SONY XM1ES - Hi-Fi set

XM1ES - Hi-Fi set SONY - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis XM1ES SONY in PDF-formaat.

📄 100 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice SONY XM1ES - page 71
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Español ES Nederlands NL Svenska SV

Questions des utilisateurs sur XM1ES SONY

0 question sur cet appareil. Repondez a celles que vous connaissez ou posez la votre.

Poser une nouvelle question sur cet appareil

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Aucune question pour l'instant. Soyez le premier à en poser une.

Download de handleiding voor uw Hi-Fi set in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding XM1ES - SONY en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. XM1ES van het merk SONY.

GEBRUIKSAANWIJZING XM1ES SONY

ch onder aan de behuizing. De CE-markering geldt alleen in landen waar deze

ttelijk van kracht is. Dit is met name het geval in landen die deel uitmaken van de EER (Europese Economische Ruimte) en Zwitserland. De UKCA- markering geldt alleen in landen waar deze wettelijk van kracht is. Dit is met name het geval in het VK. Opmerking voor klanten: de volgende informatie geldt enkel voor apparatuur verkocht in landen waar de EU-richtlijnen van kracht zijn Dit product werd vervaardigd door of in opdracht van Sony Corporation. EU-importeur: Sony Europe B.V. Vragen aan de EU-importeur of met betrekking tot Eur opese productconformiteit kunnen worden gericht aan de gemachtigde vertegenwoordiger, Sony Belgium, bijkantoor van Sony Europe B.V., Da Vincilaan 7-D1, 1930 Zaventem, België. Verwijdering van oude batterijen, elektrische en elektronische appa raten (van toepassing in de Europese Unie en andere landen met afzonderlijke inzamelingssystemen) Dit symbool op het product, de batterij of op de verpakking wijst erop dat het product en de batterij, niet als huishoudelijk afval behandeld mogen worden. Op sommige batterijen kan dit symbool gebruikt worden in combinatie met een chemisch symbool. Het chemisch symbool voor lood (Pb) wordt toegevoegd wanneer de batterij meer dan 0,004% lood bevat. Door deze producten en batterijen op juiste wijze af te voeren, vermijdt u mogelijke negatieve gevolgen voor mens en milieu die zijn gekoppeld aan verkeerde afvalbehandeling. Het recyclen van materialen draagt bij aan het behoud van natuurlijke bronnen. In het geval dat de producten om redenen van veiligheid, prestaties dan wel in verband met data-integriteit een permanente verbinding met een ingebouwde batterij vereisen, mag deze batterij enkel door gekwalificeerd servicepersoneel worden vervangen. Om ervoor te zorgen dat de batterij, elektrische en elektronische apparaten op een juiste wijze zal worden behandeld, dienen deze producten aan het eind van hun levenscyclus worden ingeleverd bij het juiste inzamelingspunt voor het recyclen van elektrisch en elektronisch materiaal. Voor alle andere batterijen verwijzen we u naar het hoofdstuk over het veilig verwijderen van batterijen. Lever de batterijen in bij het juiste inzamelingspunt voor het recyclen van batterijen. Voor meer informatie over het recyclen van dit product of de batterij, kunt u contact opnemen met de gemeentelijke instanties, de organisatie belast met de verwijdering van huishoudelijk afval of de winkel waar u het product of batterij hebt gekocht. Met alle vragen of problemen over dit apparaat die

t aan bod komen in deze gebruiksaanwijzing, kunt u terecht bij uw Sony-leverancier. Installeer dit toestel voor veiligheidsredenen in de ba gageruimte of onder een stoel. Raadpleeg voor meer informatie."Installatie en aansluiting" (pagina 8)3NL Kenmerken

  • Nominaal uitgangsvermogen van 600 W (bij 4 Ω) en 1.000 W (bij 2 Ω).
  • Deze eindversterker is uitsluitend bestemd voor gebruik in combinatie met subwoofers.
  • Autoradio's zonder lijnuitgang kunnen rechtstreeks met behulp van een luidsprekerkabel-naar-RCA-adapter (niet bijgeleverd) aangesloten worden op de luidsprekeruitgang van uw autoradio (hoogniveau-invoeraansluiting).
  • Met de High-level Sensing-inschakelfunctie kan

t toestel ook geactiveerd worden zonder REMOTE-verbinding.

