Stylus 100 wide - Camera OLYMPUS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Stylus 100 wide OLYMPUS in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Camera in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Stylus 100 wide - OLYMPUS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Stylus 100 wide van het merk OLYMPUS.
GEBRUIKSAANWIJZING Stylus 100 wide OLYMPUS
VARNING FÖRVARA BATTERIER UTOM RÄCKHÅLL FÖR BARN. OM ETT BARN RÅKAT SVÄLJA ETT BATTERI SKALL DU OMEDELBART KONTAKTA LÄKARE.Lees deze handleiding aandachtig door voordat u de camera gaat gebruiken (in het bijzonder het hoofdstuk „Onderhoud en opbergen van de camera“ op blz. 102). HANDLEIDING
BATTERIJ IN DE CAMERA ZETTEN EN CONTROLEREN U heeft één 3 V lithiumbatterij (CR123A of DL123A) nodig.
(Klap de titelflap open en houd blz. 3 zichtbaar.) Camerahuis 1 Zoomknop (zie blz. 97) 2 Ontspanknop (zie blz. 97) 3 Zelfontspanner/ afstandsbediening-LED 4 Sensor belichtingsmeter
(zie blz. 97 – 99) 8 Lens
9 Sensor afstandsbediening 10 Lenskap 11 Deksel batterijcompartiment (zie blz. 95) 12 Bevestigingspunt camerariem (zie blz. 95 & 100) 13 Oogcorrectieknop (zie blz. 95) 14 Filmcontrolevenster
Deze onderdelen moet u altijd goed schoon houden. Vuil en vingerafdrukken kunnen onduidelijke enonscherpe foto’s tot gevolg hebben. Verwijder vuil en vingerafdrukken met een zachte doek. Indicaties in de zoeker 24 Autofocustekens (zie blz. 97) 25 Spotmeetvlak (zie blz. 99) 26 Close-up correctietekens (zie blz. 96) 27 Groene LED (indicatie-LED autofocus) Brandt: De camera heeft zich scherpgesteld op het onderwerp. U kunt fotograferen. Knippert: De camera heeft zich niet scherpgesteld op het onderwerp. De sluiter is geblokkeerd. Knippert snel: De camera slaagt er niet in zich scherp te stellen. U kunt fotograferen, maar het onderwerp wordt mogelijk onscherp. 28 Oranje LED (indicatie-LED Flitser) Dooft: De flitser ontsteekt niet. U kunt fotograferen. Brandt: De flitser zal ontsteken. U kunt fotograferen. Knippert: De flitser wordt opgeladen. Wacht tot de LED weer brandt. LCD-venster 29 Datum/tijd indicator (uitsluitend Quartzdate-uitvoering – zie blz. 101) 30 Opnamenteller 31 Afstandsbediening (optioneel – zie blz. 100) 32 Zelfontspanner (zie blz. 100) 33 Onderdrukken van rode ogen (zie blz. 98) 34 Invulflitsen (zie blz. 98) 35 Flitser uit (zie blz. 98) 36 Nachtscène (zie blz. 98) 37 Batterijlading (zie blz. 95) 38 Spotmeting (zie blz. 99) 39 Oneindig-stand (zie blz. 99) Opmerking: Niet alle indicaties zijn tegelijk zichtbaar. 15 Statiefaansluiting 16 Instelknoppen MODE en SET-knoppen voor datum en tijd (uitsluitend Quartzdate- uitvoering – zie blz. 101) 17 Terugwikkelknop gedeeltelijk belichte film (zie blz. 100) 18 Keuzeknop Belichtingsfunctie (zie blz. 99) 19 Keuzeknop Flitserfunctie (zie blz. 98) 20 Keuzeknop Zelfontspanner/ Afstandsbediening (zie blz. 100) 21 LCD-venster 22 Achterwand 23 Sluiting achterwand (zie blz. 96)
1. Draai het deksel van het batterijcom-
partiment, terwijl u de onderzijde ervan in richting Q drukt, als afgebeeld open in richting W.
- Overtuig u ervan dat de lenskap gesloten is voordat u het deksel van het batterijcompartiment opent.
