WF14DSL - Schroevendraaier HiKOKI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis WF14DSL HiKOKI in PDF-formaat.

📄 84 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice HiKOKI WF14DSL - page 43

Gebruikersvragen over WF14DSL HiKOKI

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Schroevendraaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding WF14DSL - HiKOKI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. WF14DSL van het merk HiKOKI.

GEBRUIKSAANWIJZING WF14DSL HiKOKI

merktekens Geleiderblok Pijlmarkering Hendel Schuifje Schuifmechanisme Uiteinde van het schroefbit Schuifmechanisme-huis Diepte-afstelknop Schroevenbandgeleidegroef Schroevenband Zet 1 schroef vooruit Schroef staat 1 schroef vooruit Ontgrendelknop Hulpstuk voor de aanvoer van schroeven Schroefblad nummer 2 (136L) Zeshoekige opening Geleiderhuls Muur Schroef Muur beveiligende geleider 15 mm te ver Plaatje Uitsteeksel Schroef Haak Groef Indicatieschakelaar resterende acculading Indicatielampje resterende acculading Slijtagegrens Nagel van koolborstel Uitsteeksel van koolborstel Contact-gedeelte buiten de borstelbuis

WAARSCHUWING Lees alle waarschuwingen en instructies aandachtig door. Nalating om de waarschuwingen en instructies op te volgen kan in een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel resulteren. Bewaar alle waarschuwingen en aanwijzingen voor eventuele naslag in de toekomst. De term “elektrisch gereedschap” heeft zowel betrekking op elektrisch gereedschap dat via de netvoeding van stroom wordt voorzien als gereedschap dat via een accu (snoerloos) van stroom wordt voorzien.

1) Veiligheid van de werkplek

a) Zorg voor een schone en goed verlichte werkplek. Een rommelige of donkere werkplek verhoogt de kans op ongelukken. b) Gebruik het elektrisch gereedschap niet in een omgeving met ontplofbare vloeistoffen, gassen of stof. Elektrisch gereedschap kan vonken afgeven. Deze vonkjes kunnen stofdeeltjes of gassen doen ontbranden. c) Houd kinderen en andere toeschouwers tijdens het gebruik van elektrische gereedschap uit de buurt. Afleidingen kunnen gevaarlijk zijn.

2) Elektrische veiligheid

a) De stekker op het elektrische gereedschap moet geschikt zijn voor aansluiting op de wandcontactdoos. De stekker mag op geen enkele manier gemodificeerd worden. Gebruik geen verloopstekker met geaard elektrisch gereedschap. Deugdelijke stekkers en geschikte wandcontactdozen verminderen het risico op een elektrische schok. b) Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlakken zoals leidingen, radiatoren, fornuizen en koelkasten. Wanneer uw lichaam in contact staat met geaarde oppervlakken loopt u een groter risico op een elektrische schok. c) Stel het elektrisch gereedschap niet bloot aan regen of vochtige omstandigheden. Het risico op een elektrische schok wordt vergroot wanneer er water in het elektrisch gereedschap terechtkomt. d) Behandel het snoer voorzichtig. Draag het gereedschap nooit door dit bij het snoer vast te houden. Trek niet aan het snoer wanneer u de stekker uit het stopcontact wilt halen. Houd het snoer uit de buurt van warmtebronnen, olie, scherpe randen of bewegende onderdelen. Een beschadigd of verward snoer verhoogt het risico op een elektrische schok. e) Gebruik buitenshuis een verlengsnoer dat specifiek geschikt is voor het gebruik buiten. Het gebruik van een snoer dat specifiek geschikt is voor gebruik buitenshuis vermindert het risico op een elektrische schok. f) Als het elektrisch gereedschap in een vochtige omgeving gebruikt moet worden, dient een voeding met RCD (reststroom-apparaat) beveiliging te worden gebruikt. Gebruik van een RCD vermindert de kans op een elektrische schok.

3) Persoonlijke veiligheid

a) Blijf waakzaam, let voortdurend op uw werk en gebruik uw gezond verstand wanneer u elektrisch gereedschap gebruikt. Gebruik geen elektrisch gereedschap wanneer u moe bent of onder invloed van drugs, alcohol of medicijnen. Eén moment van onoplettendheid kan in ernstig lichamelijk letsel resulteren. b) Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen. Draag altijd oogbescherming. Beschermingsmiddelen zoals stofmaskers, niet- glijdende veiligheidsschoenen, een helm of oorbescherming vermindert het risico op lichamelijk letsel. c) Voorkom dat het gereedschap per ongeluk kan starten. Controleer of de schakelaar in de uit stand staat voordat u de voeding en/of de accu aansluit, het gereedschap oppakt of gaat dragen. Zorg ervoor dat u tijdens het verplaatsen van het elektrisch gereedschap uw vingers uit de buurt van de schakelaar houdt en sluit de stroombron niet aan terwijl de schakelaar op aan staat om ongelukken te vermijden. d) Verwijder sleutels en moersleutels uit het gereedschap voordat u het elektrisch gereedschap aanzet. Een (moer-)sleutel die op een bewegend onderdeel van het elektrisch gereedschap bevestigd is kan in lichamelijk letsel resulteren. e) Reik niet te ver. Zorg ervoor dat u te allen tijde stevig staat en uw evenwicht behoudt. Op deze manier heeft u tijdens een onverwachte situatie meer controle over het elektrisch gereedschap. f) Draag geen loszittende kleding of sieraden. Houd uw haar, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende onderdelen. Loszittende kleding, sieraden en lang haar kunnen in de bewegende onderdelen verstrikt raken. g) Indien het elektrisch gereedschap van een aansluiting voor stofafzuiging is voorzien dan dient u ervoor te zorgen dat de stofafzuiging aangesloten en op de juiste manier gebruikt wordt. Het gebruik van stofafzuiging vermindert eventuele stofgerelateerde risico’s.

