MAKITA DJV142RTJ - Zaag

DJV142RTJ - Zaag MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis DJV142RTJ MAKITA in PDF-formaat.

📄 84 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice MAKITA DJV142RTJ - page 37
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : MAKITA

Model : DJV142RTJ

Categorie : Zaag

Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DJV142RTJ - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DJV142RTJ van het merk MAKITA.

GEBRUIKSAANWIJZING DJV142RTJ MAKITA

  • Als gevolg van ons doorlopende onderzoeks- en ontwikkelingsprogramma, zijn de technische gegevens van dit gereedschap onderhevig aan veranderingen zonder voorafgaande kennisgeving.
  • De technische gegevens kunnen van land tot land verschillen.
  • Het gewicht kan verschillen afhankelijk van het/de hulpstuk(ken), waaronder de accu. De lichtste en zwaarste combinatie, volgens EPTA-Procedure 01/2014, worden vermeld in de tabel. Geschikte accu en acculader
  • Sommige van de bovenvermelde accu's en acculaders zijn mogelijk niet leverbaar, afhankelijk van het gebied waarin u woont. WAARSCHUWING:
  • Gebruik uitsluitend de bovenvermelde accu's en acculaders. Als u een andere accu of oplader gebruikt, kan dit leiden tot letsel en/of brand. Gebruiksdoeleinden ENE019-2 Dit gereedschap is bedoeld voor het zagen van hout, kunststof en metaal. Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap GEA010-2 WAARSCHUWING: Lees alle veiligheidswaarschuwingen, aanwijzingen, afbeeldingen en technische gegevens behorend bij dit elektrische gereedschap aandachtig door. Als u niet alle onderstaande aanwijzingen naleeft, kan dat resulteren in brand, elektrische schokken en/of ernstig letsel. Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen. De term “elektrisch gereedschap” in de veiligheidsvoorschriften duidt op gereedschappen die op stroom van het lichtnet werken (met snoer) of gereedschappen met een accu (snoerloos).

8. Aan/uit-schakelaar

10. Snelheidsregelaar

18. Stofafzuigaansluitmond

20. Slang naar stofzuiger

30. Knop met schroefdraad

) 800 - 3.500 800 - 3.500 Totale lengte 264 mm 266 mm Nettogewicht 2,3 - 2,6 kg 2,4 - 2,7 kg Nominale spanning 14,4 volt gelijkstroom 18 volt gelijkstroom Accu 14,4V gelijkspanning Model BL1415N/BL1430B/BL1440/BL1460B 18 V gelijkspanning Model BL1815N/BL1820B/BL1830B/BL1840B/BL1850B/BL1860B Acculader DC18RC/DC18RD/DC18RE/DC18SD/DC18SE/DC18SF/DC18SH/ DC18WC38 Veiligheidswaarschuwingen voor een accudecoupeerzaag GEB187-2

1. Houd het elektrisch gereedschap vast aan het

geïsoleerde oppervlak van de handgrepen wanneer u werkt op plaatsen waar het accessoire met verborgen bedrading in aanraking kan komen. Wanneer het accessoire in aanraking komt met onder spanning staande draden, zullen de niet-geïsoleerde metalen delen van het gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schok kan krijgen.

2. Gebruik klemmen of andere bevestigingsmiddelen

om het werkstuk op een stabiel platform te bevestigen en te ondersteunen. Het werkstuk is onstabiel en er is gevaar voor controleverlies wanneer u het werkstuk met de hand vasthoudt of het tegen uw lichaam houdt.

3. Draag altijd een veiligheidsbril of een

beschermbril. Een gewone bril of een zonnebril is GEEN veiligheidsbril.

4. Vermijd het zagen op spijkers. Inspecteer het

werkstuk op eventuele spijkers en verwijder ze voordat u begint.

5. Zaag geen werkstukken die te groot zijn.

6. Controleer vooraf of er voldoende ruimte rondom

het werkstuk is, zodat het decoupeerzaagblad niet tegen de vloer, een werkbank e.d. zal stoten.

