HSBC 300 cool - Ketel STIEBEL ELTRON - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis HSBC 300 cool STIEBEL ELTRON in PDF-formaat.

📄 152 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice STIEBEL ELTRON HSBC 300 cool - page 90
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Italiano IT Nederlands NL

Gebruikersvragen over HSBC 300 cool STIEBEL ELTRON

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Ketel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HSBC 300 cool - STIEBEL ELTRON en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HSBC 300 cool van het merk STIEBEL ELTRON.

GEBRUIKSAANWIJZING HSBC 300 cool STIEBEL ELTRON

1. Algemene aanwijzingen_91

1.1 Geldende documenten_91

1.2 Veiligheidsaanwijzingen_91

1.3 Andere aandachtspunten in deze documentatie_92

1.4 Info op het toestel_92

2.1 Reglementair gebruik_92

2.2 Algemene veiligheidsaanwijzingen_92

3. Toestelcompatibiliteit_93

4. Toestelbeschrijving_93

5. Reiniging, verzorging en onderhoud_93

7.1 Algemene veiligheidsaanwijzingen_94

7.2 Voorschriften, normen en bepalingen_94

8. Toestelbeschrijving_94

9.1 Montageplaats_94

10.1 Het toestel plaatsen_100

10.2 Verwarmingswateraansluiting_100

10.3 Drinkwateraansluiting en veiligheidsgroep_102

11. Elektrische aansluiting_105

11.2 Veiligheidslaagspanning_106

12.1 Controles voor ingebruikname van de

warmtepompmanage r_10 8

12.2 Ingebruikname van de warmtepompmanager_108

14. Overdracht van het toestel_110

17.1 Afmetingen en aansluitingen_112

17.4 Gegevens over het energieverbruik_117

HSBC 300 cool www.stiebel-eltron.comBIJZONDERE INSTRUCTIES Algemene aanwijzingen BIJZONDERE INSTRUCTIES - Het toestel kan door kinderen vanaf 8 jaar, alsook door personen met fysieke, zintuiglijke of geestelijke beperkingen of met een gebrek aan ervaring en kennis gebruikt worden op voorwaarde dat er iemand toezicht houdt, of dat ze onderricht zijn hoe ze het toestel veilig moeten gebruiken en begrijpen welke geva¬ ren hiermee gepaard gaan. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Kinderen mogen zonder toezicht het toestel niet reinigen noch gebruikersonderhoudstaken uitvoeren. - Aansluiting op het elektriciteitsnet is alleen als vaste aansluiting toegestaan. Installeer een veiligheidsvoorziening, waarmee het toe¬ stel via een scheidingstraject van 3 mm van het stroomnet kan worden gescheiden. Veilig¬ heidsvoorzieningen zijn bijv, veiligheidsscha- kelaars, LS-schakelaars, zekeringen. - Neem alle nationale en regionale voorschrif¬ ten en bepalingen in acht. - Neem de minimumafstanden in acht (zie hoofdstuk "Installatie / Voorbereidingen / Montageplaats"). - Installatie, ingebruikname, onderhoud en reparatie van het toestel mogen alleen door een gekwalificeerde installateur uitgevoerd worden. Warmwaterboiler - Tap het toestel af zoals beschreven in het hoofdstuk "Installatie / Onderhoud / Warmwa¬ terboiler aftappen". - Neem de maximaal toegelaten druk in acht (zie hoofdstuk "Installatie / Technische gege¬ vens / Gegevenstabel").

De warmwaterboiler staat onder voedings- druk. Tijdens het verwarmingsproces druppelt expansiewater uit het veiligheidsventiel. - De uitloopopening van het veiligheidsventiel moet geopend blijven naar de atmosfeer. BEDIENING

1. Algemene aanwijzingen

De hoofdstukken "Bijzondere info" en "Bediening" zijn bedoeld voor de gebruiker van het toestel en de installateur. Het hoofdstuk "Installatie" is bedoeld voor de installateur. Aanwijzing Lees deze handleiding voor gebruik zorgvuldig door en bewaar deze. Overhandig de handleiding zo nodig aan een volgende gebruiker. 1.1 Geldende documenten O Handleidingen van de warmtepompmanager WPM O Bedienings- en installatiehandleiding van de aangeslo¬ ten warmtepomp O Bedienings- en installatiehandleidingen van alle overige componenten die bij de installatie horen 1.2 Veiligheidsaanwijzingen 1.2.1 Opbouw van veiligheidsaanwijzingen TREFWOORD Soort gevaar Hier worden de mogelijke gevolgen vermeld wanneer de veiligheidsaanwijzingen genegeerd worden. ► Hier staan maatregelen om gevaren te voorkomen. 1.2.2 Symbolen, soort gevaar Symbool Soort gevaar Letsel Elektrische schok Verbranding /M\ (verbranding, verschroeiing) 1.2.3 Trefwoorden TREFWOORD Betekenis GEVAAR Aanwijzingen die leiden tot zwaar letsel of overlijden, wan¬ neer deze niet in acht genomen worden. WAARSCHUWING Aanwijzingen die kunnen leiden tot zwaar letsel of overlij¬ den, wanneer deze niet in acht genomen worden. VOORZICHTIG Aanwijzingen die kunnen leiden tot middelmatig zwaar of licht letsel, wanneer deze niet in acht genomen worden. www.stiebel-eltron.com HSBC 300 cool | 91 NEDERLANDSBEDIENING Veiligheid

1.3 Andere aandachtspunten in deze documentatie

Aanwijzing Algemene aanwijzingen worden aangeduid met het hier naast afgebeelde symbool. ► Lees de aanwijzingsteksten grondig door. Symbool Betekenis Materiële schade (toestel-, gevolg-, milieuschade) Het toestel afdanken ► Dit symbool geeft aan dat u iets moet doen. De vereiste han delingen worden stap voor stap beschreven.

1.4 Info op het toestel

Aansluitingen Symbool Betekenis Toevoer / ingang Uitloop / uitgang Warm drinkwater rode pijl: warm blauwe pijl: Koud groene pijl: neutraal rode pijl: warm blauwe pijl: Koud groene pijl: neutraal

Aanwijzing Tenzij anders vermeld, worden alle afmetingen in milli meter aangegeven.

2.1 Reglementair gebruik

Het toestel is bestemd voor seizoensverwarming en -koeling (7 “C/12 °C) van ruimten en voor de drinkwateropwarming. Het toestel is bestemd voor gebruik in een huishoudelijke omge¬ ving. Het kan op een veilige manier bediend worden door onge¬ schoolde personen. Het toestel kan ook buiten het huishouden gebruikt worden, bijv, in een klein bedrijf, voor zover het op de¬ zelfde wijze gebruikt wordt. Elk ander gebruik dat verder gaat dan wat hier wordt omschreven, geldt als niet reglementair. Onder reglementair gebruik valt ook het in acht nemen van deze handleiding alsmede de handleidingen voor het gebruikte toebehoren.

