VeggieLove MUZS68VL - Keukenmachine BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis VeggieLove MUZS68VL BOSCH in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over VeggieLove MUZS68VL BOSCH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Keukenmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding VeggieLove MUZS68VL - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. VeggieLove MUZS68VL van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING VeggieLove MUZS68VL BOSCH
Raadpleeg de Digitale Gebruikersgids voor meer informatie.

1.1 Algemene aanwijzingen ..... 99
1.2 Bestemming van het apparaat 99
1.3 Inperking van de gebruikers .. 100
1.4 Veiligheidsvoorschriften ..... 100
2 Materiële schade voorkomen .. 103
3 Milieubescherming en besparing.... 103
3.1 Afvoeren van de verpakking .. 103
4 Uitpakken en controleren ..... 103
4.1 Apparaat en onderdelen uit- pakken.... 103
4.2 Inhoud van de verpakking..... 103
4.3 Apparaat installeren 104
5 Uw apparaat leren kennen..... 104
5.1 Apparaat.... 104
5.2 Symbolen.... 104
5.3 Draaischakelaar 104
5.4 Lichtring.... 105
5.5 Touchdisplay 105
5.6 Draaiarm en aandrijvingen..... 106
5.7 Hulpmiddelen 106
5.8 Veiligheidssystemen...... 107
6 Voor het eerste gebruik 107
6.1 Apparaat en onderdelen vóór het eerste gebruik reini- gen .... 107
6.2 Eerste ingebruikneming uit- voeren.... 107
7 De Bediening in essentie...... 108
7.1 Toestel voorbereiden...... 108
7.2 Ingrediënten met de hulp-stukken verwerken .... 108
7.3 Momentschakeling gebruiken.... 108
7.4 Verwerking afsluiten ...... 109
7.5 Aandrijvingen toebehoren gebruiken 109
8 Basisinstellingen 109
8.1 Basisinstellingen wijzigen..... 109
8.2 Overzicht van de basisinstel- lingen.... 110
9 Timer.... 110
9.1 Verwerkingsduur instellen ..... 110
10 Weegschaal 110
10.1 Ingrediënten wegen...... 111
11 Automatische programma's.. 111
11.1 Automatische programma's gebruiken 112
12 Reiniging en onderhoud...... 113
12.1 Reinigingsmiddelen...... 113
12.2 Reinigingsoverzicht ..... 113
13 Speciale accessoires...... 113
14 Toepassingsvoorbeelden..... 113
14.1 Voorbeeldrecept...... 113
15 Storingen verhelpen 115
15.1 Fijnafstelling van de klop-garde 118
16 Afvoeren 118
16.1 Afvoeren van uw oude ap- paraat 118
nl
17 Servicedienst.... 119
17.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)...... 119

1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
■ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
■ Neem de extra gebruiksaanwijzingen van meegeleverd of optioneel toebehoren in acht als u dit gebruikt.
■ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor la-ter gebruik of voor volgende eigenaren.
■ Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
1.2 Bestemming van het apparaat
Gebruik het apparaat uitsluitend:
■ met originele onderdelen en accessoires.
■ voor het roeren, kneden en kloppen van levensmiddelen.
■ voor extra toepassingen die in de gebruiksaanwijzingen van meegeleverde of optionele accessoires zijn beschreven.
■ voor verwerkingshoeveelheden en -tijden die gebruikelijk zijn in het huishouden.
■ onder toezicht.
■ voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving bij kamertemperatuur.
■ tot een hoogte van 2000 m boven zeeniveau.
Koppel het apparaat van de stroomvoorziening los als u:
■ het apparaat niet gebruiken.
■ geen toezicht op het apparaat houdt.
■ het apparaat in elkaar zet.
■ het apparaat uit elkaar neemt.
■ het apparaat reinigt.
■ draaiende onderdelen nadert.
■ hulpstukken wisselt.
■ met een storing wordt geconfronteerd.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat mag door personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of gebrek aan ervaring en/of kennis worden gebruikt indien dit onder toezicht gebeurt of indien zij over het veilige gebruik van het apparaat zijn geïinstrueerd en de hieruit voortvloeiende gevaren hebben begrepen.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en onderhoud door de gebruiker mogen niet worden uitgevoerd door kinderen.
Het apparaat mag niet door kinderen worden gebruikt. Kinderen uit de buurt van het apparaat en het aansluitsnoer houden.
1.4 Veiligheidsvoorschriften
Neem de veiligheidsvoorschriften in acht.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op elektrische schok!
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
- Nooit een apparaat met gescheurd of gebroken oppervlak gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
▶ Contact opnemen met de servicedienst. → Pagina 119
Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
- Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de gegevens op het typeplaatje.
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
Binnendringend vocht kan tot elektrische schokken leiden.
- Nooit het apparaat of het netsnoer in water dompelen of in de vaatwasser plaatsen.
- Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes.
