AEG EEB230010M - Oven

EEB230010M - Oven AEG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis EEB230010M AEG in PDF-formaat.

📄 232 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag 🖨️ Afdrukken
Notice AEG EEB230010M - page 30
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : AEG

Model : EEB230010M

Categorie : Oven

Download de handleiding voor uw Oven in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding EEB230010M - AEG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. EEB230010M van het merk AEG.

GEBRUIKSAANWIJZING EEB230010M AEG

Bedankt dat je voor dit AEG-product hebt gekozen. We hebben het gecreëerd om jarenlang onberispelijke prestaties te leveren, met innovatieve technologieën die het leven eenvoudiger maken – functies die je wellicht niet op gewone apparaten aantreft. Neem een paar minuten de tijd om het beste uit het apparaat te halen. Ga naar onze website voor: Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie- informatie: www.aeg.com/support Registreer je product voor een betere service: www.registeraeg.com Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor je apparaat: www.aeg.com/shop

KLANTENSERVICE EN SERVICE

Gebruik altijd originele onderdelen. Als u contact opneemt met onze erkende servicedienst, zorg er dan voor dat u de volgende gegevens tot uw beschikking hebt: Model, PNC, serienummer. De informatie vindt u op het typeplaatje. Waarschuwingen en veiligheidsinformatie Algemene informatie en tips Milieu-informatie Wijzigingen voorbehouden. INHOUDSOPGAVE

NEDERLANDS 291. VEILIGHEIDSINFORMATIE Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeit uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.

1.1 De veiligheid van kinderen en kwetsbare

  • Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderen jonger dan 8 jaar en personen met zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te worden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan.
  • Houd toezicht op kinderen om te voorkomen dat zij met het apparaat gaan spelen..
  • Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
  • WAARSCHUWING: Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat als die in werking is of afkoelt. Makkelijk toegankelijke onderdelen worden heet tijdens het gebruik.
  • Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd.
  • Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.

1.2 Algemene veiligheid

  • Alleen een erkende installatietechnicus mag dit apparaat installeren en de kabel vervangen. 30 NEDERLANDS• Gebruik het apparaat niet voordat u het in de ingebouwde constructie installeert.
  • Trek de stekker van het apparaat uit het stopcontact voordat u welke soort onderhoud dan ook gaat uitvoeren.
  • Als het netsnoer beschadigd is, moet de fabrikant, een erkende serviceverlener of een gekwalificeerd persoon deze vervangen teneinde gevaarlijke situaties te voorkomen.
  • Het bedieningspaneel moet om mogelijke gevaren te voorkomen worden aangesloten op de aangegeven verwarmingseenheid met overeenkomende connectorkleuren.
  • De middelen voor het uitschakelen moeten opgenomen worden in de vaste bedrading overeenkomstig de regels voor de bedrading.
  • WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat het apparaat is uitgeschakeld voordat u de lamp vervangt om elektrische schokken te voorkomen.
  • WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens gebruik. U dient te voorkomen de verwarmingselementen aan te raken.
  • Gebruik altijd ovenhandschoenen om accessoires of kookgerei te plaatsen of verwijderen.
  • Om de inschuifrails te verwijderen trekt u eerst de voorkant van de inschuifrail en dan de achterkant uit de zijwanden. Installeer de inschuifrails in de omgekeerde volgorde.
  • Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon te maken.
  • Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen of scherpe metalen schrapers om de glazen deur schoon te maken, deze kunnen krassen veroorzaken op het oppervlak, waardoor het glas zou kunnen breken. NEDERLANDS 312. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

WAARSCHUWING! Alleen een erkende installatietechnicus mag het apparaat installeren.

  • Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
  • Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
  • Volg de installatie-instructies die zijn meegeleverd met het apparaat.
  • Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
  • Trek het apparaat nooit aan de handgreep van zijn plaats.
  • Installeer het apparaat op een veilige en geschikte plaats die aan alle installatie- eisen voldoet.
  • De afmetingen van de keukenkast en de uitsparing moeten kloppen.
  • Houd de minimumafstand naar andere apparaten en units in acht.
  • Controleer, voordat u het apparaat monteert, of de ovendeur onbelemmerd opengaat.
  • Delen van het apparaat staan onder stroom. Sluit het apparaat met meubel om te voorkomen dat de gevaarlijke delen worden aangeraakt.
  • Het apparaat is uitgerust met een elektrisch koelsysteem. Het moet worden gebruikt met de elektrische voeding.
  • De inbouweenheid moet voldoen aan de stabiliteitsvereisten van DIN 68930. Minimumhoogte kast (Mini‐ mumhoogte kast onder werkblad) 578 (600) mm Kastbreedte 560 mm Kastdiepte 550 (550) mm Hoogte van de voorkant van het apparaat 594 mm Hoogte van de achterkant van het apparaat 576 mm Breedte van de voorkant van het apparaat 595 mm Breedte van de achterkant van het apparaat 559 mm Diepte van het apparaat 567 mm Ingebouwde diepte van het apparaat 546 mm Diepte met open deur 1027 mm Minimumgrootte ventilatie‐ opening. Opening ge‐ plaatst aan de onderkant van de achterzijde 560 x 20 mm Bevestigingsschroeven 4 x 25 mm

2.2 Elektrische aansluiting

WAARSCHUWING! Gevaar voor brand en elektrische schokken.