  • Ingebouwd variabel LPF- (laagdoorlaatfilter) en
  • Uitgerust met beveiligingscircuit en -lampje.
  • Twee luidsprekeraansluitingen voor parallelle sub wooferaansluitingen.
  • voor een stabiel en gecontroleerd uitgangsvermogen. *1 Klasse D-technologie Klasse D-technologie is een methode voor het omzetten en versterken van muzieksignalen met MOSFET's naar snelle pulssignalen. Deze technologie is uiterst efficiënt en genereert weinig warmte. *2 Dynamic Distortion Suppressor De functie Dynamic Distortion Suppressor onderdrukt vervorming die optreedt bij hogere afspeelniveaus en zorgt zo voor heldere basklanken. *3 Active Thermal Control De functie Active Thermal Control regelt de bedrijfstemperatuur van het toestel zodat u langdurig en stabiel bij een hoog volume kunt afspelen. *4 Pulsvoeding Dit toestel is uitgerust met een ingebouwde vermogensregulator die de voeding die geleverd wordt door de 12 V DC-autoaccu door middel van een halfgeleiderschakelaar omzet naar snelle pulsen. Deze pulsen worden versterkt door de ingebouwde pulstransformator en worden gescheiden in een positieve en een negatieve voeding alvorens weer te worden omgezet naar gelijkstroom. Dankzij deze methode kan het schommelende voltage van de autoaccu opgevangen worden. Dit lichte voedingssysteem staat garant voor een zeer efficiënte voeding met een lage impedantie.4NL Inhoudsopgave Kenmerken p. 3
  • Onderdelen en bedieningselementen Eindversterker p. 5
  • Basafstandsbediening p. 7
  • Installatie en aansluiting Onderdelen voor installatie en aansluiting p. 8
  • Installatie p. 8
  • Aansluiting p. 10
  • Aanvullende informatie Voorzorgsmaatregelen p. 14
  • Onderhoud p. 15
  • Specificaties p. 15
  • Problemen oplossen p. 16
  • Ondersteuningssite NL Eindversterker Ventilatieopening Via deze opening wordt de warmte afgevoerd. Afhankelijk van de temperatuur van de ver sterker wordt een van de drie beschikbare ventilatorstatussen geselecteerd (uit, lage snelheid, hoge snelheid). p. 175

kunt de richting van de afdekking van het

ellichaam naar wens aanpassen (pagina 9). Statuslampje

icht wit op tijdens het bedrijf. Als het beveiligingscircuit geactiveerd wordt, gaat het statuslampje rood branden in plaats van wit. Raadpleeg "Problemen oplossen" (pagina 16) voor meer informatie. TURN-ON-schakelaar Hiermee kunt u de inschakelmodus van de

ersterker selecteren. "REMOTE": kies deze optie voor afs tandsschakeling. De versterker wordt ingeschakeld wanneer deze een inschakelsignaal ontvangt via de REMOTE- aansl uiting. Raadpleeg "REMOTE-aansluiting" (pagina 11) voor meer informatie. "SIGNAL": kies deze optie voor High-level

nsing-schakeling. De versterker wordt ingeschakeld wanneer deze een inschakelsignaal ontvangt via de INPUT- aansl uiting. Deze functie is alleen beschikbaar voor hoogniveau- invoeraansluitingen (luidsprekerniveau). Raadpleeg "REMOTE-aansluiting" (pagina 11)

or meer informatie. Onderdelen en bedieningselementen Bedieningspaneel (bovenpaneel)

