KETTLER Racer 1 - Binnenfiets trainer

Racer 1 - Binnenfiets trainer KETTLER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis Racer 1 KETTLER in PDF-formaat.

📄 104 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag 9 vragen ⚙️ Specs
Notice KETTLER Racer 1 - page 32
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : KETTLER

Model : Racer 1

Categorie : Binnenfiets trainer

Kenmerken Details
Producttype Indoor fietstrainer
Maximaal gebruikersgewicht 130 kg
Afmetingen Lengte: 130 cm, Breedte: 60 cm, Hoogte: 130 cm
Weerstand Instelbare magnetische weerstand
Scherm LCD-display met informatie over snelheid, afstand, tijd en calorieën
Trainingsprogramma's Meerdere vooraf ingestelde programma's om de sessies te variëren
Connectiviteit Compatibel met fitness-apps via Bluetooth
Onderhoud Controleer regelmatig de schroeven en verbindingen, maak het frame schoon met een vochtige doek
Veiligheid Gebruik op een vlakke ondergrond, overschrijd het maximale aanbevolen gewicht niet
Garantie 2 jaar op onderdelen, 5 jaar op het frame
Inclusief accessoires Pedalen, gebruikershandleiding

Veelgestelde vragen - Racer 1 KETTLER

Hoe monteer ik de KETTLER Racer 1?
Volg de montagehandleiding die bij de doos is inbegrepen. Zorg ervoor dat alle schroeven goed zijn aangedraaid en volg de stappen in de juiste volgorde.
Wat zijn de instellingen voor het zadel en het stuur?
Het zadel en het stuur kunnen in hoogte en diepte worden versteld. Gebruik de verstelhefbomen om ze aan uw lengte aan te passen.
Hoe stel ik de weerstand van de fiets in?
Gebruik de weerstandsknop aan de voorkant van de fiets om de trainingsmoeilijkheid te verhogen of te verlagen.
De snelheidsmeter werkt niet, wat moet ik doen?
Controleer of de batterij correct is geplaatst en of de sensoren uitgelijnd zijn. Als het probleem aanhoudt, probeer dan de snelheidsmeter te resetten.
Kan ik de KETTLER Racer 1 buiten gebruiken?
Nee, de KETTLER Racer 1 is alleen ontworpen voor binnengebruik. Vermijd blootstelling aan vocht en extreme temperaturen.
Hoe onderhoud ik de KETTLER Racer 1?
Maak de fiets regelmatig schoon met een zachte, droge doek. Controleer maandelijks de schroeven en bouten om er zeker van te zijn dat ze goed vastzitten.
Is er garantie op de KETTLER Racer 1?
Ja, de KETTLER Racer 1 wordt doorgaans geleverd met een garantie van twee jaar op onderdelen en één jaar op arbeid. Controleer de specifieke voorwaarden in de handleiding.
Wat zijn de afmetingen van de KETTLER Racer 1?
De afmetingen van de KETTLER Racer 1 zijn ongeveer 130 cm lang, 60 cm breed en 120 cm hoog. Zorg dat u voldoende ruimte heeft om hem comfortabel te gebruiken.
Is de KETTLER Racer 1 compatibel met fitness-apps?
Ja, de KETTLER Racer 1 is compatibel met bepaalde fitness-apps via Bluetooth. Raadpleeg de handleiding voor meer details over de verbinding.

Download de handleiding voor uw Binnenfiets trainer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Racer 1 - KETTLER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Racer 1 van het merk KETTLER.