  • Alle elektrische aansluitingen moeten door een gediplomeerd elektromonteur worden gemaakt.
  • Dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact.
  • Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.
  • Gebruik altijd een juist geïnstalleerd schokbestendig stopcontact.
  • Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.
  • Zorg dat u de netstekker en het netsnoer niet beschadigt. Indien de voedingskabel moet worden vervangen, dan moet dit gebeuren door onze Klantenservice.
  • Laat de stroomkabel niet in aanraking komen met de deur van het apparaat of de niche onder het apparaat, met name niet als deze werkt of als de deur heet is.
  • De schokbescherming van delen onder stroom en geïsoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het niet zonder gereedschap kan worden verplaatst.
  • Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor 32 NEDERLANDSdat het netsnoer na installatie bereikbaar is.
  • Als het stopcontact los zit, mag u de stekker niet in het stopcontact steken.
  • Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
  • Gebruik enkel correcte isolatievoorzieningen: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen moeten uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers.
  • De elektrische installatie moet een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat moet een contactopening hebben met een minimale breedte van 3 mm.
  • Dit apparaat wordt geleverd zonder een stekker en een netsnoer.

WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel, brandwonden, elektrische schokken of een explosie.

  • Dit apparaat is uitsluitend bestemd voor (binnenshuis) huishoudelijk gebruik.
  • De specificatie van dit apparaat niet wijzigen.
  • Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet geblokkeerd worden.
  • Laat het apparaat tijdens de werking niet onbeheerd achter.
  • Schakel het apparaat na elk gebruik uit.
  • Wees voorzichtig met het openen van de deur van het apparaat wanneer het apparaat in werking is. Er kan hete lucht vrijkomen.
  • Gebruik het apparaat niet met natte handen of als het contact maakt met water.
  • Oefen geen druk uit op de open deur.
  • Gebruik het apparaat niet als werkblad of als opslagoppervlak.
  • Open de deur van het apparaat voorzichtig. Het gebruik van ingrediënten met alcohol kan een mengsel van alcohol en lucht veroorzaken.
  • Laat geen vonken of open vlammen in contact met het apparaat komen wanneer u de deur opent.
  • Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die vochtig zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat. WAARSCHUWING! Risico op schade aan het apparaat.
  • Om schade of verkleuring van het email te voorkomen: – plaats ovenschalen of andere voorwerpen niet rechtstreeks op de bodem van het apparaat. – leg geen aluminiumfolie op de bodem van de ruimte in het apparaat. – plaats geen water direct in het hete apparaat. – bewaar geen vochtige gerechten en voedsel in het apparaat nadat u klaar bent met koken. – wees voorzichtig bij het verwijderen of bevestigen van accessoires.
  • Verkleuring van het email of roestvrij staal is niet van invloed op de werking van het apparaat.
  • Gebruik een diepe pan voor vochtige taarten. Vruchtensappen veroorzaken vlekken die permanent kunnen zijn.
  • Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken. Het mag niet worden gebruikt voor andere doeleinden, bijvoorbeeld het verwarmen van de ruimte.
  • Kook altijd met een gesloten ovendeur.

2.4 Onderhoud en reiniging

WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel, brand en schade aan het apparaat.

  • Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudshandelingen verricht.
  • Zorg ervoor dat het apparaat is afgekoeld. Er bestaat een risico dat de glasplaten kunnen breken.
  • Vervang direct de glazen deurpanelen als deze beschadigd zijn. Neem contact op met een erkend servicecentrum. NEDERLANDS 33• Wees voorzichtig als u de deur van het apparaat verwijdert. De deur is zwaar!
  • Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak achteruitgaat.
  • Maak het apparaat schoon met een vochtige zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
  • Volg als u een ovenspray gebruikt de aanwijzingen op de verpakking.

2.5 Binnenverlichting

WAARSCHUWING! Gevaar voor elektrische schokken.

  • Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie te geven over de operationele status van het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten.
  • Gebruik alleen lampjes met dezelfde specificaties.
  • Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat.
  • Gebruik uitsluitend originele reserveonderdelen.

WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel of verstikking.

  • Neem contact op met uw plaatselijke overheid voor informatie over het afvoeren van het apparaat.
  • Haal de stekker uit het stopcontact.
  • Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg.
  • Verwijder de deurvergrendeling om te voorkomen dat kinderen of huisdieren binnen in het apparaat vast komen te zitten.

3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT

3.1 Algemeen overzicht

Knop voor verwarmingsfuncties

Bedieningsknop (voor de temperatuur)

Knoppen voor de kookzones

Inschuifrails, verwijderbaar

Inzetniveaus 34 NEDERLANDS3.2 Accessoires Bakrooster Voor kookgerei, bak- en braadvormen. Combischaal Voor gebak en koekjes. Om te bakken en braden of als een pan om vet in op te vangen.

4.1 Knoppen voor de kookzones

De kookplaat is te bedienen met de knoppen voor de kookzones. U dient de hoofdstukken m.b.t Veiligheid te lezen in de gebruiksaanwijzing van de kookplaat.

4.2 Verwarmingsstanden

Knopaanduiding -functie 0 Uit-stand Warmhoudstand

2. Zet de bedieningsknop op de uit stand

om het kookproces te beëindigen.

4.3 Automatisch opwarmen

Aalleen van toepassing voor kookplaten met de automatische verwarmingsfunctie. De functie Automatisch opwarmen verwarmt de kookzone gedurende enige tijd op volledig vermogen.