- Stel het apparaat nooit bloot aan grote hitte en vochtigheid.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit het aansluitsnoer met hete apparaatonderdelen of warm-tebronnen in contact brengen.
- Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten of randen in contact brengen.
- Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of veranderen.
Grote hitte kan er toe leiden dat het apparaat en andere delen ontbranden.
- Het apparaat nooit neerzetten op of in de buurt van hete oppervlakken.
Roterende aandrijvingen, hulpstukken of toebehoren kunnen letsel veroorzaken.
- De handen, het haar, de kleding en andere voorwerpen uit de buurt van roterende delen houden.
- De hulpstukken en toebehoren alleen bij stilstand van de aan-drijving en uit het stopcontact verwijderde stekker aanbrengen en verwijderen.
- Voor het verwisselen van hulpstukken of het reinigen het apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact verwijderen.
- De hulpstukken alleen gebruiken als de kom is geplaatst, het deksel is aangebracht en het aandrijvingsbeschermdeksel is geplaatst.
- De draaiarm nooit tijdens de verwerking openen.
nl Veiligheid
In geval van beschadigde onderdelen kan het gebruik van het apparaat tot letsel leiden.
- Onderdelen die herkenbare barsten of andere beschadigingen vertonen of niet goed zitten, door originele reserveonderdelen vervangen.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op verpletteren!
Uw handen en vingers kunnen klem komen te zitten.
- Tijdens het omlaagbewegen van de draaiarm niet in de kom grijpen.
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
▶ Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
▶ Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
⚠ WAARSCHUWING – Kans op gevaar voor de gezondheid!
Verontreinigingen aan de oppervlakken kunnen de gezondheid schaden.
▶ De reinigingsinstructies in acht nemen.
- Oppervlakken die met voedingsmiddelen in contact komen, voor elk gebruik reinigen.
2 Materiële schade voor- komen
LET OP!
Een ondeskundig gebruik kan tot materiële schade leiden.
- Gebruik nooit verschillende aan-drijvingen tegelijkertijd.
- Het apparaat nooit langer dan noodzakelijk laten werken.
- Het apparaat nooit onbelast laten draaien.
- Originele onderdelen en toebehoren nooit voor andere apparaten gebruiken.
- De maximale verwerkingshoeveelheden in acht nemen.
- Geen vreemde voorwerpen in de kom opbergen.
Schokken en trillingen kunnen de werking van het apparaat negatief beïnvloeden.
- Het apparaat niet neerzetten op beweegbare of trillende oppervlakken.
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpak- king
De verpakkingsmaterialen zijn milieu-vriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
4 Uitpakken en controle- ren
Hier wordt beschreven waarop u bij het uitpakken moet letten.
4.1 Apparaat en onderdelen uitpakken
- Het apparaat uit de verpakking nemen.
- Alle verdere onderdelen en de begeleidende documenten uit de verpakking nemen en gereed leggen.
- Verwijder het aanwezige verpak- kingsmateriaal.
- Verwijder alle stickers en folie.
4.2 Inhoud van de verpakking
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.
Opmerking: Afhankelijk van de uitrusting wordt het apparaat met extra toebehoren geleverd. Neem de gebruiksaanwijzingen van de extra mee-geleverde toebehoren uit de verpakking.
→ Fig. 1
| A | Basisapparaat met mengkom |
| B | Deksel met geïntegreerde vul-schacht |
| C | Flexi-roergarde |
| D | Klopgarde |
| E | Kneedhaak |
| F | Begeleidende documenten |
4.3 Apparaat installeren
- Het apparaat op een stabiel, horizontaal, schoon en glad werkvlak neerzetten.
- Het aansluitsnoer er tot de benodigde lengte uittrekken.
- Het snoer in het snoeropbergvak schuiven om de snoerlengte te verkorten.
- De stekker niet in het stopcontact steken.
5 Uw apparaat leren kennen
5.1 Apparaat
Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.
→ Fig. 2
| 1 | Mengkom |
| 2 | Deksel met geïntegreerde vul-schacht |
| 3 | Uitwerptoets voor hulpstukken |
| 4 | Weegvlak |
| 5 | Ontgrendelknop voor zwenk-arm |
| 6 | Draaiarm |
| 7 | Draaischakelaar |
| 8 | Touchdisplay |
| 9 | Beschermdeksel voor aandrij-ving 2 |
| 10 | Aandrijving 2 |
| 11 | Beschermdeksel voor aandrij-ving 3 |
| 12 | Aandrijving 3 |
| 13 | Hoofdaandrijving |
| 14 | Kabelvak |
| 15 | Grepen voor het transport |
| 16 | Afvoeropening |
| 17 | Uitsparingen voor de kom |
5.2 Symbolen
Hier vindt u een overzicht van de symbolen op uw apparaat.
| Sym-bool | Beschrijving |
| Positiemarkering aan de hoofdaandrijving | |
| Positiemarkering op aan-drijving 3 | |
| Aandrijvingsbeschermdeksel voor aandrijving 3 aan-brengen ▼en vastdraaien |
5.3 Draaischakelaar
Met de draaischakelaar start en stopt u de verwerking en kiest u de snelheid.
