SP 9.500 Dirt - Pomp Kärcher - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SP 9.500 Dirt Kärcher in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Pomp in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SP 9.500 Dirt - Kärcher en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SP 9.500 Dirt van het merk Kärcher.
GEBRUIKSAANWIJZING SP 9.500 Dirt Kärcher
- DirtNederlands 23 Ottimizzazione della portata La portata è tanto più grande: ● quanto minore è la prevalenza ● quanto maggiore è il diametro del tubo flessibile uti- lizzato ● quanto più corto è il tubo flessibile utilizzato ● quanto minore è la perdita di pressione causata da- gli accessori collegati Dichiarazione di conformità UE Con la presente dichiariamo che la macchina di seguito definita, in conseguenza della sua progettazione e co- struzione nonché nello stato in cui è stata immessa sul mercato, è conforme ai requisiti essenziali di sicurezza e salute pertinenti delle direttive UE. In caso di modifi- che apportate alla macchina senza il nostro consenso, la presente dichiarazione perde ogni validità. Prodotto: Pompa Tipo: 1.645-xxx Direttive UE pertinenti 2014/35/UE 2014/30/UE 2011/65/UE 2009/125/CE Regolamento applicato (en) (UE) 2019/1781 Norme armonizzate applicate EN 60335-1 EN 60335-2-41 EN 62233: 2008 EN 55014-1: 2017 + A11: 2020 EN 55014-2: 2015 EN 61000-3-2: 2014 EN 61000-3-3: 2013 EN IEC 63000: 2018 I firmatari agiscono per incarico e con delega della dire- zione. Responsabile della documentazione: S. Reiser Alfred Kärcher SE & Co. KG Alfred-Kärcher-Str. 28 - 40 71364 Winnenden (Germany) Tel.: +49 7195 14-0 Fax: +49 7195 14-2212 Winnenden, 01/06/2021 Inhoud Algemene instructies Voordat u het apparaat voor het eerst gebruikt, dient u deze originele ge- bruiksaanwijzing en de meegeleverde veiligheidsinstructies door te lezen en deze in acht te nemen. Bewaar beide documenten voor later gebruik of volgen- de eigenaars. Reglementair gebruik Gebruik het apparaat uitsluitend voor de privé-huishou- ding. Reglementair gebruik: ● Ontwatering van delen van gebouwen bij overstro- mingen ● Over- en leegpompen van reservoirs ● Waterafname uit bronnen en schachten ● Zoet water uit boten en jachten pompen Instructies voor de werking, zie hoofdstuk Werking. Toegestane pompvloeistoffen GEVAAR Levensgevaar en beschadigingsgevaar bij het ver- pompen van explosieve, brandbare of ongeschikte stoffen! Brandbare of explosieve stoffen kunnen ontbranden of exploderen. Ongeschikte stoffen kunnen de pomp beschadigen. Verpomp geen explosieve, brandbare of corrosieve vloeistoffen of gassen (bijv. brandstoffen, petroleum, nitroverdunner) en verpomp geen vetten, oliën, zout water of afvalwater van toiletinstallaties of water dat een lagere vloeibaarheid heeft dan schoon water. Toegestane pompvloeistoffen: ● Zoet water tot de gespecificeerde mate van veront- reiniging SP 9.500 Dirt en SP 11.000 Dirt (vuilwaterpomp): Water met een verontreinigingsgraad tot een korrel- grootte van 20 mm SP 9.000 Flat (schoonwaterpomp): Water met een verontreinigingsgraad tot een korrel- grootte van 5 mm ● Zwembadwater, indien de additieven volgens de voorschriften zijn gedoseerd Algemene instructies p. 23
- Reglementair gebruik p. 23
- Gevarenniveaus p. 24
- Milieubescherming p. 24
- Toebehoren en reserveonderdelen p. 24
- Leveringsomvang p. 24
- Garantie p. 24
- Beschrijving apparaat p. 24
- Inbedrijfstelling p. 24
- Werking p. 25
- Verzorging en onderhoud p. 26
- Vervoer p. 26
- Opslag p. 26
- Hulp bij storingen p. 26
- Technische gegevens p. 27
- Optimalisering van het volume p. 28
