CN83N - Schroevendraaier Vevor - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CN83N Vevor in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over CN83N Vevor
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Schroevendraaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CN83N - Vevor en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CN83N van het merk Vevor.
GEBRUIKSAANWIJZING CN83N Vevor
Technische ondersteuning en e-garantiecertificaat www. vurig. com/ondersteuning
SPOELNAGELAAR
MODEL:CN83
We blijven ons inzetten om u gereedschap tegen een concurrerende prijs te bieden.
'Bespaar de helft', 'Halve prijs' of andere soortgelijke uitdrukkingen die door ons worden gebruikt vertegenwoordigen slechts een schatting van de besparingen die u zou kunnen profiteren als u bepaalde gereedschappen bij ons koopt in vergelijking met de grote topmerken en betekenen niet noodzakelijkerwijs dat ze alle categorieën van aangeboden gereedschappen dekken. door ons. Wij verzoeken u vriendelijk om bij het plaatsen van een bestelling bij ons goed na te gaan of u daadwerkelijk de helft bespaart in vergelijking met de grote topmerken.
VEVOR®
TOUGH TOOLS, HALF PRICE
SPOELNAGELAAR
MODEL:CN83

Heeft u productvragen? Technische ondersteuning nodig? Neem gerust contact met ons op: Technische
ondersteuning en e-garantiecertificaat www. vurig. com/ ondersteuning
Dit is de originele instructie. Lees alle handleidingen zorgvuldig door voordat u ermee aan de slag gaat. VEVOR behoudt zich een duidelijke interpretatie van onze gebruikershandleiding voor. Het uiterlijk van het product is afhankelijk van het product dat u heeft ontvangen. Vergeef ons alstublieft dat we u niet opnieuw zullen informeren als er technologie- of software-updates zijn voor ons product.
![]() | Waarschuwing-Om het risico op letsel te verminderen, moet de gebruiker de instructies lezen handleiding zorgvuldig. | |||
![]() ![]() ![]() ![]() | Draag altijd een ANSL-goedgekeurde veiligheidsbril wanneer u met gereedschap werkt en uitrusting.Draag oogbescherming.Draag gehoorbescherming.Draag stofmaskersDraag beschermende handschoenen. | |||
![]() | ||||
Technische data
| MODEL | CN83 | Geluid volgens EN12549:1999 en INISO4871 | |
| SNEL KOPPELING | VS-TYPE EUROPA-TYPE JAPANS TYPE | A-gewogen geluid druk niveau | LpA=84dB(A) |
| Werkdruk | 70-110PSI (4,8-7,5 bar) | Geluidsvermogenniveau LwA=97dB(A) | |
| Max. druk 120PSI | (8,3bar) | Trillingen | 4,6 cm/s ^2 |
1.1 Bevestigingsmiddel
capaciteit: 225-300 stuks
Maat bevestigingsmiddel:

Toepassing: onderlaag van dakbedekking, muurbekleding, inlijsten, recreatiedekken,
pelstrips
1.4 locaties van onderdelen (zie afbeelding)
Een tijdschrift
B-trigger
C-uitlaatopening
D-luchtsnelkoppeling

text_image
A B C DSpeciale referenties
2.1 Instructies
De volgende norm is van toepassing op gereedschappen voor het indrijven van bevestigingsmiddelen;
EN792-13:2000+A1:2008"Veiligheidseisen voor handbediende niet-elektrische elektrische gereedschappen – Deel
13: Gereedschap voor het indrijven van bevestigingsmiddelen".