| Sym- bool | Functie |
| ○ Verwerking stoppen. | |
| ▶ Afhankelijk van de toepas-sing:▪ Ingrediënten op de laag-ste snelheid mengen.▪ Automatisch program-ma starten. | |
| 1 Ingrediënten op een lage snelheid verwerken. | |
| 7 Ingrediënten op de hoog-ste snelheid verwerken. | |
| M Ingrediënten kort op de hoogste snelheid verwerken.→ "Momentschakeling gebruiken", Pagina 108 | |
5.4 Lichtring
De lichtring van de draaischakelaar informeert u over de bedrijfstoestand van uw apparaat.
| Indicatie Status | |
| De lichtring brandt en de ver-werking is bezig. | Het apparaat werkt goed. |
| De lichtring knip-pert en de ver-werking kan niet worden gestart of voortgezet. | ■ Er is een vei-ligheidssys-teem is geacti-veerd.■ Er is een fout in het appa-raat aanwezig. |
Tip: Meer informatie vindt u hier:
→ "Veiligheidssystemen", Pagina 107
→ "Storingen verhelpen", Pagina 115
5.5 Touchdisplay
Het touchdisplay is zowel indicatie als bedieningselement. In het touch-display ziet u de keuzemogelijkheden en de instellingen bij de actuele functie.
Opmerking: Als het touchdisplay nat of vervuild is, kan dit de functie belemmeren.
Touchknoppen
Afhankelijk van de modus worden in het onderste derde van het display verschillende touchknoppen weergegeven.
| Touchknop Functie | |
| OK | Keuze bevestigen |
| < | Terug of annule-renNaar links blade-ren |
| > | Naar rechts bladeren |
| ^ | Waarden verho-genNaar boven blade-ren |
| √ | Waarden verlagenNaar onderen bla-deren |
| ∞ | Weegschaal op 0zetten (tarra) |
Hoofdmenu
In het hoofdmenu hebt u toegang tot instellingen, functies en programma's.
Om het hoofdmenu weer te geven en de actuele weergave te verlaten, op < drukken tot een van de menupun- ten wordt weergegeven.
| Menupunt Gebruik | |
Instelling![]() | → "Basisinstellingen",Pagina 109 |
Timer![]() | → "Timer",Pagina 110 |
Weegschaal![]() | → "Weegschaal",Pagina 110 |
Automatisch![]() | → "Automatischeprogramma's",Pagina 111 |
| Mixer | Weergave afhankelijk van geactiveerd toe-behoren |
| IJsbereider | → "Basisinstellingen", Pagina 109 |
| Voorbeeld: extra pro-gramma's voor het mixeropzetstuk of de ijsbereider | |
| Accessoires tips | Aanwijzingen voor het optimale gebruik van het toestel, de hulpstukken en het toebehoren |
5.6 Draaiarm en aandrijvingen
Hier vindt u een overzicht van de toepassingen afhankelijk van de draai-armpositie en de aandrijving. Wanneer de ontgrendelknop wordt ingedrukt, kan de draaiarm in de gewenste stand worden gezet.
→ Fig. 3
A Voorbereiding:
■ Kom plaatsen of verwijderen.
■ Deksel bevestigen of verwijderen.
■ Hulpstuk in de hoofdaandrijving aanbrengen of verwijderen.
■ Grotere hoeveelheden ingrediënten in de kom doen.
B Hoofdaandrijving:
Ingrediënten verwerken met de hulpstukken, bijv. met de klopgarde.
Weegvlak:
Weegschaal gebruiken.
C Aandrijving 2:
Toebehoren gebruiken, bijv. Continue rasp- en snijappa-raat.
D Aandrijving 3:
Toebehoren gebruiken, bijv.
Mixeropzetstuk.
E Hoofdaandrijving:
Toebehoren gebruiken, bijv. Vleeswolf.
Opmerking: De draaiarm beschikt over de functie EasyArm Lift. Deze functie helpt bij de beweging van de draaiarm naar boven.
5.7 Hulpmiddelen
Hier worden de belangrijkste aspecten van de verschillende hulpstukken beschreven.
De hulpstukken zijn met een beschermkap uitgerust om de aandrijving tegen verontreinigingen te beschermen.
De uitwerptoets aan de draaiarm vergemakkelijkt het verwijderen van de hulpstukken.
Hulp-Gebruik stuk- ken
![]() | Kneedhaak■ Deeg kneden, bijv. gistdeeg, brooddeeg, pizza-deeg, pastadeeg, gebakdeeg.■ Ingrediënten mengen, die niet fijngemaakt mo-gen worden, bijv. rozij-nen, chocolaatjes. |

Flexi-roergarde
■ Deeg roeren, bijv. zandtaartdeeg, taartdeeg, vruchtentaart.
