DLE-50 PROFESSIONAL - Afstandsmeter BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DLE-50 PROFESSIONAL BOSCH in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over DLE-50 PROFESSIONAL BOSCH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Afstandsmeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DLE-50 PROFESSIONAL - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DLE-50 PROFESSIONAL van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING DLE-50 PROFESSIONAL BOSCH
Veiligheidsvoorschriften
Voorzichtig - wonneer andere dan de hier vermelde bedienings- en instelvoorzieningen worden gebruikt of andere procedures worden uitgevoerd, kan dit tot gevaarlijke stralingsblootstelling leiden.
Het meetgereedschap worden geleverd met een waarschuwingsplaatie in het Duits (in de weergave van het meetgereedschap op de pagina met afbeeldenen aangeduid met nummer 8).

Functiebeschrijving

Alle aanwijzingen要去en worden gelezen om zonder gevaren en veilig met het meetgereedschap te werken. Maak waarschuwingsplaatjes op het meetgereedschap nooit onleesbaar. BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN GOED.
Vouw de uitvouwbare pagina met de afbeeling van het meetgereedschap open en LAST deze pagina opengevouwen terwijl u de gebruksaanwijzing leest.
Gebruik volgens bestemming
Het meetgereedschap is bestemd voor het meten van afstanden, lengten, hoogten enussenruimten en voor het berekenen van oppervlakten en inhouden. Het meetgereedschap is geschikt voor maatvoerig bij bouwwerkzaamheden, zowel binnen als buiten.
- Plak over de Duitse tekst van het waarschuwingsplaatje de meegeleverde sticker in uw eigen taal voordat u het gereedschap voor het eerst gebruikt.
Richt de laserstraal Niet op Personen of die- ren en kijk zich nicht in de laserstraal, ook nicht vanaf een grote afstand. Dit meetgereedschap brengt laserstraling van laserklasse 2 volgens EN 60825-1 voort. Daardoor sunt u onbedoeld andere Personen verblinden. - Gebruik de laserbril nicht als verilgheidsbril. De laserbril dient voor het better herkennen van de laserstraal, maar biedt geen bescherming gegen de laserstralen.
- Gebruik de laserbril nicht als zonnebril en nicht in het verkeer. De laserbril besteht geen volledige bescherming gegen ultravioletstralen en vermindert de waarneming van kleuren.
Laat het meetgereedschap repareren door gekwalificeerd, vakkundig personeel en alleen met originele verwangingsonderdelen. Daarmee worden gewaarborgd dat de verilheid van het meetgereedschap in stand blijft.
Laat kinderen het lasermeetgereedschap nicht zonder toezicht gebruiken. Anders kannen zich onbedoeld andere Personen verblinden.