bevestigingsmiddelen worden gespecificeerd in de bedieningsinstructies (zie
TECHNISCHE GEGEVENS) worden gebruikt in gereedschappen voor het indrijven van bevestigingsmiddelen. Het bevestigingsmiddel rijdt gereedschap en de in de gebruiksaanwijzing gespecificeerde bevestigingsmiddelen moeten worden gebruikt beschouwd als één veiligheidssysteem; - Voor de aansluiting op de perslucht moeten snelkoppelingen worden gebruikt systeem en de niet-afdichtbare nippel moeten zodanig op het gereedschap worden gemonteerd er blijft na het loskoppelen geen perslucht in het gereedschap achter; - zuurstof of brandbare gassen mogen niet als energiebron worden gebruikt met perslucht bediende bevestigingsmiddelen; - gereedschap voor het indrijven van bevestigingsmiddelen mag alleen worden aangesloten op een luchttoevoer waarbij de De maximaal toegestane druk van het gereedschap mag niet met meer dan worden overschreden 10%; in het geval van hogere druk, een drukreduceerventiel met een een stroomafwaartse veiligheidsklep moet in de persluchttoevoer worden ingebouwd; - alleen reserveonderdelen gespecificeerd door de fabrikant of zijn geautoriseerde er moet een vertegenwoordiger worden gebruikt bij de reparatie van gereedschappen voor het indrijven van bevestigingsmiddelen; - reparaties mogen alleen worden uitgevoerd door geautoriseerde agenten van de fabrikant of door andere deskundigen, met inachtneming van de in de operationele informatie verstrekte informatie instructies.
- staat voor het monteren van het bevestigingsgereedschap op een steun, bijvoorbeeld op een werktafel, moet worden ontworpen en
door de standfabrikant zo geconstrueerd dat de bevestiger indrijft
gereedschap kan veilig worden bevestigd voor het beoogde gebruik, waardoor bijvoorbeeld schade, vervorming en verplaatsing worden vermeden.
Voor speciale toepassingsgebieden van het bevestigingsgereedschap kan het nodig zijn
het naleven van aanvullende bepalingen en voorschriften. - mogen alleen de
belangrijkste energie- en smeermiddelen zijn die in de gebruiksaanwijzing worden vermeld gebruikt:
- gereedschap voor het indrijven van bevestigingsmiddelen, gemarkeerd met een omgekeerde gelijkzijdige driehoek die erop staat
één punt mag alleen worden gebruikt met een effectief veiligheidsjuk; - voor het onderhoud van
gereedschappen voor het indrijven van bevestigingsmiddelen mogen alleen reserveonderdelen worden gebruikt die zijn gespecificeerd door de er moet gebruik worden gemaakt van de fabrikant of zijn gemachtigde vertegenwoordiger;
- reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door door de fabrikant geautoriseerde agenten of door andere specialisten, met inachtneming van de informatie in de bedieningshandleiding instructies;
- OPMERKING: Specialisten zijn degenen die, als resultaat van een professionele opleiding of
ervaring, voldoende expertise hebben op het gebied van bevestigingsgereedschappen en voldoende bekendheid met relevante industriële beschermingsbepalingen van de overheid, voorschriften ter voorkoming van ongevallen, richtlijnen en algemeen erkende technische voorschriften regelgeving (bijvoorbeeld CEN- en CENELEC-normen), om de veiligheid te kunnen beoordelen werkende staat van bevestigingsmiddelen.
2.2 Geluidsemissie
De karakteristieke geluidswaarden voor het bevestigingsgereedschap zijn bepaald in overeenstemming met EN12549:1999 en EN ISO4871"
Akoestiek - Geluidstestcode voor gereedschappen voor het indrijven van bevestigingsmiddelen - Technische methode" (zie Technische data).
Deze waarden zijn gereedschapsgerelateerde karakteristieke waarden en vertegenwoordigen niet de geluidsontwikkeling op de plaats van gebruik. Geluidsontwikkeling op de plaats van gebruik zal dat wel doen zijn bijvoorbeeld afhankelijk van de werkomgeving, het werkstuk, het werkstuk ondersteuning en het aantal rijoperaties, etc.
Afhankelijk van de omstandigheden op de werkplek en de vorm van de werkplek, Het kan nodig zijn om individuele geluiddempende maatregelen uit te voeren, zoals het plaatsen van werkstukken op geluiddempende steunen, waardoor trillingen van het werkstuk worden voorkomen door middel van klemmen of afdekken, afstellen op de minimale luchtdruk vereist voor de betrokken operatie, etc. Het is noodzakelijk om gehoor te dragen bescherming apparatuur.
2.3 Informatie over mechanische impact (trillingen)
De karakteristieke trillingswaarden voor het bevestigingsgereedschap zijn bepaald conform ISO 8662-11:1999 en EN 12096 –
Meting van trillingen in handgereedschap – Deel 11: Indrijven van bevestigingsmiddelen gereedschap (zie Technische gegevens).
