KS 216 Lasercut - Zaag METABO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KS 216 Lasercut METABO in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KS 216 Lasercut - METABO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KS 216 Lasercut van het merk METABO.
GEBRUIKSAANWIJZING KS 216 Lasercut METABO
3. Lees deze tekst voor u
6. Het apparaat in detail.............35
Wij verklaren op onze eigen verant- woordelijkheid dat dit product overeen- stemet met de op pagina 3 vermelde normen en richtlijnen. Afbeelding zie pagina 2. – Lees de handleiding helemaal door voor u de machine in gebruik neemt. Vooral het hoofdstuk „Veiligheids
voorschriften“ verdient uw aandacht. – Deze gebruiksaanwijzing is bedoeld voor personen die ten minste be
schikken over basiskennis bij het wer- ken met apparatuur zoals hier be- schreven. Als u geen ervaring heeft met dergelijke apparatuur, doe dan eerst een beroep op de hulp van er- varen personen. – Bewaar zorgvuldig alle bij dit appa- raat geleverde documenten. Bewaar het aankoopbewijs voor eventuele ga
rantieclaims. Als u het apparaat uit- leent of doorverkoopt, moet u alle meegeleverde documentatie van het apparaat meegeven. – De fabrikant wijst alle verantwoorde- lijkheid af voor schade die ontstaat door niet-inachtneming van deze handleiding. De informatie in deze handleiding wordt als volgt gekenmerkt: AGevaar! Waarschuwing voor lichamelijk letsel of milieuschade.
Gevaar voor elektrische schok! Waarschuwing voor lichamelijke letsels door elektrische schok. cIntrekrisico! Waarschuwing voor lichamelijk letsel door meetrekken van lichaamsdelen of kledingstukken. A Attentie! Materiële schade. 3 Opmerking: Aanvullende informatie. – De getallen op de afbeeldingen aan het begin van deze handleiding – benoemen de verschillende onder- delen; – zijn doorlopend genummerd; – hebben betrekking op de overeen- komstige cijfers tussen haakjes (1), (2), (3) ... in de tekst. – Instructies voor handelingen, waarbij op de volgorde moet worden gelet, zijn doorgenummerd. – Instructies voor handelingen met wil- lekeurige volgorde hebben een punt als opsommingsteken. – Lijsten zijn gekenmerkt met een streep.
4.1 Voorgeschreven gebruik
van het systeem De Afkortzaag is geschikt voor langs- en dwarssneden, schuine sneden, ver
steksneden en dubbelversteksneden. Er mogen alleen materialen worden be- werkt waarvoor het desbetreffende zaagblad geschikt is (toegelaten zaag
bladen zie hoofdstuk "Leverbare acces- soires"). De toegelaten afmetingen van de werk- stukken mogen niet overschreden wor- den (zie hoofdstuk "Technische gege- vens"). Werkstukken met ronde of onregelmati- ge doorsnede zoals brandhout mogen niet worden gezaagd, omdat ze tijdens het zagen niet veilig kunnen worden vastgezet. Bij het smalkantzagen van vlakke werkstukken moet een geschikte aanslaghulp gebruikt worden om een veilige geleiding te garanderen. Elk ander gebruik is verboden. Niet toe- gelaten gebruik, wijzigingen aan het ap- paraat of het gebruik van onderdelen die niet goedgekeurd zijn door de fabri
kant kunnen onvoorspelbaar persoon- lijk letsel veroorzaken!
4.2 Algemene veiligheids-
voorschriften Houdt u zich bij gebruik van dit appa- raat aan de volgende veiligheidsvoor- schriften om gevaar voor personen of materiële schade te voorkomen. Houdt u zich aan de bijzondere veilig- heidsvoorschriften in de betreffende hoofdstukken. Houdt u zich eventueel aan de wette- lijke richtlijnen of ongevalpreventie- voorschriften inzake de omgang met afkortzagen. AAlgemeen gevaar! Houd uw werkplek op orde – een on- ordelijke werkplek kan ongevallen tot gevolg hebben. Houd de vloer vrij van losse partikels, zoals bijv. spaanders en snijdresten. Wees aandachtig. Let op wat u doet. Ga verstandig te werk. Gebruik de machine niet als u niet geconcen- treerd bent. Houd rekening met omgevingsinvloe- den. Zorg voor een goede verlichting van de werkplek. Zorg voor een goede lichaamshou- ding. Zorg ervoor dat u op een stevi- ge ondergrond staat en let er vooral op dat u altijd goed in evenwicht bent. Gebruik het apparaat niet in de nabij- heid van ontvlambare vloeistoffen of gassen. Het apparaat mag alleen ingescha- keld en gebruikt worden door perso- nen die vertrouwd zijn met afkortza- gen en de gevaren bij de omgang ermee.