Afegebeelde componenten
De componenten zijn genummerd zoals op de afbeelding van het meetgereedschap op de pagina met afbeeldingen.
1 Toets Verwijderen, C
2 Toets Geheugen aftrekken „M-
3 Toets Geheugen optellen _·M + ^+
4 Toets Lente- en duurmeting
5 Toets Oppervlakte-, inhouds- en indirecte lengtemeting
6 Display
7 Utilijnhulp
8 Laser-waurschuwingsplaatje
9 Toets Meten
10 Toets Referentievlak
11 Toets Geheugenwaarde oproepen, M =
12 Toets Permanente laserstraal
13 Aan/uit-toets
14 Aanslagstift
15 Vergrendeling van de aanslagstift
16 Vergrendeling van het batterijvakdeksel
17 Deksel van batterijyak
18 Serienummer
19 Uitgang laserstraal
20 Ontvangstlens
21 1/4"-schroefdraad
22 Laserbril*
23 LaserdoelpaneleI*
24 Opbergetui
25 Draagriem
Indicatie-elementen
a Batterij-indicatie
b Temperaturindication
c Meetwaarde/resultsaat
d Maateenheid
e Referentievlak van de meting
f Laser ingeschakeld
g Afzonderlijke meetwaarde (bij lengtemeting:resultaat)
h Meetfunctions
— Lengtemeting
Duurmeting
□ Oppervlaktemeting
Inhoudsmeting
Indirectelengtemeting
i Meetwaarden opslaan
*Niet elk afgebeeld en beschreiben toebehoren worden meegeleverd.
Technische gegevens
Digitale laser-afstandsmeter DLE 50 PROFESSIONAL
| Zaaknummer | 3 601 K16 000 |
| MeetbereikA) | 0,05 ... 50 m |
| Meetnauwkeurigheid | |
| - karakteristiek | ±1,5 mm |
| - maximaal | ±3 mmB) |
| Meettijd | |
| - karakteristiek | <0,5 s |
| - maximaal | 4 s |
| Kleine indicatee-eenheid | 1 mm |
| Bedrijftstemperatuur | -10 °C ... +50 °C |
| Bewaarttemperatuur | -20 °C ... +70 °C |
| Relatieve luchtvochtigheid max. | 90 % |
| Laserklasse | 2 |
| Lasertype | 635 nm, <1 mW |
| Diameter laserstraal (bij 25 °C) ca. | |
| - op 10 m afstand | 6 mm |
| - op 50 m afstand | 30 mm |
| Batterijen | 4 x 1,5 V LR03 (AAA) |
| Accu's | 4 x 1,2 V KR03 (AAA) |
| Levensduur batterij ca. | 30000 afzonderlijke metingen |
Automatische uitschakeling
na ca.
-laser
-meetgereedschap
(zonder meting) 5 min
Gewicht volgens
EPTA-Procedure 01/2003 0,18kg
Isolationsoort IP 54 (stof- en spat
(behvalbatterijdeksel) waterbescherming)
A) De reikwijdtwe wordt groter naarmate het laserlicht better door het oppervlak van het doel worden gereflecteerd (gestrooid, Niet gespiegeld) en naarmate de laserpuntichter is dan de omgeveing (interieurs, schemering).
Bij ontunjstige omstandigden, zoals megenen buitenshuis met fel zonlicht, kan gebruik van het doelpaneel nodig aan.
B) +0,1 mm/m bij ongunstige omstandigheden, zoals fel zonlicht
Let op het zaaknummer op het typeplaatje van het meetgereedschap. De handelsbenamingen van afzonderlijke meetgereedschappen können afwijken.
Het serienummer 18 op的那种ypeplaatjeClient voor de eenduige identificatie van uwmeetgereedschap.
Het certificaat "Nationale bouwtypegoedkeuring" bevindt zich aan het einde van deze gebruiksaanwijzing.



Gebruik
Batterijen inzetten of verrangen
Gebruik uitsluitend alkalinangaanbatterijen of oplaadbare batterijen.
Met 1,2 V accuellen zijn minder metingen möglichk dan met 1,5 V batterijen.
Als u het batterijvakdeksel 17 wilt openen, drukt u op de vergrendeling 16 in de richting van de pijl en verwijdert u het batterijvakdeksel. Plaats de meegeleverde batterijen. Let waar bij op de juistePOOLaansluitingen,zoals aangegeven op de binnenzijde van het batterijvak.
Als het batterijsymbol voor het eerst in het display verzucht, maar nog minstens 100 metingen möglichk. Als het batterijsymbol knippert,要去 u de batterijen verzvangen.Metingen maar zich noet更是可想而知.
Vervang als alle batterijen tegelijkertijd. Gebruik alleen batterijen van een fabrikant en met bezelfde capaciteit.
Neem de batterijen uit het meetgereedschap als u het langdurig Niet gebruikt. Als de batterijen lang worden bewaard, kuren deze gaan roesten en leegraken.
Ingebruikneming
Beschem het meetgereedschap gegen vocht en fel zonlicht.
Stel het meetgereedschap Niet bloot aan extreme temperatures of temperatuorschommelingen.
In- en uitschakelen
Als u het meetgereedschap wilt inschaken, drukt u op de aan/uit-toets 13 of op de toets Meten 9. Bij het inschaken van het meetgereedschap worden de laseraal nog Niet ingeschakeld.
Als u het meetgereedschap wilt uitschakelen, drukt u op de aan/uit-toets 13.
Na ca. 5 minuten zonder het uitvoeren van een meting wordt het meetgereedschap automatisch uitgeschakkel om de batterijen te sparen.
Als er een meetwaarde is opgeslagen, blijft deze na het automatisch uitschakelen bewaard. Na het opnieuw inschakelen van het meetgereedschap worden „M" in het display weergegeven.
Meten
Het meetgereedschap beschikt over verschillendemeetfuncties die u door het indrukken van de desbe-treffende functietoets kurz selecteren (zie „Meetfunctions"). Na het inschakelen werkdt het meetgereedschap in de functie lengtemeting.
U kunt bovendien door het indrukken van de toets Referentievlak 10uit vier verschillende referentievlakken voor de meting kiezen (zie „Referentievlak kiezen"). Na het inschaken is de achterkant van hetmeetgereedschap als referentievlak vooraf ingesteld.
Na het kiezen van de meetfunctie en het referentievlak vinden alle overige stappenplaats door het indrukken van de toets Meten 9.
Plaats het meetgereedschap met het gekozen referen-tievlak gegen de gewenste meetlijn (bijvoorbeeld gegen de muur).
Duw voor het inschakelen van de laserstraal op de toets Meten 9.
Richt de laserstraal Niet op Personen of die- ren en kijk zich Niet in de laserstraal, ook nicht vanaf een grote afstand.
Richt de laserstraal op het doeloppervlak. Druk opnieuw op de toets Meten 9 om de meting te starten. In de functie Duurmeting en bij een ingeschakelde permanente laserstraal begint de meting reeds na de eerste keer drukken op de toets Meten 9.
De meetwaarde wordt na 0,5 tot 4 seconden weergegeven. De duur van de meting is afhankelijk van de afstand, belichting en mate van weerspiegeling van het doeloppervlak. Het einde van de meting wordt aangegeven door een geluidssignaal. Na beeingding van de meting wordt de laserstraal automatisch uitgeschakkel.
Als ca. 20 seconden na het richten geen meting plaatsvindt, worden de laserstraal automatisch uitgeschakeld om de batterijen te sparen.
Referentievlak kiezen (zie afbeeldingen A - D)
Voor de meting kut uuit vier verschillende referentievlakken kiezen:
- de hinterkant van het meetgereedschap (bijvoorbeeld als het gegen een muur worden geplaatst),
- dechterkant van de aanslagstift 14 (bijvoorbeeld voor metingen uit hoeken),
- de Voorkant van het meetgereedschap (bijvoorbeeld bij het meten vanaf de rand van een tafel),
- de schroefdraad 21 (bijvoorbeeld voor metingen met statief).
Druk voor het kiezen van het referentievlakeermaals op de toets 10 tot in het display het gewenste referen-. tievlak worden weergegeven. Na het inschaken van het meetgereedschap is altijd de achterkant van het meetgereedschap als referentievlak vooraf ingesteld.
Permanente laserstraal
U knot het meetgereedschap indien nodig op permanente laserstraal instellen. Druk waarvoor op de toets Permanente laserstraal 12. In het display brandt de indicate, "LASER" continu.

