BENNING MM 101 - Multimeter

MM 101 - Multimeter BENNING - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis MM 101 BENNING in PDF-formaat.

📄 78 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice BENNING MM 101 - page 62
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Nederlands NL

Gebruikersvragen over MM 101 BENNING

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Multimeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MM 101 - BENNING en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MM 101 van het merk BENNING.

GEBRUIKSAANWIJZING MM 101 BENNING

Gebruiksaanwijzing BENNING MM 10–PV/ MM 10–1VoltSense

Digitale TRUE RMS digital multimeter voor het meten van: - Gelijk-/ wisselspanning - Gelijk-/ wisselstroom - Weerstand - Dioden-/ doorgangcontrole - Capaciteit - Frequentie - Temperatuur Inhoud

1. Opmerkingen voor de gebruiker

2. Veiligheidsvoorschriften

4. Beschrijving van het apparaat

5. Functies van de digitale multimeter

5.1 Algemene kenmerken

5.2 Functies van de datalogger

6. Gebruiksomstandigheden

7. Elektrische gegevens

8. Meten met de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1

10. Technische gegevens van de meettoebehoren

1. Opmerkingen voor de gebruiker

Deze gebruiksaanwijziging is bedoeld voor: - Elektriciens. - Elektrotechnici. De BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 is bedoeld voor metingen in droge ruimtes en mag niet worden gebruikt in elektrische circuits met een nominale spanning hoger dan 1000 VAC/DC (zie ook pt. 6: „Gebruiksomstandigheden“). Bij gebruik van de BENNING MM 10-PV met de meetadapter BENNING TA PV wordt het nominale spanningsbereik verruimd tot 1500 VAC/ 2000 VDC (zie ook pt. 8.2.2 “Spanningsmeting (PV-stand)” en pt. 10. „Technische gegevens van de meettoebehoren“). In de gebruiksaanwijzing en op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 worden de volgende symbolen gebruikt: Opgelet! Magneten kunnen de werking beïnvloeden van pacemakers en ingeplante debrillatoren. Als drager van dergelijke toestellen dient u een voldoende grote afstand tot de magneet aan te houden.

Waarschuwing voor gevaarlijke spanning! Verwijst naar voorschriften die in acht genomen moeten worden om gevaar voor de omgeving te vermijden.

Let op de gebruiksaanwijzing! Dit symbool geeft aan dat de aanwijzingen in de handleiding in acht genomen moeten worden om gevaar te voorkomen. CAT II Meetcategorie II is bruikbaar voor voor test- en meetcircuits die recht- streeks verbonden zijn met de gebruikersaansluitingen (stopcontacten en soortgelijke aansluitingen) van laagspanningsinstallaties. CAT III Meetcategorie III is bruikbaar voor test- en meetcircuits die op de ver- deelkring van het laagspanningsnet van het gebouw aangesloten zijn. CAT IV Meetcategorie IV is bruikbaar voor test- en meetcircuits die op het en- trypunt van het laagspanningsnet van het gebouw aangesloten zijn.

Dit symbool geeft aan dat de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 dubbel geïsoleerd is (bescherminingsklasse II). Zie de gebruikershandleiding.63

Dit symbool op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 betekent dat de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 in overeenstemming met de EU-richt- lijnen is. Dit symbool op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 duidt op de inge- bouwde zekeringen. Dit symbool verschijnt in het scherm bij een te lage batterijspanning. Dit symbool geeft de instelling weer van “diodecontrole”. Dit symbool geeft de instelling „doorgangstest“ aan. De zoemer geeft bij doorgang een akoestisch signaal. Dit symbool geeft de instelling weer van “capaciteitsmeting”. DC: gelijkspanning/ -stroom

2. Veiligheidsvoorschriften

Dit apparaat is vervaardigd en getest volgens de voorschriften: DIN VDE 0411 deel 1/ EN 61010-1 DIN VDE 0411 deel 2-033/EN 61010-2-033 DIN VDE 0411 deel 031/EN 61010-031 en heeft, vanuit een veiligheidstechnisch oogpunt, de fabriek verlaten in een per- fecte staat. Om deze staat te handhaven en om zeker te zijn van gebruik zonder gevaar, dient de gebruiker goed te letten op de aanwijzingen en waarschuwingen zoals aangegeven in deze gebruiksaanwijzing. Een verkeerd gebruik en niet-na- leving van de waarschuwingen kan ernstig letsel of de dood tot gevolg hebben.

Wees extreem voorzichtig tijdens het werken met blanke draden of hoofdleidingen. Contact met spanningsvoerende leidingen kan elektrocutie veroorzaken.

Opgelet! Magneten kunnen de werking beïnvloeden van pace- makers en ingeplante defibrillatoren. Als drager van dergelijke toestellen dient u een voldoende grote afstand tot de magneet aan te houden.

De BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 mag alleen worden gebruikt in elektrische circuits van overspanningscategorie III met max. 1000 V ten opzichte van aarde of overspanningscategorie IV met max. 600 V ten opzichte van aarde. Gebruik alleen passende meetsnoeren voor deze. Bij metingen binnen de meetcategorie III of de meetcategorie IV mag het uit- stekende geleidende gedeelte van een contactpunt op de veilig- heidsmeetleidingen niet langer zijn dan 4 mm. Voor metingen binnen de meetcategorie III en de meetcategorie IV moeten de bij de set gevoegde, met CAT III en CAT IV aange- duide opsteekdoppen op de contactpunten worden gestoken. Deze maatregel dient ter bescherming van de gebruiker. Bedenk dat werken aan installaties of onderdelen die onder spanning staan, in principe altijd gevaar kan opleveren. Zelfs spanningen vanaf 30 V AC en 60 V DC kunnen voor mensen al levensgevaarlijk zijn.64

Gebruik bij de spanningsmeting van PV-installaties met een spanning tot 1500 V DC uitsluitend de BENNING TA PV- meetadapter en zet de BENNING MM 10-PV in de ‘PV’-stand. De meetadapter reduceert de spanning op de BENNING MM 10-PV en mag dus uitsluitend voor de BENNING MM 10-PV gebruikt worden! Gevaarlijke spanning! De meetadapter BENNING TA PV mag alleen worden gebruikt in elektrische circuits van overspanningscategorie II met max. 1000 V AC/ 1500 V DC ten opzichte van aarde, overspanningsca- tegorie III met max. 1000 V ten opzichte van aarde of overspan- ningscategorie IV met max. 600 V ten opzichte van aarde.