7. Houd het gereedschap stevig vast.

8. Zorg dat het decoupeerzaagblad het werkstuk niet

raakt voordat u op de schakelaar drukt.

9. Houd uw handen uit de buurt van bewegende

10. Laat het gereedschap niet onnodig ingeschakeld.

Bedien het gereedschap alleen terwijl u het vasthoudt.

11. Schakel eerst het gereedschap uit en wacht tot het

decoupeerzaagblad volledig tot stilstand is gekomen, voordat u het decoupeerzaagblad vanaf het werkstuk verwijdert.

12. Raak het decoupeerzaagblad of het werkstuk niet

aan onmiddellijk na het werk. Deze kunnen zeer heet zijn en brandwonden veroorzaken.

13. Laat het gereedschap niet onbelast draaien

wanneer zulks niet nodig is.

14. Sommige materialen bevatten chemische stoffen

die giftig kunnen zijn. Wees voorzichtig dat u geen stof inademt en het stof niet op uw huid komt. Volg de veiligheidsinstructies van de leverancier van het materiaal op.

15. Draag altijd het stofmasker/gasmasker dat

geschikt is voor het materiaal en de toepassing waarmee u werkt. BEWAAR DEZE INSTRUCTIES. WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betreffende gereedschap altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwijzing kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. Belangrijke veiligheidsinstructies voor een accu ENC007-17

1. Lees alle voorschriften en waarschuwingen op (1)

de acculader, (2) de accu, en (3) het product waarvoor de accu wordt gebruikt, alvorens de accu in gebruik te nemen.

2. Haal de accu niet uit elkaar en saboteer hem niet.

Dit kan leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.

3. Als de gebruikstijd van een opgeladen accu

aanzienlijk korter is geworden, moet u het gebruik ervan onmiddellijk stopzetten. Voortgezet gebruik kan oververhitting, brandwonden en zelfs een ontploffing veroorzaken.

4. Als elektrolyt in uw ogen is terechtgekomen,

spoelt u uw ogen met schoon water en roept u onmiddellijk de hulp van een dokter in. Elektrolyt in de ogen kan blindheid veroorzaken.

5. Voorkom kortsluiting van de accu:

(1) Raak de accuklemmen nooit aan met een geleidend materiaal. (2) Bewaar de accu niet in een bak waarin andere metalen voorwerpen zoals spijkers, munten e.d. worden bewaard. (3) Stel de accu niet bloot aan water of regen. Kortsluiting van de accu kan oorzaak zijn van een grote stroomafgifte, oververhitting, brandwonden, en zelfs defecten.

6. Bewaar en gebruik het gereedschap en de accu

niet op plaatsen waar de temperatuur kan oplopen tot 50 °C of hoger.

7. Werp de accu nooit in het vuur, ook niet wanneer

hij zwaar beschadigd of volledig versleten is. De accu kan ontploffen in het vuur.

8. Laat de accu niet vallen, sla er geen spijker in,

snijd er niet in, gooi er niet mee en stoot hem niet tegen een hard voorwerp. Dergelijke handelingen kunnen leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.

9. Gebruik nooit een beschadigde accu.

10. De bijgeleverde lithium-ionbatterijen zijn

onderhevig aan de vereisten in de wetgeving omtrent gevaarlijke stoffen. Voor commercieel transport en dergelijke door derden en transporteurs moeten speciale vereisten ten aanzien van verpakking en etikettering worden nageleefd. Als voorbereiding van het artikel dat wordt getransporteerd is het noodzakelijk een expert op het gebied van gevaarlijke stoffen te raadplegen. Houd u tevens aan mogelijk strengere nationale regelgeving. Blootliggende contactpunten moeten worden afgedekt met tape en de accu moet zodanig worden verpakt dat deze niet kan bewegen in de verpakking.

11. Wanneer u de accu wilt weggooien, verwijdert u de

accu vanaf het gereedschap en gooit u hem op een veilige manier weg. Volg bij het weggooien van de accu de plaatselijke voorschriften.

