KUC35.9 - Boor KRESS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KUC35.9 KRESS in PDF-formaat.
| Producttype | Boormachine |
| Vermogen | 350 W |
| Toerental zonder belasting | 0-2800 tpm |
| Boormogelijkheid in beton | 10 mm |
| Boormogelijkheid in metaal | 8 mm |
| Boormogelijkheid in hout | 25 mm |
| Gewicht | 1,5 kg |
| Afmetingen | 30 x 25 x 10 cm |
| Inclusief accessoires | Boorhouder, extra handgreep |
| Veiligheidssysteem | Overbelastingsbeveiliging |
| Garantie | 2 jaar |
Veelgestelde vragen - KUC35.9 KRESS
Download de handleiding voor uw Boor in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KUC35.9 - KRESS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KUC35.9 van het merk KRESS.
GEBRUIKSAANWIJZING KUC35.9 KRESS
OORSPRONKELIJKE GEBRUIKSAANWIJZING PRODUCTVEILIGHEID ALGEMENE VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN VOOR VERMOGENSMACHINE WAARSCHUWING Lees alle veiligheidswaarschuwingen, instructies, illustraties en specificaties die bij dit elektrisch gereedschap werden meegeleverd. Het niet opvolgen van alle onderstaande voorschriften kan tot een elektrische schok, brand en/of ernstig persoonlijk letsel leiden. Bewaar alle waarschuwingen en instructies voor latere naslag. De term “(elektrisch) gereedschap” in de waarschuwingen hieronder, verwijst naar uw op netspanning werkende gereedschap (met stroomdraad) of uw accugereedschap (draadloos).
a) Houd uw werkgebied schoon en zorg ervoor dat deze goed verlicht is. In rommelige en slecht verlichte werkgebieden gebeuren sneller ongelukken. b) Gebruik elektrisch gereedschap niet in explosieve atmosferen, zoals in de nabijheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen of stof. Elektrisch gereedschap veroorzaakt vonken die de stof of de gassen kunnen doen ontvlammen. c) Houd kinderen en omstanders uit de buurt terwijl u met elektrisch gereedschap werkt. Afleidingen kunnen ervoor zorgen dat u de controle over het gereedschap verliest.
2) ELEKTRISCHE VEILIGHEID
a) De stekker van het elektrisch gereedschap moet passen in het stopcontact. Pas de stekker op geen enkele manier aan om te zorgen dat hij wel past. Gebruik geen adapterstekkers terwijl u geaard elektrisch gereedschap gebruikt. Onaangepaste stekkers die in het stopcontact passen, verminderen de kans op een elektrische schok. b) Vermijd lichamelijk contact met geaarde of gegronde oppervlakken, zoals buizen, radiatoren, fornuizen en koelkasten. Als uw lichaam geaard of gegrond is, is er een grotere kans op een elektrische schok. c) Stel uw elektrische gereedschap niet bloot aan regen of natte omstandigheden. Water dat elektrisch gereedschap kan binnendringen, vergroot de kans op een elektrische schok. d) Gebruik de stroomdraad niet op een andere manier dan waarvoor deze gemaakt is. Trek niet aan de stroomdraad, ook niet om de stekker uit het stopcontact te krijgen en draag het gereedschap niet door het aan de stroomdraad vast te houden. Houd de stroomdraad uit de buurt van hitte, olie, scherpe hoeken en bewegende onderdelen. Beschadigde of verwarde stroomdraden vergroten de kans op een elektrische schok. e) Wanneer u het elektrische gereedschap buitenshuis gebruikt, dient u te zorgen voor een verlengsnoer dat geschikt is voor gebruik buitenshuis. Het gebruik van een verlengsnoer dat geschikt is voor gebruik buitenshuis, vermindert de kans op een elektrische schok. f) Moet een krachtmachine in een vochtige locatie worden gebruikt, gebruik dan een aardlekschakelaar (ALS). Een ALS vermindert het gevaar op elektrische schokken.