- EU-conformiteitsverklaring Nederlands ● Zeepsop, bijv. van uitgelopen wasmachines. Pomp aansluitend met helder zoet water spoelen en reini- gen, zie hoofdstuk Spoelen en reinigen. ● De temperatuur van de pompvloeistoffen moet tus- sen 5 °C en 35 °C liggen Ondeskundig gebruik LET OP Beschadigingsgevaar door vorst! Het apparaat kan beschadigd raken wanneer het wordt gebruikt bij vorst. Een apparaat dat niet geheel leeg is, kan beschadigd raken door vorst. Gebruik het apparaat niet bij vorst. Bescherm het apparaat tegen vorst. LET OP Beschadigingsgevaar bij continu gebruik! Het apparaat is niet geschikt voor ononderbroken conti- nu gebruik. Gebruik het apparaat niet ononderbroken gedurende lange perioden continu (bijv. continue circulatie in vij- vers) of als stationaire installatie (bijv. als hefinstallatie, fonteinpomp). Instructie De fabrikant is niet aansprakelijk voor eventuele schade als gevolg van ondeskundig gebruik of verkeerde bedie- ning. Gevarenniveaus GEVAAR ● Aanwijzing voor direct dreigend gevaar dat tot zware of dodelijke verwondingen leidt. 몇 WAARSCHUWING ● Aanwijzing voor een mogelijk gevaarlijke situatie die tot zware of dodelijke verwondingen kan leiden. 몇 VOORZICHTIG ● Aanwijzing voor een mogelijk gevaarlijke situatie die tot lichte verwondingen kan leiden. LET OP ● Aanwijzing voor een mogelijk gevaarlijke situatie die tot materiële schade kan leiden. Milieubescherming De verpakkingsmaterialen zijn herbruikbaar. Ver- wijder verpakkingen op een milieuvriendelijke manier. Elektrische en elektronische apparaten bevatten waardevolle recyclebare materialen en vaak be- standdelen zoals batterijen, accu's of olie, die bij onjuiste omgang of verkeerd afvalverwijdering een potentieel gevaar voor de gezondheid van de mens en voor het milieu kunnen vormen. Voor een correcte werking van het apparaat zijn deze bestanddelen echter noodzakelijk. Voer apparaten met dit symbool niet sa- men met het huisvuil af. Instructies betreffende ingrediënten (REACH) Actuele informatie over ingrediënten vindt u op: www.kaercher.de/REACH Toebehoren en reserveonderdelen Gebruik alleen origineel toebehoren en originele reser- veonderdelen. Deze garanderen een veilige en sto- ringsvrije werking van het apparaat. Informatie over toebehoren en reserveonderdelen vindt u onder www.kaercher.com. Leveringsomvang De leveringsomvang van het apparaat is op de verpak- king afgebeeld. Controleer de inhoud bij het uitpakken op volledigheid. Bij ontbrekend toebehoren of bij trans- portschade neemt u contact op met uw distributeur. Garantie In elk land gelden de garantievoorwaarden die door on- ze verantwoordelijke verkoopmaatschappij zijn uitgege- ven. Mogelijke storingen aan uw apparaat verhelpen we binnen de garantieperiode gratis, voor zover een mate- riaal- of fabricagefout de oorzaak is. Als u gebruik wilt maken van de garantie, neemt u met uw aankoopbon contact op met uw distributeur of de dichtstbijzijnde ge- autoriseerde klantenservice. (adres zie achterzijde) Beschrijving apparaat Afbeeldingen, zie pagina’s met grafieken Afbeelding A 1 Handgreep 2 Kabel voor spanningaansluiting met stekker 3 Vergrendeling (vlotterschakelaar) 4 *Pompaansluitingsonderdeel G 1 (¾″ en 1″ slan- gaansluiting en G 1 - schroefdraad) 5 *Terugslagklep 6 G 1 - schroefaansluiting 7 Pompaansluitingsonderdeel G 1 ½ (1", 1 ¼" en 1 ½” slangaansluiting en G 1 ½ - schroefdraad) 8 Aansluitstuk (G 1 ½ - schroefdraad) 9 Vlotterschakelaar 10 Quick-Connect 11 Automatische ontluchtingsvoorziening 12 Voeten (SP 9.000 Flat) p. 2824