2. Steek de batterij in de juiste stand in
het batterijcompartiment Q. Sluit het deksel van het batterijcompartiment W.
3. Schuif de lenskap in richting Q tot hij
op zijn plaats klikt. De lens schuift naar voren en de flitser klapt omhoog. Controleer in het LCD-venster de nog beschikbare batterijlading.
- Een nieuwe batterij is voldoende voor circa 15 films. dooft (wordt automatisch uitgeschakeld). knippert en alle andere functiepicto- grammen worden normaal weergegeven. knippert en alle andere functiepictogrammen doven. Batterij is in orde. U kunt fotograferen. De batterij heeft nog een geringe lading en moet vervangen worden door een nieuwe.
BEVESTIGEN VAN DE CAMERARIEM
Bevestig de camerariem op de afgebeelde wijze.
INSTELLEN VAN DE OOGCORRECTIE
Draai de oogcorrectieknop zo dat het autofocusteken duidelijk en scherp zicht- baar is. De batterij is uitgeput en moet onmiddel- lijk vervangen worden door een nieuwe.FOTOGRAFEREN STANDAARD FUNCTIES
1. Open de camera-achterwand doorde sluiting ervan omhoog te schuiven.• Raak het inwendige van de camera,en met name de lens, niet aan.2. Steek de filmcassette zo in decamera dat hij op zijn plaats klikt.3. Leg de punt van de filmaanloop-strook tegen het filmlengte instelte-ken (A) en zorg dat de film tussende filmgeleidingen (B) ligt. Sluittenslotte de achterwand tot hij opzijn plaats klikt.• Nu wordt automatisch de eersteopname voorgedraaid.• Open de lenskap tot hij op zijnplaats klikt. Overtuig u ervan datin de opnamenteller in het LCD-venster het cijfer „11“ zichtbaar is.• Knippert in de opnamenteller deletter „EE“, dan moet u de filmopnieuw in de camera zetten.
CLOSE-UP FOTOGRAFIE Deze camera werkt met een gecombineerdgespreid meervoudig autofocussysteem waarmee de camera zich makkelijker kanscherpstellen, ook als het onderwerp niet inhet midden van het zoekerbeeld staat.In de stand 38 mm groothoek fotografeert uonderwerpen op een afstand van 0,6 m – ∞(oneindig) en bij andere brandpuntsafstandenop een afstand van 0,8 m – ∞ (oneindig). Is de afstand tot het onderwerp extreem klein,dan ontspant de sluïter wel, maar het onderwerp wordt onscherp afgebeeld.Naarmate u dichter op uw onderwerp toegaat, schuift het beeldveld in de zoekerverder naar omlaag. Close-up correctietekens (beeldveldop de kleinste scherpstelafstand). Beeldveld bij de camera-onderwerp-afstand ∞ (oneindig).
Autofocustekens1. Open de lenskap tot hij op zijn plaatsklikt. De lens schuift iets naar voren enhet LCD-venster licht op. Voor een tele-opname (100 mm) drukt u de zoomknopnaar de „T“-kant en voor een groothoek-opname (28 mm) naar de „W’-kant.• Gebruikt u de camera circa 4,5 minuut niet, dan trekt de lens zich terug en dooft het LCD-venster.2. Richt de autofocustekens (AF) op uwonderwerp.• Kijk niet door de zoeker recht in dezon of in andere sterke lichtbronnen.3. Druk de ontspanknop half in, zodat decamera zich kan scherpstellen op hetonderwerp. Overtuig u ervan dat degroene LED brandt en maak dan uwopname door de ontspanknop helemaalin te drukken. Na het ontspannen vande sluiter, wordt automatisch het volgende beeld van de film voorgedraaid. AUTOFLITSEN – FLITSBEREIK FILM TERUGWIKKELEN EN UIT DE CAMERA NEMEN (met kleurennegatieffilm)Bij gebruik van omkeerfilm is het scherpstelbereik in de telestand circa 30% kleiner. ISO
Groothoek (W)0,6 – 4,6 m0,6 – 6,5 m0,6 – 9,2 mTele (T)0,8 – 1,8 m0,8 – 2,5 m0,8 – 3,6 mAls de laatste opname van een filmgemaakt is, wikkelt de camera de filmautomatisch terug. Overtuig u ervan datde motor gestopt is en dat in het LCD-venster de letter „ “ knippert. Open deachterwand en neem de film uit decamera.