2.2 Algemene veiligheidsaanwijzingen

WAARSCHUWING verbranding Bij uitlooptemperaturen van meer dan A3 °C bestaat ge¬ vaar voor brandwonden. WAARSCHUWING letsel Het toestel kan door kinderen vanaf 8 jaar, alsook door personen met fysieke, zintuiglijke of geestelijke beper¬ kingen of met een gebrek aan ervaring en kennis ge¬ bruikt worden op voorwaarde dat er iemand toezicht houdt, of dat ze onderricht zijn hoe ze het toestel veilig moeten gebruiken en begrijpen welke gevaren hiermee gepaard gaan. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Kinderen mogen zonder toezicht het toestel niet reinigen noch gebruikersonderhoudstaken uitvoeren. WAARSCHUWING letsel Gebruik het toestel om veiligheidsredenen alleen met de gesloten frontbekleding. Materiële schade Als de stroomvoorziening wordt onderbroken, is de ac¬ tieve vorstbescherming van de installatie niet meer ge¬ garandeerd. ► Onderbreek de stroomvoorziening ook buiten de verwarmingsperiode niet. Aanwijzing De warmwaterboiler staat onder voedingsdruk. Tijdens het verwarmingsproces druppelt expansiewater uit het veiligheidsventiel. ► Waarschuw uw installateur, als er na het verwarmen nog water uitdruppelt.

Zie het typeplaatje op het toestel.

3. Toestelcompatibiliteit

U kunt het toestel in combinatie met de volgende lucht-wa- ter-warmtepompen gebruiken: - HPA-0 05.1-07.1 CS Premium - HPA-0 7-13 (C)(S) Premium - WPL-A 05-07 HK 230 Premium - WPL15-25 A(C)(S)

4. Toestelbeschrijving

Het buffervat en de warmwaterboiler met warmtewisselaar zijn boven elkaar opgesteld en kunnen voor de oplevering van elkaar gescheiden worden. Het toestel is ingeschuimd in de kunststof mantel en uitgerust met een afneembare frontbekleding. Het toestel wordt hydraulisch en elektrisch verbonden met de warmtepomp. Alle hydraulische aansluitingen zijn naar boven (verwarming) en naar achteren (drinkwater) uitgevoerd. Naast de warmwaterboiler en het buffervat zijn andere systeem- componenten geïntegreerd: - Warmtepompmanager - uiterst efficiënte circulatiepomp voor een ongemengd verwarmingscircuit - 3-2-weg omschakelklep - Boilerlaadpomp Warmwaterboiler De stalen boiler is aan de binnenkant voorzien van speciaal direct email en een veiligheidsanode. De anode met verbruiksindicator beschermt de binnenkant van het reservoir tegen corrosie. Het door de warmtepomp opgewarmde cv-water wordt via een warmtewisselaar naar de warmwaterboiler gepompt. De warmte¬ wisselaar geeft de opgenomen warmte daarbij af aan het drinkwa¬ ter. De geïntegreerde warmtepompmanager regelt de opwarming van het drinkwater op de gewenste temperatuur. Buffervat Het stalen vat is bestemd voor de hydraulische ontkoppeling van de debieten van warmtepomp en verwarmingscircuit. Het door de warmtepomp opgewarmde cv-water wordt door de boilerlaad¬ pomp naar het buffervat getransporteerd. Bij aanvraag wordt het cv-water met de geïntegreerde circulatiepomp van het verwar¬ mingscircuit naar het verwarmingscircuit aangevoerd. Warmtepompmanager (WPM) De installatie wordt geregeld via de geïntegreerde warmtepomp¬ manager. Aanwijzing De warmtepompmanager beschikt over een automatische zomer-winteromschakeling, zodat u de installatie tijdens de zomer ingeschakeld kunt laten. ► Houd rekening met de handleiding van de warmtepompmanager.

5. Reiniging, verzorging en onderhoud

► Laat de elektrische veiligheid van het toestel en de werking van de veiligheidsgroep periodiek controleren door een installateur. ► Gebruik geen schurende reinigingsmiddelen of reinigings¬ middelen met oplosmiddelen. Een vochtige doek volstaat om het toestel te onderhouden en te reinigen. Verbruiksindicator signaalanode Materiële schade Wanneer de kleur van de verbruiksindicator is gewijzigd van wit naar rood, moet de signaalanode door een instal¬ lateur worden gecontroleerd en evt. worden vervangen. 1 wit = anode ok 2 rood = controle door installateur vereist

6. Problemen verhelpen

Probleem Oorzaak Oplossing Het water wordt niet Er is geen spanning. Controleer de zekeringen warm. De verwarming van de huisinstallatie, werkt niet. Waarschuw de installateur, wanneer u de oorzaak niet zelf kunt verhelpen. Hij kan u sneller en beter helpen als u hem het nummer op het typeplaatje doorgeeft (000000-0000-000000). www.stiebeL-eLtron.com HSBC 300 cooL | 93 NEDERLANDSINSTALLATIE Veiligheid INSTALLATIE

Installatie, ingebruikname, onderhoud en reparatie van het toestel mogen alleen door een gekwalificeerde installateur uitgevoerd worden.

7.1 Algemene veiligheidsaanwijzingen

Wij waarborgen de goede werking en de bedrijfszekerheid uitslui¬ tend bij gebruik van originele toebehoren en reserveonderdelen voor het toestel.

7.2 Voorschriften, normen en bepalingen

Aanwijzing Neem alle nationale en regionale voorschriften en palingen in acht.

8. Toestelbeschrijving

Bij het toestel wordt het volgende geleverd: - 4x Verstelbaar voetje - lx Buitentemperatuursensor AF PT

8.2.1 Noodzakelijk toebehoren Afhankelijk van de voedingsdruk zijn veiligheidsgroepen en redu¬ ceerventielen verkrijgbaar. Deze typegekeurde veiligheidsgroepen beschermen het toestel tegen een ontoelaatbare drukoverschrij-ding. Noodzakelijk voor oppervlaktekoeling: Temperatuursensor PT1000 - Afstandsbediening FET 8.2.2 Overig toebehoren Pompmodule voor een gemengd verwarmingscircuit HSBC 3-HKM - Buiskit RBS-SBC Drukslangen - Onthardingsarmatuur HZEA Temperatuursensor voor koeling - Afstandsbediening voor de verwarmingsfunctie - Veiligheidstemperatuurbegrenzer voor vloerverwarming STB-FB Buiskit RBS-SBC De hydraulische aansluitingen kunnen met de als toebehoren ver¬ krijgbare buiskits RBS-SBC achter de warmwaterboiler omhoog geleid worden.

Materiële schade Plaats het toestel niet in een vochtige ruimte. Monteer het toestel in een vorstvrije en droge ruimte in de buurt van het aftappunt. Houd de afstand tussen het toestel ende warm-tepomp beperkt om leidingverliezen te beperken. Zorg ervoor dat de vloer voldoende draagvermogen heeften goed genivelleerd is (voor het gewicht, zie hoofdstuk "Technische ge¬ gevens / Gegevenstabel"). De ruimte mag geen gevaar voor explosies door stof, gassen of dampen inhouden. Als u het toestel samen met andere verwarmingstoestellen in een stookruimte opstelt, moet verzekerd zijn dat de werking van de andere verwarmingstoestellen niet wordt beïnvloed. De minimale afstanden aan de zijkant kunnen naar rechts of links worden omgewisseld.

