GEBRUIKSAANWIJZING DW743 DEWALT
U heeft gereedschap van DEWALT gekocht. Door haar jarenlange ervaring, grondige productontwikkeling en innovatie heeft DEWALT zich tot een van de meest betrouwbare partners voor gebruikers van professioneel elektrisch gereedschap ontwikkeld.
Technische gegevens
| DW743NQS | DW743NDK | | |
| Voltage | | V | | |
| Type 23 | | | | |
| Ingaand vermogen | | | | |
| 230 V gereedschap | W | | 2.000 | 2.000 |
| Snelheid zonder waterrstand | min | 1 | 2.850 | 2.850 |
| Zaagbladd diameter | mm | | 250 | 250 |
| Zaagbladboorgat | mm | | 30 | 30 |
| Dikte zaagblad | mm | | 2,2 | 2,2 |
| Dikte zaagtand | mm | | 3 | 3 |
| Dikte splijtmes | mm | | 2,3 | 2,3 |
| Verstkzaag (max. posities) | links | | 45° | 45° |
| rechts | | 45° | 45° |
| Schuine hoek (max. posities) | links | | 45° | 45° |
| Automatische remtijd zaagblad | s | | < 10 | < 10 |
| Gewicht | kg | | 37 | 37 |
| Snijdvermögen |
| Verstekzaagmodus (alb. b) |
| Snijdhoek | Grootte van materiaal | Opmerkingen |
| H mm | B mm |
| | | Plaats werkstuk |
| | | legen |
| | | geleider (X) |
| Rechte dwarsdoorsnede | 20 | 180 | Geen |
| | | verpakkingsstuk |
| | | nodig |
| 30 | 176 | |
| 40 | 170 | |
| 68 | 140 | |
| 85 | 26 | Dwarsdoorsnede |
| | | op max. |
| | | hoogte |
| Tafel 45°aar rechtsbedraid voor verstekzagen | 70 | 95 | |
| Tafel 45°aar linksbedraid voor verstekzagen | 20 | 130 | |
| Zaagblad 45°aar linksgedankeld voor schuine smeden | 50 | 140 | |
| Zaagbank modus |
| Max. trekzaagvermögen links/rechts | mm | 210/210 | 210/210 |
| Diepte van snede bij 90° | mm | 0-70 | 0-70 |
| Diepte van snede bij 45° | mm | 0-32 | 0-32 |
| Lw. (geluidsdruk) | dB(A) | 93 | 93 |
| Kw. (onzekerheidsfactor geluidsdruk) | dB(A) | 3 | 3 |
| Lw. (akoestisch vermögen) | dB(A) | 106 | 106 |
| Kw. (onzekerheid akoestisch vermögen) | dB(A) | 2,9 | 2,9 |
Vibratietotaalwaarden (triax-vectorsom) bepaald volgens EN 61029-1 en EN 61029-2-11.
| Vibratie-emissiewaarde h a |
| a_n = | m/s² | 2,0 | 2,0 |
| Onzekerheid K = | m/s² | 1,5 | 1,5 |
Het vibratie-emissieniveau dat in dit informatieblad wordt gegeven, is gemeten in overeenstemming met een gestandaardiseerde test volgens EN 61029 en kan worden gebruikt om het ene gereedschap met het andere te vergelijken. Het kan worden gebruikt voor een eerste inschatting van blootstelling.

WAARSCHUWING: Het verklaarde vibratie-emissieniveau geldt voor de hoofdtoepassingen van het gereedschap. Als het gereedschap voor andere toepassingen wordt gebruikt, dan wel met andere accessoires of slecht wordt onderhouden, kan de vibratie-emissie verschillen. Dit kan het blootstellingsniveau aanzienlijk verhogen gedurende de totale arbeidsduur.
Een inschatting van het blootstellingsniveau aan vibratie moet ook worden overwogen wanneer het gereedschap wordt uitgeschakeld of als het aan staat maar geen daadwerkelijke werkzaamheden uitvoert. Dit kan het blootstellingsniveau aanzienlijk verminderen gedurende de totale arbeidsduur. Stel aanvullende veiligheidsmaatregelen op om de operatoren te beschermen tegen de effecten van vibratie, zoals: onderhoud het gereedschap en de accessoires, houd de handen warm, organisatie van werkpatronen.
| Zekeringen: |
| Europa | 230 V gereedschappen | 10 Ampère, hoofdstroom |
| OPMERKING: Dit toestel is bedoeld voor aansluiting op een stroomvoorzijeningssystem met een maximale togetestame systeemimpedantie Zmax van 0,30 Ω op het interfacepunt (elektriciteitskast) van de voorzijening van de gebruiker. De gebruiker要去 voor zorgen dat dit toestel alleen worden aangesloten op een elektriciteitssystem dat aan bovenvermeld vereiste voldoet. Indien nodig kan de gebruiker het elektriciteitsbedrij张先生aar de systeemimpedantie op het interfacepunt. |
Definities: Veiligheidsrichtlijnen
De onderstaande definities beschrijven het veiligheidsniveau voor ieder signaleringswoord. Lees de gebruiksaanwijzing a.u.b. zorgvuldig door en let op deze symbolen.

GEVAAR: Geeft een dreigend gevaar aan dat, indien dit niet wordt voorkomen, leidt tot de dood of ernstig letsel.

WAARSCHUWING: Geeft een mogelijk gevaar aan dat, indien dit niet wordt voorkomen, kan leiden tot de dood of ernstig letsel.

VOORZICHTIG: Geeft een mogelijke gevaarlijke situatie aan die, indien dit niet wordt voorkomen, zou kunnen leiden tot gering of matig letsel.
OPMERKING: Geeft een handeling aan waarbij geen persoonlijk letsel optreedt die, indien niet voorkomen, schade aan goederen kan veroorzaken.

Wijst op het gevaar voor elektrische schok.

Wijst op brandgevaar.

Geeft scherpe hoeken aan.
EG-verklaring van overeenstemming
RICHTLIJN VOOR MACHINES

DW743N
DEWALT verklaart dat deze producten, zoals beschreven onder "technische gegevens", in overeenstemming zijn met: 2006/42/EG; EN 61029-1; EN 61029-2-11.
Deze producten voldoen ook aan Richtlijn 2004/108/EG. Neem voor meer informatie contact op met DEWALT via het volgende adres of kijk op de achterzijde van de gebruiksaanwijzing. De ondergetekende is verantwoordelijk voor de samenstelling van het technische bestand en legt deze verklaring af namens DEWALT.

Horst Grossmann Vice President Engineering and Product Development DEWALT, Richard-Klinger-Straße 11, D-65510, Idstein, Duitsland 01.01.2010
Veiligheidsinstructies

