Wolf Garten Expert 105.180 H - Grasmaaier

Expert 105.180 H - Grasmaaier Wolf Garten - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis Expert 105.180 H Wolf Garten in PDF-formaat.

📄 176 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice Wolf Garten Expert 105.180 H - page 44
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over Expert 105.180 H Wolf Garten

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Expert 105.180 H - Wolf Garten en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Expert 105.180 H van het merk Wolf Garten.

GEBRUIKSAANWIJZING Expert 105.180 H Wolf Garten

(Originele gebruiksaanwijzing)

Italiano

Voor uwveiligheid 40

Monteren 42

Bedienings- en weergave-elementen 43

Bediening 45

Tips voor het verzorgen van het gazon 47

Transporteren 48

Onderhoud/reiniging 48

Stilzetten 49

Garantie 50

Informatie over de motor 50

Hulp bij storingen 50

Gegevens op het typeplaatje

De gegevens op het typeplaatje zichen belongingsrijk bij het bestellen van verwangingsonderdelen en voor de klantenservice. U vindt het typeplaatje onder de stoel van de bestuurder. Vul alle gegevens van het typeplaatje van uw machine in het onderstaandevakje in.

Wolf Garten Expert 105.180 H - Gegevens op het typeplaatje - 1

Deze en andere geveens van de machine vindt u in de parte CE-conformiteitsverklaring die deeluitmaakt van deze gebruiksaanwijzing.

Identificatie van het modelnummer

De vijfde positie van het modelnummer geeft de série aan. Voorbeeld:

Modellnummer: 13AF91AN603 = série 900.

Afbeeldingen

Wolf Garten Expert 105.180 H - Afbeeldingen - 1

Vouw deagna's met afbeeldingen en aan het begin van de gebruiksaanwijzing open. Details van afbeeldingen können verschillen van de door u gekochtete machine.

Voor uw veiligheid

De machine juist gebruiken

Deze machine is bestemd voor gebruik als:

  • als gazcontractor voor het maaien van gazons van particuliere tuinen,

  • met toebehoren dat uitdrukkelijk voor deze gazcontractor is toegestaan,

volgens de incke gebruiksaanwijzing gegeven beschrijvingen enveiligheidsvoorschriften.

Elk ander gebruik is geen gebruik volgens de voorschriften.

Het gebruik anders dan volgens de voorschriften heeft het vervallen van de garantie en afwijzing van elke verantwoordelijkheid van de zijde van de fabrikant tot gevolg. De gebruiker is aansprakelijk voor alle schade aan derden en aan hun eigendom.

Eigenmachtige veranderingen aan de machine sluiten aansprakelijkheid van de fabrikant vooraaruit voortkomende schade uit.

Deze machine mag nicht worden gebrukt op de openbare weg en is Niet bestemd voor het vervoer van Personen.

Algemene veiligheidsvoorschriften

Lees voor het eerste gebruik van de machine deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door en volg de aanwijzingen op.

Stel andere gebruikers op de hoogte van het juiste gebruik.

Gebruik het apparaat alleen in de door de fabrikant voorgeschreve en geleverde technische toestand.

Bewaar de gebruiksaanwijzing zorgvuldig en houd deze binnen handbereik bij elk gebruik.

Geef de gebruiksaanwijzing met de machine mee aan een neue eigenaar.

Vervangingsonderdelen en toebehoren要去en voldoen aan de door de fabrikant vastgelegde eisen. Gebruik waarom alleen originele verwangingsonderdelen en origineel toebehoren of de door de fabrikant toegelaten verwangingsonderdelen en toebehoren.

Laat reparationsuitsluitend door een gespecialiseerd bedrijf uittvoeren.

Voor de werkzaamheden met de machine

Bij vermoeidheid en ziekte mag het apparaat Niet worden gebruikt.

Personen die de machine gebruiken mogen nicht onder invloed van verdovende middelen (zoals alcohol, drugs of medicijnen) staan. Personenjonger dan 16JAar mogen deze machine Niet bedieren. Plaatselijkke voorschriften kuren de minimumleeftijd van de gebruiker voorschrijven.

Deze machine is nicht bestemd om te worden gebruikt door Personen (inclusief kinderen) met beperkt fysiieke, sensorische of geestelijkke vermogens, met gebrekkige ervaring en/of gebrekkige kennis, tenzij onder toezicht van een voor hun verilheid verantwoordelijkpeasoen of voorzien van aanwijzingen van deze persoon ten aanzien van het gebruik van de machine. Er dient op te worden toegezien dat kinderen nicht met deze machine spelen.

Maak uzelfoorhetbegin van dewerkzaamhedenvertrouwd met allevoorzieningenenbedienings-elementen en de functieaarvan.

Bewaar brandstof alleen in waar-voor goedgekeurde tanks en nooit in de buurt van een verwarmingsbron (bijvoorbeeld een oven of warmwaterboiler).

Vervang een beschadigde uitlauf, brandstoftank of tankdeksel.

Koppel een aanhanger of opbouwapparaat voorzichtig vast.

Opbouwapparaten, aanhangers, ballastgewichten en gevulde gras-vangers beinvloeden de rijeigenschappen, in het bijzonder de stuurbaarheid, het remvermogen en de kans op Kantelen.

Tijdens de werkzaamheden met de machine

Draag bij werkzaamheden met of op de machine geschikte werkkleding (zoals veiligheidschoenen, Lange broek, nauw sluitende kleding, veiligheidsbril en gehoorbescherming).

Gebruik de machine alleen in technisch onberispelijke toestand. Verander nooit de fabrieksinstellungen van de motor.

Vul de tank van de machine nooit wonneer de motor loopt of heet is. Vul de tank van de machine alleen buitenshuis.

Voorkom open vuur en vonkvorming en rook Niet.
Let voortdurend op of zich geen personen (vooral geen kinderen of dieren bevinden in de omgev waarin u werkct.

Controleer het terrein waar u de machine gezruikt en verwijder alle voorwerpen die meegenomen en weggeslingerd+kunnen worden.

Zo voorkomt u gevaren voor personen en beschadiging van de machine.

Maai Niet op hellingen van meer dan 20% .

Werkzaamheden op hellingen zichn gevaarlijk. De machine kan kantelen of weglijden.

Altijd voorzichtig beginnen met rijden en voorzichtig remmen op een helling. Als uaar beneden rijdt, langzaam rijden en op de motor remmen. Rijd nooit dwars op de helling maar altijd alleen omhoog en omlaag.