Materiële schade Bewaar en transporteer het toestel bij temperaturen van -20 °C tot +60 °C. Oplevering ► Draai de 4 schroeven uit de wegwerppallet. ► Kantel het toestel en schroefde bijgeleverde 4 verstelbare voeten in het toestel. ► Til het toestel van de pallet. Gebruik de grijpuitsparingen aan de onder- en achterzijde van het toestel voor een beter hou¬ vast bij het transport. Als smalle deuren of gangen de oplevering kunnen belemmeren, kuntu het bovenste van het onderste deel van het toestel scheiden, zoals in de volgende hoofdstukken is beschreven.

9.2.1 Frontbekleding demonteren/monteren

Frontbekleding demonteren ► Verwijder de 2 borgschroeven aan de bovenzijde van de frontkap. ► Haak de frontbekleding naar boven uit. ► AA01-X1.18: Trek, indien nodig, de aansluitstekker van de bedieningseenheid uit de aansluiting in het toestel. De goede werking van het toestel komt niet in het gedrang. Bediening via de bedieningseenheid is niet mogelijk. ► Maak de aardingskabel los van de frontbekleding. Frontbekleding monteren ► Monteer de frontbekleding in omgekeerde volgorde. www.stiebel-eltron.com HSBC 300 cool I 95 NEDERLANDSINSTALLATIE Voorbereidingen

9.2.2 Overzicht isolatie-elementen

9.2.3 Toestelonderdelen scheiden/samenvoegen

Toestelonderdelen scheiden

Materiële schade Het uitdraaien van de bevestigingsschroeven beschadigt de schroefdraad in het isolatie-element. ► Om de 3 bevestigingsbeugels te openen, mogen de bevestigingsschroeven slechts lichtjes worden losge¬ draaid, maar niet volledig worden uitgedraaid. Aanwijzing Voor de vereenvoudigde demontage zijn de isolatie-ele menten aan linker- en rechterzijde met gemarkeerde grijpuitsparingen uitgerust. ► Verwijder isolatie-element 1. ► Verwijder isolatie-element 2. ► Trek de "Sensor verwarming" op het buffervat eruit. ► Maak de sensorkabel uit de geleidingsgroef in het isola tie-element los. ► Maak

steekverbinding van de 4 hydraulische aansluitingen los. Trek daarvoor de veerklemmen met een schroevendraai¬ er tot aan de aanslag eruit. ► Trek de hydraulische aansluitingen eruit, zoals is weergegeven. www.stiebel-eltron.com HSBC 300 cool I 97 NEDERLANDSINSTALLATIE Voorbereidingen ► Verwijder de 4 hydraulische slangen. ► Verwijder de 2 schroeven van isolatiemateriaal. ► Verwijder isolatie-element 3. ► Maak de 2 borgschroeven los aan de profielbalken aan de zijkant. ► Haak de profielbalken er naar boven uit. ► Maak de 4 schroeven los van de beugels vooraan op het toestel. ► Trek het bovenste toesteldeel naar voren.

Griprail ► Kantel het bovenste toesteldeel naar achteren. Gebruik de griprail voor een beter houvast. ► Leg het bovenste toesteldeel op een ondergrond om bescha diging te voorkomen.

HSBC 300 cool www.stiebel-eltron.comINSTALLATIE Voorbereidingen Toesteldelen samenvoegen

Materiële schade Om condensaatvorming te vermijden, moeten de isola tie-elementen dichtbij en zonder spleet tegen het on derstuk liggen. ► Let er bij het plaatsen van de isolatie-elementen op dat de voegnaden vrij zijn. ► Klop de isolatie-elementen met de hand vast. Voeg de toesteldelen in omgekeerde volgorde samen. De positioneringshulpmiddelen en de markering door een stippel¬ lijn vergemakkelijken het opzetten en inschuiven van het bovenste toesteldeel in de geleidingsgroef op het onderste toesteldeel:

Griprail 2 Geleidingsbout 3 Streeplijn (perforatie in de plaat) 4 Geleidingsgroef 5 Positioneringshulpmiddel ► Plaats het bovenste toesteldeel op de stippellijn op het on derste toesteldeel. ► Schuif het bovenste toesteldeel naar achter, totdat het gelijk komt met het onderste toesteldeel. Wanneer u de toestelde¬ len correct samenvoegt, wordt de eindpositie door de gelei¬ dingsgroef en de geleidingsbout bepaald. ► Bevestig de beugels vooraan op het toestel. ► Monteer de zijprofielbalken. ► Monteer isolatie-element 3 en de 4 hydraulische slangen. ► Monteer de steekverbinding van de 4 hydraulische aanslui¬ tingen. Let erop dat de veerklemmen vergrendelen. ► Steek de "Sensor verwarming" op het buffervat.

sensorkabel in de daartoe voorziene geleidingsgroef in het isolatie-element. ► Monteer isolatie-element 2. ► Monteer isolatie-element 1. ► Monteer de frontkap. www.stiebel-eltron.com HSBC

Het toestel plaatsen ► Neem bij plaatsing de minimumafstanden in acht (zie hoofd¬ stuk "Voorbereidingen / Montageplaats"). ► Oneffenheden kunnen door middel van de verstelbare poten worden weggewerkt.

10.2 Verwarmingswateraansluiting

Materiële schade De verwarmingsinstallatie waarop het toestel wordt aangesloten, moet door een installateur worden geïn¬ stalleerd in overeenstemming met de waterinstallatie-schema's in de planningsdocumenten. Materiële schade Wanneer bijkomende afsluitkleppen ingebouwd worden, dient u een bijkomend veiligheidsventiel toegankelijk aan te brengen op de warmteopwekker of in de onmiddellijke nabijheid ervan in de aanvoerleiding. Tussen de warmteopwekker en het veiligheidsventiel mag geen afsluitklep gemonteerd zijn. Zuurstofdiffusie Materiële schade Vermijd open verwarmingsinstallaties. Gebruik bij vloer verwarmingen met kunststof leidingen zuurstofdiffusie dichte leidingen. Bij vloerverwarmingen met niet-zuurstofdiffusiedichte kunststof-leidingen of open verwarmingsinstallaties kan door zuurstofdiffu¬ sie corrosie optreden aan de stalen delen van de verwarmingsin¬ stallatie (bijv, aan de warmtewisselaar van de warmwaterboiler, aan buffervaten, stalen verwarmingselementen of stalen buizen). ► Scheid bij zuurstofdoorlatende verwarmingssystemen het verwarmingssysteem tussen verwarmingscircuit en buffervat. Materiële schade De corrosieproducten (bijv, roestslib) kunnen neerslaan in de componenten van de verwarmingsinstallatie en door vernauwing van de doorsnede de capaciteit van de installatie beïnvloeden of storingen veroorzaken die lei¬ den tot het uitvallen van de installatie. Voedingsleidingen «l Aanwijzing Afhankelijk van de uitvoering van de verwarmingsin¬ stallatie (drukverliezen) kan de maximaal toegelaten leidinglengte tussen het toestel en de warmtepomp va¬ riëren. Als richtwaarde moet worden uitgegaan van een maximale leidinglengte van 10 m en een leidingdiameter van 22-28 mm. ► Spoel de leidingen grondig door voordat de warmtepomp wordt aangesloten. Vreemde voorwerpen (bijv, laskorrels, roest, zand, dichtingsmateriaal) belemmeren de bedrijfsze¬ kerheid van het systeem. ► Monteer de verwarmingswater transporterende leidin¬ gen (zie hoofdstuk "Technische gegevens / Afmetingen en aansluitingen"). ► Bescherm de aanvoer- en retourleiding tegen vorst door ze voldoende te isoleren. ► Sluit de hydraulische aansluitingen met een vlakke afdichting aan. Wanneer het beschikbare externe drukverschil wordt overschre¬ den, kunnen drukverliezen in de verwarmingsinstallatie tot een verlaagd verwarmingsvermogen leiden. ► Let er bij het aanleggen van de buizen op dat het beschikbare externe drukverschil niet wordt overschreden (zie hoofdstuk "Technische gegevens / Gegevenstabel"). ► Let bij de berekening van de drukverliezen op de aanvoer- en retourleidingen en het drukverlies van de warmtepomp. De drukverliezen moeten door het beschikbare drukverschil ge¬ dekt worden.

HSBC 3-HKM (optioneel) WAARSCHUWING elektrische schok Ontkoppel het toestel voor het begin van de werkzaam¬ heden op alle polen van de netaansluiting en tap het ver¬ warmingscircuit af via de aftapkraan op het buffervat. Voor uitbreiding met een gemengd verwarmingscircuit kunt u de als toebehoren verkrijgbare pompmodule HSBC 3-HKM monteren. Leveringsomvang 1 Buisisolatie 2 Aansluitbuizen (*) 3 Temp.sensor 4 Circulatiepomp verwarmingscircuit (*) 5 3-weg mengklep (*) 6 Isolatiemat voor 3-weg mengklep 7 Vlakke afdichtingen

Servomotor voor 3-weg mengklep (*) 9 Isolatiemat voor 3-weg mengklep en circulatiepomp van het verwarmingscircuit (*)Buisgroep Voorbereiding ► Demonteer de frontbekleding en het isolatie-element 1 (zie hoofdstuk "Installatie / Voorbereidingen / Transport en oplevering"). De volgende componenten zijn aan HSBC-zijde op de inbouwlo catie van de pompmodule voorgemonteerd: 1 Isolatiepluggen 2 Gietstukken voor 3-weg mengklep 3 Isolatiemat gesloten

Overgangsnippel met opgeschroefde blindkappen ► Verwijder de isolatiepluggen. ► Verwijder de gesloten isolatiemat alsmede de gietstukken voor de 3-weg mengklep en de circulatiepomp van het verwarmingscircuit. ► Schroefde blindkappen van de overgangsnippels af terwijl u deze tegenhoudt. Montage ► Controleer de stand van de as van de 3-weg mengklep. ► Pas de stand eventueel aan. www.stiebel-eltron.com HSBC 300 cool I 101 NEDERLANDSINSTALLATIE Montage (*)Buismodule geplaatst 1 Gietstukken voor 3-weg mengklep 2 Isolatiemat voor 3-weg mengklep

Servomotor voor 3-weg mengklep ► Plaats de buismodule erin. ► Plaats de vlakke afdichtingen in de wartelmoeren van de aansluitbuizen. ► Schroef de wartelmoeren vast op de overgangsnippels terwijl u deze tegenhoudt. ► Controleer de uitlijning van de buizen en functie-elementen van de pompmodule. ► Draai alle schroefkoppelingen aan. ► Plaats de gietstukken voor de 3-weg mengklep over het mengkleplichaam en boven de pomp. ► Plaats de isolatiemat voor de 3-weg mengklep op het kleplichaam. ► Monteer de servomotor voor de 3-weg mengklep.

Materiële schade Om condensaatvorming te vermijden, plaatst u geen ka beis in de voegnaden van de EPP-stukken.

Leg de aansluitkabel van de pompmodule, zoals in de afbeel ding, naar de schakelkast. ► Schuif de buisisolatie van bovenaf over de stompen van de aansluitbuizen. (*)Buismodule geplaatst 1 Gietstukken voor 3-weg mengklep 2 Isolatiemat voor 3-weg mengklep en circulatiepomp van het verwarmingscircuit ► Plaats de isolatiemat aan de HKM-zijde voor de 3-weg meng klep en de circulatiepomp van het verwarmingscircuit-. ► Neem de instellingen van de parameters in acht in menu

"INSTELLINGEN/VERWARMEN/VERWARMINGSCIRCUIT2"

in de meegeleverde ingebruiknamehandleiding van de warmtepompma nager.

10.3 Drinkwateraansluiting en veiligheidsgroep

Materiële schade De maximaal toegelaten druk mag niet worden over schreden (zie hoofdstuk "Technische gegevens / Gege venstabel").

Materiële schade Het toestel dient met drukkranen gebruikt te worden. Koudwaterleiding Als materiaal is thermisch verzinkt staal, roestvast staal, koper of kunststof toegestaan.

Materiële schade Een veiligheidsventiel is vereist. Warmwaterleiding, circulatieleiding Als materiaal is roestvast staal, koper en kunststof toegestaan.

10.3.1 Drinkwateraansluiting

veiligheidsgroep ► Spoel de buizen grondig door. ► Monteer de warmwateruitloopleiding en de koudwatertoe- voerleiding (zie hoofdstuk "Technische gegevens / Afmetin¬ gen en aansluitingen"). Sluit de hydraulische aansluitingen met een vlakke afdichting aan. ► Monteer een typegekeurd veiligheidsventiel in de koudwa- tertoevoerleiding. Let erop dat, afhankelijk van de voedings- druk, eventueel ook een drukreduceerventiel moet worden geplaatst. ► Dimensioneer de afvoerleiding zodanig dat het water bij volledig geopend veiligheidsventiel ongehinderd kan wegstromen. ► De uitloopopening van het veiligheidsventiel moet geopend blijven naar de atmosfeer. ► Leg de afvoerleiding van het veiligheidsventiel met een conti nu verval naar de afvoer.

WAARSCHUWING elektrische schok Ontkoppel het toestel voor het begin van de werkzaam¬ heden op alle polen van de netaansluiting en tap de warmwaterboiler af. Aanwijzing Op de volgende afbeeldingen staat buiskit RBS-SBC (zie hoofdstuk "Technische gegevens / Afmetingen en aan sluitingen"). ► Haak de houder voor de aansluitbuizen boven in het midden op het toestel. ► Gebruik de houder als boorsjabloon en boor de bevestigings gaten voor. ► Zet de houder vast met de schroeven. 2 Geïsoleerde aansluitbuizen ► Monteer de aansluitbuizen een voor een. begin links of rechts, afhankelijk van de opstelling van het toestel. ► Steek de aansluitbuizen van onderaf door de houder. ► Schroef de aansluitingen met de wartelmoeren op het toestel. ► Sluit de buisleidingen van de buiskit aan op de huisinstallatie.

