BP B3 AFIB - Bloeddrukmeter MICROLIFE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BP B3 AFIB MICROLIFE in PDF-formaat.
| Producttype | Elektronische bloeddrukmeter |
| Merk en model | Microlife BP B3 AFIB |
| Afmetingen | 138 x 94,5 x 62,5 mm |
| Gewicht (met batterijen) | 402 g |
| Hoofdvoeding | 4 alkaline AA-batterijen 1,5 V |
| Netvoeding (optie) | DC-adapter 6 V, 600 mA (Microlife) |
| Meetmethode | Oscillometrisch (Korotkoff fasen I/V) |
| Meetbereik druk | 20 – 280 mmHg |
| Meetbereik pols | 40 – 199 slagen/min |
| Nauwkeurigheid druk | ± 3 mmHg |
| Nauwkeurigheid pols | ± 5 % van de afgelezen waarde |
| Display | LCD-scherm met datum/tijd, drukken, pols, IHB-, AFIB-, MAM-indicatoren, classificatie, batterijstatus |
| Hoofdfuncties | Enkele meting, MAM-modus (3 automatische metingen), detectie van boezemfibrilleren (AFIB), detectie van onregelmatig ritme (IHB), kleurcode-evaluatie (groen/geel/rood) |
| Geheugen | 99 metingen met datum/tijd, berekend gemiddelde |
| Meegeleverde manchet | Maat M (22-32 cm), andere maten beschikbaar |
| Werking | Automatisch oppompen, automatisch stoppen, handmatig oppompen mogelijk |
| Gebruiksomstandigheden | Temperatuur 10-40 °C, relatieve luchtvochtigheid max. 15-90 % |
| Opslagomstandigheden | Temperatuur -20 tot +55 °C, relatieve luchtvochtigheid max. 15-90 % |
| Garantie | 5 jaar (apparaat), 2 jaar (manchet) |
| Onderhoud | Reinigen met een droge doek; manchet handwasbaar (max. 30 °C, zonder wasverzachter) |
| Normen en veiligheid | Medisch hulpmiddel CE, EM-compatibel, IP20, gecontra-indiceerd bij kinderen jonger dan 12 jaar |
Veelgestelde vragen - BP B3 AFIB MICROLIFE
Gebruikersvragen over BP B3 AFIB MICROLIFE
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Bloeddrukmeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BP B3 AFIB - MICROLIFE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BP B3 AFIB van het merk MICROLIFE.
GEBRUIKSAANWIJZING BP B3 AFIB MICROLIFE
① AAN/UIT knop
② Display
③ M-knop (geheugen)
④ MAM knop
⑤ Manchetaansluiting
⑥ Adapteraansluiting
⑦ Batterijcompartiment
⑧ Manchet
⑨ Manchetconnector
⑩ Manchetslang
Weergave
⑪ Datum/tijd
⑫ Systolische waarde
⑬ Diastolische waarde
⑭ Hartslagfrequentie
⑮ MAM Mode
⑯ Opgeslagen waarden
⑰ Batterijweergave
⑱ Manchetcontrole indicator
-A: Manchetpostitie check
-B: Armbeweging symbool «Err 2»
-C:Manchetdruk symbool «Err 3»
⑲ Manchet signaal controle «Err 1»
⑳ Onregelmatige hartslag (IHB) symbool
②1 Atriumfibrilleren detectie (AFIB)
②2 Verkeerslichtweergave indicator
②3 Hartslag

Lees de belangrijke informatie in deze gebruiksaanwijzing voordat u dit apparaat gebruikt. Volg de gebruiksaanwijzing voor uw veiligheid en bewaar deze voor toekomstig gebruik.

Geleverd onderdeel type BF

Droog houden

Fabrikant

Batterijen en elektronische instrumenten moeten volgens de plaatselijke regelgeving worden verwijderd, niet bij het huishoudelijke afval.

Geautoriseerde vertegenwoordiger in Europa

Catalogusnummer

Serienummer(JJJJ-MM-DD-SSSSS; jaar-maand-dag-serienummer)

Let op!