■ Mengen van ingrediënten in het deeg, bijv. rozijnen, stukjes chocolade.
| Hulp-stuk-ken | Gebruik |
| Klopgarde■ Eiwit en room (minstens 30 % vetgehalte) klop-pen.■ Lichte deegsoorten mengen, bijv. biscuit-deeg. |
5.8 Veiligheidssystemen
Hier vindt u een overzicht van de veiligheidssystemen van uw apparaat.
Inschakelbeveiliging
De inschakelbeveiliging voorkomt dat uw apparaat ongewild wordt ingeschakeld.
Het toestel kan alleen worden ingeschakeld en bediend wanneer één van de volgende voorwaarden is vervuld.
■ De draaiarm is in horizontale positie correct vastgeklikt.
- De draaiarm is in verticale positie correct vastgeklikt en het aandrijvingsbeschermdeksel of een in elkaar gezet toebehoren is correct bevestigd.
Beveiliging tegen opnieuw inschakelen
De beveiliging tegen opnieuw inschakelen voorkomt dat het apparaat de verwerking na een stroomuitval automatisch start.
Het apparaat wordt na een stroomuit-val weer ingeschakeld. De verwer-king kan pas weer worden gestart nadat de draaischakelaar op ○ is ge-zet.
Overbelastingsbeveiliging
De overbelastingsbeveiliging voorkomt dat de motor en andere onderdelen door een te hoge belasting worden beschadigd.
6 Voor het eerste gebruik
Bereid het apparaat voor voor het gebruik.
6.1 Apparaat en onderdelen vóór het eerste gebruik reinigen
- De ontgrendelknop indrukken en de draaiarm omhoog bewegen tot deze vastklikt.
- De kom met de klok mee draaien en verwijderen.
- Alle onderdelen die met levens-
middelen in aanraking komen voor
het eerste gebruik reinigen.
→ "Reiniging en onderhoud", Pagina 113 - De gereinigde en gedroogde onderdelen gereed leggen voor het gebruik.
6.2 Eerste ingebruikneming uitvoeren
Bij de eerste ingebruikneming of na het resetten naar de fabrieksinstellingen verschijnt het welkomstbeeldscherm.
- De stekker in het stopcontact steken.
√ Het display toont het Bosch-logo en wisselt dan naar de taalkeuze. - Met ∨ of ∧de gewenste taal selecteren en met Okevestigen.
nl Bediening
- Met of de gewenste indicatie-elementen selecteren en met OK bevestigen.
√ Het apparaat is klaar voor gebruik.
7.1 Toestel voorbereiden
- De stekker in het stopcontact steken.
→ Fig. 4
√ Het display toont het Bosch-logo.
- De ontgrendelknop indrukken en de draaiarm omhoog bewegen tot deze vastklikt.
→ Fig. 5
- De kom op het basisapparaat plaatsen.
→ Fig. 6
Op de uitsparingen op het basis-apparaat letten.
- De kom tegen de klok in draaien tot deze vastklikt.
→ Fig. 7
- Het deksel op de hoofdaandrijving aanbrengen tot het vastklikt.
→ Fig. 8
De vulopening moet naar voren wijzen.
- Het hulpstuk in de hoofdaandrijving drukken tot het vastklikt.
→ Fig. 9
De beschermkap amoet de hoofdaandrijving volledig afdekken.
- De ingrediënten in de kom doen.
→ Fig. 10
- De ontgrendelknop indrukken en de draaiarm omlaag drukken tot deze vastklikt.
→ Fig. 11
7.2 Ingrediënten met de hulpstukken verwerken
- De draaischakelaar weer op de gewenste snelheid zetten.
→ Fig. 12
√ Op het display worden de ingestelde snelheid en de verwerkingsduur weergegeven.
- Als de snelheid wordt veranderd, begint de verwerkingsduur op-nieuw bij 0 seconden.
- Indien gewenst bijkomende ingrediënten tijdens de verwerking door de vulopening toevoegen.
→ Fig. 13
Om grotere hoeveelheden bij te vullen het toestel uitschakelen, de draaiarm openen en de ingrediënten in de kom doen.
-
De ingrediënten zo lang verwerken tot het gewenste resultaat is bereikt.
-
De draaischakelaar op Ozetten.
→ Fig. 14
Wachten tot het apparaat stilstaat.
Tip: U kunt de snelheid tijdens de verwerking op elk moment wijzigen of de verwerking onderbreken.
7.3 Momentschakeling gebruiken
- De draaischakelaar op M draaien en vasthouden.
→ Fig. 15
√ De ingrediënten worden op de hoogste snelheid verwerkt.
- De draaischakelaar loslaten.
→ Fig. 16
De draaischakelaar springt op.
√ De verwerking wordt gestopt.
Tip: De momentschakeling is bijzonder geschikt voor het gebruik van het glazen mixeropzetstuk.
7.4 Verwerking afsluiten
- De stekker uit het stopcontact halen.