Werk met de machine alleen bij daglicht of bij voldoende kunstlicht.

De machine is Niet toegelaten voor het vervoer van Personen.

Neem geen persoon mee op de machine.

Altijd voor werkzaamheden aan de machine

Beschem uzelf gegen verwondingen. Voor alle werkzaamheden aan deze machine:

Zet de motoruit.
Trek de sleutel uithet contact.
-Vergrendel de vastzetrem.
Wacht tot alle bewegende delen volledig tot stilstand gekommen zich. De motor要去 afgekoeld zich.
Trek de bougiestekker los van de motor, zodat onbedoeld starten van de motor nicht möglich is.

Na de werkzaamheden met de machine

Verlaat de machine pas nadat u de motor heeft uitgezet, de vastzetrem heeft bediend en de sleutel uit het contact heeft getrokken.

Veiligheidsvoorzieningen

Veiligheidsvoorzieningen dienen voor uweiligheid en moeten algijd werkzaam+zijn.

U mag geen veiligheidsvoorzieningen veranderen en hun werkung nicht opheffen.

Veiligheidsvoorzieningen zijn:

Grasvangvoorziening

De grasvangvoorziening beschermt u gegen letsel door het snijmes ofaar buiten geslingerde voorwerpen. Het apparaat mag alleen met aangebouwde grasvangvoorziening of een optionele deflector worden gezruikt.

Veiligheidsblokkeersysteme

Het veiligeidsblokkeersysteme maakt starten van de motor alleen mogelijk, wanner:

  • de chauffeur zichen plaats op de stoel ingenomen heeft,
  • het rempedaal is ingedrukt resp. de vastzetrem in de parkeerstand staat,
  • de rijrichtinghendel resp. rijpediaal op „N" staat,
  • het snijmechanisme uitgeschakeld is, dus: PTO-schakelaar of PTO-hendel in de stand „Uit/Off" (PTO = Power-Take-Off).

Het veiligheidsblokkeersystem schakelt de motor uit zodra de bediener de stoel verlaat zonder dat hij de vastzetrem bedient en het maaimechanisme uitschakelt.

Het veiligheidsblokkeersystem voorkomt het maaien zonder gemonteerde deflector of grasvanger bij machines met uitworp aan dechterzijde (automatische uitschakeling van motor of maai mechanisme).

Bij machines zonder OCR-functie of bij Niet-geactiveerde OCR-functie voorkomt het verilgheidsblokkeersysteme某种程度 deveeriguijden

met ingeschakeld maaimechanisme (automatische uitschakeling van motor of maaimechanisme). Schakel waarom bij een machine met PTO voor hetchyteruitrijden het maaimechanisme uit, afhankelijk van de uitvoering met de PTOschakelaar of met de PTO-hendel.

Pictogrammen

op de machine

Op de machine bevinden zich diverse stickers met pictogrammen. De pictogrammen hebden de volgende betekenis:

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 1

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 2

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 3

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 4

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 5

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 6

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 7

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 8

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 9

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 10

Let op!
Lees voor de
ingebruikneming de
gebruiksaanwijzing!

Houd derden uit de buurt van het gevaarlijke gebied!

Verwondingsgevaar door ronddraaiende messen of onderden.

Handen en voeten
niet in openingen
honden als de
machine loopt.

Verwondingsgevaar door ronddraaiende messen of onderden.

Verwondingsgevaar door maar buitengeworpen gras of vaste voorwerpen.

Werkzaamheden op steile hellingen kunnen gevaarlijk zich.

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 11

Trek voor werkzaamheden aan de maagereedschappen de bougiestekker los! Houd vingers en voeten uit de buurt van de maagereedschappen! Schakel de machine uit en trek de bougietrekker los voordat u de machine instelt, schoonmaakt of controert.

Let op!

Explosiegevaar!

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 12

Accuzuur/

Verwondingsgevaar.

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 13

Trek voor alle werkzaamheden aan de machine de sleuteluit het contactslot en neem de voorschriften in deze gebruiksaanwijzing inRCT.

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 14

Bij het in- en uittappen nooit op het maaimechanisme gaan staan.

Waarschuwing voor heet oppervlak!

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 15

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 16

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 17

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 18

Voordat het apparaat worden gekanteld, moet de accu worden gedemonteerd.

Wolf Garten Expert 105.180 H - op de machine - 19

Bij gebruik als aanhanger de vol-gende maximumwaarden Niet overschrijden:

Max. helling 14%

Max. steunlast aan aanhangerkoppeling

Max. aanhanglast

(aanhanger en lading) 180kg

Houdythe symbolenopde machine altijd in een leesbare toestand.

Pictogrammen in deze gebruiksaanwijzing

In deze gebruiksaaanwijzing wordende volgende pictogrammengebruikt:

Gevaar

U wordt gewezen op gezaren die samenhagen met de beschreiben handeling. Er bestaat verwondingsgevaar voor Personen.

Let op

U wordt gewezen op bevaren die met de beschreiben werkzaamheden samenhagen en die materiele schade tot gevolg können haben.

Opmerking

Geeft belangrijke informatie en gebruikstips aan.

Verwijderen van afval

Verpakkingsresten, oude appar- raten, enz.要去 volgens de geldende voorschriften worden afgevoerd.

Plaatsaanduidingen

Positieaanduidingen aan de machine (bijvoorbeeld links of rechts) altijd gezien vanuit het standpunt van de zittende chauffeur.

Monteren

In deze gebruiksaanwijzing worden verschillende modellen beschreiben. Er kurenkleine verschillen zichtussen de afegebeelde machines en uw machine.

Stoel monteren

Afb. 1

a) Stoel met verstelhendel
b) Stoel met verstelschroef

Stuurwiel monteren

Afb. 2

Stuurwiel (1) op stuuras steken.
Leg de onderlegring (3b) met de bolle kant maar boven neer en bevestig het stuurwiel met de schroef (3).
Breng de afterschermdop (4) aan.

Grasvangvoorziening monteren (afhankelijk van model)

Zie de除去 gebruiksaanwijzing voor de grasvanger.

Accu in gebruik nemen

Afb. 3

Gevaar

Vergiftigings- en verwondingsgevaar door accuzuur

Draag een veiligheidsbril en werk-handschoenen. Voorkom contact van de huid met accuzuur.

