CD MP3 USB CAR RADIO MD 80877 - Autoradio MEDION - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CD MP3 USB CAR RADIO MD 80877 MEDION in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over CD MP3 USB CAR RADIO MD 80877 MEDION
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Autoradio in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CD MP3 USB CAR RADIO MD 80877 - MEDION en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CD MP3 USB CAR RADIO MD 80877 van het merk MEDION.
GEBRUIKSAANWIJZING CD MP3 USB CAR RADIO MD 80877 MEDION
- RELEASE: Bedieningspaneeltje verwijderen
- EJECT: CD uitwerpen
- MULTIJOG: Instelling voor geluidsvolume, bas, hoge tonen, balans en fader
- SEL: Geluidsinstallingen: volume, bas, hoge tonen, balans en fader Instellingsmenu voor EON
- MU: Geluid uitschakelen
- CD-vak
- Display
- PWR: Apparaat in- en uitschakelen
- MOD: Overschakenen:tussen radio en CD-speler
- MMC SD: MMC/SD-sleuf
- Klepje voor USB/SD/MMC
- AF:RDS-modus (Radio Data System) instellen
- TA ("Traffic alarm"): Verkeersinformatie
- PTY:PTY-informatie weergeven
15.-20.: Zendertoetsen M1-M6 - PLAY/PAUSE: Weergave starten/onderbreken/ Eerste titel weergeven, nummertoets M1
- INT: Titel afspelen, nummertoets M2
- RPT: Heralingsfuncties instellen, nummertoets M3
- RDM: Afspelen in willekeurige volgorde, nummertoets M4
- Nummertoets M5
- Nummertoets M6
- A.P.: Automatisch opslaan van zenders/afspelen van zenders, Zoekenaar MP3-titels,-mappen en -directory's
- SCN: Automatisch Zoekenaar AF-zenders
- BND: Bandselectie in radiomodus, info over ID3-tags in MP3-modus weergeven
- TUNE/ TRACK/ SKIP +: Vooruit zoeken door zenders/CD-titels TUNE/ TRACK/ SKIP -: Achteruit zoeken door zenders/CD-titels
- CLK: Tijd weergeven/instellen
- USB: USB-aansluiting
Achter de voorklep
- RESET: Fabrieksinstellungen herstellen
- Anti-diefstal-LED: Knippert als het bedieningspaneeltje is verwijderd
INHOUDSOPGAVE
Veiligheidsadviezen 4
Elektrische apparaten buiten bereik van kinderen houden 4
Verkeersveiligheid 4
Nooit zelf repareren 4
De CD-speler 5
Het apparatus schoonmaken 5
Inbouw 5
Inbouw. 6
Inbouwadviezen. 6
Aansluitingsvoorbeelden 7
Inbouw van de radio in de ISO-slede 8
De ISO-adapterstekker 9
Het apparatusuuitbouwen 10
Bedieningspaneeltje 11
Bediening 12
Basisbediening 12
Radiofunctions 14
RADIO DATA SYSTEM 15
EON-installingsmenu 16
PTY-functions 19
Audio-CD's afspelen 20
MP3-CD's afspelen 21
Gegevens aftspelen van USB/SD/MMC-gegevensdragers . .23
Bij storingen 24
Verwijderingsadviezen 25
Over deze handleiding
Lees de veiligheidsadviezen goed door voordat u het apparaat in gebruik neemt. Houd u aan de waarschuwingen op het apparaat en in de handleiding.
Bewaar de handleiding in de auto. Geef deze handleiding erbij als u de autoradio aan iemand anders overdoet.
Houd elektrische apparaten bieten bereik van kinderen
Laat kinderen nooit zonder toezicht elektrische apparatuur gebruiken.
Batterijen/accu's hunnen bij inslikken levensgevaarlijk zijn. het apparaat en batterijen waarom buiten bereik vankleine kinderen. Als een batterij is ingeslikt要去 direct medische hulp worden ingeroepen.
Zorg ook dat kinderen nicht bij de plastic verpakking{kennen komen vanwege gevaar voor verstikking!
Verkeersveiligigkeit
De verkeersveiligkeit gaat voor alles. Bedien de autoradio alleen als de verkeersituatie dat toelaat. Zorg dat u het apparaat goed kent voordat u gaat rijden.
Geluidssignalen van de politicie, brandweer en andere eerste hulpdiensten要去en in de auto op vrij gehoord+kennen worden. Luisteraarom tijdens het rijden met een gespast volumeaar uw programma.

Nooit zich repareren
Probeer in geen geval zich het apparaat te openen en/of te repareren. Daardoor bestaat kans op elektrische schokken. Neem bij storingen contact op met ons Service Center of een ander deskundig reparatiebedrijf.

De CD-speler
De CD-speler is een Klasse 1-laserproduct. Het apparaat is voorzien van een veiligheidssystem dat bij normala gebruik het vrijkomen van gevaarlijke laserstraling voorkomt. Beschadig of

verander het veiligheidssystem van het apparaat nooit om oogletsel te voorkomen.
Behandel de disklade met zorg
Plaats geen andere voorwerpen dan CD's in de disklade. Dit kan leiden tot beschadiging van het uiterst nauwkeurige sluitmechanisme.
Het apparatus schoonmaken
Gebruik voor het schoonmaken een droge, zachte doek. Gebruik geen chemische oplos- en schoonmaakmiddelen,ondat deze het oppervlak en/of de opschriften van het apparaat+kunnen beschadigen.
Inbouw
Lees, als u uw autoradio zich wilt inbouwen, de aanwijzingen voor inbouwen en aansluiten in deze handleiding.
INBOUW
Inbouwadviezen
- Plaats het apparaat in de waarvoort geschikte slede of kies een plaats voor het monteren van het apparaat die de bestuurder bij het rijden Niet hindert.
- Sluit de kabels even tijdelijk aan voordat u het apparaat definitief inbouwt. Controller of deze goed+zijn aangesloten en of het systeme goed werk.
- Neem contact op met een garage of inbouwbedrijf als er wijzigingen aan de wagen noodzakelijk�k.
- Bouw het apparaat zo in dat er bij hard remmen geen letsel kan optreden.
- Als het apparaat onder een hoek van meer dan 30^ ten opzichte van horizontaal worden ingebouwd kan dit de optimale werking beinvloeden.
- Bouw het apparaat Niet in op eenplaats waar hog temperaturen (bijv. direct zonlicht of verwarmingslucht), stof, vuil of teveel schokken optreden.

Voorbeelden van aansluitingen
Instructies

Let erop dat de rose geheugenbackupkabel aan een constante plus worden aangesloten. Anders werkt het zendergeheugen Niet.
Op de RCA-kabel (rode en witte tulpaansluiting) kan externe apparatuur (zoals een versterker) worden aangesloten. Werk waar bij volgens de bedieningshandleiding van de externe versterker.
Vier luidsprekers (quadrosystem)

Twee luidsprekers (stereosystem)

Inbouw van de radio in de ISO-slede
- Verwijder voor het monteren de beiden transportbeveiligingsschroeven in het bovendeel van hetuis van de radio (aangegeven met rode marketing)!

Montage
De autoradio kan in elke standardd ISO-slede worden gebruikt. Ga, als uw wagen geen ISO inbounduwslede heeft, maar uw vakgarage, de vakhandel of gespecialiseerde afdelingen van warenhuizen.
- Trek het inbouwframe van de behuizing van de autoradio.
- Plaats het inbouwframe in de ISO-slede.
- Buig de lippen van het inbouwframe met een schroevendraier om zodate het stevig in de slede vastzit (zie afbeelding).

- Controlleren of het frame goed vastzit.
- Sluit het ISO-aansluitblok van de autoradio aan op de beiden ISO-stekkers van uw wagen.
- Sluit de antennekabel van Antenne van de wagen aan op de antennebus van de autoradio.
- Schuif de autoradio voorzichtig in het inbouwframe tot hij inklikt.

Gebruik bij het inbouwen het ISO-blok van de autoradio. De wagenspecifieke ISO-adapter die u eventuele nodig hebts verkrijgbaar bijvakgarages, de vakhandel of gespecialiseerde afdelingen van warenhuizen.
Bij een afgeknipt ISO-blok vervalt de garantie.

Let bij het inschuiven op deplaats van de kabels. Deze zouden beschadigd können raken.
- Druk met een balpen of een ander puntig voorwerp op de toets RESET(27).
- Plaats het bedieningsspaneeltje op de hieronder beschreiben manier.
De ISO-adapterstekker
Gebruik de ISO adapterstekker in auto voor het ISO-aansluitblok van de autoradio om een betrouwbare elektrische verbinding tot stand te brengen.
Back-upkabel
Let op dat de roze back-upkabel voor het opslaan van zenders要去ন verbonden met een constante plus-aansluiting.
Druk, nadat alle verbindingen tot stand zich gebracht, op de toets RESET (27).
Antennerelaiskabel
De blauwe kabel is bedoeld voor een relaisgestuurde antennne. Het relais zorgt voor het automatisch uitschuiven van de antennne als de radio worden ingeschakeld. Als de radio wordenuitgeschakeld, worden de antennne wee ingeschoven.
Deze relaiskabel kan ook voor het aansturen van een externe versterker worden gebruikt. Raadpleeg de bedieningshandleiding van de versterker voor informatatie over de exacte aansluiting.

Sluit de blauwe kabel nooit op de motorkabel aan. Hierdoor kan de radio beschadigd worden!
Bezetting van het ISO-blok
| BLOK B - Luidspreker | BLOK A - Voeding | |||
| B 1|3|5|7|2|4|6|8| | 1 | Rechtsachter + | 1 | |
| 2 | Rechtsachter - | 2 | ||
| 3 | Rechtsvoor + | 3 | ||
| A 1|3|5|7|2|4|6|8| | 4 | Rechtsvoor - | 4 | Constante plus (permanente 12V-boardspanning) |
| 5 | Linksvoor + | 5 | Auto-antenna (ook voor externe versterker, enz.) | |
| 6 | Linksvoor - | 6 | ||
| 7 | Linksachter + | 7 | Schakel-plus (geschakelde 12V-spanning, via contactslot) | |
| 8 | Linksachter - | 8 | Massa | |
Problemen door het verwisselen van kabels.
Bij sommige automodellen is de standardbezetting van de kabels [4] en [7] in het ISO-blok A (zie boven) in de fabriek omgekeerd.
Als dit zo is heeft dat invloed op diverse functies. Zo können bijvoorbeeld de opgeslagen zenders verloren gaan.
Voor het verhulpen hiervan要去en de rode draad (schakel-plus) en de roze draad (constante plus) in het ISO-blok omgewisseld worden.
Het apparatusuitbouwen
Neem bij het uitbouwen eerst het frontframe af en steek de rechtter en linker sleutels in de betreffende sleuven aan de zijkanten van het apparaat. De lippen worden daardoor teruggebogen en u kunt het apparaat uittrekken.

Bedieningspaneeltje
Bedieningspaneeltjeplaatsen
- Plaats de rechterkant van het bedieningspaneeltje in het frame en druk verwolgens aan de linkerkant van het frame om het paneeltje�atenbinnen te drukken. Als het goed vastzit, hoort u een klik.
- Controller of het bedieningspaneel goed en vast op+zijn plaatzit. Als het bedieningspaneeltje nicht correct is ingebouwd, wordt op het display onjuiste informatatie weergegeven en/of werken enkele toetsen Niet maar behoren.

Bedieningspaneeltje verwijderen
- Druk op de toets RELEASE (1). Het bedieningspaneeltje kommt los en u=kunt het vanaf de linkerkant verwijderen.
Bewaar het bedieningspaneeltje ter bescherming.altijd in het etui.

BEDIENING
Basisbediening
In-/uitschakelen
- Druk op de toets PWR (8) voor het in- en uitschakelen van de radio.
Geluidsniveau
- Draai aan de draaiknop MULTIJOG (3) om het geluidsniveau in te stellen.

Stel het volume altiijd zodanig in dat u de geluidssignalen van voorbijkomende noodhulpvoertuigen nog kunt horen!
Volume/bas/hoge tonen/balans/fader
- Druk op de toets SEL (4) om de actuèle instelling van volume (VOL), bas (BAS), hoge tonen (TRE), balans (BAL) en fader (FRD) waar te gehen.
- Met de draaiknop MULTIJOG(3) kutn u de instellenen wijzigen. Bij de balansinstelling kutn u de volumeverdeling rechts/links regelen en met de faderinstelling volumeverdeling voor (F) /achter (R) .
Dempen
- Druk op de toets MU (5) om het geluid helemaal uit te schakelen.
- U=knt de dempfunctie met een willekeurige toets opheffen. Bij de ontvangst van een PTY- of TA-zender (verkeersinformatie) worden de dempfunctie eveneens uitgeschakeld.
MODUS
- Druk op de toets MOD (9) om te schakelen:tussen radio-ontvangst (aanduiding RADIO) en de CD/MP3-functie (aanduiding DISC). Als een USBgevevensdrager (aanduiding USB) is aangesloten of als een SD/MMC-kaart (aanduiding CARD) is geplaatst,(Intu u bovendien kiezen:tussen de weergave van deze gevevensdrager.
RESET
- Druk met een spits voorwerp, bijvoorbeeld een balpen, op de toets RESET (27) om de fabrieksinstellungen voor de autoradio te herstellen.
-
Gebruik de toets RESET (27)
-
bij de eerste ingebruikneming na aansluiting van de kabels,
- als nicht alle functietoetsen werken,
- bij weergave van een foulmelding in het display.
Tijd instellen
Druk op de toets CLK (25) om deijd waar te gehen.
Nadat het apparaat voor het eerst is ingeschakeld of na een RESET worden deijd automatisch ingesteld bij de ontvangst van een zender met Radio Data System. Om dearend handmatig in te stellenGaat u als volgt te werk:
Houd, verwijl deijd worden weergegeven, de toets CLK (25) ingedrukt. Deijdweergave knippert.
Draai de draaiknop MULTIJOGaar rechts om de uren in te stellen ofaar links om de minutein te stellen.
Druk nogmaals op de toets CLK (25) of wacht totdat de weergave terugschakelt, om de neue tijd op te slaan.
Radiofunctions
- Druk op de toets BND (23) om te schakelen:tussen de frequentiebereiken FM1, FM2, FM3, MW (middengolf) en LW (lange golf). In elk bereik kunnen ces zenders worden opgeslagen.

De drie freiorentiebereiken FM1, FM2 en FM3omvattendezelfderefrequencies (87,5 tot 108 MHz) en makeh het zo möglichk tot 18 zenders opte slaan in het FM-bereik.
Zenders zoeken
- Houd een van de toetsen TUN/TRK/SKIP+/- (24) twee seconden lang ingedrukt om het automatisch zoeken van zenders in te schakelen. Het apparaat zoek nu automatisch maar de volgende zender. Druk op een van de toetsen TUN/TRK/SKIP+/- (24) om het automatisch zoeken van zenders waaruit te schakelen.
- Als u kort op een van de toetsen drukt,kest u de zenderfrequentie handmatig wijzigien in opwaartse of neerwaartse richting.
AF-zenders zoeken
Druk in een van de drie freiquentiebereiken FM1, FM2 of FM3 de toets SCN (22) ingedrukt om in het FM-frequentiebereik te zoekenaar zenders die een AF-signal aufgeven. Zenders die een AF-signal aufgeven, zenden alternatieve frequenciesuit waarop eveneens de ingestelde zender wordenuit gezonden.
De automatische Zoekfunctie stocht 5 seconden lang bij elke gezonden zender en gaat dan verdier. Druk op de toets SCN (22) om het zoeken te stoppen.
Zenders opslaan
- Nadat de zenderzoekfunctie een zender heeft gezonden drukt u ongeveer drie seconden lang op een van de zendertoetsen M1-M6 (15-20). Een pieptoon geeft aan dat de zender is opgeslagen. In elk freiendentiebereik (FM1, FM2, FM3, MW en LW)kest u 6 zenders opslaan. Het apparaat schakelt na enkele seconden weever op de normale zenderweergave.
Zenders oproepen
- Kies met BND (23) het frequentiebereik waarin u de zender hebt opgeslagen.
- Door het indrukken van een van de zendertoetsen M1-M6 (15-20) roept u de opgeslagen zender waar op.
- Druk op de toets A.P. (21) om elke opgeslagen zender van elk freiquentiebereik gedurende ongeveer 5 seconden te beluisteren.
- Houd de toets A.P. (21) ongeveer 2 seconden lang ingedrukt. De drie frequentiebereiken FM1, FM2 en FM3 worden doorzocht op de ces sterkste zenders en de gezonden zenders worden opgeslagen onder de programmalocaties 1 - 6 van een frequentiebereik. Vervolgens worden de in frequentiebereik FM1 onder programmalocatie 1 opgeslagen zender weergegeben.
- Druk op een van de toetsen M1-M6 (15-20) om het zoeken van zenders te stoppen.
RADIO DATA SYSTEM
Onder Radio Data System worden een service van de radio-omroepen verstaan. Naast de gebruikelijkke muzikale en gesproken bijdragen worden extra informatatie uit gezonden in de vorm vanGPCodeerde digitale signalen die door de autoradio worden geanalyseerd en weergegeven. In het display worden de programmanaam en andere informatatie (verkeersinformatie, titel van de afgeseelde muziek, enz.) weergegeven.
Alternativeve frequencies (toets AF)
- Druk kort op de toets AF (12) om de AF-functie voor de RDS-modus (Radio Data System) in of uit te schakelen. Op het display worden de aanduiding RF weergegeven als deze functie is ingeschakeld. Als de ontvangst nu zwak is, schakelt de radio automatisch over�n een RDS-zender die hetzelfde programma uitzendt.
De aanduiding AF op het display knippert als RDS-informatie binnenkomt.
Modus voor regionale programme's (toets AF)
Sommige zenders zenden op bepaaldeijden regionale programma'suit.
-
U=knt de modus voor regionaleprogramma's in-of uitschakelen door de toets AF (12) langer dan 2 seconden ingedrukt te houden. Op het display wordt de aanduiding REG ON weergegeven. Wacht totdat de radioaanduiding opnieuw wordt weergegeven om de modus voor regionele programma's in te schakelen.
-
REG ON: De radio Zoekt nu binnen de regio maar zenders met verkeersinformatie.
- REG OFF: De radio Zoekt nu buiten de regio waar zenders met verkeersinformatie.
- Druk kort op de toets TA (13) om deze functie in of uit te schakelen.
Als de TA-functie is ingeschakeld (TA worden teweergeveen op het display), worden vanuit de CD-modus onmiddelijk overgeschakeld op de radio als verkeersinformatie worden uit gezonden. Zenders die verkeersinformatie uitzenden worden op het display aangeduid met TP. Af en toe worden overgeschakeld maar het EON-verbindingsstation als EON verkeersinformatie vindt op een andere zender. Het geluidsniveau wordenস dit te laag is.
Als de TA-functie is ingeschakeld, könnenijdens het automatisch zoekenaar zenders of met de toets TUN/TRK/SKIP+/- (24) alleen zenders worden opgeslagen/gebonden die verkeersinformatie uitzenden.
Als de radio vanuit de CD/MP3-modus van een zender+zonder verkeersinformatie worden overgeschakeldaar een zender met verkeersinformatiekunt u dit proces onderbreken.Dit doet u door op de toets TA (13) te drukken.De TA-functie worden nu onderbroken zonder dat de TAmodus wordenuitgeschakeld.
Met de uitgebreide zendinformationatie "EON" krijgt u de beschikking over extra functies bij het zoeken van een zender met verkeersinformationatie. Met name schakelt het apparaat ook overaar een zender met verkeersinformationatie als u luistert maar een zender zonder. Zodra de verkeersinformationatie is afgelopen, schakelt het apparaat terug� de oorspronkelijke zender.
EONTA-LO - Lokale modus: In denen modus worden maar lokale zenders met verkeersinformatie gezocht. Op het display knippert nu EON TH LO.
EONTA-DX - Externe modus: In denen modus wordt ook maar Niet-lokale zenders met verkeersinformatie gezocht. Op het display knippert nu EON TR DX.
Het installingsmenu voor EON
-
Houd in de radiomodus de toets SEL (4) ingedrukt. Het instellingsmenu voor EON worden nu weergegeven.
-
Druk nogmaals kort op de toets SEL (4) om desubmenu's te activeren. De instelling van een submenu kurz u wijzigen met de draaiknop MULTIJOG (3). De instelleningen hoeven Niet te worden bevestigd en zijn opgeslagen zodia opnieuw maar de radio- of CD-weergave worden overgeschakeld.
TA SEEK of TA ALARM
TA SEEK: Als u het ontvangstgebied verlaten of als het signaal voor verkeersinformatie zwakker worden, worden de Zoekfunctie gestart en worden gezocht maar de meest krachtige TA-zender (zender met verkeersinformatie).
TA ALARM: Als u het ontvangstgebied verlaat of als het signal voor verkeersinformatie zwakker worden, klinkt een alarmsignaal.
PI SOUND of PI MUTE
PI SOUND: Zenders zoeken met geluid.
PI MUTE: Bij het zoekenaar zenders is het geluiduitgeschakeld.
RETUNE L of RETUNES
RETUNE L ("Long"): Het Zoekenaar een zender met de juiste PI-code (programma-identificatie) duurt 90 seconden.
RETUNE S ("Short"): Het Zoekenaar een zender met de juiste PI-code duurt 30 seconden.
MASK DPI of MASK ALL
- MASK DPI: De AF-zenders met een andere PI-code worden verborgen.
- MASK ALL: De AF-zenders met een andere PI-code en alle storende nicht-PI-zenders met bezelfde zendfrequentie worden verborgen.
BEEP 2ND: Als een toets lang worden ingedrukt, klinkt een pieptoon.
BEEP ALL: Telkens wanner op een toets worden gedrukt, klinkt een pieptoon.
BEEP OFF: Pieptoon isuitgeschakeld.
SEEK1 of SEEK2
SEEK1: Het zoekenaar zenders worden gestopt zodia de volgende zender worden ontvangen.
SEEK2: Het zoeken maar zenders houdt op als een van de toetsen TUN/TRK/ SKIP + / - (24) worden losgelaten en de volgende zender worden ontvangen.
DSP OFF,FLAT,POP M,CLASSICS of ROCK
DSP OFF: Audio-uitvoer zonder digitale effecten (Digital Sound Processing).
- FLAT,POP M,CLASSICS of ROCK: verschilende digitale effecten voor de audio-uitvoer.

Houdt u er rekening mee dat bij ingeschakelde digitale effecten deinstallingen BAS (bas) en TRE (hoge tonen) via de toets SEL (4) nicht beschikbaar+zijn.
LOUD ON OF LOUD OFF
LOUD ON: Loudness ingeschakeld (klankversterking).
LOUD OFF: Loudnessuitgeschakeld (geen klankversterking).
STEREO/MONO
Audio-uitvoer in stereo of mono instellen. Bij de ontvangst van een stereozender worden het stereosymbol weergegeven op het display.
DX of LOCAL
DX: De ontvangstgevoeligheid is ingesteld op interregionale zenders.
□ LOCAL: De ontvangstgevoeligheid is ingesteld op regionale (lokale) zenders.
VOL LAST OF VOL ADJUST
VOL LAST: Na de inschakeling worden het volume overgenomen dat was ingesteld toen het apparaat voor het letzst werkigt geschakeld.
□ VOL ADJ: Na de inschakeling worden een vast volume ingesteld, dat u kunt opgeven via het submenu VOL ADJ. Druk hiertoe op SEL (10) om maar de instelling A VOL te gaan. Stel met de draaiknop MULTIJOG (3) het volume in dat要去 worden gebruikt als het apparaat de volgende keer worden ingeschakeld. De laagste waarde is 10.
PTY-functions
PTY (Program Type Code - herkenning type/soort programme)
- U kunt het PTY-menu activeren door op de toets PTY (14) te drukken. Druk verzolgens op een van de nummertoeten M1-M6 om een PTY-vermelding voor muzieksoorten te kiezen.
- Druk nogmaals op de toets PTY (14) om met een van de nummertoetsen M1-M6 een PTY-vermelding voor gesproken onderwerpen te kiezen.
- Als u deutsche toets nu loslaat, wirdt automatisch gezocht waar zenders die passen bij de geseleteerde PTY-vermelding. Het Zoeken worden gestopt zodia de eerste zender is gezonden. De PTY-vermeldingen kunt u vinden in de onderstaande tabel:
| Toets | Soort muziek | Gesproken onderwerpen |
| M1 | POP M | NEWS (nieuws), AFFAIRS (actualiteiten), INFO (informatie) |
| M2 | EASY M, LIGHT M | SPORT, EDUCATE (opleiding), DRAMA |
| M3 | CLASSICS (klassiek); OTHER M (andere muziek) | CULTURE (cultuur), SCIENCE (wetenschap), VARIED (diversen) |
| M4 | JAZZ, COUNTRY | WEATHER (weer), FINANCE (geldwezen), CHILDREN (kinderen) |
| M5 | NATION M; OLDIES | SOCIAL (social), RELIGION (godsdienst) |
| M6 | FOLK M | TRAVEL (reizen), LEISURE (vrijeijd), DOCUMENT (documentatie) |
Let op dat deze informatatie afhankelijk is van de regio, de radio-omroep en de zender.

Als u geen RDS- of PTY-informatie ontvangt, worden "PTY NONE" weergegeven op het display.
Audio-CD's afspelen
Adviezen voor het gebruik van de CD-functie
Vocht en een hoge luchtvochtigkeit kannen tot storingen in de CD-speler leiden. Schakel in dat geval de verwarming van het voertuig in om het vocht voor het gebruik te lately verdampen.
Stel de CD-speler nicht bloot aan extreem hoge of lage temperaturen.
CD's plaatsen en uitmelen
- Plaats een CD met de tekstijdne maar boven in het CD-vak (6). Het afspelen van de CD worden automatisch gestart.
- U kurz de CD verwijderen door op de toets EJECT (2) te drukken. De CD worden uitgeworpen. De autoradio schakelt over op de radiomodus.

Laatijdens het rijden geen CD uitstekenuit de sleuf. Verwijder de CD onmiddelijk.
Titels overslaan/10 titels overslaan
- Met de toets TUNE/TRACK/SKIP+/- (24)kest u de volgende respectievelijk de vorigite titel kiezen. Het titelnummer worden op het display weergegeven.
- Met de toetsen M5 (19) en M6 (20)kest u 10 titels overslaan in achterwaartse resp. voorwaartse richting.
CD onderbreken
- Het afspelen(Int)kunt u onderbreken met de toets PLAY/PAUSE(15).Als u nogmaals op deze toets drukt,wordt het afspelen van de CD hervat.
Snel vooruit-/terugspoelen
- Houd een van de toetsen TUN/TRACK/SKIP+/- (24) langer ingedrukt om het snel vooruit-/terugspoelen te starten.
Titel kort afspelen
- Druk op de toets INT (16). Op het display worden de aanduiding S-INT weergegeven. Na elkaar worden alle titels ongeveer 10 seconden lang afgespeeld. Het normale afspelen worden hervat als u nogmaals op deze toets drukt.
Druk langer op de toets INT (16) bij gebruik van de MP3-functie. Op het display worden de aanduiding S-INT weergegeven en worden na elkaar de eerste 10 seconden van alle titels in de huidige map afgespeeld.
- Als u nogmaals op de toets INT (16) drukt, worden de normale weergave hervat.
Een titel herhalen
- Druk op de toets RPT (17). De huidige titel worden herhaald. Als u nogmaals op deze toets drukt, worden de normale weergave hervat.
Willekeurige afspeelvolgorde van alle titels
- Druk op de toets RDM (18). Het willekeurig afspelen worden gestart. Als u nogmaals op deze toets drukt, worden de normale weergave hervat.
MP3-CD's afspelen
De basisfuncties zijn gelijk aan die voor audio-CD's (zie vorige hoofstuk). Bij MP3-CD's kut u zichter de titel en de vertolkerrechtstreeks kiezen. Deze functie en de andere MP3-specifieke functies zijn geheel afhankelijk van de MP3-CD. Let hier al op bij het makeen van deze CD's (zie volgende sectie).
Alle gangbare indelingen können worden afgespeeld.
MP3-CD's make/weergeven; ID3-tags (toets BD)

MP3-CD-ROM's können, net als gevevens-CD's, afzonderlijke titels of mapperen bevatten. Let er bij het makeen van een MP3-CD op dat titels nicht op hetzelfde niveau als mapperen, maar uitsluitend binnen de mapperen要去en worden opgeslagen. Het combineren van titels en mapperen op hetzelfde niveau zou+kunnen leiden tot problemen bij het afspelen.
Bij het makeen van de MP3-CD kutn u bovendien zogenaamde "ID3-tags" opslaan (voord de invoer hiervan wordt een editor voor ID3-tags geadviseerd). Dit is een informatieblok op een MP3-CD dat in de MP3 acheter de eigenlijke muziekgegevens ligt. Dit kannen geevens over de artiest, de titel, de naam van het album en het一年多 van uitbrengen van het muziekstuk zich. Ook kutn u een korte opmerking toevoegen. De autoradio kan dit informatieblok lezen en op het display weergeven.
- U=knt de ID3-tag weergeven door op BND (23) te drukken. Telkens wanneer u op de toets drukt, worden een andere rubriek weergegeven: > TITEL > VERTOLKER > ALBUMNAAM > JAAR VAN UITBRENGEN > COMMENTAAR
Zoeken op titels (nummers) (toets A.P.)
Zoeken op titelnummers
- Druk op de toets A.P. (21). Voer nu het eerste cijfer van het titelnummer in met de draaiknop MULTIJOG (3) en bevestig met SEL (10). De cursor worden nu waar het volgende cijfer verplaatst.
Voer verwolgens met de draaiknop MULTIJOG (3) het tweede cijfer van het titelnummer in. Bevestig met SEL (4). De titel met de het ingevoerde nummer worden weergegeven.
Titelnamenzoeken (letters)
- Druk tweemaal op A.P. (21).
- U kunt nu waar het begin van een titel zoeken door een letter in te voeren met de toetsen MULTIJOG (3) op basis van de onderstaande tabel. Ga met SEL (4) maar de gezonden map.
- Druk op SEL (4) om de eerste titel met de erder ingevoerde letter te starten.
- Als met de geselecteerde tekens een map worden,kest u deze map openen met de draaiknop MULTIJOG (3) en een titel selecteren.
- U kunt het afspelen opniew starten met de toets SEL (4).
- Binnen de map=kunt u zoeken met TUNE/TRACK/SKIP+/- (24).
Zoekenaar mappings
Zoeken vanuit de hoofdmap
- Druk driemaal op A.P. (21). Gedurende enkele seconden worden de hoofdmap weergegeven, gevolgd door de eerste submap respectievelijk de eerste titel
- U=kunt een map openen met SEL (4) en Zoeken met TUNE/TRACK/SKIP+/- (24).
GEGEVENS AFSPELEN VAN USB/SD/MMC-GEGEVENSDRAGER
Als u USB-gevevensdragers, SD- of MMC-kaarten wilt weergeven, verwijdert u als eerste het klepje aan de apparaatzijde door maar rechts te trekken.
Als u de USB-aansluiting of de SD/MMC-kaartsleuf Niet meer gebruikt, schuift u het kleje weeer op de sleuf om te voorkomen dat er stof in de aansluitingen terechtkomt.
USB-gevevensdragers
U kunt op de USB-aansluiting aan de voorzijde van het apparaat een MP3-speler of een andere USB-gegevensdrager aansluiten.
Uw autoradio kan USB-gegevensdragers tot 1GB verwerken.
Daar bij mag de mappenstructuur maximaal acht niveaus diep zich en 1024\ mappen en 4096 bestanden omvatten.
Zodra het externe apparaat is aangesloten, zoekt de autoradioaar MP3- of WMA-bestanden op de gegevensdrager en wordt op het display (7) de aanuiding USB weergegeven. De bediening bij het afspelen van bestanden op de externe gegevensdrager alsmede de Zoekfunctie werken op exactdezelfde wijze als bij MP3-CD's.
SD/MMC-kaarten
U kurz in de SD/MMC-kaartsleuf SD- en MMC-kaartenplaatsen die MP3- of WMA-bestanden bevatten.
Zodra de kaart is geplaatst, zoekt de autoradioaar MP3- of WMA-bestanden op de kaart en worden op het display (7) de aanduiding CARD weergegeven. De bediening bij het afspelen van bestanden op een SD- of MMC-kaart alsmede de Zoekfunctie werken op exactdezelfde wijze als bij MP3-CD's.
BIJ STORINGEN
| PROBLEEM | MOGELIJKE OORZAAK | VERHELPEN VAN STORINGEN |
| Het apparaat kan nicht worden ingeschakeld. | Het contact staat nicht aan. | Contact aanzetten door draaien van de contactsleutel |
| Een van de zekeringen is defect. | Zekering verrangen. | |
| De CD worden nicht geladen ofuitgeworpen. | Er zit al een CD in de autoradio. | De CD verwijderen. |
| De CD is verkeerdom ingelegd. | De CD met de tekst maar boven inleggen | |
| De CD is vuil of beschadigd. | De CD schoonmaken of een andere CDplaatsen. | |
| De temperatuur in de auto is te hoog. | Wacht tot de omgevingstempoatuur waar normala is. | |
| Condensatie | De autoradio eenaar uuruitgeschakeldlaten en het daarna opnieuw proberen. | |
| Geen geluid | Het volume staat op minimum. | Het volume verhogen. |
| De kabelsijken Niet goed aangesloten. | Controler de kabelverbindingen. | |
| Functietoetsen functioneren nicht. | De ingebouwde microcomputer werkt Niet vanwege ruis. | Druk op de toets RESET (27). |
| Het bedieningspaneeltje is Niet correct geplaatst. | Controler of het bedieningspaneeltje goed is aangebracht. | |
| De CD verspringt. | De inbouwhoek is groter dan 30°. | De inbouwhoek corrigeren. |
| De CD is verontreinigd of defect. | De CD schoonmaken of een andere CDplaatsen. | |
| Fouten bij zelfgebrande CD's. | De zelfgebrande CD in een andere spelere controlleren. | |
| De radio en/of het automatische zendergeheugen functioneren nicht. | De antennekabel is Niet correct aangesloten. | De antennekabel controleren op een correcte aansluiting. |
| De zendersignalen zijn te zwak. | De zender handmatig instellen. | |
| Zendergeheugen werkt nicht. | De kabel voor constante plus (roze) is Niet goed aangesloten. | Controleer de kabelverbindingen. Zie hiervoor het hoofdstuk “Inbouw” op pagina 6. |
AANWIJZINGEN VOOR VERWIJDERING
Verpakking

Niet meer benodigde verpakkingen en hulpmiddelenaarvoor+kunnen worden gerecycledeiendienen als herbruikbaar materiaal te worden afgevoerd.
Apparaat

Verwijder de autoradio aan het einde van de levensduur in geen geval als gewoon huisvuil. Informeer bij de lokale autoriteiten maar möglichkheden om het op een milieubewuste en correcte wijze af te voeren.
TECHNISCHE GEGEVENS
ALGEMEEN
Voeding: DC 12V, negatieve massaverbinding
Afmetingen: 178 × 165 × 50 ~mm ( B × D × H )
Uitgangsvermogen: 4 × 25 Watt (piekuitgangsvermogen muziek)
Zekeringen: 1 A (rood), 15 A (roze), 0,5 A (geel)
RADIO
| Radioband | Frequencies |
| Frequentiebanden FM1, FM2 en FM3 | 87,5 tot 108 kHz |
| MW golfänge | 522 KHz - 1620 KHz |
| LW | 144 KHz -290 KHz |
CD/MP3-SPELER
Laservermogen: Klasse 1 laserproduct
Frequentiebereik: 40 Hz tot 18 kHz
MPEG-snelheid 64-320k
MP3-weergave ISO 9660- en Joliet-indeling van MP3

Het apparaat kan audio-CD's, CD-R's en CD-RW's afspelen.




Let op het volgende:
Er zijn gegenwoordig vele soorten, deels Niet gestandaardiseerde, CD-opnamemethodes en kopiererbeschermingen en daarnaast verschillende soorten blanco CD R's en CD RW's. In een enkel geval konnen daardoor leesfouten of vertragingen optreden. Dit is geen defect van het apparaat.
Dit apparaat is toegelaten volgens Richtlijn 72/245/EEG (laatst gewijzigd door richtlijn 95/54/EG) - "Elektromagnetische compatibilititeit" (zgn. E-keur).

Technische wijzigingen voorbehonden.
NL