TECHNISAT DigitRadio UP 1 - Radio

DigitRadio UP 1 - Radio TECHNISAT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis DigitRadio UP 1 TECHNISAT in PDF-formaat.

📄 292 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice TECHNISAT DigitRadio UP 1 - page 102
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : TECHNISAT

Model : DigitRadio UP 1

Categorie : Radio

Download de handleiding voor uw Radio in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DigitRadio UP 1 - TECHNISAT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DigitRadio UP 1 van het merk TECHNISAT.

GEBRUIKSAANWIJZING DigitRadio UP 1 TECHNISAT

SK98Handleiding DIGITRADIO UP 1 DAB+/FM inbouwradio met bluetooth

7.2.3 Bewaar het DAB+ station op een opslaglocatie ...................................................... 112

7.2.4 DAB+ station van een opslaglocatie opvragen......................................................... 112

7.2.5 Overschrijven/verwijderen van een opgeslagen programmageheugen ...... 112

8.8 FM-zenders vanaf een geheugenlocatie opvragen .................................................115

8.9 Overschrijven/verwijderen van een opgeslagen programmageheugen .......115

SK1 Voorwoord Deze handleiding helpt u om uw radio, hierna DIGITRADIO of apparaat genoemd, op de juiste manier en veilig te gebruiken.

1.1 De doelgroep van deze handleiding

De handleiding is bedoeld voor iedereen die het apparaat installeert, bedient, schoonmaakt of afdankt.

1.1.1 Beoogd gebruik

Lees deze handleiding aandachtig door. Alleen dan kunt u uw apparaat veilig en correct bedienen. Bewaar deze handleiding voor toekomstig gebruik. Het apparaat is ontworpen voor de ontvangst van DAB+/FM-radiouitzendingen. Verder kan het via bluetooth muziekstreams van een gekoppeld apparaat ontvangen. Het apparaat is ontworpen voor particulier gebruik en niet geschikt voor commercieel gebruik. Let op! Dit apparaat is alleen voor inbouw bedoeld. Alleen een erkend installateur mag apparaten zonder stekker aansluiten. Er bestaat gevaar voor stroomschokken! In het geval van schade als gevolg van een onjuiste aansluiting, vervalt de aanspraak op garantie. Om het apparaat indien gewenst helemaal van de voeding te kunnen loskoppelen (onweersbuien, langdurige afwezigheid), moet deze via een schakelaar worden aangesloten.

1.2 Belangrijke aanwijzingen

Neem de volgende instructies in acht om veiligheidsrisico's tot een minimum te beperken, schade aan het apparaat te voorkomen en bij te dragen aan de bescherming van het milieu. Lees alle veiligheidsvoorschrien zorgvuldig door en bewaar deze voor latere vragen. Volg altijd alle waarschuwingen en aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing en op de achterzijde van het apparaat op. Let op - Duidt een belangrijke aanwijzing aan die strikt moet worden opgevolgd om defecten, gegevensverlies/-misbruik of onbedoeld functioneren van het apparaat te voorkomen. Tip - Gee een aanwijzing over de beschreven functie plus een andere gerelateerde functie die wellicht nodig is met verwijzing naar het relevante gedeelte van de handleiding. 1021.2.1 Veiligheid Lees voor uw veiligheid de veiligheidsmaatregelen zorgvuldig door voordat u uw DIGITRADIO UP1 in gebruik neemt. De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade veroorzaakt door ondeskundig gebruik en door het niet in acht nemen van de veiligheidsvoorschrien. Dit apparaat is alleen voor inbouw bedoeld. Alleen een erkend installateur mag apparaten zonder stekker aansluiten. Er bestaat gevaar voor stroomschokken! In het geval van schade als gevolg van een onjuiste aansluiting, vervalt de aanspraak op garantie. Maak het apparaat nooit open. Het aanraken van onder spanning staande onderdelen is levensgevaarlijk. Een eventueel noodzakelijke ingreep mag uitsluitend door vakkundig personeel worden uitgevoerd. Het apparaat mag alleen in gematigde omgevingsomstandigheden worden gebruikt. Stel het apparaat niet bloot aan druipend of spaend water. Als er water in het apparaat is binnengedrongen, zet het uit en neem contact op met de Service-afdeling. Stel het apparaat niet bloot aan warmtebronnen die het apparaat behalve door normaal gebruik nog verder kunnen verwarmen. Zet bij een in het oog springend defect van het apparaat, het waarnemen van geur of rook, aanzienlijke functionele storingen of schade aan de behuizing, het apparaat uit en neem contact op met de Service-afdeling. Het apparaat mag alleen op een netspanning van 100V-240V ~, 50/60 Hz worden aangesloten. Probeer het apparaat nooit met een andere spanning te gebruiken. Neem het apparaat niet in gebruik als het beschadigingen vertoont.

SKGebruik het apparaat niet in de buurt van een badkuip, zwembad of sproeiwater. Probeer nooit zelf een defect apparaat te repareren. Neem altijd contact op met een van onze servicepunten. Vreemde voorwerpen, zoals naalden, munten, enz., mogen niet in het apparaat vallen. Raak de aansluitpunten niet met metalen voorwerpen of met de vingers aan. Dit kan kortsluiting veroorzaken. Laat kinderen dit apparaat nooit zonder toezicht gebruiken. Het apparaat blij zelfs als het in de stand-by of uit staat op het lichtnet aangesloten. Luister niet naar muziek of radio met hoge volumes. Dit kan tot blijvende gehoorschade leiden. Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door personen (inclusief kinderen) met beperkte fysieke, zintuiglijke of mentale capaciteiten of met gebrek aan ervaring en/of kennis, tenzij deze onder toezicht van een persoon staan die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of door deze persoon over het gebruik van het apparaat zijn geïnstrueerd. Kinderen moeten onder toezicht staan om te voorkomen dat ze met het apparaat spelen. Het is verboden om wijzigingen aan het apparaat aan te brengen. Beschadigde apparaten of beschadigde accessoires mogen niet langer worden gebruikt.

