DEL 27 Plus - Ketel STIEBEL ELTRON - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DEL 27 Plus STIEBEL ELTRON in PDF-formaat.
| Producttype | Elektronische doorstroomboiler |
| Merk | STIEBEL ELTRON |
| Model | DEL 27 Plus |
| Voedingsspanning | Driefasig 3/PE 380-415 V, 50/60 Hz, beveiliging 40 A |
| Nominaal vermogen | 27 kW (24,4 kW bij 380 V) |
| Afmetingen (H x B x D) | 466 x 225 x 116 mm |
| Gewicht | 3,2 kg |
| Nominale inhoud | 0,4 L |
| Temperatuurbereik | OFF, 20 tot 60 °C |
| Maximale toelaatbare druk | 1 MPa (10 bar) |
| Aanspreekdebiet | >2,5 L/min |
| Debiet bij 28 K (400 V) | 13,8 L/min |
| Debiet bij 50 K (400 V) | 7,7 L/min |
| Beschermingsgraad | IP25 (standaard), IP24 (opbouw) |
| Beschermingsklasse | I |
| Hydraulische aansluiting | G 1/2 A mannelijk |
| Verwarmingssysteem | Kunststofomhulde kale draad, kalkbestendig |
| ECO-functie | 3 standen die het debiet beperken (8, 7, 6 L/min) |
| Display | Segmentdisplay met achtergrondverlichting |
| Temperatuurgeheugen | 2 geheugentoetsen |
| Veiligheid | Interne brandwondenbeveiliging (instelbaar 43-60 °C), Tmax-beperking, luchtdetector |
| Conformiteit | EU, IEC 61000-3-12 |
| Leveringsinhoud | Wandbeugel, mal, dubbele moffen, 3-weg afsluiter, T-stuk, pakkingen, filter, montagemateriaal |
| Onderhoud | Reinigen met vochtige doek, ontkalken van kranen |
Veelgestelde vragen - DEL 27 Plus STIEBEL ELTRON
Gebruikersvragen over DEL 27 Plus STIEBEL ELTRON
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Ketel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DEL 27 Plus - STIEBEL ELTRON en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DEL 27 Plus van het merk STIEBEL ELTRON.
GEBRUIKSAANWIJZING DEL 27 Plus STIEBEL ELTRON
- Algemene aanwijzingen 68
1.1 Veiligheidsaanwijzingen 68
1.2 Andere aandachtspunten in deze documentatie 68
1.3 Meeteenheden 68
- Veiligheid 68
2.2 Algemene veiligheidsaanwijzingen 68
2.3 Keurmerk 69
2.4 EU-conformiteitsverklaring 69
-
Toestelbeschrijving 69
-
Instellingen en indicatoren 69
4.1 Bedieningspaneel 69
4.2 Symbolen op het display 70
4.3 Gevraagde temperatuur instellen 70
4.4 Temperatuurbegrenzing door middel van interne beveiliging tegen brandwonden (installateur)____70
4.5 Temperatuurbegrenzing Tmax (gebruiker) 70
4.6 Temperatuur geheugentoetsen instellen 70
4.7 Menu Instellingen 70
4.8 ECO-stand kiezen 71
4.9 Aanvoertemperatuuraanwijzing 71
4.10 Instelaanbevelingen 71
-
Reiniging, verzorging en onderhoud 71
-
Problemen verhelpen 71
INSTALLATIE
- Veiligheid 72
7.1 Algemene veiligheidsaanwijzingen ____ 72
7.2 Douchewerking 72
7.3 Voorschriften, normen en bepalingen 72
- Toestelbeschrijving 72
9.1 Montageplaats 73
9.2 Minimumafstanden 73
9.3 Waterinstallatie 73
- Montage 74
10.1 Standaardmontage 74
- Ingebruikname 76
11.1 Voorbereidingen 76
11.2 Eerste ingebruikname 76
11.3 Nieuwe ingebruikname 77
-
Buitendienststelling 77
-
Montageopties 77
13.1 Elektrische aansluiting inbouw boven 77
13.2 Elektriciteitsaansluiting inbouw onder bij korte netaansluitkabel 78
13.3 Elektrische aansluiting opbouw 78
13.4 Aansluiting van een lastafwerprelais 78
13.5 Waterinstallatie opbouw 78
13.6 Waterinstallatie opbouw met soldeeraansluiting / persfitting ____ 79
13.7 Montage van de bovenkap bij opbouwinstallatie voor de wateraansluiting 79
13.8 Montage onderstuk achterwand bij opbouwschroefaansluiting 79
13.9 Wandbevestiging bij vervanging van het toestel 79
13.10 Installatie bij betegeling 80
13.11 Gedraaide bovenkap 80
13.12 Horizontale montage van het toestel 80
13.13 Werking met voorverwarmd water 81
-
Service-informatie 81
-
Storingen verhelpen 81
15.1 Weergave foutcode 82
-
Onderhoud 82
-
Technische gegevens 83
17.1 Afmetingen en aansluitingen 83
17.2 Schakelschema 83
17.3 Warmwatervermogen 84
17.4 Toepassingsgebieden / omrekentabel 84
17.5 Drukverliezen 84
17.6 Storingsomstandigheden 84
17.7 Gegevens over het energieverbruik 85
17.8 Gegevenstabel 85
AUTEURSRECHT SOFTWARE
GARANTIE
MILIEU EN RECYCLING

Stapsgewijze handleiding
Video voor de installatie van het toestel

BIJZONDERE INFO
- De specifieke waterweerstand van het water- voorzieningsnetwerk mag niet onderschreden worden (zie hoofdstuk "Installatie / Technische gegevens / Gegevenstabel"). - Tap het toestel af zoals beschreven in het hoofdstuk "Installatie / Onderhoud / Het toe- stel aftappen".
- Het toestel kan door kinderen vanaf 3 jaar, alsmede door personen met fysieke, zintuiglijke of geestelijke beperkingen of met een gebrek aan ervaring en kennis gebruikt worden, wanneer er toezicht op hen gehouden wordt, of wanneer ze met betrekking tot het veilige gebruik van het toestel getraind zijn en de gevaren die daaruit ontstaan, begrepen hebben. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Kinderen mogen zonder toezicht het toestel niet reinigen noch gebruikersonderhoudstaken uitvoeren.
- De temperatuur van de kraan kan bij gebruik oplopen tot 70 °C. Bij uitlooptemperaturen van meer dan 43 °C bestaat gevaar voor brandwonden.
- Het toestel is geschikt voor de voorziening van een douche (douchewerking). Wanneer het toestel ook of uitsluitend voor de douchewerking gebruikt wordt, moet de installateur het temperatuurinstelbereik via de interne verbrandingsbeveiliging in het toestel op 55 °C of lager instellen. Zorg er bij gebruik van voorverwarmd water voor dat een aanvoertemperatuur van 55 °C niet overschreden wordt.
- Het toestel moet op alle polen met een afstand van minstens 3 mm van de aansluiting van de netvoeding kunnen worden losgekoppeld.
- De aangegeven spanning moet overeenkomen met de spanningsvoorziening.
- Het toestel moet aangesloten worden op de aardleiding.
- Het toestel moet permanent op een vaste bedrading aangesloten worden.
- Monteer het toestel zoals beschreven in het hoofdstuk "Installatie / Montage".
- Neem de maximaal toegelaten druk in acht (zie hoofdstuk "Installatie / Technische gegevens / Gegevenstabel").
- Tap het toestel af zoals beschreven in het hoofdstuk "Installatie / Onderhoud / Het toestel aftappen".
- De specifieke waterweerstand van het water- voorzieningsnetwerk mag niet onderschreden worden (zie hoofdstuk "Installatie / Technische gegevens / Gegevenstabel").
BEDIENING
1. Algemene aanwijzingen
De hoofdstukken "Bijzondere info" en "Bediening" zijn bedoeld voor de gebruiker van het toestel en de installateur.
Het hoofdstuk "Installatie" is bedoeld voor de installateur.