4) Bediening en onderhoud van elektrisch gereedschap

a) Het elektrisch gereedschap mag niet geforceerd worden. Gebruik het juiste gereedschap voor het karwei. U kunt de klus beter en veiliger uitvoeren wanneer u het juiste elektrische gereedschap gebruikt. b) Gebruik het elektrisch gereedschap niet als de schakelaar niet goed werkt. Elektrisch gereedschap dat niet via de schakelaar bediend kan worden is gevaarlijk en moet onmiddellijk gerepareerd worden. c) Haal de stekker uit het stopcontact voordat u de voeding en/of de accu van het elektrisch gereedschap losmaakt, afstellingen verricht, accessoires verwisselt of voordat u het elektrisch gereedschap opbergt. Dergelijke preventieve veiligheidsmaatregelen verminderen het risico dat het elektrisch gereedschap per ongeluk opstart. (Vertaling van de oorspronkelijke aanwijzingen) 05Ned_ WF14DSL_WE.p65 9/22/11, 1:42 PM42Nederlands

d) Berg elektrisch gereedschap buiten het bereik van kinderen op en sta niet toe dat personen die niet bekend zijn met het juiste gebruik van het gereedschap of deze voorschriften dit elektrisch gereedschap gebruiken. Eletrisch gereedschap is gevaarlijk in onbevoegde handen. e) Het elektrisch gereedschap moet regelmatig onderhouden worden. Controleer het gereedschap op een foutieve uitlijning, vastgelopen of defecte bewegende onderdelen en andere problemen die van invloed zijn op de juiste werking van het gereedschap. Indien het gereedschap defect of beschadigd is moet het gerepareerd worden voordat u het gereedschap opnieuw gebruikt. Slecht onderhouden elektrisch gereedschap is verantwoordelijk voor een groot aantal doe-het- zelf ongelukken. f) Houd snijwerktuigen scherp en schoon. Goed onderhouden snijwerktuigen met scherpe snijranden lopen minder snel vast en zijn gemakkelijker in het gebruik. g) Elektrisch gereedschap, toebehoren, bits enz. moeten in overeenstemming met deze instructies worden gebruikt waarbij de werkomstandigheden en het werk in overweging moeten worden genomen. Gebruik van het elektrisch gereedschap voor andere doeleinden dan waarvoor het is bedoelt, kan resulteren in een gevaarlijke situatie.

5) Gebruik van gereedschap en onderhoud van de batterij

a) Herlaad enkel met de lader die door de fabrikant wordt gespecificeerd. Een lader die geschikt is voor één bepaald type batterijgroep kan brandgevaar veroorzaken bij een andere batterijgroep. b) Gebruik de apparaten enkel met specifiek ontworpen batterijgroepen. Het gebruik van andere batterijgroepen kan letsels of brand veroorzaken. c) Wanneer de batterijgroep niet in gebruik is, houdt u ze verwijderd van andere metalen voorwerpen zoals papierclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere metalen voorwerpen die een verbindingen van de ene terminal met de andere kunnen maken. De batterijterminals kortsluiten kan brandwonden of brand veroorzaken. d) Bij een verkeerd gebruik kan er vloeistof uit de batterij lekken; vermijd elk contact. Indien er toevallig contact ontstaat, goed met water spoelen. Indien de vloeistof in contact met de ogen komt, ook medische hulp inroepen. Vloeistof die uit de batterij lekt kan irritatie en brandwonden veroorzaken.

a) Het gereedschap mag uitsluitend door bevoegd onderhoudspersoneel worden onderhouden die authentieke onderdelen gebruikt. Hierdoor kunt u erop aan dat de veiligheid van het elektrisch gereedschap behouden blijft. VOORZORGMAATREGELEN Houd kinderen en kwetsbare personen op een afstand. Het gereedschap moet na gebruik buiten het bereik van kinderen en andere kwetsbare personen worden opgeborgen.

1. Houd het gereedschap vast aan de geïsoleerde

handgrepen tijdens het uitvoeren van een bewerking waarbij de klem in aanraking kunt komen met verborgen bedrading. Klemmen die een onder stroom staande draad aanraken, maken dat niet-geïsoleerde delen van het gereedschap ook onder stroom komen, waardoor de gebruiker een elektrische schok kan krijgen.

2. Laad de accu bij een temperatuur van 0 – 40°C.

Een temperatuur van onder 0°C kan overlading veroorzaken, hetgeen gevaarlijk kan zijn. de accu kan niet bij een temperatuur van boven de 40°C geladen worden. De meest geschikte temperatuur is tussen de 20 – 25°C.

3. Gebruik de acculader niet kontinu.

Wacht ongeveer 15 minuten voordat met het laden van een andere accu begonnen wordt.

4. Voorkom dat stof of vuil in de aansluitopening van

6. Voorkom kortsluiting van de oplaadbare batterij.

Kortsluiting kan resulteren in oververhitting. Dit kan schade of brandgevaar opleveren.

7. Gooi de batterij niet in het vuur. Een brandende

batterij kan ontploffen.

8. Breng de batterij naar de dealer waar deze gekocht

werd, nadat deze na oplading onvoldoende kracht heeft voor praktisch gebruik. Gooi een ultgewerkte batterij niet weg.

9. Het gebruik van een uitgeputte batterij zal de

acculader beschadigen.

10. Steek nooit een voorwerp in de ventilatie-

openingen van de acculader. Als een voorwerp of ontylambaar materiaal in de ventilatie-openingen van de acculader wordt gestoken, kan dit resulteren in een elektrische schok of beschadiging aan de acculader.

11. Wanneer u een bitje in de sleutelloze boorkop

doet, moet u de klembus voldoende vastdraaien. Als de klembus niet goed vast zit, kan het bitje slippen of los komen en letsel veroorzaken.

12. Deze snelschroefautomaat is ontworpen voor het

vast-en losdraaien van schroeven. Gebruik het apparaat alleen voor deze handelingen.

13. Het bedienen van het apparaat met één hand is

zeer gevaarlijk. Houd het apparaat bij bediening met beide handen stevig vast.

