PTSS 1200 B1 - Elektrische zaag PARKSIDE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis PTSS 1200 B1 PARKSIDE in PDF-formaat.
| Producttype | Dompelzaag |
| Merk | Parkside |
| Model | PTSS 1200 B1 |
| Nominale spanning | 230 V~, 50 Hz |
| Nominaal vermogen | 1200 W |
| Onbelast toerental | 5200 min⁻¹ |
| Zaagblad diameter | 165 mm |
| Zaagblad boring | 20 mm |
| Dikte zaagbladlichaam | 1,5 mm |
| Tanddikte | 2,6 mm |
| Max. snijdiepte (90°) | 56 mm (51 mm met geleiderail) |
| Max. snijdiepte (45°) | 42 mm (37 mm met geleiderail) |
| Verstekhoek | 0° tot 45° |
| Beschermingsklasse | II (dubbele isolatie) |
| Geleiderails (lengte × breedte) | 2 × (700 mm × 180 mm) |
| Dompelzaag functie | Ja |
| Spaanafzuiging | Roterende uitwerp adapter |
| Extra handgreep | Ja |
| Beschermkap | Met terugtrekveer |
| Garantie | 3 jaar |
| Geluidsdrukniveau | 91,23 dB(A) |
| Geluidsvermogensniveau | 102,23 dB(A) |
| Trillingen (hoofdhandgreep) | 4,202 m/s² |
| Trillingen (hulp handgreep) | 5,050 m/s² |
Veelgestelde vragen - PTSS 1200 B1 PARKSIDE
Gebruikersvragen over PTSS 1200 B1 PARKSIDE
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Elektrische zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PTSS 1200 B1 - PARKSIDE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PTSS 1200 B1 van het merk PARKSIDE.
GEBRUIKSAANWIJZING PTSS 1200 B1 PARKSIDE
Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing
ES
SIERRA DE INMERSIÓN
Vouw vóór het lezen de pagina met de afbeeldingen open en maak u vertrouwd met alle functies van het apparaat.
CZ
NL / BE Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing Pagina 37
Gebruik in overeenstemming met bestemming 38
Uitrusting 38
Inhoud van het pakket 38
Algemene veiligheidsvoorschriften voor elektrische gereedschappen ..... 3 9
-
Veiligheid op de werkplek 39
-
Elektrische veiligheid 39
-
Veiligheid van personen 40
-
Gebruik en behandeling van het elektrische gereedschap 40
-
Service 41
Apparaatspecifieke veiligheidsvoorschriften voor handcirkelzagen 41
Overige veiligheidsinstructies voor alle zagen 41
Originele accessoires/hulpapparatuur 43
Ingebruikname 43
Zaagblad monteren / vervangen 43
Spaanafzuiging aansluiten 4 4
Werking van de beschermkap controleren. 44
Bediening 44
In- en uitschakelen 4 4
Zaagdiepte instellen (invalidiepte) 4 4
Zaaghoek instellen (verstekhoek) 4 4
Werken met de zaaglijn 44
Geleiders verbinden 44
Excenterschroeven 45
Zagen (zonder geleider) 45
Zagen (met geleider) 4 5
Invalzagen met geleider 46
Reiniging en onderhoud 46
Afvoeren 46
Garantie van Kompernaß Handels GmbH....46
Service 48
Importeur 48
Vertaling van de oorspronkelijke conformiteitsverklaring ....48
CIRKELZAAG PTSS 1200 B1
Inleiding
Hartelijk gefeliciteerd met de aankoop van uw nieuwe apparaat. U hebt hiermee gekozen voor een hoogwaardig product. De gebruiksaanwijzing maakt deel uit van dit product. Deze bevat belangrijke aanwijzingen voor veiligheid, gebruik en afvoer. Lees alle bedienings- en veiligheidsaanwijzingen voordat u het product in gebruik neemt. Gebruik het product uitsluitend op de voorgeschreven wijze en voor de aangegeven doeleinden. Geef alle documenten mee als u het product doorgeeft aan een derde.
Gebruik in overeenstemming met bestemming
De invalzaag (hierna "apparaat" of "machine" genoemd) is geschikt voor het zagen van lengte- en dwarssnedes en invalsnedes in goed vastgezet massief hout, spaanplaat, kunststof en lichte bouwmaterialen. Het bewerken van ferrometalen is niet toegestaan. Het apparaat kan desgewenst met de meegeleverde geleiders - uitsluitend voor de daartoe beschreven zaagtechnieken - worden gebruikt. Elk ander gebruik of modificatie van het apparaat geldt als niet in overeenstemming met de bestemming en brengt aanzienlijke risico's op ongelukken met zich mee. Niet voor commercieel gebruik.
Uitrusting
① Inschakelblokkering
② Aan-/uitknop
3Handgreep
4 Inbussleutel (klein)
5 Inbussleutel (groot)
6 Motorunit
⑦ Spaanuitworpadapter
8 Fijnafstellingsschroeven voor 0°-zaaghoek
8a Fijnafstellingsschroef voor 45°-zaaghoek
9 Zaagplateau
9a Zaaglijnmarkering
⑩ Excenterschroef (2 x)
⑪ Instelwiel voor zaaghoekinstelling (2 x)
⑫ Zaagdiepteverstelling
13 Zaagdiepteschaal
14 Zaagblad
14a Spanschroef/sluitring
14b Montage-uitsparing
15 Extra handgreep
16 Zaagbreedtemarkering
⑰ Spaanuitworp (draaibaar)
18 Borghendel voor zaagbladwissel
19 Spilvergrendeling
20 Sleuf voor geleider
21 Geleider
22 Stelschroeven
23 Verbindungselement
X flens (in de fabriek gemonteerd)
Inhoud van het pakket
1 cirkelzaag
1 zaagblad 165 mm / 24 tanden (gemonteerd)
2 geleiders
1 verbindungselement
1 spaanuitworpadapter
2 inbussleutels
1 gebruiksaanwijzing
Technische gegevens
Nominale spanning: 230 V\~, 50 Hz (wisselstroom)
Nominaal vermogen: 1200 W
Onbelast toerental: n 0 5200 min ^-1
Zaagbladasgat: ø 20 mm