Aanwijzing
Lees deze handleiding voor gebruik zorgvuldig door en bewaar deze.
Overhandig de handleiding zo nodig aan een volgende gebruiker.
1.1 Veiligheidsaanwijzingen
1.1.1 Opbouw veiligheidsaanwijzingen

TREFWOORD Soort gevaar
Hier worden de mogelijke gevolgen vermeld, wanneer de veiligheidsaanwijzingen genegeerd worden.
Hier staan maatregelen om gevaren te voorkomen.
1.1.2 Symbolen, soort gevaar
| Symbool | Soort gevaar |
| Letsel | |
| Elektrische schok | |
| Verbranding(verbranding, verschroeiing) |
1.1.3 Trefwoorden
| TREFWORD | Betekenis |
| GEVAAR | Aanwijzingen die leiden tot zwaar letsel of overlijden, wanneer deze niet in acht genomen worden. |
| WAARSCHUWING | Aanwijzingen die kunnen leiden tot zwaar letsel of overlijden, wanneer deze niet in acht genomen worden. |
| VOORZICHTIG | Aanwijzingen die kunnen leiden tot middelmatig zwaar of licht letsel, wanneer deze niet in acht genomen worden. |
1.2 Andere aandachtspunten in deze documentatie

Aanwijzing
Algemene aanwijzingen worden aangeduid met het hiernaast afgebeelde symbool.
▶ Lees de aanwijzingsteksten grondig door.
| Symbool | Betekenis |
| Materièle schade(toestel-, gevolg-, milieuschade) | |
| Het toestel afdanken |
- Dit symbool geeft aan dat u iets doen moet. De vereiste handelingen worden stap voor stap beschreven.
1.3 Meeteenheden

Aanwijzing
Tenzij anders vermeld, worden alle afmetingen in millimeter aangegeven.
2. Veiligheid
Het toestel is geschikt voor de opwarming van tapwater of voor de bijverwarming van water dat voorverwarmd is. Het toestel kan één of meerdere tappunten voorzien.
Wanneer de maximale aanvoertemperatuur voor naverwarming wordt overschreden, wordt er niet naverwarmd.
Het toestel is bestemd voor gebruik in een huishoudelijke omgeving. Het kan op een veilige manier bediend worden door ongeschoolde personen. Het toestel kan ook buiten het huishouden gebruikt worden, bijv. in een klein bedrijf, voor zover het op dezelfde wijze gebruikt wordt.
Elk ander gebruik dat verder gaat dan wat hier wordt omschreven, geldt als niet-reglementair. Onder reglementair gebruik valt ook het in acht nemen van deze handleiding evenals de handleidingen voor het gebruikte toebehoren.
2.2 Algemene veiligheidsaanwijzingen

De temperatuur van de kraan kan bij gebruik oplopen tot 70 °C.
Bij uitlooptemperaturen van meer dan 43 °C bestaat gevaar voor brandwonden.

Indien kinderen of personen met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens het toestel gebruiken, stelt u een temperatuurbegrenzing in. Controleer de correcte werking van een ingestelde temperatuurbegrenzing.
Wanneer een permanente en onveranderbare temperatuurbegrenzing vereist is, laat u de interne beveiliging tegen brandwonden door de installateur instellen.

Let op de volgende aanwijzingen bij werking met voorverwarmd water, bijv. bij gebruik van een zonne-installatie:
- De warmwatertemperatuur kan de ingestelde gevraagde temperatuur of een ingestelde temperatuurbegrenzing overschrijden.
- De dynamische verbrandingsbeveiliging tussen het toestel en een draadloze afstandsbediening werkt eventueel niet.
▶ Begrens dan de temperatuur met een voorgeschakelde centrale thermostaatkraan.

WAARSCHUWING letsel
Het toestel kan door kinderen vanaf 3 jaar, alsmede door personen met fysieke, zintuiglijke of geestelijke beperkingen of met een gebrek aan ervaring en kennis gebruikt worden, wanneer er toezicht op hen gehouden wordt, of wanneer ze met betrekking tot het veilige gebruik van het toestel getraind zijn en de gevaren die daaruit ontstaan, begrepen hebben. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Kinderen mogen zonder toezicht het toestel niet reinigen noch gebruikersonderhoudstaken uitvoeren.

Materièle schade
Het toestel en de kraan moeten door de gebruiker tegen vorst beschermd worden.
2.3 Keurmerk
Zie het typeplaatje op het toestel.
2.4 EU-conformiteitsverklaring

Info
DEL Plus: Hierbij verklaart STIEBEL ELTRON dat het radioapparatuurtype voldoet aan de Richtlijn 2014/53/EU. De volledige tekst van de EU-conformiteitsverklaring is beschikbaar op het volgende internetadres: www.stiebel-eltron.de/downloads
3. Toestelbeschrijving
Zodra u de warmwaterkraan opent, wordt het toestel automatisch ingeschakeld. Wanneer u de kraan sluit, wordt het toestel weer automatisch uitgeschakeld.
Het toestel verwarmt het water terwijl het door het toestel stroomt. De gevraagde temperatuur kan ingesteld worden. Vanaf een bepaald doorstroomvolume schakelt de regeling, afhankelijk van de temperatuurinstelling en de koudwatertemperatuur, het benodigde verwarmingsvermogen in.
De elektronische geregelde doorstromer met automatische vermogensaanpassing houdt de uitlooptemperatuur constant. Dit gebeurt onafhankelijk van de toevoertemperatuur tot aan het maximale vermogen van het toestel.
Wanneer het toestel met voorverwarmd water gebruikt wordt en de toevoertemperatuur de ingestelde temperatuur overschrijdt, verschijnen de indicator "hot" en de inlooptemperatuur op het display tijdens het wisselen, en knippert de "hot"-LED. Het water wordt niet verder verwarmd.
U kunt verschillende gevraagde temperaturen opslaan en snel oproepen. Met de ECO-functie wordt het doorstroomvolume in 3 vooraf ingestelde trappen begrensd. Het toestel heeft instelmogelijkheden voor een temperatuurbegrenzing (Tmax-functie, gebruiker) en een interne beveiliging tegen brandwonden (installateur). De achtergrondverlichting wordt automatisch ingeschakeld, zodra er water door het toestel stroomt of wanneer u een verandering op het bedieningspaneel doorvoert. De achtergrondverlichting schakelt automatisch zonder aanraking van het bedieningspaneel en na het einde van het aftappen uit.
Verwarmingssysteem
Het blankdraadelement zit ingesloten in een drukvaste kunststof mantel. Het verwarmingssysteem met roestvaste verwarmingsspiraal is geschikt voor kalkarm en kalkhoudend water, en is in grote mate ongevoelig voor verkalking. Het verwarmingssysteem zorgt voor een snelle en efficiënte warmwatervoorziening.

Aanwijzing
Het toestel is uitgerust met een luchtdetectiesysteem, dat beschadiging van het verwarmingssysteem in verregaande mate voorkomt. Als er tijdens de werking lucht in het toestel komt, schakelt het toestel het verwarmingsvermogen gedurende één minuut uit, zodat het verwarmingssysteem wordt beschermd.
4. Instellingen en indicatoren
4.1 Bedieningspaneel

text_image
37.5°C 1 2 3 4 5 D0000730101 Temperatuurinstelknop
2 "hot"-LED-verbrandingsindicator, bij een ingestelde temperatuur hoger dan 43 °C
3 Geheugentoetsen temperatuur 1 en 2
4 Display
5 ECO-toets met ECO-trappenkeuze/menu oproepen
4.2 Symbolen op het display

text_image
4 3 2 1 37.5°C 5 ECO Tmax 6D000073009
1 ECO-indicator [roulerend, trap 1 - 3, uit]
2 Vermogensbalk [10 - 100%]
3 Segmentindicator [°C/°F]
4 Bij een storing van het toestel verschijnt een steeksleutel
5 Bedieningsblokkering [aan/uit]
6 Tmax, indicator bij geactiveerde temperatuurbegrenzing
4.3 Gevraagde temperatuur instellen