14. Gebruik uitsluitend schroefstukken (draaikoppen)

die speciaal zijn ontworpen voor de snelschroef- automaat. Gebruik geen andere schroefstukken die bestemd zijn voor andere apparatuur dan alleen deze snelschroefautomaat. Met andere schroefstukken zullen de schroeven niet goed ingedraaid worden en kan de doorvoer van de schroeven geblokkeerd raken.

15. Na het monteren van het schroefstuk dient u

lichtjes aan het schroefstuk te trekken om te kontroleren of het niet loskomt. 05Ned_ WF14DSL_WE.p65 9/22/11, 1:42 PM43Nederlands

Als het schroefstuk niet juist geïnstalleerd is, kan het tijdens gebruik loskomen en gevaar veroorzaken.

16. Voor het indraaien van schroeven drukt u de

snelschroefautomaat recht tegen uw werkstuk aan. Als u de snelschroefautomaat scheef houdt, kan de schroefkop beschadigd worden en het schroefstuk van de machine onnodig slijten. Bovendien zal de schroef dan niet met het vereiste koppel worden ingedraaid, zodat de schroef zal blijven uitsteken.

17. Gebruik uitsluitend de voorgeschreven schroeven.

Gebruik deze snelschroefautomaat niet voor het indraaien van andere typen schroeven. Dit kan leiden tot schade aan het werkstuk (uitstekende of scheef ingedraaide schroeven) en storing in de werking van de snelschroefautomaat (klem rakende schroeven en slijtage aan het schroefstuk).

18. Draag tijdens het werk een veiligheidsbril.

Bij het werken met deze snelschroefautomaat is het van belang uw ogen te beschermen met een veiligheidsbril. Zowel van de gipsplaten als van de schroevenband zal fijn stof ronddwarrelen, hetgeen gevaar voor uw gezichtsvermogen kan opleveren.

19. Pas op voor bedrading en leidingen achter een

wand of plafond. Voor het indraaien van schroeven in een wand dient u altijd van tevoren te kontroleren of er geen elektrische bedrading of leidingen vlak achterlangs lopen. Ga zorgvuldig te werk, om het gevaar van een elektrische schok of een gasontploffing te vermijden.

20. Gebruik altijd het juiste schroefblad voor het

formaat van de schroef wanneer de schroeftoevoerbevestiging is verwijderd.

21. Wanneer de schroeftoevoerbevestiging is

verwijderd en de snelschroefautomaat in een hoek tegen de schroef wordt gedrukt, wordt de schroefkop mogelijk beschadigd of de schroef niet met het juiste koppel aangedraaid. Houd de snelschroefautomaat daarom altijd recht ten opzichte van de schroef en draai dan vast.

22. Dit product bevat een krachtige permanente

magneet in de motor. Neem de volgende punten in acht betreffende het vastkleven van metaaldeeltjes aan het gereedschap en de invloed van de permanente magneet op elektronische apparatuur. LET OP: 䡬 Leg het gereedschap niet op een werkbank of andere plaats waar metaaldeeltjes liggen. De deeltjes kunnen aan het gereedschap gaan kleven met letsel of een defect tot gevolg. 䡬 Als er deeltjes aan het gereedschap kleven, mag u het gereedschap niet aanraken. Verwijder de deeltjes met een borstel. Indien dit niet wordt gedaan, kunt u letsel oplopen. 䡬 Als u een pacemaker of ander elektronisch medisch apparaat gebruikt, mag u het gereedschap niet bedienen of in de buurt van het gereedschap komen. Dit kan namelijk de werking van het elektronisch medisch apparaat beïnvloeden. 䡬 Gebruik het gereedschap niet in de buurt van precisie-apparatuur zoals mobiele telefoons, magneetkaarten of elektronische geheugenmedia. Dit zou kunnen resulteren in een foutieve werking, defect of verlies van gegevens.

OPMERKINGEN BIJ GEBRUIK LITHIUM-ION

BATTERIJ De lithium-ion batterij is voorzien van een beschermingsfunctie die volledige ontlading van de batterij voorkomt waardoor de levensduur wordt verlengd. In de gevallen 1 tot 3 die hieronder worden beschreven, kan tijdens het gebruik van dit product, zelfs indien u aan de schakelaar trekt, de motor stilvallen. Dit geeft geen probleem met het product aan maar wordt veroorzaakt door de beschermingsfunctie.

1. De motor komt tot stilstand wanneer de batterij leeg

is. De batterij moet in dit geval onmiddellijk opgeladen worden.

2. De motor kan tot stilstand komen wanneer het

gereedschap overbelast is. Laat de schakelaar onmiddellijk los en zoek naar de oorzaak van de overbelasting. Wanneer u het probleem verholpen heeft kunt u het gereedschap opnieuw gebruiken.

3. Wanneer de batterij oververhit is door

overbelasting, kan het zijn dat de batterij stopt. In dit geval gebruikt u de batterij niet verder en laat u ze afkoelen. Daarna kunt u haar opnieuw gebruiken. Gelieve eveneens aandacht te schenken aan volgende waarschuwing en aandachtspunt. WAARSCHUWING Om acculekken, het opwekken van warmte, rookemissie, explosie en ontsteking bijtijds te vermijden, moet u ervoor zorgen volgende voorzorgsmaatregelen onder de aandacht te brengen.

1. Zorg ervoor dat er geen spaanders en stof op de

accu ophopen. 䡬 Zorg er tijdens de werkzaamheden voor dat er geen spaanders en stof op de accu kunnen vallen. 䡬 Zorg ervoor dat de spaanders en stof die tijdens het werk op het elektrisch gereedschap vallen zich niet op de accu ophopen. 䡬 Bewaar een ongebruikte accu niet op een plaats waar het aan spaanders en stof wordt blootgesteld. 䡬 Verwijder alle spaanders en stof van een accu voordat u hem opbergt en bewaar de accu niet op dezelfde plek als metalen onderdelen (schroeven, spijkers, enz.).

