W8I HT58 T - Vaatwassers WHIRLPOOL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis W8I HT58 T WHIRLPOOL in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Vaatwassers in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding W8I HT58 T - WHIRLPOOL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. W8I HT58 T van het merk WHIRLPOOL.
GEBRUIKSAANWIJZING W8I HT58 T WHIRLPOOL
3. Programmatoets Snel met controlelampje/ Programma Voorwas -
9. Nummer programma en controlelampje resterende tijd
10. Controlelampje Gesloten Waterkraan11. Controlelampje ONTKALKEN
12. Extra opties knoppen met indicatorlampje - Halve lading/ Stil/
13. Toets voor optie Power Clean® met controlelampje
14. Toets voor optie Extra Droog met controlelampje/ Instellingen -
3sec. indrukken15. Toets voor optie Uitstel met controlelampje16. Toets START/Pauze met controlelampje
VOOR MEER GEDETAILLEERDE INFORMATIE BEDIENINGSPANEEL PRODUCTBESCHRIJVING Het bedieningspaneel van de afwasmachine wordt geactiveerd door het indrukken van de AAN/UIT-toets. Om energie te besparen wordt het bedieningspaneel na 10 minuten automatisch uitgeschakeld als er geen wascyclus is gestart. APPARAAT 1. NaturalDry2. Hoogste rek3. Opvouwbare kleppen4. Bovenste rek5. Afsteller hoogte bovenste rek6. Bovenste sproeierarm7. Power Clean® - steun8. Onderste rek9. Bestekkorf10. Power Clean®11. Onderste sproeierarm12. Filtersysteem13. Zoutreservoir14. Doseerbakjes vaatwasmiddel en glansspoelmiddel15. Typeplaatje16. Bedieningspaneel
1. Starttijd op de vloer - de resterende tijd tot het programma start, wanneer de optie Uitgestelde start is ingesteld
2. Zoutreservoir leeg - controlelampje op de vloer3. Resterende tijd op de vloer - de tijd tot het einde van het programmaDANK U WEL VOOR UW AANKOOP VAN EEN WHIRLPOOL PRODUCT. Voor verdere assistentie kunt u het apparaat registeren op: www.whirlpool.eu/registerLees vóór gebruik van het apparaat de veiligheids- en installatie-instructies zorgvul-dig door.Vergeet niet om na de installatie alle transportbeschermingen van de vaatwasser te verwijderen.
ADVIES MET BETREKKING TOT HET EERSTE GEBRUIK Verwijder na het installeren de stoppen uit de rekken en de elastische bor- gelementen uit het bovenste rek. INSTELLING MENU
1. Het apparaat inschakelen door op de toets AAN-UIT te drukken.
2. Houd de toets Instellingen (Extra Dry ) 3 seconden ingedrukt tot u
een pieptoon hoort en ‚SEt’ op het display verschijnt.
3. Na één seconde verschijnt de eerste beschikbare instelling (letter ‚h’).
4. Druk op Automatische programma’s /Extra opties om door de
lijst met beschikbare instellingen te bladeren (zie onderstaande tabel) en druk vervolgens op START/Pauze om de waarde van de geselec- teerde instelling te bekijken of te wijzigen.
5. Druk op Automatische programma’s /Extra opties om de waarde
te veranderen, druk vervolgens op START/Pauze om de nieuwe waarde op te slaan.
6. Herhaal punt 2 en 5 om andere instellingen te wijzigen.
7. Druk op AAN-UIT of wacht 30 seconden om het menu te verlaten.
LETTER INSTELLING WAARDEN (Standaard - vetge-drukt) Waterhardheidsgraad (zie ‘DE WATERHARDHEID INSTELLEN’ en ‘TABEL WATERHARDHEID’) 1 | 2 | 3 | 4 | 5 Glansspoelmiddelpeil (zie ‘DE DOSERING GLANSSPOELMIDDEL AAN- PASSEN’) 0 | 1 | 2 | 3 | 4 | 5 NaturalDry (zie ‘OPTIES EN FUNCTIES’) ‘1’ = Aan, ‘0’ = Uit 1 | 0 Tijd Op De Vloer (zie ‘OPTIES EN FUNCTIES’) ‘1’ = Aan, ‘0’ = Uit 1 | 0 Geluid ‘1’ = Aan, ‘0’ = Uit 1 | 0 Fabrieksinstellingen - Druk op START/Pauze om alle waarden in het instellingenmenu terug te zetten naar de fabrieksinstellingen.
Het gebruik van zout voorkomt de vorming van KALKAAN- SLAG op het vaatwerk en op de functionele onderdelen van de machine. Het zoutreservoir bevindt zich onderin de vaatwasser (onder het onderste rek aan de linkerkant).
- Het is noodzakelijk dat HET ZOUTRESERVOIR NOOIT LEEG IS.
- Het is belangrijk dat de hardheid van het water wordt ingesteld.
- Zout moet worden bijgevuld wanneer het controlelampje ZOUT BIJ- VULLEN op het bedieningspaneel brandt.
1. Verwijder het onderste rek en draai de dop van het reservoir los (linksom).
2. Plaats de trechter (zie afbeelding) en vul het zoutreservoir tot aan de rand
(ongeveer 0,5 kg); het is niet ongebruikelijk dat er een beetje water uit lekt.
3. Alleen de eerste maal dat u dit doet: vul het zoutreservoir met water.
4. Verwijder de trechter en veeg alle zoutresten weg van de opening.
Zorg ervoor dat de dop strak is aangedraaid, zodat geen vaatwasmiddel in de container kan komen tijdens het wasprogramma (dit kan de wateront- harder onherstelbaar beschadigen). Wanneer u zout moet toevoegen, is u verplicht om de procedure he- lemaal uit te voeren alvorens de wascyclus te starten om corrosie te voorkomen. Achtergebleven zoutoplossing of zoutkorrels kunnen leiden tot corrosie waardoor de roestvrijstalen onderdelen onherstelbaar be- schadigd worden. Er wordt geen enkele garantie verleend in geval van klachten die hierop betrekking hebben. Als het zoutreservoir niet gevuld wordt, kunnen de waterverzachter en het verwarmingselement beschadigd raken als gevolg van de ac- cumulatie van ketelsteen. Het gebruik van zout wordt aanbevolen met elk type vaatwasmiddel.
