Gyspot Combi 230 E PRO - Generator GYS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Gyspot Combi 230 E PRO GYS in PDF-formaat.
Questions des utilisateurs sur Gyspot Combi 230 E PRO GYS
0 question sur cet appareil. Repondez a celles que vous connaissez ou posez la votre.
Poser une nouvelle question sur cet appareil
Download de handleiding voor uw Generator in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Gyspot Combi 230 E PRO - GYS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Gyspot Combi 230 E PRO van het merk GYS.
GEBRUIKSAANWIJZING Gyspot Combi 230 E PRO GYS
NORM ALGEMENE INSTRUCTIES Voor het in gebruik nemen van het apparaat moeten deze instructies gelezen en goed begrepen wor- den. Voer geen wijzigingen of onderhoud uit die niet in de handleiding vermeld staan. Iedere vorm van lichamelijk letsel of schade, veroorzaakt door het niet naleven van de inructies in deze handleiding, kan niet ve- rhaald worden op de fabrikant van het apparaat. Raadpleeg, in geval van problemen of onzekerheid over het gebruik, een bevoegd persoon om het apparaat correct te inalleren. Deze inructies hebben betrekking op het materiaal zoals het geleverd wordt. Het valt onder de verantwoordelijkheid van de gebrui- ker om een risico-analyse uit te voeren, wanneer de inructies niet worden gerespecteerd. OMGEVING Dit apparaat mag enkel gebruikt worden om te lassen, en uitsluitend volgens de in de handleiding en/of op het typeplaatje vermelde inructies. De veiligheidsvoorschriften moeten gerespecteerd worden. In geval van onjui of gevaarlijk gebruik kan de fabrikant niet aansprakelijk worden geeld. De inallatie moet worden gebruikt in een of- en zuur- vrije ruimte, in afwezigheid van ontvlambaar gas of andere corrosieve subanties. Voor de opslag van deze apparatuur gelden dezelfde voorwaarden. Zorg voor voldoende ventilatie tijdens het gebruik. Gebruikemperatuur :Gebruik tussen -10 en +40°C (+14 en +104°F).Opslag tussen -20 en +55°C (-4 en 131°F).Luchtvochtigheid :Lager of gelijk aan 50% bij 40°C (104°F).Lager of gelijk aan 90% bij 20°C (68°F).Hoogte : Tot 1000 m boven de zeespiegel (3280 voet).
PERSOONLIJKE BESCHERMING EN BESCHERMING VAN ANDEREN
Weerstandlassen kan gevaarlijk zijn en ernstige of zelfs dodelijke verwondingen veroorzaken. Deze techniek mag alleen door gekwaliceerd personeel uitgevoerd worden, dat een adequate opleiding (bv. een schadeherstel-opleiding) heeft genoten. Tijdens het lassen worden de individuen blootgesteld aan een gevaarlijke warmtebron en aan elektro-magnetische velden (waarschuwing voor dragers van een pacemaker), aan elektrocutie gevaar, aan lawaai en aan uitstoting van gassen.Bescherm uzelf en bescherm anderen, respecteer de volgende veiligheidsinstructies :Draag, om uzelf te beschermen tegen brandwonden en straling, droge, goed isolerende kleding zonder omslagen, brandwerend en in goede staat, die het gehele lichaam bedekt.Draag handschoenen die de elektrische en thermische isolatie garanderen. Draag een lasbescherming en/of een lashelm die voldoende bescherming biedt (afhankelijk van de lastoepassing). Bescherm uw ogen tijdens schoonmaakwerkzaamheden. Contactlenzen zijn uitdrukkelijk verboden.Soms is het nodig om het lasgebied met brandwerende gordijnen af te schermen tegen projectie en wegspattende gloeiende deeltjes.Informeer de personen in de laszone om aangepaste beschermende kleding te dragen die voldoende bescherming biedt.Gebruik een bescherming tegen lawaai als de laswerkzaamheden een hoger geluidsniveau bereiken dan de toegestane norm (dit geldt tevens voor alle personen die zich in de las-zone bevinden).De elementen die net gelast zijn zijn heet en kunnen brandwonden veroorzaken bij het aanraken. Zorg ervoor dat, tijdens onderhoudswerkzaamheden aan de klem of het pistool, deze voldoende afgekoeld zijn en wacht ten minste 10 minuten alvorens met de werkzaamheden te beginnen. De koelgroep moet in werking zijn tijdens het gebruik van een watergekoelde klem, om zo te voorkomen dat de vloeistof brandwonden veroorzaakt.Het is belangrijk om, voor vertrek, het werkgebied veilig achter te laten, om mensen en goederen niet in gevaar te brengen.Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
Dampen, gassen en stof uitgestoten tijdens het lassen zijn gevaarlijk voor de gezondheid. Zorg voor voldoende ventilatie, soms is toevoer van verse lucht tijdens het lassen noodzakelijk. Een lashelm met verse luchtaanvoer kan een oplossing zijn als er onvoldoende ventilatie is. Controleer of de zuigkracht voldoende is, en verieer of deze aan de gerelateerde veiligheidsnormen voldoet. Waarschuwing : tijdens het lassen in kleine ruimtes moet de veiligheid op afand gecontroleerd worden. Bovendien kan het lassen van materialen die bepaalde oen zoals lood, cadmium, zink, kwik of beryllium bevatten bijzonder schadelijk zijn. Ontvet de te lassen ukken alvorens met het lassen te beginnen. Het lassen in de buurt van vet of verf is verboden.
