KETTLER Vito XLS - Elliptische fiets

Vito XLS - Elliptische fiets KETTLER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis Vito XLS KETTLER in PDF-formaat.

📄 76 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag 10 vragen ⚙️ Specs
Notice KETTLER Vito XLS - page 16
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.
Producttype Elliptische trainer
Merk Kettler
Model Vito XLS
Afmetingen (L x B x H) 150 cm x 70 cm x 170 cm
Gewicht apparaat 60 kg
Maximaal gebruikersgewicht 130 kg
Voeding 4 AA-batterijen of netadapter 6V (niet inbegrepen)
Weerstandssysteem Magnetisch met 16 instelbare niveaus
Display LCD-scherm met achtergrondverlichting
Weergavefuncties Tijd, afstand, calorieën, snelheid, omwentelingen/minuut, hartslag
Trainingsprogramma's 12 vooraf ingestelde programma's, gebruikersprogramma, handmatige modus
Hartslagsensoren Pulsensoren op het stuur
Staplengte 40 cm
Pedalen Anti-slip met verstelbare band
Transport Ingebouwde transportwieltjes
Geluidsniveau Laag (stil systeem)
Materialen Staal, ABS-kunststof
Garantie 2 jaar (onderdelen en arbeid)
Repareerbaarheid Reserveonderdelen beschikbaar, after-sales service Kettler
Onderhoud Reinigen met een vochtige doek, maandelijks schroeven controleren
Veiligheid Noodstop, antislip pedalen, versterkte stabiliteit
Goedkeuringen Norm EN 957 (klasse HA)
Inbegrepen accessoires Gebruiksaanwijzing, montagekit, optionele beschermingsmat

Veelgestelde vragen - Vito XLS KETTLER

Hoe monteer ik de Kettler Vito XLS?
Volg de stappen in de meegeleverde handleiding. Begin met het bevestigen van het hoofdframe, installeer vervolgens de armen, de pedalen en het scherm. Gebruik de inbussleutel en de steeksleutel. Draai alle schroeven goed vast. Het wordt aanbevolen om met twee personen te monteren.
Hoe vervang ik de batterijen van het beeldscherm?
Het scherm werkt op 4 AA-batterijen (niet inbegrepen). Open het batterijvak aan de achterkant van het scherm, plaats ze met de juiste polariteit. Als u een netadapter gebruikt, sluit deze dan aan op de daarvoor bestemde aansluiting.
Wat moet ik doen als het scherm niet aangaat?
Controleer eerst de batterijen of de netadapter. Zorg ervoor dat de batterijen correct zijn geplaatst en niet leeg zijn. Als het scherm uit blijft, koppel de adapter los en verwijder de batterijen, wacht 10 seconden en plaats ze terug. Als het probleem aanhoudt, neem dan contact op met de klantenservice.
Hoe stel ik de weerstand in?
Draai aan de weerstandsknop op het stuur of gebruik de +/- knoppen op het scherm. De Vito XLS heeft 16 magnetische weerstandsniveaus. Een digitale weergave toont het geselecteerde niveau.
Kan ik de elliptische trainer gebruiken tijdens de zwangerschap?
Raadpleeg uw arts voordat u met activiteiten begint. De Vito XLS wordt afgeraden bij gevorderde zwangerschap of complicaties. In het begin van de zwangerschap kan matig gebruik mogelijk zijn, maar altijd onder medisch advies.
Hoe reinig ik de Kettler Vito XLS?
Reinig het apparaat met een zachte, licht vochtige doek. Gebruik geen schurende middelen of oplosmiddelen. Veeg transpiratie na elk gebruik af. De plastic onderdelen kunnen worden gereinigd met een mild reinigingsmiddel.
De hartslag wordt niet weergegeven, wat moet ik doen?
Plaats uw handen op de pulsensoren (metalen handgrepen) en houd ze stil. Zorg ervoor dat uw handen schoon en droog zijn. Als het probleem aanhoudt, controleer dan of de kabels van de sensoren goed zijn aangesloten.
Wat is het maximale gewicht dat het apparaat kan dragen?
Het maximale gebruikersgewicht is 130 kg. Overschrijd deze limiet niet om de veiligheid en duurzaamheid van de elliptische trainer te garanderen.
Hoe verplaats ik de Kettler Vito XLS elliptische trainer?
Dit apparaat is uitgerust met transportwielen. Kantel de voorkant van de elliptische trainer iets om de achterste stabilisatoren op te tillen en duw hem dan. Verplaats hem voorzichtig op een vlakke ondergrond.
Waar vind ik reserveonderdelen voor de Vito XLS?
Reserveonderdelen zijn verkrijgbaar via de after-sales service van Kettler. Neem contact op met uw dealer of bezoek de officiële website van Kettler. Houd het modelnummer en de aankoopdatum bij de hand.