DE WATERHARDHEID INSTELLEN
Als u de waterontharder perfect wilt laten werken is het essentieel dat de instelling van de waterhardheid is gebaseerd op de werkelijke waterhard- heid in uw huis. Deze informatie kan bij uw lokale waterleverancier worden opgevraagd. De fabrieksinstelling is “3” voor gemiddelde waterhardheid. Zie „TABEL WATERHARDHEID”. Volg de instructies in het hoofdstuk „INSTELLING MENU’”om dit te wijzigen. Gebruik alleen zout dat speciaal voor afwasmachines is bestemd. Wanneer het zout in de machine is gestrooid wordt het lampje ZOUT BIJ- VULLEN uitgeschakeld. Als het zoutreservoir niet gevuld wordt, kunnen de waterverzachter en het verwarmingselement beschadigd raken als gevolg van de accu- mulatie van ketelsteen. Het gebruik van zout wordt aanbevolen met elk type vaatwasmiddel. Tabel waterhardheid Niveau °dH Duitse graden °fH Franse graden °Clark Engelse graden 1 (Zacht) 0 - 6 0 - 10 0 - 7 2 (Gemiddeld) 7 - 11 11 - 20 8 - 14 3 (Gemiddeld) 12 - 16 21 - 29 15 - 20 4 (Hard) 17 - 34 30 - 60 21 - 42 5 (Zeer hard) 35 - 50 61 - 90 43 - 62 WATERVERZACHTEND SYSTEEM Waterverzachters reduceren automatisch de waterhardheid en voorko- men bijgevolg ketelsteenvorming op de verwarmer en dragen bij tot een efficiëntere reiniging. Dit systeem wordt automatisch met zout geregenereerd, u dient dus het zoutreservoir te vullen wanneer het leeg is. De frequentie van de regeneratie hangt af van de instelling van het water- hardheidniveau - de regeneratie wordt uitgevoerd om de 4-6 Eco-cyclus- sen met het waterhardheidniveau ingesteld op 3. De regeneratie vindt plaats aan het begin van het programma met extra vers water.
- Eén enkele regeneratie verbruikt: ~3 liter water;
Glansspoelmiddel maakt het DROGEN van de vaat ge- makkelijker. Het glansspoelmiddelreservoir A moet worden gevuld wanneer het controlelampje GLANS- SPOELMIDDEL BIJVULLEN op het display brandt
1. Open het doseerbakje B door de tab op het deksel
in te drukken en omhoog te trekken.
2. Het glansspoelmiddel zorgvuldig inbrengen tot
aan de maximum (110 ml) insteekgleuf van de vul- ruimte - voorkom morsen. Wanneer dit gebeurt het gemorste glansspoelmiddel onmiddellijk met een droge doek reinigen.
3. Om het te sluiten het deksel naar beneden drukken
totdat u een klik hoort. Het glansspoelmiddel NOOIT rechtstreeks in de kuip gieten.
DE DOSERING GLANSSPOELMIDDEL AANPASSEN
Als u niet volledig tevreden bent over de droogresultaten kunt u de ge- bruikte hoeveelheid glansspoelmiddel aanpassen. Volg de instructies in het hoofdstuk „INSTELLING MENU” om dit te wijzigen. Als het niveau van het glansspoelmiddel is ingesteld op NUL (ECO) zal geen glansspoelmiddel worden afgegeven. Het controlelampje LAAG GLANS- SPOELMIDDEL zal niet branden als het glansspoelmiddel op is. Er kan een maximum van 6 niveaus worden ingesteld, afhankelijk van het model afwasmachine.
- Als u blauwe strepen op het vaatwerk ziet stel dan een laag getal in (0-3).
- Als er druppels water of kalkaanslag op het vaatwerk zijn stel dan een hoog getal in (4-5).
HET VAATWASMIDDELDOSEERBAKJE VULLEN
Gebruik alleen vaatwasmiddel dat speciaal voor afwasmachi- nes is bestemd. GEBRUIK GEEN vloeibaar vaatwasmiddel. Wanneer er teveel vaatwasmiddel wordt gebruikt kan het re- sultaat zijn dat er na het einde van de cyclus schuimresten in de machine achterblijven. Het gebruik van vaatwasmiddelen die niet bedoeld zijn voor vaatwasmachines kan de slechte werking van het apparaat ver- oorzaken of het beschadigen. Voor de beste was- en droogresultaten wordt het gecombineer- de gebruik van vaatwasmiddel, vloeibaar glansspoelmiddel en zout vereist. Het is raadzaam om vaatwasmiddelen zonder fosfaten of chloor te gebruiken, aangezien deze producten schadelijk voor het milieu zijn. Goede wasresultaten zijn ook afhankelijk van de juiste hoe- veelheid vaatwasmiddel. Het overschrijden van de aangegeven hoeveelheid leidt niet tot een meer effectieve afwas en doet de milieuvervuiling toenemen. De hoeveelheid kan aan de mate van vuilheid worden aange- past. EERSTE GEBRUIKNL Snelle Referentiegids Handleiding
Gebruik bij normaal bevuilde stukken ongeveer 35 g (vaatwas- middel in poedervorm) of 35 ml (vloeibaar vaatwasmiddel) en een extra theelepel vaatwasmiddel direct in de kuip. Als er ta- bletten worden gebruikt is één tablet voldoende. Als het serviesgoed slechts licht bevuild is of als het voordat het in de afwasmachine wordt geplaatst met water is afgespoeld kan de hoeveelheid vaatwasmiddel dienovereenkomstig wor- den verminderd (minimaal 25 g/ml) door bijv. poeder/gel in de kuip over te slaan. Volg voor goede wasresultaten ook de instructies op het was- middelpak. Neem voor verdere vragen contact op met de wasmiddelpro- ducenten.
Gebruik de opening apparaat C om het vaat- wasmiddeldoseerbakje te openen. Het vaat- wasmiddel alleen in het droge doseerbakje D invoeren. Plaats de hoeveelheid vaatwasmid- del voor voorspoelen direct in de kuip.
1. Raadpleeg bij het afmeten van het vaatwasmid-
del de eerder vermelde informatie om de juiste hoeveelheid toe te voegen. In het doseerbakje D vindt u de aanwijzingen voor het doseren van het vaatwasmiddel.
