DEM - Ketel STIEBEL ELTRON - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DEM STIEBEL ELTRON in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over DEM STIEBEL ELTRON
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Ketel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DEM - STIEBEL ELTRON en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DEM van het merk STIEBEL ELTRON.
GEBRUIKSAANWIJZING DEM STIEBEL ELTRON
- Algemene aanwijzingen 81
- Veiligheid 82
3.Toestelbeschrijving 83 - Installingen 84
- Reiniging, verzorging en onderhoud 84
- Problemenverhelpen 84
INSTALLATIE
- Veiligheid 85
8.Toestelbeschrijving 86 - Voorbereidingen 86
- Montage 87
- Ingebruikname 91
- Buitendienststellung 94
- Storingen verhelpen 94
- Onderhoud 96
- Technische gegevens 97
GARANTIE
MILIEU EN RECYCLING
BIJZONDERE INFO
- Het toestel kan door kinderen vanaf 3JAAR, alsook door personen met fysieke, zintuiglijke of geestelijkbeperkingen of met een gebrek aan ervaring en kennis worden gebruikt op voorwaarde dat er iemand toezicht houdt, of dat ze zich geinstrueerd hoe ze het toestel veilig moeten gebruiken en begrijpen welke genaren hiermee gepaard gaan. Kinderen mogen Niet met het toestel spelen. Kinderen mogen zonder toezicht het toestel nicht reinigen noch gebruikersonderhoudstaken uitvoeren.
- De temperatuur van de kraan kan bij gebruik oplopen tot 55^ . Bij uitlooptemperaturen van meer dan 43^ bestaat geaar voor brandwonden.
BIJZONDERE INFO
- Het toestel moet op alle polen met een afstand van minstens 3mm van de aansluiting van de netvoeding kutnen worden losgekoppeld.
- De aangegeven spanning要去 overeenkommen met de netspanning.
- Het toestel moet permanent op een vaste bedrading worden aangesloten, uitzondering DEM 3.
- Het toestel moet worden aangesloten op de aardleiding.
- De stroomkabel mag bij beschadiging of verwangging alleen worden verwangen door een origineel onderdeel en door een installmenter die daartoe door de fabrikant gemachtigd is.
-
Monteer het toestel zoals is beschreiben in het hoofdstuk "Installatie/montage".
-
Neem de maximaal toegelaten druk in acht (zie hoofdstuk "Installatie/technische gegevens/gegevenstabel").
- De specifieke waterweerstand van het watervoorzieningsnetwork mag Niet onderschreten worden (zie hoofdstuk "Installatie/technische gegevens/gegevenstabel").
- Tap het toestel af zoals is beschreiben in het hoofdstuk "Installatie/onderhoud/het toestel aftappen".
BEDIENING
Algemene aanwijzingen
BEDIENING
1. Algemene aanwijzingen
De hoofdstukken "Bijzondere info" en "Bediening" zijn bedoeld voor de gebruiker van het toestel en voor de installmenteur.
Het hoofdstuk "Installatie" is bedoeld voor de installmenteur.

Info
Lees deze handleiding voor gebruik zorgvuldig door en bewaar deze.
Overhandig de handleiding eventuel aan een volgende gebruiker.
1.1 Veiligheidsaanwijzingen
1.1.1 Opbouw van veiligheidsaanwijzingen

TREFWOORD Soort gevaar
Hier worden de möglichke gevolgen vermeld, wanner de veiligheidsaanwijzingen worden genedeerd.
Hier staan maatregelen om gevaren te voorkomen.
1.1.2 Symbolen, soort gevaar
| Symbool | Soort gevaar |
| Letse! | |
| Elektrische schok | |
| Verbranding (Verbranding, verschroeiing) |
1.1.3 Trefwoorden
| TREFWOORD | Betekenis |
| GEVAAR | Aanwijzingen die leiden tot zwaar letsel of overlijden, wan- neer davon nicht in ache worden genomen. |
| WAARSCHUWING | Aanwijzingen die kuren leiden tot zwaar letsel of overli- den, wonneer davon nicht in ache worden genomen. |
| VOORZICTIG | Aanwijzingen die kuren leiden tot middelmatig zwaar oflicht letsel, wonneer davon nicht in ache worden genomen. |
BEDIENING
Veiligkeit
1.2 Andere aandachtspunten in deze documentatione