→ Fig. 17
- De ontgrendelknop indrukken en de draaiarm omhoog bewegen tot deze vastklikt.
→ Fig. 18
- Als de draaiarm moeilijk kan worden geopend of als er veel deeg aan het hulpstuk hangt, als volgt te werk gaan:
- De draaiarm een stuk openen en met een spatel of een houten lepel het deeg van het hulpstuk wegduwen.
- De draaiarm volledig openen, resterende deegresten van het hulpstuk verwijderen en pas dan het hulpstuk verwijderen.
- De uitwerptoets indrukken om het hulpstuk los te maken en te verwijderen.
→ Fig. 19
De uitwerptoets alleen bij geopen-de draaiarm indrukken, anders kan het hulpstuk in de kom vast komen te zitten.
- Het deksel van de hoofdaandrijving trekken.
→ Fig. 20
- De kom met de klok mee draaien en verwijderen.
→ Fig. 21
Tip: Reinig direct na gebruik alle onderdelen reinigen om het vastkoeken van resten te voorkomen.
7.5 Aandrijvingen toebehoren gebruiken
Opmerkingen
■ Verwijder het veiligheidsdeksel om toebehoren op de aandrijving 2 of 3 te gebruiken.
■ Sluit niet gebruikte aandrijvingen altijd met de veiligheidsdeksels.
■ Neem de gebruiksaanwijzing van het toebehoren in acht.
- Het veiligheidsdeksel van aandrijving 2 aan de zijdelingse opening oplichten en eraf halen.
→ Fig. 22
- Het veiligheidsdeksel van aandrijving 2 aanbrengen en vastdrukken.
→ Fig. 23
- Het veiligheidsdeksel van aandrijving 3 linksom draaien en eraf halen.
→ Fig. 24
- Het veiligheidsdeksel van aandrijving 3 plaatsen en rechtsom vastdraaien.
→ Fig. 25
8 Basisinstellingen
U kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen.
8.1 Basisinstellingen wijzigen
- In het hoofdmenu met < of "Instelling" selecteren en met Okevestigen.
- Met of de gewenste instelling selecteren en met Okevestigen.
nl Timer
- Met of andere opties selecteren of instellingen wijzigen en met OK bevestigen.
- Om een optie of instelling te verla- ten en een niveau terug te gaan, < indrukken.
8.2 Overzicht van de basisinstellingen
Hier vindt u een overzicht van de basisinstellingen.
| Instelling Beschrijving | |
| Taal Taal van display in-stellen. | |
| Accessoire(s) | Voorhanden toebehoren activeren of deactiveren. Geactiveerd toebehoren verschijnt in het hoofdmenu en extra automatische programma's zijn beschikbaar. |
| Geluid Volume | van de ge-luidssignalen en toetssignalen instellen. |
| Snelle toe-gang | Automatische tarre-ring van de weeg-schaal activeren of deactiveren. |
| Eenheid Eenheden van de weegschaal instellen. | |
| Helderheid Helderheid van dis-play instellen. | |
| Rustmodus Tijdsduur instellenwaarna het display uitschakelt. | |
| Stand-by tijd Tijdsduur instellenwaarna het toestel in de stroomspaarmodus schakelt. | |
| Instelling Beschrijving | |
| Terugzetten naar fabrieks-instellingen | Toestel resetten naar de fabrieksinstellingen. |
| Apparaatin-formatie | Informatie over de toestelsoftware. |
9 Timer
U kunt met de timer de gewenste verwerkingsduur instellen.
9.1 Verwerkingsduur instellen
- In het hoofdmenu met < of "Timer" selecteren en met Obevestigen.
- Met of de minuten instellen en met OBevestigen.
- Met of de seconden instellen en met obestigen.
√ Op het display worden "Stand kiezen" en de ingestelde verwerkingsduur weergegeven.
- De draaischakelaar weer op de gewenste snelheid zetten.
√ Op het display worden de ingestelde snelheid en de resterende verwerkingsduur weergegeven.
- Als de tijd verstreken is, stopt het toestel de verwerking en op het display wordt "Niveau instellen" O weergegeven.
5. De draaischakelaar op Ozetten.
10 Weegschaal
Uw toestel is met een geïntegreerde weegschaal uitgerust.
Het basisapparaat heeft 4 gewichts-sensoren in de standvoeten.
De volgende factoren kunnen het meetresultaat vervalsen:
■ Standvoeten staan niet goed op het werkblad.
■ Trillingen van het werkblad
■ Voorwerpen onder het basistoestel
■ Kleinere hoeveelheden ingrediënten dan 5 g of 0,01 lb
■ Verschuiving van het basistoestel
■ Aanraking van het basistoestel
Tip: Als in de basisinstellingen "Snelle toegang" is geactiveerd, start de weegschaal automatisch. Wordt het toestel aangesloten, uit de stroom-spaarmodus gewekt of wordt de verwerking beeindigd, dan kalibreert de weegschaal en het display toont "0" en de vooringestelde eenheid.