2. Verwijder de resten vaatwasmiddel van de randen van het doseerbakje
en sluit het deksel totdat het klikt.
3. Sluit het deksel van het vaatwasmiddeldoseerbakje door het omhoog te
trekken tot het sluitingsmechanisme is vastgezet. Het vaatwasmiddeldoseerbakje opent automatisch op het juiste moment, volgens het programma. Het gebruik van vaatwasmiddelen die niet be- doeld zijn voor vaatwasmachines kan de slechte werking van het ap- paraat veroorzaken of het beschadigen. DAGELIJKS GEBRUIK ADVIEZEN Verwijder alvorens de manden te laden alle voedselresten uit het servies- goed en leeg de glazen. Het serviesgoed hoeft niet tevoren onder stro- mend water afgespoeld te worden. Het serviesgoed zo rangschikken dat het stevig op zijn plaats staat en niet omslaat; rangschik de containers met de openingen naar beneden gericht en de holle/bolle onderdelen schuin geplaatst, waardoor het water elk op- pervlak kan bereiken en vrij kan stromen. Waarschuwing: zorg ervoor dat deksels, grepen, platen en koekenpannen de sproeierarmen niet belemmeren bij het draaien. Plaats geen kleine voorwerpen in de bestekmand. Erg vervuild vaatwerk en pannen moeten in de onderste mand worden geplaatst, omdat in deze ruimte de watersproeiers sterker zijn en hogere wasprestaties hebben. Zorg ervoor dat na het laden van het apparaat de sproeierarmen vrij kun- nen draaien. ONGESCHIKT SERVIESGOED
- Houten servies en bestek.
- Kwetsbare gedecoreerde glazen, artistiek handwerk en antiek servies- goed. Hun decoraties zijn hier niet tegen bestand.
- Delen van synthetisch materiaal die niet bestand zijn tegen hoge tem- peraturen.
- Koperen en tinnen serviesgoed.
- Serviesgoed bevuild met as, was, smeervet of inkt. De kleuren van glasdecoraties en aluminium/zilveren stukken kunnen wijzi- gen en vervagen tijdens het wasproces. Sommige soorten glas (bv. kristallen voorwerpen) kunnen na een aantal wascyclussen ook dof worden.
SCHADE AAN GLASWERK EN SERVIESGOED
- Gebruik alleen glas en porselein waarvan de fabrikant garandeert dat het veilig is voor de afwasmachine.
- Gebruik een zacht vaatwasmiddel dat geschikt is voor serviesgoed.
- Haal glazen en bestek uit de afwasmachine zodra het wasprogramma afgelopen is.
TIPS VOOR ENERGIEBESPARING
- Wanneer de huishoudelijke vaatwasmachine gebruikt wordt volgens de aanwijzingen van de fabrikant, verbruikt het wassen van vaatwerk in een vaatwasmachine gewoonlijk MINDER ENERGIE en water dan met de hand afwassen.
- Om de efficiëntie van de vaatwasmachine te maximaliseren wordt aan- bevolen om de wascyclus eerst te starten wanneer de vaatwasmachi- ne helemaal gevuld is. De huishoudelijke vaatwasmachine vullen tot de hoeveelheid aangegeven door de fabrikant draagt bij tot het besparen van energie en water. Informatie over het correct laden van vaatwerk vindt u in het hoofdstuk DE REKKEN VULLEN. Als de machine gedeeltelijk is gevuld, wordt aanbevolen om de speciaal daarvoor bedoelde wasop- ties, indien voorzien, te gebruiken (Halve lading/ Zone Wash/ Multizone) en enkel geselecteerde rekken te vullen. De vaatwasmachine onjuist of overmatig vullen kan het gebruik van de hulpbronnen verhogen (zoals water, energie en tijd, en ook het geluidsniveau) en de reinigings- en droogprestaties verlagen.
- Vaatwerk vooraf met de hand spoelen verhoogt het water- en energie- verbruik en wordt niet aanbevolen.
1. WATERAANSLUITING CONTROLEREN
Controleer of de wasmachine is aangesloten op de waterleiding en of de waterkraan open is.
2. DE AFWASMACHINE INSCHAKELEN
Open de deur en druk op de toets AAN/UIT.
Kies het meest geschikte programma op basis van het soort serviesgoed en de vervuilingsgraad (zie PROGRAMMABESCHRIJVING) door de toets van het gekozen PROGRAMMA in te drukken. Selecteer de gewenste opties (zie OPTIES EN FUNCTIES). Niet alle opties zijn compatibel met alle programma’s.
Start het programma door op de toets START/Pauze te drukken en de deur binnen 4 sec. te sluiten. Wanneer het programma start hoort ueen enkele piep. Als de deur niet binnen 4 seconden is gesloten, hoort ueen geluid ter waarschuwing. Open in dat geval de deur, druk op de START/Pauze-toets en sluit de deur opnieuw binnen 4 sec.
7. EINDE VAN HET WASPROGRAMMA
Het einde van de wascyclus wordt aangegeven met een geluid en op de display is END te zien. Open de deur en schakel het apparaat uit door op de toets AAN/UIT te drukken. Een paar minuten wachten voordat het serviesgoed wordt verwijderd - om brandwonden te voorkomen. De rekken uitladen, te beginnen met het onderste rek. De machine wordt tijdens bepaalde langere perioden van inactiviteit automatisch uitgeschakeld, om het elektriciteitsverbruik te minimali- seren. Als het serviesgoed slechts licht bevuild is of als het voordat het in de afwasmachine wordt geplaatst met water is afgespoeld kan de hoeveelheid vaatwasmiddel dienovereenkomstig worden verminderd.
EEN LOPEND PROGRAMMA WIJZIGEN
Als er een verkeerd programma geselecteerd is, kan het worden gewijzigd, mits het nog maar net begonnen is. RESET de machine: Houd de toets AAN/UIT langer dan 3 sec. ingedrukt. De machine wordt uitgeschakeld. Het dashboard toont ”0:01”. Sluit de deur en wacht tot de afvoercyclus afgelopen is (ongeveer 1 minuut). Open de deur en schakel de machine weer in met de knop AAN/UIT en selecteer de nieuwe wascyclus en even- tuele gewenste opties. Start het programma door op START/Pauze te drukken en de deur binnen 4 sec. te sluiten.
