BKH 450 Plus - Zaag METABO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis BKH 450 Plus METABO in PDF-formaat.

📄 80 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice METABO BKH 450 Plus - page 18
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE Español ES Italiano IT Nederlands NL

Gebruikersvragen over BKH 450 Plus METABO

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BKH 450 Plus - METABO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BKH 450 Plus van het merk METABO.

GEBRUIKSAANWIJZING BKH 450 Plus METABO

1. Overzicht van de zaag

1 Tafelverlengstuk 2 Afdekkap 3 Parallelle aanslag 4 Duwstok 5 Kraanoog 6 Dwarse aanslag met wigsnijlade 7 Draaikruk voor hoogteverstelling van het zaagblad 8 Hoofdschakelaar met noodstop-schakelaar 9 Handgreep voor duwhout 10 Sleutel voor zaagbladwissel 11 Motoreenheid / Beschermkast 12 Tafeloppervlak I_0003nl5A.fm 26.6.19 Origineel gebruikaanwijzingNEDERLANDS

1. Overzicht van de zaag............18

2. Lees deze tekst voor u

begint! .....................................19

3. Veiligheidsvoorschriften .......19

3.3 Symbolen op het apparaat .......21

3.4 Veiligheidsvoorzieningen..........22

5.2 Hoofdschakelaar ......................22

7.2 Zagen met parallelle aanslag ...26

7.3 Zagen met dwarse aanslag ......27

9.3 Hoogteverstelling van het

Deze handleiding is zodanig opgesteld dat u snel en veilig met de machine kunt beginnen werken. Hier enkele aanwijzingen voor het gebruik van deze handleiding: – Lees de handleiding volledig door, voordat u de machine in gebruik neemt, Volg in het bijzonder de vei

ligheidsvoorschriften op. – Deze gebruiksaanwijzing is be- doeld voor personen die ten minste beschikken over basiskennis bij het werken met apparatuur zoals hier beschreven. Wanneer u geen erva

ring zou hebben met dergelijke ap- paratuur, doe dan eerst een beroep op de hulp van ervaren personen. – Bewaar alle bij dit apparaat gelever- de documenten, zodat u en alle an- dere gebruikers zich indien nodig kunt informeren. Bewaar het aan

koopbewijs voor eventuele garantie- claims. – Als u de werktafel uitleent of door- verkoopt, moet u alle bijgeleverde documentatie meegeven. – De fabrikant wijst alle verantwoor- delijkheid af voor schade die ont- staat door niet-inachtneming van deze handleiding. De informatie in deze gebruiksaanwij- zing wordt als volgt aangegeven: AGevaar! Waarschuwing voor lichamelijk letsel of milieuschade. BGevaar voor elektrische schok! Waarschuwing voor lichamelijke letsels door elektrische schok. cIntrekrisico! Waarschuwing voor lichamelijk letsel door meetrekken van lichaamsdelen of kledingstukken. A Opgelet! Materiële schade. 3 Opmerking: Aanvullende informatie. – Cijfers op afbeeldingen (1, 2, 3, ...) – benoemen de verschillende on- derdelen; – zijn doorlopend; – hebben betrekking op de over- eenkomstige cijfers tussen haak- jes (1), (2), (3) ... in de bijbeho- rende tekst. – Instructies voor handelingen, waar- bij op de volgorde moet worden ge- let, zijn doorgenummerd. – Instructies voor handelingen met willekeurige volgorde zijn met een punt gekenmerkt. – Opsommingen zijn gekenmerkt met een streep.

3.1 Reglementaire toepassing

Dit apparaat is bestemd voor langs-, dwars- of formaatsneden in massief hout, spaanplaten, vezelplaten, multi

plex en deze materialen met kunststof- bekleding, kunststofranden of fineer. Ronde werkstukken mogen niet ge- zaagd worden, daar deze verdraaid kunnen worden door het roterende zaagblad. Het apparaat mag niet gebruikt worden voor het maken van groeven. Het is niet toegestaan om zonder spaankap te werken. Het is ten stelligste verboden om het apparaat te gebruiken voor een doel waarvoor het niet ontworpen werd of waarvoor het niet geschikt is. De fabri

kant wijst alle verantwoordelijkheid af in het geval dat de machine niet gebruikt wordt zoals voorgeschreven of als ze gebruikt wordt voor een doel waarvoor ze niet ontworpen werd of waarvoor ze niet geschikt is. Een ombouw van het apparaat of het gebruik van onderdelen die niet ge

keurd en vrijgegeven zijn door de fabri- kant kunnen tijdens het gebruik onvoor- zienbare beschadigingen en risico's tot gevolg hebben.

3.2 Algemene veiligheids-

  • Houdt u zich bij gebruik van dit ap- paraat aan de volgende veiligheids- voorschriften om gevaar voor perso- nen of materiële schade te voorkomen.
  • Houdt u zich aan de bijzondere vei- ligheidsvoorschriften in de betref- fende hoofdstukken.
  • Houdt u zich eventueel aan de wet- telijke richtlijnen of ongevalpreven- Inhoudsopgave

2. Lees deze tekst voor u

tievoorschriften inzake de omgang met cirkelzagen. AAlgemeen gevaar!

  • Houd uw werkplek in orde – een wanordelijke werkplek kan ongeval- len tot gevolg hebben.
  • Wees aandachtig. Let op wat u doet. Ga verstandig te werk. Ge

bruik de werktafel niet als u niet ge- concentreerd bent.

  • Houd rekening met omgevings- invloeden. Zorg voor goede verlich- ting.
  • Zorg voor een goede lichaamshou- ding. Zorg ervoor dat u op een ste- vige ondergrond staat en let vooral op een goed evenwicht.
  • Zorg bij het zagen van lange werk- stukken voor een goede ondersteu- ning van de werkstukken.
  • Bij het bewerken van verontreinigde werkstukken kunnen vonken ont- staan. Gebruik dit apparaat niet in de nabijheid van ontvlambare vloei- stoffen of gassen of in explosieve omgevingen.
  • Dit apparaat mag uitsluitend door personen in bedrijf worden gezet en geexploiteerd, die met cirkelzagen vertrouwd zijn en die zich steeds bewust zijn van de gevaren bij het werken. Personen beneden de 18 jaar mo- gen deze machine alleen bedienen in het kader van een beroepsoplei- ding en onder het voortdurend toe- zicht van een ervaren leraar.
  • Let erop dat er zich geen onbevoeg- de personen, voornamelijk kinde- ren, in de gevarenzone begeven. Zorg ervoor dat tijdens het gebruik geen andere personen het apparaat of het snoer kunnen aanraken.
  • Vermijd overbelasting – belast de werktafel niet zwaarder dan in de technische gegevens is aangege- ven. BGevaar door elektrische stroom!
  • Voorkom zo mogelijk dat dit appa- raat wordt blootgesteld aan de re- gen. Vermijd het, dit apparaat in een vochtige of natte omgeving te ge- bruiken. Vermijd dat u tijdens werk- zaamheden met dit apparaat in con- tact komt met geaarde elementen zoals radiatoren, buizen, ovens, koelkasten). Bewaar het apparaat in een droge omgeving. Reinig het ap

paraat niet met een waterstraal.