12. Gebruik de accu’s uitsluitend met de

gereedschappen die door Makita zijn aanbevolen.39 Als de accu’s worden aangebracht in niet-compatibele gereedschappen, kan dat leiden tot brand, buitensporige warmteontwikkeling, een explosie of lekkage van elektrolyt.

13. Als u het gereedschap gedurende een lange tijd

niet denkt te gaan gebruiken, moet de accu vanaf het gereedschap worden verwijderd.

14. Tijdens en na gebruik, kan de accu heet worden

waardoor brandwonden of koude brandwonden kunnen worden veroorzaakt. Wees voorzichtig bij het hanteren van een hete accu.

15. Raak de aansluitpunten van het gereedschap niet

onmiddellijk na gebruik aan omdat deze heet genoeg kunnen zijn om brandwonden te veroorzaken.

16. Zorg ervoor dat geen steenslag, stof of grond vast

komt te zitten op/in de aansluitpunten, openingen en groeven van de accu. Hierdoor kan oververhitting, brand, een barst en een storing in het gereedschap of de accu ontstaan waardoor brandwonden of persoonlijk letsel kunnen ontstaan.

17. Behalve indien gebruik van het gereedschap is

toegestaan in de buurt van hoogspanningsleidingen, mag u de accu niet gebruiken in de buurt van een hoogspanningsleiding. Dit kan leiden tot een storing of een defect van het gereedschap of de accu.

18. Houd de accu uit de buurt van kinderen.

BEWAAR DEZE INSTRUCTIES. LET OP: Gebruik uitsluitend originele Makita accu’s. Het gebruik van niet-originele accu’s, of accu’s die zijn gewijzigd, kan ertoe leiden dat de accu ontploft en brand, persoonlijk letsel en schade veroorzaakt. Ook vervalt daarmee de garantie van Makita op het gereedschap en de lader van Makita. Tips voor een maximale levensduur van de accu

1. Laad de accu op voordat hij volledig ontladen is.

Stop het gebruik van het gereedschap en laad de accu op telkens wanneer u vaststelt dat het vermogen van het gereedschap is afgenomen.

2. Laad een volledig opgeladen accu nooit opnieuw

op. Te lang opladen verkort de levensduur van de accu.

3. Laad de accu op bij een omgevingstemperatuur

tussen 10 °C en 40 °C. Laat een warme accu afkoelen alvorens hem op te laden.

4. Als de accu niet wordt gebruikt, verwijdert u hem

vanaf het gereedschap of de lader.

5. Laad de accu op als u deze gedurende een lange

tijd (meer dan zes maanden) niet gaat gebruiken.

