EASY BIKE Alu Plus - Fietsendrager EAL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis EASY BIKE Alu Plus EAL in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - EASY BIKE Alu Plus EAL
Download de handleiding voor uw Fietsendrager in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding EASY BIKE Alu Plus - EAL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. EASY BIKE Alu Plus van het merk EAL.
GEBRUIKSAANWIJZING EASY BIKE Alu Plus EAL
Fietsentransport voor voertuigen met hatchback, fastback en liftback Let op ! Voor de montage en de inbedrijfstelling absoluut de montagehandleiding lezen. Ondeskundige montage kan gevaarlijke gevolgen hebben. Montagehandleiding: Gelieve de handleiding goed te bewaren. Hartelijk dank, dat u een product van EUFAB heeft gekozen. De producent en de handelaar zijn niet aansprakelijk voor materiële schade en lichamelijke letsels als gevolg van een ondeskundige montage of een ondeskundig gebruik. Montagehandleiding Belangrijk! Lees absoluut de montagehandleidingen voor het monteren van de dragers en volg deze aanwijzingen op.
- Het dragerframe (1) en de houderbeugel (2) met behulp van de delen (6, 8, 10 en 18) met inachtneming van de instructies (afb. 1) bevestigen. Overtuig er u van, dat de zelfremmende moeren (10) goed zijn vastgeschroefd.
- De railprofielen voor de fietsen (3) met de schroeven (19) en met behulp van de delen (8 en 10), zoals in afb. 2 is weergegeven, verbinden en de einddoppen (9) aanbrengen.
- Het correcte aanhaalkoppel voor de moeren controleren (10) en de gemonteerde railprofielen voor de fietsen (3) op de profieldragerbuis (2), zoals in afb. 3 is weergegeven, met behulp van de delen (7, 8 en 10) in de daarvoor voorziene gaten bevestigen, waarbij het correcte aanhaalkoppel van de moeren (10) moet worden gecontroleerd.
- De klemstangen (4) (afb. 4) met behulp van de veerpen (5) monteren en op zijn correcte sluiting letten.
- Montage van de blokkeersystemen (16): De blokkeersystemen (16) in de eigen gaten (zie afb.
5) met behulp van de delen 8, 10 en 17 bevestigen, waarbij er op de correcte bevestiging van
de zelfremmende moeren (10) moet worden gelet.
- Vooraf dient het contactoppervlak met de fietsendrager met een zachte doek zorgvuldig te worden gereinigd en gedroogd. Zorgvuldig het oppervlak van de achterklep reinigen, om een beschadiging van de carrosserie aan de contactpunten met de dragerinrichting te verhinderen. Afhankelijk van de carrosserie onder de spanriem aan de contactpunten een zachte doek of dergelijke leggen.
- Voor de correcte uitlijning van de fietsendrager op het voertuig de draaigrepen (20) losmaken, om de kunststof tandwielen vrij te leggen, die het verdraaien van de steunbeugel toelaten. Regel de beugel in de voor uw voertuig meest geschikte positie (afb. 6-7).
- Na de instelling, de draaigrepen goed vastschroeven.22 BEVESTIGING VAN DE FIETSENDRAGER OP HET VOERTUIG (AFB. 7): INSTRUCTIE: Spoilers en reservewielen kunnen de montage van de dragerinrichting onmogelijk maken net als een te geringe spleetafmeting.
- De achterklep iets openen en de bovenste haken van de bevestigingsriem (15) aan de bovenste rand van de achterklep vastmaken.
- Let op! De inrichting kan niet aan bumpers of delen van kunststof of glas enz. Worden bevestigd! De geschiktheid van de bevestigingspunten controleren.
- Nadat met behulp van de veerpen (5) de instelling in hoogte overeenkomstig uw voertuig werd uitgevoerd, de steunen (4) in het onderste frame van de achterklep bevestigen. Aansluitend controleren, of de veerstift goed is vergrendeld.
- Let op! De steunen kunnen alleen met het frame van de achterklep worden bevestigd, wanneer deze van metaal is geproduceerd!