Gebruikersvragen over Vito XLS KETTLER

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Elliptische fiets in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Vito XLS - KETTLER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Vito XLS van het merk KETTLER.

GEBRUIKSAANWIJZING Vito XLS KETTLER

Bedieningshandleiding voor de trainingscomputer met digitale weergave

ST2510-8 / ST2550-8, -9 / ST2551-8

KETTLER ZEIT / TIME 88:88 KILOJOLE 88.8 KM Ø KM/H 88.8.8 0 0:0.0 Ø RPM MAX Ø PULSE 188 188 188 ELECTRONIC CONTROL CARDIO FITNESS - SET + RECOVERY

ZEIT / TIME 1 88:88 R F C 0 0:0.0 7 KiloJoule 2 88.8 KM 0 0:0.0 Ø KM/H Ø RPM MAX Ø PULSE 88.8 188 188 % 188 3 4 5 6

Symbolen op de display
graph TD A["ZEIT / TIME"] --> B["RE"] B --> C["KM"] C --> D["∅ KM/H"] D --> E["e"] D --> F["d"] D --> G["e"] H["KILOJOULE"] --> I["RE"] I --> J["KM"] J --> K["∅ RPM"] K --> L["Max"] L --> M["PULSE"] M --> N["∅"] style A fill:#f9f,stroke:#333 style H fill:#ccf,stroke:#333 style I fill:#cfc,stroke:#33…

Uitrusting:

Waardes:

  1. Tijd 0:00 - 99:59 [min:sec]
  2. Energieverbruik 0 - 9999 Totaal aantal kilometers (odometer) [0 - 9999 km]
  3. Snelheid 0 - 99,9 [km/h] Afstand 0 - 99,9 [km]
  4. Trapfrequentie 20 - 199 [omwentelingen/min] Pedaalomwentelingen
  5. Percentage Verhouding: actuele polsslag – maximale polsslag
  6. Polsslag 50 - 199 [slagen/minuut]
  7. Groot veld Kamertemperatuur [0 - 40°] Conditiecijfer [F1.0 - F6.0]

Symbolen:

a. REC Herstelpolsslag
b. SCAN Automatische gegevenswisseling
c. Pijlen Actueel veld op het grote weergaveveld
d. KM Totaal aantal kilometers
e. Doorsnede Slagfrequentie + polsslag

f. LO Niet halen van de laagste polsslagwaarde

g. HI Overschrijden van de hoogste polsslagwaarde

h. Hart Knippert synchroon met de hartslag

i. Procentteken % van de geprogrammeerde maximale polsslag

j. Muzieknoot Akoestische maximale polsslag bewaking

k. MAX Overschrijding van de maximale polsslag

oetsen:

Min-toets Waardes verlagen (weergaveveld terug)

Set-toets Functietoets [programmeren, wisselen, terug-zetten (reset) van het weergaveveld]

Plus-toets Waardes verhogen (weergaveveld vooruit)

Recovery-toets Functietoets [opvragen conditiecijfer]

Aansluitingen (voor)

Bus (4-polig) voor de handsensoren (niet bij Racer en Cross-bike)

Bus (2-polig) voor de snelheidsmeter

Batterijenvak 2 batterijen: Mignon 1,5 Volt, LR6, AA

1.0 Weergaven voor de training

  1. Kamertemperatuur Afbeelding 1 [voor en na de training]
  2. Volledige weergave Afbeelding 2 [na trappen of indrukken van een toets, 1 sec.]
  3. Totaal aantal kilometers Afbeelding 3 [weergave duurt 10 seconden of toets]
  4. Startveld Afbeelding 4