10.3.3 Circulatieleiding (optioneel)

U kunt op de aansluiting "Circulatie" een circulatieleiding met externe circulatiepomp aansluiten (zie hoofdstuk “Technische gegevens / Afmetingen en aansluitingen). ► Verwijder het afdichtkapje van de aansluiting "Circulatie" (zie "Technische gegevens / Afmetingen en aansluitingen"). ► Sluit de circulatieleiding aan. www.stiebel-eltron.com HSBC 300 cool I 103 NEDERLANDSINSTALLATIE Montage

Materiële schade Schakel de installatie niet elektrisch in, voordat deze is gevuld.

10.4.1 Watertoestand verwarmingscircuit

Het verwarmingssysteem wordt gevuld met drinkwater. Neem de volgende grenswaarden in acht, zodat het verwarmingssysteem niet beschadigd raakt. Eenheid Waarde Waterhardheid °dH

pH-waarde 6,5-8,5 Chloride mg/l < 30 U kunt de waterhardheid en het chloridegehalte van hetvulwater opvragen bij de verantwoordelijke watermaatschappij. ► Let op de lokale vereisten (bijv. VDI 2035 in Duitsland). Wij adviseren om hetvulwater niette ontzouten, omdat hierdoor de pH-waarde kan worden aangetast. ► Wanneer u het vulwater ontzout of wanneer de pH-waarde van het vulwater onder 8,2 ligt, controleert u de pH-waarde 8-12 weken na de installatie, na elke bijvulling en bij het vol¬ gende onderhoud. ► Leng het vulwater niet aan met inhibitoren en additieven. Toebehoren voor de waterontharding Wanneer u het vulwater moet ontharden, kunt u het volgende product gebruiken. - Verwarmings-onthardingsarmatuur HZEA - Reservepatroon HZEN ► Controleer deze grenswaarden 8 -12 weken na de ingebruik¬ name, telkens na het bijvullen evenals tijdens het jaarlijkse onderhoud van de installatie. Toestel in gebouwen die weinig worden bewoond In de normale werking zijn de aansluitleidingen en de installatie beschermd door de bevriezingsbescherming van het toestel. Wanneer het toestel gedurende een langere periode van de stroomvoorziening is ontkoppeld (buitendienststelling, langduri¬ ge stroomuitval), moet u het toestel aan de waterzijde aftappen. Anders is het toestel niet beschermd tegen vorst. Wanneer bij installaties een stroomonderbreking niet kan worden herkend (bijv, bij langere afwezigheid in een vakantiewoning), kunt u de volgende veiligheidsmaatregel nemen. ► Leng het vulwater aan met ethyleenglycol in de geschik¬ te concentratie(20-40-vol.%). Let op de gegevens op het antivriesmiddel. Gebruik uitsluitend door ons toegelaten antivriesmiddelen. ► Let erop dat antivriesmiddelen de densiteit en de viscositeit van het vulwater wijzigen. MEG 10 Brine als concentraat op basis van ethyleenglycol MEG 30 Brine als concentraat op basis van ethyleenglycol

Materiële schade Restanten glycol in de slangen kunnen het verwarmings- water verzuren. Dit kan leiden tot corrosie en storingen ► Gebruik aparte slangen voor glycol en verwarmings- water. ► Vul de verwarmingsinstallatie via de aftapkraan. ► Ontlucht het leidingsysteem.

Warmwaterboiler vullen ► Vul de warmwaterboiler via de aansluiting "Koudwatertoevoer". ► Open alle na het toestel geplaatste aftapkranen totdat het toestel gevuld is en het leidingnet luchtvrij is. ► Stel het doorstroomvolume in. Let daarbij op het maximaal toegelaten doorstroomvolume bij een volledig geopende kraan (zie hoofdstuk "Technische gegevens / Gegevenstabel"). Reduceer zo nodig het doorstroomvolume op de smoring van de veiligheidsgroep. ► Voer een dichtheidscontrole uit. ► Test het veiligheidsventiel.

10.5 Toestel ontluchten

1 Ontluchtingsventiel 2 Ontluchtingsslang 3 Slangbevestiging ► Maak de ontluchtingsslang uit de slangbevestiging los. ► Hang het vrije uiteinde van de ontluchtingsslang in een opvangbak. ► Open het ontluchtingsventiel om te ontluchten. ► Sluit na het ontluchten het ontluchtingsventiel. ► Bevestig de ontluchtingsslang.

11. Elektrische aansluiting

WAARSCHUWING elektrische schok Voer alle werkzaamheden voor elektriciteitsaansluitin-gen en montage uit conform de voorschriften. Scheid alle polen van het toestel van de netaansluiting voor aanvang van alle werkzaamheden. Materiële schade Beveilig de stroomcircuits voor het toestel en de sturing afzonderlijk. Materiële schade Houd rekening met de specificaties op het typeplaatje. De aangegeven spanning moet overeenkomen met de netspanning. Aanwijzing Er kunnen lekstromen tot 5 optreden. Aansluiting op het elektriciteitsnet is alleen als vaste aansluiting toegestaan. ► Installeer een veiligheidsvoorziening, waarmee het toestel via een scheidingstraject van 3 mm van het stroomnet kan worden gescheiden. Veiligheidsvoorzieningen zijn bijv, veilig-heidsschakelaars, LS-schakelaars, zekeringen. De aansluitkast van het toestel bevindt zich achter de frontbekle-ding (zie hoofdstuk "Voorbereidingen / Transport en oplevering / Frontbekleding de montere n/mo nieren"). ► Steek alle netaansluit- en sensorkabels door de kabeldoor-voer in het toestel. ► Sluit de netaansluit- en sensorkabels aan overeenkomstig de volgende gegevens. Het is uit het oogpunt van de beveiliging verplicht de volgende kabeldoorsnedes te installeren: Beveiliging Toewijzing Kabeldiameter B 16 A Sturing 1,5 mm

Klem Stuurspanning XD03.1 netaansluiting l, N, PE Netingang energiemaatschappij l' ► Installeer een brug tussen L en L‘, wanneer er geen rond stuurontvanger wordt aangesloten. www.stiebel-eltron.com HSBC 300 cool I 105 NEDERLANDSINSTALLATIE Elektrische aansluiting

11.2 Veiligheidslaagspanning

Klem Veiligheidslaagspanning AA01-X1.1 Warmtepomp AA01-X1.3 Buitensensor AA01-X1.4 BT06 Temperatuursensor warmtepomp buffervat AA01-X1.6 BT13 Temperatuursensor warmtepomp aanvoer verwarmingscir¬ cuit 2 (toebehoren HSBC 3-HKM) AA01-X1.8 BT20 Temperatuurvoeler warmwaterboiler Aansturing WPM via PWM-signaal ► Houd rekening met de gegevens in de ingebruiknamehand leiding van de warmtepompmanager WPM.