text_image
Zaagblad: 165mm 165 mmDikte zaagbladrug: 1,5 mm
Tanddikte: 2,6 mm
Max. zaagdiepte: 56 mm bij 90°
0° ↑ max 56 mm 42 mm bij 45° verstekhoek
verstekhoek Met geleider minus 5 mm
Beschermingsklasse: II/☐ (Dubbele isolatie)
Accessoires: Geleider 2 x 700 mm x 180 mm
Geluidsemissiewaarde:
Gemeten waarde voor geluid vastgesteld conform EN 60745. Het A-gewogen geluidsniveau van het elektrische gereedschap bedraagt gemiddeld:
Geluidsdrukniveau: L _pA = 91,23 dB (A)
Onzekerheid: K = 3 dB (Å)
Geluidsvermogensniveau: L_WA = 102,23 dB (A)
Onzekerheid: K = 3 dB (A)

Draag
gehoorbescherming!
Trillingswaarden:
Trillingswaarden (vectorsom van drie richtingen) bepaald conform EN 60745:
Zagen van hout: hoofd handvat q_R,W = 4,202 m/s^2 extra handgreep q_R,W = 5,050 m/s^2
Onzekerheid K = 1,5 m/s²
OPMERKING
- Het in deze gebruiksaanwijzing vermelde trillingsniveau is gemeten conform een in EN 60745 genormeerde meetprocedure en kan worden gebruikt voor apparaatvergelijking. De vermelde trillingsmissiewaarde kan ook gebruikt worden voor een voorlopige beoordeling van de blootstelling.
⚠ WAARSCHUWING!
- Het trillingsniveau verandert afhankelijk van het gebruik van het elektrische gereedschap en kan in bepaalde gevallen hoger zijn dan de in deze gebruiksaanwijzing aangegeven waarde. De trillingsbelasting kan worden onderschat wanneer het elektrische gereedschap regelmatig op een dergelijke manier wordt gebruikt. Probeer de belasting door trillingen zo klein mogelijk te houden. U kunt bijvoorbeeld handschoenen dragen tijdens het gebruik van het gereedschap en slechts beperkte tijd met het gereedschap werken om de trillingsbelasting te reduceren. Daarbij dient u rekening te houden met alle aspecten van de bedrijfscyclus (bijvoorbeeld perioden waarin het gereedschap is uitgeschakeld en perioden waarin het gereedschap weliswaar is ingeschakeld, maar niet wordt belast).