BRAND EN EXPLOSIE-RISICO
Scherm het lasgebied volledig af, brandbare stoen moeten op minimaal 11 meter afstand geplaatst worden. Een brandblusinstallatie moet aanwezig zijn in de buurt van laswerkzaamheden. Pas op voor projectie van hete onderdelen of vonken. Zelfs door kieren heen kunnen deze deeltjes brand of explosies veroorzaken. Houd personen, ontvlambare voorwerpen en containers onder druk op veilige en voldoende afand. Het lassen in containers of gesloten buizen moet worden verboden, en als ze open zijn dan moeten ze ontdaan worden van ieder ontvlambaar of explosief product (olie, brandof, gas-reen....). Slijpwerkzaamheden mogen niet worden gericht naar het lasapparaat, of in de richting van brandbare materialen. ELEKTRISCHE VEILIGHEID Het elektrische netwerk dat wordt gebruikt moet altijd geaard zijn. Een elektrische schok kan, direct of indirect, ernstige en zelfs dodelijke ongelukken veroorzaken. Raak nooit delen aan de binnen- of buitenkant van de machine aan (kabels, elektroden, armen, toortsen....) die onder spanning aan. Deze delen zijn aangesloten op het lascircuit. Koppel, voordat u het lasapparaat opent, dit los van het room-netwerk en wacht 2 minuten totdat alle condensatoren ontladen zijn. Zorg ervoor dat, als de kabels, elektroden of las-armen beschadigd zijn, deze vervangen worden door gekwaliceerde en bevoegde personen. Gebruik alleen kabels met de geschikte doorsnede. Draag altijd droge, in goede aat verkerende kleren om uzelf van het lascircuit te isoleren. Draag isolerend schoeisel, waar u ook werkt.
EMC CLASSIFICATIE VAN HET MATERIAAL
Dit Klasse A materiaal is niet geschikt voor gebruik in een woonomgeving waar de stroom wordt geleverd door een openbaar laagspanningsnet. Het is mogelijk dat er problemen ontstaan met de elektromagnetische compatibiliteit in deze omgevingen, vanwege storingen of radio-frequente straling. Dit materiaal is niet conform aan de CEI 61000-3-12 norm en is bedoeld om aangesloten te worden op private laagspanningsnetwerken, aangesloten op een openbaar netwerk met uitsluitend midden of hoogspanning. Als het apparaat aangesloten wordt op een openbaar laagspanningsnetwerk is het de verantwoordelijkheid van de installateur of de gebruiker van het apparaat om de stroomleverancier te contacteren en zich ervan te verzekeren dat het apparaat daadwerkelijk op het netwerk aangesloten kan worden. ELEKTROMAGNETISCHE EMISSIES Elektrische stroom die door een geleider gaat veroorzaakt plaatselijk elektrische en magnetische velden (EMF). De lasstroom wekt een elektromagnetisch veld op rondom de laszone en het lasmateriaal. De elektromagnetische velden, EMF, kunnen de werking van bepaalde medische apparaten, zoals pacemakers, veroren. Voor mensen met medische implantaten moeten veiligheidsmaatregelen in acht genomen worden. Bijvoorbeeld : toegangsbeperking voor voorbijgangers of een individuele risico-evaluatie voor de lassers. Alle lassers moeten de volgende procedures opvolgen om blootelling aan elektromagnetische raling veroorzaakt door het lassen zoveel mogelijk te beperken :
- plaats de laskabels dicht bij elkaar – bind ze indien mogelijk va;
- houd uw hoofd en uw romp zo ver mogelijk van het lascircuit af;
- wikkel nooit de kabels om uw lichaam;
- zorg ervoor dat u zich niet tussen de laskabels bevindt. Houd de twee laskabels aan dezelfde kant van uw lichaam;
- beveig de geaarde kabel zo dicht als mogelijk is bij de lasplek;Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
- voer geen werkzaamheden uit dichtbij de laszone, ga niet zitten op of leun niet tegen het lasapparaat;