De verpakking van uw apparaat bestaat uitsluitend uit recyclebare materialen. Voer deze gesorteerd af volgens de lokale aanwijzingen. Dit product mag aan het eind van zijn levensduur niet met het gewone huisafval worden meegegeven, maar moet bij een inzamelpunt voor het recycleren van elektrische en elektronische apparaten worden ingeleverd. Dit wordt aangeduid door het -symbool op het product, de gebruiksaanwijzing of de verpakking. De gebruikte materialen kunnen aankelijk van hun etikeering worden hergebruikt. Met hergebruik, recycling of andere vormen van verwerking van oude apparatuur levert u een belangrijke bijdrage aan de bescherming van ons milieu. 104Informeer bij de gemeentelijke instanties naar de verantwoordelijke instantie voor afvalverwijdering. Houd er rekening mee dat de lege baerijen van de afstandsbediening en elektronisch afval niet bij het gewone huisvuil horen, maar op juiste wijze moeten worden verwerkt (inleveren bij de winkel, chemisch afval). Aanwijzingen voor verwijdering: Afvoer van de verpakking: Uw nieuwe apparaat werd tijdens het transport naar u toe beschermd door de verpakking. Alle gebruikte materialen zijn milieuvriendelijk en recyclebaar. Help mee en voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af. Informatie over de huidige afvalverwijderingsmethoden vindt u bij uw plaatselijke dealer of bij de gemeentelijke afvalverwerking. Verstikkingsgevaar! Geef de verpakking of onderdelen ervan niet aan kinderen. Verstikkingsgevaar door folie en andere verpakkingsmaterialen. Apparaat afdanken: Oude apparaten zijn geen waardeloos afval. Door milieuvriendelijke verwijdering kunnen waardevolle grondstoen worden teruggewonnen. Informeer bij uw gemeentelijke instanties naar de mogelijkheden om het apparaat milieuvriendelijk en op de juiste manier af te voeren. Voordat u het apparaat afvoert, moet u de baerijen/accu's verwijderen. Dit apparaat is volgens de richtlijn 2012/19/EG betreende afgedankte elektrische en elektronische apparaten (WEEE) gemarkeerd. Dit product mag aan het eind van zijn levensduur niet met het gewone huisafval worden meegegeven, maar moet bij een inzamelpunt voor het recycleren van elektrische en elektronische apparaten worden ingeleverd. Dit wordt aangegeven door het symbool op het product, op de handleiding of op de verpakking. De gebruikte materialen kunnen aankelijk van hun etikeering worden hergebruikt. Met hergebruik, recycling of andere vormen van verwerking van oude apparatuur levert u een belangrijke bijdrage aan de bescherming van ons milieu.

SK1.2.3 Juridische informatie TechniSat verklaart hierbij dat de DIGITRADIO UP1-radioapparatuur voldoet aan Richtlijn 2014/53/EU. De volledige tekst van de EU-conformiteitsverklaring is beschikbaar op de volgende website: hp://konf.tsat.de/?ID=11471 TechniSat is niet aansprakelijk voor productschade als gevolg van externe invloeden, slijtage of onjuiste behandeling, ongeoorloofde reparatie, veranderingen of ongelukken. Wijzigingen en drukfouten voorbehouden. Laatst gewijzigd 02/18. Kopiëren en vermenigvuldigen alleen met toestemming van de uitgever. De huidige versie van de handleiding is beschikbaar in PDF-formaat in het downloadgedeelte op de homepage van TechniSat op www.technisat.de. DIGITRADIO UP1 en TechniSat zijn geregistreerde handelsmerken van: TechniSat Digital GmbH TechniPark Julius-Saxler-Straße 3 D-54550 Daun/Eifel www.technisat.de

1.2.4 Service-instructies

Dit product is getest op kwaliteit en hee een weelijke garantieperiode van 24 maanden vanaf de datum van aankoop. Bewaar de factuur als aankoopbewijs. Neem voor garantieclaims contact op met de dealer van het product. Opmerking Voor vragen en informatie of als er een probleem is met dit apparaat, kunt u terecht bij onze technische hotline: Ma. - vr. 8:00 - 20:00 via tel.: 03925/9220 1800 bereikbaar. 106Gebruik in geval van retourzending van het apparaat alleen het volgende adres: TechniSat Digital GmbH Service-center Nordstr. 4a 39418 Staßfurt Namen van de genoemde bedrijven, instellingen of merken zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van hun respectievelijke eigenaren. 2 Aeelding en knoppen

1 Display 2 Aan-/Stand-by-/Modusschakelaar 3 Knop Info/Menu opvragen 4 Selectie verkleinen/menubediening 5 Preset knop 6 Knop Enter/Selectie bevestigen/Opslaan/Sluimeren 7 Volume verlagen 8 Selectie vergroten/Menubediening 9 Volume verhogen 10 Luidsprekers