21°C ZEIT / TIME 88:00 KILOJULE 88:00 KM Ø KIMH Ø RPM MAX Ø PULSE 88:00 188/88%

Afbeelding 2 Volledige weergave

Afbeelding 1 Kamertemperatuur
odo 0.0KM

ZEIT / TIME 0:00 KLOJOULE 0 KMH 0.0 0-00 0-00 RPM PULSE 0 P

Afbeelding 3 Totaal aantal kilometers
Afbeelding 4 Startveld

2.0 Polsslagmeting

Deze weergave biedt twee, resp. drie mogelijkheden voor polsslagmeting:

  1. Met de handsensoren (niet bij Racer en Crossbike)
  2. Met de oorclip
  3. Met een borstgordel (als accessoire bij de vakhandel verkrijgbaar)

Polsslagmeting met de handsensoren

De handen omvatten de handsensoren.

Polsslagmeting met de oorclip

Wrijf over een oorleletje om de doorbloeding te stimuleren.

Bevestig de oorclip aan het oorleletje.

Polsslagmeting met de borstgordel

Doe de borstgordel om.

Raadpleeg de handleiding die erbij geleverd wordt.

Polsslagweergave

U heeft het startveld (afbeelding 4) ingesteld.

Het hartsymbool (h) knippert synchroon met uw hartslag.

Na enkele seconden wordt de polsslag als waarde weergegeven (6).

3.0 Training zonder programmering van trainingsgegevens

Start uw training. Alle waardes tellen op.

4.0 Training met programmering van trainingsgegevens

Instellen van tijd (1), kilojoule (2), afstand (3) en polsslag (6).

U heeft het startveld (afbeelding 4) ingesteld. Druk op de Set-toets, u komt in de programmeermodus en met de + of - toets kunt u de gewenste waarde ingeven.

Drukt u langere tijd op de +/- toets, lopen de programmeerwaardes sneller vooruit of terug.

Drukt u tegelijkertijd op de +/- toetsen, springt de waarde naar "OFF" terug.

Met de Set-toets bereikt u het volgende programmeerveld.

Na het programmeren van de polsslag verlaat u met de Set-toets de programmeermodus en ziet u het veld met de eventuele programmeringen (afbeelding 16/17).

Drukt u langer op de set-toets, springt het veld naar volledige weergave (resetfunctie) (afbeelding 2).

Opmerking

Geeft u gedurende 4 minuten géén waardes in, springt de computer op kamertemperatuur (afbeelding 1).

ZEIT / TIME OFF ZEIT / TIME 18:00 18:00

Afbeelding 5 Afbeelding 6

KLOJICOLE 270 270 10.0 KM 10.0

Afbeelding 7 Afbeelding 8
Afbeelding5: Tijdprogrammering begint met "OFF"
Afbeeldingó: Tijdprogrammering: bijv. 18 minuten
Afbeelding7: Energieverbruikprogrammering: bijv. 270 kilojoule

Afbeelding8: Afstandprogrammering: bijv. 10 km

De juiste trainingspolsslag

De trainingspolsslag is afhankelijk van leeftijd en trainingsdoel. Er be- staat voor elke leeftijd en elk trainingsdoel een "juiste" zogenaamde aë- robe zone, die door een bovenste en onderste polsslaggrens (+/- 10 slagen) gekenmerkt wordt. De trainingspolsslag dient altijd binnen deze aërobe zone te liggen. De maximale polsslagfrequentie (220 min leeftijd) mag niet overschreden worden. Gezonde personen kunnen zich aan on- derstaand diagram oriënteren (zie ook 4.2).

| leeftijd | polsslag /minuut | | -------- | ---------------- | | 20 | 180 | | 30 | 160 | | 40 | 140 | | 50 | 120 | | 60 | 100 | | 70 | 80 | | 80 | 60 | | 90 | 40 | | 100 | 20 |

Polsslag programmeermogelijkheden

Het schema toont het verloop van de polsslagprogrammering

graph TD A["Set"] --> B["Invoeren nee (OFF)"] A --> C["Invoeren nee (OFF)"] B --> D["Pulseingabe: OFF, 40 - 188 mit +/- Taste"] C --> D D --> E["Set"] E --> F["Invoeren nee (OFF)"] E --> G["Invoeren nee (OFF)"] F --> H["training zonder % und zonder HI/LO"] G --> I["training zonder % met HI/LO"] H --…

In detail:

Programmering: trainingspolsslag

Met de Set-toets roept u na elkaar 2 programmeervelden op:

  1. Leeftijd [age] (afbeelding 9/10)
  2. Polsslagzones: vetverbranding [Fa 65%] (afbeelding 12) conditie [Fi 75%] (afbeelding 13)

4.1 Leeftijdprogrammering / alarmsignaal aan/uit

De leeftijdprogrammering dient voor het berekenen van uw maximale polsslag.