Personen beneden de 18 jaar mogen met deze werktafel slechts werken in het kader van een beroepsopleiding en onder het voortdurend toezicht van een ervaren docent. Laat andere personen, in het bijzon- der kinderen, het elektrische apparaat of het snoer niet aanraken. Houd ze uit de buurt van de werkplek. Vermijd overbelasting – belast de werktafel niet zwaarder dan in de technische gegevens is aangegeven. Inhoud
1. Conformiteitsverklaring
2. Componenten op de over-
zichtstekening 1 Zaaggreep 2 Handgreep 3 Spanenzak 4 Transportvergrendeling 5 Laseruittrede 6 Vastzethefboom voor inclinatie- instelling 7 Werkstukaanslag 8 Tafel 9 Tafelverbreding + draaggreep 10 Vastzetgreep voor draaitafel 11 Blokkeerhefboom tafelverbreding 12 Draaitafel 13 Tafelinlegprofiel 14 Werkstukspanvoorziening 15 Snijzoneverlichting 16 Zwenkbare beschermkap 17 Zaagbladblokkering 18 Veiligheidsvergrendeling 19 Aan-/uit-schakelaar van de zaag
3. Lees deze tekst voor u
I_0010nl5A.fm 25.2.11 Origineel gebruikaanwijzing34 NEDERLANDS Gebruik het juiste elektrische appa- raat. Gebruik geen zwakke machines voor zware werkzaamheden. Gebruik het elektrische apparaat niet voor doeleinden waarvoor het niet bedoeld is. Gebruik bijvoorbeeld geen handcir
kelzaag om bouwmasten of stammen te zagen. BGevaar door elektrische stroom! Laat de werktafel niet in de regen staan. Gebruik de werktafel niet in een vochtige of natte omgeving. Vermijd dat u tijdens werkzaamheden met dit apparaat in contact komt met geaarde elementen zoals radiatoren, buizen, ovens, koelkasten. Gebruik het snoer niet voor doelein- den waarvoor het niet bedoeld is. Controleer regelmatig het aansluit- snoer van het elektrische apparaat en laat dit bij beschadiging vervangen door een erkend vakbedrijf. Controleer verlengsnoeren regelmatig en vervang deze indien ze bescha
digd zijn. AVerwondingsgevaar aan be- wegende delen! Neem dit apparaat nooit in gebruik zonder gemonteerde veiligheidsvoor
zieningen. Houd steeds voldoende afstand van het zaagblad. Gebruik desnoods ge
schikte invoerhulpmiddelen. Houd tij- dens het gebruik voldoende afstand van aangedreven onderdelen. Wacht tot het zaagblad stilstaat voor- aleer u kleine werkstukdelen, houtres- ten enz. verwijdert uit het werkbereik. Zaag alleen werkstukken die groot genoeg zijn, zodat ze bij het zagen veilig vastgeklemd kunnen worden. Gebruik de spaninrichtingen of een bankschroef om het werkstuk vast te houden. Op die manier wordt het werkstuk veiliger vastgehouden dan met de hand. Rem het uitlopende zaagblad niet af door er aan de zijkant tegenaan te drukken. Trek de stekker uit het stopcontact voor de uitvoering van instel-, onder
houds- of reparatiewerkzaamheden. Zorg dat er zich bij het inschakelen (bijvoorbeeld na onderhoudswerk
zaamheden) geen montagegereed- schap of losse onderdelen meer in het apparaat bevinden. Trek de netstekker uit als u het appa- raat niet gebruikt. Ongebruikte elektrische werktuigen moeten op een droge, hoog gelegen of afgesloten plaats worden be- waard, buiten het bereik van kinde- ren. AGevaar voor snijwonden, ook bij rechtopstaand snijwerktuig! Trek veiligheidshandschoenen aan als u snijwerktuigen moet vervangen. Bewaar de zaagbladen zo dat nie- mand zich eraan kan verwonden. AGevaar door terugslaan van de zaagkop (zaagblad blijft in het werkstuk hangen en de zaagkop schiet plots omhoog)! Kies een geschikt zaagblad voor het te snijden materiaal. Houd de handgreep stevig vast. Op het moment dat het zaagblad in het werkstuk dringt, is het terugslagge- vaar bijzonder groot. Gebruik voor het zagen van dunne werkstukken of werkstukken met dun
ne wanden uitsluitend zaagbladen met fijne tanding. Zorg ervoor dat de zaagbladen steeds scherp zijn. Zorg dat stompe zaagbladen onmiddellijk worden ver- vangen. Er bestaat verhoogd terug- slaggevaar als een stompe zaagtand in het oppervlak van het werkstuk blijft hangen. Zet het werkstuk nooit "op z’n smalle kant" (tijdens het schaven). Controleer in geval van twijfel de werkstukken op vreemde voorwer
pen (bijvoorbeeld spijkers of schroe- ven). Zaag nooit verschillende stukken – ook geen bundels met verschillende aparte stukken tegelijk. Er is gevaar voor lichamelijk letsel als aparte stuk
ken zonder steun door het zaagblad worden gegrepen. cIntrekrisico! Draag aangepaste kledij. Let erop dat tijdens het bedrijf geen lichaamsdelen of kledingstukken door roterende on- derdelen kunnen worden vastgegre- pen en ingetrokken (geen dassen, geen handschoenen, geen kledings
