DOLMAR CS246.4C - Multigereedschap

CS246.4C - Multigereedschap DOLMAR - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis CS246.4C DOLMAR in PDF-formaat.

📄 184 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice DOLMAR CS246.4C - page 82
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over CS246.4C DOLMAR

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Multigereedschap in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CS246.4C - DOLMAR en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CS246.4C van het merk DOLMAR.

GEBRUIKSAANWIJZING CS246.4C DOLMAR

Lees deze gebruiksaanwijzing aandachtig door voordat u het multifunctionele aandrijfsysteem in gebruik neemt en houdt u te allen tijde aan de veiligheidsinstructies!

Bewaar de gebruiksaanwijzing om deze in de toekomst te kunnen raadplegen.

Advertencia:

(Originele instructies)

Hartelijk dank voor uw aankoop van dit multifunctionele aandrijfsysteem van DOLMAR. Met trots bevelen wij u dit multifunctionele aandrijfsysteem van DOLMAR van harte aan als resultaat van een langdurig ontwikkelingsprogramma en jarenlange kennis en ervaring. Lees deze handleiding met daarin nauwkeurige beschrijvingen van de diverse punten die zijn hoogstaande prestaties demonstreren. Hierdoor bent u in staat de best mogelijke resultaten te behalen die het multifunctionele aandrijfsysteem van DOLMAR u kan bieden.

DOLMAR CS246.4C - (Originele instructies) - 1

Inhoud Pagina

Symbolen....82

Veiligheidsinstructies 83

Namen van onderdelen 88

De handgreep monteren....89

Het hulpstuk monteren 89

Demonteren....90

Vóór het begin van het werk....91

Correct omgaan met het gereedschap....93

Tips voor gebruik en procedure voor stoppen....93

Onderhoudsinstructies....96

Opslag 99

SYMBOLEN

Let op de volgende symbolen wanneer u de gebruiksaanwijzing leest.

DOLMAR CS246.4C - SYMBOLEN - 1

Lees de gebruiksaanwijzing en volg de waarschuwingen en veiligheidsvoorzorgsmaatregelen op!

DOLMAR CS246.4C - SYMBOLEN - 2

Draag een veiligheidshelm, gezichts- en gehoorbescherming!

DOLMAR CS246.4C - SYMBOLEN - 3

Besteed bijzondere zorg en aandacht! Brandstof (benzine)

DOLMAR CS246.4C - SYMBOLEN - 4

DOLMAR CS246.4C - SYMBOLEN - 5

Verboden! Motor handmatig starten

DOLMAR CS246.4C - SYMBOLEN - 6

DOLMAR CS246.4C - SYMBOLEN - 7

Verboden te roken! Noodstop

DOLMAR CS246.4C - SYMBOLEN - 8

DOLMAR CS246.4C - SYMBOLEN - 9

Geen open vuur! EHBO

DOLMAR CS246.4C - SYMBOLEN - 10

DOLMAR CS246.4C - SYMBOLEN - 11

Veiligheidshandschoenen vereist! AAN/START

DOLMAR CS246.4C - SYMBOLEN - 12

DOLMAR CS246.4C - SYMBOLEN - 13

Draag stevige schoenen met antislipzolen. Veiligheidsschoenen met stalen neuzen worden aanbevolen!

DOLMAR CS246.4C - SYMBOLEN - 14

UIT/STOP

DOLMAR CS246.4C - SYMBOLEN - 15

Houd mensen en huisdieren weg van het werkgebied!

Bedoeld gebruik van het gereedschap

Dit multifunctioneel aandrijfsysteem is bedoeld voor het aandrijven van een goedgekeurd hulpstuk dat wordt genoemd in deze gebruiksaanwijzing. Gebruik het gereedschap nooit voor enig ander doel.

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

Algemene instructies

  • Voor een correcte gebruik dient de gebruiker deze gebruiksaanwijzing te lezen om zichzelf bekend te maken met de juiste manier van omgaan met het multifunctionele aandrijfsysteem. Gebruikers die onvoldoende geïnformeerd zijn, lopen de kans zichzelf en anderen in gevaar te brengen als gevolg van onjuist omgaan met het multifunctionele aandrijfsysteem.
  • Wij adviseren u het multifunctionele aandrijfsysteem uitsluitend uit te lenen aan personen die aantoonbare ervaring hebben in het gebruik van een multifunctioneel aandrijfsysteem.
    Geef altijd de gebruiksaanwijzing mee.
  • Allereerst dienen gebruikers de dealer te vragen om basisinstructies om zichzelf bekend te maken met het omgaan met een multifunctioneel aandrijfsysteem.
  • Laat geen kinderen of jonge mensen die jonger zijn dan 18 jaar met het multifunctionele aandrijfsysteem werken. Jongeren die ouder zijn dan 16 jaar mogen echter het gereedschap gebruiken om te oefenen, maar alleen onder toezicht van een gekwalificeerde begeleider.
  • Gebruik het multifunctionele aandrijfsysteem altijd met de hoogst mogelijke zorg en aandacht.
  • Gebruik het multifunctionele aandrijfsysteem alleen als u in goede lichamelijke conditie bent. Werk altijd rustig en voorzichtig. De gebruiker is aansprakelijk ten opzichte van anderen.
  • Gebruik het multifunctionele aandrijfsysteem nooit na het gebruik van alcohol of drugs, of wanneer u zich moe of ziek voelt.
  • Het gebruik van het gereedschap kan landelijk gereglementeerd zijn.

Persoonlijke-veiligheidsuitrusting

  • De te dragen kleding dient functioneel en geschikt te zijn, d.w.z. nauwsluitend zonder te hinderen. Draag geen juwelen of kleding die in de struiken kunnen verstrikt raken.
  • Om tijdens het gebruik letsels aan hoofd, ogen, handen of voeten te voorkomen en uw gehoor te beschermen, moeten de volgende veiligheidsuitrusting en beschermende kleding worden gebruikt terwijl u met het multifunctionele aandrijfsysteem werkt.
  • Draag altijd een helm wanneer het risico bestaat op vallende objecten. U moet de veiligheidshelm (1) regelmatig controleren op schade en uiterlijk na 5 jaar worden vervangen. Gebruik alleen goedgekeurde veiligheidshelmen.
  • Het spatscherm (2) van de helm (of de veiligheidsbril) beschermt het gezicht tegen rondvliegend afval en stenen. Draag altijd een veiligheidsbril of een spatscherm wanneer u het multifunctionele aandrijfsysteem gebruikt om oogletsel te voorkomen.
  • Draag geschikte uitrusting om u te beschermen tegen het lawaai en gehoorbeschadiging te voorkomen (oorbeschermers (3), oordopjes, enz.).
  • Een werkoverall (4) beschermt tegen rondvliegend afval en opspringende stenen.
    Wij raden u sterk aan een werkoverall te dragen.
  • Speciale handschoenen (5) van dik leer maken deel uit van de voorgeschreven uitrusting en moeten altijd worden gedragen tijdens het gebruik van het multifunctionele aandrijfsysteem.
  • Draag altijd stevige schoenen (6) met een antislipzool wanneer u het multifunctionele aandrijfsysteem gebruikt. Dit beschermt u tegen letsel en garandeert dat u stevig staat.