ȩȪ6NL INPUT MODE-schakelaar Hiermee kunt u de invoermodus selecteren. "1": voor 1-kanaalsinvoer via de INPUT 1-

nsluiting. Voert vanaf de INPUT 1-

nsluiting een signaal uit naar de SPEAKER OUT-a ansluiting. "1+2": voor 2-kanaalsinvoer via de INPUT 1- en INPUT 2-aansluiting. Voert de combinatie van

ide invoersignalen (INPUT 1+2) uit naar de SPEAKER OUT-aansluiting. LINE OUT MODE-schakelaar Hiermee kunt u de signaaluitvoermodus inst ellen op de LINE OUT 1- en 2-aansluiting. De

gnalen die uitgevoerd worden via de LINE OUT- aansluitingen zijn ongefilterd en worden

et beïnvloed door filterinstellingen. "THRU": het stereosignaal van de INPUT 1-

nsluiting wordt uitgevoerd naar de LINE OUT 1-aansluiting en het stereosignaal van de INPUT 2-aansluiting wordt uitgevoerd naar de LINE OUT 2-aansluiting. "ALL": het gecombineerde monosignaal wor dt uitgevoerd. De invoersignalen (INPUT 1+2) w orden gecombineerd en uitgevoerd naa r de LINE OUT 1- en 2-aansluiting. SUBSONIC FILTER-schakelaar Hiermee kunt u de subsonische filter in- of

tschakelen. LPF-regelaar (laagdoorlaatfilter) Hiermee kunt u de kantelfrequentie (50 Hz tot 500 H z) van de laagdoorlaatfilter instellen. INPUT SENS-regelaar (invoergevoeligheid) Hiermee kunt u de gevoeligheid van het

voerniveau aanpassen. Draai de regelaar rechtsom wanneer het uit voerniveau van de aangesloten audioapparaten laag is. SPEAKER OUT-aansluitschroefkop +12 V-aansluitschroefkop REMOTE-aansluitschroefkop GROUND-aansluitschroefkop BASS REMOTE-aansluiting Aansluiting voor de basafstandsbediening. INPUT VOLTAGE-schakelaar Hiermee kunt u het type invoeraansluiting

lecteren. "LOW": selecteer deze optie voor een laag niveau-invoeraansluiting (lijnniveau) via RCA-kabels (niet bijgeleverd). "HIGH": selecteer deze optie voor een hoogni veau-invoeraansluiting (luidsprekerniveau) via een luidsprekerkabel- naar-RCA-adapter (niet bijgeleverd). INPUT-aansluiting Zie "Invoeraansluiting" (pagina 12) voor meer

formatie over de aansluiting. LINE OUT-aansluiting Zie "Uitvoeraansluiting" (pagina 14) voor meer

formatie over de aansluiting. SPEAKER OUT-aansluiting Zie "Luidsprekeraansluiting" (pagina 13) voor mee r informatie over de aansluiting. Zekering (25 A) +12 V- aansluiting REMOTE-aansluiting GROUND-aansluiting Aansluitpaneel (voorpaneel) BASS REMOTEINPUTVOLTAGEINPUT

ȶ ȷ ȸ ȹ Ⱥ Ȼȼ7NL Basafstandsbediening Met de basafstandsbediening kun u het basuitvoerniveau van de versterker regelen. Om deze functie te gebruiken, sluit u de kabel van de basafstandsbediening aan op de BASS REMOTE-aansluiting op he

aansluitpaneel (voorpaneel). Volumeregelknop

raai de knop rechtsom om het volume (de

rsterking) te verhogen. Draai de knop linksom om het volume (de

rsterking) te verlagen. OPGELET Als u de versterking te veel aanpast, kan het door de aangesloten subwoofer geproduceerde geluid vervormd raken. Wees dus voorzichtig bij het aanpassen van de versterking met de basafstandsbediening. Het door de aangesloten subwoofer geproduceerde geluid kan ook vervormd raken als het volume van uw autoradio te hoog staat. Ƚ8NL Onderdelen voor installatie en aansluiting Deze onderdelenlijst omvat niet alle inhoud van de verpakking. Installatie

  • Installeer de versterker in de bagageruimte of onder een stoel.
  • Kies voor uw eigen veiligheid een installatieplaats

ar het toestel u niet hindert tijdens het rijden.