- niet lassen wanneer u het lasapparaat of het draadaanvoersyeem draagt. Personen met een pacemaker moeten een arts raadplegen voor gebruik van het apparaat. Blootstelling aan elektromagnetische straling tijdens het lassen kan gevolgen voor de gezondheid hebben die nog niet bekend zijn. AANBEVELINGEN OM DE LASZONE EN DE LASINSTALLATIE TE EVALUEREN Algemene aanbevelingen De gebruiker is verantwoordelijk voor het inalleren en het gebruik van het booglasmateriaal, en moet hierbij de inructies van de fabrikant opvolgen. Als elektromagnetische oringen worden geconateerd, is het de verantwoordelijkheid van de gebruiker van de lasapparatuur om het probleem op te lossen, in samenwerking met de technische dien van de fabrikant. In sommige gevallen kan de oplossing liggen in een eenvoudige aarding van het lascircuit. In andere gevallen kan het nodig zijn om met behulp van lters een elektromagnetisch schild rondom de roomvoorziening en om het vertrek te creëren. In ieder geval moeten de oringen veroorzaakt door elektromagnetische ralingen beperkt worden tot een aanvaardbaar niveau. Evaluatie van de las-zone Evaluatie van de las-zone Voor het inalleren van de las-inallatie moet de gebruiker de mogelijke elektro-magnetische problemen in de omgeving evalueren. Daarbij moeten de volgende gegevens in acht genomen worden : a) de aanwezigheid boven, onder, of naa het lasmateriaal van andere voedingskabels, van beuringskabels, signaleringskabels of telefoonkabels; b) ontvangers en zenders voor radio en televisie; c) computers en ander beuringsapparatuur; d) essentiële beveiligingsinallaties, zoals bijvoorbeeld beveiliging van induriële apparatuur; e) de gezondheid van personen in de omgeving, bijvoorbeeld bij gebruik van pacemakers of gehoorapparaten; f) materiaal dat gebruikt wordt bij het kalibreren of meten; g) de immuniteit van overig aanwezig materiaal. De gebruiker moet zich ervan verzekeren dat alle apparatuur in de werkruimte compatibel is. Dit kan aanvullende veiligheidsmaatregelen vereisen; h) het tijdip waarop het lassen of andere activiteiten moeten plaatsvinden. De afmeting van het omliggende gebied dat in acht genomen moet worden hangt af van de ructuur van het gebouw en van de overige activiteiten die er plaatsvinden. Het omliggende gebied kan groter zijn dan de begrenzing van de inallatie. Evaluatie van de lasinallatie Naa een evaluatie van de laszone kan een evaluatie van de lasapparatuur elementen aanreiken om oringen va te ellen en op te lossen. Bij het evalueren van de emissies moeten de werkelijke resultaten worden bekeken, zoals die zijn gemeten in de reële situatie, zoals geipuleerd in Artikel 10 van de CISPR 11. De metingen in de specieke situatie, op een specieke plek, kunnen tevens helpen de eciëntie van de maatregelen te beveigen. AANBEVELINGEN VOOR METHODES OM ELEKTROMAGNETISCHE EMISSIES TE REDUCEREN a. Openbare spanningsnet : het lasmateriaal moet aangesloten worden op het openbare net volgens de aanbevelingen van de fabrikant. Als er oringen plaatsvinden kan het nodig zijn om extra voorzorgsmaatregelen te nemen, zoals het lteren van het openbare roomnetwerk. Er kan overwogen worden om de voedingskabel van de lasinallatie af te schermen in een metalen leiding of een gelijkwaardige bescherming. Het is wenselijk de elektrische continuïteit van het omhulsel te verzekeren over de hele lengte. De bescherming moet aangekoppeld worden aan de lasroomvoeding, om er zeker van te zijn dat er een goed elektrisch contact is tussen de geleider en het omhulsel van de lasroomvoeding. b. Onderhoud van het lasapparaat : onderhoud regelmatig het lasmateriaal, en volg daarbij de aanbevelingen van de