PM-411 - Grasmaaier DOLMAR - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis PM-411 DOLMAR in PDF-formaat.
| Producttype | Benzinegrasmaaier |
| Merk | Dolmar |
| Model | PM-411 |
| Motortype | Briggs & Stratton 500E Series |
| Motorinhoud | 140 cm³ |
| Sneebreedte | 410 mm |
| Snijhoogtebereik | 20-75 mm (5 standen) |
| Grasopvangcapaciteit | 50 L |
| Brandstoftankcapaciteit | 0.8 L |
| Olie-inhoud | 0.47 L |
| Netto gewicht | 26.0 kg |
| Zelfrijdend | Nee |
| Mulchcapaciteit | Ja (met meegeleverde mulchwig) |
| Steeltype | Inklapbaar |
| Geluidsdrukniveau (LpA) | 84.6 dB(A) (K=3 dB(A)) |
| Gemeten geluidsvermogenniveau | 93.4 dB(A) (K=1.93 dB(A)) |
| Trillingsemissie (ah) | 5.27 m/s² (K=1.5 m/s²) |
| Bougietype | RC12YC |
| Maaimes onderdeelnummer | DOLMAR 263001433 |
| Aanhaalmoment maaimes | 35-45 Nm |
Veelgestelde vragen - PM-411 DOLMAR
Gebruikersvragen over PM-411 DOLMAR
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PM-411 - DOLMAR en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PM-411 van het merk DOLMAR.
GEBRUIKSAANWIJZING PM-411 DOLMAR
NLGrasmaaier met benzinemotor Oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
Verklaring van het onderdelenoverzicht
| 1. Bovenste handgreep | 6. Grasopvangbak | 11. Olietankdop |
| 2. Stophandgreep | 7. Maaihoogteregelhefboom | 12. Snoerklem |
| 3. Gas-chokehendel | 8. Maaidek | 13. Vergrendelknop |
| 4. Handvat van startkoord | 9. Bougie | 14. Snel |
| 5. Koordgeleider | 10. Brandstoftankdop | 15. Langzaam |


WAARSCHUWING
Lees, voor uw eigen veiligheid, deze gebruiksaanwijzing voordat u uw nieuwe gereedschap gaat gebruiken. Als de aanwijzingen niet worden nageleefd kan dat tot ernstig persoonlijk letsel leiden. Besteed voor elk gebruik enige tijd om uzelf vertrouwd te maken met de grasmaaier.
1. VERKLARING VAN DE SYMBOLEN OP HET PRODUCT

Lees de gebruiksaanwijzing.

Houd omstanders uit de buurt.

Besteed als gebruiker extra aandacht aan handen en voeten om letsel te voorkomen.

Giftige dampen! Niet binnenshuis gebruiken.

Benzine is brandbaar, blijf uit de buurt van open vuur. Als de motor draait mag geen benzine worden bijgevuld.

Draag ter bescherming van de gebruiker tijdens het maaien een veiligheidsbril en gehoorbescherming.

Maak de bougiekabel los voordat u reparaties, zoals beschreven in de gebruiksaanwijzing, uitvoert.

Laat de stophandgreep los om de motor uit te schakelen.
2. ALGEMENE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

WAARSCHUWING: Bij gebruik van gereedschap met een verbrandingsmotor moeten altijd de algemene veiligheidsvoorzieningen worden opgevolgd om het risico van ernstig persoonlijk letsel en/of schade aan het gereedschap te verminderen.
Lees deze gebruiksaanwijzing voordat u deze grasmaaier gaat gebruiken en bewaar deze gebruiksaanwijzing om hem later te kunnen raadplegen.