  • Gebruik het netsnoer niet voor doel- einden waarvoor het niet bedoeld is. AGevaar voor verwondingen en kneuzingen aan bewegende onder- delen!
  • Neem dit apparaat nooit in gebruik zonder gemonteerde veiligheids- voorzieningen.
  • Houd steeds voldoende afstand van het zaagblad. Gebruik desnoods geschikte invoerhulpmiddelen. Houd tijdens het gebruik voldoende afstand van aangedreven onderde
  • Wacht tot het zaagblad stilstaat vooraleer u kleine werkstukdelen, houtresten enz. verwijdert uit het werkbereik.
  • Rem het uitlopende zaagblad niet af door er aan de zijkant tegenaan te drukken.
  • Controleer of de stroom is uitge- schakeld alvorens onderhoudswerk- zaamheden uit te voeren.
  • Zorg dat er zich bij het inschakelen (bijvoorbeeld na onderhoudswerk

zaamheden) geen montagegereed- schap of losse onderdelen meer in het toestel bevinden.

  • Schakel het elektrische toestel uit, wanneer u het niet gebruikt.
  • Houd er rekening mee dat de elek- tromotorrem niet werkt als de stroom uitvalt en het langer duurt totdat het zaagblad tot stilstand komt. AGevaar voor snijwonden ook bij rechtopstaand snijwerktuig!
  • Trek veiligheidshandschoenen aan als u snijwerktuigen moet vervan
  • Bewaar de zaagbladen zo dat nie- mand zich eraan kan verwonden. AGevaar voor terugslag van het werkstuk (een werkstuk kan door het zaagblad meegesleurd en weggeslin- gerd worden, waardoor diegene die de zaag bedient, zich kan verwon
  • Werk uitsluitend met een juist inge- steld spouwmes.
  • Spouwmes en gebruikt zaagblad moeten bij elkaar passen: Het spouwmes mag niet dikker zijn dan de snijvoegbreedte en niet dunner dan het stamblad.
  • Zet het werkstuk nooit op z’n smalle kant (tijdens het schaven).
  • Let erop dat het gebruikte zaagblad geschikt is voor het materiaal van het werkstuk.
  • Gebruik voor het zagen van dunne werkstukken of werkstukken met dunne wanden uitsluitend zaagbla- den met fijne tanding.
  • Zorg ervoor dat de zaagbladen steeds scherp zijn.
  • Controleer werkstukken op de aan- wezigheid van vreemde voorwerpen (bijvoorbeeld spijkers of schroeven).
  • Zaag alleen werkstukken die groot genoeg zijn, zodat ze bij het zagen veilig vastgeklemd kunnen worden.
  • Zaag nooit verschillende stukken – ook geen bundels met verschillende aparte stukken tegelijk. Er is gevaar voor lichamelijk letsel als aparte stukken zonder steun door het zaagblad worden gegrepen.
  • Verwijdert u kleine werkstukdelen, houtresten enz. uit het werkbereik - het zaagblad moet hiervoor stil staan. cIntrekrisico!
  • Zorg ervoor dat tijdens het gebruik geen lichaamsdelen of kledij door roterende onderdelen gegrepen en meegetrokken kunnen worden

geen dassen, geen handschoe- nen, geen kledij met brede mou- wen; personen met lang haar zijn verplicht een haarnetje te dragen).

Zaag nooit werkstukken waaraan zich – touwen – snoeren –riemen – kabels of – draden bevinden of die dergelijke materialen bevatten.NEDERLANDS

AGevaar door onvoldoende persoonlijke veiligheidsuitrusting!

  • Draag een veiligheidsbril.
  • Draag een stofmasker.
  • Draag geschikte werkkleding.

Bij werkzaamheden buiten is schoei- sel met antislipzool aanbevolen. AGevaar door zaagsel!

  • Sommige soorten zaagsel (bijvoor- beeld van eiken-, beuken- en es- senhout) kunnen bij inademing kan- kerverwekkend zijn. Werk in gesloten ruimten alleen met afzuig
  • Zorg ervoor dat tijdens het werken zo weinig mogelijk houtstof vrijkomt: – Afzuiginstallatie installeren; – Herstel lekken in de afzuiginstal- latie; – Zorg voor een goede verluchting. Het werken zonder afzuiginstallatie is alleen toegestaan: – in openlucht; – bij kortstondig gebruik (gedurende max. 30 minuten); – met stofmasker. AGevaar door technische wijzi- gingen aan de machine of het ge- bruik van onderdelen die niet door de fabrikant goedgekeurd zijn, kun

nen onvoorspelbaar persoonlijk let- sel veroorzaken!

  • Gebruik hiervoor uitsluitend onder- delen die door de fabrikant vrijgege- ven werden. Dit betreft in het bijzon- der: – Zaagbladen (voor de bestelnum- mers, zie de Technische gege- vens); – Veiligheidsvoorzieningen (voor de bestelnummers zie de lijst met reserveonderdelen).
  • Breng aan deze onderdelen geen wijzigingen aan. AGevaar door gebreken aan het apparaat!
  • Zorg dat het toestel evenals het toe- behoren goed onderhouden wor- den. Neem hierbij de onderhouds- voorschriften in acht.
  • Controleer de machine voor het in- schakelen telkens op eventuele be- schadigingen: voor elk gebruik moet de goede werking van de veilig- heidsinrichtingen en van licht be- schadigde onderdelen zorgvuldig gecontroleerd worden. Controleer of de scharnierende onderdelen cor

rect functioneren en niet klemmen. Alle onderdelen moeten correct ge- monteerd zijn en aan alle voorwaar- den voldoen om een feilloos gebruik ervan te garanderen.