Klap de achterflap open en houd blz. 126 zichtbaar. Rode ogen in flitsfoto’s – FLITSEN MET
ONDERDRUKKEN VAN RODE OGEN
Maakt u een flitsfoto van personen in het donker, dan dringt het flitslicht binnen in de wijd geopende oogpupillen. In het oog wordt het door het netvlies gereflecteerde licht rood gekleurd. De functie Onderdrukken van rode ogen geeft een reeks inleidende lichtzwakke flitsen af voordat de hoofdflits ontsteekt. Dit stelt de ogen in staat zich aan te passen aan het heldere licht door de pupillen te vernauwen. Kijkt het onderwerp naar de inleidende flitsen, dan worden de ogen in de foto niet rood afgebeeld (zie afbeelding 3 op blz. 126).
- Houd de camera vooral goed stil. Het duurt ongeveer 1 seconde voordat de sluiter ontspant.
- Onderdrukken van rode ogen heeft mogelijk geen effect wanneer het onderwerp:
1. Niet recht naar de flitser kijkt.
2. Niet naar de inleidende flitsen kijkt.
3. Te ver van de camera staat.
Het effect van het onderdrukken van rode ogen is afhankelijk van de fysieke eigenschappen van de gefotografeerde persoon. Als flitsen niet is toegestaan of de sfeer van de foto bederft – FLITSER UIT De flitserfunctie heeft u nodig wanneer flitsen niet is toegestaan of wanneer u de sfeer van de schemering of van het kunstlicht niet wilt bederven (zie afbeelden 4 op blz. 126).
- Omdat een lange sluitertijd (tot 2 seconde) wordt ingesteld, moet u een statief gebruiken om bewegen van de camera te voorkomen.
- Zorg ervoor dat uw onderwerp stil staat omdat anders bewegingsonscherpte kan ontstaan. Door de lenskap te sluiten zet u de camera weer in de stand Autoflitsen. Schaduwen op het gelaat – NACHTSCÈNE Maakt u portretopnamen van een persoon in tegenlicht of onder een boom of een dak, dan wordt het gelaat van de persoon mogelijk te donker afgebeeld. Invulflitsen levert precies de juiste hoeveelheid aanvullend licht om de schaduwen te compenseren (zie afbeelding 5 op blz. 126) en voor TL-licht.
- Overtuig u ervan dat uw onderwerp zich binnen het flitsbereik (zie blz. 97) bevindt.
- Bij extreem heldere verlichtingscondities is het mogelijk dat invulflitsen niet het gewenste effect geeft. Door de lenskap te sluiten zet u de camera weer in de stand Autoflitsen. Nachtelijke stadsgezicht – NACHTSCÈNE Als u ‘s avonds door de stad loopt, wilt u uw onderwerp misschien met de stadsver- lichting als achtergrond fotograferen. Een dergelijke opname maakt u dan met de flitserfunctie Nachtscène. De hoofdflits verlicht het onderwerp op de voorgrond terwijl de sluiter tot wel 4 seconde open blijft om de stadsverlichting vast te leggen. Verder moet u de camera op een statief of op een ander stabiel vlak zetten om bewegen van de camera tegen te gaan (zie afbeelding 6 op blz. 126). Combinatie van twee functies – NACHTSCÈNE MET
ONDERDRUKKEN VAN RODE OGEN
Deze functie voorkomt de karakteristieke rode ogen zoals u die ziet in foto’s die ‘s avonds worden gemaakt (zie afbeelding 7 op blz. 126). U kunt deze functie niet samen met de spotmeetmethode gebruiken. Door de lenskap te sluiten zet u de camera weer in de stand Autoflitsen. SPECIALE KENMERKEN
Geen functie- pictogram Autoflitsen Onderdrukken van rode ogen Flitser uit Invulflitsen Nachtscène Nachtscène met onderdrukken van rode ogen Sterke contrasten – SPOTMETING Fotografeert u in een omgeving met sterke contrasten (bijvoorbeeld portretopnamen in tegenlicht) dan wordt het hoofdonderwerp te donker of te helder afgebeeld. Om er voor te zorgen dat uw onderwerp goed wordt belicht, voert u een spotmeting uit (zie afbeelding 1 op blz. 2). Richt het spotmeetteken (A) op het vlak waaraan u het licht wilt meten. Druk de ontspannop half in; zodat de groene LED oplicht en de aan dat vlak gemeten scherpstelling en belichting worden vastgehouden. Kader uw opname opnieuw af en druk de ontspanknop helemaal in. Landschapsfotografie – ONEINDIG De camera wordt automatisch in de stand Oneindig gezet. De flitser ontsteekt daarbij niet, behalve wanneer als flitserfunctie Invulflitsen is ingesteld (zie afbeelding 2 op blz. 2).