AGE > OFF MAX PULSE 100% --

AGE > OFF MAX PULSE 100% --

Afbeelding 9

Géén programmering "Off". Inschakelen van het alarmsignaal: +/- to-etsen tegelijk indrukken.

Afbeelding 10

Géén programmering "Off" met "muzieknoot". Bij overschrijden van de maximale polsslag hoort u een alarmsignaal.

Als u uw leeftijd invoert, verschijnt in het polsslagveld (6) de van de leeftijd afhankelijke maximale polsslag (formule: 220 - leeftijd) (afbeelding 11). Wordt een leeftijd tot 21 jaar ingegeven kan alleen 199 als maximale polsslag getoond worden, er wordt echter met de juiste waarde gerekend.

AGE > 31 MAX PULSE 188% 189

Afbeelding 11

Leeftijdprogrammering bijv. 31 met maximale polsslag weergave 189

4.2 Polsslagzones

Met de +/- toetsen kunt u 2 zones kiezen. Het invoeren van de leeftijd dient voor het berekenen van deze polsslagzones. Deze wordt in het %-veld (5) getoond.

  1. Vetverbranding [Fa 65%] (afbeelding 12)

Formule: (220 - leeftijd) x 0,65

  1. Conditie zone [Fi 75%] (afbeelding 13)

Formule: (220 - leeftijd) x 0,75

FA▶ 123 MAX PULSE 65% 189

F1 > 142 MAX PULSE 75% 189

Afbeelding 12 Afbeelding 13

Polsslagzone: vetverbranding met 65% Polsslagzone: conditie met 75%

Functie

Door het invoeren van de polsslagzone en de overgenomen maximale polsslag wordt een polsslagzone bewaking geactiveerd. Is de geprogrammeerde trainingspolsslag 11 slagen te laag, verschijnt het woord "LO", bij overschrijding met 11 slagen ziet u "HI". De "LO" bewaking is actief als voor de eerste keer de geprogrammeerde trainingspolsslag d.m.v. trappen bereikt wordt. Valt het aantal omwentelingen onder 20, wordt de "LO" functie weer door bereiken van de geprogrammeerde trainingspolsslag geactiveerd. De "HI" bewaking is altijd actief.

Wordt de maximale polsslag met 1 slag overschreden, knippert "HI" en verschijnt het woord "MAX". Als het "akoestische alarm" geactiveerd is, hoort u ook een alarmsignaal. De waarde, die met het %-symbool weergegeven wordt, is de vergelijking tussen de actuele polsslag en de maximale polsslag.

4.3 Polsslagbewaking (leeftijdonafhankelijk)

Deze kunt u met de +/- toetsen invoeren in een bereik van 40 - 188.

OFF PULSE

150 PULSE 150

Afbeelding 14 Afbeelding 15

Géén programmering "OFF" Polsslagprogrammering bijv. 150 met HI LO symbool.

Functie

De "HI" en "LO" weergave functioneert zoals onder 4.2 beschreven.

De procentuele polsslagweergave en de akoestische alarmfunctie zijn niet beschikbaar.

4.4 Afsluiten programmering

Druk na de laatste programmering op de Set-toets, uw programmeringzwaarden

behalve polsslag – worden weergegeven (afbeelding 16).

Heeft u een polsslagzone geactiveerd, wordt onder (5) de vergelijking van de actuele

Polsslag en de maximale polsslag of “--” (afbeelding 17) bij een ontbrekend polsslagsignaal weergegeven.

ZEET / TIME 10:00 KLOJOLLE 270 KM 10.0 10-00 10-00 RPM 0 PULSE P

ZEIT / TIME 10:00 KLOJOULE 270 KW 10.0 | 10-00 RPM 0 --% PULSE P

Afbeelding 16 Afbeelding 17

Polsslagzone programmering (zie ook afb. 12/13)

Functie

Begin met trappen. Alle geprogrammeerde waardes tellen terug, knippert bij nul een paar seconden en telt dan vanaf de geprogrammeerde waarde verder op. Tevens zijn korte alarmsignalen hoorbaar.