Maximale vochtigheidsgraad

Maximale temperatuur

Medisch apparaat

Buiten bereik van kleine kinderen van 0-3 jaar houden
C€0044
CE Markering van Conformiteit
Het bedoelde gebruik:
Deze oscillometrische bloeddrukmonitor is bedoeld voor het non-invasief meten van bloeddruk bij personen van 12 jaar of ouder. Dit apparaat is klinisch gevalideerd voor patiënten met hypertensie, hypotensie, diabetes, zwangerschap, pre-eclampsie, atherosclerose, eindstadium nierziekte, obesitas en voor ouderen. Het apparaat kan een onregelmatige hartslag detecteren die wijst op atriumfibrilleren (AF). Neem in acht, dat het apparaat niet bedoeld is om een diagnose te stellen van AF. Een diagnose van
AF kan alleen worden bevestigd met een ECG. De patiënt wordt geadviseerd een arts te raadplegen.
Geachte klant,
Deze bloeddrukmonitor is in samenwerking met artsen ontwikkeld en klinische validatiestudies hebben aangetoond dat de meet-nauwkeurigheid bijzonder hoog is.*
De Microlife bloeddrukmonitor met AFIBsens technologie is 's werelds meest toonaangevende meettechniek voor het vroegtijdigopsporen van atriumfibrilleren (AF) en/of arterial hypertensie. Dit zijn twee belangrijke risicofactoren voor het krijgen van een beroerte en/of hart-en vaatziekten in de toekomst. Voor zowel hetdetecteren van atriumfibrilleren als hypertensie is het zeer belangrijk dat dit in een vroeg stadium gebeurd, ook al zijn er geen symptomen. AF screening in het algemeen, dus ook met het Microlife AFIB algoritme, wordt aanbevolen voor personen van 65 jaar of ouder. Het AFIB algoritme geeft een indicatie dat er sprake kan zijn van atriumfibrilleren. Het is dan ook aanbevolen om uw arts tebezoeken wanneer het apparaat een AFIB symbool weergeeft nade bloeddrukmetingen. Het AFIB algoritme van de Microlife bloeddrukmonitor is uitvoerig onderzocht in diverse klinische studies waarmee is aangetoond dat het apparaat atriumfibrilleren detecteert met een sensitiviteit van 97-100%. ^1,2
Mocht u vragen hebben of wanneer u reserveonderdelen wilt bestellen, neemt u dan contact op met uw Microlife importeur. De verkoper zal u het adres van de Microlife importeur in uw land geven. Natuurlijk kunt u ook de website www.microlife.nl raadplegen, waar u waardevolle informatie kunt vinden over onze producten.
Blijf gezond – Microlife AG!
* Dit apparaat gebruikt o.a. dezelfde meettechnologie als het gevalideerde model «BP 3BTO-A» getest conform het British and Irish Hypertension Society (BIHS) protocol.
- De weergave van het AFIB symbool (alleen actief in MAM modus)
Wat is atriumfibrillatie?
Wie zou zich moeten screenen op atrumfibrilleren?
Risicofactoren die u zelf onder controle kunt krijgen
- Eerste gebruik van het apparaat
Plaatsen van de batterijen
Instellen van datum en tijd
Selecteer de juiste manchet
Selecteren van de standaardmodus of MAM modus
-
Stappenplan voor een betrouwbare bloeddrukmeting
-
Bloeddruk meten
Handmatig de inflatie instellen
Een meting uitvoeren zonder deze op te slaan
Hoe meet ik mijn bloeddruk?
Uiterlijk van het symbool voor onregelmatige hartslag (IHB)
- Geheugenopslag
Bekijken van de opgeslagen waarden
Wis alle waarden
- Batterij-indicator en batterijvervanging
Batterijen bijna leeg
Batterijen leeg – vervanging
Welke batterijen en welke werkwijze?
Gebruik van oplaadbare batterijen
-
Gebruik van een netadapter
-
Foutmeldingen
-
Veiligheid, onderhoud, nauwkeurigheidstest en verwijdering
Apparaatonderhoud
Reinig de manchet
Nauwkeurigheidstest
Verwijdering
-
Garantie
-
Technische specificaties
-
De weergave van het AFIB symbool (alleen actief in MAM modus)
Dit apparaat is in staat om atriumfibrilleren (AF) op te sporen. Dit symbool ②1 geeft aan dat atriumfibrilleren werd gedetecteerd tijdens de metingen. Lees de volgende paragraaf voor informatie over het raadplegen van uw arts.
Informatie voor de dokter bij het consistent verschijnen van het AFIB symbool
Dit apparaat is een oscillometrische automatische bloeddruk-monitor die tevens onregelmatigheid in de hartslagfrequentie registreert. Dit apparaat is klinisch gevalideerd.
Het AFIB symbool wordt weergegeven na de meting indien atriumfibrilleren optreedt tijdens het meten. Indien het AFIB symbool in het display verschijnt na een volledige meetsessie (drievoudige meting), wordt geadviseerd een uur te wachten en de meetsessie te herhalen. Indien het AFIB symbool wederom verschijnt in het display, adviseren wij u medisch advies in te winnen.
Indien het AFIB symbool wordt weergegeven in het scherm van de bloeddrukmonitor, is het een indicatie voor een mogelijke aanwezigheid van atriumfibrilleren. Echter, de diagnose atrium-fibrilleren kan enkel worden gesteld door een cardioloog met behulp van een ECG interpretatie.
Hou de arm stil tijdens de meting om foutmeldingen te voorkomen.
Personen met een pacemaker of defibrillator (ICD) is het mogelijk dat er geen of foutief atriumfibrilleren wordt gedetecteerd met dit apparaat.
Indien atriumfibrilleren aanwezig is kan de diastolische bloeddruk niet nauwkeurig zijn.