EXTRA SERVIESGOED TOEVOEGEN
Open de deur een klein stukje zonder de machine uit te schakelen, zorg dat er geen water uitspat (het controlelampje START/Pauze knippert) (Let op: Hete stoom!) en doe de vaat in de vaatwasser. Druk op de START/Pauze -toets en sluit de deur binnen 4 sec. , de cyclus wordt hernomen vanaf het punt waarop het was onderbroken. ONBEDOELDE ONDERBREKING Als de deur wordt geopend of als de stroom uitvalt tijdens het programma, stopt het programma. ALLEEN DOOR OP START/Pauze TE DRUKKEN en de deur binnen 4 sec. te sluiten, gaat het programma weer verder vanaf het punt waarop het werd onderbroken.
HYGIËNE Om te voorkomen dat zich geur en afzetting ophoopt in de afwasmachine moet u ten minste één per maand een programma met hoge temperatuur laten draaien. Gebruik een theelepel vaatwasmiddel en laat het apparaat zonder lading draaien.
VOORZORGSMAATREGELEN BIJ VORST
Als het apparaat in een vertrek is geplaatst dat aan vorst kan worden bloot- gesteld, moet al het water worden afgevoerd. Draai de waterkraan dicht, koppel de toevoer- en afvoerslangen los en laat al het water er vervolgens uitstromen. Zorg ervoor dat de waterontharder vol zit met opgelost re- genereerzout in het zoutreservoir om het apparaat te beschermen tegen temperaturen tot -20°C. Als het apparaat bij temperaturen onder nul is opgeslagen, moet het min- stens 24 uur op een omgevingstemperatuur van minimaal 5°C blijven staan alvorens het weer in te schakelen. De gegevens van het ECO-programma worden gemeten onder laboratoriumomstandigheden, volgens de Europese norm EN 60436:2020. Aanwijzing voor de Proeaboratoria: Voor gedetailleerde informatie over de omstandigheden van de EN-vergelijkingsproef kunt u contact opnemen met: dw_test_support@europeanappliances.com Voorbehandeling van het vaatwerk vóór de programma’s is niet nodig. *) De deur wordt geopend voordat het programma beëindigd is. Dit is om de droogeciëntie te verbeteren. Wacht tot de tijd 00:00 bereikt heeft om de vaatwasser uit te laden. **) Niet alle opties kunnen tegelijkertijd gebruikt worden. ***) Waarden aangegeven voor andere programma’s dan het Eco-programma zijn slechts indicatief. De werkelijke tijd is afhankelijk van vele factoren, zoals de temperatuur en de druk van het toevoerwater, de kamertemperatuur, hoeveelheid vaatwasmiddel, de hoeveelheid en soort lading, evenwicht van de lading, extra gekozen opties en de kalibratie van de sensor. De kalibratie van de sensor kan de duur van het programma met max. 20 min. verlengen. PROGRAMMATABEL OPTIES kunnen na het kiezen van het programma direct worden in-/uitgeschakeld door op de betreffende toets te drukken (het indicator- lampje gaat branden, indien beschikbaar) (zie BEDIENINGSPANEEL). Als een optie niet compatibel is met het geselecteerde programma (zie PRO- GRAMMATABEL) gaat de bijbehorende LED 3 keer snel knipperen en klinken er pieptonen. De optie wordt niet ingeschakeld. Een optie kan de tijd of het water- of energieverbruik voor het programma wijzigen.
Beschikbare functies
Duur van waspro- gramma (h:min)
Waterver- bruik (liter/cyclus) Energiever- bruik (kWh/cyclus) Eco 50°- Programma is geschikt voor het reinigen van normaal vervuild vaatwerk, dat voor dit gebruik het meest efficiënte programma is wat betreft de combinatie van energie- en water- verbruik en in overeenstemming is met de Europese Ecode- sign-wetgeving. aangepast. 4:00 9,5 0,64 Snel 45° - Programma dat kan worden gebruikt voor een halve lading licht vervuilde vaat zonder opgedroogde etensresten. Heeft geen droogfase.
0:30 - 0:40 10,5 - 15,0 0,55 - 0,65 Kristallen 45° - Programma voor kwetsbare stukken die gevoeli- ger zijn voor hoge temperaturen, bijvoorbeeld glazen en kopjes. 1:40 - 1:50 12,5 - 17,0 0,95 - 1,20 Auto Intensief 65° - Automatisch pro- gramma voor zwaar vervuild vaatwerk en pannen. Meet de mate van vervuiling van het ser- viesgoed af en past het programma dien- overeenkomstig aan. Wanneer de sensor de mate van vervuiling meet, verschijnt er een animatie in de display en wordt de cyclus- duur aangepast. 2:25 - 3:10 17,0 - 25,0 1,30 - 1,70 Auto Gemengd 55° - Automatisch pro- gramma voor normaal vuile vaat met opgedroogde etensresten. 1:20 - 3:20 7,5 - 20,5 0,75 - 1,20 Auto Snel 50° - Automatisch programma voor normaal en licht vuile vaat. Het dagelijkse programma voor het optimaal reinigen en drogen in kortere tijd. 1:00 - 1:50 8,0 - 16,0 0,70 - 1,10 Voorspoelen - Gebruikt om servies vochtig te houden dat later gewassen moet worden. Met dit programma wordt er geen vaat- wasmiddel gebruikt.
0:12 4,5 0,10 Zelfreinigend 65° - Programma te gebruiken voor het onder- houd van de afwasmachine, wordt enkel uitgevoerd wanneer de afwasmachine LEEG is met gebruik van specifieke reinigingsmid- delen die speciaal ontworpen zijn voor het onderhoud van de afwasmachine.