3) PERSOONLIJKE VEILIGHEID
a) Blijf alert, kijk waar u mee bezig bent en gebruik uw gezonde verstand wanneer u met elektrisch gereedschap werkt. Gebruik geen elektrisch gereedschap wanneer u moe bent of onder de invloed van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van elektrisch gereedschap kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. b) Gebruik een veiligheidsuitrusting. Draag altijd oogbescherming. Een veiligheidsuitrusting, zoals een stofmasker, schoenen met antislipzolen, een veiligheidshelm, of oorbescherming die onder de juiste omstandigheden gebruikt wordt, vermindert de kans op persoonlijk letsel. c) Pas op dat het apparaat niet onbedoeld wordt gestart. Zorg ervoor dat de schakelaar uit staat voordat u de voeding en/of batterij aansluit, en als u de machine oppakt en draagt. Gereedschap dragen terwijl u uw vinger op de schakelaar houdt, of de stekker in het stopcontact steken terwijl het gereedschap ingeschakeld staat, is vragen om ongelukken. d) Verwijder inbussleutels of moersleutels voordat u het gereedschap inschakelt. Een sleutel die nog in of op een draaiend onderdeel van het elektrische gereedschap zit, kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. e) Werk niet boven uw macht. Zorg er altijd voor dat u stevig staat en goed in balans bent. Hierdoor heft u betere controle over het gereedschap in onverwachte situaties. f) Draag geschikte kleding. Draag geen loszittende kleding of sieraden. Houd uw haar en kleding uit de buurt van bewegende onderdelen. Loszittende kleding, sieraden of lang haar kan vast komen te zitten in bewegende onderdelen. g) Wanneer er apparaten worden bijgeleverd voor stofafzuiging en –opvang, zorg er dan voor dat deze aangesloten zijn en op de juiste manier gebruikt worden. Het gebruik van deze apparaten vermindert de gevaren die door stof kunnen ontstaan. h) Als u gereedschap veelvuldig gebruikt, dan kan dit leiden tot het negeren van de veiligheidsprincipes, probeer dit te55
vermijden. Een achteloze actie kan binnen een fractie van een seconde leiden tot ernstig letsel.
4) GEBRUIK EN ONDERHOUD VAN
ELEKTRISCH GEREEDSCHAP a) Forceer het gereedschap niet. Gebruik gereedschap dat voor de toepassing geschikt is. Het gebruik van geschikt gereedschap levert beter werk af en werkt veiliger als het gebruikt wordt op de snelheid waar het voor ontworpen is. b) Gebruik het gereedschap niet wanneer de aan/uitschakelaar niet functioneert. Gereedschap dat niet kan worden bediend met behulp van de schakelaar is gevaarlijk en dient te worden gerepareerd. c) Haal de stekker uit het stopcontact en/of verwijder de accu, indien deze kan worden verwijderd, uit het gereedschap voordat u instellingen veranderd, toebehoren vervangt of de machine opbergt. Deze preventieve veiligheidsmaatregelen verminderen de kans op het ongewild inschakelen van het gereedschap. d) Berg gereedschap dat niet gebruikt wordt buiten het bereik van kinderen op en laat personen die niet bekend zijn met het gereedschap of met deze veiligheidsinstructies het gereedschap niet bedienen. Elektrisch gereedschap kan in de handen van ongetrainde gebruikers gevaarlijk zijn. e) Onderhouden van het gereedschap en accessoires. Controleer of bewegende onderdelen nog goed uitgelijnd staan, of ze niet ergens vastzitten en controleer op elke andere omstandigheid die ervoor kan zorgen dat het gereedschap niet goed functioneert. Wanneer het gereedschap beschadigd is, dient u het te repareren voordat u het in gebruik neemt. Veel ongelukken worden veroorzaakt door slecht onderhouden elektrisch gereedschap. f) Houd snijdend gereedschap schoon en scherp. Goed onderhouden snijdend gereedschap met scherpe zaagbladen/messen zal minder snel vastlopen en is makkelijker te bedienen. g) Gebruik het gereedschap, de accessoires, de bitjes, enz. in overeenstemming met deze instructies en op de manier zoals bedoeld voor het specifieke type elektrisch gereedschap, rekening houdend met de werkomstandigheden en het uit te voeren werk. Het gereedschap gebruiken voor andere doeleinden dan waar deze voor ontworpen is, kan gevaarlijke situaties opleveren. h) Houd de handgrepen en grijpoppervlakten droog, schoon en vrij van olie en smeermiddel. Glibberige handgrepen en grijpoppervlakken laten geen veilige hantering toe, en zorgen ervoor dat u geen controle hebt over het gereedschap in onverwachte omstandigheden.