WAARSCHUWING: Dit gereedschap produceert tijdens gebruik een elektromagnetisch veld. Onder bepaalde omstandigheden kan dit veld de werking van actieve of passieve medische implantaten hinderen. Om het risico van ernstig persoonlijk en fataal letsel te verminderen, adviseren wij personen met medische implantaten hun arts en de fabrikant van het implantaat te raadplegen alvorens dit gereedschap te bedienen.
Aanwijzingen
- Lees de gebruiksaanwijzingen zorgvuldig. Zorg dat u vertrouwd bent met de bedieningsknoppen en de juiste omgang met het gereedschap.
- Laat in geen geval kinderen of personen die deze gebruiksaanwijzing niet gelezen hebben de grasmaaier gebruiken. De leeftijd van de gebruiker kan landelijk gereglementeerd zijn.
- Gebruik de grasmaaier in geen geval als er personen, met name kinderen of dieren in de buurt zijn.
- Denk eraan dat de bedienaar of gebruiker van de grasmaaier aansprakelijk is voor ongevallen en onvoorziene gebeurtenissen die personen of hun eigendommen kunnen overkomen.
Voorbereidingen
- Draag tijdens het maaien altijd stevige schoenen en een lange broek. Gebruik de grasmaaier niet met blote voeten of met open sandalen.
- Controleer het gehele terrein dat u wilt maaien grondig en verwijder alles wat door het gereedschap kan worden weggeslingerd.
- WAARSCHUWING - Benzine is bijzonder brandbaar.
- bewaar benzine in speciaal daarvoor bestemde jerrycans;
- vul alleen benzine bij in de open lucht en rook daarbij niet;
- vul benzine bij voor het starten van de motor. Verwijder nooit de brandstoftankdop en vul nooit benzine bij terwijl de motor draait of wanneer de motor warm is;
- als benzine wordt gemorst, mag u niet proberen de motor te starten, maar moet de grasmaaier worden verwijderd van de plaats waar de benzine gemorst is, en mag de motor niet worden gestart voordat de benzine verdampt is;
- plaats de doppen stevig terug op de brandstoftank en jerrycan.
- Vervang defecte geluiddempers.
- Voer vóór gebruik altijd altijd een visuele controle uit of het maairmes, de mesbout of het maimechanisme versleten of beschadigd is. Vervang het versleten of beschadigd maairmes en mesbout altijd samen, om onbalans te voorkomen.
Bediening
- Laat de verbrandingsmotor niet draaien in een gesloten ruimte waarin gevaarlijke koolmonoxidedampen zich kunnen ophopen.
- Werk alleen bij daglicht of bij goed kunstlicht.
- Gebruik de grasmaaier bij voorkeur niet wanneer het gras nat is.
- Zorg er op een helling altijd voor dat u stevig staat.
- Loop rustig, nooit te snel.
- Maai met cirkelmaaiers met wielen een helling altijd in de dwarsrichting en nooit van boven naar beneden.
- Ga altijd uiterst voorzichtig te werk bij het veranderen van richting op een helling.
- Maai niet op bijzonder steile hellingen.
- Pas goed op als u de grasmaaier achteruit laat rijden of naar u toe haalt.
- Het maaiimes moet stilstaan wanneer de grasmaaier bij het vervoeren moet worden gekanteld, wanneer de grasmaaier over een oppervlak waar geen gras groeit moet worden verplaatst en bij het vervoer naar en van een te maaien gedeelte.
- Gebruik de grasmaaier nooit met defecte afschermingen of zonder veiligheidsvoorzieningen zoals een achterklep en/of grasopvangzak.
- Verander de regelafstellingen van de motor niet en laat het toerental van de motor niet buitengewoon hoog oplopen.
- Schakel het maairnes en de aandrijving uit voordat u de motor start.
- Start de motor zorgvuldig zoals aangegeven in de gebruiksaanwijzing en blijf met uw voeten steeds op voldoende afstand van het maairnes.
- Tijdens het starten van de motor mag de grasmaaier niet worden gekanteld.
- Start de motor niet als u voor het uitwerpkanaal staat.
- Kom niet met uw handen of voeten in de buurt van of onder draaiende delen. Blijf altijd uit de buurt van de uitwerpopening.
- De grasmaaier nooit optillen of dragen wanneer de motor loopt.
- Schakel de motor uit en maak de bougiekabel los, wacht tot de draaiende delen helemaal tot stilstand zijn gekomen en, indien aanwezig, verwijder de sleutel:
- voordat u blokkeringen opheft of voordat u het uitwerpkanaal leegt;
- voordat u de grasmaaier controleert, reinigt of er werkzaamheden aan gaat verrichten;
- na het raken van een vreemd voorwerp. Controleer of de grasmaaier beschadigd is en laat deze indien nodig repareren voordat u de grasmaaier opnieuw gaat starten en gebruiken;
- als de grasmaaier op ongebruikelijke manier begint te trillen (onmiddellijk controleren).
- Schakel de motor uit en maak de bougiekabel los, wacht tot de draaiende delen helemaal tot stilstand zijn gekomen en, indien aanwezig, verwijder de sleutel:
- ledere keer als u de grasmaaier onbeheerd achterlaat;
- voordat u brandstof bijvult.
- Zet de gashendel terug vóórdat u de motor uitschakelt en indien de motor is voorzien van een brandstofkraan, moet deze na het maaien worden dicht gezet.
- Gebruik de grasmaaier uitsluitend voor het doel waarvoor hij is ontworpen: voor het maaien en opvangen van gras. Al het andere gebruik kan gevaarlijk zijn en schade aan het gereedschap veroorzaken.
Onderhoud en opslag
- Zorg ervoor dat alle bouten en de schroeven stevig vastgedraaid zijn om er zeker van te zijn dat het gereedschap altijd op een veilige manier gebruiksklaar is.
- Zet de grasmaaier niet met brandstof in de brandstoftank in een ruimte waar de brandstofdampen in aanraking kunnen komen met vlammen of vonken.
- Laat de motor afkoelen vóórdat u de grasmaaier opbergt.
- Om het brandgevaar zoveel mogelijk te beperken moet u de motor, de geluiddemper, de accubak en de brandstoftank vrijhouden van gras, bladeren of overtollig vet.
- Controleer regelmatig de grasopvangzak op slijtage en beschadigingen.
- Vervang veiligheidshalve versleten of beschadigde delen.
- Als de brandstoftank moet worden geleegd, moet u dit in de open lucht doen.