Het multifunctionele aandrijfsysteem starten

  • Zorg ervoor dat geen kinderen of andere personen zich in de buurt bevinden, en let ook op of er geen dieren in de werkomgeving zijn.
  • Zorg ervoor dat het hulpstuk op zijn plaats is bevestigd, controleer de gashendel op soepele bediening, en controleer de juiste werking van de uitvergrendeling.
  • Het hulpstuk mag niet bewegen wanneer de motor stationair loopt. Neem bij twijfel contact op met uw dealer voor afstelling. Controleer of de handgrepen schoon en droog zijn en test de werking van de stopschakelaar.

DOLMAR CS246.4C - Het multifunctionele aandrijfsysteem starten - 1

text_image Schematische voorstelling 360° 15 meter 15m (50m)

Start het multifunctionele aandrijfsysteem alleen in overeenstemming met de instructies.

- Gebruik geen enkele andere methode om de motor te starten!

  • Gebruik het multifunctionele aandrijfsysteem en de gereedschappen uitsluitend voor de beschreven toepassingen.
  • Start de motor van het multifunctionele aandrijfsysteem alleen nadat deze volledig is gemonteerd. Het gereedschap mag uitsluitend worden gebruikt nadat alle toepasselijke toebehoren zijn gemonteerd!
  • Controleer vóór het starten of het hulpstuk geen contact maakt met harde voorwerpen, zoals takken, stenen, enz., omdat tijdens het starten het hulpstuk zal ronddraaien.
  • De motor moet onmiddellijk uitgeschakeld worden in geval van enige motorstoring.
  • Als het hulpstuk stenen of andere objecten raakt, moet u de motor onmiddellijk uitschakelen en het hulpstuk controleren.
  • Gebruik het multifunctionele aandrijfsysteem alleen wanneer de schouderriem is bevestigd, die goed moet worden afgesteld voordat het multifunctionele aandrijfsysteem wordt gebruikt. Het is belangrijk de schouderriem af te stellen overeenkomstig de lichaamsgrootte van de gebruiker om vermoeidheid tijdens gebruik te voorkomen. Houd het multifunctionele aandrijfsysteem nooit met slechts een hand vast tijdens het gebruik.
  • Houd tijdens gebruik het multifunctionele aandrijfsysteem altijd met twee handen vast.

Zorg er altijd voor dat u stevig staat.
- Gebruik het multifunctionele aandrijfsysteem zo, dat u geen uitlaatgassen kunt inademen. Laat de motor nooit draaien in een gesloten vertrek (kans op gasverstikking). Koolmonoxide is een geurloos gas.
- Schakel de motor uit tijdens pauzes en wanneer u het multifunctionele aandrijfsysteem onbeheerd achterlaat, en leg het op een veilige plaats om gevaar voor anderen en beschadiging van het gereedschap te voorkomen.
- Leg nooit een warm multifunctioneel aandrijfsysteem op droog gras of enige andere ontvlambare materialen.
- De hele veiligheidsuitrusting en alle beschermkappen die bij het gereedschap zijn geleverd, moeten tijdens het werk worden gebruikt.
- Laat de motor nooit lopen met een defecte uitlaatdemper.
- Schakel de motor uit tijdens het transport.
- Tijdens vervoer over lange afstanden moeten altijd de beschermingsdelen die bij het gereedschap werden geleverd worden gebruikt.
- Leg tijdens vervoer per auto het multifunctionele aandrijfsysteem op een veilige plaats om te voorkomen dat er brandstof uit lekt.
- Wanneer u het multifunctionele aandrijfsysteem vervoert, moet u ervoor zorgen dat de brandstoftank volledig leeg is.
- Let erop dat bij het uitladen van het multifunctionele aandrijfsysteem uit de auto, de motor niet op de grond valt omdat hierdoor de brandstoftank ernstig kan worden beschadigd.
- Behalve in noodgevallen mag u het multifunctionele aandrijfsysteem nooit op de grond laten vallen of weggooien omdat hierdoor het multifunctionele aandrijfsysteem zwaar beschadigd kan raken.
- Let erop dat u het volledige gereedschap van de grond tilt wanneer u het verplaatst. Het is bijzonder gevaarlijk de brandstoftank over de grond te slepen en dit zal beschadiging en lekkage veroorzaken die kan leiden tot brand.
- Nadat tegen het gereedschap is gestoten of het is gevallen, controleert u de conditie van het gereedschap voordat u de werkzaamheden hervat. Controleer het brandstofsysteem op brandstoflekkage, en de bedieningselementen en veiligheidsvoorzieningen op een juiste werking. Als enige beschadiging zichtbaar is of u twijfelt, vraagt u ons erkende servicecentrum om inspectie en reparatie.

Brandstof bijvullen

  • Schakel de motor uit tijdens het bijvullen van brandstof, houd het gereedschap uit de buurt van open vuur en rook niet.
  • Vermijd huidcontact met minerale-olieproducten. Adem de brandstofdampen niet in. Draag altijd veiligheidshandschoenen tijdens het bijvullen van de brandstof. Zorg dat u de beschermende kleding regelmatig vervangt en reinigt.
  • Wees voorzichtig geen brandstof of olie te morsen om bodemverontreiniging te voorkomen (milieubescherming). Reinig het multifunctionele aandrijfsysteem onmiddellijk nadat brandstof erop is gemorst.
  • Vermijd dat brandstof in aanraking komt met uw kleding. Kleed u onmiddellijk om als brandstof op uw kleding is gemorst (om te voorkomen dat de kleding vlam vat).
  • Inspecteer de brandstofvuldop regelmatig om zeker te zijn dat de dop stevig kan worden aangedraaid en niet lekt.
  • Draai de brandstofvuldop stevig vast. Verplaats het multifunctionele aandrijfsysteem voordat u de motor start (tenminste 3 meters afstand tot de plaats waar brandstof is bijgevuld.)
  • Vul nooit brandstof bij in een gesloten vertrek. Brandstofdampen verzamelen zich vlak boven de vloer (risico van explosie.)
  • Vervoer en bewaar brandstof alleen in goedgekeurde tanks. Zorg dat de opgeslagen brandstof niet toegankelijk is voor kinderen.

DOLMAR CS246.4C - Brandstof bijvullen - 1

text_image STOP • Pauzeren • Vervoeren • Brandstof bijvullen • Onderhouden • Onderdelen vervangen

DOLMAR CS246.4C - Brandstof bijvullen - 2

  • Gebruik het multifunctionele aandrijfsysteem alleen bij goed licht en zicht. Wees in de winter bedacht op gladde of natte plaatsen, ijs en sneeuw (gevaar voor uitglijden). Zorg er altijd voor dat u stevig staat.
  • Sta nooit op een ladder met een draaiend multifunctionele aandrijfsysteem.
  • Klim nooit in een boom om daar het multifunctionele aandrijfsysteem te gebruiken.
  • Werk nooit op onstabiele oppervlakken.
  • Voordat u met het hulpstuk begint te werken, moet het hulpstuk op maximaal toerental draaien.
  • Neem een pauze om te voorkomen dat u door vermoeidheid de controle over het gereedschap verliest. Wij adviseren u ieder uur 10 tot 20 minuten te rusten.