  • Installeer de versterker niet in de buurt van de

rwarming en op plaatsen die blootgesteld worden aan direct zonlicht of waar de temperatuur hoog kan oplopen.

  • Installeer de versterker niet onder het vloertapijt,

nt de warmte die de versterker ontwikkelt, kan dan moeilijk worden afgevoerd.

  • Installeer de versterker evenmin op plaatsen waar

ze in contact komt met regen, vocht, stof en vuil. De versterker monteren

Zet de versterker op de gewenste montageplaats en markeer de positie van de 4 schroefopeningen op een montageplaat (niet bijgeleverd). 2 Boor in elke markering een gat van 3 mm voor en monteer de versterker op de plaat met behulp van de montageschroeven . De bevestigingsschroeven zijn 20 mm lang, dus moet de montageplaat dikker zijn dan 20 mm. Installatie en aansluiting Montageschroef (5 × 20 mm) (4) Montagebeugel (1) Bevestigingsschroef(2 × 5 mm) (2) Montageschroef(3 × 12 mm) (2) Dubbelzijdige tape (1) Inbussleutel (2,5 mm) (1) De versterker installeren 9NL De richting van de afdekking van het koellichaam aanpassen U kunt de richting van de afdekking van het koellichaam naar wens aanpassen. 1 Schuif de afdekking naar voor en hef de afdekking op om deze te verwijderen. 2 Draai de afdekking naar de gewenste richting. 3 Breng de afdekking op een lijn met de haakjes op de versterker en verschuif de afdekking tot deze op zijn plaats klikt.

  • Installeer de basafstandsbediening niet in de buurt van een verwarming, op plaatsen die blootgesteld worden aan direct zonlicht of op plaatsen waar de temperatuur hoog kan oplopen.
  • Vermijd installatie van de basafstandsbediening

laatsen waar deze in contact komt met stof, vuil of vocht.

  • Installeer de basafstandsbediening: – op een vlakke ondergrond; – waar deze de bewegingen van de bestuurder niet hindert; – waar deze het stuur, de pook en het rempedaal niet hindert. Montagevoorbeeld Installatie met de montagebeugel

Bevestig de montagebeugel met behulp van de bevestigingsschroeven aan de basafstandsbediening. U kunt de montagebeugel naar wens horizontaal of verticaal vastmaken. De basafstandsbediening installeren

10NL 2 Maak de basafstandsbediening met behulp van de montageschroeven vast op de gekozen montageplaats. Installatie met de dubbelzijdige tape

Kleef de dubbelzijdige tape op de onderkant van de basafstandsbediening. Lijn de dubbelzijdige tape zoals hieronder weergegeven uit met de basafstandsbediening. 2 Bevestig de basafstandsbediening op een vlakke ondergrond. Reinig de gekozen montageplaats met een droge doek voor u de dubbelzijdige tape aanbrengt. Aansluiting

  • Alvorens aansluitingen door te voeren, moet u eerst de massaklem van de autoaccu loskoppelen om kortsluiting te vermijden. Sluit de +12 V- voedingskabel pas aan op de versterker wanneer alle andere kabels aangesloten zijn.
  • Deze versterker is uitsluitend ontworpen voor geb ruik met een negatieve massa van 12 V DC.
  • Voor optimale prestaties vereist de versterker een

ede voeding; gebruik de versterker dus niet met een zwakke accu.

  • Als uw auto uitgerust is met een

mputersysteem voor navigatie enz. en u de massa-aansluiting loskoppelt van de autoaccu, kan het computergeheugen beschadigd raken. Koppel de massakabel niet los en sluit de +12 V- voedingskabel pas aan op de versterker wanneer alle andere kabels aangesloten zijn om kortsluitingen te voorkomen.