fabrikant op. Alle toegangen, service ingangen en kleppen moeten gesloten en correct vergrendeld zijn wanneer het lasmateriaal in werking is. Het lasmateriaal mag op geen enkele wijze veranderd of aangepa worden, met uitzondering van veranderingen en inellingen zoals genoemd in de handleiding van de fabrikant. c. Laskabels : De kabels moeten zo kort mogelijk zijn, en dichtbij elkaar en vlakbij of, indien mogelijk, op de grond gelegd worden. d. Potentiaal-vereening : Het is wenselijk om alle metalen objecten in en om de werkomgeving te aarden. Waarschuwing : de metalen objecten verbonden aan het te lassen voorwerp vergroten het risico op elektrische schokken voor de gebruiker, wanneer hij tegelijkertijd deze objecten en de elektrode aanraakt. Het wordt aangeraden de gebruiker van deze voorwerpen te isoleren. e. Aarding van het te lassen voorwerp : wanneer het te lassen voorwerp niet geaard is, vanwege elektrische veiligheid of vanwege de afmetingen en de locatie, zoals bijvoorbeeld het geval kan zijn bij scheepsrompen of metalen ructuren van gebouwen, kan een verbinding tussen het voorwerp en de aarde, in sommige gevallen maar niet altijd, de emissies verkleinen. Vermijd het aarden van voorwerpen, wanneer daarmee het risico op verwondingen van de gebruikers of op beschadigingen van ander elektrisch materiaal vergroot wordt. Indien nodig, is het wenselijk dat het aarden van het te lassen voorwerp rechtreeks plaatsvindt, maar in sommige landen waar deze directe aarding niet toegeaan is is het aan te raden te aarden met een daarvoor geschikte condensator, die voldoet aan de reglementen in het betreende land.Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing f. Beveiliging en afscherming : Selectieve afscherming en bescherming van andere kabels en materiaal in de omgeving kan problemen verminderen. De beveiliging van de gehele laszone kan worden overwogen voor speciale toepassingen.
TRANSPORT EN VERVOER VAN DE LASSTROOMVOEDING
De lasstroombron is voorzien van een handvat aan de bovenzijde om hem met de hand te dragen/verplaatsen. Onderschat zijn gewicht niet. De riemgreep wordt niet beschouwd als een strop. Gebruik de kabels niet om de lasroombron te verplaatsen. Til nooit het apparaat boven personen of voorwerpen.
INSTALLATIE VAN DE APPARATUUR
- Zorg voor voldoende ruimte om de lasstroombron te ventileren en de bedieningsorganen te bereiken. - Niet gebruiken in een omgeving met geleidend metaalstof. - Stroomkabels, verlengkabels en laskabels moeten volledig worden afgerold om oververhitting te voorkomen. De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade aan personen en voorwerpen veroorzaakt door oneigenlijk en gevaarlijk gebruik van deze apparatuur. ONDERHOUD / ADVIES
- De gebruikers van dit apparaat moeten een adequate opleiding hebben gevolgd, zodat ze deze machine optimaal kunnen gebruiken (bijvoorbeeld een opleiding tot carrosserie technicus).
- Alvorens een voertuig te repareren, moet geverieerd worden of de fabrikant van het voertuig de gebruikte lastechniek toestaat.
- Het onderhoud en de reparatie van de generator mogen alleen door de fabrikant uitgevoerd worden. Iedere vorm van onderhoud op deze generator uitgevoerd door derden zal de garantievoorwaarden nietig verklaren. De fabrikant kan niet verantwoordelijk worden gehouden voor ieder incident dat zich voordoet nadat het apparaat door derden onderhouden is.
- Haal de ekker uit het opcontact om de elektriciteitsvoorziening te onderbreken, en wacht twee minuten alvorens werkzaamheden op het apparaat te verrichten. De spanning en de roomerkte binnen het toeel zijn hoog en gevaarlijk.