Stijgt uw polsslag over de geprogrammeerde polsslaggrens of overschrijdt uw maximale polsslag, wordt eerst het HI-symbol en vervolgens het MAX-symbol weergegeven.

5.0 Weergave tijdens de training

Start u met trainen, vindt elke 5 seconden een automatische gegevenswisseling SCAN (symbool b in het veld) plaats. Met de set-toets kunt u dit uitschakelen. Met de +/- toetsen kunt u dan een weergaveveld vooruit of terug springen.

6.0 Weergave vóór de training, bij trainingsonderbreking, - einde

Trapt u met minder dan 20 omwentelingen/min, herkent de computer een trainingsonderbreking. De automatische gegevenswisseling stopt. Het symbool SCAN verdwijnt. Onder km/h (3), RPM (4) en polsslag (5) wordt met een doorsnede-symbool (e) de gemiddelde waarde weergegeven.

Hervat u de training niet binnen 4 minuten, wisselt het veld naar kamertemperatuur (afbeelding 1). Daarbij wordt de afstand bij het totaal aantal kilometers opgeteld. Alle andere waardes worden niet opgeslagen.

Opmerking

Snelheid (3) en afstand (3) wisselen elke 5 seconden.

Met de +/- toetsen kunt u een weergaveveld vooruit of terug springen.

Met de set-toets komt u weer in de programmeermodus. Daarbij worden alle eerdere trainingsgegevens gewist. Programmeringen blijven behouden.

7.0 Weergave bij voortzetting van de training

Ga verder met de training. De waardes tellen verder.

8.0 Herstelpolsmeting

De trainingscomputer is met een herstelpolsfunctie uitgerust. Deze maakt het mogelijk bij trainingseinde uw herstelpolsslag te meten. Druk aan het einde van uw training op de recovery-toets. De actuele polsslag wordt onder tijd (1) getoond (afbeelding 18). De computer meet 59 seconden terugtellend uw polsslag (afbeelding 18). Daarna wordt de actuele polsslag onder kilojoule (2) getoond en onder km/h (3) wordt het verschil van de polsslagwaardes tijdens de teruglopende tijd weergegeven en een conditiecijfer met (F) getoond (afbeelding 19). De berekening wordt onder 9.0 algemeen verklaard. Wordt de polsslagmeting onderbroken, wordt in plaats van een waarde (P) weergegeven. Drukt u dan op de recovery-toets, verschijnt weer het actuele trainingsveld.

De actuele polsslag wordt altijd onder polsslag (6) weergegeven.

130 -- -- 0-5.9 0-3.9 PULSE 130 105 25 F 2.3 PULSE 105

Afbeelding 18 Afbeelding 19
130 -- -- E PULSE E

Afbeelding 20 Afbeelding 21

Afbeelding 18: herstelpolsmeting met teruglopende tijd (0:59 - 0:00)

Afbeelding 19: weergave conditiecijfer

Afbeelding 20: géén polsslagherkenning (E) bij herstelpolsmeting

Afbeelding 21: géén herstelpolsfunctie (E)

Opmerking:

Wordt géén polsslagwaarde weergegeven, wordt de herstelpolsfunctie niet uitgevoerd.

9.0 Algemeen

Snelheidsberekening

60 pedaalomwentelingen geven een snelheid van 21,3 km/h.

Bij crosstrainers:

60 pedaalomwentelingen geven een snelheid van 9,5 km/h.

Kilojouleberekening

De berekening is gebaseerd op het middelste belastingniveau en verandert alleen door variatie van de trapfrequentie.

Uit sportmedisch oogpunt geeft:

Fietsen volgend energieverbruik: 1 uur fietsen met 24 km/h verbruikt 1680 kJ - 1 kilometer is 70 kilojoule.

Crosstraining volgend energieverbruik: 1 uur crosstrainen met 9,5 km/h verbruikt 3344 kJ – 1 kilometer is 352 kilojoule.