SK3 Aansluiting en montage van de DIGITRADIO UP1 Let op! > Dit apparaat is alleen voor inbouw bedoeld. Werkzaamheden aan het 230 V-netwerk mogen alleen door gekwalificeerde elektriciens worden uitgevoerd! Levensgevaar en brandgevaar door elektrische spanning van 230 V. Koppel voor montage/demontage de voeding los. In het geval van schade als gevolg van een onjuiste aansluiting, vervalt de aansprakelijkheid en garantie. > Voor de radio en de luidspreker zijn 2x DIN inbouw-/opbouwcontactdozen nodig. > U kunt de radio en luidspreker horizontaal of verticaal monteren. Let bij het monteren van de radio op de uitlijning van de stekkercontacten A voor de displaybediening van de radio. > Stroom wordt geleverd via de met L en N gemarkeerde aansluitingen aan de achterkant van de radio-unit. > De antenne wordt met het aansluitblok met het opschri ANTENNA aangesloten. > Sluit de luidspreker aan op contact B. Let op de juiste polariteit. Als het apparaat al is gemonteerd of gemonteerd, verwijdert u de displaybediening van de radio-unit met behulp van het frame van de radio. Als het apparaat zich in de leveringstoestand bevindt, trekt u het bovenstuk met de handen van de radio af. Trek het bovenstuk er alleen met uw handen af. Gebruik nooit een schroevendraaier of een vergelijkbaar hard voorwerp om het los te wrikken. Bij het verwijderen moet u eerst de weerstand van de borgklemmen van de veer op de hoeken overwinnen.

> Sluit pas na een succesvolle installatie de displaybediening aan. Let hierbij op de uitlijning van de contactstrip (A). Hiervoor schui u de displaybediening voorzichtig recht op de radio, totdat deze op zijn plaats klikt. Verdere installatie-instructies en illustraties vindt u onder punt „15 Installation“ auf Seite 123. 1084 Beschrijving van de DIGITRADIO UP1

4.1 Bij de levering is inbegrepen

Controleer voor ingebruikname of de levering compleet is: 1x DIGITRADIO UP1 1x handleiding 1x bubbel inbouwframe 1x antenne Bevestigingsmateriaal

4.2 De bijzondere kenmerken van de DIGITRADIO UP1

De DIGITRADIO UP1 bestaat uit een DAB+/FM-ontvanger met de volgende functies: - U kunt maximaal 10 DAB+ en 10 FM-stations opslaan. - De radio ontvangt op de frequenties FM 87,5-108 MHz (analoog) en DAB+ 174,9–239,2 MHz (digitaal). - Het apparaat hee een tijd- en datumweergave. - Wekfunctie en slaaptimer - Muziek afspelen via bluetooth 5 Algemene functies van het apparaat

5.1 Apparaat aanzeen

> Zet de DIGITRADIO UP1 aan met de knop /Modus. Na de eerste keer aanzeen voert het apparaat automatisch een volledige scan uit in de DAB-modus. Tijdens het zoeken toont de display-informatie de voortgang en het aantal gevonden digitale radiostations. Nadat voltooiing van het zenderzoeken wordt het eerste DAB+ programma afgespeeld.

5.2 Apparaat uitzeen

> Door de knop /Modus ingedrukt te houden, kunt u het apparaat in de stand-by zeen. Het display toont kort de melding [Stand-by]. Datum en tijd worden op het display weergegeven. Voor het aanpassen van de helderheid van het display in stand-by, zie punt 11.2.

5.3 Omschakelen DAB+/FM/Bluetooth-modus

> Met de knop /Modus kan door kort drukken tussen DAB+ (Digital Radio), FM en Bluetooth worden overgeschakeld.

5.4 Volume instellen

> Stel het volume in met de knoppen Vol +/-. Het ingestelde volume wordt op het display weergegeven met een staafdiagram.

SK5.5 Displayweergaven opvragen > Druk herhaaldelijk op de knop Info-/Menu om door de beschikbare informatie te bladeren. U kunt naar keuze de volgende informatie laten zien: In de DAB+-modus (geselecteerde functie is gemarkeerd met een "*"): [Scrollende tekst] (doorlopende tekst met aanvullende informatie die evt. door de zender wordt aangeboden), [Signaalsterkte], [Programmatype], [Ensemble], [Frequentie], [Signaalkwaliteit], [Bitrate en codec], [Tijd], en [Datum]. In de modus FM (geselecteerde functie wordt met een “*” gemarkeerd): [Radiotekst] (indien uitgezonden), [Programmatype] (PTY), [Ps] (Programmaservicenaam, stationsnaam of frequentie), [Audio-informatie], [Tijd] en [Datum]. 6 Menubediening Via het menu komt u bij alle functies en instellingen van de DIGITRADIO UP1. De menunavigatie gebeurt met de knoppen Info/Menu, <<, >> en Enter. Het menu is onderverdeeld in submenu's en bevat, aankelijk van de modus (DAB+ of FM), verschillende menuopties of activeerbare functies. Om het menu te openen, drukt u gewoon op de knop Info/Menu. Om over te schakelen naar submenu's, drukt u eerst op de knop << of >> om een submenu weer te geven en drukt u vervolgens op de knop Enter om het submenu te openen. Een sterretje (*) markeert de huidige selectie. Menu sluiten: druk meerdere keren op de knop Info/Menu (aankelijk van het submenu waar u zich bevindt) of wacht tot het huidige radioprogramma weer wordt weergegeven. Instellingen worden pas opgeslagen als u op de Enter-toets drukt. Als in plaats daarvan op de knop Info/Menu wordt gedrukt, worden de instellingen niet bevestigd en opgeslagen (de knop Info/Menu hee hier de functie van een "Terug" -knop). Functies en de in te drukken knoppen worden in deze handleiding vetgedrukt weergegeven. Displayweergaven tussen [vierkante haakjes]. Sommige tekstuele weergaven (zoals menuopties, zenderinformatie) zijn mogelijk te lang om weer te geven. Deze worden dan na enige tijd weergegeven als een scrollende tekst. 1107 De DAB+ (Digital Radio)-functie

DAB+ is een nieuw digitaal formaat dat kristalhelder geluid zonder ruis mogelijk maakt. In tegenstelling tot traditionele analoge radiostations, zendt DAB+ meerdere stations op een en dezelfde frequentie uit. Dit wordt ensemble of multiplex genoemd. Een ensemble bestaat uit het radiostation en verschillende servicecomponenten of dataservices die afzonderlijk door de radiostations worden uitgezonden. Informatie bijvoorbeeld op www.digitalradio.de of www.digitalradio.ch.