Om gevaar te voorkomen, meet u altijd eerst een actuele span- ning zonder laagdoorlaatfilter (zonder hoogfrequente onder- drukking, HFR) om een gevaarlijke spanning te detecteren.

Elke keer, voordat het apparaat in gebruik wordt genomen, moet het worden gecontroleerd op beschadigingen. Ook de veilig- heidsmeetsnoeren moeten gecontroleerd te worden. Bij constatering dat het apparaat niet meer zonder gevaar kan worden gebruikt, mag het dan ook niet meer worden ingezet, maar zodanig worden opgeborgen dat het, ook niet bij toeval, niet meer gebruikt kan worden. Ga ervan uit dat gebruik van het apparaat zonder gevaar niet meer mogelijk is: - bij zichtbare schade aan de behuizing en/ of meetsnoeren van het apparaat - als het apparaat niet meer (goed) werkt - na langdurige opslag onder ongunstige omstandigheden - na zware belasting of mogelijke schade ten gevolge van transport of onoor- deelkundig gebruik, of - het apparaat of de meetleidingen vochtig zijn.

Om gevaar te vermijden - mogen de blanke contactpunt van de veiligheidsmeets- noeren niet worden aangeraakt - plaats de meetleidingen in de daartoe voorziene meetstek- kers op de multimeter en controleer of deze goed vastzit- ten.

Reiniging: Reinig de buitenkant regelmatig met een doek en reinigings- middel en wrijf deze aansluitend goed droog. Gebruik geen schuurof oplosmiddelen.

Bij de levering van de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 behoren:

3.1 Eén BENNING MM 10-PV/ MM 10-1

3.2 Twee veiligheidsmeetsnoer, rood/ zwart (L = 1,4 m), (art. nr. 044145)

3.3 Eén compactbeschermingsetui

3.4 Eén draadtemperatuursensor type K

3.5 Twee ingebouwde 1,5 V mignon batterijen (AA/ IEC LR6)

3.6 Eén gebruiksaanwijzing.

Opmerking t.a.v. optionele onderdelen: - Temperatuurvoeler (K-type) gemaakt van V4A-buis Toepassing: Voeler voor weekplastic, vloeisto󰀨en, gas en lucht Meetbereik: - 196 °C tot + 800 °C Afmetingen: L = 210 mm, meetstift L = 120 mm, diameter meetstift Ø 3 mm, V4A (art.Nr. 044121) Opmerking t.a.v. aan slijtage onderhevige onderdelen: - Voorts is de BENNING MM 10-PV voorzien van één smeltzekering tegen overbelasting. Één zekering nominale stroom 11 A snel (1000 V), 30 kA, D = 10 mm, L = 38 mm (Art.Nr. 10218772).65

- Voorts is de BENNING MM 10-1 voorzien van één smeltzekering tegen overbelasting. Één zekering nominale stroom 440 mA (1000 V), 10 kA, D = 10 mm, L = 34,9 mm (Art.Nr. 10016655). - De BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 wordt gevoed door twee ingebouwde 1,5 V mignon batterijen (AA/ IEC LR6) - Bovengenoemde veiligheidsmeetleidingen (gecontroleerd toebehoren, art. nr. 044145) behoren bij montage van de opsteekdoppen tot CAT III 1000 V/ CAT IV 600 V en zijn geschikt voor een stroom tot 10 A. - Bovengenoemde meetadapter BENNING TA PV (gecontroleerd toebehoren, art. nr. 10217846) behoort tot CAT II 1000 V AC/ 1500 V DC en bij montage van de opsteekdoppen tot CAT III 1000 V/ CAT IV 600 V.

4. Beschrijving van het apparaat

Zie g. 1: voorzijde van het apparaat Hieronder volgt een beschrijving van de in g. 1 aangegeven informatie- en be- dieningselementen.

Digitaal display (LCD) voor het aflezen van gemeten waarde, weergave van een staafdiagram en de aanduiding indien meting buiten bereik van het toestel valt

Aanduiding polariteit

Symbool voor lege batterijen

Functie-toets (blauw), kiezen van de meetfunctie/tweede functie, resp. ac- tivering van de hoogfrequentieonderdrukking (laagdoorlaatfilter)

RANGE-toets voor omschakeling (automatisch/ handmatig instellen), resp. aanpassing van de gevoeligheid van de spanningsindicator (Lo/Hi)

REL-toets, relatieve functie resp. opslaan van de hoogste en laagste meet- waarde (MIN/MAX)

HOLD-toets voor opslag in het geheugen van de weergegeven meetwaar- de, resp. displayverlichting

interface op te starten, resp. LOG- functie

Draaischakelaar voor functiekeuze

) voor 10 A-bereik (BENNING MM 10-PV), resp. voor 400 mA-bereik (BENNING MM 10-1)

COM-contactbus, gezamenlijke contactbus voor spannings-, stroom-, weerstands-, frequentie, capaciteits-, temperatuurmeting, doorgangs-en dio- dencontrole

LED (rood) voor spanningsindicator en doorgangstest

) Hierop is de automatisch polariteitsaanduiding gebaseerd voor gelijkstroom en -spanning

5. Functies van de digitale multimeter

5.1 Algemene kenmerken

5.1.1 De numerieke waarden zijn op het display (LCD)

af te lezen met 4-vloeistof-kristal aanduiding van 15 mm hoog, met een komma voor de decimalen. De grootst mogelijk af te lezen waarde is 6000.

5.1.2 De staafdiagramaanduiding bestaat uit 120 segmenten.

5.1.3 De polariteitaanduiding

werkt automatisch. Er wordt slechts één pool t.o.v. de contactbussen aangeduid met „-“.

5.1.4 Metingen buiten het bereik van de meter worden aangeduid met „0L“ of

„-0L“. NB: Geen aanduiding of waarschuwing bij overbelasting. Een overschrij- ding van gevaarlijke contactspanning (> 60 V DC / 30 V AC rms) wordt aangegeven door een extra knipperend symbool „()“.