Onderhoudsinstructies

  • Laat uw gereedschap onderhouden door ons erkende servicecentrum dat altijd uitsluitend gebruikmaakt van originele vervangingsonderdelen. Onjuiste reparatie en slecht onderhoud kan de levensduur van het gereedschap verkorten en de kans op ongevallen vergroten.
  • Bedien het multifunctionele aandrijfsysteem met zo weinig mogelijk lawaai en vervuiling. Controleer met name de carburateur op een verkeerde afstelling.
  • Maak het multifunctionele aandrijfsysteem regelmatig schoon en controleer of alle schroeven en moeren stevig zijn vastgemaakt.
  • Onderhoud of bewaar het multifunctionele aandrijfsysteem niet in de buurt van open vuur.
  • Bewaar het multifunctionele aandrijfsysteem altijd in een afgesloten ruimte en met een leeggemaakte brandstoftank. Als de brandstoftank moet worden afgetapt, moet dit in de open lucht gebeuren.

DOLMAR CS246.4C - Onderhoudsinstructies - 1

Volg de relevante instructies voor het voorkomen van ongevallen die door de relevante beroepsverenigingen en verzekeringsmaatschappijen zijn uitgegeven.

Breng geen wijzigingen aan het multifunctionele aandrijfsysteem aan, omdat hiermee uw veiligheid gevaar loopt.

Het uitvoeren van onderhoud of reparaties door de gebruiker is beperkt tot de activiteiten die in de gebruiksaanwijzing zijn beschreven. Alle andere werkzaamheden moet worden uitgevoerd door een erkend servicecentrum. Gebruik uitsluitend originele vervangingsonderdelen en accessoires die zijn vervaardigd en geleverd door DOLMAR.

Het gebruik van niet-goedgekeurde accessoires en gereedschappen leidt tot een verhoogde kans op ongevallen. DOLMAR aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor ongevallen of schade veroorzaakt door het gebruik van niet-goedgekeurde hulpstukken, bevestigingsmiddelen voor hulpstukken of accessoires.

EHBO

Zorg dat er altijd een EHBO-doos beschikbaar is in de buurt waar er wordt gemaaid om eerste hulp te bieden bij eventuele ongevallen. Vervang onmiddellijk elk item dat uit de EHBO-doos is genomen.

Geef de volgende informatie wanneer u hulp inroept:

  • Plaats van het ongeval
  • Beschrijving van het ongeval
  • Aantal gewonden
  • Soort letsels
  • Uw naam

DOLMAR CS246.4C - Geef de volgende informatie wanneer u hulp inroept: - 1

Trillingen

  • Personen met een slechte bloedsomloop die worden blootgesteld aan sterke trillingen, kunnen verwondingen aan bloedvaten of het zenuwstelsel oplopen. Trillingen kunnen de volgende symptomen veroorzaken in de vingers, handen of polsen: "slapen" (ongevoeligheid), tintellingen, pijn, stekend gevoel, veranderen van huidskleur of van de huid. Als een van deze symptomen zich voordoet, raadpleegt u uw huisarts!
  • Om de kans op deze "witte-vingerziekte" te verkleinen, houdt u uw handen warm tijdens het werk en onderhoudt u het gereedschap en de accessoires goed.

EU-VERKLARING VAN CONFORMITEIT

Alleen voor Europese landen

De EU-verklaring van conformiteit is opgenomen als Bijlage A in deze instructiehandleiding.

Model CS-246.4C
Type handgreep Beugelhandgreep
Afmetingen: lengte x breedte x hoogte (zonder snijblad) met beschermplaat mm975 x 323 x 241
Afmetingen: lengte x breedte x hoogte (zonder snijblad) zonder beschermplaat mm975 x 242 x 241
Gewicht (zonder kunststofbeschermkap en snijblad) kg 4,6
Volume (brandstoftank) I 0,6
Volume (oliereservoir) I 0,08
Cilinderinhoud cm ^3 25,4
Maximaal motorvermogen kW 0,77 bij 7.000 min ^-1
Motortoerental bij aanbevolen max. astoerental min ^-1 10.000
Stationair toerental min ^-1 3.000
Toerental op aangrijppunt van koppeling min^-1 3.900
CarburateurMembraantype
OntstekingssysteemContactloos, magneettype
Bougie typeNGK CMR4A
Elektrodenafstand mm0,7 - 0,8
BrandstofBenzine voor auto's
MotorolieOlie van API-classificatie SF-klasse of beter, of olie SAE 10W-30 (4-taktmotorolie voor auto's)

Trillingen

HULPSTUK Model
Bosmaaierhulpstuk BC-CS, BC-AC
Graskantmaaierhulpstuk LT-CS
Stoksnoeizaaghulpstuk PS-CS 1
Heggenschaarhulpstuk HT-CS 1, HT-CS 2
Grondheggenschaarhulpstuk HT-CS 3
Grondfreeshulpstuk MC-CS, MC-CS1
Koffieoogsthulpstuk CH-CS
Grasrandsnijhulpstuk PE-CS
Aandrijfasverlengingshulpstuk SE-CS
Borstelhulpstuk MB-CS
Vegerhulpstuk MW-CS
Blazerhulpstuk AG-CS

CS-246.4C

DOLMAR CS246.4C - EU-VERKLARING VAN CONFORMITEIT - 1

NLNAMEN VAN ONDERDELEN
1Brandstoftank
2Trekstartinrichting
3Luchtfilter
4Stopschakelaar (stop - bedrijf)
5Uitlaatdemper
6Koppelingshuis
7Achterste handvat
8Bevestigingsoog
9Handgreep
10Gashendel
11Uit-vergrendelhendel
12Gaskabel
13Schacht
14Brandstofvuldop
15Trekstarthandgreep
16Uitlaatpijp
17Olievuldop
18Beschermplaat*

Opmerking: In sommige landen wordt de beschermplaat niet bij het gereedschap geleverd.

LET OP: Voordat u werkzaamheden uitvoert aan het multifunctionele aandrijfsysteem, moet u altijd de motor uitschakelen en de bougiekap van de bougie aftrekken.

Draag altijd veiligheidshandschoenen!

LET OP: Start het multifunctionele aandrijfsysteem pas nadat deze geheel in elkaar is gezet.

De beugelhandgreep bevestigen

  • Monteer de beschermplaat en de handgreep stevig met behulp van twee schroeven en klemmen. Plaats hierbij de beschermplaat aan de linkerkant van het gereedschap, zoals afgebeeld.
  • Zorg ervoor dat de beschermplaat/handgreep zich tussen de afstandshouder en de pijlmarkering bevindt. Verwijder of verkort de afstandshouder niet.
  • Verwijder na montage de beschermplaat niet.

LET OP: Monteer de handgreep nooit op de sticker of de aansluiting.

Opmerking: In sommige landen worden de beschermplaat en de pijlmarkering niet bij het gereedschap geleverd.