Algemene veiligheids- voorschriften voor elek- trische gereedschappen

⚠ WAARSCHUWING!
Lees alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen. Het niet naleven van de veiligheidsinstructies en aanwijzingen kan elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel veroorzaken.
Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen voor toekomstig gebruik.
De in de veiligheidsinstructies gebruikte term "elektrisch gereedschap" heeft betrekking op elektrische gereedschappen die op netvoeding werken (met snoer) en op elektrische gereedschappen die op accu's werken (zonder snoer).
1. Veiligheid op de werkplek
a) Houd uw werkomgeving schoon en goed geventileerd. Wanorde en een niet verlichte werkomgeving kunnen leiden tot ongelukken.
b) Werk met het elektrische gereedschap niet in explosiegevaarlijke omgevingen waarin zich brandbare vloeistoffen, gassen of stoffen bevinden. Elektrisch gereedschap geeft vonken af die stof of dampen kunnen doen ontvlammen.
c) Houd kinderen en andere personen uit de buurt tijdens het gebruik van het elektrische gereedschap. Als u afgeleid raakt, zou u de controle over het apparaat kunnen verliezen.
2. Elektrische veiligheid
a) De stekker van het elektrische gereedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag op geen enkele wijze worden veranderd. Gebruik geen verloopstekker in combinatie met geaarde elektrische gereedschappen. Onveranderde stekkers en passende stopcontacten verminderen het risico op elektrische schokken.
b) Voorkom lichamelijk contact met geaarde oppervlakken, zoals buizen, verwarmingen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico op elektrische schokken als uw lichaam geaard is.
c) Houd elektrisch gereedschap uit de buurt van regen of vocht. Als er water in een elektrisch apparaat binnendringt, bestaat er een verhoogde kans op een elektrische schok.
d) Gebruik het snoer niet voor een ander doel, bijvoorbeeld om het elektrische gereedschap te dragen, op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd het snoer uit de buurt van hitte, olie, scherpe randen of bewegende onderdelen. Beschadigde of verwarde snoeren verhogen de kans op een elektrische schok.
e) Gebruik bij het werken met elektrisch gereedschap buitenshuis alleen verlengsnoeren die zijn goedgekeurd voor gebruik buitenshuis. Het gebruik van een verlengsnoer dat geschikt is voor gebruik buitenshuis, vermindert het risico op een elektrische schok.
f) Gebruik een aardlekschakelaar als het gebruik van het elektrische gereedschap in een vochtige omgeving onvermijdelijk is. Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico op een elektrische schok.
3. Veiligheid van personen
a) Wees altijd alert, let op wat u doet en gebruik uw gezond verstand bij het gebruik van elektrisch gereedschap. Gebruik geen elektrisch gereedschap als u ziek of moe bent of onder invloed bent van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onoplettendheid kan bij het gebruik van het elektrische gereedschap al tot ernstig letsel leiden.
b) Draag persoonlijke beschermingsmiddelen en altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, antislip-veiligheidsschoenen, veiligheidshelm of gehoorbescherming, al naar gelang het type en het gebruik van het elektrische gereedschap, vermindert het risico op letsel.
c) Voorkom onbedoelde inschakeling. Zorg ervoor dat het elektrische gereedschap is uitgeschakeld voordat u het aansluit op de netvoeding en/of de accu, het optilt of draagt. Als u bij het dragen van het elektrische gereedschap uw vinger op de aan-/uitknop houdt of het apparaat al ingeschakeld op de netvoeding aansluit, kan dit tot ongelukken leiden.
d) Verwijder het afstelgereedschap of de sleutel voordat u het elektrische gereedschap aanzet. Gereedschap of een sleutel die zich in een draaiend onderdeel van het apparaat bevindt, kan letsel tot gevolg hebben.
e) Voorkom een abnormale lichaamshouding. Zorg dat u stevig staat en bewaar altijd uw evenwicht. Daardoor kunt u het elektrische gereedschap in onverwachte situaties beter controleren.
f) Draag geschikte kleding. Draag geen wijde kleding of sieraden. Houd haar, kleding en handschoenen ver van bewegende onderdelen. Los zittende kleding, sieraden of haren kunnen door bewegende onderdelen gegrepen worden.
g) Als stofafzuigings- en opvangvoorzieningen kunnen worden bevestigd, zorg er dan voor dat deze zijn aangesloten en correct worden gebruikt. Het gebruik van een stofafzuiging kan risico's door stof beperken.
4. Gebruik en behandeling van het elektrische gereedschap
a) Voorkom overbelasting van het apparaat. Gebruik voor uw werkzaamheden het daarvoor bedoelde elektrisch gereedschap. Met een passend elektrisch apparaat werkt u beter en veiliger in het aangegeven vermogensbereik.
b) Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de aan-/uitknop defect is. Elektrisch gereedschap dat niet meer aan- of uitgezet kan worden, is gevaarlijk en moet gerepareerd worden.
c) Haal de stekker uit het stopcontact of verwijder de accu, voordat u instellingen aan het apparaat verricht, accessoires verwisselt of het apparaat weglegt. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt dat het elektrische gereedschap onbedoeld kan worden gestart.
d) Berg elektrisch gereedschap buiten het bereik van kinderen op als het niet in gebruik is. Zorg ervoor dat het apparaat niet wordt gebruikt door personen die hiermee niet vertrouwd zijn of die deze instructies niet hebben gelezen. Elektrisch gereedschap is gevaarlijk als het door onervaren personen worden gebruikt.
e) Onderhoud elektrisch gereedschap zorgvuldig. Controleer of bewegende onderdelen naar behoren werken en niet klemmen, en of er geen onderdelen gebroken of zodanig beschadigd zijn dat daardoor de werking van het elektrische gereedschap nadelig wordt beinvloed. Laat beschadigde onderdelen vóór de ingebruikname van het apparaat repareren. Veel ongelukken zijn het gevolg van slecht onderhoud van elektrisch gereedschap.
f) Houd zagen scherp en schoon. Met zorg onderhouden zagen met scherpe zaagvlakken lopen minder vaak vast en zijn gemakkelijker te sturen.
g) Gebruik elektrisch gereedschap, toebehoren, hulpstukken en dergelijke in overeenstemming met deze instructies. Houd daarbij rekening met de werkomstandigheden en de te verrichten werkzaamheden. Het gebruik van elektrisch gereedschap voor andere doeleinden dan de beoogde toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden.