Conditiecijferberekening

De computer berekent en geeft een waarde aan het verschil tussen belastingpolsslag en herstelpolsslag en uw hieruit resulterend "conditieciijfer" met de volgende formule:

Cijfer (F) = 6 - [1 0 × (P 1 - P 2)/P 1 ] ^ 2

P1 = belastingpolsslag P2 = herstelpolsslag

Cijfer 1 = zeer goed Cijfer 6 = onvoldoende

De vergelijking van belasting- en herstelpolsslag is een eenvoudige en snelle mogelijkheid uw lichamelijke conditie te controleren. Het conditiecijfer is een oriënteringswaarde voor uw herstelvermogen na lichamelijke inspanning. Eer u de herstelpolstoets indrukt en uw conditiecijfer opvraagt, dient u langer tijd d.w.z. minstens 10 minuten binnen uw trainingsbereik te trainen. Bij regelmatige cardio-training zult u constateren dat uw "conditiecijfer" verbetert.

Berekening van de gemiddelde waarde

Voor het berekenen van de gemiddelde waarde van snelheid, pedaalom-wentelingen en polsslag worden alle trainingseenheden meegeteld totdat een "reset"-functie gebruikt wordt of de "temperatuur" weergave verschijnt.

Aanwijzingen voor polsslagmeting

De polsslagberekening begint als het hart in het veld synchroon met uw hartslag knippert.

Met handsensoren (niet bij Racer en Crossbike)

Pak na het indrukken van de recovery-toets weer snel de handsensoren vast, anders wordt de polsslagmeting onderbroken.

Vermijd stoorimpulsen

Een door de contractie van het hart opgewekte lage spanning wordt door de handsensoren gemeten en door de computer een waarde gegeven.

  • Pak de contactvlakken altijd met beide handen vast.
    • Vermijd rukachtig vastpakken.
  • Houd de handen stil en vermijd contracties en wrijven op de contactvlakken.

Met oorclip

De polsslagsensor werkt met infrarood licht en meet de wijzigingen in de lichtdoorlatendheid van uw huid, die door uw hartslag opgewekt wordt. Wrijf 10 keer krachtig over uw oorleletje om de doorbloeding te bevorderen, voordat u de oorclip aan uw oorleletje bevestigt.

Vermijd stoorimpulsen

  • Bevestig de oorclip zorgvuldig aan uw oorleletje en zoek het beste punt om de hartslag te meten (hartsymbool knippert zonder onderbreking).
  • Train niet rechtstreeks onder sterk licht bijv. neonlicht, halogeenlicht, spotjes, zonlicht.
  • Sluit schudden en wakkelen van de oorsensor inclusief kabel volkomen uit. Bevestig de kabel met de klemmetjes aan uw kleding of nog beter aan een hoofdband.

Met borstgordel

Raadpleeg hiervoor de bij de borstgordel meegeleverde handleiding.

Storingen bij de polsslagweergave

Controleer de batterijenspanning van de computer en de borstgordel.

Computerstoringen

Noteer de kilometerstand. Bij merkwaardig gedrag van de computer de batterijen verwijderen, de batterijenspanning controleren en de batterijen weer terug plaatsen. De opgeslagen totaal aantal kilometers gaan bij een batterijenwisseling verloren.

10. Trainingshandleiding

Voor uw veiligheid

Raadpleeg voor u begint met trainen uw huisarts of training met dit apparaat voor u geschikt is. Zijn diagnose dient als basis voor de opbouw van uw trainingsprogramma. Foutieve of te intensieve training kan uw gezondheid negatief beïnvloeden.

Dit apparaat is speciaal voor recreatie sporters ontwikkeld. Het is uitermate geschikt voor cardio-training.

De training dient methodiek volgens de basisregels van een duurtraining opgebouwd te worden. Daardoor vinden vooral veranderingen en aanpassingen aan het hart en het bloedsomloopsysteem plaats, zoals het dalen van de polsslag in rust en de belastingpolsslag.

Daardoor heeft het hart meer tijd om de hartkamers te vullen en voor de doorbloeding van de hartspieren (door de kransslagaders). Tevens neemt de ademhalingsdiepte en het luchtvolume die ingeademd kan worden toe (vitale capaciteit). Verdere positieve veranderingen vinden in de stofwisseling plaats. Om deze positieve veranderingen te bereiken, dient men de training volgens bepaalde richtlijnen te plannen.