DOLMAR CS246.4C - De beugelhandgreep bevestigen - 1

text_image STOP

DOLMAR CS246.4C - De beugelhandgreep bevestigen - 2

text_image Motor Pijlmarkering Aansluiting

HET HULPSTUK MONTEREN

LET OP: Voordat u werkzaamheden uitvoert aan het multifunctionele aandrijfsysteem, moet u altijd de motor uitschakelen en de bougiekap van de bougie aftrekken.

Draag altijd veiligheidshandschoenen!

LET OP: Start het multifunctionele aandrijfsysteem pas nadat deze geheel in elkaar is gezet.

Bevestigen

  • Zet de hendel omhoog.
  • Lijn de pin op het hulpstuk uit met de groef van de koppeling en steek de pin erin.
  • Steek het hulpstuk erin tot aan de pijl op het hulpstuk. En controleer of de knop omhoog is gekomen.

- Zet de hendel omlaag. (Zie de afbeeldingen rechts als hulpmiddel.)

DOLMAR CS246.4C - Bevestigen - 1

text_image STOP

DOLMAR CS246.4C - Bevestigen - 2

  • Zet de hendel omhoog.
  • Druk op de knop en haal het hulpstuk eraf.
    (Probeer zo veel mogelijk het hulpstuk in een rechte lijn eraf e trekken.)

Opmerking:

- Laat de hendel niet omlaag staan wanneer geen hulpstuk is bevestigd.

DOLMAR CS246.4C - Opmerking: - 1

Controleren en bijvullen van de motorolie

  • Voer de volgende procedure uit bij koude motor.
  • Plaats de motor horizontaal, draai de olievuldop eraf (zie afb. 1) en controleer of het oliepeil tussen de inwendige randen in de oliebuis voor de boven- en ondergrens van het oliepeil staat (zie afb. 2).
  • Vul motorolie bij tot aan de markering van de bovengrens als er te weinig motorolie in zit (het oliepeil is dicht bij de ondergrens) (zie afb. 3).
  • Het gebied tussen de markeringen op de buitenkant is doorzichtig zodat het oliepeil van buitenaf kan worden gecontroleerd zonder de olievuldop eraf te hoeven draaien. Echter, wanneer de oliebuis erg vuil is geworden, kan deze ondoorzichtig zijn en moet het oliepeil worden gecontroleerd aan de hand van de inwendige randen binnenin de oliebuis.
  • Ter informatie, na ongeveer iedere 10 bedrijfsuren moet olie worden bijgevuld (na iedere 10 keer brandstof bijvullen). Als de olie door vuil van kleur is veranderd, ververst u de vuile olie door nieuwe. (Raadpleeg pagina 96 voor informatie over de verversingsinterval en verversingsprocedure.)

Aanbevolen olie: SAE 10W-30 olie van API-classificatie, SF-klasse of beter (4-taktmotorolie voor auto's)

Hoeveelheid olie: Ongeveer 0,08 liter

Opmerking: Als de motor niet horizontaal wordt gehouden, kan de olie binnenin de motor terechtkomen en te veel worden bijgevuld.

Als de olie tot boven het bovenste merkteken wordt bijgevuld, kan de olie gemorst worden en vlam vatten waarbij witte rook vrijkomt.

Tip 1 bij het verversen van de olie: "Olievuldop"

- Verwijder stof of vuil rondom de olievulopening en draai de olievuldop eraf.

- Zorg ervoor dat geen zand of stof op de olievuldop komt. Als dit toch gebeurt, kan het zand of stof dat aan de olievuldop kleeft leiden tot een onregelmatige oliecirculatie of slijtage van de motoronderdelen, waardoor storingen kunnen ontstaan.

DOLMAR CS246.4C - Tip 1 bij het verversen van de olie: "Olievuldop" - 1

text_image Olievuldop Inwendige rand (bovengrens) Oiebuis Inwendige rand (ondergrens) Markering op buitenkant (bovengrens) Markering op buitenkant (ondergrens)

Afb. 1
Afb. 2 Oliebuis Afb. 3

DOLMAR CS246.4C - Tip 1 bij het verversen van de olie: "Olievuldop" - 2

text_image Motorolie Vul motorolie bij tot aan de inwendige rand

Vul motorolie bij tot aan de inwendige rand (bovengrens).
Het gedeelte tussen de markeringen op de buitenkant voor de boven- en ondergrens is doorzichtig zodat u van buitenaf kunt controleren of het oliepeil tussen de markeringen staat.

(1) Houd de motor horizontaal en draai de olievuldop eraf.
(2) Vul motorolie bij tot aan de markering van de bovengrens (zie afb. 3). Gebruik voor het bijvullen een oliefles.
(3) Draai de olievuldop stevig vast. Bij onvoldoende vastdraaien kan olie eruit lekken.

DOLMAR CS246.4C - Tip 1 bij het verversen van de olie: "Olievuldop" - 3

  • Ververs de olie niet met de motor in een gekantelde positie.
  • Als olie wordt bijgevuld terwijl de motor is gekanteld, kan te veel olie worden bijgevuld waardoor verontreiniging en/of witte rook wordt veroorzaakt.

Tip 2 bij het verversen van de olie: "Olielekkage"

- Als olie eruit lekt tussen de brandstoftank en het motorblok, wordt de olie via de koelluchtinlaatopening naar binnen gezogen waardoor de motor verontreinigd raakt. Veeg gelekte olie af voordat u met het werk begint.

BRANDSTOF BIJVULLEN

Omgaan met brandstof

Het is noodzakelijk uiterst voorzichtig om te gaan met brandstof. Brandstof kan stoffen bevatten die ook in oplosmiddelen voorkomen. Het bijvullen van brandstof moet gebeuren in een vertrek met een voldoende goede ventilatie of in de open lucht. Adem nooit brandstofdampen in en houd afstand tot de brandstof. Als uw huid herhaaldelijk in aanraking komt met brandstof gedurende een lange tijd, wordt uw huid droog, waardoor een huidziekte of allergie kan ontstaan. Als brandstof in uw oog komt, spoelt u uw oog uit met schoon water. Als uw oog daarna blijft irriteren, raadpleegt u een dokter.

Bewaartermijn van brandstof

Brandstof dient binnen een periode van 4 weken te worden opgebruikt, ook wanneer de brandstof wordt bewaard in een speciale jerrycan op een goed geventileerde plaats in de schaduw.

Als geen speciale jerrycan wordt gebruikt, of als de brandstof in een open bak wordt bewaard, kan de brandstof binnen één dag verslechteren.

OPSLAG VAN MAAIER EN JERRYCAN

  • Bewaar het gereedschap en de jerrycan op een koele plaats uit direct zonlicht.
  • Bewaar de brandstof nooit in de passagiersruimte of bagageruimte van een auto.

Brandstof

De motor is een viertaktmotor. Gebruik uitsluitend benzine voor auto's (normale benzine of superbenzine).

Tips voor het omgaan met brandstof

  • Gebruik nooit mengsmering, waarin motorolie zit. Als u dat doet, zal buitensporige koolafzetting of mechanische storing optreden.
  • Als verslechterde olie wordt gebruikt, zal dat leiden tot onregelmatig starten.