1:15 12,7 1,10 HALVE LADING - Als er niet veel vaat moet worden gewassen, wordt de functie HALVE LADING gebruikt om water, elektriciteit of tijd te besparen, afhankelijk van het gekozen programma. Vergeet niet om de hoeveelheid vaatwasmiddel te verminderen. WATERTOEVOER GESLOTEN - Alarm - Knippert wanneer er geen watertoevoer is of de waterkraan gesloten is. WAARNEMEN - Wanneer de sensor meet hoe vuil de vaat is, verschijnt er een animatie op het display (ongeveer 20 min.) en wordt de programmaduur aangepast. Bij het waarnemen wordt gekeken hoe vuil de vaat is. Dit kan worden gebruik bij alle programma’s (behalve Eco) waarbij het programma dienovereenkomstig wordt aangepast. STIL - Handig als het apparaat ‘s nachts draait. Deze optie kan worden gebruikt om het geluid tijdens het draaien te beperken. Het pro- gramma duurt langer, afhankelijk van het gekozen programma. ANTIBACTERIEEL SPOELEN - Deze optie wordt gebruikt om de gewassen borden te ontsmetten. Het verhoogt de temperatuur van de laatste spoeling en voegt antibacterieel wassen toe aan het gese- lecteerde programma. Ideaal voor het reinigen van serviesgoed en zuigfles- sen. De deur van de afwasmachine moet gedurende de hele duur van het programma gesloten blijven, om de antibacteriële werking te garanderen. Als u de deur opent gaat het lampje knipperen. WAARSCHUWING: het serviesgoed en de platen kunnen aan het einde van de cyclus extreem heet zijn.NL Snelle Referentiegids Handleiding
EXTRA DROOG - Een hogere temperatuur en langere droogfase na de laatste spoelbeurt helpen de vaat beter te drogen. De EXTRA DROOG optie verlengt het wasprogramma. UITSTEL - De start van het programma kan worden uitgesteld voor een periode tussen 0:30 en 24 uur.
1. Selecteer het programma en eventuele gewenste opties. Druk
(meerdere keren) op de UITSTEL-toets om de start van het programma uit te stellen. Instelbaar van 0:30 tot 24 uur. Zodra de instelling van 24 uur is bereikt, drukt u nogmaals op de toets UITSTEL om de functie uit te schakelen.
2. Druk op de toets START/Pauze en sluit binnen 4 seconden de deur de
timer begint met aftellen.
3. Wanneer deze tijd verstreken is wordt het controlelampje uitgeschakeld
en begint het programma automatisch. Zodra er een programma is gestart kan de UITSTEL-functie niet worden ingesteld. POWER CLEAN® - Dankzij de extra krachtige stralen biedt deze functie een intensievere en krachtigere afwascyclus op de betref- fende plek in het onderste reka. Deze functie wordt aanbevolen voor het afwassen van pannen en ovenschalen. (Zie het gedeelte over Power Clean®). TIJD OP DE VLOER - De resterende tijd van het programma wordt op de vloer geprojecteerd. Telkens wanneer de deur wordt geopend gaat het licht uit. Het licht gaat uit aan het einde van een programma. Deze functie is standaard actief, maar kan worden uitgeschakeld in het “INSTELLING MENU”. ONTKALKEN – Alarm - Er is kalkaanslag geconstateerd op interne onderdelen van het apparaat. Controleer of de waterhardheid juiste is ingesteld en of er zout in het zoutreservoir zit (zie EERSTE GEBRUIK). Gebruik vervolgens een ontkalkingsmiddel (het merk WPro wordt aan- bevolen) met het programma Zelfreinigen. Na een succesvolle ontkalking wordt het symbool niet meer weergegeven. Als de bovenstaande handelingen niet worden uitgevoerd, zal het apparaat minder goed werken. De waarschuwing ‘Ontkalken’ begint te knipperen en op het display verschijnt ‘dES’. Als er nog steeds niet wordt ingegrepen, start het apparaat nog slechts enkele malen op (aangegeven met ‘dES’ op het display). Hierna start het apparaat niet meer om schade aan onderdelen te voorkomen. Alleen het programma Zelfreinigen is nog beschikbaar. Pas na een volledige ontkalking start het apparaat weer. Bij extreem veel kalkaanslag kan het nodig zijn om twee keer te ontkalken. NaturalDry - Een convectiedroogsysteem dat de deur tijdens/na de droog- fase automatisch opent voor buitengewone droogprestaties, elke dag weer. De deur gaat open bij een temperatuur die veilig is voor uw keuken- meubelen, dus niet wanneer de optie ANTIBACTERIEEL SPOELEN is inge- schakeld. Als extra bescherming tegen stoom wordt een speciaal ontwor- pen beschermingsfolie bij de vaatwasser geleverd. Raadpleeg het INSTALLATIEBOEKJE om te zien hoe u de beschermingsfolie aanbrengt. Deze functie is standaard actief, maar kan worden uitgescha- keld in het “INSTELLING MENU”. REKKEN VULLEN CAPACITEIT: 15 standaard couverts. HOOGSTE REK Het hoogste rek biedt een speciale reinigingszone voor kommen, mokken en zelfs grote bor- den en bestek die u normaal gesproken in de onderste rek- ken zou plaatsen. Hierdoor ontstaat extra ruim- te voor de rest van de vaat. Een aparte rangschikking voor het bestek maakt het oppakken na de afwas eenvoudiger en ver- betert de was- en droogprestaties. Messen en andere gebruiksvoorwerpen met scherpe randen moeten worden geplaatst met de punten naar beneden gericht. BOVENSTE REK Laden van kwetsbaar en licht vaatwerk: glazen, kopjes, schoteltjes, lage saladekommen. Het bovenste rek heeft opklapbare steunen die in een verticale positie kunnen worden gebruikt bij het schikken van thee/dessertschoteltjes of in een lagere positie om kommen en schalen te laden. (laadvoorbeeld voor het bovenste rek) DE HOOGTE VAN HET BOVENSTE REK AFSTELLEN De hoogte van het bovenste rek kan worden afge- steld: hoge stand voor groot serviesgoed in de onder- ste mand en lage stand om optimaal gebruik te ma- ken van de opklapbare steunen, door het creëren van meer ruimte naar boven en botsen met de items die in het onderste rek zijn geladen te voorkomen. Het bovenste rek is uitgerust met een hoogteverstel- ler bovenste rek (zie afbeelding , zonder op de hef- bomen te hoeven drukken, opheffen door gewoon de zijkanten van het rek vast te houden, zodra het rek sta- biel in de bovenste positie staat. Voor herstellen naar de lagere positie op de hefbomen A aan de zijkanten van het rek drukken en de mand naar beneden verplaatsen. Het is raadzaam de hoogte van het rek niet aan te passen wanneer het is geladen. NOOIT de mand slechts aan één kant verhogen of verlagen.