5) GEBRUIK EN ONDERHOUD VAN
ACCUGEREEDSCHAP a) Laad het accupack alleen op met de door de fabrikant aangegeven oplader. Een oplader die geschikt is voor het ene type accupack, kan brand veroorzaken wanneer die gebruikt wordt voor een ander type accupack. b) Gebruik het gereedschap uitsluitend met het aangegeven accupack. Door het gebruik van andere accupacks ontstaat de kans op letsel of brand. c) Wanneer het accupack niet gebruikt wordt, dient u het uit de buurt te houden van metalen voorwerpen, zoals paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die een verbinding kunnen maken tussen de contactpunten van de terminal. Het kortsluiten van de accuterminals kan zorgen voor brandwonden of brand. d) Onder extreme omstandigheden kan er vloeistof uit de accu lopen; raak deze vloeistof niet aan. Wanneer u toch onverhoopt met de vloeistof in aanraking komt, dient u dit onmiddellijk af te spoelen met water. Wanneer de vloeistof in de ogen komt, dient u zo snel mogelijk een arts te raadplegen. Vloeistof die afkomstig is uit de accu kan irritatie of brandwonden veroorzaken. e) Gebruik geen accu of gereedschap dat beschadigd of aangepast is. Beschadigde of aangepaste accu’s kunnen onvoorspelbaar reageren, wat kan leiden tot brand, explosie of het veroorzaken van letsel. f) Stel een accu of gereedschap niet bloot aan vuur of extreme temperatuur. Blootstelling aan brand of een temperatuur boven 130°C kan explosie veroorzaken. g) Volg alle instructies en laad de accu of het gereedschap niet op buiten het temperatuurbereik dat vermeld is in de handleiding. Onjuist opladen of opladen bij temperaturen buiten het aangegeven bereik kan de accu beschadigen en het risico op brand vergroten.
a) Laat uw elektrisch gereedschap repareren door een bevoegde reparateur die alleen originele reserveonderdelen gebruikt. Zo bent u er zeker van dat uw gereedschap veilig blijft. b) Repareer nooit beschadigde accu's. Reparatie van accu's mag alleen worden uitgevoerd door de fabrikant of geautoriseerde onderhoudstechnici. VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN VOOR BOOR
1) Een beschrijving van alle
veiligheidsoperaties a) Houd het gereedschap vast bij de geïsoleerde handgrepen wanneer de zaag in contact zou kunnen komen56
met verborgen leidingen of de eigen stroomdraad. Contact met een draad die onder stroom staat, zorgt ervoor dat de metalen delen van de machine ook onder stroom komen te staan, waardoor u een elektrische schok kunt krijgen.
2) Veiligheidsinstructies bij gebruik van lange
boorbeitels a) Werk niet met een hogere snelheid dan de maximale nominale snelheid van de boormachine. Bij hogere snelheden kan de boor buigen als deze vrij kan roteren zonder het werkstuk aan te raken, wat kan leiden tot persoonlijk letsel. b) Begin altijd te boren op lage snelheid met de punt van de boor in contact met het werkstuk. Bij hogere snelheden kan de boor buigen als deze vrij kan roteren zonder het werkstuk aan te raken, wat kan leiden tot persoonlijk letsel. c) Breng alleen druk aan wanneer deze rechtstreeks op de boor is uitgelijnd, oefen geen overmatige druk uit. De boor buigt en veroorzaakt schade of verlies van controle, wat kan leiden tot persoonlijk letsel. VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
a) Batterijcellen en accupacks mogen niet gedemonteerd, geopend of vernietigd worden. b) Sluit accupacks niet kort. Bewaar accupacks niet willekeurig in een doos of lade waar ze elkaar kunnen kortsluiten of door geleidende voorwerpen kortgesloten kunnen worden. Houd het accupack op een afstand van andere metalen voorwerpen als paperclips, muntstukken, sleutels, nagels, schroeven en andere kleine metalen voorwerpen die de contacten van de accupack kunnen verbinden. Kortgesloten contacten van accupacks kunnen brandwonden of brand veroorzaken. c) Stel accupacks niet bloot aan warmte of vuur. Vermijd opslag in direct zonlicht. d) Stel accupacks niet bloot aan mechanische schokken.