  • Zorg ervoor dat het gereedschap is uitgeschakeld en dat de accu is verwijderd voordat u de werking van het gereedschap aanpast of controleert. De accu aanbrengen en verwijderen (zie afb. 1) LET OP:
  • Schakel het gereedschap altijd uit voordat u de accu aanbrengt of verwijdert.
  • Houd het gereedschap en de accu stevig vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu. Als u het gereedschap en de accu niet stevig vasthoudt, kunnen deze uit uw handen glippen en beschadigd raken, of kan persoonlijk letsel worden veroorzaakt. Om de accu te verwijderen verschuift u de knop aan de voorkant van de accu en schuift u tegelijkertijd de accu eraf. Om de accu aan te brengen, lijnt u de lip op de accu uit met de groef in de behuizing en duwt u de accu op zijn plaats. Steek de accu zo ver mogelijk erin tot u een klikgeluid hoort. Als u het rode deel aan de bovenkant van de knop kunt zien, is de accu niet goed aangebracht. LET OP:
  • Breng de accu altijd helemaal aan totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap vallen en u of anderen in uw omgeving verwonden.
  • Breng de accu niet met kracht aan. Als de accu niet gemakkelijk erin kan worden geschoven, wordt deze niet goed aangebracht. Gereedschap-/accubeveiligingssysteem Het gereedschap is uitgerust met een gereedschap-/ accubeveiligingssysteem. Dit systeem schakelt automatisch de voeding uit om de levensduur van het gereedschap en de accu te verlengen. Het gereedschap kan tijdens het gebruik automatisch stoppen als het gereedschap of de accu aan één van de volgende omstandigheden wordt blootgesteld: Overbelastingsbeveiliging Deze beveiliging treedt in werking wanneer het gereedschap wordt gebruikt op een manier waarop een abnormaal hoge stroomsterkte wordt getrokken. In die situatie schakelt u het gereedschap uit en stopt u de toepassing die ertoe leidde dat het gereedschap overbelast raakte. Schakel vervolgens het gereedschap in om het weer te starten. Oververhittingsbeveiliging Deze beveiliging treedt in werking wanneer het gereedschap of de accu oververhit is. In die situatie laat u het gereedschap en de accu eerst afkoelen voordat u het gereedschap opnieuw inschakelt. Beveiliging tegen te ver ontladen Deze beveiliging treedt in werking wanneer de resterende acculading laag wordt. In die situatie verwijdert u de accu vanaf het gereedschap en laadt u de accu op. Aanduiding van de resterende acculading Alleen voor accu’s met indicatorlampjes (zie afb. 2) Druk op de testknop op de accu om de resterende acculading te zien. De indicatorlampjes branden gedurende enkele seconden.40 OPMERKING:
  • Afhankelijk van de gebruiksomstandigheden en de omgevingstemperatuur, is het mogelijk dat de aangegeven acculading verschilt van de werkelijke acculading.
  • Het eerste (meest linker) indicatorlampje knippert wanneer het accubeveiligingssysteem in werking is getreden. De zaagmethode kiezen (zie afb. 3) Dit gereedschap kan worden ingesteld op een rechte (op- en neergaande) of pendelende zaagmethode. Bij de pendelende zaagmethode wordt het zaagblad naar voren geduwd tijdens de zaagslag waardoor de zaagsnelheid sterk toeneemt. Om de zaagmethode te veranderen, draait u de zaagmethode-keuzehendel naar de gewenste zaagmethodestand. Raadpleeg de tabel om de juiste zaagmethode te kiezen.

Werking van de aan/uit-schakelaar LET OP:

  • Controleer altijd, voordat u de accu in het gereedschap steekt, of de aan/uit-schakelaar op de juiste manier schakelt en weer terugkeert naar de uit-stand nadat deze is losgelaten (zie afb. 4). Om het gereedschap in te schakelen: Druk op de vergrendelknop om het gereedschap op standby te zetten. Hierdoor wordt tevens de lamp ingeschakeld. Knijp de aan/uit-schakelaar in om het gereedschap in te schakelen. Laat de aan/uit-schakelaar los om het gereedschap te stoppen. Om het gereedschap continu te laten werken, knijpt u de aan/uit-schakelaar in en drukt u vervolgens op de vastzetknop. Om vanuit de vergrendelde werking het gereedschap te stoppen, knijpt u de aan/uit-schakelaar helemaal in en laat u deze vervolgens weer los. Druk tijdens standby op de vergrendelknop om de lamp uit te schakelen en het gereedschap te vergrendelen. OPMERKING:
  • De vergrendelknop werkt niet tijdens het zagen.
  • Terwijl het gereedschap standby staat, blijft de lamp branden.
  • Als het gereedschap gedurende 10 seconden op standby blijft staan zonder bediend te worden, wordt het gereedschap automatisch vergrendeld en gaat de lamp uit. De lamp inschakelen LET OP:
  • Kijk niet rechtstreeks in de lamp of naar de bron van de lamp. Druk op de vergrendelknop om de lamp in te schakelen. Om de lamp binnen 10 seconden uit te schakelen, drukt u nogmaals op de vergrendelknop. OPMERKING:
  • Gebruik een doek om het vuil van de lens van de lamp te vegen. Wees voorzichtig de lens van de lamp niet te bekrassen om de lichtopbrengst niet te verlagen.
  • Als het gereedschap oververhit raakt, begint de lamp te knipperen. Laat het gereedschap afkoelen voordat u het weer bedient. Snelheidsregelaar (zie afb. 5) De snelheid van het gereedschap kan worden ingesteld door de snelheidsregelaar te draaien. Op stand 6 is de snelheid het hoogst en op stand 1 het laagst. Zie de tabel om de juiste snelheid te kiezen voor het werkstuk dat u wilt zagen. De juiste snelheid is echter ook afhankelijk van de soort en de dikte van het werkstuk. Over het algemeen kunt u op een hogere snelheid een werkstuk sneller zagen, maar gaat de levensduur van het zaagblad achteruit.

