HKC 55 5 2 EBIPlusSCA - Zaag FESTOOL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis HKC 55 5 2 EBIPlusSCA FESTOOL in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over HKC 55 5 2 EBIPlusSCA FESTOOL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HKC 55 5 2 EBIPlusSCA - FESTOOL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HKC 55 5 2 EBIPlusSCA van het merk FESTOOL.
GEBRUIKSAANWIJZING HKC 55 5 2 EBIPlusSCA FESTOOL
1 Symbolen 58
2Veiligheidsvoorschriften. 58
3 Gebruik volgens de voorschriften. 62
4 Technische gegevens. 62
5 Apparaatelementen 62
6 Accupack 62
7 Instellingen 63
8 Werken met het elektrische gereed-schap. 64
9 Onderhoud en verzorging. 65
10 Accessoires 66
11 Milieu. 67
12 Algemene aanwijzingen 67
1 Symbolen

Waarschuwing voor algemeen gevaar

Waarschuwing voor elektrische schok

Lees de gebruiksaanwijzing en veiligheidsvoorschriften!

Draag gehoorbescherming!

Veiligheidshandschoenen bij gereedschapswisseling en omgang met ruwematerialen dragen!

Draag een zuurstofmasker!

Draag een veiligheidsbril!

Niet met het huisvuil meegeven.

Draairichting van de zaag en het zaagblad

Elektrodynamisch uitloopremsysteme

Zaagbladafmeting
a ... diameter
b ... opnamegat

Apparaat bevat een chip voor de opslag van gegevens. zie hoofdstuk 12.1

CE-markering: Bevestigt de conformiteit van het elektrische gereedschap met de richtlijnen van de Europese Unie.

Tip, aanwijzing

Handelingsinstructie

Accupack uitenemen

Accupack inbrengen

Gevaar van beknelling voor vingers en handen!

Gevarenzone! Handen weghouden!
2 Veiligheidsvoorschriften
2.1 Algemene veiligheidsinstructies voor elektrische gereedschappen

WAARSCHUWING! Lees alle veiligheids-voorschriften en aanwijzingen. Worden
de veiligheidsinstructies en aanwijzingen nicht in acht genomen, dan kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwij-zingen om ze later te konnen raadplegen.
Het begrip "elektrisch gereedschap" dat in de veiligheidsinstructies gebruikt worden, heeft betrekking op elektrisch gereedschap met netvoeding (met netsnoer) of elektrisch gereed-schap met accuvoeding (zonder netsnoer).
Neem de bedieningshandleiding van het oplaadapparaat en het accupack in acht.
2.2 Machinespecifieke
veiligheidsvoorschriften voor handcirkelzaagmachines
Zaagmethode