Deze waarde is een gereedschapsgerelateerde kenmerkwaarde en vertegenwoordigt niet de invloed op het hand-armsysteem bij gebruik van het gereedschap. Een invloed op de hand-arm-systeem bij het gebruik van het gereedschap zal bijvoorbeeld afhangen van de grip kracht, de contactdrukkracht, de werkrichting, de aanpassing van energie bevoorrading, de werkplek, de werkstukondersteuning.
2.4 Veiligheid van het bevestigingsgereedschap -
Controleer vóór elke handeling of het veiligheids- en activeringsmechanisme in orde is goed functioneert en dat alle moeren en bouten goed zitten.
- Voer geen wijzigingen aan het bevestigingsgereedschap uit zonder de autorisatie produceert.
- Demonteer of maak geen onderdelen van het bevestigingsgereedschap onbruikbaar zoals het veiligheidsjuk.
- Voer geen "noodreparaties" uit zonder het juiste gereedschap en uitrusting.
- Het bevestigingsgereedschap moet op de juiste manier en met regelmatige tussenpozen worden onderhouden in overeenstemming met de instructies van de fabrikant.
- Vermijd het verzwakken of beschadigen van deze, bijvoorbeeld door: ponsen of graveren; wijziging die niet door de fabrikant is goedgekeurd en die tegen de gemaakte sjablonen ingaat van hard materiaal zoals staal; gebruik de uitrusting als hamer; toepassen buitensporig geweld van welke aard dan ook
2.5 Veiligheid op het werk
Richt nooit enig werkend bevestigingsgereedschap op uzelf of op tegen een andere persoon of dier.
Houd het bevestigingsgereedschap tijdens de werkzaamheden vast zodanig dat er geen verwondingen aan het hoofd of aan het hoofd kunnen worden veroorzaakt het lichaam in het geval van een mogelijke terugslag als gevolg van a verstoring van de energievoorziening of moeilijke gebieden binnen de werkplek. (zie afbeelding 2)

Bedien het bevestigingsgereedschap nooit in een vrije ruimte. Dit voorkomt elk gevaar veroorzaakt door vrij vliegen bevestigingsmiddelen en overmatige belasting van het gereedschap.
Het gereedschap moet worden losgekoppeld van de perslucht vooral voor transportdoeleinden
waar ladders worden gebruikt of waar sprake is van een ongewone fysieke situatie Tijdens het bewegen wordt een houding aangenomen (zie figuur 3).
Draag het bevestigingsgereedschap op de werkplek met behulp van alleen de hendel, en nooit met de trekker ingedrukt.

Houd rekening met de omstandigheden op de werkplek. Bevestigingsmiddelen kunnen in dun werk doordringen
stukken of glijden van hoeken en randen van werkplekken en brengen zo mensen in gevaar.
Gebruik voor uw persoonlijke veiligheid beschermende uitrusting zoals gehoor en ogen
bescherming (zie figuur 2)
BELANGRIJK: Richt het verstelbare ventilatiegat NIET op de bestuurder of iemand anders
persoon of dieren tijdens het gebruik.
2.6 Triggerapparaten
Gereedschap voor het indrijven van bevestigingsmiddelen wordt bediend door de trekker met behulp van vingerdruk te bedienen.
Bovendien is het bevestigingsgereedschap uitgerust met een veiligheidsjuk dat het indrijven mogelijk maakt handeling mag alleen worden uitgevoerd nadat de loop van het gereedschap tegen een werkstuk is gedrukt stuk, Deze gereedschappen zijn gemarkeerd met een omgekeerde driehoek () achter het serienummer en mogen niet worden gebruikt zonder een effectief veiligheidsjuk.
2.7 Aansturingssystemen
Afhankelijk van hun doel is het bevestigingsgereedschap uitgerust met een bedieningssysteem van enkele opeenvolgende bediening en contactbediening.
Je zou kunnen overschakelen naar één spijkerfiguur om een enkele opeenvolgende bediening te kiezen, en dan overschakelen tot twee nagelfiguren om contactbediening te kiezen.