Spoel onmiddelijk met water
wonneer accuzuur in uw gezicht of
ogen spat en raadpleeg cervolgens
een arts. Drink veel water wonneer
u accuzuur hebt ingeslikt en raad-
pleeg onmiddelijk een arts.
Bewaar accu's buiten bereik van
kinderen. Kantel de accu nooit,
omdat accuzuur uit de accu kan
lopen.

Geef overgebleven accuzuur af bij uw vakhandel of bij een afvalverwerkingsbedrijf.

Let op

Brandgevaar, explosie en corrosie door accuzuur en gassen van het accuzuur!

Reinig de onderdelen van de machine waarop accuzuur gespat is onmiddelijk. Accuzuur heeft een corroderende werkung.

Rook nicht en houd brandende en hete voorwerpen uit de buurt. Laad accu's alleen in goed verlichte en geventileerde ruimten op.Voorkom kortsluiting bij werkzaamheden aan de accu.Leg geen gereed-schappen of metalen voorwerpen op de accu.

Let op

Houd rekening met de montagevolgorde bij los- en vastmaken van de klemmen van de accu.

Montage (Afb. 3a):

Maak eerst de rode kabel (+/pluspool) en verwolgens de zwarte kabel (-/minpool) vast.

Demontage:

Sluit erst de zwarte kabel (-/minpool) en cervolgens de rode kabel (+/pluspool) aan.

Opmerking

De batterij bevindt zich onder de chauffeursstoel.

Bij levering van „onderhoudsvrije" en „verzegelde" accu's (type 1)

(accu's zonder sluitdoppen)

De accu is bevuld met accuzuuren in de fabriek verzegeld.

Ook een zogenaamd „onderhoudsvrijje" accu vereist onderhoud om een zekere levensduur möglich te make.

Houd de accu schoon.
Voorkom kantelen van de accu. Ook uit een „verzegelde" accu loopt elektrolytvloeistof wanner de accu gekanteld worden.
Laad de accu voor de eerste ingebruikneming 1 tot 2 uur op met een acculader (maximale laadstroom 12 volt, 6 ampere). Trek na het laden eerst de netstekker uit het oplaaddapparaat en maak verrolgens de klemmen van de accu los (zie ook gebruiksaanwijzing van het oplaaddapparaat).

Bij levering van een ongevulde accu (type 2)

(accumetsluitdoppen)

Neem de sluitdoppen van de accucellen (Afb. 3b).
Vul elke cel langzaam met accu-zuur tot 1 cm onder de vulopening.
Laat de accu 30 minutes staan zodate het lood het accuzuur kan opnemen.
- Controller het zuurpeil. Voeg eventueel accuzuur toe.
Laad de accu voor de eerste ingebruikneming 2 tot 6 uur op met een acculader (maximale laadstroom 12 volt, 6 ampere). Trek na het laden eerst de netstekkeruit het oplaadapparaat en maak verwolgens de klemmen van de accu los (zie ook gebruiks-aanwijzing van het oplaadapparaat).
- Breng de sluitdoppen van de accucellen aan.
Monteer de accu in de machine.

  • Verwijder de blinde sluiting van de ontluchting van de accu. Steek de ontluchtingsslang vast en geleid deze in de machine waar beneden. Zorg ervoor dat de slang ongehinderd verloopt! (Afb. 3c)
    Klem eerst de rode kabel (+) en cervolgens de zwarte kabel (-) vast.
  • De accu hoeft later alleen met gedestilleerd water te worden gezuld (controle elke 2 maanden).
    Houd de accu schoon.

Bedienings- en weergave-elementen

Let op!

Schade aan de machine

Hier worden eerst de functies van de bedienings- en individatieelementen beschreiben. Bedien nog geen van de beschreiben functies.

Contactslot (afhankelijk van model)

Afb. 4

Starten: draai de sleutel maar rechts tot de motor loopt.
Laat de sleutelervoigens los.
Sleutel staat op stoppen:
Sleutel maar links op draaien.

i Opmerking

Bij een contactslot met Lichtstand Q wordt het Licht ingeschakeld wanner de contactsleutel na het starten van de motor in deze stand worden teruggezet.

Contactslot met OCR-functie (afhankelijk van model) Afb.5

Dit contactslot is voorzien van een OCR-functie (door de gebruiker bestuurdchyteruitmaaien).

Starten: draai de sleutel maar
rechts tot de motor loopt.
Laat de sleutel verwolgens los.
Sleutel staat op wonne
stand) en staat voorwaarts maaien toe.

OCR-stand: sleutel maar links van normale stand op stand voorchteruit maaien dxraaien en op de schakelaar (1) drukken. De controlamp (2) brandt en geeft aan dat er nuchteruit en vooruit met demachine kan worden gemaaid.

Stoppen: draai de sleutel maar links op

Opmerking

Gebruik de OCR-functie alleen indien beslistoodzakelijk en werk anders in de normale stand. De OCR-functie wordt automatischuitgeschakeld zodra de sleutel in de nulstand worden gedraaid of de motor wordenuitgeschakeld (stopstand of uitschakeling van de motor door het veiligheidsblokkeersystem).

Choke (afhankelijk van uitvoering)

Afb. 6

Trek de choke uit voor een start met een koude motor (Afb. 6a) of zet de gashendel in stand N (Afb. 6b).

Gashendel

Afb. 7

Stel het motortoerental traploos in.
Snel motortoerental =
Laag motortoerental =

Rempedaal

Afb. 8

Het rempedaal kan worden gebruikt voor nsel afremmen, activeren en deactiveren van de vastzetrem en voor het uitschakelen van de tempomat.

Rijrichtinghendel (alleen bij modellen met Auto-Drive-aandrijving)

Afb.9

De instellingen mogen alleen worden gewijzigd als de tractor stilstaat.

Druk hiervoor het rempedaal helemaal in en houd dit ingedrukt.

Vooruit = hendel op „F/ Vrijloop = hendel op „N"

Achteruit = hendel op „R/

Instelhendel voor maaihoogte

Afb. 10

Met de hendel (A) de verschillende maaihoogtestanden instellen (1 tot max. 12 - afhankelijk van model). Stand 1 = kleinste maaihoogte -maaimechanisme helemaal omlaag.

Stand 12^* = grootste maaihoogte -maaimechanisme helemaal omhoog.

* Afhankelijk van model. Hoogste getal komt overeen met de grootste maaihoogte.)

Opmerking

Afhankelijk van het model is de instelschuif uitergerust met een instelbare positieaanduiding (B). Deze dient om de gewenste maaihoogte snel te konnen vinden.

PTO-schakelaar (afhankelijk van model)

Afb. 11

Met de PTO-hendel worden het maaimechanisme mechanisch in en uitgeschakeld.

Maai mechanisme uitschakelen = hendeluituitsparingduwen en helemaalnarrachterentrekken.

Maaimechanisme inschakelen = hendel langzaam maar voren duwen en in de uitsparing vastklikken.

PTO-schakelaar (afhankelijk van model)

Afb. 12

Met de PTO-schakelaar wordt het maaimechanisme via een elektromechanische koppeling in- enuitgeschakeld.

Inschakelen = trek aan de schakelaar.

Uitschakelen = druk op de schake-laar.

Aanwijzing: Bij automatische uitschakeling door het verilgheidsblokkeersystem (bijvoorbeeld achteruitrijden met ingeschakeld maaimechanisme) moet de schakelaar eerst in de stand ,uit en verrolgens wee in de stand "aan" worden gezet om de blokkering van de koppeling op te heffen.

Vastzetrem/Tempomat

Afb. 13

Deze schakelaar heeft bij enkele modellen een dubbele functie:

Bedien de vastzetrem

Duw het rempedaal helemaal in en druk op de schakelaar.

Vastzetrem losmaken:

Duw het rempedaal helemaal in.

De schakelaar komt los.

Tempomat ishakelen (afhankelijk van model):

Tijdens het rijden de schakelaar indrukken.

De op ditijdstip gekozen voorwaartse snugelheid (echter nicht de maximumsnelheid) worden aangehouden. U Aunt uw voet van het rijpedaal nemen.

Bij het bedieren van het rijpediaal of het rempediaal worden de Tempomat automatisch uitgeschakeld.

Rijpedaal voor machine met hydrostaataandrijving

Afb. 14

Stel met het rijpedaal de slelheid traploos in en verander van rijrichting:

Vooruit = duw het rijpedaal waar voren (in de rijrichting Hoe verder waar voren, hoe sneller.

Stoppen (voort het stilzetten van de machine en bij het veranderen vanrichting) = rijpedaal loslaten (stand N).

Achteruit = duw het rijpedaal maarachten (tegen de rijrichting Hoe verder maarachten, hoe sneller.

Rijpedaal voor machine met autodrive aandrijving

Afb. 15

Stel met het rijpedaal de snelheid traploos in:

-Zet de rijrichtinghendel in stand ^ (vooruit) of R (achteruit)

Duw het rijpediaal maar voren. Hoe verder maar voren, hoe sneller.

Transmissieontgrendeling voor machines met hydrostaataandrijving

Afb. 16

Duwen van de machine verwijl de motor uitgeschakeld is.

Afhankelijk van model:

Hendel uittrekken en omlaag drukken (Afb. 16a).

Hendel omhoog duwen en indrukken als u wilt rijden.

Hendel uittrekken en omhoog drukken (Afb. 16b).

Hendel omlaag duwen en indrukken als u wilt rijden.

De hendel bevindt zich op de awhile van de machine.

Combination-indicatie (afhankelijk van model)

Afb. 17

De combinatie-indicatie kan bestaanuit de volgende elementen,afhankelijk van de uitvoering: Oliedruk (1):

Als de indicateilamp brandt verwijl de motor loopt, dient u de motor onmiddelijk uit te schakelen en het oliepeil te controleren. Laat de machine indien nodig nazien.

Rem (2):

De indicatielamp brandt als bij het starten van de motor het rempedaal Niet is ingedrukt resp.

de vastzetrem nicht is vergrendeld. Schakel het maaiwerk (PTO) (3)uit:

De indicatielamp brandt als bij het starten van de motor het maaiwerk (PTO) Niet uitgeschakeld is.

Oplaadindicatie accu (4):

Wanneer de controlelamp brandt terwijl de motor loopt, worden de accu onvoldoende opgeladen. Laat de machine indien nodig nazien.

Bedrijfsurenteller (5):

Geeft bij ingeschakelde ontsteking het tot dusver bereekte aantal bedrijfsuren aan.

Ampèremeter (6):

Geeft de laadstroom van de dynamo voor de accu aan.

i Optionele functions:

  • Als de ontsteking worden ingeschakeld, worden kort de accuspanning weergegeven. Vervolgens worden het aantal bedrijfsuren weergegeven. Bedrijfsuren worden altijd geteld, behalte wanner de contact-sleutel op „Stop" staat of uit het contact is getrokken.
  • Elke 50 bedrijfsuren (afhankelijk van de uitvoering) worden 5 minutes lang in het display een individatie voor het verversen van de olie, "CHG/OIL" weergegeven. Deze melding worden de volgende 2 bedrijfsuren weergegeven. Zie het motorhandboek voor intervallen voor het verversen van de olie.

Stoel (afhankelijk van model)

Afb. 18

a) Trek aan de hendel en stel de stoel in. of b) Verstelschroef losdraaien,
installen en verstelschroef we vastdraaien.

Peilindicatie voor grasvanger (afhankelijk van model) Afb.19

De niveausensor meetijdens het maaien hoe vol de grasvanger is. Als de grasvanger vol is, klinkt het geluidssignaal en moet de grasvanger worden leeggemaakt.

Schakelaar voor vangmandhefvoorziening (afhankelijk van model)

Afb. 20

De schakelaar (A) dient voor het elektromechanisch openen en sluiten van de grasvanger. Bediening -zie aparte bedieningshandleiding,Grasvanger".

Licht (afhankelijk van model) Afb. 21

Koplamp inschakelen = schakelaar op "ON".
Sommige modellen haben geen lichtschakelaar.

De koplampen branden zolang de motor loopt of de contactsleutel in stand wordt gezet (afhanke-lijk van het model).

Indicatie tankinhoud (afhankelijk van model)

Afb. 22

Geeft in het kijkvenster het peil van de brandstoftank aan.

Hendel voor ontgrendeling van opvangmand (afhankelijk van model)

Afb. 23

De hendel dient voor het losmaken en verwijderen van de grasvangvoorziening.

Bediening -zie aparte bedieningshandleiding „Grasvanger".

Dashboardvak (afhankelijk van model)

Afb. 24

Dient als opbergbak en is afhanke-lijk van de uitvoering uitergerust met een stopcontact van 12 V.

Hendel voor reiniging van de uitwerpschacht (afhankelijk van model)

Afb. 25

Maaien van te hoop of nat gris kan leiden tot een overmatige ophoping of verstopping van gris in de uitwerpschacht. Dit leidt ertoed dat de grasvangvoorziening Niet voldoende of nicht meer worden gezuld. De verstopping in de uitwerpschacht bij lopend maaiwerk en gemonteerde grasvangvoorziening als volgt verhelpen:

Machine stoppen en vastzetrem vergrendelen.
Maaiwerk in de bovenste stand zetten.
Aan hendel trekken om verstopping los te make. Afhankelijk van de verstoppingsgraad moet de hendel onder bepaalde omstandighedeneermaals worden bediend.
Hendel weer omlaag duwen.
Beweeg het maaimechanisme omlaag.
Maaien voortzetten.

Bediening

Neem ook de aanwijzingen in de gebruiksaanwijzing van de motor in acht.

Gevaar

Verwondingsgevaar

Personen, kinderen of dieren
mogen zich bij het maaien nooit in
de buurt van de machine bevinden.
Ze+kunnen gewond raken door
aar buiten geslingerde stenen
endergelijk. Kinderen mogen
de machine nooit bedieren.

Wees bijzonder voorzichtig bij awhile maaien (machines met OCR-schakelaar). Er mogen zich geen personen in de buurt van de machine bevinden. Maak de grasvanger nooit leeg wonneer het maai mechanismisme loopt. Maak de grasbak nooit leeg als het maai mechanismisme in beweging is. Bij het maaien op steile hellingen kan de machine kantelen en u kurz gewond raken. Rijd nooit dwars op een helling, maar algid omhoog en omlaag. Rijd alleen op aflopend terrein met een hellingspercentage van maximaal 20% . Keer Niet op een helling. Bij het maaien van vochtig gras kan de machine door verminderde grip op de ondergrond slippen en u kunt vallen. Maai alleen wonneer het gras droog is.

Te hoge snelheid kan het gevaar voor ongevallen verhogen.

Houd voldoende afstand bij het maaien langs randen, bijvoorbeeld in de buurt van steile hellingen, onder bomen of lungs struiken en heggen. Weer bijzonder voorzichtig wanner u awhileui rijdt.

Controleer het terrein waar u de machine gebruikt en verwijder alle voorwerpen die meegenomen en weggeslingerd+kunnen worden.

Als het maagereedschap een voorwerp (bijvoorbeeldeen steen) raakt of als de machine ongewoon begint te trillen: Zet de motor uit.

Machine voor verder gebruik dooreen gespecialiseerde werkplaats op schade lately onderzoeken.

Ga bij een sikkelmaaier nooit voor de grasuitwerpopeningen staan. Houd nooit uw handen of voeten onder draaiende delen.

Zet de motor uit en trek de sleutel uit het stopcontact en de stekker los van de bougie voordat u verstoppingen uit de uitwerpopening verwijdert.

Gebruik de machine nicht bij slechte weersomstandigheden of bij kans op regen of onweer.

Gevaar voor verstikking door koolmonoxide

Laat de verbrandingsmotor alleen buitenshuis lopen.

Explosie- en brandgevaar Brandstof- en benzinedampen zich en explosief en brandstof is zeer brandbaar. Vul de tank met brandstof voordat ude motor start. Houd de brandstoffank gesloten wanner de motor loopt of nog heet is. Vul alleen brandstof bij nadat de motor is uitgeschakeld of afgekoeld. Voorkom open vuur en vonkvorming en rook Niet.

Vul de tank van de machine alleen buitenshuis. Start de motor nicht als er brandstof overgelopen is. Machine verwijderen van deplaats waar de brandstof is gemorst en wachten totdat de brandstoffdampen verwluchtigd�.

Ter voorkoming van brandgevaardient u de volgende delen vrij vangras en maar buiten komende oliete houden: motor, uitlaat, accuen brandstoftank.

Gevaar

Verwondingsgevaar door defecte machine

Gebruik de machine alleen in onberispelijke toestand.

Controler de machine voor elk gebruik op zichbare gebreken.
Controler in het bijzonder veiligheidsvoorzieningen en het maaimechanisme met houder, bedieningselementen en schroefverbindingen op beschadigingen en stevig vastzitten.

Vervang beschadigde delen voor het gebruik.

i Gebruikstijden

Neem de geldende voorschriften met betrekking tot gebruikstijden in acht (vraag eventueel na bij uw gemeente).

Tanken en oliepeil controlleren

Opmerking

De motor is in de fabriek reeds met olie gezuld. Controleer het oliepeil en voeg indien nodig olie toe.

Tank loodvrije benzine (Afb. 26) Zie gebruiksaanwijzing van de motor.
Vul de brandstoftank tot maximaal 2 cm onder de rand van de vulopening.
Sluit de brandstoftank stevig.
- Controller het oliepeil (Afb. 27). Het oliepeil要去ussen de markingsen, "FULL/Max." en, "ADD/Min." liggen (zie ook de gebruiksaanwijzing van de motor.

Bandendruk controlleren

Opmerking

Om productieredenen kan de bandendruk hoger dan vereist zich.

Bandendruk controlleren.
Indien nodig corrigeren (zie gedeelte „Onderhoud"):
- voren: 0,8 bar
- achteren: 0,7 bar

Stoel van de chauffeur instellen

Zet de stoei in de gewenste stand.

Instelling van de maaiwerkwielen (indien aanwezig)

Afb. 28

De maaiwerkwielen要去 in de laagste maaiwerkstand algid minstens 6-12 mm boven de grond staan. De maaiwerkwielen zich er Niet voor geconstrueerd om de last van het maaiwerk te dragen. Indien nodig gegikmatig verplaatsen.

Motor starten

Neem plaats op de chauffeur-stoel.
Maaiimechanisme uitschakelen: bij machines met PTO (Afb. 11 resp. Afb. 12): PTO uitschakelen en maaiimechanisme omhoog zetten.
- Rempedaal (Afb. 8)—helemaal indrukken en vasthouden resp. de vastzetrem vergrendelen (Afb. 13).
Zet de rijhendel (Afb. 9) op „N". Machine met hydrostatische aandrijving staan in de stand „N" als het rijpedaal nicht worden bediend (Afb. 14).
Zet de gashendel (Afb. 7) op:
Trek bij een koude motor de choke uit of zet de gashendel op (fb. 6).
Draai de contactsleutel (Afb. 4/5) op tot de motor loopt (startpoging max. 5 seconden, wacht 10 seconden voor de volgende poging).

Zet de contactsleutel op L

F wanner de motor loopt.

Zet de choke langzaam terug (Afb. 6).
Zet de gashendel (Afb. 7) terug tot de motor loopt.

Motor stoppen

Zet de gashendel (Afb. 7) op de middelste gasstand.
Laat de motor ca. 20 seconden-lopen.
Zet de contactsleutel (Afb. 4/5) op
Trek de sleutel uit het contactslot.
Vergrendel de vastzetrem voordat u de machine verlaat.

Rijden

Gevaar

Abrupt beginnen met rijden, plotseling stoppen en rijden met te hoge snelheid vergroot het gevaar voor ongevallen en kan leiden tot schade aan het apparatus.

Verstel de stoei nooit tijdens het rijden.

Opmerking

Wees bijzonder voorzichtig bij het中断eruit rijden. Verander nooit van rijrichting zonder de machine eerst tot stilstand te brengen.

Start de motor zoals aangegeven.
Zet de rijrichtinghendel (alleen bij autodrive-aandrijving) in de juiste stand.
Maak de vastzetrem los: druk het rempedaal helemaal in en LAST het weer los.
Bedien het rijpedaal langzaam tot de gewenste snelheid worden bereikt.

Machine stilzetten

Laat het rijpedaal los.
Trap op het rempedaal tot de machine stilstaat.

Maaien

Bij normala maaien 已 _ 已 ^ 已 mif F (zie bediening contactslot): Schakel het maaimechanisme uit voordat u awhileui rijdt en zet het omhoog.
Bijchteruitmaieren (zie bediening contactslot): wees bijzonder voorzichtig bij hetchteruitmaieren,maai alleen achteruit indien beslist nodig.
- Verander Niet van rijrichting als de machine rolt of rijdt.

i Aanwijzing:

Bij machines met achefterwaartseuitworp mag er alleen met een gemonteerde graspangerof deflector worden gemaaid.

Machine met hydrostaataandrijving

Start de motor zoals aangegeven.
Zet de gashendel op voor voldoende afgegeben vermogen.
Schakel het maaimechanisme in.
Beweeg het maaimechanisme omlaag.
Maak de vastzetrem los: druk het rempedaal helemaal in en LAST het weer los.
Kies met rijpedaal de voorwaartse rijrichting en snugheid (door langzaam bedieren). De machine rijdt.

Machine met autodrive-aandrijving

Start de motor zoals aangegeven.
Zet de gashendel op voor voldoende afgegeven vermogen.
Schakel het maai mechanisme in.
Beweeg het maaimechanisme omlaag.
Zet de rijrichtinghendel op ^ (vooruit).
Maak de vastzetrem los: druk het rempedaal helemaal in en LAST het weer los.
Kies met het rijpedaal de voorwaartse slelheid (door langzaam bedieren). De machine rijdt.

Algemeen

Let er bij de instelling van de maaihoogte en rijnselheid op dat de machine Niet overbelast worden. De maaihoogte en de rijnselheid要去en worden aangepast aan de lengte, de aard en de vochtigheid van het te maaien gras om het gras probleemloos met een gravesvanger op te kuren vangen.

Wanner verstoppen optreden, dient u de rijnselheid te verminderen en de maaihoogte groter in te stellen.

Machine wegzetten

Machine stilzetten.
Schakel het maaimechanisme UIT.
Zet de gashendel op de middelste gasstand.
Zet het maaimechanisme helemaal omhoog.
Zet het contactslot na 20 secon- den op
Trek de sleutel uit het contactslot.
Vergrendel de vastzetrem voordat u de machine verlaat.

Machines met hydrostaandrijving duwen

Afb. 16

Duw de machine alleen als de motor isuitgeschakeld.

Maak de vastzetrem los.
Transmissie ontgrendelen (afhankelijk van model): - Hendel uittrekken en omlaag drukken (Afb. 16a). of
Hendel uittrekken en omhoog drukken (Afb. 16b).

Zet de transmissieontgrendelings-hendel terug voordat u de motor start.

Mulchen

Met het juiste toebehoren kunt u met verschillende machines ook mulchen. Vraag maar het toebehoren bij uw vakhandel.

Grasvangvoorziening leegmaken (afhankelijk van model)

Zie deAPEte gebruiksaanwijzing voor de grasvanger.

Tips voor het verzorgen van het gazon

Maaien

Gazon bestaatuitverschillende soortengras.Alsuvaakmaait, bevdordt ditde groei van gras met stevige wortels.Alsuminder vaak maait,bevdordt ditde groei van langgras en planten als klaver en madeliefjes.

De normale hoogte van een gazon bedraagt 4 tot 5 cm. Maai slechts een derde 1/3 van de totale hoogte. Dus bij 7-8 cm op normale hoogte knippen. Het gazon Niet korter maaien dan 4 cm omdat het anders bij droog waar beschadigd raakt. Lang gras (bijvoorbeeld na devakantie) in verschillende beurten tot normale lengte maaien.

Mulchen (met toebehoren)

Het gras wordt bij het maaien inkleine stukjes van ca.1cm gesneden en blijft liggen.

Zo blijven veel voedingsstoffen voor het gras bewaard.

Voor een optimaal resultaat moet het gazon alsijd kort worden gehonden. Zie ook het gedeelte "Maaien".

Neem de volgende aanwijzingen in alot bij het mulchen:

Maai geen nat gras.
- Maai nooit meer dan 2 cm van de totale lenghte van het gras.
Rijd langzaam.
- Gebruik het maximale toerental.
- Reinig het maaimechanisme regelmatig.

Transporteren

Rijd slechts korte stukjes met de gazcontractor als u maar een andereplaats om te maaien rijdt. Gebruik voor große stukken een transportvoertuig.

Opmerking: de machine mag nicht worden gebruikt op de openbare weg.

Korte stukken

Wolf Garten Expert 105.180 H - Korte stukken - 1

Gevaar

Door het maai mechanisme kutnen voorwerpen worden meegenomen en weggeslingerd. Dit kan schade veroorzaken.

Schakel de maaimessen uit voordat u met de machine rijdt.