5. Service
a) Laat uw elektrisch gereedschap alleen door gekwalificeerde vakmensen en uitsluitend met originele vervangingsonderdelen repareren. Op die manier blijft de veiligheid van het elektrische gereedschap gewaarborgd.
Apparaatspecifieke veiligheidsvoorschriften voor handcirkelzagen
Zaagprocedure
a) GEVAAR! Kom met uw handen niet in het zaagbereik en bij het zaagblad. Houd met uw tweede hand de hulpgreep of de motorbehuizing vast. Als beide handen de zaag vasthouden, kunnen ze niet worden verwond door het zaagblad.
b) Grijp niet onder het werkstuk. De beschermkap kan u onder het werkstuk niet tegen het zaagblad beschermen.
c) Pas de zaagdiepte aan de dikte van het werkstuk aan. Er moet minder dan een volledige tandhoogte onder het werkstuk zichtbaar zijn.
d) Houd het te zagen werkstuk nooit in de hand of boven het been vast. Zet het werkstuk vast op een stabiele ondergrond. Het is belangrijk om het werkstuk goed te bevestigen, zodat het risico op fysiek contact, vastlopen van het zaag-
blad of verlies van de controle wordt geminimaliseerd.
e) Pak het elektrische gereedschap alleen vast aan de geïsoleerde greepvlakken wanneer u werkzaamheden uitvoert waarbij het gereedschap met verborgen elektriciteitsleidingen of het eigen snoer in aanraking kan komen. Bij contact met een onder spanning staande leiding komen ook de metalen delen van het elektrische gereedschap onder spanning, wat resulteert in een elektrische schok.
f) Gebruik bij zagen in de lengterichting altijd een aanslag of een geleider. Dit verbetert de nauwkeurigheid van de snede en vermindert de kans dat het zaagblad vastloopt.
g) Gebruik altijd zaagbladen met de juiste grootte en met een bijpassend asgat (bijv. stervormig of rond). Zaagbladen met een niet bij de as van de zaag passend asgat, draaien excentrisch en hebben verlies van de controle tot gevolg.
h) Gebruik nooit beschadigde of verkeerde sluitringen of moeren voor het zaagblad. De sluitringen en moeren voor het zaagblad zijn speciaal ontworpen voor uw zaag, voor optimale prestaties en bedrijfsveiligheid.
Overige veiligheidsinstructies voor alle zagen
Terugslag - oorzaken en passende veiligheidsmaatregelen
– Een terugslag is een plotselinge reactie als gevolg van een hakend, vastlopend of niet goed uitgelijnd zaagblad, die tot gevolg heeft dat de zaag ongecontroleerd omhoog komt en zich uit het werkstuk in de richting van de gebruiker beweegt;
-als het zaagblad zich in de zich sluitende zaagsnede vasthaakt of vastklemt, blokkeert het en slaat de motorkracht het apparaat terug in de richting van de gebruiker;
-als het zaagblad in de zaagsnede wordt verdraaid of verkeerd wordt uitgelijnd, kunnen de tanden aan de achterkant van het zaagblad in het oppervlak van het werkstuk vasthaken, waardoor het zaagblad uit de zaagsnede wordt gedrukt en de zaag terugspringt in de richting van de gebruiker.
Een terugslag is het gevolg van onjuist gebruik van de zaag. Dit is te voorkomen door passende voorzorgsmaatregelen, zoals hieronder beschreven.
a) Houd de zaag met beide handen vast en breng uw armen in een positie waarin u de terugslagkrachten kunt opvangen. Blijf altijd aan de zijkant van het zaagblad, breng het zaagblad nooit in één lijn met uw lichaam. Bij een terugslag kan de cirkelzaag naar achteren springen, maar de gebruiker kan de terugslagkrachten door passende voorzorgsmaatregelen beheersen.
b) Als het zaagblad vastloopt of als u het werk onderbreekt, schakelt u de zaag uit en houdt u deze rustig in het materiaal tot het zaagblad tot stilstand is gekomen. Probeer nooit om de zaag uit het werkstuk te verwijderen of naar achteren te trekken zolang het zaagblad in beweging is, anders kan er een terugslag op-treden. Stel de oorzaak van het vastlopen van het zaagblad vast en los het probleem op.
c) Als u een zaag die in het werkstuk steekt opnieuw wilt starten, centreert u het zaagblad in de zaagsnede en controleert u of de zaagtanden niet in het werkstuk vasthaken. Als het zaagblad klemt, kan het uit het werkstuk worden gedrukt of een terugslag veroorzaken wanneer de zaag opnieuw wordt gestart.
d) Ondersteun grote platen om het risico op een terugslag door een klemmend zaagblad te verminderen. Grote platen kunnen onder hun eigen gewicht doorbuigen. Platen moeten aan beide zijden worden ondersteund, zowel in de buurt van de zaagsnede als aan de rand.
e) Gebruik geen botte of beschadigde zaagbladen. Zaagbladen met botte of verkeerd uitgelijnde tanden veroorzaken door een te smalle zaagsnede verhoogde wrijving, vastlopen van het zaagblad en terugslag.
f) Zet vóór het zagen de instellingen voor de zaagdiepte en zaaghoek goed vast. Als tijdens het zagen de instellingen veranderen, kan het zaagblad vastlopen en een terugslag veroorzaken.
g) Wees bijzonder voorzichtig bij het zagen in bestaande wanden of andere materialen waarvan de samenstelling onbekend is. Het zaagblad kan bij het zagen in verborgen objecten blokkeren en een terugslag veroorzaken.
Werking van de beschermkap
a) Controleer vóór elk gebruik of de beschermkap perfect sluit. Gebruik de zaag niet als de beschermkap niet vrij kan bewegen en niet onmiddellijk sluit. Klem of bind de beschermkap nooit in geopende positie vast. Als u de zaag per ongeluk laat vallen, kan de beschermkap verbuigen. Zorg ervoor dat de beschermkap vrij kan bewegen en bij alle zaaghoeken en zaagdieptes het zaagblad of andere onderdelen niet aanraakt.
b) Controleer de werking van de veren van de beschermkap. Laat het apparaat vóór gebruik nakijken als de beschermkap en de veren niet correct werken. Door beschadigde onderdelen, kleverige aanslag of spaanophopingen kan de beschermkap vertraagd werken.
c) Beveilig bij invalwerk dat onder een hoek wordt uitgevoerd, het zaagplateau van de zaag tegen zijwaarts verschuiven. Een zijwaartse verschuiving kan resulteren in vastklemmen van het zaagblad, met een terugslag als gevolg.
d) Leg de zaag niet op de werkbank of op de vloer zonder dat de beschermkap het zaagblad bedekt. Een onbeschermd, nadraaiend zaagblad beweegt de zaag tegen de snijrichting in en zaagt alles wat in de weg zit. Houd daarbij rekening met de nalooptijd van de zaag.
Aanvullende aanwijzingen:
■ Gebruik geen slijpschijven.
■ Gebruik alleen zaagbladen met een diameter die in overeenstemming is met de aanduidingen op de zaag.