text_image
37.5°C 1 2 1 2 - + 1D0000073010
1 Gevraagde temperatuurinstelling: OFF, 20 - 60 °C
2 Gewenste temperaturen oproepen/instellen
Instellingen in stappen
| Temperatuurbereik | Stap | Temperatuurbereik | Stap |
| 20 °C ... 35 °C | 1 °C | 68 °F ... 140 °F | 1 °F |
| 35 °C ... 43 °C | 0,5 °C | ||
| 43 °C ... 60 °C | 1 °C |
Aanwijzing
Als bij een volledig geopende aftapkraan en een maximale temperatuurinstelling de uitlooptemperatuur onvoldoende bereikt wordt, stroomt er meer water door het toestel dan het verwarmingssysteem kan opwarmen (toestel werkt met maximaal vermogen).
▶ Verminder de waterhoeveelheid met behulp van de ECO-toets totdat de gewenste temperatuur bereikt wordt.
4.4 Temperatuurbegrenzing door middel van interne beveiliging tegen brandwonden (installateur)
Indien gewenst, kan de installateur een continue temperatuurbegrenzing instellen, bijv. in kleuterscholen, in ziekenhuizen, enz.
Bij de voorziening van een douche moet de installateur het temperatuurinstelbereik in het toestel tot 55 °C of lager begrenzen.
Wanneer bij geactiveerde verbrandingsbeveiliging de ingestelde temperatuurwaarde wordt bereikt, knippert "Tmax" continu.
4.5 Temperatuurbegrenzing Tmax (gebruiker)
Met de temperatuurbegrenzing kunt u als gebruiker de instelbare gevraagde temperatuur op het toestel tot een maximumwaarde begrenzen.
De installateur kan bovendien een temperatuur voor beveiliging tegen verbranding instellen. Deze temperatuur geldt dan als bo- vengrens van het instelbereik voor de temperatuurbegrenzing.
4.5.1 Temperatuurbegrenzing activeren
Druk langer dan 5 seconden op de toetsen "1" en "2", totdat "Tmax" en de temperatuurindicator knipperen.
▶ Kies een gewenste temperatuur voor de begrenzing.
De menuoptie wordt automatisch 10 seconden na het einde van de instelling weer verborgen.
Bij activering van de temperatuurbegrenzing verschijnt "Tmax" continu op het display.
Controleer of de temperatuurbovengrens correct gekopieerd is.
4.5.2 Temperatuurbegrenzing deactiveren
▶ Deactiveer de temperatuurbegrenzing door langer dan 5 seconden op de toetsen "1" en "2" te drukken.
4.6 Temperatuur geheugentoetsen instellen
De geheugentoetsen "1" en "2" kunt u instellen met een gewenste temperatuur.
▶ Kies een gewenste temperatuur.
Druk voor het opslaan van de gewenste temperatuur langer dan 3 seconden op de toets "1" of "2". De gekozen temperatuur wordt met 1x knipperen bevestigd.
4.7 Menu Instellingen
| Menu | Beschrijving |
| Temperatuur weer-geven | Kies °C of °F |
| Bedieningsblokke-ring | Kies on of off, symbool op het display |
| Indicator foutcode | Indicator E1...E3, bel de installateur, wanneer er een toestelstoring aanwezig is. |
▶ Druk langer dan 5 seconden op de ECO-toets voor het oproepen van het menu.
▶ Draai aan de temperatuurinstelknop voor de selectie.
▶ Ga door met 1x op de ECO-toets te drukken.
▶ Druk langer dan 5 seconden op de ECO-toets voor het verla- ten van het menu.
Het menu schakelt automatisch na 30 seconden zonder bediening weer uit.

Druk langer dan 10 seconden op de ECO-toets voor het oproepen van het menu bij geactiveerde bedieningsblokkering.
4.8 ECO-stand kiezen
| ECO-stand | Display | Begrenzing doorstroomvolumes |
| Stand 1 | 8 l/min (fabrieksinstelling) | |
| Stand 2 | 7 l/min | |
| Stand 3 | 6 l/min | |
| uit | zonder symbool | zonder begrenzing van de doorstroomvolumes |
Druk kort op de ECO-toets, roulerende selectie "Stand 1 - 3/uit".
4.9 Aanvoertemperatuuraanwijzing
Wanneer het toestel met voorverwarmd water gebruikt wordt en de toevoertemperatuur de ingestelde temperatuur overschrijdt, verschijnen de indicator "hot" en de inlooptemperatuur op het display tijdens het wisselen, en knippert de "hot"-LED.
4.10 Instelaanbevelingen
Uw doorstromer zorgt voor max. nauwkeurigheid en max. comfort van het aangeboden warm water. Als u het toestel desondanks met een thermostaatkraan gebruikt, dan adviseren wij:
▶ Stel de insteltemperatuur op het toestel in op meer dan 50 °C. U stelt de gewenste temperatuur dan in op de thermostaatkraan.
Energie sparen
U verbruikt het minste energie wanneer u werkt met de volgende, door ons aanbevolen instellingen:
- 38 °C voor handwastafel, douche, bad
- 55 °C voor keukenaanrecht
Interne verbrandingsbeveiliging (installateur)
Indien gewenst, kan de installateur een continue temperatuurbegrenzing instellen, bijv. in kleuterscholen, in ziekenhuizen, enz.
Door de begrenzing wordt voorkomen dat water met temperaturen uit het toestel stroomt die verbrandingen kunnen veroorzaken.
Insteladvies bij de werking met een thermostaatkraan en met voorverwarmd water
▶ Stel de temperatuur op het toestel in op de maximale temperatuur.
Stel de thermostaatkraan op max. 55 °C in voor gebruik in douchewerking.
Na onderbreking van de watertoevoer

Materièle schade
Om te vermijden dat het blankdraadelement na onderbreking van de watervoorziening beschadigd raakt, moet het toestel met behulp van de volgende procedure weer in werking worden gesteld.
▶ Schakel het toestel spanningsvrij door de zekeringen uit te schakelen.
▶ Open de kraan gedurende een minuut tot het toestel en de voorgeschakelde koudwatertoevoerleiding vrij zijn van lucht.
▶ Schakel de voeding opnieuw in.
5. Reiniging, verzorging en onderhoud
- Gebruik geen schurende reinigingsmiddelen of reinigingsmiddelen met oplosmiddelen. Een vochtige doek volstaat om het toestel te onderhouden en te reinigen.
▶ Controleer periodiek de kranen. Verwijder kalk op de kraanuitlopen met in de handel verkrijgbare ontkalkingsmiddelen.
6. Problemen verhelpen
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
| Het toestel wordt niet geactiveerd hoewel de warmwaterkraan volledig open staat. | Er is geen spanning. | Controleer de zekeringen van de huisinstallatie. |
| De straalregelaar in de kraan of de douchekop is verkalkt of verontreinigd. | Reinig en/of ontkalk de straalregelaar of de douchekop. | |
| De watervoorziening is onderbroken. | Ontlucht het toestel en de koudwatertoevoerleiding. | |
| Terwijl er warm water wordt afgenomen, stroomt er kortstondig koud water. | Het luchtdetectiesysteem detecteert lucht in het water. Het schakelt het verwarmingsvermogen gedurende korte tijd uit. | Na 1 minuut treedt het toestel automatisch weer in werking. |
| De gewenste temperatuur kan niet ingesteld worden. | De temperatuurbegrenzing en/of de interne verbrandingsbeveiliging is ingeschakeld. | Schakel de temperatuurbegrenzing uit. Alleen de installateur kan de interne verbrandingsbeveiliging veranderen. |
| Het doorstroomvolume is te laag. | De ECO-functie is geactiveerd. | Stel een andere ECO-stand in of deactiveer de ECO-functie. |
| Op de bedieningseenheid kunnen geen instellingen worden uitgevoerd. | De bedieningsblokkering is geactiveerd. | Druk langer dan 10 seconden op de ECO-toets en deactiveer de bedieningsblokkering. |

Aanwijzing
De weergegeven gegevens in de bedieningseenheid en de gekozen instellingen blijven na een uitval van de stroom- voorziening behouden.
Waarschuw de installateur, wanneer u de oorzaak niet zelf kunt verhelpen. Hij kan u sneller en beter helpen als u hem het nummer op het typeplaatje doorgeeft (000000-0000-000000).

text_image
D0000053312INSTALLATIE

Stapsgewijze handleiding
Voorbereiding van de installatie

7. Veiligheid
Installatie, ingebruikname, onderhoud en reparatie van het toestel mogen alleen door een gekwalificeerde installateur uitgevoerd worden.
7.1 Algemene veiligheidsaanwijzingen
Wij waarborgen de goede werking en de bedrijfszekerheid uitsluitend bij gebruik van originele onderdelen en reserveonderdelen voor het toestel.

Materièle schade
Houd rekening met de maximale toevoertemperatuur. Bij hogere temperaturen kan het toestel beschadigd raken. Door een centrale thermostaatkraan in te bouwen, kunt u de maximale aanvoertemperatuur begrenzen.

WAARSCHUWING elektrische schok
Dit toestel bevat condensatoren die na ontkoppeling van het stroomnet ontladen. De ontlaadspanning van de condensatoren kan evt. kortstondig > 60 V DC bedragen.
7.2 Douchewerking

Stel bij de voorziening van een douche de interne verbrandingsbeveiliging in op 55 °C of lager, zie hoofdstuk "Ingebruikname / Voorbereidingen".