1. Draai de knop voor de kookzone zo ver

mogelijk naar rechts (voorbij de hoogste kookstand).

2. Stel meteen de benodigde kookstand in.

3. Draai de knop naar de uit-stand om de

functie uit te schakelen.

4.4 Gebruik van de dubbele zone

(indien van toepassing) Draai de knop rechtsom om de dubbele zone te activeren. Draai de knop niet verder dan de stoppositie.

1. Draai de knop rechtsom naar stand 9.

2. Draai de knop langzaam tot u een klik

hoort. De twee kookzones zijn aan.

3. Raadpleeg 'Verwarmingsstanden' om de

WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

5.1 Voorafgaand aan het eerste gebruik

De oven kan een vreemde geur en rook afgeven tijdens het voorverwarmen. Zorg ervoor dat de kamer goed is geventileerd. Stap 1 Stap 2 De oven reinigen Verwarm de lege oven voor

1. Haal alle accessoires en verwijderbare inschuifrails

2. Reinig de oven en de accessoires met een zachte

doek, warm water en een mild reinigingsmiddel.

1. Stel de maximale temperatuur in voor de functie:

2. Stel de maximale temperatuur in voor de functie:

Tijd: 15 min Schakel de oven uit en wacht tot deze is afgekoeld. Plaats de accessoires en de verwijderbare inschuifrails in de oven.

6. DAGELIJKS GEBRUIK

WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

6.1 Instellen: Verwarmingsfunctie

Stap 1 Draai aan de knop voor de verwar‐ mingsfuncties om een verwarmings‐ functie te selecteren. Stap 2 Draai aan de regelknop om de tempe‐ ratuur te selecteren. Stap 3 Draai wanneer het bereiden stopt aan de knoppen naar de uit-stand om de oven uit te schakelen.

6.2 Verwarmingsfuncties

Verwarmings‐ functie Toepassing Uit-stand De oven is uit. Binnenverlichting Inschakelen van de verlichting. Hetelucht Bakken op maximaal drie rek‐ standen tegelijkertijd en voedsel drogen. Stel de temperatuur 20 - 40 °C lager in dan voor Boven- /onder‐ warmte. 36 NEDERLANDSVerwarmings‐ functie Toepassing Pizza-functie Voor het bakken van pizza. Voor intensieve bruining en een krokante bodem. Boven- /onder‐ warmte Voor het bakken en roosteren op één ovenniveau. Onderwarmte Voor het bakken van taarten met een krokante bodem en het bewaren van voedsel. Ontdooien Om voedsel te ontdooien (groenten en fruit). De ontdooi‐ tijd is afhankelijk van de hoe‐ veelheid ingevroren voedsel en de grootte daarvan. Warmelucht (voch‐ tig) Deze functie is ontworpen om tijdens de bereiding energie te besparen. Bij het gebruik van deze functie kan de temperatuur in de ruimte verschillen van de ingestelde temperatuur. Het ver‐ warmingsvermogen kan worden verminderd. Raadpleeg voor meer informatie het hoofdstuk "Dagelijks gebruik", opmerkin‐ gen op: Warmelucht (vochtig) . Grill Om dunne stukken voedsel te grillen en brood te roosteren. Verwarmings‐ functie Toepassing Turbo grill Voor het braden van grote stuk‐ ken vlees of gevogelte met bot op één niveau. Voor gratineren en bruinen. De lamp kan tijdens bepaalde ovenfuncties automatisch uitgaan bij een temperatuur die lager is dan 60° C.

6.3 Toelichting van: Warmelucht

(vochtig) Deze functie wordt gebruikt om te voldoen aan de energie-efficiëntieklasse en ecodesign-vereisten overeenkomstig EU 65/2014 en EU 66/2014. Testen volgens EN 60350-1. De ovendeur dient tijdens de bereiding gesloten te zijn zodat de functie niet wordt onderbroken en de oven werkt op de hoogst mogelijke energie-efficiëntie. Raadpleeg voor de kookinstructies het hoofdstuk "Aanwijzingen en tips", Warmelucht (vochtig) . Raadpleeg voor algemene aanbevelingen voor energiebesparing het hoofdstuk "Energie- efficiëntie", Energiebesparing.

7. GEBRUIK VAN DE ACCESSOIRES

WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

7.1 Accessoires plaatsen

Een kleine inkeping bovenaan verhoogt de veiligheid. Deze inkepingen voorkomen bovendien omkanteling. De hoge rand rond het rooster voorkomt dat het kookgerei van het rooster afglijdt. NEDERLANDS 37Bakrooster: Plaats het rooster tussen de geleidestangen van de inschuifrail. Braadpan: Schuif de plaat tussen de geleidestangen van de inschuifrail. Bakrooster, Braadpan: Plaats de plaat tussen de geleiders van de in‐ schuifrails en het bakrooster op de geleiders erbo‐ ven.

Als de oven in werking is, wordt de koelventilator automatisch ingeschakeld om de oppervlakken van de oven koel te houden. Als u de oven uitschakelt, kan de koelventilator blijven werken totdat de oven is afgekoeld.

9. AANWIJZINGEN EN TIPS

Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 38 NEDERLANDS9.1 Voorbeelden van kooktoepassingen voor de kookplaat Kookstand Applicatie Tijd (min) Tips 1 Om eten warm te houden. naar be‐ hoefte Een deksel op het kookgerei doen.