Info
Algemene aanwijzingen worden aangeduid met het hiernaast afgebeelde symbool.
Lees de aanwijzingstksten grondig door.
Symbool
Betekenis

Materielle schade
(ToesteI, geVog-, milieuschade)

Hettoestalafdanken
Dit symbol geeft aan dat u iets moet doeon. De vereiste handelingen worden stap voor stap beschreiben.
1.3 Maateenheden

Info
Tenzij anders vermeld, worden alle afmetingen in millimeter aangegeven.
2. Veiligheid
Het toestel is geschikt voor de opwarming van drinkwater of voor de naverwarming van water dat is voorverwarmd. Het toestel is bedoeld voor een handwastafel.
Het toestel is bestemd voor gebruik in een huishoudelijkke omgeving. Het kan op een veilige manier worden bediend door ongeschoolde Personen. Het toestel kan ook buiten het huishouden worden gebruikt, bijv. in een Klein bedrijf, voor zover het op dezfelfde wijze worden gebruikt.
Elk ander gebruik dat verder gaat dan wat hier worden omschreiben, geldt als nicht reglementair. Onder reglementair gebruik valt ook het in alot nemen van deze handleiding alsmede de handleidingen voor het gebruekte toebehoren.
2.2 Algemene veiligheidsaanwijzingen

GEVAAR voor verbranding
De temperatuur van de kraan kan bij gebruik oplopen tot 55^
Bij uitlooptemperaturen vaneer dan 43^ bestaat ge-vaar voor brandwonden.
BEDIENING Toestelbeschrijving

WAARSCHUWING letseI
Het toestel kan door kinderen vanaf 3aar, alsook door personen met fysieke, zintuiglijke of geestelijkbeperkingen of met een gebrek aan ervaring en kennis worden gebruikt op voorwaarde dat er iemand toezicht houdt, of dat ze zich geinstrueree hoe ze het toestel veilig moeten gebruiken en begrijpen welke bevaren hiermee gepaard gaan. Kinderen mogen Niet met het toestel spelen. Kinderen mogen zonder toezicht het toestel Niet reinigen noch gebruikersonderhoudstaken uitvoeren.

GEVAAR voor elektrische schok
Een beschadigde elektrische aansluitkabel moet door eenvakman worden verrangen.Daardoor worden mogelijke risico'suitgesloten.

Materièle schade
Beschem het toestel en de kraan gegen vorst.