- Niet bij de levering inbegrepen. Inbedrijfstelling GEVAAR Gevaar voor elektrische schokken en letsel! Het apparaat bevat elektrische en mechanische onder- delen. Koppel het apparaat altijd los van de stroomvoorziening voordat u het monteert, demonteert of reinigt. Instructie Hoe korter de slanglengte en hoe groter de slangdiame- ter, des te hoger is het vermogen. Om verstopping van de pomp te voorkomen, moet een voorfilter worden gebruikt voor slangdiameters kleiner dan 1 ¼″. De pompaansluiting is voorzien van een steeksysteem (Quick-Connect). Het aansluitstuk met pompaansluitingsonderdeel G 1 ½ en de schroefaansluiting G 1 worden ongemonteerd bij het apparaat meegeleverd. Instructie Slangen met een diameter van 1″, 1 ¼″ en 1 ½″ kunnen op het pompaansluitingsonderdeel G 1 ½ worden aan- gesloten.Nederlands 25 Om de gewenste deeltjesgrootte te kunnen verpompen, moet een slangdiameter worden gekozen die groot ge- noeg is en moet het pompaansluitingsonderdeel G 1 ½ overeenkomstig aan de groeven worden verkort. Ook bij kleinere deeltjes wordt een grote slangdiameter aan- bevolen om een hoge doorstroomhoeveelheid mogelijk te maken. Sluit de slang aan op de pomp als u een 1″, 1 ¼″ of 1 ½″ slang gebruikt: 1 schroef het pompaansluitingsonderdeel G 1 ½ op het aansluitstuk. Afbeelding B 2 Duw de slangklem op de slang. 3 Duw de slang op het pompaansluitingsonderdeel G 1 ½ en zet hem vast met een slangklem. 4 Duw het aansluitstuk in de Quick-Connect. Afbeelding C Sluit de slang aan op de pomp als u een ¾″ of 1″ slang gebruikt: 1 Schroef de G 1 schroefaansluiting op het aansluit- stuk. Afbeelding B 2 Het bijzondere toebehoren pompaansluitingsonder- deel G 1 (6.997-359.0 pompaansluitingsonderdeel G 1 (33,3 mm) incl. terugslagklep - niet bij de leve- ring inbegrepen) op de schroefaansluiting G 1 mon- teren: a Plaats de terugslagklep zo op de G 1 schroefaan- sluiting dat het opschrift "UP" leesbaar is. b Schroef pompaansluitingsonderdeel G 1 op de schroefaansluiting G 1. 3 Duw de slangklem op de slang. 4 Duw de slang op het pompaansluitingsonderdeel G 1 en zet hem vast met een slangklem. 5 Duw het aansluitstuk in de Quick-Connect. Afbeelding C Pomp opstellen/onderdompelen: 1 Voeten uit- of inklappen (SP 9.000 Flat). Afbeelding D 2 Plaats de pomp stevig op een vaste ondergrond in de pompvloeistof of dompel hem onder met behulp van een touw dat aan de handgreep is bevestigd. Instructie Het aanzuigbereik mag niet geblokkeerd zijn door ver- ontreinigingen. Als de ondergrond modderig is, plaats de pomp dan op een baksteen of iets dergelijks. Zorg ervoor dat de pomp horizontaal staat. De pomp niet aan de kabel of slang dragen. Werking GEVAAR Levensgevaar door elektrische schok! Er bestaat levensgevaar door elektrische schok bij aan- raking van spanningvoerende delen. Raak tijdens het gebruik het aan de handgreep beves- tigde touw of voorwerpen die in contact komen met de pompvloeistof (bijv. buisleidingen die in de te verpom- pen vloeistof steken, leuningen) niet aan en reik niet in de te verpompen vloeistof. Automatische ontluchtingsvoorziening
1. Bij een laag vloeistofniveau kan aangezogen lucht
of in de pomp aanwezige lucht via de automatische ontluchtingsvoorziening ontsnappen. Behalve lucht kan er ook vloeistof uitkomen. Als de pomp problemen heeft met aanzuigen wan- neer het vloeistofniveau laag is, haal dan de netstekker uit het stopcontact en steek deze er her- haaldelijk in om het aanzuigproces te helpen. Afbeelding E Automatisch gebruik
1. Klap de voeten indien nodig uit, zie hoofdstuk Inbe-
drijfstelling (SP 9.000 Flat). Instructie Het uitklappen van de voeten is niet absoluut noodzake- lijk, maar het verhoogt wel het vermogen.