  • Storingen en fouten direct melden, nadat ze zijn geconstateerd.
  • Laat beschadigde beveiligingen of onderdelen ervan vakkundig en door een erkende reparatiewerk

plaats herstellen of vervangen. Laat beschadigde schakelaars in een re- paratiedienst vervangen. Gebruik dit apparaat niet als de schakelaar niet in- of uitgeschakeld kan worden. AGevaar door lawaai!

  • Let u erop, dat het spouwmes niet is gebogen. Een gebogen spouwmes drukt het werkstuk zijdelings tegen het zaagblad. Dit veroorzaakt la
  • Gebruik zeer scherpe zaagbladen om het lawaai te reduceren en ener

gie te besparen. AGevaar door blokkerende werkstukken of werkstukdelen! Als er een blokkering optreedt:

1. Apparaat uitschakelen.

2. Stekker uit het stopcontact trekken.

3. Handschoenen dragen.

4. Blokkering met geschikt gereed-

3.3 Symbolen op het appa-

raat Gegevens op het typeplaatje Symbolen op het apparaat 13 Fabrikant 14 Serienummer 15 Apparaatbenaming 16 Motorgegevens (zie ook „Techni- sche gegevens“) 17 Bouwjaar 18 CE-teken – Deze machine beant- woordt aan de EU-richtlijnen over- eenkomstig de conformiteitsver- klaring 19 Verwijderingssymbool – Appa- raat kan via de fabrikant worden verwijderd 20 Afmetingen toegelaten zaagbla- den 21 Gehoorbescherming gebruiken 22 Oogbescherming gebruiken 23 Handleiding lezen 24 Niet naar het zaagblad grijpen 25 Waarschuwing voor een risico- punt 26 Gegarandeerd geluidsniveau

3.4 Veiligheidsvoorzieningen

Spouwmes Het spouwmes (27) moet verhinderen dat een werkstuk door de achterkant van het zaagblad omhoog geduwd kan worden en eventueel tegen de gebrui

ker geslingerd wordt. Het spouwmes is afgestemd op de bij de technische gegevens aangegeven zaagbladdiameter en moet tijdens het gebruik altijd gemonteerd zijn. Afdekkap De afdekkap (28) verhindert ongewild contact met het zaagblad en biedt be- scherming tegen rondvliegende houts- paanders en zaagsel. De afdekkap is afgestemd op de bij de technische gegevens aangegeven zaagbladdiameter en moet tijdens het gebruik altijd gemonteerd zijn. De spaankap moet zelfstandig naar be- neden gaan en mag niet in de bovenste positie worden vastgeklemd. Duwstok De duwstok (29) dient als verlengstuk van de hand en beschermt tegen onvrij- willig contact met het zaagblad. De duwstok moet steeds worden ge- bruikt als de afstand tussen zaagblad en parallelle aanslag kleiner is dan

mm. De duwstok moet in een hoek van 20° … 30° t.o.v. het oppervlak van het tafel- blad gehouden worden. Als de duwstok beschadigd is, moet deze vervangen worden. Handgreep voor duwhout De greep voor het duwhout (31) wordt op een passende plank (30) ge- schroefd. Deze dient om kleinere werk- stukken veilig te geleiden. De plaat dient 400 mm lang, tenminste

mm breed en 15 – 20 mm hoog te zijn. Als de greep voor het duwhout bescha- digd is, moet deze vervangen worden. – Traploos instelbare snijhoogte tot 140 mm. – Een minimumspanningsrelais moet verhinderen dat het apparaat auto

matisch weer inschakelt bij de te- rugkeer van de stroom na een stroomonderbreking. – Dwarse aanslag – instelbare hoek; – met wigsnij-inrichting. – Parallelle aanslag – met twee profielvlakken met ver- schillende hoogte voor het aan- passen aan vlak of hoge werk- stukken. – Aanslagprofiel traploos verstel- baar in lengterichting voor het aanpassen aan de werkstukleng

te. – traploos verstelbaar in dwarsrich- ting voor het aanpassen aan de werkstukbreedte. – Alle belangrijke bedieningsfuncties aan de voorkant. – Tafelverlengstuk meegeleverd. – vastgeschroefd aan het onder- stel. – Stevige constructie uit staalplaat - hoog belastbaar en bestendig tegen corrossie beschermd. – Duwstok gebruiksklaar aan parallel- le aanslag klembaar.

5.1 Noodstop-schakelaar

Het activeren van de noodstop- schakelaar (32) brengt het zaagblad zo snel mogelijk tot stilstand. De noodstop-schakelaar mag alleen in noodsituaties worden gebruikt. Bij ge

vaar voor personen of materiële schade drukt u direct op de noodstop-schake- laar.

Afhankelijk van de uitvoering van uw ap- paraat kunnen verschillende aan-/uit- schakelaar zijn gemonteerd. Variant 1

  • Inschakelen = groene schakelaar (33) indrukken.
  • Uitschakelen = rode schakelaar (34) indrukken. 3 Opmerking: Bij stroomuitval wordt er een onder- spanningsrelais geactiveerd. Zo wordt

4. Bijzondere productken-

voorkomen dat de zaag vanzelf gaat draaien als er weer spanning is. Om in dit laatste geval de machine opnieuw te starten, moet u opnieuw op de groene AAN-schakelaar drukken. Variant 2

  • Inschakelen = positie van de scha- kelaar |.
  • Uitschakelen = positie van de scha- kelaar O. 3 Opmerking: Als de spanning wegvalt, dan slaat er een minimumspanningsrelais aan. Zo wordt verhinderd dat de zaag vanzelf gaat draaien als er weer spanning is. Om het apparaat te gebruiken moet u het opnieuw inschakelen.

5.3 Draaikruk voor hoogte-

verstelling Met behulp van de draaikruk (35) past u de snijhoogte van het zaagblad aan de hoogte van het werkstuk aan.