WAARSCHUWING: Raak het draaiende
maaimes niet aan.

WAARSCHUWING: Vul de brandstoftank bij in
een goed geventileerde ruimte terwijl de motor is uitgeschakeld.
3. BESCHRIJVING VAN DE ONDERDELEN (zie afb. 1 en 2)
Bijgeleverd:
A: Bougiesleutel
B: Mulchinzet
5. ONDERDELEN AANBRENGEN/VERWIJDEREN
A) Bevestig het onderste gedeelte van de handgreep aan het chassis met twee paar bouten, de ring en de vergrendelknop, zoals afgebeeld (zie afb. 3 t/m 6).
B) Klap de bovenste handgreep omhoog. Zet de bovenste handgreep op de onderste handgreep vast met de twee paar bouten, de ring en de vergrendelknop (zie afb. 7 t/m 9).
C) Plaats alle snoeren op de buis van de handgrepen. Klem ze met de snoerklemmen vast in het midden van de onderste handgrepen, zodanig dat de snoeren aan de buitenkant van het gereedschap zijn bevestigd. De snoeren kunnen anders bekneld raken bij het openen/sluiten van de achterklep of uitgerekt worden bij het neerklappen van de bovenste handgreep (zie afb. 10).
5-2 GRASOPVANGZAK MONTEREN/ DEMONTEREN
- Montage: Til de achterklep op en haak de grasopvangzak aan de achterkant van de grasmaaier (zie afb. 11 en 12).
- Demontage: Til de achterklep op en verwijder de grasopvangbak.
5-3 Handvat van startkoord
Verplaats het handvat van het startkoord van de motor naar de koordgeleider. (zie afb. 13 en 14).
Duw de hefboom naar buiten om hem uit de huidige stand te halen. Beweeg de regelhefboom naar voren of
achteren om de maaihoogte in te stellen (zie afb. 15 en de beschrijving bij punt 8-8).
6. DE BEDIENINGSHOOGTE INSTELLEN
1) Draai de vergrendelknop los waarmee de onderste handgreep is bevestigd (zie afb. 16).
2) Beweeg de onderste handgreep omhoog of omlaag om de gewenste bedieningshoogte in te stellen (zie afb. 17).
U kunt op deze grasmaaier kiezen uit 3
hoogtestanden: bij hoogtestand 1 is de afstand tussen
de onderste handgreep en de grond het grootst, en bij
hoogtestand 3 het kleinst.
3) Stel de gewenste bedieningshoogte in en zet daarna de onderste handgreep vast met de vergrendelknoppen.

WAARSCHUWING: De linker- en rechterkant
van de onderste handgreep moeten op dezelfde hoogtestand worden ingesteld.
7. 2-IN-1
Deze grasmaaier kan na aanschaf worden omgebouwd voor extra functies, afhankelijk van de gewenste toepassing:
Vanaf een grasmaaier met achteruitworp en mulchmaaier.
Wat is mulchen?
Bij mulchen wordt het gras eerst gemaaid, vervolgens uiterst fijn versnipperd, en tenslotte in het gras teruggeblazen als natuurlijke meststof.
Tips voor mulchmaaien:
- Maai het gras regelmatig met maximaal 2 cm van 6 cm naar 4 cm grashoogte.
- Gebruik een scherp maaimes.
- Maai geen nat gras.
- Gebruik het maximale motortoerental.
- Duw de grasmaaier met een rustige werksnelheid.
- Maak regelmatig de mulchinzet, binnenkant van de behuizing en het maairnes schoon.
EEN: Ombouwen tot mulchmaaier