  • Houd de in- en uitvoerkabels tijdens de

nsluiting en installatie uit de buurt van de +12 V- voedingskabel. Als u de kabels dicht bij elkaar plaatst, kan er ruis hoorbaar zijn. Opmerkingen over aansluitingen

  • Om verbinding te maken met de aansluitingen op het aansluitpaneel en om verschillende instellingen te wijzigen, verwijdert u de bovenste afdekking om toegang te krijgen tot het bedieningspaneel (bovenpaneel).
  • Let op dat u de schroef niet te hard aandraait om

hade aan de aansluitingen of kabels te vermijden.

11NL *1 Als u een originele fabrieksautoradio of een ander type zonder afstandsbedieningsuitgang voor de versterker hebt, verbindt u de afstandsbedieningsingang (REMOTE) met de ACC-voeding. Bij een hoogniveau-invoeraansluiting kan de versterker ook zonder REMOTE-verbinding geactiveerd worden. Wij kunnen echter niet garanderen dat deze functie werkt bij alle autoradio's.*2 Aarding naar het autochassis. +12 V-aansluiting

  • Sluit de +12 V-voedingskabel pas aan op de +12 V- aansluiting wanneer alle andere aansluitingen gemaakt zijn.
  • Gebruik een +12 V-voedingskabel met een zek ering van 100 A.
  • Tijdens bedrijf aan vol vermogen passeert er een stro om van meer dan 100 A door het systeem. Zorg er dus voor dat de kabels die verbonden worden met de +12 V-aansluiting minstens AWG-6

jn of een doorsnede van meer dan 14 mm² hebben.

  • Alle voedingskabels die aangesloten zijn op de

sitieve pool van de accu moeten binnen 450 mm vanaf de pool van de accu van een zek ering worden voorzien. Dit moet gebeuren voordat de kabels door een metalen oppervlak worden geleid.

  • Zorg ervoor dat de kabels tussen de autoaccu en het met alen punt op het autochassis minstens even dik zijn als de +12 V-voedingskabel waarmee de versterker op de accu aangesloten is.
  • Zorg ervoor dat de kabels tussen de autoaccu en het met alen punt op het autochassis niet meer dan AWG-1/0 zijn of een doorsnede van 55 mm² hebben, en minstens even dik zijn als de +12 V- voedingskabel waarmee de versterker op de accu aangesloten is. GROUND-aansluiting
  • Zorg ervoor dat de massakabel altijd stevig verbonden is met een metalen punt op het autochassis. Als de verbinding losraakt, kunnen er storingen optreden.
  • Tijdens bedrijf aan vol vermogen passeert er een

room van meer dan 100 A door het systeem. Zorg er dus voor dat de kabels die verbonden worden met de GROUND-aansluiting minstens

G-6 zijn of een doorsnede van meer dan 14 mm² hebben. REMOTE-aansluiting

  • Om de versterker in te schakelen via een afstandsinschakelkabel, zet u de TURN-ON- scha kelaar op "REMOTE" en verbindt u vervolgens

afstandsbedieningsuitgang (REMOTE OUT) van uw a utoradio met de REMOTE-aansluiting.

  • Wanneer u een autoradio zonder

standsbedieningsuitgang (REMOTE OUT) voor

versterker gebruikt, verbindt u de REMOTE- aansl uiting met de ACC-voeding van de auto of gebruikt u in plaats daarvan de Sensing- inschakelfunctie.

  • Gebruik een afstandsinschakelkabel met een dikte

n AWG-8 tot AWG-18 of een doorsnede van 8,4 mm² tot 0,82 mm². Opmerkingen over het gebruik van de instellingen voor High-level Sensing- schakeling

  • Bij een hoogniveau-invoeraansluiting kan de versterker ook zonder REMOTE-verbinding geac tiveerd worden. Wij kunnen echter niet garanderen dat deze functie werkt bij alle autoradio's.

tten, werkt de versterker automatisch wanneer deze een inschakelsignaal ontvangt via de INPUT- aansl uiting. Voedingsaansluitingen +12 V REMOTE REMOTE OUT*

GROUND Zekering (100 A)naar een metalen punt op het autochassisminder dan 450 mm12NL De INPUT-aansluiting kan zowel door laagniveau- als hoogniveau-aansluitingen gebruikt worden. Een laagniveau-invoeraansluiting maken Zet de INPUT VOLTAGE-schakelaar op "LOW" en verbind uw autoradio met behulp van een RCA- kabel (niet bijgeleverd) met de INPUT-aansluiting.