Brandstof bijvullen

WAARSCHUWING: STRENG VERBODEN VOOR ONTBRANDBARE MATERIALLEN

Gebruikte benzine: Benzine voor auto's (loodvrije benzine)

  • Draai de brandstofvuldop een klein stukje los zodat een verschil in luchtdruk wordt opgeheven.
  • Draai de brandstofvuldop eraf, vul brandstof bij en laat de lucht uit de brandstoftank stromen door de brandstoftank iets te kantelen zodat de brandstofvulopening recht omhoog wijst. (Vul nooit brandstof bij via de olievulopening.)
  • Veeg rondom de brandstofvuldop goed schoon om te voorkomen dat vreemde stoffen in de brandstoftank kunnen vallen.
  • Na het bijvullen van brandstof draait u de brandstofvuldop weer vast.

  • Als enige onvolkomenheid of schade aan de brandstofvuldop wordt geconstateerd, moet deze worden vervangen.

  • De brandstofvuldop is een verbruiksartikel en moet daarom iedere twee tot drie jaar worden vervangen.

DOLMAR CS246.4C - WAARSCHUWING: STRENG VERBODEN VOOR ONTBRANDBARE MATERIALLEN - 1

text_image Bovengrens van brandstofpeil Brandstoftvuldop Brandstofttank

CORRECT OMGAAN MET HET GEREEDSCHAP

De schouderriem bevestigen

- Pas de lengte van de schouderriem aan overeenkomstig uw werkzaamheden.

Losmaken

- In geval van nood, druk de knoppen (1) aan beide zijkanten in zodat het gereedschap los komt van uw lichaam.

Let er goed op dat u op dat moment de controle over het gereedschap behoudt. Zorg ervoor dat het gereedschap zich niet in uw richting of in de richting van iemand die in de buurt staat beweegt.

WAARSCHUWING: Als u geen complete controle over het gereedschap behoudt, kan dit ernstige lichamelijk letsels of de DOOD veroorzaken.

DOLMAR CS246.4C - Losmaken - 1

text_image (1) Bevestigingsoog

TIPS VOOR GEBRUIK EN PROCEDURE VOOR STOPPEN

Volg de toepasselijke voorschriften voor ongevallenpreventie!

DOLMAR CS246.4C - TIPS VOOR GEBRUIK EN PROCEDURE VOOR STOPPEN - 1

DOLMAR CS246.4C - TIPS VOOR GEBRUIK EN PROCEDURE VOOR STOPPEN - 2

DOLMAR CS246.4C - TIPS VOOR GEBRUIK EN PROCEDURE VOOR STOPPEN - 3

INSCHAKELEN

Houd tenminste 3 meters afstand tot de plaats waar brandstof is bijgevuld. Plaats het multifunctionele aandrijfsysteem op een schoon stuk grond en zorg ervoor dat het hulpstuk de grond of andere voorwerpen niet raakt.

A: Startprocedure bij koude motor

1) Plaats het gereedschap op een vlakke ondergrond.
2) Zet de stopschakelaar (1) in de stand I (bedrijf).

DOLMAR CS246.4C - A: Startprocedure bij koude motor - 1

text_image Uit-vergrendelhendel BEDRIJF STOP Hoog toerental Laag toerental Gashendel (1)

3) Brandstofhandpomp

Blijf op de brandstofhandpomp drukken tot de brandstof in de brandstofhandpomp stroomt.

(Over het algemeen stroomt de brandstof in de brandstofhandpomp na 7 tot 10 keer duwen.)

Als te vaak op de brandstofhandpomp wordt gedrukt, vloeit het overschot aan brandstof terug naar de brandstoftank.

4) Trekstartinrichting

Trek voorzichtig aan de trekstarthandgreep tot u weerstand voelt (compressiepunt). Laat de trekstarthandgreep terugtrekken en trek er vervolgens krachtig aan.

Trek nooit door tot aan het einde van het trekstartkoord. Nadat aan de trekstarthandgreep is getrokken, mag u hem niet onmiddellijk loslaten. Houd de trekstarthandgreep vast tot het trekstartkoord is opgewonden in de trekstartinrichting.

5) Opwarmen

Laat de motor gedurende 2 tot 3 minuten opwarmen.

DOLMAR CS246.4C - 5) Opwarmen - 1

text_image Brandstofhandpomp Carburateur

DOLMAR CS246.4C - 5) Opwarmen - 2

Opmerking: In geval van een overmatige brandstoftoevoer, verwijdert u de bougie en trekt u langzaam aan de trekstarthandgreep om overtollige brandstof te verwijderen. Maak ook het elektrodengedeelte van de bougie droog.

Opgelet tijdens gebruik:

Als de gashendel volledig wordt ingeknepen tijdens onbelast bedrijf, neemt het motortoerental toe tot meer dan 10.000 toeren min ^1 of meer. Laat de motor nooit draaien op een hoger toerental dan nodig is en met een toerental van 6.000 tot 8.500 toeren min ^-1 .

B: Startprocedure bij warme motor

1) Druk herhaaldelijk op de brandstofhandpomp.
2) Laat de gashendel in de stand voor stationair draaien staan.
3) Trek krachtig aan de trekstarthandgreep.
4) Als de motor moeilijk te starten is, zet u de chokehendel ongeveer 1/3 open.
Let goed op het hulpstuk dat kan gaan draaien.

Wanneer de motor moeilijk te starten is, zoals in de winter

Gebruik de chokehendel volgens de volgende procedure om de motor te starten.

  • Nadat de stappen 1) tot en met 3) van de startprocedure zijn uitgevoerd, zet u de chokehendel in de dichte stand.
  • Voer stap 4) van de startprocedure uit en start de motor.
  • Nadat de motor is gestart, zet u de chokehendel in de geopende stand.
  • Voer stap 5) van de startprocedure uit en voltooi het opwarmen.

LET OP: Wanneer een dreun (geluid van een explosie) wordt gehoord en de motor afslaat, of de zojuist gestarte motor afslaat voordat de chokehendel wordt bediend, zet u de chokehendel terug in de geopende stand, en trekt u weer enkele keren aan de trekstarthandgreep om de motor te starten.

LET OP: Als de chokehendel in de dichte stand blijft staan en alleen enkele keren aan de trekstarthandgreep wordt getrokken, wordt te veel brandstof aangezogen en zal de motor moeilijk te starten zijn.

DOLMAR CS246.4C - Wanneer de motor moeilijk te starten is, zoals in de winter - 1

text_image Dicht

DOLMAR CS246.4C - Wanneer de motor moeilijk te starten is, zoals in de winter - 2

text_image Geopend

STOPPEN

1) Laat de gashendel (2) volledig los en, nadat het motortoerental is afgenomen, duw de stopschakelaar (1) naar de stand "STOP" om de motor uit te schakelen.
2) Bedenk dat het hulpstuk wellicht niet onmiddellijk stopt en laat het volledig uitdraaien.

DOLMAR CS246.4C - STOPPEN - 1

Als het nodig is het laag toerental (voor stationair draaien) af te stellen, doet u dit met behulp van de stelschroef op de carburateur.

