UC3551A - Elektrische kettingzaag MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis UC3551A MAKITA in PDF-formaat.

📄 120 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice MAKITA UC3551A - page 53
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : MAKITA

Model : UC3551A

Categorie : Elektrische kettingzaag

Download de handleiding voor uw Elektrische kettingzaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding UC3551A - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. UC3551A van het merk MAKITA.

GEBRUIKSAANWIJZING UC3551A MAKITA

NEDERLANDS (Ori nele instructies) Verklaring van het onderdelenoverzicht

3. Achterhandgreep 20. Stelschroef voor oliepomp (op de 36. Werkgebied bij omzagen

4. Aan-uitschakelaar onderkant) 37. Valrichting

5. Voorhandgreep 21. Stelschroef 38. Gevarenzone

6. Beschermkap van voorhandgreep 22. Stelknop 39. Viuchtroute

7. Zaagblad 23. Kettingwiel 40. Lengte van zaagblad

8. Zaagketting 24. Opening 41. Afstand tussen punt van mes en

11. Afdekking van kettingwiel 27. Losdraaien 43. Hoëk van zijplaat

12. Beschermkap van 28. Vastdraaien 44. Olietoevoergroef

achterhandgreep 29. Stelschroef voor zaagketiing 45. Olietoevoergat

15. Olievuldop 32. Stekker en stopcontact (de vorm 48. Schroevendraaier

16. Uit-vergrendelknop kan van land tot land verschillen)

17. Kettingvanger 33. Draagriem

TECHNISCHE GEGEVENS Model UC3050A [UC3051A [UC3550A ]uC35504P[UC3551A [UC40SoA [UC4051A [UCA5S0A [UCA5S1A Max. Ketingsnelheïd 14,5 m/s (870 m/min) Lengte van | 300 mm 350 mm 400 mm 450 mm zaagblad Standaardzaagblad [Zaaglengte| 260 mm 320 mm 355 mm 415 mm Type zaagbad Kettingwielzaagblad Type 91PX Standaardzaagketing | St2ek EL Aantal Shakels 46 52 56 62 Aanbevolen zaagbladiengte 300 - 450 mm Totale lengte (zonder zaagblad) 505 mm Nettogewicht 54kg [ 55k | 55k9 | 56k9 [ 55k9 | 5,6 kg 5,7 kg Verlengsnoer (los verkrigbaar) DIN 57282/HO 7RN -F L=30 m max, 3x1,5 mm? Als gevolg van ons doorlopende onderzoeks- en ontwikkelingsprogramma, zijn de technische gegevens van dit gereedschap onderhevig aan veranderingen zonder voorafgaande kennisgeving. De technische gegevens kunnen van land tot land verschillen. Gewicht volgens ÉPTA-procedure 01/2003 Symbool END287 A - Hieronder staan de symbolen die voor het gereedschap worden gebruikt. Zorg ervoor dat u weet wat ze . betekenen alvorens de aceu te gebruiken A Let op: trek de stekker onmiddellijk uit het Stopcontact als het netsnoer beschadigd @E Lees de gebruiksaanwijzing en volg de isl waarschuwingen en velligheidsinstructies op. Let op: terugslag! © © Draag oogbescherming. © © ….… Draag gehoorbescherming. [o] - DUBBEL GEÏSOLEERD Let op: bijzondere voorzichtigheid en aandacht vereist! Bescherm tegen regen en vocht! Draag een veiligheidshelm, veiligheidsbril en oorbescherming! Draag veiligheidshandschoenen! Trek de stekker uit het stopcontact!

| - EHBO = …… Maximaal toelaatbare lengte van _ zaagsnede Draairichting van de ketting Kettingolie Kettingrem losgezet Kettingrem vastgezet Verbodent Alleen voor EU-landen Geef elektrisch gereedschap niet met het huisvuil mee! Volgens de Europese richlin inzake oude elektrische en elektronische apparaten en de toepassing daarvan binnen de nationale wetgeving, dient gebruikt elektrisch gereedschap gescheiden te worden ingezameld en te worden afgevoerd naar een recycle bedrif dat voldoet aan de geldende milieu-eisen. Gebruiksdoeleinden ENEO85-1 Het gereedschap is bedoeld om stammen te zagen. Voeding ENFO02-2 Het gereedschap mag uitsluitend worden aangesloten op een voeding met dezelfde spanning als aangegeven op het typeplaatje en werkt alleen op enkele-fase wisselstroom. Het gereedschap is dubbel geïsoleerd en mag derhalve ook op een niet-geaard stopcontact worden aangesloten. Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap GEA0101 À WAARSCHUWING Lees alle velligheidswaarschuwingen en alle instructies. Het niet volgen van de waarschuwingen en instructies kan leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel. Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen. Veiligheidswaarschuwingen specifiek voor kettingzagen ce037:

1. Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van de

zaagketting terwijl de kettingzaag in bedrijf is. Alvorens de kettingzaag te starten, controleert u dat de zaagketting niet raakt. In slechts een kort moment van onoplettendheid tjdens het gebruik van de kettingzaag kan uw kleding of lichaam in aanraking komen met de zaagketting,