Materièle schade
Gebruik alleen de meegeleverde speciale straalregelaar. Voorkom vergkalking aan de kraanuitlopen (zie hoofdstuk "Bediening/reiniging, verzorging en onderhoud").
2.3 Keurmerk
Zie hetypeplaatje op het toestel.
3. Toestelbeschrijving
De elektronisch geregelde mini-doorstromer houdt de uitlooptemperatuur tot aan de vermogensgrens constant, onafhankelijk van de aanvoertemperatuur.
Het toestel is in de fabrik ingesteld op de voor het wassen van de handenoodzakelijk uitloooptemperatuur. Wanneer de temperatuur worden bereikt, verminder te elektronica het vermogen automatisch. Het vermogen worden aangepast aan de gewenste temperatuur, dus worden de temperatuur Niet overschreden.
Het toestel verwarmt het water direct bij het tappunt, zodra de kraan wordt opengedraaid. Door het korte leidingtraject ontstaan slechts weinig energie- en waterverliezen.
Het warmwatervermögen is afhankelijk van de koudwaterinlooptemperatuur, het verwarmingsvermögen en het doorstroomvolume.
Het blankdraadelement is geschikt voor kalkarm en kalkhoudend water. Het verwarmingssysteme is in grote mate ongevoelig voor verkalking. Het verwarmingssysteme zorgt voor een snelle en efficiente warmwateraanbieding aan de handwastafel.
Devakman kan de minimale waarden voor temperatuur en volumestroom instellen (zie hoofdstuk "Installatie/ingebruikname/instelleningen").
De inbouw van de meegeleverde speciale straalregelaar resulteert in een optimale waterstraal.
BEDIENING
Instellingen
4. Installingen
Zodra u de warmwaterkraan opendraait of de sensor van een sensorkraan activeert, worden automatisch het verwarmingssystemeum het toestel ingeschakeld. Het water wordt opgewarmd. De temperatuur van het water kunt u met de kraan veranderen.
Zie voor de inschakelhoeveelheid en volumestroombegrenzing hoofdstub "Installatie/technische gegevens/gegevenstabel".
Temperatuur verhogen
Smoor het doorstroomvolume bij de kraan.
Temperatuur verlagen
Open de kraan verder. Mengeer koud water bij.
Na onderbreking van de watertoevoer
Zie hoofdstuk "Installatie/ingebruikname/opniew in gebruik nemen".
5. Reiniging, verzorging en onderhoud
- Gebruik geen schurende reinigingsmiddelen of reinigings-middelen met oplosmiddelen. Een vochtige doek volstaat om het toestel te onderhonden en te reinigen.
Controller de kranen regelmatig. Verwijder kalk op de kraanuitlopen met in de handel verkrijgbare ontkalkingsmiddelen.
Laat de elektrische veilighheid van het toestel periodiek controeren door een installmenter.
Ontkalk of vernieuw de speciale straalregelaar in de kraan regelmatig (zie hoofdstuk "Installatie/toestelbeschrijving/toebehoren").
6. Problemen verhelpen
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
| Toestel schakelt nicht in, hoewel het warm-waterventiel volledig is geopend. | Het toestel heeft geen spanning. | Controleer dezekering van de huisinstallatie. |
| De straalregelaar in de kraan is vuil of verkalkt. | Reinig en/of ontkalk de straalregelaar of cervang de speciale straalrege-laar. | |
| De watervoorzieening is onderbroken. | Ontlucht het toestel en de aanvoerleiding voor koud water (zie hoofdstuk "Installatie/ingebruikna-me/opnieuw in gebruik nemen"). | |
| De gewenste tempera-tuur worden nicht bereikt. | De maximumtempera-tuur is in het toestel te laag ingesteld. | Laat de maximumtempe-ratuur opnieuw instellen door devakman. |
| Het toestel haeft degrens van zichn vermogen bereikt. | Reduceer het debiet. |
INSTALLATIE
Veiligigkeit
Waarschuw de installmenter wanner u deoorzaak Niet zichkunt verhelpen. Hij kan u sneller en beter helpen als u hem het nummer op het typeplaatje doorgeeft (000000-0000-000000).

DEM...

Nr:000000-0000-000000
INSTALLATIE
7. Veiligheid
Installatie, ingebruikname, onderhoud en reparatie van het toestel mogen alleen worden uitgevoerd door een gekwalificierde installmenter.
7.1 Algemene veiligheidsaanwijzingen
Wij waarborgen de goede werkung en de bedrijfszekerheid uitsluitend bij gebruik van origineel toebehoren en originele verrangingsonderdelen voor het toestel.

Materielle schade
Let op de maximale toevoertemperatuur. Bij hogere temperaturen kan het toestel beschadigd raken. Door een centrale thermostaatkraan in te bouwen,kest u de maximale toevoertemperatuur begrenzen.

WAARSCHUWING elektrische schok
Dit toestel bevat condensatoren die na ontkoppeling van het stroomnet ontladen. De ontlaadspanning van de condensatoren kan EVT. kortstondig >34 V DC bedragen.
INSTALLATIE
Toestelbeschrijving
7.2 Voorschriften, normen en bepalingen

Info
Neem alle nationale en regionale voorschriften en be-palingen in acht.
De specifieke elektrische weltstand van het water mag Niet lager bij den dan de waarde die is aangegeven op het typeplaatje. Bij een water-koppelnet moet rekening worden gehonden met de laagste elektrische weltstand van het water (zie het hoofdstuk "Installatie/technische geeverns/gevegenstabel"). De specifieke elektrische weltstand of het elektrisch geleidend vermogen van het water kunt u opvragen bij uw watermaatschappij.
8. Toestelbeschrijving
8.1 Leveringsomvang
Bij het toestel worden het volgende geleverd:
- Zeef in de koudwatertoevoer
- Speciale straalregelaar
Aansluitslang 3/8, 500 mm lang, met dichtingen
T-stuk 3/8
Bedrijfslogo voor bovenbouwmontage - voor de aansluiting als drukvast toestel
8.2 Toebehoren
Speciale straalregelaar