HET LAAG TOERENTAL CONTROLEREN

  • Stel het laag toerental af op 3.000 toeren min ^1 .
    Als het nodig is het laag toerental af te stellen, draait u de stelschroef (rechts afgebeeld) met een kruiskopschroevendraaier.
  • Draai de stelschroef rechtsom om het motortoerental te verhogen.
    Draai de stelschroef linksom om het motortoerental te verlagen.
  • De carburateur is over het algemeen goed afgesteld vóór aflevering aan de klant. Mocht het toch nodig zijn deze opnieuw af te stellen, neemt u contact op met een erkend servicecentrum.

DOLMAR CS246.4C - HET LAAG TOERENTAL CONTROLEREN - 1

LET OP: Voordat u werkzaamheden uitvoert aan het multifunctionele aandrijfsysteem, moet u altijd de motor uitschakelen en de bougiekap van de bougie aftrekken (zie "De bougie controleren").

Draag altijd veiligheidshandschoenen!

Gebruik nooit benzine, wasbenzine, thinner, alcohol, enz. Dit kan leiden tot verkleuren, vervormen of barsten.

Om een lange levensduur te garanderen en eventuele schade aan het gereedschap te voorkomen, moeten de volgende onderhoudswerkzaamheden regelmatig uitgevoerd worden.

Dagelijkse controle en onderhoud

- Controleer het gereedschap voor het gebruik op losse bouten of ontbrekende onderdelen. Let met name goed op of het goedgekeurde hulpstuk correct op zijn plaats bevestigd is.

- Controleer voor gebruik altijd op verstopping van de koelluchtinlaatopening en de koelribben van de cilinder.

- Voer de volgende werkzaamheden dagelijks uit na het gebruik:

- Reinig de buitenkant van het multifunctionele aandrijfsysteem en inspecteer op beschadigingen.

- Maak het luchtfilter schoon. Maak het luchtfilter meerdere keren per dag schoon als u in onder extreem stoffige omstandigheden werkt.

- Controleer of er voldoende verschil is tussen het stationair toerental en het aangrijptoerental om zeker te zijn dat het hulpstuk stilstaat wanneer de motor stationair draait (verlaag zo nodig het stationair toerental).

In het geval het hulpstuk bij stationair toerental blijft draaien, neemt u contact op met het dichtstbijzijnde, erkende servicecentrum.

- Controleer de werking van de stopschakelaar, de uit-vergrendelhendel en de gashendel.

MOTOROLIE VERVERSEN

Verslechterde motorolie verkort sterk de levensduur van de bewegende delen van de motor. Controleer het verversingsinterval en de bijvulhoeveelheid.

DOLMAR CS246.4C - MOTOROLIE VERVERSEN - 1

LET OP: Over het algemeen zijn de motor zelf en de motorolie heet kort nadat de motor is uitgeschakeld. Alvorens de motorolie te verversen, controleert u op de motor zelf en de motorolie voldoende zijn afgekoeld. Als u dit niet doet, bestaat de kans op verbranding.

Opmerking: Als de olie tot boven het bovenste merkteken wordt bijgevuld, kan de olie gemorst worden en vlam vatten waarbij witte rook vrijkomt.

Verversingsinterval: In eerste instantie iedere 20 bedrijfsuren, en daarna iedere 50 bedrijfsuren

Aanbevolen olie: SAE 10W-30 olie van API-classificatie, SF-klasse of beter (4-taktmotorolie voor auto's)

Volg de onderstaande procedure om de olie te verversen.

1) Controleer of de brandstofvuldop stevig vastgedraaid is.
2) Plaats een grote opvangbak (pan, enz.) onder het aftapgat.

3) Verwijder de aftapbout en draai daarna de olievuldop eraf om de motorolie af te tappen uit het aftapgat.

Wees hierbij voorzichtig de pakkingring van de aftapbout niet kwijt te raken en de verwijderde onderdelen niet vuil te maken.

4) Nadat de motorolie is afgetapt, draait u de aftapbout met daarop de pakkingring stevig vast, zodat deze niet kan losraken en gaan lekken.

* Gebruik een poetsdoek om de motorolie die aan de aftapbout en het gereedschap zit volledig af te vegen.

Alternatieve methode voor het aftappen van de motorolie

Draai de olievuldop eraf en kantel het multifunctionele aandrijfsysteem zodat dat de olievulopening onder zit.

Vang de motorolie op in een opvangbak.

DOLMAR CS246.4C - MOTOROLIE VERVERSEN - 2

text_image Brandstofvuldop Olievuldop

DOLMAR CS246.4C - MOTOROLIE VERVERSEN - 3

text_image Olievuldop Aftapgat Pakkingring Aftapbout

DOLMAR CS246.4C - MOTOROLIE VERVERSEN - 4

5) Plaats de motor horizontaal en vul geleidelijk nieuwe motorolie bij tot aan de markering van de bovengrens.
6) Draai na het bijvullen de olievuldop stevig vast, zodat deze niet kan losraken en gaan lekken. Als de olievuldop niet stevig wordt vastgedraaid, kan deze gaan lekken.

DOLMAR CS246.4C - MOTOROLIE VERVERSEN - 5

text_image Markering op buitenkant (bovengrens) Inwendige rand (bovengrens) Markering op buitenkant (ondergrens) Inwendige rand (ondergrens)

DOLMAR CS246.4C - MOTOROLIE VERVERSEN - 6

text_image Markering van bovengrens Motorolie

TIPS VOOR HET OMGAAN MET OLIE

  • Gooi verbruikte motorolie nooit weg met het afval, op de grond, of in een rioolput. Het weggooien van olie is bij wet geregeld. Houd u bij het weggooien altijd aan de betreffende wetten en regelgeving. In het geval u hierover vragen heeft, neemt u contact op met een erkend servicecentrum.
  • Olie verslechtert, ook wanneer de olie niet wordt gebruikt. Controleer en ververs de olie regelmatig (ververs de olie iedere 6 maanden).

HET LUCHTFILTER REINIGEN

DOLMAR CS246.4C - HET LUCHTFILTER REINIGEN - 1

WAARSCHUWING: STRENG VERBODEN VOOR ONTBRANDBARE MATERIALEN

Controle- en reinigingsinterval: Dagelijks (iedere 10 bedrijfsuren)

  • Zet met de chokehendel de choke helemaal dicht en houd de carburateur vrij van stof of vuil.
  • Draai de bevestigingsbout los.
  • Verwijder de luchtfilterkap door aan de onderkant te trekken.
  • Verwijder de luchtfilterelementen en tik ertegen om het vuil te verwijderen.
  • Als de luchtfilterelementen zwaar verontreinigd zijn:
    Verwijder de luchtfilterelementen, dompel ze in warm water of in een oplossing van een mild schoonmaakmiddel in water, en droog ze grondig. Knijp er niet in en wrijf er niet over tijdens het wassen.
  • Alvorens de luchtfilterelementen terug te plaatsen, moeten deze grondig droog zijn. Als de luchtfilterelementen onvoldoende droog worden teruggeplaatst, kan dat leiden tot moeilijk starten.
  • Veeg olie die rondom de luchtfilterkap en de ontluchting zit af met een poetsdoek.
  • Plaats het filterelement (spons) in het filterelement (vilt).
    Plaats de filterelementen zodanig in de achterplaat dat de spons aan de kant van de luchtfilterkap zit.
  • Plaats de luchtfilterkap onmiddellijk terug en zet hem vast met de bevestigingsbouten. (Plaats bij het monteren eerst de bovenrand en daarna de onderrand.)