2. Houd de kettingzaag altijd vast met uw

rechterhand aan de achterhandgreep en uw linkerhand aan de voorhandgreep. Houd de kettingzaag nooit vast met uw handen venwisseld, omdat dan de kans op persoonlik letsel groter is. Houd het elektrisch gereedschap alleen vast bij het geïsoleerde oppervlak omdat de kettingzaag met verborgen bedrading of zijn eigen snoer in aanraking kan komen. Wanneer de kettingzaag in aanraking komt met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïsoleerde metalen delen van het gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schok kan krijgen. Draag een veiligheidsbril en gehoorbescherming. Verdere veiligheidsmiddelen voor hoofd, handen, benen en voeten worden aanbevolen. Afdoende beschermende kleding verkleint de kans op persoonlik letsel als gevolg van rondvliegend aval of het per ongeluk aanraken van de zaagketting. Werk niet met de kettingzaag in een boom. Het gebruik van de kettingzaag terwi] u in een boom zit, vergroot de kans op persoonlik letsel. Zorg altijd voor een stevige stand en bedien de kettingzaag alleen terwijl u op een vaste, stabiele en horizontale ondergrond staat. Een gladde of instabiele ondergrond, zoals een ladder, kan leiden tot verlies van evenwicht of controle over de kettingzaag. Bij het afzagen van een tak die onder spanning staat, let u goed op eventuele terugslag. Wanneer de spanning in de houtvezels vrij komt, kan de onder Spanning staande tak de gebruiker een tik geven of ertoe leiden dat hij/zij de controle over de kettingzaag verliest. Wees uiterst voorzichtig bij het zagen van struiken en jonge boompjes. Het dunne material kan zich vasthaken aan de zaagketting en naar u toe geslingerd worden of u uit balans brengen. Draag de kettingzaag aan de voorhandgreep terwijl deze uitgeschakeld is en van uw lichaam af gekeerd is. Bij het transporteren of opbergen van de kettingzaag moet altijd de schede om het zaagblad worden gedaan. Een juiste behandeling van de kettingzaag verkleint de kans op het per ongeluk aanraken van de bewegende zaagketting . Volg de instructies voor het smeren, kettingspannen en verwisselen van accessoires. Een verkeerd gespannen of gesmeerde ketting kan breken of verhoogt de kans op terugslag : Houd de handgrepen droog, schoon en vrij van olie en vetten. Met vet of olie bevuilde handgrepen zijn glad en leiden tot verlies van controle over de kettingzaag. . Zaag uitsluitend hout. Gebruik de kettingzaag niet voor doeleinden waarvoor deze niet bedoeld is. Bijvoorbeeld: gebruik de kettingzaag niet om kunststof, steen of bouwmaterialen anders dan hout te zagen. Het gebruik van de kettingzaag bij andere werkzaamheden dan waarvoor deze bedoeld is, kan leïden tot gevaarlijke situaties. . Oorzaken van terugslag en wat de gebruiker hieraan kan doen: Terugslag kan zich voordoen wanneer de neus of punt van het zaagblad een voonwerp raakt of wanneer het hout zich sluit en de zaagketting in de zaagsnede vastklemt.

Zagen met alleen de punt van het zaagblad kan een plotselinge, omgekeerde reactie veroorzaken waardoor het zaagblad omhoog geworpen wordt in de richting van de gebruiker. Het beknellen van de zaagketting langs de bovenrand van het zaagblad kan het zaagblad snel terugwerpen in de richting van de gebruiker. Deze beide reacties kunnen ertoe leiden dat u de controle over de kettingzaag verliest waardoor ernstig persoonik letsel kan ontstaan. Wees niet afhankelik van alleen de veiligheidsvoorzieningen ingebouwd in uw kettingzaag. Als gebruiker van de kettingzaag moet u meerdere stappen ondernemen om ervoor te Zorgen dat uw zaagwerkzaamheden zonder ongevallen of letsel verlopen. Terugslag is het gevolg van misbruik van het gereedschap en/of onjuiste gebruiksprocedures of - omstandigheden, en kan worden voorkomen door goede voorzorgsmaatregelen te treffen, zoals hieronder vermeld: — Houd de kettingzaag stevig vast, met de duimen en vingers rondom de handgrepen van de kettingzaag, met beide handen en positioneer uw lichaam en armen zodanig dat u een eventuele terugslag kan opvangen. De kracht van een terugslag kan worden opgevangen door de gebruiker mits de juiste voorzorgsmaatregelen getroffen worden. Laat de kettingzaag nooit los (zie afb. 1) — Reik niet te ver en zaag nooit boven schouderhoogte. Dit helpt te voorkomen dat de punt van het zaagblad per ongeluk iets raakt en biedt een betere controle van de kettingzaag in onverwachte situaties. — Gebruik bij het vervangen van het zaagblad of de zaagketting uitsluitend onderdelen die zijn opgegeven door de fabrikant. Vervanging door een verkeerd zaagblad of zaagketting kan ertoe leiden dat de zaagketting breekt en/of terugslaat. — Volg de instructies van de fabrikant over het slijpen en onderhouden van de zaagketting. Het verlagen van de hoogte van de dieptevoeler kan leiden tot toegenomen terugslag AANVULLENDE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

1. Lees de gebruiksaanwijzing om uzelf bekend te

maken met de bediening van de kettingzaag

2. Aorens de kettingzaag voor het eerst te gebruiken

dient u de bediening ervan uitgelegd te krijgen. Als dat niet mogelik is, moet u eerst proefzagen met ronde stammen op een bok voordat u daadwerkelik met de ketingzaag werkt

3. De kettingzaag mag niet worden gebruikt door

kinderen of jeugd jonger dan 18 jaar. Jongeren ouder dan 16 jaar kunnen uitgezonderd worden van deze regel mits zijn les krijgen onder toezicht van een expert.

4. Werken met een kettingzaag vereist een hoge mate

van concentratie. Werk niet met een kettingzaag als u Zich niet volledig fit voelt. Werk altijd rustig en voorzichtig.

5. Werk nooit onder invloed van alcohol, drugs of

1. De kettingzaag is uitsluitend bedoeld voor het zagen

van hout. Gebruik hem niet voor het zagen van bijvoorbeeld kunststof of poreus beton.

2. Gebruik de kettingzaag uitsluitend voor bedieningen

die beschreven staan in deze gebruiksaanwizing. Gebruik hem bijvoorbeeld niet voor het snogien van hagen of soortgelike werkzaamheden.

3. De kettingzaag mag niet worden gebruikt voor

bosbouwwerkzaamheden, bijv. voor het omzagen en taken afzagen van staande bomen. Door het netsnoer van de kettingzaag heeft de gebruiker niet de mobiliteit en veiligheid die noodzakelik zijn voor dergelik werk.

4. De kettingzaag is niet bedoeld voor commercieel

5. Overbelast de kettingzaag niet

Persoonlijke-veiligheidsuitrusting

1. Kieding moet nauwsluitend zijn, maar de

bewegelikheid niet belemmeren

2. Draag de volgende beschermende kleding tjdens het

werk: + Een goedgekeurde veiligheidshelm, als er gevaar bestaat voor vallende takken en dergelike; Een gezichtsmasker of veiligheidsbril: Geschikte gehoorbescherming (oorschelpen, of aangepaste of kneedbare oordoppen). Octaafbandanalyse op verzoek beschikbaar. Stevige, lederen veiligheidshandschoenen: Lange broëk gemaakt van een sterke stof: Veiligheidsoverall van snijbestendige stof, Veiligheidsschoenen met antislipzolen, stalen neus en snibestendige, stoffen voering; Een mondmasker, indien tijdens het werk stof wordt geproduceerd (biv. bij het zagen van droog hout). Beveilig uzelf tegen elektrische schokken De kettingzaag mag niet worden gebruikt tjdens nat weer of in een vochtige omgeving omdat de elektromotor niet waterdicht is.