1 - 2 Voor het maken van Hollandaise saus en

om boter, chocolade en gelatine te laten smelten.

5 - 25 Mixen met tussenpozen.

1 - 2 Om luchtige omeletten en gebakken eier‐

2 - 3 Om rijst en gerechten op melkbasis te la‐

ten sudderen en om kant-en-klaargerech‐ ten op te warmen.

25 - 50 Voeg minimaal twee keer zoveel vloei‐

stof toe dan rijst. Roer de melkgerech‐ ten halverwege goed door.

3 - 4 Voor het stomen van groenten, vis en

20 - 45 Voeg een paar eetlepels vocht toe.

4 - 5 Om aardappelen te stomen. 20 - 60 Gebruik maximaal ¼ l water voor 750 g

4 - 5 Voor het bereiden van grotere hoeveel‐

heden voedsel, stoofschotels en soepen.

60 - 150 Voeg maximum 3 l vloeistof toe aan de

6 - 7 Voor het licht aanbraden van kalfslappen,

kalfsvlees cordon bleu, rissoles, sauzen, roux, eieren, pannenkoeken, donuts. naar be‐ hoefte Halverwege de bereidingstijd omdraai‐ en.

7 - 8 Voor het opbakken van aardappelen en

het bakken van lendenbiefstukken en steaks.

5 - 15 Halverwege de bereidingstijd omdraai‐

en. 9 Voor het aan de kook brengen van grotere hoeveelheden water, pasta koken, aanbraden van vlees (goulash, stoofvlees), frituren van friet.

De temperatuur en kooktijden in de tabellen zijn slechts als richtlijn bedoeld. Deze zijn afhankelijk van de recep‐ ten en de kwaliteit en de hoeveelheid van de gebruikte ingrediënten. Uw oven kan anders bakken of roosteren dan de oven die u tot nu toe gebruikt heeft. De onderstaande tabellen tonen aanbevolen instellingen voor temperatuur, kooktijd en rekstand voor specifieke soorten voedsel. Als u voor een speciaal recept de instelling niet kunt vinden, zoek dan naar een soortgelijk recept.

Gebruik voor de eerste baksessie de lagere temperatuur. Bij het bereiden van cake op meerdere niveaus kan de baktijd ca. 10 - 15 minuten langer zijn. Als de cake niet overal even hoog is, wordt de cake niet overal even bruin. Als de cake niet overal even bruin wordt, hoeft u de temperatuurinstelling niet te wijzigen. De verschillen verminderen tijdens het bakken. Tijdens het bakken kunnen bakplaten in de oven vervormen. Wanneer de bakplaten weer afgekoeld zijn, verdwijnt de vervorming. NEDERLANDS 399.4 Baktips Bakresultaat Mogelijke oorzaak Oplossing De onderkant van de cake is niet voldoende gebakken. De rekstand is incorrect. Plaats de cake op een lagere rekstand. De cake zakt in en wordt klef, of streperig. De oventemperatuur is te hoog. Stel de volgende keer de oventemperatuur iets lager in. De oventemperatuur is te hoog en de baktijd te kort. Stel volgende keer een langere baktijd en een lagere oventemperatuur in. De cake is te droog. De oventemperatuur is te laag. Stel de volgende keer de oventemperatuur hoger in. Te lange baktijd. Stel volgende keer een kortere baktijd in. De cake wordt ongelijkmatig gebakken. De oventemperatuur is te hoog en de baktijd te kort. Stel volgende keer een langere baktijd en een lagere oventemperatuur in. Het cakebeslag is niet gelijkmatig verdeeld. Verspreid de volgende keer het cakebe‐ slag gelijkmatig over de bakplaat. De cake wordt niet gaar bin‐ nen de in het recept aangege‐ ven baktijd. De oventemperatuur is te laag. Stel de volgende keer de oventemperatuur iets hoger in.

9.5 Bakken op 1 rekniveau

VORMEN (°C) (min) Taartbodem - zandtaartdeeg, verwarm de oven voor Hetelucht 170 - 180 10 - 25 2 Taartbodem - zacht cakedeeg Hetelucht 150 - 170 20 - 25 2 Tulband / Brioche Hetelucht 150 - 160 50 - 70 1 Zandgebak / Fruit‐ gebak Hetelucht 140 - 160 70 - 90 1 Kwarktaart Boven- /onderwarmte 170 - 190 60 - 90 1 Gebruik de derde rekstand. Gebruik de functie: Hetelucht. Gebruik een bakplaat.

40 NEDERLANDSCAKE/GEBAK/BROOD

(°C) (min) Kruimeltaart, droog 150 - 160 20 - 40 Vruchtentaart (gemaakt van gistdeeg/zacht cake‐ deeg), gebruik een diepe pan 150 35 - 55 Vruchtencake van zanddeeg 160 - 170 40 - 80 Verwarm de lege oven voor. Gebruik de functie: Boven- /onderwarmte. Gebruik een bakplaat. CAKE/ GEBAK/BROOD (°C) (min) Koninginnenbrood (opge‐ rolde cake met jam)

Roggebrood: eerst: 230 20 1 dan: 160 - 180 30 - 60 Beboterde amandeltaart / Suikerkoek

Roomsoezen / Eclairs 190 - 210 20 - 35 3 Plaatbrood / Broodkrans 170 - 190 30 - 40 3 Vruchtentaart (gemaakt van gistdeeg/zacht cake‐ deeg), gebruik een diepe pan 170 35 - 55 3 Plaatkoek met delicate garnering (bijvoorbeeld kwark, room, puddingvul‐ ling)