10.1 Ingrediënten wegen
- In het hoofdmenu met < of > "Weegschaal" selecteren en met OK bevestigen.
√ De weegschaal wordt gekali-breerd.
√ Het display toont "0" en de vooringestelde eenheid.
- Indien gewenst met een andere eenheid selecteren en met Okevestigen.
- De ingrediënten in de geplaatste kom of een aangebracht hulpstuk doen.
√ Het display toont de inhoud in de gekozen eenheid. - Om de weegschaal weer op "0" te zetten en andere ingrediënten afzonderlijk te wegen, op ⚙drukken en de kalibratie afwachten.
Tip: Als de draaiarm in horizontale positie is vastgeklikt, kunnen houder of verpakkingen op het weegvlak worden geplaatst en gewogen.
11 Automatische pro- gramma's
De automatische programma's ondersteunen u bij de verwerking van de levensmiddelen met de hulpstukken en het gebruik van toebehoren.
Sensoren bewaken de verwerking van de ingrediënten en beeindigen de verwerking automatisch na het bereiken van de voorgeprogrammeerde consistentie.
Houd u voor optimale resultaten aan de volgende aanwijzingen:
- De klopgarde moet de kom lichtjes raken om de ingrediënten optimaal te mengen en om de automatische programma's correct te laten functioneren.
→ "Afstelling van hulpstuk corrigeren", Pagina 118
■ Vóór het eerste gebruik van de automatische programma's het nieuwe toestel minstens 2 minuten leeg gebruiken of levensmiddelen zonder automatisch programma verwerken. - Geen verdere levensmiddelen meer toevoegen nadat er een auto programma is gestart.
■ Reeds verwerkte ingrediënten niet opnieuw met een auto programma verwerken.
■ De versheid, temperatuur en bestanddelen van de gebruikte ingrediënten zijn van invloed op de benodigde tijd en het resultaat.
■ Alleen verse eieren verwerken. Het automatische programma is niet voor alternatieven geschikt, bijv. Aquafaba of proteïnepoeder.
■ Eiwit lukt alleen als het hulpstuk en de kom schoon, vetvrij en zonder resten van afwasmiddel zijn.
■ Alleen room verwerken die tot ca. 6 °C is afgekoeld en een vetgehalte van 30-36% heeft.
nl Automatische programma's
■ Voordien bevroren room kan niet geklopt worden.
■ Voor optimale resultaten na de selectie van het programma "Room" het gebruikte type room instellen, bijv. verse room, houdbare room, vegane room of lactosevrije room.
- Geen warme kom gebruiken voor het opkloppen van room, bijv. direct uit de vaatwasser.
■ Suiker, aroma's en andere additieven voor room of geklopt eiwit pas na beëindiging van het auto programma door de massa mengen.
■ De voorgestelde ingrediënten en hoeveelheden in acht nemen.
■ De automatische programma's voor deeg functioneren niet met te droog deeg. De deegrecepten hebben een voldoende groot aan-deel aan vloeibare of vochtige ingrediënten nodig.
- Het programma "Gistdeeg en zuurdesem" onderbreekt het kneden gedurende ca. 15 minuten zodat het deeg kan rijzen. Daarna start automatisch een bijkomende kneedbewerking. Het deeg pas na afloop van het programma verwijderen.
■ Voor de programma's "Roerdeeg" en "Korstdeeg" boter of margarine op kamertemperatuur opwarmen en in 2 cm grote blokjes gebruiken. Koude of bevroren boter of margarine leveren niet de gewens- te resultaten. Zanddeeg vóór het bakken in de koelkast laten rusten.
■ Het programma "Roerdeeg" is niet geschikt voor erg vloeibaar deeg, bijv. pannenkoekendeeg.
Opmerkingen
■ Als het verwerkingsresultaat van het automatische programma niet aan uw wensen voldoet, dan de ingrediënten tot het gewenste resultaat handmatig verder verwerken.
- Room of eiwit op stand 7
- Roerdeeg op stand 4
- Ander deeg op stand 3, bijv. gistdeeg
- Als een hulpstuk in de basisinstellingen werd geactiveerd, verschijnt het toebehoren in het hoofdmenu en andere automatische programma's staan ter beschikking.
11.1 Automatische programma's gebruiken
- In het hoofdmenu met < of "Automatisch" of een geactiveerd hulpstuk selecteren en met Okevestigen.
- Met of het gewenste automatische programma selecteren en met Okevestigen.
- Afhankelijk van het programma de weergegeven hoeveelheid ingrediënten of "Weegschaal" selecteren.
- De ingedriënten erin doen en de instructies op het display volgen.
- Als het display "Niveau instellen" toont, de draaischakelaar op zetten.
√ Het display toont een animatie en het automatische programma loopt. - Als het voorgeprogrammeerde resultaat is bereikt, stopt het toestel de verwerking en op het display wordt "Niveau instellen" O weergegeven.