5.1.5 Bij de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 weerklinkt er een signaal wanneer

u op een toets drukt. Het indrukken van een verkeerde toets is te herken- nen aan een tweevoudig signaal.

5.1.6 Het meetpercentage van de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 bedraagt

nominaal 3 metingen per seconde voor het display.

5.1.7 De BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 wordt in- en uitgeschakeld met de

5.1.8 De functie-toets (blauw)

heeft twee functies: Met de functie-toets (blauw)

wordt gekozen tussen de tweede en derde functie van de draaischakelaar. HFR-functie (laagdoorlaatfilter): Met een langere druk op de toets (2 s) wordt de HFR-functie (laagdoor- laatlter) geactiveerd resp. gedeactiveerd. De HFR-functie is bedoeld voor het aansluiten van een laagdoorlaatlter66

(hoogfrequente onderdrukking) in de V AC- en A AC-functies ( BENNING MM 10-PV)/ µmA AC-functies (BENNING MM 10-1) om hoogfrequente pulsen uit te lteren e. g. bij gepulseerde motoraandrijvingen. “ HFR ” -sym- bool op het LC-display

. De grensfrequentie (- 3 dB) van het lter is fg = 800 Hz. Bij het bereiken van de grensfrequentie fg, is de weergegeven waarde een factor 0.707 lager dan de werkelijke waarde zonder lter. Druk opnieuw op de toets om terug te schakelen naar de normale be- drijfsmodus. zonder HFR (zonder laagdoorlaatfilter) met HFR (met laagdoorlaatfilter)

Om gevaar te voorkomen, meet u altijd eerst een actuele span- ning zonder laagdoorlaatfilter (zonder hoogfrequente onder- drukking, HFR) om een gevaarlijke spanning te detecteren.

heeft twee functies: RANGE (omschakeling): De bereiktoets „RANGE“

dient voor het doorschakelen van het hand- matige meetbereik bij het gelijktijdig vervagen van „AUTO“ in de display. Door de toets langer ingedrukt te houden (2 seconden) wordt de auto- matische bereikkeuze geselecteerd (aanduiding „AUTO“). Lo/Hi (gevoeligheid spanningsindicator): In de spanningsindicatorfunctie (VoltSense) kan de RANGE-toets

worden gebruikt om over te schakelen naar Hi (hoge gevoeligheid) of Lo (lage gevoeligheid).

heeft twee functies: REL-functie: De REL-toets

(relatieve-waardefunctie) slaat de huidige displaywaar- de op en geeft het verschil (o󰀨set) tussen de opgeslagen meetwaarde en de volgende meetwaarden op het display weer. MIN/MAX-functie: Met een langere druk op de toets (2 s) wordt de MIN/MAX-functie geac- tiveerd. De MIN/MAX-functie registreert en bewaart automatisch de hoogste en laagste meetwaarde. Bij een nieuwe druk worden de volgende waarden getoond: In de weergave ‘MAX/MIN’ worden de huidige meetwaarden getoond, ‘ MAX ’ toont de hoogste opgeslagen en ‘ MIN ’ de laagste opgesla- gen waarde. Met de HOLD-toets

kan de MIN/MAX-functie stopgezet worden. Door de REL-toets

langer ingedrukt te houden (2 s) wordt opnieuw overgeschakeld op de normale modus.

heeft twee functies: HOLD-functie: Met een druk op de toets HOLD

wordt het meetresultaat opgeslagen. Op de display

verschijnt ondertussen het symbool ‘ HOLD ’. Wanneer de meetwaarde de opgeslagen waarde met meer dan 50 digits overschrijdt, wordt de meetwaardeverandering aangegeven met een knipperend scherm en een geluidssignaal. (meetwaardeveranderingen tussen AC en DC spanning/stroom worden niet erkend). Bij een nieuwe druk op de toets wordt opnieuw overgeschakeld op de meetmodus. Displayverlichting: Met een langere druk op de toets (2 s) wordt de displayverlichting geac- tiveerd resp. gedeactiveerd.

heeft twee functies: Bluetooth

-interface: Voor het activeren van de Bluetooth

-interface en de gelijktijdige weer- gave van het symbool ‘ ’ op het lcd-scherm

. Met een nieuwe druk wordt de Bluetooth

-interface gedeactiveerd. LOG-functie (datalogger/meetwaardegeheugen): Bij een langere druk op de toets (2 s) wordt de LOG-functie geactiveerd en verschijnt ondertussen het symbool ‘ LOG ’ op de display

. Zie para- graaf 5.2

matisch uit (APO, Auto-Power-O󰀨). Wanneer de draaischakelaar uit de ‘OFF’-stand gehaald wordt of een knop ingedrukt wordt, schakelt het toe- stel opnieuw aan. De uitschakeltijd is aanpasbaar (zie paragraaf 5.1.14).

5.1.14 De BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 beschikt over individuele instelmo-

gelijkheden. Om een instelling te veranderen moet u één van volgende toetsen indrukken en ondertussen de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 uit de ‘OFF’-stand zetten. functie-toets (blauw)

Instellen van de APO-tijd met keuze uit 5/10/20 min. of uitschakelen van de APO-functie, weergave ‘OFF’. Bij iedere druk verandert de waarde. REL-toets

Eenheid van temperatuur in °C of °F HOLD-toets

5.1.15 De temperatuurcoë󰀩ciënt van de gemeten waarde: 0,2 x (aangegeven

nauwkeurigheid van de gemeten waarde)/ °C < 18 °C of > 28 °C, t.o.v. de waarde bij een referentietemperatuur van 23 °C

5.1.16 De BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 wordt gevoed door twee mignon

batterijen 1,5 V (IEC LR6).

5.1.17 Het batterijsymbool

toont voortdurend de resterende batterijcapaciteit over maximaal 3 segmenten. Bovendien wordt bij het inschakelen de batterijstatus met ‘Full’ (vol), ‘HALF’ (half) of ‘Lo’ (laag) aangeduid.

Zodra alle segmenten van het batterijsymbool gedoofd zijn en het batterijsymbool knippert, moet u de batterijen onmiddellijk vervangen door nieuwe zodat niemand gevaar loopt door on- juiste metingen.