WAARSCHUWING! Wanneer u gebruik maakt van elektrisch gereedschap, is het belangrijk dat u zich altijd houdt aan elementaire veiligheidsmaatregelen om de kans op brand, elektrische schok en lichamelijk letsel te verkleinen, met inbegrip van de onderstaande maatregelen.
Lees al deze instructies voordat u dit product tracht te bedienen en bewaar deze instructies.
BEWAAR DEZE HANDLEIDING VOOR TOEKOMSTIG GEBRUIK
Algemene veiligheidsregels
- Zorg voor een opgeruimde werkomgeving.
Rommelige plaatsen en werkbanken werken letsel in de hand.
- Houd rekening met de omgeving van de werkplek.
Stel het gereedschap niet bloot aan regen. Gebruik het gereedschap niet in een vochtige of natte omgeving. Houd de werkplek goed verlicht (250-300 Lux). Gebruik het gereedschap niet op plaatsen waar brand- of explosiegevaar bestaat, bijv. in de buurt van brandbare vloeistoffen en gassen.
Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlakken (bijvoorbeeld pijpen, radiatoren, kooktoestellen en koelkasten). Bij gebruik van het gereedschap onder extreme omstandigheden (bijvoorbeeld hoge luchtvochtigheid, als er metaalslijpsel wordt geproduceerd enz.) kan de elektrische veiligheid worden verbeterd door een scheidingstransformator of een (FI) aardlekschakelaar te plaatsen.
- Houd andere mensen uit de buurt.
Laat niet toe dat personen, vooral kinderen, die niet bij het werk betrokken zijn, het gereedschap of het verlengsnoer aanraken en houd ze uit de buurt van de werkplek.
- Berg ongebruikt gereedschap op.
Wanneer het gereedschap niet gebruikt wordt, moet het op een droge plek bewaard worden en veilig opgeborgen zijn, buiten het bereik van kinderen.
- Forceer het gereedschap niet.
Het zal de taak beter en veiliger uitvoeren wanneer het op de bedoelde wijze wordt gebruikt.
- Maak gebruik van het juiste gereedschap.
Gebruik geen licht gereedschap om het werk van zware machines uit te voeren. Gebruik het gereedschap niet voor doeleinden waarvoor het niet bestemd is; gebruik bijvoorbeeld cirkelzagen niet om boomtakken of houtblokken te zagen.
- Draag geschikte kleding.
Draag geen loszittende kleding of juwelen, want deze kunnen vast komen te zitten in bewegende delen. Schoenen met profielzolen worden aanbevolen wanneer u buitenshuis werkt. Houd lang haar bijeen.
- Gebruik beschermend materiaal.
Draag altijd een veiligheidsbril. Draag een gezichts- of stofmasker bij werkzaamheden waarbij stof of rondvliegende deeltjes vrijkomen. Draag ook een hittebestendige schort indien deze deeltjes heet zijn. Draag altijd gehoorbescherming. Draag altijd een veiligheidshelm.
- Sluit voorziening voor stofafvoer aan.
Als er hulpmiddelen zijn geleverd voor de aansluiting van voorzieningen voor afvoer en opvang van stof, zorg dan dat deze zijn aangesloten en naar behoren worden gebruikt.
- Gebruik het snoer niet verkeerd.
Trek nooit aan het snoer om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd het snoer uit de buurt van hitte, olie en scherpe randen. Draag het gereedschap nooit aan het snoer.
- Zet het werkstuk vast.
Gebruik waar mogelijk klemmen of een bankschroef om het te bewerken deel vast te zetten. Dit is veiliger dan wanneer u uw handen gebruikt en bovendien kunt u de machine dan met beide handen bedienen.
- Zorg voor een veilige houding.
Zorg altijd voor een juiste, stabiele houding.
- Onderhoud gereedschap met zorg.
Houd zaagwerktuigen scherp en schoon voor betere en veiligere prestaties. Volg aanwijzingen voor het smeren en verwisselen van hulpstukken. Inspecteer het gereedschap regelmatig en laat het repareren door een bevoegde reparatieservice als het is beschadigd. Houd handgrepen en schakelaars droog, schoon en vrij van olie en vet.
- Trek de stekker van het gereedschap altijd uit het stopcontact.
Haal de stekker uit het stopcontact als u de machine niet gebruikt en wanneer u onderhoud aan de machine uitvoert of accessoires als bladen, boren en snijstukken verwisselt.
- Verwijder stel- en moersleutels.
Maak er een gewoonte van om te controleren dat de stel- en moersleutels verwijderd zijn voordat u het gereedschap gebruikt.
- Vermijd onbedoeld inschakelen.
Draag het gereedschap niet met een vinger op de schakelaar. Zorg ervoor dat het gereedschap uit staat voordat u de stekker in het stopcontact steekt.
- Maak gebruik van verlengsnoeren die geschikt zijn voor buitengebruik.
Controleer voor gebruik de verlengkabel en vervang deze als die beschadigd is. Gebruik, wanneer het gereedschap buiten wordt gebruikt, alleen verlengsnoeren die geschikt zijn voor buitengebruik en als zodanig zijn gemarkeerd.
- Blijf alert.
Kijk wat u doet. Gebruik uw gezond verstand. Gebruik het gereedschap niet wanneer u moe bent of wanneer u drugs of alcohol hebt gebruikt.
- Controleer op beschadigde onderdelen.
Controleer voor gebruik het gereedschap en het stroomsnoer zorgvuldig om vast te stellen dat het op juiste wijze werkt en de bedoelde taken uitvoert. Controleer of bewegende delen zich in de juiste positie bevinden en goed zijn bevestigd, of er defecte onderdelen zijn, of ze juist zijn gemonteerd en of er sprake is van andere zaken die de bediening kunnen beïnvloeden. Een beschermstuk of ander onderdeel dat is beschadigd dient op de juiste wijze te worden vervangen of gerepareerd door een bevoegde reparatieservice, tenzij in de handleiding anders wordt aangegeven. Laat een bevoegde reparatieservice defecte schakelaars vervangen. Gebruik het gereedschap niet als de aan-/uitschakelaar niet naar behoren werkt. Probeer nooit zelf reparaties uit te voeren.