- Draai eerst het rechte en dan het linke blokkeersysteem (16) met behulp van de bijgaande zwengel (13) met de wijzers van de klok zo lang (trek hen zo vast), dat de fietsendrager met de achterklep van het voertuig een compacte en stevige eenheid vormt. Daarna moet u de contramoeren (22) aan de blokkeersystemen vastschroeven.
- Controleer vervolgens nog of alle draaibare handvatten, vergrendelingspennen en schroeven goed vastzitten.
- Alle accessoires en alle beweeglijke delen (fles, pomp enz.) van de fietsen verwijderen.
- De fietsen niet met voorwerpen afdekken, die door de rijwind kunnen loskomen. Alle delen van de fietsen afnemen, die tijdens het rijden kunnen loskomen. De voorwielen bevestigen.
- Bij enkele fietsmodellen, is het noodzakelijk, de stuurstang van de fietsen te draaien en op de positie van de pedalen te letten.
- Het is belangrijk, om de fietsen op de overeenkomstige dragers in omgekeerde richting ten opzichte van elkaar aan te brengen. Het stuur van de eerste fiets moet zich rechts en dat van de tweede fiets moet zich links bevinden. Let er op, dat de pedalen, de stuurstangen en metalen delen niet met het voertuig in contact komen.
- De eerste fiets met behulp van een korte framehouder (21) aan de bovenste buis (1), zie afb. 8 bevestigen.
- Dan de fietsen met de bevestigingsriemen (12), zoals in afb. 8 is weergegeven, bevestigen: twee riemen aan het voorwiel en één aan het achterwiel.
- De tweede fiets met de framehouder (11), zie afb. 9, bevestigen.
- De fietsen, zoals bij de eerste fiets, met de riemen (12) bevestigen.
- Beide fietsen samen met de veiligheidsriem (14) rond de fietsendragerbuis beveiligen en aansluitend de stabiliteit van de fietsen op de drager controleren.
- Zorg er tenslotte voor, dat het voertuig, de fietsendrager en de fietsen een compacte eenheid vormen en er geen enkel deel los zit.
- Overeenkomstig de vorm van uw fietsen zou het noodzakelijk kunnen zijn, extra bevestigingsriemen of systemen te gebruiken. BELANGRIJK:
- De nummerplaat en de achterlichten van het voertuig moeten steeds goed zichtbaar zijn.
- De fietsendragers LOGIC Modell EASY BIKE en EASY BIKE Alu Plus kunnen max. met 2 fietsen en een totaal gewicht van 30 kg worden belast.
- Bij voertuigen met ruitenwisser voor de achterruit dient rekening te worden gehouden, dat de werking daarvan kan worden belemmerd. Evt. kan men de demontage ervan overwegen.23 Let op: Wanneer u de achterklep van het voertuig naar boven tilt, kan de spleetafmeting veranderen. Dit kan vervolgens tot beschadigingen aan de carosserie leiden. VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
- Deze fietsendrager werd zeer zorgvuldig en overeenkomstig de veiligheidsvoorschriften ontwikkeld, gebouwd en gekeurd.
- Bij belasting van de achterklep van het voertuig ontstaat er een andere lastverdeling op de wielassen den degene die door de fabrikant is voorzien. Weeg het voertuig met de belasting en zorg ervoor, dat het gewicht per as de door de voertuigfabrikant voorziene belastingsgrens niet overschrijdt.
- Indien er een aanhangwagenkoppeling wordt gebruikt, dan moet er worden gevrijwaard, dat de hoekafstand voor de beweging van de aanhangwagen overeenkomstig DIN 74058 wordt nagekomen.
- Voor het vertrek dient de goede toestand van de riemen gegarandeerd te zijn en moeten deze evt. worden vervangen.
- Controleer na een kort eindje rijden de bevestiging van de volledige drager plus fietsen, de correcte spanning van de riemen en de vaste zitting van de verschillende schroeven en moeren; voer daarna tijdens de rit regelmatige controles uit.