5.4 Werkstukaanslagen

De zaag is uitgerust met twee werkstu- kaanslagen:

  • Dwarse aanslag (voor dwarse sne- den): Daarnaast is aan de dwarse aanslag een wigsnij-inrichting (36) geïntegreerd. De hoek voor versteksneden kan op de hoekschaal (37) traploos ingesteld wor- den tussen 0 tot 45°. De klemhefboom (38) voor het blokkeren moet bij het za- gen met dwarse aanslag altijd vast aan- getrokken zijn. 3 Opmerking: De afstand tussen het aanslagprofiel van de dwarse aanslag en het zaag- blad is in de fabriek vooringesteld en kan niet versteld worden.
  • Parallelle aanslag (voor langssne- den): Het aanslagprofiel (39) moet bij het za- gen met parallelle aanslag parallel t.o.v. het zaagblad staan. Bij het zagen met parallelle aanslag moet deze met de klemhefboom (41) geblokkeerd zijn. – Vleugelmoeren (45) voor het beves- tigen en losmaken van het aanslag- profiel: Hoog aanlegvlak (42): – voor het zagen van hoge werkstuk- ken. Laag aanlegvlak (43): – voor het zagen van vlakke werk- stukken. Langsverstelling (44): – Aanpassen van de parallelle aan- slag aan de lengte van het werk- stuk; Met behulp van de ingestanste tafel- bladschaal (40) kan u de afstand tus- sen de parallelle aanslag en het zaag- blad instellen. Als u de schuifstok niet nodigt hebt, kan u deze gebruiksklaar bevestigen aan de klem (46) aan het profiel van de pa- rallelle aanslag. AGevaar! Wijzigingen aan het apparaat of het gebruik van onderdelen die door de fabrikant niet uitdrukkelijk getest of goedgekeurd zijn, zijn verboden, te

meer daar deze tot schade aan het apparaat en/of tot ernstige persoon

lijke letsels kunnen leiden. – Gebruik uitsluitend de onderde- len uit de verpakking. – Breng aan deze onderdelen geen wijzigingen aan. Als u ook de onderstaande instructies volgt, heeft u beslist geen problemen met de opstelling:

  • Voordat u met een deelmontage be- gint, moet u eerst alle instructies be- treffende die montagestap doorle- zen.
  • Leg de voor elke stap de vereiste onderdelen klaar.
  • Plaats de machine op een stabiele, vlakke ondergrond.
  • Om het tafelblad horizontaal uit te richten, compenseert u oneffenhe- den of gladde plekken in de bodem met geschikte materialen. Contro- leer vervolgens de stabiele stand van het apparaat.
  • De zone rond de cirkelzaag moet vrij zijn van hindernissen of struikel
  • Zorg voor voldoende plaats rond de machine voor het hanteren van gro- te werkstukken. Voor een stevige stand kan de machine aan de bodem vastgeschroefd worden:

1. Plaats de gemonteerde machine op

de gewenste standplaats en mar- keer de boorgaten.

3. Richt de machine uit boven de bo-

ringen en schroef ze vast aan de bodem. AGevaar door zaagsel! Sluit altijd een afzuiginrichting aan op de zaag als deze in gesloten ruimten wordt gebruikt.

6.2 Tafelverlengstukken

3 Opmerking: De steunen van het tafelverlengstuk moeten vastgeschroefd worden aan de zaagtafel. Tafelverlengstuk vastschroeven

1. Steek de afgeschuinde uiteinden

van de steunen in de gleuven van de dwarsbalken aan de achterkant van de zaag en schuif deze naar buiten.

2. Schroef de steun telkens met een

zeskantschroef (48) en een zes- kantmoer (47) zoals afgebeeld vast aan de steun. Schroefverbindingen vasttrekken Controleer de schroefverbindingen van het apparaat. Trek de schroefverbindin

gen met geschikt gereedschap hand- vast aan. Let bij het aantrekken van de schroe- ven op de volgende punten: – Het apparaat moet na het vasttrek- ken van de schroeven veilig en hori- zontaal staan. Tafelverlengstuk uitrichten – De oppervlakken van het tafelver- lengstuk en de zaagtafelplaat moe- ten één vlak vormen. Tafelverlengstuk wegklappen

1. Maak de zeskantschroeven (48)

aan beide uiteinden van de steun los en trek deze eruit. Bewaar de schroeven en moeren.

2. Schuif de onderste uiteinden van de

steunen naar binnen.

3. Haak de steunen naar boven uit en

klap het tafelverlengstuk zoals afge- beeld voorzichtig weg. Leg de steu- nen van het tafelverlengstuk op de onderste dwarsbalken van de zaag- tafel.

Netsnoer: – Het snoer moet zo gelegd worden dat de zaagwerkzaamheden niet bemoeilijkt worden, en dat het snoer niet kan worden beschadigd. – Het snoer moet beschermd worden tegen hitte en bijtende scheikundige vloeistoffen. Zorg dat het snoer niet beschadigd kan worden door scher

pe voorwerpen. – Het apparaat met behulp van een geschikte stekkerverbinding aanslui- ten op het stroomnet. – Gebruik als verlengkabel alleen ka- bels met rubbermantel en voldoen- de grote diameter (zie "Technische gegevens"). – Trek de stekker niet aan het snoer uit het stopcontact. BElektrische spanning! Gebruik de zaag alleen in een droge omgeving. De zaag mag uitsluitend aangesloten worden op een stopcontact dat aan de hierna volgende voorwaarden voldoet (zie ook "Technische gege

vens"): – De stopcontacten moeten regle- mentair geïnstalleerd zijn en een goedgekeurde aarding hebben. – Bij driefasewisselstroom contactdo- zen met nulleider. – Netspanning en -frequentie moeten overeenstemmen met de waarden op het typeplaatje van de machine. – Bescherming tegen stroomslag door een FI-schakelaar met een foutstroom van 30 mA. – Bescherming tegen kortsluiting door netbescherming (kortsluitingsbe

scherming) met maximaal 16 A. – De stroomstekker uit het stopcontact trekken om het apparaat te scheiden van het stroomnet. 3 Opmerking: Neem contact op met uw energiebedrijf of uw elektrotechnicus als u niet zeker bent of uw huisaansluiting aan deze voorwaarden voldoet. 3 Opmerking: Wegens de hoge aanloopstroom van de motor bij het inschakelen, kunnen er spanningsschommelingen optreden in het stroomnet, die bijv. herkenbaar zijn aan knipperende verlichting. In dit geval heeft het aansluitpunt een hogere ne

timpedantie dan de aanbevolen maxi- mumwaarde (zie Technische gege- vens). Wendt u zich in dit geval tot uw ener- giebedrijf of uw elektrotechnicus om het aansluitpunt te laten controleren. A Draairichtingswissel! Afhankelijk van de aansluiting van de fasen kan het gebeuren dat de motor in de verkeerde richting draait. Dit kan tot gevolg hebben dat

een stuk hout bij een poging tot za- gen wordt weggeslingerd. Derhalve voor elke nieuwe aansluiting de draairichting controleren. Draairichting controleren:

1. Apparaat bedrijfsklaar opstellen en

aansluiten aan het stroomnet.