7.1.1 Datacompressie

Digitale radio maakt daarbij gebruik van eecten van het menselijke gehoor. Het menselijke oor neemt geen geluiden waar die onder een bepaald volume liggen. Data die onder de zogenaamde gehoorgrens liggen, kunnen er daarom worden uitgefilterd. Dit wordt mogelijk gemaakt omdat in een digitale datastroom naar elke informatie-eenheid ook het bijbehorende relatieve volume naar andere eenheden is opgeslagen. In een geluidssignaal worden bij een bepaalde grenswaarde de stillere delen door de luidere delen overlapt. Alle geluidsinformatie in een muzieknummer die onder de zogenaamde maskeerdrempel ligt, kan uit het over te dragen signaal worden gefilterd. Dit leidt tot datareductie van de te verzenden datastream, zonder dat er een merkbaar verschil in geluid voor de luisteraar is (HE AAC v2-procedure als een aanvullende coderingsmethode voor DAB+).

Audiostreams zijn bij digitale radio continue gegevensstromen die MPEG 1 Audio Layer 2-frames bevaen en daarmee audio-informatie aanbieden. Daarmee kunnen de gewone radioprogramma's worden verzonden en aan de ontvangerzijde worden beluisterd. Digital Radio brengt niet alleen radio in uitstekende geluidskwaliteit maar ook extra informatie. Deze informatie kan betrekking hebben op het lopende programma (bijvoorbeeld titel, artiest) of los daarvan staan (bijvoorbeeld nieuws, weer, verkeer, tips).

7.2 DAB+ (Digital Radio) ontvangst

> Druk herhaaldelijk kort op de knop /Mode tot [Internetradio] op het display verschijnt. Wanneer DAB voor de eerste keer wordt gestart, wordt een volledige zenderzoekopdracht uitgevoerd. Na voltooiing van de zenderscan wordt het eerste station in alfanumerieke volgorde afgespeeld.

7.2.1 Volledige scan uitvoeren

De automatische scan [Volledige scan] scant alle DAB+ band III-kanalen en vindt dus alle stations die in het ontvangstgebied worden uitgezonden. Na voltooiing van de zenderscan wordt het eerste station in alfanumerieke volgorde afgespeeld.

SK> Om een volledige zenderscan uit te voeren, opent u het menu door op de knop Info/Menu te drukken en selecteert u de menuoptie [Volledige scan] met de knoppen <<, >> en Enter. > Op het display verschijnt [Scan...]. Tijdens het zoeken worden een voortgangsbalk en het aantal gevonden zenders weergegeven.

7.2.2 Zender selecteren

> Om een DAB+ station te selecteren, opent u de kanalenlijst door op de knop << of >> te drukken. Bevestig de zenderselectie met Enter. Het geselecteerde station wordt afgespeeld.

7.2.3 Bewaar het DAB+ station op een opslaglocatie

In het geheugen van de favorieten kunt u maximaal 10 stations in het DAB+ bereik opslaan. > Selecteer eerst de gewenste zender (zie punt 7.2.2). > Om dit station in het geheugen op te slaan, houdt u tijdens het afspelen de knop Preset ingedrukt. Selecteer vervolgens met de knoppen <<, >> een geheugenopslagplaats (1...10). Druk op de knop Enter om op te slaan. Op het display verschijnt [Programma opgesl.] > Om nog meer zenders op te slaan, herhaalt u deze procedure.

7.2.4 DAB+ station van een opslaglocatie opvragen

> Om een zender op te vragen die u eerder in het FAV-geheugen hebt opgeslagen, drukt u kort op de knop Preset en selecteert u met de knoppen <<, >> een zendergeheugen (1...10). Druk op de knop Enter om het station af te spelen. Als er geen station op het geselecteerde kanaal is opgeslagen, wordt op het display [(leeg)] weergegeven.

7.2.5 Overschrijven/verwijderen van een opgeslagen programmageheugen

> Sla gewoon een nieuw station op in een favorietengeheugen volgens de aanwijzingen. Bij het opvragen van de fabrieksinstellingen worden alle geheugenlocaties verwijderd. 1127.2.6 Signaalsterkte > Druk herhaaldelijk kort op de knop Info/Menu totdat de signaalsterkte met een staafdiagram op het display wordt weergegeven. Minimale signaalsterkte Huidige signaalsterkte Stations met een signaalsterkte die lager is dan de minimumsignaalsterkte zenden geen voldoende signaal uit.

7.2.7 Handmatig instellen

Met deze menuoptie kunt u de ontvangen kanalen controleren en de antenne afstellen. > Houd de knop Info/Menu ingedrukt en gebruik de knoppen << of >> om [Handmatige instelling] te selecteren en druk op de knop Enter. > Gebruik de knoppen << of >> en Enter om een kanaal te selecteren (5A tot 13F). Het display toont nu de signaalsterkte. Als een DAB+ station op een kanaal wordt ontvangen, wordt de ensemblenaam van het station weergegeven. Stations met een signaalsterkte die lager is dan de minimumsignaalsterkte zenden geen voldoende signaal uit.

