S47087 - Camcorder MEDION - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis S47087 MEDION in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - S47087 MEDION
Gebruikersvragen over S47087 MEDION
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Camcorder in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding S47087 - MEDION en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. S47087 van het merk MEDION.
GEBRUIKSAANWIJZING S47087 MEDION
1. Over deze handleiding ....102
FR
1.1. Verklaring van de symbolen ....102
2. Gebruik voor het beoogde doel ....104
NL
3. Veiligheidsinstructies 105
3.1. Personen met beperkingen ....105 IT
3.2. Waarschuwingen 106
3.3. Voorzorgsmaatregelen 107
3.4. Omgang met batterijen ....110
3.5. Repareer het apparaat nooit zelf ....112
3.6. Waterdichtheid 112
3.7. Persoonlijkheidsrecht 114
4. Inhoud van de verpakking 115
5. Overzicht van het apparaat ....116
5.1. Voorkant 116
5.2. Onderkant....117
5.3. Aansluitingen 118
5.4. Bedieningselementen 119
5.5. Meegeleverde accessoires 120
6. Ingebruikname 121
6.1. Batterijen plaatsen....121
6.2. microSD-geheugenkaart plaatsen 122
6.3. Camera met behulp van de riem bevestigen .124
6.4. Voormontage van de wandhouder .....125
6.5. Camera met behulp van de wandhouder bevestigen....125
6.6. Camera richten....126
7. De eerste stappen ....127
7.1. Camera inschakelen 127
7.2. Camera uitschakelen 127
7.3. Taal en datum/tijd instellen ....127
8. Testmodus en observatiemodus ....128
8.1. Testmodus 128
8.2. Observatiemodus 128
9. Menu-instellingen 129
9.1. Modus 129
9.2. Opname-interval 129
9.3. PIR-gevoeligheid 129
9.4. Serie-opname 130
9.5. Lengte video 130
9.6. Videoresolutie 130
9.7. Taal 130
9.8. Tijd / datum ....130
9.9. Tijdstempel 130
9.10. Fotoresolutie 131
9.11. Software 131
9.12. Geluidsopname 131
9.13. Infrarood-led 131
9.14. Geluidssignaal....132
9.15. Zijsensor....132
9.16. Opname op timer 132
9.17. Timer 133
9.18. Cameranaam 133
9.19. Wachtwoord 133
9.20. Fabrieksinstellingen 134
10. Weergave 134
DE
10.1. Displayweergave in de weergavemodus .....135
10.2. Instelmenu in de weergavemodus ....136
FR
11. Gegevens overzetten naar een computer ......137
NL
11.1. USB-kabel aansluiten 13
11.2. DCF-geheugenstandaard 138
11.3. Kaartlezer 138
IT
12. Verhelpen van storingen 138
13. Onderhoud en verzorging ....140
-
Afvoer 140
-
Technische gegevens 142
-
Verklaring van conformiteit ....143
-
Colofon 143
1. Over deze handleiding

Lees deze handleiding zorgvuldig door en neem alle daarin aangegeven instructies in acht. Hiermee garandeert u een betrouwbare werking en een lange levensduur van uw apparaat. Bewaar deze handleiding binnen handbereik bij het apparaat. Bewaar de handleiding goed, zodat u deze bij eventuele verkoop kunt doorgeven aan de nieuwe eigenaar.
1.1. Verklaring van de symbolen

GEVAAR!
Waarschuwing voor acuut levensgevaar!

WAARSCHUWING!
Waarschuwing voor mogelijk levensgevaar en/of ernstig onherstelbaar letsel!

VOORZICHTIG!
Waarschuwing voor mogelijk middel- zwaar of licht letsel!

OPMERKING!
Neem de aanwijzingen in acht om materiële schade te voorkomen!

Aanvullende informatie over het gebruik van dit apparaat!

Neem de aanwijzingen in deze handleiding in acht!

WAARSCHUWING!
Waarschuwing voor gevaar van explo- siegevaarlijke stoffen!
Opsommingsteken/informatie over voorvallen die zich tijdens de bediening kunnen voordoen
Advies over uit te voeren handelingen

Verklaring van conformiteit (zie het hoofdstuk "Verklaring van conformiteit"): Producten die met dit symbool zijn gemarkeerd, voldoen aan de eisen volgens de EU-richtlijnen.
2. Gebruik voor het beoogde doel
Het apparaat is bestemd om opgesteld te worden voor het automatisch opnemen en weergeven van foto's en video's in digitaal formaat. Voor automatische opnamen is het apparaat uitgerust met een bewegingssensor.
- Dit apparaat is uitsluitend bedoeld voor particulier gebruik en is niet geschikt voor industriële of zakelijke toe-passingen.
Let erop dat het recht op garantie bij oneigenlijk gebruik komt te vervallen:
Wijzig niets aan dit apparaat zonder onze toestemming en gebruik geen randapparatuur die niet door ons is goedgekeurd of geleverd.
Gebruik alleen door ons geleverde of goedgekeurde (vervangende) onderdelen en accessoires.
Neem alle informatie in deze handleiding in acht, met name de veiligheidsvoorschriften. Elke andere bediening of toepassing wordt beschouwd als oneigenlijk gebruik en kan leiden tot letsel of schade.
- Gebruik het apparaat niet onder extreme omgevingsomstandigheden.
3. Veiligheidsinstructies
3.1. Personen met beperkingen