5.1.18 De levensduur van de batterijen is goed voor 300 tests (alkalinebatterij,

zonder achtergrondverlichting en BluetoothÒ).

5.1.19 Afmetingen van het apparaat:

L x B x H = 156 x 74 x 43 mm (zonder beschermingshoes). L x B x H = 163 x 82 x 50 mm (met beschermingshoes). Gewicht: 310 gram (zonder beschermingshoes). 425 gram (met beschermingshoes).

5.1.20 De meetsnoeren zijn nadrukkelijk alleen bedoeld voor het meten van de

voor de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 genoemde nominale spanning en stroom.

5.1.21 BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 zorgt voor draadloze gegevensover-

4.0 Standard naar een Android- of iOS-toestel

(smartphone/tablet).

5.1.22 De BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 wordt beschermd tegen mecha-

nische beschadigingen door een rubber beschermingshoes

. Het rubberen beschermingsframe

maakt het mogelijk om de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 tijdens de metingen op te stellen of met de geïnte- greerde magneet te bevestigen.

5.2 Functies van de datalogger

Met de datalogger (LOG) kunt u de metingen automatisch en manueel opslaan tegen een vooraf gedenieerd meetinterval (bemonsteringssnelheid) met tot

4.000 meetwaarden. Het meetinterval ligt tussen 1 s en 60 s. De meetwaarden

kunnen later voor verdere verwerking via Bluetooth® uitgelezen worden.

5.2.1 Instellen van de datalogger

Voor het instellen van de datalogger moet u de Bluetooth

indrukken en gelijktijdig de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 inschakelen via de draaischakelaar

. De huidige instelling wordt met een symbool op de display

aangeduid. Van zodra het symbool verschijnt moet u opnieuw op de Bluetooth

drukken om uit de volgende functies te kiezen: Symbool Functie LOG Automatische opslag met een vooraf gedenieerd meetinterval SAVE Manuele opslag middels een druk op de knop CLR Wissen van het interne meetwaardegeheugen Een geselecteerde functie wordt na 2 s overgenomen en wordt permanent be- waard.68

Stel de datalogger in overeenstemming met paragraaf 5.2.1 in op de automati- sche opslagfunctie ‘LOG’ met een vooraf gedenieerd meetinterval. Activeer de datalogger door de Bluetooth

gedurende 2 s ingedrukt te houden tot- dat het symbool ‘ LOG ’ en het ingestelde meetinterval op de display

verschijnt. Van zodra het meetinterval verschijnt drukt u meteen op de Bluetooth

om het meetinterval van 1 s, 5 s, 10 s, 30 s tot 60 s in te stellen. Nadat u het gewenste meetinterval gekozen hebt zal de datalogger na 2 secon- den automatisch de meetwaarden opslaan in het interne geheugen. Een actieve datalogger is te herkennen aan een knipperend ‘LOG’-symbool en kan worden uitgeschakeld door de Bluetooth

gedurende 2 s in te drukken. Opmerking: Bij iedere opstart van de ‘LOG’-datalogger worden het interne geheugen en dus ook alle opgeslagen meetwaarden gewist. PRESS > 2 Sec Wait 2 Sec

5.2.3 Manuele opslag (SAVE)

Stel de datalogger in overeenstemming met paragraaf 5.2.1 in op de manuele opslagfunctie ‘SAVE’ waarbij de opslag gebeurt met een druk op de knop. Ac- tiveer de datalogger door de Bluetooth

gedurende 2 s ingedrukt te houden totdat het symbool ‘ LOG ’ op de display

verschijnt. Bij iedere druk op de HOLD-toets

wordt de meetwaarde in het interne geheugen opgeslagen en verschijnt kort het bijhorende geheugenplaatsnummer op de display

. De manuele opslag kan worden beëindigd door de Bluetooth

gedurende 2 s ingedrukt te houden. Opmerking: Bij de eerste opstart van de manuele opslagfunctie ‘SAVE’ worden het interne geheugen en dus ook alle opgeslagen meetwaarden van de datalogger ‘LOG’ gewist. De manuele opslagfunctie ‘SAVE’ kan aansluitend meermaals gestart en beëindigd worden. De meetwaarden worden doorlopend in het interne geheugen bewaard op geheugenplaatsen 0001 - 4000.69

5.3 Gegevensoverdracht naar de smartphone/tablet

BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 is uitgerust met een Bluetooth

Low Energy 4.0 interface om meetwaarden radiogestuurd in real time naar een Android- of iOS- toestel te sturen. De hiervoor benodigde app ‘BENNING MM-CM Link’ vindt u in de Google Play- store en App Store. Google Playstore App Store Dankzij de app ‘BENNING MM-CM Link’ hebt u toegang tot de volgende functies: - Weergave van de meetwaarden in real time en bewaard in een csv-bestand. - Download de datalogger LOG (max. 4.000 meetwaarden) van de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. Om de Bluetooth

verbinding is gemaakt, blijft het symbool „ “ permanent branden. Reikwijdte in openlucht: ca. 10 m

6. Gebruiksomstandigheden

- De BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 is bedoeld om gebruikt te worden voor metingen in droge ruimtes. - Barometrische hoogte bij metingen: 2000 m. maximaal - Overspanningscategorie / opstellingscategorie van de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1: IEC 60664/ IEC 61010 → 600 V categorie IV; 1000 V categorie III, - Beschermingsgraad stofindringing: 2 (EN 61010-1) - Beschermingsgraad: IP 30 (DIN VDE 0470-1 IEC/ EN 60529) Betekenis IP 30: Het eerste cijfer (3); Bescherming tegen binnendringen van stof en vuil > 2,5 mm in doorsnede, (eerste cijfer is bescherming tegen stof/ vuil). Het tweede cijfer (0); Niet beschermd tegen water, (tweede cijfer is waterdichtheid). - Werktemperatuur en relatieve vochtigheid: Bij bedrijfstemperatuur van - 10 °C tot 10 °C Bij bedrijfstemperatuur van 10 °C tot 30 °C: relatieve luchtvochtigheid kleiner dan 80 %, Bij bedrijfstemperatuur van 31 °C tot 40 °C: relatieve luchtvochtigheid kleiner dan 75 %, Bij bedrijfstemperatuur van 41 °C tot 50 °C: relatieve luchtvochtigheid kleiner dan 45 %, - Bewaartemperatuur: De BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 kan zonder bat- terijen worden bewaard bij temperaturen van - 20 °C tot + 60 °C, relatieve luchtvochtigheid kleiner dan 80 %.