7.2.8 Volume regelen (DRC)

Met de menuoptie Volume regelen kunt u de mate van compressie die dynamische fluctuaties en de bijbehorende volumevariaties compenseert instellen. > Houd de knop Info/Menu ingedrukt en selecteer [Volume regelen] met de knoppen << of >>. > Druk op Enter. > Selecteer de mate van compressie met de knoppen << of >>: DRC hoog - Hoge compressie DRC laag - Lage compressie DRC uit - Compressie uitgeschakeld. > Druk op Enter en de keuze wordt bevestigd.

7.2.9 Niet-actieve stations verwijderen

Met deze menuoptie kunt u oude en niet langer te ontvangen stations uit de zenderlijst verwijderen. > Houd de knop Info/Menu ingedrukt en selecteer [Inactieve stations verwijderen] met de knoppen << of >>. > Druk op Enter. De vraag [wissen OK?] vraagt u te bevestigen of de inactieve stations moeten worden verwijderd. > Selecteer [Ja] met << of >> en bevestig dit met de Enter-toets.

> Druk herhaaldelijk kort op de knop /Mode tot [FM] op het display verschijnt. Bij de eerste keer inschakelen is de frequentie 87,50 MHz ingesteld. Als u al een station hebt ingesteld of opgeslagen, speelt de radio de als laatste ingestelde zender af. Bei RDS-zenders verschijnt de naam van de zender.

8.2 FM-ontvangst met RDS- informatie

RDS is een methode voor het verzenden van aanvullende informatie via FM-zenders. Omroepen met RDS verzenden bijv. hun stationsnaam of programmatype. Dit wordt op het display weergegeven. Het apparaat kan de RDS-informatie RT (radiotekst), PS (stationsnaam), PTY (programmatype) weergeven.

8.3 Automatische zenderkeuze

> Houd de << of >> -knoppen langer ingedrukt (2 tot 3 sec.) om automatisch naar het volgende station met voldoende signaal te zoeken. > Als alternatief kunt u ook op de Enter-toets drukken. Als een FM-station met een voldoende sterk signaal wordt gevonden, stopt het zoeken en wordt het station afgespeeld. Als een RDS-zender wordt ontvangen, verschijnt de zendernaam en eventueel radiotekst. Gebruik voor het instellen van zwakkere stations de handmatige zenderkeuze.

8.4 Handmatige zenderkeuze

> Druk herhaaldelijk kort op de << of >> knoppen om de gewenste zender of frequentie in te stellen. Het display toont de frequentie in stappen van 0,05 MHz.

In deze menuoptie kunt u de gevoeligheid van de scanfunctie instellen. > Houd de knop Info/Menu ingedrukt en gebruik de knoppen << of >> om [Scaninstelling] te selecteren en druk op de knop Enter. > Selecteer of u de scanner alleen bij sterke zenders [Alleen sterke zenders] of voor alle stations (ook bij zwakke zenders) [Alle zenders] moet stoppen. Bij de instelling Alle zenders stopt de automatische scanner bij elk beschikbaar station. Hierdoor kan het voorkomen dat zwakke zenders met ruis worden afgespeeld. 1148.6 Audio instellen > Houd de knop Info/Menu ingedrukt en selecteer [Audio instellen] met de knoppen << of >>. > Druk op Enter. > Druk op << of >> om [Stereo mogelijk] of [Alleen Mono] te selecteren. > Druk op Enter en de keuze wordt bevestigd. Omdat de DIGITRADIO UP1 een mono-apparaat is, is deze instelling alleen van invloed op de ontvangststerkte van de zender.

8.7 FM-zenders opslaan in het geheugen

In het programmageheugen kunt u maximaal 10 zenders in het FM-bereik opslaan. > Stel eerst de gewenste zenderfrequentie in. > Om dit station in het geheugen op te slaan, houdt u tijdens het afspelen de knop Preset ingedrukt. Selecteer vervolgens met de knoppen <<, >> een geheugenopslagplaats (1...10). Druk op de knop Enter om op te slaan. > Om nog meer zenders op te slaan, herhaalt u deze procedure.

8.8 FM-zenders vanaf een geheugenlocatie opvragen

> Om een zender op te vragen die u eerder in het FAV-geheugen hebt opgeslagen, drukt u kort op de knop Preset en selecteert u met de knoppen <<, >> een zendergeheugen (1...10). Druk op Enter om het station af te spelen. Als u geen station op het geselecteerde kanaal hebt opgeslagen, verschijnt [Leeg] op het display.

8.9 Overschrijven/verwijderen van een opgeslagen programmageheugen

> Sla volgens de beschrijving gewoon een nieuw station op deze geheugenplaats op. Bij het opvragen van de fabrieksinstellingen worden alle geheugenlocaties verwijderd. 9 Bluetooth > Druk herhaaldelijk kort op de knop /Mode tot [Bluetooth] op het display verschijnt. Wanneer de Bluetooth-modus voor de eerste keer wordt gestart, moet u eerst een afspeelapparaat, zoals een smartphone of tablet aan de DIGITRADIO UP1 koppelen. Als een afspeelapparaat al een keer is gekoppeld en zich in het ontvangstbereik bevindt, wordt het automatisch verbonden.