WAARSCHUWING: Alleen met een uitgeschakelde motor en stilstaand maaiimes.
- Til de achterklep op en verwijder de grasopvangzak.
- Plaats de mulchinzet in het maaidek. Zet de mulchinzet vast met de knop in de opening van het maaidek (zie afb. 18 en 19).
- Laat de achterklep weer zakken.
TWEE: Maaien met de grasopvangbak
- Voor maaien met de grasopvangzak verwijdert u de mulchinzet en monteert u de de grasopvangbak.
- De mulchinzet verwijderen.
- Til de achterklep op en verwijder de mulchinzet.

WAARSCHUWING: Alleen met een uitgeschakelde motor en stilstaand maairnes.
8. BEDIENINGSINSTRUCTIES
8-1 VOOR DE MOTOR TE STARTEN
Vul de brandstoftank en olietank bij zoals aangegeven in de aparte gebruiksaanwijzing voor de motor, die bij de grasmaaier is geleverd. Lees de gebruiksaanwijzingen zorgvuldig.

WAARSCHUWING: Benzine is bijzonder brandbaar.
Bewaar brandstof in speciaal daarvoor bestemde jerrycans.
Vul brandstof alleen bij in de open lucht en voordat de motor wordt gestart, en rook niet tijdens het bijvullen of hanteren van brandstof.
Verwijder nooit de brandstoftankdop en vul nooit benzine bij terwijl de motor draait of wanneer de motor warm is. Als brandstof is gemorst, mag u niet proberen de motor te starten, maar moet de grasmaaier worden verwijderd van de plaats waar de brandstof is gemorst, en mag de motor niet worden gestart voordat de brandstof verdampt is. Plaats de doppen stevig terug op de brandstoftank en jerrycan.
Voordat u de grasmaaier kantelt voor onderhoud van het maaiimes of voor aftappen van de olie, moet u de brandstoftank volledig leegmaken.

WAARSCHUWING: In geen geval mag u brandstof bijvullen in een gebouw, terwijl de motor draait of als het afkoelen van de motor na draaien korter heeft geduurd dan 15 minuten.
-
Bij deze grasmaaier zit het uiteinde van de bougie een rubberen mof. Zorg ervoor dat de metalen huls aan het uiteinde van de bougiekabel (binnenin de rubberen mof) goed vastzit op de metalen elektrode van de bougie.
-
Druk de brandstofhandpomp 3 tot 5 keer in voordat u de motor start (zie afb. 20).
-
Bij het starten van een koude motor, moet u de gas-chokehendel in de stand “zetten. Bij het starten van een warme motor, moet u de gas-chokehendel in de stand “zetten (zie afb. 21).
-
U gaat achter het gereedschap staan, pakt de stophandgreep vast en houd deze tegen de bovenste handgreep, zoals afgebeeld in afb. 22.
-
Pak het handvat van het startkoord vast, zoals afgebeeld in afb. 22, en trek het snel naar u toe. Plaats de handgreep na het starten van de motor rustig terug tegen de koordgeleider. Als u de stophandgreep loslaat, slaat de motor af en stopt het maairnes vanzelf.

Start de motor zorgvuldig zoals aangegeven in de gebruiksaanwijzing en blijf met uw voeten steeds op voldoende afstand van het maairnes.

Tijdens het starten van de motor mag de grasmaaier niet worden gekanteld. Start de grasmaaier op een vlakke ondergrond zonder hoog gras of obstakels.

Houd uw handen en voeten uit de buurt van draaiende delen. Start de motor niet als u voor de uitwerpopening staat.
Houd tijdens het gebruik de stophandgreep met beide handen stevig vast.