7. Elektrische gegevens

Opmerking: de nauwkeurigheid van de meting wordt aangegeven als som van: - een relatief deel van de meetwaarde - een aantal digits. Deze nauwkeurigheid geldt bij temperaturen van 18 °C tot 28 °C bij een relatieve vochtigheid van de lucht < 80 %. De aangegeven nauwkeurigheid is gespeci- ceerd voor 1 % - 100 % van de eindwaarde van het meetbereik.70

Extra specificaties voor AC-functies: De meetwaarde wordt als echte e󰀨ectieve meetwaarde (True RMS, ACkoppe- ling) gemeten en aangeduid. Bij niet sinusvormige curvevormen wordt de aan- duidingswaarde minder nauwkeurig. Zo bestaat voor de volgende Crest-factoren een extra foutmarge: Crest-factor van 1,0 tot 2,0 extra foutmarge + 3,0 % Crest-factor van 2,0 tot 2,5 extra foutmarge + 5,0 % Crest-factor van 2,5 tot 3,0 extra foutmarge + 7,0 % Maximale amplitudefactor van het meetsignaal: 3,0 @ 3000 digit 2,0 @ 4500 digit 1,5 @ 6000 digit Meetwaarden < 20 digit verschijnen op de display

als 0. Blokgolfsignalen worden niet gespeciceerd. HFR-functie (laagdoorlaatfilter) bijkomende fouten voor de functie V AC en A AC ± 4% voor de genoemde meetnauwkeurigheid (45 Hz - 200 Hz) Afsnijfrequentie fg (- 3 dB): 800 Hz

7.1 Meetbereik voor gelijkspanning (V AC, V DC)

Functie Meetbereik Resolutie Nauwkeurigheid V AC 600,0 mV 0,1 mV ± (1,0 % + 7 digits) 6,000 V 60,00 V 600,0 V 1000 V 0,001 V 0,01 V 0,1 V 1 V ± (1,0 % + 5 digits) V DC 600,0 mV 0,1 mV ± (0,5 % + 7 digits) 6,000 V 60,00 V 600,0 V 1000 V 0,001 V 0,01 V 0,1 V 1 V ± (0,5 % + 4 digits) Beveiliging tegen overbelasting: 1000 VAC/DC Frequentiebereik: 45 Hz - 500 Hz, sinus Ingangsweerstand: DC: 10 MΩ, AC: 10 MΩ II < 100 pF

7.2 Spanningsbereik (PV) met de meetadapter BENNING TA PV

De lage Ohm ingangsweerstand van ca. 3 kΩ veroorzaakt een onderdrukking van inductieve en capacitieve spanningen. Functie Meetbereik Resolutie Nauwkeurigheid AutoV Loz 600,0 V 1000 V 0,1 V 1 V ± 2,0 % + 5 digits Beveiliging tegen overbelasting: 1000 VAC/DC Frequentiebereik: 45 Hz - 500 Hz, sinus Ingangsweerstand: ca. 3 kΩ71

Functie Meetbereik Resolutie Nauwkeurigheid A AC 6,000 A 10,00 A 0,001 A 0,01 A ± 1,5 % + 5 Digit A DC 6,000 A 10,00 A 0,001 A 0,01 A ± 1,0 % + 5 Digit Maximale meettijd: - 3 minuten met > 5 A (pauze > 20 minuten) - 30 seconden met > 10 A (pauze > 10 minuten) Beveiliging tegen overbelasting: 11 A AC/DC Frequentiebereik: 45 Hz - 500 Hz, sinus

  • Meetwaarden > 10 MΩ kunnen een aanstaan van de aanduiding (max. ± 50 digits) veroorzaken Beveiliging tegen overbelasting: 1000 VAC/DC Max. Nullastspanning: ca. 1,8 V Doorgangscontrole: De ingebouwde zoemer klinkt bij een weerstand R < 20 Ω tot 200 Ω. Zommer-aanspreektijd: < 100 ms Akoestische indicatie van de zommer: 2,7 kHz

7.7 Capaciteitsbereik (µF)

Meetbereik Resolutie Nauwkeurigheid 100,00 Hz 0,01 Hz ± 0,1 % + 4 digits 1000,0 Hz 0,1 Hz 10,000 kHz 0,001 kHz 100,00 kHz 0,01 kHz Beveiliging tegen overbelasting: 1000 VAC/DC, 11 AAC/DC (BENNING MM 10-PV) Minimale gevoeligheid: > 5 Ve󰀨 voor V AC-bereik (1 Hz ~ 10 kHz) > 20 Ve󰀨 voor V AC-bereik (10 kHz ~ 50 kHz) > 60 Ve󰀨 voor V AC-bereik (50 kHz ~ 100 kHz) > 0,6 Ae󰀨 voor A AC-bereik (MM 10-PV) Minimale frequentie: 1 Hz

7.9 Temperatuurbereik (°C/ °F)

Meetbereik Resolutie Nauwkeurigheid* - 40 °C - +400 °C 0,1 °C ± (1 % + 22 digits) - 40 °F - +752 °F 0,1 °F ± (1 % + 38 digits)

  • Bij de aangegeven meetnauwkeurigheid, moet de meetnauwkeurigheid van de K-type temperatuursensor opgeteld worden. Draadtemperatuursensor K-type: Meetbereik - 60 °C tot 200 °C Resolutie: ± 2 °C De meetnauwkeurigheid is geldig voor stabiele omgevingstemperaturen < ± 1 °C. Na wijziging van de omgevingstemperatuur van ± 2 °C zijn de meetnauwkeurig- heidsgegevens na 2 uur geldig. Beveiliging tegen overbelasting: 1000 VAC/DC

8. Meten met de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1

8.1 Voorbereiden van metingen

Gebruik en bewaar de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 uitsluitend bij de aange- geven werk- en opslagtemperaturen. Niet blootstellen aan direct zonlicht. - Controleer de gegevens op de veiligheidsmeetsnoeren ten aanzien van nominale spanning en stroom. Origineel met de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 meegeleverde snoersets voldoen aan de te stellen eisen. - Controleer de isolatie van de veiligheidsmeetsnoeren. Beschadigde meets- noeren direct verwijderen. - Veiligheidsmeetsnoeren testen op correcte doorgang. Indien de ader in het snoer onderbroken is, het meetsnoer direct verwijderen. - Voor dat met de draaischakelaar

een andere functie gekozen wordt, die- nen de meetsnoeren van het meetpunt te worden afgenomen. - Storingsbronnen in de omgeving van de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 kunnen leiden tot instabiele aanduiding en/ of meetfouten.