2. Doorboor de accu niet met een scherp voorwerp,

zoals een nagel, klop er niet op met een hamer, stap niet op de accu of gooi er niet mee of stel hem niet bloot aan ernstige fysieke schokken.

3. Gebruik geen zichtbare beschadigde of vervormde

4. Gebruik de accu niet met een omgekeerde

Sluit hem niet rechtstreeks aan op elektrische toestellen of fittingen van sigarettenaanstekers in wagens. 05Ned_ WF14DSL_WE.p65 9/22/11, 1:42 PM44Nederlands

6. Gebruik de accu niet voor andere doeleinden dan

deze die gespecificeerd werden.

7. Wanneer de accu niet kan worden opgeladen,

zelfs nadat de specifieke oplaadtijd verstreken is, stopt u onmiddellijk met het opladen.

8. Breng de accu niet op hoge temperaturen of

drukken of stel ze er niet aan bloot, zoals in een microgolfoven, droger of een hogedrukcontainer.

9. Blijf uit de buurt van vuur onmiddellijk nadat een

lek of vieze geur werd vastgesteld.

10. Gebruik hem niet in een plaats waar een grote

statische elektriciteit wordt opgewekt.

11. In geval van een acculek, vieze geur,

warmteopwekking, verkleuring of vervorming, of iets abnormaals tijdens het gebruik, het opladen of de opslag, haalt u hem onmiddellijk uit de uitrusting of de acculader en stopt u het gebruik. LET OP

1. Wanneer u de lekkende vloeistof uit de accu in de

ogen krijgt, wrijf dan niet in de ogen, en was ze goed uit met vers proper water, zoals kraantjeswater en roep er onmiddellijk een dokter bij. Indien u geen behandeling krijgt, kan de vloeistof oogproblemen veroorzaken.

2. Wanneer de vloeistof lekt op uw huid of kleding,

was ze onmiddellijk goed af met proper water, zoals kraantjeswater. De kans bestaat dat dit huidirritatie veroorzaakt.

3. Wanneer u roest, een vieze geur, oververhitting,

verkleuring, vervorming en/of andere onregelmatigheden vaststelt wanneer u de accu voor de eerste maal gebruikt, gebruik ze dan niet verder en stuur ze terug naar de leverancier of de verkoper. WAARSCHUWING Als een geleidende vreemde stof op de klem van de lithium-ionbatterij terechtkomt, kan de batterij worden kortgesloten, waardoor brand kan ontstaan. Wanneer u de lithium-ionbatterij bewaart, dient u de volgende regels in acht te nemen. 䡬 Plaats geen geleidende stoffen, nagels en draden zoals ijzer- en koperdraad in de opslagdoos. 䡬 Plaats de accu in het elektrisch gereedschap of bewaar de accu door deze stevig in het batterijdeksel te drukken totdat de ventilatieopeningen afgesloten zijn om kortsluiting te voorkomen. (Zie Afb. 1) Onbelaste snelheid 4200 min

  • Capaciteiten Formaat schroeven 4 mm Lengte schroeven 25 – 41 mm Afmeting booras 6,35 mm Hex. Oplaadbare batterij BSL1430: Li-ion 14,4 V (3,0 Ah 8 cellen) Gewicht 2,0 kg (met de batterij BSL1430) STANDAARD TOEBEHOREN (1) Schroeftoevoerbevestiging p. 1
  • (Op apparaat aangebracht) (2) Schroevedraaier Nr. 2 p. 3
  • (Op apparaat aangebracht : 1) (3) Plaatje p. 3
  • (Op apparaat aangebracht : 1) (4) Plastic doos p. 1
  • (5) Batterijdeksel De standaard toebehoren kunnen zonder nadere aankondiging gewijzigd worden. EXTRA TOEBEHOREN (los verkrijgbaar) 䡬 Batterij (BSL1430) De extra toebehoren kunnen zonder nadere aankondiging gewijzigd worden. TOEPASSINGEN 䡬 Schroeven in gipsplaat binnenshuis. p. 2

INLEGGEN EN UITNEMEN VAN DE BATTERIJ

1. Verwijderen van de batterij

Houd de handgreep goed vast en druk tegen de accvergrendeling om de batterij te verwijderen (zie Afb. 1 en 2). LET OP: Sluit de batterij nooit kort.

2. Aanbrengen van de batterij

Plaats de batterij met de polen juist aangebracht (zie Afb. 2). 05Ned_ WF14DSL_WE.p65 9/22/11, 1:42 PM45Nederlands

(2) Batreffende de temperatuur van de oplaadbare batterij De temperaturen voor herlaadbare batterijen worden weergegeven in Tabel 2. Oververhitte batterijen moeten een tijdje afkoelen voordat ze worden herladen. Tabel 2 Temperatuur voor opladen van baterijen (3) Tijd die benodigd is voor het opladen De oplaadtijden in de onderstaande Tabel 3 zijn afhankelijk van de kombinatie van acculader en batterij. Tabel 3 Oplaadtijden (bij 20°C) OPMERKING: De tijd voor het opladen verschilt afhankelijk van de omgevingstemperatuur en het spanningsvoltage. OPLADEN Voor het gebruik van de boor-schroefmachine dient de accu als volgt opgeladen te worden.

1. Sluit het netsnoer van het oplaadapparaat op het

stopkontakt aan. Wanneer de stekker van de acculader in het stop- kontakt wordt gestoken, zal het controlelampje in rood knipperen. (Met tusserpozen van 1 sekonde)

2. Steek de batterij in het acculader.

Plaats de batterij in de oplader totdat de lijn zichtbaar wordt, zoals afgebeeld op Afb 3.