OPMERKING:

  • Reinig de luchtfilterelementen meerdere keren per dag als onder extreem stoffige omstandigheden wordt gewerkt. Vervuilde luchtfilterelementen verlagen het motorvermogen en bemoeilijken het starten van de motor.
  • Verwijder de olie op de luchtfilterelementen. Als u blijft doorwerken terwijl de luchtfilterelementen vervuild zijn met olie, kan de olie buiten het luchtfilter terechtkomen en tot milieuverontreiniging leiden.
  • Plaats de luchtfilterelementen niet op de grond of op een vieze plaats. Er kan dan vuil of rommel aan blijven plakken waardoor de motor kan worden beschadigd.
  • Gebruik nooit brandstof om de luchtfilterelementen te reinigen. Ze kunnen door de brandstof worden beschadigd.

DOLMAR CS246.4C - OPMERKING: - 1

text_image Achterplaat Filterelement (spons) Luchtfilterkap Chokehendel Ontluchting Filterelement (vilt) Bevestigingsbout

DE BOUGIE CONTROLEREN

  • Gebruik alleen de bijgeleverde moersleutel om de ontstekingsbougie te verwijderen of te installeren.
  • De afstand tussen de twee elektroden van de bougie moet 0,7 tot 0,8 mm (0,028" - 0,032") bedragen. Als de afstand te groot of te klein is, moet u deze aanpassen. Als de elektroden van de bougie verstopt of vervuild zijn, moet u deze grondig schoonmaken of de bougie vervangen.

LET OP: Raak de bougiekap nooit aan terwijl de motor draait (gevaar van elektrische schok door hoogspanning).

HET BRANDSTOFFILTER REINIGEN

WAARSCHUWING: STRENG VERBODEN VOOR ONTBRANDBARE MATERIALEN

Controle- en reinigingsinterval: Maandelijks (iedere 50 bedrijfsuren)

Controleer het brandstofffilter regelmatig. Volg de onderstaande stappen om het brandstofffilter te controleren.

(1) Verwijder de brandstoftankvuldop en tap de brandstof af totdat de brandstoftank leeg is. Controleer de binnenkant van de brandstoftank op eventuele vreemde stoffen. Als u iets vindt, verwijdert u dit.
(2) Gebruik een draadhaak om de zuigkop uit de brandstofvulopening te trekken.
(3) Als het brandstofffilter enigszins verstopt is, reinigt u het. Om het te reinigen, schudt u het en tikt u ertegen in de brandstof. Om beschadiging te voorkomen, knijpt u er niet is en wrijft u er niet over. De brandstof die is gebruikt voor het reinigen moet worden weggegooid volgens de methode beschreven in de regelgeving van uw land.

Als het brandstofffilter hard of ernstig verstopt is, vervangt u het.

(4) Na het controleren, reinigen of vervangen van het brandstofffilter, duwt u het zo ver mogelijk omlaag tot onderin de brandstoftank.

Een verstopt of beschadigd brandstofffilter kan leiden tot onvoldoende brandstoftoevoer en minder motorvermogen. Vervang het brandstofffilter ten minste iedere drie maanden om verzekerd te zijn van een goede brandstoftoevoer naar de carburateur.

DE BRANDSTOFLEIDING VERVANGEN

LET OP: STRENG VERBODEN VOOR ONTBRANDBARE MATERIALEN

Controle- en reinigingsinterval: Dagelijks (iedere 10 bedrijfsuren) Vervanging: Jaarlijks (iedere 200 bedrijfsuren)

Vervang de brandstofleiding ieder jaar, ongeacht de gebruiksfrequentie. Brandstoflekkage kan brand veroorzaken.

Als tijdens de inspectie een lekkage wordt gevonden, vervangt u de brandstofleiding onmiddellijk.

DE BOUTEN, MOEREN EN SCHROEVEN INSPECTEREN

  • Draai losse bouten. moeren, enz., weer vast.
  • Controleer op brandstof- en olielekkage.
  • Vervang beschadigde onderdelen door nieuwe voor een veilig gebruik.

DE ONDERDELEN REINIGEN

- Houd de motor altijd schoon.

- Houd de koelribben van de cilinder vrij van stof en vuil. Stof en vuil dat zich tussen de koelribben ophoopt, zal leiden tot het vastlopen van de zuiger.

Nadat de motor uit elkaar is gehaald, moeten bij het weer in elkaar zetten altijd de afdichtingen en pakkingen worden vervangen door nieuwe. Alle onderhouds- of aanpassingswerkzaamheden die niet in deze gebruiksaanwijzing zijn beschreven, mogen alleen worden uitgevoerd door erkende servicecentra.

DOLMAR CS246.4C - DE ONDERDELEN REINIGEN - 1

text_image 0,7 mm - 0,8 mm (0,028" - 0,032")

DOLMAR CS246.4C - DE ONDERDELEN REINIGEN - 2

text_image Brandstofleiding Slangklem Brandstofffilter

DOLMAR CS246.4C - DE ONDERDELEN REINIGEN - 3

text_image Brandstofleiding

OPSLAG

DOLMAR CS246.4C - OPSLAG - 1

WAARSCHUWING: Controleer of de motor is uitgeschakeld en afgekoeld voordat u begint met het aftappen van de brandstof. Vlak na het uitschakelen van de motor, is deze nog heet en kan brandwonden, ontbranding en brand veroorzaken.

DOLMAR CS246.4C - OPSLAG - 2

LET OP: Als het gereedschap gedurende een lange tijd niet gebruikt gaat worden, tapt u alle brandstof uit de brandstoftank en carburateur, en slaat u het op een droge, schone plaats op.

- Tap de brandstof af uit de brandstoftank en carburateur aan de hand van de volgende procedure:

1) Draai de brandstofvuldop eraf en tap de brandstof volledig af. Als een vreemde substantie is achtergebleven in de brandstoftank, verwijdert u deze volledig.
2) Trek met behulp van een draadhaak het brandstofffilter uit de brandstofvulopening.
3) Druk op de brandstofhandpomp totdat de brandstof daaruit en in de brandstoftank stroomt.
4) Plaats het brandstofffilter terug in de brandstoftank en draai de brandstofvuldop stevig vast.
5) Laat de motor vervolgens draaien tot deze afslaat.

  • Verwijder de bougie en breng enkele druppels motorolie via het bougiegat in de cilinder.
  • Trek voorzichtig aan de trekstarthandgreep zodat de motorolie zich door de motor verspreidt, en monteer daarna de bougie weer.
  • Zet de hendel niet in de stand omlaag wanneer geen hulpstuk is bevestigd. Als de hendel in de stand omlaag staat terwijl geen hulpstuk is bevestigd, kan de stang van het hulpstuk niet worden ingestoken.
  • Normaal gesproken bergt u het gereedschap horizontaal op. Als dit niet mogelijk is, plaatst u het gereedschap zodanig dat de motor zich lager bevindt dan het snijgarnituur. Anders kan motorolie van binnenuit lekken.
  • Let er altijd op dat u het gereedschap op een veilige plaats opbergt om beschadiging van het gereedschap en persoonlijk letsel te voorkomen.
  • Bewaar de afgetapte brandstof in een speciale jerrycan op een goed geventileerde plaats in de schaduw.