Info
De inbouw van de speciale straalregelaar in de kraan resulteert in een optimale waterstraal.
Drukloze kranen
- WSN 10/WSN 20 - sensorkraan voor de wastafel
MAW-muurkraan voor bovenbouw - MAZ - tweegreepswastefelkraan
MAE-W-eengreepswastafelkraan
Drukvaste kraan
- WSH 10/WSH 20 - sensorkraan voor de wastafel
9. Voorbereidingen
Spoel de waterleiding grondig door.
Waterinstallatie
Een veiligheidsventiel is Niet moodzakelijk.
INSTALLATIE
Montage
Kranen
- Gebruik geschichte kranen (zie hoofdstuk "Installatie/toestelbeschrijving/accessoires").
10. Montage
10.1 Montageplaats
Monteer het toestel in een vorstvrije ruimte in de nabijheid van de kraan.
Zorg ervoor dat de bevestigingsschroeven aan de zijkant van de kappen bereikbaar blijven.
Het toestel is geschikt voor onderbouw (wateraansluitingen aan de bovenkant) en bovenbouw (wateraansluitingen aan de onderkant).

GEVAAR voor elektrische schok
De stelschroef voor het instellen van de volumestroom staat onder spanning. De beschemmingsgraad IP25 is enkel gewaarborgd als de afterwardsand van het toestel is gemonteerd.
Monteer altijd de awhile van het toestel.
10.2 Montageopties
10.2.1 Onderbouwmontage
Drukloos, met drukloze kraan

26.02.05.0080
INSTALLATIE
Montage

Drukvast, met drukvaste kraan
Montage van het toestel

Info
De wand要去 voldoende draagvermogen hebben.
Monteer het toestel aan de wand.

Draai de bevestigingschroeven van de=kappen twee slagen los.
Ontgrendel de knipsluiting met een schroevendraier.
Verwijder de bovenkap met het verwarmingssystem eenar voren.
Breek de doorvoeropening in de bovenkap voor de elektrische aansluitkabel uit met een tang. Werk de rand, indien nodig, bij met een vijl.
INSTALLATIE
Montage

Gebruik de awhile van het toestel als boorsjabloon.
Bevestig de anschterwand met geschikte pluggen en schroeven op de muur.

Leid de elektrische aansluitkabel door de doorvoeropening in dechterwand.
Haak de bovenkap met het verwarmingssystem onder in.
▶ Klik het verwarmingssysteme in de knipsluiting.
Zet de bovenkap vast met de bevestigingsschroeven.
Montage van de kraan

Materielle schade
Bij het vastzetten van de aansluitingen moet u deze bij het toestel tegenhonden met een sleutel SW 14.
- Monteer de kraan. Neem de instructies in de Bedienings- en installmentiehandleiding van de kraan in acht.
Drukvaste kraan

Info
Monteer de meegeleverde aansluitslang 3/8 en het T-stuk 3/8.
INSTALLATIE
Montage

10.2.2 Bovenbouw, drukloos, met drukloze kraan
Montage van de kraan

Materièle schade
Bij het vastzetten van de aansluitingen moet udezebij het toestel tegenhonden met een sleutel SW 14.
Monteer de kraan. Neem de instructies in de Bedienings- en installmentiehandleiding van de kraan in acht.
Montage van het toestel
Monteer het toestel met de wateraansluitingen op de kraan.
10.3 Elektriciteit aansluten

GEVAAR voor elektrische schok
Voer alle werkzaamheden voor elektriciteitsaansluitingen en montage uit conform de voorschriften.

GEVAAR voor elektrische schok
Zorg ervoor dat het toestel is aangesloten op de aardleiding.
Het toestel moet op alle polen met een afstand van minstens 3mm van de aansluiting van de netvoeding kannen worden losgekoppeld.