Let op de maximale spanning t.o.v. aarde. Houd rekening met de overspanningscategorie van het circuit! Monteer de opsteekdoppen (CAT III/ IV) op de contactpunten voor metingen in circuits binnen de overspanningscategorie CAT III of IV. Gevaarlijke spanning! De hoogste spanning die aan het - COM-bus

m , AutoV/LoZ) - Kies met de draaiknop

m of AutoV/ LoZ ( BENNING MM 10-1) op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Plaats de zwarte veiligheidsmeetleiding via de zwarte COM bus

- Plaats de rode veiligheidsmeetleiding via de rode bus +

op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Breng de veiligheidsmeetleidingen in contact met het meetpunt, lees de meetwaarde af van de digitale weergave

- Via de functie-toets (blauw)

kan in de functie omgeschakeld worden op de frequentiemeting (Hz). zie g. 2: meten van gelijkspanning zie g. 3: meten van wisselspanning (frequentiemeting) zie g. 4b: AutoV/LoZ spanningsmeting (BENNING MM 10-1) Opmerking: De Auto/LoZ-functie (BENNING MM 10-1) wordt op de digitale display

weer- gegeven met “ AutoLoZ ”. Deze bepaalt zelfstandig de noodzakelijke meetfunctie (AC/DC spanning) en het optimale meetbereik. Verder wordt de ingangsweer- stand verlaagd tot ca. 3 kΩ om inductieve en capacitieve spanningen (blinde spanningen) te onderdrukken.

Gebruik bij de spanningsmeting van PV-installaties met een spanning tot 1500 V DC uitsluitend de BENNING TA PV- meetadapter en zet de BENNING MM 10-PV in de ‘PV’-stand. De meetadapter reduceert de spanning op de BENNING MM 10-PV en mag dus uitsluitend voor de BENNING MM 10-PV gebruikt worden! Gevaarlijke spanning! - Plaats de meetadapter BENNING TA PV in de COM-

- Kies met de draaiknop

de gewenste instelling op de BENNING MM 10-PV. - Het toestel staat automatisch ingesteld op DC maar kan indien nodig via de functie-toets (blauw)

op AC ingesteld worden. - Breng de veiligheidsmeetleidingen in contact met het meetpunt, lees de meetwaarde af van de digitale weergave

Opmerking: Wanneer de PV bereikinstelling geselecteerd wordt zonder connectering van de BENNING TA PV-meetadapter of een foute bereikinstelling wordt gekozen bij connectering van de BENNING TA PV-meetadapter, zal een geluidssignaal weer- klinken en op de display

het symbool ‘Prob’ verschijnen. Een akoestisch signaal wordt afgegeven als de verkeerde koppelingstype (bijv. AC in plaats van DC) is geselecteerd in het PV-meetbereik en een DC-spanning groter dan 30 V wordt gecontacteerd via de BENNING TA PV-meetadapter. De verkeerd ingestelde koppelingstype wordt in dit geval aangegeven met een knip- perend symbool “DC” en “”. Hetzelfde geldt voor een AC-toepassing met een onjuist ingesteld DC-koppe- lingstype. Er klinkt een akoestisch signaal en een knipperend “AC” -symbool en “” worden weergegeven op het digitale display. zie g. 4a: PV-spanningsmeting met meetadapter BENNING TA PV ( BENNING MM 10-PV)

8.3 Stroom-/ frequentiemeting ( -stand) (BENNING MM 10-PV)

- Kies met de draaiknop

de gewenste instelling en via de functie-toests (blauw)

om het type koppeling (AC/DC) op de BENNING MM 10-PV te selecteren. - Plaats de zwarte veiligheidsmeetleiding via de zwarte COM bus

op de BENNING MM 10-PV. - Plaats de rode veiligheidsmeetleiding via de rode bus +

op de BENNING MM 10-PV. - Breng de veiligheidsmeetleidingen in contact met het meetpunt, lees de meetwaarde af van de digitale weergave

- Via de functie-toets (blauw)

kan omgeschakeld worden op de frequentie- meting (Hz). zie g. 5a: meten van gelijk-/ wisselstroom (frequentiemeting) ( BENNING MM 10-PV)

8.3.1 Meten van microampere/ milliampere gelijk-/ wisselstroom ( -stand)

(BENNING MM 10-1) - Kies met de draaiknop

de gewenste instelling en via de functie- toests (blauw)

om het type koppeling (AC/DC) op de BENNING MM 10-1 te selecteren. - Plaats de zwarte veiligheidsmeetleiding via de zwarte COM bus

- Plaats de rode veiligheidsmeetleiding via de rode bus +

op de BENNING MM 10-1. - Breng de veiligheidsmeetleidingen in contact met het meetpunt, lees de meetwaarde af van de digitale weergave

zie g. 5b: meten van microampere/ milliampere gelijk-/ wisselstroom (BENNING MM 10-1)