11.3 Aansluiting warmtepompmanager

WAARSCHUWING elektrische schok Aan de laagspanningsaansluitingen van het toestel mogen alleen componenten aangesloten worden die met veiligheidslaagspanning (SELV) werken en een veilige scheiding ten opzichte van de netspanning verzekeren. Wanneer andere componenten worden aangesloten, kunnen delen van het toestel en aangesloten compo¬ nenten onder netspanning staan. ► Gebruik uitsluitend door ons toegelaten componen¬ ten. Veiligheidslaagspanning XI.1 + + CAN (aansluiting voor warmtepomp en warm- CAN A - - tepompuitbreiding WPE) l l H H XI.2 + + CAN (aansluiting voor afstandsbediening FET CAN B - - en Internet Service Gateway ISG) l l H H XI.3 Signaal 1 Buitensensor Massa 2 XI.4 Signaal 1 Buffersensor (verwarmingscircuitsensor 1) Massa 2 XI.5 Signaal 1 Aanvoersensor Massa 2 XI.6 Signaal 1 Sensor verwarmingscircuit 2 Massa 2 XI.7 Signaal 1 Sensor verwarmingscircuit 3 Massa 2 XI.8 Signaal 1 Sensor warmwaterboiler Massa 2 XI.9 Signaal 1 Bronsensor Massa 2 XI.10 Signaal 1 2e warmteopwekker (2e WE) Massa 2 XI.11 Signaal 1 VI koelen Massa 2 XI.12 Signaal 1 Circulatiesensor Massa 2 XI.13 Signaal 1 Afstandsbediening FE7/Telefoonschakelaar/ Massa 2 Stookli jnoptimalisatie/SG Ready Signaal 3

HSBC 300 cool www.stiebel-eltron.comINSTALLATIE Elektrische aansluiting Vei lig heid slaag spanning XI.18 + + CAN (aansluiting voor bedieningseenheid) CAN B - l l H H XI.19 + + CAN (aansluiting voor warmtepomp en warm- CAN

N N PE ® PE X2.8 L L Warmwatercirculatiepomp N N PE ® PE X2.9 L L Bronpomp/ontdooien N N PE ® PE X2.10 L L Storingsuitgang N N PE ® PE X2.ll L L Circulatiepomp/2. WE warm water N N PE ® PE X2.12 L L 2. WE verwarming N N PE ® PE X2.13 l l Koelen N N PE ® PE X2.14 Mengklep OPEN Mengklep verwarmingscircuit 2 N N (X2.14.1 Mengklep OPEN PE ®PE X2.14.2 Mengklep DICHT) Mengklep DICHT ▼ X2.15 Mengklep OPEN Mengklep verwarmingscircuit 3 N N (X2.15.1 Mengklep OPEN PE ®PE X2.15.2 Mengklep DICHT) Mengklep DICHT ▼ Aanwijzing Bij iedere fout aan het toestel geeft uitgang X2.10 een 230 V-signaal. Bij tijdelijke fouten geeft de uitgang gedurende een be¬ paalde periode het signaal door. Bij fouten die tot een permanente uitschakeling van het toestel leiden, schakelt de uitgang voortdurend door.

11.4.2 Veiligheidstemperatuurbegrenzer voor

vloerverwarming STB-FB (optioneel) ► X2.1 (L), X2.2 (L*): Verwijder de brug. ► X2.1 (L), X2.2 (L*): Sluit de veiligheidstemperatuurbegrenzer aan op de klemmen. www.stiebel-eltron.com HSBC 300 cool I 107 NEDERLANDSINSTALLATIE Ingebruikname

Sensormontage 11.5.1 Buitentemperatuursensor AF PT ► Houd bij de installatie van de buitentemperatuursen¬ sor rekening met de ingebruiknamehandleiding van de warmtepompmanager (zie hoofdstuk "Aansluiting externe componenten"). 11.5.2 Temperatuursensor bij oppervlaktekoeling (optioneel) Bij oppervlaktekoeling is de montage van een als toebehoren ver¬ krijgbare temperatuursensor vereist. ► Demonteer de frontbekleding (zie hoofdstuk "Voorbereidin¬ gen / Transport en oplevering / Frontbekleding demonteren / monteren"). ► Steek de temperatuursensor in de sensorhuls "Sensor WP koelen optioneel".

sensorkabel in de daartoe voorziene geleidingsgroef in het isolatie-element. ► Sluit de temperatuursensor aan op de betreffende klem op de WPM (zie hoofdstuk "Elektrische aansluiting/aansluitbe-zetting warmtepompmanager").

11.6 Afstandsbediening

► Houd bij de installatie van de afstandsbediening rekening met de ingebruiknamehandleiding van de warmtepompma nager (zie hoofdstuk "Aansluiting externe componenten").

Voor de ingebruikname kunt u een beroep doen op onze klanten¬ service (tegen betaling). Als u het toestel commercieel gebruikt, dient u voor de ingebruik¬ name rekening te houden met de eventuele voorschriften van de bedrijfsveiligheidsverordening. Meer informatie hieromtrent vindt u bij de bevoegde toezichthoudende instantie (in Duitsland is dat bijv. TÜV).

12.1 Controles voor ingebruikname van de

Materiële schade Bij vloerverwarmingen moet u rekening houden met de maximale systeemtemperatuur. ► Controleer of de verwarmingsinstallatie met de juiste druk gevuld is en de snelontluchter gesloten is. ► Controleer of de buitensensor op de juiste wijze geplaatst en aangesloten is. ► Controleer of de aansluiting op het net op deskundige wijze is uitgevoerd. ► Controleer of de signaalkabel naar de warmtepomp (BUS-ka-bel) juist aangesloten is.

12.2 Ingebruikname van de warmtepompmanager

Voer de ingebruikname van de warmtepompmanager en alle in¬ stellingen overeenkomstig de ingebruiknamehandleiding van de warmtepompmanager uit. Aanwijzing De vereiste instellingen op de warmtepompmanager zijn door een SD-kaart vooraf ingeste ld. ► Wanneer de warmtepompmanager vervangen moet worden, voert u de volgende instellingen uit. Voorwaarde: De warmtepompmanager heeft de warmtepomp herkend. ► Open het menu en voer de code in. Parameters Code WEERGAVE (INSTELLINGEN)

HSBC 300 cool www.stiebel-eltron.comINSTALLATIE Instellingen Instelling bij eenfase-werking • I Aanwijzing Bij de eenfasige aansluiting moet de warmtepompma-nager voor de berekening van de warmtehoeveelheid als volgt ingesteld worden. ► Stel de parameters in. Parameters Instelling AANTAL TRAPPEN (INSTEIUNGEN/VERWARMEN/EIEK- 2 TRISCHE NAVERWARMING) Instelling voor oppervlaktekoeling Materiële schade Condensatie door het niet bereiken van het dauwpunt kan tot materiële schade leiden. Daarom is het toestel uitsluitend toegelaten voor oppervlaktekoeling. ► Neem voor de instellingen van de oppervlaktekoeling de gegevens in de ingebruiknamehandleiding van de warmte pompmanager in acht.