INSTELLEN VAN DE BELICHTINGSFUNCTIES
Bij elke druk op de keuzeknop voor de flitserfunctie ( ) verandert de flitserfunctie in het LCD-venster in de hiernaast, links, afgebeelde volgorde. In het LCD-venster wordt aangegeven welke flitserfunctie geselecteerd is. Ontsteek de flitser nooit vlak voor de ogen van mensen of dieren. Ontsteek de flitser ook niet terwijl u de camera op een motorrijder richt. Geen functie- pictogram Automatische belichtingsregeling Spotmeting Oneindig Bij elke druk op de keuzeknop voor de belichtingsfunctie ( / ) verandert de belichtingsfunctie in de hiernaast, links, afgebeelde volgorde. De geselecteerde functie wordt aangegeven in het LCD-venster. Door de lenskap te sluiten zet u de camera weer in de stand Autoflitsen.DATUM EN TIJD AFDRUKKEN (Uitsluitend bij de Quartzdate-uitvoering) Eerst selecteert u de datumnotatie die u wilt afdrukken. Druk op de knop MODE (Functie). Bij elke druk op de knop MODE verandert de datumnotatie in de hiernaast, links, afgebeelde volgorde. Stop als de functie die u wilt gebruiken verschijnt. Datum en tijd worden afgedrukt in de linkerbenedenhoek van het beeld. Worden datum en tijd afgedrukt op een helder gekleurd vlak, bijvoorbeeld wit, oranje, geel, enzovoort dan is het mogelijk dat de afdruk moeilijk leesbaar is. Bij gebruik van zwart-witfilm, is afdrukken van datum en tijd niet mogelijk
DATUM EN TIJD GELIJKZETTEN
(Uitsluitend bij de Quartzdate-uitvoering) Vergeet vooral niet datum en tijd gelijk te zetten wanneer u de batterij in de camera gezet heeft of vervangen heeft.
1. Houd de knop MODE ingedrukt tot in het LCD-venster de cijfergroep van het
„jaar“ begint te knipperen.
2. Druk op de knop SET (Instellen) om het jaartal in te stellen. Bij elke druk op de
knop wordt het getal in het LCD-venster met één verhoogd. Houdt u de knop ingedrukt, dan lopen de cijfers snel door. Passeert u daarbij het gewenste getal, dan houdt u de knop ingedrukt, totdat dat getal weer verschijnt.
3. Druk opnieuw op de knop MODE, zodat de cijfergroep van de „maand“ begint
te knipperen. Stel de cijfergroep van de „maand“ in door op de knop SET te drukken. Bij elke druk op de knop MODE verandert het knipperende cijfergroep in de volgorde „jaar“, „maand“, „dag“, „uur“ en „minuten“.
4. Herhaal Stap 2 en 3 om „uur“ en „minuten“ in te stellen. Overtuig u ervan dat de
cijfergroep van de minuten knippert.
5. Nadat u de „minuten“ heeft ingesteld, drukt u op de knop MODE. Geen van de
cijfergroepen zal nu nog knipperen en het instellen van datum en tijd is daarmee voltooid.
VERVANGEN VAN DE BATTERIJ VAN DE
AFSTANDSBEDIENING (RC-300C – Optioneel) Als de zelfontspanner/afstandsbediening-LED niet knippert, ook niet als u de ontspanknop van de afstandsbediening indrukt, dan moet u de batterij ervan vervangen door een nieuwe (CR2025).