- De bevestiging van het dragersysteem moet door de bestuurder periodiek worden gecontroleerd.
- De bestuurder is ook verantwoordelijk voor de lading (§ 22 en § 23 (Duits verkeersreglement) STVO). De lading mag niet meer dan 400 mm buiten de rand van de voorste en achterste verlichtingsinrichtingen uitsteken.
- Na verloop van tijd kunnen de haken, riemen, schroeven en bevestigingsriemen tekenen van slijtage vertonen. In dit geval moeten zij onmiddellijk worden uitgewisseld.
- Als gevolg van de aanwezigheid van het dragersysteem en de lading moet de rijsnelheid aan het verschillend rij- en remgedrag worden aangepast.
- Wind, hard remmen, nauwe bochten, hoge snelheid, stijgingen of putten in het wegdek kunnen het rijgedrag van het voertuig beïnvloeden. De snelheid moet dienovereenkomstig worden verlaagd, de voorgeschreven snelheidsbeperkingen moeten worden opgevolgd en in geen geval mag er sneller dan 130 km/uur worden gereden.
- De producent is niet aansprakelijk voor schade, als gevolg van te hoge snelheden of die aan een niet correct rijgedrag te wijten zijn. De bestuurder is principieel alleen verantwoordelijk voor de correcte bevestiging van de drager en de lading. Voor montage- en gebruiksfouten alsook lak- en gevolgschade, zijn wij niet aansprakelijk. Vermijding van lakschade: De spanriemen moeten met een doek van katoen worden omwikkeld, de achterklep moet worden gereinigd.
- Voor elke langere reis en in ieder geval tijdens het transport zeer vaak de correcte sluiting van alle bevestigingssystemen en de schroeven, evenals de algemene toestand van de eenheid controleren.
- De eenheid fietsendrager en gemonteerde fietsen mag niet meer dan 40 cm buiten de as van de voertuigverlichting uitsteken.
- Om met deze fietsendrager te kunnen reizen, dient het voertuig met een externe achteruitkijkspiegel uitgerust te zijn.
- De eenheid fietsendrager en gemonteerde fietsen mag niet breder zijn dan 2,5 m.
- Bij nauwe doorgangen, inritten van garages e. d. bijzonder voorzichtig zijn.
- De fietsen mogen geen snijdende delen vertonen, die personen zouden kunnen verwonden.
- Moeilijk overzichtelijke voorwerpen mogen niet buiten het profiel uitsteken.
- Monteer de fietsendrager indien hij niet wordt gebruikt af van het voertuig.
- Monteer de fietsendrager af van het voertuig bij het wassen van het voertuig.
- Dek de fietsen niet af met voorwerpen, die door de rijwind zouden kunnen loskomen.
- Voor dit systeem is een zorgvuldige montage, alsook het nauwgezette opvolgen van de montage en gebruikshandleidingen. Tijdens het transport met uw voertuig bent u steeds verantwoordelijk voor uw veiligheid en de veiligheid van derden.
- De in het land van bestemming geldende veiligheidsvoorschriften nakomen.
- Informeer elke andere bestuurder, die uw fietsendrager gebruikt, over deze instructies.24
Eindkap 4 X Railverbinding 2 X Schroef M6 X 40, U - Drukplaat Moer M6 telkens 4 X
Riemvoering 4 X De hier getoonde afzonderlijke componenten hebt u nodig voor de montage van de aluminiumrails en voor hun bevestiging. Steek beide railonderdelen samen. In de railverbinding zet u de schroeven M6 X 40 en u verbind daarmee de rails. De verbindingsplaat legt u onder de rail over de schroeven en u maakt deze verbinding vast met de drukplaten en moeren M6. Bevestigings- schroeven langs beide zijden onder de rail inzetten en de rails op de draagtafel uitrichten en vastzetten met de drukplaten en moeren M6. Riemvoering onder de rail inzetten (twee bij het voorwiel en een bij het achterwiel van de fiets. Eindkappen langs beide zijden opsteken.
SimpelGids