- Controleer, voor u het piool gebruikt, de aat van de verschillende onderdelen (er, elektrode, koolof elektrode...........), maak ze indien nodig schoon, of vervang ze als ze in slechte aat zijn.
- De kap regelmatig afnemen en met een blazer ofvrij maken. Maak van deze gelegenheid gebruik om met behulp van geïsoleerd gereedschap ook de elektrische verbindingen te laten controleren door gekwaliceerd personeel.
- Controleer regelmatig de aat van de voedingskabel en de aat van de kabel van het lascircuit. Als er slijtage zichtbaar is moeten ze vervangen worden door de fabrikant of diens after-sales dien, of door een gelijkwaardig gekwaliceerd technicus, om zo ieder risico op ongelukken te voorkomen.
- Laat de ventilatieopening vrij zodat de lucht gemakkelijk kan circuleren. ELEKTRISCHE VOEDING Dit apparaat wordt geleverd met een 16 A stekker van het type CEE7/7 en mag alleen worden gebruikt op een een- fase 230 V (50 - 60 Hz) drie-aderige elektrische installatie met een met aarde verbonden nulleider. De permanent geabsorbeerde stroom (I1p) die in het hoofdstuk «Elektrische kenmerken» van deze handleiding wordt aangegeven, komt overeen met de maximale bedrijfsomstandigheden. Controleer of de stroomvoorziening en de be- veiliging daarvan (zekering en/of stroomonderbreker) compatibel zijn met de voor het gebruik vereiste stroomsterkte. In sommige landen kan het nodig zijn de stekker te vervangen om gebruik onder maximale omstandigheden mogelijk te maken. Waarschuwing : Als door gebruik van het apparaat de beveiliging van de elektrische installatie wordt geactiveerd, controleer dan het kaliber en het type schakelaar of de gebruikte zekeringen.
- Dit zijn klasse A apparaten, ontworpen voor gebruik in een industriële of professionele omgeving. In een andere om- geving kan het vanwege storingen veroorzaakt door geleiding of door straling moeilijk zijn om de elektro-magnetische compatibiliteit te garanderen. Niet gebruiken in een omgeving waar metalen stofdeeltjes aanwezig zijn.
- Vanaf 1 december 2010, wijziging van de norm EN 60974-10 : Let op, deze materialen voldoen niet aan de norm CEI 61000-3-12. Als deze apparaten toch aangesloten moeten worden op een openbaar laagspanningsnet, is het de verantwoordelijkheid van de gebruiker om zich ervan te verzekeren dat dit ook daadwerkelijk mogelijk is. Raadpleeg indien nodig uw stroomleverancier.
NLVertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing Gebruik van de generator Aluminium : het apparaat schakelt over naar beveiliging wanneer de voedingsspan- ning hoger is dan 265V. Het apparaat voorkomt het opladen van de condensatoren. Om dit defect aan te geven gaan de 3 horizontale segmenten in het midden van het display branden, zolang de storing duurt. Laden van de condensatoren : het knipperen van het display geeft aan dat de COMBI 230 E PRO de condensato- ren aan het laden is tot de gewenste waarde. In geval van een storing bij het laden van de condensatoren verschijnt de melding « DEF ». Schakel het apparaat uit en schakel het weer aan. Als de melding opnieuw verschijnt, neem dan contact op met de after sales dienst van GYS. OPSTARTEN EN INSTELLEN (FIG I-II P.2) Het apparaat is uitgerust met een schakelaar met drie posities. Alu / OFF / Staal : Alu / O / Staal Alu Staal
Nieuwe generatie schade herstel apparatuur 2 in 1. Met de Gyspot Combi 230 E Pro kunnen stalen en aluminium carrosserieën hersteld worden. Rentabiliteit en tijdwinst dankzij een reparatie methode met mono-spot en multi-spot, zonder demonteren. Dit apparaat heeft 2 schade herstel gereedschappen met 2 bedieningspanelen : Een schade herstel apparaat voor staal Een schade herstel apparaat voor aluminium Met een generator, multi functionele pistolen en een mas- sa-kabel - Het pistool met trekker kan worden aangesloten op de koppeling n°5 en de bedieningskabel op koppeling n°4 - Het pistool zonder trekker moet worden aangesloten op koppeling n°6 - De massakabel wordt geplaatst in positie n°7 met capacitieve ontlading, pistool met geïntegreerde snelle massa (3 plots) - Het pistool moet worden aangesloten op koppeling n°2, - De bedieningskabel van het pistool moet worden aangesloten op aansluiting n°1. - De massakabel moet worden aangesloten op aanslui- ting n°3 A- Positie staal (g. I)
- Sluit het apparaat aan op een geschikte netvoeding. Nb : De Combi 230 E Pro heeft, naast een power connector, een controle connector via de trekker : - Sluit de laatste aan als u wilt opstarten met behulp van de trekker - Koppel deze af als u de generator wenst te gebruiken met automatische starter, (zie ‘GEBRUIK’)
- Druk op de toets « Aan/Uit » (6)
GYSPOT COMBI 230 E PRO
NLVertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
- De display en de lampjes gaan kort branden, en het apparaat toont : - Het gereedschap dat standaard n°1 is (lassen met ster-schijven of gebruik van slagtrekker). - Standaard vermogensniveau n°5 (afstelling geschikt voor plaatwerk van 0.8mm).