2. Netstekker in het stopcontact steken.
Instructie Bij automatisch gebruik wordt het pompen automatisch gestuurd door de vlotterschakelaar. De pomp wordt ingeschakeld, zodra de vlotterschake- laar als gevolg van het stijgende vloeistofniveau de in- schakelhoogte heeft bereikt. De pomp wordt uitgeschakeld, zodra de vlotterschake- laar als gevolg van het dalende vloeistofniveau de uit- schakelhoogte heeft bereikt. De vlotterschakelaar moet zich vrij kunnen bewegen. Afbeelding F
- De schakelhoogten variëren naargelang de stand van de vlotterschakelaar. Handmatig gebruik Instructie Bij handmatig gebruik blijft de pomp altijd ingeschakeld. Om te zorgen dat de pomp bij handmatig gebruik zelf aanzuigt, moet het vloeistofniveau minstens 60 mm (SP 9.500 Dirt en SP 11.000 Dirt) of 7 mm (SP 9.000 Flat) bedragen. Instructie De pomp kan tot een restvloeistofhoogte van 25 mm (SP 9.500 Dirt en SP 11.000 Dirt) of 1 mm (SP 9.000 Flat) wegpompen. De gespecificeerde restvloeistofhoogten worden alleen bij handmatig gebruik bereikt. De vlotterschakelaar moet zich vrij kunnen bewegen.
1. Voeten inklappen, zie hoofdstuk Inbedrijfstelling
(SP 9.000 Flat). Instructie Door het inklappen van de voeten is bij handmatig ge- bruik vlakke afzuiging van de vloeistof tot 1 mm rest- vloeistofhoogte mogelijk.
2. Bevestig de vlotterschakelaar in de vergrendeling,
naar boven wijzend. Afbeelding G LET OP Beschadigingsgevaar bij drooglopen! Drooglopen leidt tot verhoogde slijtage van de pomp. Laat de pomp bij handmatig gebruik niet zonder toezicht draaien. In geval van drooglopen, onmiddellijk de netstekker uit het stopcontact trekken.
3. Netstekker in het stopcontact steken.
1. De netstekker uit het stopcontact trekken.
Het apparaat stopt. Min / Max SP 9.000 Flat SP 9.500 Dirt SP 11.000 Dirt Inschakel- hoogte cm* 36 / 44 43 / 50 43 / 50 Uitschakel- hoogte cm* 15 / 24 18 / 30 18 / 3026 Nederlands LET OP Beschadigingsgevaar! Beschadigingsgevaar door opgedroogde verontreini- gingen of toevoegingen. Spoel en reinig het apparaat onmiddellijk na elk gebruik.
2. Als er verontreinigde vloeistoffen of vloeistoffen met
toevoegingen worden verpompt, dan moet het ap- paraat onmiddellijk na gebruik worden gespoeld en gereinigd, zie hoofdstuk Spoelen en reinigen.
3. Maak het apparaat en alle toebehoren leeg en laat
ze drogen. Verzorging en onderhoud GEVAAR Gevaar voor elektrische schokken en letsel! Het apparaat bevat elektrische en mechanische onder- delen. Reiniging en onderhoud door de gebruiker mogen niet door kinderen worden uitgevoerd. Spoelen en reinigen LET OP Beschadigingsgevaar! Beschadigingsgevaar door opgedroogde verontreini- gingen of toevoegingen. Spoel en reinig het apparaat onmiddellijk na elk gebruik. 1 Als er verontreinigde vloeistoffen of vloeistoffen met toevoegingen worden verpompt, moet het apparaat daarna worden gespoeld: Gebruik het apparaat om helder zoet water zonder toevoegingen te verpom- pen totdat alle verontreinigingen of toevoegingen uit het apparaat worden gespoeld. GEVAAR Gevaar voor elektrische schokken en letsel! Het apparaat bevat elektrische en mechanische onder- delen. Koppel het apparaat altijd los van de stroomvoorziening voordat u het monteert, demonteert of reinigt. 2 De netstekker uit het stopcontact trekken. 3 De toets van Quick-Connect indrukken en aansluit- stuk eraf trekken. Afbeelding C 4 Eventuele resten uit de slang en bij de Quick-Con- nect verwijderen. 5 De buitenkant van het apparaat met een zachte, schone doek en helder zoet water reinigen. 6 Maak het apparaat en alle toebehoren leeg en laat ze drogen. Onderhoud Het apparaat is onderhoudsvrij. Vervoer Vervoer met de hand 몇 VOORZICHTIG Gevaar voor letsel door struikelen! Er bestaat gevaar voor letsel door struikelen over losse kabels en slangen. Wees voorzichtig met kabels en slangen wanneer u het apparaat verplaatst.
1. Het apparaat bij de handgreep optillen en dragen.
Vervoer in voertuigen 몇 WAARSCHUWING Gevaar voor letsel, gevaar voor beschadiging! Houd bij het vervoer rekening met het gewicht van het apparaat. Berg het apparaat op of zet het vast in overeenstem- ming met de geldende richtlijnen, zodat het niet weg- glijdt of wordt weggeslingerd tijdens het transport.
2. Apparaat bij transport in voertuigen conform de
richtlijnen tegen wegglijden en omvallen beveiligen. Opslag LET OP Gevaar voor beschadiging door vorst! Apparaten die niet volledig leeg zijn, kunnen bescha- digd raken door vorst. Leeg het apparaat en het toebehoren voor opslag volle- dig. Bescherm het apparaat tegen vorst. Bewaar het apparaat vorstvrij en niet buiten. 몇 VOORZICHTIG Niet in acht nemen van het gewicht Gevaar voor letsel en beschadiging Houd bij de opslag rekening met het gewicht van het ap- paraat.
1. De pomp en alle toebehoren geheel leegmaken.
2. De pomp en alle toebehoren laten drogen.
3. De pomp op een vorstvrije plaats opbergen.
Hulp bij storingen Storingen hebben vaak oorzaken die eenvoudig met be- hulp van het volgende overzicht kunnen worden verhol- pen. Neem bij twijfel of storingen die hier niet worden vermeld contact op met de erkende klantenservice. Fout Oorzaak Remedie De pomp draait, maar transporteert niet Er zit lucht in de pomp. 1. De correcte inbedrijfstelling controleren (zie hoofdstuk Inbedrijfstelling en Wer- king). Het aanzuigbereik wordt geblokkeerd door vuildeeltjes.
1. De netstekker uit het stopcontact trekken.
2. Het aanzuigbereik reinigen.
Het vloeistofniveau is te laag (handmatig gebruik), zie hoofdstuk Technische ge- gevens.
1. De pomp dieper in de pompvloeistof dom-
pelen, zie hoofdstuk Handmatig gebruik.Nederlands 27 Technische gegevens Technische wijzigingen voorbehouden. De pomp start niet, of komt tijdens gebruik tot stilstand De stroomvoorziening is onderbroken. 1. De zekeringen en elektrische verbindingen controleren. De thermoschakelaar heeft de pomp we- gens oververhitting uitgeschakeld.
1. De netstekker uit het stopcontact trekken.
2. De pomp laten afkoelen.
3. Het aanzuigbereik reinigen.
4. Droogloop van de pomp verhinderen.
Vuildeeltjes zitten vastgeklemd in het aanzuigbereik.
1. De netstekker uit het stopcontact trekken.
2. Het aanzuigbereik reinigen.
De vlotterschakelaar schakelt de pomp uit.
1. Automatisch gebruik: De positie en vrije
beweging van de vlotterschakelaar contro- leren en indien nodig corrigeren, zie hoofd- stuk Automatisch gebruik.
2. Handmatig gebruik: Plaats de vlotterscha-
kelaar correct, zie hoofdstuk Handmatig gebruik. Vermogen neemt af of is te gering Het aanzuigbereik is verstopt. 1. De netstekker uit het stopcontact halen en het aanzuigbereik reinigen. Het vermogen van de pomp is afhankelijk van de opvoerhoogte en de aangesloten periferie.
1. De maximale hoogte in acht nemen, zie
hoofdstuk Technische gegevens. Kies in- dien nodig een grotere slangdiameter of een kortere slanglengte. De doorsnede aan de drukzijde is ver- nauwd, bijv. doordat het ventiel/de ko- gelkraan niet volledig open staat.
1. Het ventiel/de kogelkraan volledig openen.
De slang aan de drukzijde is geknikt. 1. De knikplaatsen in de slang verwijderen. De Quick-Connect kan niet worden geopend Het Quick-Connect steeksysteem is ge- blokkeerd door verontreinigingen.
1. De clip verwijderen en reinigen.
>2,5 >2,5 >2,5 Druk (max.) MPa (bar) 0,06 (0,6) 0,06 (0,6) 0,07 (0,7) Opvoerhoogte (max.) m667 Indompeldiepte (max.) m777 Toegest. temp. pompvloeistof- fen °C 5...35 5...35 5...35 Deeltjesgrootte (max.) van de toegestane pompvloeistof- fen mm 5 20 20 Minimaal vloei- stofniveau (handmatige modus) mm 7 60 60 Hoogte rest- vloeistoffen mm 1 25 25 Gewicht (zonder toebehoren) kg 3,7 3,8 4,4
Notice-Facile