Let op de volgende aanwijzingen bij werking met voorverwarmd water, bijv. bij gebruik van een zonne-installatie:
- De warmwatertemperatuur kan de ingestelde gevraagde temperatuur of een ingestelde temperatuurbegrenzing overschrijden.
- De dynamische verbrandingsbeveiliging tussen het toestel en een draadloze afstandsbediening werkt eventueel niet.
▶ Begrens dan de temperatuur met een voorgeschakelde centrale thermostaatkraan.
7.3 Voorschriften, normen en bepalingen

Aanwijzing
Neem alle nationale en regionale voorschriften en be- palingen in acht.
- Beschermingsgraad IP 24/IP 25 is alleen gewaarborgd met vakkundig gemonteerde kabeltulle.
- De specifieke elektrische weerstand van het water mag niet lager zijn dan de waarde die vermeld staat op het typeplaatje. Bij een waternetsysteem moet u rekening houden met de laagste elektrische weerstand van het water. De specifieke elektrische weerstand of het elektrisch geleidend vermogen van het water kunt u opvragen bij uw watermaatschappij.
8. Toestelbeschrijving
8.1 Leveringsomvang
Bij het toestel wordt het volgende geleverd:
- Wandbevestiging
- Montagesjabloon
- 2 nippels
- 3-wegkogelkraan voor koud water
- T-stuk voor warm water
- Vlakke afdichtingen
- Zeef
- Kunststof vormring
- Kunststof aansluitstukken/montagehulp
- Kap- en achterwandgeleidingsstukken
- Jumper voor interne verbrandingsbeveiliging
- Jumper voor vermogensomschakeling (alleen bij DEL 18/21/24 Plus)
8.2 Toebehoren
Draadloze afstandsbediening
- FFB 4 Set EU
Kranen
- MEKD-eengreeps-keuken-drukkraan
- MEBD-eengreeps-bad-drukkraan
Waterstoppen G 12 A
Wanneer u andere dan de aanbevolen opbouwdrukkranen gebruikt, gebruikt u de waterstoppen.
Montageset opbouwinstallatie
- Soldeerschroefkoppeling koperbuis voor soldeeraansluiting ∅ 12 mm
- Persfitting koperbuis
- Persfitting kunststofbuis (geschikt voor Viega: Sanfix-Plus of Sanfix-Fosta)
Universeel montageframe
- Montageframe met elektrische aansluitingen
Buisset voor toestellen onder het aftappunt
Wanneer u de wateraansluitingen (G 3/8 buitendraad) boven het toestel aansluit, heeft u de buiskit voor montage onder het af- tappunt nodig.
Buisset voor verschoven montage
Wanneer u het toestel tot 90 mm ten opzichte van de wateraansluiting verticaal omlaag moet verschuiven, gebruikt u deze buiskit.
Buiskit voor vervanging van gas-waterverwarmer
Wanneer de bestaande installatie gas-waterverwarmeraansluitingen omvat (koudwateraansluiting links en warmwateraansluiting rechts), heeft u deze buiskit nodig.
Wanneer de bestaande installatie watersteekaansluitingen van een DHB omvat, gebruikt u de watersteekkoppelingen.
Lastafwerprelais (LR 1-A)
Het lastafwerprelais voor inbouw in de elektrische installatie laat een voorrangsschakeling van de doorstromer toe, wanneer bijvoorbeeld tegelijkertijd elektrische accumulatieverwarming gebruikt wordt.
9. Voorbereidingen
9.1 Montageplaats

Materièle schade
Het toestel mag alleen in een vorstvrije ruimte geïnstalleerd worden.
Monteer het toestel verticaal en in de buurt van het tappunt. Zie hoofdstuk "Montageopties/horizontale montage van het toestel" voor de horizontale inbouw.
Het toestel is geschikt voor montage onder of boven het aftappunt.
Montage onder het aftappunt

text_image
Doc000056242 1 21 Koudwatertoevoer
2 Warmwateruitloop
Montage boven het aftappunt

text_image
2 1 00000570301 Koudwatertoevoer
2 Warmwateruitloop

Aanwijzing
▶ Monteer het toestel aan de muur. De muur moet voldoende draagvermogen hebben.
9.2 Minimumafstanden

text_image
20 ≥50 ≥50 20 D000068c89Houd de minimale afstanden aan om een storingsvrije werking van het toestel te waarborgen en onderhoudswerkzaamheden aan het toestel mogelijk te maken.
9.3 Waterinstallatie
▶ Spoel de waterleiding grondig door.
Kranen
Gebruik geschikte drukkranen. Open kranen zijn niet toegestaan.

Aanwijzing
De 3-wegkogelkraan in de koudwatertoevoer mag niet gebruikt worden om het debiet te smoren. De 3-wegkogelkraan is alleen bestemd voor het afsluiten van de koudwatertoevoer.
Toegestaan materiaal waterleidingen
- Koudwatertoevoerleiding: thermisch gegalvaniseerde stalen buis, roestvaststalen buis, koperbuis of kunststofbuis
- Warmwateruitloopleiding: roestvaststalen buis, koperbuis of kunststofbuis

Materièle schade
Wanneer kunststofbuizen gebruikt worden, dient u rekening te houden met de maximaal toegelaten toevoertemperatuur en de maximaal toegelaten druk.
Debiet
- Controleer of het debiet voor het inschakelen van het toestel bereikt wordt.
▶ Als het benodigde debiet bij volledig geopende aftapkraan niet wordt gehaald, verhoogt u de waterleidingdruk.
10. Montage
| Fabrieksinstellingen | DEL 18/21/24 Plus | DEL 27 Plus | |
| Interne beveiliging tegen brandwonden | °C | 60 | 60 |
| Aansluitvermogen | kW | 21 | 27 |
| Aansluitvermogen selecteer-baar | x | - |
| Standaardmontage | DEL 18/21/24 Plus | DEL 27 Plus |
| Elektrische aansluiting onderaan, inbouwinstallatie | x | x |
| Wateraansluiting inbouwinstallatie | x | x |
Zie voor meer montagemogelijkheden het hoofdstuk "Montageopties".
10.1 Standaardmontage
Toestel openen

▶ Open het toestel door de afdekkap aan de zijkant vast te pakken en van de bovenkap naar voren af te trekken. Draai de schroef los. Zwenk de bovenkap omhoog.

▶ Demonteer de achterwand door de beide vergrendelhaken in te drukken en het onderstuk van de achterwand naar voren af te trekken.
Aansluitkabel voorbereiden inbouw onder

text_image
160 ≥30 1 00000532731 Montagehulp voor de kabelinvoer
▶ Bereid de netaansluitkabel voor.
Wandbevestiging monteren

▶ Teken de boorgaten af met de montagesjabloon. Bij opbouwinstallatie moet u ook het bevestigingsgat in het onderste gedeelte van de sjabloon aftekenen.
▶ Boor de gaten en bevestig de wandbevestiging op 2 punten met het gepaste bevestigingsmateriaal (schroeven en pluggen niet meegeleverd).
▶ Monteer de wandbevestiging.
Nippels monteren

Materièle schade
Voer alle werkzaamheden voor wateraansluiting en installatie uit conform de voorschriften.

text_image
D000053319▶ Dicht af en schroef de nippels erin.
Wateraansluiting tot stand brengen

text_image
2 1 24 5 Nm 3 2 24 5 Nm 5 4 D00000596951 Warm water met T-stuk
2 Dichting
3 Koud water met 3-wegkogelkraan
4 Zeef
5 Kunststof vormring
▶ Schroef het T-stuk en de 3-wegkogelkraan met telkens een vlakke afdichting op de nippels.

Materièle schade
Voor de werking van het toestel moet de zeef ingebouwd zijn.
▶ Controleer bij vervanging van het toestel of de zeef aanwezig is.
Toestel monteren

Stapsgewijze handleiding
Installatie


Aanwijzing
Bij montage met flexibele leidingaansluitingen moet u de achterwand bovendien met een schroef bevestigen.

1 Montagehulp voor de kabelinvoer
2 Kabeltulle
Gebruik voor een betere geleiding van de aders door de kabeltulle de montagehulp (zie bijgevoegde set kunststof onderdelen).
▶ Demonteer de kabeltulle uit de achterwand.
▶ Steek de kabeltulle over de kabelmantel van de netaansluit-kabel. Vergroot bij grotere kabeldoorsneden eventueel het gat in de kabeltulle.