8.4 Weerstandsmeting ( -stand)

- Kies met de draaiknop

de gewenste instelling op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Plaats de zwarte veiligheidsmeetleiding via de zwarte COM bus

op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Plaats de rode veiligheidsmeetleiding via de rode bus +

op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Breng de veiligheidsmeetleidingen in contact met het meetpunt, lees de meetwaarde af van de digitale weergave

zie g. 6: weerstandsmeting/ doorgangstest met zoemer en LED

8.5 Doorgangstest met zoemer en LED ( -stand)

- Kies met de draaiknop

de gewenste instelling op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Plaats de zwarte veiligheidsmeetleiding via de zwarte COM bus

op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Plaats de rode veiligheidsmeetleiding via de rode bus +

op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Druk op de functie-toets (blauw)

om de doorgangstest met zoemer/led te activeren. - Breng de veiligheidsmeetleidingen in contact met de meetpunten. Wanneer de leidingweerstand tussen de COM- bus

lager ligt dan het bereik 20 kΩ en 200 kΩ, zal de zoemer van de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. geactiveerd worden en de rode led

oplichten. zie g. 6: weerstandsmeting/ doorgangstest met zoemer en LED

Voor capaciteitsmetingen dienen de condensatoren volledig ontladen te zijn. Er mag nooit spanning gezet worden op de contactbussen voor capaciteitsmeting. Het apparaat kan daardoor beschadigd worden of defect raken. Een beschadigd apparaat kan spanningsgevaar opleveren. - Kies met de draaiknop

de gewenste instelling op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Stel de polariteit vast van de condensator en ontlaad de condensator - Plaats de zwarte veiligheidsmeetleiding via de zwarte COM bus

op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Plaats de rode veiligheidsmeetleiding via de rode bus +

op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Leg de meetpennen van de veiligheidsmeetsnoeren overéénkomstig pola- riteit aan de ontladen condensator en lees de gemeten waarde af in het display

van de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. zie g. 7: capaciteitsmeting/ diodetest

8.7 Diodecontrole ( -stand)

- Kies met de draaiknop

de gewenste instelling op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Plaats de zwarte veiligheidsmeetleiding via de zwarte COM bus

op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Plaats de rode veiligheidsmeetleiding via de rode bus +

op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Druk op de functie-toets (blauw)

om de diodetest te activeren. - Breng de veiligheidsmeetleidingen in contact met het meetpunt, lees de meetwaarde af van de digitale weergave

- Voor een normale, in stroomrichting gemonteerde Si-diode wordt een stroomspanning van 0,400 V tot 0,800 V aangegeven. De aanduiding “000 V” wijst op een kortsluiting in de diode. - Für eine normale in Flussrichtung angelegte Si-Diode wird die Flussspan- nung zwischen 0,400 V bis 0,800 V angezeigt. Die Anzeige „000“ deutet auf einen Kurzschluss in der Diode hin, met ‘OL’ wordt een onderbreking van de diode aangeduid. - Een geblokkeerde diode wordt met ‘0L’ aangeduid. Wanneer de diode fout is, verschijnt ‘000’ of een andere waarde. zie g. 7: capaciteitsmeting/ diodetest75

8.8 Temperatuurmeting ( -stand)

- Kies met de draaiknop

Met de functie-toets (blauw)

de omschakeling naar °F resp. °C uitvoeren. - De adapter voor de temperatuursensor (type K) overéénkomstig polariteit inpluggen in de COM-bus

- Leg het contactpunt (uiteinde van de sensorkabel) aan de te meten plaats en lees de gemeten waarde af in het display

van de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. zie g. 8: temperatuurmeting

De spanningsindicatorfunctie kan niet gebruikt worden voor het vaststellen van de spanningsvrijheid. Ook zonder akoestische of optische signaalmelding kan een gevaarlijke aanrakingsspan- ning bestaan. Elektrisch gevaar! - Kies met de draaiknop

de gewenste instelling op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1, de symbool knippert in het display

- Met de RANGE-toets

kunt u kiezen tussen Hi (hoge gevoeligheid) en Lo (lage gevoeligheid). - Voor de spanningsindicatorfunctie zijn geen meetleidingen nodig (contact- loos registreren van een wisselveld). Bovenaan de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 bevindt zich de opnamesensor. Wanneer een fasespanning geloka- liseerd wordt, weerklinkt een geluidssignaal en licht er bovenaan het toestel een rode led

op. Er wordt enkel een waarde weergegeven bij een geaard wisselstroomnet! Praktijktip: Onderbrekingen (kabelbruggen) in openliggende kabels, bijv. kabelhaspels, licht- slang, etc. zijn van de voedingsbron (fase) tot de onderbrekingsplek te volgen. Functiebereik: ≥ 230 V zie g. 9: spanningsindicator met zoemer en LED

8.9.1 Buitengeleidercontrole/ fase-indicatie ( -stand)

- Ontkoppel de zwarte veiligheidsmeetleiding van de COM-bus

op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Plaats de rode veiligheidsmeetleiding via de bus +

op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Kies met de draaiknop

de gewenste instelling op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1, de symbool knippert in het display

- Met de RANGE-toets

kunt u kiezen tussen Hi (hoge gevoeligheid) en Lo (lage gevoeligheid). - Breng de rode veiligheidsmeetleiding in contact met het meetpunt (instal- latiedeel). - Wanneer een geluidssignaal weerklinkt en een rode led

oplicht, zit er op dit meetpunt (installatiedeel) van de fase een geaarde wisselspanning.

De BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 mag nooit onder spanning staan als het apparaat geopend wordt! Gevaarlijke spanning! Werken aan een onder spanning staande BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 mag uitsluitend gebeuren door elektrotechnische specialisten, die daarbij de nodige voorzorgsmaatregelen dienen te treffen om ongevallen te voorko- men. Maak de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 dan ook spanningsvrij, alvorens het apparaat te openen. - Ontkoppel eerst de veiligheidsmeetsnoeren van het te meten object. - Neem de veiligheidsmeetsnoeren af van de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Zet de draaischakelaar

9.1 Veiligheidsborging van het apparaat

Onder bepaalde omstandigheden kan de veiligheid tijdens het werken met de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 niet meer worden gegarandeerd, bijvoorbeeld in geval van: - Zichtbare schade aan de behuizing - Meetfouten - Afwijking bij de zelftest - Waarneembare gevolgen van langdurige opslag onder verkeerde omstan-76

digheden - Transportschade In dergelijke gevallen dient de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 direct te worden uitgeschakeld en niet opnieuw elders te worden gebruikt.