Aandachtspunt na langdurige opslag

- Alvorens de motor na langdurige stilstand opnieuw te starten, moet de olie worden ververst (zie pag. 96). De olie verslechtert terwijl het gereedschap niet in gebruik is.

DOLMAR CS246.4C - Aandachtspunt na langdurige opslag - 1

text_image Brandstof aftappen Vocht

Storingzoeken

Probleem Systeem Waarneming Oorzaak
Motor start niet of moeilijkOntstekingssysteemOntstekingsvonk OKFout in brandstoftoevoer of compressiesysteem, mechanisch defect
Geen ontstekingsvonk aanwezigStopschakelaar ingeschakeld, bedradingsfout of kortsluiting, bougie of bougiekap defect, ontstekingsmodule defect
BrandstoftoevoersysteemBrandstoftank is vol Onjuiste stand van chokehendel, carburateur defect, brandstofleiding geknikt of verstopt, brandstof vuil
Compressie Geen compressie bij aantrekkenCilindervoetpakking defect, krukasafdichtingen beschadigd, cilinder of zuigerveren defect, of slechte afdichting van bougie
Mechanisch defectStarter grijpt niet aanGebroken startveer, gebroken onderdelen binnenin de motor
Problemen bij starten van warme motorBrandstoftank vol, ontstekingsvonk aanwezigCarburateur is vervuild. Laat deze schoonmaken.
Motor start, maar slat afBrandstoftoevoersysteemBrandstoftank is volVerkeerde afstelling stationair draaien, carburateur vervuildOntluchting brandstoftank defect, brandstofleiding niet open, gaskabel of stopschakelaar defect
Onvoldoende prestatiesMogelijk zijn meerdere systemen tegelijk de oorzaakSlecht stationair lopenLuchtfilter is vervuild, carburateur is vervuild, uitlaatdemper is verstopt, uitlaatkanaal in de cilinder is verstopt
Item\GebruikstijdVoor gebruikNa smerenDagelijks (10 uur)30 uur 50uur 200 uurUitschakelen/ rustenZie pagina
MotorolieInspecteren92
Vervang○*196
Vastdraaien (bouten, moeren, enz.)Inspecteren98
BrandstoftankReinigen/ inspecteren
Brandstof aftappen○*399
GashendelWerking controleren
StopschakelaarWerking controleren95
Laag toerentalInspecteren/ afstellen95
Luchtfilter Reinig97
Bougie Inspecteren98
KoelluchtinlaatkanaalReinigen/ inspecteren98
BrandstofleidingInspecteren98
Vervang○*2
BrandstofffilterReinigen/ vervangen98
Afstand tussen luchtinlaatklep en luchtuitlaatklepStel af○*2
Motor reviseren○*2
CarburateurBrandstof aftappen○*399

*1 Eerste keer verversen na 20 bedrijfsuren.
*2 Vraag een erkend servicecentrum of een machinewerkplaats om de inspectie na 200 bedrijfsuren uit te voeren.
*3 Na het aftappen van de brandstoftank, laat u de motor draaien om de brandstof in de carburateur op te gebruiken.

Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van elk hulpstuk en voer de onderhoudswerkzaamheden van het hulpstuk uit wanneer dit wordt gebruikt.

PROBLEMEN OPLOSSEN

Alvorens een verzoek voor reparatie in te dienen, controleer u de storing zelf aan de hand van de onderstaande tabel. Als een probleem is gevonden, repareert u het gereedschap aan de hand van de beschrijvingen in deze gebruiksaanwijzing. Probeer nooit enig onderdeel te demonteren of repareren in strijd met de beschrijvingen. Voor reparatie neemt u contact op met een erkend servicecentrum of uw plaatselijke dealer.

Probleemomschrijving Mogelijkeoorzaak (storing) Oplossing
Motor start nietDe brandstofhandpomp werd niet ingedrukt Druk deze 7 tot 10 keer in
Te zwak trekken aan de trekstarthandgreep Trek krachtig
Gebrek aan brandstof Vul brandstof bij
Verstopt brandstofffilter Reinig
Verbogen brandstofleiding Maak de brandstofleiding recht
Verslechterde brandstof De verslechterde brandstof bemoeilijkt het starten. Vervang de brandstof door nieuwe. (Aanbevolen vervangingsinterval: 1 maand)
Buitensporige toevoer van brandstof Verander de stand van de gashendel van middelhoog toerental naar hoog toerental en trek aan de trekstarthandgreep tot de motor start. Nadat de motor is gestart, begint het hulpstuk te draaien of bewegen. Let goed op het hulpstuk.Als de motor nog steeds niet start, draait u de bougie eruit, maakt u de elektroden droog, en monteert u de bougie weer. Start vervolgens zoals beschreven.
Bougiekap ligt eraf Bevestig stevig
Vervuilde bougie Reinig
Verkeerde elektrodenafstand van bougie Stel de elektrodenafstand af
Ander probleem met de bougie Vervang
Probleem met de carburateurDien een verzoek in voor inspectie en onderhoud
Trekstarthandgreep kan niet worden getrokkenDien een verzoek in voor inspectie en onderhoud
Probleem met aandrijvingDien een verzoek in voor inspectie en onderhoud
Motor slaat snel afMotortoerental neemt niet toeOnvoldoende opgewarmd Warm de motor op
Chokehendel staat in de dichte stand ondanks dat de motor opgewarmd isZet in de geopende stand
Verstopt brandstofffilter Reinig of vervang
Vervuild of verstopt luchtfilter Reinig
Probleem met de carburateurDien een verzoek in voor inspectie en onderhoud
Probleem met aandrijvingDien een verzoek in voor inspectie en onderhoud
Het hulpstuk draait of beweegt niet↓Motor slaat onmiddellijk afHet hulpstuk is niet in de aansluiting bevestigdBevestig zoals beschreven
Probleem met aandrijvingDien een verzoek in voor inspectie en onderhoud
Motorblok trilt abnormaal sterk↓Motor slaat onmiddellijk afHet hulpstuk is niet in de aansluiting bevestigdBevestig zoals beschreven
De hendel staat omlaag Maak goed vast
Probleem met aandrijvingDien een verzoek in voor inspectie en onderhoud
Het hulpstuk stopt niet onmiddellijk↓Motor slaat onmiddellijk afHoog stationair toerentalStel af
Gaskabel losgeraaktBevestig stevig
Probleem met aandrijvingDien een verzoek in voor inspectie en onderhoud
Motor slaat niet af↓Laat de motor stationair draaien en zet de chokehendel in de dichte standStekker losgeraakt Bevestig stevig
Probleem met elektrisch systeemDien een verzoek in voor inspectie en onderhoud

Als de motor niet start ondanks dat deze opgewarmd is:
Als bij het doorlopen van de controlepunten geen probleem wordt gevonden, zet u de chokehendel ongeveer 1/3 open en start u de motor.

Español

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : DOLMAR

Model : CS246.4C

Categorie : Multigereedschap