1. teck de stekker van de kettingzaag alleen in een

Stopcontact van een getest elektrisch circuit. Controleer dat de netspanning overeenkomt met die op het typeplaatje. Zorg ervoor dat het stopcontact op een groep zit met een zekering van 16 À. Als de kettingzaag in de open lucht wordt gebruikt, moet deze zijn aangesloten op een op reststroom werkende stroomonderbreker die in werking treedt bij een reststroom van maximal 30 mA. As het netsnoer of verlengsnoer beschadigd raakt, moet u onmiddellik de stekker uit het stopcontact trekken Veilige werkmethoden

1. Aorens met het werk te beginnen, controleert u dat

de kettingzaag zich in goede werkende staat bevindt, en dat deze voldoet aan de veiligheidsregels. Controleer met name dat: + De kettingrem goed werkt;

+_ De uitlooprem goed werkt: + Het zaagblad en de afdekking van het kettingwiel goed zijn gemonteerd; + De ketting is geslepen en gespannen overeenkomstig de regels: +_ Het netsnoer en de stekker niet beschadigd zijn: Raadpleeg het hoofdstuk *CONTROLES".

2. Zorg er met name altijd voor dat het gebruikte

verlengsnoer de juiste dwarsdoorsnede heeft (zie “TECHNISCHE GEGEVENS"). Bij gebruik van een kabelhaspel moet u het snoer helemaal uitrollen. Bij gebruik van de kettingzaag in de open lucht, controleert u dat het gebruikte snoer geschikt is voor gebruik in de open lucht en als zodanig is gemarkeerd Houd het netsnoer uit de buurt van het zaaggebied en geleid het netsnoer zodanig dat het tjdens het omzagen niet blijft haken achter takken en dergelijke Gebruik de kettingzaag niet in de buurt van brandbaar tof of gas aangezien de motor vonken kan produceren en explosiegevaar oplevert. Werk uitsluitend op een vaste ondergrond en terwijl u stevig stat. Let met name goed op obstakels (bijv. het snoer) in het werkgebied. Let met name goed op op plaatsen waar vocht, ijs, verse houtsnippers of schors de ondergrond glad kunnen maken. Gebruik de ketlingzaag niet terwil u op een ladder of in een boom staat Let met name goed op wanneer u op een schuine ondergrond staat omdat wegrollende stammen en takken een gevaarlijke situatie kunnen opleveren Zaag nooit boven schouderhoogte. Houd de kettingzaag met beide handen vast bij het inschakelen en tijdens gebruik. Houd de achterhandgreep met uw rechterhand vast en de voorhandgreep met uw linkerhand. Houd de handgrepen stevig vast met uw duim. Het zaagblad en de zaagketting mogen met geen enkel voorwerp in aanraking zijn op het moment dat de kettingzaag wordt ingeschakeld (zie afb. 1). Verwider vreemde voorwerpen, zoals zand, stenen, spikers, draad, enz., uit het gebied waarin wordt gezaagd. Vreemde voonwerpen beschadigen het Zaagblad en de zaagketting, en kunnen gevaarlike terugslag veroorzaken.

10. Wees met name voorzichtig wanneer u zaagt in de

buurt van afrasteringen. Raak de afrastering niet met de kettingzaag want hierdoor kan een terugslag ontstaan.

11. Raak de grond niet met de kettingzaag.

12. Zaag alleen enkele stukken hout en geen bundels of

13. Vermid het zagen van dunne takjes en wortels omdat

deze in de kettingzaag verstrengeld kunnen raken. Hierdoor kunt u uw evenwicht verliezen.

14. Gebruik een stabiele ondersteuning (bok) wanneer u

in gezaagd hout zaagt

5. Gebruik de kettingzaag niet voor het los peuteren of

wegvegen van stukjes hout en andere voorwerpen.

6. Houd de kettingzaag zodanig vast dat geen enkel

lichaamsdeel van u in het verlengde van de lin van de Zaagketting ligt (zie de afbeelding) (zie afb. 2).

7. Bij het verplaatsen tussen twee zaagsneden, gebruikt

u de kettingrem om te voorkomen dat de ketting per

ongeluk in werking wordt gesteld. Houd de kettingzaag bij het dragen vast aan de voorhandgreep en houdt uw vinger daarbij niet om de aan- uitschakelaar.

18. Trek de stekker uit het stopcontact wanneer u een

pauze neemt of de kettingzaag alleen achterlaat. Leg de kettingzaag neer op een plaats waar deze geen gevaar oplevert Terugslag

1. Tijdens het gebruik van de kettingzaag kan een

gevaariike terugslag optreden. Een terugslag treedt op wanneer de punt van het zaagblad (met name het laatste kwart) in aanraking komt met hout of een ander massief voorwerp. Hierdoor zal de kettingzaag in de richting van de gebruiker worden gedwongen (zie afb. 3)

2. Let op de volgende punten om terugslag te

voorkomen: Begin een zaagsnede nooit met de punt van het zaagblad Gebruik de punt van het zaagblad niet om te zagen. Let met name goed op wanneer u verder gaat Zagen in een reeds gemaakte zaagsnede. Begin te zagen met draaiende ketting. Slip de ketting altijd op de juiste wijze. Stel vooral de dieptevoeler in op de juiste hoogte. Zaag nooït door meerdere takken tegelik. Let er bi het afzagen van taken op dat het Zaagblad niet in aanraking komt met andere takken. Houd bi het afzagen afstand tot andere stammen in de buurt. Kik altijd naar de punt van het zaagblad Gebruik een bok. Veiligheidsvoorzieningen Controleer altjd dat de veiligheidsvoorzieningen in werkende staat verkeren alvorens met het werk te beginnen. Gebruik de kettingzaag niet als de veiligheidsvoorzieningen niet goed werken. — Kettingrem: De kettingzaag is uitgerust met een kettingrem die de zaagketting binnen een fractie van een seconde tot stilstand brengt. De kettingrem wordt in werking gesteld wanneer de beschermkap van de voorhandgreep naar voren wordt geduwd. De zaagketting staat dan binnen 0,15 seconde stil en de voeding naar de motor wordt onderbroken (zie afb. 4). — Uitlooprem: De kettingzaag is uitgerust met een uitlooprem die de zaagketting onmiddelljk tot stilstand brengt wanneer de aan-uitschakelaar wordt losgelaten. Hierdoor wordt voorkomen dat de zaagketting lift draaien terwijl de Kettingzaag is uitgeschakeld, zodat gevaarljke situaties worden voorkomen. — De beschermkappen van de voor- en achterhandgrepen beschermen de gebruiker tegen verwondingen door houtsnippers die naar achteren kunnen worden geworpen, of door een gebroken zaagketting. — De uit-vergrendeling voorkomt dat de kettingzaag per ongeluk wordt ingeschakeld.