WAARSCHUWING! Het gebruik van een accessoire of hulpstuk of het uitvoeren van werkzaamheden met dit gereedschap buiten wat is aanbevolen in deze instructiehandleiding, kan risico op persoonlijk letsel met zich meebrengen.
21. Laat uw gereedschap repareren door een bevoegd persoon.
Dit elektrisch gereedschap voldoet aan de relevante veiligheidsvoorschriften. Reparaties mogen alleen worden uitgevoerd door bevoegde personen die gebruikmaken van originele reserveonderdelen; dit kan anders resulteren in aanzienlijk gevaar voor de gebruiker.
Aanvullende veiligheidsregels voor klapzaagtafels
- Sta niet toe dat ongetrainde mensen deze machine bedienen.
- Gebruik de zaag niet om iets anders dan aluminium, hout of vergelijkbaar materiaal te zagen. Kies het juiste zaagblad voor het materiaal dat dient te worden gesneden.
- Gebruik geen gebroken of beschadigde zaagbladen.
- Gebruik geen HSS zaagbladen.
- Gebruik correct geslepen zaagbladen. Houd u aan de maximum snelheidsmarkering op het zaagblad.
- Gebruik uitsluitend zaagbladen die door de fabrikant worden aanbevolen en die voldoen aan EN 847-1.
- Gebruik de zaag niet zonder dat de beveiligingen en het splijtmes in positie zijn en goed onderhouden, vooral als u wisselt van de verstekzaagmodus naar de zaagbankmodus en vice versa. Zorg ervoor dat de vloer rondom de machine vlak is, goed onderhouden en vrij van los materiaal, bijvoorbeeld splinters en afgesneden delen. Zorg voor geschikte algemene en plaatselijke verlichting.
- Draag geschikte persoonlijke bescherming indien nodig, inclusief: gehoorbescherming om het risico op gehoorverlies te verminderen;
- mondbescherming om het risico op het inademen van schadelijke stofdeeltjes te verminderen;
- handschoenen voor het vastpakken van zaagbladen en grof materiaal. Zaagbladen dienen in een houder te worden gedragen indien dit mogelijk is.
- Vermijd het verwijderen van afgesneden delen of andere delen van het werkstuk uit het snijgebied terwijl de zaag in werking is en de zaagkop niet tot stilstand is gekomen.
- Vervang de tafelinvoer als deze versleten is.
- Vervang de tafel wanneer de sleuf in de tafel te breed is.
- Meld defecten aan de machine, inclusief de beschermingen of zaagbladen, aan uw dealer zodat deze worden ontdekt. Zorg ervoor dat de bovenkant van het zaagblad volledig door de verstekzaagmodus is omgeven.
- Zorg ervoor dat de arm veilig is vastgezet in werkpositie in de zaagbankmodus. Zorg ervoor dat de arm veilig is vastgezet als u schuine hoeken zaagt in de zaagbankmodus.
- Doe voorzichtig als u groeven maakt tijdens de zaagbankmodus door een geschikt beveiligingssysteem te gebruiken. Het zagen van een sleuf is niet toegestaan.
- Sluit de zaag aan op een stofopvangapparaat wanneer u hout zaagt. Houd altijd rekening met factoren die van invloed zijn op de blootstelling aan stof, zoals:
Type materiaal dat moet worden bewerkt (spaanplaat, productief stof dan hout); - Juiste afstelling van het zaagblad; - Controleer dat de lokale afzuiging en ook kappen, scheren en kokers goed zijn afgesteld. Stofafzuiging met luchtsnelheid van niet minder dan 20 m/s
- Gebruik geen schurende schijven of diamantnijwielen.
- Verwijder geen uitgezaagde of andere delen van het werkstuk uit het zaaggebied terwijl de machine loopt en de zaagkop niet in rustpositie staat.
- In het geval van een ongeval of van storing van de machine moet u de machine onmiddellijk uitschakelen en de stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- Rapporteer de storing en breng een geschikte aanduiding op de machine aan zodat andere mensen niet proberen de niet (goed) functionerende machine te gebruiken.
- Wanneer het zaagblad is geblokkeerd als gevolg van abnormale aanvoerdruk tijdens het zagen, zet de machine dan uit en trek de stekker uit het stopcontact. Verwijder het werkstuk en zorg voor vrijloop van het zaagblad. Zet de machine aan en start de zaagwerkzaamheden weer met verminderde aanvoerdruk. Zaag nooit een lichte legering, vooral niet magnesium.
- Monteer, wanneer de situatie dat toelaat, de machine op een werkbank met bouten van een diameter van 8 mm en een lengte van 80 mm (afb. C2).
Aanvullende veiligheidsregels voor verstekzagen
Zorg ervoor dat alle vergrendelingsknoppen en klemhendels stevig vastzitten voordat u met een handeling begint. Bedien de machine niet als de beveiliging niet is aangebracht, niet werkt of niet correct is onderhouden. Gebruik uw zaag nooit zonder de zaagplaat. Plaats nooit een van uw handen in het gebied van het zaagblad als de zaag op de elektrische stroomvoorziening is aangesloten. Probeer nooit een bewegende machine snel te stoppen door een stuk gereedschap of iets anders tegen het zaagblad te duwen; dit kan onbedoeld ernstige ongelukken veroorzaken. Lees voordat u enig accessoire gebruikt de gebruiksaanwijzing. Het onjuiste gebruik van een accessoire kan schade veroorzaken. Kies het juiste zaagblad voor het materiaal dat dient te worden gesneden. Houd u aan de maximum snelheidsmarkering op het zaagblad. Gebruik een houder of draag handschoenen als u een zaagblad vastpakt. Zorg ervoor dat het zaagblad correct is bevestigd voor gebruik. Zorg ervoor dat het zaagblad in de juiste richting draait. Houd het zaagblad scherp. Gebruik geen zaagbladen met een grotere of kleinere diameter dan aanbevolen. Zie de technische gegevens voor de juiste zaagbladkwalificatie. Gebruik uitsluitend de zaagbladen vermeld in deze gebruiksaanwijzing, in overeenstemming met EN 847-1. Overweeg om speciaal ontworpen geluidsverminderende zaagbladen te gebruiken. Gebruik geen HSS-zaagbladen. Gebruik geen gebroken of beschadigde zaagbladen. Gebruik geen schuurschijven. Til het zaagblad omhoog uit de zaagplaat in het te bewerken materiaal voordat u de schakelaar loslaat. Zorg ervoor dat de arm stevig vastzit als u schuine sneden maakt. Klem niets tegen de koeling aan om de motorkast vast te houden. De zaagbladbeveiliging op uw zaag gaat automatisch omhoog als de arm naar beneden wordt geduwd; ze gaat omlaag over het zaagblad als de arm wordt opgetild. De bescherming kan met de hand worden opgetild als u zaagbladen installeert of verwijdert, of voor een controle van de zaag. Til de zaagbladbescherming nooit met de hand op, tenzij de zaag is uitgeschakeld. Houd de vloer rondom de machine schoon en vrij van los materiaal, bijvoorbeeld splinters en afgesneden delen. Controleer regelmatig of de motorluchtgaten schoon en vrij van splinters zijn. Vervang de zaagplaat als deze versleten is. Sluit de machine van de stroomvoorziening af voordat u onderhoudswerkzaamheden uitvoert of als u het zaagblad vervangt. Voer nooit schoonmaak- of onderhoudswerkzaamheden uit als de machine nog in werking is en de kop niet in de rustpositie staat. Bevestig de machine altijd aan een werkbank indien mogelijk. Als u een laser gebruikt om de snijlijn aan te geven, zorg er dan voor dat de laser van klasse 2 is in overeenstemming met
EN 60825-1:2001. Vervang de laserdiode niet voor een ander type. Zorg dat de laser door een erkende reparateur wordt gerepareerd indien deze beschadigd is.
- Gebruik de machine nooit in de verstekstand als de beschermkap niet is gemonteerd (50, afb. D).
- Gebruik altijd de aanduwstok. Zaag nooit werkstukken korter dan 30 mm.
- Zonder aanvullende ondersteuning is de machine bedoeld voor een maximaal werkstukformaat van:
- Hoogte 68 mm bij breedte 140 mm bij lengte 600 mm
- Langere werkstukken moeten worden ondersteund door een geschikte aanvullende tafel, bijv. DE3497. Klem het werkstuk altijd stevig vast.
Klem het werkstuk altijd stevig vast.
Aanvullende veiligheidsregels voor zaagbanken
- Gebruik geen zaagbladen met een dikte die groter is of een tandbreedte die kleiner is dan de dikte van het splijtmes. Zorg ervoor dat het zaagblad in de juiste richting draait en dat de tanden naar de voorzijde van de zaagbank wijzen. Zorg ervoor dat alle klemhendels goed vast zitten voordat u een handeling begint. Zorg ervoor dat alle zaagbladen en flenzen schoon zijn en dat de inspringende kanten van de kraag tegen het zaagblad aanliggen. Maak de spanmoer stevig vast. Houd het zaagblad scherp en juist ingesteld. Zorg ervoor dat het splijtmes is aangepast op de juiste afstand van het zaagblad - maximaal 5 mm. Bedien de zaag nooit zonder dat de bovenste en onderste beveiligingen op hun plaats zitten.
- Houd uw handen uit de loop van het zaagblad.
- Sluit de zaag af van de stroomvoorziening voordat u zaagbladen verwisselt of onderhoud uitvoert.
- Gebruik te allen tijde een duwstok en zorg ervoor dat u uw handen niet dichter dan 150 mm vanaf het zaagblad houdt terwijl u aan het zagen bent.
- Probeer niet op een ander dan het opgegeven voltage te werken.
- Breng geen smeermiddelen op het zaagblad aan als het in werking is. Grijp niet achter het zaagblad.
- Houd de duwstok altijd op zijn plaats als het apparaat niet in gebruik is.
- Ga niet bovenop het apparaat staan. Zorg er tijdens transport voor dat het bovendeel van het zaagblad bedekt is, bijvoorbeeld door een bescherming.
- Gebruik de bescherming niet om vast te pakken voor transport.
- Gebruik geen zaagbladen met een dikte die groter is of een tandbreedte die kleiner is dan de dikte van het splijtmes. Overweeg om speciaal ontworpen geluidsverminderende zaagbladen te gebruiken.
- Houd de duwstok altijd op zijn plaats als het apparaat niet in gebruik is. Zorg er tijdens transport voor dat het bovendeel van het zaagblad bedekt is, bijvoorbeeld door een bescherming.
Aanvullende veiligheidsregels voor tafelzaagmachines
- Sponningen, sleuven en groeven zagen is niet toegestaan.
- Gebruik altijd de aanduwstok. Zaag nooit werkstukken kleiner dan 30 mm.
- Zonder aanvullende ondersteuning is de machine bedoeld voor een maximaal werkstukformaat van:
- Hoogte 70 mm bij breedte 600 mm bij lengte 1.500 mm
- Langere werkstukken moeten worden ondersteund door een geschikte aanvullende tafel, bijv. DE3497 of DE3472.
Overige risico's
De volgende risico's zijn inherent aan het gebruik van zagen:
- Letsel veroorzaakt door het aanraken van roterende delen
Ondanks het toepassen van de relevante veiligheidsvoorschriften en het toepassen van veiligheidsapparaten, kunnen sommige overige risico's niet worden vermeden. Dit zijn:
- Gehoorbeschadiging.
- Het risico van ongelukken die worden veroorzaakt door de onbedekte delen van het roterende zaagblad.
- Het risico op letsel als u het zaagblad verwisselt.
- Het risico om uw vingers te beknellen als u de bescherming openmaakt.
- Gezondheidsrisico's veroorzaakt door het inademen van stof dat ontstaat bij het zagen van hout, in het bijzonder eiken, beuken en MDF.
De volgende factoren zijn van invloed op de geluidsproductie:
- Het te zagen materiaal. - Het type zaagblad.
- De aanvoerdruk.
De volgende factoren verhogen het risico van ademhalingsproblemen:
- Geen stofafzuiging bevestigd wanneer u hout zaagt.
- Onvoldoende stofafzuiging doordat uitlaatfilters verstopt zijn.
- Versleten zaagblad.
- Werkstuk wordt niet nauwkeurig geleid.
Markering op het gereedschap
De volgende pictogrammen staan op het gereedschap vermeld:

Lees de gebruiksaanwijzing voor gebruik.

Draag gehoorbescherming.

Draag oogbescherming.

Gebruik nooit de verstekzaag wanneer de beschermkap niet is geplaatst.


Als u de machine in de verstekzaagmodus gebruikt, zorg er dan voor dat u de trekschakelaar bedient als u aan en uit schakelt. Bedien de schakelbox niet in deze modus.

Als u de machine in de zaagbankmodus gebruikt, zorg er dan voor dat het splijtmes is gemonteerd. Gebruik de machine niet zonder het splijtmes.

Gebruik het splijtmes niet als u de machine in de verstekzaagmodus gebruikt. Zorg ervoor dat het splijtmes veilig is vastgemaakt in de hoogste ruststanden (afb. A2).