SK9.1 Apparaat koppelen > Selecteer op de DIGITRADIO UP1 de Bluetooth-modus. Op het display verschijnt [Bluetooth zichtbaar]. > Open de Bluetooth-instellingen van de smartphone/tablet die u wilt koppelen aan de DIGITRADIO UP1. > Start het zoeken naar beschikbare bluetooth-apparaten. > Selecteer DIGITRADIO UP 1 in de lijst met gevonden bluetooth-apparaten. > Na een geslaagde koppeling verschijnt [Bluetooth verbonden] op het display. Hoe u de bluetooth-functie op uw smartphone/tablet gebruikt, vindt u in de gebruiksaanwijzing van uw smartphone/tablet.

9.2 Via bluetooth afspelen

Nadat u uw smartphone/tablet aan de DIGITRADIO UP1 hebt gekoppeld, kunt u het afspelen starten. Open een muziek-app op uw smartphone/tablet en start het afspelen. Aankelijk van de smartphone/tablet wordt het geluid rechtstreeks vanaf de DIGITRADIO UP1 afgespeeld of moet u eerst de DIGITRADIO UP1 als afspeelapparaat selecteren. Hoe u afspeelapparaten via bluetooth op uw smartphone/tablet kunt selecteren, vindt u in de gebruiksaanwijzing van uw smartphone/tablet. > Als u het afspelen wilt pauzeren, drukt u op Enter of u pauzeert het afspelen via de muziek-app op uw smartphone/tablet. Druk nogmaals op de knop om het afspelen te hervaen. > Als u naar het volgende nummer wilt gaan, drukt u op de knop >> of selecteert u in de muziek-app op uw smartphone/tablet het volgende nummer. > Als u het momenteel afgespeelde nummer vanaf het begin wilt starten, drukt u eenmaal op de knop <<. Druk tweemaal op de knop << om naar de vorige track te gaan. U kunt ook de muziek-app op uw smartphone/tablet gebruiken. > Het volume kan worden aangepast met de knoppen Vol+/- of de volumeregeling op uw smartphone / tablet. De bediening van de smartphone/tablet via de DIGITRADIO UP1 werkt alleen met ondersteunde apparaten. Aankelijk van de smartphone/tablet worden ook beltonen of systeemgeluiden verzonden. 11610 Uitgebreide functies

Als u wilt dat de DIGITRADIO UP1 na een bepaalde tijd automatisch overschakelt naar de stand-by, kunt u de slaaptimer activeren. > Houd de knop Info/Menu ingedrukt en selecteer [Sleep] met de knoppen << of >>. > Met de knoppen << of >> kunt u in stappen van Uit, 15, 30, 45, 60 en 90 minuten de tijd instellen waarna het apparaat vanuit elke modus naar stand- by gaat. > Druk na het selecteren van een tijd op de Enter-toets. In de linkerbovenhoek van het display verschijnt een kloksymbool waarmee de actieve slaaptimer wordt gesignaleerd. Als u het menu Sleeptimer opnieuw opvraagt, wordt de resterende tijd weergegeven.

10.2.1 Wektijd instellen

U kunt de wekfunctie pas gebruiken nadat de juiste tijd is ingesteld. Aankelijk van de configuratie gebeurt dit automatisch of moet dit handmatig worden ingesteld. De tijd kan handmatig worden ingesteld of automatisch worden bijgewerkt via DAB/FM of internet. Zie voor verdere informatie punt

> Selecteer alarmklok 1 of alarmklok 2 met de toetsen << of >> en bevestig met Enter. > Ga vervolgens punt voor punt verder. Bevestig elke invoer met de knop Enter: [Alarmtijd]> Stel de tijd in waarop u wilt worden gewekt met de toetsen << of >> en druk op Enter. [Duur]> Stel de duur van het alarm in met de << of >> toetsen en druk op Enter. [Bron]> Selecteer het alarmgeluid (zoemer of radiobron) met de knoppen << of >> en druk op Enter. Als u digitale radio (DAB) of FM-radio als wekgeluid hebt geselecteerd, kunt u een station selecteren uit de zenderlijst of het laatst geselecteerde programma als afspeelbron. Druk vervolgens op Enter.

SK[Herhaling] > Selecteer hier op welke dagen de wekker actief moet zijn. U kunt kiezen tussen Dagelijks, Eenmaal, Weekend (za & zo), Werkdagen (ma - vr). Druk vervolgens op Enter. Nadat u Eenmaal hebt geselecteerd, moet u vervolgens de datum invoeren waarop de alarmklok actief moet zijn. [Volume] > Selecteer met de toetsen << of >> het volume, waarmee u gewekt wilt worden. Druk vervolgens op Enter. > Als u de wekker wilt activeren, selecteert u met de toetsen << of >> Aan en drukt u nogmaals op Enter. De wekker is nu geactiveerd. Dit wordt aangegeven door een pictogram rechtsboven in het display.

10.2.2 Wekker na alarm uitschakelen

> Houd de toets /Mode ingedrukt om de wekker uit te schakelen. > Druk op Enter om de sluimerfunctie in te schakelen. U kunt de lengte van de pauze op 5 of 10 minuten instellen door herhaaldelijk op Enter te drukken. Wanneer de sluimertijd is verstreken, wordt de wektoon opnieuw gestart.

10.2.3 Wekker uitschakelen

Als u de wekker wilt uitschakelen, volg de aanwijzingen onder punt 10.2.1 en selecteer nadat u het volume hebt ingesteld Wekker > Uit. Druk op de toets Enter om de instelling op te slaan. De wekker is nu uitgeschakeld.