Opmerking: Als u tijdens het gebruik de stophandgreep loslaat, slaat de motor af waardoor de grasmaaier stopt.
8-4 DE MOTOR STOPPEN

LET OP: Het maairnes draait na het uitschakelen van de motor nog enkele seconden door.
- Als u de stophandgreep loslaat, slaat de motor af en stopt het maairnes vanzelf.
- Maak de bougiekabel los en aard deze zoals aangegeven in de aparte gebruiksaanwijzing voor de motor om per ongeluk starten te voorkomen als de grasmaaier onbeheerd achtergelaten wordt.
Verwijder afval van het gazon. Zorg dat het gazon vrij is van stenen, stokken, draadstukken of andere vreemde voorwerpen die per ongeluk door de grasmaaier in alle richtingen weggeslingerd kunnen worden en niet alleen ernstig persoonlijk letsel voor de gebruiker of anderen, maar ook schade aan eigendommen en voorwerpen in de
buurt tot gevolg kunnen hebben. Maai geen nat gras. Maaien gaat het best als het gras niet nat is omdat het anders aan de onderkant van het maaidek gaat plakken en daardoor het maaien wordt gehinderd. Maai niet meer dan 1/3 van de graslengte.
Voor maaien wordt aangeraden het gras 1/3 van de lengte korter te maaien. De voorwaartse snelheid moet zodanig aangepast worden dat het versnipperde gras gelijkmatige over het gazon wordt verdeeld. Speciaal tijdens het zwaar maaien van dik gras kan het nodig zijn om de laagste snelheid te gebruiken om de grassprieten schoon en goed te maaien. Als het gras langer is kunt u het gazon in twee fasen maaien door de maaihoogte nog een keer met 1/3 van de graslengte te verlagen en misschien in een andere richting te maaien dan de eerste keer.
Door toepassing van een kleine overlapping op elk maaipad kunt u de eventueel op het gazon achtergebleven grassprieten opruimen. De motor moet altijd op het hoogste toerental draaien voor het beste maairesultaat en om zo effectief mogelijk te maaien.
Maak de onderkant van het maaidek schoon. Zorg dat de onderkant van het maaidek na elk gebruik wordt schoongemaakt om ophoping van grasresten te voorkomen waardoor een goed mulchresultaat wordt gehinderd.
Bladeren maaien: Het maaien van bladeren kan uw gazon ten goede komen. Als u bladeren gaat maaien, moet u zorgen dat ze droog zijn en niet in een dikke laag op het gazon liggen. Wacht niet tot alle bladeren van de bomen zijn gevallen voordat u gaat maaien.

WAARSCHUWING: Schakel de motor uit na het raken van een vreemd voorwerp. Maak de bougiekabel los, controleer de grasmaaier grondig op beschadigingen en herstel de beschadiging voordat u de grasmaaier opnieuw gaat starten en gebruiken. Buitensporige trillingen in de grasmaaier kunnen op een beschadiging duiden. De grasmaaier moet onmiddellijk worden nagekeken en gerepareerd.
8-6 GRASOPVANGZAK
Maak de grasopvangzak leeg en schoon en zorg dat door het gaaswerk lucht kan passeren (zie afb. 23).
8-7 MAAIDEK
De onderkant van het maaidek moet na elk gebruik worden schoongemaakt om ophoping van grasresten, bladeren, vuil of anders te voorkomen. Als dit vuil kan ophopen, krijgen roest en corrosie vrij baan en zal goed mulchen niet mogelijk zijn. Het maaidek kan schoongemaakt worden door de grasmaaier te kantelen en schoon te schrapen met een toepasselijk gereedschap (zorg dat de bougiekabel is losgemaakt).
LET OP: Verander in geen geval een instelling aan de grasmaaier zonder eerst de motor uit te schakelen en de bougiekabel los te maken.

LET OP: Voordat u de maaihoogte verandert moet u eerst de motor uitschakelen en de bougiekabel losmaken. Uw grasmaaier heeft een centrale maaihoogteregeling met 5 hoogtestanden.
- Schakel de grasmaaier uit en maak de bougiekabel los voordat u de maaihoogte verandert.
- De centrale maaihoogteregeling heeft 5 verschillende hoogtestanden.
- De maaihoogte verandert u door de regelhefboom naar het wiel te duwen en omhoog of omlaag te verplaatsen naar de gewenste maaihoogtestand (zie afb. 24). Alle wielen staan ingesteld op dezelfde maaihoogte.
9. ONDERHOUD
BOUGIE
Gebruik voor vervanging alleen originele bougies. Het beste is om de bougie na 100 gebruiksuren te vervangen. (raadpleeg de GEBRUIKSAANWIJZING VOOR DE MOTOR)
10. SMERING