Draagpunt
De datumcode (39), die ook het jaar van fabricage bevat, is binnen in de behuizing geprint.
Voorbeeld:
2010 XX XX
Jaar van fabricage
Inhoud van de verpakking
De verpakking bevat:
1 Gedeeltelijk gemonteerde machine, 4 poten, 1 box met daarin:
1 Bovenste bescherming voor zaagbankstand 1 Ondertafel bescherming voor de verstekzaagstand
1 Parallelgeleider 1 Duwstok
1 Plastic tas met daarin:
4 M8 vergrendelingknoppen 4 M8 x 50 bouten met bolcilinderkop 4 D8 platte sluitringen
1 Vergrendeling pakkingring
1 Gebruiksaanwijzing 1 Uitvergrote tekening - Controleer of het gereedschap, de onderdelen of accessoires beschadigd zijn tijdens het transport. - Neem de tijd om deze handleiding grondig door te lezen en te begrijpen voordat u de apparatuur gebruikt. - Verwijder de zaag voorzichtig uit het verpakkingsmateriaal.
Beschrijving (afb. A1-A8)

WAARSCHUWING: Pas het gereedschap of een onderdeel ervan nooit aan. Dit kan schade of persoonlijk letsel tot gevolg hebben.
A1
1 Schakelaar aan/uit (zaagbankmodus) 2 Hendel tafelvrijgave 3 Draaiende tafelklem 4 Verstekzaagtafel 5 Draaiende tafel 6 Geleider aan de rechterkant 7 Geleider aan de linkerkant 8 Positietaster draaiende tafel 9 Verstekzaagschaal/tafelinvoer 10 Adapter voor stofverwijdering 11 Vaste bovenste zaagbladbescherming 12 Verplaatsbare onderste zaagbladbescherming 13 Beveiliging vrijgavehendel 14 Bedieningshendel
A2
14 Bedieningshendel 15 Trekkerschakelaar (verstekzaagmodus) 16 Splijtmes 17 Duwstok 18 Poot 19 Voet 20 Tafelvergrendeling 21 Retentiebeugel zaagtafel 22 Klemhendel schuine hoeken
ZAAGBANKMODUS
A3
22 Klemhendel schuine hoeken 23 Hoogteaanpassing 24 Zaagbanktafel 25 Beveiliging bovenste zaagblad 26 Parallelgeleider 27 Verstekzaaggeleider (accessoire)
Voor gebruik in de verstekzaagmodus:
A4
28 Verstelbare standaard 760 mm (max. hoogte) (DE3474) 29 Ondersteuning geleiderails 1.000 mm (DE3494) 29 Ondersteuning geleiderails 500 mm (DE3491) 30 Draaistop (DE3462) 31 Lengtestop voor korte werkstukken (te gebruiken met geleidende rails [29]) (DE3460) 32 Ondersteuning met verwijderbare stop (DE3495) 33 Ondersteuning met verwijderde stop (DE3495) 34 Materiaalklem (DE3461)
A5
35 Roller ondersteunende tafel (DE3497)
Voor gebruik in de zaagbankmodus:
A3
27 Verstekzaaggeleider (DE3496)
A6
36 Verlengtafel (DE3472)
A7
37 Enkelvoudige schuiftafel (DE3471)
Niet afgebeeld
Dubbele schuiftafel
Voor gebruik in alle modi:
38 Driewegs stofverwijderingskit (DE3500)
BEOOGD GEBRUIK
Uw DEWALT combinatiezaag is ontworpen als verstekzaag of zaagtafel voor het gemakkelijk, nauwkeurig en veilig uitvoeren van de vier belangrijkste zaagwerkzaamheden, te weten overlangszagen, afkorten, afschuinen en verstekzagen.
Het apparaat is ontworpen voor gebruik met een hardmetalen zaagblad met nominale zaagbladdiameter van 250 mm, voor het professioneel zagen van hout, houtproducten en kunststoffen.
VERSTEKZAAGMODUS
In de verstekzaagmodus wordt de machine gebruikt in verticale, verstekzaag- of schuine hoekstand.
ZAAGBANKMODUS
Omgedraaid op zijn middenas wordt de zaagmachine gebruikt om standaardrekzaaghandelingen uit te voeren en voor het zagen van brede stukken door het werkstuk handmatig tegen het zaagblad te voeren.

WAARSCHUWING: Gebruik de machine niet voor andere doeleinden dan beschreven.
De elektrische motor is slechts voor één voltage ontworpen. Controleer altijd of de stroomvoorziening overeenkomt met de voltage op het typeplaatje.
Deze machine heeft een klasse I-constructie; daarom is een geaarde aansluiting vereist.
Als het stroomsnoer is beschadigd, moet het worden vervangen door een speciaal geprepareerd snoer dat leverbaar is via de DEWALT servicedienst.
Een verlengsnoer gebruiken
Als een verlengkabel nodig is, gebruik dan een goedgekeurde verlengkabel, geschikt voor de stroominvoer van dit gereedschap (zie technische gegevens).
De minimale conductorgrootte is 1,5 mm². Als u een haspel gebruikt, dient u het snoer altijd volledig af te rollen. Zie ook de onderstaande tabel.
ASSEMBLAGE EN AANPASSINGEN

WAARSCHUWING: Om het gevaar op letsel te verminderen, schakelt u het apparaat UIT en sluit u de stroombron van de machine af voordat u accessoires installeert of verwijdert, voordat u instellingen aanpast of wijzigt, of als u reparaties uitvoert. Zorg ervoor dat de hoofdschakelaar in de OFF (UIT) positie staat. Het onbedoeld opstarten kan letsel veroorzaken.
Uitpakken

WAARSCHUWING: Zoek altijd hulp als u de machine verplaatst. De machine is te zwaar om door één persoon te worden verplaatst.
- Verwijder het losse verpakkingsmateriaal uit de doos.
- Til de machine uit de doos.
- Verwijder de onderdelendoos uit het binnenste van de machine.
- Verwijder al het overgebleven verpakkingsmateriaal van de machine.
De poten monteren (afb. C1)
Als de poten gemonteerd zijn, is de machine geschikt om stand-alone te worden geplaatst.
- Draai de machine ondersteboven.
- Steek een slotbout (47) vanaf de platte kant door de gaten in ieder van de poten (18).
- Plaats een vergrendelknop (48) en sluitring (49) op de bout.
- Plaats een poot (18) op ieder van de bevestigingspunten (46) die zich aan de randen aan de binnenkant van het onderstel bevinden. Zorg voor iedere poot dat de vergrendelknop en sluitring zich aan de buitenkant van het open gat bevinden. Maak de vergrendelknoppen vast.
- Zet de machine rechts op. Zorg ervoor dat ze waterpas staat; pas de klemhoogte van de poten aan indien nodig.
De machine op de werkbank monteren (afb. C2)
Wanneer u de poten van de zaagtafel losneemt, kunt u de machine op een werkblad plaatsen. Zorg ervoor dat u veilig kunt werken, bevestig de machine op het werkblad met bouten van een diameter van 8 mm en een lengte van 80 mm.
ASSEMBLAGE VOOR VERSTEKZAAGMODUS
De beveiliging van de ondertafel monteren (afb. D)
De beveiliging van de ondertafel (50) is aan de bovenkant van de zaagbladtafel bevestigd.
- Plaats de twee haken links van de beveiliging in de langwerpige gaten (52) links van het zaagbladgat.
- Plaats de beveiliging plat op de tafel en druk deze in de vergrendelingspakkingring. Voor het verwijderen: maak de pakkingring los met een schroevendraaier om hem te verwijderen en ga in omgekeerde volgorde te werk.
De zaagkop en tafel omkeren (afb. A3, E1, E2)
Houd de zaagtafel met een hand tegen en druk de hendel tafelvrijgave (2) naar links (afb. E1). - Druk de tafel naar beneden aan de voorzijde en draai hem volledig om totdat de motorassemblage in de hoogste positie staat en de karteling contact maakt met de tegenhoudtanden van het tafelvergrendelingsapparaat (20). - De kopassemblage wordt naar beneden gehouden door middel van een klemriem aan de voorzijde en een hoogteaanpassing (23) aan de rechterzijde (afb. A3). - Verwijder de riem. - Draai het wiel (55) tegen de klok in terwijl u de kop naar beneden houdt, totdat de U-vormige fitting (56) loskomt uit zijn plaats (afb. E2).
- Draai en duw de hoogteaanpassing omhoog.
- Houd de kop stevig vast, zorg dat de veerdruk de kans krijgt de kop omhoog te duwen naar zijn ruststand.
Het zaagblad bevestigen (afb. A2, F1-F3)

WAARSCHUWING: Om het gevaar op letsel te verminderen schakelt u het apparaat UIT en sluit u de stroombron van de machine af voordat u accessoires installeert of verwijdert, voordat u instellingen aanpast of wijzigt, of als u reparaties uitvoert. Zorg ervoor dat de hoofdschakelaar in de OFF (UIT) positie staat. Het onbedoeld opstarten kan letsel veroorzaken.

WAARSCHUWING: Bedenk dat het zaagblad alleen op de voorgeschreven manier moet worden vervangen. Monteer NOOIT andere zaagbladen dan die bladen die onder Technische Gegevens worden aangeduid. Wij adviseren Cat.Nr:DT4321.