Als een accu lekt dient men voorzichtig te zijn dat de vloeistof niet in contact komt met de huid of de ogen. Als dat toch gebeurt spoelt men de huid onder stromend water en raadpleegt men een arts. f) Houd batterijcellen en accupacks schoon en droog. g) Veeg de aansluitingen van het accupack schoon met een droge doek als ze vuil zijn geworden. h) Accupacks moeten voor gebruik worden opgeladen. Lees de gebruiksaanwijzing voor de juiste laadinstructies.
i) Laat accupacks niet langdurig opladen als
ze niet worden gebruikt. j) Na een lange opslagperiode kan het nodig zijn het accupack enkele keren op te laden en te ontladen voor een optimale prestatie. k) Laad alleen op met een lader met de technische gegevens van Kress. Gebruik geen andere lader dan de lader die specifiek voor dat doel met de apparatuur is meegeleverd. l) Gebruikt geen accupack dat niet bedoeld is voor gebruik met deze apparatuur. m) Houd accupacks buiten het bereik van kinderen. n) Bewaar de oorspronkelijke instructies van het product voor latere gebruik. o) Verwijder het batterijpakket uit de apparatuur als het niet in gebruik is. p) Volg de juiste procedure voor afvalverwijdering na afdanken van dit apparaat. q) Gebruik geen cellen van verschillende fabrikanten, capaciteit, afmetingen of typen binnen een apparaat. r) Houd de accu uit de buurt van microgolven en hoge druk. SYMBOLEN Om het risico op letsels te beperken, moet u de gebruikershandleiding lezen Waarschuwing Draag gehoorbescherming Draag een veiligheidsbril Draag een stofmasker Li-I on Li-Ion-accu Dit product is uitgerust met een symbool dat ‘gescheiden inzameling’ aanduidt voor alle accu’s. Ze worden dan gerecycled of gedemonteerd om de impact op het milieu te verminderen. Accu’s kunnen gevaarlijk zijn voor het milieu en de menselijke gezondheid, omdat ze gevaarlijke stoffen bevatten. Afgedankte elektrische producten mogen niet bij het normale huisafval terechtkomen. Breng deze producten waar mogelijk naar een recyclecentrum bij u in de buurt. Vraag de verkoper of de gemeente informatie en advies over het recyclen van elektrische apparatuur.57
Niet verbranden. Accu’s kunnen in de waterkringloop terechtkomen als ze op onjuiste wijze worden weggegooid, wat gevaarlijk kan zijn voor het ecosysteem. Gooi afgedankte accu’s niet weg bij het ongesorteerde huishoudelijke afval. Draag beschermende handschoenen. Schroeven Boren Klopboren Hout Metaal Brik Steen Vergrendelen Hoge snelheid Lage snelheid ONDERDELENLIJST
- Sommige afgebeelde of beschreven toebehoren worden niet meegeleverd. TECHNISCHE GEGEVENS Type aanduiding: KUC35 KUC35.9 KUC35.91 (C35 - aanduiding van de machinerie, code voor Accuboormachine) KUC35 KUC35.9 KUC35.91 Spanning 20V Max** Toerental onbelast 0-550/0-2000 min
Aantal koppelstanden 20+1+1 Aantal slagen onbelast 0-10450/0-38000bpm Max. Koppel: 140Nm Spanwijdte boorhouder 13mm Max. boorcapaciteit
Haak 1 1 1 Bitmagazijn 1 1 1 Wij adviseren u alle accessoires te kopen in de winkel waar u het gereedschap heeft aangekocht. Kijk op de verpakking van accessoires voor meer informatie. Ook het winkelpersoneel kan u helpen en adviseren. GELUIDSPRODUCTIE Boormodus: A gewogen geluidsdruk L
5 dB(A) Draag oorbescherming. TRILLINGSGEGEVENS Boormodus: Totale trillingswaarden (som triax vector) bepaald volgens EN 62841: Boren in beton Trillingswaarde a h,ID =1.187 m/s² Fout K = 1.5 m/s² Klopboormodus: Totale trillingswaarden (som triax vector) bepaald volgens EN 62841: Klopboren in beton Trillingswaarde a h,ID =6.493 m/s² Fout K = 1.5 m/s² De totale waarde van trillingen en geluidsemissie werden gemeten volgens een standaard testmethode en kunnen worden gebruikt om gereedschappen te vergelijken. De totale waarde van trillingen en geluidsemissie kunnen ook voor een voorlopige beoordeling