LET OP: MAAK DE BOUGIEKABEL LOS
VOORDAT U ONDERHOUDSWERKZAAMHEDEN GAAT UITVOEREN.
- WIELEN - Smeer de kogellagers in elk wiel minstens een keer per seizoen met lichte olie.
- MOTOR - Volg de aanwijzingen voor het smeren in de gebruiksaanwijzing voor de motor op.
- STOPHANDGREEP - Smeer de draaipunten van de stophandgreep en de kabel ervan minstens een keer per seizoen met lichte olie. De stophandgreep moet ongehinderd heen en weer kunnen bewegen.
11. SCHOONMAKEN

LET OP: Spuit geen water op de motor. Water kan schade toebrengen aan de motor en het brandstofsysteem vervuilen.
- Veeg het maaidek schoon met een droge doek.
- Spuit de onderkant van het maaidek schoon nadat de grasmaaier zodanig is gekanteld dat de bougie naar boven is gericht.
11-1 MOTORLUCHTFILTER

LET OP: Zorg dat vuil of stof het schuimrubberen filterelement niet kan verstoppen.
Het motorluchtfilterelement moet worden onderhouden (schoongemaakt) na 25 uur normaal maaien. Het schuimrubberen filterelement moet regelmatig schoongemaakt worden wanneer de grasmaaier onder droge en stoffige omstandigheden wordt gebruikt.
(Raadpleeg de GEBRUIKSAANWIJZING VOOR DE MOTOR.)
LUCHTFILTER SCHOONMAKEN
- Voor PM-411: Til de lippen bovenop de filterkap op. Voor PM-461: Verwijder de schroef.
- Verwijder de bovenkap.
- Was het filterelement met water en zeep. GEBRUIK GEEN BENZINE!
- Droog het element in de open lucht.
- Plaats een paar druppels SAE30-olie op het schuimrubberen filterelement en knijp het stevig samen om het overschot aan olie te verwijderen.
- Plaats het filter terug.

OPMERKING: Vervang het filter als het is l, gescheurd en beschadigd of het niet meer kan schoongemaakt (zie afb. 25 voor PM-411).
11-2 MAAIMES

LET OP: Maak de bougiekabel los en aard deze voordat u aan het maaimes gaat werken om per ongeluk starten te voorkomen. Bescherm uw handen door werkhandschoenen te dragen of een doek te gebruiken als u het maaimes vastpakt.
Kantel de grasmaaier zoals aangegeven in de aparte gebruiksaanwijzing voor de motor. Verwijder de zeskantbout en ring waarmee het maaimes en bijbehorende adapter op de uitgaande as van de motor zijn bevestigd. Verwijder het maaimes en de adapter vanaf de uitgaande as van de motor.

WAARSCHUWING: Controleer regelmatig de maaimesadapter op scheuren, vooral na het raken van een vreemd voorwerp. Vervang indien nodig. Voor het beste resultaat moet het maairnes scherp zijn. Het maairnes kan weer scherp worden gemaakt door het te verwijderen en de snijkant te slijpen of te vijlen, waarbij de originele snijhoek zo goed mogelijk gehandhaafd moet blijven. Het is uitermate belangrijk dat elke snijkant evenveel wordt geslepen om te voorkomen dat het maairnes in onbalans raakt. Een onjuiste balans van het maairnes veroorzaakt sterke trillingen dat weer kan leiden tot eventuele schade aan de motor en grasmaaier. Zorg dat het maairnes zorgvuldig uitgebalanceerd wordt na het slijpen. De balans van het maairnes kan worden gecontroleerd door het op de ronde steel van een schroevendraaier te balanceren. Verwijder een beetje materiaal van het zwaardere gedeelte totdat de balans weer is hersteld (zie afb. 26).
Voordat het maairnes en de adapter weer op de grasmaaier gemonteerd worden, smeert u de uitgaande as van de motor en de binnenkant van de maairmesadapter met een lichte olie. Monteer de maairmesadapter op de uitgaande as. Raadpleeg afb. 26. Monteer het maairnes met het onderdeelnummer afgekeerd van de adapter. Leg de ring op juiste wijze op het maairnes en steek de zeskantbout erdoor. Draai de zeskantbout vast met een draaikoppel, zoals hieronder aangegeven.
11-3 DRAAIKOPPEL VOOR MAAIMES
De centrale bout moet worden aangedraaid met een draaikoppel van 35 tot 45 Nm. Om veilig gebruik van uw grasmaaier zeker te stellen. Alle moeren en bouten moeten regelmatig nagekeken worden of ze nog goed vastzitten. Na langdurig gebruik, vooral op ondergronden met veel zand, zal het maairnes slijten en zijn oorspronkelijke vorm verliezen. Het maaien gaat steeds slechter en het maairnes moet worden vervangen.
Vervang het alleen met een origineel DOLMAR-vervangingsonderdeel. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor eventuele schade die veroorzaakt wordt door de onbalans van het maaiimes.
Bij vervanging van het maairnes moet u gebruikmaken een origineel vervangingsonderdeel waarvan het nummer is aangegeven op het maairnes (DOLMAR 263001433 voor PM-411; DOLMAR 263001451 voor PM-461) (het maairnes kunt u bestellen bij uw plaatselijke dealer of door telefonisch contact op te nemen met ons bedrijf).