▶ Verwijder de transportstoppen uit de leidingaansluitingen van het toestel.
▶ Buig de netaansluitkabel 45° naar boven.
▶ Duw de netaansluitkabel met de kabelmantel vanaf de achterkant door de achterwand.
▶ Monteer het toestel op de schroefbouten van de wandbevestiging.
▶ Druk de achterwand stevig aan en lijn de achterwand uit.
▶ Vergrendel de bevestigingsknevel door 90° naar rechts te draaien.
▶ Trek de kabeltulle in de achterwand totdat beide vergrendelhaken vergrendelen.

text_image
19 3 Nm 24 5 Nm D0000056244▶ Schroef de leidingaansluitingen met de vlakke afdichtingen op de wateraansluitingen.
▶ Open de 3-wegkogelkraan of de afsluitklep in de koudwatertoevoerleiding.
Elektriciteit aansluiten

WAARSCHUWING elektrische schok Voer alle werkzaamheden voor elektriciteitsaansluitingen en montage uit conform de voorschriften.

WAARSCHUWING elektrische schok Aansluiting op het stroomnet is alleen toegestaan als vaste aansluiting in combinatie met de uitneembare ka- beltulle. Het toestel moet op alle polen met een afstand van minstens 3 mm van de aansluiting van de netvoeding kunnen worden losgekoppeld.

WAARSCHUWING elektrische schok Zorg ervoor dat het toestel is aangesloten op de aard- leiding.

Materiële schade Houd rekening met de specificaties op het typeplaatje. De aangegeven nominale spanning moet overeenkomen met de netspanning.
▶ Sluit de netaansluitkabel aan op de netaansluitklem.
Onderstuk van achterwand monteren

text_image
1 00000032751 Afdekplaat voor het onderstuk van de achterwand
▶ Monteer het onderstuk van de achterwand in de achterwand. Controleer of de beide vergrendelhaken vergrendeld zijn.
Lijn het gemonteerde toestel uit door de bevestigingsknevel los te maken, de elektriciteitsaansluiting en de achterwand uit te lijnen en de bevestigingsknevel weer vast te draaien. Als de achterwand van het toestel niet goed aansluit tegen de wand, kunt u het toestel onderaan met een extra schroef bevestigen.

Materiële schade De afdekplaat voor het onderstuk van de achterwand mag in ingebouwde toestand niet verbogen worden.
11. Ingebruikname

Stapsgewijze handleiding
Ingebruikname

11.1 Voorbereidingen
Interne verbrandingsbeveiliging via jumper-steekplaats

text_image
max 43 50 55 60 D000089184Monteer de jumper "Instelling verbrandingsbeveiliging" op de gewenste positie (= temperatuur in °C) van de contactstrip.
| Positie jumper | Beschrijving |
| 43 | Bijv. in kleuterscholen, ziekenhuizen, enz. |
| 50 | |
| 55 | Max. voor douchewerking |
| 60 | Fabrieksinstelling |
| Zonder jumper | Begrenzing 43 °C |

Bij werking met voorverwarmd water, bijv. bij gebruik van een zonne-installatie, kunnen de interne beveiliging tegen brandwonden en de door de gebruiker instelbare temperatuurbegrenzing Tmax worden overschreden.
▶ Begrens dan de temperatuur met een voorgeschakelde centrale thermostaatkraan.
Aansluitvermogen omschakelen via jumper-insteekplaats, alleen bij DEL 18/21/24 Plus
Wanneer u bij het toestel met omschakelbaar aansluitvermogen een ander aansluitvermogen kiest dan de 21 kW die in de fabriek ingesteld is, moet u de jumper verplaatsen.

text_image
Pmax 1 2 3 D0000089187▶ Monteer de jumper op de gewenste positie van de contactstrip.
| Positie jumper | Aansluitvermogen |
| 1 | 18 kW |
| 2 | 21 kW |
| 3 | 24 kW |
| Zonder jumper | 18 kW |
11.2 Eerste ingebruikname

text_image
on ≥ 60 s Do000053277▶ Open en sluit meerdere keren alle aangesloten aftapkranen totdat het leidingwerk en het toestel luchtvrij zijn.
▶ Voer een dichtheidscontrole uit.

text_image
D000033278▶ Schakel de veiligheidsschakelaar in door de resettoets stevig in te drukken (het toestel wordt met uitgeschakelde veiligheidsschakelaar geleverd).

Bij montage onder het aftappunt dient de bovenkap voor een betere bediening gedraaid te worden, zie hoofdstuk "Montageopties / Gedraaide bovenkap".

Haak de bovenkap aan de bovenkant achteraan in de achterwand. Zwenk de bovenkap omlaag. Controleer of de bovenkap bovenaan en onderaan stevig is bevestigd.
▶ Markeer het geselecteerde aansluitvermogen en de nominale spanning op het typeplaatje van de bovenkap (aan beide kanten). Doe dat met een balpen.
▶ Zet de bovenkap vast met de schroef.
▶ Monteer de afdekplaat op de bovenkap.
▶ Verwijder de beschermfolie van het bedieningspaneel.

▶ Schakel de netspanning in.
11.2.1 Overdracht van het toestel
Leg aan de gebruiker de werking van het toestel uit en maak hem vertrouwd met het gebruik ervan.
▶ Wijs de gebruiker op mogelijke gevaren, met name het gevaar voor brandwonden.
▶ Overhandig de handleiding.
11.3 Nieuwe ingebruikname

Materièle schade
Om te vermijden dat het blankdraadelement na onderbreking van de watervoorziening beschadigd raakt, moet het toestel met behulp van de volgende procedure weer in werking worden gesteld.
▶ Schakel het toestel spanningsvrij door de zekeringen uit te schakelen.
▶ Open de kraan ten minste gedurende 1 minuut tot het toestel en de voorgeschakelde koudwatertoevoerleiding vrij zijn van lucht.
▶ Schakel de voeding opnieuw in.
12. Buitendienststelling
▶ Koppel het toestel op alle polen los van het stroomnet.
Tap het toestel af (zie het hoofdstuk "Onderhoud / Toestel aftappen").
13. Montageopties
Overzicht montageopties
| Elektrische aansluiting | Beschermingsgraad (IP) |
| Inbouw boven | IP 25 |
| Inbouw onder bij korte netaansluitkabel | IP 25 |
| Opbouw | IP 24 |
| Wateraansluiting | Beschermingsgraad (IP) |
| Opbouw | IP 24 |
| Overige | Beschermingsgraad (IP) |
| Installatie bij betegeling | IP 25 |
| Gedraaide bovenkap | IP 25 |
| Horizontale montage van het toestel | IP 24 |

WAARSCHUWING elektrische schok
Scheid alle polen van het toestel van het elektriciteitsnet voor aanvang van alle werkzaamheden.
13.1 Elektrische aansluiting inbouw boven

text_image
140 ≥30 1 000000765071 Montagehulp voor de kabelinvoer
▶ Bereid de netaansluitkabel voor.

flowchart
graph TD
A["Input Device"] --> B["Central Server"]
B --> C["Output Port 1"]
C --> D["Feedback Loop"]
D --> E["Output Port 2"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#ccf,stroke:#333
style C fill:#cfc,stroke:#333
style D fill:#fcc,stroke:#333
style E fill:#cff,stroke:#333
1 Kabeldoorvoer
▶ Verplaats de netaansluitklem van onder naar boven. Maak daarvoor de bevestigingsschroef los. Draai de netaansluitklem met de aansluitkabels 180° rechtsom. Leg de kabels om de kabelgeleiding. Schroef de netaansluitklem weer vast.
▶ Vervang de kabeltullen.
▶ Monteer de eerder boven geplaatste kabeltulle nu onderaan.
▶ Steek de kabeltulle over de kabelmantel van de netaansluitkabel.
▶ Monteer het toestel op de schroefbouten van de wandbevestiging.
Druk de achterwand stevig aan. Vergrendel de bevestigingsknevel door 90° naar rechts te draaien.
- Trek de kabeltulle in de achterwand totdat beide vergrendelhaken vergrendelen.
▶ Sluit de netaansluitkabel aan op de netaansluitklem.

