altijd goed op, kijk naar wat u aan het doen
bent, en gebruik uw gezond verstand tijdens het werken met het apparaat. Gebruik het apparaat niet wanneer u moe bent, of onder invloed staat van drugs, alcohol of medicijnen. Eenogenblikvanonoplettendheidkantijdenshet gebruik van het apparaat leiden tot ernstig per- soonlijkletsel.
4. Vermijd het gebruik van het apparaat onder
slechte weersomstandigheden, met name wanneer de kans op bliksem bestaat.
5. Houd u aan alle nationale en lokale regelge-
ving omtrent het gebruik van elektrische appa- raten buitenshuis.
6. Probeer nooit het apparaat te wijzigen.
7. Denk eraan dat de gebruiker verantwoordelijk
is voor ongevallen en gevaren die personen of hun eigendommen kunnen overkomen. Veiligheid op de werkplek WAARSCHUWING: Houd de aangedre- ven borstel/aangedreven veger uit de buurt van hoogspanningsleidingen en communicatiekabels. Als u een hoogspanningsleiding nadert of aanraakt metdeaangedrevenborstel/aangedrevenveger, kandatleidentotdedoodofernstigletsel.Kijkofer hoogspanningsleidingen of schrikdraadafrasteringen indebuurtvanhetwerkgebiedzijnvoordatumetde werkzaamheden begint.
Bedien het apparaat alleen bij goed zicht en daglicht. Bedien het apparaat niet in het donker of in mist.
Start en bedien de motor alleen buitenshuis op een goed geventileerde plaats. Gebruik in een gesloten ruimte of op een slecht geventileerde plaats kan leiden tot de dood als gevolg van verstikking of koolmonoxidevergiftiging.
3. Onderzoek het werkgebied op draadafrasterin-
gen, stenen en andere massieve voorwerpen voordat u met de werkzaamheden begint.Zij kunnen de borstels of veegtrommels beschadigen.
4. Tijdens gebruik mag u nooit op een instabiele
of gladde ondergrond of op een steile helling staan. Let in de winter op ijs en sneeuw, en zorg er altijd voor dat u stevig staat.
5. Werk niet in de buurt van afrasteringen, stron-
Werk niet in de buurt van gebouwen, auto’s en andere eigendommen. Deze kunnen worden bescha- digd door stenen en rommel die door de aangedreven borstel/aangedrevenvegerwordengeraakt.
7. Het reinigen van een synthetische vloer kan
statische elektriciteit genereren, en er is kans op een elektrische schok of ongeval. Persoonlijke-veiligheidsmiddelen
Draag altijd een sterke lange broek, stevige schoe- nen, handschoenen en een shirt met lange mou- wen. Draag geen loszittende kleding, sieraden, een korte broek of sandalen, en werk niet blootsvoets. Bind uw haar op tot boven schouderhoogte.
2. Draag altijd een veiligheidsbril om uw ogen
tegen letsel te beschermen tijdens het gebruik van het apparaat. De veiligheidsbril moet voldoen aan ANSI Z87.1 in de VS, EN 166 in Europa, of AS/NZS 1336 in Australië/Nieuw- Zeeland. In Australië/Nieuw-Zeeland is het wettelijk verplicht om ook een spatscherm te dragen om uw gezicht te beschermen. 52NEDERLANDS Het is de verantwoordelijkheid van de werkge- ver om ervoor te zorgen dat veiligheidsmidde- len gebruikt worden door de gebruikers van het gereedschap en anderen in de onmiddel- lijke omgeving van de werkplek.
3. Draag gehoorbescherming, zoals oorkappen.
Blootstelling aan harde geluiden kan leiden tot gehoorbeschadiging.
4. Draag altijd stevige schoenen met een antis-
lipzool. Dit beschermt uw voeten tegen letsel en garandeert dat u stevig staat.
5. Draag zo nodig een stofmasker.
1. Zet de motor uit voordat u brandstof bijvult.
Blijf uit de buurt van open vuur en vonken. Rook nooit tijdens het bijvullen van de brandstof.Anderskanbranden/ofeenexplosie ontstaan.
2. Vul brandstof alleen bij in de open lucht. Als u
brandstofbijvultineenafgeslotenvertrek,kande brandstofdamp exploderen.
3. Vermijd contact met brandstof en motorolie.
Adem geen brandstofdampen in. Als brandstof of olie wordt gemorst, veegt u het onmiddellijk van het apparaat of de grond af. Als brandstof wordt gemorst op uw kleren, moet u onmiddel- lijk andere kleren aantrekken om te voorkomen dat deze vlam vatten.
4. Draai na het bijvullen van brandstof de
brandstoftankdop stevig vast en controleer op brandstoekkage. Start de motor op een afstand van minstens 3 m van de brandstof- bron en bijvulplaats.
5. Vervoer en bewaar brandstof uitsluitend in
goedgekeurde jerrycans. Houd kinderen uit de buurt van de opgeslagen brandstof. De aangedreven borstel/aangedreven veger starten
1. Alvorens het apparaat te monteren of af te stel-
len, zet u de motor uit en trekt u de bougiekap eraf of verwijdert u de accu.
2. Trek veiligheidshandschoenen aan voordat u
de borstels of veegtrommels hanteert.
3. Draag de persoonlijke-beschermingsmiddelen
voordat u de motor start.
4. Voordat u de motor start, inspecteert u het
apparaat op beschadigingen, losse schroeven/ moeren en verkeerde montage. Controleer of alle bedieningshendels en -schakelaars gemakkelijk kunnen worden bediend. Maak de handgrepen schoon en droog.
5. Probeer nooit de motor te starten als het
apparaat beschadigd is of nog niet volledig gemonteerd is met de juiste beschermkappen, platen of andere veiligheidsmiddelen. Anders kan ernstig letsel ontstaan.
6. Voordat u de motor start, controleert u zorg-
vuldig of de borstels of veegtrommels niet uw lichaam of andere voorwerpen raken. Als u de motorstartterwijldeborstelsofveegtrommelseen vreemd voorwerp raken, kan dat leiden tot een ernstig ongeval.
7. Voordat u de motor start, verzekert u zich
ervan dat zich geen personen of dieren binnen het werkgebied bevinden.
8. Stel het schouderdraagstel en de handgreep af
op de lichaamsgrootte van de gebruiker.
9. Vervang de borstels of veegtrommels als
deze gebarsten, verbogen of beschadigd zijn. Beschadigde borstels of veegtrommels kunnen tijdensgebruikinstukkenuiteenvliegenenernstig letsel veroorzaken.
10. Start en bedien het apparaat alleen buitenshuis
in een goed geventileerde omgeving. Gebruik in een gesloten ruimte of op een slecht geventileerde plaats kan leiden tot de dood als gevolg van ver- stikking of koolmonoxidevergiftiging.
11. Wanneer u de motor start, zet u het apparaat
op een stevige ondergrond, bewaart u goed uw evenwicht en zorgt u ervoor dat u stevig staat.
12. Wanneer u aan de trekstarthandgreep van de
motor trekt, houdt u het aandrijfsysteem met uw linkerhand stevig tegen de grond gedrukt. Ga nooit op de aandrijfschacht van het aan- drijfsysteem staan.
13. Als de borstels of veegtrommels bij stationair
toerental ronddraaien, zet u de motor uit en verlaagt u het stationair toerental. Anders kan onbedoeld aanraken van ronddraaiende borstels of veegtrommels leiden tot ernstig letsel.
14. Zet de motor onmiddellijk uit als u enige sto-
15. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van het
aandrijfsysteem om de motor te starten. Vervoeren
1. Zet de motor uit tijdens het vervoeren. Anders
kan door onbedoeld starten kan letsel ontstaan.
2. Verzeker u ervan dat tijdens vervoer per auto
het apparaat op een veilige plaats ligt om te voorkomen dat er brandstof uit lekt.
3. Til het hele apparaat op van de grond wanneer
u het apparaat draagt. Als u het apparaat sleept, wordt de brandstoftank beschadigd en een lekk- age veroorzaakt waardoor brand ontstaat.
4. Wanneer u het gereedschap vervoert, draagt
u het horizontaal door de schacht vast te pak- ken. Houd de hete uitlaatdemper uit de buurt van uw lichaam. Bediening
1. Houd tijdens gebruik omstanders en dieren ten
minste 5 meter uit de buurt van de aangedre- ven borstel/aangedreven veger. Zet de motor uit zodra iemand dichterbij komt.
In geval van nood zet u de motor onmiddellijk uit.
3. Als u tijdens gebruik een ongebruikelijke situ-
atie opmerkt (bijv. geluid, trillingen), schakelt u de motor uit. Gebruik het apparaat niet meer totdat de oorzaak is opgespoord en verholpen.
4. Terwijl de motor slechts stationair loopt,
maakt u het gereedschap vast aan het schouderdraagstel.
5. Gebruik tijdens het werk het schouderdraag-
stel. Houd het apparaat stevig tegen uw rechterzij. 53NEDERLANDS
6. Houd de voorhandgreep met uw linkerhand
vast, en houd de achterhandgreep met uw rechterhand vast, ongeacht of u links- of rechtshandig bent. Vouw uw vingers en dui- men om de handgrepen.
7. Probeer nooit het apparaat met één hand te
bedienen. Als u de controle over het apparaat verliest, kan dat leiden tot ernstig of fataal letsel. Om de kans op letsel te verkleinen, houdt u uw handen en voeten uit de buurt van de borstels of veegtrommels.
8. Breng tijdens gebruik de borstels of veegtrom-
mels nooit hoger dan heuphoogte.
De borstels of veegtrommels blijven gedurende een korte tijd doordraaien nadat de gashendel is losgelaten of de motor is uitgezet. Raak de borstels of veegtrommels niet onmiddellijk aan.
Reik niet te ver. Zorg altijd voor een stevige stand en goede lichaamsbalans. Kijk uit voor verborgen obstakels, zoals boomstronken, boomwortels en greppels, om te voorkomen dat u valt.
11. Wees bijzonder voorzichtig wanneer u de
draairichting van de borstels of veegtrom- mels omkeert of het apparaat naar u toe trekt. Als het aandrijfsysteem de draairichting kan omkeren, gebruikt u dit alleen wanneer het noodzakelijk is.Tijdensgebruikmetomgekeerde draairichting,zaldeaangedrevenborstel/aange- dreven veger aan u trekken wanneer de borstels of veegtrommels de grond raken.
12. Overbelast het apparaat niet door te proberen
te hard of te snel te duwen. Het apparaat zal onderdejuistebelastingbeterwerkenenerisdan een lager risico op letsel.
13. Verhoog het toerental van de motor niet terwijl
de borstels of veegtrommels geblokkeerd worden. Hierdoor neemt de belasting toe en zal het apparaat beschadigd worden.
14. Nadat tegen het apparaat is gestoten of het
is gevallen, controleert u de staat van het apparaat voordat u de werkzaamheden hervat. Controleer het brandstofsysteem op brand- stoekkage, en de bedieningselementen en veiligheidsvoorzieningen op juiste werking. Als enige beschadiging zichtbaar is of u twij- felt, vraagt u ons erkende servicecentrum om inspectie en reparatie.
15. Raak het tandwielhuis niet aan. Het tandwiel-
huis wordt tijdens gebruik erg warm.
Neem een pauze om te voorkomen dat u door ver- moeidheid de controle over het gereedschap verliest. Wijadviserenuiederuur10tot20minutenterusten.
17. Wanneer u het apparaat achterlaat, al is het
maar even, zet u altijd de motor uit of verwij- dert u de accu. Een onbeheerd apparaat met een draaiende motor kan door onbevoegden worden gebruikt en tot een ernstig ongeval leiden.
18. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van het
aandrijfsysteem voor het juiste gebruik van de gashendel en schakelaar.
19. Leg tijdens of na gebruik het warme apparaat
niet op droog gras of brandbare materialen.
20. Als vreemde voorwerpen verstrikt raken in de
borstels of veegtrommels, zet u de motor uit, trekt u de bougiekap eraf of verwijdert u de accu, en verwijdert u de obstakels.
21. Houd uw handen en voeten uit de buurt van de
borstels of veegtrommels. Aanraking van de borstels of veegtrommels kan leiden tot ern- stig letsel. Alvorens de borstels of veegtrom- mels te hanteren, zet u de motor uit en trekt u de bougiekap eraf of verwijdert u de accu.
22. Controleer de borstels of veegtrommels vaak
tijdens gebruik op barsten of beschadigingen.
23. Zet altijd de motor uit of verwijder de accu
voordat u rommel of vreemde voorwerpen verwijdert vanaf de borstels of veegtrommels.
24. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van het aan-
drijfsysteem voor informatie over het starten en bedienen van het apparaat. Trillingen Blootstelling aan buitensporige trillingen bescha- digt de bloedvaten of het zenuwstelsel van de gebruiker en veroorzaakt de volgende symptomen in de vingers, handen of polsen: ‘slapen’ (gevoel- loosheid), tintelen, pijn, stekend gevoel, veranderen van huidskleur of van de huid. Als een van deze symptomen zich voordoet, raadpleegt u uw dokter. Om de kans op deze ‘witte-vingerziekte’ te verklei- nen, houdt u uw handen warm tijdens gebruik en onderhoudt u het apparaat en de accessoires goed. Onderhoud uitvoeren
1. Voordat u enige onderhouds-, reparatie- of
schoonmaakwerkzaamheden uitvoert aan het apparaat, zet u altijd de motor uit en trekt u de bougiekap eraf of verwijdert u de accu. Wacht totdat de motor is afgekoeld.
2. Om de kans op brand te verkleinen, mag u
nooit onderhouds- of reparatiewerkzaamheden uitvoeren in de buurt van een vuur.
3. Draag altijd veiligheidshandschoenen wanneer
Verwijder altijd stof en vuil vanaf het gereedschap. Gebruik voor dit doel nooit benzine, wasbenzine, thinner, alcohol, enz. Dit kan leiden tot verkleuren, vervormen of barsten van de kunststofdelen.
5. Draai na gebruik alle schroeven en moeren
vast, uitgezonderd de stelschroeven van de carburateur. 54NEDERLANDS6. Vervang de borstels of veegtrommels als deze beschadigd zijn. Probeer geen onderhoud of reparatie uit te voeren die niet in deze gebruiksaanwijzing of de gebruiksaanwijzing van het aandrijfsysteem wordt beschreven. Vraag ons erkend servicecen-trum om dergelijke werkzaamheden uit te voeren.8. Volg de instructies voor het smeren en het vervangen van accessoires.9. Gebruik altijd uitsluitend originele vervan-gingsonderdelen en accessoires. Als u onder-delen of accessoire van derden gebruikt, kan het gereedschap defect raken, eigendommen wordenbeschadigden/ofernstigletselwordenveroorzaakt.10. Verzoek regelmatig ons erkend service-centrum om het apparaat te inspecteren en onderhouden. Opslag 1. Alvorens het apparaat op te bergen, voert u alle schoonmaak- en onderhoudswerkzaam-heden uit. Trek de bougiekap eraf of verwijder de accu. Tap de brandstof af nadat de motor is afgekoeld.2. Berg het gereedschap op een droge en hoge of afgesloten plaats op, buiten bereik van kinderen.3. Laat het gereedschap nooit ergens tegenaan leunen, zoals tegen een muur. Als u dit doet, kan het plotseling vallen en letsel veroorzaken. EHBO 1. Zorg dat ervoor dat een EHBO-doos beschik-baar is in de buurt waar wordt gewerkt om eerste hulp te bieden bij een eventueel onge-val. Vul direct na gebruik van de inhoud de EHBO-doos weer aan.2. Geef de volgende informatie wanneer u om hulp vraagt:— Plaats van het ongeval— Beschrijving van het ongeval— Aantal gewonden— Soort letsels— Uw naam BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN. WAARSCHUWING: Het gebruik van dit gereedschap kan stof opwerpen waarin chemi-sche bestanddelen kunnen zitten die ziekten aan de luchtwegen of andere ziekten kunnen veroor-zaken. Enkele voorbeelden van deze chemische bestanddelen zijn verbindingen die gevonden worden in pesticiden, insecticiden, meststoen en herbiciden. Het risico van deze blootstellingen varieert en hangt af van hoe vaak u dit soort werk-zaamheden uitvoert. Om blootstelling aan deze chemische stoen te verminderen: moeten de werkzaamheden uitgevoerd worden in een goed geventileerde werkomgeving en gebruikmakend van goedgekeurde beschermingsmiddelen, zoals stofmaskers die ontworpen zijn om microsco-pisch kleine deeltjes te kunnen lteren.
55NEDERLANDS MONTAGE WAARSCHUWING: Alvorens het gereed- schap te monteren of af te stellen, zet u de (ben- zine- of elektro)motor uit en trekt u de bougiekap eraf of verwijdert u de accu. Anders kunnen de borstels, trommels of andere onderdelen gaan rond- draaien en ernstig letsel veroorzaken. WAARSCHUWING: Leg het gereedschap altijd op de grond wanneer u het afstelt of onder- delen aanbrengt. Als u onderdelen aanbrengt of hetgereedschapafsteltterwijlhetrechtopstaat,kan ernstig letsel worden veroorzaakt. WAARSCHUWING: Volg de waarschu- wingen en voorzorgsmaatregelen in het hoofd- stuk “VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN” op en raadpleeg de gebruiksaanwijzing van het aandrijfsysteem. Het hulpstuk aanbrengen
1. Verwijderdeklemvanafdeborstelofveegtrom-
mel aan de linkerkant van de borstel-eenheid of veeg- trommel-eenheid,enverwijderdaarnadeborstelof veegtrommel.
2. Draai de 3 schroeven op het tandwielhuis los.
Verwijderde2doppenvanafbeideuiteindenvandepijp.
►1.Pijp2. Dop KENNISGEVING: Gooi de doppen niet weg omdat deze weer nodig zijn voor het opbergen van het hulpstuk.
►1. Pen 2.Pijp3. Beschermkap 4. Bus 56NEDERLANDS KENNISGEVING: Steek het uiteinde van de pijp waar geen pen op zit in de beschermkap en de bus.
5. Zorg ervoor dat het tandwielhuis en de pen op de
pijpomhoogwijzenensteekvervolgensdepijpinhet tandwielhuis.
►1. Tandwielhuis 2.Pijp3. Pen KENNISGEVING: Zorg ervoor dat het tand- wielhuis en de pen op de pijp omhoog wijzen en de beschermkap is bevestigd in de richting aan- gegeven in de afbeelding.
tandwielhuisdoordepijprondtedraaien.
7. Draai de 3 schroeven op het tandwielhuis vast.
►1. Schroef 2. Beschermkap 3. Bus 4. Tandwielhuis KENNISGEVING: Zorg ervoor dat er geen opening zit tussen het tandwielhuis en de bus, en ook niet tussen de bus en de beschermkap. 57NEDERLANDS
9. Breng de borstel of veegtrommel aan op de
borstel-eenheid of veegtrommel-eenheid, en bevestig daarna de klem aan op de borstel of veegtrommel. KENNISGEVING: Let er bij het aanbrengen van de borstels op dat het Makita-logo naar buiten wijst. KENNISGEVING: Let er bij het aanbrengen van de veegtrommels op dat ze worden aange- bracht in de richting aangegeven in de afbeelding zodat de veegtrommels en het tandwielhuis in elkaar aangrijpen.
►1. Veegtrommel 2. Tandwielhuis De hulpstukpijp bevestigen LET OP: Controleer na het aanbrengen altijd of de hulpstukpijp stevig is bevestigd.Dooronjuist aanbrengenkanhethulpstukvanhetaandrijfsysteem afvallenenpersoonlijkletselveroorzaken. Bevestigdepijpvanhethulpstukaanhet aandrijfsysteem.
1. Kantel de hendel naar het hulpstuk.
hulpstukpijperintotdeontgrendelknopomhoogspringt. Zorgervoordatdepositielijntegendepuntvande pijlmarkeringligt.
►1. Ontgrendelknop 2.Pijlmarkering3. Pen 4.Positielijn
3. Kanteldehendelnaarhetaandrijfsysteem.
►1. Hendel Zorg ervoor dat het bovenvlak van de hendel parallel ligtaandepijp. KENNISGEVING: Zet de hendel niet vast zon- der dat de hulpstukpijp erin is gestoken. Als u dit doet,kandehendeldeingangvoordeaandrijfscha- chtteverdichtknijpenenbeschadigen. Omdepijpteverwijderen,kanteltudehendelnaarhet hulpstukentrektudepijperuitterwijludeontgrendel- knop ingedrukt houdt. Fig.12
►1. Ontgrendelknop 2. Hendel 3.Pijp 58NEDERLANDS BEDIENING WAARSCHUWING: Volg de waarschu- wingen en voorzorgsmaatregelen in het hoofd- stuk “VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN” op en raadpleeg de gebruiksaanwijzing van het aandrijfsysteem. WAARSCHUWING: Stel voor gebruik de positie van het bevestigingsoog en het schouder- draagstel af op comfortabel gebruik. WAARSCHUWING: Draag een stofmasker en zorg voor een goede ventilatie in het werkge- bied. Sommige materialen bevatten chemische stoen die giftig kunnen zijn. Let op dat u geen stof inademt en zorg dat er niets op uw huid komt. LET OP: Verwijder voor gebruik harde en/of lange voorwerpen, zoals stenen, blikjes en tou- wen, uit het werkgebied. Deze kunnen de borstels of veegtrommels beschadigen, of het draaien van de borstels of veegtrommels hinderen. Als het te reinigen oppervlak droog is, sprenkelt u er water op om het opwerpen van stof te verminderen. Houddeaangedrevenborstel/aangedrevenveger ondereenkleinehoekenduwdeaangedrevenborstel/ aangedreven veger met loopsnelheid vooruit. LET OP: Hoe groter de hoek wordt, hoe moeilijker het is om de aangedreven borstel/aan- gedreven veger onder controle te houden, en hoe waarschijnlijker het is dat u naar achteren wordt geduwd door de aangedreven borstel/aangedre- ven veger. ONDERHOUD WAARSCHUWING: Alvorens het gereed- schap te inspecteren of te onderhouden, zet u de motor uit en trekt u de bougiekap eraf of verwij- dert u de accu. Anders kan de borstel, veegtrommel of andere onderdelen gaan ronddraaien en ernstig letsel veroorzaken. WAARSCHUWING: Leg het gereedschap altijd op de grond wanneer u het inspecteert of onderhoudt. Als u onderdelen aanbrengt of het gereedschapafsteltterwijlhetrechtopstaat,kan ernstig letsel worden veroorzaakt. WAARSCHUWING: Volg de waarschu- wingen en voorzorgsmaatregelen in het hoofd- stuk “VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN” op en raadpleeg de gebruiksaanwijzing van het aandrijfsysteem. KENNISGEVING: Gebruik nooit benzine, was- benzine, thinner, alcohol en dergelijke. Hierdoor kunnen verkleuring, vervormingen en barsten worden veroorzaakt. Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, onderhoudofafstellingentewordenuitgevoerdbijeen erkend Makita-servicecentrum of de Makita-fabriek, en altijdmetgebruikvanMakita-vervangingsonderdelen. Het hulpstuk reinigen Het hulpstuk kan met water worden gewassen. Gebruik eennylonborstelofietssoortgelijksomhetvuilerafte wassen.
►1.Aandrijfsysteem2.Pijpuiteinde3. Tandwielhuis 59NEDERLANDS KENNISGEVING: Giet geen water over het aandrijfsysteem en het pijpuiteinde. Hierdoor kan een storing van het hulpstuk ontstaan. Voorgemakkelijkerreinigenkuntudeborstelof veegtrommelverwijderenvanafdeborstel-eenheidof veegtrommel-eenheid. Raadpleeg de instructies voor het vervangen van de borstels of veegtrommels in deze gebruiksaanwijzing. Algehele inspectie
- Draai losse bouten, moeren en schroeven vast.
- Controleer op beschadigde onderdelen, borstels of veegtrommels. Vraag ons erkende servicecen- trum om het zo nodig te vervangen. De borstels, veegtrommels en beschermkap inspecteren Controleer en reinig de borstels, veegtrommels en beschermkapdagelijks.Alsdezeversleten,verbogenof gebarstenzijn,vervangtuze. De borstels of veegtrommels vervangen
1. Verwijderdeklemmenvanafdeborstelsof
veegtrommels,enverwijderdaarnadeborstelsof veegtrommels.
2. Breng de borstels of veegtrommels aan op de
borstel-eenheid of veegtrommel-eenheid, en bevestig daarna de klemmen. KENNISGEVING: Let er bij het aanbrengen van de borstels op dat het Makita-logo naar buiten wijst. KENNISGEVING: Let er bij het aanbrengen van de veegtrommels op dat ze worden aange- bracht in de richting aangegeven in de afbeelding zodat de veegtrommels en het tandwielhuis in elkaar aangrijpen.
►1. Veegtrommel 2. Tandwielhuis Bewegende delen smeren KENNISGEVING: Houd u aan de frequentie en de opgegeven hoeveelheid vet. Als u dat niet doet, kunnen door onvoldoende smering de bewe- gende delen worden beschadigd. Tandwielhuis: LET OP: Breng geen vet aan terwijl het tand- wielhuis heet is. Het hete tandwielhuis kan brand- wonden veroorzaken. Vul ongeveer 30 ml smeervet (Makita-smeervet SG No.0)gelijkmatigbijviadesmeeropeningelke25 bedrijfsuren. Verwijdermetbehulpvandebijgeleverdetorxsleutel de bout naast de smeerpunt-markering op het tand- wielhuis. Draai de bout aan de andere kant los zodat de lucht in het tandwielhuis kan ontsnappen wanneer u smeervetbijvult. Nadathetsmeervetisbijgevuld,draaitudebouten weer vast. 60NEDERLANDS
►1. Bout 2. Tandwielhuis Aandrijfas: Vulsmeervet(Makita-smeervetSGNo.0)bijelke25 bedrijfsuren. OPMERKING: Origineel Makita-smeervet kan wor- denaangeschaftbijuwplaatselijkeMakita-dealer. Opslag WAARSCHUWING: Volg de waarschu- wingen en voorzorgsmaatregelen in het hoofd- stuk “VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN” op en raadpleeg de gebruiksaanwijzing van het aandrijfsysteem. Alshethulpstuklosvanhetaandrijfsysteemwordt opgeborgen, brengt u de dop aan op het uiteinde van de schacht. Interval voor inspectie en onderhoud Bedrijfsuren Vóór gebruik Dagelijks (10 uur) 25 uur Hele apparaat Visueel inspecteren op beschadigde onderdelen
Alle bevestigingsschroeven en -moeren Vastdraaien
Borstels, veegtrommels en beschermkap Reinigen en visueel inspecteren op beschadigde onderdelen
Tandwielhuis Smeervet aanbrengen - - Aandrijfas Smeervet aanbrengen - - Aandrijfsysteem Raadpleegdegebruiksaanwijzingvanhetaandrijfsysteem. 61NEDERLANDS PROBLEMEN OPLOSSEN Alvorens om reparatie te vragen, voert u eerst uw eigen inspectie uit. Als u een probleem ondervindt dat niet wordt beschrevenindezegebruiksaanwijzing,magunietproberenhetapparaattedemonteren.Inplaatsdaarvanvraagtu eenerkendMakita-servicecentrum,dataltijdMakita-vervangingsonderdelengebruikt,omhetapparaatterepareren. Probleemomschrijving Waarschijnlijke oorzaak (storing) Oplossing De (benzine- of elektro)motor start niet. - Raadpleegdegebruiksaanwijzingvanhet aandrijfsysteem. De (benzine- of elektro)motor stopt spoedig. - Raadpleegdegebruiksaanwijzingvanhet aandrijfsysteem. Het (benzine- of elektro)motortoeren- tal neemt niet toe. - Raadpleegdegebruiksaanwijzingvanhet aandrijfsysteem. De borstels of veegtrommels draaien niet rond. Zet de (benzine- of elektro)motor onmiddellijkuit. Depijpenvanhetaandrijfsysteemen hethulpstukzijnnietgoedmetelkaar verbonden. Verbinddepijpenopdejuistemaniermetelkaar. Vreemde voorwerp zit verstrikt in de borstels of veegtrommels. Verwijderhetvreemdevoorwerp. Probleemmethetaandrijfsysteem Neem contact op met een erkend servicecentrum voor reparatie. Hetaandrijfsysteemtriltabnormaal. Zet de (benzine- of elektro)motor onmiddellijkuit. Deborstelsofveegtrommelszijnverbo- gen of gebroken. Vervang de borstels of veegtrommels. Losgeraakte bevestiging van de bor- stels of veegtrommels Bevestig de klemmen van de borstels of veegtrom- mels stevig. Verkeerde bevestiging van de borstels of veegtrommels Breng de borstels of veegtrommels correct aan. Probleemmethetaandrijfsysteem Neem contact op met een erkend servicecentrum voor reparatie. Deborstelsofveegtrommelsblijven ronddraaien, zelfs als de trekker- schakelaar/hendelislosgelaten. Zet de (benzine- of elektro)motor onmiddellijkuit. Hetaandrijfsysteemwerktnietgoed. Stel het stationair toerental af in het geval het aan- drijfsysteemeenmotorheeft.Neemcontactopmet een erkend servicecentrum voor reparatie. 62ESPAÑOL ESPAÑOL (Instrucciones originales) ESPECIFICACIONES Modelo: BR400MP Dimensiones: longitud x anchura x altura (con cepillos) 1.145 mm x 600 mm x 362 mm Peso neto 6,3 kg Anchura del cepillo 600 mm Diámetro exterior del cepillo 250 mm Modelo: SW400MP Dimensiones: longitud x anchura x altura (con tambores barredores)
Notice-Facile