- Druk, voor het wijzigen van het vermogensniveau, op de toetsen + of - (3). Wanneer u één van de toetsen inge- drukt blijft houden zullen u de verschillende vermogensniveau’s automatisch voorbij zien komen.
- De verschillende vermogensniveau’s maken het mogelijk plaatwerk van variabele diktes te herstellen (g. I-2)
- Druk, om het gereedschap op het pistool te wijzigen, op de selectieknop van het gereedschap Tool Select (I-3) Het display met gereedschapsnummers zal 5 seconden lang knipperen. Tijdens deze periode is het mogelijk om het nummer te wijzigen door op de + of - toets te drukken (3). Beschikbaar gereedschap (g. I-3) 1 Herstelwerkzaamheden met behulp van de slaghamer, ster-schijven of slagtrekker. 2 Lassen van wave-draad of trek-ogen, voor herstelwerkzaamheden. 3 Wegwerken van deuken met een speciaal koperen mondstuk. 4 Koolstof elektrode voor het ophalen van metaal. 5 Lassen van klinknagels voor stootlijsten 6 Lassen van ringen om de massa te bevestigen. 7 Lassen van bouten, voor het bevestigen van de massa voertuigen en verbindingskabels Opstarten : Met de geactiveerde trekker De Combi 230 E Pro beschikt over 2 opstartsystemen : - handmatig, met behulp van de trekker (Power connector en controle connector aangesloten) - automatisch : zie gedeelte hieronder. (alleen de power connector aangesloten)
In de handmatige modus, sluit de power connector en de controle connector van de trekker aan. In de handmatige modus functioneert de automatische modus niet, alleen met een druk op de trekker kan een laspu- nt gemaakt worden. Met de schakelaar kan de trekker van het pistool geactiveerd of gedeactiveerd worden. Met gedeactiveerde trekker Het apparaat beschikt over een automatisch opstartsysteem voor het puntlassen. De generator zal automatisch het elektrische contact herkennen en binnen 1 seconde een laspunt realiseren. Om een 2e punt te realiseren moet het contact aan het uiteinde van het pistool minimaal ½ sec verbroken worden. Daarna moet opnieuw contact gemaakt worden. Werking :
- Sluit de massaklem van de generator aan op het te herstellen plaatwerk, en volg hierbij de volgende adviezen op : - plaats de massaklem zo dicht mogelijk bij de plek van de werkzaamheden. - sluit het niet aan op een afgescheiden stuk plaatwerk (bijvoorbeeld : sluit de massaklem niet aan op de deur als de zijkant van het voertuig hersteld moet worden). - schuur grondig het plaatwerk op de plek van de verbinding met de klem.
- Schuur het plaatwerk dat u gaat bewerken.
- Monteer één van de meegeleverde hulpstukken op het uiteinde van het pistool en draai de moer aan het uiteinde van het pistool goed aan.
- Kies het juiste hulpstuk en het juiste vermogen (zie gedeelte opstarten en instellen)
- Breng het hulpstuk van het pistool in contact met het te lassen plaatwerk.
- Realiseer uw laspunt. Waarschuwing : Voor het optimaal functioneren wordt aangeraden om de origineel meegeleverde mas- sakabel en het complete pistool te gebruiken ! B- Positie Alu (g.II) De Combi 230 E Pro is ontworpen voor het uitvoeren van reparatiewerkzaamheden op aluminium carrosserieën, die lichte beschadigingen of krassen of hagelschade hebben opgelopen. De Combi 230 E Pro last M4 bouten dankzij een condensator-ontlading. De spot wordt gerealiseerd zodra de punt van
NLVertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing het pistool wordt ingedrukt. Het lassen gaat zeer snel (2 tot 3 milliseconden). Het apparaat kan in twee verschillende modes ingesteld worden :
- Modus spanning : De spanning is in te programmeren van 50 tot 200 V.