- Enkelvoudige sequentiële bediening: een bedieningssysteem waarin de trekker en de veiligheid aanwezig zijn Het juk moet worden geactiveerd, zodat de enige enkele rijhandeling via de wordt uitgevoerd trekker nadat de loop van het gereedschap op de rijlocatie is aangebracht. Daarna kunnen verdere rijhandelingen pas worden uitgevoerd nadat de trekker is ingedrukt is teruggekeerd naar de niet-rijpositie terwijl het veiligheidsjuk ingedrukt blijft.
-Contactbediening (beperkte versie): een bedieningssysteem waarbij de trigger en het veiligheidsjuk moet voor elke rijhandeling worden bediend, met de volgorde van bediening is niet gespecificeerd. Voor herhaalde rijhandelingen is het voldoende als een van beide is de trekker blijft geactiveerd en het veiligheidsjuk wordt daarna geactiveerd, of andersom omgekeerd.
Gereedschappen voor het indrijven van bevestigingsmiddelen die zijn uitgerust met contactbediening moeten worden gemarkeerd met de symbool" Niet gebruiken op steigers, ladders (zie Fig.4) en mag niet worden gebruikt voor specifieke toepassing bijvoorbeeld: - bij
het wisselen van de ene rijlocatie naar de andere waarbij gebruik wordt gemaakt van steigers, trappen, ladders of ladderachtige constructies, bijvoorbeeld daklatten;
- het sluiten van dozen of kratten;
- het aanbrengen van transportveiligheidssystemen op bijvoorbeeld voertuigen en wagons.

Afb. 4: Symbool “Niet gebruiken op steigers, ladders”
3 Persluchtsysteem
Een goede werking van de bevestigingsgereedschap vereist gefilterd, droog en gesmeerd perslucht voldoende
hoeveelheden.
Als de luchtdruk in het leidingsysteem de maximaal toegestane waarde overschrijdt bevestigingsgereedschap, een drukverminderaar
Bovendien moet in de afsluiter een stroomafwaartse veiligheidsklep worden gemonteerd, gevolgd door een stroomafwaartse veiligheidsklep toevoerleiding naar het gereedschap.
OPMERKING: Wanneer perslucht wordt gegenereerd door compressoren, wordt het natuurlijke vocht in de lucht condenseert en verzamelt zich als gecondenseerd water in drukvaten en pijpleidingen. Dit condensaat moet worden verwijderd door waterafscheiders.
Deze waterafscheiders moeten dagelijks en indien nodig worden gecontroleerd afgetapt, omdat er anders corrosie in het persluchtsysteem kan ontstaan in het bevestigingsgereedschap. Wat dient om de slijtage te versnellen. De compressorinstallatie moet qua druk voldoende gedimensioneerd zijn vermogen en prestatie (volumestroom) voor het beoogde verbruik verwacht. Lijnsecties die te klein zijn in verhouding tot de lengte van de lijn
(leidingen en slangen), evenals overbelasting van de compressor, zal leiden tot druk druppels.
Permanent aangelegde persluchtleidingen moeten een binnendiameter hebben van t/m minimaal 19 mm en een overeenkomstige grote diameter bij relatief lange pijpleidingen of er zijn meerdere gebruikers bij betrokken.
Persluchtleidingen moeten zo worden aangelegd dat er een helling ontstaat (hoogste punt in de richting naar de compressor). Gemakkelijk toegankelijke waterafscheiders moeten dat zijn op de laagste punten geïnstalleerd.
Verbindingspunten voor gebruikers moeten van bovenaf met de pijpleidingen worden verbonden.
Verbindingspunten voor bevestigingsmiddelen moeten worden voorzien van perslucht onderhoudsunit (filter/waterafscheider/olieman) direct op het verbindingspunt.