13.1 Circulatiepompen Wilo-Para .../Sc ► Stel, afhankelijk van het verwarmingsverdeelsysteem, de be drijfsmodus van de pomp in. Lichtindicatoren (leds) • Meldingsindicator: Led licht groen op in normaal bedrijf led licht op/knippert bij storing g g Weergave van de geselecteerde regelingswijze - - - Ap-v, Ap-c en constant toerental • • • Weergave van de geselecteerde karakteristiek (1, II, III) binnen de regelingswijze Weergavecombinaties van de leds tijdens de ontluch-- - - tingsfunctie, handmatige herstart en toetsvergrende-• •• Bedieningstoets Drukken Regelingswijze selecteren Selectie van de karakteristiek (I, II, III) binnen de rege¬ lingswijze Lang drukken Ontluchtingsfunctie activeren (3 seconden drukken) Handmatig herstarten (5 seconden drukken) Toetsen blokkeren/deblokkeren (8 seconden drukken) Regelingswijzen en functies Drukverschil variabel Ap-v (I. II. Ill) Aanbeveling bij tweebuis-verwarmingssystemen met radiatoren voor de reductie van stromingsgeluiden aan thermostatische kranen De pomp vermindert de opvoerhoogte bij het dalende debiet in het leidingnet tot de helft. Besparing van elektrische energie door aanpassing van de opvoerhoogte aan de benodigde volumestroom en lagere stromingssnelheden. Drie voorgedefinieerde karakteristieken (I, II,

III) om uit te kiezen. Drukverschil constante Ap-c

(I. II. Ill) Aanbeveling bij vloerverwarmingen of bij ruim ge¬ dimensioneerde buisleidingen of alle toepassingen zonder veranderlijke buisnetkarakteristiek (bijv, boiler-laadpompen) alsmede êênbuis-verwarmingssystemen met radiatoren De regeling houdt de ingestelde opvoerhoogte con¬ stant, onafhankelijk van het gevraagde debiet. Drie voorgedefinieerde karakteristieken (I, II,

III) om uit te kiezen.

Aanbeveling bij installaties met onveranderlijke instal-latieweerstand die een constante volumestroom nodig hebben. De pomp draait in drie voorgedefinieerde vaste toeren-talstanden (I, II, III). Aanwijzing Fabrieksinstelling: Constant toerental. Karakteristiek III Ontluchten *[®J Warmtepompsysteem vakkundig vullen en ontluchten Wanneer de pomp niet automatisch ontlucht: Ontluchtingsfunctie met de bedieningstoets activeren, 3 seconden indrukken, dan loslaten. Ontluchtingsfunctie start (duurt 10 minuten). De bovenste en onderste led-rijen knipperen afwisse¬ lend in secondeninterval. Om af te breken, de bedieningstoets 3 seconden in-drukken. • 1 Aanwijzing Na het ontluchten toont de led-indicator de voordien ingestelde waarden van de pomp. Regelingswijzen instellen Regelingswijze se¬ lecteren De I ed-selectie van de regelingswijzen en van de bij¬ behorende karakteristieken gebeurt met de wijzers van de klok mee. Bedieningstoets kort (ca. 1 seconde) indrukken. Leds tonen de momenteel ingestelde regelingswijze en karakteristiek (zie volgende tabel). Bedie¬ ningstoets LED-indicator Regelmodus Karakte¬ ristiek ee ® lx 1 - - - Constant toerental

www.stiebel-eltron.com HSBC 300 cool I 109 NEDERLANDSINSTALLATIE Overdracht van het toestel (*)Wanneer de negende keer op de toets wordt gedrukt, is de basisinstelling (constant toerental, karakteristiek III) weer bereikt. Bedie-ningstoets LED-indicator Regelmodus Karakte¬ ristiek

14. Overdracht van het toestel

► Leg aan de gebruiker de werking van het toestel uit en leer hem het gebruik ervan kennen. ► Wijs de gebruiker op mogelijk gevaar. ► Overhandig hem deze handleiding.

15. Buitendienststelling

Materiële schade Houd rekening met de temperatuurgrenzen en het mi¬ nimale circulatievolume aan de warmteafgiftezijde (zie hoofdstuk "Technische gegevens / Gegevenstabel"). Materiële schade Tap bij volledig uitgeschakelde warmtepomp en in geval van vorstgevaar de installatie af (zie hoofdstuk "Onder¬ houd / Warmwaterboiler aftappen"). ► Wanneer de installatie buiten werking wordt gesteld, zet de warmtepompmanager dan op stand-by, zodat de veiligheids functies ter bescherming van de installatie (bijv, vorstbe-scherming) actief blijven.

WAARSCHUWING elektrische schok Voer alle werkzaamheden voor elektriciteitsaansluitin-gen en montage uit conform de voorschriften. WAARSCHUWING elektrische schok Koppel alle polen van het toestel los van de netspanning voordat u met de werkzaamheden begint. Buffervat aftappen ► Tap het buffervat af via de aftapkraan. Warmwaterboiler aftappen VOORZICHTIG verbranding Tijdens het aftappen kan er heet water uit het toestel lopen. ► Sluit de afsluitklep in de koudwatertoevoerleiding. ► open de warmwaterklep van alle aftappunten. Tap de warmwaterboiler af via de aansluiting "Koudwatertoevoer". Warmwaterboiler reinigen en ontkalken Materiële schade Gebruik geen ontkalkingspomp en geen ontkalkingsmid-delen om de boiler te reinigen. ► Reinig het toestel via de revisieflens. Zie voor het aanhaalkoppel van de flensschroeven het hoofdstuk "Technische gegevens/afmetingen en aansluitingen". Signaalanode vervangen ► Vervang de signaalanode als deze is versleten.