Indicatorlampjes Resterende acculading Brandt Uit Knippert 75% tot 100% 50% tot 75% 25% tot 50% 0% tot 25% Laad de accu op. Er kan een storing in de accu zijn opgetreden. Stand Zaagactie Toepassingen

Zagen zonder pendelslag Voor het zagen van zacht staal, roestvrij staal en kunststoffen. Voor schone zaagsneden in hout en multiplex. Zagen met kleine pendelslag Voor het zagen van zacht staal, aluminium en hardhout. Zagen met middelgrote pendelslag Voor het zagen van hout en multiplex. For fast cutting in aluminum and mild steel. Zagen met grote pendelslag Voor het snel zagen van hout en multiplex. Te zagen werkstuk Cijfer op snelheidsregelaar Hout 4 - 6 Zacht staal 3 - 6 Roestvrij staal 3 - 4 Aluminium 3 - 6 Kunststof 1 - 441 LET OP:

  • U kunt de snelheidsregelaar alleen tot aan het cijfer 6 draaien en terug naar 1. Forceer de regelaar niet voorbij de 6 of de 1 omdat de snelheidsregeling daardoor defect kan raken. Elektronische aansturing Het gereedschap is uitgerust met elektronische aansturing voor een gemakkelijke bediening.
  • Zachte start De zachte-startfunctie minimaliseert de opstartschok en zorgt ervoor dat het gereedschap soepel opstart.
  • Zacht onbelast draaien Om de trillingen te verminderen en het decoupeerzaagblad gemakkelijk uit te lijnen met de zaaglijn, verlaagt het gereedschap automatisch de draaisnelheid tot het gereedschap in het werkstuk begint te zagen wanneer de snelheidsregelaar op stand 3 of hoger staat. Zodra het gereedschap in het werkstuk begint te zagen, wordt de snelheid van het gereedschap verhoogd naar de ingestelde snelheid en wordt deze snelheid gehandhaafd totdat het gereedschap wordt uitgeschakeld. OPMERKING:
  • Als de temperatuur laag is, is deze functie mogelijk niet beschikbaar. De functie zacht onbelast draaien uitschakelen of inschakelen Om de functie zacht onbelast draaien uit of in te schakelen, volgt u de onderstaande stappen.

1. Verzeker u ervan dat het gereedschap is

2. Zet de snelheidsregelaar in stand “1”.

3. Druk op de vergrendelknop om het gereedschap in te

4. Draai de snelheidsregelaar naar stand “6” en

vervolgens terug naar stand “1”. De lamp knippert twee keer wanneer de functie zacht onbelast draaien is uitgeschakeld of ingeschakeld. Om deze functie weer in of uit te schakelen, voert u dezelfde procedure opnieuw uit. OPMERKING:

