EGS 1200 - Batterijlader EINHELL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis EGS 1200 EINHELL in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Batterijlader in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding EGS 1200 - EINHELL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. EGS 1200 van het merk EINHELL.
GEBRUIKSAANWIJZING EGS 1200 EINHELL
Gebruiksaanwijzing Energiestation
1. Veiligheidsaanwijzigingen
Gelieve erop te letten dat bij een ondeskundig hanteren van elektrotoestellen gevaren kunnen onstaan die door kinderen mogelijk niet beseft worden. Bescherm het energiestation tegen vocht en natheid. Bij niet-gebruik het energiestation altijd uitschakelen. Controleer het energiestation vóór ieder gebruik op beschadigingen. Open nooit het toestel. Herstellingen moeten door een elektrovakman gebeuren. Niet op een verwarmde ondergrond plaatsen. Startkabelaansluitingen schoon houden en tegen corrosiebeschermen.Belangrijk! Het energiestation is voorzien van een onderhoudsvrije accu-batterij, die gedeeltelijk opgeladen geleverd wordt. Vóór de eerste ingebruikneming moet de accu van het energiestation volledig opgeladen worden! Bij langdurig niet-gebruik van het energiestation ontlaadt zich de accu vanzelf. Gebruik voor het opladen enkel het bijgeleverd netgedeelte.MilieubeschermingDenk eraan dat verpakkingsmateriaal, lege batterijen ofdefecte accu’s niet bij het huisvuil horen. Verwijder zeovereenkomstig het locaal reglement voor vuilverwijdering.
Accu : Gel-batterijen 12 V / 7 AhUitgangsspanningen:3 V, 6 V, 9 V via stopcontact Ø 6,3 mmmax. stroomopname : 1 AUitgangsspanningen : 12 V via 2 sigareaansteker-stopcontactenmax. stroomopname : 10 AStarthulp : 12 V / 50 ANetgedeelteNetspanning : 230 V ~ 50 HzUitgang netgedeelte :Nominale spanning : 15 VNominale stroom : 500 mANominaal vermogen : 7,5 VA
4. Laden van het energiestation met behulp
van het netgedeelte 1. De IN/UIT-schakelaar op ”CHA” plaatsen.2. Verbind de aansluitkabel van het bijgeleverd netgedeelte met het laadcontact (EINGANG/INPUT) aan de zijkant van het toestel.3. Steek het netgedeelte in een 230 V ~ 50 Hz stopcontact.4. De laadtijd bedraagt ongeveer 15 uur.5. Bij het laden licht de rode lichtdiode (LED 2) op en toont aan dat het laadproces begonnen is. Op het eind van hetlaadproces, dus als de accu vol geladen is, licht ook de groene lichtdiode (LED 1) op.
Uitgang 12 V sigareaanstekeraansluiting; 10 ampèremax. (item 6) Deze uitgangen zijn beveiligd door een 15 ampère platte zekering. Deze zekering bevindt zich aan de zijkant van het toestel. Bij een eventuele vernieling van de zekering moet ze door een zekering van dezelfde amperewaarde vervangen worden. Neem de beschermkappen van de 12 V sigareaansteker-stopcontacten af. Verbind nu het 12 V uitgangscontact viade bijgeleverde aansluitkabel met het met spanning te voorzien toestel.Uitgang 3 V, 6 V, 9 V : 1 ampère max. (item 5) Deze uitgangen zijn beveiligd door een fijnzekering. Dezezekering bevindt zich aan de voorkant van het toestel naast de IN/UIT-schakelaar. Bij een eventuele vernieling van de zekering moet ze door een zekering van dezelfde amperewaarde vervangen worden.
Verbind het 3 V, 6 V of 9 V uitgangscontact aan de voorkant van het toestel via een gepaste aansluitkabel met het met spanning te voorzien toestel. Let op de spannings- en stroomwaarden van de te voorziene toestellen teneinde het energiestation niet te overbelasten. Een overbelasting kan eventueel tot vernieling van het toestel leiden.
6. Hulp bij het starten van een motorrijtuig
De startkabelaansluitingen bevinden zich aan de achterkant van het toestel. Als U de kabelaansluitingen niet nodig heeft, laat zeker de beschermkappen op de aansluitingen teneinde een gevaar van kortsluiting te voorkomen. Het energiestation kan enkel als hulp bij het starten gebruikt worden als de batterij van het motorrijtuig slechts gedeeltelijk ontladen is. Voor het starten van een volledig ontladen batterij is het energiestation niet geschikt! Gebuik startkabels van voldoende doorsnede. Gebruik van het energiestation als hulp bij het starten:
1. De IN/UIT-schakelaar kan in geval van hulp bij het starten
op ”0FF” geplaatst worden.
2. Verbind de PLUS-pool (+) van het energiestation met de
PLUS-pool (+) van de autobatterij.
3. Verbind de MINUS-pool (-) van het energiestation met de
MINUS-pool (-) van de autobatterij.
4. Laat het energiestation ± 20 minuten aan de autobatterij
aangesloten. Let op! Probeer niet te starten met aangesloten energiestation.
5. Na ongeveer 20 minuten gelieve eerst de startkabel van
de MINUS-pool (-) van de autobatterij te verwijderen.
6. Verwijder daarna de startkabel van de PLUS-pool (+) van
7. Deze gedeeltelijke oplading zou moeten voldoende zijn
om het motorrijtuig te starten.
8. Na deze startpoging moet het energiestation opnieuw
2. Fijnzekering (1 A)
5. Uitgangscontacten 3 V, 6 V en 9 V
6. Uitgangscontacten 12 V via sigareaanstekerstopcontact
8. Minpool voor starthulp
9. Pluspool voor starthulp
De lichtdioden LED 1 en LED 2 tonen het laden van de accu aan : LED 2 licht op als het netgedeelte aan het toestel aangesloten wordt en LED 1 licht bijkomend op, als de batterij vol geladen is. De lichtdioden LED 3 en LED4 tonen de laadtoestand van de accu-batterij aan : LED 4 licht op als de accu van het energiestation vol geladen is en LED 3 licht enkel op als de accu van het energiestation leeg is. Als LED 3 oplicht, moet het energiestation opnieuw geladen worden.
Bij alle reinigings- en onderhoudswerkzaamheden moet altijd het energiestation uitgeschakeld worden en alle aansluitingen moeten van het toestel verwijdert worden. Gebruik voor het reinigen van de oppervlakte zo mogelijk altijd een zacht, droog doek en geen bijtende oplos- middelen. Zo absoluut nodig kunt U het vuil met behulp van een doek verwijderen, die enkel licht bevocht is.
10. Bestellen van onderdelen
1. Indien U eventueel onderdelen nodig hebt, moet in de
bestelling het volgende aangeduid worden:
Notice-Facile