stukken met wijde mouwen dragen; bij lange haren in ieder geval een haarnet gebruiken). Zaag nooit werkstukken waaraan zich kabels, touwtjes, banden, snoeren of draden bevinden of die dergelijke ma- terialen bevatten. AGevaar door onvoldoende persoonlijke veiligheidsuitrusting! Draag gehoorbescherming om ge- hoordschade te vermijden. Draag een veiligheidsbril. Draag een stofmasker. Draag aangepaste werkkledij. Draag antislipschoenen. Gebruik een ademmasker bij de uit- voering van stoffige werkzaamheden. Draag handschoenen voor de om- gang met de zaagbladen en ruwe werktuigen. Draag de zaagbladen in een transportkast. AGevaar door zaagsel! Sommige soorten zaagsel (bijvoor- beeld van eiken-, beuken- en essen- hout) kunnen bij inademing kanker- verwekkend zijn. Werk uitsluitend met aangesloten afzuiginstallatie. Contro
leer of deze aangesloten is en correct gebruikt wordt. De afzuiginstallatie moet voldoen aan de in de technische gegevens vermelde waarden. Zorg ervoor dat tijdens het werken zo weinig mogelijk houtstof vrijkomt: – houtstofafzettingen in het werkbe- reik verwijderen (niet wegblazen!); – lekken in de afzuiginstallatie her- stellen; – Zorg voor een goede verluchting. AGevaar door technische wijzi- gingen aan de machine of het ge- bruik van onderdelen die niet door de fabrikant goedgekeurd zijn; die kunnen onvoorspelbaar persoonlijk letsel veroorzaken! Monteer deze werktafel zoals aange- geven in de gebruiksaanwijzing. Het gebruik van andere werktuigen en accessoires kan gevaar voor let
sels inhouden. Gebruik hiervoor uit- sluitend onderdelen die door de fabri- kant vrijgegeven werden. Dat geldt in het bijzonder voor: – Zaagbladen (zie "Leverbare acces- soires"); – Veiligheidsvoorzieningen (zie de lijst met reserveonderdelen). Breng aan deze onderdelen geen wij- zigingen aan. Let erop dat het op het zaagblad ver- melde toerental minstens even hoog is dan het op de zaag vermelde toe
rental. Gebruik alleen afstandsschijven en spilringen die geschikt zijn voor het door de fabrikant vermelde doel. AGevaar door gebreken aan het apparaat! Zorg dat het apparaat evenals het toebehoren goed onderhouden wor
den. Houd de snijdwerktuigen scherp en schoon om beter en veiliger te kunnen werken. Neem de instructies voor de smering en de werktuigwissel in acht. Controleer de machine voor het in- schakelen telkens op eventuele be- schadigingen: voor elk gebruik moet de goede werking van de veiligheids
inrichtingen en van licht beschadigde onderdelen zorgvuldig gecontroleerd worden. Controleer of de scharnieren- de onderdelen correct functioneren en niet klemmen. Alle onderdelen moeten correct gemonteerd zijn en aan alle voorwaarden voldoen om35 NEDERLANDS een feilloze bediening van het appa- raat te garanderen. Gebruik geen beschadigde of ver- vormde zaagbladen. Beschadigde veiligheidsinrichtingen of onderdelen moeten door een er
kend vakbedrijf op een deskundige manier gerepareerd of vervangen worden. Hiervoor moeten originele re- serveonderdelen worden gebruikt, an- ders kunnen ongevallen het gevolg zijn voor de gebruiker. Gebruik dit ap
paraat niet als u de schakelaar niet kan in- en uitschakelen. Zorg ervoor dat er zich geen oliën of vetten op de handgrepen bevinden en dat ze droog blijven. Trek de stekker niet aan het snoer uit het stopcontact. Bescherm het snoer tegen hitte, olie en beschadiging door scherpe randen. fGevaar door lawaai! Draag oordoppen. Let er om geluidsreducerende rede- nen op dat het zaagblad niet is krom- getrokken. Een kromgetrokken zaag- blad zorgt voor aanzienlijk meer trillingen. Dit betekent lawaai. DGevaar door laserstraling! Laserstralen kunnen zware verwondin- gen aan het oog veroorzaken. Kijk nooit in de laseruittreding. Vervang de laser niet door een laser van een ander type. Laat de laser door de fabrikant van de laser of door een geautoriseerde vertegenwoordiger re
pareren of vervangen. AGevaar door blokkerende werkstukken of werkstukdelen! Indien een blokkade optreedt:
1. Schakel het apparaat uit.
2. Trek de stekker uit het stopcontact.
3. Draag veiligheidshandschoenen.
4. Blokkering verwijderen met geschikt
4.3 Symbolen op het apparaat
AGevaar! Het negeren van de waarschuwingen kan zware verwondingen en materiële schade tot gevolg hebben.