van de blootstelling worden gebruikt. WAARSCHUWING: Trillingen en geluidsemissie die tijdens het gebruik van het gereedschap optreden, kunnen verschillen van de opgegeven waarde, dit is afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt, met name van het werkstuk dat wordt bewerkt, afhankelijk van de volgende voorbeelden en andere variaties in de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt: Hoe de machine gebruikt wordt en hoe het materiaal gesneden of geboord wordt. De conditie en de onderhoudstoestand van de machine. Gebruik van de juiste toebehoren. Zorg ervoor dat ze scherp zijn en in goede conditie. Hoe stevig de handgreep wordt vastgehouden en of er anti-trilling en -geluidsaccessoires worden gebruikt. De machine moet gebruik worden zoals door de ontwerper bedoeld is en in overeenstemming met deze instructies. Deze machine kan een trillingssyndroom in hand en arm veroorzaken als hij niet op de juiste wijze gehanteerd wordt. WAARSCHUWING: Voor de nauwkeurigheid moet bij een schatting van het blootstellingsniveau in de feitelijke gebruiksomstandigheden rekening worden gehouden met alle delen van de bewerking, zoals het moment dat de machine wordt uitgeschakeld en de tijden waarop de machine loopt zonder daadwerkelijk gebruikt te worden. Dit kan het blootstellingsniveau over de totale werkperiode aanzienlijk verminderen. Het risico op blootstelling aan trillingen en geluid verminderen. Gebruik ALTIJD scherpe beitels, boren en zaagbladen. Onderhoud de machine volgens deze instructies en houd hem goed gesmeerd (voor zover van toepassing). Als het gereedschap regelmatig wordt gebruikt, investeer dan in anti-trilling en -geluidsaccessoires. Plan de werkzaamheden zodat de taken met veel trillingen over een aantal dagen verspreid worden.59
BEDIENINGSINSTRUCTIES OPMERKING: Lees voor het gebruik van het gereedschap aandachtig het instructieboekje. Assemblage en bediening ACTIE FIGUUR ASSEMBLAGE
BOORHOUDER Waarschuwing: Zet bij het vervangen van toebehoren de trekker vast en sluit het gereedschap af van de stroomtoevoer. Controleer voor ingebruikname altijd of de bit goed vast zit. Beschadigde boorhouders of bits kunnen verwondingen veroorzaken. - Het uitnemen van bits ZIE FIG. A1 - Het aanbrengen van bits ZIE FIG. A2 Monteren van de riemhaak en de bitclip ZIE FIG. B1,B2,B3,B4 BEDIENING Voor/achterwaartse rotatie instellen Waarschuwing: Verander nooit de draairichting terwijl de boormachine draait, wacht tot deze is gestopt! ZIE FIG. C1,C2,C3 2-TRAPS TANDWIELOVERBRENGING
De aan/uitknop bedienen Waarschuwing: Niet langdurig gebruiken met een lage snelheid vanwege de warmte die daardoor wordt gegenereerd.
LED controlelampje Vóór het gebruik wordt het LED lampje geactiveerd wanneer de Aan-/uit-schakelaar licht wordt ingedrukt. 20 seconden nadat de Aan-/uit-schakelaar is losgelaten, dooft dit lampje automatisch. Het gereedschap en de accu zijn voorzien van een beschermingssysteem. Als de LED diode 3 seconden snel knippert en vervolgens uitgaat, sluit dit systeem de stroomtoevoer vanuit accu naar het gereedschap automatisch af, om zo de levensduur van de accu te verlengen. Het gereedschap komt tijdens het gebruik automatisch tot stilstand als het wordt blootgesteld aan een van de volgende omstandigheden:
- Overbelasting: Het gereedschap wordt gebruikt op een manier die afname van een abnormaal grote hoeveelheid stroom veroorzaakt. Laat in dit geval de trekker los en stop het gebruik van het gereedschap, dat de overbelasting veroorzaakte. Druk de trekker vervolgens in om het gereedschap weer op te starten.
- Oververhitting: In dit geval, d.w.z. als het gereedschap niet meer opstart, zijn het gereedschap en de accu oververhit. Laat het gereedschap en de accu afkoelen voordat u de trekker opnieuw indrukt.