Om het geluid aan uw behoeen aan te kunnen passen, zijn treble en bass apart regelbaar. > Houd de knop Info/Menu ingedrukt en selecteer [Equalizer] met de knoppen << of >>. > Selecteer met de toetsen << of >> de [Hoge tonen] of [Bas] en druk op Enter. > U kunt de waarden tussen -5 en +5 wijzigen met behulp van de toetsen<< of >> instellen. Druk op de knop Enter om op te slaan. 11811 Systeeminstellingen Alle instellingen die in dit punt worden uitgelegd, gelden zowel in DAB+/FM- als in de Bluetooth-modus.

11.1 Tijd- en datuminstellingen

11.1.1 Tijd/datum handmatig instellen

Aankelijk van de instelling van de Tijd bijwerken (punt 11.1.2), moet u de tijd en datum handmatig instellen. > Houd de knop Info/Menu ingedrukt en selecteer [Tijd] met de knoppen << of >>. > Druk op Enter. > Selecteer met de knoppen << of >> de [Tijd/datuminstelling] en druk op Enter. > De eerste cijfers (uren) van de tijd knipperen en kunnen met de toetsen << of >> worden gewijzigd. De knop>> verhoogt de waarde, de knop<< verlaagt de waarde. > Druk op de knop Enter om de instelling te bevestigen. > Vervolgens knipperen de volgende cijfers (minuten) van de tijd en kunnen deze ook worden gewijzigd (zie bovenstaande aanwijzingen). > Druk na iedere volgende instelling op de knop Enter om naar de volgende instelling te gaan. > Ga bij de datuminstelling volgens bovenstaande aanwijzigingen te werk. > Nadat u alle instellingen hebt gemaakt en de knop Enter hebt ingedrukt, verschijnt [Tijd opgeslagen] op het display.

11.1.2 Tijd bijwerken

In dit submenu kunt u aangeven of de tijd automatisch via DAB+ of FM moet worden bijgewerkt of of u deze handmatig wilt gelijkzeen (punt 11.1.1). > Houd de knop Info/Menu ingedrukt en selecteer [Tijd] met de knoppen << of >>. > Druk op Enter. > Selecteer met de knoppen << of >> de [Bijwerkingsinstellingen] en druk op Enter. > Selecteer met de knoppen << of >> en Enter de volgende opties: [Vanaf alles actualiseren] (Actualiseren via DAB+ en FM) [vanaf Digitalradio] (Bijwerken alleen via DAB+) [vanaf FM] (Bijwerken alleen via FM) [Niet bijwerken] (Tijd/Datum moet handmatig worden ingevoerd, zie punt

SK11.1.3 Tijdformaat instellen In het submenu Formaat instellen kunt u het 12- of 24-uurs-formaat instellen. > Houd de knop Info/Menu ingedrukt en selecteer [Tijd] met de knoppen << of

> Druk op Enter. > Selecteer met de knoppen << of >> de [Formaat instellen] en druk op Enter. > Selecteer met de knoppen << of >> een van de volgende opties: [24 uur] [12 uur] > Druk op de knop Enter om op te slaan.

11.1.4 Datumformaat instellen

In het submenu Datumformaat instellen kunt u het weergaveformaat van de datum instellen. > Houd de knop Info/Menu ingedrukt en selecteer [Tijd] met de knoppen << of >>. > Druk op Enter. > Selecteer met de knoppen << of >> [Datumformaat instellen] en druk op Enter. > Selecteer met de knoppen << of >> een van de volgende opties: [DD-MM-JJJJ] (Dag, Maand, Jaar) [MM-DD-JJJJ] (Maand, Dag, Jaar) > Druk op de knopEnter om te bevestigen.

11.2 Helderheid van het scherm

U kunt de helderheid van het scherm zowel voor gebruik als voor stand-by instellen. > Houd de knop Info/Menu ingedrukt en selecteer met de knoppen << of >> de [Verlichting]. > Druk op Enter. > Selecteer met de knoppen << of >> en vervolgens door indrukken van de knop Enter, een van de volgende functies: [Gebruik] regelt de helderheid in de normale, ingeschakelde toestand. U kunt hier tussen de helderheidsinstelling [Hoog], [gemiddeld] en [Laag] kiezen. Selecteer met de knoppen << of >> een helderheidsstand en druk op de knop Enter om op te slaan. 120[Stand-by] regelt de helderheid in stand-by. U kunt hier tussen de helderheidsinstelling [Hoog], [gemiddeld], [Laag] en [Uit] kiezen. Selecteer met de knoppen << of >> een helderheidsstand en druk op de knop Enter om op te slaan. Als de optie [Uit] wordt gekozen, wordt de helderheid van het scherm in stand-by na ca. 10 seconden volledig uitgeschakeld.

> Houd de knop Info/Menu ingedrukt en selecteer met de knoppen << of >> de [Taal]. > Druk op Enter. > Selecteer met de knoppen << of >> een van de beschikbare talen en druk op Enter om de keuze te bevestigen.

11.4 Fabrieksinstelling

Als u de locatie van het apparaat wijzigt, bijvoorbeeld bij een verhuizing, kunt u de opgeslagen zenders mogelijk niet meer ontvangen. Door terug te keren naar de fabrieksinstellingen, kunt u alle opgeslagen stations verwijderen om een nieuwe zenderzoekopdracht te starten. > Houd de knop Info/Menu ingedrukt en selecteer met de knoppen << of >> [Fabrieksinstelling]. Druk op Enter. > Selecteer met de knoppen << of >> voor het uitvoeren van de fabrieksinstelling [Ja] en druk op de knop Enter. Alle eerder opgeslagen stations worden verwijderd. Het apparaat bevindt zich nu in de afleveringstoestand. > Het display toont [Herstarten ...] en het apparaat start. Vervolgens voert het apparaat automatisch een volledige scan uit in de DAB-modus. Tijdens het zoeken toont de display-informatie de voortgang en het aantal gevonden digitale radiostations. Nadat voltooiing van het zenderzoeken wordt het eerste DAB+ programma afgespeeld.

