115090 - Elektrische oven BARTSCHER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 115090 BARTSCHER in PDF-formaat.
| Producttype | Professionele gas lavasteen grill |
| Merk | Bartscher |
| Model | 115090 |
| Gebruik | Professioneel, direct koken van voedsel (vlees, vis, groenten) |
| Voeding | Gas en elektrisch (piëzo-elektrische ontsteker) |
| Gassoort | Aanpasbaar (verwisselbare injectoren) |
| Materiaal | Gepolijst roestvrij staal |
| Kookoppervlak | Roosters van gietijzer of staal, kantelbaar/horizontaal visrooster |
| Lavisteen | Vulkanisch, diameter 25-30 mm, max lengte 50 mm, 6 kg per branderpan |
| Vetopvang | Verwijderbare opvangla |
| Ontsteking | Waakvlam met piëzo-elektrische ontsteker, vlamregeling min/max |
| Veiligheid | Thermokoppel, waakvlam, veiligheidsstop |
| Installatie | Op voet, niet inbouwbaar, min afstand 10 cm van muren |
| Elektrische aansluiting | Alpolige stroomonderbreker, snoer H05 RN-F, aarding |
| Gasaansluiting | Volgens normen, rookafvoer type A1, B21 of B11 |
| Dagelijks onderhoud | Reiniging van roestvrijstalen oppervlakken met niet-schurende producten |
| Periodiek onderhoud | Interne reiniging door erkende technicus minstens 2 keer per jaar |
| Onderdelen | Injector, hoofdbrander, waakvlam, thermokoppel, bougie, gaskraan |
| Repareerbaarheid | Ingreep door gekwalificeerde installateur, originele onderdelen aanbevolen |
| Normen | Conform EN1717, water- en veiligheidsregelgeving van kracht |
Veelgestelde vragen - 115090 BARTSCHER
Gebruikersvragen over 115090 BARTSCHER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Elektrische oven in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 115090 - BARTSCHER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 115090 van het merk BARTSCHER.
GEBRUIKSAANWIJZING 115090 BARTSCHER
Lees de waarschuwingen onmiddellijk!
DOC.NO CR0930040
EDITION 001
SCHEMA DI INSTALLAZIONE - INSTALLATION DIAGRAM - INSTALLATIONSPLAN - SCHÉMA D'INSTALLATION - ESQUEMA DE INSTALACION - INSTALLATIESCHEMA - IINSTALLATIONSRITNINGAR
MISURE IN mm - DIMENSIONS IN mm - ABMESSUNGEN IN mm MESURES EN mm - MEDIDAS EN mm - MATEN IN mm
| GPL64G | OGPL64G |
| 6NGL/G400 | EGL62T |
| GPL68G | OGPL68G |
| 6NGL/G800 | EGL64T |

text_image
36 328 36
text_image
36 728 36
text_image
70 21 106 424 650 295 70
text_image
30 G 400
text_image
30 G 800Legenda - Legende - Key - Legende - Leyenda - Legenda - Le
2 ALGEMENE AANWIJZINGEN 37
AANWIJZINGEN VOOR DE INSTALLATEUR 37
AANWIJZINGEN VOOR DE GEBRUIKER....37
AANWIJZINGEN VOOR DE ONDERHOUDSMONTEUR....37
AANWIJZINGEN VOOR DE REINIGING 37
AANWIJZINGEN VOOR DE INSTALLATEUR 38
4 TOEPASSELIJKE NORMEN EN WETTEN 38
5 UITPAKKEN 38
6 PLAATSING 38
AANWIJZINGEN VOOR DE GEBRUIKER....39
11 PLAATSING VAN DE GRILLS 39
AANWIJZINGEN VOOR DE REINIGING 40
14 LAVASTEEN GASGRILL....40
INSTRUCTIES VOOR HET ONDERHOUD 40
AANWIJZINGEN VOOR DE ONDERHOUDSMONTEUR....40
15 AANPASSING AAN EEN ANDER TYPE GAS 41
16 INBEDRIJFSTELLING 41
17 OPLOSSEN VAN STORINGEN 41
AANWIJZINGEN VOOR DE VERVANGING VAN ONDERDELEN 41
In dit hoofdstuk wordt de algemene informatie gegeven waarvan alle gebruikers van deze handleiding kennis moeten nemen. De specifieke informatie voor elke gebruiker van deze handleiding wordt vermeld in de hoofdstukken erna ("IN-STRUCTIES VOOR ...").