OPVOUWBARE KLEPPEN MET VERSTELBARE STAND
De opvouwbare kleppen aan de zijkant kunnen worden opgevouwen of opengevouwen voor een optimale rangschikking van het servies- goed in het rek. Wijnglazen kunnen veilig in de opvouwbare kleppen worden geplaatst door de steel van elk glas in de overeenkomstige sleuven in te voeren. In de hoge stand van het bovenste rek kunnen de kleppen niet in de ver- ticale stand blijven staan. Afhankelijk van het model:
- om de kleppen open te vouwen moet u ze om- hoog schuiven en roteren of ze losmaken van de klemmen en omlaag trekken.
- om de kleppen op te vouwen moet u ze roteren en omlaag schuiven of ze omhoog trekken en aan de klemmen vastmaken. ONDERSTE REK Voor potten, deksels, platen, saladekommen, bestek enz. Grote platen en deksels moeten idealiter aan de zijkanten worden geplaatst, om aanraking met de sproeierarmen te voorkomen. Het onderste rek heeft opklapbare steunen die in een verticale positie kunnen worden gebruikt bij het schik- ken van platen of in een horizontale positie (lager) om pannen en salade- kommen te laden. (laadvoorbeeld voor het onderste rek) BESTEKKORF Het is uitgerust met rasters aan de bovenkant, om het bestek beter te kunnen rangschikken. Het mag alleen aan de voorkant van het onderste rek worden geplaatst. Messen en andere gebruiks- voorwerpen met scherpe ran- den moeten in de bestekmand worden gezet met de punten naar beneden gericht of horizontaal ge- plaatst in de opklapbare compartimenten op het bovenste rek.NL Snelle Referentiegids Handleiding
REINIGING EN ONDERHOUD
LET OP: Koppel het apparaat altijd los tijdens het reinigen en bij het uit- voeren van onderhoudswerkzaamheden. Gebruik geen ontvlambare vloei-stoffen om de machine schoon te maken.DE AFWASMACHINE SCHOONMAKENAlle aanslag op de binnenkant van het apparaat kunnen worden verwijderd met een doek die is bevochtigd met water en een beetje azijn.De externe oppervlakken van de machine en het bedie-ningspaneel kunnen met een niet-schurende doek, be-vochtigd met water worden gereinigd. Gebruik geen op-losmiddelen of schuurmiddelen.VOORKOMEN VAN ONAANGENAME GEURENHoud de deur van het apparaat altijd open, om te voorkomen dat er vocht wordt gevormd dat niet uit de machine kan.Reinig de afdichtingen rond de deur en de wasmiddeldoseerbakjes re-gelmatig met een vochtige spons. Dit zal voorkomen dat er voedsel in de afdichtingen blijft zitten, de belangrijkste oorzaak achter het vormen van onaangename geuren.DE WATERTOEVOERSLANG CONTROLERENControleer de toevoerslang regelmatig op barsten of scheuren. Als deze beschadigd is vervangen door een nieuwe slang, te verkrijgen via onze Consumentenservice of uw gespecialiseerde dealer. Afhankelijk van het type slang:Als de toevoerslang een doorzichtige coating heeft, regelmatig controle-ren of de kleur plaatselijk wordt geïntensiveerd. Zo ja, is de slang wellicht lek en moet worden vervangen. Voor waterstopslangen: controleer het kleine veiligheidsklepinspectievenster.(zie pijl). Als het rood is werd de wa-terstopfunctie in gang gezet en moet de slang door een nieuwe worden vervangen. Om deze slang los te schroeven op de ontspanknop drukken, terwijl de slang wordt losgeschroefd.DE TOEVOERSLANG REINIGENAls de waterslangen nieuw zijn of een langere periode niet zijn gebruikt laat dan, voordat de benodigde aansluitingen worden uitgevoerd, het wa-ter lopen, om ervoor te zorgen het helder is en vrij van onzuiverheden. Als deze voorzorgsmaatregel niet wordt genomen kan de waterinlaat geblok-keerd worden en kan de afwasmachine beschadigd raken.HET FILTERSYSTEEM REINIGENReinig het filtersysteem regelmatig, zodat de filters niet verstoppen en het afvalwater correct weg stroomt.Het gebruik van vaatwasmachines met verstopte filters of vreemde voor-werpen in het filtersysteem of de sproeiarmen kan de slechte werking er-van en bijgevolg lagere prestaties, lawaai of een hoger verbruik van hulp-bronnen veroorzaken.Het filtersysteem bestaat uit drie filters die voedselresten uit het afwaswa-ter verwijderen en vervolgens het water opnieuw laten circuleren.De afwasmachine mag niet worden gebruikt zonder filters of als het filter is losgeraakt.Controleer tenminste eens per maand of na elke 30 cyclussen het filter-systeem en reinig het eventueel grondig onder stromend water, met een niet-metalen borstel en volgens de onderstaande instructies:
1. Draai het cilindrische filter A linksom en trek het uit (Afb. 1). Bij het te-
rugplaatsen van het filter is het belangrijk dat de twee driehoeken die op de vergroting zijn aangegeven, elkaar raken.
2. Verwijder het houderfilter B door licht op de zijkleppen te drukken (Afb. 2).
3. Schuif de roestvrij stalen plaat filter C er uit (Afb. 3).
4. Als u vreemde voorwerpen vindt (gebroken glas, porselein, beenderen, zaden van vruchten, enz.), verwijdert u ze zorgvuldig.
5. Inspecteer de sifon en verwijder eventuele voedselresten. VERWIJDER
NOOIT de pompbescherming van het wasprogramma (aangegeven door de pijl) (Afb. 4).Na het schoonmaken van het filter het filtersysteem opnieuw plaatsen en goed op zijn plaats zetten; dit is essentieel voor het behoud van de efficiën-te werking van de afwasmachine.DE SPROEIERARMEN REINIGENAf en toe kunnen er voedselresten op de sproeierarmen vastzitten en worden de openingen voor het water sproeien geblokkeerd. Het is daarom raadzaam dat u de ar-men van tijd tot tijd controleert en ze met een kleine niet-metalen borstel schoonmaakt.U kunt de bovenste sproeier al-leen samen met het spruitstuk verwijderen.Het het hoogste rek heeft een vaste waterbuis waarvan alle sproeiers naar boven zijn gericht. Om de buis schoon te maken, schuift u het rek naar bui-ten. Met een pincet kunt u dingen uit de sproeiers verwijderen.De onderste sproeierarm kan worden verwijderd door het omhoog te trekken. Trek de sproeiarm omhoog en draai hem rechtsom om hem weer te bevestigen De plafond sproeierarm kan worden verwijderd door deze omhoog te du-wen en linksom te draaien. Trek de sproeiarm omhoog en draai hem rechts-om om hem weer te bevestigen.
POWER CLEAN®Power Clean® maakt gebruik van specia-le waterstralen aan de achterzijde van de ruimte voor een intensievere reiniging van zeer vuile items. Het onderste rek heeft een lege ruimte, een speciale uittrekbare steun aan de achterzijde van het rek, die kan worden gebruikt ter onder-steuning van koekenpannen of braadpannen in verticale positie, zodat ze minder ruimte in beslag nemen. Activeer POWERCLEAN op het paneel tij- dens het plaatsen van de pannen / ovenscha-len tegenover het Power Clean® component.Power Clean® gebruiken:1. Pas het Power Clean® gebied (G) aan door de achterste bordenhouders omlaag te klappen om potten en pannen te laden.2. Laad potten, pannen en schalen verticaal gekanteld in het Power Clean® gebied. Potten en pannen moeten naar de krach-tige waterstralen toe gekanteld worden.NL Snelle Referentiegids Handleiding
Als uw vaatwasmachine niet goed werkt, doorloopt u de onderstaande lijst om te controleren u of u het probleem kunt verhelpen. Voor andere fouten of problemen neemt u contact op met de bevoegde Consumentenservice, de contactgegevens ervan vindt u in de garantieboekje. Reserveonderdelen zijn beschikbaar voor een periode van maximaal 7 of maximaal 10 jaar, afhankelijk van de regels die van toepassing zijn. PROBLEMEN OPLOSSEN PROBLEMEN
MOGELIJKE OORZAKEN OPLOSSINGEN
De zoutindicator brandt Zoutreservoir is bijna leeg. Vul het reservoir met zout (voor meer informatie - zie HET ZOUTRESERVOIR BIJVULLEN). Controleer zo nodig de instelling van de waterhardheid - zie TABEL WATERHARDHEID. De zoutindicator knippert Zoutreservoir is leeg. Vul het reservoir zo snel mogelijk met zout. Gebruik van het apparaat zonder zout kan de interne onderdelen beschadigen. Glansspoelmid- delindicator brandt of knippert Glansspoelmiddelbakje is leeg. (Na het bijvullen kan de glansspoelmiddelindicator nog even blijven branden). Vul het reservoir met een glansspoelmiddel (zie - HET GLANSSPOELMIDDELRESER- VOIR BIJVULLEN). De ontkalkings- indicator brandt of knippert; het alarm „dES” wordt weerge- geven. Er zit kalkaanslag op de interne onderdelen van het apparaat. Ontkalk het apparaat onmiddellijk met behulp van het Zelfreinigendsprogram- ma en een in de handel verkrijgbaar ontkalkingsmiddel (zie OPTIES EN FUNC- TIES). Vul het reservoir met zout. Controleer de instelling van de waterhardheid. Als het apparaat niet wordt ontkalkt, werkt het niet meer. De afwasmachine start niet of reageert niet op opdrachten. Het apparaat is niet goed aangesloten. Steek de stekker in het stopcontact. Stroomuitval. Om veiligheidsredenen start de vaatwasser niet automatisch opnieuw op wan- neer de stroom weer beschikbaar is.Open de deur van de vaatwasmachine, druk op de START/Pauze-toets en sluit de deur binnen 4 sec. De deur van de afwasmachine is niet goed ge- sloten. De pin NaturalDry is niet ingetrokken. De deur krachtig aanduwen totdat u de „klik” hoort. Een programma wordt onderbroken als de deur langer dan 4 seconden wordt geopend. Druk op START/Pauze en sluit de deur binnen 4 seconden. Het bedieningspaneel reageert niet of F6 E1 wordt weergegeven. Schakel het apparaat uit door op de toets AAN/UIT/Reset te drukken, schakel het na ongeveer een minuut weer in en start het programma opnieuw. Als het probleem niet is verholpen, trekt u de stekker van het apparaat 1 minuut uit het stopcontact en plaatst u hem weer terug. De afwasmachine pompt niet af. Weergave op het dis- play: F7 E3 of F9 E1 Filter is verstopt met voedselresten of kal- kaanslag. Reinig het filter en ontkalk het apparaat (zie HET FILTERSYSTEEM REINIGEN en ONTKALKEN). Er zit een knik in de afvoerslang. Controleer de afvoerslang (zie AANWIJZINGEN VOOR INSTALLATIE). De pijp van de gootsteenafvoer is geblokkeerd. Reinig de pijp van de gootsteenafvoer. De vaatwasser maakt veel lawaai. Het serviesgoed rammelt tegen elkaar. Rangschik het serviesgoed goed (zie REKKEN VULLEN). Er is te veel schuim aanwezig. Het vaatwasmiddel is niet goed afgemeten of het is niet geschikt voor gebruik in afwasmachines (zie HET VAATWASMIDDELDOSEERBAKJE VULLEN). Start de actuele wascyclus opnieuw: schakel de afwasmachine UIT, vervolgens terug in, selecteer een nieuw programma, druk op START/Pauze en sluit de deur binnen 4 seconden. Voeg geen vaatwasmiddel toe. Het serviesgoed is niet goed gerangschikt. Rangschik het serviesgoed goed (zie REKKEN VULLEN). Het filter is verstopt met voedselresten of kalkaanslag. Reinig het filtersysteem (zie REINIGING EN ONDERHOUD). Het vaatwerk is niet schoon. Het serviesgoed is niet goed gerangschikt. Rangschik het serviesgoed goed (zie REKKEN VULLEN). Sproeierarmen kunnen niet vrij draaien, ze worden door het serviesgoed belemmerd. Rangschik het serviesgoed goed (zie REKKEN VULLEN). Controleer of het boven- ste rek in de juiste stand staat en stel het zo nodig bij (optillen). Het wasprogramma is te zacht. Selecteer een geschikt wasprogramma (zie PROGRAMMATABEL). Er is te veel schuim aanwezig. Het vaatwasmiddel is niet goed afgemeten of het is niet geschikt voor gebruik in afwasmachines (zie HET VAATWASMIDDELDOSEERBAKJE VULLEN). De dop op het glansspoelmiddelcomparti- ment