WAARSCHUWING: De tanden van een nieuw zaagblad zijn zeer scherp en kunnen gevaarlijk zijn.

WAARSCHUWING: Verwissel zaagbladen altijd als de machine in de verstekzaagmodus staat.
Zorg ervoor dat het spouwmes (16) is vastgezet in de bovenste ruststand (afb. A2). - Steek de inbussleutel (57) door het gat (58) in de riemkast en in het uiteinde van de as (afb. F1). Plaats de zaagbladsleutel (59) op de vergrendelingsschroef van het zaagblad (60) (afb. F2). - De vergrendelingsschroef van het zaagblad heeft linkse schroefdraad, draai de schroef dus los door de inbussleutel stevig vast te houden en naar rechts te draaien. Maak de onderste beschermkap (12) los door de hoofdontgrendelingshendel (13) in te drukken, breng daarna de onderste beschermkap zover mogelijk omhoog. - Verwijder de beveiligingsschroef van het zaagblad (60) en de buitenste cilinderkraag (61) (afb. F3). Zorg ervoor dat de binnenflens en beide zijden van het zaagblad schoon en stofvrij zijn. - Installeer het zaagblad (62) op het verbindingstuk voor het blad (63) dat zich direct naast de binnenste cilinderkraag (64) bevindt, waarbij u ervoor zorgt dat de zaagtanden aan de onderste rand van het blad gericht zijn aan de achterkant van de zaag (van de gebruiker af). - Laat het zaagblad voorzichtig op zijn plaats komen en laat de onderste zaagbeveiliging los. - Vervang de buitenste cilinderkraag. - Draai de vergrendelingsschroef (60) van het zaagblad aan door deze naar links te draaien terwijl u de inbussleutel stevig vasthoudt met uw andere hand. Berg de zaagbladsleutel en de inbussleutel op.

WAARSCHUWING: Controleer na het monteren of vervangen van het zaagblad altijd dat het zaagblad volledig wordt bedekt door de beschermkap. Controleer dat de zaagbladsleutel en de inbussleutel zijn opgeborgen.
Aanpassingen voor de verstekzaagmodus

WAARSCHUWING: Bedenk dat het zaagblad op de voorgeschreven manier moet worden vervangen. Monteer NOOIT andere zaagbladen dan die bladen die onder Technische Gegevens worden aangeduid. Wij adviseren artikel: DT4321.
Uw verstekzaag is in de fabriek correct ingesteld. Als aanpassing als gevolg van het transport en de opslag of een andere reden nodig is, volgt u de onderstaande stappen om uw zaag aan te passen. Als deze eenmaal gemaakt zijn, dienen deze aanpassingen juist te zijn.
Het zaagblad controleren en aan de geleider aanpassen (afb. D, G1, G2, H)
Als de kop in verticale positie is en de klemhendel voor schuine hoeken (22) is vrijgegeven, draait u de vergrendelingsschroef (65) los in de draaiende tafelpositie (8) (afb. G1).
- Trek de kop omlaag totdat het zaagblad net in de zaagsnede van de zaag komt.
- Plaats een tekenhaak (66) tegen de linkerzijde (7) van de geleider en het zaagblad (62) (afb. G2). De hoek dient 90° te zijn.

WAARSCHUWING: Raak de punten van de zaagtanden niet aan met de tekenhaak.
- Als aanpassing nodig is, ga dan als volgt te werk:
- Draai de excentrische aanpassingslager (67) totdat het aanzicht van het zaagblad plat tegen de tekenhaak staat (afb. G1).
- Draai de vergrendelingsschroef (65) vast.
- Controleer of de rode markeringen (68) bij het zaagbladgat (52) op een lijn staan met de 0° positie (69) op de twee schaalverdelingen (afb. H).
- Als aanpassing nodig is, draait u de schroeven (70) los en zet u de indicatoren op één lijn. De 45° positie zou nu ook accuraat moeten zijn. Als dit niet het geval is, staat het zaagblad niet loodrecht op de draaitafel (zie hieronder).
Het zaagblad controleren en aan de tafel aanpassen (afb. I1, I2)
Maak de schuine klemhendel (22) los (afb. I1). Druk de zaagkop naar rechts om er zeker van te zijn dat hij volledig verticaal staat, en maak de schuine klemhendel vast. Trek de kop omlaag totdat het zaagblad net in de zaagsnede van de zaag komt. Plaats een ingestelde tekenhaak (66) op de tafel en omhoog tegen het zaagblad (62) (afb. I2). De hoek moet 90° zijn.

WAARSCHUWING: Raak de punten van de zaagtanden niet aan met de tekenhaak.
- Als aanpassing nodig is, ga dan als volgt te werk: Maak de schuine klemhendel (22) los (afb. I1) en draai de stopschroef voor verticale positieaanpassing (71) naar binnen of naar buiten totdat het zaagblad op 90° ten opzichte van de tafel staat, zoals gemeten met de tekenhaak (66) (afb. I2).
De verstekzaaghoek controleren en aanpassen (afb. A1, A2, H)
De standen voor rechte dwarsdoorsnede en 45° verstekzagen zijn vooraf ingesteld.
- Trek de positietaster van de draaitafel (8) omhoog en draai deze tegen de klok in een kwart slag (afb. A1).
- Draai de roterende tafelklem (3) los. De handgreep kan als ratel werken wanneer een volledige omwenteling van de handgreep niet mogelijk is.
- Pak de regelhandgreep (14) vast (afb. A2), druk de ontgrendelingshendel van de beschermkap (13) in en breng de zaag omlaag tot ongeveer halverwege (afb. A1).
- Draai de zaagkop met de roterende tafel in de gewenste stand.
- Draai de roterende tafelklem (3) vast. De plaatsingspen van de roterende tafel (8) zal zichzelf vastzetten (afb. A1).
Met de rode merklekens (68) kunt u de verstekzaagtafel (4) instellen in iedere verstekhoek links of rechts tussen 0° en 45° (afb. H).
Ga te werk zoals bij vooraf ingestelde standen. De positietaster van de draaitafel kan niet worden gebruikt voor tussenliggende hoeken.

WAARSCHUWING: Maak altijd eerst een proefsnede met afvalhout om de juistheid te controleren.
De geleider aanpassen (afb. J1, J2)
Het beweegbare gedeelte aan de linkerzijde van de geleider kan worden aangepast om maximale ondersteuning van het werkstuk bij het zaagblad te bieden, terwijl het toch in staat is een schuine hoek van volledige 45° links te maken. De schuifafstand wordt beperkt door stoppen in beide richtingen. De aanslag (7) aanpassen:
- Til de hendel (72) op om de geleider (7) vrij te geven. Schuif de geleider naar links.
- Voer een proefsnede uit terwijl de zaag is uitgeschakeld en controleer de speling. Pas de geleider aan zodat deze zich zo
dicht bij het zaagblad bevindt als praktisch mogelijk is om maximale ondersteuning van het werkstuk te bieden, zonder de beweging omhoog en omlaag van de arm te beïnvloeden.
- Druk de hendel (72) naar beneden om de geleider op zijn plaats vast te zetten.
De schuine hoek controleren en aanpassen (afb. J1, K1, K2)
Schuif de zijgeleider zo ver als mogelijk naar links (afb. J1). Maak de schuine klemhendel (22) los en beweeg de zaagkop naar links. Dit is de 45° schuine positie. - Als aanpassing nodig is, ga dan als volgt te werk: - Draai de stopschroef (73) naar binnen of buiten zoals gewenst totdat de wijzer (74) 45° aangeeft.
ASSEMBLAGE VOOR ZAAGBANKMODUS
Wisselen tussen de verstekzaagmodus en zaagbankmodus (afb. A1-A3, E2, L1, L2)
- Zet het zaagblad in de 0° dwarsdoorsnede positie waarbij de positietaster van de draaitafel (8) juist is uitgericht en de klem van de draaitafel (3) vast zit (afb. A1). Maak de borgbout van het splijtmes (75) net voldoende los om het mogelijk te maken dat het splijtmes het montagegat in kan (afb. L1).
- Pak het splijtmes (16) uit zijn opbergpositie tegen de zaagkop (afb. A2).
- Laat de hendel voor de beveiligingsvrijgave (13) los om de vergrendeling van het zaagblad (12) vrij te geven, en til de beveiliging van het zaagblad vervolgens zo ver als mogelijk is op (afb. A1). Schuif de beugel van het splijtmes (76) volledig in het montagegat (77) (afb. L1). Maak de borgbout vast.
- Laat de onderste beveiliging voorzichtig los totdat deze op zijn plaats zit, achter de rand die uitsteekt vanuit de binnenkant van het splijtmes.
- Verwijder de beveiliging van de ondertafel.
- Trek de zaagkop naar beneden en draai de hoogteaanpassing (23) totdat de U-vormige beugel (56) contact maakt met de pen die in het onderstel zit (afb. E2).
- Draai het wiel (55) van de aanpassingsknop om ervoor te zorgen dat het zaagblad en het splijtmes uitsteken boven de zaagtafel (24) (afb. A3) om maximale snijdiepte in de zaagbankmodus mogelijk te maken.