Wanneer een batterij in de acculader wordt aangebracht, blijft het controlelampje kontinu rood branden. Wanneer de batterij volledig is opgeladen, gaat het controlelampje in rood knipperen. (Met tussenpozen van 1 sekonde) (Zie Tabel 1) (1) Aanduiding van de controlelampje De aanduidingen van het controlelampje zijn zoals aangegeven in tabel 1, al naar gelang de toestand van de oplaadbare batterij of het acculader. Tabel 1 Aanduidingen van het controlelampje Brandt ongeveer 0,5 sekonde. Brandt ongeveer 0,5 sekonde niet. (Uit voor 0,5 seconde) Blift branden Brandt ongeveer 0,5 sekonde. Brandt ongeveer 0,5 sekonde niet. (Uit voor 0,5 sekonde) Brandt ongeveer 0,1 sekonde. Brandt ongeveer 0,1 sekonde niet. (Uit voor 0,1 sekonde) Blift branden Knippert Tijdens opladen Na opladen Brandt Knippert Voor het laden Brandt Opladen onmogelijk Knippert Er is iets mis met de accu of met het oplaad-apparaaat

Het controlelampje licht rood op of knippert rood. Het controlelampje licht groen op. Oververhitting standby De batterij is oververhit. De batterij kan niet opgeladen worden (het opladen wordt hervat wanneer de batterij is afgekoeld). Oplaadbare batterijen Geschikte temperatuur voor het opladen

4. Trek de stekker van het oplaadapparaat uit het

5. Houd het oplaadapparaat stevig vast en trek de

batterij er uit. OPMERKING: Verwijder na gebruik eerst de batterijen uit de lader en bewaar de batterijen op de juiste manier. Betreffende het ontladen raken van nieuwe batterij e.d. Aangezien bij nieuwe en langdurig niet gebruikte batterij de chemische aktiviteit is teruggelopen, zal de stroomopbrengst bij het eerste en tweede gebruik slechts gering zijn. Dit is een tijdelijk verschijnsel; de normale oplaadtijd kan hersteld worden door de accu 2 à 3 maal bij kamer-temperatuur op te laden. Om langdurig gebruik van de batterij te bevorderen (1) Laad batterij op vóórdat ze volledig uitgeput zijn. Merkt u dat de gevoede apparatuur minder krachtig gaat werken, onderbreek dan het gebruik en laad de batterij op. Als u apparatuur op batterijvoeding te lang blijft gebruiken, kan dit leiden tot teruglopen van de batterijwerking en eventueel zelfs beschadiging ervan. 05Ned_ WF14DSL_WE.p65 9/22/11, 1:42 PM46Nederlands

Door de trekschakelaar te gebruiken, gaat de motor draaien maar draait het bit niet. Het draait en zet een schroef vast als de punt van het bit in de groef op de schroefkop wordt gedrukt. LET OP 䡬 Controleer voor het gebruik altijd de draairichting. 䡬 Gebruik de omkeerschakelaar pas nadat het gereedschap volledig tot stilstand is gekomen. U kunt het gereedschap beschadigen als u de draairichting verandert voordat het gereedschap is gestopt. 䡬 Als u het gereedschap niet gebruikt, moet u de omkeerschakelaar altijd in de neutrale stand zetten.

1. Stel de schroeflengte in (Afb. 6)

Stel de schroeflengte in door het geleiderblok te verschuiven. (1) Verschuif het geleiderblok (terwijl u de hendel ingedrukt houdt) totdat het pijltje op het geleiderblok bij de gewenste waarde op het schuifje staat. (2) Meet de schroeflengte en bepaal de bijbehorende stand van het geleiderblok aan de hand van onderstaande tabel. Schuifwaarde Schroeflengte 28 25 – 28 mm 32 32 – 35 mm 41 38 – 41 mm

2. Het afstellen van de inschroefdiepte (Afb. 7)

Stel de inschroefdiepte in door aan de diepteknop te draaien. (1) Duw het schuifmechanisme geheel in het schuifmechanismehuis. Draai vervolgens de diepteknop totdat de punt van het schroefbit ongeveer 5 mm uitsteekt. (2) Controleer de diepte-afstelling door een schroef in het werkstuk te draaien. Gaat de schroef niet diep genoeg, draai de diepteknop dan lichtjes tegen de klok in (richting A). Gaat de schroef echter te diep, dan draait u de diepteknop een beetje met de klok mee (richting B).

1. Installatie (Afb. 8)

(1) Haal het begin van de schroevenband door de groef van de riemgeleider (punt A). (2) Duw de schroevenband in de groef van het schuifmechanime (punt B) en druk de band naar binnen in de richting van de pijl. (3) De schroefband zit op de juiste plaats zodra de eerste schroef één schroefbreedte is verwijderd van de ‘inschroefpositie’ (Afb. 9, Afb. 10). LET OP Zorg dat de schroevenband veilig is ingevoerd. Wanneer dit niet het geval is, kan het schroefbit mogelijk krassen maken op het werkstuk (door onvoldoende doorvoer) of worden schroeven mogelijk verspild (te hoge doorvoer). (2) Verricht het opladen niet bij hoge temperatuur. Een oplaadbare batterij zal onmiddellijk na gebruik gewoonlijk erg warm zijn. Als u een dergelijke batterij onmiddellijk gaat opladen, zal de chemische balans in het inwendige verstord worden en zal de levensduur van de batterij afnemen. Laat de batterij daarom even afkoelen, voor u met opladen begint. LET OP: 䡬 Wanneer de batterijlader onafgebroken wordt gebruikt, zal deze warm worden, waardoor fouten worden veroorzaakt. Nadat het laden is voltooid, wacht u best 15 minuten tot de volgende lading. 䡬 Als de batterij wordt herladen wanneer ze warm is door batterijgebruik of blootstelling aan zonlicht, kan het controlelampje groen oplichten. De batterij wordt niet herladen. Laat in dat geval de batterij afkoelen voor het laden. 䡬 Wanneer het controlelampje snel in rood knippert (vijfmaal per sekonde), neem de batterij dan uit het oplaadapparaat en controleer de opening van de laatste dan op de aanwezigheid van een voorwerp dat er niet hoort. Is er geen voorwerp in de opening aanwezig, dan is de storing waarschijnlijk te wijten aan de oplaadbare batterij of het oplaadapparaat. Laat deze dan controleren door een bevoegde onderhoudsinstantie.