De oliespuiters moeten dagelijks worden gecontroleerd en indien nodig worden bijgevuld aanbevolen oliekwaliteit (zie TECHNISCHE GEGEVENS). Bij slanglengtes van meer dan 10 m worden gebruikt, kan de olietoevoer voor het bevestigingsgereedschap niet worden gegarandeerd. Wij raden daarom aan om 2 tot 5 druppels te gebruiken (afhankelijk van de belasting van de bevestigingsgereedschap) van de aanbevolen olie (zie TECHNISCHE GEGEVENS).
toegevoegd via de luchtinlaat van het gereedschap, of een oliespuit die rechtstreeks op de aandrijving van de bevestiger is bevestigd hulpmiddel. (zie afb. 5)

flowchart
graph LR
A["Tool"] --> B["Quick Connector"]
B --> C["Quick Coupler"]
C --> D["Air Hose"]
D --> E["Lubricator"]
E --> F["Regulator (0-8.5 bar)"]
F --> G["Filter"]
G --> H["Cut-off valve"]
H --> I["Air Compressor"]
4 Het gereedschap gereedmaken voor gebruik
4.1 Gereedschap voorbereiden voor het eerste gebruik
Lees en volg deze gebruiksaanwijzing voordat u het gereedschap gebruikt. Basis
Veiligheidsmaatregelen moeten altijd strikt worden nageleefd om schade aan uw apparaat te voorkomen de apparatuur en persoonlijk letsel bij de gebruiker of andere mensen die in de apparatuur werken omgeving van de operatie.
4.2 Aansluiting op het persluchtsysteem
Zorg ervoor dat de door het persluchtsysteem geleverde druk niet hoger wordt de maximaal toegestane druk van het bevestigingsgereedschap. Stel de luchtdruk in aanvankelijk tot de lagere waarde van de aanbevolen toegestane druk (zie TECHNISCHE DATA).
Leeg het magazijn om te voorkomen dat er in de volgende fase een bevestigingsmiddel wordt uitgeworpen werken in het geval dat de interne onderdelen van het bevestigingsgereedschap zich niet in de uitgangspositie na onderhouds- en reparatiewerkzaamheden of transport.
Sluit het bevestigingsgereedschap aan op de persluchttoevoer met behulp van een geschikt apparaat drukslang voorzien van snelkoppelingen.
Controleer de goede werking door de loop van het bevestigingsgereedschap erop aan te brengen een stuk hout of houten materiaal en druk één of twee keer op de trekker.
4.3Het magazijn vullen
Er mogen uitsluitend de onder TECHNISCHE GEGEVENS (zie 1.1) gespecificeerde bevestigingsmiddelen worden gebruikt Houd bij het vullen van het magazijn het gereedschap zo vast dat de snuit niet naar voren wijst de exploitant of een andere persoon of dieren.
4.4 Omgaan met het gereedschap
Let op 2-Speciale referentie-van deze gebruiksaanwijzing.
Nadat u heeft gecontroleerd of het bevestigingsgereedschap correct functioneert, brengt u het gereedschap aan naar een werkstuk en activeer de trekker.
Controleer of de bevestiger overeenkomstig in het werkstuk is gedreven met de eisen. - als de sluiting
uitsteekt, verhoog dan de luchtdruk in stappen van 0,5 bar en controleer het resultaat na elke nieuwe aanpassing; - als de bevestiger in een te grote diepte wordt gedreven, verlaag dan de luchtdruk I
stappen van 0,5 bar totdat het resultaat bevredigend is.
Probeer in ieder geval met een zo laag mogelijke luchtdruk te werken.
Dit levert u drie belangrijke voordelen op;
- Er wordt energie bespaard, 2. Er
wordt minder geluid geproduceerd, 3. Er wordt
een vermindering van de slijtage van het aandrijfgereedschap voor bevestigingsmiddelen bereikt.
Vermijd het activeren van het bevestigingsgereedschap als het magazijn leeg is.
Elk defect of niet goed functionerend bevestigingsgereedschap moet onmiddellijk worden gerepareerd losgekoppeld van de persluchttoevoer en doorgegeven aan een specialist inspectie.
Bij langere werkonderbrekingen of aan het einde van de dienst moet u de verbinding verbreken het gereedschap uit de persluchttoevoer en het wordt aanbevolen om het leeg te maken tijdschrift.
De persluchtaansluitingen van het bevestigingsgereedschap en de slangen moeten dat doen worden beschermd tegen vervuiling, het binnendringen van grove stofdeeltjes, zand enz resulteren in lekkages en schade aan het bevestigingsgereedschap en de koppelingen.
5. Onderhoud
Koppel het gereedschap los van de compressor vóór het afstellen, het verhelpen van storingen, service en onderhoud, het verplaatsen en wanneer het apparaat niet in gebruik is.