WAARSCHUWING elektrische schok De aansluitdraden mogen niet boven het niveau van de netaansluitklem uitsteken.
13.2 Elektriciteitsaansluiting inbouw onder bij korte netaansluitkabel

text_image
D0000063#7▶ Verplaats de netaansluitklem verder naar beneden. Maak daarvoor de bevestigingsschroef los. Schroef de netaansluitklem weer vast.
13.3 Elektrische aansluiting opbouw
Aanwijzing
Bij dit aansluittype wijzigt de beschermingsgraad van het toestel.
Wijzig het typeplaatje. Streep de vermelding IP 25 door en kruis het vakje IP 24 aan. Doe dat met een balpen.

text_image
>30 A 1 Doc000765061 Kabeltulle
| Elektrische aansluiting opbouw | Afmeting A |
| Positie onder in het toestel | 160 |
| Positie boven in het toestel | 110 |
▶ Bereid de netaansluitkabel voor. Monteer de kabeltulle.
Materièle schade Wanneer u per o
▶ Zaag en breek de benodigde doorvoeren uit de achterwand en de bovenkap (posities zie hoofdstuk "Technische gegevens / Afmetingen en aansluitingen"). Ontbraam scherpe kanten met een vijl.
▶ Leid de netaansluitkabel door de kabeltulle.
▶ Sluit de netaansluitkabel aan op de netaansluitklem.
13.4 Aansluiting van een lastafwerprelais
Plaats een lastafwerprelais in combinatie met andere elektrische toestellen in de elektrotechnische installatie, bv. elektrische accumulatieverwarming. De lastafwerping vindt plaats wanneer de doorstromer actief is.
Materièle schade
Sluit de fase die het lastafwerprelais schakelt, aan op de gemerkte klem van de netaansluitklem in het toestel (zie hoofdstuk "Technische gegevens / Schakelschema").
13.5 Waterinstallatie opbouw
Aanwijzing
Bij dit aansluittype wijzigt de beschermingsgraad van het toestel.
Wijzig het typeplaatje. Streep de vermelding IP 25 door en kruis het vakje IP 24 aan. Doe dat met een balpen.

text_image
19 5 Nm 19 5 Nm 24 18 Nm 24 18 Nm D0000033104▶ Monteer waterstoppen met dichtingen om de inbouwaansluiting af te sluiten. Bij de als toebehoren verkrijgbare kranen worden de waterstoppen en dichtingen meegeleverd. Voor andere dan de door ons aanbevolen drukkranen kunt u waterstoppen en dichtingen als toebehoren bestellen.
▶ Monteer een geschikte drukkraan.
▶ Plaats het onderstuk van de achterwand onder de aansluitbuizen van de kraan en schuif het in de achterwand.
▶ Schroef de aansluitbuizen op het T-stuk en de 3-wegkogelkraan.
Aanwijzing
De beugels voor buisbevestigingen op het onderstuk van de achterwand kunt u indien nodig uitbreken.

text_image
1 D00000561941 Beugel
13.6 Waterinstallatie opbouw met soldeeraansluiting / persfitting

Aanwijzing
Bij dit aansluittype wijzigt de beschermingsgraad van het toestel.
Wijzig het typeplaatje. Streep de vermelding IP 25 door en kruis het vakje IP 24 aan. Doe dat met een balpen.
Met het toebehoren "soldeeraansluiting" of "persfitting" kunt u koperleidingen of kunststofleidingen verbinden.
Bij "soldeeraansluiting" met een schroefaansluiting voor 12 mm koperleidingen dient u als volgt te werk te gaan:
▶ Schuif de wartelmoeren over de aansluitbuizen.
▶ Soldeer de inlegstukken op de koperleidingen.
▶ Plaats het onderstuk van de achterwand onder de aansluitbuizen van de kraan en schuif het in de achterwand.
▶ Schroef de aansluitbuizen op het T-stuk en de 3-wegkogelkraan.

Aanwijzing
Houd rekening met de info van de fabrikant van de kraan.
13.7 Montage van de bovenkap bij opbouwinstallatie voor de wateraansluiting

text_image
1 2 3 4 D0000731761 Achterwandgeleidingsstukken
2 Schroef
3 Kapgeleidingsstukken met afdichtlipjes aan buiszijde
4 Doorvoeropening
Breek en zaag de doorvoeropeningen in de bovenkap netjes uit. Gebruik, indien nodig, een vijl.
Klik de kapgeleidingsstukken vast in de doorvoeropeningen.
Alleen bij gebruik van het toebehoren "Soldeeraansluiting" en de exacte naleving van alle montageafmetingen:
▶ Breek de afdichtlipjes uit de kapgeleidingsstukken.
Plaats de achterwandgeleidingsstukken op de buizen. Schuif ze in elkaar. Ten slotte schuift u de geleidingsstukken tot aan de aanslag tegen de achterwand.
▶ Bevestig het onderstuk van de achterwand met een schroef.

Aanwijzing
Gebruik de kapgeleidingsstukken met afdichtlipjes voor de compensatie van een kleine verschuiving van de aansluitbuizen en/of het gebruik van het toebehoren "Press-fitting". In dit geval worden de achterwandgeleidingsstukken niet gemonteerd.
13.8 Montage onderstuk achterwand bij opbouwschroefaansluiting

text_image
1 2 3 <2 <2 D00000512861 Onderstuk van de achterwand
2 Meegeleverd verbindingsstuk
3 Schroef
Bij het gebruik van opbouwschroefaansluitingen kan het onderstuk van de achterwand ook na de kraanmontage gemonteerd worden. Daarvoor gaat u als volgt te werk:
▶ Zaag het onderstuk van de achterwand open.
▶ Monteer het onderstuk van de achterwand door het zijdelings open te buigen en over de opbouwbuizen te steken.
▶ Steek de verbindingsstukken achterlangs in het onderstuk van de achterwand.
Klik het onderstuk van de achterwand vast in de achterwand.
▶ Bevestig het onderstuk van de achterwand met een schroef.
13.9 Wandbevestiging bij vervanging van het toestel
Een aanwezige wandbevestiging van STIEBEL ELTRON kan gebruikt worden bij vervanging van het toestel (uitzondering doorstromer DHF), indien de bevestigingsschroef zich rechtsonder bevindt.
Vervanging van de doorstromer DHF

▶ Verplaats de bevestigingsschroef op de wandbevestiging (de bevestigingsschroef heeft een zelftappende schroefdraad).
▶ Draai de wandbevestiging 180° en monteer deze op de wand (de tekst DHF verschijnt dan in de leesrichting).
13.10 Installatie bij betegeling

text_image
2 ≤ 20 1 ≥ 110D0000117303
1 Minimaal steunvlak van het toestel
2 Maximale tegelverschuiving
▶ Stel de wandafstand bij. Zet de achterwand vast met de bevestigingsknevel (90° rechtsom draaien).
13.11 Gedraaide bovenkap
Bij montage onder het aanrecht dient de bovenkap gedraaid te worden om het bedieningscomfort te verbeteren.

▶ Demonteer de bedieningseenheid uit de bovenkap door de vergrendelhaken in te drukken en de bedieningseenheid eruit te halen.
Draai de bovenkap (niet het toestel) en monteer de bedieningseenheid opnieuw. Druk de bedieningseenheid er parallel in tot alle vergrendelhaken vergrendelen. Wanneer u de vergrendelhaken vergrendelt, moet u aan de binnenzijde van de bovenkap tegendruk geven.

WAARSCHUWING elektrische schok De bedieningseenheid moet met alle 4 de vergrendelha- ken worden vergrendeld. De vergrendelhaken moeten compleet zijn en mogen niet beschadigd zijn. Bij een niet juist geplaatste bedieningseenheid is de beveiliging van de gebruiker tegen aanraking van spanningsgeleidende onderdelen niet gewaarborgd.
▶ Sluit de stekker op de verbindingskabel van de bedieningseenheid aan op de elektronica (zie hoofdstuk "Ingebruikname / Eerste ingebruikname").
Haak de bovenkap langs onder vast. Zwaai de bovenkap naar boven op de achterwand.
▶ Schroef de bovenkap vast.
▶ Monteer de afdekking op de bovenkap.
13.12 Horizontale montage van het toestel

Info
Let op de volgende info bij de montageoptie horizontale montage:
- De montage is alleen toegelaten bij directe wandmontage. Het gebruik van het universele montageframe is niet mogelijk.
- De montagetypen "Installatie bij betegeling" en "Gedraaide bovenkap" zijn niet toegelaten.
- Bij dit aansluittype wijzigt de beschermingsgraad van het toestel. Streep de vermelding IP 25 op het typeplaatje door en kruis het vakje IP 24 aan. Doe dat met een balpen.
Horizontale montage
U kunt het toestel ook horizontaal aan de wand monteren (90° naar links gedraaid, met wateraansluitingen rechts). De montage, water- en elektro-aansluitingen treft u aan in de hoofdstukken "Standaardmontage" en "Montageopties".