- Gevaar! Kom met uw handen Niet in het zaagbereik en raak het zaagblad Niet aan. Houd met uw tweede hand de extra grep of de motorbehuizing vast. Wanneer u de cirkelzaag vasthoudt met beiden handen,+kunnen ze Niet gewond raken door het zaagblad.
- Kom nicht met uw handen onder het werkstuk. De beschermkap kan u onder het werkstuk Niet beschermen gegen het zaagblad.
- Pas de zaagdiepte aan de dikte van het werkstuk aan. Er moet minder dan een
volledige tandhoogte zichtaarশn onder het werkstuk.
- Houd het werkstuk dat gezaagd moet worden nooit in de hand of boven uw been vast. Zet het werkstuk vast op een stabiele opname. Het is belangrijk het werkstuk goed te bevestigen, om het gevaar van li-chaamscontact, beklemming van het zaagblad of controverlies tot een minimum terug te brengen.
- Houd het elektrische gereedschap aan de geïsoleerde greepvlakken vast als u werkzaamhedenuitvoertaar bij het inzetgereedschapverborgen stroomleidingen kan raken. Contact met een spanning-voerende leiding zet ook de metalen onder-delen van het elektrisch gereedschap onder spanning en veroorzaakt een elektrische schok.
- Gebruik bij het in de lenghte zagen algtd een aanslag of een geleiding langs een rechte kant. Hierdoor wordt de zaagnauwkeurigheid verbeterd en de kans op be-klemming van het zaagblad verminderd.
- Gebruik alkijd zaagbladen die de juiste grotte en een geschikt opnamegat (bijv. ruitvormig of rond)—hebben .Zaagbladen die nicht bij de montagedelen van de zaag passen, lopen onregelmatig en leiden tot controverlies.
- Gebruik nooit beschadigde of verkeerde zaagblad-spanflenzen of -schroeven. De zaagblad-spanflenzen en -schroeven zijn special voor uw zaag ontworpen, voor optimal prestaties en gebruiksveiligheid.
Terugslag -oorzaak en bijbehorende veiligheidsinstructies
- Een terugslag is de plotselinge reactie van een hakend, klemmend of verkeerd uitgericht zaagblad, die tot gevolg heeft dat de zaag zich ongecontroleerd van het werkstuk af en in de richting van de gebruiker beweegt
- wonneer het zaagblad zich in de sluitende zaagspleet vasthaakt of klem komt te zitten, raakt het geblokkeerd en wordt het apparaat door de kracht van de motor in de richting van de gebruiker teruggeslagen;
- wordt het zaagblad in de zaagsnede verdraaid of verkeerd uitgericht, dan kunnende tanden van hetijkenste zaagbladgebied zich vasthaken in het oppervlak van het werkstuk, waardoor het zaagblad uit dezaagspleet en de zaag in de richting van de gebruiker terugspringt.
Een terugslag is het gevolg van een onjuist of verkeerd gebruik van de zaag. Door passende voorzorgsmaatregelen die hierna worden beschreiben, kan ditECHTER worden voorkomen.
- Houd de zaag met beiden handen vast en breng uw armen in zo'n positie dat u de terugslagkrachtenkest opvangen. Blijf al-tijd aan de zijkant van het zaagblad en breng het zaagblad nooit in een lijn met uw lichaam. Bij een terugslag kan de cirkelzaag maar achteren springen, maar wanner de juiste maatregelen zich getroffen kan de gebruiker de terugslagkrachten beheersen.
- Indien het zaagblad klem komt te zitten of u het werk onderbreekt, LAST dan de aan-/uit-schakelaar los en houd de zaag in het materiaal rustig tot het zaagblad geheel tot stilstand is gekomen. Probeer zolang het zaagblad zich beweegt nooit om de zaag uit het werkstuk te halen of maarachten te trekken, anders kan er een terugslag plaatsvinden. Bepaal deoorzaak voor het afklemmen van het zaagblad en los deze op.
- Wonneer u een zaag die in het werkstuk steekt waar wilt starten, centreert u het zaagblad in de zaagspleet en controleert u of de zaagtanden Niet in het werkstuk zijn blijven haken. Is het zaagblad beklemd gereakt, dan kan het zich bij het opnieuw starten van de zaag UIT het werkstuk bewegen of een terugslag veroorzaken.
- Ondersteun grote platen om het risico van een terugslag door een klemmend zaagblad te verminderen. Grote platen können onder het eigengewicht doorbuigen. Platen dieren aan beiden kanten, zowel bij de zaagspleet als bij de rand, te worden gestut.
- Gebruik geen stompe of beschadigde zaagbladen. Zaagbladen met stompe of verkeerd uitergerichte tanden leiden door de te nauwe zaagspleet tot een grotere wrij-ving, beklemming van het zaagblad en terugslag.
- Draai voor het zagen de zaagdiepte- en zaaghoekinstellingen vast. Wanner de instelleningenijdens het zagen gewijzigd worden, kan het zaagblad beklemd raken een terugslag optreden.
- U dient bijzonder voorzichtig te zijn bij „invalzaagsneden“ in bestaande wanden of andere plaatsen waar geen waarneming möglichk is. Het invalidende zaagblad kan bij
het zagen in verborgen objcten geblokkeerd raken en een terugslag veroorzaken.
Functie van de onderste beschemkap
a. Controller voor gebruik alkijd of de onderste beschermkap goed sluit. Gebruik de zaag Niet wonneer de onderste beschermkap Niet vrij bewogen kan worden en nicht direct sluit. Klem of bind de onderste beschemkap nooit vast in een geopende positie. Mocht de zaag per ongeluk op de grond vallen, dan kan de onderste beschermkap worden verbogen. Open de beschemkap met de terugtrekhendel en zorg ervoor dat hij vrij beweegt en bij alle zaaghoeken en -dieptes noch het zaagblad noch andere delen raakt.
b. Controleer de werkung van de veer van de onderste beschemkap. Wanneer de onderste beschemkap en de veer Niet fouloos werken, dient onderhoud te worden gepleegd aan de zaag alvorens hem te gebruiken. Beschadigde delen, plakkerige afzettingen of ophopingen van spaanders leiden tot een vertraagde werkung van de onderste beschemkap.
c. Open de onderste beschemkap alleen handmatig bij bijzondere zaagsnedes, zoals „invalid- en hoekzaagsnedes". Open de onderste beschemkap met de terugtrekhendel en LAST deze los zodra het zaagblad in het werkstuk valt. Bij alle andere zaagwerkzaamheden moet de onderste beschemkap automatisch werken.
d. Leg de zaag Niet op de werkbank of op de grond zonder dat de onderste bescherm-kap het zaagblad bedekt. Een onbe-schermd, nalopend zaagblad beweegt de zaag gegen de zaagrichting in en zaagt wat het op zichn weg tegenkommen. Houd hierbij re-kening met de nalooptijd van de zaag.
Werking van de geleidenok [1-5]
a. Gebruik indien möglich het voor de geleidenok passende zaagblad. Bij gebruik van zaagbladen met een dikker zaagblad is de werkking van de geleidenok beperkter. Om ervoor te zorgen dat de geleidenok werkt,要去 het stamblad van het zaagblad dunner� dan de geleidenok en de tandbreedte dikker� dan de geleidenok. Houd bij gebruik van een dikker zaagblad rekening met een groter terugslaggevaar.
b. Gebruik de zaag nicht met een verbogen geleidenok. Door eenkleine storing kan
vertraging optreden bij het sluiten van de beschemkap.
Bijkomende verilgheidsvoorschriften
- Dit elektrisch gereedschap mag nicht worden ingebouwd in een werktafel. Door in-bouw in een zelfgemaakte of door een andere fabrikant aangeboden werktafel kan het elektrisch gereedschap onveilig worden en tot ernstige ongevallen leiden.
- Kom Niet met uw handen bij de spaanaf-voer. U kunt gewond raken als gevolg van ronddraaiende onderdelen.
- Gebruik geschikte sensoren om verborgen toevoerleidingen op te sporen of raadpleeg hetplaatselijke nutsbedrijf. Aontact van inzetgereedschap met een spanningvoerende leiding kan brand veroorzaken of tot een elektrische schok leiden. Beschadi-ging van een gasleiding kan een explosieveroorzaken. Het penetreren van een waterleiding veroorzaakt materièle schade.
Wacht tot het elektrische gereedschap tot stilstand gekomen is voor u het neerlegt. Het inzetgereedschap kan zich vasthaken en tot het verlies van de controle over het elektrische gereedschap leiden. - De machine Niet voor bovenhandse werkzaamheden gebruiken.
- Tijdens het werkken{kunnen schadelijke/ giftige stoffen ontstaan (bijv. bij loodhoudende verf, enkele houtsoorten en metaal). Voor degene die de machine bedient of voor personen die zich in de buurt van de machine bevinden kan het aanraken of inademen van deze stoffen gevaarlijk zijn. Neem de veiligheidsvoorschriften in acht die in uw land van toepassing�n.