Regelmatig smeren, als uw gereedschap zonder gebruik van de automatische olie-inliner, plaats 2 of 6 druppels pneumatische gereedschapsolie in de luchtinlaat vóór elke werkdag of erna 2 uur continu gebruik, afhankelijk van de kenmerken van het werkstuk of type
van bevestigingsmiddelen.
Luchtaangedreven gereedschappen moeten periodiek worden geïnspecteerd en versleten of kapotte onderdelen moet worden vervangen om het gereedschap veilig en efficiënt te laten werken. Controleer en vervang alle versleten of beschadigde O-ringen, afdichtingen, enz. Draai alle schroeven vast en doppen om persoonlijk letsel te voorkomen. Dit moet door een deskundige worden gedaan.
Controleer regelmatig of de trekker, de veer en de veiligheid vrij kunnen bewegen mechanisme om te verzekeren dat het veilige systeem compleet en functioneel is: geen losse en ontbrekende onderdelen, geen bouw- of voorraadonderdelen.
Houd het magazijn en de neus van het gereedschap schoon en vrij van vuil, pluisjes of schuurmiddelen deeltjes.
Wanneer de temperatuur onder het vriespunt ligt, moet gereedschap door iedereen warm worden gehouden handige, veilige methode.
6 Problemen oplossen (zie tabel 1)
| OPLOSSINGENSYMPTOOM PRO | ||
| Luchtlekbijna bovenaan van gereedschap of in trigger gebied | 1. O-ring in triggerklep zit beschadigd.2. Triggerklepkop is schade.3. Activeer de klepsteel, afdichting of O-ring is beschadigd. | 1. Controleer en vervang de O-ring.2. Controleer en vervang.3. Controleer en vervang de trekkerklep steel, afdichting of O-ring |
| Luchtlek nabij onderkant van het gereedschap. | 1. Losse schroeven.2. Versleten of beschadigde O-ringen of bumper. | 1. Draai de schroeven vast.2. Controleer en vervang de O-ringen of bumper. |
| Luchtlektussen lichaam en cilinder dop. | 1. Losse schroeven.2. Versleten of beschadigde O-ringen of zeehonden. | 1. Draai de schroef vast.2. Controleer en vervang de O-ringen of bumper. |
| Blade rijden bevestigingsmiddel ook diep. | 1. Versleten bumper.2. De luchtdruk is te hoog. | 1. Vervang de bumper.2. Pas de luchtdruk aan. |
| Gereedschap niet goed functioneren: kan niet aandrijfbevestiging of bedienen traag. | 1. Onvoldoende luchttoevoer.2. Onvoldoende smering.3. Versleten of beschadigde O-ringen of zeehonden.4. Uitlaatpoort in cilinderkop is geblokkeerd. | 1. Controleer of er voldoende luchttoevoer is.2. Doe er 2 of 6 druppels olie in luchtinlaat. 3. Controleer en vervang O-ringen of afdichting. 4. Vervangen beschadigde interne onderdelen. |
| Gereedschap slaat over bevestigingsmiddelen. | 1. Versleten bumper of beschadigd lente.2. Vuil in voorplaat.3. Vuil of beschadigingen voorkomen bevestigingsmiddelen vrij naar binnen kunnen bewegen tijdschrift.4. Versleten of droge O-ring op de zuiger of ontbreken daan Smering. 5. Afdichting cilinderdeksels lekt. | 1. Vervang de bumper of duwer lente.2. Aandrijfkanaal aan voorzijde reinigen bord.3. Tijdschrift moet dat zijn schoongemaakt.4. O-ring moet aanwezig zijn vervangen. En smeren.5. Vervang de afdichtring. |
| Gereedschapsstoringen. | 1. Onjuist of beschadigd bevestigingsmiddelen.2. Beschadigde of versleten bestuurder gids.3. Magazijn- of neusschroef loszittend.4. Magazijn is vuil. | 1. Wijzigen en correct gebruiken bevestigingsmiddel.2. Controleer en vervang de bestuurder.3. Draai het magazijn vast.4. Maak het magazijn schoon. |
VEVOR®
TOUGH TOOLS, HALF PRICE
Technische ondersteuning en e-garantiecertificaat
www. vurig. com/ondersteuning