▶ Sluit bij het langdurig bewerken van hout, en met name bij het bewerken van materialen waarbij voor de gezondheid schadelijke stoffen ontstaan, het apparaat aan op een passende externe stofafzuiging.

Draag veiligheidshandschoenen!

Draag een stofmasker!

Draag een veiligheidsbril!

Draag gehoorbescherming!
■ Voorkom oververhitting van de zaagtandpunten.
■ Voorkom bij het zagen van kunststof dat de kunststof smelt.

▶ De door de bewerking gevormde schadelijke/giftige stoffen houden een gevaar in voor de gezondheid van de bediener of personen die zich in de buurt bevinden.
■ Asbesthoudend materiaal mag niet worden bewerkt. Asbest geldt als kankerverwekkend.
Originele accessoires/hulpapparatuur
- Gebruik uitsluitend accessoires en hulpapparatuur die in de gebruiksaanwijzing zijn aangegeven. Het gebruik van andere hulpstukken of accessoires dan aanbevolen in de gebruiksaanwijzing, kan letselgevaar inhouden.
■ Alleen de originele geleiders mogen worden gebruikt.
■ Alle gebruikte bladen moeten voldoen aan de norm EN 847-1.
Ingebruikname
Zaagblad monteren / vervangen
Haal voorafgaand aan alle werkzaamheden aan het apparaat de stekker uit het stopcontact.
OPMERKING
▶ Plaats het zaagplateau hiervoor op de rand van een vast object, zodat het zaagblad 14 omlaag kan worden gebracht.
-
Druk op de inschakelblokkering 1 en druk de motorunit 6aar voren.
-
Open de borghendel ^18 . Laat de inschakelblokkering 1 os. De motorunit klikt vast. De beweging van de motorunit worden naar boven en beneden geblokkeerd.
-
De spanschroef/sluitrin ^14a bevindt zich nu in de uitsparing ^14b .
-
Druk op de spilvergrendeling ^19 en open met de inbussleutel ^5 de spanschroef/sluitring ^14a .
-
Neem het zaagblad14 van de spil.
HINWEIS
▶ Let erop dat de in de fabriek gemonteerde flens X bij het inbouwen en uitbouwen gemonteerd blijft (zie afb. A).