  • RCA-kabel (niet bijgeleverd) Een hoogniveau-invoeraansluiting maken Zet de INPUT VOLTAGE-schakelaar op "HIGH" en verbind de luidsprekerkabel van uw autoradio met behulp van een luidsprekerkabel-naar-RCA-adapter (niet bijgeleverd) met de INPUT-aansluiting.
  • Luidsprekerkabel-naar-RCA-adapter (niet bijgeleverd) Hieronder vindt u de aansluitingen en instellingen die meestal gebruikt worden wanneer u een autoradio op deze versterker aansluit. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing die bij uw autoradio geleverd is voor meer informatie over de invoeraansluiting voor uw autoradio. Aansluiting voor 1-kanaalsinvoer Zie "Luidsprekeraansluiting" (pagina 13) of .
  • Gebruik een luidsprekerkabel-naar-RCA-adapter (niet bijgeleverd) die geschikt is voor een hoogniveau-invoeraansluiting.Opmerking Zet de INPUT MODE-schakelaar op "1" wanneer u voor deze aansluiting kiest. Aansluiting voor 2-kanaalsinvoer Zie "Luidsprekeraansluiting" (pagina 13) of .
  • Gebruik een luidsprekerkabel-naar-RCA-adapter (niet bijgeleverd) die geschikt is voor een hoogniveau-invoeraansluiting.Opmerking Zet de INPUT MODE-schakelaar op "1+2" wanneer u voor deze aansluiting kiest. Invoeraansluiting INPUTVOLTAGELOW HIGH

INPUT MODE11+2 AUDIO OUT *13NL Aansluiting voor 2-kanaalsinvoer met 2 mono-eindversterkers Zie "Luidsprekeraansluiting" (pagina 13) .

  • Gebruik een luidsprekerkabel-naar-RCA-adapter (niet bijgeleverd) die geschikt is voor een hoogniveau-invoeraansluiting. Opmerkingen
  • Zet de INPUT MODE-schakelaar op "1" wanneer u voor deze aansluiting kiest.• We raden aan om voor deze aansluiting een andere mono- eindversterker van Sony (XM-1ES) te gebruiken.
  • Deze versterker is bestemd voor gebruik in combinatie met subwoofers.
  • Gebruik voldoende krachtige luidsprekers. Te licht e luidsprekers kunnen beschadigd raken.
  • Sluit geen actieve luidsprekers (met een inge bouwde versterker) aan op de luidsprekeraansluitingen van de versterker. Hierdoor kunnen de actieve luidsprekers beschadigd raken.
  • Gebruik luidsprekers met een geschikte

dantiewaarde. – 2 Ω tot 8 Ω voor een systeem met 1 luidspreker – 4 Ω tot 8 Ω voor een systeem met 2 luidsprekers

  • Verbind de -a ansluiting van het luidsprekersysteem niet met het autochassis en verbind de -aansluiting van de rechterluidspreker evenmin met die van de linkerluidspreker. Hieronder vindt u de luidsprekeraansluitingen die mees

al gebruikt worden om deze versterker aan te sluiten. Raadpleeg de gebruiksaanwijzingen die bij uw autoradio en luidsprekers geleverd zijn voor meer informatie over de luidsprekeraansluitingen voor uw autoradio. Systeem met 1 subwoofer (monogeluid) Zie "Invoeraansluiting" (pagina 12) of . Systeem met 2 subwoofers (monogeluid) Zie "Invoeraansluiting" (pagina 12) of . Systeem met 2 subwoofers en 2 mono-eindversterkers (stereogeluid) Zie "Invoeraansluiting" (pagina 12) . Luidsprekeraansluiting L R