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel!
Gevaar voor letsel bij kinderen en personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke vermogens (bv. gedeeltelijk invaliden of oudere personen met beperkte fysieke en mentale vermogens) of een gebrek aan ervaring en kennis (bv. oudere kinderen).
▶ Bewaar het apparaat en de accessoires buiten bereik van kinderen.
- Dit apparaat kan gebruikt worden door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of met onvoldoende ervaring en/of kennis, mits deze personen onder toezicht staan of zijn geïinstrueerd in het gebruik van het apparaat zodat zij de daarmee samenhangende gevaren begrijpen.
- Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
▶ Reinigings- en onderhoudswerkzaamhe- den mogen niet door kinderen worden uitge- voerd.
- Kinderen jonger dan 8 jaar dienen uit de buurt van het apparaat en de netkabel te worden gehouden.
▶ Alle gebruikte verpakkingsmaterialen (zakken, polystyreendelen etc.) moeten buiten bereik van kinderen worden bewaard.
▶ Laat kinderen niet met de verpakking spelen.
GEVAAR!
Gevaar voor verstikking!
Verpakkingsfolie kan worden ingeslikt of verkeerd worden gebruikt. Hierdoor bestaat gevaar voor verstikking!
Houd het verpakkingsmateriaal, zoals folie of plastic zakken, uit de buurt van kinderen.
3.2. Waarschuwingen
Neem bij gebruik van de apparaat de volgende waarschuwingen in acht om lichamelijk letsel te voorkomen:
▶ Open of demonteer de camera niet.
Bij het demonteren van de camera bestaat er gevaar voor een elektrische schok. Controle- ren van interne onderdelen, wijzigingen en re- paraties mogen alleen worden uitgevoerd door vakkundige personen. Breng het apparaat voor controle naar een erkend servicecentrum.
▶ Als u de camera langere tijd niet gebruikt, verwijdert u de batterijen zodat deze niet kunnen leeglopen.
3.3. Voorzorgsmaatregelen
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen om schade aan uw camera te voorkomen en een storingsvrije werking te waarborgen:
De binnenkant van de camera uit de buurt houden van vocht, vuil en stof.
Als u de camera hebt gebruikt op het strand of bij zee, veegt u zout of stof weg met een licht bevochtigd, zacht doekje. Droog de camera daarna zorgvuldig af.
Blijf met de camera uit de buurt van sterke magnetische velden.
Houd de camera uit de buurt van apparatuur die sterke elektromagnetische velden opwekt, zoals elektromotoren. Sterke elektromagnetische velden kunnen storingen in de werking van de camera veroorzaken of de opslag van gegevens verstoren.
Vermijd te sterke invloed van warmte. Stel de camera niet bloot aan direct zonlicht of hoge temperaturen. Daardoor kunnen accu's gaan lekken of kan de behuizing van de camera vervormd raken.
Vermijd grote temperatuurschommelingen. Als u het apparaat snel van een koude naar een warme omgeving brengt, of omgekeerd, kan zich in of op het apparaat condenswater vormen. Dit kan de werking van het apparaat beïnvloeden en schade veroorzaken. Wacht met inschakelen totdat de camera zich heeft aangepast aan de omgevingstemperatuur. Het gebruik van een transport- of plastic tas biedt een zekere mate van bescherming tegen temperatuurverschillen.
Laat het apparaat niet vallen. Krachtige schokken door een val of sterke trillingen kunnen storingen veroorzaken. Bevestig de camera altijd met de meegeleverde montageplaat.
▶ Ga voorzichtig om met de lens en alle bewe- gende onderdelen.
Raak de lens niet aan. Ga voorzichtig om met de geheugenkaart en de batterijen. Deze onderdelen zijn niet bestand tegen zware belastingen.
▶ Verwijder de batterij niet tijdens het verwerken van gegevens.
Wanneer tijdens het vastleggen of verwijderen van beeldbestanden op de geheugen-kaart de stroom uitgeschakeld wordt, kan dat
gegevensverlies tot gevolg hebben of kunnen de interne schakeling of het geheugen beschadigd raken.
▶ Batterijcontacten schoon houden.
Wanneer de batterijcontacten vuil zijn, kunt u deze reinigen met een droog, schoon doekje of met een vlakgom.
▶ Geheugenkaarten op de juiste manier plaatsen resp. verwijderen.
Schakel de camera uit, voordat u de geheu-genkaart plaatst of verwijdert. Anders kan de werking van de geheugenkaart onbetrouw-baar worden. Geheugenkaarten kunnen tij-dens gebruik warm worden. Neem de geheu-genkaart altijd voorzichtig uit de camera.

OPMERKING!
Gegevensverlies!
Geheugenkaarten zijn verbruiksartikelen en moeten na een langer gebruik worden vervangen.
Na een langere gebruiksduur kan de op-name fouten bevatten.
▶ Controleer daarom regelmatig of de opnamen nog goed worden opgeslagen en vervang de kaart indien nodig.
3.4. Omgang met batterijen
Het apparaat werkt op batterijen. Neem hiervoor de volgende instructies in acht:
▶ Voorkom contact met batterijzuur. Spoel bij contact met huid, ogen of slijmvliezen de betreffende lichaamsdelen onmiddellijk met overvloedig schoon water af en raadpleeg on-middellijk een arts.
▶ Houd nieuwe en lege batterijen uit de buurt van kinderen.
▶ Batterijen niet inslikken vanwege gevaar voor bijtende wonden (irritatie).

WAARSCHUWING!
Gevaar voor bijtende wonden!
Het apparaat bevat batterijen. Als een van deze batterijen wordt ingeslikt, kan er binnen 2 uur door lekkage van batterijzuur ernstig tot levensgevaarlijk inwendig letsel ontstaan.
▶ Wanneer u vermoedt dat er batterijen zijn ingeslikt of in een deel van het li-chaam terecht zijn gekomen, dient u onmiddellijk een arts te raadplegen.
- Gebruik het apparaat niet meer als het batterijvak niet goed sluit en houd batterijen uit de buurt van kinderen.
- Controleer voordat u de batterij plaatst of de contacten van het apparaat en de batterijen schoon zijn en reinig de contacten indien no-dig.
Plaats uitsluitend nieuwe batterijen van hetzelfde type. Gebruik nooit oude en nieuwe batterijen door elkaar.
Let bij het plaatsen op de juiste polariteit (+/-).

WAARSCHUWING!
Gevaar voor explosie!
Bij onjuist vervangen van de batterijen bestaat gevaar voor explosie!
▶ Vervang de batterijen alleen door het-zelfde of gelijkwaardig type.
▶ Probeer gewone batterijen nooit op te laden. Hierbij bestaat gevaar voor explosie!
▶ Stel batterijen nooit bloot aan overmatige hitte (zoals rechtstreeks zonlicht, vuur etc.).
▶ Bewaar batterijen op een koele, droge plaats. Door rechtstreekse invloed van sterke warmte kunnen batterijen beschadigd raken. Stel het apparaat daarom niet bloot aan sterke warm-tebronnen.
▶ Sluit batterijen niet kort.
▶ Gooi batterijen niet in vuur.
▶ Verwijder lekkende batterijen onmiddellijk uit het apparaat. Reinig de contacten, voordat u nieuwe batterijen plaatst. Bij lekkage van batterijzuur bestaat kans op huidirritatie!
▶ Verwijder lege batterijen uit het apparaat.
▶ Wanneer u het apparaat gedurende langere tijd niet gebruikt, dient u de batterijen te verwijderen.
3.5. Repareer het apparaat nooit zelf

WAARSCHUWING!
Gevaar voor elektrische schok!
Bij onjuiste reparatie bestaat er gevaar voor een elektrische schok!
▶ Probeer in geen geval het apparaat te openen of zelf te repareren!
▶ Neem bij storingen contact op met het Servicecentrum of een andere geschikte reparatiedienst.
3.6. Waterdichtheid
De camera is rondom beschermd tegen spatwater en voldoet aan beschermingsklasse IP54.
▶ Gebruik de camera niet onder water.
▶ Na gebruik buiten kan water op de behuizing achterblijven dat bij het openen van het bedieningspaneel in de camera terecht kan komen. Droog de camera goed af, voordat het bedieningspaneel wordt geopend.
De meegeleverde USB-kabel en de microSD-geheugenkaart zijn niet beschermd tegen spatwater.
3.6.1. Opmerkingen over gebruik buiten:
- Controleer de omgeving van het bedie-ningspaneel en de rubberen afdichting rondom. Verwijder vuil, zand en andere deeltjes met een droog doekje.
▶ Controleer of de behuizing geen krassen of breuken vertoont.
▶ Controleer of de camera geen breuken vertoont.
▶ Controleer of de camera is ingeklapt en goed gesloten resp. vergrendeld is.
Plaats de camera bij voorkeur op een plek die tegen regen is beschermd.
3.7. Persoonlijkheidsrecht
Bij het gebruik van de camera moet u rekening houden met het volgende:
In principe heeft ieder persoon het recht op zijn eigen afbeelding. Volgens de auteurswet mo-gen foto's alleen dan zonder toestemming van de betrokkenen worden gepubliceerd als de per- sonen uitsluitend als figuratief element verschij- nen in een landschap of andere locatie. De be- antwoording van de vraagt of een persoon al dan niet alleen een figuratief element is, hangt in elk individueel geval af van de omstandigheden. In verband met de rechtszekerheid, dient in alle ge- vallen waarin opnamen van identificeerbare per- sonen mogelijk is, melding te worden gemaakt van de foto-opname.
4. Inhoud van de verpakking
Controleer of alles in de verpakking aanwezig is en stel ons binnen 14 dagen na aanschaf op de hoogte van eventueel ontbrekende onderdelen.
De levering van het door u aangeschafte product omvat:
- Wildcamera
- 8x batterij (1,5 V, type AA, LR6)
- microSD-geheugenkaart met adapter
• Universele houder - Bevestigingsmateriaal
- USB-kabel
- Handleiding

GEVAAR!
Gevaar voor verstikking!
Verpakkingsfolie kan worden ingeslikt of verkeerd worden gebruikt. Hierdoor bestaat gevaar voor verstikking!
Houd het verpakkingsmateriaal, zoals folie of plastic zakken, uit de buurt van kinderen.
5. Overzicht van het apparaat
5.1. Voorkant

1) Infrarood-led's
2) Lichtsensor
3) Blauwe en rode led's
4) Sluitingen aan de zijkant
5) Objectief
6) Naar voren gerichte IR-bewegingssensor
7) Zijwaarts gerichte IR-bewegingssensoren
5.2. Onderkant

text_image
8 9 108) Universele houder
9) DC-aansluiting voor netadapter (netadapter niet meegeleverd)
10) Schroefdraad voor de wandhouder/statief (statief niet meegeleverd)
5.3. Aansluitingen

text_image
111 1311) Schakelaar ON/TEST/OFF
12) miniUSB-aansluiting
13) SD-kaartlezer
5.4. Bedieningselementen

text_image
21 20 19 18 ONTEST-OFF USB SD1 14 15 16 1722) Bevestigingsschroeven incl. pluggen
23) Wandhouder
24) microSD-geheugenkaart met adapter
25) instelbare bevestigingsarm
26) USB-kabel
27) Bevestigingsriem
6. Ingebruikname
6.1. Batterijen plaatsen

OPMERKING! Materiële schade!
Op de afdekking van het bedieningspaneel kan na gebruik buiten water achterblijven.
Droog de camera goed af voordat de afdekking wordt geopend en houd de camera tijdens het openen zo, dat eventueel aanwezig water niet in het batterijvakje kan lopen.
Draai de sluitingen aan de zijkant van de behuizing los.
▶ Open de camera.

Het batterijvakje is in twee segmenten verdeeld.
Wanneer u met slechts 4 geplaatst batterijen werkt, kunt u deze in het bovenste of het onderste batterijvakje plaatsen. Het is van belang dat alle 4 batterijen in hetzelfde vakje worden geplaatst en niet 2 batterijen in het bovenste en 2 in het onderste vakje.
Om een betrouwbare en lange bedrijfstijd te waar- borgen wordt aangeraden om 8 batterijen te plaat- sen.
▶ Open het batterijvakje aan de rechterkant en plaats 4 of 8 nieuwe batterijen (1,5 V, type AA, LR6) in het batterijvakje. Let daarbij op de polariteit zoals in het batterijvakje is aangegeven.
▶ Sluit de afdekking van het batterijvakje weer.
▶ Sluit de camera en vergrendel de sluitingen.
▶ Verwijder de beschermfolie van het IR-venster, het objectief en de IR-sensor om een correcte werking te waarborgen.

OPMERKING!
Materiële schade!
Let erop dat alle gebruikte batterijen van hetzelfde type zijn.
▶ Vervang alle batterijen tegelijkertijd.
6.1.1. Batterijstatus
De status van de batterijen wordt in de rechter onderhoek van het display weergegeven. De volgende statusen zijn mogelijk:
Zodra de laadstatus van de batterij kritiek wordt, wordt een rood omkaderde, lege batterij getoond. Na ca. 4 seconden wordt de camera automatisch uitgeschakeld.
6.2. microSD-geheugenkaart plaatsen

OPMERKING!
Gegevensverlies!
Wanneer u de microSD-kaart tijdens het bedrijf verwijdert, kunnen er gegevens verloren gaan.
▶ Schakel de camera uit, voordat u de geheugenkaart verwijdert.
Wanneer er geen geheugenkaart is geplaatst zijn er geen opnamen mogelijk. Gebruik daarom de meegeleverde microSD-geheugenkaart.
Plaats de meegeleverde microSD-geheugenkaart in de bijbehorende adapter en zorg ervoor dat de kaart zachtjes vastklikt.
▶ Open de camera door alle sluitingen aan de zijkant van de behuizing los te maken.
▶ Steek de adapter inclusief de microSD-geheugenkaart met de steekcontacten naar beneden wijzend in het vak voor de geheugenkaart. Let erop dat de geheugenkaart hoorbaar vastklikt.
- Om de kaart te verwijderen, drukt u deze kort in zodat de kaart wordt ontgrendeld. De kaart schuift er dan een stukje uit en kan worden uitgenomen.
▶ Sluit de camera en vergrendel de sluitingen.

OPMERKING!
Gegevensverlies!
Geheugenkaarten zijn verbruiksartikelen en moeten na een langer gebruik worden vervangen.
Na een langere gebruiksduur kan de op-name fouten bevatten.
▶ Controleer daarom regelmatig of de opnamen nog goed worden opgeslagen en vervang de kaart indien nodig.
6.3. Camera met behulp van de riem bevestigen

Om de camera aan een paal of een boomstam te bevestigen, kunt u gebruikmaken van de meegeleverde en reeds voorgemonteerde universele houder.
▶ Trek de bevestigingsriem door de beugel van de houder. Let erop dat de sluitclip na het bevestigen nog kan worden verschoven.
Plaats de riem rond het voorwerp waaraan u de houder wilt bevestigen.
Rijg het vrije uiteinde door de middelste opening in de sluiting van de bevestigingsriem over het tussenstuk en door de eerste opening met de tanden weer eruit.
▶ Trek de bevestigingsriem aan.

OPMERKING!
Materiële schade!
Bij een bevestiging van de camera met behulp van de riem aan een voorwerp, kan de camera vallen.
Zorg ervoor dat de camera stevig vast-zit en niet omlaag kan vallen.

Let er bij de installatie en opstelling van de camera op dat u niet handelt in strijd met de geldende wet- telijke voorschriften, met name op het gebied van de gegevensbescherming, het toegangsrecht en de observatie van openbaar toegankelijke ruimten.
6.4. Voormontage van de wandhouder
▶ Draai de moer van de instelbare bevestigingsarm af.
Plaats de schroef van de bevestigingsarm door de opening in het midden van de wandhouder.
Bevestig beide delen aan elkaar door de schroef in de wandhouder te draaien en vast aan te trekken. De moer doet hierbij dienst als afstandhouder.
6.5. Camera met behulp van de wandhouder bevestigen
▶ Markeer de positie van de gaten door de wandhouder op de gewenste plaats te houden.
Gebruik een 6 mm boor om de benodigde gaten te bo-ren en steek pluggen in de gaten.
▶ Schroef de wandhouder met de meegeleverde schroeven op de wand.
▶ Schroef de camera op de statiefschroef (ca. drie omwen-telingen).
Plaats de camera in de gewenste richting en vergrendel de camera met de borgmoer.
6.6. Camera richten
In de testmodus kunt u de optimale belichtingshoek en het beeldveld van de bewegingssensoren uitproberen.

Tijdens het richten kan het gebruik van de bewegingssensoren aan de zijkant van pas komen. De bewegingssensoren aan de zijkant kunnen via het bijbehorende menu worden ingeschakeld.
Richt de camera als volgt:
Bevestig de camera aan een boom of een vergelijkbaar object op een hoogte van 1 tot 2 meter en richt de camera in de gewenste richting.
Beweeg vervolgens langzaam voor de camera langs. Kijk terwijl u zich beweegt naar de infrarood led's.
Wanneer binnen de infrarood led's een blauwe led brandt, is er door de actieve bewegingssensoren aan de zijkant een beweging geregistreerd.
- Wanneer binnen de infrarood led's een rode led brandt, werd u door de bewegingssensor aan de voorkant geregistreerd.

De bewegingsindicatie brandt alleen wanneer de schakelaar AAN/TEST/UIT in de stand TEST staat en een van de bewegingssensoren een beweging heeft geregistreerd. Tijdens normaal bedrijf branden er geen led's.

Om er zeker van te zijn dat de camera geen ongewenste opnamen maakt van onbelangrijke bewegingen, moet de richting van de camera niet worden ingesteld in een zonnige positie en in de buurt van takken die zich door de wind kunnen bewegen.

De beeldhoek van de hoofdsensor bedraagt ca. 40°.
De beeldhoek van de sensoren aan de zijkant bedraagt ca 30°.
De opnamehoek voor foto's en video's bedraagt ca. 55°.
7. De eerste stappen
7.1. Camera inschakelen
▶ Schuif de schakelaar ON/TEST/OFF in de stand ON of TEST om de camera in te schakelen.
7.2. Camera uitschakelen
▶ Schuif de schakelaar ON/TEST/OFF in de stand OFF om de camera uit te schakelen.
7.3. Taal en datum/tijd instellen
Wanneer u de camera voor de eerste keer inschakelt, wordt gevraagd om de taal en tijd in te stellen.
7.3.1. Taal instellen
▶ Schuif de schakelaar ON/TEST/OFF in de stand TEST.
Druk op de toets MENU en kies met de toetsen ▲ of ▼ de functie Language en bevestig de keuze met OK.
Kies met de toetsen en ▼ de gewenste taal.
Druk op de toets OK om de instelling over te nemen.
7.3.2. Datum en tijd instellen
▶ Schuif de schakelaar ON/TEST/OFF in de stand TEST.
Druk op de toets MENU en kies met de toetsen ▲ of ▼ de functie Time / Date en bevestig de keuze met OK.
▶ Stel met de toetsen ▶ en ▼ een waarde in voor dag, maand, jaar, uur en minuut.
▶ Met de toetsen ◀ en ▶ gaat u naar de volgende optie.
Druk op de toets OK om de instelling over te nemen.

De datum en de tijd kunnen ook linksonder op de foto ingevoegd worden nadat eerst de datumstem-pelfunctie geactiveerd is. De tijdinstelling gaat ver- loren wanneer de batterijen worden verwijderd.
8. Testmodus en observatiemodus
8.1. Testmodus
De testmodus dient om de camera voor gebruik te richten en menu-instellingen uit te voeren.
▶ Schuif de schakelaar ON/TEST/OFF in de stand TEST om de testmodus in te schakelen.
Kies in de testmodus met de toetsen ▲ / □ de VI-DEO-modus of ▼ / □ de FOTO-modus.

De in de testmodus gemaakte instellingen gelden alleen in de testmodus en niet bij gebruik in de ON-MODUS (automatisch modus) van de camera.
Druk op de toets SHOT om in de testmodus handmatig een foto of video te maken.
Druk in de videomodus opnieuw op de toets SHOT om de opname te beëindigen.
8.2. Observatiemodus
De bewaking door de camera vindt plaats in de observatie-modus.
▶ Schuif de schakelaar ON/TEST/OFF in de stand ONom de observatiemodus in te schakelen.
9. Menu-instellingen
▶ Schuif de schakelaar ON/TEST/OFF naar de positie TEST.
Druk op de schakelaar MENU om naar het instellingen-menu te gaan.
De volgende instellingen zijn beschikbaar:
9.1. Modus
Kies onder Modus of de camera een foto, een video of beide moet opnemen.
9.2. Opname-interval
Stel onder PIR Intervall in hoeveel opnamen de camera moet maken wanneer de bewegingssensor een beweging heeft geregistreerd.
Mogelijke instellingen zijn: 2 sec, 5 sec, 10 sec, 15 sec, 30 sec of 1 min.
9.3. PIR-gevoeligheid
Onder PIR Level kan de gevoeligheid van de voorste bewegingsmelder worden ingesteld.
Bij de instelling LOW worden bewegingen op een afstand van 8 - 10 meter voor de camera geregistreerd en wordt een video opgenomen / foto gemaakt.
Bij de instelling MIDDEL worden bewegingen op een afstand van 13 - 15 meter voor de camera geregistreerd.
Bij de instelling HIGH worden bewegingen op een afstand van 18 - 20 meter voor de camera geregistreerd en wordt een video opgenomen / foto gemaakt.

In de fabriek is de instelling MIDDEL gekozen. De instelling HIGH vergroot de waarschijnlijkheid dat de camera ongewild reageert. De instelling LOW kan ertoe leiden dat kleine dieren niet worden herkend.
9.4. Serie-opname
▶ Voer onder Capture Num in hoeveel beelden de camera moet opnemen (1, 2 of 3 beelden).
9.5. Lengte video
Kies onder Video Length hoe lang de automatische video-opname moet duren.
U kunt de camera instellen tussen 10 seconden en 5 minu- ten.
9.6. Videoresolutie
Stel onder Video Size de gewenste resolutie voor de video-opname in:
1080 P 1920 x 1080 P 15FPS
720 P 1280 x 720 P 30FPS
WVGA 720 x 480 P 30FPS
VGA 640 x 480 P 30FPS
9.7. Taal
▶ Onder Language kunt u de menutaal instellen.
9.8. Tijd / datum
▶ Onder Time/Date kunt u de tijd en de datum instellen.
9.9. Tijdstempel
▶ Onder Stamp kunt u instellen of er al dan niet een tijd-stempel op uw opnamen moet verschijnen.
9.10. Fotoresolutie
Stel onder Photo Size de gewenste resolutie voor de foto-opname in:
12 MP: 4000 x 3000 pixels (geïterpoleerd)
8 MP: 3264 x 2448 pixels (geïterpoleerd)
5 MP: 2592 x 1944 pixels
Bij een hogere resolutie is meer opslagruimte nodig voor een opname.
9.11. Software
Onder Software wordt de versie van de camerasoftware weergegeven.

Hier ziet u tevens de suboptie "FW-update". De firmware-update kan alleen door servicemedewerkers worden uitgevoerd.
9.12. Geluidsopname
Wanneer de camera tijdens de video-opname ook geluid moet opnemen, kiest u onder Audio Recording de optie ON.
9.13. Infrarood-led
Stel onder IR LED in of 21 of 42 infrarood-led's moeten worden ingeschakeld.

De instelling met 21 geactiveerde led's dient te worden gekozen als de omgeving licht is. Zo ontziet u de accu. In donkere omgevingen kiest u voor de instelling met 42 geactiveerde led's om er zeker van te zijn dat de op- namen ondanks de duisternis van goede kwaliteit zijn.
9.14. Geluidssignaal
Onder Beep Sound kunt u instellen of u een geluidssignaal wilt horen, wanneer er een toets wordt ingedrukt of wanneer de camera een foto- of video-opname maakt.
9.15. Zijsensor
▶ Schakel onder Side PIR de twee bewegingsmelders aan de zijkant in of uit.
9.16. Opname op timer
Wanneer de functie Time Lapse is ingeschakeld, maakt de camera zolang in de vooraf ingestelde intervallen een opname (zie hoofdstuk „Timerinterval instellen“), totdat het geheugen vol is, de batterij leeg is of de opname handmatig wordt beeindigd.

eer de intervalfunctie is ingeschakeld, maakt de camera opnamen in het ingestelde interval, on-afhankelijk van de bewegingssensor.

Wanneer de intervalfunctie is ingeschakeld, kan de camera niet meer worden omgeschakeld naar de videomodus.
Timerintervalinstellen
Stel onder Time Lapse de tijdsintervallen tussen de afzonderlijke beelden van de foto-opname in.
De volgende instellingen zijn mogelijk: 15 sec, 30 sec, 1 min, 3 min en Off.

Wanneer de timelapse functie is ingeschakeld, is automatisch ook de timerfunctie actief.
9.17. Timer
Stel onder Timer de timerfunctie in.
Als u Timer ON heeft gekozen, stelt u vervolgens met de pijltjestoetsen de begin- en eindtijd in en bevestigt u de instelling in beide gevallen met de toets OK.
9.18. Cameranaam
Wijs onder Camera Name een naam toe om deze camera eenduidig te kunnen identificeren.
In de volgende weergave wordt de huidige naam van de camera getoond.
Wijs hier een nieuwe naam voor uw camera toe en bevestig uw invoer met de OK-toets.

U kunt alleen cijfers invoeren.
De nieuw toegewezen naam wordt linksonder op het scherm weergegeven.
9.19. Wachtwoord
Kies onder Password ON wanneer u de camera wilt beschermen tegen gebruik of instellen door onbevoegden.
Stel hiervoor een cijfercombinatie in van zes cijfers.

De ingestelde cijfercombinatie moet nu elke keer bij het inschakelen van de camera worden ingevoerd. Noteer uw wachtwoord op een veilige plaats. of schrijf het hier op om er zeker van te zijn dat u het niet vergeet.
PIN:
9.20. Fabrieksinstellingen
Wanneer u YES kiest en dit met de toets OK bevestigt, worden alle door u uitgevoerde instellingen (met uitzondering van de ingestelde wachtwoorden) gewist en worden de fabrieksinstellingen hersteld.
10. Weergave
▶ Schuif de schakelaar ON/TEST/OFF in de stand TEST.
Druk nu op de toets REPLAY ▶ om uw opnamen te be- kijken.
▶ Met de toetsen ◀ en▶ kunt u de individuele foto- of video-opnamen weergeven.
Druk bij videobestanden op de toets OK om de weergave te starten resp. de toets ▲, om de weergave te onderbreken (pauze).
Druk op de toets MENU om de weergave te beëindigen en een andere opname te kiezen.
Druk op de toets ▲ of ▼ om de weergegeven opname op het display te vergroten.
▶ Door een druk op de toetsen ◀ of ▶ verschijnt in de weergave een beeldnavigator. De positie van het gele kader geeft hier aan welk deel van het beeld in de vergroting wordt weergegeven.
Druk nu op de toets ▲ of ▼ om de beelduitsnede omhoog of omlaag te bewegen.
Druk op de toets ◀ of ▶ om de beelduitsnede opzij te bewegen.
Druk op de toets OK om weer terug te gaan naar de nor-male modus.
10.1. Displayweergave in de weergavemodus

De hier weergegeven informatie wordt alleen bij een geactiveerd tijdstempel getoond.
Fotoweergave Videoweergave

text_image
25 897 3210 2/4 01/21/2016 02:14:09 28 29 30 31 32 33
28) Cameranaam
29) Temperatuurweergave in °F
30) Temperatuurweergave in°C
31) Huidige opname/totaal aantal opnamen
32) Opnamegegevens
33) Maanfase
34) Opnamegegevens
35) Opslaglocatie SD-kaart
10.2. Instelmenu in de weergavemodus
Druk in de weergavemodus op de toets MENU om het instelmenu te openen.
Druk opnieuw op de toets MENU om het instelmenu weer te sluiten.
10.2.1. Datum/tijd weerg
▶ Onder View Date/Time worden de huidige datum en tijd weergegeven.
10.2.2. Best. beveiligen
De functie Protect wordt gebruikt om individuele opnamen te beveiligen tegen onbedoeld wissen.
Kies YES om de momenteel geselecteerde opname te beveiligen tegen onbedoeld wissen.
10.2.3. Bestand wissen
Met de functie Delete one kunnen individuele opnamen van de geheugenkaart worden gewist.
Kies YES om de momenteel geselecteerde opname te wissen.
▶ Onder Delete all kies YES om alle opnamen te wissen.
10.2.5. Kaart formatteren
▶ Onder Format kies YES om de geheugenkaart te format- teren.
11. Gegevens overzetten naar een computer

U heeft een pc /notebook met Windows 10 nodig om de gegevens van de camera over te zetten.
11.1. USB-kabel aansluiten
Sluit de miniUSB-stekker van de meegeleverde USB-kabel aan op de USB-aansluiting van de camera en een vrije USB 2.0 aansluiting van een ingeschakelde computer.
De computer zal nu de camera herkennen als massa-op-slagmedium met "leesrechten" (verwisselbaar medium).
Wanneer de letters MSDC op het display verschijnen, is de camera met de computer verbonden en wordt de inhoud van de geheugenkaart op de computer als nieuw schijfstation getoond.
Onder Windows 7 en Windows 8 heeft u directe toegang tot de inhoud van het camerageheugen of de geheugenkaart.
Bij andere Windows-versies opent u Windows Verkenner of dubbelklikt u op "Deze computer".
▶ Dubbelklik op het mediasymbool voor de camera.
Navigeer naar de map "DCIM" en eventueel naar de daar-in staande map om de bestanden weer te geven (*.jpg = foto's of *.avi = video-opnamen). Zie ook de mappen-structuur in het geheugen.
Sleep de gewenste bestanden vervolgens met ingedrukte linkermuisknop naar de gewenste map op de pc, bijvoorbeeld naar de map "Mijn documenten". U kunt de bestanden ook selecteren en de Windows-opdrachten "Kopiëren" en "Plakken" gebruiken.
De bestanden worden naar de pc overgezet en daar opgeslagen. U kunt de bestanden met geschikte software weergeven, afspelen en bewerken.
11.2. DCF-geheugenstandaard
De opnamen op uw camera worden opgeslagen en be-noemd volgens de DCF-standaard (DCF = Design Rule for Camera File System). Opnamen op geheugenkaarten van andere DCF-camera's kunnen op uw camera worden weer-gegeven.
11.3. Kaartlezer
Als uw pc een kaartlezer heeft of wanneer er een kaartlezer op aangesloten is en u de foto's op de geheugenkaart heeft opgeslagen, kunt u de foto's natuurlijk ook op die manier naar de pc kopieren.
De kaartlezer wordt door Windows onder "Deze computer" ook herkend als verwisselbare schijf.
12. Verhelpen van storingen
Als de camera niet correct functioneert, controleert u de volgende punten. Als het probleem blijft bestaan, kunt u contact opnemen met MEDION Service.
De camera kan niet worden ingeschakeld.
- De batterijen zijn verkeerd geplaatst.
- De batterijen zijn leeg.
▶ Vervang de batterijen. - De camera staat nog in de bewakingsmodus.
Wacht tot de camera de laatste opnamen heeft opgeslagen en zich vervolgens inschakelt.
De camera maakt geen foto's.
- De camera staat nog in de testmodus.
- Het geheugen is vol.
- De SD-geheugenkaart is niet correct geformatteerd of defect.
De foto is onscherp.
- Het motief van de opname heeft zich zeer snel bewo-gen.
- Het motief was buiten het instelbereik van de camera.
Verbeter de lichtomstandigheden. en controleer het opnamebereik in de testmodus.
De foto wordt niet op het scherm weergegeven.
- Er is een SD-geheugenkaart geplaatst waarop met een andere camera foto's gemaakt zijn in een ander formaat (niet DCF). De camera kan deze foto's niet weergeven.
De camera wordt uitgeschakeld.
- De batterijen zijn leeg.
▶ Vervang de batterijen.
De opname is niet opgeslagen.
- De geheugenkaart is vol.
De foto's kunnen via de USB-kabel niet naar de pc worden overgezet.
- De camera is niet ingeschakeld.
Wanneer de camera voor het eerst op de pc wordt aangesloten, wordt er geen nieuwe hardware gevonden
- De USB-aansluiting van de pc is gedeactiveerd.
- Het besturingssysteem is niet compatibel.
13. Onderhoud en verzorging
Reinig de behuizing, het objectief en het scherm als volgt:
▶ reinig de behuizing van de camera met een zacht droog doekje.
- Gebruik geen verdunners of schoonmaakmiddelen die olie bevatten. Daardoor kan de camera beschadigd ra- ken.
- Om het objectief of de display te reinigen, verwijdert u het stof eerst met een objectiefkwastje. Reinig daarna met een zacht doekje. Druk niet op het display en gebruik voor het schoonmaken ervan geen harde voorwerpen.
- Gebruik voor de behuizing en het objectief geen sterke schoonmaakmiddelen (vraag advies aan de verkoper wanneer het vuil niet verwijderd kan worden).
14. Afvoer

VERPAKKING
Dit apparaat is verpakt om het tijdens transport te beschermen tegen beschadiging. De verpakking bestaat uit materialen die milieuvriendelijk kunnen worden afgevoerd en vakkundig kunnen worden gerecycled.

APPARAAT
Afgedankte apparatuur mag niet met het gewone huishoudelijk afval worden afgevoerd.
Volgens richtlijn 2012/19/EU moet oude appara- tuur aan het einde van de levensduur volgens voor- schrift worden afgevoerd. Hierbij worden de bruik- bare grondstoffen in het apparaat voor recycling gescheiden waarmee de belasting van het milieu wordt beperkt.
Lever het afgedankte apparaat voor recycling in bij een inzamelpunt voor elektrisch afval of een algemeen inzamelpunt voor recycling. Verwijder vooraf de batterijen uit het apparaat en lever deze apart in bij een inzamelpunt voor lege batterijen.
Neem voor verdere informatie contact op met uw plaatselijke reinigingsdienst of met uw gemeente.

BATTERIJEN
Lege batterijen horen niet bij het huisvuil. Batterijen moeten correct worden afgevoerd. Op verkooppunten van batterijen en gemeentelijke inza-melpunten staan daarvoor speciale containers ter beschikking. Neem voor meer informatie contact op met uw lokale afvalverwerkingsbedrijf of gemeente.
Brandpuntsafstand: f = 7,45 mm
Lcd-monitor: 5,99 cm / 2,36" TFT LCD-display
Bestandsformaten: JPEG, AVI (MJPG)
MAX. RESOLUTIES
Cameramodus
Geïterpoleerd: 4000 x 3000 pixels (12M)
3264 x 2448 pixels (8M)
Extern: SD-/SDHC-kaart (4 tot 32 GB)
Aansluiting: MiniUSB 2.0
Onder voorbehoud van technische optische wijzigingen en drukfouten!
16. Verklaring van conformiteit
CE
Hiermee verklaart Medion AG dat dit apparaat voldoet aan de basiseisen en de overige relevante voorschriften:
• EMC-richtlijn 2014/30/EU
• RoHS-richtlijn 2011/65/EU.
17. Colofon
Copyright © 2018
Uitgave: 26.02.2018
Alle rechten voorbehouden.
Deze handleiding is auteursrechtelijk beschermd.
Vermenigvuldiging in mechanische, elektronische of enige andere vorm zonder schriftelijke toestemming van de fabrikant is verboden.
Het copyright berust bij de persoon of onderneming die het product in het verkeer brengt:
MEDION AG
Am Zehnthof 77
45307 Essen
Duitsland
De handleiding is via de serviceportalen beschikbaar voor download.
U kunt ook de bovenstaande QR-code scannen en de handleiding via het serviceportal naar uw mobiele toestel downloaden.
| URL QR Code | ||
| NL www.medion.com/nl/service/start/ | ![]() | |
| BE | www.medion.com/be/nl/service/start/ | ![]() |
| LUX www.medion.com/lu/fr/ | ![]() | |
Contenuto
DE