Richt de laserstraal Niet op Personen of die- ren en kijk zich Niet in de laserstraal, ook nicht vanaf een grote afstand.
De laserstraal blijft in deze instelling ook:tussen de metingen ingeschakeld. Voor het meten is slechts eénmaal indrukken van de toets Meten 9oodzakelijk.
Druk voor het uitschakelen van de permanente laserstraal opnieuw op de toets 12 of schakel het meetgereedschapuit. Als hetmeetgereedschap opnieuw wordt ingeschakeld, bevindt het zich in de normale modus. De laserstraal verschijnt alleen bij het indruken van de toets Meten 9.
Meetfunctions
Lengtemeting
Druk voor lenghtemetingen op de toets 4 tot in het displayeindicatie voor lenghtemeting-verschijnt.

Druk eenmaal op de toets Meten 9 om de laserstraal te richten en druk opnieuw om te meten.
De meetwaarde worden onder in het display weergegeven.
Oppervaktemeting
Druk voor oppervlaktemetingen op de toets 5 tot in het display de indicateie voor oppervlaktemeting versusijnt.

Meet verwolgens lenghte en bredte na elkaar, net als bij een lengtemeting. Tussen de beide metingen blijft de laserstraal ingeschakeld.
Na afsluiting van de tweedemeting worden de oppervlakte
automatisch berekend en weergegeven. De LASTe afzonderlijke meetwaarde staat onder in het display, het eindresultaat boven.
Inhoudsmeting
Druk voor inhoudsmetingen op de toets 5 tot in het display de individatie voor inhoudsmeting l verschijnt.

Meet verwolgens lenghte, bredte en hoogte na elkaar, net als bij een lengtemeting. Tussen de drie metingen blijft de laserstraal ingeschakeld.
Na aflsluiting van de derde meting worden de inhoud auto
matisch berekend en weergegeven. De LASTe afzonderlijke meetwaarde staat onder in het display, het eindresultaat boven.
Duurmeting (zie afbeelding E)
De duurmeting dient voor het aftekenen van maten, bij voorbeeld uit bouwtekeningen. Bij de duurmeting kan het meetgereedschap relatief ten opzichte van het doel worden verplaatst, waarbij de meetwaarde ongeveer elke 0,5 seconden worden geactualiseerd. U kunt zich bijvoorbeeld van een muur verwijderen tot aan de gewenste afstand. De actuele afstand is steeds afleesbaar.
Druk voor duurmethingen op de toets 4 tot in het displayeindicatie voor duurmething 一 verschijnt.