  • Als de functie zacht onbelast draaien is uitgeschakeld, knippert de lamp twee keer wanneer het gereedschap wordt ingeschakeld.
  • U kunt de functie zacht onbelast draaien ook uitschakelen of inschakelen door de snelheidsregelaar te draaien van stand “6” naar “1” en weer naar “6”.
  • Controleer altijd of het gereedschap is uitgeschakeld en de accu is verwijderd alvorens enige werkzaamheden aan het gereedschap te verrichten. Het zaagblad aanbrengen en verwijderen LET OP:
  • Verwijder altijd eerst alle houtsnippers en vreemde stoffen die aan het zaagblad en/of de zaagbladhouder kleven. Als u dat niet doet is het mogelijk dat het zaagblad onvoldoende wordt vastgeklemd, wat kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
  • Raak het zaagblad en het werkstuk niet onmiddellijk na gebruik aan. Zij kunnen bijzonder heet zijn en brandwonden op uw huid veroorzaken.
  • Zet het zaagblad stevig vast. Als u dat niet doet, kan dat leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
  • Wees voorzichtig bij het verwijderen van het zaagblad dat u uw vingers niet bezeert aan de punt van het zaagblad of de uiteinden van het werkstuk (zie afb. 6). Controleer voordat u het zaagblad probeert aan te brengen of de zaagbladhouder in de ontgrendelde stand staat. Om het zaagblad aan te brengen, steekt u het zaagblad (met de tanden naar voren gericht) in de zaagbladhouder tot het wordt vergrendeld. De zaagbladhouder beweegt uit zichzelf naar de vergrendelde stand en het zaagblad is vergrendeld. Trek zacht aan het zaagblad om er zeker van te zijn dat het zaagblad er niet uitvalt tijdens gebruik. LET OP:
  • Open de gereedschapsopener niet overmatig ver omdat anders het gereedschap kan worden beschadigd (zie afb. 7). Om het zaagblad te verwijderen, duwt u de gereedschapsopener zo ver mogelijk naar voren. Hierdoor wordt het zaagblad ontgrendeld. OPMERKING: Als het moeilijk is om het decoupeerzaagblad te verwijderen: Draai de zaagmethode-keuzehendel naar de stand “III” en beweeg de decoupeerzaagbladhouder naar onderen voordat u de zaagbladklemhendel in de ontgrendelde stand zet. Om de decoupeerzaagbladhouder naar onderen te bewegen, zet u de zaagbladklemhendel helemaal in de vergrendelde stand en schakelt u het gereedschap meerdere keren kort in. OPMERKING:
  • Smeer af en toe de rol. Opbergplaats van de inbussleutel (zie afb. 8) Wanneer u de inbussleutel niet gebruikt, bergt u deze op de plaats aangegeven in de afbeelding op, om te voorkomen dat deze wordt verloren. Dekplaat (zie afb. 9) Gebruik de dekplaat wanneer u zaagt in decoratieve deklagen, kunststoffen, enz. Hij beschermt gevoelige en delicate oppervlakken tegen beschadiging. Breng hem aan op de onderkant van de zool. Antisplinterhulpstuk (zie afb. 10) Voor zagen zonder splinters kunt u het antisplinterhulpstuk gebruiken. Om het antisplinterhulpstuk te monteren, zet u de zool in de voorste stand en brengt u het hulpstuk eerst aan op de achterrand van de zool. Als u de dekplaat gebruikt, brengt u het antisplinterhulpstuk aan op de dekplaat. LET OP:
  • Het antisplinterhulpstuk kan niet worden gebruikt bij verstekzagen.42 Stofafzuiging De stofafzuigaansluitmond (los verkrijgbaar) wordt aanbevolen om tijdens het zagen schoon te werken (zie afb. 11). Om de stofafzuigaansluitmond op het gereedschap aan te brengen, steekt u de haak van de stofafzuigaansluitmond in het gat in de zool (zie afb. 12). Om de stofafzuigaansluitmond vast te zetten, draait u de klemschroef voorop de stofafzuigaansluitmond aan. De stofafzuigaansluitmond kan op de linker- of rechterkant van de zool worden aangebracht. (zie afb. 13). Sluit vervolgens een Makita-stofzuiger aan op de stofafzuigaansluitmond. BEDIENING LET OP:
  • Houd de zool altijd vlak met het oppervlak van het werkstuk. Als u dat niet doet bestaat de kans dat het zaagblad breekt, wat kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. OPMERKING:
  • Als het gereedschap continu wordt bediend totdat de accu leeg is, laat u het gereedschap gedurende 15 minuten liggen alvorens verder te werken met een volle accu (zie afb. 14). Schakel het gereedschap in zonder dat het zaagblad iets raakt en wacht tot het zaagblad op volle snelheid is. Plaats daarna de zool vlak op het werkstuk en beweeg het gereedschap rustig naar voren langs een eerder aangebrachte zaaglijn. Als u in een bocht zaagt, beweegt u het gereedschap zeer langzaam vooruit. Verstekzagen (zie afb. 15) LET OP:
  • Zorg er altijd voor dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu is verwijderd, voordat u de zool kantelt. Met een gekantelde zool kunt u verstekzagen onder elke hoek tussen 0° en 45° (links of rechts) (zie afb. 16). Om de zool te kantelen draait u de bout op de onderkant van de zool los met behulp van de inbussleutel. Verplaats de zool zodat de bout zich in het midden van de verstekgleuf in de zool bevindt (zie afb. 17). Kantel de zool tot de gewenste verstekhoek is bereikt. De V-naad van het tandwielhuis geeft de verstekhoek aan op een schaalverdeling. Draai daarna de bout stevig vast om de zool vast te zetten. Zaagsneden tot aan de voorrand (zie afb. 18) Draai met de inbussleutel de bout op de onderkant van de zool los en schuif de zool helemaal naar achteren. Draai daarna de bout vast om de zool vast te zetten. Uitsnijdingen U kunt uitsnijdingen maken volgens methode A of B. A) Een begingat boren: (zie afb. 19)
  • Voor uitsnijdingen midden in een werkstuk zonder in te zagen vanaf de rand, boort u vooraf een gat met een diameter van 12 mm of meer. Steek het zaagblad in dit gat voordat u begint te zagen. B) Blinde zaagsnede: (zie afb. 20)
  • U hoeft geen begingat te boren of vanaf de rand in te zagen als u voorzichtig als volgt te werk gaat.