Christstollen 160 - 180 50 - 70 2 Gebruik de derde rekstand. KOEKJES EN BISCUITS (°C) (min) Zandkoekjes Hetelucht 150 - 160 10 - 20 Broodjes, verwarm de oven voor Hetelucht 160 10 - 25

NEDERLANDS 41KOEKJES EN

BISCUITS (°C) (min) Koekjes gemaakt van spons‐ deeg Hetelucht 150 - 160 15 - 20 Koekjes van bladerdeeg, ver‐ warm de oven voor Hetelucht 170 - 180 20 - 30 Koekjes gemaakt van gistdeeg Hetelucht 150 - 160 20 - 40 Makarons Hetelucht 100 - 120 30 - 50 Eiwitgebak/schuimgebak / Schuimgebakjes Hetelucht 80 - 100 120 - 150 Broodjes, verwarm de oven voor Boven- /onderwarmte 190 - 210 10 - 25

9.6 Ovenschotels en gegratineerde gerechten

Gebruik de eerste rekstand. (°C) (min) Stokbroden bedekt met ge‐ smolten kaas Hetelucht 160 - 170 15 - 30 Groentegratin, verwarm de oven voor Turbo grill 160 - 170 15 - 30 Lasagne Boven- /onderwarmte 180 - 200 25 - 40 Visschotels Boven- /onderwarmte 180 - 200 30 - 60 Gevulde groente Hetelucht 160 - 170 30 - 60 Zoete ovenschotels Boven- /onderwarmte 180 - 200 40 - 60 Pasta gebakken Boven- /onderwarmte 180 - 200 45 - 60

9.7 Bakken op meerdere niveaus

Gebruik de functie: Hetelucht. Gebruik de bakplaten. CAKE/ GEBAK (°C) (min) 2 posities Roomsoezen / Eclairs, verwarm de oven voor

Koekjes van blader‐ deeg, verwarm de oven voor

170 - 180 30 - 50 1 / 4 -

Koekjes gemaakt van gistdeeg

160 - 170 30 - 60 1 / 4 -

Makarons 100 - 120 40 - 80 1 / 4 - Koekjes gemaakt van eiwit / Schuim‐ gebakjes

80 - 100 130 - 170 1 / 4 -

9.8 Tips voor braden

Gebruik hittebestendig kookgerei. Geroosterd mager vlees bedekt (u kunt aluminiumfolie gebruiken). Braad grote vleesstukken direct in de diepe bakplaat of op een bakrooster boven de bakplaat. Doe wat water in de bakplaat om te voorkomen dat druipend vet verbrandt. Draai het braadstuk na 1/2 - 2/3 van de gaartijd. Rooster vlees en vis in grote stukken (1 kg of meer). Bedruip vleesstukken meerdere malen met hun eigen sap tijdens het roosteren.

Gebruik de eerste rekstand. RUNDVLEES (°C) (min) Stoofvlees 1 - 1,5 kg Boven- /onder‐ warmte 230 120 - 150 Rosbief of ossenhaas, rood, verwarm de oven voor per cm dikte Turbo grill 190 - 200 5 - 6 Rosbief of ossenhaas, medium, verwarm de oven voor per cm dikte Turbo grill 180 - 190 6 - 8 NEDERLANDS 43RUNDVLEES (°C) (min) Rosbief of ossenhaas, gaar, verwarm de oven voor per cm dikte Turbo grill 170 - 180 8 - 10 VARKENSVLEES Gebruik de functie: Turbo grill. (kg) (°C) (min) Schouder / Nek / Hamlap 1 - 1,5 160 - 180 90 - 120 Karbonade / Spare ribs 1 - 1,5 170 - 180 60 - 90 Gehaktbrood 0,75 - 1 160 - 170 50 - 60 Varkensschenkel, voorgekookt 0,75 - 1 150 - 170 90 - 120 KALFSVLEES Gebruik de functie: Turbo grill. (kg) (°C) (min) Geroosterd kalfsvlees 1 160 - 180 90 - 120 Kalfsschenkel 1,5 - 2 160 - 180 120 - 150 44 NEDERLANDSLAMSVLEES Gebruik de functie: Turbo grill. (kg) (°C) (min) Lamsbout / Geroosterd lamsvlees

functie PIZZA Gebruik de eerste rekstand. (°C) (min) Taarten 180 - 200 40 - 55 Spinazietaart 160 - 180 45 - 60 Quiche Lorrai‐ ne / Zwitserse flan

Kwarktaart 140 - 160 60 - 90 Groentetaart 160 - 180 50 - 60 PIZZA Warm de lege oven voor het koken voor. Gebruik de tweede rekstand. (°C) (min) Pizza, dunne korst, gebruik een diepe pan

Warm de lege oven voor het koken voor. Alleen dunne stukken vlees of vis grillen. Plaats een pan op de eerste rekstand om vet op te vangen. 46 NEDERLANDSGRILLEN Gebruik de functie: Grill (°C) (min) 1e kant (min) 2e kant Rosbief 210 - 230 30 - 40 30 - 40 2 Runderfilet 230 20 - 30 20 - 30 3 Varkenshaas 210 - 230 30 - 40 30 - 40 2 Kalfsvlees 210 - 230 30 - 40 30 - 40 2 Lamsrugfilet 210 - 230 25 - 35 20 - 25 3 Hele vis, 0,5 kg - 1 kg 210 - 230 15 - 30 15 - 30 3 / 4