Reinig de behuizing aan de buitenzijde met een schone, droge doek. (speciale reinigingsdoeken uitgezonderd). Gebruik geen oplos- en/ of schuurmiddelen om de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 schoon te maken. Let er in het bijzonder op dat het batterijvak en de batterijcontacten niet vervuilen door uitlopende batte- rijen. Indien toch verontreiniging ontstaat door elektrolyt of zich zout afzet bij de batterij en/ of in het huis, dit eveneens verwijderen met een droge, schone doek.

9.3 Het wisselen van de batterij

De BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 mag nooit onder spanning staan als het apparaat geopend wordt! Gevaarlijke spanning! De BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 wordt gevoed door twee ingebouwde 1,5 V mignon batterijen (AA/ IEC LR6). Een batterijwissel (zie afbeelding 10) is noodza- kelijk, wanneer alle segmenten van het batterijsymbool

gedoofd zijn en het batterijsymbool knippert. De batterijen worden als volgt gewisseld: - Ontkoppel de veiligheidsmeetsnoeren van het te meten circuit. - Neem de veiligheidsmeetsnoeren af van de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Zet de draaischakelaar

af van de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Leg het apparaat op de voorzijde en draai de twee schroeven, uit het deksel van het batterijvak. - Verwijder het deksel van de behuizing. - Neem de lege batterijen uit het vak - Leg de batterijen in de juiste richting in het batterijvak. - Klik het deksel weer op de achterwand en draai de schroeven er weer in. - Plaats de rubber beschermhoes

weer op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. zie g.10: vervanging van de batterijen

Gooi lege batterijen niet weg met het gewone husvuil, maar le- ver ze in op de bekende inzamelpunten. Zo levert u opnieuw een bijdrage voor een schoner milieu.

9.4 Het wisselen van de zekeringen

Voor het openen van de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 moet het apparaat spanningsvrij zijn. Gevaarlijke spanning! De BENNING MM 10-PV wordt door één ingebouwde snelle smeltzekering (ze- kering 11 A) en de BENNING MM 10-1 wordt door één ingebouwde snelle smelt- zekering (zekering 440 mA) beschermd tegen overbelasting (zie g. 11). De zekering wordt als volgt gewisseld: - Ontkoppel de veiligheidsmeetsnoeren van het te meten circuit. - Neem de veiligheidsmeetsnoeren af van de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Zet de draaischakelaar

af van de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. - Leg het apparaat op de voorzijde en draai de twee schroeven, uit het deksel van het batterijvak. - Verwijder het deksel van de behuizing en neem de lege batterijen uit het vak - Plaats de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1 op de voorzijde en draai de vier buitenste schroeven (zwart) uit het onderstuk (behuizingsbodem).

Geen schroeven losdraaien van de printplaat van de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1! - Til de achterwand van het apparaat aan de onderkant omhoog en neem het vervolgens aan de bovenkant af van het voorste deel van de behuizing - Til de defecte zekering aan één kant uit de zekeringhouder - Neem de defecte zekering uit de zekeringhouder - Plaats een nieuwe zekering met dezelfde nominale spanning, smeltsnelheid77

en met dezelfde afmetingen - Positioneer de zekering in het midden van de houder - Klik de achterplaat weer op de behuizing en draai de vier schroeven er weer in. - Leg de batterijen in de juiste richting in het batterijvak en klik het deksel weer op de achterwand en draai de schroeven er weer in. - Plaats de rubber beschermhoes

weer op de BENNING MM 10-PV/ MM 10-1. Zie g. 11: Vervanging van de smeltzekeringen

BENNING waarborgt de naleving van de in de gebruiksaanwijzing vermelde technische gegevens en nauwkeurigheidsinformatie gedurende het 1ste jaar na de leveringsdatum. Op de nauwkeurigheid van de metingen te waarborgen, is het aan te bevelen het apparaat jaarlijks door onze servicedienst te laten kalibreren. Benning Elektrotechnik & Elektronik GmbH & Co. KG Service Center Robert-Bosch-Str. 20 D - 46397 Bocholt

Zekering F 11 A, 1000 V, 30 kA, D = 10 mm x L = 38 mm (Art.Nr. 10218772) voor

- Norm: EN 61010-031 - Maximale nominale spanning (bedrijfsspanning) van de BENNING TA PV- meetadapter (art. nr. 10217846) voor test- en meetcircuits die niet recht- streeks zijn verbonden met het lichtnet: 1500 VAC / 2000 VDC - Maximale meetspanning t.o.v. de aarde () en meetcategorie voor test- en meetcircuits die rechtstreeks zijn verbonden met het lichtnet: Veiligheidsmeetsnoer (art. nr. 044145) Met opsteekdop: 1000 V CAT III, 600 V CAT IV Zonder opsteekdop: 1000 V CAT II Meetbereik max.: 10 A Meetadapter BENNING TA PV (art. nr. 10217846) Met opsteekdop: 1000 V CAT III, 600 V CAT IV Zonder opsteekdop: 1000 VAC CAT II/ 1500 VDC CAT II - Lengte: 1,4 m - Beschermingsklasse II (&), doorgaans dubbel geïsoleerd of versterkte iso-, doorgaans dubbel geïsoleerd of versterkte iso- latie - Vervuilingsgraad: 2 - Omgevingsvoorwaarden: metingen mogelijk tot H = 2000 m temperatuur: 0 °C tot + 50 °C, vochtigheidsgraad 50 % tot 80 % - Gebruik de veiligheidsmeetkabelset alleen indien ze in een goede staat is en volgens deze handleiding, anders kan de bescherming verminderd zijn. - Verwijder de meetleiding wanneer de isolatie beschadigd is of bij onderbre- king van de leiding/stekker. - Raak tijdens de meting de blanke contactpennen niet aan. Neem het toestel enkel vast achter de greepbegrenzing! - Steek de haakse aansluitingen in het te gebruiken BENNING meetapparaat.

Wij raden u aan het apparaat aan het einde van zijn nuttige levens- duur, niet bij het gewone huisafval te deponeren, maar op de daarvoor bestemde adressen.Benning Elektrotechnik & Elektronik GmbH & Co. KG Münsterstraße 135 - 137 D - 46397 Bocholt Phone: +49 (0) 2871 - 93 - 0•Fax:+49(0)2871 - 93 - 429 www.benning.de•E-Mail:duspol@benning.de

Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BENNING

Model : MM 101

Categorie : Multimeter