Draag ter bescherming van uw gezond-leen P2-mondmasker.
Zorg in gesloten ruimtes voor voldoende verlichting en sluit eventueel een mobiele stofaf-zuiger aan.
一

Draag geschikte persoonlijke beschermingsmiddelen: Gehoorbescherming, veiligheidsbril, stofmasker bij stofproduerende werkzaamheden, veiligheidshandschoenen bij het bewerken van ruwe materialen en bij de verranging van het gereedschap.
- Tijdens het werkken{kunnen schadelijke/ giftige stoffen ontstaan (bij. bij loodhou
dende verd, enkele houtsoorten of meta- len). Voor de gebruiker van de machine of voor personen die zich in de buurt van de machine bevinden, kan het aanraken of inademen van deze stoffen gevaarlijk zijn. Neem de veiligheidsvoorschriften in acht die in uw land van toepassing�n.
- Controller of behuizingsdelen beschadigin-gen zoals scheurtjes of breuken vertonen. Laat beschadigde onderdelen voór het gebruik van het elektrische gereedschap repareren.
- Geen netvoeding of accrupacks van andere leveranciers voor het gebruik van het accugereedschap toepassen. Geen oplaad-apparaten van andere leveranciers voor het laden van de accrupacks gebruiken. Het gebruik van accessoires die Niet door de fabrikant worden voorgeschreven, kan tot een elektrische schok en/of ernstig letsel leiden.
2.3 Restrisico's
Ook wanneer men zich aan alle relevante bouwvoorschriften houdt, können zich bij gebruik van de machine nog gevaarlijke situaties voordoen, bijv. als gevolg van:
- aanraking van het zaagblad nabij de aan-zetopening onder de zaagtafel,
- aanraking van het onder het werkstuk uitstekende deel van het zaagblad bij het za-gen,
- aanraking van draaiende delen van de zichkant: zaagblad, spanflens, flenssschroef,
- terugslag van de machine bij vastlopen in het werkstuk,
- aanraking van spanningvoerende delen bij geopende behuizing en Niet-ontkoppelde netstekker,
- het wegliegen van werkstukdelen,
- het wegliegen van werkstukdelen bij beschadigd gereedschap,
- geluidsemissie,
- stofemissie.
2.4 Aluminiumbewerking
Bij de bewerking van aluminium dient men zichuit veiligheidsoverwegingen te houden aan devolgende maatregelen:

een veiligheidsbril!
-
Elektrisch gereedschap op een geschikt af-zuigapparaat met antistatische afzuigslang aansluiten.
-
Elektrisch gereedschap regelmatig reini-gen van stofafzettingen in de motorbehui-zing.
- Een aluminium-zaagblad gebruiken.
- Bij het zagen van platen dienen de zaagbladen met petroleum te worden ingesmeerd, dunwandige profielen (tot 3 mm) können zonder smeren worden bewerkt.
2.5 Emissiewaarden
De volgens EN 62841 bepaalde waarden bedra-gen gewoonlijk:
Geluidsdrukniveauu L PA=96 dB(A)
Geluidsvermogensniveauu L WA=107 dB(A)
Onzekerheid K = 4 dB


VOORZICHTIG
Geluid dat bij het werk opttreedt Beschadiging van het gehoor
Gehoorbescherming gebruiken.
Trillingsemissiewaarde a_h (vectorsom van drierichtingen) en onzekerheid K bepaald volgens EN 62841:
Zagen van hout a_h ≤slant 2,5 ~m / s^2
$$ K = 1, 5 \mathrm {m} / \mathrm {s} ^ {2} $$
Zagen van aluminium a_h ≤slant 2,5 ~m / s^2
$$ K = 1, 5 \mathrm {m} / \mathrm {s} ^ {2} $$
De aangegeven emissiewaarden (trilling, geluid)
- maar geschickt om machines te vergelijkken,
- omijdens het gebruik een voorlopige inschatting van de trillings- en geluidsbelasting te make
- en gelden voor de belangrijkste toepassin-gen van het elektrische gereedschap.

VOORZICHTIG
Emissiewaarden konnen van de aangegeven waarden afwijken. Dit hangt af van het gebruik van het gereedschap en de soort van het bewerkte werkstuk.
De werkelijkke belasting tijdens de gehele bedrijfscylus要去beoordeeld worden.
- Afhankelijk van de werkelijkke belasting要去en passende verilgheidsmaatregelen ter bescherming van de bediener worden vastgelegd.
3 Gebruik volgens devoorschriften
Accu-handcirkelzaag bestemd voor het zagen van
- hout en houtachtig materiaal,
- gips- en cementgebonden verzelstoffen,
-kunststoffen, - aluminium (alleen met een door Festool aangeboden special zaagblad voor aluminium)
Er mogen alleen zaagbladen met de volgende gegevens worden gebruikt:
- Zaagbladen conform EN 847-1
- Zaagbladdiameter 160 mm
Aanbevolen zaagbreedte 1,8 mm, max. 2,2 mm met beperkte werkinq van de geleidenok - Opnameboorgat 20 mm
-Aanbevolen stambladdijke 1,2 mm,bereik 1,1-1,25mmmax.mogelijk - Geschikt voor toerentallen tot 9500 min -1 Geen slijp- en schuurschijven gebruiken.
Zaag alleen materialen die conform de bepalin-gen voor het betreffende zaagblad bestemd zich. Dit elektrische gereedschap mag uitsluitend doorvakmannen of goed opgeleide Personen worden gezruikt.