1. Kantel het gereedschap op de voorrand van de zool

met de punt van het zaagblad vlak boven het oppervlak van het werkstuk.

2. Oefen druk uit op het gereedschap zodat de voorrand

van de zool niet beweegt wanneer u het gereedschap inschakelt, en laat de achterkant van het gereedschap voorzichtig zakken.

3. Naarmate het zaagblad het werkstuk doorboort, laat u

de zool van het gereedschap langzaam zakken tot op het oppervlak van het werkstuk.

4. Maak de zaagsnede op de normale manier.

Randen afwerken (zie afb. 21) Om randen af te werken of afmetingen iets bij te zagen, beweegt u het zaagblad licht langs de reeds gezaagde randen van het werkstuk. Zagen van metaal Gebruik tijdens het zagen van metaal altijd een geschikte koelvloeistof (zaagolie). Als u dat niet doet, zal het zaagblad sterk slijten. De onderkant van het werkstuk kan met vet worden ingesmeerd in plaats van een koelvloeistof te gebruiken. Breedtegeleider (los verkrijgbaar) LET OP:

  • Zorg er altijd voor dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu is verwijderd, voordat u accessoires aanbrengt of verwijdert.

1. Rechte zaagsneden (zie afb. 22)

Als u herhaaldelijk een breedte van minder dan 160 mm moet afzagen, kunt u door de breedtegeleider te gebruiken snel, schoon en recht zagen (zie afb. 23). Om hem aan te brengen steekt u de breedtegeleider in de rechthoekige opening in de zijkant van de zool met de geleider omlaag gericht. Schuif de breedtegeleider naar de gewenste zaagbreedte en draai daarna de bout vast om hem vast te zetten.

2. Cirkelvormige zaagsneden (zie afb. 24 en 25)

Als u cirkels of bogen met een straal van 170 mm of minder wilt zagen, brengt u de breedtegeleider als volgt aan.

1. Steek de breedtegeleider in de rechthoekige opening

in de zijkant van de zool met de geleider omhoog gericht. Steek de cirkelgeleidepen in een van de twee gaten in de geleider. Draai de knop met schroefdraad op de pen om deze vast te zetten.