GEVAAR voor elektrische schok
De toestellen zijn bij levering uitgerust met een elektrische aansluitkabel (DEM 3 met stekker).
Een aansluiting op een vaste elektrische kabel is mo-gelijk, als die minstens bezelfde diameter heeft als de standaardaansluitkabel. De maximale kabeldiameter bedraagt 3× 6mm^2
Bij een bovenbouwmontage van het toestel moet de elektrische aansluitkabel awhile het toestel worden geleid.
INSTALLATIE
Ingebruikname

Materièle schade
Zorg er bij aansluiting op een geaard stopcontact (bij toepassing van een elektrische aansluitkabel met stekker) voor dat het geaarde stopcontact na installmentie van het toestel vrij toegankelijk is.

Materièle schade
Let op het typeplaatje. De aangegeven spanning moet overeenkomen met de netspanning.
Sluit de elektrische aansluitkabel aan volgens het elektrisch schema (zie hoofdstuk "Installatie/technische gegevens/ elektriciteitsschema").
11. Ingebruikname
11.1 Eerste ingebruikname

Vul het toestel binnen een minuut door meerdere keren water af te tappen via de kraan tot het leidingnet en het toestel luchtvrij ijn.
Voer een dichtheidscontroleuit.
Steeke de stekker van de elektrische aansluitkabel, als die is toegepast, in het geaarde stopcontact of schakel de zekering in.
Controller de werkmodus van het toestel.
Bij een bovenbouwmontage moet u het meegeleverde bedrijfslogo over het bedrijfslogo plakken.
INSTALLATIE
Ingebruikname
11.2 Overdracht van het toestel
Leg aan de gebruiker de werking van het toestel uit en leer hem het gebruik ervan kennen.
Wijs de gebruiker op möglichke bevaren, met name het gevaar voor brandwonden.
Overhandig hem deze handleiding.
11.3 Nieuwe ingebruikname
Materielle schade
Om te vermijden dat het blankdraadelement na onderbreking van de watervoorzieening beschadigd raakt,要去 het toestel met behulp van de volgende procedure wee in werkking worden gesteld.
Schakel het toestel op alle polen spanningsvrij. Trek de stekker van de elektrische aansluitkabel, als die is toegepast, uit het geaarde stopcontact of schakel de zekering uit.
Open en sluit binnen ten minste eén minuut meer-dere keren de kraan, totdat het toestel en de Voor-geschakelde toevoerleiding voor koud water luchtvrijn.zijn.
Schakel de netspanning opniew in.
11.4 Installingen
U kunt de maximale waarden voor temperatuur en debiet wijzigen.

GEVAAR voor elektrische schok
Instellen van andere waarden voor debiet en temperatuur is alleen toegestaan, wanner het toestel is losgekoppeld van het stroomnet.
Koppel het toestel op alle polen los van het stroomnet.

GEVAAR voor elektrische schok
De stelschroef voor het debiet en de potentiometer voor temperatuurinstelling�n spanninggeleidend, wanner het toestel Niet is losgekoppeld van het stroomnet.
INSTALLATIE
Ingebruikname

Neem de bovenkap af.
Maximale temperatuur instellen
Fabrieksinstelling: 38^

Stel de potentiometer met behulp van een schroevendraaier in op de gewenste maximumtemperatuur.
Monteer de bovenkap.
INSTALLATIE
Fabrieksinstelling: Maximaal debiet

Stel met behulp van de stelschroef het gewenste debiet in:
Kleinste debiet = draai de schroef erin tot aan de aanslag.
Maximaal debiet = draai de schroef eruit tot aan de aanslag.
Monteer de bovenkap.
Koppel het toestel met de zekering los van de huisinstallatie of trek de stekker van de elektrische aansluitkabel uit het stopcontact.
Tap het toestel af (zie hoofdstuk "Installatie/onderhoud").
13. Storingen verhelpen
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
| Toestel schakelt nicht in, hoewel het warm-waterventiel volledig is geopend. | De straalregelaar in de kraan is vuil of verkalkt. | Reinig en/of ontkalk de straalregelaar of verrang de speciale straalregelaar. |
| Het debiet is te laag in-gesteld. | Vergroot het debiet. | |
| De zeef in de koudwater-leiding is verstopt. | Reinig de zeef, nadat u de koudwateraanvoerleiding heb afgesloten. | |
| Het verwarmingssysteme is defect. | Meet de watertstand van het verwarmingssysteme en verrang het toestel, indien nodig. | |
| De veiligheidstempera-tuurbegrenzer is geac-tiveerd. | Los de oorzaak van de storing op. Schakel het toestel spanningsvrijn en ontlast de waterleiding. Activeer de veiligheidsdrukbegrenzer. | |
| De gewenste tempera-tuur wordt nicht bereikt. De gele indicator knip-pert. | Het toestel heeft de grens van zichn vermogen bereikt. | Reduceer het debiet. |
INSTALLATIE Storingen verhelpen