9.12 Bevroren gerechten

ONTDOOIEN Gebruik de functie: Hetelucht. (°C) (min) Pizza, bevroren 200 - 220 15 - 25 2 American pizza, bevroren 190 - 210 20 - 25 2 Pizza, gekoeld 210 - 230 13 - 25 2 Pizzasnacks, bevroren 180 - 200 15 - 30 2 Frietjes, dun 200 - 220 20 - 30 3 Frietjes, dik 200 - 220 25 - 35 3 Aardappelschijfjes / Kroketjes 220 - 230 20 - 35 3 Rösties 210 - 230 20 - 30 3 Lasagne / Cannelloni, vers 170 - 190 35 - 45 2 Lasagne / Cannelloni, bevroren 160 - 180 40 - 60 2 Gebakken kaas 170 - 190 20 - 30 3 Vleugels van kippen 190 - 210 20 - 30 2 NEDERLANDS 479.13 Ontdooien Haal het gerecht uit de verpakking en plaats het op een bord. Dek het voedsel niet af, want dat kan de ontdooitijd verlengen. Plaats voor grote porties voedsel een omgedraaid bord op de bodem van de ovenruimte. Leg het voedsel op een diepe schaal en zet deze bovenop het bord in de oven. Verwijder indien nodig de bakplaatsteunen. Gebruik het eerste ovenniveau. (kg) (min) Ontdooitijd (min) Verdere ontdooi‐ tijd Kip 1 100 - 140 20 - 30 Halverwege de berei‐ dingstijd omdraaien. Vlees 1 100 - 140 20 - 30 Halverwege de berei‐ dingstijd omdraaien. Forel 0,15 25 - 35 10 - 15 - Aardbeien 0,3 30 - 40 10 - 20 - Boter 0,25 30 - 40 10 - 15 - Room 2 x 0,2 80 - 100 10 - 15 Klop de nog licht bevro‐ ren slagroom. Taart 1,4 60 60 -

Gebruik de functie Onderwarmte. Gebruik alleen weckpotten van dezelfde afmetingen. Gebruik geen weckpotten met een draai- of bajonetsluiting en metalen bakken. Gebruik de eerste rekstand. Zet niet meer dan zes weckflessen van 1 liter op het bakrooster. Vul de glazen potten gelijkmatig en sluit ze af met een klem. De potten mogen elkaar niet aanraken. Doe ongeveer 1/2 liter water in de bakplaat om voldoende vocht in de oven te geven. Als de vloeistof in de weckpotten begint te borrelen (na ca. 35 - 60 minuten bij weckpotten van 1 liter), stop de oven of verlaag de temperatuur tot 100 °C (raadpleeg de tabel). Stel de temperatuur in op 160 - 170 °C. ZACHTE VRUCHTEN (min) Kooktijd tot het sudderen begint Aardbeien / Bosbessen / Frambozen / rijpe kruis‐ bessen

48 NEDERLANDSSTEEN‐ VRUCHTEN (min) Kooktijd tot het sudderen begint (min) Door blijven koken op 100 °C Perziken / Kwee‐ peren / Pruimen

GROENTEN (min) Kooktijd tot het sudde‐ ren begint (min) Door blijven koken op 100 °C Wortelen 50 - 60 5 - 10 Komkommers 50 - 60 - Gemengde au‐ gurken

Bedek de bakplaten met vetbestendig papier of bakpapier. Voor een beter resultaat, stop de oven halverwege de droogtijd, open de deur en laat het een nacht afkoelen om het drogen af te ronden. Gebruik de derde rekstand voor 1 bakplaat. Gebruik de eerste en de vierde rekstand voor 2 bakplaten. GROENTEN (°C) (u) Bonen 60 - 70 6 - 8 Paprika’s 60 - 70 5 - 6 Soepgroenten 60 - 70 5 - 6 Champignons 50 - 60 6 - 8 Kruiden 40 - 50 2 - 3 Stel de temperatuur in op 60 - 70 °C. FRUIT (u) Pruimen 8 - 10 Abrikozen 8 - 10 Schijfjes appel 6 - 8 Peren 6 - 9

9.16 Warmelucht (vochtig) - aanbevolen accessoires

Gebruik de donkere en niet-reflecterende bakjes en schalen. Ze nemen de warmte beter op dan licht en reflecterend servies. Pizza pan Ovenschotel Ovenschaaltjes Blik voor flanbodem Donker, niet-reflecterend Diameter van 28 cm Donker, niet-reflecterend Diameter van 26 cm Keramiek 8 cm diameter, 5 cm hoog Donker, niet-reflecterend Diameter van 28 cm NEDERLANDS 499.17 Warmelucht (vochtig) Volg voor de beste resultaten de volgende aanwijzingen op die hieronder in de tabel staan. (°C) (min) Zoete broodjes, 16 stuks bakplaat of lekschaal 190 3 45 - 55 Pizza, bevroren, 0,35

rooster 190 2 45 - 50 Koninginnenbrood (op‐ gerolde cake met jam) bakplaat of lekschaal 180 2 45 - 55 Brownie bakplaat of lekschaal 180 2 55 - 60 Luchtige vlaaibodem flanvorm op rooster 180 2 40 - 50 Gepocheerde vis, 0,3