1 GEGEVENS VAN HET APPARAAT
- Het plaatje met de gegevens van het apparaat zit aan de binnenkant van het bedieningspaneel.
- Het model en het serienummer van het apparaat staan ook vermeld op de labels onder het merk en op de verpakking.
2 ALGEMENE AANWIJZINGEN
De fabrikant van het apparaat kan niet verantwoordelijk worden geacht voor eventuele schade die veroorzaakt wordt door het niet naleven van de hieronder vermelde verplichtingen.
AANWIJZINGEN VOOR DE INSTALLATEUR
- Lees deze handleiding aandachtig, want zijn levert belangrijke informatie over de veiligheid bij de installatie, het gebruik en het onderhoud van het apparaat.
- De installatie, aanpassing aan een ander gastype en het onderhoud van het apparaat moeten worden uitgevoerd door gekwalificeerd personeel dat hiertoe geautoriseerd is door de fabrikant, in overeenstemming met de geldende veiligheidsvoorschriften en de instructies in deze handleiding.
- Stel het model van het apparaat vast. Het model wordt aangegeven op de verpakking en op het gegevensplaatje van het apparaat.
- Installeer het apparaat alleen in vertrekken met voldoende ventilatie.
- Dek de luchtinlaat- en uitlaatopeningen van het apparaat niet af.
- Maak de onderdelen van het apparaat niet onklaar.
AANWIJZINGEN VOOR DE GEBRUIKER
- Lees deze handleiding aandachtig, want zijn levert belangrijke informatie over de veiligheid bij de installatie, het gebruik en het onderhoud van het apparaat.
- Bewaar deze handleiding op een veilige, bekende plaats, om haar altijd te kunnen raadplegen zolang het apparaat meegaat.
- De installatie, aanpassing aan een ander gastype en het onderhoud van het apparaat moeten worden uitgevoerd door gekwalificeerd personeel dat hiertoe geautoriseerd is door de fabrikant, in overeenstemming met de geldende veiligheidsvoorschriften en de instructies in deze handleiding.
- Maak voor assistentie uitsluitend gebruik van door de fabrikant erkende technische centra, en sta op het gebruik van originele vervangingsonderdelen.
- Laat minstens tweemaal per jaar onderhoud plegen op het apparaat. Geadviseerd wordt om een onderhoudscontract af te sluiten.
- Het apparaat is bestemd voor professioneel gebruik en moet worden bediend door opgeleide personen.
- Het apparaat is bestemd voor het bereiden van voedsel in overeenstemming met de gebruiksaanwijzingen. Ieder ander gebruik is oneigenlijk.
- Laat het apparaat niet gedurende lange periodes leeg werken. Voor het gebruik moet het apparaat worden voorverwarmd.
- Houd het apparaat tijdens de werking in het oog.
- In het geval van een storing of een defect in het apparaat moet de gaskraan worden dichtgedraaid en/of moet de ho-
ofdschakelaar van de elektrische voeding, die bovenstrooms van het apparaat geplaatst is, worden uitgeschakeld.
- Voer de reiniging uit volgens de instructies in het hoofdstuk "INSTRUCTIES VOOR DE REINIGING".
- Houd geen ontvlambare materialen in de buurt van het apparaat. BRANDGEVAAR.
- De kinderen zouden moeten worden gecontroleerd om ervoor te zorgen dat zij niet met het toestel spelen.