WAARSCHUWING: Raak het draaiende
maaimes niet aan.
11-4 MOTOR
Raadpleeg de aparte gebruiksaanwijzing voor de motor voor aanwijzingen met betrekking tot motoronderhoud. Behandel de motorolie zoals aangegeven in de aparte gebruiksaanwijzing voor de motor dat bij de grasmaaier is geleverd.
Lees en volg de instructies zorgvuldig.
Onderhoud onder normale omstandigheden het luchtfilter zoals aangegeven in de aparte gebruiksaanwijzing voor de motor. Bij zeer stoffige omstandigheden moet het steeds na enkele uren schoongemaakt worden. Slechte motorprestaties en het verzuipen van de motor zijn meestal aanwijzingen dat het luchtfilter onderhouden moet worden.
Raadpleeg de aparte gebruiksaanwijzing voor de motor die bij de grasmaaier is geleverd, voor het onderhoud van het luchtfilter.
Een keer per seizoen moet de bougie worden schoongemaakt en de elektrodenafstand opnieuw worden ingesteld. Het wordt aangeraden om aan het begin van elk maaiseizoen de bougie te vervangen. Raadpleeg de aparte gebruiksaanwijzing voor de motor voor het juiste bougietype en specificatie van de elektrodenafstand. Maak de motor regelmatig schoon met een doek of borstel. Houd het koelsysteem (ventilatorbehuizing) schoon om een goede luchtcirculatie te realiseren die essentieel is voor het vermogen en de levensduur van de motor. Zorg dat al het gras, vuil en brandbare rommel rondom de geluiddemper is verwijderd.
12. OPBERGEN (BUITEN HET SEIZOEN)
De volgende stappen moet u nemen om de grasmaaier voor te bereiden om hem op te bergen.
-
Na de laatste maaibeurt van het seizoen, moet u de motor laten draaien totdat de brandstoftank leeg is.
-
Maak de motor schoon en geef deze een smeerbeurt zoals aangegeven in de aanwijzingen voor smering.
-
Raadpleeg de gebruiksaanwijzing voor de motor voor de juiste aanwijzingen voor het opbergen van de motor.
- Vet het maairnes van de grasmaaier licht in met chassisvet om roest te weren.
- Berg de grasmaaier op in een droge en schone ruimte.