bakplaat of lekschaal 180 3 25 - 35 Hele vis, 0,2 kg bakplaat of lekschaal 180 3 25 - 35 Visfilet, 0,3 kg pizzavorm op rooster 180 3 40 - 50 Gepocheerd vlees, 0,25 kg bakplaat of lekschaal 190 3 40 - 50 Sjasliek, 0,5 kg bakplaat of lekschaal 190 3 35 - 45 Koekjes, 16 stuks bakplaat of lekschaal 160 2 40 - 50 Makarons, 24 stuks bakplaat of lekschaal 150 2 35 - 45 Muffins, 12 stuks bakplaat of lekschaal 160 2 35 - 45 Hartig gebak, 20 stuks bakplaat of lekschaal 170 2 35 - 45 Zandkoekjes, 20 stuks bakplaat of lekschaal 150 2 40 - 45 Taartjes, 8 stuks bakplaat of lekschaal 170 2 35 - 45 Groenten, gepo‐ cheerd, 0,4 kg bakplaat of lekschaal 180 3 45 - 55 Vegetarisch omelet pizzavorm op rooster 190 3 40 - 50

9.18 Aanwijzingen voor

testinstituten Testen in overeenstemming met: EN 60350, IEC 60350. 50 NEDERLANDSBAKKEN OP ÉÉN NIVEAU. Bakken in een bakblik (°C) (min) Biscuittaart zonder vet Hetelucht 140 - 150 35 - 50 2 Biscuittaart zonder vet Boven- /onderwarmte 160 35 - 50 2 Appeltaart, 2 blikken Ø20 cm Hetelucht 160 60 - 90 2 Appeltaart, 2 blikken Ø20 cm Boven- /onderwarmte 180 70 - 90 1 BAKKEN OP ÉÉN NIVEAU. Koekjes Gebruik de derde rekstand. (°C) (min) Zandtaartdeeg / Deegreepjes voor op vlaaien/taarten Hetelucht 140 25 - 40 Zandtaartdeeg / Deegreepjes voor op vlaaien/taarten, verwarm de oven voor Boven- /onderwarmte 160 20 - 30 Kleine cakes, 20 stuks per bak‐ plaat, verwarm de oven voor Hetelucht 150 20 - 35 Kleine cakes, 20 stuks per bak‐ plaat, verwarm de oven voor Boven- /onderwarmte 170 20 - 30 BAKKEN OP MEERDERE NIVEAUS. Koekjes (°C) (min) Zandtaartdeeg / Deegreepjes voor op vlaaien/taarten Hetelucht 140 25 - 45 1 / 4 Kleine cakes, 20 stuks per bak‐ plaat, verwarm de oven voor Hetelucht 150 23 - 40 1 / 4 Biscuittaart zonder vet Hetelucht 160 35 - 50 1 / 4 NEDERLANDS 51GRILLEN Verwarm de lege oven 5 minuten voor. Grill met de maximale temperatuurinstelling. (min) Geroosterd brood Grill 1 - 3 5 Biefstuk, halverwege de bereidings‐ tijd omdraaien Grill 24 - 30 4

10. ONDERHOUD EN REINIGING

WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

10.1 Opmerkingen over schoonmaken

Reinigingsmid‐ delen Maak de voorkant van de oven schoon met een zachte doek, warm water en een mild reini‐ gingsmiddel. Gebruik een reinigingsoplossing om metalen oppervlakken te reinigen. Reinig vlekken met een mild reinigingsmiddel. Dagelijks gebruik Reinig de uitsparing telkens na gebruik. Vetophoping of andere resten kunnen brand veroor‐ zaken. Bewaar het voedsel niet langer dan 20 minuten in de oven. Droog de uitsparing na elk ge‐ bruik met een zachte doek. Accessoires Reinig alle accessoires na elk gebruik en laat ze drogen. Gebruik een zachte doek met warm water en een mild reinigingsmiddel. De accessoires niet in de afwasmachine reinigen. Reinig de antiaanbakaccessoires niet met agressieve reinigingsmiddelen of scherpe voor‐ werpen. 52 NEDERLANDS10.2 Hoe te verwijderen: Inschuifrails/ Verwijder de inschuifrails om de oven te reinigen. Stap 1 Schakel de oven uit en wacht tot deze afgekoeld is. Stap 2 Trek de inschuifrail bij de voorkant uit de zijwand. Stap 3 Trek de inschuifrail bij de achterkant uit de zijwand en verwijder deze.

Stap 4 Installeer de inschuifrails in de omge‐ keerde volgorde.

10.3 Hoe te verwijderen: Grill

WAARSCHUWING! Gevaar voor brandwonden. Stap 1 Zet de oven uit en wacht tot de oven af‐ gekoeld is om deze schoon te maken. Verwijder de inschuifrails. Stap 2 Pak de grillhoeken vast. Trek de grill naar voren tegen de veerdruk in en uit de twee houders. De grill klapt naar be‐ neden. Stap 3 Reinig het plafond van de oven met warm water, een zachte doek en een mild reinigingsmiddel. Laat de oven dro‐ gen. Stap 4 Installeer de grill in de omgekeerde volg‐ orde. Stap 5 Installeer de inschuifrails. NEDERLANDS 5310.4 Verwijderen en installeren: Deur U kunt de deur en de binnenste glasplaten verwijderen om ze te reinigen. U Het aantal glasplaten verschilt per model. WAARSCHUWING! De deur is zwaar. LET OP! Behandel het glas voorzichtig, vooral rond de randen van het voorpaneel. Het glas kan breken. Stap 1 Open de deur volledig.