WAARSCHUWING: Het zaagblad mag de onderste zaagbladbescherming niet blokkeren.
- Trek de tafelvrijgavehendel (2) naar links, til de voorste rand van de tafel op en klap deze 180° terug totdat de tanden van het tafelvergrendelingsapparaat (20) automatisch contact maken met de retentiehendel voor het zaagblad om dit in de zaagbankmodus vast te zetten (afb. L2).

WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat u de controle over de beweging van de tafel niet verliest.
Plaatsing van het splijtmes (afb. M)
- Bevestig het splijtmes (16) zoals hierboven beschreven. Als het eenmaal is bevestigd, heeft het splijtmes geen verdere aanpassingen nodig.
De bovenste zaagbladbeveiliging bevestigen (afb. N)
De bovenste zaagbladbeveiliging (25) is ontworpen om snel en gemakkelijk te worden vastgemaakt middels een taster met een veer aan het gat in het splijtmes (16) als dit eenmaal op zijn plaats staat door de werktafel voor de zaagbankmodus.
Maak de bovenste zaagbladbeveiliging (25) vast aan het splijtmes door aan de knop (76) te trekken om ervoor te zorgen dat de taster contact krijgt in de beveiliging.

WAARSCHUWING: Gebruik uw zaag nooit in de zaagbankmodus zonder dat de bovenste beveiliging is bevestigd.
Montage en afstelling van de parallelle geleider (afb. O)
De parallelle geleider voor twee hoogte-instellingen (26) kan in twee posities worden gebruikt (11 of 60 mm). De parallelle geleider kan aan beide zijden van het zaagblad worden gemonteerd.
GA ALS VOLGT TE WERK OM DE GELEIDER OP DE JUISTE POSITIE TE MONTEREN:
Maak de knop (77) los. - Schuif de beugel aan vanaf links of rechts. De klemplaat (78) maakt contact achter de voorste rand van de tafel. Maak de knop (77) vast. - Controleer dat de geleider parallel aan het zaagblad staat. - Als aanpassing nodig is, ga dan als volgt te werk: - Pas de geleider aan zodat deze parallel aan het zaagblad staat door de afstand tussen het zaagblad en de geleider te controleren aan de voor- en achterkant van het zaagblad. Om dit te doen draait u de stelschroef in de geleideondersteuning naar binnen of buiten voor zover nodig is.
De standaardinstelling van de geleider is aan de rechterkant van het zaagblad.
GA ALS VOLGT TE WERK OM DE GELEIDER IN TE STELLEN VOOR GEBRUIK AAN DE LINKERZIJDE VAN HET ZAAGBLAD:
Maak de knop (77) los. - Trek de beugel (79) eruit en plaats deze in het andere uiteinde. Maak de geleider aan de tafel vast. Maak de knop (77) vast.

WAARSCHUWING: Gebruik het 11 mm profiel voor het trekzagen van lage werkstukken om toegang tussen het zaagblad en de geleider voor de duwstok (17) mogelijk te maken.

WAARSCHUWING: De achterkant van de geleider dient gelijk te staan aan de voorkant van het splijtmes.
Wisselen tussen de zaagbank en verstekzaagmodus (afb. A3, D, E1, E2, L1)
- Verwijder de parallelle geleider (26) (afb. A3).
- Draai het wiel (55) van de hoogteaanpassing (23) om maximale snijdiepte in de verstekzaagmodus te krijgen (afb. E2).
- Ga verder zoals beschreven staat in de paragraaf "De zaagkop en tafel omdraaien". Maak de borgbout van het splijtmes (75) enigszins los en verwijder het splijtmes (16) terwijl u de zaagbladbeveiliging (12) vasthoudt (afb. L1).
- Laat de zaagbladbescherming zakken.
- Plaats het splijtmes in zijn opslagpositie tegen de zaagkop.
- Breng de beveiliging van de ondertafel (50) weer aan (afb. D).
Voor de bediening
- Installeer het geschikte zaagblad. Gebruik geen extreem versleten zaagbladen. De maximale rotatiesnelheid van het gereedschap mag die van het zaagblad niet overschrijden. Probeer geen extreem kleine delen te zagen.
- Laat het zaagblad vrij zagen. Forceer het niet.
- Laat de motor de volledige snelheid bereiken voordat u zaagt. Zorg ervoor dat alle vergrendelingsknoppen en klemhendels vast zitten.
BEDIENING
Instructies voor gebruik

WAARSCHUWING: Houd u altijd aan de veiligheidsinstructies en van toepassing zijnde voorschriften.
WAARSCHUWING: Om het gevaar op ernstig persoonlijk letsel te verminderen, zet u het gereedschap uit en ontkoppelt u het van de stroomvoorziening, voordat u enige aanpassing
maakt of hulpstukken of accessoires verwijdert/installeert.

WAARSCHUWING:
- Gebruikers in het VK worden gewezen op de "woodworking machines regulations 1974" (regelgeving met betrekking tot houtverwerkende machines) en alle aanvullingen daarop.
- Controleer dat het materiaal dat gezaagd gaat worden stevig op zijn plek is vastgemaakt.
- Pas uitsluitend een lichte druk op het gereedschap toe en oefen geen zijwaartse druk op het zaagblad uit.
Het is belangrijk dat de machine wordt geplaatst overeenkomstig uw ergonomische condities wat betreft hoogte en stabiliteit van het werkblad. De plaats van de machine moet zo worden gekozen dat de gebruiker een goed overzicht heeft en voldoende ruimte rond de machine heeft voor het zonder enige beperkingen werken met het werkstuk.
Verminder de effecten van trillingen door ervoor te zorgen dat de omgevingstemperatuur niet te koud is, de machine en de accessoires goed worden onderhouden en dat de omvang van het werkstuk geschikt is voor deze machine.
Aan- en uitschakelen (afb. A1-A2, P)
Deze machine heeft twee onafhankelijke schakelsystemen. In de zaagbankmodus worden de aan/uit-schakelaar (1) (A1) gebruikt. In de verstekzaagmodus wordt de trekkerschakelaar (15) gebruikt.
De aan/uit-schakelaar die in de zaagbankmodus wordt gebruikt, biedt meerdere voordelen.
- "Geen voltage" vrijgavefunctie: als de stroom om een bepaalde reden uitvalt, moet de schakelaar bewust opnieuw worden bediend.
- Extra veiligheid: de scharnierende veiligheidshuls kan worden afgesloten door een hangslot door de beugel in het midden te steken. De huls fungeert ook als "gemakkelijk te vinden" noodstopknop, want druk op de voorzijde van de huls laat de stopknop vrij komen.
Om de machine aan te schakelen drukt u op de groene startknop (80).
Om de machine uit te schakelen drukt u op de rode stopknop (81).
VERSTEKZAAGMODUS (AFB. A2)
Om de machine aan te schakelen drukt u de trekkerschakelaar (15) in.
Om de machine uit te schakelen laat u de trekkerschakelaar los.
BASIS ZAAGWERKZAAMHEDEN
Zagen in de verstekzaagmodus
Het is gevaarlijk om zonder bescherming te werken. De beschermingen moeten tijdens het zagen op hun plaats zitten.
Zorg ervoor dat de ondertafelbeveiliging niet met zaagsel verstopt raakt. - Klem het werkstuk altijd vast als u niet-ijzerhoudende metalen snijdt.
Algemene bediening
- In de verstekzaagmodus wordt de zaagkop automatisch vergrendeld in de bovenste "parkeer" stand.
- Als u in de hendel van de beveiligingsvrijgave knijpt, worden de zaagkop ontgrendeld. Het naar beneden bewegen van de zaagkop trekt de beweegbare onderste beveiliging in.
- Probeer nooit te voorkomen dat de onderste beveiliging terugkeert naar de parkeerstand als de snede is voltooid.
- De minimale lengte van afgesneden materiaal is 10mm
- Als u kort materiaal snijdt (minimaal 190 mm links of rechts van het zaagblad) wordt het gebruik van de optionele materiaalklem aanbevolen.
- Als u UPVC-delen snijdt, dient u een steun te plaatsen van hout met een aanvullend profiel onder het materiaal dat wordt gesneden, om voor de juiste mate van ondersteuning te zorgen.
Verticale rechte dwarsdoorsnede (afb. Q)
- Stel de draaitafel op 0° en zorg ervoor dat de positietaster contact maakt.
- Draai de klemknop van de draaitafel vast.
- Plaats het hout dat dient te worden gezaagd tegen de geleider. Pak de controhendel vast en druk de hendel beveiligingsretractie in. Schakel de machine aan.
- Laat het zaagblad vrij zagen. Forceer het niet.
- Nadat de snede compleet is, laat u de schakelaar los en wacht u totdat het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen, voordat u de kop naar zijn bovenste rustpositie beweegt.
- Laat de hendel beveiligingsretractie los.