GEBRUIKSAANWIJZING Racer 1 KETTLER

Inhoudsopgave Veiligheidsaanwijzingen 32

  • Uw Veiligheid 32 Korte beschrijving 33-35
  • Functiebereik / toetsen 33 Polsslagmeting
  • Weergavebereik / display 34-35 Start van het apparaat 36
  • Batterijen plaatsen 36
  • Batterijen verwisselen 36
  • Start zonder voorkennis 36
  • Instellen van de tijd 36 Training 37 Persoonlijke trainingsprogrammeringen 37
  • Doelwaardeprogrammering 37 Voorbeeld DISTANCE 37
  • SCAN-Betrieb 37 Recovery (herstelpolsslagmeting) 38
  • Conditiecijferberekening 38 Batterijen verwisselen 39
  • Verwijdering 38-39 gebruikte batterijen en accu’s Mogelijkheden voor 39 polsslagmeting
  • Aanwijzingen voor polsslagmeting 39 Trainingshandleiding 40
  • Belastingintensiteit 40
  • Defecte of beschadigde onderdelen dienen direct te worden vervangen. Gebruik hiervoor uitsluitend originele KETTLER onderdelen.
  • Het apparaat niet gebruiken tot reparatie heeft plaatsgevon- den.
  • Het veiligheidsniveau van het apparaat kan alleen onder de voorwaarde gegarandeerd worden, dat er regelmatig op schade en slijtage gecontroleerd wordt. Voor uw veiligheid:
  • Raadpleeg voor u begint met trainen uw huisarts of uw gezondheid training met dit apparaat toelaat. Zijn advies dient als basis voor de opbouw van uw trainingsprogramma. Foutieve of overmatige training kan gezondheidsproblemen tot gevolg hebben. Veiligheidsaanwijzingen Neem onderstaande punten voor uw eigen veiligheid in acht:
  • Het opstellen van het trainingsapparaat dient op een daar- voor geschikte, stevige ondergrond plaats te vinden.
  • Voor het eerste gebruik en vervolgens na ca. 6 gebruiksda- gen dient gecontroleerd te worden of de verbinding nog goed vast zitten.
  • Om letsel als gevolg van foutieve belasting of overbelasting te vermijden, mag het trainingsapparaat uitsluitend volgens de handleiding gebruikt worden.
  • Opstellen van het apparaat in vochtige ruimtes is, op langere duur gezien, wegens de daarmee verbonden roestvorming niet aan te bevelen.
  • Controleer regelmatig of het apparaat nog goed functioneert en nog in een goede toestand verkeert.
  • De veiligheidstechnische controles behoren tot de gebruiker- plichten en dienen regelmatig en zorgvuldig uitgevoerd te worden. NL33

ST 7609-68 Korte beschrijving Het apparaat heeft een functiebereik met toetsen en een weergavebereik (display) met wijzigende sym- bolen en grafiek. Functiebereik / toetsen MODE Zonder trainingsactiviteit verschijnt bij indrukken van deMODE toets links boven het symbool P. In deze moduskunnen de functies ingesteld worden.Kies door kort indrukken van de MODE toets tussen defuncties [TIME, DISTANCE, CALORIES of PULSE] zowelvoor weergave, als ook voor uw persoonlijke instellingen. Als u de MODE toets lang ingedrukt houdt, worden allewaardes op >0< gezet.alle Werte auf >0< gesetzt. SET Met de SET-toets worden geprogrammeerde waardesingevoerd. Daarvoor moet het apparaat zich in de rust-stand bevinden > weergave links boven in de display: P.Door kort indrukken van de SET-toets verhoogt u de instel-waardes van de diverse functies > [TIME; DISTANCE,CALORIES of PULSE]. Als u de SET-toets langer ingedrukthoudt, versnelt de telling van de instelwaarde. RESET Met de RESET toets worden de functies op >0< gezet. Bijde programmeringen van een betreffende functie wordtalleen de waarde van deze functie door kort indrukkenvan de RESET toets op >0< gezet. Als de RESET toetslange ingedrukt wordt, worden alle waardes op >0<gezet; dat is hetzelfde als een herstart van de computer.Dan moet ook de tijd opnieuw ingesteld worden.Bij het verwisselen van de batterijen worden ook allewaardes op >0< teruggezet. RECOVERY Gebruik de RECOVERY-toets voor het activeren van de herstelpolsfunctie na de training. Polsslagmeting De polsslagmeting kan via 3 bronnen plaatsvinden:

1. Handsensoren (standaard)

2. Oorclip – (als accessoire verkrijgbaar)

De stekker wordt in de bus gestoken.