- Modus vermogen : Het vermogen is in te programmeren van L, 1-9, H: - De overgang van één modus naar een andere gebeurt door een druk op de toets (1) Correspondentie Tabel vermogen in overeenkomst met de spanning (Zie. Fig. II-2). - Druk op de aan/uit schakelaar (2) aan de rechterkant van het toetsenbord. - Opmerking : de snelle massa moet altijd gemonteerd worden - Schuur de te repareren zone zodat de 3 messing plots massa kunnen maken tegen de carrosserie - Plaats de pin in de boorkop. Stel indien nodig de instelschroef bij (zie foto hieronder) - Voor het realiseren van een goede las moet de kop van de bout ongeveer één millimeter uitsteken (6) - Het afstellen van de positie van de kop van de bout kan gedaan worden door te de moer vaster of losser op de ins- telschroef te draaien (4) Bij de levering van het pistool is de instelschroef (7) losgedraaid en de cursor (8) is aanliggend. Met behulp van deze afstelling kan een kracht van ongeveer 20 N uitgeoefend worden op het moment van het overhalen van de trekker, geschikt voor het lassen van aluminium M4 nagels. Met de schroef kan de dragende kracht van de veer worden geregeld wanneer de trekker wordt geactiveerd, en kan tevens de slijtage verminderd worden. Afstellen van de spanningswaarde met behulp van de toetsen + en -. Bij inschakeling is de vermogenswaarde standaard 5, wat overeenkomt met 100 volt. Over het algemeen is de waarde voor een goed gelaste nagel met een diameter 4 voor het uitdeuken 90V. Dit komt overeen met vermogen 4. De waarde van de spanning verhoogt met de dikte van het te lassen werkstuk. Waarschuwing : een te hoge spanning kan het plaatwerk beschadigen. Voor het verkrijgen van een goede las mag alleen de tip van de nagel in contact zijn met het te repareren plaatwerk. Oefen een lichte druk uit op het pistool, zonder de tip van de nagel te beschadigen, en houd het pistool loodrecht op het plaatwerk. Het ontladen van de condensatoren gebeurt automatisch zodra de punt van het pistool in de ring geduwd wordt. Op dat moment is de nagel vastgelast. Dit duurt minder dan 3 milliseconden. Voor een optimaal resultaat raden we aan het onderdeel op te warmen.
Koperen punt met 4 groeven voor het lassen van M4 nagels (diameter Ø 4 mm) Pistool met automatische ontspanning zonder trekker
Afstelschroef voor de positie van de nagel
De nagel moet loodrecht op het plaatwerk staan. Voer geen te hoge druk uit om de nagel niet te pletten. Enkel de tip is in contact met het plaatwerk.
De kop van de nagel moet ongeveer één millimeter uitsteken.
Een schroef met een cursor
voor het afstellen van de compressie van de veren tijdens het afgaan van de trekker.
NLVertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
THERMISCHE BEVEILIGING VAN DE GENERATOR
Het apparaat is uitgerust met een automatische thermische beveiliging. Dit systeem blokkeert de generator enkele mi- nuten bij te intensief gebruik. In dit geval gaat het gele lampje (g. I-5 en II-5) van de thermische beveiliging branden. GARANTIE De garantie dekt alle gebreken en fabricagefouten gedurende twee jaar vanaf de aankoopdatum (onderdelen en ar- beidsloon). De garantie dekt niet :
- Alle overige schade als gevolg van vervoer.
- De gebruikelijke slijtage van onderdelen (Bijvoorbeeld : kabels, klemmen, enz.).
- Incidenten als gevolg van verkeerd gebruik (verkeerde elektrische voeding, vallen, ontmanteling).
- Gebreken ten gevolge van de gebruiksomgeving (vervuiling, roest, stof). In geval van storing moet het apparaat teruggestuurd worden naar uw distributeur, samen met: - Een gedateerd aankoopbewijs (betaalbewijs, factuur ...). - Een beschrijving van de storing.
SimpelGids