Weergave lichtdiode
1 Indicatie rood bij storing
2 Indicatie geel bij verwarmingsmodus/knipperend bij overschrijden van de vermogensgrens
3 Indicatie groen knipperend bij voeding van de elektronica

Deveiligheidsdrukbegrenzer activeren
1 1-polige veiligheidsdrukbegrenzer DEM 4/DEM 6
2 2-polige veiligheidsdrukbegrenzer DEM 3/DEM 7
INSTALLATIE
Onderhoud
14. Onderhoud

GEVAAR voor elektrische schok
Scheid alle polen van het toestel van het elektriciteitsnet voor aanvang van alle werkzaamheden.
14.1 Toestel aftappen

GEVAAR voor verschroeiing
Wonneer u het toestel aftapt, kan er heet water uitlopen.
Ga als volgt te werk, wanneer het toestel voor onderhoudswerkzaamheden of als bescherming gegen vorst van de volledige installmentie moet worden afgetapt:
Sluit de afsluitklep in de koudwatertoevoerleiding.
Open het aftapventiel.
Maak de wateraansluitingen van het toestel los.
14.2 Zeef reinigen
U kurz de ingebouwde zeef reinigen, nadat de koudwateraansluiting is losgekoppeld.

14.3 Controles volgens VDE 0701/0702
Controle van de aardleiding
Controller de aardleiding (in Duitsland bijv. DGUV A3) op het aardleidingscontact van de elektrische aansluitkabel en bij de aansluitstomp van het toestel.
INSTALLATIE
Technische gegevens
Isolatieweerstand
Vanwege de elektronische aansturing van dit toestel kan een meting van de isolatieweerstand volgens VDE 0701/0702 Niet wordenuitgevoerd.
Om de doeltreffendheid van de isolatie-eigenschappen van dit toestel te controleren, adviseren we een verschilstroommeting van de aardleidingstroom/lekstroom volgens VDE 0701/0702 (afbeelding C.3b)uit te voeren.
14.4 Opslag van het toestel
Een gedemonteerd toestel moet vorstvrij worden bewaard, want er kan restwater in het toestel zitten dat kan bevriezen en daardoor schade veroorzaken.
14.5 De elektrische aansluitkabel bij de DEM 6 verwangen
Bij de DEM 6要去 bij verwanging een elektrische aansluitkabel met een diameter van 4mm^2 worden gebrukt.
15.1 Afmetingen en aansluitingen

| DEM | |||
| b02 | Doorvoer elektr.kabels I | ||
| b03 | Doorvoer elektr.kabels II | ||
| c01 | Koudwatertoevoer | Buitendraad | G 3/8 A |
| c06 | Warmwateruilloop | Buitendraad | G 3/8 A |
INSTALLATIE
Technische gegevens
1 Veiligheidsrukbegrenzer
2 Drukschakelaar
3 Elektronica met uitlooptemperatuursensor
15.2.2 DEM 4 en DEM 6
1/N/PE 200 - 240V

1 Veiligheidsdrukbegrenzer
2 Drukschakelaar
3 Elektronica met uitlooptemperatuursensor
Materielle schade
Bij een vaste aansluiting sluit u de elektrische aan-sluitkabel aan conform de beschrijving bij de klemmen.
1 Veiligheidsdrukbegrenzer
2 Drukschakelaar
3 Elektronica met uitlooptemperatuursensor
15.3 Temperatuurverhoging
De volgende temperatuurverhogingen zijn beschikkaar bij een spanning van 230 V/400 V:

X Debiet in l/min Y Temperatuurverhoging in K
1 3.5 kW - 230 V
2 4.4 kW - 230 V
3.57kW-230V
4 6.5 kW - 400 V
| Voorbeeld DEM 3 met 3,5 kW | ||
| Debiet | l/min | 2,0 |
| Temperatuurverhoging | K | 25 |
| Koudwatertoevoertemperatuur | °C | 12 |
| Maximaal möglichke uitlooptemperatuur | °C | 37 |
INSTALLATIE
Technische gegevens
15.4 Toepassingsmogelijkheden
Specifieke elektrische verbessand en specifieke elektrische geleid- baarheid, zie "Installatie/technische gegevens/gegevenstabel"
| Genormeerde waar-de bij 15 °C | 20 °C | 25 °C | ||||||
| Weerstandp ≥ | Geleidhaarheidσ ≤ | Weerstandp ≥ | Geleidhaarheidσ ≤ | Weerstandp ≥ | Geleidhaarheidσ ≤ | |||
| mS/m | μS/cm | mS/m | μS/cm | mS/m | μS/cm | mS/m | μS/cm | |
| 1000 | 100 | 1000 | 890 | 112 | 1124 | 815 | 123 | 1227 |
| 1300 | 77 | 769 | 1175 | 85 | 851 | 1072 | 93 | 933 |
15.5 Gegevens over het energieverbruik
Productgeveensblad: Conventionele warmwaterbereider volgens verordening (EU) nr. 812/2013 | 814/2013
| DEM 3 | DEM 4 | DEM 6 | DEM 7 | ||
| 231001 | 231002 | 231215 | 232769 | ||
| Fabrikant | STIEBEL ELTRON | STIEBEL ELTRON | STIEBEL ELTRON | STIEBEL ELTRON | |
| Tapprofiel | XXS | XXS | XXS | XXS | |
| Energieklasse | A | A | A | A | |
| Energetisch rendement | % | 39 | 39 | 39 | 40 |
| Jaarliks stroomverbruik | kWh | 478 | 478 | 478 | 467 |
| Temperatuurinstilling af fabriek | °C | 38 | 38 | 38 | 38 |
| Geluidsniveau | dB(A) | 15 | 15 | 15 | 15 |
| Bijzondere anwijzingen voor efficientiemeting | geen | geen | geen | geen | |
| Dagelijks stroomverbruik | kWh | 2,200 | 2,200 | 2,200 | 2,130 |
INSTALLATIE
Technische gegevens
15.6 Gegevenstabel
| DEM 3 | DEM 4 | DEM 6 | DEM 7 | ||||||||||||
| 231001 | 231002 | 231215 | 232769 | ||||||||||||
| Elektrische gegevens | |||||||||||||||
| Nominaile spanning | V | 200 | 220 | 230 | 240 | 200 | 220 | 230 | 240 | 200 | 220 | 230 | 240 | 380 | 400 |
| Nominal vermogen | kW | 2,7 | 3,2 | 3,53 | 3,8 | 3,3 | 4,0 | 4,4 | 4,8 | 4,3 | 5,2 | 5,7 | 6,2 | 5,9 | 6,5 |
| Nominaile stroom | A | 13,3 | 14,5 | 15,2 | 15,8 | 16,7 | 18,2 | 19,1 | 20,0 | 21,6 | 23,6 | 24,7 | 25,8 | 15,5 | 16,3 |
| Beveiliging | A | 16 | 20 | 25 | 25 | 25 | 32 | 16 | 20 | ||||||
| Frequentie | Hz | 50/60 | 50/60 | 50/60 | 50/- | ||||||||||
| Fasen | 1/N/PE | 1/N/PE | 1/N/PE | 2/PE | |||||||||||
| Specifieke waterrstand p15 ≥ (bij Økoud ≤ 25 °C) | Ω cm | 1000 | 1000 | 1000 | 1000 | ||||||||||
| Specifieke geleidbaarheid σ15 ≤ (bij Økoud ≤ 25 °C) | μS/cm | 1000 | 1000 | 1000 | 1000 | ||||||||||
| Specifieke waterrstand p15 ≥ (bij Økoud ≤ 50 °C) | Ω cm | 1300 | 1300 | 1300 | 1300 | ||||||||||
| Specifieke geleidbaarheid σ15 ≤ (bij Økoud ≤ 50 °C) | μS/cm | 770 | 770 | 770 | 770 | ||||||||||
| Max. netimpedantie bij 50 Hz | Ω | 0,091 | 0,083 | 0,079 | 0,076 | 0,072 | 0,065 | 0,063 | 0,06 | 0,056 | 0,051 | 0,049 | 0,047 | 0,236 | 0,225 |
| Aansluitingen | |||||||||||||||
| Wateraansluiting | G 3/8 A | G 3/8 A | G 3/8 A | G 3/8 A | |||||||||||