3. Borstgordel + insteekontvanger (als accessoire

verkrijgbaar) Als een borstgordel optioneel gebruikt wordt, dient de verbinding tussen de borstgordel en de trainings- computer via een insteekontvanger tot stand gebracht te worden. Borstgordel en insteekontvanger kunnen los nabesteld worden.Trainings- en bedieningshandleiding

Weergave van 40 – 220 Trainingstijd (TIME) Tijd 24 uur Puls PULSE Afstand (DISTANCE)

Weergave van 0,00 – 99,99 Weergave van 0:00 – 99:59 Weergave van 0 – 9999 Energieverbruik CALORIES (KCAL) Hartsymbool (knippert), als een signaal gemeten wordt De gegevens dienen echter slechts als grove richtlijn om de verschillende oefe- ningen met elkaar te vergelijken en kun- nen niet voor medische doeleinden gebruikt worden. Als u met beide handen de handsensoren vasthoudt, toont het display de actuele hartslagwaarde. U kunt voor de training een doelwaarde invoeren. Als de hart- slagfrequentie dit doel overschrijdt, hooft u een alarm om u daarop attent te maken. Weergavebereik / display In het display verschijnt een grootveld en tegelijkertijd meerdere segmentvelden in het onderste bereik naast elkaar. Na beëindiging van de trai- ning blijven de trainingsgege- vens behouden en kunnen bij een nieuw trainingsbegin opgeroepen worden. De nieu- we gegevens worden dan erbij gerekend. Na trainingseinde of bij trainingsonder- breking schakelt het apparaat na 4 minu- ten naar de slaapmodus. Alleen de tijd wordt nog weergegeven.ST 7609-68

Trapfrequentie (RPM) – Round per Minut Pedaalomwentelingen per minuut Weergave van 3,9 – 70,6 km/h 2,4 – 43,9 m/h Snelheidt SPEED (KM/H) oder (Mi/H) Weergave van 11 – 199 Symbolen Betekenis SCAN Training Weergavewisseling en telling van de aparte waardes tijdens de trai- ning in het grote veld SCAN groot Weergave bijv. RPM SCAN klein Weergave bijv. RPM Stopp en SCAN Bij trainingsonderbreking Weergavewisseling van de laatste waardes in het grote veld zonder telling Stop / programma Bij de start of trainingsonderbreking Instelmogelijkheid van de functies Wisselende weergave van alle functies in het grote veld. Links in het display verschijnt resp. de betekenis in afgekorte vorm: TM = TIME = trainingstijd DST = DISTANCE = afgelegde afstand CAL = CALORIES = energie / calorieënverbruik PLS = PULSE = hartslagfrequentie RPM = Rounds Per Minute = omwentelingen per minuut/trapfrequentie SPD = SPEED = snelheid. Als het grote veld met de resp. eenheid ver- schijnt, knippert in het kleine venster de functie- beschrijving.Trainings- en bedieningshandleiding

Start van het apparaat Start van het apparaat Plaats 2 batterijen (1,5 V UM 3/AA). De computer voert een segmenttest uit en toont alle weer- geefbare tekens, met een bevestigingstoon. Er verschijnt kort het getal “78,0” en dan de weergave voor de tijdin- stelling - uren en minuten “00:00”. Instellen van de tijd De tijd wordt met de toetsen SET en MODE gewijzigd: De uuraanduiding knippert. Met de SET toets wordt de actuele uurtijd ingesteld. Door kort indrukken van de SET toets verhoogt u de weergave steeds met een cijfer. Als de SET toets langer ingedrukt wordt, kan de instelwaarde in een snellere telvolgorde ingevoerd worden. Als per ongeluk het gewenste getal voorbij bent gegaan, kan door langer indrukken van de SET toets sneller geteld worden, of door indrukken van de RESET toets opnieuw vanaf >0< geteld worden. De gewenste uurtijd wordt met de MODE toets bevestigd. De minutenaanduiding knippert. Instellen van de minuten zoals boven beschreven met SET; RESET en MODE instellen. Als u met de MODE toets de tijdinstelling bevestigd heeft komt u in het programmamenu voor instellen van de per- soonlijke trainingsprogrammeringen - het eerste veld TIME knippert en TM wordt in het grote veld weergegeven. Start zonder voorkennis (gast) U kunt met deze instelling ook zonder voorkennis met de training beginnen. In het display worden de diverse infor- maties weergegeven. Alle waardes worden vanaf >0< opgeteld. Voor een efficiënte training en voor het instellen van uw persoonlijke trainingsprogrammeringen leest u en volgt u a.u.b. de verdere aanwijzingen onder “persoonlijke trai- ningsprogrammeringen”.

ST 7609-68 Training Persoonlijke trainingsprogrammeringen Allgemeen – Zonder aparte programmeringen tellen de waardes inde diverse functies [TIME, DISTANCE, CALORIES enPULSE] van >0< omhoog.– Voor een zinvolle training is het voldoende bij slechtsin één functie [TIME, DISTANCE, CALORIEN of PULSE]een doelwaarde in te stellen.– Als een persoonlijke doelwaarde als trainingsprogram-mering ingesteld wordt, telt de computer vanaf dezewaarde terug. Bij het bereiken van de doelwaarde >0< hoort u een signaal. Als daarna, zonder program-mering van een nieuwe doelwaarde, verder getraindwordt, telt de computer in deze modus weer van >0<omhoog.– Eenmaal ingestelde doelwaardes kunnen tijdens de trai-ning niet gewijzigd worden, uitsluitend als het appa-raat stil staat. Doelwaardeprogrammering Het instellen van de doelwaardes is bij alle functies het-zelfde: bijv. DISTANCE1. Druk op de MODE-toets totdat in het veld DISTANCEhet getal knippert en het grote getal in de display staat(afkorting > DST)2. Door kort indrukken van de toets SET wordt de waardeverhoogd. Bijv. DISTANCE in 0,5 km stappen. Als ude SET-toets ingedrukt houdt vindt er een snellere tellingplaats.3. Als u de doelwaarde weer wilt verlagen, druk dan kortop de RESET-toets. Er wordt weer van >0< opgeteld.Druk nogmaals op de SET-toets tot aan de doelwaarde.4. Als u de doelwaarde ingesteld heeft, druk dan op deMODE-toets. De waarde is dan in deze functie opge-slagen en u gaat naar de volgen functie bijv. CALO-RIES.5. Programmeer de waarde indien mogelijk slechts in eenfunctie, omdat de trainingsdoelen elkaar anders over-lappen. Bijv. als u het geprogrammeerde tijddoel eer-der zou bereiken als het voorgeprogrammeerdeafstandsdoel.6. De voorgeprogrammeerde waardes in de andere func-ties [TIME, CALORIES of PULSE] worden, als onder 1-4beschreven, ook met de toetsen SET, RESET en MODEingevoerd. Na het afsluiten van de programmeringen kunt u met trainen beginnen. Tijdens de training wisselt in de dis- play de weergave van de diverse functies elke 6 secon- den. Als u tijdens deze weergave op de MODE-toets drukt, blijft de gekozen functie in de display in grote getallen staan. In het kleine veld knippert de functie- naam bijv. PULSE. Nogmaals indrukken van de MODE- toets activeert de SCAN-functie > elke 6 seconden weer- gavewisseling.Trainings- en bedieningshandleiding

RECOVERY Met de RECOVERY toets bereikt men een herstelpolsslag- meting aan het einde van de training. Uit de begin- en eindpolsslag van een minuut wordt de afwijking en een conditiecijfer berekend. Bij gelijke training is de verbete- ring van dit cijfer een maatstaf voor de conditieverbete- ring. Als u de doelwaarde bereikt heeft, beëindigd u de trai- ning, druk op de RECOVERY toets en laat daarna de han- den op de handsensoren liggen. Bij voorgaande polsslagmeting verschijnt in het display 00:60 voor tijd en in het PULSE segmentveld (rechts) knip- pert de actuele polsslagwaarde. De tijd begint van 00:60 terug te tellen. Laat de handen op de handsensoren lig- gen, tot naar >0< teruggeteld is. In het display wordt een waarde tussen F1 en F6 getoond. F1 is de beste en F6 de slechtste waarde. Nog- maals indrukken van RECOVERY beëindigd de functie. Conditiecijferberekening De computer berekend en geeft een waarde aan het verschil tussen belastingspolsslag en herstelpolsslag en uwe hieruit resulterend "conditiecijfer" volgens onderstaande formule: P1 = belastingpolsslag P2 = herstelpolsslag Cijfer 1 = uitstekend Cijfer 6 = onvoldoende De vergelijking van belasting- en herstelpolsslag is een eenvoudige en snelle mogelijkheid de lichamelij- ke conditie te controleren. Het conditiecijfer is een oriënteringswaarde voor uw herstelcapaciteit na lichamelijke belastingen. Voordat u de herstelpols- slagtoets indrukt en uw conditiecijfer opvraagt, dient u een langere tijd, d.w.z. minstens 10 minuten, in uw belastingbereik te trainen. Bij regelmatige condi- tietraining zult u constateren dat uw "conditiecijfer" beter wordt. Batterijen verwisselen Verschijnen de weergaves in het displayveld alleen nog zeer zwak, dienen de batterijen vervangen te worden. De waardes en programmeringen van de laatste training gaan verloren. De tijd moet opnieuw ingesteld worden. Verwijderen van gebruikte batterijen en accu’s Dit symbool attendeert erop dat batterijen en accu’s niet met het normale huisvuil verwijderd mogen worden. De letters Hg (kwikzilver) en Pb (lood) onder de doorge- streepte vuilcontainer geven tevens aan dat de batterij / accu een aandeel van meer dan 0,0005% kwikzilver of 0,004% lood bevat. Foutieve verwijdering schaadt het milieu en de gezond- heid, materiaalrecycling ontziet kostbare grondstoffen.

Verwijder na het stilleggen van het product alle batterijen /accu’s en geef ze bij het afgeefpunt voor recycling van batterijenen elektrische en elektronische apparaten af.Informatie over genoemde afgeefpunten kunt u bij uw plaatselij-ke gemeente-instanties, het recyclingbedrijf of het verkooppuntvan dit apparaat verkrijgen. Mogelijkheden voor polsslagmeting De polsslagberekening begint als het hart in de display syn-chroon met uw polsslag knippert. Met oorclip De polsslagsensor werkt met infraroodlicht en meet de wijzi-gingen in de lichtdoorlatendheid van uw huid, die door uwpolsslag opgewekt wordt. Wrijf 10 keer krachtig over uw oor-lelletje eer u de sensor aan uw oorlelletje klemt. Vermijd stoorimpulsen:• Bevestig de oorclip zorgvuldig aan uw oorlelletje en zoekhet beste punt voor de meting (hartsymbool knippert zon-der onderbreking).• Train niet direct onder een sterke lichtbron zoals bijv. neon-licht, halogeenlicht, spotjes en zonlicht.• Sluit schudden en wakkelen van de oorsensor incl. kabelvolledig uit. Bevestig de kabel met de klemmetjes aan uwkleding of beter nog aan een hoofdband. Met borstgordel Als een borstgordel optioneel gebruikt gaat worden, dient deverbinding tussen de borstgordel en de trainingscomputer viaeen insteekontvanger tot stand gebracht te worden. Borstgor-del en insteekontvanger kunnen achteraf besteld worden. Met handsensoren Een door de contractie van het hart opgewekte kleine span-ning wordt door de handsensoren gemeten en door de com-puter van een waarde voorzien.• Pak de contactvlakken altijd met beide handen vast.• Vermijd rukachtig vastpakken.• Houd de handen rustig en vermijd contracties en wrijvenover de contactvlakken. Aanwijzing: Er is maar een manier van polsslagmeting mogelijk: met oor-clip of met handsensoren of met borstgordel. Bevindt zichgeen oorclip resp. insteekontvanger in de polsslagbus, is dehandsensormeting geactiveerd. Wordt een oorclip resp.insteekontvanger in de polsslagbus gestoken, wordt de hand-sensormeting automatisch gedeactiveerd. Het is niet noodza-kelijk de stekker van de handsensoren te verwijderen. Moge-lijkheden van polsslagmeting.

Trainingshandleiding Voor uw veiligheid ■ Raadpleeg alvorens met de training te beginnen uw huis- arts en vraag of de training met dit apparaat voor u geschikt is. Zijn diagnose is belangrijk voor het bepalen van de intensiviteit van uw training. Een verkeerd uitge- voerde of te intensieve training kan uw gezondheid nega- tief beïnvloeden De hometrainer is speciaal voor de vrijetijdssporter ontwik- keld en uitstekend geschikt voor hart- en bloedsomlooptrai- ning. Tips voor de training De training met de hometrainer dient te geschieden volgens een bepaalde methode en de principes van de duurtraining. Door de duurtraining ontstaan veranderingen en aanpassin- gen van het hart/bloedsomloopsysteem zoals een lagere polsslag in rust en tijdens de training. Hierdoor heeft het hart meet tijd voor het vullen van de hartkamers en voor de door- bloeding van de hartmusculatuur (door de kransslagaders. Tevens neemt de ademhalingsdiepte en het luchtvolumen, dat kan worden inge ademd, toe (vitale capaciteit. Verdere posi- tieve veranderingen vinden plaats in het stofwisselsysteem. Om deze veranderingen te bereiken, moet men de training volgens bepaalde regels doorvoeren. Planning en sturing van de training De basis voor de trainingsplanning is uw actuele lichamelij- ke prestatievermogen. Met een belastingstest kan uw huisarts uw persoonlijke prestatievermogen bepalen. Dit is de basis voor uw trainingsplanning. Heeft u géén belastingstest uitge- voerd, vermijd dan te allen tijde een hoge trainingsbelasting resp. overbelasting. Houd bij de trainingsplanning rekening met de volgende basisregels: duurtraining wordt zowel via de belastingomvang als via het belastingniveau / de belas- tingintensiteit gestuurd worden. M.b.t. belastingintensiteit De belastingintensiteit dient bij een fitnesstraining bij voor- keur via de polsslag gecontroleerd worden. De maximale polsslag per minuut > 220 min leeftijd – mag niet overschre- den worden. De optimale trainingspolsslag wordt door leef- tijd en trainingsdoel bepaald. Trainingsdoel: vetverbranding / gewichtsvermindering De optimale polsslag wordt volgens de vuistregel (220 – leeftijd x 0,65 berekend. Aanwijzing: de vetverbranding voor het opwekken van ener- gie wordt pas vanaf een trainingsduur van min. 30 minuten belangrijk. Trainingsdoel: hart en bloedsomloop fitness De optimale polsslag wordt volgens de vuistregel (220 – leeftijd x 0,75 berekend. De intensiteit wordt tijdens de training via het remniveau bepaald. Vermijd als beginner een training met een te hoog remniveau, omdat hierbij snel het aanbevolen polsslagbereik overschreden kan worden. Begin met een laag remniveau en werk stap voor stap naar uw optimale trainingspolsslag. Con- troleer tijdens de training regelmatig of u binnen uw intensi- teitbereik volgens bovengenoemde adviezen traint. Als trainingseffectief wordt door sportgeneeskundige de vol- gende belastingsomvang berekend: De eerste trainingseenheden zouden relatief kort en volgens een intervaltraining moeten worden opgebouwd. Als trai- ningseffectief wordt door sportgeneeskundige de volgende belastingsomvang berekend.In geen geval zijn trainingseen- heden van 30-60 minuten raadzaam voor beginnelingen.Het debutantentraining kan in de eerste 4 weken als volgt ontwor- pen zijn: Als persoonlijke trainingsdokumentatie kunt U de bereikte trai- ningswaarden in de prestatietabel inschrijven. Voor en na elke trainingseenheid is een 5-min. opwarming res- pectievelijk cool-down gymnastiek raadzaam. Tussen twee trainingseenheiden zou een trainingsvrije dag moeten liggen, als later het 3 keer per week training van 20-30 minuten ver- kiest. In et andere geval spreekt er niets tegen een dagelijks training. Trainingsfrequentie Trainingsduur Dagelijks 10 min 2-3 x per week 20-30 min 1-2 x per week 30-60 min Trainingsintensiteit Opbouw van de training3 x per week 2 minuten trainen1 minuut pauze voor gymnastiek2 minuten trainen1 minuut pauze voor gymnastiek2 minuten trainen3 x per week 3 minuten trainen1 minuut pauze voor gymnastiek3 minuten trainen1 minuut pauze voor gymnastiek2 minuten trainen3 x per week 4 minuten trainen1 minuut pauze voor gymnastiek3 minuten trainen1 minuut pauze voor gymnastiek3 minuten trainen3 x per week 5 minuten trainen1 minuut pauze voor gymnastiek4 minuten trainen1 minuut pauze voor gymnastiek4 minuten trainen

PolsslagLeeftijd Vetverbrandings-polsslag (65 % van Max. pols)

Conditie polsslag (75 % van Max. pols) Maximale polsslag (220 – Leeftijd) Trainings- en bedieningshandleidingPrestatietabel