- Dit toestel is niet voorgenomen voor gebruik door personen (met inbegrip van kinderen) met verminderde fysieke, sensorische of geestelijke mogelijkheden, of onervarenheid en kennis, tenzij zijn supervisie of instructie betreffende gebruik van het toestel door een persoon verantwoordelijk voor hun veiligheid zijn gegeven.
- Dek de luchtinlaat- en uitlaatopeningen van het apparaat niet af.
- Maak de onderdelen van het apparaat niet onklaar.
AANWIJZINGEN VOOR DE ONDERHOUDSMONTEUR
- Lees deze handleiding aandachtig, want zij levert belangrijke informatie over de veiligheid bij de installatie, het gebruik en het onderhoud van het apparaat.
- De installatie, aanpassing aan een ander gastype en het onderhoud van het apparaat moeten worden uitgevoerd door gekwalificeerd personeel dat hiertoe geautoriseerd is door de fabrikant, in overeenstemming met de geldende veiligheidsvoorschriften en de instructies in deze handleiding.
- Stel het model van het apparaat vast. Het model wordt aangegeven op de verpakking en op het gegevensplaatje van het apparaat.
- Installeer het apparaat alleen in vertrekken met voldoende ventilatie.
- Dek de luchtinlaat- en uitlaatopeningen van het apparaat niet af.
- Maak de onderdelen van het apparaat niet onklaar.
AANWIJZINGEN VOOR DE REINIGING
- Maak de gesatineerde buitenkant van roestvrij staal, het oppervlak van de bereidingsbakken en het oppervlak van de kookplaten iedere dag schoon.
- Laat de inwendige delen van het apparaat minstens tweemaal per jaar schoonmaken door een geautoriseerd technicus.
- Reinig het apparaat niet met directe waterstralen of stralen met hoge druk.
- Gebruik geen bijtende producten om de vloer onder het apparaat schoon te maken.
De verpakking is gemaakt van milieuvriendelijke materialen. De onderdelen van recyclebaar kunststof zijn:
- de transparante afdekking, de zakjes van de instructiehandleiding en van de inspuiters (van polyethyleen - PE).
- de spansluitstrips (van polypropyleen – PP).
3.2 APPARAAT
Het apparaat bestaat voor meer dan 90% van zijn gewicht uit recyclebare metalen materialen (roestvrij staal, gealumineerd staal, koper... ).
Het apparaat moet worden afgevoerd in overeenstemming met de geldende voorschriften.
- Niet achterlaten in het milieu.
- Maak het apparaat onbruikbaar voordat het wordt afgevoerd.
INSTRUCTIES VOOR DE INSTALLATIE
AANWIJZINGEN VOOR DE INSTALLATEUR
De fabrikant van het apparaat kan niet verantwoordelijk worden geacht voor eventuele schade die veroorzaakt wordt door het niet naleven van de hieronder vermelde verplichtingen.
- Lees deze handleiding aandachtig, want zij levert belangrijke informatie over de veiligheid bij de installatie, het gebruik en het onderhoud van het apparaat.
- De installatie, aanpassing aan een ander gastype en het onderhoud van het apparaat moeten worden uitgevoerd door gekwalificeerd personeel dat hiertoe geautoriseerd is door de fabrikant, in overeenstemming met de geldende veiligheidsvoorschriften en de instructies in deze handleiding.
- Stel het model van het apparaat vast. Het model wordt aangegeven op de verpakking en op het gegevensplaatje van het apparaat.
- Installeer het apparaat alleen in vertrekken met voldoende ventilatie.
- Dek de luchtinlaat- en uitlaatopeningen van het apparaat niet af.
- Maak de onderdelen van het apparaat niet onklaar.
4 TOEPASSELIJKE NORMEN EN WETTEN
Installeer het apparaat overeenkomstig de geldende veiligheidsnormen.
De installatie en de aansluiting van de apparatuur moet worden-nuitgevoerd overeenkomstig de geldende normen.
Installeer het apparaat overeenkomstig de norm EN1717 en de nationale geldende reglementen inzake water.