WAARSCHUWING: Laat de zaagkop niet uit zichzelf terugspringen, om schade te voorkomen.
Verstekzagen (afb. R)
Stel de gewenste verstekzaaghoek in. Zorg ervoor dat de draaitafelklem stevig vast zit. Ga verder als bij een verticale rechte snede. - Voorkom dat het zaagblad in de tafel snijdt als de hoek geen 45° is.

WAARSCHUWING: Als u het einde van een stuk hout met een kleine snede verstek zaagt, plaats dan het hout zo dat u ervoor zorgt dat de snede aan de zijkant van het zaagblad plaatsvindt met de grotere hoek, maar de afscheiding, d.w.z.: linker verstekhoek, afsnijden aan de rechter verstekhoek, afsnijden links.
Schuine sneden (afb. A2, S)
- Laat de klemhendel voor schuine hoeken (22) los en hel de kop over naar de gewenste hoek. Maak de klemhendel voor schuine hoeken vast. Ga verder als bij een verticale rechte snede.
Samengestelde verstekzaag
De snede is een combinatie van een verstekzaagsnede en een schuine snede. De grenzen liggen bij 35° verstekzaag/30° schuine hoek. Overschrijd deze grenzen niet.
Stel de schuine hoek in en vervolgens de verstekzaaghoek.
Zagen in de bankmodus
- Gebruik altijd het splijtmes. Zorg er altijd voor dat het splijtmes en de zaagbladbeveiliging correct zijn uitgelijnd. Zorg er altijd voor dat de verstekzaag is ingesteld en vergrendeld op 0° verstekzaag.

WAARSCHUWING: Zaag in deze modus geen metaal.
Splijten (afb. A2, T)
Stel de schuine hoek in op 0°. Pas de zaagbladhoogte aan. De juiste zaagbladpositie is wanneer de uiteinden van de zaagtanden boven het bovenste oppervlak van het hout uitsteken. Stel de parallelle geleider in op de gewenste afstand. Houd het werkstuk plat op de tafel en tegen de geleider. Houd het werkstuk ongeveer 25 mm weg van het zaagblad. Houd beide handen uit de loop van het zaagblad. Schakel de machine aan en laat het zaagblad eerst op volle snelheid komen. Voer het werkstuk langzaam in onder de voorzijde van de bovenste zaagbladbeveiliging, waarbij u dit stevig tegen de geleider gedrukt houdt. Geef de zaagtanden de tijd om te zagen en forceer het werkstuk niet door het zaagblad. De snelheid van het zaagblad dient constant te blijven.
- Onthoud het gebruik van de duwstok (17) als u zich bij het zaagblad in de buurt komt.
- Nadat de snede is voltooid schakelt u de machine uit, laat u het zaagblad tot stilstand komen en verwijdert u het werkstuk.

WAARSCHUWING: Druk nooit op de vrije of afgesneden kant van het werkstuk en houd dit ook niet vast.
WAARSCHUWING: Gebruik een duwstok als u kleine werkstukken splijt.
Schuine sneden (afb. U)
- Laat de klemhendel voor schuine hoeken vrijkomen en stel het zaagblad in op de gewenste hoek.
- Om te voorkomen dat materiaal vastloopt tussen het zaagblad en de geleider, plaatst u de geleider aan de linkerzijde van het zaagblad. Ga verder als bij verticaal splijten.
Versteksneden (afb. V1-V3)
- Om de verstekzaaggeleider aan te passen, draait u de borgmoer van de stopschroef (81) los en schroeft u de stop (82) naar binnen of buiten totdat de verstekzaagindicator 0° aanwijst (afb. V1). Stel de hoogte en hoek van het zaagblad in.
- Steek de schuifbalk (83) van de verstekzaaggeleider in de groef (84) die zich aan de linkerzijde van de tafel bevindt (afb. V2). Maak de vergrendelknop van de verstekzaag (85) los en draai de geleider om de schaal van de gewenste hoek in te stellen (afb. V3). Maak de vergrendelknop van de verstekzaag (85) vast.
- Plaats het werkstuk tegen het platte oppervlak van de verstekzaaggeleider. Schakel de machine aan en schuif, terwijl u het werkstuk stevig vasthoudt, de geleider langs de groef om het werkstuk naar het zaagblad te geleiden. Als de snede is voltooid, wordt de machine automatisch uitgeschakeld.
Geleiderstanden, zaagbankmodus (afb. W)
- Voor het splijten van dun materiaal gebruikt u het 11 mm profiel van de dubbele hoogte parallelgeleider en plaatst u de geleider tegenover de voorste rand van het splijtmes.
- Voor het splijten van dikker materiaal gebruikt u het 60 mm profiel van de dubbele hoogte parallelgeleider.
Bij het maken van een dwarsdoorsnede bij smalle en korte werkstukken (afb. W):
- Pas de parallelgeleider aan zodat het lage profiel gericht is op het zaagblad en installeer de achterkant van de geleider op een lijn met de beginrand van het zaagblad.
- Plaats het werkstuk tegen de verstekzaaggeleider (op 0° of 90°) en druk tegen de verstekzaaggeleider om de snede te maken.
- Om te voorkomen dat afgesneden gedeelten het zaagblad blokkeren, legt u een stuk hout neer en klemt u dit aan de achterste rand van de werktafel, voldoende dicht bij de rechterzijde van het zaagblad, zodat opeenvolgend afgesneden stukken automatisch naar rechts vallen.
- Voor het splijten van smalle (< 120 mm) en lange werkstukken:
- Plaats de geleider in de meest achterste positie om precisie tijdens lange zaagsneden te waarborgen.
- Druk het werkstuk met beide handen aan (een aan iedere kant van het zaagblad).
- Gebruik een duwstok als u zich bij het zaagblad bevindt.
- Ondersteun lange werkstukken op de plaats waar ze de machine verlaten.
- Voor het splijten van bredere (>120 mm) werkstukken:
- Pas de geleider in voorwaartse richting aan zoals afgebeeld in figuur W als het te snijden materiaal de neiging heeft vast te komen zitten tussen het zaagblad of het splijtmes en de geleider.
Optionele aanvullende onderdelen

WAARSCHUWING: Haal voordat u enig accessoire monteert altijd eerst de stekker uit het stopcontact.

WAARSCHUWING: Aangezien accessoires die niet door DEWALT worden aangeboden niet met dit product zijn getest, kan het gebruik van dergelijke accessoires met dit gereedschap gevaarlijk zijn. Om het risico op letsel te verminderen dient u uitsluitend door DEWALT aanbevolen accessoires met dit product te gebruiken.
STOFVERWIJDERINGSKIT (AFB. A1, A2, A8)
Deze machine is voorzien van drie stofverwijderingspunten voor gebruik in iedere modus.
- Sluit als u hout zaagt altijd een stofverwijderingsapparaat aan dat is ontworpen in overeenstemming met de relevante regelgeving omtrent stofemissie.