1. Gereedmaken en kontroleren van de werkplaats

Kontroleer of de werkplaats geschikt is door nauwkeurig de genormde voorzorgsmaatregelen op te volgen.

2. Voorbereiden van de schroeven

Kies de juiste schroeven voor uw werkstuk.

3. Kontroleren en zonodig vervangen van het

schroefstuk Bij aflevering is er op dit apparaat als standaard toebehoren een schroevedraaier nr. 2 aangebracht. Kontroleer dit schroefstuk op beschadiging. Gebruik van een beschadigd of versleten schroefstuk kan gevaar opleveren en schade aan uw werkstuk veroorzaken. Kontroleer voor het werk altijd even het schroefstuk en vervang het door een nieuw als het tekenen van slijtage vertoont. Wanneer het nodig is het schroefstuk te vervangen, volg hiervoor dan de aanwijzingen onder “Aanbrengen en verwijderen van het schroefstuk”. SCHAKELAARWERKING (AFB. 4) LET OP Voordat u het batterijpak in het gereedschap plaatst, moet u controleren of de trekschakelaar goed werkt en of deze bij het loslaten terugkeert naar de stand "UIT". Trek aan de trekschakelaar om het gereedschap te starten. Laat de trekschakelaar los om te stoppen. De omkeerschakelaar (afb. 5) Dit gereedschap beschikt over een omkeerschakelaar om de draairichting om te keren. Druk de omkeerschakelaar van de

kant in om rechtsom te draaien of vanaf de

kant om linksom te draaien. Als de omkeerschakelaar in de neutrale stand staat, kunt u de trekschakelaar niet gebruiken. 05Ned_ WF14DSL_WE.p65 9/22/11, 1:42 PM47Nederlands

2. Verwijdering (Afb. 11)

(1) Wanneer de schroevenband is opgebruikt of wanneer u een half opgebruikte band wilt verwijderen, trekt u de band door in de richting van de pijl, zoals aangegeven in de afbeelding. (2) U kunt de schroevenband de andere kant op laten gaan door op de achteruitknop te drukken.

NSTALLATIE EN VERWIJDERING VAN HET

SCHROEFBIT LET OP Om ongelukken te voorkomen, schakelt u het apparaat uit en haalt u de batterij uit het apparaat. OPMERKING Zorg dat u het geïnstalleerde schroefbit stevig vast maakt, zodat het later niet losraakt of er uit valt.

1. Het verwijderen van het hulpstuk voor de

schroevenband Pak met de ene hand het apparaat stevig vast. Met uw andere hand draait u het hulpstuk voor de schroevenband in de richting van de pijl in Afb. 12. Trek het hulpstuk vervolgens in de richting van de pijl in Afb. 13 om het te verwijderen. OPMERKING Resten van lat- en pleisterwerk op het bevestigingspunt kunnen het installeren en verwijderen van het hulpstuk belemmeren. Maak het bevestigingspunt voorzichtig schoon zodat er geen ophopingen van resten van lat- en pleisterwerk ontstaan.

2. Het bevestigen en verwijderen van het schroefbit

(Afb. 14) Voor klussen met de schroevenband kan alleen kruiskopbit nummer 2 (136 mm lang) gebruikt worden. Bevestig het schroefbit volgens de volgende procedure. Verplaats de geleiderhuls naar de bovenste rand, steek het schroefbit in de zeshoekige opening van het aambeeld en laat de geleiderhuls weer los. Om het schroefbit te verwijderen, voert u bovenstaande procedure in omgekeerde volgorde uit. OPMERKING 䡬 Indien de geleiderhuls niet naar de oorspronkelijke positie terugkeert, is het schroefbit incorrect (onveilig) bevestigd. Steek het schroefbit opnieuw in de zeshoekige opening van het aambeeld tot de juiste positie is verkregen.

3. Het installeren van het hulpstuk voor de

schroevenband Installeer de schroevenband door de stappen in ‘1. Het verwijderen van het hulpstuk voor de schroevenband’ achterstevoren uit te voeren. BEDIENING LET OP Draag tijdens het gebruik van de machine altijd een veiligheidsbril. Pas de draairichting aan in met de klok mee

1. Bediening van de schroefautomaat

Plaats het apparaat recht op het werkoppervlak en zet het aan om automatisch schroeven door te voeren en vast te draaien (Afb. 15). OPMERKING 䡬 Plaats het apparaat tijdens gebruik recht op het werkoppervlak. Gebruik van het apparaat onder een hoek met het oppervlak kan leiden tot schade aan het schroefhoofd en/of slijtage van het schroefbit. Ook wordt het juiste draaimoment in dit geval niet correct overgedragen op de schroef en kan de schroef mogelijk verkeerd worden ingedraaid. 䡬 Druk het apparaat tijdens gebruik altijd stevig op het werkoppervlak. Doet u dit niet, dan wordt de schroef mogelijk verkeerd ingedraaid. 䡬 Bij indraaien van schroeven dient u het apparaat tegen het oppervlak te duwen, niet te slaan. De schroeven kunnen hierdoor mogelijk verkeerd worden uitgeleid. 䡬 Probeer niet de ene schroef bovenop de andere te draaien. De schroef zal dan vallen en/of de schroeventoevoer doen stoppen. 䡬 Wees dus voorzichtig. Het vastschroeven van ‘losse flodders’ Bij doorlopend gebruik van het apparaat zult u misschien niet merken dat de schroevenband op is en doorgaan met schroeven. Wanneer dit gebeurt, zal het schroefbit het lat- of pleisterwerk beschadigen. Houdt tijdens het schroeven dus altijd het aantal restererende schroeven in de gaten. 䡬 Indien het schuifmechanisme niet soepeltjes heen en weer kan bewegen, maakt u deze schoon met bijvoorbeeld een luchtdrukpistool.