De bovenkap moet op de gemarkeerde positie voorzien worden van een condensaatafvoeropening van min. ∅ 5,0 mm tot max. ∅ 6,0 mm.


1 Bovenkap met opening voor condensaatafvoer
2 Toestelachterwand met extra bevestigingsschroef
▶ Boor vanaf buiten een gat op de gemarkeerde plaats door de gedemonteerde bovenkap. Optioneel kunt u ook vanaf binnen op de gemarkeerde plaats een gat in de bovenkap slaan. In dat geval moet u vervolgens vanaf buiten het gat aan de vereiste diameter aanpassen. Ontbraam scherpe randen met een vijl.
▶ Bevestig de toestelachterwand onderaan met een extra schroef.

Materièle schade
Een bovenkap met een aanwezige condensaatafvoeropening mag niet meer gebruikt worden voor de verticale inbouw van het toestel.
13.13 Werking met voorverwarmd water
Door een centrale thermostaatkraan in te bouwen, kunt u de maximale toevoertemperatuur begrenzen.
14. Service-informatie
Aansluitoverzicht

text_image
1 2 3 4 5 6 7 D00000731741 Doorstroomvolumebegrenzing
2 Debietsensor
3 Veiligheidstemperatuurbegrenzer, reset automatisch
4 NTC-sensor
5 Contactstrips voor aansluitvermogen en verbrandingsbeveiliging
6 Steekpositie bedieningseenheid
7 Diagnoselampje
Houder bovenkap

Om het toestel te kunnen controleren, moet er spanning op het toestel staan.
Indicatiemogelijkheden diagnoselampje (led)
| rood | brandt bij storing | |
| geel | brandt in de verwarmingsmodus / knippert bij het berei-ken van de vermogensgrens | |
| groen | knippert: toestel met netaansluiting |

Aanwijzing
De controle van het toestel met het diagnoselampje moet bij stromend water uitgevoerd worden.
| Diagnoselampje (tapbedrijf) | Storing | Oorzaak | Oplossing |
| Er brandt geen enkele led | Het toestel verwarmt niet | Een of verschillende fasen van de netspanning ontbreken | Controleer de zekeringen in de huisinstallatie |
| Elektronica defect | Vervang de functionele module | ||
| Groen knippert, geel uit, rood uit | Geen warm water | Inschakelhoeveelheid van het toestel wordt niet bereikt, douchekop/straalregelaar verkalkt | Douchekop/straalregelaar ontkalken/vervangen |
| Inschakelhoeveelheid van het toestel wordt niet bereikt, zeef in de koudwatertoevoer is vervuild | Zeef reinigen | ||
| Doorstroomhoeveelheidsmeting niet opgestoken | Steekverbinding controleren, evt. corrigeren | ||
| Doorstroomhoeveelheidsmeting defect of vervuild | Doorstroomhoeveelheidsmeting vervangen | ||
| Elektronica defect | Vervang de functionele module | ||
| Groen knippert, geel aan, rood uit | Geen displayweergave | Losse verbindingskabel tussen elektronica en bedieningseenheid | Steekverbindingen controleren, evt. corrigeren |
| Defecte verbindingskabel tussen elektronica en bedieningseenheid | Verbindingskabel controleren, evt. vervangen | ||
| Bedieningseenheid defect | Bedieningseenheid vervangen | ||
| Elektronica defect | Vervang de functionele module | ||
| Groen knippert, geel aan, rood uit | Geen warm water, uit- looptemperatuur komt niet overeen met de gevraagde waarde | Kraan defect | Kraan vervangen |
| Uitloopsensor defect | Uitloopsensor vervangen | ||
| Verwarmingssysteem defect | Vervang de functionele module | ||
| Elektronica defect | Vervang de functionele module | ||
| Groen knippert, geel aan, rood uit | Geen warm water, uit- looptemperatuur komt niet overeen met de gevraagde waarde | Toestel werkt aan de vermogensgrens | Debiet verminderen, een van de ECO-trappen kiezen |
| Toestel werkt aan de vermogensgrens | Jumperpositie voor het aansluitvermogen controleren | ||
| Verwarmingssysteem defect | Vervang de functionele module | ||
| Groen knippert, geel uit, rood aan | Geen warm water, uit- looptemperatuur komt niet overeen met de gevraagde waarde | Een of verschillende fasen van de netspanning ont- breken | Controleer de zekeringen in de huisinstallatie |
| Luchtherkenning is geactiveerd | Gedurende > 1 min blijven tappen |
15.1 Weergave foutcode
Bij een toestelfout knippert de steeksleutel op het display.
Druk langer dan 5 seconden op de ECO-toets voor het oproepen van storingscodeweergave.
| Diagnoselampje (tapbedrijf) | Weergave op het display | Storing | Oorzaak | Oplossing |
| Groen knippert, geel uit, rood aan | Steeksleutel knippert (weergave E1 en steeksleutel in het menu "Indicator foutcode") | Geen warm water, uit-looptemperatuur komt niet overeen met de gevraagde waarde | De veiligheidsschakelaar is bij de "Eerste ingebruikname" niet geactiveerd | Veiligheidsschakelaar activeren, daar-voor de resettoets stevig indrukken |
| Veiligheidsschakelaar is door de veiligheidstemperatuurbegrenzer geactiveerd | Veiligheidstemperatuurbegrenzer controleren (steekverbinding, verbindings-kabel), veiligheidsschakelaar activeren | |||
| Veiligheidsschakelaar wordt na de uitgevoerde controle van de veilig-heidstemperatuurbegrenzer opnieuw geactiveerd, veiligheidstemperatuurbegrenzer defect | Veiligheidstemperatuurbegrenzer vervangen, veiligheidsschakelaar active-ren en gedurende > 1 min tappen met de maximale gevraagde waarde | |||
| Veiligheidsschakelaar wordt opnieuw geactiveerd, elektronica defect | Vervang de functionele module | |||
| Groen knippert, geel uit, rood aan | Steeksleutel knippert (weergave E2 en steeksleutel in het menu "Indicator foutcode") | Geen warm water | Elektronica defect (breuk of kortsluiting van de aanvoersensor) | Vervang de functionele module |
| Groen knippert, geel uit, rood aan | Steeksleutel knippert (weergave E3 en steeksleutel in het menu "Indicator foutcode") | Geen warm water | Kortsluiting van de uitloopsensor | Uitloopsensor controleren, evt. vervangen |
16. Onderhoud

WAARSCHUWING elektrische schok Scheid alle polen van het toestel van het elektriciteitsnet voor aanvang van alle werkzaamheden. Dit toestel bevat condensatoren die na ontkoppeling van het stroomnet ontladen. De ontlaadspanning van de condensatoren kan evt. kortstondig > 60 V DC bedragen.
Toestel aftappen
U kunt het toestel voor onderhoudswerkzaamheden aftappen.

WAARSCHUWING verbranding Wanneer u het toestel aftapt, kan er heet water uitlopen.
▶ Sluit de 3-wegkogelkraan of de afsluitklep in de koudwatertoevoerleiding.
▶ Open alle aftappunten.
▶ Maak de buisaansluitingen van het toestel los.
▶ Een gedemonteerd toestel moet vorstvrij bewaard worden, want er kan restwater in het toestel zitten dat kan bevriezen en daardoor schade kan veroorzaken.
Zeef reinigen
Reinig bij vervuiling de zeef in de koudwaterschroefaansluiting. Sluit de 3-wegkogelkraan of de afsluitklep in de koudwatertoevoerleiding voordat u de zeef uitbouwt, reinigt en weer inbouwt.
17.1 Afmetingen en aansluitingen

text_image
225 140 ≤ 20 105 466 414 368 b02 30 35 38 100 c06 c01 35 116 D0000073253| DEL Plus | |||
| b02 | Doorvoer elektr.kabels I | Inbouw | |
| c01 | Koudwatertoevoer | Buitendraad | G 1/2 A |
| c06 | Warmwateruitloop | Buitendraad | G 1/2 A |
Optionele aansluitmogelijkheden

text_image
b03 330 b04 69 b02 30 b04 325 35 69 b04 165 b04 b04 D0000053293| DEL Plus | |||
| b02 | Doorvoer elektr.kabels I | Inbouw | |
| b03 | Doorvoer elektr.kabels II | Inbouw | |
| b04 | Doorvoer elektr.kabels III | Opbouw | |
17.2 Schakelschema
3/PE \~ 380-415 V