De gebruiker is aansprakelijk bij gebruik dat Niet volgens de voorschriften plaats-
vindt.
Het elektrische gereedschap is geschikt voor gebruik met Festool-accupacks van de series BPuitdezelfde spanningsklasse.
| Accu-pendelkapzaag HKC 55 EB | |
| Motorspanning 14,4 - 18 V | |
| Toerental (onbelast) | 4500 min-1 |
| Verstek 0° tot 50° | |
| Zaagdiepte bij 0° 0 - 55 mm | |
| Zaagdiepte bij 50° 38 mm | |
| Zaagbladafmeting | |
| aanbevolen 160 x 1,8 x 20 mm | |
| max. 160 x 2,2 x 20 mm | |
| Gewicht zonder accupack 3,4 kg | |
5 Apparaatelementen
[1-1] Handgrepen
[1-2] Inschakelblokkering
[1-3] Hendel voor gereedschapwisseling
[1-4] Terugtrekhendel voor pendelbeschermkap
[1-5] Geleidenok
[1-6] Pendelbeschemkap
[1-7] Aan-/uit-schakelaar
[1-8] Hendel voor invalidfunctionie
[1-9] Tweedelige schaal voor zaagdiepteesanslag (met/zonder geleiderail)
[1-10] Afzuaansluiting
[1-11] Hoekschaal
[1-12] Draaiknop voor hoekinstelling
[1-13] Instelling van de zaagdiepte
[1-14] Toets capacitieitsindicatie op het accupack
[1-15] Vermogensindicatie
[1-16] Accum
[1-17] Toets voor het ontkoppelen van het.accupack
[1-18] Instelgeleiders
De vermelde afbeeldingen staan in het begin van de gebruiksaanwijzing.
Afegebeelde of beschreiben accessoires behoren voor een deel Niet tot de leveringsomvang.
6 Accupack
Vóró deplaatsing van het accupack moet de accu-aansluiting op verontreiniging gecontroleerd worden. Een verontreiniging van de accu-aansluiting kan een goed contact belemmeren en tot schade aan de contacten leiden.
Een gestoord contact kan tot oververhitting en beschadiging van het apparaat leiden.
[2A] Accupack verwijderen.
[2B] klick Accupackplaatsen - tot aan het vastklikken.
i Meer informatie over oplaadapparaat en accupack met capaciteitsindicatie vindt u in de bedieningshandleidingen van accupack en oplaadapparaat.
7 Installingen

WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel, elektrische schokken
Voor alle werkzaamheden aan de machine de accupacks van de machine nemen!
7.1 Electronic
Zachte aanloop
De elektronisch geregelde zachte aanloop zorgt ervoor dat de machine stootvrij aanloopt.
Constant toerental
Het mortoerental wordt elektronisch constant gehonden. Hierdoor wordt ook bij belasting een gelijkblijvende snijsnelheid bereikt.
Stroombegrenzng
De stroombegrenzing voorkomt bij extreme overbelasting een te hoge stroomopname. Dit kan leiden tot een lager motortoerental. Na ontlasting komt de motor direct waar op toeren.
Rem
De HKC 55 EB bezit een elektronische rem. Na het uitschakelen worden het zaagblad in ca. 2 sec. elektronisch tot stilstand afgeremd.
Herstartbeveiliging
De ingebouwde herstartbeveiliging voorkomt dat het elektrisch gereedschap na een spanningsonderbreking weeer automatisch start wonneer de in-/uitschakelaar nog is ingedrukt. Het elektrisch gereedschap moet in dit geval eerst worden uitgeschakeld en verrolgens weeiningschakeld.
Temperatuurbveiliging
Bij een te hoge motortemperatuur worden stroomtoevoer en toerental gereduceerd. De machine loopt alleen nog op beperkt vermogen om een snelle afkoeling door de motorventilitatie möglich te make. Na afkoeling komt de machine waar automatisch op gang.
7.2 Zaagdiepte instellen
De zaagdiepte kan van 0 - 55 mm worden ingesteld.
Zaagdiepte-instelling [3-1] samendrukken.
Zaagaggregaat aan hoofdhandgreep omh-oog trekken of omlaag drukken.

Zaagdiepte zonder geleide-/afkortrail max. 55 mm

Zaagdiepte met geleide-/afkortrail max. 51 mm
7.3 Zaaghoek instellen
i Bij de instelling van de zaaghoek要去 de zaagtafel op een plat vlak staan.
Draaiknop [4-2] losdraaien.
Zaagaggregaat in de gewenste zaaghoek [4-1] draaien.
Draaiknop [4-2] sluiten.
i De beiden standen (0^ en 50^) zich sta- daard ingesteld en{kunnen door de klantenservice worden aangepast.
Bij hoekzaagsneden is de zaagdiepte min- der dan de aangegeven waarde op de zaagdiepteschaal.
7.4 Pendelbeschemkap instellen

VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel! Scherpe randen! Wanner de pendelbeschemkap plotseling wordt losgelaten, springt hij snel terug.
- De pendelbeschemkap [1-6] mag uitsluitend met de terugtrekhendel [1-4] geopend worden.
7.5 Zaagblad selectoren
Festool-zaagbladen zijn met een gekleurde ring gemarkeerd. De kleur van de ring staat voor het materiaal waarvoor het zaagblad geschikt is.
WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel! Geen werkking van het pendelkapmechanisme! Bij het zagen van cementvezelplaten mogen geen diamantzaagbladen worden gezruikt!
Verf Materialial Symbol
Geel Hout


Rood Laminaat, minerale grondstof


Groen Gips- en cementgebonden spaan- en verzelplaten


Blauw Aluminium, kunststof


7.6 Zaagblad wisselen

WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel
Vór alle werkzaamheden aan het elektrische gereedschap het accupack van het elektrische gereedschap verwijderen.