— De kettingvanger beschermt de gebruiker tegen verwonding in het geval dat de ketting springt of breekt. Vervoer en opslag Wanneer de kettingzaag niet in gebruik is of wordt vervoerd, trekt u de stekker uit het stopcontact en plaatst u de schede om het zaagblad. Draag of vervoer de kettingzaag nooit met draaiende zaagketting.

1. Draag de kettingzaag aan alleen de voorhandgreep

met het zaagblad naar achteren gericht.

2. Bewaar de kettingzaag op een veilige, droge en

afgesloten plaats, buiten het bereik van kinderen. Bewaar de kettingzaag niet buitenshuis. Onderhoud

1. Trek de stekker uit het stopcontact alvorens enige

instel- of onderhoudswerkzaamheden uit te voeren.

2. Controleer het netsnoer regelmatig op beschadiging

4. Laat eventuele beschadiging van de kunststof

behuizing onmiddelik en vakkundig repareren.

5. Gebruik de kettingzaag niet als de aan-uitschakelaar

niet goed werkt. Laat deze eerst vakkundig repareren.

6. Onder geen beding mag de kettingzaag op enigerlei

wijze worden veranderd. Uw veiligheid staat op het spel.

7. Voer geen onderhouds- of reparatiewerkzaamheden

uit anders dan beschreven in deze gebruiksaanwijzing. Alle andere werkzaamheden moëten worden uitgevoerd door een erkend servicecentrum.

8. Gebruik uitsluitend originele vervangingsonderdelen

en accessoires die ontworpen zijn voor uw model Kettingzaag. As u andere onderdelen gebruikt, wordt de kans op een ongeval vergroot.

9. Wij accepteren geen enkele aansprakelikheïd voor

ongevallen of schade in geval een niet-goedgekeurd zaagblad, zaagketting of ander vervangingsonderdeel of accessoire wordt gebruikt. EHBO Werk niet alleen. Werk altijd binnen hoorafstand van iemand anders.

1. Houd alijd een EHBO-doos bij de hand. Vervang de

verbruikte items uit de EHBO-doos onmiddellik

2. Mocht u hulp nodig hebben na een ongeval, vermeldt

het volgende: Waar vond het ongeval plaats? Wat is er gebeurd? Hoeveel gewonden zijn er? Welke venwondingen hebben zi? Wie meldt het ongeval? OPMERKING: Personen met een slechte bloedsomloop die worden blootgesteld aan sterke trilingen, kunnen verwondingen aan bloedvaten of het zenuwstelsel oplopen Trilingen kunnen de volgende symptomen veroorzaken in de vingers, handen of polsen: “slapen” (ongevoeligheid), tintelingen, pin, stekend gevoel, veranderen van huidskleur of van de huid Als een van deze symptomen zich voordoet, raadpleegt u uw huisarts! BEWAAR DEZE INSTRUCTIES. AN WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betreffende product altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet volgen van de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.

NAMEN VAN ONDERDELEN

(Model met moer: de afdekking van het kettingwiel wordt vastgezet met moeren.) Voor Model UC3050A, UC3550A, UC3550AP, UC4050A en UC4550A (zie afb. 5) {Model met hendel: de afdekking van het kettingwiel wordt vastgezet met een hendel.) Voor Model UC3051A, UC3551A, UC4051A en UC4551A (zie afb. 6) {Voor alle modellen) (zie afb. 7)

ONDERDELEN AANBRENGEN EN

VERWIJDEREN À LET op: + Controleer altjd of het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact is getrokken alvorens enige werkzaamheden aan het gereedschap ui te voeren De afdekking van het ketting aanbrengen en verwijderen Om de afdekking van het kettingwiel te verwijderen voert u de volgende stappen ui {Voor modellen met een moer) (zie afb. 8) Draai de moer los {Voor modellen met een hendel) (zie afb. 9) Duw de hendel omhoog tot hi volledig is geopend en stopt Draai de hendel linksom. Om de afdekking van het kettingwiel aan te brengen, voert u de bovenstaande stappen in omgekeerde volgorde uit De zaagketting aanbrengen en verwijderen À LET oP: + Draag allié handschoenen tjdens het aanbrengen en vertijderen van de zaagketting Om de zaagketting Le verwideren voert u de volgende stappen uit:

1. Maak de afdekking van het Kettingwiel los

2. (Voor modellen met een moer) Draai de stelschroef

voor de zaagketting linksom om de spanning van de Zaagketting af te halen. {Voor modellen met een hendel) Draai de stelknop in de richting “-" om de spanning van de zaagketting af te halen (zie afb. 10 en 11). Verwider de afdekking van het kettingwiel. Haal de zaagketting en het zaagblad van de ketingzaag af.

Om de zaagketting aan te brengen voert u de volgende Stappen uit:

5. Controleer de richting van de zaagketting. De

pilmarkering op de zaagketting toont de richting van de ketting (zie afb. 12).

6. Leg een uiteinde van de zaagketting rond de voorkant

van het zaagblad en het andere uiteinde rondom het Kettingwiel Plaats het zaagblad op de kettingzaag. Lijn de spanschuif uit met de opening in het zaagblad (ie afb. 13).

9. Houd het zaagblad vast en draai de stelschroef/-knop

voor de zaagketting om de spanning van de zaagketting in te stellen . Plaats de afdekking van het kettingwiel zodanig dat de haken langs de openingen liggen en de pen in de bus van de afdekking van het kettingwiel valt (zie afb. 14) Zet de afdekking van het kettingwiel vast (zie afb. 15 en 16).

De kettingspanning instellen De zaagketting kan na vele gebruiksuren los gaan zitten. Controleer regelmatig de kettingspanning véér gebruik.

1. Maak de afdekking van het kettingwiel iets los.

2. Til de punt van het zaagblad iets op.

3. Draai de stelschroef/-knop voor de zaagketting om de

spanning van de zaagketting in te stellen (zie afb. 17 en 18).

4. Span de zaagketting totdat de onderkant van de

Zaagketting in de groef in het zaagblad valt (zie cirkel).

5. Blif het zaagblad licht vasthouden, stel de

ketlingspanning in en zet u de afdekking van het ketingwiel vast. Controleer of de zaagketting niet los hangt aan de onderkant Controleer of de zaagketting goed langs de onderkant van het zaagblad loopt. À\ LET op: Span de zaagketting niet te strak. Door een buitensporig hoge kettingspanning kan de zaagketting breken, het zaagblad slijten en de stelknop afbreken. Een te slappe zaagketting kan van het zaagblad af lopen en verhoogt daarmee de kans op een ongeval. Voer de werkzaamheden van het aanbrengen en verwijderen van de zaagketting uit op een schone plaats zonder zaagsel en dergelik vuil. Een verlengsnoer aansl À\ LET op: + _Zorg ervoor dat de stekker van het verlengsnoer niet in het stopcontact is gestoken (zie afb. 19). Om het verlengsnoer aan te sluiten, maakt u het met behulp van de snoerhaak vast aan het netsnoer van de kettingzaag.