text_image
2 1 L1 L2 L3 4 3 L1 L2 L3 L L D00000534241 Vermogenselektronica met geïntegreerde veiligheidsschakelaar
2 Blankdraadelement
3 Veiligheidstemperatuurbegrenzer
4 Netaansluitklem
Voorrangschakeling met lastafwerprelais LR 1-A

text_image
2 11 Stuurkabel voor het relais van het 2e toestel (bijv. elektrische accumulatieverwarming)
2 Besturingscontact gaat open als de doorstromer inschakelt.
Materièle schade
Bij een toestelvervanging vervangt u ook het lastafwerprelais en de schakelbeveiliging van het 2e toestel.
17.3 Warmwatervermogen
Het warmwatervermogen is afhankelijk van de aanwezige netspanning, het aansluitvermogen van het toestel en de koudwatertoevoertemperatuur. De nominale spanning en het nominaal vermogen staan aangegeven op het typeplaatje.
17.4 Toepassingsgebieden / omrekentabel
Specifieke elektrische weerstand en specifieke elektrische geleidbaarheid
| Genormeerde waar- de bij 15 °C | 20 °C | 25 °C | ||||||
| Weer- stand ρ ≥ | Geleidbaarheid σ ≤ | Weer- stand ρ ≥ | Geleidbaarheid σ ≤ | Weer- stand ρ ≥ | Geleidbaarheid σ ≤ | |||
| Ω cm | mS/m | μS/cm | Ω cm | mS/m | μS/cm | Ω cm | mS/m | μS/cm |
| 900 | 111 | 1111 | 800 | 125 | 1250 | 735 | 136 | 1361 |
17.5 Drukverliezen
Kranen
| Drukverlies van de kranen bij debiet 10 L/min | ||
| Eenhendel mengkraan, ca. | MPa | 0,04 - 0,08 |
| Thermostaatkraan, ca. | MPa | 0,03 - 0,05 |
| Douchekop, ca. | MPa | 0,03 - 0,15 |
Dimensionering van het leidingnet
Voor het berekenen van de leidingafmetingen wordt voor het toestel een drukverlies van 0,1 MPa aanbevolen.
In de installatie kunnen er in geval van storing kortstondige belastingen van maximaal 80 °C bij een druk van 1,0 MPa optreden.
17.7 Gegevens over het energieverbruik
Productgegevensblad: Conventionele warmwaterbereider volgens verordening (EU) nr. 812/2013 | 814/2013
| DEL 18/21/24 Plus | DEL 27 Plus | ||
| 236739 | 236740 | ||
| Fabrikant | STIEBEL ELTRON | STIEBEL ELTRON | |
| Lastprofiel | S | S | |
| Energie-efficiëntieklasse | A | A | |
| Energierendement | % | 39 | 39 |
| Jaarlijks stroomverbruik | kWh | 476 | 475 |
| Temperatuurinstelling af fabriek | °C | 60 | 60 |
| Geluidsniveau | dB(A) | 15 | 15 |
| Bijzondere aanwijzingen voor efficiëntiemeting | Gemeten bij ECO-stand met groot debiet, maximaal vermogen en maximale gevraagde waarde. | Gemeten bij ECO-stand met het grootste debiet en maximale gevraagde waarde | |
| Dagelijks stroomverbruik | kWh | 2,184 | 2,177 |
17.8 Gegevenstabel
| DEL 18/21/24 Plus | DEL 27 Plus | |||||
| 236739 | 236740 | |||||
| Elektrische gegevens | ||||||
| Nominale spanning | V | 380 | 400 | 415 | 380 | 400 |
| Nominaal vermogen | kW | 16,2/19/21,7 | 18/21/24 | 19,4/22,6/25,8 | 24,4 | 27 |
| Nominale stroom | A | 27,6/29,5/33,3 | 29/31/35 | 30,1/32,2/36,3 | 37,1 | 39 |
| Zekering | A | 32/32/35 | 32/32/35 | 32/32/40 | 40 | 40 |
| Frequentie | Hz | 50/60 | 50/60 | 50/- | 50/- | 50/- |
| Fasen | 3/PE | 3/PE | ||||
| Specifieke weerstand p15 ≥ | Ω cm | 900 | 900 | |||
| Specifieke geleidbaarheid σ15 ≤ | μS/cm | 1111 | 1111 | |||
| Max. netimpedantie | Ω | 0,247 | 0,235 | 0,226 | 0,220 | 0,209 |
| Uitvoeringen | ||||||
| Verwarmingssysteem warmteopwekker | Blankdraad | Blankdraad | ||||
| Aansluitvermogen selecteerbaar | X | - | ||||
| Temperatuurinstelling | °C | Off, 20-60 | Off, 20-60 | |||
| Beveiligingsklasse | 1 | 1 | ||||
| Isolatieblok | Kunststof | Kunststof | ||||
| Kap en achterwand | Kunststof | Kunststof | ||||
| Beschermingsgraad (IP) | IP25 | IP25 | ||||
| Kleur | wit | wit | ||||
| Aansluitingen | ||||||
| Wateraansluiting | G 1/2 A | G 1/2 A | ||||
| Werkingsgebied | ||||||
| Max. toegelaten druk | MPa | 1 | 1 | |||
| Max. toevoertemperatuur voor naverwarming | °C | 55 | 55 | |||
| Waarden | ||||||
| Max. toevoertemperatuur (bijv. thermische ontsmetting) | °C | 70 | 70 | |||
| Aan | l/min | >2,5 | >2,5 | |||
| Debiet bij 28 K | l/min | 9,2/10,7/12,3 bij 400 V | 13,8 bij 400 V | |||
| Debiet bij 50 K | l/min | 5,2/6,0/6,9 bij 400 V | 7,7 bij 400 V | |||
| Drukverlies voor debiet bij 50 K (zonder debietbegrenzer) | MPa | 0,06/0,08/0,1 | 0,13 | |||
| Hydraulische gegevens | ||||||
| Nominale inhoud | I | 0,4 | 0,4 | |||
| Afmetingen | ||||||
| Hoogte | mm | 466 | 466 | |||
| Breedte | mm | 225 | 225 | |||
| Diepte | mm | 116 | 116 | |||
| Gewichten | ||||||
| Gewicht | kg | 3,2 | 3,2 | |||

Aanwijzing
Het toestel voldoet aan IEC 61000-3-12.
Info over de software van het toestel
Op de toestellen van Stiebel Eltron kan zich software van externe aanbieders (derde aanbieders) bevinden, die gedeeltelijk ook onder een Open Source-licentie kan vallen. Sommige Open Source-licenties omvatten daarbij de verplichting om de software, haar auteur en de voor de software geldende licenties aan te geven en de software bovendien als broncode ter beschikking te stellen of een aanbieding tot afstand van de broncode voor te leggen. Stiebel Eltron stelt daarom op https://www.stiebel-eltron.com/en/info/Licenses.html meer informatie ter beschikking over de gebruikte software van derde aanbieders en biedt - voor zover daarop betrekking hebbend daar ook de broncode aan. Het ter beschikking stellen van de software gebeurt uitsluitend om te voldoen aan de verplichtingen van de Open Source-licenties.
Garantie
Voor toestellen die buiten Duitsland zijn gekocht, gelden de garantievoorwaarden van onze Duitse ondernemingen niet. Bovendien kan in landen waar één van onze dochtermaatschappijen verantwoordelijk is voor de verkoop van onze producten, alleen garantie worden verleend door deze dochtermaatschappij. Een dergelijk garantie wordt alleen verstrekt, wanneer de dochtermaatschappij eigen garantievoorwaarden heeft gepubliceerd. In andere situaties wordt er geen garantie verleend.
Voor toestellen die in landen worden gekocht waar wij geen dochtermaatschappijen hebben die onze producten verkopen, verlenen wij geen garantie. Een eventueel door de importeur verzekerde garantie blijft onverminderd van kracht.
Milieu en recycling
▶ Gooi het toestel en de materialen na gebruik weg conform de nationale voorschriften.

Wanneer op het toestel een doorgestreepte vuilcontainer is afgebeeld, brengt u het toestel voor hergebruik en recycling naar de gemeentelijke inzamelpunten of terugnamepunten in de handel.

Dit document bestaat uit recyclebaar papier.
▶ Gooi het document na de levenscyclus van het toestel overeenkomstig de nationale voorschriften weg.
الضمان
3