Druk eenmaal op de toets Meten 9 om de meting te starten. Beweeg het meetgereed-schap tot de gewenste afstand onder in het display worden weergegeven.
Door het indrukken van de toets Meten 9 onderbreekt u de duurmeting. De actuèlemeetwaarde wordt in het display weergegeven. Als u opnieuw op de toets Meten 9 drukt, start de duurmeting opnieuw.
De duurmeting worden na 5 minuten automatisch uitgeschakeld. De laatste meetwaarde blibt in het display staan. Au duurmeting erder wilt beeindigen, kurz u door het indrukken van de toets 4 of 5 van meetfunctie veranderen.
Indirecte lengthemeting (zie afbeelding F)
De indirecte lengtemeting dient voor het meten van afstanden die Niet rechtsreeks hunnen worden gemeten, maar een obstakel de laserstraal belemmert of omdat er geen doeloppervlak als reflector beschikbaar is. Correcte resultaten worden alleen bereikt als laserstraal en gezochtte afstand een nauwkeurige rechte hoek vormen (stelling van Pythagoras).
In het afgebeelde voorbeeld moet de lenghte C worden bepaald. Daaroor moeten A en B worden gemeten. A en C要去en een rechte hoek vormen.
Druk voor indirecte lengtemetingen op de toets 5 tot in het display de individatie voor de indirecte lengtemetting verschijnt.

Meet net als bij een langtemeting de afstand A. Let erop dat de afstand A en de gezocha te afstand C een rechte hoek vormen. Meet verrolgens afstand B. Tusnen de beide metingen blijft de laserstraal ingeschakeld.
Let erop dat het referentiepunt van de meting (bijvoorbeeld Achterkant van het meetgereedschap) bij beiden metingen nauwkeurig op bezelfde plaats is.
Na afsluiting van de tweede meting wordt de afstand C automatisch berekend. De LASTe afzonderlijke meetwaarde staat onder in het display, het eindresultaat C boven.




Meetwaarden verwijderen
Door het indrukken van de toets Verwijderen 1(Intuit u in alle meetfuncties de LAST gemeten afzonderlijke meetwaarde verwijderen. Door heteermaals indrukken van de toets worden de afzonderlijke meetwaarden in omgekeerde volgorde verwijderd.
Geheugenfuncties
Bij het uitschakelen van het meetgereedschap blijft de waarde in het geheugen bewaard.
Meetwaarden opslaan of optellen

Druk op de toets Geheugen optellen 3 om de actuèle meetwaarde (afhankelijk van de actuèle meetfunctie een lengte, oppervlakte- of inhoudswaarde) op te slaan. Zodra een waarde is opgeslagen, worden in het display „M" weergegeven. Daarachter knippert de „+“ kort.
Wanner er reeds een waarde in het geheugen aanwezig is, worden de neue waarde bij de inhoud van het geheugen opgeteld,ECHTER alleen wanner de maateenheden overeenkomen.
Als er bijvoorbeeld een oppervlaktewaarde in het geheugen aanwezig is, en de huidige meetwaarde een inhoudswaarde is, kan de optelling nicht worden uitgevoerd. In het display knippert kort „ERROR".
Meetwaarden aftrekken
Druk op de toets Geheugen aftrekken 2 om de actuèle meetwaarde van de geheugenwaarde af te trekken. Zodra een waarde is afgetrokken, worden in het display „M" weergegeven. Daarachter knippert de -, kort.
Als er al een waarde is opgeslagen, kan de{nieuwe meetwaarde alleen worden afgetrokken als de maateenheden overeenkomen (zie ,Meetwaarden opslaan of optellen").
Geheugenwaarde weergeven

Druk op de toets Geugeenwaarde oproepen 11 om de waarde in het geheugen weer te gezven. In het display worden, M = weergegeven. Als de geheugeninhoud, M = in het display worden weergegeven,
kunt u deze door het indrukken van de toets Geheugen optellen 3 verdubbelen of door het indrukken van de toets Geheugen aftrekken 2 op nul zetten.
Geheugen wissen
Als u de inhoud van het geheugen wilt wissen, drukt u eerst op de toets Geheugenwaarde oproepen 11, zodate M = in het geheugen worden weergegeven. Druk verwolgens op de toets Verwijderen 1; in het display worden geen M meer weergegeven.
Tips voor de werkzaamheden
De ontvangstlens 20 en de uitgang van de laserstraal 19might bij een meting Niet afgedekt zich.
Het meetgereedschap magijdens een meting nicht bewogen worden (met uitzondering van de functie duurmething). Leg waarom het meetgereedschap indien möglichk gegen of op de meepunten.
De meting vindt plaats bij het middelpunt van de laserstraal, ook bij vlakken waarop de straal schuin valt.
Het meetbereik is afhankelijk van de belichting en de mate van weerspiegeling van hetmeetoppvlak. Gebruik voor een betere zichtaarheid van de laserstraal bij werkzaamheden buitenshuis en bij fel zonlicht de laserbril 22 en het laserdoelpaneel 23 (toebehoren), of zorg voor schaduw op het doelpaneel.
Bij het meten gegen transparante oppervlakken (bijvoorbeeld glas of water) of weerspiegelende oppervlakken hunnen meetfouten optreden. Ook poreuze en gestructureerde oppervlakken, luchtlagen met verschillende temperatures en indirect ontvangen weerspiegelenglen hunnen de meetwaarden beinvloeden. Deze effecten hebben fysische oorzaken en hunnen waar door het meetgereedschap Niet worden uitgesloten.
Richten met uitlijnhulp (zie afbeelding G)
Met de uitrichthulp 7 kan het richten over grotere afstanden vergemakkelijkt worden. Kijk waaroor langs de uitlijnhulp aan de bovenzijde van het meetgereedschap. De laserstraal verloopt parallel aan deze zichtlijn.
Meten met aanslagstift (zie afbeeldingen B en H)
Het gebruik van de aanslagstift 14 is bijvoorbeeld geschikt voor metingen vanuit hoeken (ruimtediagonalen) of moeilijk bereikbare plaatsen zoals rails van rolluiken.
Duw de vergrendeling 15 van de aanslagstift opzij om de stift uit te klappen.
Stel het referentievlak voor metingen met de aan-slagstift door het indrukken van de toets 10 overeenkomstig in.
Als u de aanslagstift 14 wilt inklappen, duwt u de stift in het huis tot deze Niet meer verder kan. De stift worden automatisch vergrendeld.
Werkzaamheden met het statief
Het gebruik van een statief is vooral bij grotere afstan denoodzakelijk. U knot het meetgereedschap met de 1 / 4'' -schroefdraad 21 aan de onderzijde van hetuis op een in de handel verkrijgbaar fotostatif schroeven.
Stel het referentievlak voor metingen met de aanslagstift door het indrukken van de toets 10 overeenkomstig in (referentievlak schroefdraad).

Oorzaken en oplossingen van fouten
| Oorzaak | Oplossing |
| Temperatuurindicatie b knippert, meting nicht möglich | |
| Temperatuur meetgereed-schap buiten bedrifstem-peratuur van -10 °C tot +50 °C. | Wacht tot het meetge-reedschap bedrifstem-peratuur bereikt |
| De batterij-indicatie a worden weergegeven | |
| Batterijspanning worden minder (meting nog mog-lijk) | Batterij verrangen |
| Batterij-indicatie a knippert, meting nicht möglich | |
| Batterijspanning te laag | Batterij verrangen |
| Indicaties „ERROR" en „----” in het display | |
| Hoek:tussen laserstraal en doel is teklein. | Vergroot de hoek:tussen de laserstraal en het doel |
| Doelopppervlak weerspie-gelt te sterk (bijv. spiegel) of te zwak (bijv. zwart tex-tiel) of omgevingslicht is te sterk. | Gebruik het laserdoelpa-neel 23 (toebehoren) |
| Uitgang laserstraal 19 of ontvangstrens 20 zijn beslagen (bijv. door snelle temperatuurverandering). | Wrijf de uitgang laser-straal 19 of de ont-vangstrens 20 droog met een zachte doeok |
| Indicatie „ERROR" knippert boven in het display | |
| Optellen of aftrekken vanmeetwaarden met ver-schillende maateenheden | Alleenmeetwaarden met metdezelfde maateenheden optellen of aftrekken |
| Meetresultaat net betrouwbaar | |
| Doelopppervlak weerspie-gelt Niet duidelijk (bijv. water of glas). | Dek het doelopppervlak af |
| Uitgang laserstraal 19 of ontvangstrens 20 is afge-dekt. | Houd de uitgang laser-straal 19 of ontvangst-lens 20 vrij |