Indien atriumfibrilleren aanwezig is het advies om de bloed-druk te meten in MAM-mode.
Wat is atriumfibrillatie?
Normaal gesproken, trekt het hart zich samen en ontpant met regelmaat. Atriumfibrilleren treedt op doordat snelle, onregelmatige elektrische signalen door de bovenste hartkamers gaan (atria of boezems), en voor onregelmatig samentrekken zorgt (dit heet fibrillatie). Boezemfibrilleren is de meest voorkomende vorm van hartaritmie. Het veroorzaakt vaak geen symptomen, maar verhoogt wel het risico op een beroerte. Een arts kan u adviseren welke behandeling nodig is om de risico's te beperken.
Wie zou zich moeten screenen op atrumfibrilleren?
AF screening wordt aanbevolen voor personen ouder dan 65 jaar, gezien de kans op het krijgen van een beroerte toeneemt naarmate men ouder wordt. AF screening wordt ook aanbevolen voor personen ouder dan 50 jaar met hoge bloeddruk (bijv. SYS hoger dan 159 of DIA hoger dan 99), diabetespatiënten, patiënten met hartfalen of personen die eerder een beroerte hebben gehad. Jonge personen of gedurende een zwangerschap wordt het niet aanbevolen om op AF te screenen, gezien het fout-positieve resultaten kan genereren en onnodig angst kan veroorzaken. Ter aanvulling, jongere personen met AF hebben een laag risico op het krijgen van een beroerte ten opzichte van oudere personen.
Risicofactoren die u zelf onder controle kunt krijgen
Een vroege diagnose en adequate behandeling kan het risico op het krijgen van een beroerte significant reduceren. Regelmatig uw bloeddruk meten en screenen op AF, is een eerste stap richting een pro-actieve preventie tegen een beroerte.
Bezoek onze website voor meer informatie: www.microlife.com/afib.
2. Eerste gebruik van het apparaat
Plaatsen van de batterijen
Nadat u het apparaat heeft uitgepakt, plaatst u eerst de batterijen. Het batterijcompartiment ⑦ bevindt zich aan de onderzijde van het apparaat. Plaats de batterijen (4 x 1.5 V, grootte AA), let hierbij op de aangegeven polariteit.
Instellen van datum en tijd
- Nadat de batterijen zijn geplaatst knippert het jaartal in het scherm. U kunt het jaar instellen door op de M-knop ③ te drukken. Om te bevestigen en vervolgens de maand in te stellen, drukt u op de MAM-knop ④.
- Nu kunt u de maand instellen met de M-knop. Druk op de MAM knop om te bevestigen en stel dan de dag in.
- Volg de bovenstaande instructies om dag, uur en minuten in te stellen.
- Zodra u de minuten heeft ingesteld en de MAMknop indrukt, zijn de datum en tijd ingesteld en wordt de tijd weergegeven.
- Als u de datum en de tijd wilt veranderen, houdt u de MAMknop ingedrukt gedurende ca. 3 seconden totdat het jaartal begint te knipperen. Nu kunt u nieuwe waarden invoeren zoals hierboven beschreven.
Selecteer de juiste manchet
Microlife heeft manchetten in verschillende maten. Selecteer de manchetgrootte die overeenkomt met de omtrek van uw bovenarm (de gemeten omtrek rond het midden van de bovenarm).
| Manchetgrootte voor omtrek van de bovenarm | |
| S 17 - 22 cm | |
| M 22 - 32 cm | |
| M - L 22 - 42 cm | |
| L 32 - 42 cm | |
| L - XL 32 - 52 cm | |
Voorgevormde manchetten zijn optioneel verkrijgbaar.
Gebruik alleen Microlife manchetten!
▶ Neem contact op met uw Microlife importeur, als de bijgesloten manchet ⑧ niet past.
Bevestig de manchet aan het apparaat middels de manchet-connector ⑨ duw de connector ⑤ zo ver als mogelijk in het apparaat.
Selecteren van de standaardmodus of MAM modus
Voor elke meting kunt u kiezen tussen of een standaard (enkelvoudige) meting of een MAM (automatische drievoudige) meting. In de MAM modus worden automatisch 3 metingen gestart en het resultaat wordt automatisch geanalyseerd en weergegeven. Aangezien de bloeddruk variabel is, is een drievoudige meting betrouwbaarder dan een enkele meting.
- Om de MAM modus te selecteren, druk op de MAM knop ④ tot het MAM-symbol ⑮ in het display verschijnt. Om de standaard modus (enkele meting) te selecteren, druk nogmaals op de MAM knop, totdat het MAM symbol verdwijnt.
- Het gedeelte rechtsonder in het display toont een 1, 2 of 3 om aan te geven welke van de 3 metingen momenteel genomen wordt.
- Tussen de metingen wordt een rusttijd van 15 seconden aangehouden. Het aftellen wordt weergegeven in het scherm.
- De individuele resultaten worden niet weergegeven. Uw bloeddruk zal alleen worden getoond nadat alle 3 de metingen zijn verricht.
• Verwijder de manchet niet tussen de metingen.
- Als een van de afzonderlijke metingen twijfelachtig was, dan wordt een vierde automatisch genomen.
AFIB detectie wordt alleen in de MAM modus geactiveerd.
3. Stappenplan voor een betrouwbare bloeddrukmeting
▶ Vermijd activiteit, eten of roken vlak vóór een meting.
- Ga zitten op een stoel met rugsteun en ontspan voor 5 minuten. Houd uw voeten naast elkaar op de grond en zit niet met de benen over elkaar.
- Meet altijd aan dezelfde arm (normaal links). Het wordt aanbevolen dat artsen bij een eerste bezoek van een patiënt beide armen meet om de te meten arm te bepalen. Aan de arm met de hogere bloeddruk moet worden gemeten.