2. Apparaat even in- en meteen weer

uitschakelen. 3 Opmerking: De bromtoon na het uitschakelen ont- staat bij het aanspreken van de elektri- sche motorrem. Dit is geen defect aan het apparaat!

3. Controleer aan de linkerzijde de

draairichting van het zaagblad. Het zaagblad moet in de richting van de wijzers van de klok draaien. Als het zaagblad tegen de klok in draait: Draairichting omkeren:

4. Trek het netsnoer van de aanslui-

ting op het apparaat.

5. Druk met het lemmet van de

schroevendraaier de faseomkeer- schakelaar in de stekker van het toestel en draai deze 180°. A Attentie! De faseomkeerschakelaar niet direct aan de aansluitpennen draaien!

6.4 Spaanderafzuiging

AGevaar! De machine genereert houtstof tij- dens de verwerking, daarom met een spaanderafzuiginstallatie wor- den aangesloten. Sommige soorten houtstof (bijv. van beuken-, eiken- en essenhout) kun

nen bij inademing kankerverwek- kend zijn. – Werkzaamheden in gesloten ruim- ten mogen alleen met een geschikte spaanderafzuiginstallatie uitge- voerd worden. – Gebruik bovendien een stofmasker omdat niet al het zaagstof opgevan- gen c.q. afgezuigd wordt. – Het werken zonder geschikt af- zuigsysteem is alleen buiten toege- staan. De spaanderafzuiginstallatie moet vol- doen aan de volgende eisen: – Passend bij de diameter van het af- zuigstuk (zie hoofdstuk leverbare accessoires). Diameter 100 mm; –Luchtdebiet ≥ 460 m

/h; – Onderdruk aan het afzuigstuk van de zaag ≥ 530 Pa; – Luchtsnelheid aan het afzuigstuk van de zaag ≥ 20 m/s. Voor het aansluiten van de bouwcirkel- zaag aan de spaanderafzuiginstallatie heeft u een geschikt spaanderafzuig- stuk nodig (zie hoofdstuk leverbare ac- cessoires). De spaanderafzuiginstallatie inschake- len, voordat u begint met zagen. Lees ook de handleiding voor de bedie- ning van de spaanderafzuiginstallatie! AGevaar voor ongevallen! De zaagmachine mag slechts door één persoon tegelijk bediend wor- den. Andere personen mogen uit- sluitend werkstukken aanreiken of afnemen en moeten op een afstand van de zaagmachine blijven staan. Controleer of alles goed functioneert alvorens met de werkzaamheden te beginnen: – netsnoer en netstekker; – hoofdschakelaar; – spouwmes; – afdekkap; – hulpstukken (duwstok, greep voor duwhout). Zorg ervoor dat u zichzelf ook be- schermt: – draag een stofmasker; – draag oordoppen; – draag een veiligheidsbril. Let steeds op een juiste houding en plaats tijdens het zagen: – neem plaats aan de voorkant; – tegenover het zaagblad; – links naast het draaivlak van het zaagblad; – bij het werken met twee personen moet de tweede persoon op vol- doende afstand van de zaag staan. Naargelang het soort werk dat u ver- richt, gebruikt u: – toegelaten werkstuksteunen - als werkstukken na het afzagen van de zaagtafel zouden vallen; – spaanafzuiginrichting (accessoire). Vermijd typische bedieningsfouten: – Probeer nooit het zaagblad af te remmen door er van de zijkant te

genaan te drukken. Er bestaat te- rugslaggevaar. – Druk het werkstuk tijdens het zagen steeds op de tafel en plaats het nooit op zijn smalle kant. Er bestaat terugslaggevaar. – Zaag nooit verschillende stukken – ook geen bundels met verschillende aparte stukken tegelijk. Er is gevaar voor lichamelijk letsel als aparte stukken zonder steun door het zaagblad worden gegrepen. cIntrekrisico! Zaag nooit werkstukken die aan tou- wen, snoeren, riemen of draden han- gen of dergelijke materialen bevatten. AGevaar voor ongevallen! Probeer nooit spanen van de tafel te verwijderen terwijl het zaagblad draait. Het zaagblad moet zich voor deze werkzaamheden altijd in rust

stand bevinden. 3 Opmerking: Let er tijdens het zagen op dat de af- dekkap het zaagblad bedekt en met de voorkant op het werkstuk ligt.

7.1 Zaaghoogte instellen

AGevaar! Voorwerpen of lichaamsdelen die zich binnen de instelzone bevinden, kunnen door een draaiend zaagblad meegetrokken worden! Begin dus nooit met het instellen van de zaag

hoogte voordat het zaagblad hele- maal tot stilstand gekomen is! AGevaar! Tijdens de hoogteinstelling mogen zich geen onbevoegde personen in de gevarenzone ophouden. Draai de draaihendel altijd met beide handen. Zo vermindert u het gevaar van letsel en kneuzingen! De zaaghoogte van het zaagblad moet aangepast worden aan de hoogte van het werkstuk: het zaagblad moet min- stens even ver over de rand van de ta- fel uitsteken als het te zagen werkstuk hoog is. Aan de voorkant moet de af- dekkap onderaan volledig op het werk- stuk liggen. Zaaghoogte instellen

1. Draai de draaikruk (49) tegen de

richting van de klok in tot tegen de aanslag, houd deze vast en beweeg het zaagblad omhoog of omlaag. 3 Opmerking: Om een eventuele speling bij de zaag- hoogteverstelling te compenseren, plaatst u het zaagblad altijd langs de onderkant op de gewenste positie.

7.2 Zagen met parallelle aan-

slag Het aanslagprofiel van de parallelle aanslag moet aangepast worden aan het te zagen werkstuk. Parallelle aanslag aanpassen aan de werkstukhoogte

1. Vleugelmoeren (53) losmaken en

aanslagprofiel verwijderen.