- Monteer het zaagblad14 in omgekeerde volgorde van de bovenstaande beschrijving.

WAARSCHUWING!
▶ De draairichting van het zaagblad en die van de machine moeten overeenkomen.
Spaanafzuiging aansluiten
♦ Steek desgewenst de spaanuitworpadapter voor de stofafzuiging ⑦ op de spaanuitworp ⑰
- Sluit een goedgekeurde stof- en spaanafzuiging aan.
Werking van de beschermkap controleren
OPMERKING
▶ Plaats het zaagplateau hiervoor op de rand van een vast object, zodat het zaagblad 14 omlaag kan worden gebracht.
Druk op de inschakelblokkering ^1 en breng de invalzaag omlaag.
- Controleer of het zaagblad14 tegen de beschermkap schuurt en of het zich zelfstandig weer naar de uitgangspositie beweegt.
Bediening
In- en uitschakelen
Inschakelen:
♦ Schuif de inschakelblokkering ^1 omhoog en houd hem in deze positie.
Druk op de aan-/uitknop ^2 . Nadat de machine is gestart, kunt u de inschakelblokkering 1veer loslaten.
Uitschakelen:
- Laat de aan-/uitknop2los.
Zaagdiepte instellen (invalidiepte)
♦ Draai de schroef voor de zaagdiepteverstelling 12 los en schuif de aanslag tot de gewenste zaagdiepte op de zaagdiepteschaal 13
-zonder geleider: zie markering A.
— met geleider: zie markering B.
♦ Draai de schroef van de zaagdiepteverstelling 12 weer vast.
OPMERKING
▶ Pas de zaagdiepte aan de dikte van het werkstuk aan. Er moet minder dan een volledige tandhoogte onder het werkstuk zichtbaar zijn.
Zaaghoek instellen (verstekhoek)
◆ Maak de beide instelwielen voor de zaaghoek ⑪ los.
♦ Draai de motor naar de gewenste zaaghoek.
♦ Draai de instelwielent weer vast.
OPMERKING
▶ Als de zaaghoekinstelling voor 0° resp. 45° is verschoven, kunt u deze met de fijnafstellingsschroeven 8 en 8a opnieuw afstellen.
Werken met de zaaglijn
In het zaagplatea 9 zijn zaaglijnmarkeringen voor 0° / 45° 9a gegraveerd.
Richt het apparaat overeenkomstig de ingestelde zaaghoek op de zaaglijnmarkering voor 0° resp. 45° 9a.
Referentiepunten hiervoor zijn de schuine vlakken.

text_image
9 9aGeleiders verbinden
Met de geleider 2unt u rechte zaagsnedes uitvoeren.
- Om 2 geleiders met elkaar te verbinden, schuift u het verbindingselement 23 in de sleuf van de geleiders. Draai de stelschroeven 23ast met de meegeleverde inbussleutel.