1. Draai de schroef aan de achterzijde van de afstandsbediening los door hem
tegen de wijzers van de klok in te draaien.
2. Draai de afstandsbediening om en verwijder het deksel. Verwijder, terwijl u de
batterij van de afstandsbediening omhoog gericht houdt, de oude batterij en steek er, als afgebeeld, een nieuwe batterij in.
3. Zet het deksel op zijn plaats terug, draai de afstandsbediening om en draai de
schroef aan de achterzijde van de afstandsbediening vast door hem met de wijzers van de klok mee te draaien (zie afbeeldingen 9 op blz. 127). ANDERE HANDELINGEN
AFSTANDSBEDIENING ZELFONTSPANNER Zet de camera op een statief of op een andere stevige ondergrond. Kader uw opname af in de zoeker en druk de ontspanknop half in (op dat moment worden scherpstelling en belichting vastgehouden). Druk daarna de ontspanknop helemaal in. De zelfontspanner-LED brandt circa 10 seconden en knippert dan nog eens 2 seconden. Daarna ontspant de sluiter. AFSTANDSBEDIENING RC-300C (optioneel) Kader uw opname af in de zoeker. Richt het autofocuskader op uw onderwerp. Om de opname te maken richt u de afstandsbediening op de camera en drukt de ontspanknop van de afstandsbediening in. De zelfontspanner/ afstandsbediening-LED begint te knipperen en de sluiter ontspant circa 3 seconden later (zie afbeelding 8 op blz. 127). SPECIALE KENMERKEN
Geen functie- pictogram
Zelfontspanner Afstandsbediening Bij elke druk op de keuzeknop voor de zelfontspanner/ afstandsbediening verandert de functie in de hiernaast, links, afgebeelde volgorde. De geselecteerde functie wordt aangegeven in het LCD-venster.
Druk met de uitstekende punt van de gesp Q van de camerariem de knop voor het terugwikkelen van gedeeltelijk belichte film in. Gebruik geen voorwerpen met een scherpe punt. Haal de film uit de camera zoals beschreven op blz. 97. Geen functiepictogram Jaar-maand-dag Maand-dag-jaar Dag-maand-jaar Dag-uur-minutenType: Volautomatische autofocus kleinbeeldcamera met centraalsluiter en ingebouwde 28 mm – 100 mm zoomlens. Filmsoort: Standaard kleinbeeldfilms met DX-code (24 mm x 36 mm). Lens: Olympus-lens, 28 mm – 100 mm, F4,6 – F11,9; 7 elementen in 7 groepen. Sluiter: Programmagestuurde elektronische sluiter. Zoeker: Reëelbeeld zoomzoeker met oogcorrectiemogelijkheid. Scherpstellen: Passief, gespreid meervoudig autofocussysteem (aan maximaal 11 punten) Vasthouden van de scherpstelling mogelijk. Scherpstelbereik: Groothoek: 0,6 m – ∞ (oneindig)/Tele: 0,8 m – ∞ (oneindig). Belichtingsregeling: Programmagestuurde automatische belichtingsregeling, 3-zone lichtmeting. Automatisch regelbereik: In de stand Groothoek: EV 2,4 (F4,6; 4 s) – EV 16 (F10,2; 1/630 s)/ In de stand Tele: EV 5,1 (F11,9; 4s) – EV 17 (F18, 1/410 s). Opnamenteller: Optellend type met indicatie in het LCD-venster. Zelfontspanner: Elektronische zelfontspanner met circa 12 s vertragingstijd. Filmgevoeligheidbereik: Automatisch instellend met DX-code film met ISO 50; 100; 200; 400; 800; 1600 of 3200. Bij andere, tussengelegen filmgevoeligheden wordt automatisch de eerstvolgend lagere filmgevoeligheid ingesteld. Bij andere dan DX-code films wordt ISO 100 ingesteld. Filmtransport: Inleggen, transporteren en terugwikkelen van de film worden automatisch uitgevoerd. Flitser: Ingebouwde, omhoog verende flitser. Flitserintervaltijd: circa 0,5 s – 5,5 s (bij normale temperatuur en met nieuwe batterij). Flitserfuncties: Autoflitsen (bij weinig licht, tegenlicht en TL-licht ontsteekt de flitser automatisch), Onderdrukken van rode ogen, Flitser uit. Invulflitsen, Nachtscène en Nachtscène met onderdrukken van rode ogen. Belichtingsfuncties: Automatische belichtingsregeling, Spotmeting en Oneindig. Elektrische voeding: Eén 3 V lithiumbatterij (DL123A of CR123A). Afmetingen: 117,0 mm x 61,5 mm x 42,5 mm (b x h x d). Niet gemeten over uitstekende delen. Massa (gewicht): 220 g (zonder batterij). Verder: Weerbestendig ontwerp.