17.1 Afmetingen en aansluitingen

cool boi Doorvoer elektr. kabels coi Koudwatertoevoer Buitendraad

COE Warmwateruitloop Buitendraad

CIO Circulatie Buitendraad

HSBC 3-HKM HSBC 3-HKM e30 Aanvoer verw. gemengd

e31 Retour verw. gemengd

I HSBC 300 cool www.stiebel-eltron.comINSTALLATIE Technische gegevens www.stiebel-eltron.com HSBC 300 cool I 115 NEDERLANDSINSTALLATIE Technische gegevens AAOl AA06 BT06 BT08 BT13 BT20 BT30 MAIO MAH MA14 MA15 MA19 KF17 XD03.1 XD06.1 XD06.2 XEOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl AAOl Warmtepompmanager WPM Bedieningseenheid Temperatuursensor WP buffervat Temperatuursensor WP koelen Temperatuursensor WP-aanvoer HK2 (toebe¬ horen HSBC 3-HKM) Temperatuurvoeler warmwaterboiler Temperatuursensor buitentemperatuur (h51) Motor pomp verwarmingscircuit Motor pomp WP-verwarmingscircuit 2 (toebe¬ horen HSBC 3-HKM) Motor bufferpomp Motor omschakelventiel verwarming-WW Motor mengventiel verwarmingscircuit 2 (toe¬ behoren HSBC 3-HKM) Relais omschakelklep warmtebron Aansluitklem stuurspanning Aansluitklem verwarming (toebehoren HSBC 3-HE) Aansluitklem verwarming (toebehoren HSBC 3-HE) Aardingsklem netvoeding Veilig heid slaags panning Xl.l Stekker CAN A (aansluiting WP) X1.2 Stekker CAN B (aansluiting FET/ ISG) X1.3 Stekker buitentemperatuursensor X1.4 Stekker buffertemperatuursensor BT06 X1.5 Stekker aanvoertemperatuursensor X1.6 Stekker verwarmingscircuittemperatuursen- sor 2 X1.7 Stekker verwarmingscircuittemperatuursen- sor 3 X1.8 Stekker warmwaterboiler sensor BT20 X1.9 Stekker bronsensor X1.10 Stekker 2e warmteopwekker Xl.ll Stekker aanvoer koelen X1.12 Stekker circulatiesensor X1.13 Stekker afstandsbediening FE7 X1.14 Stekker analoge ingang 0..10 V X1.15 Stekker analoge ingang 0..10 V X1.16 Stekker PWM uitgang 1 X1.17 Stekker PWM uitgang 2 X1.18 Stekker CAN B (aansluiting FET/ ISG) X1.19 Stekker CAN A (MFG) Stuurspanning X2.1 Stekker stroomvoorziening X2.2 Stekker contact energiemaatschappij X2.3 Stekker verwarmingscircuitpomp 1 X2.4 Stekker verwarmingscircuitpomp 2 X2.5 Stekker verwarmingscircuitpomp 3 X2.6 Stekker bufferlaadpomp 1 X2.7 Stekker bufferlaadpomp 2 X2.8 Stekker warmwaterlaadpomp X2.9 Stekker bronpomp/ontdooien X2.10 Stekker storingsuitgang X2.ll Stekker circulatiepomp/2e warmteopwekker warm water X2.12 Stekker 2e warmteopwekker verwarming AAOl X2.13 AAOl X2.14 AAOl X2.15 AA06 X27 AA07 X60 AA07 X61 AA07 X62 Stekker koelen Stekker mengklep verwarmingscircuit 2 (X2.14.1 mengklep 0PEN/X2.14.2 mengklep DICHT) Stekker mengklep verwarmingscircuit 3 (X2.15.1 mengklep OPEN/X2.15.2 mengklep DICHT) Klem bedieningseenheid Stekker temperatuursensor WP-aanvoer BT01 Stekker temperatuursensor WP-retour BT02 niet bezet - Stekker temperatuursensor WP-re¬ tour AA07 X63 AA07 X64 AA07 X65 AA07 X66 AA07 X67 AA07 X68 AA07 X69 AA07 X70 AA07 X71 AA07 X72 AA13 AA13 X14 AA16 Niet bezet - stekkertemperatuursensor warm- waterboiler intern Stekker temperatuur en debiet verwarmings¬ circuit BF01 niet gebruikt Inkeping 2,5 stekker (druk verwarmingsinstal- latie) BP01 niet gebruikt Stekker aansturing motor omschakelklep ver- warmen/warm water niet gebruikt Stekker aansturing pomp verwarmingscircuit

17.3 Installatievoorbeeld

17.4 Gegevens over het energieverbruik

3,20 Inhoud warmtewisselaar 1 21 Extern beschikbaar drukverschil circulatiepomp hPa

warmtepomp bij 1,0 m

Extern beschikbaar drukverschil circulatiepomp hPa

warmtepomp bij 1,5 m

Extern beschikbaar drukverschil circulatiepomp hPa

warmtepomp bij 2,0 m

Extern beschikbaar drukverschil circulatiepomp ver- hPa

warmingscircuit 1 bij 1,0 m

Extern beschikbaar drukverschil circulatiepomp ver- hPa

warmingscircuit 1 bij 1,5 m

Extern beschikbaar drukverschil circulatiepomp ver- hPa 444 warmingscircuit 1 bij 2,0 m

Extern beschikbaar drukverschil circulatiepomp ver- hPa

warmingscircuit 2 (optioneel) bij 1,0 m

Extern beschikbaar drukverschil circulatiepomp ver- hPa

warmingscircuit 2 (optioneel) bij 1,5 m

Extern beschikbaar drukverschil circulatiepomp ver- hPa

warmingscircuit 2 (optioneel) bij 2,0 m

HSBC 300 cool Werkingsgebied Max. toegelaten druk warmwaterboiler MPa 1,00 Testdruk warmwaterboiler MPa 1,50 Max. doorstroomvolume l/min 25 Max. toegelaten druk buffervat MPa 0,30 Testdruk buffervat MPa 0,45 Max. toegelaten temperatuur °C 85 Max. toegelaten temperatuur primaire zijde °C 75 Verbruik Verbruik laadpomp max. W 60 Max. verbruik circulatiepomp verwarmingszijde W 60 Energiegegevens Energieverbruik in stand-by/24 uur bij 65 °C kWh 1,50 Energierendementsklasse B Elektrische gegevens Nominale spanning sturing V 230 Fasen sturing 1/N/PE Beveiliging sturing A 1 x B 16 Frequentie Hz 50 Uitvoeringen Beschermingsgraad (IP) IP20 Afmetingen Hoogte mm 1918 Breedte mm 680 Diepte mm 910 kantelmaat mm 2123 Gewichten Gewicht bovendeel kg 176 Gewicht onderdeel kg 56 Gevuld gewicht kg 641 Leeg gewicht kg 250 Overige gegevens HSBC 300 cool

Aansluitingen Aansluiting verwarmingscircuit Aansluitingen Aansluiting koud water mm Aansluiting warm water mm Aansluiting circulatie- mm leiding

Uitvoeringen Geschikt voor 118 I HSBC 300 cool www.stiebel-eltron.comGARANTIE | MILIEU EN RECYCLING Garantie Voor toestellen die buiten Duitsland zijn gekocht, gelden de garantievoorwaarden van onze Duitse ondernemingen niet. Bovendien kan in landen waar één van onze dochtermaat¬ schappijen verantwoordelijk is voor de verkoop van onze producten, alleen garantie worden verleend door deze doch¬ termaatschappij. Een dergelijk garantie wordt alleen verstrekt, wanneer de dochtermaatschappij eigen garantievoorwaarden heeft gepubliceerd. In andere situaties wordt er geen garantie verleend. Voor toestellen die in landen worden gekocht waar wij geen dochtermaatschappijen hebben die onze producten verkopen, verlenen wij geen garantie. Een eventueel door de importeur verzekerde garantie blijft onverminderd van kracht. Milieu en recycling ► Gooi het toestel en de materialen na gebruik weg con¬ form de nationale voorschriften. ► Wanneer op het toestel een doorgestreepte bjTT vuilcontainer is afgebeeld, brengt u het toestel

voor hergebruik en recycling naar de gemeente¬ lijke inzamelpunten of terugnamepunten in de handel. Dit document bestaat uit recyclebaar papier. *22V Gooi het document na de levenscyclus van het toestel overeenkomstig de nationale voorschrif- PAP ten weg. www.stiebel-eltron.com HSBC 300 cool I 119 NEDERLANDSINDICE AVVERTENZE SPECIALI USO

Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : STIEBEL ELTRON

Model : HSBC 300 cool

Categorie : Ketel