text_image
23 4 22OPMERKING
▶ Geleider21 hebben een splinterbescherming (zwarte rubberlip). De splinterbescherming moet vóór de eerste zaagsnede worden aangepast. Leg de geleider op een werkstuk. Stel een zaagdiepte van ca. 10 mm in. Schakel de invalzaag in en beweeg deze gelijkmatig en met een lichte voorwaartse druk in de richting van de zaagsnede.
Excenterschroeven
De excenterschroeven ⑩ zijn bestemd voor nauwkeurige aanpassing van het zaagplateau ⑨ dan de geleider ②1
- Draai de excenterschroeven ^10 vast om de spe- ling tussen de invalzaag en de geleider ^21 e minimaliseren.
Zagen (zonder geleider)
Zagen onder een rechte hoek
Houd de machine met beide handen vast aan de handgrepen 3 en 15
♦ Schakel het apparaat in zoals beschreven onder "In- en uitschakelen".
Plaats het apparaat met het voorste deel van het zaagplateau 9 op het werkstuk.
Zwenk de motor omlaag en zaag met lichte druk naar voren - nooit naar achteren.
Versteksnede tot 45°
♦ Stel de zaaghoek in zoals beschreven.
Houd de machine met beide handen vast aan de handgrepen ③ en ⑮
Schakel het apparaat in zoals beschreven onder "In- en uitschakelen". Plaats het apparaat met het voorste deel van het zaagplateau op het werkstuk.
Zwenk de motor omlaag en zaag met lichte druk naar voren - nooit naar achteren.
Invalsnede
- Beveilig bij invalwerk dat onder een hoek wordt uitgevoerd, het zaagplateau van de zaag tegen zijwaarts verschuiven. Een zijwaartse verschuiving kan resulteren in vastklemmen van het zaagblad, met een terugslag als gevolg.
♦ Stel de gewenste invaldiepte in zoals hiervoor beschreven. - Plaats het apparaat op het werkstuk.
- Voorkom een terugslag en leg de achterrand tegen een aanslag aan (zie hiervoor het hoofdstuk "Invalzagen met geleider").
♦ Schakel het apparaat in zoals beschreven onder "In- en uitschakelen".
Houd de machine met beide handen vast aan de handgrepen 3 en 15 en draai de machine.
OPMERKING
De zaagbreedtemarkering op de zijkant van de beschermkap geeft het voorste en achterste zaagpunt aan van een zaagblad van 165 mm, bij maximale zaagdiepte. Dit geldt zowel voor invalzagen met geleider als invalzagen zonder geleider 21
Zagen (met geleider)
Zagen onder een rechte hoek met geleider
- Plaats de geleider met de sponsrubberelementen op het werkstuk.
- Plaats het apparaat met de sleu ^20 op de geleider. ^21
♦ Stel de zaaghoek in zoals beschreven.
Houd de machine met beide handen vast aan de handgrepen 3 en 1en draai de machine.
Versteksnede tot 45°
- Plaats de geleide ^21 met de sponsrubberelementen op het werkstuk.
- Plaats het apparaat met de sleu ^20 op de geleider. ^21
♦ Stel de zaaghoek en zaaglijn in zoals beschreven.
Houd de machine met beide handen vast aan de handgrepen 3 en 15
Schakel het apparaat in zoals beschreven onder "In- en uitschakelen". Plaats het apparaat met het voorste deel van het zaagplateau op het werkstuk.
Zwenk de motor omlaag en zaag met lichte druk naar voren - nooit naar achteren.
Invalzagen met geleider
- Plaats de geleide ^21 met de sponsrubberelementen op het werkstuk.
◆ Plaats het apparaat met de sleu ^20 op de geleider ^21
♦ Stel de gewenste invalidiepte in zoals hiervoor beschreven.
Leg de achterrand (zo ver als mogelijk) tegen een aanslag aan.
♦ Schakel het apparaat in zoals beschreven onder "In- en uitschakelen".
Houd de machine met beide handen vast aan de handgrepen 3 en 15n draai de machine.
OPMERKING
De zaagbreedtemarkering op de zijkant van de beschermkap geeft het voorste en achterste zaagpunt aan van een zaagblad van 165 mm, bij maximale zaagdiepte. Dit geldt zowel voor invalzagen met geleider als invalzagen zonder geleider
Andere toepassingen zijn niet toegestaan.
Reiniging en onderhoud

WAARSCHUWING! Schakel voorafgaand aan alle werkzaamheden aan het apparaat het apparaat uit en haal de stekker uit het stopcontact.
■ Het apparaat moet altijd schoon, droog en vrij van olie of smeervet zijn.
- Gebruik voor het schoonmaken van de behuizing een droge doek.
OPMERKING
▶ Niet vermelde reserveonderdelen (zoals koolborstels, schakelaars) kunt u bestellen via onze callcenters.
Afvoeren

erpakking bestaat uit milieuvriendelijke materialen, die u via de plaatselijke recyclepunten kunt afvoeren.