4.4 Veiligheidsvoorzieningen
Zwenkbare beschermkap(16) De zwenkende beschermkap be- schermt tegen onvrijwillig contact met het zaagblad en tegen rondvliegende spaanders. Veiligheidsvergrendeling(18) De veiligheidsvergrendeling blokkeert de beweeglijke zaagbladafdekking: het zaagblad blijft afgedekt en de afkort- zaag kan niet worden neergelaten zo- lang de veiligheidsvergrendeling niet opzij is gezwenkt. Werkstukaanslag(7) De werkstukaanslag voorkomt dat een werkstuk bij het zagen kan worden be
wogen. De werkstukaanslag moet tij- dens het gebruik altijd gemonteerd zijn. Het extra profiel (20) aan de werkstuk- aanslag kan verschoven worden voor het zagen van lange werkstukken na het losmaken van de blokkeerschroef (21). Transportgreep monteren Schroef de transportgreep aan de zaagkop. Zorg ervoor dat de neus van de greep in de uitsparing (22) van de zaagkop grijpt. Tafelverbreding monteren
1. Neem de rechter en de linker tafel-
verbreding uit de transportverpak- king.
2. Draai de schroeven (23) aan de ge-
leiderails van de rechter en linker ta- felverbreding eruit.
3. Schuif de geleiderails van de tafel-
verbredingen helemaal in de opna- men. Denk eraan dat de lengteaan- slag (24) aan de tafelverbreding zoals afgebeeld omhoog kan wor- den geklapt.
4. Apparaat aan de voorste benen op-
tillen, voorzichtig naar achteren kan- telen en op een stabiele plek neer- zetten.
5. Draai de schroeven aan de geleide-
6. Apparaat aan de voorste benen
vastnemen, naar voren kantelen en neerzetten.
7. Stel de gewenste tafelbreedte in en
zet de tafelverbreding vast met de blokkeerhefboom (11). Opstelling Voor een veilig werken moet het appa- raat op een stabiele ondergrond wor- den bevestigd. – Als ondergrond kan of een vast ge- monteerde werkplaat of een werk- bank dienen. – De ideale hoogte van de ondergrond bedraagt 800 mm. – De stabiliteit van het apparaat moet ook tijdens het bewerken van grotere werkstukken gegarandeerd zijn. – Lange werkstukken moeten d.m.v. geschikt accessoires extra worden ondersteund. 3 Aanwijzing Voor mobiel gebruik kan het apparaat op een spaanderhout- of meubelplaat (500 mm x 500 mm, ten minste 19 mm sterk) worden. Bij de inzet moet de plaat met klemmen op een werkbak worden bevestigd.
1. Schroef het apparaat vast op de on-
druk de zaagkop een beetje omlaag en houd deze vast. Trek de trans
portbeveiliging (4) uit de diepere in- kerving (25), draai deze 90° en klik ze in de plattere inkerving (26).
3. Zwenk de zaagkop langzaam om-
4. Bewaar de verpakking voor latere
doeleinden of verwijder deze milieu
vriendelijk. Transport
2. Demonteer de aanbouwdelen die
boven het apparaat uitsteken.
Opgelet! Transporteer de zaag niet aan de vei- ligheidsinrichtingen.
3. Apparaat aan de handgreep optillen.
Aan/Uit-schakelaar motor (19) Motor inschakelen: Druk op de Aan/Uit-schakelaar en houd de schakelaar ingedrukt. Motor uitschakelen: Laat de Aan/Uit-schakelaar los. Aan/Uit-schakelaar snijzoneverlichting (27) Verlichting van de snijzone in- en uit- schakelen. Aan/Uit-schakelaar snijdlaser (28) Snijdlaser in- en uitschakelen. Inclinatie-instelling Na losmaken van de vastzethefboom (7) aan de achterkant kan de zaag trap- loos tussen 0° en 45° naar de loodlijn worden geneigd (29). AGevaar! Opdat zich de hellingshoek bij het za- gen niet kan veranderen, moet de vast- zethendel van de kiparm worden vast- getrokken. Draaitafel Na het losmaken van de vastzetgreep (10) kan de draaitafel worden versteld. Waarschuwing voor een risico- punt Niet naar het zaagblad grijpen Gebruik het apparaat niet in een vochtige of natte omgeving. Handleiding lezen Draag veiligheidsbril en oordop- pen.
5. Plaatsing en transport
6. Het apparaat in detail36
NEDERLANDS Op die manier wordt de snijhoek t.o.v. de achterste aanslag versteld. Naar elke kant is een hoek tot 47° mogelijk. De draaitafel klikt vast in de hoekstan- den 0°, 15°, 22,5°, 30° en 45°. AGevaar! Om ervoor te zorgen dat de verstekhoek bij het zagen niet verandert, moet de vastzetgreep van de draaitafel (ook op de grendelpunten!) vastgedraaid wor
ren AGevaar! Sommige soorten zaagsel (bijvoorbeeld van eiken-, beuken- en essenhout) kun
nen bij inademing kankerverwekkend zijn. – Werk alleen met de gemonteerde zaagselopvangzak of met een ge
schikte zaagselafzuiginstallatie. – Maak aanvullend gebruik van een stofveiligheidsmasker, omdat niet alle spanenstof wordt opgevangen res- pectievelijke wordt afgezogen. – Maak de zaagselopvangzak geregeld leeg. Draag bij het legen een stof
masker. Als u het apparaat met de meegelever- de zaagselopvangzak in bedrijf neemt: steekt u de zaagselopvangzak (3) op de zaagselafzuigtuit (30). Let erop dat de ritssluiting (31) van de zaagselaf- zuigzak gesloten is. Als u het apparaat op een zaagselaf- zuiginstallatie aansluit: Gebruik voor de aansluiting aan het spanenafzuigstuk een geschikte adapter. Zorg ervoor dat de zaagselafzuigin- stallatie voldoet aan de eisen die ver- meld staan in het hoofdstuk "Techni- sche gegevens". Let ook op de gebruiksaanwijzing van de zaagselafzuiginstallatie!
7.2 Werkstukspaninrichting
monteren De werkstukspanvoorziening kan in twee posities worden gemonteerd: – Voor brede werkstukken:
duw de werkstukspaninrichting in de achterste boring (33) van de tafel en fixeer deze met de vastzetschroef (34)
– Voor smalle werkstukken: maak de vastzetschroef (32) los en duw het voorste deel van de werk- stukspaninrichting in de voorste bo- ring (35) van de tafel:
BGevaar! Elektrische spanning Gebruik het apparaat alleen aan een stroombron die aan de volgende eisen beantwoordt (zie ook hoodstuk "Techni
sche gegevens"): – Netspanning en -frequentie moeten overeenstemmen met de waarden op het typeplaatje van de machine; – De groep moet beveiligd zijn door een aardlekschakelaar met een lek
stroom van 30 mA; – De stopcontacten moeten reglemen- tair geïnstalleerd zijn en een goedge- keurde aarding hebben. Het snoer moet zo gelegd worden dat de zaagwerkzaamheden niet bemoei
lijkt worden en dat het snoer niet kan worden beschadigd. Gebruik als verlengsnoer alleen rub- berkabels met voldoende doorsnede
Gebruik een verlengsnoer voor het gebruik in de openlucht. Gebruik in de openlucht alleen daarvoor goedge- keurde en gekenmerkte verlengsnoe- ren. Vermijd onnodige startprocedures. Controleer of de schakelaar bij het aansluiten van de stekker uitgescha- keld is. Controleer de veiligheidsinrichtingen, alvorens met de zaagwerkzaamhe
den te beginnen. Let steeds op een juiste houding en plaats tijdens het zagen: – neem plaats aan de voorkant van de afkortzaag; – tegenover het zaagblad; – parallel t.o.v. het zaagblad. AGevaar! Bij het zagen moet het werkstuk altijd vastgeklemd worden met de werkstuk
spaninrichting. Zaag nooit werkstukken die niet ge- spannen kunnen worden in de werk- stukspaninrichting. AKlemgevaar! Grijp bij het neigen of zwenken van de zaagkop niet in het scharnierbereik of onder het apparaat! Houd de zaagkop bij het kantelen vast. Gebruik bij het werken: – werkstuksteun – voor lange werk- stukken, als ze na het doorzagen van de tafel zouden vallen; – zaagselopvangzak of zaagselaf- zuiginstallatie. Zaag alleen werkstukken die groot genoeg zijn, zodat ze bij het zagen veilig vastgeklemd kunnen worden. Druk het werkstuk tijdens het zagen steeds op de tafel en plaats het nooit op zijn smalle kant. Probeer het zaag
blad ook nooit af te remmen door er van opzij (met een voorwerp) tegen
aan te drukken. Er bestaat gevaar voor ongevallen als het zaagblad wordt geblokkeerd.
Uitgangspositie – Transportvergrendeling uitgetrokken. – De zaagkop is naar boven gezwenkt. – De draaitafel staat op de 0°-stand, de vastzetgreep voor de draaitafel is aangetrokken. – De inclinatie van de kantelarm ten op- zichte van de loodlijn bedraagt 0°, de grendelhefboom voor de instelling van de inclinatie is vastgezet. Zagen van het werkstuk
1. Druk het werkstuk tegen de werkstu-
kaanslag en klem het vast met de werkstukspaninrichting.
2. Veiligheidsvergrendeling (18) bedie-
nen en Aan/Uit-schakelaar (19) in- gedrukt houden.
3. Laat de zaagkop aan de handgreep
dens het zagen niet te hard op het werkstuk, het motortoerental mag niet te sterk dalen.
4. Zaag het werkstuk in één beweging
5. Laat de Aan/Uit-schakelaar los en
laat de zaagkop langzaam in de bo
venste uitgangspositie terugzwen- ken.
Uitgangspositie – Transportvergrendeling uitgetrokken. – De zaagkop is naar boven gezwenkt. – De inclinatie van de kantelarm ten op- zichte van de loodlijn bedraagt 0°, de grendelhefboom voor de instelling van de inclinatie is vastgezet. Zagen van het werkstuk
1. Draai de vastzetgreep (10) van de
3. Draai de vastzetgreep van de draai-
4. Zaag het werkstuk zoals beschreven
onder "Rechte zaagsneden".
Uitgangspositie – Transportvergrendeling uitgetrokken. – De zaagkop is naar boven gezwenkt. – De draaitafel staat op de 0°-stand, de vastzetgreep voor de draaitafel is aangetrokken.
NEDERLANDS Zagen van het werkstuk
1. Maak de grendelhefboom (6) voor
inclinatie aan de achterkant van de zaag los.
3. Zet de hefboom voor instelling van
4. Zaag het werkstuk zoals beschreven
onder "Rechte zaagsneden".
8.4 Dubbele versteksneden
3 Opmerking: De dubbele versteksnede is een combi- natie van versteksnede en schuine sne- de. Dat wil zeggen dat het werkstuk schuin t.o.v. de achterste aanlegrand en schuin t.o.v. van de bovenkant ge- zaagd wordt. AGevaar! Bij de dubbele versteksnede is het zaagblad door de sterke inclinatie mak
kelijker toegankelijk - hierdoor neemt het gevaar voor verwondingen toe. Houd voldoende afstand van het zaag
blad! Uitgangspositie – Transportvergrendeling uitgetrokken. – De zaagkop is naar boven gezwenkt. – De draaitafel is geblokkeerd in de ge- wenste positie. – De kantelarm is geblokkeerd in de ge- wenste inclinatiehoek t.o.v. het werk- stukoppervlak. Zagen van het werkstuk Zaag het werkstuk zoals beschreven onder "Rechte zaagsneden". AGevaar! Voor alle onderhouds- en reinigings- werkzaamheden moet u het netsnoer uittrekken. – Service en/of onderhoudswerkzaam- heden die niet in dit hoofdstuk be- schreven staan mogen uitsluitend door vaklui uitgevoerd worden. – Beschadigde delen, in het bijzonder veiligheidsinrichtingen, alleen vervan
gen door originele onderdelen. Delen die niet door de fabrikant gecontro
leerd en vrijgegeven zijn, kunnen on- verwachte beschadigingen veroorza- ken. – Nadat u klaar bent met de service en/ of onderhoudsbeurt, moet eerst de goede werking van alle veiligheids- voorzieningen gecontroleerd worden.
9.1 Zaagblad vervangen
AGevaar van verbrandingen! Kort na het zagen kan het zaagblad zeer heet zijn. Laat een heet zaagblad eerst voldoende afkoelen. Reinig een heet zaagblad nooit met brandbare pro
ducten. ASnijgevaar ook aan het staan- de zaagblad! Bij het los- en vastdraaien van de klem- schroef moet de zwenkbare bescherm- kap over het zaagblad zijn gezwenkt. Bij het vervangen van een zaagblad moet u veiligheidshandschoenen dra- gen.
1. Fixeer de zaagkop op de bovenste
2. Om het zaagblad te vergrendelen,
de vergrendelknop (17) drukken en hierbij het zaagblad met de andere hand draaien tot de vergrendelknop vastklikt.
3. Maak de spanschroef (36) op de
zaagblad as los met de inbussleutel (linkse schroefdraad!).
4. Maak de veiligheidsvergrendeling
(18) los en schuif de beschermkap (16) omhoog en houd deze vast.
5. Neem de buitenflens (37) en het
zaagblad voorzichtig van de zaag- bladas en sluit de beschermkap weer. AGevaar! Gebruik geen schoonmaakmiddelen (bijvoorbeeld om harsresten te verwij
deren) die de lichtmetalen delen van het chassis zouden kunnen beschadi
gen. De stabiliteit van de afkortzaag zou erdoor kunnen worden aangetast.
6. Spanvlakken reinigen:
– zaagbladas (38), – zaagblad, – buitenste flens (37), – binnenflens (39). AGevaar! Breng de binnenflens correct aan! An- ders kan de zaag blokkeren of het zaagblad kan loskomen! De binnen
flens ligt correct, als de ringgroef naar het zaagblaad en de platte zijde naar de motor wijst.
7. Breng de binnenste flens (39) aan.
hoog en houd deze vast.
9. Breng een nieuw zaagblad aan – let
op de juiste draairichting: van de lin
ker (geopende) zijde gezien moet de pijl op het zaagblad overeenstem
men met de pijlrichting (40) op de zaagbladafdekking! AGevaar! Maak uitsluitend gebruik van geschikte zaagbladen, die voor het maximaal toe
rental zijn berekend (zie "Technische gegevens") bij onpassende of bescha
digde zaagbladen kunnen door de cen- trifugaalkracht onderdelen explosieach- tig worden weggeslingerd. Het is verboden om: – zaagbladen uit HSS-staal, – beschadigde zaagbladen, – slijpschijven te monteren. AGevaar! – Het zaagblad moet gemonteerd wor- den met originele fabrieksklemflenzen. – Gebruik nooit losse klemringen. Het zaagblad zou vanzelf los kunnen ko
men. – De zaagbladen moeten uitgebalan- ceerd zijn. Ze mogen niet trillen, an- ders kunnen ze tijdens het werken vanzelf loskomen. 10.Sluit de beschermkap weer. 11.Schuif de buitenflens erop – De vlakke zijde moet naar de motor wij
zen! 12.Spanschroef opschroeven (linker schroefdraad!) en handvast aan
trekken. Om het zaagblad te vergrendelen, de vergrendelingsknop indrukken en hierbij het zaagblad met de an- dere hand draaien tot de vergrende- lingsknop vastklikt. AGevaar! – U mag de steel van de sleutel niet verlengen om het zaagblad steviger vast te kunnen zetten. – Spanschroef niet door slaggen op de montagesleutel aantrekken. 13.Trek de klemschroef vast aan. 14.Controleer de goede werking. Maak hiervoor de veiligheidsvergrendeling los en klap de afkortzaak omlaag: – De zwenkbare beschermkap moet het zaagblad bij het omlaagzwen
ken vrijgeven, zonder andere on- derdelen te raken. – Bij het omhoog klappen van de zaag in de uitgangspositie moet de beschermkap automatisch het zaagblad afdekken. – Zaagblad met de hand draaien. Het zaagblad moet zich in iedere moge
lijke verstelpositie kunnen draaien, zonder andere delen te raken .
9.2 Inlegprofiel vervangen
AGevaar! Als het inlegprofiel beschadigd is, be- staat het risico dat kleine voorwerpen
9. Service en onderhoud38
NEDERLANDS tussen het inlegprofiel en het zaagblad geklemd raken en het zaagblad blokke
ren. Beschadigde inlegprofielen moeten onmiddellijk vervangen worden!
1. Verwijder de schroeven aan het in-
legprofiel (13). Draai evt. de draaita- fel en kantel de zaagkop om de schroeven te kunnen bereiken.
2. Verwijder het inlegprofiel.
3. Breng een nieuw inlegprofiel aan.
4. Draai de schroeven van het inleg-
9.3 Regel de werkstukaan-
2. Werkstukaanslag (7) zo uitrichten,
dat hij exact haaks ten opzichte van het zaagblad staat als de draaitafel op de 0-positie vastklikt.
3. Inbusbouten aantrekken.
en reinig indien nodig de het glas van de afdekking aan de buitenkant. Laser rechthoekig uitrichten
2. Draai de rechter inbusschroef (44)
en/of de linker inbusschroef (42) los of trek deze aan om de laser in een rechte hoek uit te richten. Laser zijdelings uitrichten
4. Verschuif de lasereenheid in het
slobgat: – Naar rechts = tekenlijn wordt van de bediener uit naar rechts ver
schoven. – Naar rechts = tekenlijn wordt van de bediener uit naar links verscho
9.5 Het apparaat reinigen
Verwijder zaagsel en stof met borstel of stofzuiger van/uit: – Verstelinrichtingen; – Bedieningsfuncties; – koelopening van de motor; – ruimte onder het inlegprofiel; – ruimte boven de lasereenheid.
9.6 Apparaat opbergen
AGevaar! Berg apparatuur zo op dat deze niet door onbevoegden in werking kan worden gezet. Zorg dat niemand er zich aan kan verwonden. A Opgelet! De machine mag niet in openlucht of in een vochtige ruimte opgeborgen worden. Houd rekening met de toegelaten om- gevingsomstandigheden (zie Techni- sche gegevens).
Voor elk gebruik Zaagsel met een stofzuiger of een kwast verwijderen. Controleer de stroomkabel en de stekker op beschadigingen en laat ze eventueel vervangen door een elek- tromonteur. Controleer of alle bewegende delen over het volledige bewegingsbereik vrij zijn. Regelmatig afhankelijk van de gebruiksomstandigheden Controleer alle schroefverbindingen en schroef ze eventueel vast. Controleer de terugstelfunctie van de zaagkop (de zaagkop moet onder in
vloed van de veerkracht terugkeren naar zijn bovenste uitgangspositie), eventueel vervangen. Smeer de geleidingselementen licht. – Bij lange werkstukken, gebruikt u links en rechts van de zaag een ge
schikte steun. – Bij geneigde sneden werkstuk rechts van het zaagblad vasthouden. – Bij het zagen van kleine delen een extra aanslag gebruiken (als extra aanslag kan bv een passende houten plank dienen, dat aan de aanslag van het apparaat wordt vastgeschroefd). – Bij het zagen van een gebogen (kromgetrokken) plank (46), legt u de naar buiten gebogen zijde tegen de werkstukaanslag. – Zaag werkstukken niet langs de smal- le kant, maar leg ze vlak op de draai- tafel. Voor bijzondere werkzaamheden zijn de volgende accessoires verkrijgbaar in de vakhandel – de tekeningen vindt u aan het begin van deze handleiding: A Zaagblad-hardmetaal 216 x 2,4 / 1,8 x 30 24 W voor langs- en dwarssneden in mas- sief hout. B Zaagblad-hardmetaal 216 x 2,4 / 1,8 x 30 48 W voor langs- en dwarssneden in mas- sief hout en spaanplaat. C Zaagblad-hardmetaal 216 x 2,4 / 1,8 x 30 60 FT voor langs- en dwarssneden in ge- coate platen en fineerplaten. D Zaagbladdepot voor het veilig bewaren van zaagbla- den en accessoires. E Onderhouds- en conserveringsspray om harsresten te verwijderen en me- talen oppervlakken te conserveren. F Afzuigadapter voor aansluiting van een zaagselaf- zuiginstallatie aan de zaagselafzuig- tuit. G Machinestandaard Machinestandaard en tafelverbre- ding in stabiele en robuuste con- structie. In de hoogte verstelbaar. AGevaar! Reparaties aan elektrische werktuigen mogen alleen uitgevoerd worden door elektrotechnici! Met beschadigde Metabo-apparaten kunt u zich tot uw Metabo-vertegen
woordiger wenden. Adressen zie www.metabo.com. Onderdelenlijsten kunt u downloaden op www.metabo.com. Gescheiden inzameling! Dit product mag niet samen met het normale huis
vuil worden verwijderd. Afgedankte elektronische apparatuur en accessoires bevatten grote hoeveelhe
den waardevolle grond- en kunststoffen, die ook gerecycleerd moeten worden. Alleen voor EU-landen: Gooi elektrische apparaten niet bij het huisvuil! Volgens de Euro- pese Richtlijn 2002/96/EG m.b.t. tot oude elektrische en elektroni
sche apparatuur en de omzetting ervan in de nationale wetgeving moeten verbruikte elektrische apparaten geschei- den ingezameld en op een milieuvriende- lijke verder verwerkt worden. Hieronder worden problemen en storin- gen beschreven die u zelf mag verhel- pen. Indien de hier beschreven maatre- gelen niet verder helpen, zie "Reparatie". AGevaar! Bij het verhelpen van problemen en storingen gebeuren bijzonder veel on
gevallen. Let daarom op de volgende punten: Trek het netsnoer uit het stopcontact, telkens u een storing wenst te verhel
pen. Nadat de storing verholpen is, moet u eerst de goede werking van alle vei
ligheidsvoorzieningen controleren.