5 UITPAKKEN
Controleer de conditie van de verpakking. Als deze zichtbaar beschadigd is, moet de expediteur worden gevraagd om een inspectie van de goederen.
- Verwijder de verpakking
- Verwijder de folie die de buitenpanelen beschermt. Verwijder de eventueel achtergebleven lijm met een geschikt oplosmiddel.
6 PLAATSING
- De afmetingen van het ruimtebeslag van het apparaat en de positie van de aansluitingen worden aangegeven in het installatieschema aan het begin van deze handleiding.
- Het apparaat kan afzonderlijk of in combinatie met andere apparaten van dezelfde serie worden geïnstalleerd.
- Het apparaat is niet geschikt voor inbouw.
- Plaats het apparaat op minstens 10 cm van de wanden eromheen. Deze afstand mag kleiner zijn als de wanden onbrandbaar of thermisch geïsoleerd zijn.
6.1 MONTAGE VAN HET APPARAAT OP EEN BASIS
Volg de instructies die worden gegeven bij het gebruikte type ondersteuning.
6.2 VERBINDING VAN APPARATEN
- Zet de apparaten tegen elkaar en zet hen waterpas zodat de werkbladen op elkaar aansluiten.
- Verbind de apparaten met elkaar met behulpvan speciale verbindingsprofielen enafdeklijsten (die op aanvraag leverbaar zijn)
7 DAMPAFVOERSYSTEEM
Realiseer de dampafvoer volgens het "Type" apparaat. Het "Type" wordt vermeld op het typeplaatje van het apparaat.
7.1 APPARATUUR TYPE "A1"
- Plaats apparatuur van het type "A1" onder een afzuigkap, om te verzekeren dat rook en dampen die tijdens de voedselbereiding ontstaan worden afgevoerd.
7.2 APPARATUUR TYPE "B21"
- Plaats apparatuur van het type "B21" onder een afzuigkap.
7.3 APPARATUUR TYPE "B11"
- Monteer boven apparatuur van het type "B11" een geschikt rookkanaal, dat kan worden besteld bij de fabrikant van de apparatuur. Volg de bij het rookkanaal geleverde montage-instructies op.
- Verbind een buis met een diameter van 150/155 mm, bestand tegen een temperatuur van 300°C, met het rookkanaal.
- Leid deze naar buiten of naar een schoorsteen waarvan u zeker weet dat hij goed functioneert. De buis mag niet langer zijn dan 3 meter.
8 VERBINDINGEN
De positie en de afmeting van de aansluitingen worden vermeld in het installatieschema aan het begin van deze handleiding.
8.1 VERBINDING MET HET ELEKTRICITEITSNET
Controleer of het apparaat geschikt is om te werken met de spanning en de frequentie waarmee het zal worden gevoed. Controleer dit aan de hand van de gegevens van het typeplaatje van het apparaat.
- Installeer vóór het apparaat, op een gemakkelijk toegankelijke plaats, een meerpolige schakelaar met een geschikt vermogen, met een opening tussen de contacten van minstens 3 mm en een uiterst gevoelige beveiliging. De maximale lekstroom van het apparaat bedraagt 1 mA/kW.
- Gebruik een buigzame voedingskabel met rubberen isolatie, met eigenschappen van minstens het type H05 RN-F.
- Sluit de voedingskabel aan op het klemmenbord, zoals aangegeven in het schakelschema dat bij het apparaat geleverd is.
- Zet de voedingskabel vast met de kabelklem.
- Bescherm de voedingskabel buiten het apparaat met een buis van metaal of hard plastic.
8.2 AARDING EN EQUIPOTENTIAALVERBINDING
Verbind elektrische apparaten met een deugdelijke aardingsleiding. Sluit de aardgeleider aan op de klem met het symbool dat naast het ingangsklemmenbord van de lijn zit.
Verbind de metalen structuur van het elektrische apparaat met een equipotentiaal knooppunt. Sluit de geleider aan op de klem
met het symbool die op de buitenkant van de bodem zit.
8.3 VERBINDING MET DE WATERLEIDING
Voed het apparaat met drinkwater. De voedingsdruk van het water moet tussen 150 kPa en 300 kPa liggen. Gebruik een drukverlager als de voedingsdruk hoger is dan de aangegeven maximumdruk.
- Installeer bovenstrooms van het apparaat, op een gemakkelijk te bereiken plaats, een mechanisch filter en een afsluitkraan.
- Tap eventuele ijzerdeeltjes af uit de aansluitleidingen alvorens het filter en het apparaat te verbinden.
- Maak de niet verbonden aansluitpunten dicht met een goed sluitende dop.
- Controleer na de aansluiting of er geen lekken zijn op de verbindungspunten.
De afvoerleidingen moeten worden gerealiseerd met materia- len die bestand zijn tegen een temperatuur van 100 °C. De onderkant van het apparaat mag niet worden geraakt door de damp die veroorzaakt wordt door de afvoer van heet water.
• Demonteer het bedieningspaneel.
- Draai de inspuiters UM los en vervang deinspuiters door één van de inspuiters die in tabel T1 vermeld staan.
- Draai de bevestigingsschroeven V los en stel deluchtregelaar af op afstand "A" zoals blijkt uittabel T1.
- Draai de bevestigingsschroeven V goed aan enverzegel ze met rode lak.
9.2 VERVANGING VAN DE MINIMUMSTELSCHROEF
• Demonteer het bedieningspaneel.
- Draai de stelschroef Um los en vervang deschroef door één van de schroeven die in tabelT1 vermeld staan.
- Monteer alle onderdelen weer. Doe dit door de werkzaamheden voor de demontage omgekeerd uit te voeren.
9.3 VERVANGING VAN DE INSPUITER VAN DE WAAKVLAMBRANDER
- Demonteer het bedieningspaneel.
- Schroef het verbindingsstuk R los.
- Demonteer de inspuiter UP en vervang hem door de inspuiter die wordt aangegeven in de tabel T1.
- Schroef het verbindingsstuk R helemaal vast. Monteer alle andere onderdelen weer.
- Doe dit door de werkzaamheden voor de demontage omgekeerd uit te voeren.
10 INBEDRIJFSTELLING
Zie het hoofdstuk "INSTRUCTIES VOOR HET ONDERHOUD".
INSTRUCTIES VOOR HET GEBRUIK
AANWIJZINGEN VOOR DE GEBRUIKER
De fabrikant van het apparaat kan niet verantwoordelijk worden geacht voor eventuele schade die veroorzaakt wordt door het niet naleven van de hieronder vermelde verplichtingen.
- Lees deze handleiding aandachtig, want zijn levert belangrijke informatie over de veiligheid bij de installatie, het gebruik en het onderhoud van het apparaat.
- Bewaar deze handleiding op een veilige, bekende plaats, om haar altijd te kunnen raadplegen zolang het apparaat meegaat.
-
De installatie, aanpassing aan een ander gastype en het onderhoud van het apparaat moeten worden uitgevoerd door gekwalificeerd personeel dat hiertoe geautoriseerd is door de fabrikant, in overeenstemming met de geldende veiligheidsvoorschriften en de instructies in deze handleiding.
-
Maak voor assistentie uitsluitend gebruik van door de fabrikant erkende technische centra, en sta op het gebruik van originele vervangingsonderdelen.
- Laat minstens tweemaal per jaar onderhoud plegen op het apparaat. Geadviseerd wordt om een onderhoudscontract af te sluiten.
- Het apparaat is bestemd voor professioneel gebruik en moet worden bediend door opgeleide personen.
- Het apparaat is bestemd voor het bereiden van voedsel in overeenstemming met de gebruiksaanwijzingen. Ieder ander gebruik is oneigenlijk.
- Laat het apparaat niet gedurende lange periodes leeg werken. Voor het gebruik moet het apparaat worden voorverwarmd.
- Houd het apparaat tijdens de werking in het oog.
- In het geval van een storing of een defect in het apparaat moet de gaskraan worden dichtgedraaid en/of moet de hoofdschakelaar van de elektrische voeding, die bovenstrooms van het apparaat geplaatst is, worden uitgeschakeld.
- Voer de reiniging uit volgens de instructies in het hoofdstuk "INSTRUCTIES VOOR DE REINIGING".
- Houd geen ontvlambare materialen in de buurt van het apparaat. BRANDGEVAAR.
- Dek de luchtinlaat- en uitlaatopeningen van het apparaat niet af.
- Maak de onderdelen van het apparaat niet onklaar.
- De kinderen zouden moeten worden gecontroleerd om ervoor te zorgen dat zij niet met het toestel spelen.
- Dit toestel is niet voorgenomen voor gebruik door personen (met inbegrip van kinderen) met verminderde fysieke, sensorische of geestelijke mogelijkheden, of onervarenheid en kennis, tenzij zijn supervisie of instructie betreffende gebruik van het toestel door een persoon verantwoordelijk voor hun veiligheid zijn gegeven.
Let op: Voordat de grill of barbecue gebruikt wordt moet eerst vuil of olieresten die zich hebben vastgezet tijdens eerder gebruik verwijderd worden om vlamvorming tegen te gaan.
11 PLAATSING VAN DE GRILLS
GRILL KAN VOOR VIS
- De grill kan in de volgende standen worden gebruikt: gekanteld om horizontale.
GIETIJZEREN GRILLS VOOR VLEES
- De grill kan in de volgende standen worden gebruikt: gekanteld om horizontale.
ROESTVRIJ STAAL GRILLS VOOR VLEES
- De grill kan in de volgende standen worden gebruikt: gekanteld.
AANWIJZINGEN VOOR HET GEBRUIK
- Het apparaat is bestemd voor het bereiden van voedsel dat rechtstreeks op de grill gelegd wordt (biefstuk, hamburgers, vis, groenten, enz.).
- De gril mag niet worden gebruikt om pannen of koekenpannen te verwarmen.
Vullen met lavasteen
- De apparaten zijn voorzien van 1 pakken lavasteen voor elke vuurpot (kookzone).
-
Ieder pak weegt 6 kg.
-
De lava heeft een min.doorsnee van 25mm, een max.doorsnee van 30mm een een max. lengte van 50mm, met een tolerantie van +/- 5%.
- Verdeel de inhoud van één verpakking gelijkmatig over een vuurpot. Gebruik nooit meer lavasteen dan voorgeschreven wordt.
Vetopvanglade
Het kookvet dat van de grill door de vuurpot druipt wordt opgevangen in de daarvoor bestemde vetlade. Maak de lade regelmatig leeg en schoon.
ONTSTEKEN EN UITZETTEN VAN DE BRANDERS
De bedieningsknop van de gaskraan kan in de volgende standen worden gebruikt:
- Uit
★ Ontsteking waakvlam
Kleinste vlam
Grootste vlam
Ontsteking waakvlam
Druk de knop in en draai hem in de stand " Druk de knop helemaal in en ontsteek de waakvlam met behulp van de drukknop van de piëzo-elektrische ontsteker.
- Houd de knop ongeveer 20 seconden ingedrukt, en laat hem dan los. Als de waakvlam uitgaat, moet de handeling worden herhaald.
Ontsteking van de hoofdbrander
Draai de knop van de stand "in de stand".
Draai de knop vervolgens, al naargelang de gewenste bereiding, in een willekeurige stand tussen "len".
Uitzetten
Draai de knop in de stand "kom de hoofdbrander uit te zetten.
Om de waakvlambrander uit te zetten, druk de knop in en draai hem in de stand "
13 PERIODES WAARIN HET APPARAAT NIET WORDT GEBRUIKT
Doe het volgende als het apparaat een tijd niet zal worden gebruikt:
- Maak het apparaat grondig schoon.
- Wrijf alle roestvrij stalen oppervlakken in met een doek met vaselineolie, zodat er een beschermend laagje wordt aangebracht.
- Laat de deksels open staan.
- Draai kranen dicht en zet hoofdschakelaars uit die vóór het apparaat zijn geplaatst.
Doe het volgende als het apparaat lange tijd niet is gebruikt: - Controleer het apparaat, alvorens het weer te gebruiken.
- Laat elektrische apparaten gedurende minstens 60 minuten functioneren op de laagste temperatuur.
INSTRUCTIES VOOR DE REINIGING
AANWIJZINGEN VOOR DE REINIGING
De fabrikant van het apparaat kan niet verantwoordelijk worden geacht voor eventuele schade die veroorzaakt wordt door het niet naleven van de hieronder vermelde verplichtingen.
- Schakel de elektrische voeding van het apparaat uit, indien aanwezig, alvorens welke handeling dan ook te gaan verrichten.
- Maak de gesatineerde buitenkant van roestvrij staal, het oppervlak van de bereidingsbakken en het oppervlak van de kookplaten iedere dag schoon.
- Laat de inwendige delen van het apparaat minstens tweemaal per jaar schoonmaken door een geautoriseerd technicus.
- Reinig het apparaat niet met directe waterstralen of stralen met hoge druk.
- Gebruik geen bijtende producten om de vloer onder het apparaat schoon te maken.
GESATINEERDE OPPERVLAKKEN VAN ROESTVRIJ STA- AL
- Maak de oppervlakken schoon met een doek of spons en water en gewone, niet-schurende reinigingsmiddelen. Wrijf de doek in de richting van de satinering. Spoel de doek vaak uit, en maak het apparaat vervolgens goed droog.
- Gebruik geen schuursponzen of andere voorwerpen van ijzer.
- Gebruik geen chemische producten die chloor bevatten.
- Gebruik geen scherpe voorwerpen, die de oppervlakken kunnen krassen of beschadigen.
OPVANGLADEN
Verwijder vet, olie, voedselresten enz. van de oppervlakken...
- Verwijder de grill en de vuurpot met de lavasteen erin.
- Maak de brander in de buurt van de vlam en langs de spleten van de vlambeschermer schoon met een metaalborstel en verwijder stof, afzettingen of vuurvast materiaal uit de vuur-pot. Zorg er hierbij voor dat de vlamopeningen niet groter worden.
INSTRUCTIES VOOR HET ONDERHOUD
AANWIJZINGEN VOOR DE ONDERHOUDSMONTEUR
De fabrikant van het apparaat kan niet verantwoordelijk worden geacht voor eventuele schade die veroorzaakt wordt door het niet naleven van de hieronder vermelde verplichtingen.
- Lees deze handleiding aandachtig, want zij levert belangrijke informatie over de veiligheid bij de installatie, het gebruik en het onderhoud van het apparaat.
- De installatie, aanpassing aan een ander gastype en het onderhoud van het apparaat moeten worden uitgevoerd door gekwalificeerd personeel dat hiertoe geautoriseerd is door de fabrikant, in overeenstemming met de geldende veiligheidsvoorschriften en de instructies in deze handleiding.
- Stel het model van het apparaat vast. Het model wordt aangegeven op de verpakking en op het gegevensplaatje van het apparaat.
- Installeer het apparaat alleen in vertrekken met voldoende ventilatie.
- Dek de luchtinlaat- en uitlaatopeningen van het apparaat niet af.
- Maak de onderdelen van het apparaat niet onklaar.
Zie het hoofdstuk "Instructies voor het onderhoud".
16 INBEDRIJFSTELLING
Na de installatie, aanpassing aan een ander gastype of onderhoudswerkzaamheden moet de werking van het apparaat worden gecontroleerd. In het geval van storingen moet de paragraaf "Oplossen van storingen", verderop in deze handleiding, worden geraadpleegd.
16.1 GASAPPARATEN
Stel het apparaat in werking volgens de instructies en de aanwijzingen voor het gebruik die te vinden zijn in het hoofdstuk "INSTRUCTIES VOOR HET GEBRUIK", en controleer het volgende:
- de voedingsdruk van het gas (zie de volgende paragraaf).
- de ontsteking van de branders en de goede werking van het dampafvoersysteem.
16.1.1 CONTROLE VAN DE VOEDINGSDRUK VAN HET GAS
- Gebruik een manometer met een resolutie van minstens 0,1 mbar.
- Demonteer het bedieningspaneel.
- Verwijder de afdichtingsschroef van de drukaansluiting PP en verbind de manometer.
- Voer de meting uit terwijl het apparaat in werking is.
LET OP! Als de voedingsdruk van het gas niet binnen de limieten ligt (Min. - Max.) die worden aangegeven in de tabel T2, moet de werking van het apparaat worden gestopt en moet u contact opnemen met het gasbedrijf. - Maak de manometer los en draai de afdichtingsschroef weer helemaal in de drukaansluiting.
17 OPLOSSEN VAN STORINGEN
De waakvlambrander ontsteekt niet
Mogelijke oorzaken:
- De voedingsdruk van het gas is onvoldoende.
- De leiding of de inspuiter is verstopt.
- De gaskraan of de gasklep is defect.
- De ontstekingsbougie is niet goed verbonden of defect.
- De ontsteker of de bougiekabel is defect.
De waakvlambrander blijft niet branden of gaat uit tijdens het gebruik
Mogelijke oorzaken:
- De voedingsdruk van het gas is onvoldoende.
- De gaskraan of de gasklep is defect.
- Het thermokoppel is defect of onvoldoende verhit.
- Het thermokoppel is niet goed verbonden met de kraan of de gasklep.
- De knop van de kraan of de gasklep wordt onvoldoende ingedrukt.
De hoofdbrander ontsteekt niet (ook al brandt de waakvlam)
Mogelijke oorzaken:
- De brander is defect (uitgangsopeningen van het gas verstopt).
18 VERVANGING VAN ONDERDELEN
AANWIJZINGEN VOOR DE VERVANGING VAN ONDERDELEN.
- Schakel de elektrische voeding van het apparaat uit, indien aanwezig, alvorens welke handeling dan ook te gaan verrichten.
- Controleer telkens wanneer er een onderdeel van het gascircuit vervangen is of er geen lekken zijn op de verbindingspunten met het circuit zelf.
- Controleer na de vervanging van een onderdeel van het elektrische circuit of de verbinding met de bedrading in orde is.
Vervanging van de gaskraan
- Demonteer het bedieningspaneel.
- Demonteer en vervang het onderdeel.
- Monteer alle onderdelen weer. Doe dit door de werkzaamheden voor de demontage omgekeerd uit te voeren.
Vervanging van de waakvlambrander en van het thermokoppel.
- Demonteer het bedieningspaneel.
- Verwijder grill, lavasteen en steunvuurpot.
- Demonteer en vervang het onderdeel.
- Monteer alle onderdelen weer. Doe dit door de werkzaamheden voor de demontage omgekeerd uit te voeren.
Vervanging van de hoofdbrander.
- Verwijder grill, lavasteen en steunvuurpot.
- Haal de component weg en vervang hem.
- Monteer alle onderdelen weer. Doe dit door de werkzaamheden voor de demontage omgekeerd uit te voeren.
19 REINIGING VAN DE INWENDIGE DELEN
- Controleer de conditie van de inwendige delen van het apparaat.
- Verwijder eventuele vuilafzettingen.
- Controleer het dampafvoersysteem en maak het schoon.
20 BELANGRIJKSTE ONDERDELEN
- Hoofdbrander
• Waakvlambrander - Thermokoppel
- Ontstekingsbougie
• Piëzo-elektrische ontsteker - Gaskraan
- Vuurpot
• Vulkaanlavasteen