WAARSCHUWING: Sluit, wanneer dat maar mogelijk is, een toestel voor stofafzuiging aan dat is ontworpen in overeenstemming met de relevante voorschriften voor stofemissie.
Sluit een toestel voor stofafzuiging aan dat is ontworpen volgens de geldende voorschriften. De luchtsnelheid van extern aangesloten systemen moet 20 m/s ± 0,5 m/s zijn. De snelheid moet worden gemeten in de aansluitbuis op het aansluitpunt, terwijl het gereedschap is aangesloten maar niet werkt.
Een apart stofpakket is als optie verkrijgbaar (DE3500).
- Monteer de stofafzuigingbuis op de zuigmonden; de langste buis op de bovenste zuigmond.
- Sluit de slangen aan op de driewegconnector.
Aansluiten - verstekzaagstand
- Sluit één slang aan op de beveiliging van de ondertafel.
- Sluit een slang aan op de kleine diameteruitgang en een op de grote diameteruitgang met behulp van de desbetreffende buizen.
- Sluit de slangen op de driewegsconnector aan.
- Sluit de enkele uitgang van de driewegsconnector aan op de slang van het stofverwijderingsapparaat.
Aansluiten - zaagbankstand
- Vervang de zaagbladbeveiliging door de beveiliging die bij de stofverwijderingskit is meegeleverd en sluit de slang van de beveiliging van de ondertafel erop aan. Ga verder zoals bij de verstekzaagstand.
De extra steun en lengtestop kunnen worden gemonteerd aan de linker- of rechterzijde, of twee sets aan beide zijden.
- Bevestig de items 28-34 op de tweede geleiderail (29).
- Gebruik de zwenkstop (30) voor het afkorten van 210 mm brede platen (15 mm dik).
ROLLER ONDERSTEUNENDE TAFEL (AFB.A5)
In de verstekzaagmodus kan de roller ondersteunende tafel worden gemonteerd aan de linker- of rechterzijde, of twee sets aan beide zijden. In de zaagbankmodus kan hij ook aan de voorkant of achterkant van de zaagtafel worden gemonteerd.
Deze zijuitbreidingstafel vergroot de afstand van de splintergeleider tot het zaagblad tot 600 mm of meer, afhankelijk van de staaf lengte die aan de machine is bevestigd en de geklemde stand van de tafel. De zijuitbreidingstafel moet worden gebruikt samen met geleiderails (29) (accessoire).
De verstelbare tafel is voorzien van een ingegraveerde schaalverdeling aan de voorste rand en is gemonteerd op een stevig onderstel met klemmen aan de geleidestangen.
- Bevestig de uitbreidingstafel aan de rechterkant van de machine voor continuïteit van de afstandsschaal op beide tafels.
ENKELVOUDIGE SCHUIFTAFEL (AFB.A7)
Deze schuiftafel maakt bordgroottes aan de linkerzijde van het zaagblad tot 1200 × 900 mm mogelijk.
De geleidestangen worden op een stevige legeringssteun gemonteerd die van de machine kan worden losgemaakt en toch volledig verstelbaar is in alle standen.
De geleider is voorzien van een meetlint over de volledige lengte voor het nauwkeurig positioneren van een verstelbare stop en een verstelbare steun voor smalle werkstukken.
DUBBELE SCHUIFTAFEL
Deze schuiftafel maakt bordgroottes aan de linkerzijde van het zaagblad tot 1850 mm mogelijk.
Transporteren

WAARSCHUWING: Transporteer de machine altijd in de zaagbankmodus met de bovenste zaagbladbescherming aangebracht.

WAARSCHUWING: Zoek altijd hulp als u de machine draagt. De machine is te zwaar om door één persoon te worden verplaatst.
ONDERHOUD
Uw DEWALT gereedschap op stroom is ontworpen om gedurende een lange tijdsperiode te functioneren met een minimum aan onderhoud. Het continu naar bevrediging functioneren hangt af van de juiste zorg voor het gereedschap en regelmatig schoonmaken.

De lagers van de motor zijn voorgesmeerd en waterdicht.
- Controleer regelmatig het draagoppervlak van de draaitafellicht, waar het glijdt over de punt van de vaste tafel. Maak de onderdelen die blootstaan aan de ophoping van zaagsel of splinters regelmatig schoon met een droge borstel.

Reiniging

WAARSCHUWING: Blaas vuil en stof uit de hoofdbescherming met droge lucht, zo vaak u ziet dat vuil zich in en rond de luchtopeningen ophoopt. Draag goedgekeurde oogbescherming en een goedgekeurd stofmasker als u deze procedure uitvoert.

WAARSCHUWING: Gebruik nooit oplosmiddelen of andere bijtende chemicaliën voor het reinigen van niet-metalen onderdelen van het gereedschap. Deze chemicaliën kunnen het materiaal dat in deze onderdelen is gebruikt verzwakken. Gebruik een doek die uitsluitend met water en milde zeep is bevochtigd. Zorg dat er nooit enige vloeistof in het gereedschap komt; dompel nooit enig onderdeel van het gereedschap in een vloeistof.

WAARSCHUWING: Reinig, om het risico op letsel te verkleinen, regelmatig de bovenzijde van de tafel.

WAARSCHUWING: Reinig, om het risico op letsel te verkleinen, regelmatig het stofverzamelsysteem.
Controleer voor gebruik zorgvuldig de bovenste beschermkap van het zaagblad, de beweegbare onderste beschermkap van het zaagblad en ook de stofafzuigbuis om vast te stellen dat zij goed zullen functioneren. Zorg ervoor dat spaanders, stof of een deel van het werkstuk niet kunnen leiden tot blokkering van een van de functies.
Als delen van het werkstuk zijn vastgelopen tussen het zaagblad en de beschermkappen, trek de stekker van het netsnoer van de machine dan uit het stopcontact en volg de instructies die worden gegeven in het hoofdstuk Het zaagblad monteren. Verwijder de vastgelopen gedeelten en monteer het zaagblad opnieuw.
Optionele accessoires

WAARSCHUWING: Aangezien accessoires die niet door DEWALT zijn aangeboden niet met dit product zijn getest, kan het gebruik van dergelijke accessoires met dit gereedschap gevaarlijk zijn. Om het risico op letsel te verminderen dient u uitsluitend door DEWALT aanbevolen accessoires met dit product te gebruiken.
Neem contact op met uw leverancier voor verdere informatie over de geschikte accessoires.
Milieubescherming

Aparte inzameling. Dit product mag niet bij het normale huishoudafval worden gegooid.
Als u op een dag merkt dat uw DEWALT product vervangen moet worden of dat u het verder niet kunt gebruiken, gooi het dan niet bij het huishoudafval. Dit product moet afzonderlijk ingezameld worden.

Aparte inzameling van gebruikte producten en verpakkingen maakt recycling en hergebruik van materialen mogelijk. Hergebruik van gerecyclede materialen helpt milieuvervuiling te voorkomen en vermindert de vraag naar grondstoffen.
Plaatselijke voorschriften bepalen mogelijk een aparte inzameling voor elektrische producten, in containerparken of bij de verkoper wanneer u een nieuw product koopt.
DEWALT beschikt over een gebouw voor de verzameling en recyclage van DEWALT producten die het einde van hun levensduur hebben bereikt. Om van deze dienst gebruik te maken, kunt u uw product terugbrengen naar een erkende reparateur die hem voor ons zal inzamelen.
U kunt de dichtstbijzijnde erkende reparateur vinden door contact op te nemen met uw plaatselijke DEWALT kantoor op het adres dat in deze handleiding staat. Of u kunt een lijst met erkende DEWALT reparateurs en alle gegevens over onze herstellingsdienst en contactinformatie vinden op www.2helpU.com.
GARANTIE
DEWALT vertrouwt op de kwaliteit van zijn producten en biedt een uitstekende garantie aan voor professionele gebruikers van het product. Deze garantieverklaring komt in aanvulling op, en beïnvloedt op geen enkele wijze uw contractuele rechten als een professioneel gebruiker of uw wettelijke rechten als een privé, niet-professioneel gebruiker. De garantie is geldig binnen het grondgebied van de lidstaten van de Europese Unie en de Europese Vrijhandelszone.
30 DAGEN NIET GOED GELD TERUG GARANTIE
Als u niet volkomen tevreden bent over de prestaties van uw DEWALT gereedschap, kunt u dit gewoon binnen 30 dagen terugbrengen, compleet met de originele onderdelen zoals u het aankocht, bij het verkooppunt. U krijgt uw geld volledig vergoed. Het product moet blootgesteld zijn aan redelijke slijtage en u dient een aankoopbewijs te overleggen.
- EEN JAAR GRATIS ONDERHOUDS CONTRACT
Als u onderhoud aan uw DEWALT gereedschap nodig hebt gedurende de 12 maanden volgend op uw aankoop, wordt dit gratis uitgevoerd door een erkende DEWALT reparateur. U dient een aankoopbewijs te overleggen. Inclusief arbeidskosten. Exclusief accessoires en reserveonderdelen, tenzij deze defect raakten en onder de garantie vielen.
EEN JAAR VOLLEDIGE GARANTIE
Als uw DEWALT product defect raakt als gevolg van verkeerd materiaal of onjuiste constructie binnen 12 maanden na de datum van aankoop, garandeert DEWALT alle defecte onderdelen gratis te vervangen of - naar ons oordeel - het apparaat gratis te vervangen, op voorwaarde dat:
- Het product niet verkeerd gebruikt is;
- Het product is blootgesteld aan redelijke slijtage;
- Er geen reparaties zijn ondernomen door niet-geautoriseerde personen; u een aankoopbewijs kunt overleggen;
- Het product compleet met alle originele onderdelen wordt geretourneerd.
Als u een schadeclaim wilt indienen, neem dan contact op met uw verkoper of zoek de locatie op van de dichtstbijzijnde erkende DEWALT reparateur in de DEWALT catalogus, of neem contact op met uw DEWALT kantoor via het adres dat in deze handleiding staat vermeld. Een lijst van erkende DEWALT reparateurs en volledige details over onze after sales service zijn ook te vinden op internet via: www.2helpU.com.
Gefeliciteerd!