- • Lage accuspanning: De restcapaciteit van de accu is te laag en het gereedschap zal met deze accu niet meer functioneren. Neem de accu in dit geval uit het gereedschap en laad hem opnieuw op. Waarschuwing: Om de lamp in te schakelen, drukt u op de aan/uit-schakelaar en controleert u of de rotatiebesturing vooruit/ achteruit in de positie rechts/links staat.60
MONTAGE Opmerking: Schakel het gereedschap altijd uit en verwijder altijd de accu voordat u met montagewerkzaamheden begint. Gebruik de zijhandgreep (extra handgreep) voor veilig gebruik.
1. Monteer de zijhandgreep (extra handgreep)
(zie afb. G) Draai eerst de handgreep linksom ten opzichte van de buitenkrans① om de krans te openen ②, houd dan de buitenkrans vast ①, en steek de krans ② in de sleuven ③ aan de linker- en rechterzijde van het verloopstuk, houd de buitenkrans vast ① met één hand en draai de handgreep rechtsom ten opzichte van de buitenkrans ① om deze aan te spannen totdat deze ①② vastzit in de ③ sleuven.
2. Verwijder de zijhandgreep (extra handgreep)
(zie afb. H) Plaats het gereedschap op een werkbank, houd de buitenkrans vast ① met één hand en draai de handgreep linksom ten opzichte van de buitenkrans ① totdat de krans ② loszit en verwijder deze dan uit de sleuven van het verloopstuk ③. PROBLEEMOPLOSSINGEN
1. WAAROM SCHAKELT DE BOORMACHINE
NIET IN ALS IK OP DE SCHAKELAAR DUW? De knop voor het kiezen van de draairichting, bovenop de schakelaar, is vergrendeld. Ontgrendel de instelknop voor de draairichting door deze in de gewenste stand te zetten. Trek aan de trekker en de boor zal beginnen draaien.
2. WAAROM STOPT DE BOORMACHINE
VOORDAT DE SCHROEF HELEMAAL VASTZIT? Controleer de koppelstand van de koppelstelring. De koppelstelring bevindt zich tussen de boorhouder en de behuizing van de boor. Stand 1 is het laagste koppel (voor schroeven draaien) en stand 20 is het hoogste koppel (voor schroeven draaien). Stand is om te boren. Stand is voor hamerboorfunctionaliteit. Stel de koppelstelring in op een hogere stand om het beste resultaat te verkrijgen.
3. DE ACCU PAST NIET IN DE ACCULADER
WAAROM? De accu kan maar op één manier in de lader worden geplaatst. Draai de accu om totdat deze in de lader past, het rode LED-lampje zou moeten gaan branden als de accu wordt opgeladen.
4. REDENEN VOOR VERSCHILLENDE
ACCUDUUR Problemen met de oplaadtijden, zoals hierboven, en als u het accupack lange tijd niet gebruikt hebt, verkorten de werkduur van het accupack. Dit kan worden gecorrigeerd door het accupack een paar keer op te laden en weer leeg te laten lopen doordat u de zaag heeft gebruikt. Laad het accupack niet op bij temperaturen onder de 0°C en boven de 40°C aangezien dit een slecht effect heeft op de prestaties. ONDERHOUD Verwijder het accu uit het gereedschap voordat u aanpassingen of onderhoudswerkzaamheden uitvoert. Dit gereedschap bevat geen onderdelen waaraan de gebruiker onderhoud kan of moet uitvoeren. Gebruik nooit water of chemische reinigingsmiddelen voor het schoonmaken van uw gereedschap. Veeg het schoon met een droge doek. Bewaar uw gereedschap altijd op een droge plek. Houd de ventilatiegleuven van de motor schoon. Houd alle bedieningselementen vrij van stof. VOOR GEREEDSCHAP
De omgevingstemperatuur voor het gebruik en de opslag van het gereedschap ligt tussen 0
De aanbevolen omgevingstemperatuur voor het oplaadsysteem tijdens het opladen ligt tussen 0
MILIEU Afgedankte elektrische producten mogen niet bij het normale huisafval terechtkomen. Breng deze producten waar mogelijk naar een recyclecentrum bij u in de buurt. Vraag de verkoper of de gemeente informatie en advies over het recyclen van elektrische apparatuur. Positec Germany GmbH Postfach 32 02 16, 50796 Cologne, Germany61
Notice-Facile