Afkortzagen niet mogelijk Transportvergrendeling ingeschakeld: Transport-blokkering eruit trekken. Veiligheidsvergrendeling ingeschakeld: Veiligheidsvergrendeling losmaken. Zaagvermogen te gering Het zaagblad is bot (het zaagblad ver- toont eventueel brandvlekken opzij); Zaagblad voor het materiaal ongeschikt (zie hoofdstuk "Technische gegevens"); Het zaagblad is verbogen: Zaagblad vervangen (zie hoofdstuk "Onderhoud"). De zaag trilt hevig Het zaagblad is verbogen: Zaagblad vervangen (zie hoofdstuk "Onderhoud"). Het zaagblad is niet correct gemon- teerd: Monteer het zaagblad correct (zie hoofdstuk "Onderhoud"). De draaitafel beweegt stroef Zaagsel onder de draaitafel: Verwijder het zaagsel.
Snijsnelheid m/s 55 Doorsnede zaagblad (buiten) mm 216 Opnameboring zaagblad (binnen) mm 30 Afmetingen Apparaat volledig met verpakking (lengte × breedte × hoogte) Apparaat bedrijfsklaar, draaitafel op 90° -positie (lengte × breedte × hoogte)
480 × 530 × 350 480 × 543 × 325 Maximale doorsnede van het werkstuk: Rechte sneden - Draaitafel 0°/ kantelarm 0° Verstekzagen - Draaitafel 15° / kantelarm 0° - Draaitafel 22,5° / kantelarm 0° - Draaitafel 30° / kantelarm 0° - Draaitafel 45° / kantelarm 0° Schuine sneden - Draaitafel 0°/ kantelarm 45° Dubbele versteksneden - Draaitafel 15° / kantelarm 45° - Draaitafel 22,5° / kantelarm 45° - Draaitafel 30° / kantelarm 45° - Draaitafel 45° / kantelarm 45°
Breedte / Hoogte 120 / 60 110 / 60 105 / 60 100 / 60 80 / 60 120 / 45 110 / 45 105 / 45 100 / 45 80 / 45 Gewicht Apparaat compleet met verpakking Apparaat gebruiksklaar
12,6 9,0 Toegelaten transport- en opslagtemperatuur °C 0 tot +40° Geluidsemissie volgens EN ISO 61029-1 Geluidsdrukniveau L
Geluidsdrukniveau bij het oor van de gebruiker L
Onzekerheid K dB(A) dB (A) dB (A) 86,8 99,8 3,0 Effectieve waarde van de gewogen acceleratie volgens EN 61029-1 (trilling aan de handgreep) Vectorsom a
< 2,5 1,5 Afzuiginstallatie (niet meegeleverd): Aansluitdoorsnede afzuigstuk op de achterkant Minimaal luchtdebiet Minimale onderdruk aan afzuigmof Minimale luchtsnelheid aan afzuigmof
Snijdlaser: Laserproductklasse Laserproductnorm Max. uitgangsvermogen P Golflengte
- De vermelde waarden zijn emissiewaarden en zijn zodoende niet tevens ook veilige werkplaatswaarden. Ofschoon er een correlatie tussen emissie- en immissiewaarden bestaat, kan hieruit niet betrouwbaar worden afgeleid of bijkomende voorzorgsmaatregelen noodzakelijk zijn of niet. Factoren die het actuele immissiepeil op de werkplek beïnvloeden, omvatten de aard van de werkruimte en andere geluidsbronnen, bijv. het aantal machines en andere naburige werkprocessen. De toegelaten werkplekwaarden kunnen ook van land tot land verschillen. Deze informatie dient echter de gebruiker in staat te stellen, een betere inschatting van bedreiging en risico uit te voeren.40 ESPAÑOL
Notice-Facile