2. Afhankelijk van de werkstukhoogte

het hoge (50) of lage aanlegvlak (51) monteren.

3. Aanslagprofiel met vleugelmoeren

4. Parallelaanslag met de klemhendel

(54) fixeren. Parallelle aanslag aanpassen aan de werkstuklengte

1. Vleugelmoeren (53) losmaken en

aanslagprofiel verwijderen.

2. Aanslagprofiel in lengterichting (52)

aanpassen aan de lengte van het werkstuk.

3. Aanslagprofiel met vleugelmoeren

4. Parallelaanslag met de klemhendel

(54) fixeren. Zagen met parallelle aanslag

1. Parallelle aanslag (57) langs de bo-

venkant op het geleidingsprofiel (59) aan de voorkant van de zaag plaatsen.

2. Met behulp van de ingestanste ta-

felbladschaal (56) de afstand tussen de parallelle aanslag en het zaag- blad instellen.

3. Parallelle aanslag met de klemhen-

del (58) fixeren. AGevaar! De duwstok moet altijd gebruikt wor- den als de afstand tussen het zaag- blad en een parallelle aanslag kleiner is dan 120 mm. 3 Opmerking: Als u de duwstok niet nodig hebt, kan u deze aan de klem (55) aan het aan- slagprofiel bevestigen.

4. Stel de snijhoogte van het zaagblad

6. Duw het werkstuk langs de parallel-

le aanslag langzaam naar het zaag- blad en zaag het in één keer door.

7. Schakel de machine uit als u niet

onmiddellijk verderwerkt. 3 Opmerking: Als u de parallelle aanslag niet nodig hebt, kan u deze gebruiksklaar met de uitsparing (60) in de ophangschroef (61) aan de tafelpoot rechts vooraan hangen. Parallelle aanslag instellen voor het zagen van massief hout in de lengte

1. Stel het achterste uiteinde van de

parallelle aanslag (62) in op de hoogte van het middelpunt (64) tus- sen zaagbladas (63) en zaagblad- begin (65).

A Attentie! Duw na elke zaagprocedure het werkstuk tussen zaagblad en paral- lelle aanslag voorzichtig met de duwstok naar het achterste deel van de zaagtafel en neem het daar van de tafel. Parallelle aanslag instellen voor het zagen van platen

1. Stel het achterste uiteinde van de

parallelle aanslag (66) in op de maximaal mogelijke lengte, maar minstens op de hoogte van de zaagbladas (67). A Attentie! Duw na elke zaagprocedure het werkstuk tussen zaagblad en paral

lelle aanslag voorzichtig met de duwstok naar het achterste deel van de zaagtafel en neem het daar van de tafel. Parallelle aanslag instellen als lengte-aanslag voor dwarssneden Voor het zagen van smalle werkstuk- ken kan u de parallelle aanslag gebrui- ken als lengte-aanslag.

1. Klap de dwarse aanslag (70) op de

2. Stel het achterste uiteinde van de

parallelle aanslag (68) in op de hoogte van het begin van het zaag- blad (69). AGevaar! Als het werkstuk klem komt te zitten, kan het ongecontroleerd weggeslin

gerd worden. Stel de parallelle aans- lag zo in dat de uiteinden van het werkstuk niet tegelijkertijd contact kunnen hebben met het zaagblad en de parallelle aanslag. A Attentie! Duw na elke zaagprocedure het werkstuk tussen zaagblad en paral- lelle aanslag voorzichtig met de duwstok naar het achterste deel van de zaagtafel en neem het daar van de tafel.

7.3 Zagen met dwarse aan-

1. Klap de dwarse aanslag op de tafel.

2. Stel de gewenste aanslaghoek in en

blokkeer deze met de klemhef

boom (71). De dwarse aanslag kan voor versteksneden maximaal 45° versteld worden.

3. Stel de snijhoogte van het zaagblad

5. Duw het werkstuk met de dwarse

aanslag langzaam naar het zaag

blad en zaag het in één keer door.

6. Schakel de machine uit als u niet

onmiddellijk verderwerkt.

3 Opmerking: Als u de dwarse aanslag niet nodig hebt, klapt u deze omlaag.

1. Zaag het vierkante of rechthoekige

kanthout op de gewenste wiglengte (zie "Zagen met dwarse aanslag" en "Zagen met parallelle aanslag").

2. Pers het werkstuk vast in de wigs-

AGevaar! Bij het snijden van wiggen bestaat een hoger letselgevaar, daar dicht bij het zaagblad wordt gewerkt. Voer de volgende stap alleen met behulp van de duwstok uit.

4. Duw de dwarse aanslag met werk-

stuk langzaam naar het zaagblad en zaag het in één keer door.

5. Stop de machine en laat het zaag-

6. Trek de dwarse aanslag terug en

  • Voer enkele proefsneden uit op stukken afvalhout, alvorens met de zaagwerkzaamheden te beginnen.
  • Plaats het werkstuk steeds zo op het tafelblad dat het niet kan omval- len of wiebelen (bijv. bij een gebo- gen plank met de naar buiten gebo- gen zijde omhoog).
  • Gebruik bij lange werkstukken ge- schikte werkstuksteunen, bijv. rol- lenstaander of extra tafel (zie "Be- schikbare accessoires").
  • Houd het tafeloppervlak schoon – verwijder vooral de harsresten met behulp van een hiervoor geschikte reinigings- en onderhoudsspray (ac- cessoires). AGevaar! Voor alle onderhouds- en reinigings- werkzaamheden moet u het netsnoer uittrekken. – Service en/of onderhoudswerk- zaamheden die niet in dit hoofdstuk beschreven staan mogen uitsluitend door vaklui uitgevoerd worden. – Beschadigde delen, in het bijzon- der veiligheidsinrichtingen, alleen vervangen door originele onderde

len. Delen die niet door de fabrikant gecontroleerd en vrijgegeven zijn, kunnen onverwachte beschadigin

gen veroorzaken. – Nadat u klaar bent met de service en/of onderhoudsbeurt, moet eerst de goede werking van alle veilig

heidsvoorzieningen gecontroleerd worden.