Verwijder de kleding die de bovenarm bedekt, mouwen moeten niet worden opgerold om afklemmen te voorkomen.
Zorg er altijd voor dat de juiste manchetmaat wordt gebruikt (markering arm omtrek staat vermeld op het manchet).
- Bevestig de manchet om de arm, maar niet te strak.
- Zorg ervoor dat de manchet 1-2 cm boven uw elleboog is geplaatst.
- De artery mark op de manchet (ca. 3 cm lange bar) dient op de ader van de arm (binnenkant) te worden gelegd.
- Ondersteun uw arm zodat deze ontspannen is.
• Zorg dat de manchet op dezelfde hoogte is als uw hart.
4. Bloeddruk meten
- Selecteer de standaard (enkelvoudige meting) of MAM modus (automatisch drievoudige meting): zie hoofdstuk 2.».
- Druk op de AAN/UIT knop ① om de meting te starten.
- De manchet wordt nu automatisch opgeblazen. Ontspan, beweeg niet en span uw armspieren niet totdat het meetresultaat wordt getoond. Adem normaal en praat niet.
- Als het manchet correct is geplaatst verschijnt het Manchetcontrole indicator ⑱ symbol in het scherm. Wanneer het symbool Manchetpositie controle ⑱-A in beeld verschijnt, is de manchet matig geplaatst maar kan er nog steeds een correcte bloeddrukmeting verricht worden.
-
Wanneer de juiste druk is bereikt, stopt het pompen en daalt de druk langzaam. Als de gewenste druk niet werd bereikt, zal het apparaat automatisch meer lucht in de manchet pompen.
-
Tijdens de meting knippert het hartslag symbool ②3 op het scherm.
- Het resultaat, inclusief de systolische ⑫ en de diastolische ⑬ bloeddruk en de hartslagfrequentie ⑭ wordt weergegeven. Raadpleeg ook deze handleiding voor uitleg van de overige weergaven.
- Indien de meting klaar is, verwijder de manchet.
- Schakel het apparaat uit. (De monitor gaat automatisch uit na ongeveer. 1 min.).
AFIB detectie wordt alleen in de MAM modus geactiveerd.
U kunt de meting op elk gewenst moment beëindigen door op de AAN/UIT knop te drukken (bijv. wanneer u een ongemakkelijke of een onplezierige druk voelt).
Deze meter is speciaal getest voor gebruik tijdens zwangerschap en pre-eclampsie. Wanneer u ongewoon hoge metingen registreert, zou u de meting een tijd later moeten herhalen (bijv. 1 uur). Indien de meting nog steeds te hoog is, raadpleeg dan uw arts of gynaecoloog.
Tijdens de zwangerschap kan het AFIB symbool worden genegeerd.
Handmatig de inflatie instellen
In het geval van een hoge systolische bloeddruk (bijv. boven 135 mmHg) kan het een voordeel zijn om de druk handmatig in te stellen. Druk op de AAN/UIT knop wanneer de bloeddrukmeter is opgepompt tot ongeveer 30mmHg. Houd de knop ingedrukt totdat de druk ongeveer 40 mmHg hoger is dan de verwachte systolische waard en laat dan de knop los.
Een meting uitvoeren zonder deze op te slaan
Zodra de meting is uitgevoerd en het resultaat wordt weergegevenin het display houdt u de AAN/UIT knop ① ingedrukt totdat de «M» ⑯ in het display verschijnt. Druk dan vervolgens op de MAM-knop ④ en de meting wordt verwijderd en niet opgeslagen.
Wanneer de meting succesvol is verwijdert, verschijnt «CL» in het display.
Hoe meet ik mijn bloeddruk?
Het driehoekige symbool, links in het display ② geldt voor de classificatie van thuis gemeten bloeddrukwaarden bij volwassenen in overeenstemming met de internationale richtlijnen (ESH, ESC,
JSH). De bloeddrukwaarde: Optimaal (groen), verhoogd (geel) of te hoog (rood). Waarden in mmHg.
| Bereik Systolisch Diastolisch Advies | ||||
| 1. | bloeddruk te hoog | ≥ 135 ≥ 85 Win medisch | advies in | |
| 2. | bloeddruk verhoogd | 130 - 134 80 - 84 Zelfcontrole | ||
| 3. | bloeddruk normaal | <130 <80 Zelfcontrole | ||
De evaluatie van de waarden zijn conform de tabel. Bijvoorbeeld: een waarde van de bloeddruk van 140/80 mmHg of een waarde van 130/90 mmHg toont «bloeddruk te hoog».
Uiterlijk van het symbool voor onregelmatige hartslag (IHB) Dit symbool 20 geeft aan dat er een onregelmatige hartslag is gedetecteerd. In dit geval kan de gemeten bloeddruk afwijken van uw werkelijke bloeddrukwaarden. Het wordt aanbevolen om de meting te herhalen.
Informatie voor de arts in geval van het herhaaldelijk verschijnen van het IHB-symbool
Dit apparaat is een oscillometrische bloeddrukmeter die ook de pols meet tijdens bloeddrukmeting en aangeeft wanneer de hartslag onregelmatig is.
In de MAM-modus wordt er ook op Atriumfibrilleren (AF)gecontroleerd: volg de aanwijzingen in hoofdstuk «1.».
Indien dit symbool verschijnt, selecteer de MAM-modus en meet opnieuw: lees meer in hoofdstuk ««2. Eerste gebruik van het apparaat»».
5. Geheugenopslag
Dit apparaat slaat de laatste 99 meetwaarden op.
Bekijken van de opgeslagen waarden
Druk op de M-knop ③, wanneer het apparaat is uitgeschakeld. De weergave toont eerst «M» ⑯ en «A», wat staat voor het gemiddelde van alle opgeslagen waarden.
Wederom op de M-knop drukken toont de vorige waarde. Door nogmaals op de M-knop te drukken, kunt u door de meetresultaten heen bladeren.
Bloeddrukmetingen met een matige manchetpostitie 18-A worden niet meegenomen in de gemiddelde waarde.
Let op dat de maximale geheugencapaciteit bedraagt 99 metingen. Wanneer het geheugen vol is zal de oudste meting automatisch overschreven worden. Om gegevensverlies te voorkomen, moeten waarden worden geëvalueerd door een arts voordat de maximale geheugencapaciteit is bereikt.
Wis alle waarden
Als u zeker weet dat u alle opgeslagen waarden permanent wilt verwijderen, houdt u de M-knop ingedrukt (schakel het apparaat eerst uit) tot «CL ALL» verschijnt en laat dan de knop los. Om het geheugen permanent te wissen, drukt u op de MAMknop terwijl «CL ALL» knippert. Individuele metingen kunnen niet worden gewist.
Annuleer verwijderen: druk op de AAN/UIT toets ① terwijl «CL ALL» knippert.
6. Batterij-indicator en batterijvervanging
Batterijen bijna leeg
Wanneer de batterijen ongeveer 3/4 verbruikt zijn zal het batterijsymbool 17 knipperen zodra het apparaat ingeschakeld is (gedeeltelijk geladen batterij wordt weergegeven). Alhoewel het apparaat door zal gaan met betrouwbaar meten moet u batterijen weldra vervangen.
Batterijen leeg – vervanging
Wanneer de batterijen leeg zijn, zal het batterijsymbool ⑰ knipperen zodra het apparaat ingeschakeld is (lege batterij weergegeven). U kunt niet verder meten en moet de batterijen vervangen.
- Open het batterijvakje ⑦ aan de achterzijde van het apparaat.
- Vervang de batterijen – controleer de juiste polariteit zoals getoond door de symbolen in het compartiment.
- Om de datum en de tijd in te stellen volg de procedure zoals beschreven in Paragraaf «2. Eerste gebruik van het apparaat».
Het geheugen bevat alle waarden alhoewel datum en tijd gereset moeten worden – het jaartal knippert daarom automatisch nadat de batterijen zijn vervangen.
Welke batterijen en welke werkwijze?
Gebruik 4 nieuwe, long-life 1,5V, type AA alkaline batterijen.
Gebruik geen batterijen waarvan de uiterste verkoopdatum is verstreken.
Verwijder de batterijen als het apparaat voor een langere tijd niet gebruikt gaat worden.
Gebruik van oplaadbare batterijen
U kunt voor dit apparaat ook oplaadbare batterijen gebruiken.
Gebruik a.u.b. alleen type «NiMH» oplaadbare batterijen!
De batterijen moeten worden verwijderd en opgeladen, als het batterijsymbool (batterij leeg) verschijnt! Ze moeten niet in het apparaat blijven, omdat ze beschadigd kunnen raken (volledige ontlading tengevolge van een minimaal gebruik van het apparaat, zelfs wanneer het uitstaat).
Verwijder altijd de oplaadbare batterijen, als u niet van plan bent het apparaat voor een week of langer te gebruiken!
De batterijen kunnen NIET worden opgeladen in de bloed-drukmonitor! Laad deze batterijen op in een externe oplader en houdt u aan de informatie met betrekking tot het opladen, onderhoud en duurzaamheid!
7. Gebruik van een netadapter
U kunt dit apparaat met de Microlife netadapter (DC 6V, 600 mA) gebruiken.
Gebruik alleen de origineel beschikbare Microlife netadapter voor uw voedingsspanning.
Controleer dat zowel de netadapter als de kabel niet beschadigd zijn.
- Steek de adapter kabel in de netadapteraansluiting ⑥ van de bloeddrukmonitor.
- Steek de netadapterstekker in de wandcontactdoos.
Wanneer de netadapter is aangesloten, wordt er geen batterijstroom gebruikt.
8. Foutmeldingen
Als er een fout optreedt, wordt de meting onderbroken en wordt een foutmelding, b.v. «Err 3», weergegeven.
| Fout Beschrijving Mogelijke oorzaak en oplossing | ||
| «Err 1»19 | Signaal te zwak | De polsslag wordt onvoldoende doorgegeven door de manchet. Plaats de manchet opnieuw en herhaal de meting.* |
| «Err 2»18-B | Foutmelding Tijdens het meten zijn er fouten ontstaan, door bijvoorbeeld een beweging of samentrekking van een spier. Herhaal de meting terwijl u uw arm stil houdt. | |
| «Err 3»18-C | Abnormale manchet druk | Een adequate druk kan niet in de manchet worden geproduceerd. Er kan een lek in het manchet zijn. Controleer of de manchet goed is aangesloten en niet te los om de arm zit. Vervang de batterijen indien nodig. Herhaal de meting. |
| «Err 5» Abnormaal resultaat | De meetsignalen zijn onbetrouwbaar en daarom kan geen resultaat worden weergegeven. Lees voor het uitvoeren van betrouwbare metingen de checklist door en herhaal de meting.* | |
| «Err 6» MAM Modus Er waren teveel fouten tijdens het meten in MAM mode, wat het onmogelijk maakt om een betrouwbaar resultaat weer te geven. Lees voor het uitvoeren van betrouwbare metingen de checklist door en herhaal de meting.* | ||
| «HI» Hartslag of manchetdruk te hoog | De druk in de manchet is te hoog (boven 299 mmHg) OF de hartslag-frequentie is te hoog (boven 200 slagen per minuut). Ontspan gedurende 5 minuten en herhaal de meting.* | |
| Fout Beschrijving Mogelijke oorzaak en oplossing | ||
| «LO» Polsslag te laag | De hartslagfrequentie is te laag (minder dan 40 slagen per minuut). Herhaal de meting.* | |
* Neem a.u.b. onmiddelijk contact op met uw arts wanneer dit of enig ander probleem vaker optreedt.
9. Veiligheid, onderhoud, nauwkeurigheidstest en verwijdering

Veiligheid en bescherming
- Volg de instructies voor correct gebruik. Deze documentatie voorziet u van belangrijke bedienings- en veiligheidsvoorschriften betreffende dit apparaat. Lees de documentatie zorgvuldig door vóór ingebruikname van het apparaat en bewaar het voor latere raadpleging.
- Dit apparaat mag uitsluitend worden gebruikt voor het doel zoals in de gebruiksaanwijzing beschreven. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade veroorzaakt door onjuist gebruik.
- Dit apparaat bevat gevoelige componenten en moet met voorzichtigheid worden behandeld. Neem de bewaar- en bedieningsvoorschriften in acht, zoals beschreven in het hoofdstuk «Technische specificaties»!
- De manchet is kwetsbaar en moet met zorgvuldigheid worden behandeld.
- Alleen de manchet oppompen wanneer het aan de arm is aangebracht.
- Gebruik het apparaat niet wanneer u vermoedt dat het beschadigd is of wanneer u tijdens het gebruik iets ongebruikelijks constateert.
- Open het apparaat nooit.
- Lees de verdere veiligheidsinstructies in de afzonderlijke paragrafen van dit boekje.
- De gemeten resultaten met dit apparaat stellen geen diagnose. Het vervangt geen conslutatie van een arts, zeker niet wanneer symptomen niet overeenkomen. Vertouw niet enkel op het meetresultaat, neem altijd de overige symptomen in beschouwing, evenals de terugkoppling van de patient. Bij twijfel altijd contact opnemen met uw arts.

Laat kinderen het apparaat alleen onder toezicht van een volwassene gebruiken. Kleine onderdelen kunnen worden ingeslikt. Wees alert op het gevaar van verstrengeling, indien het apparaat is voorzien van kabels of slangen.
Contra-indicaties

Gebruik dit apparaat niet als de toestand van de patiënt aan de volgende contra-indicaties voldoet, om onnauwkeurige metingen of verwondingen te voorkomen.
- Het apparaat is niet bedoeld voor het meten van de bloeddruk bij pediatricische patiënten jonger dan 12 jaar (kinderen, zuigelingen of pasgeborenen).
- De aanwezigheid van significante hartritmestoornissen tijdens de meting kan de bloeddrukmeting verstoren en de betrouwbaarheid van de bloeddrukmetingen beïnvloeden. Overleg met uw arts of het apparaat in dit geval geschikt is voor gebruik.
- Het apparaat meet de bloeddruk met behulp van een drukmanchet. Als de ledematen die gemeten worden verwondingen hebben (bijvoorbeeld open wonden) of onder omstandigheden of behandelingen (bijvoorbeeld intraveneuze infusie) waardoor het ongeschikt is voor contact met het oppervlak of druktoepassing, gebruik het apparaat dan niet om verergering van de verwondingen of omstandigheden te voorkomen.
- Bewegingen van de patiënt tijdens de meting kunnen het meetproces verstoren en de resultaten beïnvloeden.
- Vermijd het meten van patiënten met aandoeningen, ziekten en patiënten die vatbaar zijn voor omgevingscondities die leiden tot oncontroleerbare bewegingen (bijvoorbeeld trillen of beven) en patiënten die niet duidelijk kunnen communiceren (bijvoorbeeld kinderen en bewusteloze patiënten).
- Het apparaat gebruikt een oscillometrische methode om de bloeddruk te bepalen. De arm die wordt gemeten, moet een normale perfusie hebben. Het apparaat is niet bedoeld voor gebruik op een ledemaat met een beperkte of verstoorde bloedcirculatie. Als u last heeft van doorbloedings- of bloedziekten, raadpleeg dan uw arts voordat u het apparaat gebruikt.
- Vermijd metingen op de arm aan de kant van een borstamputatie of lymfeklierverwijdering.
- Gebruik dit apparaat niet in een bewegend voertuig (bijvoorbeeld in een auto of vliegtuig).
WAARSCHUWING
Geeft een mogelijk gevaarlijke situatie aan die, indien niet vermeden, kan leiden tot de dood of ernstig letsel.
- Dit apparaat mag alleen worden gebruikt voor het beoogde gebruik dat in deze gebruiksaanwijzing wordt beschreven. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade veroorzaakt door een onjuiste toepassing.
- Verander de medicatie en behandeling van de patiënt niet op basis van het resultaat van een of meerdere metingen. Veranderingen in behandeling en medicatie mogen alleen worden voorgeschreven door een medische professional.
- Inspecteer het apparaat, de manchet en andere onderdelen op schade. GEBRUIK het apparaat, de manchet of onderdelen NIET als deze beschadigd lijken of abnormaal werken.
- De bloedstroom van de arm wordt tijdens de meting tijdelijk onderbroken. Langdurige onderbreking van de bloedstroom vermindert de perifere circulatie en kan weefselbeschadiging veroorzaken. Pas op voor tekenen (bijvoorbeeld weefselverkleuring) van een belemmerde perifere circulatie als u continu of gedurende langere tijd metingen verricht.
- Langdurige blootstelling aan manchetdruk zal perifere perfusie verminderen en kan leiden tot letsel. Vermijd situaties van verlengde manchetdruk die verder gaat dan normale metingen. In het geval van een abnormaal lange drukuitoefening breekt u de meting af of maakt u de manchet los om de druk in de manchet te verminderen.
- Gebruik dit apparaat niet in een zuurstofrijke omgeving of in de buurt van ontvlambaar gas.
- Het apparaat is niet waterbestendig of waterdicht. Mors niet op het apparaat en dompel het niet onder in water of andere vloeistoffen.
- Haal het apparaat, accessoires en onderdelen niet uit elkaar en probeer het niet te repareren tijdens gebruik of opslag.
Toegang tot de interne hardware en software van het apparaat is verboden. Ongeautoriseerde toegang tot en onderhoud van het apparaat tijdens gebruik of opslag kan de veiligheid en prestaties van het apparaat in gevaar brengen. - Houd het apparaat uit de buurt van kinderen en personen die het apparaat niet kunnen bedienen. Pas op voor de risico's van het per ongeluk inslikken van kleine onderdelen en verwurging met de kabels en slangen van dit apparaat en accessoires.

OPGELET
Geeft een mogelijk gevaarlijke situatie aan die, indien niet vermeden, kan leiden tot licht of matig letsel bij de gebruiker of patiënt, of schade aan het apparaat of ander materiaal.
- Het apparaat is alleen bedoeld voor het meten van de bloeddruk aan de bovenarm. Meet geen andere plaatsen, omdat de meting uw bloeddruk dan niet nauwkeurig weergeeft.
- Nadat een meting is voltooid, maakt u de manchet los en rust u > 5 minuten om de ledemaatperfusie te herstellen, voordat u een nieuwe meting uitvoert.
- Gebruik dit apparaat niet tegelijkertijd met andere medische elektrische (ME) apparatuur. Dit kan storingen in het apparaat of onnauwkeurigheden in de metingen veroorzaken.
- Gebruik dit apparaat niet in de buurt van hoogfrequente (HF) chirurgische apparatuur, magnetische resonantie beeldvorming (MRI) apparatuur en computertomografie (CT) scanners. Dit kan storingen in het apparaat en onnauwkeurigheden in de metingen veroorzaken.
- Gebruik en bewaar het apparaat, de manchet en de onderdelen onder de in de «Technische specificaties» gespecificeerde temperatuur- en vochtigheidsomstandigheden. Gebruik en opslag van het apparaat, de manchet en onderdelen in omstandigheden die buiten het bereik vallen dat in de «Technische specificaties» wordt vermeld, kan leiden tot defecten aan het apparaat en de veiligheid van het gebruik.
- Bescherm het apparaat en de accessoires tegen het volgende om schade aan het apparaat te voorkomen:
— water, andere vloeistoffen en vocht
— extreme temperaturen
— impact en trillingen
- direct zonlicht
— vervuiling en stof
- Stop met het gebruik van dit apparaat en de manchet en raadpleeg uw arts als u huidirritatie of ongemak ervaart.
Informatie over elektromagnetische compatibiliteit
Dit apparaat voldoet aan EN 60601-1-2: 2015 standaard elektromagnetische storingen.
Dit apparaat is niet gecertificeerd voor gebruik in de buurt van hoogfrequente (HF) medische apparatuur.
Gebruik dit apparaat niet in de buurt van sterke elektromagnetische velden en draagbare radiofrequentie-communicatieapparaten (bijvoorbeeld magnetrons en mobiele apparaten). Bewaar bij gebruik van dit apparaat een minimale afstand van 0,3 m tot dergelijke apparaten.
Apparaatonderhoud
Reinig het apparaat alleen met een zachte droge doek.
Reinig de manchet
Bij het apparaat meegeleverde manchet is wasbaar.
- Verwijder de manchetconnector ⑨ van de manchetslang ⑩ en trek de ballon voorzichtig door de opening.
- Was de manchethoes niet warmer dan 30 °C.
- Droog de manchet met een droge doek.
- Steek de ballon via de opening terug in de manchethoes en druk voorzichtig de ballon plat.
- Bevestig de manchetconnector weer op de manchetslang.

De ballon moet recht in de manchethoes liggen en mag niet worden gevouwen.

Gebruik geen wasverzachter.

WAARSCHUWING: Was de manchet nooit in de wasmachine en/of afwasmachine!

WAARSCHUWING: Droog de manchet niet in de droger of op de verwarming!

WAARSCHUWING: U mag echter nooit het binnenste opblaasbare gedeelte wassen!
Nauwkeurigheidstest
Wij adviseren om dit apparaat elke 2 jaar op nauwkeurigheid te laten testen of na mechanische schok (bijv. na een val). Neem a.u.b. contact op met uw Microlife importeur om een algemene functiecontrole aan te vragen (zie voorwoord).
Verwijdering

Batterijen en elektronische instrumenten moeten volgens de plaatselijke regelgeving worden verwijderd, niet bij het huishoudelijke afval.
10.Garantie
Dit apparaat heeft een garantie van 5 jaar vanaf aankoopdatum. Tijdens deze garantieperiode zal Microlife het defecte product gratis repareren of vervangen.
Opening van of wijzigingen aan het apparaat maken de garantie ongeldig.
De volgende items zijn uitgesloten van garantie:
• Transportkosten en transportrisico's.
- Schade veroorzaakt door onjuist gebruik of niet-naleving van de gebruiksaanwijzing.
- Schade veroorzaakt door lekkende batterijen.
- Schade veroorzaakt door vallen of verkeerd gebruik.
- Verpakkings- / opslagmateriaal en gebruiksaanwijzing.
- Regelmatige controles en onderhoud (kalibratie).
- Accessoires en verbruiksmaterialen: Batterijen, voedingsadapter (optioneel).
De manchet is gedekt door een functionele garantie (strakheid van de blaas) gedurende 2 jaar.
Mocht garantieservice nodig zijn, neem dan contact op met de dealer waar u het product hebt aangekocht of met de service afdeling van Microlife via onze website:
www.microlife.nl/support
De vergoeding is beperkt tot de waarde van het product. De garantie wordt verleend als het volledige product wordt geretourneerd met de originele factuur. Reparatie of vervanging binnen de garantie verlengt of verlengt de garantieperiode niet. De wettelijke claims en rechten van consumenten zijn nietbeperkt door deze garantie.
11.Technische specificaties
Werkingscondities: 10 - 40 °C / 50 - 104 °F
15-90 % maximale relatieve vochtigheid
Bewaarcondities: -20 - +55 °C / -4 - +131 °F
15-90 % maximale relatieve vochtigheid
Gewicht: 402 g (inclusief batterijen)
Afmetingen: 138 x 94.5 x 62.5 mm
Afmetingen manchet: van 17-52 cm
Meetprocedure: oscillometrisch, volgens de Korotkoff methode: Fase I systolisch Fase V diastolisch
Meetbereik: 20 - 280 mmHg – bloeddruk
40 - 199 slagen per minuut – polsslag
Manchetdruk 0 - 299 mmHg
weergave bereik:
Resolutie: 1 mmHg
Statische binnen ± 3 mmHg
nauwkeurigheid:
Hartslagnau- wkeurigheid: ±5 % van de weergegeven waarde
Spanningsbron: • 4 x 1,5V alkaline batterijen; type AA
- Netadapter DC 6V, 600 mA (optioneel)
Levensduur batterij: ongeveer 920 metingen (met nieuwe batterijen)
IP Klasse: IP 20
Verwijzing naar normen: EN 1060-1 /-3 /-4; IEC 60601-1; IEC 60601-1-2 (EMC); IEC 60601-1-11
Verwachte Apparaat: 5 jaar of 10000 metingen, levensduur: wat ook het eerst komt.
Accessoires: 2 jaar of 5000 metingen, wat ook het eerst komt.
Dit apparaat komt overeen met de normen van de richtlijn medische hulpmiddelen 93/42/EEC.
Technische wijzigingen voorbehouden.
Microlife BP B3 AFIB