- De draaischakelaar op ○ zetten.
12 Reiniging en onder- houd
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
12.1 Reinigingsmiddelen
In het navolgende leert u welke reini- gingsmiddelen geschikt zijn voor het apparaat.
LET OP!
Het apparaat kan worden beschadigd bij gebruik van ongeschikte reinigingsmiddelen of een ondeskundige reiniging.
- Gebruik geen reinigingsmiddelen die alcohol of spiritus bevatten.
- Gebruik geen scherpe, puntige of metalen voorwerpen.
- Gebruik geen schurende doeken of schurende reinigingsmiddelen.
- Het bedieningspaneel en het display alleen reinigen met een vochtig microvezeldoekje.
12.2 Reinigingsoverzicht
In dit overzicht wordt aangegeven hoe u het apparaat en de verdere onderdelen het beste kunt reinigen.
→ Fig. 26
Tip: Aan de kunststof onderdelen kunnen verkleuringen optreden, bijvoorbeeld bij de verwerking van wortel. Verwijder de verkleuringen met een zachte doek en een paar druppels spijsolie.
14.1 Voorbeeldrecept
Hier vindt u een voorbeeldrecept dat speciaal voor uw apparaat is ontwikkeld.
Recept Ingrediënten: Verwerking
Zware vruchtencake ■ 3 eieren ■ Roergarde plaatsen.
13 Speciale accessoires
Accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in de vakhandel of op internet. Gebruik alleen originele accessoires, omdat deze precies op uw apparaat zijn afgestemd.
Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de precieze aanduiding (E-Nr.) van uw apparaat op. → Pagina 119
Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat, kunt u in onze catalogus, in de online-shop of bij de servicedienst te weten komen.
www.bosch-home.com
14 Toepassingsvoorbeelden
Neem de gegevens en waarden in de tabel in acht.
→ Fig. 27
Opmerkingen
- Om de ingrediënten van gistdeeg of zuurdeeg met hoog watergehalte het best te mengen, de vloeistof eerst in de kom doen.
- Als u het bij het recept passende automatische programma ▶selecteert, stelt het toestel de juiste snelheid in en controleert het toestel de verwerkingsduur.
→ "Automatische programma's", Pagina 111
Recept Ingrediënten: Verwerking
| →Korstdeeg ■ 135 g suiker■ 135 g margarine■ 255 g bloem■ 10 g bakpoeder■ 150 g krenten■ 150 g gemengde gedroogde vruchtenOpmerking: Maximaal2 keer deze hoeveelheid tegelijk verwerken. | ■ Alle ingrediënten behalve de gedroogdevruchten erin doen.■ 30 seconden opstand ▶verwerken.■ Vervolgens 3-5 minuten op stand 4 verwerken.■ Op stand ▶zetten.■ Binnen 30-60 secon-den de gedroogdevruchten erbij doen.Als het automatischeprogramma wordt ge-bruikt, de gedroogdevruchten pas na afloopvan het programma toe-voegen en op stand ▶eronder roeren. |
15 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
Storing Oorzaak en probleemoplossing
| Apparaat werkt niet. Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken.► Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet. | |
| Apparaat start de ver-werking niet. | Draaischakelaar is onjuist ingesteld.► Zet de draaischakelaar voor de verwerking op ○ |
| Draaiarm kan niet worden geopend of gesloten, omdat het hulpstuk aan de kom klemt. | Aandrijving is niet in parkeerstand.1. Zet de draaischakelaar op ○2. Wanneer de draaiarm is geopend, haal dan het hulpstuk er uit en sluit de draaiarm.3. Zet de draaischakelaar even op 1en dan weer op ○.✓ De aandrijving blijft korte tijd draaien tot de par-keerstand is bereikt. |
| De klopgarde raakt de kom niet of de ingredi-ënten worden niet goed gemengd. | De afstand tot de kom is niet correct ingesteld.► Corrigeer de fijnafstelling van de klopgarde.→ "Fijnafstelling van de klopgarde", Pagina 118 |
| Storing Oorzaak en probleemoplossing | |
| Er verschijnt een fout-code op het display, bijv. "E102". | De elektronica heeft een fout geconstateerd.1. Zet de draaischakelaar op 0en trek de stekker uit het stopcontact.2. Steek de stekker weer in het stopcontact.3. Wanneer de storing aanhoudt, neem dan contact op met de klantenservice.→ "Servicedienst", Pagina 119 |
| "MENGKOM PLAAT-SEN" verschijnt op het display. | Kom is niet geplaatst of niet correct vastgeklikt.► Plaats de kom niet en draai de kom tot aan de aan-slag linksom. |
| "ZWENKARMPOSITIE CONTROLEREN" ver-schijnt op het display. | Draaiarm is niet correct vastgeklikt of is losgeraakt.1. Zet de draaischakelaar op 02. Beweeg de draaiarm tot deze correct vastklikt. |