Maak de snoerhaak vast aan het verlengsnoer op ongeveer 100 - 200 mm vanaf de contrastekker. Hierdoor wordt per ongeluk loskoppelen voorkomen: BEDIENING À LET op: + Houd het gereedschap stevig vast met uw rechterhand aan de achterhandgreep en met uw linkerhand aan de voorhandgreep tidens het gebruik van het gereedschap. In- en uitschakelen (zie afb. 20) A LET OP: Controleer altid of het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact is getrokken alvorens de werking van de aan-uitschakelaar te controleren. Controleer altijd, voordat u de stekker in het stopcontact steekt, of de aan-uitschakelaar op de juiste manier schakelt en weer terugkeert naar de uit-stand nadat deze is losgelaten. Om te voorkomen dat de aan-uitschakelaar per ongeluk wordt bediend, is een uit-vergrendelknop aangebracht. Om het gereedschap te starten, drukt u de uit- vergrendelknop in en knijpt u de aan-uitschakelaar in. Laat de aan-uitschakelaar los om het gereedschap te stoppen. Smeren À\ LET op: + _Zorg er altijd voor dat het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact is getrokken, voordat u de zaagketting smeert. Smeer de zaagketting en het zaagblad met een biologisch afbreekbare zaagkettingolie met een hechttoevoeging. De hechttoevoeging in de zaagkettingolie voorkomt dat de olie te snel van de zaagketting afvliegt. Minerale olie mag niet worden gebruikt vanwege het schadelijke effect op het milieu (zie afb. 21). À LET OP: + Vermid dat de ol in aanraking komen met uw huid en ogen. Olie in het oog veroorzaakt irritatie. In het geval de olie in het oog komt, moet u het betreffende 00g onmiddellik spoelen met schoon water en direct een huisarts raadplegen. Gebruik nooit afvalolie. Afvalolie bevat kankerverwekkende bestanddelen. De verontreinigingen in afvalolie veroorzaken een versnelde slitage van de oliepomp, het zaagblad en de zaagketting. Afalolie is schadelijk voor het milieu. Wanneer u de kettingzaag voor het eerst vult met zaagkettingolie, of de olietank bijvult nadat deze geheel leeg is geraakt, vult u olie bij tot aan de onderrand van de vulnek. Anders kan de olietoevoer gehinderd worden. Om olie bij te vullen voert u de volgende stappen uit (zie afb. 22}:

1. Reinig het gebied rondom de olievuldop zorgvuldig om

te voorkomen dat vuil in de olietank kan komen.

2. Draai de olievuldop eraf en vul olie bij tot aan de

onderrand van de vulnek.

3. Draai de olievuldop stevig terug op zijn plaats.

4. Veeg eventueel gemorste olie zorgvuldig weg.

OPMERKING: Als de ketingzaag voor het eerst wordt gebruikt, kan het maximaal twee minuten duren voordat de zaagkettingolie het zaagmechanisme begint te smeren. Laat gedurende deze tijd de kettingzaag onbelast draaien (zie “CONTROLES"). CONTROLES Alvorens met de werkzaamheden te beginnen, voert u de volgende controles uit: De kettingspani À\ WAARSCHUWING: + Trek altijd de stekker uit het stopcontact voordat u de kettingspanning controleert en draag daarbij een veiligheidsbril. (Voor modellen met een moer) (zie afb. 17) (Voor modellen met een hendel) (zie afb. 18) Controleer of de zaagketting goed langs de onderkant van het zaagblad loopt (zie cirkel). Controleer de kettingspanning veelvuldig omdat een nieuwe ketting door gebruik langer wordt. Door een buitensporig hoge kettingspanning kan de zaagketting breken, het zaagblad slijten en de stelknop afbreken. Een te slappe zaagketting kan van het zaagblad af lopen en verhoogt daarmee de kans op een ongeval. Als de zaagketting te slap staat: Raadpleeg het tekstdeel getiteld “De kettingspanning instellen” en stelt u de kettingspanning opnieuw in. g controleren De werking van de aan-uitschakelaar controleren À\ LET op: Controleer altjd, voordat u de stekker in het stopcontact steekl, of de aan-uitschakelaar op de juiste manier schakelt en weer terugkeert naar de uit-stand nadat deze is losgelaten. Om te voorkomen dat de aan-uilschakelaar per ongeluk wordt bediend, is een uit-vergrendelknop aangebracht Om het gersedschap te starien, drukt u de uit- vergrendelknop in en Knijpt u de aan-uitschakelaar in. Laat de aan-uitschakelaar los om het gereedschap te stoppen. Knijp de aan-uitschakelaar niet hard in zonder de uit- vergrendelknop in Le drukken. Hierdoor kan de aan- uitschakelaar kapot gaan. De kettingrem controleren OPMERKING: + _Als de kettingzaag niet kan worden gestart, controleert u of de kettingrem is losgezet. Om de kettingrem los te Zetten, trekt u de beschermkap van de voorhandgreep stevig naar achteren tot u voelt dat deze aangrijpt (zie afb. 23 en 24) Controleer de kettingrem als volgt:

1. Houd de kettingzaag met beide handen vast bi het

inschakelen. Houd de achterhandgreep met uw rechterhand vast en de voorhandgreep met uw linkerhand. Zorg ervoor dat het zaagblad en de Zaagketting geen enkel voorwerp raken

2. Druk eerst de uit-vergrendelknop in en knijp daarna de

aan-uitschakelaar in. De zaagketting begint onmiddelljk te draaien.

3. Duw de beschermkap van de voorhandgreep naar

voren met de rug van uw hand. Controleer of de zaagketting onmiddellijk tot stilstand komt. À\ LET op: + As de zaagketting niet onmiddellik tot stilstand komt, mag u de kettingzaag onder geen enkele voonwaarde gebruiken. Neem contact op met een erkend Makita- servicecentrum De uitlooprem controleren Schakel de kettingzaag in Laat de aan-uitschakelaar helemaal los. Controleer of de zaagketting binnen één seconde tot stilstand komt. À LET op: + Als de zaagketting niet onmiddellik tot stilstand komt, mag u de kettingzaag onder geen enkele voonwaarde gebruiken. Neem contact op met een erkend Makita- Servicecentrum De kettingsmeerinrichting controleren Alvorens met het werk te beginnen, controleert u het oliepeil in de olietank en de olietoevoer. Het oliepeil kan worden gecontroleerd door het peilglas aangegeven in de afbeelding (zie afb. 25). Controleer de olietoevoer op de volgende manier: Start de kettingzaag. Terwi] de zaagketting draait, houdt u de zaagketting ongeveer 15 cm boven een boomstam of de grond. Als de smering voldoende is, zullen de oliespetters een dunne oliestreep vormen. Let op de windrichting en stel uzelf niet onnodig bloot aan de oliespetters. À LET op: As geen oliestreep wordt gevormd, mag u de kettingzaag niet gebruiken. De levensduur van de Zaagketting zal dan worden verkort. Controleer het cliepeil. Maak de olietoevoergroef en het clietoevoergat in het zaagblad schoon (raadpleeg “ONDERHOUD"). De kettingsmering afstellen (zie afb. 26) U kunt de toevoersnelheïd van de oliepomp afstellen met behulp van de stelschroer.

WERKEN MET DE KETTINGZAAG

À LET op: + Gebruik altijd de voorhandgreep en achterhandgreep, en houd het gersedschap tijdens gebruik stevig vast aan zowel de voorhandgreep als de achterhandgreep. Zet het hout dat u gaat zagen altjd vast omdat anders de houtsnippers kunnen leiden tot persoonlik letsel. Afzagen (zie afb. 27) Plaats bi het afzagen de getande kam op het hout waarin u wilt zagen, zoals aangegeven in de afbeelding, Zaag met draaiende zaagketting in het hout en til de achterhandgreep op terwijl u met de voorhandgreep het

zagen geleidt. Gebruik op deze manier de getande kam als scharnierpunt Vervolg de zaagsnede door licht op de voorhandgreep te drukken en de kettingzaag iets terug te trekken. Plaats de getande kam lager tegen het hout en til de voorhandgreep weer op. Als u meerdere zaagsneden maakt, schakelt u de kettingzaag uit tussen de zaagsneden. À\ LET op: Als de zaagketting langs de bovenrand van het zaagblad wordt gebruikt om te zagen, kan de kettingzaag in uw richting worden bewogen als de ketting klem komt te zitten. Om deze reden moet u met de onderrand van het zaagblad zagen zodat de Kettingzaag van uw lichaam af wordt bewogen (zie afb. 28). Als hout onder spanning staat, zaagt u eerst de kant met de duwkracht (A). Maak de eindsnede aan de kant met de trekkracht (B). Hiermee voorkomt u dat het zaagblad bekneld raakt (zie afb. 29). Takken afzagen À\ LET op: + _Takken afzagen mag uitsluitend worden uitgevoerd door opgeleide personen. Door het isico van lerugslag kan een gevaarlike situatie ontstaan. Ondersteun bij het afzagen van takken zo mogelik de Kettingzaag op de boomstam. Zaag niet met de punt van het zaagblad omdat hierdoor de kans op terugslag ontstaat. Let met name goed op bij takken die onder spanning staan. Zaag geen takken vanaf de onderkant als deze niet worden ondersteund. Ga bij het afzagen van takken niet bovenop de omgezaagde boomstam staan Inzagen en in de richting van de houtnerf +_Inzagen en in de richting van de houtnerf zagen mag uitsluitend worden uitgevoerd door personen met speciale training. Het risico van terugslag vormt een kans op letsel. As ü in de richting van de houtnerf zaagt, moet de hoek 20 klein mogelik zin. Voer het zagen 20 voorzichtig mogelik uit, want de getande kam kan niet worden gebruikt (zie afb. 30). Omzagen À LET oi + Omzagen mag uitsluitend worden uitgevoerd door opgeleide personen. Het werk is gevaarlik. Houd u aan de plaatselike regelgeving als u een boom wilt omzagen (zie afb. 31). — Voordat u met het omzagen begint, controleert u de volgende punten: (1) Uitsluitend de personen die betrokken zijn bij het omzagen mogen zich in de buurt bevinden:

2) ledere betrokken persoon moet een ongehinderde

vluchtroute hebben door een gebied van ongeveer

45° aan weerskanten van de valin. Let op het risico van struikelen over elektrische snoeren: (8) De voet van de stam met vrij zijn van vreemde voorwerpen, wortels en takken: (4) Binnen een afstand van 2 1/2 keer de lengte van de boom mogen zich geen personen of voorwerpen bevinden in de richting waarin de boom zal vallen. — Let met betrekking tot ieder boom op de volgende punten: + _ De richting waarin de boom overhelt: + Losse of droge takken: + Hoogte van de boom: + Natuurljke overhang: + Of de boom verrot is of niet. — Let op de windsnelheid en -richting. Zaag geen bomen om als er sterke rukwinden zijn. — Afkorten van worteluitwassen: Begin met de grootste uitwassen. Maak eerst de verticale zaagsnede. — Zaag een inkeping: De inkeping bepaalt de richting waarin de boom valt en geleidt de val. De inkeping wordt gemaakt aan de kant waarheen de boom moet vallen. Maak de inkeping zo dicht mogelik bij de grond. Maak eerst de horizontale zaagsnede tot een diepte van 1/5 tot 1/3 van de stamdiameter. Maak de inkeping niet te groot. Maak vervolgens de diagonale zaagsnede (zie afb. 32) — Maak eventuele correcties aan de inkeping over de gehele breedte ervan. — Maak de zaagsnede aan de achterkant iets hoger dan de horizontale zaagsnede van de inkeping. De zaagsnede aan de achterkant moet precies horizontaal zijn. Laat ongeveer 1/10 van de stamdiameter over tussen de zaagsnede aan de achterkant en de inkeping De houtvezels in het niet-doorgezaagde deel van de Stam werken als een scharnier. Zaag niet de volledige diameter van de stam door omdat dan de boom ongecontroleerd zal vallen. Plaats bijijds wiggen in de zaagsnede aan de achterkant (zie afb. 33) — Allen kunststof- of aluminiumwiggen mogen worden gebruikt om de zaagsnede aan de achterkant open te houden. IJzeren wiggen mogen niet worden gebruikt. — Ga aan de zijkant van de vallende boom staan. Houd aan de achterkant van de vallende boom een gebied vri met een hoek van 45° aan weerskanten van de vallin (zie de afbeelding bij ‘Werkgebied bij omzagen’"). Let goed op vallende takken. — Alvorens met het omzagen te beginnen, moet een vluchtroute worden voorbereid en vrijgemaakt. De vluchtroute dient schuin naar achteren van de verwachite vallin te lopen, zoals aangegeven in de afbeelding (zie afb. 34). ONDERHOUD À LET OP: + _Zorg er altijd voor dat het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact is gelrokken, voordat u een inspectie of onderhoud uitvoert. Draag altijd handschoenen tijdens het uitvoeren van inspectie- of onderhoudswerkzaamheden.

+ Gebruik nooit benzine, wasbenzine, thinner, alcohol, enz. Dit kan leiden tot verkleuren, vervormen of barsten. Voer de hieronder beschreven onderhoudswerkzaamheden regelmatig uit. Garantieclaims worden uitsluitend geaccepteerd mits deze werkzaamheden regelmatig en goed zin uitgevoerd. Alleen de onderhoudswerkzaamheden die in deze gebruiksaanwijzing worden beschreven, mogen door de gebruiker worden uitgevoerd. Alle andere werkzaamheden moeten worden uitgevoerd door een erkend MAKITA-servicecentrum De kettingzaag schoonmaken Maak de kettingzaag regelmatig schoon met een poetsdoek. Met name de handgrepen moeten vrij van olie worden gehouden. De kunststofbehuizing controleren Voer regelmatig een visuele controle uit op alle onderdelen van de behuizing. In het geval een onderdeel beschadigd is, laat ü dit onmiddellik op de juiste wijze repareren door een erkend MAKITA-servicecentrum. +_ Trek altijd de stekker uit het stopcontact en drag veiligheidshandschoenen bij het uitvoeren van werkzaamheden aan de zaagketting Slijp de zaagketting als (zie afb. 35): — Poederachtig zaagsel wordt geproduceerd tidens het Zagen van vochtig hout; — De zaagketting moeizaam in het hout binnendringt, zelfs wanneer hoge druk wordt uitgeoefend: — De messen duidelik beschadigd zijn: — De kettingzaag naar links of rechts trekt in het hout. De reden hiervan is een ongelikmatige scherpte van de Zaagketting, of een beschadiging aan slechts een kant. Slijp de zaagketting veelvuldig, maar slip iedere keer slechts een weinig materiaal weg. Twee of drie bewegingen met een vi] zijn doorgaans voldoende voor regelmatig bijslijpen. Als de zaagketting meerdere malen is bijgeslepen, laat u deze een keer lijpen door een erkend MAKITA-servicecentrum. Regels met betrekking tot het slijpen: — Alle messen moeten dezelfde lengte hebben. Als de messen een verschillende lengte hebben, draait de zaagketting niet soepel en kan de zaagkettng breken. — Slip de zaagketting niet meer als de messen de minimale lengte van 3 mm bereikt hebben. In dat geval moet een nieuwe zaagketting worden gemonteerd. — De dikte van de houtsnippers wordt bepaald door het hoogteverschil tussen de dieptevoeler (ronde neus) en de punt van de messen. — De beste zaagprestaties worden bereikt met de volgende afstand tussen de dieptevoeler en de punt van de messen. Kettingmes 91PX: 0,65 mm (zie afb. 36) À WAARSCHUWING: + Een te groot hoogteverschil verhoogt de kans op terugslag. — De slijphoek van 30° moet hetzelfde zijn voor alle messen. Als de slijphoek verschillend is, draait de zaagketting niet soepel en ongelikmatig, slijt de zaagketting sneller, en kan de zaagketting breken. De zijplaathoek van de messen wordt bepaald door de diepte waarmee de ronde vij! doordringt. Als de opgegeven vijl goed wordt gebruikt, wordt de juiste Ziplaathoek automatisch verkregen. — De juiste hoek voor de zijplaat van elke zaagketting is als volgt: Kettingmes 91PX: 80° (zie afb. 37) Vijl en vijlbeweging — Gebruik een speciale ronde vi] (los verkriigbaar) voor het slijpen van een zaagketting. Normale ronde vijlen zij niet geschikt. — De diameter van de ronde vi] voor elke zaagketting is als volgt: Kettingmes 91PX: 4,0 mm De vijl mag alleen tjdens de voonwaartse beweging met het mes in aanraking komen. Til de vi] van het mes af tjdens de achterwaarise beweging — Slip eerst het kortste mes. Daarna is de lengte van het kortste mes de standaard voor alle overige messen van de zaagketting — Beweeg de vi] zoals aangegeven in de afbeelding (zie afb. 38). De vijl kan gemakkeliker worden bewogen als een vilhouder (los verkrijgbaar) wordt gebruikt. Op de vilhouder staan merktekens voor de juiste slijphoek van 30° (lin de merktekens parallel uit met de zaagketting) en beperkt de diepte waartoe de vill doordringt (tot 4/5 van de vildiameter) (zie afb. 39). — Nadat de zaagketing is geslepen, controleert u de hoogte van de dieptevoeler met behulp van het kettingmeetgereedschap (los verkrijgbaar) (zie afb. 40). — Venwijder eventueel uitstekend material, ongeacht hoe klein, met een speciale platte vi] (los verkrigbaar). — Maak de voorkant van de dieptevoeler weer rond. Het zaagblad schoonmaken en het retourkettingwiel smeren À\ LET op: + Draag ijdens deze werkzaamheden altjd een velligheïdsbrl. Bramen Vormen een Kans op letsel. Controleer de loopviakken van het kettingwiel regelmatig op beschadigingen. Maak het zaagblad schoon met behulp van een geschikt gereedschap en venwijder zo nodig bramen (zie afb. 41) Als de kettingzaag veel wordt gebruikt, smeert u het retourketingwiel minstens senmaal per week. Voordat u nieuw vet aanbrengt, maakt u eerst het gat van 2 mm in de punt van het zaagblad schoon, en perst u vervolgens een keine hoeveelheid universeelvet (los verkrjgbaar) in het gat. De olietoevoer schoonmaken (zie afb. 42) — Maak de olietoevoergroef en het olietoevoergat in het zaagblad schoon.

Nieuwe zaagketting Gebruik beurtelings twee of drie zaagkettingen, zodat de zaagketting, het kettingwiel en de loopvlakken van het zaagblad gelikmatig sliten. Draai het kettingwiel om bij het verwisselen van de zaagketting zodat de gleuf in het zaagblad gelijkmatig slt. À\ LET op: + Gebruik uitsluitend zaagkettingen en zaagbladen die zijn goedgekeurd voor gebruik met dit model Keltingzaag (zie “TECHNISCHE GEGEVENS"). Controleer de conditie van het kettingwiel voordat u een nieuwe zaagketting monteert (zie afb. 43). À\ LET op: + Een versleten kettingwiel beschadigt een nieuw zaagketting. Vervang in dat geval eerst het kettingwiel. Monteer bij het vervangen van het kettingwiel altid een nieuwe borgring, De kettingrem en uitlooprem onderhouden De remmen zijn uiterst belangrijke veiligheidsvoorzieningen. Net als ieder ander onderdeel van de kettingzaag zijn de remmen onderhevig aan een bepaalde mate van slitage. Ze moeten regelmatig worden geïnspecteerd door een erkend MAKITA-servicecentrum. Deze maatregel is voor uw eigen veiligheid. De koolborstels vervangen Verwijder en controleer de koolborstels regelmatig Vervang deze wanneer ze tot aan de slitgrensmarkering zijn afgesleten. Houd de koolborstels schoon en zorg ervoor dat ze vrij kunnen bewegen in de houders. Beide koolborstels dienen tegelikertid te worden vervangen Gebruik alleen identieke koolborstels (zie afb. 44). Gebruik een schroevendraaier om de koolborsteldoppen te verwideren. Haal de versleten koolborstels eruit, plats de nieuwe erin, en zet de koolborsteldoppen goed vast. Nadat de koolborstels vervangen zijn, steekt u de stekker van het netsnoer in het stopcontact en laat u de Koolborstels inlopen door het gereedschap gedurende 10 minuten onbelast te laten draaien (zie afb. 45). Het gereedschap bewaren Biologisch afbreekbare zaagkettingolie kan slechts een beperkte tijdsduur bewaard worden. Twee jaar na de productiedatum begint biologisch afbreekbare olie hechteigenschappen te ontwikkelen, waardoor schade aan de oliepomp en de onderdelen van het smeersysteem kan worden veroorzaakt. — Alvorens de kettingzaag gedurende langere td buiten gebruik te stellen, leegt u de olietank en giet u er een Kleine hoeveelheid motorolie (SAE 30) in. — Laat de ketingzaag een korte tijd draaïen om alle resten van de biologisch afbreekbare olie uit de olietank, het smeersysteem en het zaagmechanisme te spoelen. OPMERKING: + Nadat de kettingzaag buiten gebruik is gesteld, zal gedurende enige td een kleine hoeveelheid kettingolie eruit lekken. Dit is normaal en duidt niet op een defect Bewaar de kettingzaag op een geschikte ondergrond

Voordat u de kettingzaag weer in gebruik neemt, vult u de olietank met nieuwe BIOTOP-zaagkettingolie. Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, onderhoud en afstellingen te worden uitgevoerd door een erkend Makita-servicecentrum, en altijd met gebruikmaking van originele Makita- vervangingsonderdelen. PROBLEMEN OPLOSSEN Alvorens om reparatie te verzoeken, voert u eerst zelf een inspectie uit. Als u een probleem ondervindt dat niet in deze handleiding wordt beschreven, mag u niet proberen het gereedschap uit elkaar te halen. Vraag in plaats daarvan een erkend Makita-servicecentrum.

Toestand tijdens defect Mogelike oorzaak Oplossing De kettingzaag start niet. Geen voeding. Sluit aan op de voeding Controleer de voeding Netsnoer defect. Stop onmiddellik met het gebruik van het gereedschap en vraag uw plaatselike, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren: Storing van gereedschap. Stop onmiddelljk met het gebruik van het gereedschap en vraag uw plaatselike, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren: Zaagketting draait niet. Keltingrem is vastgezet. Zet de kettingrem los. Onvoldoende prestaties. Koolborstels versleten. Vraag uw plaatselike, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren! Geen olie op de zaagketting Olietank is leeg, Vul de olietank. Olietoevoergroef is verstopt. Reinig de groef. De stelschroef van de oliepomp is verkeerd afgesteld Stel de toevoersnelheid van de oliepomp af. De zaagketiing stopt niet, o0k niet wanneer de kettingrem in werking treedt. Remband is versleten. Stop onmiddellik met het gebruik van het gereedschap en vraag uw plaatselike, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren: Het gereedschap trilt abnormaal sterk. Zaagblad of zaagketting zit los. Stel het zaagblad en de kettingspanning in. Storing van gereedschap. Stop onmiddellik met het gebruik van het gereedschap en vraag uw plaatselike, erkende servicecentrum het gereedschap te repareren! ovasia VERKRIJGBARE ACCESSOIRES AÂ\LET OP: Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita-gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing wordt beschreven. Het gebruik van andere accessoires of hulpstukken kan gevaar voor persoonik letsel opleveren. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend voor de aangegeven gebruiksdoeleinden. Mocht u meer informatie willen hebben over deze accessoires, dan kunt u contact opnemen met uw plaatselijke Makita-servicecentrum. Zaagketting Schede Zaagblad Zaagkettingolie OPMERKING: Geluid Sommige items op de list kunnen zijn inbegrepen in de doos van het gereedschap als standaard toebehoren Zij kunnen van land tot land verschillen. ENG905-1 De typische, A-gewogen geluidsniveaus zin gemeten volgens EN60745: Geluidsdrukniveau (L,n): 90,8 dB (A) Geluidsvermogenniveau (Lyg): 101,8 dB (A) Onzekerheïd (K): 2,5 dB (A) Draag gehoorbescherming. Trillingen ENG900-1 De totale trllingswaarde (triaxiale vectorsom) zoals vastgesteld volgens EN60745: Gebruikstoepassing: zagen in hout Trillingsemissie (a): 5,2 m/s? Onzekerheid (K): 1,5 m/s? ENG901-1 + De opgegeven trilingsemissiewaarde is gemeten volgens de standaardtestmethode en kan worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen. De opgegeven trilingsemissiewaarde kan ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling. À\ WAARSCHUWIN + Detrllingsemissie tjdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven trilingsemissiewaarde afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt. +_Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de operator die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktikomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en Stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur).

Alleen voor Europese landen ENHO21-8 EU-verklaring van conformiteit Makita verklaart dat de volgende machine(s): Aanduiding van de machine: Kettingzaag Modelnr/Type: UC3050A, UC3550A, UC4050A, UC4550A, UC3051A, UC3551A, UC3550AP,

Technische gegevens: zie de tabel ‘TECHNISCHE GEGEVENS”. Voldoen aan de volgende Europese richtlijnen: 2000/4/EG, 2006/42/EG Deze zijn gefabriceerd in overeenstemming met de volgende normen of genormaliseerde documenten: EN60745 Het technische bestand volgens 2006/42/EG is verkrijgbaar bij: Mekita, Jan-Baptist Vinkstraat 2, 3070, België De conformiteitsbeoordelingsprocedure vereist door Richtlin 2000/14/EG was in Overeenstemming met annex V. Gemeten geluidsvermogenniveau: 101,9 dB (A) Gegarandeerd geluidsvermogenniveau: 103 dB (A)