Subwoofer (min. 2 Ω) Subwoofer (min. 4 Ω) L R Subwoofer (min. 2 Ω)14NL Deze versterker kan via de LINE OUT-aansluiting signalen uitvoeren naar bijkomende versterkers. Op die manier is een flexibel systeem met meerdere versterkers mogelijk. Hieronder vindt u de aansluitingen en instellingen

e meestal gebruikt worden wanneer u de versterker op bijkomende versterkers aansluit. Voor meer informatie over het aansluiten van meerdere versterkers raadpleegt u de gebruiksaanwijzing die bij de bijkomende versterkers en luidsprekers geleverd is. Opmerking Audiosignalen die via LINE OUT-aansluitingen worden uitgevoerd, worden niet beïnvloed door signaalverwerkingfuncties zoals SUBSONIC FILTER en de LPF-instellingen. Aansluiting voor 1-kanaalsuitvoer

  • Zet voor invoeraansluiting de LINE OUT MODE- schakelaar op het bedieningspaneel op "THRU".
  • Zet voor invoeraansluiting de

schakelaar op het bedieningspaneel op "ALL". – Het geluid dat uitgevoerd wordt via LINE OUT is het gecombineerde geluid van INPUT 1 (L) en INPUT 2 (R). Aansluiting voor 2-kanaalsuitvoer

  • Zet voor invoeraansluiting de LINE OUT MODE- schakelaar op het bedieningspaneel op "ALL". – Het geluid van LINE OUT 1 (L) en LINE OUT 2 (R) is geli jk.
  • Zet voor invoeraansluiting de

schakelaar op het bedieningspaneel op "THRU". Voorzorgsmaatregelen

  • Deze eindversterker is uitgerust met een beveiligingscircuit* dat de transistors en luidsprekers beschermt wanneer de versterker niet naar behoren functioneert. Probeer de beveiligingscircuits niet te testen door het koellichaam af te dekken of het toestel te overbelasten.
  • Als de auto in de volle zon geparkeerd is en het er

warm in is, moet u het toestel voor gebruik eerst laten afkoelen.

  • Houd voor uw eigen veiligheid het volume van het toe stel op een gematigd niveau zodat u het verkeer nog voldoende kunt horen.
  • Zorg ervoor dat er geen vocht op de versterker tere chtkomt.

eze versterker is uitgerust met een

veiligingscircuit dat in de volgende gevallen wordt geactiveerd: – Wanneer het toestel oververhit raakt; – Wanneer er een gelijkstroom wordt opgewekt; – Wanneer de luidsprekeraansluitingen

tgesloten zijn. Het statuslampje knippert en het toestel wordt uitg eschakeld. Als dit gebeurt, stopt u het afspelen van het medium, schakelt u de aangesloten apparatuur uit en spoort u de oorzaak van de storing op. Als het toestel oververhit is, wacht u tot het afgekoeld is voor u het opnieuw gebruikt. Als u vragen of problemen hebt in verband met uw

oes tel die niet in deze gebruiksaanwijzing worden behandeld, neem dan contact op met de dichtstbijzijnde Sony-verdeler. Uitvoeraansluiting Bijkomende versterker Bijkomende versterker Aanvullende informatie15NL Onderhoud Let erop dat u de zekering vervangt door een exemplaar met dezelfde ampèrewaarde als de originele zekering. Als de zekering is doorgebrand, controleer dan de

roomaansluiting en vervang de zekering. Als de zekering opnieuw doorbrandt nadat u deze hebt vervangen, is er wellicht een intern defect. Neem in dat geval contact op met uw dichtstbijzijnde Sony-verdeler. Specificaties Circuitsysteem: Circuit met klasse D-technologie Pulsvoeding Ingangen: RCA-stekkeraansluitingen Aanpassingsbereik invoerniveau: 0,2 V - 8 V (RCA-stekkeraansluitingen) 3 V - 16 V (hoogniveau-invoer) Uitgangen: Luidsprekeraansluitingen RCA-stekkeraansluitingen Luidsprekerimpedantie: 2 Ω - 8 Ω Maximale uitvoer:

1.000 W RMS (100 Hz, 1,0% THD+N, bij 2 Ω)

600 W RMS (100 Hz, 1,0% THD+N, bij 4 Ω) Frequentierespons: 10 Hz - 500 Hz ( dB) THD (totale harmonische vervorming): 0,05% of minder (100 Hz) Laagdoorlaatfilter 50 Hz - 500 Hz, 24 dB/oct Subsonische filter 5 Hz - 50 Hz, 24 dB/oct Voedingsvereisten: 12 V DC-autoaccu (negatieve massa) Voedingsspanning: 10,5 V - 16 V Stroomverbruik: Bij nominaal vermogen: 90 A (2 Ω, 1.000 W × 1) Afstandsbedieningsingang: 4 mA De zekering vervangen Waarschuwing Gebruik nooit een zekering met een ampèrewaarde die hoger ligt dan deze van de zekering die bij de versterker geleverd is. De versterker kan hierdoor immers beschadigd raken.16NL Afmetingen: Ong. 270 mm × 60 mm × 215 mm (b/h/d) 270 mm 220 mm 215 mm 196 mm 60 mm

wicht: Ong. 2,9 kg excl. accessoires Inhoud van de verpakking: Hoofdtoestel (1) Basafstandsbediening (1) Onderdelen voor installatie en aansluiting (1 set) Ontwerp en specificaties kunnen zonder

nnisgeving worden gewijzigd. Problemen oplossen De onderstaande controlelijst kan u helpen bij het oplossen van de meeste problemen die zich met het toestel kunnen voordoen. Raadpleeg eerst de procedures voor aansluiting en bediening voor u de onderstaande controlelijst doorneemt. Het statuslampje licht niet op. De zekering is doorgebrand. Vervang de zekering door een nieuwe. De massakabel is niet stevig aangesloten. Maak de massakabel altijd stevig vast aan een met alen punt op het autochassis. Het voltage dat ingevoerd wordt in de

fstandsbedieningsingang (REMOTE) is te laag. Schakel de autoradio in als deze uitgeschakeld

Gebruik een relais als het systeem te veel

ersterkers gebruikt. Controleer het voltage van de accu (10,5 V - 16 V). De kleur van het statuslampje verandert van wit naar rood. Schakel de versterker uit. De luidsprekeruitgangen zijn kortgesloten. Los de oorzaak van de kortsluiting op. Schakel de versterker uit. Zorg ervoor dat de

idsprekerkabel en massakabel goed aangesloten zijn. De versterker wordt abnormaal warm. De versterker warmt abnormaal op. Gebruik luidsprekers met een geschikte

pedantie: 2 Ω - 8 Ω. Zet de versterker op een goed verluchte plaats. Het geluid wordt onderbroken. De thermische beveiliging is geactiveerd. Verlaag het volume. Er is alternatorruis hoorbaar. De voedingskabels zijn te dicht bij de RCA- stekkerkabels geïnstalleerd. Houd deze kabels bij elkaar uit de buurt. De massakabel is niet stevig aangesloten. Maak de massakabel altijd stevig vast aan een met alen punt op de auto. Negatieve luidsprekerkabels raken het

tochassis. Houd deze kabels uit de buurt van het

tochassis. Het volume is te laag. De instelling van de INPUT SENS-regelaar is niet geschikt. Draai de INPUT SENS-regelaar rec htsom. Neem contact op met de dichtstbijzijnde Sony- ver deler als deze oplossingen niet helpen.

ɹ17NL Ondersteuningssite Raadpleeg de onderstaande website als u vragen hebt over dit product of de recentste ondersteuningsinformatie wilt raadplegen: Klanten in de VS/Canada/Latijns-Amerika: https://www.sony.com/am/support Klanten in Europese landen: https://www.sony.eu/support Klanten in andere landen/regio's: https://www.sony-asia.com/support2SE Tillverkad i Thailand Typplåten som indikerar driftspänning, etc. finns

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SONY

Model : XM1ES

Categorie : Hi-Fi set