| "MOTOR AUTOMA-TISCH GESTOPT" ver-schijnt op het display. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk.1. Zet de draaischakelaar op 02. Wanneer de storing aanhoudt, neem dan contact op met de klantenservice.→ "Servicedienst", Pagina 119 |
| "PARKEERSTAND NIET BEREIKT: MO-TORSTAND 1 IN-SCHAKELEN EN WEER UITSCHAKE-LEN." verschijnt op het display. | Aandrijving is niet in parkeerstand.1. Zet de draaischakelaar op 02. Wanneer de draaiarm is geopend, haal dan het hulpstuk er uit en sluit de draaiarm.3. Zet de draaischakelaar even op 1en dan weer op 0.✓ De aandrijving blijft korte tijd draaien tot de par-keerstand is bereikt. |
| "VEILIGHEIDSDEKSEL CONTROLEREN" ver-schijnt op het display. | Geen veiligheidsdeksel of toebehoren op aandrijving 2 of 3 aangebracht.1. Sluit de aandrijving 2 of 3 met het passende veilig-heidsdeksel.2. Breng toebehoren op de aandrijving 2 of 3 aan en controleer de correcte plaatsing. |
| "DISPLAY CONTRO-LEREN" verschijnt op het display. | Touchdisplay is vervuild of wordt per ongeluk geacti-veerd.1. Reinig het display met een vochtig microvezeldoek-je.2. Zorg ervoor dat er geen voorwerpen het display per ongeluk raken. |
| "APPARAAT LATEN AFKOELEN" verschijnt op het display. | Motor is oververhit.1. Zet de draaischakelaar op ○2. Als u een grote hoeveelheid ingrediënten verwerkt, verminder dan de hoeveelheid om oververhitting te vermijden.3. Als een hulpstuk of toebehoren wordt geblokkeerd, verwijder dan de blokkering.4. Laat het toestel afkoelen om de overbelastingsbe-veiliging te deactiveren. |
| "OPNIEUW TARRE-REN" verschijnt op het display. | Kalibratie van de weegschaal is mislukt.1. Plaats het toestel op een effen, schoon en trillings-vrij werkvlak.2. Zorg ervoor dat er zich geen voorwerpen onder het toestel bevinden.3. Druk op ⚠om de kalibratie opnieuw te starten en raak het toestel tijdens de kalibratie niet aan. |
| "MAX. GEWICHT BE-REIKT" verschijnt op het display. | Hoeveelheid ingrediënten ligt boven het meetbereik van de weegschaal.1. Neem bij het gebruik van de weegschaal het maxi-mumgewicht van 5000 g of 11,00 lb in acht.2. Verlaag het te wegen totale gewicht. |
| "MIN. GEWICHT BE-REIKT" verschijnt op het display. | Hoeveelheid ingrediënten ligt onder het meetbereik van de weegschaal.1. Neem bij het gebruik van de weegschaal het mini-mumgewicht van 5 g of 0,01 lb in acht.2. Verhoog het te wegen totale gewicht. |
| Toestel is niet correct opgesteld.1. Plaats het toestel op een effen, schoon en trillings-vrij werkvlak.2. Zorg ervoor dat er zich geen voorwerpen onder het toestel bevinden. | |
15.1 Fijnafstelling van de klopgarde
Corrigeer met de fijnafstelling de afstand tussen de kom en klopgarde.
Opmerking: De klopgarde is in de fabriek zo afgesteld dat de ingrediënten optimaal met elkaar worden vermengd.
Afstelling van hulpstuk corrigeren
LET OP!
Het apparaat en de hulpstukken kunnen door een onjuiste afstelling van een hulpstuk worden beschadigd.
- Nooit een hulpstuk gebruiken dat niet correct is ingesteld.
Vereisten
■ De stekker is niet op het stopcontact aangesloten.
■ De draaiarm is geopend.
■ De klopgarde is aangebracht.
■ De kom is aangebracht.
- De garde met één hand aan het onderstuk vasthouden en de contramoer met een steeksleutel met de klok mee losdraaien.
→ Fig. 28
- Om de instelling te veranderen, het hulpstuk in de gewenste richting draaien.
→ Fig. 29
De tabel in acht nemen:
| Optimale instelling | Het hulpstuk raakt de kom lichtjes. |
| rechtsom draaien | Hulpstuk optil- len |
| linksom draaien | Hulpstuk laten zakken |
- De ontgrendelknop indrukken en de draaiarm omlaag drukken tot deze vastklikt.
-
De instelling controleren.
-
De ontgrendelknop indrukken en de draaiarm omhoog bewegen tot deze vastklikt.
- De garde met één hand aan het onderstuk vasthouden en de contramoer met een steeksleutel tegen de klok in vastdraaien.
16 Afvoeren
16.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- Het netsnoer doorknippen.
- Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
17 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 7 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis.
Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website.
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de service-dienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website.
17.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.