9.1 Zaagblad vervangen

AGevaar! Onmiddellijk na het zagen kan het zaagblad erg heet zijn – Pas op voor brandwonden! Laat een heet zaag

blad eerst voldoende afkoelen. Ook het schoonmaken van het zaag- blad met een licht ontvlambaar pro- duct is dan gevaarlijk. Ook bij een stilstaand zaagblad be- staat er nog gevaar voor snijwon- den. Bij het vervangen van een zaag- blad moet u veiligheidshandschoenen dragen. Let bij de montage absoluut op de draairichting van het zaagblad!

1. Laat het zaagblad volledig neer.

2. Veiligheidsdeksel (74) op de spaan-

kast verwijderen. Daarvoor: –Schroef (73) 90° tegen de klok in draaien: het beschermend deksel (74) gaat los. Beschermend dek- sel naar rechts trekken en naar beneden eruit halen en bewaren. AGevaar! – Het werktuig voor het losmaken van het zaagblad mag niet ver- lengd worden. – Sla niet op het werktuig om de spanschroef los te maken.

3. Maak de spanschroef (75) van de

zaagbladbevestiging los met een schroefsleutel (linker schroef- draad!). Voor het tegenhouden de steeksleutel aan de buitenste zaag- bladflens (77) aanzetten.

4. Neem de buitenste zaagbladflens

(77) voorzichtig van de zaagbladas. Houd daarbij het zaagblad vast.

5. Neem het zaagblad van de zaagbla-

6. Reinig het zaagblad, de binnenste

zaagbladflens (76) en de buitenste zaagbladflens (77).

9. Service en onderhoud

AGevaar! Gebruik geen reinigingsmiddelen (bijv. om harsresten te verwijderen) die de lichtmetalen delen kunnen aantasten; anders kan de stabiliteit van deze delen worden beïnvloed.

7. Monteer een nieuw zaagblad (let op

de draairichting van de zaagtan- den!). AGevaar Gebruik alleen geschikte zaagbladen die conform EN 847-1 zijn (zie "Tech- nische gegevens") – bij ongeschikte, beschadigde of vervormde zaagbla

den kunnen onder invloed van de middelpuntvliedende kracht delen weggeslingerd worden. Het is verboden om: – zaagbladen waarvan het aange- geven maximumtoerental lager is dan het toerental van de zaagas (zie „Technische gegevens“); – zaagbladen uit hooggelegeerd sneldraaistaal (HSS of HS); – Zaagbladen met zichtbare be- schadigingen of deformaties; – slijpschijven te monteren. AGevaar! – Het zaagblad mag alleen gemon- teerd worden met originele on- derdelen. – Gebruik nooit losse reductierin- gen; anders kan het zaagblad los- raken. – De zaagbladen moeten uitgeba- lanceerd zijn. Ze mogen niet tril- len, anders kunnen ze tijdens het werken vanzelf loskomen.

8. Breng de buitenste zaagbladflens

(77) aan (de twee meeneemnokken aan de buitenste zaagbladflens moeten in de beide uitsparingen van de zaagbladas grijpen). AGevaar! – U mag de steel van de sleutel niet verlengen om het zaagblad stevi- ger vast te kunnen zetten. – Sla ook niet op de steel van de sleutel om de klemschroef beter vast te zetten.

9. Draai de klemschroef (75) van de

zaagbladbevestiging in de zaagbla- das (linkse schroefdraad) en trek deze vast. Houd met de ringsleutel de buitenste zaagbladflens (77) vast.

10. Monteer het veiligheidsdeksel (78)

op de spaankast. Daarvoor: – Beschermend deksel (79) van links plaatsen, rechts vastdruk- ken en de schroef (78) 90° met de klok mee draaien: het be- schermend deksel is gefixeerd.

9.2 Spouwmes uitrichten

3 Opmerking: Het spouwmes is in de fabriek uitge- richt op het zaagblad. Toch moet de af- stand tussen spouwmes en zaagblad regelmatig gecontroleerd en indien no

dig gecorrigeerd worden. Voor het uitrichten van het spouwmes eerst:

1. Laat het zaagblad volledig neer.

2. Veiligheidsdeksel (81) op de spaan-

kast verwijderen. Daarvoor: –Schroef (80) 90° tegen de klok in draaien: het beschermend deksel (81) gaat los. Beschermend dek- sel naar rechts trekken en naar beneden eruit halen en bewaren. Afstand van het zaagblad instellen: De afstand tussen de zaagbladomtrek en het spouwmes moet 3 tot 8 mm be- dragen. Het spouwmes moet minstens even ver boven de zaagtafel uitsteken als het zaagblad.

1. Draai de moer (82) aan de

spouwmeshouder één omwenteling los.

2. Breng het spouwmes op de juiste

afstand van de zaagbladomtrek.

3. Pas de hoogte van het spouwmes

aan het zaagblad aan. 3 Opmerking: Let er bij het aantrekken van de moer op dat de beide nokken (83) aan het te- genstuk van de spouwmeshouder in de rail van de spouwmeshouder lopen.

4. Zet de moer vast.

Na het uitrichten moet het zaagblad weer op de gewenste hoogte getild en het veiligheidsdeksel aan de spaan- kast gemonteerd worden.

9.3 Hoogteverstelling van het

1. Draai de draaikruk (85) tegen de

richting van de klok in tot tegen de aanslag, houd deze vast en beweeg het zaagblad naar de hoogste posi- tie.

2. Vet de glijvlakken van de hoogte-

verstelling (84) in en beweeg het zaagblad meermaals omhoog en omlaag om het vet gelijkmatig te verdelen op de glijvlakken.

9.4 Machine opbergen

AGevaar! Berg de zaagmachine steeds op – waar onbevoegden ze niet kun- nen inschakelen en – waar niemand zich eraan kan be- zeren ook al is ze uitgeschakeld. A Attentie! De machine mag niet in openlucht of in een vochtige ruimte opgeborgen wor

Vóór het inschakelen – Visuele controle of de afstand tus- sen zaagblad en spouwmes 3 tot 8 mm bedraagt. – Visuele controle of zaagblad en spouwmes precies tegenover elkaar liggen. – Controleren of de stroomkabel en stekker onbeschadigd zijn. Defecte onderdelen door een elektricien la- ten vervangen. Bij elke uitschakeling Controleren of de naloop van het zaag- blad langer dan 10 seconden duurt. Als de naloop langer duurt, wendt u zich tot een erkend vakbedrijf! Dagelijks – Controleren of de noodstop-schake- laar (86) naar behoren werkt. Ge- bruik geen apparaat met defecte noodstop-schakelaar. Laat een de

fecte noodstop-schakelaar repare- ren door een elektricien. 1x per maand (bij dagelijks gebruik) – Zaagsel met een stofzuiger of een kwast verwijderen. – Geleiding van de dwarse aanslag smeren. – Hefboominrichting voor hoogtever- stelling invetten (zie 9.3). Na elke periode van 300 bedrijfsuren Alle schroefverbindingen controleren en eventueel vastschroeven.

