DN-C615 - Professionele cd-speler MARANTZ - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DN-C615 MARANTZ in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Professionele cd-speler in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DN-C615 - MARANTZ en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DN-C615 van het merk MARANTZ.
GEBRUIKSAANWIJZING DN-C615 MARANTZ
GEBRUIKSAANWIJZING BRUKSANVISNING
- Hanteer het netsnoer voorzichtig. Houd het snoer bij de stekker vast wanneer deze moet worden aan- of losgekoppeld.
- Laat geen vochtigheid, water of stof in het apparaat binnendringen.
- Neem altijd het netsnoer uit het stopkontakt wanneer het apparaat gedurende een lange periode niet wordt gebruikt.
- Laat geen vreemde voorwerpen in dit apparaat vallen.
- Laat geen insektenverdelgende middelen, benzine of verfverdunner met dit apparaat in kontakt komen.
- Vermijd hoge temperaturen. Zorg voor een degelijk hitteafvoer indien het apparaat op een rek wordt geplaatst.
- De ventilatieopeningen mogen niet worden beblokkeerd.
- Nooit dit apparaat demonteren of op andere wijze modifiëren.
- Gebruik compact discs voorzien van het logo
CD’s met speciale vormen (bijv. CD’s in de vorm van een hart, achthoekige CD’s, enz.) kunnen met dit toestel niet worden afgespeeld. Wanneer u dit toch probeert, zal u het toestel beschadigen. Speel dergelijke CD’s dus niet af.
- Para quitar estos residuos de material, especialmente cuando vaya a re-producir discos nuevos, utilice un bolígrafo, o algo similar.
- Het is mogelijk dat de disc niet normaal wordt weergegeven als de randen van het middengat van de schijf oneffenheden vertonen.
- Verwijder vooral bij gebruik van nieuwe discs de oneffenheden met een pen of iets dergelijks.
- Det kan uppstå fel vid CD-avspelningen om det finns plastrester kvar i mitthålet.
- Dit toestel kan tekstinformatie op het display tonen bij het weergeven van CD-Text discs met tekstinformatie in de categorie Engels. Een CD-Text disc is voorzien van het logo rechts. OPMERKING:
- Dit toestel kan de volgende tekens als tekst weergeven. Voor andere types van tekens verschijnt “ ” op het display.
- Alfabet ABCDEFGHIJKLMNOPQRSTUVWXYZ abcdefghijklmnopqrstuvwxyz
NEDERLANDS 2 INLEIDING Hartelijk dank voor de aanschaf van deze DENON CD/MP3-speler. DENON stelt trots deze geavanceerde CD/MP3-speler voor aan audiofielen en muziekliefhebbers. Deze speler bewijst eens te meer DENON’s onophoudelijke streven naar de ultieme geluidskwaliteit. De hoogwaardige prestaties en de eenvoudige bediening van dit toestel staan garant voor urenlang luisterplezier. 1 KENMERKEN
2 BENAMING EN FUNCTIES VAN ONDERDELEN
2 Programmeren en willekeurige weergave van 99 tracks 2 Weergave met ± 12% variabele snelheid 2 CD-R/RW-weergave 2 Enkelvoudige/continue weergavefunctie 2 CD-tekst (CD-TEXT) 2 MP3-weergave 2 Directe weergave 2 Cascadeweergave 2 Weergave bij inschakeling
- Kenmerken p. 46
- Benaming en functies van de onderdelen p. 56
- , 57 Max. 10° Aansluitingen p. 57
- , 58 Openen en sluiten van de CD-houder en Afspelen van MP3-bestanden p. 60
- ~62 De compact disc p. 62
- DN-C615 Uitgebreide functie p. 62
- , 63 Voorkeuzefuncties en bedieningen p. 63
- , 64 Oplossen van problemen p. 65
- Technische gegevens p. 65
- 2 ACCESSOIRES Controleer of de volgende onderdelen bij het hoofdtoestel zijn geleverd: q Gebruiksaanwijzing p. 1
- w Aansluitkabels p. 1
- Plaats de CD op deze houder. Druk op de open/sluittoets van de CD-houder (5 OPEN/CLOSE) e om de houder te openen en te sluiten. Zorg er bij het plaatsen van de CD voor dat deze goed in de houder ligt.
- Druk op deze toets om de CD te plaatsen of uit te nemen. Bij elke druk op de toets wordt de CD-houder w geopend of gesloten. Geavanceerde CD-weergave......................59, 60 Alvorens de spanning uit te schakelen.............63
- De spanning wordt ingeschakeld wanneer de toets vanuit de uitgeschakelde (£) in de ingeschakelde (¢) stand wordt gezet..
- De spanning wordt uitgeschakeld wanneer de toets vanuit de ingeschakelde (¢) in de uitgeschakelde (£) stand wordt gezet. (5 OPEN/CLOSE) Normale CD-weergave .....................................58 Weergave bij inschakeling ................................62 q Aan/uit-schakelaar (POWER) e Open-/sluittoets van CD-houder plaatsen van een CD ........................................58
(1) Voorpaneel w CD-houder – INHOUDSOPGAVE – OPGELET:
- Wanneer de aan/uit-schakelaar is uitgeschakeld, is het toestel nog aangesloten op de netvoeding.
- Trek het netsnoer uit als u voor langere tijd weggaat, bijvoorbeeld op vakantie.
- De DN-C615 zal normaal werken als de speler wordt gemonteerd met het voorpaneel onder een hoek van 10 graden ten opzichte van het verticale vlak. Als het toestel te sterk wordt gekanteld, is het mogelijk dat het plaatsen en uitnemen van CD's niet meer op de juiste manier kan gebeuren. r Afstandsbedieningssensor (REMOTE SENSOR)
- Voor informatie over draadloze afstandsbediening: neem contact op met uw plaatselijke dealer of verdeler. t Display
- Zie bladzijde 57 voor meer informatie. y PLAY-toets (1)
- Bij direct zoeken drukt u bijvoorbeeld op de toets als u tracknummer 3 wilt beluisteren. Voor tracknummer 12 drukt u op
- Druk eerst op deze toets om tracknummers hoger dan 10 te kiezen.
- Gebruik deze toets in combinatie met de nummertoetsen !3. Bijvoorbeeld, om tracknummer 15 te kiezen, drukt u op en dan op Om tracknummer 33 te kiezen, drukt u drie keer op en dan op
!5 !6 CD-snelheidsregeltoets (–, +)
- Druk op deze toets om de weergavesnelheid in te stellen binnen een bereik van ± 12 tot -12%.
- De ingestelde weergavesnelheid wordt getoond op het display. !7 PROG./DIRECT-toets
- Druk op deze toets om tracks in te voeren voor geprogrammeerde weergave. (Zie bladzijde 59 voor meer informatie).
- Wanneer deze toets wordt ingedrukt, licht de programma-indicator “PROG” op.
- Weergave beginnen. u STOP-toets (2)
- Druk op deze toets om de weergave te beëindigen. i PAUSE-toets (3)
- Weergave pauzeren. o !0 Trackzoektoets (8 , 9)
- Met deze toets kiest u de track die u wilt weergeven. !1 !2 Zoektoets (6 , 7)
- Deze toetsen worden gebruikt om nauwkeurig te zoeken naar het punt waarop de weergave moet worden gestart. !3 Nummertoetsen (1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9 en 0/CLEAR)
- Gebruik deze toetsen voor de directe zoek- en programmageheugenfuncties.
(Zie bladzijde 3) !8 RANDOM-toets
- Wanneer deze toets wordt ingedrukt, wordt de willekeurige-weergavestand ingeschakeld en licht de indicator voor willekeurige weergave “RAND” op. !9 REPEAT-toets
- Druk hierop voor herhaalde weergave. @0 TIME-toets
- Bij elke druk op deze toets verandert het tijddisplay.
- Normaal gezien verschijnt verstreken “ELAPSED” in het tijddisplay en wordt de verstreken tijd getoond.
- Wanneer u één keer op deze toets drukt, verschijnt resterend “REMAIN” op het tijddisplay en wordt de resterende tijd van de huidige track getoond. Wanneer u nogmaals op de toets drukt, wordt de resterende tijd tot het einde van de CD getoond. NEDERLANDS @1 TITLE-toets
- Wanneer u op deze toets drukt, wordt de tekstinformatie (CD-titel, tracktitel, artiest van CD of artiest van track) getoond.
- Wanneer de toets wordt ingedrukt in de stopstand terwijl een CD met een MP3 ID3label in de speler zit, wordt de bestandsnaam getoond. Wanneer de toets wordt ingedrukt tijdens de weergave, verandert het display zoals hieronder getoond. Verstreken tijd van weergegeven track Bestandsnaam van weergegeven track Naam van titel Naam van artiest Naam van album @2 FOLDER-toets
- Wanneer een CD is geplaatst die bestanden van MP3-formaat bevat en u in de stopstand op deze toets drukt, is het selecteren van mappen mogelijk. @3 Hoofdtelefoonaansluiting
- Sluit een hoofdtelefoon aan op deze aansluiting om alleen te luisteren. (2) Achterpaneel q Analoge uitgangsaansluiting (ANALOG OUT)
- Dit zijn niet-gebalanceerde uitgangen met RCAaansluitingen. De weergavesignalen van de CD worden uitgevoerd via deze aansluitingen. w Digitale uitgangsaansluiting (DIGITAL OUT)
- Dit is een coaxiale uitgang met een RCAaansluiting.
- Signaalformaat : SPDIF of IEC-958 Type II e Externe synchrone bedieningsaansluitingen (EXT. SYNC.)
- Sluit deze aansluitingen aan voor synchrone opname. r Cascade-bedieningsaansluitingen (CASCADE)
- Sluit deze aansluitingen aan voor continue bediening op meerdere toestellen.
- Wanneer de cascadestand is ingesteld op “ON”, wordt het startsignaal uitgevoerd via deze uitgangsaansluiting zodra de bediening is voltooid. (Voorkeuzefunctie) t Afstandsbedieningingangsaansluiting
- Dit is een stereo-mini-aansluiting voor een afstandsbediening met draad. y Multifunctioneel display
- Dit display toont het tracknummer van de CD, de weergavetijd van de CD, allerlei informatie over de bediening, tekstberichten, enz. i Infraroodafstandsbedieningsindicator o Weergavemodusindicators
- “SINGLE” licht op in de weergavestand voor één track.
continue weergavestand. u Tijdstandindicator ELAPSED : Deze indicator licht op wanneer de verstreken tijd wordt getoond. REMAIN : Deze indicator licht op wanneer de resterende tijd wordt getoond. (3) Display q CD-transportindicator w Standinformatiegedeelte (CD) FILE : Deze indicator licht op wanneer de naam van het MP3-bestand wordt getoond. FOLDER : Deze indicator licht op in de stand voor het kiezen van mappen. TITLE : Deze indicator licht op wanneer de titel in de MP3 ID3-Tag of CD-tekst wordt getoond. MP3 : Deze indicator licht op wanneer een CD wordt geplaatst die MP3bestanden bevat. PROG : Deze indicator licht op in de programmeerstand. RAND : Deze indicator licht op in de willekeurige-weergavestand. REPEAT, 1 : Deze indicator licht op in de stand voor herhaalde weergave. CASCADE : Deze indicator licht op in de cascadestand. (Voorkeuzefunctie) ALBUM : Deze indicator licht op wanneer de naam van het album in de MP3 ID3Tag wordt getoond. ARTIST : Deze indicator licht op wanneer de naam van de artiest in de MP3 ID3Tag wordt getoond. e CD-weergavesnelheidsdisplay r Weergavepositiedisplay
- Geeft de huidige positie binnen de totale weergavetijd van de track aan.
- Het is mogelijk dat de weergave niet juist is in de MP3-weergavemodus. t Muziekkalender van 20 tracks
- In de enkelvoudige weergavestand licht alleen de gekozen track op.
- In de continue weergavestand lichten alle tracks op, van de gekozen track tot de laatste track.
- De tracknummers verschijnen op het display tot track 20. Track 21 en volgende verschijnen niet op het display.
- MP3 wordt niet getoond. 3 AANSLUITINGEN Laat het volledige systeem (inclusief de DN-C615) uitgeschakeld totdat alle aansluitingen tussen de DN-C615 en andere componenten tot stand zijn gebracht. 2 Voorzorgsmaatregelen bij het aansluiten
- Schakel alle systeemcomponenten uit alvorens kabels en netsnoeren aan te sluiten of los te koppelen.
- Controleer of alle kabels goed zijn aangesloten op de aansluitingen L (links) en R (rechts).
- Steek de stekkers volledig in de aansluitingen.
- Sluit de CD-uitgangsaansluitingen aan op de CD- of AUX-ingangsaansluitingen van de versterker. 2 Afstandsbedieningsaansluitingen (RC IN)
- Gebruik het hieronder getoonde circuit voor het aansluiten van een afstandsbediening met draad.
- Ontwerp het circuit zodanig dat de draadweerstand 0.5 Ω/ohm of lager is. ✽ 1
(“N” is het aantal aangesloten DNC615-toestellen.)
- Met één afstandsbediening kunnen tot zes toestellen tegelijkertijd worden bediend.
- Voer de aansluiting van de signaal- en aardingslijnen uit zoals getoond op het onderstaande schema en sluit ze aan op de afstandsbedieningsingangen (C1, C2 en C3).
- Ontwerp het circuit zodanig dat de weerstand van de afzonderlijke draden 0.5 Ω/ohms of lager is. ø3.5mm STEREO-MINISTEKKER Aansluiten van twee DN-C615-toestellen (N = 2) Afstandsbedi ening C1 C2 C3 DN-C615
NEDERLANDS 2 Voorzorgsmaatregelen bij de installatie
- Als de DN-C615 dicht bij een versterker, tuner of ander componenten wordt geplaatst, kan ruis (geïnduceerd zoemen) of zweving optreden (voornamelijk tijdens AM- of FM-ontvangst). Als dit gebeurt, moet u de DN-C615 verder van de andere componenten vandaan plaatsen of anders richten. OPMERKING:
- Installeer dit toestel horizontaal. Wanneer het toestel met het voorpaneel naar boven wordt gebruikt (en het toestel verticaal geïnstalleerd is) of wanneer het voorpaneel afhelt, zal het toestel niet naar behoren functioneren. 4 OPENEN EN SLUITEN VAN DE CD-HOUDER EN
Openen en sluiten van de CD-houder ✽. Deze bediening is alleen mogelijk wanneer de spanning is ingeschakeld.
1. Druk op de aan/uit-schakelaar q om de spanning in te schakelen.
2. Druk op de OPEN/CLOSE-toets e.
- Zorg ervoor dat de CD-houder volledig open is.
- Neem de CD bij de randen vast en leg hem op de lade. (Raak het signaaloppervlak, d.i. de glanzende kant, niet aan).
- Wanneer u CD met een diameter van 12 cm gebruikt, moet u ervoor zorgen dat deze goed in de buitenste geleider van de lade ligt. Een CD met een diameter van 8 cm moet in de binnenste geleider worden geplaatst.
- Druk op de OPEN/CLOSE-toets e om de CDhouder w te sluiten.
- Wanneer de CD-houder open is en een CD is geplaatst, kunt u ook op de PLAY-toets (1) y drukken om de CD-houder te sluiten. (Als de PLAYtoets (1) wordt ingedrukt, wordt de weergave onmiddellijk gestart nadat de CD-inhoud is gelezen.) OPGELET:
- Als uw vinger bekneld raakt in de CD-houder wanneer u deze sluit, druk dan op de open/sluittoets.
- Plaats geen vreemde voorwerpen op de CDlade en plaats niet meer dan één CD tegelijk op de lade. Dit kan storingen veroorzaken.
- Druk de CD-lade niet met de hand in wanneer de spanning uitgeschakeld is. Dit kan storingen en schade aan de CD-speler veroorzaken.
- Deze speler kan CD-R/RW-discs weergeven, maar alleen als deze afgesloten zijn. Houd er echter rekening mee dat de speler sommige afgesloten CD-R/RW-discs mogelijk niet kan weergeven, afhankelijk van de opnamekwaliteit. 5 NORMALE CD-WEERGAVE (1) De weergave starten (3) De weergave beëindigen
1. Druk op de aan/uit-schakelaar q om de spanning in
2. Plaats de CD die u wilt afspelen.
3. Stel de voorkeuze-instellingen in naar gelang van
het gebruiksdoel. (Zie bladzijde 63.)
- Stel de stand na voltooiing van de weergave in. (Voorkeuzefunctie) Finish stop : De stopstand (servofuncties worden uitgeschakeld) wordt ingesteld nadat de weergave is voltooid. Finish next : De standby-stand wordt ingesteld aan het begin van de volgende track nadat de weergave is voltooid. ✽ Nadat de laatste track is weergegeven, wordt de standby-stand ingesteld aan het begin van de eerste track. Finish recue : Nadat de weergave is voltooid, wordt de standby-stand ingesteld op het punt waarop de weergave werd gestart.
- De standby-stand instellen op het punt waar het geluid begint. (Voorkeuzefunctie) Stel het “C Det”-niveau in. Wanneer een track wordt gekozen, wordt het punt waar het geluid begint gevonden wanneer een track wordt gecued en wordt de standbystand ingesteld op dat punt.
- Kies de weergavestand. (Voorkeuzefunctie) SINGLE : (weergavestand voor één track) De stopstand wordt ingesteld na de weergave van de gekozen track. CONT. : (continue weergavestand) De stopstand wordt ingesteld na de weergave van de laatste track.
4. Druk op de PLAY-toets (1) y.
2 Berichten Terwijl u de DN-C615 gebruikt, kunnen berichten op het display verschijnen. Wat deze berichten betekenen wordt hierna uitgelegd. Bericht No Disc TOC Error Invalid CD Tray Error Betekenis Geen disc ingelegd, disc niet leesbaar of disc omgekeerd ingelegd. De cd-informatie is niet juist afgelezen. De cd is een cd-rom die geen MP3-bestanden bevat. De cd-houder kon niet correct worden geopend of gesloten. (2) De weergave op een gewenst punt onderbreken (Pauze) (Pause) U kunt de weergave tijdelijk onderbreken en vervolgens vanaf datzelfde punt in de track hervatten.
1. Druk op de PAUSE-toets (3 ) i tijdens de
2. Druk nogmaals op de PLAY-toets (1) y om de
1. Druk op de STOP-toets (2) u.
Auto cue (voorkeuzefuncties)
- Auto cue gaat automatisch naar het punt waarop de audio start. De cd wordt gecued naar het punt waarop de audio start, niet naar het punt waarop de track start. Het minimale niveau waarbij geluid wordt herkend kan worden ingesteld tussen –36 en –48 dB (in 3 stappen). Einde bericht (EOM) (voorkeuzefuncties)
- Aan het einde van de track gaat het tijddisplay knipperen om de operator visueel te waarschuwen dat het einde van de track bijna is bereikt. Het punt waarop het display begint te knipperen kan worden ingesteld binnen een bereik van 0 tot 60 seconden (in 7 stappen) vóór het einde van de track. Sluimerstand (voorkeuzefuncties)
- De sluimerstand wordt ingeschakeld als er gedurende de ingestelde tijdsduur geen bediening plaatsvindt in de standby-, pauze- of handmatige zoekstand. Wanneer in de sluimerstand de toets PLAY/PAUSE wordt ingedrukt, zal de weergave worden gestart vanaf het begin van de track waarbij de sluimerstand werd ingesteld. Als de CUE-toets wordt ingedrukt, wordt de standbystand ingeschakeld aan het begin van de track waarbij de sluimerstand werd ingeschakeld. NEDERLANDS 6 GEAVANCEERDE CD-WEERGAVE (1) Een specifieke track weergeven (Direct zoeken)
1. Voer het nummer van de gewenste track in met de
nummertoetsen !3 en de +10-toets !4.
- Bijvoorbeeld, om tracknummer 4 weer te geven, drukt u op , en om tracknummer 12 weer te geven, drukt u op
De weergave begint vanaf de gekozen track. (2) Verdergaan naar de volgende track tijdens de weergave (Automatisch zoeken)
1. Druk op de toets 9 !0 tijdens de weergave.
- De toonopnemer gaat verder naar het begin van de volgende track en de weergave wordt voortgezet. Als u de toets een aantal keren indrukt, gaat de toonopnemer een gelijk aantal tracks verder. (3) Terugkeren naar het begin van de huidige track tijdens de weergave Automatisch zoeken)
1. Druk op de toets 8 o tijdens de weergave.
- De toonopnemer keert terug naar het begin van de huidige track en de weergave wordt voortgezet. Als u de toets een aantal keren indrukt, gaat de toonopnemer een gelijk aantal tracks terug. (4) Snel zoeken met geluid (Handmatig zoeken)
- Met deze functie kunt u snel een gewenst punt in een track opzoeken, zowel voorwaarts als achterwaarts.
- Laat de zoektoets (6 of 7) !1 !2 los zodra het gewenste punt is bereikt. De normale weergave wordt hervat.
- Wanneer een zoektoets (6 of 7) !1 !2 wordt ingedrukt in de pauzestand en de toets wordt losgelaten, wordt de pauzestand ingesteld op dat punt en wordt het geluid weergegeven. 2 Handmatig zoeken voorwaarts
1. Druk op de zoektoets (voorwaarts) (7) !2
tijdens de weergave.
- De track wordt versneld weergegeven. 2 Handmatig zoeken achterwaarts
1. Druk op de zoektoets (achterwaarts) (6) !1
tijdens de weergave.
- De track wordt versneld achterwaarts weergegeven. (5) Weergeven in willekeurige volgorde (Willekeurige weergave) Met deze functie kunt u de tracks op de CD in willekeurige volgorde weergeven.
- Wanneer de willekeurige-weergavetoets (RANDOM) !8 wordt ingedrukt, licht de willekeurige-weergaveindicator “RAND” op en wordt de willekeurige weergave automatisch gestart.
- Als de willekeurige-weergavetoets (RANDOM) !8 wordt ingedrukt terwijl de herhaalfunctie is ingesteld, worden alle tracks één keer weergegeven in willekeurige weergave, daarna nog een keer in een andere volgorde, enz. OPMERKING:
- De willekeurige weergave kan niet worden ingesteld in de weergavestand of de programmastand. (6) Herhaalde weergave van een gewenste passage (Herhaalde weergave van één track)
3. Druk op de PLAY-toets (1) y.
- De disc wordt herhaaldelijk weergegeven.
- U kunt de herhaalmodus voor alle muziekstukken ook instellen door tijdens de weergave op de REPEAT-toets !9 te drukken.
- Als u tijdens de geprogrammeerde weergave op de REPEAT-toets !9 drukt, worden de muziekstukken herhaaldelijk
geprogrammeerde volgorde weergegeven.
- Druk enkele keren op de REPEAT-toets !9 totdat de “REPEAT”-indicator wordt gedoofd om de herhaalmodus voor alle muziekstukken uit te schakelen. (7) Specifieke tracks weergeven in een specifieke volgorde (Geprogrammeerde weergave)
- Met deze functie kunt u elk van de tracks op de CD programmeren en in de gewenste volgorde weergeven.
- U kunt ook programmeren terwijl de CD-houder open is.
- Maximaal tracks kunnen worden geprogrammeerd. 2 Programmeren
1. Stel de weergavestand in op enkelvoudige
weergave. (Voorkeuzefunctie)
- Programmeren is mogelijk wanneer de cd zich in de stopstand bevindt.
2. Druk op de REPEAT-toets !9.
- De “REPEAT 1”-indicators beginnen op het display te branden en de herhaalmodus voor één muziekstuk wordt ingesteld.
1. Druk op de PROG./DIRECT-toets !7 zodat de
programma-indicator “PROG” oplicht. Programmeer vervolgens de tracks met de nummertoetsen !3 en de +10-toets !4.
- Bijvoorbeeld, om tracks 3, 12 en 7 te programmeren, drukt u op
- Telkens wanneer een track wordt geprogrammeerd, verschijnt het nummer van die track op het tracknummerdisplay en wordt de totale programmatijd getoond op het tijddisplay. Als de totale programmatijd meer dan 99 minuten bedraagt, worden enkel de eerste twee cijfers van de minuten getoond. (Het derde en/of vierde cijfer worden niet getoond.)
- “01--00m00s” verschijnt het tijddisplay als de PROG./DIRECT-toets !7 wordt ingedrukt terwijl geen programma is ingesteld.
- Vol “Full” verschijnt op het tijddisplay als u meer dan tracks probeert programmeren.
3. Kies met de automatische zoektoetsen (8 en
9) o !0 de track die u herhaaldelijk wilt
4. Druk op de PLAY-toets (1) y.
- Het muziekstuk wordt vanaf het begin herhaald zodra het afgelopen is.
- U kunt de herhaalmodus voor één muziekstuk ook instellen door tijdens de weergave op de REPEAT-toets !9 te drukken. Het huidige muziekstuk wordt herhaaldelijk weergegeven.
- Druk enkele keren op de REPEAT-toets !9 totdat de “REPEAT 1”-indicator wordt gedoofd om de herhaalmodus voor één muziekstuk uit te schakelen. (Herhaalde weergave van alle tracks)
1. Stel de weergavestand in op continue weergave.
(Voorkeuzefunctie) 2 De geprogrammeerde tracks weergeven
1. Druk op de PLAY-toets (1) y om de tracks in de
geprogrammeerde volgorde weer te geven.
- “01:**Tr”, ”02:**Tr”, enz. verschijnt op het tijddisplay wanneer tracks worden gekozen met de toets 8 of 9 o !0. 2 Het programma verwijderen
1. Het volledige programma wordt verwijderd
wanneer de PROG./DIRECT-toets !7 nogmaals wordt ingedrukt. Het programma wordt eveneens verwijderd wanneer de OPEN/CLOSEtoets w wordt ingedrukt. 2 Voorkiezen van programma’s
- Programma’s kunnen worden opgeslagen in het voorkeuzegeheugen. Wanneer u een CD plaatst waarvoor een programma is voorgekozen, wordt automatisch geprogrammeerdeweergavestand ingesteld.
- U kunt programma’s opslaan voor maximaal drie CD’s.
1. Volg de stappen onder “Programmeren” om een
programma in te voeren.
2. Volg de stappen onder “(2) Voorkeuzeprocedure”
om de voorkeuzestand in te stellen. (Zie bladzijde 64.)
3. Druk op de toets 8 of 9 o !0 om
“02:Prg1” (of “03:Prg2” of “04:Prg3”) te selecteren.
4. Druk op de PLAY-toets (1) y.
- Het letterdisplay verandert als volgt: [Voor wijziging] [Na wijziging] Prg1 OFF
5. Druk op de STOP-toets (2) u.
- De voorkeuzestand wordt geannuleerd en het toestel keert terug naar de normale weergavestand.
- Om een CD met voorgekozen programma weer te geven: Plaats een CD waarvoor een programma is voorgekozen.
6. Druk op de PLAY-toets (1) y.
- Programmeren is niet mogelijk terwijl de CDhouder open is.
- Tijdens geprogrammeerde weergave kunnen tracks die niet in het programma zijn opgenomen worden afgespeeld door de cijfertoetsen !3 en !4 in te drukken.
2. Druk op de REPEAT-toets !9.
- De “REPEAT”-indicators beginnen op het display te branden en de herhaalmodus voor alle muziekstukken wordt ingesteld.
NEDERLANDS (8) Het programma bewerken (Oproepen) Wanneer tracks zijn geprogrammeerd, kunnen ze worden opgeroepen en getoond in het tijddisplay.
1. Wanneer de toets 6 of 7 !1 !2 wordt
ingedrukt, wordt de geprogrammeerde track gekozen.
- De getoonde track kan uit het programma worden verwijderd door op dit moment tweemaal op de 0/CLEAR !3 te drukken. Daarnaast wordt door te drukken op een nummertoets !3 de track die overeenkomt met dat nummer voor de getoonde track in het programma ingevoegd.
- Als een track wordt ingevoegd als het programma reeds 99 tracks bevat, wordt de laatste track in het programma verwijderd. (9) De weergavesnelheid veranderen (weergavesnelheidstoets (PITCH))
1. Druk op de CD-snelheidsregeltoets + en – !5 !6 om
de weergavesnelheid in te stellen.
- De weergave wordt gestart met de ingestelde snelheid en de weergavesnelheidsindicator “PITCH%” licht op. OPMERKING:
- Wanneer de weergavesnelheid wordt veranderd, verandert de bemonsteringsfrequentie van het digitale uitgangssignaal eveneens, zodat mogelijk geen digitale signalen kunnen worden ontvangen.
7 AFSPELEN VAN MP3-BESTANDEN
Er zijn talloze internetsites waar u muziekbestanden in MP3-formaat kunt downloaden. Deze bestanden kunnen worden gedownload volgens de instructies op de site en opgeslagen op CD-R/RW-discs die u vervolgens kunt afspelen op de DN-C615. De muziek op in de handel verkrijgbare muziek-CD’s kan worden omgezet in MP3-formaat op een computer met behulp van MP3-codeerprogramma’s. Bij deze omzetting worden de gegevens gecomprimeerd tot 1/10 van hun oorspronkelijke grootte. Deze MP3-gegevens kunnen vervolgens worden opgeslagen op een CDR/RW-disc. Zo kunt u op één CD-R/RW-disc van 12 cm ongeveer 10 keer meer muziek opslaan dan op een gewone muziek-CD, d.w.z. 100 tracks of meer (*).
- Geschat aantal voor MP3-bestanden van tracks van ongeveer 5 minuten lang, omgezet met een standaard bitsnelheid (128 kbps) en opgeslagen op een CD-R/RW-disc met een capaciteit van 650 MB. ✽ De opnamen die u maakt zijn uitsluitend voor persoonlijk gebruik en mogen niet worden gebruikt op een manier die strijdig is met de auteursrechten. OPMERKINGEN:
- De DN-C615 is compatibel met “MPEG-1 Audio Layer-3”, “MPEG-2 Audio Layer-3” en “MPEG2.5 Audio Layer-3”. Hij is niet compatibel met MP1- of MP2-standaarden. BEMONSTERINGSFREQUENTIE MPEG 1.0 48 kHz
- Wanneer u MP3-bestanden opslaat op een CDR/RW-disc, moet u het formaat van het schrijfprogramma instellen op “ISO9660 level 1” of “ISO9660 level 2”, “Joliet” of “Romeo”. MP3bestanden die in een ander formaat zijn opgeslagen, worden mogelijk niet goed weergegeven. In sommige schrijfprogramma’s kunt u niet opslaan in het formaat “ISO9660”. Gebruik een schrijfprogramma dat kan opslaan in het formaat “ISO9660”.
- Over het algemeen geldt het volgende: hoe hoger de bitsnelheid van het MP3-bestand, hoe hoger de geluidskwaliteit. Met de DN-C615 raden wij aan MP3-bestanden weer te geven die zijn opgeslagen met een bitsnelheid van 128 kbps of meer.
- Het schrijfprogramma kan de positie van de mappen en bestanden veranderen bij het opslaan van de MP3-bestanden op de CD-R/RW-disc, waardoor de bestanden mogelijk niet in de verwachte volgorde worden weergegeven.
- Geef MP3-bestanden altijd de extensie “.MP3”. Bestanden met andere extensies dan “.MP3” of zonder extensie kunnen niet worden weergegeven. (Op Macintosh-computers kunnen MP3-bestanden worden weergegeven door de extensie “.MP3” toe te voegen achter de bestandsnaam die bestaat uit maximaal 8 Romeinse hoofdletters en/of cijfers, wanneer u ze opslaat op CD-R/RW-discs.)
- Ter bescherming van de auteursrechten worden geen digitale signalen uitgevoerd bij het weergeven van MP3-bestanden.
- Maximaal 255 mappen kunnen worden weergegeven op de DN-C615. Mappen met meer dan 8 subniveaus kunnen echter niet worden weergegeven. Het maximumaantal bestanden is eveneens 999. Als er 1000 bestanden zijn, worden alleen de eerste 999 bestanden weergegeven. (Bestanden die niet de extensie “.MP3” hebben worden niet meegeteld.)
- Op de DN-C615 kunnen de namen van mappen en bestanden worden getoond als titels. Romeinse hoofdletters en/of cijfers en het onderstrepingsteken “__” worden gescrolld. (Er kunnen echter maximaal 31 tekens worden getoond.) Map- en bestandsnamen die andere symbolen gebruiken, zullen niet goed worden getoond.
- De DN-C615 is compatibel met ID3-tag (versie 1.*, versie 2.0).
- Het is mogelijk dat sommige CD-R/RW-discs niet kunnen worden weergegeven als gevolg van vuil of krassen of de eigenschappen van de disc.
- Plak geen stickers of kleefband op de label- of signaalzijde van CD’s of CD-R/RW-discs. De lijm kan zich vasthechten aan het CD-oppervlak, waardoor de disc klem kan komen te zitten in het toestel.
- De DN-C615 is compatibel met multisessie-CD’s. Enkel muziek-CD’s kunnen worden weergegeven als de eerste sessie een muziek-CD is en enkel MP3-bestanden kunnen worden weergegeven als de eerste sessie bestaat uit MP3-bestanden.
- De DN-C615 is compatibel met playlists (.m3u van WINAMP Form).(voorkeuzefuncties) OPMERKINGEN:
- In sommige schrijfprogramma’s is de weergave mogelijk niet zoals het hoort. Kies in dat geval de instelling “PLst=OFF”.
- Het aflezen van de afspeellijst kan enige tijd duren.
- Het maximumaantal afspeellijsten is eveneens
255. Als er meer dan 255 afspeellijsten zijn,
worden alleen de eerste 255 uitgevoerd. (1) Afspelen van mappen of bestanden
1. Plaats een CD die MP3-bestanden bevat.
- Voorbeeld: Het aantal mappen is “120” en het aantal bestanden “512”.
2. [ Een map selecteren ]
- De naam van de map rolt over het display.
e Wanneer u op dat moment de TITLE-toets @1 indrukt, kunnen de bestanden in de map worden geselecteerd.
- Volg de stappen onder Een bestand selecteren “En bestand selecteren”. [ Een bestand selecteren ] q Druk in de stopstand op de TITLE-toets @1 om de bestandsindicator “FILE” te doen oplichten. ✽ Deze bewerking is alleen nodig wanneer de mapindicator “FOLDER” brandt. w Druk op de toets 8 of 9 o !0 om het bestand te selecteren dat u wilt beluisteren.
- De naam van het bestand rolt over het display. NEDERLANDS
3. Druk op de PLAY-toets (1) y.
✽ Wanneer de TIME-toets @0 wordt ingedrukt tijdens de weergave, verdwijnt de map- of bestandsindicator “FOLDER” of “FILE” en verschijnen het tracknummer en de verstreken tijd van de track op het display. ✽ Het display verandert als volgt telkens wanneer de TITLE-toets @1 wordt ingedrukt tijdens de weergave: [ Een bestand selecteren ] q Druk op de TITLE-toets @1 om de bestandsindicator “FILE” te doen oplichten. ✽ Deze bewerking is alleen nodig wanneer de mapindicator “FOLDER” brandt. w Druk op de nummertoetsen !3 !4 om het bestand te selecteren dat u wilt programmeren.
- Voorbeeld : Track 21 op de tweede plaats programmeren Naam van bestand (bestandsindicator “FILE”) licht op.) Naam van titel (titelindicator “TITLE”) licht op.)
2. Volg de stappen onder “(2) Voorkeuzeprocedure”
om de voorkeuzestand in te stellen. (Zie bladzijde 64.) Naam van album (albumindicator “ALBUM”) licht op.) (2) Geprogrammeerde weergave van mappen of bestanden Gebruik deze functie om bepaalde tracks van de CD te selecteren en ze in een bepaalde volgorde te programmeren. Maximaal 99 bestanden en mappen kunnen worden geprogrammeerd. (Programma’s kunnen zowel bestanden als mappen bevatten.) 2 Programmeren
1. Druk in de stopstand op de PROG./DIRECT-toets
2. [ Een map selecteren ]
q Druk op de FOLDER-toets @2 om de mapindicator “FOLDER” te doen oplichten. w Druk op de nummertoetsen !3 !4 om de map te selecteren die u wilt programmeren.
- Voorbeeld : Map “5” op de eerste plaats programmeren 2 Voorkiezen van programma’s
- Programma’s kunnen worden opgeslagen in het voorkeuzegeheugen. Wanneer u een CD plaatst waarvoor een programma is voorgekozen, wordt automatisch geprogrammeerdeweergavestand ingesteld.
- U kunt programma’s opslaan voor maximaal drie CD’s.
1. Volg de stappen onder “Programmeren” om een
programma in te voeren. Naam van artiest (artiestindicator “ARTIST”) licht op.) Verstreken tijd van huidige track OPMERKING:
- Programmeren is niet mogelijk in de weergaveof de pauzestand.
3. Druk op de PLAY-toets (1) y.
- De tracks worden weergegeven in de geprogrammeerde volgorde. ✽ Wanneer de TIME-toets @0 wordt ingedrukt tijdens de weergave, verdwijnt de map- of bestandsindicator “FOLDER” of “FILE” en worden het tracknummer en de verstreken tijd van de track getoond. 2 Een programma bewerken ✽ Telkens wanneer de toets 6 of 7 !1 !2 wordt ingedrukt, verschijnen geprogrammeerde tracks
geprogrammeerde volgorde op het display. ✽ Een deel van een programma verwijderen q Gebruik de zoektoetsen (6, 7) !1 !2 om het bestand of de map te selecteren die u wilt verwijderen. Na het selecteren van het bestand of de map wordt de inhoud van het programma getoond. w Druk tweemaal op de 0/CLEAR-toets !3 om het getoonde bestand of de getoonde map te verwijderen. ✽ Bestanden of mappen toevoegen aan programma’s q Gebruik de zoektoetsen (6, 7) !1 !2 om het bestand of de map te selecteren die u wilt toevoegen. w Volg de stappen onder Een map selecteren “Een map selecteren” of Een bestand selecteren “Een bestand selecteren” om een bestand of een map te selecteren en deze toe te voegen aan het programma.
3. Druk op de toets 8 of 9 o !0 om
“02:Prg1” (of “03:Prg2” of “04:Prg3”) te selecteren.
4. Druk op de PLAY-toets (1) y.
- Het letterdisplay verandert als volgt: [Voor wijziging] [Na wijziging] Prg1 OFF
Prg3 ON 2 Willekeurige weergave van 1 map Gebruik deze functie om alle tracks in één map in willekeurige volgorde weer te geven.
1. Stel de weergavestand in op enkelvoudige
weergave. (Voorkeuzefunctie)
2. Druk in de stopstand op de FOLDER-toets @2.
- De mapindicator “FOLDER” licht op.
3. Druk op de toets 8 of 9 o !0 om de map
te selecteren die u in willekeurige volgorde wilt weergeven.
- De naam van de map rolt over het display.
4. Druk één keer op de willekeurige-weergavetoets
- De willekeurige-weergave- en mapindicators “RAND” en “FOLDER” lichten op.
5. Druk op de PLAY-toets (1) y.
- Er wordt automatisch een track gekozen in de geselecteerde map en de weergave wordt gestart.
- Zodra alle tracks in de map zijn weergegeven, wordt de stopstand automatisch ingesteld. ✽ Wanneer de TIME-toets @0 wordt ingedrukt tijdens weergave, worden het tracknummer en de verstreken tijd van de track getoond. (De mapindicator “FOLDER” verdwijnt niet.) ✽ Om de willekeurige weergave van 1 map te annuleren, drukt u nogmaals op de willekeurigeweergavetoets (RANDOM) !8.
5. Druk op de STOP-toets (2) u.
- De voorkeuzestand wordt geannuleerd en het toestel keert terug naar de normale weergavestand.
- Om een CD met voorgekozen programma weer te geven: Load Plaats een CD waarvoor een programma is voorgekozen. OPMERKING:
- De willekeurige weergave kan niet worden ingesteld in de weergavestand of de programmastand.
6. Druk op de PLAY-toets (1) y.
(4) Herhaalde weergave 2 Herhaalde weergave van alle tracks in 1 map (3) Weergave in willekeurige volgorde 2 Willekeurige weergave van alle tracks Gebruik deze functie om alle tracks op de CD één keer in willekeurige volgorde weer te geven.
1. Stel de weergavestand in op enkelvoudige
weergave. (Voorkeuzefunctie)
3. Druk op de toets 8 of 9 o !0 om de map
te selecteren die u wilt beluisteren.
- De naam van de map rolt over het display.
2. Druk in de stopstand (de mapindicator
“FOLDER” gaat uit) op de willekeurigeweergavetoets (RANDOM) !8.
- De willekeurige-weergave-indicator “RAND” licht op.
4. Druk op de REPEAT-toets !9.
- De “REPEAT 1”-indicators beginnen op het display te branden en de herhaalmodus voor één muziekstuk wordt ingesteld. ✽ Om het volledige programma te verwijderen, drukt u op de PROG./DIRECT-toets !7 n de stopstand.
3. Druk op de PLAY-toets (1) y.
- De tracks worden automatisch in willekeurige volgorde weergegeven. ✽ Om de directe weergavefunctie te gebruiken, drukt u eerst op de PROG./DIRECT-toets !7 in de weergavestand om de programmeerstand te annuleren. ✽ Om de willekeurige weergave van alle tracks te annuleren, drukt u nogmaals op de willekeurigeweergavetoets (RANDOM) !8.
5. Druk op de PLAY-toets (1) y.
- De weergave wordt gestart vanaf de eerste track in de geselecteerde map.
- Zodra de laatste track in de geselecteerde map is weergegeven, wordt de weergave hervat vanaf het begin van de eerste track in de geselecteerde map en worden de tracks herhaald. ✽ Wanneer de TIME-toets @0 wordt ingedrukt tijdens weergave, worden het tracknummer en de verstreken tijd van de track getoond. (De mapindicator “FOLDER” verdwijnt niet.) 2 Herhaalde weergave van alle tracks
1. Stel de weergavestand in op continue weergave.
2. Druk in de stopstand op de TITLE-toets @1 om de
bestandsindicator “FILE” te doen oplichten.
3. Druk op de REPEAT-toets !9.
- De “REPEAT”-indicators beginnen op het display te branden en de herhaalmodus voor alle muziekstukken wordt ingesteld.
4. Druk op de PLAY-toets (1) y.
- De CD wordt herhaaldelijk weergegeven.
- Zodra de laatste track op de CD is weergegeven, wordt de weergave hervat vanaf het begin van de eerste track. 2 Herhaalde weergave van één track
1. Stel de weergavestand in op enkelvoudige
weergave. (Voorkeuzefunctie)
2. Druk op de REPEAT-toets !9.
- De “REPEAT 1”-indicators beginnen op het display te branden en de herhaalmodus voor één muziekstuk wordt ingesteld.
3. Kies met de automatische zoektoetsen (8 en
9) o !0 de track die u herhaaldelijk wilt
4. Druk op de PLAY-toets (1) y.
- Het muziekstuk wordt vanaf het begin herhaald zodra het afgelopen is.
- U kunt de herhaalmodus voor één muziekstuk ook instellen door tijdens de weergave op de REPEAT-toets !9 te drukken. Het huidige muziekstuk wordt herhaaldelijk weergegeven.
- Druk enkele keren op de REPEAT-toets !9 totdat de “REPEAT”-indicator wordt gedoofd om de herhaalmodus voor één muziekstuk uit te schakelen.
9 WEERGAVE BIJ INSCHAKELING
De weergave wordt automatisch gestart bij het inschakelen van de spanning. Voorzorgsmaatregelen bij het hanteren van compact discs
- Zorg ervoor dat het oppervlak van de compact disc vrij blijft van vingerafdrukken, olie of stof. Als het signaaloppervlak vuil is, moet u het schoonvegen met een droge, zachte doek. Veeg in cirkelvormige bewegingen vanaf het midden naar buiten.
- Reinig CD’s nooit met water, benzeen, verfverdunner, platensprays, anti-elektrostatische chemische producten of een siliconendoek.
- Behandel CD’s steeds met zorg, om schade aan het CD-oppervlak te vermijden. Dit geldt vooral wanneer u een CD uit zijn doosje haalt of erin opbergt.
- Buig compact discs niet.
- Stel compact discs niet bloot aan warmte.
- Maak het gat in het midden van de CD niet groter.
- Schrijf niet op de CD en plak er evenmin etiketten op.
- Er zullen condensatiedruppels op het CD-oppervlak ontstaan als een CD van een koude naar een warme plaats wordt gebracht, bijvoorbeeld in de winter. Wacht tot de condensatiedruppels zijn verdwenen. Droog CD’s nooit met haardrogers e.d. Voorzorgsmaatregelen bij het opbergen
- Berg een CD altijd op in zijn doosje nadat hij is weergegeven.
- Berg CD’s op in hun doosjes wanneer u ze niet weergeeft. Zo blijven ze beschermd tegen stof en vuil en gaan ze langer mee.
- Berg CD’s niet op op de volgende plaatsen:
1) Plaatsen die gedurende lange tijd blootgesteld
zijn aan rechtstreeks zonlicht.
2) Plaatsen die onderhevig zijn aan stofophoping of
een hoge vochtigheid.
3) Plaatsen die blootgesteld zijn aan hoge
temperaturen, bijvoorbeeld dicht bij verwarmingstoestellen.
- De weergave bij inschakeling kan worden ingesteld met de “VOORKEUZEFUNCTIES EN BEDIENINGEN” (zie bladzijde 63). 10 UITGEBREIDE FUNCTIE Meerde DN-C615-toestellen of andere DENON-producten (DN-780R, enz.) kunnen samen worden gebruikt voor een langere weergavetijd, gelijktijdige opname en andere functies. 2 CASCADEFUNCTIE (ONONDERBROKEN BEDIENING OP MEERDERE TOESTELLEN)
- Zie afbeelding 1 voor het aansluiten van de toestellen.
- Gebruik één RCA-kabel om de cascade-uitgangsaansluitingen (CASCADE OUT) van de toestellen te verbinden met de cascade-ingangsaansluitingen (CASCADE IN) van de toestellen.
- Wanneer het eerste en het laatste toestel zijn aangesloten zoals aangegeven in afbeelding 1, vindt een eindeloze weergave plaats.
- Wanneer het eerste en het laatste toestel niet zijn aangesloten, stopt de bediening bij het laatste toestel. Cascadeweergave
1. Zet de cascadestand van alle toestellen op Cascade aan “Cas=ON”. (Voorkeuzefunctie)
2. Druk op de PLAY-toets (1) y op toestel 1. De weergave wordt gestart.
- Weergave eindigt op toestel 1, weergave start op toestel 2.
3. De weergave stopt wanneer de stoptoets wordt ingedrukt op het toestel dat aan het weergeven is.
Afbeelding 1 Toestel 1 DN-C615 Toestel 2 DN-C615 NEDERLANDS
11 ALVORENS DE SPANNING UIT TE SCHAKELEN
Externe synchrone opname De synchrone opname kan worden gebruikt wanneer de DN-C615 wordt gebruikt in combinatie met een ander DENON-product (DN-780R, enz.). Wanneer de weergavetoets van de CD-speler wordt ingedrukt, wordt een synchroon startsignaal uitgevoerd via de externe synchronisatie-aansluiting (EXT. SYNC.). Wanneer de STOP-toetsen van de CD-speler worden ingedrukt, wordt een synchroon stopsignaal uitgevoerd via de externe synchronisatie-aansluiting (EXT. SYNC.).
- Zie afbeelding 2 voor het aansluiten van de toestellen.
- Gebruik één RCA-kabel om de externe synchronisatie-uitgangsaansluitingen (EXT. SYNC. OUT) van de toestellen te verbinden met de externe synchronisatie-ingangsaansluitingen (EXT. SYNC. IN) van de toestellen. ✽ Stel de infrarood-afstandsbedieningssensors van alle toestellen in op “OFF” wanneer u deze functie gebruikt. Stel ook dezelfde infrarood-afstandsbedieningscodes in voor alle toestellen. (Zie “VOORKEUZEFUNCTIES EN BEDIENINGEN” op bladzijde 63.) Als u deze instellingen niet maakt, kan dit leiden tot storingen.
1. Plaats de CD in de DN-C615. Plaats onbespeelde cassettebanden in alle decks.
2. Stel de omkeerstand en de Dolby-ruisonderdrukking van alle decks in.
3. Stel het niveau voor dubbele opname in op de DN-780R-toestellen. (Master/slave-schakelaar uitgeschakeld (OFF).)
4. Druk op de dubbele-opnametoets van de DN-780R.
Wanneer u klaar bent met het gebruik van de CD-speler, moet u ervoor zorgen de CD-houder te sluiten met de OPEN/CLOSE (5) alvorens de spanning uit te schakelen. OPGELET:
- Het geforceerd sluiten van de CD-houder terwijl de spanning is uitgeschakeld kan het toestel beschadigen.
12 VOORKEUZEFUNCTIES EN BEDIENINGEN
(1) Lijst van voorkeuzefuncties
- Functies kunnen worden voorgekozen met de toetsen op het voorpaneel. Deze voorinstellingen worden opgeslagen in een permanent geheugen en blijven dus ook bewaard als de spanning wordt uitgeschakeld.
- De in de onderstaande tabel vermelde functies kunnen worden voorgekozen. Stel de functies in volgens het gebruiksdoel om op een efficiënte wijze de weergavekwaliteit nog te verhogen.
- Eén van de voorkeuzefuncties kan worden gebruikt om informatie over dit toestel weer te geven (microprocessorversie).
5. Druk op de PLAY-toets (1) y van de DN-C615. De opname wordt gestart op alle decks.
- Gebruik zoveel mogelijk cassettebanden met dezelfde opnameduur (dezelfde lengte). Type voorkeuze-functie Omschrijving
6. Druk op de STOP-toets (2) u van de DN-C615 om de opname op alle aangesloten toestellen te beëindigen.
Afbeelding 2 DN-C615
Ingesteld bij verzending vanuit de fabriek Preset Type 1 Nr. Voorkeuzetype Keuze van het voorkeuzetype. Programma 1 Instelling voor het al dan niet weergeven van programma 1. Program 1 OFF
Programma 2 Instelling voor het al dan niet weergeven van programma 2. Program 2 OFF
Programma 3 Instelling voor het al dan niet weergeven van programma 3. Program 3 OFF
Stand bij inschakeling Instelling van de bediening bij het inschakelen van de Power On Stop spanning.
Tijdstand Instelling van de tijdstand bij het inschakelen van de Time = ELAPSED spanning.
Willekeurige weergave Instelling van de willekeurige-weergavestand bij het Random OFF inschakelen van de spanning.
Volgende track plannen Instelling van de bediening wanneer aan de keuzeknop Reserve. OFF wordt gedraaid tijdens de weergave.
Weergavevergrendeling Instelling voor het al dan niet vergrendelen van de Play Lock OFF toetsen op het voorpaneel tijdens de weergave.
Paneel-vergrendeling Instelling voor het al dan niet activeren van de toetsen Panel OFF op het bedieningspaneel.
Auto cue Instelling voor het al dan niet uitvoeren van de CueDet. OFF automatische cue-bediening en het audio-startniveau.
Weergave-snelheid Standaardinstelling van de weergavesnelheid. Normal Speed
Tekstdisplay Keuze van tijd- of tekstdisplay. Text OFF
Framedisplay Instelling voor het al dan niet tonen van frames. FR Disp ON
NEDERLANDS Type voorkeuze-functie Omschrijving Ingesteld bij verzending vanuit de fabriek Nr. E.O.M. Instelling voor het al dan niet tonen van de EOM en de E.O.M. 10 s instelling van de displaytijd.
Auto stop Instelling voor het al dan niet automatisch stoppen van Sleep 30 min de servofuncties.
Weergavestand Instelling van de weergavestand bij het inschakelen Play CONTINUE van de spanning.
Cascade Instelling voor het al dan niet uitvoeren van het cascadesignaal. Cascade OFF
Voorkeuzes wissen Instelling voor het wissen van de voorkeuzes en het terugzetten ervan op de beginwaarden. Ini. Preset
Afspeellijst (MP3) Instelling die bepaalt of de afspeellijst wel of niet wordt uitgevoerd. Play List OFF
Druk op de STOP-toets (2) u terwijl u de TITLE-toets @1 indrukt. Druk op de toets 8 of 9 o !0 en selecteer het vooraf ingestelde item. Druk op de PLAY-toets (1) y om de instelling te veranderen. De voorkeuzestand wordt geannuleerd wanneer de STOP-toets (2) u. op de CD wordt ingedrukt. De instellingen worden dan opgeslagen. (3) Gedetailleerde beschrijving van de voorkeuzefuncties (* = begininstelling)
01) “Preset Type (*)” (Drie verschillende soorten (types) voorinstellingen kunnen worden gemaakt en gebruikt
voor verschillende doeleinden.) *01:P No=1 : Instellen op voorkeuzetype 1. *01:P No=2 : Instellen op voorkeuzetype 2. *01:P No=3 : Instellen op voorkeuzetype 3.
02) “Program 1 OFF (ON)”
*02:Prg 1 : De inhoud van programma 1 opslaan wanneer ingeschakeld. (Begininstelling - OFF)
03) “Program 2 OFF (ON)”
*03:Prg 2 : De inhoud van programma 2 opslaan wanneer ingeschakeld. (Begininstelling - OFF)
04) “Program 3 OFF (ON)”
*04:Prg 3 : De inhoud van programma 3 opslaan wanneer ingeschakeld. (Begininstelling - OFF)
05) “Power On” (****)”
*05:P On=Stb : Standby-stand wordt ingesteld bij een gekozen track na het lezen van de TOC. *05:P On=Ply : Weergave begint in de herhaalstand voor alle tracks na het lezen van de TOC. *05:P On=Stp : Stopstand wordt ingesteld na het lezen van de TOC.
*06:Time=ELA : Het tijddisplay toont de verstreken tijd bij het inschakelen van de spanning. *06:Time=REM : Het tijddisplay toont de resterende tijd bij het inschakelen van de spanning.
*07:Rand=OFF : De normale weergavestand wordt ingesteld bij het inschakelen van de spanning. *07:Rand=ON : De willekeurige-weergavestand wordt ingesteld bij het inschakelen van de spanning.
16) 17) 18) 19) 20) 21) 22) 23) 24) Stopstand wordt ingesteld nadat de weergave is voltooid. Standby-stand wordt ingesteld bij de volgende track nadat de weergave is voltooid. Standby-stand wordt ingesteld bij de weergavestartpositie nadat de weergave is voltooid. Opgegeven track wordt onmiddellijk gezocht wanneer aan de keuzeknop wordt gedraaid tijdens de weergave. : Het zoeken naar de track wordt gepland nadat de weergave van de huidige track is voltooid wanneer aan de keuzeknop wordt gedraaid tijdens de weergave. : Blokkering van alle bedieningsfuncties, met uitzondering van de toetsen 1, 3, PITCH +, –, 2, de tijdtoets (TIME), en de titeltoets (TITLE), tijdens de weergave. *10:Lock=OFF : Alle bedieningsfuncties mogelijk maken tijdens de weergave. “Panel Lock ON/OFF” *11:Pane=OFF : Alle bedieningstoetsen op het voorpaneel kunnen worden gebruikt. *11:Pane=ON : Blokkering van alle bedieningstoetsen, met uitzondering van de toetsen die gebruikt worden bij het voorkiezen en de open-/sluittoets. “CueDet. Level” *12:CDet=–** : Audiodetectieniveau instellen voor cue-functie. (–48 / –42 / –36) *12:CDet=OFF : Geen cue naar startpositie van geluid. “CD Pitch” *13:Pit=Norm : Normale weergavesnelheid. *13:Pit=+/–*.* : Weergave met variabele snelheid. ±(0.2 / 0.4 / 0.6 / 0.8 / 1.0 / 1.2 / 1.4 / 1.6 / 1.8 / 2.0 / 2.2 / 2.4 / 2.6 / 2.8 / 3.0), 0Fix “Text Display” *14:Text=OFF : Het tijddisplay wordt ingesteld bij het inschakelen van de spanning. *14:Text=ON : Het tekstdisplay wordt ingesteld bij het inschakelen van de spanning. “Frame Display” *15:Frm=ON : De frames op het tijddisplay tonen tijdens de weergave. *15:Frm=OFF : De frames op het tijddisplay niet tonen tijdens de weergave. (De frames worden getoond bij handmatig zoeken en in de standby-, pauze- en eindcontrolestand.) “EOM Time” *16:EOM=**s : EOM-tijd instellen. (5 / *10 / 15 / 20 / 30 / 60) *16:EOM=OFF : EOM-functie niet gebruiken. “Sleep ON (OFF)” (CD) *17:Sleep=** : Servofuncties automatisch uitschakelen als geen toets wordt bediend gedurende ** minuten in de pauze-, standby- of handmatige zoekstand. (1 / 2 / 5 / 10 / 15 / *30) *17:Slp=OFF : Servofuncties niet automatisch uitschakelen. “IR Code” *18:RC=DENON : Denon-codes ontvangen. *18:RC=RC5 : RC5-codes kunnen worden ontvangen. “IR Remote” *19:IR=ON : Infrarood-afstandsbedieningssignalen aanvaarden. *19:IR=OFF : Geen infrarood-afstandsbedieningssignalen aanvaarden. “Play Mode” *20:Play=CON : De continue weergavestand wordt ingesteld bij het inschakelen van de spanning. *20:Play=SIN : De enkelvoudige weergavestand wordt ingesteld bij het inschakelen van de spanning. “Cascade ON/OFF” *21:Cas=ON : Het cascadesignaal uitvoeren (cascadebediening mogelijk) *21:Cas=OFF : Het cascadesignaal niet uitvoeren. “Preset Clear (Ini. Preset)” *22:P Init? : Voorinstellingen wissen (terugzetten op oorspronkelijke fabriekswaarden).. “Versie = xxxx : Microprocessorversie weergeven (“xxxx” is een getal.) “Play List” *24:PLst=OFF : Afspeellijst wordt niet uitgevoerd. *24:PList=ON : MP3 wordt uitgevoerd volgens de afspeellijst. NEDERLANDS
13 OPLOSSEN VAN PROBLEMEN
14 TECHNISCHE GEGEVENS Controleer de volgende punten alvorens aan te nemen dat uw toestel defect is
1. Zijn alle aansluitingen juist?
2. Worden alle systeemcomponenten juist bediend zoals beschreven in de gebruiksaanwijzing?
3. Werken de luidsprekers en versterker/ontvanger zoals het hoort?
Als het cassettedeck vervolgens nog niet goed werkt, overloop dan de symptomen in de onderstaande tabel. Als u het symptoom niet terugvindt in de tabel, neemt u contact op met uw DENON-dealer. 2 CD GEDEELTE Type : Audiokanaal : Kwantisering : Bemonsteringsfrequentie : Overbemonsteringsfactor : Frequentieweergave : Totale harmonische vervorming : Signaal-ruisverhouding : Dynamisch bereik : Kanaalscheiding : Analoge uitgang : Uitgangsniveau : Belastingsimpedantie : Digitale uitgang : Signaalformaat : Variabele snelheidsregeling : Nauwkeurigheid van frame zoeken : Bruikbare CD’s : CGebruiksduur van CD-mechanisme Probleem CD-houder kan niet worden geopend/gesloten. Oorzaak
- Aan/uit-schakelaar niet ingeschakeld. Oplossing
- Schakel de aan/uit-schakelaar in. Wanneer een CD wordt geplaatst, • CD is niet juist geplaatst. verschijnt “TOC Error” of “No Disc”.
- Plaats de CD opnieuw. De weergave wordt niet gestart wanneer de PLAY-toets (1) wordt ingedrukt.
- CD is vuil of bekrast.
- Reinig de CD. Er is geen geluid of het geluid is vervormd.
- Uitgangskabel niet goed aangesloten.
- Versterker verkeerd ingesteld.
- Sluit de uitgangskabel goed aan. Een bepaald deel van de CD wordt niet weergegeven.
- CD is vuil of bekrast.
- Reinig de CD. Geprogrammeerde weergave werkt niet.
- De bediening voor geprogrammeerde • Start de geprogrammeerde weergave is verkeerd uitgevoerd. weergave opnieuw.
- Stel de versterker goed in. 2 AFSTANDSBEDIENING 2 ALGEMEEN Hoofdtelefoonuitgang : Uitgangslijn : Belastingsimpedantie : Stroomvoorziening : Stroomverbruik : Afmetingen : Installation : Gewicht : Compact-discspeler met enkelvoudig mechanisme 2-kanaals stereo 16-bits lineair
44.1 kHz bij normale weergavesnelheid
8 voudig 20 tot 20.000 Hz 0,007 % 107 dB 98 dB 90 dB RCA-aansluiting
10 kW/kohm of meer RCA-aansluiting SPDIF of IEC-958 Type II ±12 % max. 1/75 seconde Standaard compact discs (12 cm en 8 cm) : 1000 uren (continue weergave) Aansluiting voor afstandsbediening met draad (stereo-mini-aansluiting) Afstandsbedieningssensor Stereo 410 mW 33 Ω / ohm 120 V wisselstroom ±10%, 60 Hz (modellen voor V.S. en Canada) 230 V wisselstroom ±10%, 50 Hz (modellen voor Europa en Ver. Koninkrijk) 13 W 482 (B) x 88 (H) x 280 (D) mm Monteerbaar in 19-inch rek (2U) 4,7 kg ✽ Technische gegevens en ontwerp zijn vatbaar voor wijziging met het oog op verbeteringen.
Notice-Facile