2. Het gebruik in hoeken (Afb. 16)

Het apparaat kan worden gebruikt in posities tot aan 15 mm van de muur. OPMERKING Probeer geen schroeven vast te draaien wanneer het apparaat zich op een afstand van minder dan 15 mm ten opzicht van de muur bevindt. Draai geen schroeven vast wanneer het huis van het schuifmechanisme contact maakt met de muur. Schade aan het schroefhoofd leidt tot slijtage van het schroefbit. Het juiste draaimoment wordt niet overgedragen op de schroef indien het schroefhoofd of het schroefbit is versleten of beschadigd. Dit kan tevens leiden tot het verkeerd indraaien van de schroef en het kapotgaan van de machine.

3. De schroeven verwijderen

De vastgezette schroeven kunnen verwijderd worden door ze in de tegengestelde richting

(linksom) te draaien. Zet het bitje in de groef op de kop van de schroef en trek aan de trekker terwijl je het bitje verticaal in de groef houdt. Of druk het bitje verticaal tegen de groef op de kop van de schroef terwijl je aan de trekker trekt.

4. Indien het schuifmechanisme niet soepel beweegt

Indien het schuifmechanisme niet soepeltjes heen en weer kan bewegen, maak deze dan schoon met bijvoorbeeld een luchtdrukpistool (Afb. 17). OPMERKING Bij veelvuldig rechtop gebruik van de machine zal het snel vuil worden door resten van lat- en pleisterwerk. Maak de schuifbare ondeerdelen van de machine daarom regelmatig schoon. 05Ned_ WF14DSL_WE.p65 9/22/11, 1:42 PM48Nederlands

5. Het bevestigen van het plaatje

Wanneer het plaatje is beschadigd en niet meer gebruikt kan worden, dient deze vervangen te worden door het bijgevoegde plaatje. Het plaatje wordt bevestigd door de gaten in het plaatje over de uitsteeksels op de stopper te schuiven (Afb. 18).

6. De haak gebruiken

De haak wordt gebruikt om de machine aan uw heupriem te hangen terwijl u werkt. LET OP: 䡬 Wanneer u de haak gebruikt, dient u erop te letten dat de machine stevig bevestigd is zodat deze niet per ongeluk valt. Als de machine valt, kan dit een ongeval veroorzaken. 䡬 Wanneer u de machine draagt terwijl deze bevestigd is aan uw heupriem, plaats dan geen uitrustingsstuk in de kop van de machine. Als de machine is uitgerust met een scherp uitrustingsstuk zoals een boor terwijl u het aan uw heupriem draagt, veroorzaakt dat letsel. 䡬 Bevestig de haak stevig. Als de haak niet stevig is bevestigd, kan dit letsel veroorzaken tijdens het gebruik. (1) De haak verwijderen. Verwijder de schroeven die de haak op zijn plaats houden met een Philips schroevendraaier. (Fig. 19) (2) De haak terug plaatsen en de schroeven vastdraaien. Plaats de haak stevig in de groef van de machine en draai de schroeven vast om de haak stevig te bevestigen. (Fig. 20)

7. Over de indicator van de resterende acculading

Wanneer u op de indicatieschakelaar van de resterende acculading drukt, licht het indicatielampje van de resterende acculading op en kunt u de resterende acculading controleren. (Fig. 21) Wanneer u uw vinger van de indicatieschakelaar van de resterende acculading haalt, dooft het indicatielampje. In tabel 4 vindt u de status van het indicatielampje van de resterende acculading en de resterende acculading. Omdat de indicator van de resterende acculading een enigszins ander resultaat geeft afhankelijk van de omgevingstemperatuur en kenmerken van de accu, gebruikt u de informatie best als referentie. OPMERKING: 䡬 Stel het schakelpaneel niet bloot aan sterke schokken en breek het niet. Dit kan een defect veroorzaken. 䡬 Om accuvermogen te sparen, licht het indicatielampje van de resterende acculading op door op de indicatieschakelaar van de resterende acculading te drukken.

8. Kontroleer of de accu op de juiste manier aange

VOORZICHTIG Ga zorgvuldig om met zowel de schroeven in een doos als met de schroevenband. Als u ze laat vallen, kunnen er schroeven uit de band los raken, hetgeen problemen bij de doorvoer zal geven. Laat de schroeven niet te lang in de open lucht en de volle zon liggen. Hierdoor kunnen de schroeven gaan roesten en de band kromtrekken. Gebruikt u de schroeven een tijdje lang niet, berg ze dan op in een goed sluitende doos e.d.

ONDERHOUD EN INSPECTIE

1. Kontroleren van het schroefstuk

Het gebruik van een gebroken of versleten schroef- stuk is gevaarlijk, omdat het schroefstuk dan kan slippen. Vervang het schroefstuk door een nieuwe.

2. Inspectie van bevestigingsschroeven

Kontroleer deze schroeven regelmatig om te verzekeren dat ze goed aangedraaid zijn. Draai loszittende schroeven onmiddellijk vast. Dit om ongelukken te voorkomen.

3. Onderhoud van de motor

De motorwikkeling is het „hert” van het electrishce gereedschap. Er moet daarom bijzonder zorgvuldig op gelet worden, dat de wikkeling niet beschadigd en/or met olie or water bevochtigd wordt.

4. Inspectie van de koolborstels (Afb. 22)

In de motor zijn koolborstels gebruikt, die onderhevig zijn aan slijtage. Omdat te ver versleten koolborstels kunnen leiden tot problemen met de motor dient u de koolborstel te vervangen door een nieuwe wanneer deze versleten is tot op of tot bij de „slijtagelimiet”. Bovendien moeten de koolborstels altijd schoon zijn en zich vrij in de borstelhouders kunnen bewegen. OPMERKING: Verzeker u ervan dat u de HiKOKI koolborstel code no. 999054 gebruikt, wanneer u de koolborstel vervangt.