Trainingsintensiteit

De intensiteit wordt bij het trainen met dit apparaat enerzijds via de trapfrequentie en anderzijds via de trapweerstand geregeld. De trapweerstand bepaalt de trainende persoon met de remkrachtverstelling aan het stuur. Let er voortdurend op dat u de intensiteit niet de hoog instelt om overbelasting te vermijden. Foutieve of te intense training kan uw gezondheid negatief beïnvloeden.

Controleer daarom tijdens de training aan de hand van uw polsslag of u de trainingsintensiteit correct bepaald heeft. Voor een geschikte polsslag geldt de vuistregel:

180 min leeftijd

Daaruit volgt, dat bijv. een persoon van 50 jaar zijn duurtraining met een hartslag van 130 dient uit te voeren.

Trainingsadviezen op basis van deze berekening worden door talrijke erkende sportartsen als correct beschouwd. Dien ten gevolge dient u de trapfrequentie en de trapweerstand voor de training zo te bepalen, dat u uw optimale polsslag volgens bovengenoemde vuistregel bereikt.

Deze adviezen gelden echter uitsluitend voor gezonde personen en gelden niet voor personen met aandoeningen aan het hart en de bloedsomloop!

Belastingomvang

Een beginner verhoogt geleidelijk de belastingomvang van zijn training. De eerste trainingseenheden dienen relatief kort en met intervallen opgebouwd te zijn.

Als trainingseffectief wordt in de sportgeneeskunde de volgende belastingfactoren geacht:

Trainingseenheden Trainingsduur

Dagelijks 10 min

Train als beginner géén trainingseenheden van 30-60 minuten. Trainingsintensiteit Opbouw van de training

1 c week

3 x per week 2 minuten trainen

1 minuut pauze voor gymnastiek

2 minuten trainen

1 minuut pauze voor gymnastiek

2 minuten trainen

2 e week

3 x per week 3 minuten trainen

1 minuut pauze voor gymnastiek

3 minuten trainen

1 minuut pauze voor gymnastiek

2 minuten trainen

3° week

3 x per week 4 minuten trainen

1 minuut pauze voor gymnastiek

3 minuten trainen

1 minuut pauze voor gymnastiek

3 minuten trainen

4 e week

3 x per week 5 minuten trainen

1 minuut pauze voor gymnastiek

4 minuten trainen

1 minuut pauze voor gymnastiek

4 minuten trainen

Voor het vastleggen van uw persoonlijke trainingswaardes kunt u de hiernaast afgebeelde tabel gebruiken.

Voor en na elke trainingseenheid dient ca. 5 minuten gymnastiek uitgevoerd te worden voor het opwarmen en afkoelen van de spieren. Tussen twee trainingseenheden dient een trainingsvrije dag te liggen, als u later 3 x per week 20-30 minuten wilt gaan trainen. Verder zijn er géén bezwaren tegen een dagelijkse training.

De bewegingsafloop bij crosstraining is door de elliptische rotatie van de treeplanken en de lagering van de greepstangen reeds voorgegeven. Toch dient u nog op enkele punten te letten:

■ Controleer voor de training op een correcte opbouw en stevige stand van het apparaat.

Bij het opstappen dient één treeplank zich in de onderste positie te bevinden en de andere in de bovenste positie. Pak met beide handen de greepstangen vast en stap eerst op de onderste treeplank. Bij het afstappen eerst de voet van de bovenste treeplank afhalen.

Stel de treeplanken in op een voor u optimale afstand tot de greepstangen; let daarbij op voldoende ruimte tussen uw benen en de greepstangen.

■ Train met geschikte sportschoenen en let erop dat u daarmee stevig op de treeplanken staat.
■ Train niet met losse handen. Houdt u liever vast aan de greepbeugel tussen de greepstangen als u alleen uw bovenlichaam wenst te trainen.
■ Let op een gelijkmatige, ronde bewegingsafloop.
■ Varieer tijdens de training tussen voorwaartse en rugwaartse bewegingen, zodat u de been- en bilspieren op diverse manieren gebruikt.

Bij regelmatige training kunt u uw conditie, uw kracht en daarmee ook uw welbehagen verbeteren. Het succes van uw training wordt door een gezondheidsbewuste levenswijze geoptimaliseerd, die door een uitgebalanceerde, volwaardige voeding bepaald wordt.

Datum Zwaarte van Afstand Tijd P1 P2 Waardde training (km) (min) cijfer

Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : KETTLER

Model : Vito XLS

Categorie : Elliptische fiets