2. Schuif vervolgens de breedtegeleider naar de

gewenste zaagstraal en draai de bout vast om hem vast te zetten. Beweeg tenslotte de zool helemaal naar voren. OPMERKING:

  • Gebruik altijd zaagbladen nr. B-17, B-18, B-26 of B-27 voor het zagen van cirkels of bogen.43 Geleiderailadapter (los verkrijgbaar) (zie afb. 26) Als u een parallelle en uniforme breedte of recht wilt zagen, kunt u door de geleiderail en geleiderailadapter te gebruiken snelle en schone zaagsneden produceren. Om de geleiderailadapter aan te brengen, steekt u de liniaal zo ver mogelijk in de rechthoekige opening in de zijkant van de zool. Draai de bout stevig vast met de inbussleutel (zie afb. 27). Monteer de geleiderailadapter op de rail van de geleiderail. Steek de liniaal in de rechthoekige opening in de geleiderailadapter. Plaats de zool langs de zijkant van de geleiderail en draai de bout stevig vast (zie afb. 28). LET OP:
  • Gebruik altijd zaagbladen nr. B-8, B-13, B-16, B-17 of 58 wanneer u de geleiderail en de geleiderailadapter gebruikt. ONDERHOUD LET OP:
  • Zorg er altijd voor dat de machine is uitgeschakeld en de accu is verwijderd, voordat u een inspectie of onderhoud uitvoert.
  • Gebruik nooit benzine, wasbenzine, thinner, alcohol, enz. Dit kan leiden tot verkleuren, vervormen of barsten. Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, onderhoud en afstellingen te worden uitgevoerd door een erkend Makita-servicecentrum, en altijd met gebruikmaking van originele Makita- vervangingsonderdelen. VERKRIJGBARE ACCESSOIRES LET OP:
  • Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita-gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing wordt beschreven. Het gebruik van andere accessoires of hulpstukken kan gevaar voor persoonlijk letsel opleveren. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend voor de aangegeven gebruiksdoeleinden. Mocht u meer informatie willen hebben over deze accessoires, dan kunt u contact opnemen met uw plaatselijke Makita-servicecentrum.
  • Breedtegeleider (liniaal), set
  • Stofafzuigaansluitmond, compleet
  • Originele Makita-accu en -lader OPMERKING:
  • Sommige items op de lijst kunnen zijn inbegrepen in de doos van het gereedschap als standaard toebehoren. Zij kunnen van land tot land verschillen. Geluid ENG905-1 De typische, A-gewogen geluidsniveaus zijn gemeten volgens EN62841-2-11: Model DJV182 Wanneer de functie zacht onbelast draaien is ingeschakeld: Geluidsdrukniveau (L

): 88 dB (A) Onzekerheid (K): 3 dB (A) Wanneer de functie zacht onbelast draaien is uitgeschakeld: Geluidsdrukniveau (L

  • De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/ kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen.
  • De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling. WAARSCHUWING:
  • Draag gehoorbescherming.
  • De geluidsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt.
  • Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). Trillingen ENG900-1 De totale trillingswaarde (triaxiale vectorsom) zoals vastgesteld volgens EN62841-2-11: Model DJV182 Gebruikstoepassing: zagen van platen Trillingsemissie (a h,B ): 7,0 m/s

Gebruikstoepassing: zagen van plaatstaal Trillingsemissie (a h,M ): 3,5 m/s

  • De totale trillingswaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standaardtestmethode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen.
  • De opgegeven totale trillingswaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling. WAARSCHUWING:
  • De trillingsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan44 verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee wordt gewerkt.
  • Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de gebruiker die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). Verklaringen van conformiteit Alleen voor Europese landen De verklaringen van conformiteit zijn bijgevoegd in Bijlage A bij deze gebruiksaanwijzing.45 ESPAÑOL (Instrucciones originales) Explicación de los dibujos ESPECIFICACIONES