| Werkingsgebied | |||||||||||||||
| Max. toegelaten druk | MPa | 1 | 1 | 1 | 1 | ||||||||||
| Max. toeovertemperatuur voor naverwarming | °C | 50 | 50 | 50 | 50 | ||||||||||
| Waarden | |||||||||||||||
| Max. toegelaten toeovertemperatuur | °C | 55 | 55 | 55 | 55 | ||||||||||
| Instelbereik warmwatertemperatuur | °C | 30-50 | 30-50 | 30-50 | 30-50 | ||||||||||
| Aan | l/min | >1,5 | >1,8 | >2,2 | >2,2 | ||||||||||
| Drukkeries bij debiet | MPa | 0,05 | 0,06 | 0,07 | 0,07 | ||||||||||
| Debiet voor drukverlies | l/min | 1,5 | 1,8 | 2,2 | 2,2 | ||||||||||
| Debietbegrenzing bij | l/min | 2,0 | 2,2 | 3,2 | 3,2 | ||||||||||
| Warmwateraanbieding | l/min | 2,0 | 2,5 | 3,2 | 3,7 | ||||||||||
| Δθ bij aanbieding | K | 25 | 25 | 25 | 25 | ||||||||||
INSTALLATIE
Technische gegevens
| Hydraulische gegevens | |||||
| DEM 3 | DEM 4 | DEM 6 | DEM 7 | ||
| Nominale inhoud | 1 | 0,1 | 0,1 | 0,1 | 0,1 |
| Uitvoeringen | |||||
| Montage bovenbouw | X | X | X | X | |
| Montage onderbouw | X | X | X | X | |
| Uitvoer ing open | X | X | X | X | |
| Uitvoer ing gesloten | X | X | X | X | |
| Beschermingsklasse | 1 | 1 | 1 | 1 | |
| Isolatieblok | Kunststof | Kunststof | Kunststof | Kunststof | |
| Verwarmingssystem warmtegenerator | Blankdraad | Blankdraad | Blankdraad | Blankdraad | |
| Kap en darüberwand | Kunststof | Kunststof | Kunststof | Kunststof | |
| Kleur | wit | wit | wit | wit | |
| Beschermingsgraad (IP) | IP25 | IP25 | IP25 | IP25 | |
| Afmetingen | |||||
| Hoopte | mm | 143 | 143 | 143 | 143 |
| Breedte | mm | 190 | 190 | 190 | 190 |
| Diepte | mm | 82 | 82 | 82 | 82 |
| Lengte aansluitkabel | mm | 700 | 700 | 700 | 700 |
| Gewichten | |||||
| Gewicht | kg | 1,5 | 1,5 | 1,5 | 1,5 |

Info
Het toestel voldoet aan IEC 61000-3-12.
Garantie
Voor toestellen die buiten Duitsland zijn gekocht, gelden de garantievoorwaarden van onze Duitse ondernemingen Niet. Bovendien kan in landen waar een van onze dochtermaatschappijen verantwoordelijk is voor de verkoop van onze producten, alleen garantie worden verleend door deze dochtermaatschappij. Een dergelijk garantie worden alleen verstrecht, wanneer de dochtermaatschappij eigenaaranteedoorwaarden heeft gepubliceerd. In andere situatuies worden er geen garantie verleend.
Voor toestellen die in landen worden gekocht waar wij geen dochtermaatschappijen hebben die once producten verkopen, verlenen wij geen garantie. Een eventuele door de importeur verzekerde garantie blijft onverminderd van kracht.
Milieu en recycling
Gooi het toestel en de materialen na gebruik weg conform de nationale voorschriften.

Wanner op het toestel een doorgestreepte vuilcontainer is afgebeeld, brengt u het toestel voor hergebruik en recycling waar de gemeente-lijke inzamelpunten of terugnamepunten in de handel.

Dit document bestaatuitrecyclebaarpapier.
Gooi het document na de levenscylus van het toestel overeenkomstig de nationale voorschriften weg.