Onder SW-versie kunt u de momenteel geïnstalleerde sowareversie opvragen. > Houd de knop Info/Menu ingedrukt en selecteer met de knoppen << of >> de [SW-versie]. > Druk op Enter. De huidige SW-versie wordt weergegeven.

SK12 Reinigen Maak het apparaat niet schoon met een vochtige doek of onder stromend water om het risico van een elektrische schok te vermijden. Gebruik geen schuursponsjes, schuurpoeder of oplosmiddelen zoals alcohol of benzine. Gebruik geen van de volgende stoen: zout water, insecticiden, chloorhoudende of zure oplosmiddelen (salmiak). Reinig het baerijvak met een zachte, droge doek. Gebruik geen alcohol, verdunners, en dergelijke: deze stoen kunnen het oppervlak van het apparaat beschadigen. Reinig het display alleen met een zachte katoenen doek. Gebruik indien nodig een katoenen doek met een kleine hoeveelheid niet-alkalisch zeepsop op water- of alcoholbasis. Wrijf zachtjes met de katoenen doek over het oppervlak. 13 Handleiding voor probleemoplossing Symptoom Mogelijke oorzaak/oplossing Ik kan het apparaat niet aanzeen. Controleer of het apparaat correct is aangesloten. Ik hoor niets. Verhoog het volume. Zet het volume van het weergaveapparaat aan of hoger. Misschien is de verkeerde bron geselecteerd. Ontvangst via DAB/FM is slecht. Controleer de stand van de antenne en verander deze indien mogelijk. Apparaat kan niet via bluetooth worden verbonden/gekoppeld. Controleer of het maximale bereik van de bluetooth-verbinding van 10 meter niet overschreden wordt. Haperingen bij verbinding via Bluetooth. Verklein de afstand tussen beide apparaten. De optimale afstand ligt tussen 0 en 5 meter. 12214 Technische gegevens Voeding AC 100-240 V, 50~60 Hz Stroomverbruik: max. 5 W Stroomverbruik stand-by: < 1 W Ontvangstfrequenties: DAB/DAB+ 174.928-239.200 MHz FM: 87.5-108 MHz Muziekvermogen 2 W RMS Omgevingscondities: Relatieve luchtvochtigheid 5% ~ 90% Temperatuur: 0 - 40°C Afmetingen: 152 mm x 81 mm x 48 mm 15 Installatie De Digitradio UP1 bestaat uit de volgende componenten: 1 Inbouwcontactdozen (niet inbegrepen) 2 Radio-unit 3 Luidsprekers 4 Frame 5 Luidsprekerafdekking 6 Bedieningseenheid radio

SKDe DIGITRADIO UP1 kan zowel horizontaal als verticaal worden gemonteerd. Zorg ervoor dat de inbouwdozen op de juiste afstand staan zoals hieronder getoond: Aansluiting van de luidsprekerkabels: sluit de blauwe kabel (+) van de luidspreker aan op de met (+) gemarkeerde luidsprekeraansluiting op de radio en draai deze met een geschikte kruiskopschroevendraaier vast. Sluit de bruine kabel (-) van de luidspreker aan op de (-) gemarkeerde luidsprekeraansluiting van de radio en draai deze met een geschikte kruiskopschroevendraaier vast. Stroomaansluiting: Sluit de fase van de huisinstallatie (AC 100-240 V, 50 / 60 Hz) aan op de met (L) gemarkeerde aansluiting van de radio en draai deze met een schroevendraaier vast. Verbind de nulleider op de met (N) gemarkeerde aansluiting van de radio-eenheid aan en draai deze met een schroevendraaier vast. De antenne wordt op de met (Antenna)gemarkeerde aansluiting van de radio aangesloten. 124In plaats van de meegeleverde antenne kan de aardingsdraad (indien aanwezig) ook als antenne worden gebruikt. Houd er rekening mee dat alleen speciaal opgeleide medewerkers de elektriciteit mag aansluiten op huisinstallaties. TechniSat aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade als gevolg van onjuiste installatie. Voordat u de radio-eenheid aansluit op de voeding of huisinstallatie, moet u ervoor zorgen dat de kabels spanningsvrij zijn en tegen opnieuw inschakelen zijn beveiligd. Om de radio indien nodig volledig uit te schakelen of om hem los te koppelen van de stroomvoorziening, moet deze via een andere schakelaar worden bediend. De fase moet schakelbaar zijn.

SKVervolgens worden beide apparaten (luidsprekers en radio) aangesloten op de bestaande inbouwcontactdozen. Aankelijk van of de units horizontaal of verticaal zijn geïnstalleerd, moet u ervoor zorgen dat ze overeenkomen met de positie van de connector van de radio-eenheid voor de display-eenheid. Horizontale positie: Contactstrip 126Verticale positie: Contactstrip

SKNa installatie van de radio en de luidspreker, wordt het frame met behulp van de luidsprekerafdekking (Aeelding 1 - 2) vastgezet. Plaats voorzichtig het luidsprekerdeksel met lichte druk op de luidspreker totdat deze op zijn plaats klikt. Druk vervolgens het display, rekening houdend met de richting van de connectorstrip, voorzichtig op de radio totdat deze op zijn plaats klikt (A. 3). Horizontale positie: