CT503DC - Multigereedschap Vonroc - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CT503DC Vonroc in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Multigereedschap in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CT503DC - Vonroc en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CT503DC van het merk Vonroc.
GEBRUIKSAANWIJZING CT503DC Vonroc
Lees de bijgesloten veiligheids waarschuwingen, de aanvullende veiligheidswaarschuwingen en de instructies. Het niet opvolgen van de veiligheids- waarschuwingen kan elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben. Bewaar de veiligheidswaarschuw ingen en instructies als naslagwerk voor later. De volgende symbolen worden gebruikt in de gebruikershandleiding of op het product: Gevaar voor lichamelijk letsel, overlijden of schade aan de machine wanneer de instructies in deze handleiding niet worden opgevolgd. Gevaar voor elektrische schokken Het toerental van de machine kan elektronisch worden ingesteld. Alleen binnenshuis gebruiken Draag oog- en gehoorbescherming Draag bij gebruik van deze machine een stofmasker. Druk de asvergrendelingsknop niet in terwijl de motor draait. Klasse II apparaat - Dubbel geïsoleerd - Een geaarde stekker is niet noodzakelijk. Max. temperatuur 40°C Accu niet verbranden Accu niet in het water gooien Werp het product niet weg in ongeschikte containers. Aparte inzameling van Li-ion-accu’s. Het product is in overeenstemming met de van toepassing zijnde veiligheids normen in de Europese richtlijnen.22
WAARSCHUWING! Lees alle veiligheids- waarschuwingen en alle instructies. Het niet opvolgen van onderstaande instructies kan leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig persoonlijk letsel. Bewaar deze instructies. De term “elektrisch gereedschap” in onder staande waarschuwingen heeft betrekking op zowel apparatuur met een vaste elektriciteits kabel als op apparatuur met een accu (draadloze apparatuur).
a) Zorg voor een opgeruimde en goed verlichte werkomgeving. Rommelige en donkere werkomgevingen leiden tot ongelukken
Gebruik elektrisch gereedschap nooit in een omgeving waar explosiegevaar bestaat, zoals in de nabijheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen, dampen of andere stoffen. Elektrische gereedschappen kunnen vonken veroorzaken, die deze stoffen tot ontbranding kunnen brengen. c) Wanneer u elektrisch gereedschap gebruikt, houd dan kinderen en omstanders op afstand. Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de controle over het gereedschap verliezen.
2) Elektrische veiligheid
a) Stekkers van elektrische gereedschappen moeten probleemloos passen op het stopcontact. Breng nooit wijzigingen aan in of aan de stekker. Gebruik geen adapters voor geaarde elektrische gereedschappen. Standaardstekkers en passende stopcontacten verkleinen de kans op een elektrische schok. b) Voorkom lichamelijk contact met geaarde oppervlakken van bijvoorbeeld pijpen, leidingen, radiatoren, fornuizen en koel kasten. Wanneer uw lichaam geaard is, wordt de kans op een elektrische schok groter. c) Stel elektrische gereedschappen nooit bloot aan regen of vocht. Wanneer er water binnendringt in een elektrisch gereedschap, wordt de kans op een elektrische schok groter. d) Gebruik het snoer niet om het elektrisch gereedschap te dragen, te verplaatsen of de stekker uit het stopcontact te trekken. Bescherm het snoer tegen olie, warmte, scherpe randen en bewegende delen. Beschadigde of vastzittende snoeren vergroten de kans op een elektrische schok. e) Wanneer u elektrische gereedschappen buiten gebruikt, gebruik dan een verlengkabel die geschikt is voor buitengebruik. Door een kabel te gebruiken die geschikt is voor buitengebruik, wordt de kans op een elektrische schok kleiner. f) Gebruik een aardlekbeveiliging (RCD) als niet te voorkomen is dat een powertool moet worden gebruikt in een vochtige omgeving. Gebruik van een RCD vermindert het risico van elektrische schokken.
3) Persoonlijke veiligheid
a) Blijf altijd alert, kijk goed wat u doet en gebruik uw gezonde verstand wanneer u een elektrisch gereedschap gebruikt. Gebruik geen elektrische gereedschappen wanneer u moe bent, of drugs, alcohol of medicijnen hebt gebruikt. Eén moment van onachtzaamheid bij het gebruik van elektrische gereed schappen kan ernstige verwondingen tot gevolg hebben. b) Gebruik persoonlijke beschermings middelen. Draag altijd een veiligheidsbril. Een gepast gebruik van veiligheids voor zieningen, zoals een stof masker, speciale werkschoenen met antislipzolen, een veiligheidshelm en gehoor bescherming verkleinen de kans op persoonlijk letsel. c) Voorkom dat het gereedschap per ongeluk wordt gestart. Zorg dat de schakelaar op de UIT positie staat, voordat u de stekker in het stopcontact steekt. Draag elektrisch gereedschap nooit met uw vinger op de schakelaar en steek ook nooit de stekker van ingeschakelde elektrische gereedschappen in het stopcontact: dit leidt tot ongelukken. d) Verwijder alle instel en andere sleutels uit het elektrisch gereedschap voordat u hem inschakelt. Instel en andere sleutels aan een ronddraaiend onderdeel van het elektrisch gereedschap kunnen tot verwondingen leiden.
Zorg dat u nooit uw evenwicht kunt verliezen; houd altijd twee voeten stevig op de vloer. Hierdoor kunt u het elektrisch gereedschap in on verwachte situaties beter onder controle houden. f) Zorg dat u geschikte kleding draagt. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Houd uw haar, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende delen. Loshan gende kleding, sieraden en lang haar kunnen vast komen te zitten in bewegende delen.
Wanneer er voorzieningen zijn voor de aansluiting van stofafzuiginstallaties, zorg dan dat ze op deNL
juiste wijze worden aangesloten en gebruikt. Gebruik van deze voorzieningen vermindert de gevaren die door stof worden veroorzaakt. h) Denk niet dat doordat u gereedschap vaak gebruikt, u wel weet hoe het allemaal werkt en dat u de veiligheidsbeginselen voor het gebruik van het gereedschap wel kunt negeren. Een onbezonnen actie kan in een fractie van een seconde ernstig letsel tot gevolg hebben.
4) Gebruik en onderhoud van elektrisch gereedschap
a) Oefen geen overmatige kracht uit op elektrisch gereedschap. Gebruik het juiste gereedschap voor uw specifi eke toepassing. Met het juiste elektrische gereedschap voert u de taak beter en veiliger uit wanneer dit op de snelheid gebeurt waarvoor het apparaat is ontworpen. b) Gebruik nooit elektrisch gereedschap waarvan de AAN/UIT schakelaar niet werkt. Ieder elektrisch gereedschap dat niet kan worden in en uitgeschakeld met de schakelaar is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.
Trek de stekker uit het stopcontact voordat u wijzigingen aanbrengt aan elektrische gereedschappen, accessoires verwisselt of het elektrisch gereedschap opbergt. Wanneer u zich aan deze preventieve veiligheidsmaatregelen houdt, beperkt u het risico dat het gereedschap per ongeluk wordt gestart.
Berg elektrisch gereedschap dat niet in ge bruik is op buiten bereik van kinderen en laat personen die niet bekend zijn met het gereedschap of deze instructies het apparaat niet gebruiken. Elektrisch gereedschap is gevaarlijk in de handen van ongeoefende gebruikers. e) Zorg voor een goed onderhoud van elektrisch gereedschap. Controleer of bewegende delen op de juiste wijze zijn vastgezet. Controleer ook of er geen onderdelen defect zijn of dat er andere omstandigheden zijn die van invloed kunnen zijn op de werking van het gereedschap. Laat het gereedschap bij beschadigingen repareren vóór gebruik. Veel ongelukken worden veroorzaakt door slecht onderhoud van het gereedschap.
Zorg dat snij en zaagwerktuigen scherp en schoon blijven. Goed onderhouden snij en zaagwerktuigen met scherpe randen zullen minder snel vastlopen en zijn eenvoudiger onder controle te houden. g) Gebruik alle elektrische gereedschappen, accessoires, bitjes etc., zoals aangegeven in deze instructies en op de wijze waarvoor het gereedschap is ontworpen. Houd daarbij rekening met de werkomstandigheden en de uit te voeren taak. Gebruik van elektrisch gereedschap voor handelingen die afwijken van de taken waarvoor het apparaat is ontworpen kunnen leiden tot gevaarlijke situaties. h) Houd handgrepen en greepoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Gladde handgrepen en greepoppervlakken maken veilig werken en controle over het gereedschap in onverwachte situaties onmogelijk.
5) Gebruik en onderhoud accugereedschap
Laad alleen op met de lader die door de fabrikant is gespecifi ceerd. Een lader die voor een bepaalde accu geschikt is, kan brand veroorzaken wanneer deze met een andere accu wordt gebruikt.
Gebruik elektrisch gereedschap alleen met de speciaal hiervoor bedoelde accu’s. Gebruik van andere accu’s kan kans op letsel en brand geven.
Wanneer de accu niet in gebruik is, houd deze dan uit de buurt van andere metalen voorwerpen zoals paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die een verbinding tussen twee polen kunnen maken. Kortsluiting tussen de accupolen kan brandwonden of brand veroorzaken. d) Wanneer de accu niet juist wordt gebruikt, kan er vloeistof uit lopen; raak dit niet aan. Wanneer dit per ongeluk wel gebeurt, spoel dan met water. Wanneer de vloeistof in de ogen komt, moet u een arts raadplegen. De vloeistof uit de accu kan irritaties of brandwonden veroorzaken.
Gebruiken niet een accu of gereedschap dat beschadigd is of gemodifi ceerd. Beschadigde of gemodifi ceerde accu’s kunnen onvoorspelbaar gedrag vertonen, wat brand, explosie of een risico van letsel met zich meebrengt. f) Stel een accu over het gereedschap niet bloot aan open vuur of een uitzonderlijk hoge temperatuur. Blootstelling aan vuur of een temperatuur hoger dan 130 °C, kan een explosie veroorzaken. NB De temperatuur van “130 °C” kan worden vervangen door de temperatuur van “265 °F”. g) Houd u aan alle instructies voor het laden en laad de accu of het gereedschap niet op buiten het temperatuurbereik dat in de instructies wordt aangeduid. Op een onjuiste wijze laden of laden bij temperaturen buiten het aangeduide bereik kan de accu beschadigen en het risico van brand doen toenemen.24
a) Laat uw gereedschap onderhouden door een gekwalifi ceerde onderhoudstechnicus die alleen gebruikmaakt van identieke vervangingsonderdelen. Dit zorgt ervoor dat de veiligheid van de powertool intact blijft. b) Voer nooit servicewerkzaamheden uit aan beschadigde accu’s. Alleen de fabrikant of geautoriseerde service-providers mogen ser- vicewerkzaamheden aan accu’s uitvoeren. SPECIALE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES a) Dit elektrisch gereedschap is bedoeld voor gebruik als slijper, schuurmachine, staalborstel, polijstmachine, snijd of afkortgereedschap. Lees alle veiligheidswaarschuwingen, instruc- ties, afbeeldingen en specifi caties die met dit elektrisch gereedschap zijn meegeleverd. Het niet navolgen van alle onderstaande instructies kan resulteren in een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel.
Gebruik geen accessoires die niet speciaal door de fabrikant zijn ontwikkeld en door de fabrikant worden aanbevolen. Zelfs als het accessoire op het gereedschap past garandeert dit geen veilig gebruik.
Het nominale toerental van de accessoires moet gelijk of hoger zijn aan het maximale toeren- tal dat op het elektrisch gereedschap wordt aangegeven. Slijp accessoires die sneller draaien dan hun nominale toerental kunnen breken en uit elkaar vliegen. e) De buitendiameter en de dikte van uw accessoi- re moet binnen de capaciteit van uw elektrisch gereedschap vallen. Accessoires met een ver- keerde maat kunnen niet goed onder controle worden gehouden.
Het asgat van schijven, schuurtrommels of andere accessoires moet goed op de as of hals van het elektrische gereedschap passen. Acces- soires die niet goed op het gereedschap passen draaien uit balans, trillen hard en kunnen u de controle over het gereedschap laten verliezen.
Borstels, schuurtrommels, slijpschijven of an- dere accessoires moeten volledig in de kraag of spankop worden geduwd. Als de stift niet goed vastzit en/of het accessoire te ver uitsteekt, kan het geplaatste accessoire losgaan en met hoge snelheid worden weggeslingerd.
Gebruik geen beschadigde accessoires. Controleer accessoires zoals slijpschijven voor elk gebruik altijd eerst op beschadigingen en scheuren, schuurtrommels op scheuren of slijtage, draadborstels op losse of gebroken draden. Als u het elektrische gereedschap of een accessoire laat vallen, controleer deze dan op schade of plaats een onbeschadigde accessoire. Positioneer uzelf na het inspecteren en plaatsen van een accessoire zo dat u en omstanders niet op één lijn met de draairichting staan van het draaiende accessoire en laat het elektrische gereedschap één minuut onbelast draaien. Beschadigde accessoires zullen normaal gesproken afbreken tijdens deze testperiode.
Draag persoonlijke beschermingsmiddelen. Gebruik afhankelijk van de situatie gezichts- bescherming, werkbril of veiligheidsbril. Gebruik wanneer nodig een stofmasker, gehoor be scher- ming, handschoenen en een veiligheidsschort die kleine stukken accessoire of werkstuk kunnen stoppen. De veiligheidsbril moet kleine stukken puin die door diverse werkzaamheden worden veroorzaakt kunnen tegenhouden. Het stof- of gasmasker moet geschikt zijn voor het fi lteren van de deeltjes die door uw werkzaamheden worden veroorzaakt. Langdurige blootstelling aan harde geluiden kan gehoorverlies veroorzaken. j) Houd omstanders op een veilige afstand van het werkgebied. Iedereen die het werkgebied be- treed moet persoonlijke beschermingsmiddelen dragen. Delen van het werkstuk of een gebroken accessoire kunnen wegvliegen en letsel veroor- zaken buiten het werkgebied.
Houd het elektrische gereedschap vast aan de geïsoleerde oppervlakken wanneer u werk- zaamheden uitvoert waardoor het accessoire in contact kan komen met verborgen bedrading. Accessoires die bedrading onder spanning raken kunnen het gereedschap onder stroom zetten en de gebruiker een elektrische schok geven. l) Houd het gereedschap altijd stevig in uw hand(en) tijdens het inschakelen. De koppel- reactie van de motor, als het versnelt naar de maximale snelheid, kan het gereedschap laten draaien. m) Gebruik wanneer mogelijk klemmen om het werkstuk te ondersteunen. Houd een klein werkstuk nooit in één hand terwijl u het gereed- schap met de andere hand gebruikt. Als u een klein werkstuk klemt kunt u het gereedschap met uw hand(en) bedienen. Ronde materialen zoals staven, buizen of slangen kunnen tijdens het snijden wegrollen en ervoor zorgen dat het accessoire vastbijt of richting u springt.NL
n) Plaats het snoer uit de buurt van het draaiende accessoire. Als u de controle over het gereed- schap verliest kan het snoer beschadigen of worden gegrepen en kan uw hand of arm in de richting van het draaiende accessoire worden getrokken.
Leg het gereedschap nooit neer voordat het accessoire helemaal tot stilstand is gekomen. Het draaiende accessoire kan zich vastbijten in het oppervlak en het gereedschap uit uw handen trekken.
Controleer nadat u een accessoire wisselt of aanpassingen maakt altijd of de spanmoer, spankop en verstelmechanismen goed vastzit- ten. Losse verstelmechanismen kunnen onver- wacht verschuiven, waardoor u de controle kunt verliezen. Losse draaiende componenten kunnen hard weg worden geslingerd. q) Zet het gereedschap nooit aan terwijl u het naast uw lichaam houd. Onopzettelijk contact met het draaiende accessoire kan uw kleding grijpen, waardoor het accessoire in uw lichaam kan snijden.
Reinig regelmatig de luchtopeningen van het gereedschap. De ventilator van de motor zuigt stof in de behuizing en opgehoopt metaalpoeder kan een gevaarlijke elektrische schok veroorzaken. s) Gebruik het gereedschap nooit in de buurt van ontvlambare materialen. Vonken kunnen deze materialen ontsteken. t) Gebruik geen accessoires die vloeibare koel- vloeistof nodig hebben. Het gebruik van water of andere vloeistoffen kan elektrocutie of een elektrische schok veroorzaken. Terugslag en bijbehorende waarschuwingen Terugslag is een plotselinge reactie op een vast- gelopen of vastgebeten slijpschijf, schuurband, borstel of ander accessoire. Vastlopen of vastbijten zorgt ervoor dat het draaiende accessoire snel stopt met draaien waardoor het gereedschap in de tegen overgestelde richting van de draairichting van het accessoire wordt geforceerd. Bijvoorbeeld, als een slijpschijf vastloopt of zich in het werk- stuk vastbijt, zal de rand van de schijf zich in het materiaal vastbijten en daarna naar boven klimmen of uit het werkstuk schieten. De schijf kan zowel van als naar de gebruiker schieten, afhankelijk van de draairichting van de schijf tijdens het vastlo- pen. Slijpschijven kunnen ook breken. Terugslag is het resultaat van verkeerde handelingen en/of onjuist gebruik van het gereedschap, of situaties die kunnen worden voorkomen door onderstaande maatregelen tot nemen. a) Houd het elektrische gereedschap stevig vast en positioneer uw lichaam en armen zo dat u terugslag kunt weerstaan. De gebruiker kan terugslag onder controle houden als de juiste voorzorgsmaatregelen worden genomen. b) Let extra goed op tijdens het werken aan hoe- ken, scherpe randen etc. Voorkom stuiteren en vastlopen van het accessoire. Hoeken, scherpe randen of stuiteren hebben de neigen het acces- soire vast te laten lopen waardoor u de controle kunt verliezen of er terugslag optreed. c) Bevestig nooit een getand zaagblad. Deze zaagbladen veroorzaken regelmatig terugslag of controleverlies.
Voer het accessoire altijd op dezelfde manier in zoals deze uit het materiaal is gekomen (dezelfde richting als het gruis dat wordt weggeslingerd). Als het gereedschap op de verkeerde manier wordt ingevoerd klimt het accessoire uit het werk- stuk en trekt het gereedschap dezelfde kant op.
Als u roterende vijlen, slijpschijven, hogesnel- heid schijven of hardmetalen schijven gebruikt, klem het werkstuk dan altijd goed vast. Deze accessoires lopen vast als ze licht gekanteld worden in de zaagsnede en kunnen terugslag veroorzaken. Als een slijpschijf vastloopt, zal deze normaal gesproken breken. Als een roteren- de vijl, hoge snelheid slijpschijf of hardmetalen schijf vastloopt, kan het uit de zaagsnede schie- ten waardoor u de controle over het gereedschap kunt verliezen.
Veiligheidswaarschuwingen specifi ek voor slijpen en afkorten:
Gebruik alleen schijven die worden aanbevolen voor uw elektrisch gereedschap en voor de aan- bevolen toepassingen. Bijvoorbeeld: niet schuren met de zijkant van een slijpschijf. Slijpschijven zijn bedoeld voor slijpwerkzaamheden, als druk op de zijkant wordt uitgeoefend kunnen ze breken. b) Gebruik voor stiftfreezen en pluggen alleen onbeschadigde stiften met een fl ens van de juiste maat en lengte. De juiste stift verminderd de kans dat de schijf breekt. c) Forceer een slijpschijf nooit in het werkstuk en druk er niet hard op. Probeer nooit een extra26
diepe zaagsnede te maken. Overbelasting van de schijf verhoogt de kans op vastlopen of vast- haken in de zaagsnede en verhoogt de kans op terugslag of het breken van de schijf.
Plaats uw hand nooit op één lijn en achter de draaiende schijf. Als de schijf tijdens gebruik van uw hand af beweegt, kan de terugslag de draai- ende schijf en het gereedschap richting u duwen.
Als de schijf vastloopt, vasthaakt of wanneer u het slijpen moet onderbreken, schakel het gereedschap dan uit en houd het gereedschap vast tot het accessoire volledig tot stilstand is gekomen. Probeer de schijf nooit uit het werk- stuk te halen als het nog beweegt, anders kan er terugslag optreden. Onderzoek waarom de schijf vastloopt en verhelp de oorzaak zodat het niet meer kan gebeuren. f) Start de werkzaamheden nooit in het werk- stuk. Laat de schijf eerst de maximale snelheid bereiken en voer hem daarna weer voorzichtig in de zaagsnede. De schijf kan vastlopen, uit het werkstuk schieten, of terugslag veroorzaken als het gereedschap in het werkstuk wordt gestart. g) Ondersteun panelen of grote werkstukken om het risico op vastlopen en terugslag te verklei- nen. Grote werkstukken kunnen door hun eigen gewicht inzakken. Steunen moeten onder het werkstuk worden geplaatst bij de zaagsnede en de rand van het werkstuk aan beide kanten van de schijf. h) Wees extra voorzichtig wanneer u een zaagsne- de maakt in muren of andere blinde gebieden. De schijf kan gas- of waterleidingen, elektrische bedrading of objecten die terugslag veroorzaken raken. AANVULLENDE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
VOOR WERKZAAMHEDEN MET DRAADBORSTEL
Waarschuwingen in verband met de veiligheid, speciaal voor werkzaamheden met draadborstel:
Bedenk dat haren van de borstel worden weg- geslingerd, ook tijden normale toepassing. Zet niet te veel kracht op de draden, oefen niet te veel kracht uit op de borstel. De haren van de borstel kunnen gemakkelijk dunne kleding en/of de huid binnendringen.
Laat borstels gedurende ten minste één minuut op bedrijfssnelheid draaien voordat u ze ge- bruikt. Gedurende deze tijd mag niemand voor of op één lijn met de borstel staan. Er zullen gedurende de inlooptijd borstelharen worden weggeslingerd.
Richt de draadborstel van u af zodat losse haren niet naar u toe worden geslingerd. Kleine deel- tjes en minuscule fragmenten van haren kunnen tijdens het gebruik van deze borstels op hoge snelheid worden weggeslingerd en zij kunnen zich in uw huid vastzetten.
TEN AANZIEN VAN DE ACCULADER
Bedoeld gebruik Laad uitsluitend herlaadbare accupacks. Andere typen accu’s kunnen exploderen, wat lichamelijk letsel en schade kan veroorzaken. a) Het apparaat dient niet te worden gebruikt door personen (inclusief kinderen) met verminderde fysieke, zintuiglijke of mentale functies of per- sonen zonder enige ervaring en kennis, tenzij zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd b) Laat kinderen onder toezicht niet met het appa- raat spelen c) Laad niet-herlaadbare accu’s niet opnieuw op! d) Plaats de accu’s tijdens het opladen in een goed geventileerde ruimte! e) Geïntegreerde accu’s mogen alleen voor het afvoeren door vakpersoneel verwijderd worden. Door het openen van de behuizingsschaal kan het elektrische gereedschap vernietigd worden. Om de accu uit het elektrische gereedschap te nemen, drukt u zo lang op de aan-/uitschake- laar (5) tot de accu volledig ontladen is. Draai de schroeven er aan de behuizing uit en haal de behuizingsschaal eraf om de accu te verwijderen. Om een kortsluiting te verhinderen, maakt u de aansluitingen aan de accu afzonderlijk na elkaar los en isoleert u daarna de polen. Ook bij volledi- ge ontlading is nog een restcapaciteit in de accu voorhanden die bij kortsluiting vrij kan komen. Elektrische veiligheid Neem bij het gebruik van elektrische machines al- tijd de plaatselijk geldende veiligheidsvoorschriften in acht in verband met brandgevaar, gevaar voor elektrische schokken en lichamelijk letsel. Lees onderstaande instructies. Controleer altijd of uw netspanning overeenkomt met de waarde op het typeplaatje. Klasse II apparaat - Dubbel geïsoleerd - een geaarde stekker is niet noodzakelijk.NL
Bedoeld gebruik Dit elektrisch gereedschap is bedoeld voor gebruik als slijper, schuurmachine, staalborstel, polijst- machine, snij- of afkortgereedschap. Dit combige- reedschap is zeer goed geschikt voor het bewerken van materialen zoals hout, kunststof, natuursteen, aluminium, koper en staal. Gebruik altijd de juiste accessoires en instelling van de snelheid. TECHNISCHE SPECIFICATIES Modelnr. CT503DC Herlaadbare accu 4V Li-ion 600mAhAccu laadtijd 2 uurMaximale schijfdiameter Ø35 mmMaximale boordiameter Ø2,3 mmToerental, onbelast 5000/10000/15000/minCapaciteit, spantang 2,3 mmGewicht 0,1 kgLpa (geluidsdruk) 79+3 dB(A)Lwa (geluidsvermogen) 90+3 dB(A)Vibratiewaarde 1,177+1,5 m/s
Trillingsniveau Het trillingsemissieniveau, dat in deze gebruiks- aanwijzing wordt vermeld, is gemeten in overeen- stemming met een gestandaardiseerde test volgens EN 60745; deze mag worden gebruikt om twee machines met elkaar te vergelijken en als voorlopige beoordeling van de blootstelling aan trilling bij gebruik van de machine voor de vermelde toepassingen. - gebruik van de machine voor andere toepas- singen, of met andere of slecht onderhouden accessoires, kan het blootstellingsniveau aanzienlijk verhogen. - wanneer de machine is uitgeschakeld of wan- neer deze loopt maar geen werk verricht, kan dit het blootstellingsniveau aanzienlijk reduceren. Bescherm uzelf tegen de gevolgen van trilling door de machine en de accessoires te onderhouden, uw handen warm te houden en uw werkwijze te organiseren. BESCHRIJVING De nummers in de tekst verwijzen naar de illustra- ties op pagina 2-4
3. Aan/Uit-knop en knop voor snelheidsregeling
4. Lampjes voor snelheidsaanduiding
5. Lampje voor laadaanduiding
Schakel vooral altijd eerst de machine uit voordat u een accessoire monteert. Waarschuwing! Plaats accessoire zo ver mogelijk in de spantang of spankop, zodat uitloop en onbalans tot een minimum beperkt worden. Montage van accessoires (Fig. B) Druk de asvergrendelingsknop (2) in en houd de knop ingedrukt. Schroef met de hand de spankop (1) los. Plaats het accessoire in de kop. Houd de asvergrendelingsknop (2) ingedrukt wanneer u de spankop (1) vastzet. Druk de asvergrendelingsknop niet in terwijl de motor draait.
Schakel de machine in met een druk op de Aan/ Uit-knop (3). Door een tweede keer op de Aan/Uit- knop (3) te drukken, schakelt u de machine over op snelheid 2, druk een derde keer op de knop en de machine schakelt over op snelheid 3. U schakelt de machine uit door een vierde keer op de Aan/ Uit-knop (3) te drukken. Leg de machine niet meer wanneer de motor nog loopt. Leg de machine niet op een stoffi g oppervlak. Er kunnen dan stofdeel- tjes in het mechanisme komen. Een te hoge belasting bij een lage snelheid van de Combitool kan de motor laten verbranden. De accu moet vóór het eerste gebruik volledig worden opgeladen. De accu laden (met de acculader)
- Steek de stekker van de kabel (6) van de lader (meegeleverd) in een adapter (niet meegeleverd).
- Steek de stekker van de acculader in een stop- contact en wacht even. Het ledcontrolelampje (5) gaat branden en toont de status van de lader. LED Status van acculaderRood Bezig met opladen van accuGroenOpladen van de accu is beëindigd, de accu is volledig opgeladen
Verwijder nadat de accu volledig is opgeladen, de stekker van de lader uit het stopcontact en haal de kleine stekker uit het gereedschap weg. Het gereedschap vasthouden en leiden (Afb. C)
- Voor precisiewerk (graveren): potloodgreep (C1)
- Voor ruw werk (schuren): schilmesgreep (C2)
- Wanneer u het gereedschap parallel ten opzich- te van het werkoppervlak moeten houden (bijv. wanneer u een snijwiel gebruikt): golfgreep (C3) met twee handen Optimaal gebruik van het combigereedschap en zijn accessoires (Afb. A) Voor optimaal gebruik van de accessoires is het belangrijk dat u de juiste snelheid toepast. U kunt het overzicht “Aanbevolen snelheidsinstelling” hier- onder raadplegen voor de juiste snelheid, op basis van het materiaal dat wordt bewerkt en het type accessoire dat wordt gebruikt. Aan de hand van het overzicht kunt u zowel het juiste accessoire als de optimale snelheid selecteren. De 3 indicatielampje (4) voor de snelheid zijn gelijk aan de nummers 1, 2 en 3 in het overzich “aanbe- volen de instelling van de snelheid”. Uiteindelijk is de beste manier om de juiste snelheid voor het werk aan een materiaal te bepalen uitproberen op een stukje afvalmateriaal.
AANBEVOLEN INSTELLING VAN DE SNELHEID
Slijpstenen (Fig. D) Materiaal Snelheid Steen, gips 1-2Staal 2-3Aluminium, messing 2Kunststof 1-2 Vilten schijven en tips (Fig. E) De vilten accesoires dienen op de bijgeleverde as te worden gemonteerd. Materiaal Snelheid Staal 2-3Aluminium, messing 2Kunststof 2-3 Schuurbanden en -schijven (schuurschijven niet inbegrepen) (Fig. F) Materiaal Snelheid Hout 3Staal 1-2Aluminium, messing 2Kunststof 1-2 Borstel (Fig. G) Materiaal Snelheid Steen, gips 2Aluminium, messing 2 HSS freesje, graveerpunt en boortje (Fig. H) Materiaal Snelheid Steen, gips 3Staal 2Aluminium, messing 3Kunststof 1-2 Schuurschijf (Schijf niet meegeleverd) (Afb. I) Materiaal Snelheid Staal 2-3Aluminium, messing 2Kunststof 1-2
Zorg dat de machine niet onder spanning staat wanneer onderhouds werk zaam heden aan het mechaniek worden uitgevoerd. Reinig de machinebehuizing regelmatig met een zachte doek, bij voorkeur iedere keer na gebruik.NL
Zorg dat de ventilatiesleuven vrij van stof en vuil zijn. Gebruik bij hardnekkig vuil een zachte doek bevochtigd met zeepwater. Gebruik geen oplosmid- delen als benzine, alcohol, ammonia, etc. Dergelijke stoffen beschadigen de kunststof onderdelen. MILIEU Defecte en/of afgedankte elektrische of elektronische gereedschappen dienen ter verwerking te worden aangeboden aan een daarvoor verantwoordelijke instantie. Uitsluitend voor EG-landen Werp elektrisch gereedschap niet weg bij het huisvuil. Volgens de Europese Richtlijn 2012/19/ EU voor Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur en de implementatie ervan in nationaal recht moet niet langer te gebruiken elektrisch gereedschap gescheiden worden verzameld en op een milieuvriendelijke wijze worden verwerkt. GARANTIE VONROC producten zijn ontworpen volgens de hoogste kwaliteitsstandaarden en gegarandeerd vrij van defecten, zowel materieel als fabrieksfouten, tijdens de wettelijk vastgestelde garantieperiode vanaf de eerste aankoopdatum. Mocht het product tijdens deze periode gebreken vertonen veroorzaakt door defecte materialen en/of fabrieksfouten, neem dan rechtstreeks contact op met VONROC. De volgende situaties vallen niet onder de garantie:
- Er zijn reparaties of aanpassingen aan de machine uitgevoerd, of er is een poging daartoe ondernomen, door een nietgeautoriseerd ser- vicecentrum.
- De machine is misbruikt, verkeerd gebruikt of slecht onderhouden.
- Er zijn niet-originele reserveonderdelen gebruikt Dit vormt de enige garantie opgesteld door het be- drijf zowel expliciet als impliciet. Er bestaan geen andere garanties expliciet of impliciet welke verder gaan dan deze garantie, inclusief impliciete garanties van verkoopbaarheid en geschiktheid voor bepaalde doeleinden. In geen enkel geval kan VONROC aansprakelijk worden gesteld voor inci- dentele schade of gevolgschade. Reparaties van dealers zijn gelimiteerd tot de reparatie of vervan- ging van defecte producten of onderdelen. Het product en de gebruikershandleiding zijn onderhevig aan wijzigingen. Specifi caties kunnen zonder opgaaf van redenen worden gewijzigd.30
Notice-Facile