OPMERKING:
Bij opbergen van elk gereedschap met een verbrandingsmotor in een schuur die niet is geventileerd of waar materialen worden opgeslagen;
- Moet u zorgen dat het gereedschap tegen roest beschermd wordt. Smeer het gereedschap, met name de snoeren en alle bewegende delen, met een lichte olie of silicone.
- Pas op dat u de snoeren niet buigt of knikt.
-
Als het startkoord is losgeschoten uit de koordgeleider op de handgreep, moet u de bougiekabel losmaken en aarden, de stophandgreep intrekken en het startkoord langzaam uit de motor trekken. Schuif het startkoord in de koordgeleider op de handgreep.
-
PROBLEMEN OPLOSSEN
| PROBLEEM MOGELIJKE OORZAAK OPLOSSING | ||
| Motor start niet. | Gas-chokehendel staat gezien de huidige omstandigheden niet in de juiste stand. | Gas-chokehendel in de juiste stand zetten. |
| Brandstoftank is leeg. | Vul de brandstoftank met brandstof: raadpleeg de GEBRUIKSAANWIJZING VOOR DE MOTOR. | |
| Luchtfilterelement is vuil. | Luchtfilterelement schoonmaken: raadpleeg de GEBRUIKSAANWIJZING VOOR DE MOTOR. | |
| Bougie zit los. | Bougie met een draaikoppel van 25 tot 30 Nm vastdraaien. | |
| Bougiekabel zit los of is losgeraakt van de bougie. | Bougiekabel op de bougie bevestigen. | |
| Elektrodenafstand van de bougie is niet correct. | Elektrodenafstand op 0,7 tot 0,8 mm instellen. | |
| Bougie is defect. | Nieuwe bougie met de juiste elektrodenafstand monteren: raadpleeg de GEBRUIKSAANWIJZING VOOR DE MOTOR. | |
| Carburateur is verzopen met benzine. | Luchtfilterelement verwijderen, voortdurend aan het startkoord trekken totdat de carburateur leeg is en daarna een nieuw luchtfilterelement plaatsen. | |
| Defecte ontstekingsmodule. | Contact opnemen met een erkend Dolmar-servicecentrum. | |
| Motor is moeilijk te starten of verliest vermogen. | Vuil, water of oude brandstof in de brandstoftank. | Tap de brandstoftank af en reinig deze. Vul de brandstoftank met schone, nieuwe brandstof. |
| Het ventilatiegaatje in de brandstoftankdop zit verstopt. | Reinig of vervang de brandstoftankdop. | |
| Luchtfilterelement is vuil. Luchtfilterelement schoonmaken. | ||
| Motor draait onregelmatig. | Bougie is defect. | Nieuwe bougie met de juiste elektrodenafstand plaatsen: raadpleeg de GEBRUIKSAANWIJZING VOOR DE MOTOR. |
| Elektrodenafstand van de bougie is niet correct. | Elektrodenafstand op 0,7 tot 0,8 mm instellen. | |
| Luchtfilterelement is vuil. | Luchtfilterelement schoonmaken: raadpleeg de GEBRUIKSAANWIJZING VOOR DE MOTOR. | |
| Motor draait slecht stationair. | Luchtfilterelement is vuil. | Luchtfilterelement schoonmaken: raadpleeg de GEBRUIKSAANWIJZING VOOR DE MOTOR. |
| Luchtsleuven in de motorafdekking zijn verstopt. | Vuil uit de sleuven verwijderen. | |
| Koelribben en luchtwegen onder de ventilatorbehuizing van de motor zijn verstopt. | Vuil van de koelribben en luchtwegen verwijderen. | |
| Motor slaat over bij een hoog toerental. | Afstand tussen elektroden van de bougie is te klein. | Elektrodenafstand op 0,7 tot 0,8 mm instellen. |
| Oververhitte motor. | Koelluchtstroom geblokkeerd. | Alle vuil uit de sleuven van de motorafdekking, ventilatorbehuizing en luchtwegen verwijderen. |
| Bougie verkeerd. | Voor model PM-411, monteer RC12YC-bougie en koelribben op de motor.Voor model PM-461, monteer RJ19LMC-bougie en koelribben op de motor. | |
| Grasmaaier trilt buitensporig. | Maaimes zit los. Maaimes vastzetten. | |
| Maaimes is in onbalans. Maaimes uitbalanceren. | ||
14. MILIEU
Wanneer uw gereedschap na langdurig gebruik vervangen moet worden, moet u het niet bij het huisvuil zetten, maar moet u het op een milieuverantwoorde wijze verwerken.
Alleen voor Europese landen
EU-verklaring van conformiteit
Ondergetekenden, Tamiro Kishima en Rainer
Bergfeld, als erkende vertegenwoordigers van Dolmar
GmbH, verklaren dat de DOLMAR-machine(s):
Aanduiding van de machine: Grasmaaier met
benzinemotor
Modelnr./Type: PM-411 en PM-461
in serie zijn geproduceerd en
Voldoen aan de volgende Europese richtlijnen:
En zijn gefabriceerd in overeenstemming met de
volgende normen of genormaliseerde documenten:
EN836 en EN ISO14982
De technische documentatie wordt bewaard door:
Dolmar GmbH,
De conformiteitsbeoordelingsprocedure vereist door
Officiële instantie:
Westendstraße 199, D-80686 München, Duitsland
Identificatienummer: 0036
Model PM-411
Gemeten geluidsvermogenniveau: 93,4 dB
Gegarandeerd geluidsvermogenniveau: 96 dB
Model PM-461
Gemeten geluidsvermogenniveau: 93,6 dB
Gegarandeerd geluidsvermogenniveau: 96 dB
10.9.2012


Tamiro Kishima Rainer Bergfeld
Hoofddirecteur Hoofddirecteur
DOLMAR

DOLMAR GmbH
Postfach 70 04 20
D-22004 Hamburg
Germany
http://www.dolmar.com
PM-411-30L-0812