Stap 2 Hef en druk de klemhendels (A) opde twee deurscharnieren. Stap 3 Sluit de ovendeur in de eerste openingsstand (in een hoek van ongeveer 70°). Houd de deur aan beide kanten vast en trek deze onder een opwaartse hoek weg van de oven. Plaats de ovendeurmet de buitenkant omlaag op een zachte doek op een stabiele ondergrond.Stap 4 Pak de deurafdekking (B) aan debovenkant van de deur aan beidekanten vast en druk deze naar bin‐nen om de klemsluiting te ontgren‐delen.

Stap 5 Trek de deurlijst naar voren omhem te verwijderen.Stap 6 Houd de glasplaten aan hun boven‐kant vast en trek deze een voor eenomhoog uit de geleider.Stap 7 Reinig de glasplaat met een sopje.Droog de glasplaat voorzichtig af.Reinig de glasplaten niet in de vaat‐wasser.Stap 8 Voer na het reinigen de boven‐staande stappen in de omgekeerdevolgorde uit.Stap 9 Plaats de kleinste glasplaat eerst, daarna de grotere glasplaat en de deur.Zorg ervoor dat de glasplaten op de juiste manier worden geplaatst, anders kan het oppervlak vande deur oververhit raken. 54 NEDERLANDS10.5 Hoe te vervangen: Lamp WAARSCHUWING! Gevaar voor elektrische schokken. Het lampje kan heet zijn. Voordat u de lamp vervangt: Stap 1 Stap 2 Stap 3 Schakel de oven uit. Wacht tot de oven afgekoeld is. Trek de oven uit het stopcontact. Plaats een doek op de bodem van de holte. Bovenlamp Stap 1 Draai de glazen afdekking om die te ver‐ wijderen. Stap 2 Reinig het glazen deksel. Stap 3 Vervang de lamp door een geschikte hittebestendige lamp van 300 °C. Stap 4 Installeer het glazen deksel.

11. PROBLEEMOPLOSSING

WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

11.1 Wat te doen in de volgende

gevallen... Neem in alle gevallen die niet in deze tabel zijn opgenomen contact op met een erkend servicecentrum. Probleem Controleer of de vol‐ gende zaken gel‐ den... De oven wordt niet warm. De zekering is doorgesla‐ gen. Probleem Controleer of de vol‐ gende zaken gel‐ den... De lamp werkt niet. De lamp is opgebrand.

11.2 Onderhoudsgegevens

Als u niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem dan contact op met uw verkoper ofeen erkende serviceafdeling. De contactgegevens van het servicecentrum staan op het typeplaatje. Het typeplaatje bevindt zich aan de voorkant van de binnenkant van de oven. Verwijder het typeplaatje niet uit de ovenruimte. NEDERLANDS 55Wij adviseren u om de gegevens hier te noteren: Model (MOD.) ......................................... Productnummer (PNC) ......................................... Serienummer (S.N.) .........................................

Naam leverancier AEG Modelidentificatie EEB230010M 940321361 Energie-efficiëntie-index 95.3 Energie-efficiëntieklasse A Energieverbruik bij een standaardbelasting, stand boven + onder‐ warmte

Energieverbruik bij een standaardbelasting, stand hetelucht 0.81 kWh/cyclus Aantal ruimten 1 Warmtebron Elektriciteit Volume 71 l Soort oven Onderbouwoven Massa 31.5 kg

  • Voor de Europese Unie overeenkomstig EU-verordeningen 65/2014 en 66/2014. Voor de Republiek Belarus overeenkomstig STB 2478-2017, aanhangsel G; STB 2477-2017, bijlagen A en B. Voor Oekraïne overeenkomstig 568/32020. De energie-efficiëntieklasse is niet van toepassing op Rusland. EN 60350-1 - Elektrische huishoudelijke kookapparaten - Deel 1: Range-ovens, ovens, stoomovens en grills - Methoden voor prestatiemeting.

12.2 Energiebesparing

Deze oven bevat functies die u helpen energie te besparen tijdens het dagelijks koken. Zorg ervoor dat de ovendeur gesloten is als u de oven in werking stelt. Open de ovendeur niet te vaak tijdens gebruik. Houd het deurrubber schoon en zorg ervoor dat het goed op zijn plaats vastzit. Gebruik metalen kookgerei om meer energie te besparen. Verwarm de oven niet voor als het niet hoeft. Houd onderbrekingen tussen het bakken zo kort mogelijk als je een aantal gerechten tegelijkertijd bereidt. Koken met hete lucht Gebruik indien mogelijk de bereidingsfuncties met hete lucht om energie te besparen. Restwarmte Wanneer de kookduur langer is dan 30 minuten, verlaag dan de oventemperatuur tot minimaal 3-10 minuten voor het einde van 56 NEDERLANDShet koken. De restwarmte in de oven blijft koken. Je kunt de restwarmte gebruiken om andere maaltijden op te warmen. Eten warm houden Kies de laagst mogelijke temperatuurinstelling om de restwarmte te gebruiken en een maaltijd warm te houden. Warmelucht (vochtig) Functie is ontworpen om tijdens de bereiding energie te besparen.

13. MILIEUBESCHERMING

Recycleer de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.