DTW1002 - Schroevendraaier MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DTW1002 MAKITA in PDF-formaat.
| Merk | Makita |
| Model | DTW1002 |
| Producttype | Draadloze slagmoersleutel |
| Aanhaalmoment (standaard bout) | M14 - M20 |
| Aanhaalmoment (hogesterkte bout) | M10 - M16 |
| Maximaal aanhaalmoment | 260 N·m |
| Momentbereik | Ongeveer 40 - 170 N·m |
| Afmetingen van de vierkante aandrijving | 12,7 mm (1/2") |
| Onbelaste snelheid | 0 - 2 800 min⁻¹ |
| Slagen per minuut | 0 - 3 400 min⁻¹ |
| Totale lengte | 161 mm |
| Nominale spanning | 18 V DC |
| Netto gewicht (zonder accu) | 1,8 kg |
| Compatibele accu's | BL1840B, BL1850B, BL1860B |
| Compatibele laders | DC18RC, DC18RD, DC18RE, DC18SD, DC18SE, DC18SF, DC18SH, DC18WC |
| Geluidsdrukniveau (Lₚₐ) | 99 dB(A) |
| Geluidsvermogen (Lₜₐ) | 107 dB(A) |
| Trillingen (aandraaien met slag) | 15,5 m/s² |
| Onzekerheid (trillingen) | 2,0 m/s² |
| Elektrische rem | Ja |
| LED-lampje voor | Ja |
| Omkeerschakelaar draairichting | Ja, met neutrale stand |
| Elektronische momentinstelling | Ja (via software of rechtstreeks op het gereedschap) |
| Elektronisch beveiligingssysteem | Tegen overbelasting, oververhitting en volledige ontlading |
Veelgestelde vragen - DTW1002 MAKITA
Gebruikersvragen over DTW1002 MAKITA
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Schroevendraaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DTW1002 - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DTW1002 van het merk MAKITA.
GEBRUIKSAANWIJZING DTW1002 MAKITA
| Model: DTWA260 | ||
| Bevestigingscapaciteiten Standaardbout M14 - M20 | ||
| Bout met hoge trekvastheid M10 - M16 | ||
| Maximaal aandraaimoment 260 N·m | ||
| Koppelbereik Ong. 40 - 170 N·m | ||
| Vierkante aandrijfkop 12,7 mm | ||
| Nullasttoerental (t/min) 0 - 2.800 min | -1 | |
| Slagen per minuut 0 - 3.400 min | -1 | |
| Totale lenghte 161 mm | ||
| Nominale spanning 18 V gelijkspanning | ||
| Nettogewicht 1,8 kg | ||
| Geschikte USB-kabel 661432-2 | ||
In verband met ononderbroken research en ontwikkeling, behouden wij ons hetrecht voor de bovenstaande technische gegevens zonder voorafgaande kennisgeving te wijzigen.
- De technische gegevens können van land tot land verschillen.
Het gewicht kan verschillen afhankelijk van de hulpstukken, waaronder de accu. De Lichtste en zwaarste combinatie, overeenkomstig de EPTA-procedure 01/2014, worden getoond in de tabel.
Toepasselijkke accu's en laders
| Accu | BL1840B / BL1850B / BL1860B |
| Lader | DC18RC / DC18RD / DC18RE / DC18SD / DC18SE / DC18SF / DC18SH / DC18WC |
Sommige van de hierboven vermelde accu's en laders zichen möglichn Niet leverbaar afhankelijk van waar u woont.

WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend de accu's en laders die hierboven worden genoemd. Gebruik an enige andere accu of lader kan leiden tot letsel en/of brand.
Gebruiksdoelseinden
Dit gereedschap is bedoeld voor het vastdraaien van bouten en moeren.
Geluidsniveau
De typische, A-gewogen geluidsniveauaus zijn gemeten volgens EN62841-2-2:
Geluidsdrukniveau (L_pA) : 99 dB (A)
Geluidsvermogenniveau (L_WA) : 107 dB (A)
Onzekerheid (K): 3 dB (A)
OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standardtestmethode en kan/kunnen worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijkken met andere gereedschappen.
OPMERKING: De opgegeven geluidsemissiewaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor eenbeoordeling vooraf van de blootstelling.

- WAARSCHUWING: Draag gehoorbeschemming.
WAARSCHUWING: De geluidsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap worden gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee worden gewerkt.
WAARSCHUWING:Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de gebruiker die zich gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder practijkomstandigheden (rekening houdend met allefasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijsduur).
Trilling
De totale trillingswaarde (triaxiale vectorsom) zoals vastgesteld volgens EN62841-2-2:
Gebruikstoepassing: bevestigen met behulp van slagwerking van bevestigingsmiddelen tot de maximale capacititeit van het gereedschap
Trillingsemissie (a_h) : 15,5m / s^2 Onzekerheid (K): 2,0m / s^2
OPMERKING: De totale trillingswaarde(n) is/zijn gemeten volgens een standardtestmethode en kan/ hun den worden gezrukt om dit gereedschap te vergelijkden met andere gereedschappen.
OPMERKING: De opgegeven totale trillingswaarde(n) kan/kunnen ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de bloatstelling.
WAARSCHUWING: De trillingsemissieijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven waarde(n) afhankelijk van de manier waarop het gereedschap worden gebruikt, met name van het soort werkstuk waarmee worden gewerkt.
WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de gebruiker die zichen gebaseerd op een schatting van deblootstelling onder practijkomstandigheden (rekening houdend met allefasen van de bedrijfscylus,zoals de tijsduurgedurende welke het gereedschap isuitgeschakeld enstationair draait,naast de ingeschakelde tijsduur).
Verklaringen van conformiteit
Alleen voor Europese landen
De verklaringen van conformiteit zijn bijgevoegt in Bijlage A bij deze gebruiksaanwijzing.
Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap
WAARSCHUWING Lees alle veiligheidswaarschuwin-gen, instructies, afbeeldingen en technische gegevens die bij dit elektrisch gereedschap worden geleverd. Als nicht alle onderstaande instructies worden opgevolgd, kan dat leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel.
Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen.
De term "elektrisch gereedschap" in de veiligheidsvoorschriften duidt op gereedschappen die op stroom van het Lichtnet werkken (met snoer) of gereedschappen met een accu (snoerloos).
Veiligheidswaarschuwingen voor een accuslagmoersleutel
-
Houd elektrisch gereedschap vast bij het geïso-lerde oppervlak van de handgrepen wanner u werkt opplaatsen waar het bevestigingsma-teriaal in aanraking kan komen met verborgen bedrading. Wanner bevestigingsmaterialen in aanraking komen met onder spanning staande draden, zullen de Niet-geïsoleerde metalen delen van het gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schok kan krijgen.
-
Draag oorbeschemers.
-
Controller de slagdop nauwkeurig op slijtage, scheuren of beschadiging alvorensudeau op het gereedschap te monteren.
- Houd het gereedschap stevig vast.
- Houd uw handen uit de buurt van draaiende onderdelen.
- Raak de slagdop, de bout, de moer of het werkstuk Niet onmiddelijk na gebruik aan. Zij hunnen bijzonder heet zich en brandwonden op uw huid veroorzaken.
- Zorg ervoor dat u stevig staat op een vast ondergrund. Bij gebruik van het gereedschap op een hoge plaats dient u ervoor te zorgen dat niemand beneden u aanwezig is.
- Het juiste aandraaimoment kan verschillen afhankelijk van de soort en maat van de bout. Controller het aandraaimoment met een momentsleutel.
- Verzeker uervaan dat er geen elektriciteitskabels, waterleidingen, gasleidingen, enz. zich die een gevaarlijke situatie zouden könnenveroorzaken als ze worden beschadigd door het gebruik van dit gereedschap.
BEWAAR DEZEVOORSCHRIFTEN.
WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betreffende gereedschap altijd strikt in acht.
VERKEERD GEBRUIK of het Niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwijzing kan leiden tot ernstige verwondingen.
Belangrijke veiligheidsinstrumentes voor een accu
- Lees alle voorschriften en waarschuwingen op (1) de acculader, (2) de accu, en (3) het product waarvoord de accu worden gebruikt, alvorens de accu in gebruik te nemen.
- Haal de accu Niet uit elkaar en saboteer hem Niet. Dit kan leiden tot brand, buitensporige hitte of een explosie.
- Als de gebruikstijd van een opgeladen accu aanzienlijk korter is geworden, moet u het gebruik ervan onmiddelijk stopzetten. Voortgezet gebruik kan oververhitting, brandwonden en zelfs een ontploffing veroorzaken.
-
Als elektrolyt in uw ogen is terecht gekomen, spoelt u uw ogen met schoon water en roept u onmiddelijk de hulp van een dokter in. Elektrolyt in de ogen kan blindheid veroorzaken.
-
Voorkom kortsluiting van de accu:
(1) Raak de accuklemmen nooit aan met een geleidend materiaal.
(2) Bewaar de accu Niet in een bak waarin andere metalen voorwerpen zoals spijkers, Munten e.d. worden bewaard.
(3) Stel de accu Niet bloot aan water of regen. Kortsluiting van de accu kan oorzaak zichn van een grote stroomafgifte, oververhitting, brandwonden, en zelfs defecten.
- Bewaar en gelebruik het gereedschap en de accu Niet opplaatsen waar de temperatuur kan oplopen tot 50^ of hoger.
- Werp de accu nooit in het vuur, ook nicht wanner hij zwaar beschadigd of volledig versleten is. De accu kan ontploffen in het vuur.
- Laat de accu Niet vallen, sla er geen spijker in, snijd er Niet in, gooi er Niet mee en stoot hem Niet gegen een hard voorwerp. Dergelijkke handelingen können leiden tot brand, buitensporigeitte of een explosie.
- Gebruik nooit een beschadigde accu.
- De bijgeleverde lithium-ionbatterijen zijn onderhevig aan de vereisten in de wetgeving omtrent gevaarlijke stoffen.
Voor commercieel transport en dergelijkke doorderden en transporteurs moeten speciale vereisten ten aanzien van verpakking en etikettering worden nageleefd.
Als voorbereiding van het artikel dat worden getransporteerd is hetoodzakelijk een expert op het gebied van gevaarlijke stoffen te raadplegen. Houd u tevens aan möglichst strengere nationale regelgeving.
Blootliggende contactpunten moeten worden afgedekt met tape en de accu要去zadanig worden verpakt dat deze Niet kan bewegen in de verpakking.
- Wanner u de accu wilt weggooien, verwijdert u de accu vanaf het gereedschap en gooit u hem op een veilige manier weg. Volg bij het weggooien van de accu deplaatselijke voorschriften.
- Gebruik de accu's uitsluitend met de gereedschappen die door Makita zich aanbevolen. Als de accu's worden aangebracht in nicht-compatible gereedschappen, kan dat leiden tot brand, buitensporige warmteontwikkeling, een explosie of lekkage van elektrolyt.
- Als u het gereedschap gedurende een langtijd Niet denkt te gaan gebruiken, moet de accu vanaf het gereedschap worden verwijderd.
- Tijdens en na gebruik, kan de accu heet worden waardoor brandwonden of koude brandwonden können worden veroorzaakt. Wees voorzichtig bij het hanteren van een hare accu.
- Raak de aansluitpunten van het gereedschap Niet onmiddelijk na gebruik aan,ondat deze heet genoeg hunnen zich om brandwonden teveroorzaken.
- Zorg ervoor dat geen steenslag, stof of grond vast kommt te zitten op/in de aansluitpunten, openingsen en groeven van de accu. Hierdoor kan oververhitting, brand, een barst en een storing in het gereedschap of de accu ontstaan waardoor brandwonden of persoonlijk letsel konnen ontstaan.
- Behalve indien gebruik van het gereedschap is toegestaan in de buurt van hoogspanningsleidingen, mag u de accu Niet gebruiken in de buurt van een hoogspanningsleiding. Dit kan leiden tot een storing of een defect van het gereedschap of de accu.
- Houd de accu uit de buurt van kinderen.
BEWAAR DEZE INSTRUCTIES.
ALET OP: Gebruik uitsluitend originele Makita accu's. Het gebruik van Niet-originele accu's, of accu's die zich gewijzigd, kan ertoe leiden dat de accu ontploft en brand, persoonlijk letsel en schadeverozaakt. Ook vervalt daarmee de garantie van Makita op het gereedschap en de lader van Makita.
Tips voor een maximale levensduur van de accu
- Laad de accu op voordat hij volledig ontladen is. Stop het gebruik van het gereedschap en laad de accu op telkens wanner u vaststelt dat het vermogen van het gereedschap is afgenomen.
- Laad een volledig opgeladen accu nooit opniew op. Te lang opladen verkort de levensduur van de accu.
- Laad de accu op bij een omgevingstempoatuur:tussen 10^ en 40^ . Laat een warmer accu afkoelen alvorens hem op te laden.
- Als de accu Niet worden gebruikt, verwijdert u hem vanaf het gereedschap of de lader.
- Laad de accu op als u deze gedurende een langeijd (meer dan zes maanden) Niet gaat gebruiken.
BESCHRIJVING VAN DE FUNCTIONS
ALET OP: Zorg alsijd dat het gereedschap isuitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens de functies op het gereedschap af te stellen of te controeren.
De accu aanbrengen en verwijderen
ALETOP: Schakel het gereedschap.altijd uit voordat u de accu aanbrengt of verwijdert.
ALET OP: Houd het gereedschap en de accu stevig vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu. Als u het gereedschap en de accu Niet stevig vasthoudt, hunnen deze uit uw handen glippen en het gereedschap of de accu beschadigen, of kan persoonlijk letsel worden voroorzaakt.
Om de accu aan te brengen lijnt u de lip op de accuuit met de groef in de behuizing en duwt u de accu op+zijn plaats. Steek de accu zo ver möglichk in het gereed-schap tot u een klikgeluid hoort. Wanner het rode deel zichtaar is, zoals aangegeven in de afbeelding, is de accu Niet geheel vergrendeld.
Om de accu te verwijderen versusluft u de knop aan de voorkant van de accu en schuift u tegelijkertijd de accuuit het gereedschap.
Fig.1: 1. Rood deal 2. Knop 3. Accu
ALET OP: Breng de accu altijd helemaal aan totdat het rode deel nicht meer zichtbaar is. Als u dit Niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap vallen en u of anderen in uw omgeving verwonden.
ALETOP:Breng de accu Niet met kracht aan. Als de accu Niet gemakkelijk in het gereedschap kan worden geschoven, wordt deze Niet goed aangebracht.
Het gereedschap is voorzien van een gereedschap-/ accubeveiligingssysteme. Dit system schakelt automatisch de voeding maar de motoruit om de levensduur van het gereedschap en de accu te verlengen. Het gereedschap kan tijdens het gebruik automatisch stoppen als het gereedschap of de accu aan een van de volgende omstandigheden worden blootgesteld:
Overbelastingsbeveiling
Wanner het gereedschap/de accu worden bediend op een manier waarop een abnormalaal hoge stroomsterkte wordt getrokken, stopt het gereedschap automatisch. WannerDat gebeurt, schakelt u het gereedschapuit enstopt u de toepassing die ertoe leidde dat het gereedschap oververhit raakte. Schakelervolgens het gereedschap in om het wee te starten.
Oververhittingsbeveiling
Wanner het gereedschap/de accu oververhit is, stopt het gereedschap automatisch. Laat in deze situatie het gereedschap/de accu afkoelen voordat u het gereedschap wee inschakelt.
Bveiliging gegen te ver ontladen
Als de acculading onvoldoende is, stopt het gereedschap automatisch. In dit het geval verwijdert u de accu vanaf het gereedschap en laadt u de accu op.
Beveiling gegen andere oorzaken
Het beveiligingsystem is ook ontworpen voor andere oorzaken die het gereedschap hunnen beschadigen, en zorgt ervoor dat het gereedschap automatisch stocht. Voer alle volgende stappen uit om de oorzaken op te heffen, wonneer het gereedschapijdelijk is onderbroken ofijdens het gebruik is gestopt.
- Schakel het gereedschapuit en schakel het daarna wee in om het opnieuw te starten.
- Laad de accu('s) op of cervang hem/ze door (een) opgeladen accu('s).
- Laat het gereedschap en de accu('s) afkoelen.
Als geen verbetering opttreedt nadat het beveiligingsystem is geseset, neemt u contact op met uw lokale Makita-servicecentrum.
De resterende acculading controlleren
Alleen voor accu's met indicatorlampjes
Druk op de testknop op de accu om de resterende accumulating te zien. De indicatorlampjes branden gedurende enkele seconden.
Fig.2: 1. Indicatorlampjes 2. Testknop
| Indicatorlampjes Resterende | acculading | ||
| Brandt Uit | Knippert | ||
| 75% tot 100% | |||
| 50% tot 75% | |||
| 25% tot 50% | |||
| 0% tot 25% | |||
| Laad de accu op. | |||
| Er kan een storing zich opgetreden in de accu. | |||
OPMERKING: Afhankelijk van de gebruiksomstandigden en de omgevingstemperatuur, is het mogelijk dat de aangegeven acculading verschilt van de werkelijkke acculading.
OPMERKING: Het eerste (meest linker) indicator-lampje knippert wanner het accubeveiligingsssystem in werkig is getreden.
De trekkerschakelaar gebruiken
ALET OP: Alvorens de accu in het gereed-schap teplaatsen, moet u altijd controlleren of de trekkerschakelaar goed werkt en bij het loslaten terugkeert maar de stand "OFF".
Om het gereedschap te starten, knijpt u gewoon de trekkerschakelaar in. Hoe harder u de trekkerschakelaar inknijpt, hoe sneller het gereedschap draait. Laat de trekkerschakelaar los om het gereedschap te stoppen.
Fig.3: 1.Trekkerschakelaar
OPMERKING: Het gereedschap stopt automatisch wanneer u de trekkerschakelaar gedurende ongeveer 3 Minutes ingeknepen houdt.
Elektrische rem
Dit gereedschap is voorzien van een elektrische rem.
Als het gereedschap continu Niet snel stilstaat nadat de trekkerschakelaar is losgelaten, maar u het gereedschap onderhonden door een Makita-servicecentrum.
De lamp op de voorkant gebruiken
ALET OP: Kijk Niet direct in het lamplicht of in delichtbron.
Knijp de trekkerschakelaar in om de lamp in te schaken. De lamp blijft branden zo lang de trekkerschakelaar wordt ingeknepen. Ongeveer 10 seconden nadat u de trekkerschakelaar hebts losgelaten,.gaat de lamp UIT.
Fig.4: 1. Lamp
OPMERKING: Gebruik een droge doeok om vuil van de lens van de lamp af te vegen. Wees voorzichtig dat u de lens van de lamp Niet bekrast waar dat dan de verlichting minder worden.
De omkeerschakelaar bedieren
ALETOP: Controller altijd de draairichting alvorens het gereedschap te starten.
ALET OP: Verander de stand van de omkeerschakelaar alleen nadat het gereedschap volledig tot stilstand is gekomen. Als u de draairichting verandert verwijl het gereedschap nog draait, kan het gereedschap beschadigd raken.
ALET OP: Zet de omkeerschakelaar.altijd in de neutrale stand wanner u het gereedschap nicht gebruikt.
Dit gereedschap heeft een omkeerschakelaar voor het veranderen van de draairichting. Druk de omkeerschakelaar in vanaf kanf A voor de draairichting rechtsom, of vanaf kanf B voor de draairichting linksom. Wanner de omkeerschakelaar in de neutrale stand staat, kan de trekkerschakelaar Niet worden ingeknepen.
Fig.5: 1. Omkeerschakelaar
De parameterinstalling veranderen op de computer
U kunt gedetailleerde instellingen van het gereedschap configureren met behulp van de applicatiesoftware "Makita Industry Tool Settings". Installer de applicatiesoftware op uw computer en verbindt het gereedschap met behulp van een USB-kabel met de computer. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van "Makita Industry Tool Settings" voor meer informatie over het configureren.
▶ Fig.6: 1. USB-poort 2. USB-afdekking 3. USB-kabel
KENNISGEVING: Zorg ervoor dat de USBafdekking gesloten isijdens het bevestigen.
OPMERKING: Gebruik het vooraf ingesteld e aantal als een richtlij. Om het aandraaimoment hetzelfdete houden, verandert het aantal slagen automatisch afhankelijk van de resterende acculading.
OPMERKING: Gebruik de originele USB-kabel van Makita om uw computer aan te sluiten op het gereedschap. Raadpleeg de paragraaf "TECHNISCHE GEGEVENS".
OPMERKING: Neem contact op met een Makita-verkoopvertegenwoordiger voor de applicatiesoftware.
De parameterinstelling veränderen op het gereedschap (veldinstelfunctie)
KENNISGEVING: Deze functie is standard aanwezig. Als u de veldinstelfunctie op de computer hebt uitgeschakeld, schakelt u de veldinstelfunctie van tevoren in. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van "Makita Industry Tool Settings" voor hoe u kunt configureren.
KENNISGEVING: Als de veldinstelfunctie is uitgeschakeld, is het nicht möglichk om instelleningen op het gereed-schap te makeen. Wanner u op de instelknop drukt, worden de waarden die op het gereedschap zich ingesteld op volgorde weergegeven.
OPMERKING: Wanneer de omkeerschakelaar is ingedrukt voor rechtsom draaien, geeft de indicator de instelling voorrechtsmraaien wee.
Wonneer de omkeerschakelaar is ingedrukt voor linksom draaien, geeft de indicator de instelling voor linksom draaien wee.
Het huidige instelnummer worden weergegeven op de indicator.
Elke keer wanner u op de instelknop drukt, geeft de indicator het koppelniveau, rundown-niveau, kortste werktijdbereik, langste werkelijkbereik en "Ad." wee.
Fig.7: 1. Instelknop 2. Indicator
U kunt de parameters van de volgende instelleningen veranderen.
| Instelling Weergave op indicator Beschrijving | ||
| Koppelniveau 01 - 40 | FF | Het koppelniveau waarop de auto-stop-aandraaifunctie in werkig treedt. |
| Rundown-niveau L1 - L7 De gevoeligheid van de | bevestigingszitting. | |
| Kortste werktijdbereik Lo / 0.1 - 9.9 | Lo / -- | De kortste tijsdsuur van het draaien wan- neer u de trekkerschakelaar ingekopen blijft honden. |
| Langste werktijdbereik HI / 0.1 - 9.9 | HI / -- | De langste tijsdsuur van het draaien wan- neer u de trekkerschakelaar ingekopen blijft honden. |
KENNISGEVING: Als "OP" (auto-stop-losdraaifunctie) worden weergegeven op de indicator, zich de instellenen voor koppelniveau en rundown-niveau Niet beschikbaar. Om het koppelniveau en het rundown-niveau in te stellen, verandert u de functie maar de auto-stop-aandraaifunctie op de computer met behulp van "Makita Industry Tool Settings".
Het koppelniveau veränderen
Voorbeeld: U wilt het koppelniveau veranderen van 23 maar 34
Fig.8
- Druk meerdere keren op de instelknop totdat op de indicator het 2-cijferige nummer worden weergegeven dat overeenkomt met het huidig ingestelde koppelniveau.
- Houd de instelknop ingedrukt tot het cijfer van de tientallen begint te knipperen.
- Stel het cijfer van de tientallen in door kort op de instelknop te drukken. Elke keer wanner u op de instelknop drukt, geeft de indicator een cijfer waar van "0" tot en met "4" in cyclische volgorde.
- Houd de instelknop ingedrukt tot het cijfer van de eentallen begint te knipperen.
- Stel het cijfer van de eentallen in door kort op de instelknop te drukken. Elke keer wanner u op de instelknop drukt, geeft de indicator een cijfer wee van "0" tot en met "9" in cyclische volgorde.
- Houd de instelknop gedurende enkele seconden ingedrukt.
OPMERKING: Als u Niet weet welk koppelniveau geschikt is voor uw werkzaamheden, stelt u "FF" in zodat het gereedschap in de vrije functie werkt.
OPMERKING: Als u "00" invoert, wordt "FF" weergegeven inplaats van "00".
Het rundown-niveau veranderen
Voorbeeld: U wilt het rundown-niveau veranderen van L1 maar L2
Fig.9
- Druk meerere keren op de instelknop totdat de indicator 2 tekens weergeeft beginnende met "L" gevolgd door een cijfer. Dit geeft de huidige instelling van het rundown-niveau aan.
- Houd de instelknop ingedrukt totdat de indicator begint te knipperen.
- Stel het rundown-niveau in. Elke keer wanner u op de instelknop drukt, geeft de indicator "L1" tot en met "L7" wee in cyclische volgorde. De hoogste gevoeligheid van de bevestigingszitting is "L1" en de laagste gevoeligheid van de bevestigingszitting is "L7".
- Houd de instelknop gedurende enkele seconden ingedrukt.
Het kortste werktijdbereik veranderen
Voorbeeld: U wilt het kortste werkelijkbereik veranderen van 2.5 maar 3.6
Fig.10
- Druk meerere keren op de instelknop totdat op de indicator "Lo" en een cijfer beurtelings weergeeft. Dit geeft de huidige instelling van het kortste werktijdbereik aan.
- Houd de instelknop ingedrukt tot het cijfer van de eentallen begint te knipperen.
- Stel het cijfer van de eentallen in door kort op de instelknop te drukken. Elke keer wanner u op de instelknop drukt, geeft de indicator een cijfer wee van "0" tot en met "9" in cyclische volgorde.
- Houd de instelknop ingedrukt tot het cijfer van de decimal begint te knipperen.
- Stel het cijfer van de decimal in door kort op de instelknop te drukken. Elke keer wanner u op de instelknop drukt, geeft de indicator een cijfer weer van "0" tot en met "9" in cyclische volgorde.
- Houd de instelknop gedurende enkele seconden ingedrukt.
OPMERKING: Wonneer u een waarde lager dan "0.1" instelt voor het kortste werkelijkbereik, geeft de indicator "-." wee en wordt het kortste werkelijkbereikuitgeschakeld. Om "-." in te stellen, stelt u de waarde in op "0.9" en drukt u op de instelknop verwijl het cijfer van de decimaal knippert.
Het langste werktijdbereik veränderen
Voorbeeld: U wilt het langste werkelijkbereik veranderen van 2.5aar 3.6
Fig.11
- Druk meerere keren op de instelknop totdat op de indicator "H" en een cijfer beurtelings weergeeft. Dit geeft de huidige instelling van het langste werkelijkbereik aan.
- Houd de instelknop ingedrukt tot het cijfer van de eentallen begint te knipperen.
- Stel het cijfer van de eentallen in door kort op de instelknop te drukken. Elke keer wanner u op de instelknop drukt, geeft de indicator een cijfer weer van "0" tot en met "9" in cyclische volgorde.
-
Houd de instelknop ingedrukt tot het cijfer van de decimal begint te knipperen.
-
Stel het cijfer van de decimal in door kort op de instelknop te drukken. Elke keer wanner u op de instelknop drukt, geeft de indicator een cijfer wee van "0" tot en met "9" in cyclische volgorde.
- Houd de instelknop gedurende enkele seconden ingedrukt.
OPMERKING: Wanner u een waarde hoger dan "9.9" instelt voor het langste werkelijkbereik, geeft de indicator "-." weer en wordt het langste werkelijkbereikuitgeschakeld. Om "-." in te stellen, stelt u de waarde in op "9.9" en drukt u op de instelknop verwijl het cijfer van de decimaln knippert.
Een daadwerkelijk bediening meten (zelfdiagnose)
KENNISGEVING: Deze functie is standard aanwezig. Als u de veldinstelfunctie op de computer hebt uitgeschakeld, schakelt u de veldinstelfunctie van tevoren in. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van "Makita Industry Tool Settings" voor hoe u kunt configureren.
U kunt het koppelniveau en de werkingsduur van een daadwerkelijk bediening meten door het gereedschap te bedieren. Gemeten koppelniveau en werkelijk kan den worden gebruikt voor bijvoorbeeld:
- Het nabootsen van een koppelregeltechniek van een vakkundige werkman.
- Een richtlijn voor het instellen van het kortste/langste werkelijkbereik.
Het koppelniveau en de werkingsduur meten
- Druk meerdere keren op de instelknop totdat op de indicator "Ad." worden weergegeven.
- Houd de instelknop ingedrukt totdat op de indicator "Ch." worden weergegeven.
-
Voer de bediening uit waarvan u de werkingsduur wilt meten.
-
Als u het koppelniveau hebt geconfigureerd, bedient u het gereedschap totdat het stopt in de auto-stop-aandraaifunctie.
-
Als u het koppelniveau niets hebts ingesteld (vrije functie), bedient u het gereedschap al aan gelang noodzakelijk.
-
Controller de meetresultaten. Druk een keer op de instelknop om het daadwerkelijkke koppelniveaueer te geven en druk er nog een keer op om de daadwerkelijkke werkingsduur wee ter goven. Elke keer wanner u op de instelknop drukt, geeft de indicator "Ch.", de waarde van het daadwerkelijkke koppelniveau en de Waarde van de daadwerkelijkke werkingsduur wee in cyclische volgorde.
- Houd de instelknop ingedrukt om de zelfdiagnose te verlaten.
OPMERKING: De auto-stop-aandraaifunctie werkt zelfs in de zelfdiagnose. Als u het koppelniveau zonder grenswaarde wilt meten, stelt u het koppelniveau in op "FF" (vrije functie) en voert u de bovenstaande procedureuit.
OPMERKING: Als "--" worden weergegeven op de indicator, werkte het slagmechanisme Niet of is het koppelniveau hoger dan 40. Als "--" worden weergegeven op de indicator, was de werkingsduur longer dan 9,9 seconden.
In het geval het slagmechanisme Niet werkte: Meet het koppelniveau opnieuw met een langere werktijd.
In het geval het koppelniveau hoger is dan 40: Het gereedschap kan het koppelniveau Niet meten. Gebruik een gereedschap met een hoger koppelbereik, indien beschikbaar.
In het geval de werkingsduur langer was dan 9,9 seconden, is het werktijdbereik Niet beschikkaar.
Voorbeeld van een meting:
Als u de volgende instelling configureert, kurz u de status van het gereedschap aflezen.
Voorbeeld 1
| Instelling Instelling op gereedschap Meetresultaat Diagnose | |||
| Koppelniveau 23 20 Het gereed schap is gestopt bij | de instelling van het langste werkelijkbereik (3,5 seconden) voordat de instelling van de auto-stop-aandraaifunctie (koppelniveau 23) worden weergegeven. | ||
| Werktijdbereik kortste: 2,5 seconden langste: 3,5 seconden | 3,5 | ||
Voorbeeld 2
| Instelling Instelling op gereedschap Meetresultaat Diagnose | |||
| Koppelniveau 23 23 Het gereedischap is gestopt | bij de instelling van de auto-stop-aandraaifunctie (koppelniveau 23) voordat de instelling van het langste werkelijkbereik (3,5 seconden) worden weergegeven. | ||
| Werktijdbereik kortste: 2,5Seconden langste: 3,5 Seconden | 3,0 | ||
Fig.12: 1. LED-indicator
De LED-indicator/zoemer op het gereedschap toont de volgende functies.
| Alarmcode Functie Status van het | gereedschap | Status van de LED-indicator/zoemer Te | nemenmaatregel | ||
| LED-indicator Zoemer | |||||
| E0 Accu fouit | aangebracht | Als de accu is aan-gebracht terwijde trekkerschakelaar is ingeknepen, stopt het gereedschap om onbedoeld starten te voorkomen. | Knippert beurtelings rood en groen. | Een serie korte pieptonen | Breng de accu aan werijl de trekkerschakelaar is losgelaten. |
| E1 Automatisch | stoppen met.accusignaal | De accelad inglaag geworden en het isijd om de accu te verrangen. | Knippert beurtelings rood en groen. | Een serie korte pieptonen | Vervang de accu door een volledig opgeladen accu. |
| E2 Anti-reset van | controller | De accelspanning is om een of andere reden abnormal verlaagd en het gereedschap is gestopt. | Knippert beurtelings rood en groen. | Een serie korte pieptonen | Vervang de accu door een volledig opgeladen accu. |
| E3 Automatisch stop- | pen met lage restende acculading | De accelad ing bijna opgebruikt en het gereedschap is gestopt. | Brandt rood. Een langle pieptoon Vervang de accu door een volledig opgeladen accu. | ||
| E4 | Overbelastingsbeveiliging | Het gereedschap ward overbelast en is gestopt. | Knippert beurtelings rood en groen. | Een serie korte pieptonen | Hef deoorzaak van de overbelasting op en start het gereed-schap opnieuw.Vraag uwplaat-selijke Makita-servicecentrum het gereedschap te repareren. |
| E5 | Oververhittingsbeveiliging | De controller in het gereedschap is abnormaal opgewarmd en het gereedschap is gestopt. | Knippert snel rood. | Een serie korte pieptonen | Verwijder onmiddel- lijk de accu en LAST het gereedschap afkoelen. |
| E6 Motorblokkering De | de motor is | geblokkeerd. Op dit moment werkht het gereedschap Niet. | Knippert beurtelings rood en groen. | Een serie korte pieptonen | Vraag uwplaat-selijke Makita-servicecentrum het gereedschap te repareren. |
| E7 Motorstoring Het gereedschap | heeft een storing in de motor vast-gesteld. Op dit moment werkht het gereedschap Niet. | Knippert beurtelings rood en groen. | Een serie korte pieptonen | Vraag uwplaat-selijke Makita-servicecentrum het gereedschap te repareren. | |
| E8 Schakelaarstoring | Het gereedschap | heeft een storing in de schakelaar vastgesteld. | Knippert beurtelings rood en groen. | Een serie korte pieptonen | Vraag uwplaat-selijke Makita-servicecentrum het gereedschap te repareren. |
| E9 Alarmwegens | langdurig gebruik | Het gereedschap bleef ingeschakeld gedurende een langte tijd (ongeveer 3 minutes). | Knippert beurtelings rood en groen. | Een langle pieptoon Laat de trekkerscha-kelaar los en knijph hem opniew in. | |
| - Automatisch stop- | pen na voltooien van bevestiging | Het vooraf ingstele daandraimo- ment is bereikt en het gereedschap is gestopt. | Brandt groen gedu-rende onceveer eén seconde. | - | - |
| Alarmcode Functie Status van het | gereedschap | Status van de LED-indicator/zoemer Te | nemenmaatregel | ||
| LED-indicator Zoemer | |||||
| - Alarmwegens | onvoldoendebevestiging | Het vooraf ingesteldeaandraaimoment werdenietniet bereikt omdatde trekkerschakelaarwerplosgelantenvoordat de bevestigingwerd voltood. | Brandt groen gedu-rende ongeveer een seconde. | Een lange pieptoon Draai de bevesti-ging opnieuw aan. | |
| -Waarschuwing | wegens de grens-waarde van deaandraaicapaciteit | De accelading isbijna opgebruikt. | Knippert rood. Een | serie langepieptonen | Vervang de accudoor een volledigopgeladen accu. |
| - Alarmwegens | onderhoud | Het vooraf ingestrele daantal keeraandraaien tot hetvolgende onder-houd is bereikt. | Knippert geel. - Reset | het alarm | met behulp van deapplicaitesoftware. |
| - Alarmwegens geen | communicatie metde computer | Er is geen datacom-municatie terwijlhet gereedschap isaangesloten op dccomputer. | Knippert geel. - Start | de applica- | tie software opnieuw op en sluit de USB-kabel opnieuw aan. |
| -Aanduiding dat het | gereedschap kancommuniceren metde computer | Het gereedschapis aangesloten opde computer enin staat ermee tecommuniceren. | Knippert groen. -- | ||
| - Controle van de | lamp, indicatoren zoemer (ter-wijl de accu isaangebracht) | Het gereedschapvoert een werkings-test uitt van de LED-indicator (groen/rood), lamp,indicator en zoemer. | Brandt eerst groenen daarna rood.Vervolgens gaatde lamp enigeijdbranden. | Een serie zeer kortepieptonen | - |
MONTAGE
ALET OP: Zorg alsijd dat het gereedschap isuitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens enig werk aan het gereedschap uit te voeren.
Selecteren van de juiste slagdop
Gebruik.altijd de juiste maat slagdop voor het vastdraaien van bouten en moeren. Het gebruik van een slagdop met een verkeerde maat za een onnauwkeurig en onregelmatig aandraaimoment en/of beschadiging van de bout of moer tot gevolg hebben.
Een slagdop aanbrengen of verwijderen
Optioneel accessoire
ALET OP: Zorg ervoor dat de slagdop en het bevestigingsdeel Niet beschadigd zich voordat u de slagdop aanbrengt.
ALET OP: Nadat u de slagdop hebt aangebracht, contrôleert u of deze stevig vast zit. Alsdeze eraf kommt, mag u hem nicht gebruiken.
OPMERKING: De manier waarop de slagdop worden aangebracht verschift afhankelijk van het type vierkante aandrijfkop van het gereedschap.
Gereedschap met een gat in de vierkante aandrijfkop
Voor een slagdop zonder O-ring en pen
Duw de slagdop op de vierkante aandrijfkop tot hij op zich planta worden vergrendeld.
Om de slagdop te verwijderen, trekt u deze gewoon eraf.
▶ Fig.13: 1. Slagdop 2. Vierkante aandrijfkop 3. Ringveer 4. Gat
OPMERKING: Een slagdop zonder O-ring en pen kan Niet worden gezruikt met een gereedschap zonder de ringveer.
Voor een slagdop met O-ring en pen
Verwijder de O-ringuit de groef in de slagdop en verwijder daarna de penuit de slagdop. Plaats de slagdop op de vierkante aandrijfkop zodat het gat in de slagdop isuitgelijnd met het gat in de vierkante aandrijfkop.
Steek de pen door het gat in de slagdop en het gat in de vierkante aandrijfkop. Breng daarna de O-ring weer op+zijn oorspronkelijke plaats in de groef in de slagdop aan, zodat de pen op+zijn plaats worden gehonden.
Om de slagdop te verwijderen, voert u deze procedure in omgekeerde volgorde UIT.
Fig.14: 1. Slagdop 2. O-ring 3. Pen
Gereedschap met de arrêteerpen op de vierkante aandrijfkop
Lijn het gat in de zijkant van de slagdop uit met de arre- teerpen op de vierkante aandrijfkop en druk de slagdop op op de vierkante aandrijfkop totdat die op+zijn plaats vastklikt. Indien nodiglicht aantikken.
Om de slagdop te verwijderen, trekt u deze gewoon eraf. Als deze moeilijk kan worden verwijderd, drukt u de arreteerpen in terwijl u aan de slagdop trekt.
Fig.15: 1. Slagdop 2. Gat 3. Vierkante aandrijfkop 4. Arreteerpen
De haak aanbrengen
Optioneel accessoire
De haak is handig om het gereedschap aan op te hangen. Breng de haak aan in de gaten in de behuizing van het gereedschap.
Fig.16: 1.Haak 2.Gat
BEDIENING
ALET OP: Druk de accu.altijd stevig aan totdat die op zichn plaats vastklikt. Wonneer het rode deel aan de bovenkant van de knop nog zichtaar is, zit de accu er nog nicht helemaal in. Schuif hem er helemaal in totdat het rode deel Niet meer zichtaar is. Als u dit nalaat, zou de accu uit het gereedschap+kunnen vallen en uzelf of andereen+kunnen verwonden.
ALET OP: Houd het gereedschap stevig vast en plaats de slagdop over de bout of moer. Schakel het gereedschap in en draai vast gedurende de juiste aandraaitijd.
ALET OP: Als u het gereedschap onafgebrozen hebt gebruikt totdat de accu—helemaal leeg is,That u het gereedschap eerst 15 minuten rusten voordat u doorgaat met een andere accu.
ALET OP: Het boren zal nicht sneller verlopen als u hard op het gereedschap drukt. In feite za dergelijk hard drukken alleen maar leiden tot beschadiging van het boorbit, lagere prestaties van het gereedschap en een kortere levensduur van het gereedschap.
ALET OP: Zet het werkstuk algijd vast in een bankschroef of soortgelijke klemvoorziening.
Het juiste aandraaimoment kan verschillen afhankelijk van het soort en de maat van de bout, het materiaal van het te bevestigen werkstuk, enz.
Fig.17
KENNISGEVING: Voor het vastdraaien vankleine boute, regelt u de druk op de trekkerschakelaar zorgvuldig zodatebout Niet beschadigd worden.
KENNISGEVING: Houd het gereedschap recht voor de bout of moer.
KENNISGEVING: Een buitensporig hoog aan-draaaimoment kan de bout/moer of slagdop beschadi-gen. Voordat u aan het werk gaat, dient u.altijd even proof te draaien, om de juiste aandraaitijd voor uw bout of moer te bepalen.
Het aandraaaimoment wordt beinvloed door een groot aantal verschillende factoren, waaronder de volgende. Controller na het vastdraaien algijd het aandraaimoment met een momentsleutel.
- Wanner de accu bjna leeg is, neemt de spanning af en verminder het aandraaimoment.
-
Slagdop
-
Het gebruik van een slagdop van een verkeerde maat za resulteren in een lager aandraaimoment.
-
Een versleten slagdop (slijtage aan het zeskantig of vierkante uiteinde) zal resulteren in een lager aandraaimoment.
-
Bout
Zelfs wanner het koppelcoefficient overeenkomt met de boutklasse, hangt het juiste aandraaimoment af van de boutdiameter.
Zelfs wanneer de boutdiameters gegijn, hangt het juiste aandraaimoment af van het koppelcoefficien, de boutklasse en de boutlengte.
-
Door het gebruik van een universeelkappeling of verlengstuk za de aandraaikracht van de slagmoersleutel iets lager�n. Hiervoor kunt u compenseren door wat langer aan te draaien.
-
De manier van vasthouden van het gereedschap en de positie waar de schroef in het materiaal wordt gedraaid, hebben een invloed op het aandraaimoment.
- Bij lagere toerentallen worden ook het aandraaimoment kleiner.
Aandraaimoment en koppelniveau
OPMERKING: Deze referentiewaarde worden onder de meetomstandigheden die door Makita worden gespecifieerd.
OPMERKING: De werkelijkke waarde kan verschillen afhankelijk van de eigenschappen van de bevestigingsmiddelen, materialen en bevestigingsmethode. Voer een proefbevestiging uit voorafgaand aan de eigenlijke werkzaamheden.

1. Koppelniveau 2. Aandraaimoment
ONDERHOUD
ALET OP: Zorg.altijd dat het gereedschap isuitgeschakeld en de accu ervan is verwijderd alvorens te beginnen met onderhoud of inspectie.
KENNISGEVING: Gebruik nooit benzine, was-benzine, thinner, alcohol en dergelijkke. Hierdoor kunnen verkleuring, verrormingen en barsten wordenveroorzaakt.
Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparations, onderhoud of afstellingen te worden uitgevoerd bij een erkend Makita-servicecentrum of de Makita-fabriek, en.altijd met gebruik van Makita-verbangingsonderdelen.
ALET OP: Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing is beschreven. Bij gebruik van andere accessoires of hulpstukken bestaat het gevaar van personlijke letsel. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend voor hun bestemde doel.
Wenst u meer bijzonderheden over deze accessoires, neem dan contact op met hetplaatselijkke Makita-servicecentrum.
Haak
- Beschermer
Accubeschermer
Originele Makita-accu en -acculader
USB-kabel
OPMERKING: Sommige items op de lijst können zich inbegren in de doos van het gereedschap als standard toebehoren. Deze{kunnen van land tot land verzillen.
ESPECIFICACIONES