Lange stukken

Wolf Garten Expert 105.180 H - Lange stukken - 1

Let op

Transportschade

De gebruekte transportmiddelen (bijvoorbeeld transportvoertuig, laadperron)要去 volgens bestemming worden gebruikt. Zie hiervoord bijbehorende gebruiksaanwijzing. De machine要去 voor het gebruik worden vastgezet zDat alles Niet kan wegelijkden.

Gevaar voor het milieu door lekkende brandstof Vervoer de machine Niet in een gekantelde positie.

Zeteentransportvoertuiggereed.
- Breng de laadplank aan op het transportvoertuig.
Duw de machine in de vrijloop met de hand op het laadvlak (ontgrendel de aandrijving bij een machine met een hydrostaataandrijving).
Vergrendel de vastzetrem.
Voorkom wegelijkden van de machine.

Onderhoud/reiniging

Wolf Garten Expert 105.180 H - Onderhoud/reiniging - 1

Gevaar

Verwondingsgevaar door onbedoeld starten van de motor! Bescherm uzelf gegen verwondingen. Voor alle werkzaamheden aan deze machine:

-Zet de motor uit.
Trek de sleutel uit het contact.
-Vergrendel de vastzetrem.
Wacht tot alle bewegende delen volledig tot stilstand gekommen zich. De motor要去 afgekoeld zich.
Trek de bougiestekker van de motor los op onbedoeld starten van de motor te voorkomen.

Reiniging

Wolf Garten Expert 105.180 H - Reiniging - 1

Gebruik voor het reinigen geen hagedrukreiniger.

De machine reinigen

Reinig de machine bij voorkeur meteen na het maaien.
Plaats de machine op een stevige en vlakke ondergrond.
Zet de rijrichtinghendel op F of ^n (niet bij alle modellen).
Vergrendel de vastzetrem.

Wolf Garten Expert 105.180 H - Reiniging - 2

Bij gebruik van de machine in de winter bestaat een bijzonder groot roest- en corrosiegevaar. Reinig de machine na elk gebruik grondig.

Maaiemechanisme reinigen

Wolf Garten Expert 105.180 H - Maaiemechanisme reinigen - 1

Verwondingsgevaar door scherp maaimes!

Draag werkhandschoenen.

Bij machines met meer dan een maaimes kan de beweging van een maaimes tot het draaien van de andere messen leiden. Reinig de maaimessen voorzichtig.

Wolf Garten Expert 105.180 H - Maaiemechanisme reinigen - 2

Motorschade

Kantel de machine nicht meer dan 30^ . De brandstof kan in de verbrandingsruimte lopen en tot motorschade leiden.

Zet het maai mechanisme helemaal maar boven.
Maak de maairuimte schoon met een borstel, handveger of doek.

Maaiimechanisme met reinigingsproeier (afhankelijk van model) Afb.29

Stel de machine op een vlakke ondergrond zonder grind, stenen etc. en bedien de vastzetrem.

1.Bevestig een waterslang met een in de handel verkrijgbare selnkoppeling op de reinigings-sproeier. Waterkraan opendraaien.
2.Start de motor.
3.Maaiwerk neerlaten en enkele minuten inschakelen.
4.Maaiwerk en motor uitschakelen.
5.Verwijder de waterslang. Herhaal stap 1 t/m 5 bij de tweede reingingsproeier (indien aanwezig).

Na beeindiging van de reinigingswerkzaamheden (stap 1-5):

Zet het maaimechanisme helemaal omhoog.
Motor starten en maaiwerk gedurende enkele minutes inschaken om het maaiwerk te drogen.

Grasvanger reinigen

Wolf Garten Expert 105.180 H - Grasvanger reinigen - 1

Zie deAPEte gebruiksaanwijzing voor de grasvanger.

Verwijder de grasvanger en kaak deze leeg.
- De grasvanger kan met een krachtige waterstraal (tuinslang) gereinigd worden.
Laat de grasvanger voor het volgende gebruik grondig drogen.

Onderhoud

Neem de onderhoudsvoorschriften in het handboek voor de motor in acht. Laat de machine aan het einde van het seizoen nazien en onderhonden door een onderhoudsbedrijf.

Wolf Garten Expert 105.180 H - Onderhoud - 1

Gevaar voor het milieu door motorolie!

Geef na het verversen van de olie de oude olie af bij een inzamelplaats voor oude olie of bij een afvalverwerkingsbedrijf.

Gevaar voor het milieu door accu's
Lege accu's horen Niet bij het
huisvuil. Verwijder de accu voordat
u de machine maar de sloop brengt.
Demonteer de accu voordat de
machine maar de sloop gaat.

Gebruik van een starthulpkabel

Gevaar

Nooit een defecte of bevroen accu met een starthulpkabel overbruggen. Let erop dat de machines en de kabelklemen elkaar Niet raken en de ontstekingen uitgeschakeld zich.

  • Rode starthulpkabel aan de pluspool (+) van de lege en de voedende accu vastklemmen.
  • De zwarte starthulpkabel eerst aan de minpool (-) van de voedende accu vastklemmen. De andere klem aan het frame van het motorblok van de tractor met de lege accu (liefst zo ver mogelijk van de accu verwijderd) vastklemmen.

i Opmerking

Als de voedende accu in een voertuig is ingebouwd, mag dit voertuig tijdens de startondersteuning nicht worden gestart.

Start de tractor met de lege accu en trek de vastzetrem aan.
Maak klemmen van de starthulpkabels in de omgekeerde volgorde los.

Bandendruk

Let op

De maximaal toegestane bandendruk (zie zijkant van de band) mag nooit worden overschreden. Ga bij het oppompen Niet voor of op de band staan.
De geadviseerde bandendruk bedraagt: voren:0,8 bar achteren:0,7 bar

Bij een hogere bandendruk neemt de levensduur van de banden af. Controleer de bandendruk alttijd voordat u met de machine rijdt.

Na 5 bedrijfsuren

Voor het eerst motorolie verversen. Zie het motorhandboek voor overige intervallen.

  • Gebruik de Quick-oliegoot (Afb. 30) (optioneel) voor het aftappen van de olie.

Na 10 bedrijfsuren

Smeer alle draaipunten en lagers van het rij- en rempedaal met enkele druppels dunne olie.

Elke 25 bedrijsuren

Smeer de smeernippels van alle mesassen, spanrollen en spanrolholders met vet type 251H EP. Laat deze werkzaamheden door een gespecialiseerd bedrijf uitvoeren.
Smeer de smeernippels van de wiellagers en assen van de voorwieten met universeel vet.
Smeer de smeernippels van het maaiwerk met universeel vet.

Elke 50 bedrijfsuren

Laat vuil en grasresten van de motoroverbrenging door een reparatiebedrijf verwijderen.

Elke 2 maanden

Alleen nodig bij accu's van type 2: vul de accucellen tot 1 cm onder de vulopening met gedestilleerd water.

Bij behoefte

Accu opladen

Als u de machine langearendiet gebruikt,wordt geadviseerd om de accuuit de machine te demonteren en voor het opbergen,tijdens het opbergenelke twee maanden en voor het opnieuw in gebruik nemen op te laden.

Opmerking

Neem de beschrijving in de gebruiksaanwijzing van het accuoplaadapparaat in acht.

Vervang de zekering

Vervang defecte zekeringen alleen door zekeringen vandezelfde sterkte.

Eenmaal per seizoen

De tanden van de stuartransmissie met universeel vet smeren.
Scharnieren van het stuurmechanisme met enkeledruppels lichte olie smeren.

Alle draaipunter en lagers (bedieningshendels en hoogteinstelling van het maaiwerk) met enkele druppels lichte olie smeren.
Bougie reinigen en ontstekings afstand instellen, of indien nodig bougie verrangen. Zie het handboek bij de motor.
Laat de assen van de awhileien door een reparatiebedrijf smeren met special (waterastotend) vet.
Maaimessen door een vakman\ laten slijpen of cervangen.

Stilzetten

Let op

Schade aan de machine
Berg de machine op nadat de
motor is afgekoeld en alleen
in een schone en droge ruimte.
Beschem de machine beslist
tegen roest wanner u deze voor
langeijd wegzet, bijvoorbeeld
in de winter.

Na het gezoen of wanner de machine langer dan een maand Niet gebruikt worden:

Machine en grasbak reinigen.
Veeg alle metaaldelen ter bescherming gegen roest af meteen met olie bevochtigde doek of spuit deze in met oliespray.
Laad de accu op met een acculader.
- Als de machine tijdens de winter wordt opgeborgen,要去 de accu worden opgeladen en op droge en koele plaats (beschermd gegen vorst) worden bewaard. Laad de accu elke 4 tot 6 weken en voor het opnieuw monteren op.
Tap de brandstof af (alleen buitenshuis) en zet de motor stil zoals beschreiben in het handboek van de motor.
Pomp de banden op volgens de gegevens op de desbeteffende band. Pomp banden zonder gegevens op de band op met een druk van 0,9 bar.
Berg de machine op in een schone en droge ruimte.

Garantie

Onze garantiebepalingen resp. de garantiebepalingen van de importeur zichn van toepassing. Storingen aan uw machine verhelpen wij kosteloos in het kader van de garantie, voor zover een materiaal- of productiefout waarvan de oorzaak is. Neem voor de garantie contact op met uw leverancier of met de vestiging bij u in de buurt.

Informatie over de motor

De fabrikant van de motor is aansprakelijk voor alle kwesties met betrekking tot de motor, wat betreft het vermogen, de vermogensmeting, de technische gegevens, de garantie en de service. Informatie vindt u de apart meegeleverde gebruiksaanwijzing van de motor.

Hulp bij storingen

Gevaar

Verwondingsgevaar door onbedoeld starten van de motor! Bescherm uzelf gegen verwondingen. Voor alle werkzaamheden aan deze machine:

-Zet de motoruit.
-Trek de sleutel uithet contact.
-Vergrendel de vastzetrem.
Wacht tot alle bewegende delen volledig tot stilstand gekommen zich. De motor要去 aufgekoeld zich.
Trek de bougiestekker los van de motor, zatat onbedoeld starten van de motor Niet möglichk is.

Storingen van de werkking van uw machine hebben vaak een eenvoudige oorzaak, die zich kunt opsporen en verhelpen.

Bij twijfel helpt een gespecialiseerd bedrijf u graag verder.

Probleem Mogelijkeoorzaak Oplossing
De starter draait nicht. Zekering doorgeslagen. Als u de machine wilt starten,neemtuplaats op de stoel en drukt u het rempedaal helemaal in of vergrendelt u de vastzetrem.Schakel het maaimechanisme uit bij een machine met PTO-schakelaar of hendel.Monteer bij machines met acheer-waartse uitworp de grasvanger of deflector.
Accu Niet correct aangesloten. Sluit de rode kabel aan op de pluspool (+) van de accu en de zwarte kabel op de minpool (-).
De starter draait nicht. Accu leeg of bijna leeg. Afhankelijk van accutype vloeistofpeilin de accu controeren.Eventueel vullen met gedestilleerd water tot 1 cm onder de vulopening.Laad verrolgens de accu op.
Veiligheidsblokkeersystemein geactiveerd.Vervang de zekerings.Wanner de zekering opnieuw doorslaat, moet de oorzaak worden opgespoord (meestal kortsluiting).
Losse massakabel:tussen motoren frame.Sluit de massakabel aan.
Probleem Mogelijk oorzaak Oplossing
Starter draait, maar motor start nicht.Verkeerde stand van choke en gashendel.Bedien de choke. Zet de gashendel op
Carburateur krijgt geen brandstof, brandstoftank leeg.Vul met brandstof.
Defecte of vuile bougie. Controleer debougie. Zie het handboek voor de motor.
Geen ontstekingsvonk. Laat de ontsteking door een gespecialiseerd bedrijf controleren.
Motor walmt. Te veel motorolie in de motor. Schakel de machine onmiddelijk uit. Controleer het motoroliepeil.
Motor defect. Schakel de machine onmiddelijk uit. Laat de motor door een gespecialiseerd bedrijf controleren.
Sterke trillingen. Beschadigde messen as of defect maaiimes.Schakel de machine onmiddelijk uit. Laat defecte onderdelen door een gespecialiseerd reparatiebedrijf verwangen.
Maai mechanisme werpt geen gras uit of maait onzuiver.Motortoerental te laag. Geef meer gas.
Rijnselheid te hoog. Stel een lagere stelheid in.
Maaimessen stomp. Laat de maaiamessen door een gespecialiseerd bedrijf slijpen of verwangen.
Motor loopt, maai mechanisme maait nicht.V-riem gescheurd. Laat de V-riem door een gespeciali-seerd bedrijf verwangen.

Indices

Vend/DDEpa skrAningen.

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Wolf Garten

Model : Expert 105.180 H

Categorie : Grasmaaier