neer elektrisch gereedschap niet bij het huisvuil!
Conform de Europese richtlijn 2012/19/EU moet afgedankt elektrisch gereedschap gescheiden worden ingezameld en op een milieuvriendelijke wijze worden gerecycled.
Garantie van
U hebt op dit apparaat 3 jaar garantie vanaf de aankoopdatum. In geval van ge breken in dit product hebt u wettelijke rechten tegenover de verkoper van het product. Deze wettelijke rechten worden door onze hierna beschreven garantie niet beperkt.
Garantievoorwaarden
De garantieperiode geldt vanaf de datum van aankoop. Bewaar de originele kassabon. U hebt de bon nodig als bewijs van aankoop.
Als er binnen drie jaar vanaf de aankoopdatum LETSELGEVAAR! van dit product een materiaal- of fabricagefout optreedt, wordt het product door ons - naar onze keuze - voor u kosteloos gerepareerd of vervangen. Voorwaarde voor deze garantie is dat binnen de termijn van drie jaar het defecte apparaat en het rij aankoopbewijs (kassabon) worden overlegd en dat kort wordt omschreven waaruit het gebrek bestaat i- en wanneer het is opgetreden.
Wanneer het defect door onze garantie wordt gedekt, krijgt u het gerepareerde product of een nieuw product retour. Met de reparatie of vervanging van het product begint er geen nieuwe garantieperiode.
Garantieperiode en wettelijke aanspraken bij gebreken
De garantieperiode wordt door deze waarborg niet verlengd. Dat geldt ook voor vervangen en gerepareerde onderdelen. Eventueel al bij aankoop aanwezige schade en gebreken moeten meteen na het uitpakken worden gemeld. Voor reparaties na afloop van de garantieperiode worden kosten in rekening gebracht.
Garantieomvang
Het apparaat is op basis van strenge kwaliteitsnormen met de grootst mogelijke zorg vervaardigd en voorafgaand aan de levering nauwkeurig gecontroleerd.
De garantie geldt voor materiaal- of fabricagefouten. Deze garantie geldt niet voor productonderdelen die blootstaan aan normale slijtage en derhalve als aan slijtage onderhevige onderdelen kunnen worden aangemerkt, of voor beschadigingen aan breekbare onderdelen, bijv. schakelaars, accu's, bakvormen of onderdelen die van glas zijn gemaakt.
Deze garantie vervalt wanneer het product is beschadigd, ondeskundig is gebruikt of is gerepareerd. Voor deskundig gebruik van het product moeten alle in de gebruiksaanwijzing beschreven aanwijzingen precies worden opgevolgd. Gebruiksdoeleinden en handelingen die in de gebruiksaanwijzing worden afgeraden of waarvoor wordt gewaarschuwd, moeten beslist worden vermeden.
Het product is uitsluitend bestemd voor privégebruik en niet voor bedrijfsmatige doeleinden. Bij verkeerd gebruik en ondeskundige behandeling, bij gebruik van geweld en bij reparaties die niet door ons erkend servicefiliaal zijn uitgevoerd, vervalt de garantie.
Afhandeling bij een garantiekwestie
Voor een snelle afhandeling van uw aanvraag neemt u de volgende aanwijzingen in acht:
■ Houd voor alle aanvragen de kassabon en het artikelnummer (bijv. IAN 12345) als aankoopbewijs bij de hand.
■ Het artikelnummer vindt u op het typeplaatje, in het product gegraveerd, op de titelpagina van de gebruiksaanwijzing (linksonder) of als sticker op de achter- of onderkant van het product.
■ Als er fouten in de werking of andere gebreken optreden, neemt u eerst contract op met de hierna genoemde serviceafdeling, telefonisch of via e-mail.
■ Een als defect geregistreerd product kunt u dan zonder portokosten naar het aan u doorgegeven serviceadres sturen. Voeg het aankoopbewijs (kassabon) bij en vermeld waaruit het gebrek bestaat en wanneer het is opgetreden.

Op www.lidl-service.com kunt u deze en vele andere handboeken, productvideo's en software downloaden
Service
⚠ WAARSCHUWING!
▶ Laat uw apparaten door het servicepunt of een elektricien repareren, en uitsluitend met originele vervangingsonderdelen. Op die manier blijft de veiligheid van het apparaat gewaarborgd.
▶ Laat de stekker of het snoer altijd vervangen door de fabrikant van het apparaat of diens klantenservice. Op die manier blijft de veiligheid van het apparaat gewaarborgd.
NL Service Nederland
Let op: het volgende adres is geen serviceadres. Neem eerst contact op met het opgegeven serviceadres.
Vertaling van de oorspronkelijke conformiteitsverklaring
Wij, KOMPERNASS HANDELS GMBH, document-verantwoordelijke persoon: de heer Semi Uguzlu, BURGSTR. 21, DE - 44867 BOCHUM, DUITSLAND, verklaren hierbij dat dit product voldoet aan de volgende normen, normatieve documenten en EU-richtlijnen:
Machinerichtlijn
(2006/42/EC)
Elektromagnetische compatibiliteit
(2014/30/EU)
RoHS-richtlijn
(2011/65/EU)*
* De volledige verantwoordelijkheid voor het afgeven van deze conformiteitsverklaring ligt bij de fabrikant. Het hierboven beschreven object van de verklaring voldoet aan de voorschriften van de Richtlijn 2011/65/EU van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2011 aangaande de beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparaten.
Toegepaste geharmoniseerde normen:
EN 60745-1: 2009+A11
EN 60745-2-5: 2010
EN ISO 12100: 2010
EN 55014-1: 2006+A1+A2
EN 55014-2: 2015
EN 61000-3-2: 2014
EN 61000-3-3: 2013
Type / apparaatbeschrijving:
Cirkelzaag PTSS 1200 B1
Productiejaar: 10-2017
Serienummer: IAN 290795
Bochum, 26-10-2017

- Kwaliteitsmanager -
Technische wijzigingen vanwege verdere ontwikkeling voorbehouden.