VOORZICHTIG
Gevaar voor letsel door heet en scherp gereedschap
- Geen stomp en defect inzetgereedschap gebruiken.
Veiligheidshandschoenen dragen bij het hanteren van inzetgereedschap.
Het zaagblad uitenemen
Voor de zaagbladwisseling de zaag in de 0^ stand draaien en de maximale zaagdiepte instellen.
- Zaag voor het wisselen op het motordeksel [5-1] leggen.
Hendel [5-4] tot aan de aanslag omdraaien.
Schroef [5-8] met de inbussleutel [5-3] openen.
Pendelbeschemkap [5-7] uitsluitend met terugtrekhendel [5-5] geopend houden.
Zaagblad [5-9] afnemen.
Zaagbladplaatsen
WAARSCHUWING! Controller schroeven en flens op verontreiniging en gebruik alleen schoone en onbeschadigde onderdelen!
Nieuw zaagblad inbrengen.
WAARSCHUWING! De draairichting van zaagblad [5-10] en zaag [5-6]要去en overeenkomen! Wordt dit Niet in acht genomen, dan kan dit tot ernstig letsel leiden.
De buitenste flens [5-11] zo inbrengen dat de meeneempennen in de uitsparing van de binnenste flens vrijpen.
- Terugtrekhendel [5-5] loslaten en pendel-beschemkap [5-7] in zijn definitieve stand laten terugdraaien.
Schroef [5-8] stevig aandraaien.
Hendel [5-4] terugslaan.
7.7 Afzuiing

WAARSCHUWING
Gevaar voor de gezondheid door stof
Nooit zonder afzuiiging werken.
Nationale voorschriften in acht nemen.
Bij het zagen van kankerverwekkende stoffen algijd een geschikte mobiele stofzuiger volgens de nationale bepalingen aanslui- ten. Niet de stofopvangzak gebruiken.
Geinteggreider afzuging
- Het aansluitstuk [6-2] van de stofopvangzak [6-3] door maar rechts te draaien aan de af-zuigaansluiting [6-1] bevestigen.
Voor het leegmaken het aansluitstuk van de stofopvangzak van de afzuigaansluiting verwijderen door het maar links te draaien.
Festool mobiele stofzuiger
Bij de afzuigaansluiting [6-1] kan een Festool mobiele stofzuiger met een afzuigslangdiameter van 27/32 mm of 36 mm (36 mm vanwegegeringer verstoppingsgevaar aanbevolen) worden aangesloten.
Het aansluitstuk van een afzuigslang 0 27 wordt in het hoekstuk gestoken. Het aansluitstuk van een afzuigslang 0 36 wordt in het hoekstuk gestoken.
ATTENTIE! Als er geen antistatische afzug-slang worden gebruikt, kan een statische opla-ding ontstaan. De gebruiker kan een elektris-che schok krijgen, en de elektronica van het elektrische gereedschap kan beschadigd worden.
8 Werken met het elektrische gereedschap
Bij het werken alle aan het begin vermeling de veiligheidsvoorschriften en de volgen-de regels in acht nemen:
- Geleid de machine alleen in ingeschakelde toestand gegen een werkstuk.
- Voor elk gebruik alkijd de werkking van de pendelbeschemkap met behulp van de terugtrekhendel [1-4] controleren. Ervoor zorgen dat de beschemkap vrij beweegt en bij alle zaaghoeken en -dieptes noch het zaagblad noch andere delen raakt. Het elektrisch gereedschap alleen gebruiken indien het volgens voorschift functioneert.
-
Bevestig het werkstuk.altijd zo dat het tijdens de bewerking Niet kan bewegen.
-
Zorg ervoor dat de afzuigslang over de gehele zaagsnede Niet blijft haken, noch aan het werkstuk, noch aan de werkstuksteun of gevaarlijke plaatsen op de vloer.
- Houd het elektrische gereedschapijdens de werkzaamheden altijd met beiden handen vast aan de handgrepen [1-1]. Dit is de voorwaarde voor exact werken en absolutnoodzakelijk voor het induiken. Duik langzaam en gelijkmatig in het werkstuk in.
-Beweeg de zaag.altijd waar voren [8-9] ,entrek hem nooit achechteruit maar u toe. - Voorkom oververhitting van de snijkanten van het zaagblad door de snelheid aan te passen en zorg er bij het zagen van kunststof voor dat dit Niet smelt. Hoe harder het te zagen materiaal, des tekleiner要去 de voedingsnelheid zich.
- Verzeker u er vór aanvang van de werkzaamheden van dat de draaiknop [1-12] stevig is aangedraaid.
- ATTENTIE! Oververhittingsgevaar! Voor gebruik controlleren of het accupack veilig vastgeklikt is
8.1 In-/Uitschakelen
- Inschakelblokkering [1-2] omhoog bewe-gen.
In-/uitschakelaar [1-7] indrukken.
indrukken=AAN
loslaten=UIT
8.2 Akoestische waarschuwingssignalen
Bij de volgende bedrijfsomstandigheden klinkt een akoestisch waarschuwingssignaal en worden het elektrische gereedschap uitgeschakeld:

peep
Accu leeg of elektrisch gereedschap overbelast:
Accuervangen
Elektrisch gereedschap minder belasten
8.3 Zagen volgens aftekenlijk
De zaagindications geben het zaagverloop zonder geleiderail aan:
0^ -snede:[7-1]
45^ -snede:[7-2]
8.4 Delen afzagen
De zaag met het voorste gedeelte van de zaag-tafel op het werkstuk zetten, inschakelen en in de zaagrichting vooruit bewegen.
8.5 Delen uitzagen (invallend zagen)
! Om bij invalidend zagen een terugslag te voorkomen dienen de volgende aanwijzingen beslist in ache te worden genomen:
- De zaag.altijd met de achterkant van de zaagtafel gegen een vaste aanslag zetten.
- De zaag bij het werknen met de geleiderail gegen de terugslagstop FS-RSP (accessoires)plaatsen, die op de geleiderail worden vastgeklemd.
Pas op! Knelgevaar! Bij de instelling van i
moet met de vrijie hand de machine alsijd worden vastgehonden. Plaats uw vingers nooit achter of onder het zaagblad!
Handelwijze
Zaagdiepte instellen, zie hoofdstuk 7.2.
Hendel [8-1] omlaag drukken.
Het zaagaggregaat draait omhoog in de stand voor invalidend zagen.
- Terugtrekhendel [8-2] tot aan de aanslag omlaag gedrukt houden.
Pendelbeschemkap [8-4]gaat open en het zaagblad komt vrij.
De zaag op het werkstuk en gegen een aan-slag (terugslagstop) zetten.
De zaag inschakelen.
- De zaag langzaam tot de ingestelde zaag-diepte omlaag drukken tot hij inklikt, terugtrekhendel [8-2] loslaten en in de zaagrichting [8-9] vooruit bewegen.
De inkeping [8-3]geeft bij maximale zaagdiepte en gebruik van de geleiderail het allerste zaagpunt van het zaagblad (Ø 160 mm) aan.
9 Onderhoud en verzorging

WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel, elektrische schokken
Vóor alle onderhouds- en reparatiewerkzaamheden.altijd het accupack van het elektrische gereedschap verwijderen.
Alle onderhouds- en reparatiewerkzaam-heden, waaroor het vereist is om de mot- torbehuizing te openen, mogen alleen in een geauthoriseerde onderhoudswerkplaats worden uitgevoerd.

Klantenservice en reparatie alleen door fabrikant of door serviceworkplaatsen. Adres bij u in de buurt op: www.festool.nl/service

Alleen originele Festool-reserveonderdelen gebruiken! Bestelnr. op: www.festool.nl/service