echnische gegevens afstandsbediening (optioneel) Afstandsbedieningsysteem: Infrarood systeem met circa 3 seconden vertragingstijd. Elektrische voeding: Eén batterij type CR2025. Levensduur van de batterij: Circa 5 jaar, met circa 20.000 schakelacties. Werkafstand: Circa 5 m. Afmetingen: 56,5 mm x 35,0 mm x 6,5 mm. Massa (gewicht): 11 g (zonder batterij).
- Laat de camera niet achter op plaatsen waar hij blootgesteld kan worden aan overmatige hitte, vochtigheid of direct zonlicht – bijvoorbeeld in een afgesloten auto of aan het strand.
- Houd de camera uit de buurt van formaline of naftaleen.
- Is de camera nat geworden, dan wrijft u hem af met een droge handdoel. Vooral het zout in zeewater is bijzonder schadelijk voor uw camera.
- Gebruik geen organische oplosmiddelen zoals alcohol of ververdunner om de camera te reinigen.
- Kom met de camera niet in de buurt van TV-ontvangers, koelkasten of andere huishoudelijke apparaten die magnetische velden genereren.
- Stel deze camera niet bloot aan stof en zand omdat dat uw camera ernstig kan beschadigen.
- Stel de camera niet bloot aan trillingen en schokken.
- Oefen geen overmatig grote kracht uit op de zoomlens.
- Stel de camera niet bloot aan overmatige hitte (hoger dan 40 °C) of extreme koude (lager dan –10 °C). Bij lage temperaturen, ook in deze orde van grootte, neemt de capaciteit van de batterij af, waardoor de camera tijdelijk onbruikbaar wordt.
- Laat de camera niet lange tijd ongebruikt liggen. Als gevolg daarvan kan niet alleen schimmelgroei op de camera optreden maar ook andere problemen. Probeer voordat u de camera weer gaat gebruiken de ontspanknop in te drukken en controleer de werking van de camera.
- Op vliegvelden kunnen sommige röntgenapparaten de film in uw camera bescha- digen. Probeer te voorkomen dat uw camera dergelijke apparaten moet passeren. Overhandig de camera aan het veiligheidspersoneel en vraag de inspectie met de hand uit te voeren.
WAARSCHUWING HOUD BATTERIJEN BUITEN HET BEREIK VAN KLEINE KINDEREN. HEEFT EEN KIND PER ONGELUK EEN BATTERIJ INGESLIKT, RAADPLEEG DAN ONMIDDELLIJK EEN ARTS. Belangrijk Geachte koopster/koper, De batterijen welke in dit product worden gebruikt, bevatten stoffen die schadelijk zijn voor het milieu. Gooi daarom nooit batterijen bij het gewone huisvuil. Laat bij voorkeur de batterijen door uw vakhandelaar vervangen of lever de batterijen in bij de chemokar of het chemo-inleverpunt in uw gemeente indien u de batterijen zelf verwisselt. Belangrijk Geachte Koper/Koopster, Zorg ervoor dat het Nederlandse garantiebewijs geheel is ingevuld en afgestempeld door uw leverancier. Bewaar de aankoopbon zeer zorgvuldig. Als u onverhoopt gebruik moet maken van de garantievoorwaarden, dient u deze bescheiden te overleggen.KÄYTTÖOHJE
SimpelGids