  • Laat het zaagblad volledig zakken.
  • Verwijder of borg de aangebouwde delen (langsaanslag en parallelle aanslag, duwslede, tafelverleng- stuk).
  • Tijdens het transport niet aan de draaihendel (hoogteverstelling van het zaagblad) vasthouden.
  • Gebruik bij verzending indien moge- lijk de originele verpakking. Kraantransport Gebruik voor het kraantransport de uit- klapbare kraanogen aan de zaagtafel. AGevaar! Bij het kraantransport kunnen bewe- gende delen zoals parallelle aanslag, ringsleutels, o.i.d. losraken en van het apparaat vallen. Verwijder of borg alle bewegende en losse onderdelen voor het transport. Voor bijzondere werkzaamheden zijn de volgende accessoires verkrijgbaar in de vakhandel – de tekeningen vindt u op de omslagzijde achteraan: A Spaanafzuigaansluiting diameter 100 mm, voor aansluiting van de bouwcirkelzaag op een spaanafzuiginstallatie. B Onderhouds- en conserverings- spray om harsresten te verwijderen en metalen oppervlakken te conser

veren. C Rollenstaander RS 420 D Zaagblad HM 450 × 3,8 × 30 66 wisseltand voor massief hout, langs- en dwarssneden. E Zaagblad HM 450 × 3,5 × 30 32 platte tand afgeschuind voor ruwe gebruiksomgevingen, bouw- hout, bekistingsplanken, betonres- ten, gasbeton, spaanplaten. AGevaar! Laat het elektrisch gereedschap alleen repareren door gekwalificeerd en vak- kundig personeel en alleen met origine- le reserveonderdelen. Hierdoor wordt gewaarborgd, dat de veiligheid van het elektrisch gereedschap behouden blijft. Neem voor elektrische gereedschap van Metabo dat gerepareerd dient te worden contact op met uw Metabo-ver

tegenwoordiging. Zie voor adressen www.metabo.com. Lijsten met reserveonderdelen kunt u via www.metabo.com downloaden. Het verpakkingsmateriaal van het ap- paraat kan voor 100% worden gerecy- cleerd. Afgedankte elektronische apparatuur en accessoires bevatten grote hoeveel-

heden waardevolle grond- en kunststof- fen, die ook gerecycleerd moeten wor- den. Deze handleiding werd gedrukt op chloorvrij gebleekt papier. AGevaar! Alvorens een storing te verhelpen, moet u:

1. de machine uitschakelen,

2. de stekker uit het stopcontact

3. wachten tot het zaagblad hele-

maal stilstaat. Nadat de storing verholpen is, moet u eerst de goede werking van alle veiligheidsvoorzieningen controle

ren. De motor draait niet Het onderspanningsrelais is geacti- veerd door een tijdelijke stroomonder- breking. – Opnieuw inschakelen. Er is geen spanning. – Controleer het snoer, de stekker, en de zekering. Motor oververhit, bijv. door stomp zaag- blad of spaanophoping in de behuizing: – Verwijder de oorzaak van de over- verhitting. Laat het apparaat enige minuten afkoelen en zet het dan op

nieuw aan. De netspanning is te laag: – Kortere toevoerleiding of toevoerlei- ding met grotere doorsnede gebrui- ken (≥ 2,5 mm

– Laat uw installatie door een elektro- monteur controleren. Zaagvermogen vermindert Zaagblad stomp (zaagblad of werkstuk heeft evt. brandvlekken op de opper

vlakte): – Zaagblad vervangen (zie hoofdstuk "Service en onderhoud"). Spaanophoping Geen resp. te zwakke afzuiginstallatie aangesloten: – Spaanafzuigstomp (zie "Leverbare accessoires") en afzuiginstallatie aansluiten of – afzuigvermogen van de afzuiginstal- latie verhogen. Draaikruk voor hoogteverstelling van het zaagblad stroef Hefboominrichting voor hoogteverstel- ling verharst: – Hefboominrichting voor hoogtever- stelling reinigen en met reinigings- en verzorgingsspray (zie ’’Beschik

bare accessoires’’) oliën (zie hoofd- stuk „Onderhoud en verzorging“).

Motorvermogen Opgenomen vermogen P

Afgegeven vermogen P

Ohm 5,5 kW S6 40% 3,2 kW S1 100% 0,25 Snijsnelheid zaagblad ca. m/s 66 Dikte van het spouwmes mm 3,0 Zaagblad zaagbladdiameter (buiten) zaagbladboring (binnen) Zaagbreedte Max. basiselementdikte van het zaagblad

Afmetingen Lengte tafelblad Breedte tafelblad Lengte tafelverlengstuk Breedte tafelverlengstuk Hoogte (tafelblad) Hoogte (boven alles)

Totaalgewicht ca. kg 102 Gegarandeerd geluidsniveau volgens

Geluidsdrukniveau volgens DIN EN ISO 19085-10* Meetmethode: onder last Drukniveau aan het oor van de bediener Onzekerheid K dB (A) dB (A) dB (A)

Omgevingstemperatuur bereik ° C –10 … +40

  • De vermelde waarden zijn emissiewaarden en zijn zodoende niet tevens ook veilige werkplaatswaarden. Ofschoon er een cor- relatie tussen emissie- en immissiewaarden bestaat, kan hieruit niet betrouwbaar worden afgeleid of bijkomende voorzorgs- maatregelen noodzakelijk zijn of niet. Factoren die het actuele immissiepeil op de werkplek beïnvloeden, omvatten de aard van de werkruimte en andere geluidsbronnen, bijv. het aantal machines en andere naburige werkprocessen. De toegelaten werk- plekwaarden kunnen ook van land tot land verschillen. Deze informatie dient echter de gebruiker in staat te stellen, een betere inschatting van bedreiging en risico uit te voeren.FRANÇAIS
Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : METABO

Model : BKH 450 Plus

Categorie : Zaag