5. Het wisselen van de koolborstel

Neem de koolborstel uit door eerst de kap van de borstel te verwijderen en vervolgens een schroevendraaier of iets dergelijks in het uitsteeksel van de koolborstel te haken, zoals te zien is in Afb.

Als u de koolborstel installeert, moet u de richting zo kiezen dat de nagel van de koolborstel overeenkomt met het contact-gedeelte buiten de borstelbuis. Duw de koolborstel vervolgens naar binnen met uw vinger, zoals te zien is in Afb. 25. Doe vervolgens de kap van de borstel weer terug. LET OP: U moet echt de nagel van de koolborstel in het contact-gedeelte buiten de borstelbuis passen. (U mag om het even welk van de twee meegeleverde nagels gebruiken.) U moet hier goed op letten, want een eventuele fout hiermee kan resulteren in een vervorming van de nagel van de koolborstel en kan in een vroeg stadium problemen met de motor veroorzaken. Tabel 4 De resterende acculading is de helft. De accu is bijna leeg. Laad de accu zo snel mogelijk op. Status van lampje Resterende acculading De resterende acculading is voldoende. 05Ned_ WF14DSL_WE.p65 9/22/11, 1:42 PM49Nederlands

6. Reiningen van de behuizing

Gebruik een zachte droge doek, of wat soppig water, wanneer de behuizing bevuild is. Gebruik geen vloeis toffen zoals terpentine of benzine om te voorkomen dat de afwerking beschadigd wordt.

Bewaar de slagboor op een plaats waar de temperatuur niet hoger is dan 40°C, en buiten het bereik van kinderen. OPMERKING: Controleer of de batterij volledig is geladen als deze gedurende langere tijd is opgeslagen (3 maanden of langer). Een batterij met een kleinere capaciteit kan tijdens het gebruik mogelijk niet worden opgeladen als hij langdurig is opgeslagen.

8. Lijst vervangingsonderdelen

LET OP: Reparatie, modificatie en ins pectie van HiKOKI elektrisch gereedschap dient te worden uitgevoerd door een erkend HiKOKI Service-centrum. Deze Onderdelenlijst komt van pas wanneer u deze samen met het gereedschap aanbiedt bij het erkende HiKOKI Service-centrum wanneer u om reparatie of ander onderhoud verzoekt. Bij gebruik en onderhoud van elektrisch gereedschap dienen de in het land waar u zich bevindt geldende veiligheidsregelgeving en veiligheidsstandaarden stipt te worden opgevolgd. MODIFICATIES: HiKOKI elektrisch gereedschap wordt voortdurend verbeterd en gewijzigd teneinde gebruik te kunnen maken van de nieuwste technische ontwikkelingen. Daarom is mogelijk dat sommige onderdelen zonder voorafgaande kennisgeving gewijzigd worden. Belangrijke informatie voor batterijen van HiKOKI snoerloos elektrisch gereedschap

ebruik altijd een van onze voorgeschreven originele batterijen. Wij kunnen de veiligheid en prestatie van ons snoerloos elektrisch gereedschap niet garanderen bij gebruik van andere dan de voorgeschreven batterijen, of als de batterij gedemonteerd of gewijzigd is (zoals demontage of vervanging van batterijcellen of andere inwendige onderdelen). GARANTIE De garantie op het elektrisch gereedschap van HiKOKI is in overeenstemming met de wettelijke/landspecifieke richtlijnen. Deze garantie dekt geen defecten of schade als gevolg van foutief gebruik, misbruik of normale slijtage. In geval van klachten verzoeken wij u het elektrisch gereedschap samen met het GARANTIECERTIFICAAT dat u achterin deze handleiding aantreft naar een erkend servicecentrum van HiKOKI te sturen. Indien door de gebruiker de machine wordt gedemonteerd vervalt de aanspraak op garantie. OPMERKING: Op grond van het voortdurende research en ont wikkelingsprogramma van HiKOKI zijn veranderingen van de hierin genoemde technische opgaven voorbehouden. nformatie betreffende luchtgeluid en trillingen De gemeten waarden zijn verkregen overeenkomstig EN60745 en voldoen aan de eisen van ISO 4871. Gemeten A-gewogen geluidsniveau: 90 dB (A) Gemeten A-gewogen geluidsdrukniveau: 79 dB (A) Onzekerheid Kp A: 3 dB (A) Draag gehoorbescherming. Totale trillingswaarden (triax vector som) bepaald overeenkomstig EN60745. Onbelast Schroeven indraaien zonder slagfunctie: Trillingsemissiewaarde ah = 0,5 m/s

De totale bepaalde trillingswaarde is gemeten in overeenstemming met een standaardtestmethode en is bruikbaar om meerdere gereedschappen met elkaar te vergelijken. U kunt dit ook als beoordeling vooraf aan de blootstelling gebruiken. WAARSCHUWING 䡬 De trillingsemissiewaarde tijdens het feitelijke gebruik van het elektrisch gereedschap kan afwijken van de opgegeven totale waarde afhankelijk van de manieren waarop het gereedschap wordt gebruikt. 䡬 Neem kennis van de veiligheidsmaatregelen voor de bescherming van de gebruiker die gebaseerd zijn op een schatting van blootstelling onder feitelijke gebruiksomstandigheden (rekening houdend met alle onderdelen van de gebruikscyclus, zoals de tijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en wanneer dit onbelast draait inclusief de triggertijd). 05Ned_ WF14DSL_WE.p65 9/22/11, 1:42 PM50Español

Wij verklaren onder onze eigen verantwoordelijkheid dat Snoerloze snelschroefautomaat, geïdentifi ceerd door het type en de specifi eke identifi catiecode*1), voldoet aan alle relevante bepalingen van de richtlijnen*2) en normen *3). Technische documentatie bij*4) – zie onder. De Europese Normen Manager bij de vertegenwoordiging in Europa is gemachtigd om het technisch dossier samen te stellen. Deze verklaring is van toepassing op producten voorzien van de CE- markeringen. Deutsch Español

Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : HiKOKI

Model : WF14DSL

Categorie : Schroevendraaier