Een regelmatige reiniging van de machine, vooral van de afstelinrichtingen en de
geleiders, vormt een belangrijke veiligheidsfactor.
De volgende aanwijzingen in acht nemen:
- Beschadigde beveiligingsinrichtingen en onderdelen, bijv. een defecte hendel voor de gereedschapswisseling [1-3],要去 op deskundige wijze in een erkende en gespecialiseerde werkplaats gerepareerd en verwangen worden, voor zover niets anders in de gebruiksaanwijzing aangegeven is.
Zorg ervoor dat de koellluchtopeningen in de motorbehuizing algij en schoon zich om de luchtcirculatie te waarborgen. - Om splinters en spanen uit het elektrische gereedschap te verwijderen, dienen alle openingen te worden schoongezogen. Open nooit de beschermende kap.
- De pendelbeschemkap moet.altijd vrij kunnen bewegen enzfstandig kunnen sluiten. De ruimte om de pendelbeschemkap altijd schoonhonden. Stof en spanen met behulp van persluchtuit de beschemkap blazen of verwijderen met een kwast.
De aansluitcontacten van het elektrische gereedschap, oplaadapparaat en accupakschoon houden.
Bij werkzaamheden met gips- en cementgebonden verzelplaten het apparaat bijzonder grondig reinigen. Reinig de ventilatieopeningen van het elektrische gereedschap en de aan-/uit-schakelaar met droge en olievrije perslucht. Anders kan zich gipshoudend stof in de behuizing van het elektrische gereedschap en op de aan-/uit-schakelaar afzetten en in verbinding met luchtvochtigheid uitharden. Dat kan tot na-delige beinvloeding van het schakelmechanisme leiden.
10 Accessoires
De bestelnummers voor accessoires en gereedschap vindt u in de Festool-catalogus of online via www.festool.nl.
Naast de beschreiben toebehoren biedt Festool nog uitgebrende systeemaccessoires aan, waarmee u uw zaag op veel manieren en efectiefkunt gebruiken, bijv.:
- Parallelaanslag, tafelverbreding PA-HKC 55
- Terugslagstop FS-RSP
- Parallelaanslag FS-PA en verlenging FS-PA-VL
- Afdekking aan de zijkant, schaduwvoegen ABSA-TS 55
10.1 Zaagbladen, overige accessoires
Om uitenlopend materiaal snel en zuiver te kunnen zagen biedt Festool voor alle werkzaamheden zaagbladen aan die special op Festool zagen zich afgestemd.
10.2 Geleiderail
De geleiderail maakt precieze, zuivere zaagsneden möglichk en beschermt tegelijkertijd hetoppervlak van het werkstuk gegen beschadi-ging.
In combinatie met de omvangrijke accessoires kuren met het geleidesystem exacte hoekzaagsneden, verstekzaagsneden en inpaswerkzaamheden worden uitgevoerd. De bevestigingsmogelijkheid met behulp van lijmklemmen [8-7] zorgt voor een stevig houvast en voor veilig werkken.
Speling van de zaagtafel op de geleiderail met de beiden instelgeleiders [8-8] instellen.
Voor het eerste gebruik van de geleiderail de splinterbescherming [8-5] inzagen:
zaag met de gehele geleideplaat aan het achtereinde van de geleiderail plaatsen,
de zaag in de 0^ -stand draaien en de maxi-male zaagdiepte instellen,
De zaag inschakelen.
- De splinterbescherming langzaam zonder onderbreking over de gehele lenghte aanzagen.
De rand van de splinterbescherming komt nu precies overeen met de snijrand.
Leg de geleiderail voor het inzagen van de splinterbescherming op een stuk afvalhout.
10.3 Afkortrail
De akfortrail is conform de bepalingen geschikt voor het zagen van hout en plaatmaterialiaal.
De afkortrail maakt precieze en schone sneden mogelijk, met name hoekzaagsneden können eenvoudig en telkens opniew worden uitgevoerd. De zaag beweegt na het zagen automatiskisch terug in de uitgangspositie.
Neem de gebruiksaanwijzing van de afkortrail FSK inRCT.
11 Milieu

Geef het apparaat Niet met het huisvuil mee! Voer de apparaten, accessoires en verpakkingen op milieuvriendelijk wijze
af. Neem de geldende nationale voorschriften in acht.
Alleen EU: Volgens de Europese richtlij inzake gebruikte elektrische en elektronische apparaten en de omzetting hiervan in de nationale wetgeving dienen oude elektrische apparaten geschreiben te worden ingezameld en op milieuvriendelijk wijze te worden afgevoerd.
Informatie voor REACH: www.festool.com/ reach
12 Algemene aanwijzingen
12.1 Informatie over gegevensbeveiliging
Het elektrische gereedschap bevat een chip voor de automatische opslag van machine- en gebruiksgegevens. De opgeslagen gegevens hebben geen betrekking op Personen.
De gegevens können met speciale apparaten contactloos uitgelezen worden en worden door Festool uitsluitend gebruikt voor de storingsdiagnose, reparatie- en garantieafwikkeling alsmede voor de verbetering van de kwaliteit of de verdere ontwikkeling van het elektrische gereedschap. Zonder uitdrukkelijke toestemming van de klant worden de gegevens Niet voor andere doeleinden gebruikt.
12.2 Bluetooth®
Hetwoordmerk Bluetooth® en de logo'sarend ge- registreerde merken van Bluetooth SIG, Inc. en worden door TTS Tooltechnic Systems AG & Co. KG en dus door Festool onder licentie gebruikt.