is niet goed afgesloten. Zorg ervoor dat de dop van het glansspoelmiddelbakje is gesloten. Het filter is verstopt met voedselresten of kalkaanslag. Reinig het filter en ontkalk het apparaat (zie HET FILTERSYSTEEM REINIGEN). Het zoutreservoir is leeg. Vul het zoutreservoir (zie HET ZOUTRESERVOIR BIJVULLEN). De afwasmachine vult zich niet met water. Op het scherm: H2O is verlicht; er klinkt een ge- luidsalarm.” Geen water in de watertoevoer of de kraan is gesloten. Zorg ervoor dat er water in de watertoevoer komt en dat de kraan open staat. Er zit een knik in de toevoerslang. Controleer de toevoerslang (zie INSTALLATIE). Open de deur van de vaatwasma- chine, druk op de START/Pauze-toets en sluit de deur binnen 4 sec. De zeef in de watertoevoerslang is verstopt; het moet gereinigd worden. Controleer en reinig de zeef in de watertoevoerslang. Open de deur van de vaat- wasmachine, druk op de START/Pauze-toets en sluit de deur binnen 4 sec. De vaatwasser beëin- digt het programma voortijdig. Op het scherm: F8 E3 Filter is verstopt met voedselresten of kal- kaanslag. Reinig het filter en ontkalk het apparaat (zie HET FILTERSYSTEEM REINIGEN en ONTKALKEN). De afvoerslang zit te laag of hevelt naar de riolering. Controleer of het uiteinde van de afvoerslang op de juiste hoogte is geplaatst (zie INSTALLATIE). Controleer of er naar het riool wordt geheveld en installeer zo nodig een hevelonderbreker/luchttoevoerklep. Er is te veel schuim aanwezig. Het vaatwasmiddel is niet goed afgemeten of het is niet geschikt voor gebruik in afwasmachines (zie HET VAATWASMIDDELDOSEERBAKJE VULLEN). Lucht in de watertoevoer. Controleer de watertoevoer op lekken of andere problemen die lucht binnenlaten.NL Snelle Referentiegids Handleiding
Het serviesgoed is niet goed droog. Er is geen spoelglansmiddel aanwezig of de dosering is te laag. Zorg ervoor dat het spoelglansmiddelbakje gevuld is (zie HET GLANSSPOEL- MIDDELRESERVOIR BIJVULLEN). Met multifunctionele tabletten droogt het serviesgoed niet zo goed als wanneer er een vloeibaar spoelglansmiddel wordt gebruikt. Het serviesgoed is uit het apparaat gehaald nadat de deur automatisch werd geopend, maar vóór het einde van het programma. Controleer of het programma is afgelopen voordat u het serviesgoed uit het apparaat haalt (zie DAGELIJKS GEBRUIK). Laat het serviesgoed nog 15 minuten met de deur open in de vaatwasser staan nadat het programma is afgelopen om het extra goed te laten drogen. Het serviesgoed is te vlak gerangschikt. Als er water in de holtes van kopjes, mokken of kommen blijft staan, probeer het serviesgoed dan schuiner te laden (vooral in het bovenste rek) zodat het water kan weglopen voordat het drogen begint. Het geselecteerde programma heeft geen droogfase. Controleer in de PROGRAMMATABEL of het geselecteerde programma een droogfase heeft. Programma’s zonder de droogfase drogen minder goed. Voor een goede droging is het raadzaam een programma met droogfase te kiezen. Het vaatwerk heeft een antiaanbaklaag of is van kunststof. Het is normaal dat waterdruppels op dit soort materiaal achterblijven. Er zitten blauwe stre- pen of blauwach- tige tinten op het serviesgoed. De dosering van glansspoelmiddel is te hoog. Stel de dosering lager in. Het serviesgoed is bedekt met kalk of een witachtige film. Zoutreservoir is leeg. Vul het reservoir zo snel mogelijk met zout. Gebruik van het apparaat zonder zout kan de interne onderdelen beschadigen. De waterhardheid is te laag ingesteld. Verhoog de instelling (zie TABEL WATERHARDHEID). De dop van het zoutreservoir is niet goed gesloten. Controleer en sluit de dop van het zoutreservoir. Het spoelglansmiddelreservoir is leeg of de spoelglansmiddeldosering is onvoldoende. Vul het reservoir met spoelglansmiddel en controleer de doseerinstelling (zie - HET GLANSSPOELMIDDELRESERVOIR BIJVULLEN). Op de vaatwasser staat F8 E5 De klep is geblokkeerd of defect. Sluit de kraan, indien mogelijk. Schakel de voeding niet uit. Bel de klantenservice. Lekkage van vaat- wasmiddel. Is afhankelijk van het gebruikte vloeibare vaatwasmiddel en kan duidelijker optreden als de uitsteloptie geactiveerd is. Kleine lekkages veroorzaken geen storing van de machine en kunnen worden voorkomen door het type vloeibaar vaatwasmiddel te veranderen of tabletten te gebruiken. De bedrijfsregels, standaarddocumentatie, bestellen van onderdelen en aanvullende productinformatie kunt u vinden:
- Met de QR-code op uw product.
- Op onze website docs.whirlpool.eu/docs en parts-selfservice.europeanappliances.com
- Anders, contacteer onze Klantenservice (Het telefoonnummer staat in het garantieboekje). Wanneer u contact neemt met de Klantenservice, gelieve de codes te vermelden die op het identificatieplaatje van het apparaat staan. De modelinformatie kan gevonden worden aan de hand van de QR-code die op het energielabel aangegeven is. Het label bevat ook de model-ID die kan worden gebruikt om het portaal van het register te raadplegen op https://eprel.ec.europa.eu. ®/TM/ © 2025 Whirlpool, Onder licentie geproduceerd IEC 436 :PL Instrukcja Codziennej Eksploatacji
Notice-Facile