Het meetgereedschap controleert de juiste werking bij elk meting. Als een defect worden vastgesteld, knippert in het display alleen nog het hiernaast staande symbol. In dit geval of wenneer de fouit Niet met de bovenge
noemde maatregelen kan worden verholpen, dient u het meetgereedschap via uw leverancieraar de klantenservice van Bosch te sturen.
Nauwkeurigheidscontrole van het meetgereed-schap
U kurz de nauwkeurigheid van het meetgereedschap als volgt controeren:
- Kies een duurzaam onveranderlijke metafstand met een lenghte van ongeveer 1 tot 10m waarvan u de lenghte nauwkeurig kent (bijvoorbeeld kamerbreedte, deuropening).
- Meet de afstand tien opeenvolgende keren.
De meetfout mag maximaal ± 3mm bedragen. Houd de metingen bij, zodate u de nauwkeurigheid op een later tijdstep sunt vergelijkden.
Onderhoud en service
Onderhoud en reiniging
Bewaar en transporteer het meetgereedschap alleen in het meegeleverde beschermetui.
Houd het meetgereedschap.altijd schoon.
Dompel het meetgereedschap Niet in water of andere vloeistoffen.
Verwijder vuil met een vochtige, zachte doek. Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen.
Verzorg in het bijzonder de ontvangstlens 20 met bezelfde zorgvuldigheid waarmee een bril of een cameralens要去en worden behandeld.
Mocht het meetgereedschap ondanks zorgvuldige fabricage- en testmethoden toch defect raken, dient de reparatie te worden uitgevoerd door een erkende klantenservice voor Bosch elektrische gereedschappen.
Vermeld bij vragen en bestellingen van verrangingsonderdelen altijd het UIT tiem cijfers bestande zaaknummer volgens het typeplaatje het het meetgereedschap.
Verzend het meetgereedschap in het beschermetui 24 in het geval van een reparatie.
Toebehoren en verwangings-onderdelen
Laserbril 22. 2607990031
Laserdoelpanel 23. 2607 001 391
Opbergetui 24. 1609 203 R94
Draagriem 25 1609 203 R97
Deksel van batterijvak 17. 609 203 R93
Aanslagstift 14 609 203 R92







Explosietekingen en informatie over verwangingsonderdelen vindt u op:
www.bosch-pt.com
Nederland
+31 (0)76/579 54 54
Meetgereedschappen, toebehoren en verpakkingen dieren op een voor het milieu verantwoorde manier te worden hergebruikt.
Alleen voor landen van de EU:

Gooi meetgereedschappen nicht bij het huisvuil.
Volgens de Europese richtig 2002/96/EG over elektrische en elektronische oude apparaten en de omzetting van de richtig in nationaal
recht要去en nicht更是bruikbaremeetgereedschappenapartwordeningezameldenopeenvoort hetmilieuverantwoordewijzewordenerhegebruikt.
Accu's en batterijen:
Gooi accu's of batterijen Niet bij het huisvuil en even-min in het vuur of het water. Accu's en batterijen moeten worden ingezameld, gerecycled of op een voor het milieu verantwoorde wijze worden afgevoerd.
Alleen voor landen van de EU:
Volgens richtlijn 91/157/EEG moeten defecte of versleten accu's en batterijen worden gerecycled.
Wijzigingen voorbehouden.
| - i 10 m afstand | 6 mm |
| - i 50 m afstand | 30 mm |
| Batterier | 4 x 1,5 V LR03 (AAA) |
| Akkuer | 4 x 1,2 V KR03 (AAA) |
| Batteriets levetid ca. | 30000 enkelte mälinger |
Mnatapiec/Enavaophiotizoeveeucmatapiec:
Mn pixveTc iunatapieC/Tic e naVauoPtiO- meveC mntapieC oTA anopipmuTou otuiou oac,OTn fWtia nTo vepo. OI matapeic/o I e naVauoPtiOJeveC mntapieC npenlva oulambdaoyovtai kai va avakukwovvotai n va anooOpovtai μe tpono pfikok npoc to NpiciAALov.
Movi yia xwpeC tnc EE:
Geantadeprotectie24 1609203R94
Chinga de transport 25 1609 203 R97
Capac compartment
baterie 17 1609 203 R93
Stiftopritor14 1609203R92